Tag Archives: vrouwenquotum

Onderzoek Brekelmans legt vinger op zere plek

De media staan er bol van: kijk, vrouwenquotum mislukt  – iets wat ik al aankondigde in 2011 – en vrouwen willen zelf ook geen quotum om ervoor te zorgen dat besturen van beursgenoteerde bedrijven voor 30 procent uit vrouwen bestaan. Onder andere de Tros Nieuwsshow nodigde onderzoekster Roos Brekelmans deze zaterdag uit om te vragen hoe dat zit. Waarna Brekelmans de vinger op de zere plek legde: vrouwen proberen te overleven in mannenbastions, en als je niks doet behalve een quotum invoeren, kan dat problemen veroorzaken. Ook bij vrouwen onderling.

De presentatoren van de Tros Nieuwsshow begonnen meteen grapjes te maken: ‘oh, dus het ligt aan de mannen’ dat vrouwen geen vrouwenquotum zouden willen. Inderdaad, zei Brekelmans met een over de luidsprekers hoorbare glimlach. Bedrijven zijn vaak door mannen opgezet en opereren met de man als norm, gaf ze aan. Als vrouwen zo’n bedrijf betreden, komen ze terecht in een wereld met een managementstijl en cultuur die niet bij hen passen. In plaats van een glazen lift, zoals voor de mannen, stuiten ze op plakkende vloeren en glazen plafonds. (Als ze al binnenkomen.  En niet zwanger raken op een ongelukkig moment.)

Hoe hoger in de hiërarchie je als vrouw komt, hoe groter de druk. Je moet onder andere spitsroeden lopen. Te vrouwelijk gedrag en je bent ongeschikt, te mannelijk gedrag en je bent een bitch. Als een topvrouw in dat klimaat vrouwen een kans wil geven, vinden mensen je bovendien incompetent – je krijgt sociaal straf. Voor mannelijke bazen geldt dat niet. Die zijn top!

In dat vijandige klimaat kan promotie op basis van een quotum voor vrouwen aanvoelen als een devaluatie van hun positie, schreef Brekelmans in een opiniestuk in de Volkskrant. (Een positie die toch al wankel is – ze zijn immers de vreemde eend in de bijt.) Op Radio 1 lichtte Brekelmans dat verder toe: vrouwelijke leiders willen geloven in een eerlijke wereld. Als zij zelf alle obstakels kunnen overwinnen, zouden andere vrouwen dat ook kunnen doen.

Als je de mannencultuur in organisaties intact laat, en daar alleen een vrouwenquotum bovenop gooit, vreest Brekelmans dat een vrouwenquotum negatieve effecten kan hebben. Het zou bijvoorbeeld de spanningen tussen vrouwen onderling kunnen vergroten. De zittende vrouwen zien zoals gezegd hun positie aangetast, en nieuwkomers lijden onder seksistische aannames dat ze daar alleen zitten vanwege een quotum. Bonuspunten als degene die een vrouw dat verwijt maakt, een man is die zelf alleen op zijn plek zit vanwege het mannenquotum waar niemand over wil praten.

Laten we vooral doorgaan met alle maatregelen die mannenquota doorbreken en vrouwen een eerlijkere kans geven. Want op de radio wezen Brekelmans en de beide Trospresentatoren er gelukkig op dat er echt iets moet gebeuren. Anders blijf je kampen met bedrijven vol mannen op plekken waar een uitstekende vrouw had moeten zitten. In een rechtvaardige wereld zouden vrouwen allang zitten op de plek die ze verdienen. Maar helaas, we leven niet in een rechtvaardige wereld. Tijd om dat in te zien en passend te handelen. Ook al voelt dat raar aan.

‘Meer vrouwen’ vergt vooral de wil om te veranderen

Waar zijn de vrouwen toch? Wat houdt vrouwen tegen? Waarom zien we ze niet? Ja, waarom niet? Zo af en toe neemt iemand de handschoen op en beantwoordt de vraag van de zoveelste verbijsterde, in het duister tastende journalist of ‘deskundige’ met een experiment. Zo ging de gastheer van een televisieprogramma aan de slag om meer vrouwen in zijn literaire programma te krijgen. Met succes. Want ‘te weinig vrouwen’ is niet het echte probleem. Dat is ‘teveel mannen en onwil om die situatie te veranderen’.

Geen glazen plafond voor mannen, maar een glazen lift die je geruisloos naar hogere regionen brengt. Heerlijk!

De Oplossers schreven voor Vrij Nederland dat het gaat om perceptie. In geval van ‘weinig vrouwen’, zou je eigenlijk over iets anders moeten praten. Namelijk de oververtegenwoordiging van mannen. Een ‘gewone’ man met een gemiddelde intelligentie en een gemiddelde prestatie maakt goede kansen. Hij doet zijn ding en belandt automatisch op een ‘ glazen lift’ naar boven. Vrouwen niet. Alleen zij die overduidelijk blijk geven van buitengewoon veel talent, vallen nét genoeg op om een kansje te maken.

Het inzicht dat vrouwen meer moeten doen dan mannen, om dezelfde zichtbaarheid te verwerven, staat bijvoorbeeld aan de basis van de gendered conference campaign. De ervaring leert dat organisatoren actief tegenwicht moeten bieden aan onbewuste vooroordelen. Doe je dat, dan ontstaan opeens congressen met veel meer spreeksters dan ”gewoonlijk”. Omdat het niet gewoon is, maar het resultaat van de positieve discriminatie van, voor en vaak ook door mannen.

Steven Weiss, presentator van Up Close, ontdekte dat dit type onderzoeksresultaten en leerervaringen cruciaal waren om meer schrijfsters in zijn studio te krijgen. Juist op het niveau van de gemiddeld goede, interessante auteur, de categorie waarbij mannen kans maken en vrouwen uit beeld verdwijnen, eiste hij stelselmatig en structureel vrouwen:

It’s at the tier where, for the most part, anybody on the list is as valuable and welcome as anybody else in the tier that prioritizing a discriminated-against group can achieve a great amount of difference. I can’t make more highest-priority guests be female, but I can prioritize women over men at the level where they represent the same value to our show.

Door vrouwen in die zin voorrang te geven, wist hij een 50-50 verhouding tussen de seksen te bereiken. Voor de mensen die nu roepen ‘dat is oneerlijk, hij trekt vrouwen voor’, heeft Weiss een pijnlijk rijtje observaties in petto. Uitgeverijen trekken mannelijke auteurs voor. Bijvoorbeeld door vooral mannelijke auteurs op p.r. materialen te zetten. Mannen vonden makkelijker fondsen om naar een televisiestudio te reizen. Universiteiten en organisaties schuiven eerder een man dan een vrouw naar voren om een nieuw boek te promoten.

Kortom, Weiss wijst erop dat mannen op zoveel manieren voordeel krijgen – de glazen lift, de gratis bonuspunten – dat je als televisiezender heel erg je best moet doen om nog een beetje een gelijkwaardig speelveld te creëren. Dat doe je door tegenover de structurele voordelen die mannen genieten, een structurele eis voor vrouwelijke kandidaten door te voeren. Dan wordt seksisme bespreekbaar en verandert de situatie fundamenteel:

A testimony from one female staffer explains the change this way: “I didn’t think of the gender issue as a taboo previously, but it is funny how these things just don’t come up. Now it always comes up.”

Zonder inzicht in de werking van (onbewuste) vooroordelen, en zonder de wil om te veranderen, lukt het echter niet. Daarom gaan steeds meer regeringen over tot het instellen van een hard vrouwenquotum voor het bedrijfsleven. Of stellen organisaties literatuurprijzen voor schrijfsters in, zoals in Nederland tijdschrift Opzij deed. Misschien niet ideaal, maar zolang bedrijven voorrang geven aan mannenmacht, boven goede economische resultaten, en mensen het werk van vrouwen systematisch onderwaarderen, waar je ook kijkt, zijn zulke initiatieven hard nodig om de situatie in balans te brengen.

Laten we een mannenquotum instellen

Oei, Niraï Melis kreeg de wind van voren. Ze schreef in Trouw dat een vrouwenquotum voor topfuncties wel eens zeer nuttig zou kunnen zijn: het dwingt mannen tot uitblinken. Ze krijgen namelijk meer concurrentie, en dat betekent dat de zesjes onder de mannen vaker plaats moeten maken voor een vrouw die wél gekwalificeerd is.

Sorry, dit is zooooo 2013!

 

Dat had ze niet moeten zeggen. Het regende kritiek, vaak op de persoon gericht:

Uniekalias – Zou Naraï Melis deze stelling ook kunnen onderbouwen met feiten of wilde ze gewoon lekker uithalen naar die gemene mannen die er de schuld van zijn dat zij nog niet eenzaam aan de top staat? Oh, wacht, sociologe… Laat maar.

Of van de categorie vrouwen de schuld geven:

Sisyphus Lacht – Laat de politiek, mevrouw Bussemaker voorop, maar eens laten zien hoe het moet dan. Voorlopig hebben ALLE vrouwen in het kabinet gewoon braaf toegelaten dat op elke lijst de hoogste vrouw pas op 2 kwam. Allemaal braaf genoegen genomen met een 2e plaats.

Spartuijn – Het zijn inderdaad meestal vrouwen die er voor zorgen dat de man moet uitblinken op zijn werk….Voor de meeste vrouwen zelf hoeft dat allemaal niet zo…Kinderen opvoeden en het huishouden doen verdragen ook geen zesjes cultuur….

Toch komt Melis’ idee niet uit de lucht vallen. Onder andere magazine The Atlantic besteedde onlangs aandacht aan quota, met de kop: heeft de politiek een mannenquotum nodig? Het opinieblad citeerde Rainbow Murray, een politicoloog van de Queen Mary University in London. Ook hij stelt dat het probleem ligt bij de oververtegenwoordiging van mannen. Het zijn er teveel. En net als Melis signaleert hij dat daardoor onder andere teveel matige mannen een plekje krijgen en houden. Murray:

“We cannot automatically assume that men are present in these proportions because they were the best representatives available,” Murray said. “Anthony Weiner? Todd Akin?  Did those guys really get elected because they were the best society had to offer?”

