Tag Archives: vrouwen aan de top

Oude mannen houden vooruitgang tegen in top bedrijven

Topmannen hebben geen zin om macht te delen met vrouwen, meldde NRC Handelsblad twee jaar geleden al. Die analyse kreeg dit jaar een wetenschappelijke onderbouwing met een internationaal onderzoek van PricewaterhouseCooper’s Governance Insights Center. Van de 884 ondervraagde topbestuurders vindt één op de tien dat het percentage vrouwen niet hoger mag komen dan tussen de 0 en maximaal 20 procent. Nog eens 43% van de ondervraagden vindt 20 tot 40% vrouwen mooi genoeg. Slechts vijf procent vindt een 50-50 verdeling van mannen en vrouwen in theorie acceptabel.

Het Governance Insights Center wijt de seksistische houding van de directeuren aan hun leeftijd. De ondervraagde groep bestaat voor het grootste deel (83%) uit blanke mannen van 63 jaar of ouder. Iets meer dan de helft van hen heeft problemen met ‘teveel’ vrouwen in de top:

This means that more than half of all board members think women deserve significantly fewer than half the seats on corporate boards. Since women make up more than half of the world’s population, this suggests that more than half of current board members think women are inherently less capable of serving in corporate leadership positions.

Deze mannen geven daarnaast blijk van een hypocriete houding. Gevraagd naar het belang van diversiteit aan de top zegt bijna iedereen (96 procent) dit belangrijk te vinden. Vraag je echter door, dan denkt slechts een kwart van de ondervraagden dat er voldoende gekwalificeerde kandidaten zijn onder vrouwen (en mannen met een gekleurde huid). Dit verklaart de hardnekkige klacht ‘we willen wel maar er zijn geen geschikte vrouwen’. Een opvatting die je ook in Nederland te vaak hoort en waar Lubach op Zondag genadeloos de spot mee dreef. 

Daarnaast blijken de seksistische heren hun vakliteratuur niet bij te houden. Studie na studie wijst uit dat diversiteit aan de top leidt tot hogere rendementen en betere beslissingen. Maar van de topmannen geeft slechts een kwart aan dat ze diversiteit belangrijk vinden omdat hun onderneming dan waarschijnlijk economisch gezien beter zal presteren.

Als je alleen de vrouwelijke ondervraagden bekijkt, zie je dat die veel meer waarde hechten aan diversiteit. 89% denkt, correct dus, dat meer diversiteit de economische prestaties van het bedrijf omhoog stuwt. 92% denkt dat meer diversiteit leidt tot betere besluiten en meer efficiency.

Enfin, lees het rapport en huiver. En weet dat we als vrouw in geen tweehonderd jaar een gelijkwaardige plek aan tafel krijgen als de huidige situatie rustig voortsuddert zoals nu. Alle Opzij top honderden van succesvolle vrouwen, alle mooie praatjes over diversiteit, alle goede voornemens, alle oproepen tot zelfregulering en ‘neem geen maatregelen, wij gaan zelf aan de slag’ gekakel ten spijt.

Advertenties

Vrouwen weten dat ze geminacht worden

Wat een prachtig gesprek met voetbalcoach Vera Pauw in De Volkskrant. Vooral deze uitspraak raakte De Zesde Clan: ,,Als ik een overstap naar het mannenvoetbal zou maken, zou ik onder mijn niveau moeten werken, want ze zullen mij niet op hetzelfde niveau laten werken als ik doe bij de vrouwen. Voor mij is het dus geen promotie. Niemand zal mij accepteren in het mannenvoetbal.”

Vera Pauw.

‘Niemand zal mij accepteren in het mannenvoetbal’. Wat een pijnlijke constatering… Pauw spreekt hier eerlijk en open over een feit waar veel vrouwen diep van doordrongen zijn. Ze kunnen wel proberen iets te doen buiten hun ‘eigen terrein’, maar meestal stuiten ze dan op veel weerstand en ophef. Misschien klinken er wel mooie woorden, maar ondertussen accepteren de insiders hen niet. Vrouwen blijven meestal buitenstaanders, die je makkelijk op kunt offeren.

Pauw illustreert dat even verderop nogmaals, als het gaat om vrouwen in posities met macht:

Wat ik heel vaak heb gezien is dat bij bedrijven een vrouw ergens op een toppositie wordt neergezet, een tijdje later wordt er dan over haar gezegd dat ze ‘communicatief niet vaardig’ is en dan komt er weer een man op die positie. Let maar op hoe vaak er wordt gezegd dat een vrouw niet ‘communicatief vaardig’ is. Terwijl algemeen bekend is dat vrouwen juist communicatief vaardiger zijn dan mannen, tenminste als we al die boeken daarover mogen geloven.’