Een mannenquotum heeft volgens Murray nog een ander effect. Bij praten over een vrouwenquotum geldt de man impliciet als norm. Hij is er, niks aan de hand. Vrouwen zijn de buitenstaanders, waar je al dan niet iets mee ‘moet’. Een mannenquotum keert die beeldvorming om. Er moet iets met mannen gebeuren, er is iets met hen aan de hand – en er is iets aan de hand met het systeem waardoor mannen steeds opnieuw mannen benoemen, en vrouwen buiten de deur houden. Zie hier, hier, hier, hier…. enz.

De Engelse krant The Guardian wijdde zelfs een Van de Redactiestuk aan het idee van een mannenquotum. Dat lijkt ondenkbaar, maar deze krant vindt het hoog tijd om het eens te hebben over de bizarre oververtegenwoordiging van blanke mannen. Die dominantie effectief aanpakken met harde quota is volgens steeds meer mensen de enige manier om het bolwerk van al die omhooggevallen old boys-netwerkers open te breken. Vrijwilligheid hielp namelijk niet.

Kortom, verlaag het huidige mannenquotum van 90%. Maak van de huidige papieren tijger regeling in Nederland – een lachertje, zegt het bedrijfsleven zelf – een serieuze maatregel. En heren en dames politici, ga in godsnaam eens aan het werk. Ook al is de huidige regeling zo slap als wat, ook die moet je handhaven:

“Misschien moeten we dáár eerst eens mee beginnen”, zegt hoogleraar Lückerath. “Als de wet zegt dat bedrijven het moeten uitleggen als zij het streefgetal niet halen, moet de wetgever ervoor zorgen dat die wet wordt nageleefd.”

Belgische mannenregering roept verzet op

De beladen term ‘zeuren’ duikt verdacht vaak op als het gaat om zaken die mensen wel kunnen, maar niet willen veranderen. Vervolgens wordt dit mensenwerk voorgesteld als een voldongen en niet te veranderen feit, waar we het verder niet meer over moeten hebben. Buurland België levert een mooi voorbeeld. Blanke mannen domineren de nieuwe regeringsploeg. Maar daar moeten we niet meer over zeuren. Ondanks die oproep zwelt de kritiek echter aan.

Foto: Royalty Online.nl

Het Belgische ‘niet zeuren’ levert bonuspunten op, omdat het vrouwen zijn, die dit zelf zeggen:

De Block wil er ook “niet langer over zeuren” […] Maggie De Block en Elke Sleurs zijn de enige Vlaamse vrouwen in de nieuwe federale regering. “En dat hadden er gerust meer mogen zijn”, zeggen zowel De Block als Sleurs. “Maar elke politieke partij kiest zijn bekwame mensen voor bepaalde posten en dat kunnen bepaalde mannen of bepaalde vrouwen zijn. Het is wat het is, we gaan er niet vijf jaar over zagen”, zegt De Block.

Dat klinkt De Zesde Clan vooral in de oren als een murwgebeukte houding. Van het type ‘Het is te deprimerend voor woorden dat het gekonkel en gedoe weer voornamelijk blanke mannen opleverde die de komende jaren de toon zetten in België, maar we moeten het een hele regeringsperiode met ze volhouden. Dus laten we het er maar niet meer over hebben.’ Met andere woorden: wonden likken en zwijgen, want je moet toch wat.

Ondertussen krijgt Maggie De Block, minister van Volksgezondheid en zoals gezegd slechts 1 van de 2 vrouwen in de ministersploeg, een zee van hoon en haat over zich heen. Volgens dagblad De Morgen was het VRT-medewerker Tom Van de Weghe, die erin slaagde ”een steekvlamdiscussie te starten over het lichaamsgewicht” van de minister. Via Twitter. Zonder hoor en wederhoor. Waarna de sluizen open gingen en massa’s mensen volgden.

Veel andere mensen willen echter niet zwijgen. Niet over De Block, die ze bijvoorbeeld verdedigen. En ook niet over de politieke monocultuur. ”Deze mannenregering lijkt op een foto uit de 20e eeuw…’‘, zei oppositiepartij Groen bijvoorbeeld. Deze partij vindt slechts twee vrouwelijke ministers echt niet meer van deze tijd.

Ook opiniemaker Wouter van Vooren laat geen spaan heel van de mannenregering. Onder het motto ‘schaamt u, partijleiders’ noemt hij het gebrek aan diversiteit een ‘gênante situatie’. Verder citeert hij Neelie Smit Kroes:

Nahima Lanjri, Sonja Becq, Zuhal Demir, Elke Sleurs, Sabien Lahaye-Battheu, Carina Van Cauter… Mogelijkheden genoeg. Aan hen die zeggen dat ze flink gezocht maar niet gevonden hebben, zeggen wij, met oud-commissaris Neelie Kroes, dat ze “maar naar een dokter moeten gaan om hun ogen na te laten kijken.

De kritiek zwelt steeds meer aan. Els Van Hoof, naast nieuw kamerlid ook voorzitster van Vrouw & Maatschappij, kondigde al aan dat ze een quotum op wil nemen in de grondwet. Ze wil dat een federale regering voor 40% uit vrouwen bestaat. Dan kunnen al die achterkamertjes-onderhandelingen niet meer leiden tot een complete dominantie van mannen. Want je ziet: vertrouwen op het systeem werkt niet. Niet in de politiek, en niet op andere terreinen.

Quotum doorbreekt hegemonie van mannen aan de top

Quota doorbreken de hegemonie van mannen aan de top. Dat blijkt uit een nieuwe studie naar de effecten van wetgeving in Noorwegen. Sinds 2003 moeten beursgenoteerde bedrijven hier verplicht 40% vrouwen in de top hebben. Dat is gelukt, zonder dat bedrijven ten onder gingen. Bovendien krijgen vrouwelijke topbazen tegenwoordig bijna hetzelfde salaris als hun mannelijke collega’s – op dit niveau nam de loonkloof tussen de seksen af.

Een vrouwenquotum op zich is niet genoeg om een patriarchale cultuur te doorbreken. Maar het is een begin.

 

Toen Noorwegen een vrouwenquotum invoerde, riepen tegenstanders moord en brand met hetzelfde soort argumenten waar ook Nederlandse angsthazen zich van bedienen. Bedrijven zouden failliet gaan! Bedrijven zouden nooit zoveel vrouwen kunnen vinden! Talentvolle mannen zouden het nakijken hebben terwijl duffe excuus-Truzen met minder ervaring en minder competenties hun plek innamen! Noorwegen zou ten onder gaan!

De studie houdt het kort als het gaat om dit soort argumenten:

We show that these concerns were not relevant in practice.

Daar kunnen mensen het mee doen.

Daarnaast bleek dat het quotum psychologische effecten had, met name op vrouwelijke studenten:

A qualitative survey we performed in the Fall 2013 at the Norwegian School of Economics suggest that female (and male) students are well aware of the reform and many of them expect to professionally benefit from it in terms of future earnings and likelihood of holding a top executive position.

Oftewel, vrouwen kregen hoop. Banen in de top van het bedrijfsleven zijn opeens geen onhaalbare droom meer. Veertig procent van de plekken gereserveerd voor vrouwen betekent dat wie hard studeert en werkt, eindelijk een reële kans heeft om tezijnertijd een topfunctie te veroveren. Dat perspectief doet iets met een mens. Het bevordert de ambitie.

Dat wil niet zeggen dat een quotum alle problemen op de arbeidsmarkt oplost. Diversiteit en een kleinere loonkloof aan de top betekenen niet dat de gewone man en vrouw baat hebben bij de veranderingen. Die zogenaamde ‘trickle down‘ effecten worden wel vaker aangevoerd in economische theorieën, maar blijken steeds afwezig. Er is meer nodig dan een vrouwenquotum voor de top.

Bijvoorbeeld sterke vakbonden, want die organisaties blijken de meeste positieve effecten te hebben op de positie van vrouwen uit álle sociale en economische klassen. Maar ook een omslag in de mentaliteit van mensen. Zo wijst onderzoek uit dat vrouwen en mensen met een niet-blanke huidskleur diversiteitsbeleid het beste over kunnen laten aan blanke mannen:

Hekman added: “People are perceived as selfish when they advocate for someone who looks like them, unless they’re a white man.” So, what, if a woman hires a white man, it’s because he is the best person for the job, but if she hires another woman, it’s just because she wants someone to borrow tampons from? This probably isn’t new information to anyone who is a woman and/or a minority, but it’s always a bit jarring to see your suspicions confirmed.

Ondertussen wil het gebrek aan effect op ‘lagere rangen’ niet zeggen dat het Noorse beleid dús gefaald zou hebben. Een quotum is een begin, niks meer maar ook niks minder:

Quotas, instead, serve to bring gender equality to one specific area: positions of power. We can never say we live in a country rid of patriarchy while women hold less than a quarter of all political offices, 5 percent of CEO positions and less than 15 percent of executive officer positions, and less than 17 percent of board seats. And change isn’t coming voluntarily.

Waarvan acte, getuige de manier waarop een hard quotum in Nederland vooralsnog onbespreekbaar blijft. Een quotum verandert namelijk wel degelijk de samenstelling van de top. Degenen die nu alle macht in handen hebben, weten dat. Vandaar dat ze zich met hand en tand verzetten, Noorwegen als een doemscenario zien, en hardnekkig steeds dezelfde mythes blijven herhalen – die allang weerlegd zijn – om géén quotum aan hun broek te krijgen. Noorwegen laat echter zien dat het kan, zonder nadelige effecten. Nederland, waar wacht je nog op?

Nieuwsronde

Opzij is gered. Hoe meer vrouwen in een film, des te groter de winst. Hollywood deed er in 2013 goed aan om producten de wereld in te zenden, die voldoen aan de Bechdel test. Dode vrouwen als marketingstrategie. Dat en meer in deze nieuwsronde.

Jane Campion staat dit jaar aan het hoofd van de jury van filmfestival Cannes.

  • Films uit 2013, die vrouwen een belangrijke rol gaven, leverden meer omzet en winst op dan films die vrouwen aan de kant lieten staan. Dat blijkt uit een overzicht van de vijftig belangrijkste blockbusters van vorig jaar. Het verschil bedroeg meer dan een miljard dollar. Nog een reden voor Hollywoodstudio’s om actrices meer ruimte te geven.
  • Tijdschrift Opzij is gered. Het blad komt bij Veen Media, tevens uitgever van bladen zoals Filosofie Magazine. Dat lijkt de Zesde Clan goed gezelschap. Waarnemend hoofdredacteur Daphne van Paassen in de Volkskrant: ‘Er is nog een hoop werk te verzetten als het om de emancipatie van vrouwen gaat. Het is dus goed dat we door kunnen.” Inderdaad!
  • Over feminisme gesproken: bij The Guardian een handig stroomschema om na te gaan waar je zelf staat op dit gebied. Want steun betuigen aan de vrouwenemancipatie is natuurlijk prima, maar als daar in een adem door de ‘maar de mannen dan‘ riedel op volgt, worden we daar erg moe van.
  • Nog steeds een trend in met name de modewereld. Laat een vrouw voor lijk liggen. Maak van haar zogenaamd dode lijf een glamourfoto. En voilà, een nieuwe hippe reclamecampagne ziet het licht. Waarom gebeurt dit zo regelmatig? The Guardian zocht het uit.
  • Jane Campion staat dit jaar aan het hoofd van de jury van filmfestival Cannes. De regisseuse neemt het stokje over van Steven Spielberg, die vorig jaar deze taak vervulde. Campion’s benoeming geeft hoop. Cannes geldt algemeen als een festival waar vrouwen nauwelijks in beeld komen met hun werk. Ook de editie van 2013 ging gebukt onder allerlei schandalen en ophef, zoals het nomineren van slechts 1 film van een regisseuse, seksistische uitspraken van Francois Ozon, en uitspattingen van de beroemde verkrachter Roman Polanski, die de pil aanwees als de oorzaak van alle problemen in de wereld, omdat dit anticonceptiemiddel manwijven van vrouwen maakt. Dit jaar kan het alleen maar beter worden.
  • Niet alleen mannen en vrouwen, maar ook jongens en meisjes komen allebei van de aarde en moeten eerst en vooral als individuen bekeken worden. Dat stelt wetenschapsjournaliste Asha ten Broeke. Ze geeft evolutionair psychologen en hun boude stellingen over het leven in de oertijd lik op stuk. Hulde!
  • Belgacom krijgt een vrouw aan het roer. Het kabinet van België stemde in met de komst van Dominique Leroy. Naar verwachting zal de raad van bestuur de benoeming bevestigen. Ook in hoofdstad Brussel krijgen vrouwen kansen. Het Brusselse parlement keurde een maatregel goed, die aangeeft dat er op een politieke lijst slechts voor maximaal tweederde deel kandidaten van hetzelfde geslacht mogen staan. In de praktijk komt dat neer op een vermindering van het informele mannenquotum. In plaats van soms wel 95% kunnen mannen nu nooit meer dan tweederde van de beschikbare plekken bezetten.

Man vraagt om vrouwenquotum in de filosofie

Niks over gelezen in Nederlandstalige media.  Terwijl dit toch echt meer publiciteit verdient. Anthonie Meijers, een mannelijke prof in de filosofie, zocht een buitenlands medium op om aandacht te vragen voor de structurele genderproblemen binnen de Nederlandse filosofie. Het probleem ligt óók bij de mannen, stelt Meijers. Mannen moeten hun verantwoordelijkheid nemen.

Meijers vindt het hoog tijd voor maatregelen. Want zoals het er nu voor staat telt Nederland op 65 filosofieprofessors slechts vijf vrouwen, en dat is anno 2013 echt belachelijk weinig. Waarom geen vrouwenquotum ingesteld:

…what really helps is to move beyond awareness-raising with a few very simple institutional measures that can be implemented right away. Why not make it a rule that 30% of all invited speakers at conferences are women, or that 30% of the papers in special issues are by female philosophers? […] Similarly, we should stick to the rule, formally adopted by many universities, that selection committees should include at least two women.

Bovendien ondertekenden bijna alle Nederlandse universiteiten in 2008 het convenant Talent naar de Top. Daarmee beloofden ze concrete maatregelen te nemen om het speelveld voor vrouwen gelijk te maken. De meeste universiteiten doen echter bar weinig, constateert Meijers. Zo blijft het convenant een dode letter. Universiteiten moeten hun toezeggingen waar maken en meer doen om vrouwen binnenboord te houden en door te laten stromen naar hogere functies.

Meijers wil dat breed zien. Universiteiten moeten niet alleen zorgen voor divers samengestelde sollicitatiecommissies, maar moeten ook veel meer doen om de combinatie werk en gezin mogelijk te maken, en om vooroordelen aan te pakken. In combinatie met quota zou dit eindelijk kunnen leiden tot echte doorbraken:

The main problem concerns critical mass. There is a widely endorsed view (Moss Kanter 1977; Dee 2004; Carell, Page &West 2010) that if a minority-group consists of 30-35% of the total group, many of the negative effects following from implicit bias or stereotyping will significantly diminish. If that is true, it justifies temporary advantages for women until this critical mass has been attained.

Om die reden bestaat er in Engeland ook een dertig procent club, om te bevorderen dat vrouwen dertig procent of meer van de top in het bedrijfsleven uitmaken. Pas dan stoppen vrouwen met ‘de Ander’ zijn en kan de dominante groep hen niet meer marginaliseren. Pas dan maken vrouwen kans om de werkcultuur te veranderen en het proces van besluitvorming daadwerkelijk te beïnvloeden.

Kortom, geweldig! Een man die zelf vraagt om een vrouwenquotum, omdat een normaal denkend mens op geen enkele manier kan verantwoorden waarom de top in universiteiten in 2013 nog steeds overwegend mannelijk is. (En blank, voegt de Zesde Clan daar graag aan toe.) Een man, die dit ook uitdraagt in bijdragen aan studiemiddagen en lezingen over ‘de vrouwenkwestie’ in de academische filosofie.

Hopelijk geven faculteiten filosofie gehoor aan deze oproepen en gaan ze vrouwelijk talent beter koesteren.

Mannenquotum moet blijven!

Het spookbeeld van een vrouwenquotum dreigt opnieuw. Bezorgde mannen wijzen met het vingertje naar Brussel. Van daaruit willen politici Nederland dwingen tot discriminatie. DISCRIMINATIE!!!! Waar bemoeien ze zich mee? Dat toevallig één sekse, met vaak dezelfde huidskleur, in alle machtsposities domineert, komt echt niet door discriminatie. Integendeel, dat  is precies hoe de wereld eruit moet zien. Het mannenquotum moet blijven! Want als het bedrijfsleven veertig procent vrouwen moet aannemen op plekken die er toe doen, is het einde van de wereld nabij!

Zo klopt de wereld. Alles wat hier van afwijkt is eng en zou verboden moeten worden.

Bepaalde mannen weten zeker dat een vrouwenquotum slecht is voor iedereen. Ze zijn er heilig van overtuigd dat het probleem (ooo, dus er is wél een probleem?) ”niet ligt bij vermeend seksisme of glazen plafonds, zoals men dat in Brussel graag wil geloven”. Waar het dan wel aan ligt blijft onduidelijk. Het enige wat telt is dat het slecht is, omdat het slecht is, omdat een man dat zegt, want iedereen weet dat het slecht is. Logisch toch?

Blijkbaar is de deskundigheid voldoende gewaarborgd als je lid bent van de PVV, of (indirect) verbonden bent aan de VVD. U ziet, we praten over geheel objectieve waarnemers, die neutraal de feiten presenteren. Waarom zou je vraagtekens moeten plaatsen bij dat wat iedereen toch al vindt? Verwijzen naar onderzoek of andere vormen van onderbouwing zijn overbodig. Vrouwen deugen gewoon niet. Feminisering leidt tot rampen. Met meer vrouwen erbij kun je de desbetreffende organisatie beter meteen opdoeken.

En waarom zou je ook meer diversiteit willen bereiken in het bedrijfsleven? Het is toch prima dat mannen ruim negentig procent van alle machtsposities in handen hebben? Ze laten de economie dan wel imploderen, houden een haantjescultuur met te hoge bonussen in stand, onderzoeken die graaicultuur maar verdienen daar zelf 469.000 euro mee, laten woningcorporaties en scholen in de soep lopen, houden elkaar daarbij vaak de hand boven het hoofd, maar verder? Ze voldoen prima. De beste kandidaat krijgt de banen! Alleen kwaliteit telt! Dat het bijna altijd neerkomt op een blanke man tsja, hoe zou dat toch komen?

Daarnaast blijkt uit niets dat diversiteit werkt. Die studies over vrouwelijke directieleden, die beter letten op de kosten van veelal tot mislukken gedoemde overnames, vrouwen die beter letten op de langere termijn, bedrijven meer winst laten maken, kunnen natuuuuuurlijk niet deugen. We weten immers heel zeker dat vrouwen niet willen, en ook niet zouden moeten willen. En niet goed genoeg zijn.

We kunnen prima zonder vrouwen. Vrouwen voegen niets toe. Die zijn alleen maar lastig. Onder andere vanwege het feit dat ze zwanger worden. Dan deugen ze per definitie niet meer als serieuze werknemer en kun je ze maar beter meteen de laan uit sturen, zodat ze hun rol van huisvrouw en moeder op zich kunnen nemen. Plus, wat als vrouwen falen? Dat is schering en inslag, want nogmaals, vrouwen deugen niet voor topposities, zeker niet als ze een getinte huidskleur hebben. Plus: geef je ze een keer een kans, vallen ze door de mand. Zie je wel, vrouwen kunnen het niet.

Kortom, zou Brussel asjeblieft op willen houden met die nachtmerrieachtige regelgeving? De wereld is goed zoals-ie is. Het mannenquotum is bewezen effectief, daar moet je niet aan tornen. Je moet zéker ook voorkomen dat vrouwen dertig procent of meer van het geheel uitmaken, want dan zijn de rapen gaar. Dan verandert alles. Dan krijg je vernieuwing en vooruitgang. Aaaaargh!

Nu over tot de orde van de dag: mannen die publiekelijk vertellen wat ze wel en niet zouden doen als ze een vrouw waren. Want mannen zijn lief, en reuze begripvol, en het is echt heel zielig en oneerlijk als we aan hun positie tornen.