Voor vrouwen is dit Weten fnuikend voor de ambitie. Je moet bijna een kamikazepiloot zijn om onder die omstandigheden te proberen iets te bereiken buiten de geaccepteerde bezigheden van moeder, huisvrouw en werkneemster met een bescheiden baantje om. Waar mannen ongestoord hun ding kunnen doen – ,,Voor de carrière van mannen maakte hoog scoren op self-monitoring trouwens niet uit” – moeten vrouwen spitsroeden lopen.

De sociale druk om je te conformeren aan voor vrouwen geldende normen is groot, en veel vrouwen geven tenslotte toe. Ze trekken zich terug, geven het op. Waarna smalende artikelen volgen van het type ‘zie je wel, ze willen zelf niet, ze kunnen het niet, ze hebben geen ambitie’. Ondertussen blijkt uit onderzoek keer op keer dat vrouwen vooral stuklopen op vooroordelen en onbewuste mechanismen waarbij mannen mannen benoemen.

Gegeven die omstandigheden kiest Pauw er bewust voor om in het vrouwenvoetbal actief te blijven. Dan kan ze tenminste op haar eigen, hoge, niveau werken, weet ze. Maar helaas heeft ook die keuze nadelen. Je wordt onherroepelijk geconfronteerd met minachting: vrouwen en het vrouwelijke hebben geen status.

Ook in het vrouwenvoetbal is dat pijnlijk zichtbaar. Pauw’s Zuid-Afrikaanse voetbalteam kreeg bijvoorbeeld nauwelijks aandacht:

“Zeilen dan maar”, sluit presentator Jeroen Stomphorst de abrupt eindigende reportage ongemakkelijk af. Vrouwenvoetbal op leven en dood, in vier schamele minuten de huiskamer ingeslingerd. Het bord op mijn schoot blijft onaangeroerd, terwijl Studio Sport vrolijk verder rolt.

Vrouwenvoetbal algemeen kan vooral rekenen op desinteresse of openlijk gegniffel, en uiteraard een chronisch gebrek aan geld of andere investeringen. Terwijl iedere oefenwedstrijd van de mannen op prime time de Nederlandse huiskamers binnen rolt, en prof-spelers miljoenen euro’s vangen voor hun verrichtingen, moet je voor een uitzending van wedstrijden vrouwenvoetbal veel moeite doen. Je komt eerder ‘vrouwenvoetbal in lingerie’-toestanden tegen dan een serieuze wedstrijd.

Vrouwen zoals Vera Pauw, die in een karige, schrale wereld vol slechte opties toch nog de voor hen beste keuze maken, doorzetten, de minachting incasseren en proberen te blijven doen wat bij ze past, verdienen alle steun en alle bewondering.

Quotum doorbreekt hegemonie van mannen aan de top

Quota doorbreken de hegemonie van mannen aan de top. Dat blijkt uit een nieuwe studie naar de effecten van wetgeving in Noorwegen. Sinds 2003 moeten beursgenoteerde bedrijven hier verplicht 40% vrouwen in de top hebben. Dat is gelukt, zonder dat bedrijven ten onder gingen. Bovendien krijgen vrouwelijke topbazen tegenwoordig bijna hetzelfde salaris als hun mannelijke collega’s – op dit niveau nam de loonkloof tussen de seksen af.

Een vrouwenquotum op zich is niet genoeg om een patriarchale cultuur te doorbreken. Maar het is een begin.

 

Toen Noorwegen een vrouwenquotum invoerde, riepen tegenstanders moord en brand met hetzelfde soort argumenten waar ook Nederlandse angsthazen zich van bedienen. Bedrijven zouden failliet gaan! Bedrijven zouden nooit zoveel vrouwen kunnen vinden! Talentvolle mannen zouden het nakijken hebben terwijl duffe excuus-Truzen met minder ervaring en minder competenties hun plek innamen! Noorwegen zou ten onder gaan!

De studie houdt het kort als het gaat om dit soort argumenten:

We show that these concerns were not relevant in practice.

Daar kunnen mensen het mee doen.

Daarnaast bleek dat het quotum psychologische effecten had, met name op vrouwelijke studenten:

A qualitative survey we performed in the Fall 2013 at the Norwegian School of Economics suggest that female (and male) students are well aware of the reform and many of them expect to professionally benefit from it in terms of future earnings and likelihood of holding a top executive position.