Nieuwsronde: positieve editie

De Zesde Clan doet echt haar uiterste best om temidden van ellende en onrecht de zonzijde te blijven zien. Daarom een nieuwsronde vol positieve berichten, over vrouwen met succes, vooruitgang, vergroting van de diversiteit en andere constructieve ontwikkelingen die de wereld een beter oord kunnen maken voor de helft van de bevolking. Komt-ie:

De ‘Gulabi Gang’, genoemd naar de roze sari’s van de leden, geeft Indiase vrouwen hoop in bange dagen.

  • De Belgische justitie gaat het bestrijden van internethaat prioriteit geven. Wie via Twitter vrouwen wil bedreigen met verkrachting, kan erop rekenen dat politie, OM en het ministerie van Justitie beter willen samenwerken, nauwlettender willen registreren wat er op internet gebeurt, regels verduidelijken en sneller toepassen. Op allerlei plekken komen “referentiemagistraten of “referentieambtenaren”, die zich speciaal richten op feiten van discriminatie en haatmisdrijven. Daders krijgen op die manier sneller een proces verbaal aan hun broek.
  • De EU geeft de Rijksuniversiteit Groningen 6,6 miljoen euro subsidie om de diversiteit te verbeteren. De universiteit deed eerder al een poging vrouwen binnen te halen door nieuwe leerstoelen te creeeren. In een omstreden besluit keurde de commissie gelijke behandeling dit beleid af. De universiteit heeft na deze uitspraak de regels aangepast. Maar omdat er nog steeds buitenproportioneel veel mannen aan de top bivakkeren, wil de RUG wél doorgaan met het stimuleren van en kansen creëren voor vrouwen. Dankzij de miljoenensubsidie kan dat. Gelukkig maar, want Nederland loopt hopeloos achter bij het erkennen van de kwaliteiten van vrouwen.
  • De immens populaire computergame Call of Duty laat mensen als soldate spelen. Het vorige besturingssysteem had volgens de producenten onvoldoende geheugen om de optie ‘vrouw’ aan te bieden. Dit terwijl andere populaire schietspelletjes, zoals Halo en Gears of War allang de mogelijkheid boden om te kiezen voor een vrouwelijk personage. Call of Duty Ghosts, verwacht in november, krijgt echter een volledig nieuw systeem met veel meer geheugen. Dus nu kan het wél. Eindelijk!
  • E.L. James verdiende van alle auteurs het meeste geld. Met haar Vijftig Tinten Grijs-trilogie haalde ze tussen juni 2012 en juni 2013 maar liefst 71 miljoen euro op. Volgens magazine Forbes is het succes mede te danken aan de opkomst van e-boeken. Daardoor valt minder op wat je nu precies leest, en durfden meer mensen een van haar romans aan te schaffen.
  • Zweedse vrouwen kwamen in actie om haat tegen moslima’s in te dammen. Onbekenden vielen in een voorstad van Stockholm een vrouw aan omdat ze een hoofddoek droeg. De verontwaardiging was groot. Andere vrouwen begonnen een campagne en zetten nu uit solidariteit foto’s van zichzelf, met hoofddoek om, op Facebook. Een enkele man sloot zich ook aan bij de protesten.
  • Quota’s voor vrouwen roepen kritiek op. Maar dat komt misschien wel voort uit angst. Want quota, bijvoorbeeld voor het percentage vrouwelijke politici, veroorzaken daadwerkelijk verandering. Daarom grepen een aantal auteurs het internationale boekenfestival van de Schotse stad Edinburgh aan om te pleiten voor een vrouwenquotum.
  • Flavorwire zette vijftig feministische klassiekers uit de populaire cultuur op een rijtje. Ze sloeg de meest voor de hand liggende opties over, dus een serie als Buffy the Vampire Slayer komt niet in de lijst voor. Wél daarentegen de speech van Clair Huxtable uit The Cosby Show, fotografe Francesca Woodman, vrouwelijke rappers, romans van Margaret Atwood en Mary McCarthy, enz enz, met waar mogelijk bijbehorende youtube filmpjes.
  • Temidden van alle ellende in India, waar vrouwen loslopend wild zijn en sterven als vliegen, juist als ze volwassen zijn, is de Roze Sari Gang een baken van hoop. Onder aanvoering van Sampat Pal bieden de circa 20.000 aangesloten vrouwen praktische hulp aan vrouwen en meisjes in nood, en strijden ze in deelstaat Uttar Pradesh voor een eerlijkere samenleving waarin vrouwen als volwaardige mensen meetellen. Zover is het nog niet, maar juist dat maakt hun werk zeer waardevol. Een Amerikaanse journaliste heeft inmiddels ook een boek geschreven over deze onverschrokken vrouwen: Pink Sari Revolution – A tale of women and power in the badlands of India.

Driewerf hoera voor de excuus-Truus

De enige vrouw zijn tussen allemaal mannen, en daar zitten vanwege bewust beleid om meer vrouwen een kans te geven. Oei, dat roept tegenstrijdige reacties op. Aan de ene kant geldt zoiets als een quotum of diversiteitsbeleid als een effectieve manier om mannenmonopolies te doorbreken. Aan de andere kant maken mensen zich (met enig recht, als je deze hatelijke column mag geloven) zorgen dat zij meteen gediskwalificeerd zijn als Excuus Truus. Daarom komt dit essay als geroepen: Three Cheers for the Token Woman.

Ook in Nederland barstte de discussie meteen los, toen de Publieke Omroep het waagde een probleem te maken van het schamele percentage vrouwelijke gasten bij beeldbepalende programma’s. Een oproep voor meer diversiteit leidde meteen tot een opiniestuk van Lamyae Aharouay, waarin zij NPO-voorvrouw Shula Rijxman verzekerde dat vrouwen er wel op eigen kracht kunnen komen. Expliciet streven naar meer vrouwen op de televisie zou de emancipatie juist belemmeren, denkt zij.

Dit leidde tot debat in de kolommen van de Volkskrant (heel goed overigens, hoe meer dialoog hoe beter). Er is toch niets op tegen als de NPO moeite doet om redacties te koppelen aan deskundige vrouwen? Want nu loopt het te vaak mis:

We zien twee drempels: de eerste is dat redacties wel zoeken naar nieuwe gasten, maar door tijdsdruk geregeld voor een gast kiezen die al vaker in een programma is geweest. Meestal een man. Een tweede drempel is dat veel vrouwen – of dat nou terecht is of niet – bedenktijd willen; langer afwegen óf zij wel de meest geschikte studiogast zijn. […] Mijn plan is een aantal vrouwen die in Hilversum nog niet in de adresboekjes staan te koppelen aan redacties. Niets meer en niets minder. Door ze met elkaar kennis te laten maken, weten ze elkaar in het vervolg beter te vinden. Heel praktisch. Daar kan toch niets op tegen zijn?

Columnist Martijn Simmons koos met een of-of verhaal voor de invalshoek van de machtsstrijd:

Meer vrouwen op televisie betekent automatisch – het is niet anders – minder mannen op televisie. Een keus voor het ene geslacht is onvermijdelijk een keus tegen het andere.

Om te eindigen met de opmerking dat hij vooral vaak en veel Barbie op de televisie wil zien. O ja, haar optredens in de media zullen de emancipatie van de vrouw vast vooruit helpen. Tsja.

Anca Gheaus, van de Universiteit van Sheffield, kwam de hierboven beschreven discussies zo vaak tegen, dat ze er een paper over schreef. Volgens haar moeten we de excuus Truus vooral met gejuich welkom heten:

…nobody suggests including women on the sole ground of their sex; being a woman should be acknowledged as one of the legitimate reasons, alongside competence, for including women. Here I argue that in some contexts there are several legitimate grounds – independent from competence – for including people in positions of visibility and prestige and that sometimes sex can be such a legitimate reason. If this is true, there is nothing wrong with being a token woman – although a lot is wrong with what makes tokenism possible! – and it is important to overcome the ambivalence of those who may be, at some point, a token women.

Ze legt dit standpunt uiteraard uit in haar essay. De eerste reden is dat we niet in een meritocratie leven. Dat zouden we wel willen, maar mensen worden in het algemeen niet alleen op basis van hun deskundigheid geselecteerd. Andere aspecten spelen een rol. Wie ken je, lijk je op de baas, pas je in de groep, vinden ze je aardig. Er zit weinig verschil tussen ‘kunde plus vriend van de organisator’ en ‘kunde plus sekse’. In beide gevallen speelt iets heel anders mee naast de gevraagde expertise. Alleen reageren we niet op ‘verdiensten plus vriendje van de organisator’, maar struikelen we opeens wél over ‘verdiensten plus vrouw’.

In ieder geval kan een Excuus Truus kan opgelucht adem halen:

As a potential token woman, you need not feel bad that your sex played an causal role inyour selection: the majority of participants have been selected on multiple grounds, with their competence being only one of the relevant factors. […] …other people’s character, sociability, unusual views or relationship with the organisers or editors have played a role in the invitations they have received. Some of them may be the token eccentric or the token humorist.

Ten tweede is het erg lastig, zo niet onmogelijk, om deskundigheid objectief te meten. Hoe stel je een ranglijst samen van de beste naar de slechtste? Op basis van welke criteria? Wie bepaalt dat? Hoe voorkom je de invloed van onbewuste waardeoordelen? Hoe kun je uitspraken doen als je niet iedereen kent, het hele veld overziet? Kwaliteit blijft een subjectief oordeel. 

Ten derde draagt diversiteit juist bij aan de kwaliteit van het geheel. Je straalt uit dat mensen welkom zijn, en bevordert daarmee een veilige omgeving waarin mensen opener gedachten uitwisselen met elkaar. Je moedigt ‘minderheidsgroepen’ aan om zichtbaar een rol te spelen. Andere leden van zo’n groep kunnen dan zien dat het mogelijk is. Je kunt als vrouw een zaal toespreken, een bestuursfunctie vervullen, bouwvakker worden. Daarmee boor je een nieuwe groep mensen aan om mee te doen. Allemaal talent wat je eerst misliep door vast te houden aan de incrowd.

Kortom, maak je geen zorgen Aharouay. Vrouwen komen er inderdaad wel, en dat de NPO wat meer moeite doet om hen welkom te heten doet niets af aan hun talent, kunde of emancipatie.

Nederland stribbelt tegen bij vrouwenrechten

Nederland begint een slechte reputatie te krijgen als het gaat om vrouwenrechten. De Europese Unie sleept ons land voor de rechter omdat Nederland te weinig doet voor mensen die na zwangerschapsverlof terug willen keren naar hun betaalde baan. Deze stap komt bovenop gedonderjaag rondom een quotum van dertig procent vrouwen in de top van beursgenoteerde bedrijven, en bergen kritiek op de gebrekkige naleving van VN-verdragen. Waarom laat Nederland het er zo bij zitten?

Natuurlijk heeft de Nederlandse regering allerlei excuses om niets of weinig te doen. Zo zou een quotum beter functioneren als bedrijven vrijwillig aan de slag gaan. Dus koos de regering voor een papieren tijger vol boterzachte vaagheden. Bedrijven hoeven nu alleen achteraf uit te leggen waarom het helaas niet lukte, en krijgen dan een aai over de bol en een ‘volgende keer beter’. Dat de EU meer druk wil zetten achter het doorbreken van een blanke mannelijke monocultuur aan de top, vindt Nederland maar niets.

De SGP komt ook overal mee weg. Nederland heeft vooral oog voor de godsdienstvrijheid, en deed weinig tot niets toen zowel de EU als de Hoge Raad in eigen land de regering sommeerde actief maatregelen te nemen. De SGP heeft inmiddels een briljante oplossing gevonden. Formeel mogen vrouwen nu wel op een kieslijst, maar iedere vrouw die aangeeft dit te willen, breekt met de grondbeginselen van de partij. En wordt daarmee een goddeloze outcast. Kritiek op deze schijnrechtspraak kwam vooral van de kant van het proefprocessenfonds Clara Wichmann en opiniebladen zoals HP/De Tijd. Vanuit de regering geen woord.

Niemand minder dan de Verenigde Naties gaf Nederland eerder, in 2010, al een draai om de oren. Ons land ondertekende weliswaar een internationaal verdrag, het VN Vrouwenverdrag, maar voert dat akkoord in de praktijk slecht uit. Onder andere de structurele ongelijkheid tussen mannen en vrouwen op de werkvloer was een pijnpunt. Dat maakt het des te wranger dat de EU Nederland nu voor de rechter sleept vanwege nalatigheid om werknemers te beschermen die terugkeren na ouderschapsverlof. NIet geheel verrassend zijn het vooral vrouwen die zwanger worden en prompt merken dat werkgevers hen willen dumpen.

Voorbeelden te over dus. Waarom landt die kritiek niet? Het Tijdschrift voor Genderstudies probeerde deze vraag te beantwoorden. De eindconclusie:

Voor de regering en de ambtelijke organisatie heeft het gewoonweg weinig urgentie veel aandacht te besteden aan de implementatie van mensenrechten, en van vrouwenrechten en het VN-Vrouwenverdrag in het bijzonder. Ten eerste is van druk van buiten af nauwelijks sprake. Ten tweede wordt in de rechtspraak bijna geen gebruik gemaakt van het VN-Vrouwenverdrag[…], zodat er geen noodzaak is om alle wet- en regelgeving vooraf aan het verdrag te toetsen. Ten derde denkt ook de Tweede Kamer bij mensenrechten met name aan niet-westerse buitenlanden, en spreekt zij de regering slechts incidenteel aan op het nakomen van verdragsverplichtingen in Nederland.

De auteur van het stuk hoopt op verandering nu Nederland een instituut voor de mensenrechten krijgt. Inmiddels bestaat dit college inderdaad. Zo’n organisatie kan bevorderen dat de regering mensenrechten – en vrouwen zijn ook mensen! – structureel meeneemt in het beleid. En uitspraken doen, onder andere over de legitimiteit van voorkeursbeleid voor vrouwen op plekken waar vrouwen, vanwege hun verkeerde sekse, tegen structurele achterstelling aanlopen. Zodat er langzamerhand meer druk op de ketel komt, en mensen de urgentie voelen. Dat zou tijd worden.

Discussie over vrouwenquotum laait weer op

Over de ongeschreven regel dat mannen beter zijn en dat het dus logisch is dat zij tachtig tot negentig procent van de topfuncties in bezit hebben, hoor je niemand. Maar probeer meer vrouwen een kans te geven, en de herrie barst los. Toch doet Eurocommissaris Viviane Reding volgens bronnen bij de EU opnieuw een poging tot het instellen van een vrouwenquotum van veertig procent, bij grote beursgenoteerde ondernemingen.

Een eerdere poging faalde. Twee argumenten keren steeds terug zodra dit onderwerp op de agenda komt. Een quotum zou verlies aan kwaliteit betekenen, omdat talentvolle mannen geen kans meer krijgen en er te weinig vrouwen zouden zijn. Als ze er wel blijken te zijn, ontstaat er een probleem. Gelukkig kunnen we dan met ons allen terugvallen op de impliciet afgesproken overtuiging dat mannen en het mannelijke beter zijn. Dus de vrouwen zijn er wel, maar ze zijn niet goed genoeg, vandaar die verlaging van de kwaliteit als ze via een quotum alsnog een kans krijgen.

Twee: vrouwen zelf zouden geen quotum moeten willen, omdat zij er vanzelf komen. Hier achteraan volgen dan meteen oproepen aan vrouwen om vooral geduld te hebben, en sussende uitspraken als zou talent altijd erkend worden, dus als je goed bent krijg je vanzelf kansen.

Om met dit laatste te beginnen: zulke uitspraken gaan uit van een eerlijke wereld, waarin het speelveld voor man en vrouw volstrekt gelijk is. In de praktijk is dat niet zo. Vrouwen zelf ervaren dat zij heel anders beoordeeld worden dan mannen. Het Belgische kamerlid Caroline Gennez merkte bijvoorbeeld dat de buitenwereld haar achtereenvolgens afschilderde als de marionet van een mannelijke voorganger, als bitch en daarna als te emotioneel. Naast openlijke weerstand kreeg ze ook te maken met subtieler seksisme:

Als ik het aan het begin van mijn voorzitterschap oneens was met bepaalde mannen in mijn partij deed men alsof men dat niet snapte en gaf men nogmaals dezelfde uitleg. Zo dacht men dat ik wel zou volgen, terwijl ik gewoon een andere mening had.

Dit soort individuele ervaringen lijken anecdotes, maar passen naadloos bij wetenschappelijk onderzoek waaruit blijkt dat vrouwen zeer weinig ruimte krijgen. Ze doen het snel fout. Je kunt als vrouw vriendelijk zijn, maar dan ben je volgens de buitenwereld al snel niet competent. Of je bent competent, en tegelijkertijd ‘dus’ ook een kille bitch. Maak je een foutje tijdens het bewaren van een wankel evenwicht tussen deze twee posities, dan lopen je vooruitzichten schade op omdat de omgeving je straft voor het overtreden van de regels die voor vrouwen gelden.

Meer vrouwen is verlies aan kwaliteit, boehoehoe, talentvolle mannen hebben het nakijken, is een argument waar het seksisme vanaf druipt. Niemand lijkt nu een traan te laten om de vele talentvolle vrouwen die nu het nakijken hebben. En wie vrouw gelijk stelt aan minder kwaliteit leeft duidelijk nog in de middeleeuwen, toen mannelijke autoriteiten vrouwen afschilderden als zwakke wezens, die zich moesten beperken tot huis en haard. Dat is helaas een houding die tot op de dag van vandaag opgang doet, en zich uit in pogingen om vrouwen de mond te snoeren en naar huis te sturen:

Het gaat niet om de lompe opmerkingen op zich, het gaat om de strategie. Door een vrouw consequent ‘een troela’ te noemen, ondermijn je haar autoriteit. Op weinig subtiele manier geef je ze te kennen dat wat ze te vertellen hebben helemaal niets voorstelt. Dat ze ‘het’ niet kunnen, kortom.

Zulke ingesleten mechanismen, zulke structurele achterstelling, doorbreek je niet met mooie woorden en vage beloften waar geen enkele consequentie aan verbonden is. Vrouwen hoeven zich dan ook niks aan te trekken van oproepen als zouden ze zelf niet via een quotum aan de macht moeten willen komen. Alleen al het feit dat ze tot nu toe zoveel discriminatie overleefd hebben, geeft al aan dat ze talent te over hebben. In een rechtvaardige wereld zou hun talent allang beloond zijn. Ze hebben recht op de kans die een quotum hen eindelijk biedt.

Stelselmatige discriminatie pak je aan met harde maatregelen, zoals een vrouwenquotum, net zo lang totdat een vrouw in een machtspositie even normaal wordt als een man in diezelfde machtspositie:

As Ms. Sweeney puts it, “We’ll know we have equality when we have as many incompetent women in senior positions as we have men.”

Automatische herbenoemingen houden vrouwen tegen

Tsja, dat was te verwachten. EU commissaris Reding begint over een vrouwenquotum in de top van grote beursgenoteerde ondernemingen, en prompt komen invloedrijke netwerken in verzet. Ook Nederland liet de EU weten niet gediend te zijn van een quotum. Ondertussen blijkt uit onderzoek dat een quotum voor geen enkele organisatie problematisch ligt. Het enige wat beursgenoteerde bedrijven moeten doen, is automatische herbenoemingen stop zetten.

EU Commissaris Reding stelde een vrouwenquotum voor.

Prof.dr. Mijntje Lückerath-Rovers, universitair hoofddocent aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en hoogleraar Corporate Governance aan Nyenrode Business Universiteit, zocht het uit en kwam vorig jaar al tot de conclusie dat 98 procent van de bedrijven aan de voorgestelde EU-norm kan voldoen. Als deze ondernemingen de bijna volautomatische herbenoemingen na elke periode van vier jaar afschaffen, kan het aantal vrouwen in de Raad van Commissarissen voor 2016 op peil zijn.

Klinkt als een fluitje van een cent, maar het betekent wel dat zittende mannen het veld moeten ruimen voor iemand anders, hoogst waarschijnlijk een vrouw. Dat is balen voor hen. Zij hadden die automatische herbenoeming verwacht. Logisch dat mannen, meer dan vrouwen, de hakken in het zand zetten zodra vraagstukken van gender-gelijkheid op tafel komen:

Although the opponents of gender equality efforts include women, too, the majority of its most vocal opponents seem to be men. The opposition of men to gender equality efforts has been studied for instance by Ingrid Pincus (1997) in Sweden, and ways of overcoming this resistance have been sought in the literature on practical methods relating to men and gender equality (see footnote 1 in section 4).

Die weerstand lijkt opnieuw succesvol te zijn. Deskundigen verwachten dat Reding’s voorstel het niet gaat halen en dat ze opnieuw naar de tekentafel moet om te kijken hoe vrouwelijk talent behouden kan blijven voor het bedrijfsleven. Toch heeft de discussie over vrouwen in de top een positief effect. Opeens beginnen mannen te pleiten voor maatregelen om vrouwen op andere manieren dan met een quotum door te laten stromen.

Dat is geweldig. De Zesde Clan zou nu graag zien dat deze heren daad bij het woord voegen. We verwachten dat beursgenoteerde ondernemingen massaal het convenant Talent naar de Top ondertekenen en goed, sluitend, solide beleid maken om oude structuren op te schudden en de organisatie te veranderen. We verwachten dat als hooggeplaatste vrouwen zelf, als ervaringsdeskundigen, maatregelen voorstellen, bedrijven luisteren en handelen, in plaats van het rapport in een la weg te stoppen zoals nu gebeurde, en dan negatief in het nieuws te komen omdat vrouwen je bedrijf ontvluchten (en dan voor een hoger salaris bij je concurrent aan de slag gaan).

Kortom, we verwachten geen loze oproep, waarna er weer een oorverdovende stilte volgt. Al die directeuren die tegen een quotum zijn, zijn het aan hun stand verplicht de daad bij het woord te voegen en te komen met concrete voorstellen en maatregelen in de praktijk. Want echt, lieve mensen, bedrijven waar diversiteit zichtbaar is, waar werknemers bestaan uit mannen en vrouwen, mensen met een kleurtje, mensen met verschillende achtergronden, doen het beter. Alleen al om die economische reden zou een fatsoenlijk bedrijf de monocultuur aan de top moeten willen doorbreken. Niet morgen, maar nu.

Bedrijfsleven verkoopt mooie praatjes

Alles beter dan een hard quotum voor vrouwen in de top van het bedrijfsleven, en dus komen allerlei mannen op invloedrijke plekken in verzet. Na adjunct-directeur Keyner, die een vrouwenquotum een slecht idee vindt omdat hij het een slecht idee vindt, doet nu ook hoogleraar accounting Jan Bouwens een duit in het zakje. Hij doet het voorkomen alsof bedrijven massaal vertrekken zodra ze drie vrouwen in de top aan moeten nemen. Hij pleit voor gericht beleid om meer vrouwen door te laten stromen.Dat is lef hebben. Het bedrijfsleven heeft al decennia lang de kans gekregen daar serieus mee aan de slag te gaan, maar tot nu toe bleef het bij mooie praatjes en goede voornemens.

Vergeet de sirenezang van lage lonen landen, belastingparadijzen of omgevingen waarin milieuwetgeving ontbreekt. De doorslaggevende factor in het verplaatsen van je bedrijf naar een ander land is volgens hoogleraar Bouwens de dreiging van de plicht een paar vrouwen in de top te benoemen. Begin daarover en grote ondernemingen laten je land acuut links liggen. Ramp!

Dus zegt Bouwens, samen met Keyner: ‘geef ons meer tijd’, laten we investeren in het opleiden en laten doorstromen van vrouwen. Probleem met deze redenering: dat verhaal kennen we. Ondanks jarenlang diversiteitsbeleid staat de opmars van vrouwen in topfuncties bijna stil. De enige reden dat de Volkskrant blij een toename kan vermelden is omdat er het afgelopen jaar zowaar negen vrouwelijke commissarissen bij kwamen in het bedrijfsleven. Negen. Landelijk. Toe maar. Ondertussen bestaan de beursgenoteerde ondernemingen nog steeds voor iets meer dan de helft uit organisaties waarin geen enkele vrouw zitting heeft in de top.

De echte wil ontbreekt. In drie jaar tijd wilden slechts 200 ondernemingen Talent naar de Top ondertekenen, een vrijwillig convenant om vrouwen meer kansen te geven. In hun monitor van 2010 moet Talent naar de Top toegeven dat de grotere Nederlandse multinationals ondervertegenwoordigd zijn, evenals bedrijven uit de industrie, bouw en handel en horeca. Het zijn vooral non-profit en overheidsinstanties die het charter willen onderschrijven.

Van de ondertekenaars voldeed bovendien een meerderheid  in 2010 niet aan de vrijwillige afspraken:

Van de ondertekenaars uit 2010 heeft 33% geen doelstellingen bepaald en 64% heeft niet bepaald hoe en wanneer de doelstellingen moeten worden bereikt (strategie). Voor de onderteke­naars uit 2008 en 2009 geldt dit voor 17% respectievelijk 47%. Meer dan 50% van de ondertekenaars uit 2008 en 2009 en bijna alle ondertekenaars uit 2010 hebben geen toereikend beleidsdocument. Daarmee voldoen deze ondertekenaars niet aan de charterrichtlijnen

Als het beeld al zo is bij organisaties die in principe aangeven welwillend te zijn, dan vraag je je af hoe het zit met de bedrijven die zelfs hiertoe niet bereid zijn. Oh wacht, dat weten we. Dat zijn die 52% bedrijven met louter mannen in de top. Wiens directeuren volhouden dat er nou eenmaal te weinig capabele vrouwen beschikbaar zijn. Omdat ze niet willen en niet kunnen en dan verdorie ook nog het lef hebben zwanger te worden. Datzelfde Talent naar de Top vecht hard tegen deze vijandige mentaliteit. Vrouwelijk toptalent is namelijk niet schaars, je moet het talent alleen wel willen zien. Dat lukt niet als je blijft recruteren uit het besloten wereldje van de Erasmus Universiteit, de TU Delft en de vriendjes van de golfclub.

Alleen TNT slaagde er volgens Talent naar de Top in dertig procent vrouwen in de gelederen op te nemen. Als enige voldoet dit bedrijf al aan de beoogde EU-norm waar Eurocommissaris Reding zich hard voor wil maken. Opvallend genoeg ging TNT niet failliet. Voor zover we weten toont de onderneming tot nu toe ook weinig initiatieven om de werkzaamheden naar China te verplaatsen. Misschien moeten mensen als Keyner en Bouwens daar eens een kijkje nemen, in plaats van angst te zaaien en vooroordelen te spuien.

UPDATE: We hebben pech dat Nederlandse bobo’s het tot nu toe houden op impliciet seksisme en versluierend taalgebruik. In Australië zei ’s lands meest populaire dj gewoon openlijk in zijn radioshow dat vrouwen de boel de vernieling in helpen zodra ze op machtige en invloedrijke posities terecht komen. Kijk, openlijke haat, daar kun je tenminste iets mee. Er ontstond prompt een Destroy the Joint Facebook groep, je kunt T-shirts kopen, Twitteren, op Youtube Destroy the Joint filmpjes bekijken, enzovoorts enzovoorts. Zulke makkelijke doelwitten bieden Nederlandse directeuren en hoogleraren niet. Terwijl de cijfers toch echt boekdelen spreken:

Man veegt vrouwenquotum van tafel op basis van…. ja, wat eigenlijk?

Errol Keyner werkt als adjunct-directeur en krijgt via Z24, met links via dagbladen zoals Volkskrant en Trouw, een podium om zijn afkeer van een vrouwenquotum te ventileren. Op persoonlijke titel, haast hij zich erbij te vertellen. Keyner voelt zich geprikkeld omdat Eurocommissaris Reding nu echt ernst wil maken met het invoeren van een quotum voor vrouwen aan de top. Dat kan en mag niet, vindt Keyner. De Zesde Clan besteedt graag aandacht aan zijn redenaties, want hij geeft een goed inkijkje in de mentaliteit die vrouwen op hun plek houdt.

Vrouwenquota hebben bewezen effect. Nog een reden voor Keyner om erg bang te worden….

Wat roept Keyner over vrouwenquota? Welnu, achtereenvolgens dit:

  • Quota discrimineren capabele mannen ten faveure van minder competente vrouwen
  • Er zijn veel meer mannen dan vrouwen die de ambitie, ervaring, kennis en talenten hebben om de rol van commissaris zinvol te vervullen
  • discriminatie speelt wel een rol, maar een ondergeschikte
  • Het lijkt dan een kwestie van geduld alvorens de goed opgeleide meisjes geboren rond 1960 rijp zijn voor een commissarispositie
  • De top is alleen haalbaar als rücksichtslos alles wordt opzijgezet voor dat ene. […] Op Reding na, begrijpt ieder zinnig mens dat de top vrijwel onhaalbaar is wanneer je er een decennium tussenuit piept om je grotendeels op het moederschap te richten.
  • als uiteindelijk de top wordt gehaald, heeft de commissaris geen last van het stigma dat ze die positie aan quota te danken heeft.

Dat zijn nogal wat beweringen. Waarop baseert hij zich? Verder dan dat ‘ieder zinnig mens’ dit alles wel weet, komt hij niet. Onderzoeksresultaten, cijfers, uitkomsten van kwalitatieve analyses, het ontbreekt. Geen idee waar Keyner al deze wijsheden vandaan haalt. Het hoofdargument blijkt ‘ik moet er niks van hebben omdat het slecht is en ik er niks van moet hebben’. Lekkere logica van deze meneer.

Daarnaast vertoont zijn verhaal enorme gaten. Zo spreekt Keyner van keuzes zonder de context mee te nemen. Niemand maakt keuzes in het luchtledige. Culturele normen en waarden, randvoorwaarden zoals belastingstelsel en kinderopvang, de manier waarop de economie is ingericht, het speelt allemaal mee. Door dat allemaal weg te laten is het lekker makkelijk om problemen van tafel te vegen. Als er al een probleem is, is dat haar schuld, had ze maar beter moeten kiezen.

Keyner stapt ook heel gemakkkelijk over discriminatie heen. Hij erkent wel dat er iets structureels scheef zit, maar schuift dat weg als zijnde niet zo belangrijk:

Toegegeven, dat zou betekenen dat een kwart in plaats van de huidige 14 procent van de commissarissen vrouw zou moeten zijn. Discriminatie speelt zonder twijfel een kwalijke rol. Voor de goede orde: een ondergeschikte rol.

Punt. Daar houdt het op. Maakt u zich geen zorgen, dames, niks aan de hand, het valt echt reuze mee met de loonkloof tussen mannen en vrouwen, de discriminatie van vrouwen die het wagen zwanger te worden, de structurele onderwaardering van vrouwen en het vrouwelijke, de manier waarop blanke mannen blanke mannen benoemen en talentvolle vrouwen niet eens zien. Als dat en meer al een rol speelt zal dat echt niet zoveel invloed hebben op uw loopbaan, hoor.

Keyner grossiert ook in beladen taalgebruik. Minder netjes gezegd: stemmingmakerij. Zo moet Eurocommissaris Viviane Reding het ontgelden. Ze ‘heeft het op haar heupen’. Nou, als een vrouw het op haar heupen heeft, dan weten we het wel, he?!? Volgens Keyner lijdt ze ook aan ‘blind doorzettingsvermogen’ en ‘frustraties’. Keyner spreekt daarnaast van het ‘door de strot duwen’ van een quotum, bedrijven ‘het mes op de keel’ zetten. Toe maar. Het is nog net niet de Derde Wereldoorlog en de Totale Ondergang van het Bedrijfsleven.

Het is het oude liedje. We moeten vooral geduld hebben, heel veel geduld, dan komt het vanzelf wel goed. Op miraculeuze wijze. Als die domme vrouwtjes maar slimmere keuzes maken, zelf zorgen voor een echtgenoot die hen steunt, familieleden die de kinderen willen opvangen, niet zo zeuren over dat tikkeltje discriminatie, en zonder veranderingen te eisen zichzelf aanpassen aan de manier waarop je volgens Keyner carrière behoort te maken. Namelijk door alles opzij te zetten en je tweehonderd procent in te zetten voor je werk, je werk en nog eens je werk.

Keyner toont zich daarmee een conservatieve man van de oude stempel. Geen woord over de beweging om de arbeidscultuur kritisch te onderzoeken, te pleiten voor een inrichting van de economie en de maatschappij zodat mensen zorg en betaalde arbeid kunnen combineren zonder zichzelf als arbeidskracht te diskwalificeren. Iets waar feministe Joke Smit al in de jaren zeventig voor streed.

Nee, van Keyner moet alles hetzelfde blijven. Voor hem is het vanzelfsprekend dat een topfunctie alleen is weggelegd voor mensen die de vereiste tachtig urige werkweken kunnen draaien omdat er thuis iemand is die voor al het andere zorgt. Waarbij die persoon aan de top toevallig bijna altijd een man is, en degene die thuis de boel draaiende houdt geheel toevallig bijna altijd een vrouw. Toeval, echt waar.

Ondertussen, in de echte wereld. Noorwegen voerde een vrouwenquotum in en bleef gewoon bestaan. Sterker nog, het gaat economisch goed met het land. Feit.

Emancipatiebeleid: ieder gevoel van urgentie ontbreekt

Vanwege allerlei vertragingen zal Nederland pas op z’n vroegst aan het einde van dit jaar een Europees verdrag tegen geweld tegen vrouwen ondertekenen. Het uitstel kwam nog voor het uit elkaar klappen van het overleg in het Catshuis. De gang van zaken is typerend voor de algehele situatie rondom het emancipatiebeleid van Nederland, gezien de officiële notulen van de vaste commissie voor Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. Ieder gevoel van urgentie ontbreekt en de boel stagneert.

De staat van het emancipatiebeleid in Nederland.

Een mooie analyse in Trouw toont duidelijk aan dat de afgelopen periode politiek gezien vooral stilstand en geruzie opleverde. Het emancipatiebeleid deed vrolijk mee in de stagnatie. Sterker nog, Rutte stond ronduit afwerend tegenover vrouwenemancipatie. Zijn mislukte kabinet maakte een einde aan het diversiteitsbeleid. Onder andere bij Defensie leidde dat prompt tot afbraak.

Maar er speelt meer mee dan een politieke impasse en weerstand. Uit diverse opmerkingen van tweede kamerleden blijkt dat zij soms weinig kaas hebben gegeten van gender en  vrouwenemancipatie. Zo doet PVV-lid Van Klaveren het probleem van de segregatie in het onderwijs af met de volgende badinerende opmerking:

Prijsjes voor moderne mannen en projectjes om genderneutrale beelden te stimuleren, zijn niet nodig. Kwaliteit en vrije keuze moeten centraal staan en niet sekse of een door de Staat opgelegde visie op wat mannen- en vrouwenstudies zijn.

Let op de neerbuigende verkleinwoorden en de nadruk op vrije keuze. Alsof mensen hun keuzes in een vacuüm maken, vrij van sociale druk, bombardementen met roze gekleurd Super Model speelgoed, onbewuste vooroordelen en subtiel of openlijk seksisme. Het lijkt wel alsof de PVV nog nooit een fatsoenlijke feministische analyse heeft gelezen.

Ook de VVD laat bij monde van Mevrouw Berckmoes-Duindam een aparte opvatting van emancipatie zien. Bijvoorbeeld in de discussie over maatregelen om meer vrouwen door te laten stromen naar topfuncties. Zij zegt volgens het verslag:

Het gaat de VVD om gelijke kansen voor vrouwen en niet om het voortrekken van vrouwen. Voorstellen voor wettelijke quota kunnen dan ook niet op de steun van de VVD rekenen. Vrouwen zijn geen koeien! Ze zijn krachtig genoeg om zelf de weg naar de top te vinden. Dergelijk voorkeursbeleid ademt ten onrechte het idee uit dat vrouwen niet op basis van hun kwaliteiten voor een functie in aanmerking zouden kunnen komen.

Hiermee herhaalt de VVD verschillende denkfouten. Om te beginnen de denkfout dat er nu geen quotum zou zijn. Dat is er wel: een mannenquotum. Zodra er minder dan negentig procent mannen zijn, worden commentatoren zenuwachtig. Wordt het in de verhouding daadwerkelijk een afspiegeling van de bevolking, dan zijn de rapen helemaal gaar. Daarnaast vertoont zij een ontroerend geloof in een rechtvaardige wereld met voor iedereen een gelijkwaardig speelveld. Helaas, dat is een mythe.

Nee, als vrouwen daadwerkelijk op basis van kwaliteit doorstroomden, hadden we allang meer vrouwen op belangrijke posten gehad. Dan zouden de beoogde nieuwe premiers in een peiling van het EenVandaag Panel meer diversiteit laten zien dan louter blanke, mannelijke politici van een zekere leeftijd.

Dat we zo’n weerstand hebben tegen de vooruitgang van vrouwen en allochtonen is allang bekend. Voorbeeldje. In 2002, toen het Noorse vrouwenquotum speelde, waarschuwde een onderzoeksbureau al voor de wanorde die ontstaat als Nederland  zoiets zou doen:

Van Hezewijk: “In een land als Nederland is het ondenkbaar dat veertig procent van de topfuncties in het bedrijfsleven door vrouwen wordt bekleed. Het zou, binnen de bestaande structuur, een enorme wanorde geven. Dat ligt niet aan de vrouwen, maar aan de mannen. Met zo’n lading vrouwen zouden de mannen zich ongemakkelijk voelen.[…] In Scandinavië zijn ze veel verder. In de hele wereld is de situatie trouwens beter dan in Nederland. Nergens zitten zoveel vrouwen thuis als bij ons”.

Dat klinkt heel erg als een cultuurkwestie. De cultuur van een zeer conservatief land, waarin vrouwen geacht worden zichzelf op de tweede plaats te zetten, zeker als er kinderen komen. De VVD lijkt niet te weten hoe je dat tij moet keren, en vervalt in stoer gepraat over eigen kracht en eigen verantwoordelijkheid.

Minister Van Bijsterveldt-Vliegenthart heeft wat dat betreft iets beter door dat het zo simpel niet ligt, met betrekking tot de arbeid en het salaris van vrouwen:

Mijn indruk is wel dat er vaak wordt gekozen voor deeltijd en dat vrouwen eerder geneigd zijn om zich te schikken naar de carrière van de man dan omgekeerd. Als dat een eigen keuze is, is dat op zich geen probleem. Als daaraan andere zaken ten grondslag liggen, moet dat natuurlijk anders worden gewaardeerd. Bovendien stellen vrouwen vaak bescheidenere looneisen. Wellicht is het ook minder geaccepteerd dat vrouwen salariseisen stellen. Dat laatste kan natuurlijk niet en vrouwen moeten daar dan ook scherp op letten.

Tot concrete uitspraken komt zij echter ook niet. Onverklaarbare loonverschillen tussen mannen en vrouwen, daar moet Kamp zich maar mee bezig houden, evenals discriminatie van zwangere vrouwen. Over zaken zoals eerwraak wil de minister ook alleen met grootst mogelijke omzichtigheid praten. Want ja, cultuur is heilig, he:

Veel landen die een sterkere positie in de economische wereldorde hebben gekregen, zeggen: westerse waarden zijn niet automatisch onze waarden. En: Waarom zouden Westerse waarden überhaupt beter zijn dan de onze? Wij moeten heel goed nadenken over de vraag hoe wij daarmee om moeten gaan. Vroeger staken wij dan ons vingertje op. Dat zal best wel eens goed hebben gewerkt, maar we leven nu in een tijdsgewricht waarin het echt niet meer zo gaat. Tegenwoordig moet je bondgenoten zoeken in regio’s om voortrekkers te kunnen steunen in hun strijd tegen culturele gewoonten die in de loop van eeuwen in de genen van mensen terecht zijn gekomen.

Ook dit ademt de sfeer uit van wees geduldig, wacht op een geschikt moment, we willen wel maar nu nog even niet, langzaam, langzaam. Iets wat steeds sussend gezegd wordt zodra vrouwen met enige kracht aan de poorten beginnen te rammelen. En harde quato? Oooo neee, dat is niet geschikt voor Nederland. Punt.

Ondertussen blijven allerlei problemen liggen, of worden ze alleen maar erger. De oppositie waarschuwt voor de nadelige gevolgen van de bezuinigingen op de kinderopvang. Bezuinigingen bedreigen ook succesvolle projecten. Zoals deze, ingebracht door PvdA woordvoerder Marcouch:

Ik heb de afgelopen weken veel wijken en buurten bezocht. Daar werd ik weer eens geconfronteerd met het bestaan van een grote groep onzichtbare vrouwen. […] Wat gaat de minister doen om deze vrouwen bij de maatschappij te betrekken? Ik vraag dat, omdat heel veel lokale initiatieven om zeep worden geholpen, ook al zegt de minister heel veel vertrouwen in dit soort initiatieven te hebben. Ik doel bijvoorbeeld op initiatieven waarbij sterke vrouwen vrouwen achter de voordeur motiveren en mobiliseren om hen deel te laten nemen aan de maatschappij. Hoe gaat de minister van emancipatie zich inzetten voor deze vrouwen?

Inderdaad, hoe gaat de minister dit doen. Het antwoord laat op zich wachten. Op naar het volgende algemene overleg. Of, beter nog, verkiezingen!

Duitse journalisten eisen quotum

Een grote groep Duitse journalisten is het zat. Er zijn genoeg vrouwelijke journalisten, maar op de banen met status zitten bijna alleen mannen. En het schiet niet op – vrouwen stromen niet door en blijven hangen aan een plakkerige werkvloer. Dus eisen ze een quotum van dertig procent vrouwen op invloedrijke functies. De maatregel moet als breekijzer fungeren om een einde te maken aan de ouwe jongens krentenbrood machocultuur op Duitse redacties.

De journalisten van dagbladen, tijdschriften en internetredacties stuurden een brief naar 250 uitgevers. In hun oproep schrijven ze onder andere dat het niet meer van deze tijd is alleen mannen aan de top te hebben, en dat vrouwen geen probleem zijn, maar de oplossing. Eén van de ondertekenaars:

Sandra Maischberger, a prominent TV presenter, said of the quota: “A few years ago, I was still completely convinced that it was only a matter of time before the glaring absence of women in the executive class in our industry would be rectified. In some areas – for example, at [public broadcaster] ARD, which is now run by a woman – some things have changed. But there is lot still to be done. Sometimes, when a new replacement is being sought for a position you do shake your head thinking, why not bring a capable woman into the team rather than always opting for the typical type of man who promises the moon?”

De vrouwen vatten moed nadat een aantal publicaties aan de slag gingen om meer diversiteit te krijgen. Onder andere het gerespecteerde financiële dagblad Handelsblatt voerde een quotum van dertig procent in. Het linkse blad Taz heeft inmiddels goede ervaringen opgedaan met een quotum. Ines Pohl, één van de leidinggevenden van deze krant:

It’s often precisely in institutions and companies with seemingly level playing fields that men are able to settle in all the key positions: the less hierarchy and formal structure, the more open space for big egos. […] At my newspaper, it took a strike by female employees to force through a quota. That was 25 years ago: today, few of the people in our office would doubt that this solution works out well for everyone. It helps women because it guarantees that their perspective, their expectations and individual problems are given due consideration. And it’s a plus for most of the men, too, that the work culture of our newspaper is now shaped by both sexes: even more introvert men now get a word in.

Zoals Pohl opmerkt werkt haar blad al een kwart eeuw met een quotum. De kwaliteit is er niet door achteruitgegaan, integendeel, en de krant is ook niet failliet gegaan of wat dan ook. Dus doemdenkers die beweren dat een quotum zorgt voor kwaliteitsverlies omdat excuustruzen de baantjes van capabele mannen inpikken, kregen in woord, daad en cijfers ongelijk. Het is eerder andersom: het stilzwijgende mannenquotum van 95 procent zorgt ervoor dat middelmatige mannen de functies inpikken van goede vrouwen.

Vrouwen claimen eigen territorium in de politiek

Politiek is in veel landen nog steeds een mannendomein. Er is echter hoop: overal zie je dat mensen verandering willen. Want de bevolking bestaat voor de helft uit vrouwen, en het is niet meer dan logisch dat zij in een democratie vertegenwoordigd behoren te zijn. IPS Gender Wire houdt de stand van zaken nauwkeurig bij en kon diverse positieve ontwikkelingen optekenen.

  • Guatemala krijgt op 14 januari voor het eerst in de geschiedenis een vrouwelijke vicepresident. Roxana Baldetti geeft vrouwen hoop: “She is facing a great challenge: to give women a good name so that we are not constantly dismissed as we are today, and I am confident that she is well qualified to succeed,” vertelde een vrouwelijke burgemeester aan het nieuwsagentschap. Dat zou mooi zijn, want het land kent tot nu toe slechts 7 vrouwen op 333 burgemeesters. In het Congres zitten 18 vrouwen, op 158 zetels.
  • Malawi kent al een vrouwelijke vicepresident. Ze heet Joyce Banda en geldt als een serieuze kandidaat voor de presidentsverkiezingen van 2014. Volgens Banda is een goede opleiding voor vrouwen cruciaal om hen in staat te stellen deel te nemen aan het openbare leven. Een schoolvriendin, Chrissie, moest wegens geldgebrek stoppen met school, vertelt ze in een interview met IPS. Nu, jaren later, is hun situatie heel verschillend: “Chrissie, she is locked up in the village, in poverty. And that makes me angry. Why am I here and she is not?”
  • Mauritius heeft een quotum ingevoerd. Bij plaatselijke verkiezingen moeten vrouwen eenderde deel van het aantal kandidaten uitmaken. De regel ging in op 1 januari en treedt voor het eerst zichtbaar in werking bij verkiezingen in april. Allerlei organisaties zijn hoopvol gestemd en verwachten dat vrouwen meer invloed krijgen in het land.
  • Kenia houdt in augustus dit jaar verkiezingen. Volgens IPS Gender Wire nemen een record aantal vrouwen deel aan deze verkiezingen. Dat is het resultaat van een nieuwe grondwet. Die gaf vrouwen onder andere gelijke rechten om land te erven, en stelde ook dat de overheid voor eenderde deel uit vrouwen moet bestaan.
  • Dan Zuid-Sudan. Een gloednieuw land, net opgericht na jarenlange bloedige oorlogen. Vrouwen proberen hier onder moeilijke omstandigheden hun politieke rechten te laten gelden. Onder andere VN Vrouwen en het Instituut voor Inclusieve Veiligheid proberen nu samen met Sudanese organisaties te bereiken dat ontwikkelingshulp en investeringen in het land voor minstens 25% ten goede komen aan vrouwen, en dat zij praktische steun krijgen om een plek aan de regeringstafel te krijgen. IPS: ”The effort is significant because according to the Institute, post conflict recovery and private sector development in other countries where wars have ended have “most often returned power and economic opportunities to male elites”. En dat willen de vrouwen niet nog een keer meemaken.

Poster uit Zuid-Afrika, tijdens de eerste democratische verkiezingen na het einde van de Apartheid.

EU werkt aan vrouwenquotum voor banken

De Europese Unie werkt aan een voorstel om banken te verplichten 30% vrouwen in besluitvormende functies aan te nemen. Dat meldt de Engelse krant The Guardian. De voorstellen komen van de Engelsman Michel Barnier.

Barnier wil banken op die manier verplichten hun monocultuur van blanke topmannen te doorbreken:

Barnier told the Guardian: “I believe it’s essential that there is more diversity on boards of banks and other financial institutions, in particular more women. The issue is not just one of better gender equality, but also one of better corporate governance. We need to break the group-think approach, which has been far too prevalent in the past, with the disastrous consequences we have all witnessed.”

Als de EU instemt met de voorstellen, betekent dat ingrijpende veranderingen voor banken, signaleert de Guardian. Zo hebben Engelse banken maar één topvrouw, bij de Britse tak van de Spaanse keten Santander. Ook in andere EU-landen is het aantal vrouwen op belangrijke posities miniem.

Het voorstel voor de financiële sector ontstond niet in een vacuüm. De roep om meer topvrouwen klinkt al langer. Zo overlegde de EU vorige maand nog over plannen om te streven naar minimaal 30% vrouwen in raden van besturen en commissarissen. De druk vanuit Europa is ook de reden waarom België een hard quotum voor het bedrijfsleven instelde. Nederland polderde en koos uiteindelijk voor een verwaterde versie. Daarin krijgen bedrijven wel te horen dat ze hun best moeten doen, maar volgen er geen maatregelen als er na een paar jaar nog steeds geen vrouw te zien is in de top.

België gaat voor vrouwenquotum

Het is officieel: België gaat grote bedrijven met een quotum dwingen meer vrouwen in raden van commissarissen en bestuur te benoemen. Het was een lastig politiek besluit. De oppositie kwam één stem tekort om het voorstel aan te vechten. België verwacht pas over een jaar of twaalf het effect van de maatregel goed te kunnen evalueren. Ondernemingen krijgen namelijk ruim de tijd om hun personeelsbeleid aan te passen.

De Belgische aanpak staat in schril contrast met de Nederlandse polderpolitiek. Die aanpak voorziet in mooie beloftes. Als resultaten uitblijven staat daar geen enkele sanctie op.

De verschillende initiatieven om het glazen plafond te doorbreken komen niet uit de lucht vallen. Het is de Europese Unie een doorn in het oog dat er aan de top zo’n monocultuur van blanke mannen heerst. Neem Nederland: topvrouwen zijn er nauwelijks. Alle ons omringende landen doen het beter en hoewel Nederland hier en daar lichte vooruitgang boekt, valt dat in het niet bij de positieve ontwikkelingen in de rest van de EU. We lopen achter. Maar tot op de dag van vandaag laten ondernemers bestaande projecten om op vrijwillige basis meer vrouwen door te laten stromen naar de top links liggen.

Het enige positieve voor de situatie hier is dat de verschillende uitkomsten van het politieke debat wetenschappers een gouden kans bieden. Ze kunnen nu onderzoeken welke aanpak het beste werkt om het monopolie van blanke mannen te doorbreken. De Nederlandse of de Belgische. Benieuwd welke universiteit dit oppakt!