Oftewel, vrouwen kregen hoop. Banen in de top van het bedrijfsleven zijn opeens geen onhaalbare droom meer. Veertig procent van de plekken gereserveerd voor vrouwen betekent dat wie hard studeert en werkt, eindelijk een reële kans heeft om tezijnertijd een topfunctie te veroveren. Dat perspectief doet iets met een mens. Het bevordert de ambitie.

Dat wil niet zeggen dat een quotum alle problemen op de arbeidsmarkt oplost. Diversiteit en een kleinere loonkloof aan de top betekenen niet dat de gewone man en vrouw baat hebben bij de veranderingen. Die zogenaamde ‘trickle down‘ effecten worden wel vaker aangevoerd in economische theorieën, maar blijken steeds afwezig. Er is meer nodig dan een vrouwenquotum voor de top.

Bijvoorbeeld sterke vakbonden, want die organisaties blijken de meeste positieve effecten te hebben op de positie van vrouwen uit álle sociale en economische klassen. Maar ook een omslag in de mentaliteit van mensen. Zo wijst onderzoek uit dat vrouwen en mensen met een niet-blanke huidskleur diversiteitsbeleid het beste over kunnen laten aan blanke mannen:

Hekman added: “People are perceived as selfish when they advocate for someone who looks like them, unless they’re a white man.” So, what, if a woman hires a white man, it’s because he is the best person for the job, but if she hires another woman, it’s just because she wants someone to borrow tampons from? This probably isn’t new information to anyone who is a woman and/or a minority, but it’s always a bit jarring to see your suspicions confirmed.

Ondertussen wil het gebrek aan effect op ‘lagere rangen’ niet zeggen dat het Noorse beleid dús gefaald zou hebben. Een quotum is een begin, niks meer maar ook niks minder:

Quotas, instead, serve to bring gender equality to one specific area: positions of power. We can never say we live in a country rid of patriarchy while women hold less than a quarter of all political offices, 5 percent of CEO positions and less than 15 percent of executive officer positions, and less than 17 percent of board seats. And change isn’t coming voluntarily.

Waarvan acte, getuige de manier waarop een hard quotum in Nederland vooralsnog onbespreekbaar blijft. Een quotum verandert namelijk wel degelijk de samenstelling van de top. Degenen die nu alle macht in handen hebben, weten dat. Vandaar dat ze zich met hand en tand verzetten, Noorwegen als een doemscenario zien, en hardnekkig steeds dezelfde mythes blijven herhalen – die allang weerlegd zijn – om géén quotum aan hun broek te krijgen. Noorwegen laat echter zien dat het kan, zonder nadelige effecten. Nederland, waar wacht je nog op?

Situatie hopeloos? Huur een vrouw in om met het schip ten onder te gaan

Gaat het fout in het zakenleven? Dan denken mensen automatisch aan leiders met als vrouwelijk gekwalificeerde eigenschappen. Prompt nemen bedrijven daarna in die situatie vaker een vrouw aan. Deze leidster gaat vervolgens roemloos met het schip ten onder. Kortom, situatie hopeloos? Neem een vrouw aan om de schuld op zich te nemen.

Dat mechanisme kwam naar voren uit een serie onderzoeken van Michelle Ryan, onder andere gepubliceerd in het Journal of Applied Psychology. De volledige tekst van het onderzoek zit achter een betaalmuur, maar zakenblad Forbes las de onderzoeken en bracht voor een breder publiek in kaart hoe het werkt. Het gaat als volgt:

  • Bij het woord ‘manager’ of ‘leider’ denken de meeste mensen automatisch aan mannen. Zij hebben de juiste eigenschappen, zoals assertiviteit, dominantie en besluitvaardigheid, om bedrijven goed te leiden.
  • Gaat het mis met een bedrijf, dan raken mensen van slag. De kloof ontstaat met name omdat het zijn van een ‘onsuccesvolle manager’ haaks staat op ‘man-zijn’.
  • De onsuccesvolle leider, die geen man kan zijn, wordt geassocieerd met begrippen als passief, nerveus, angstig. Dat zijn vrouwelijke trekken.
  • Eureka! De onsuccesvolle manager heeft niet alleen vrouwelijke trekken, ze is ook gewoon een vrouw.
  • Dus zoek je vaker een vrouwelijke manager in crisissituaties. Zij is uitermate geschikt voor het managen van het falende team, het incasseren van klappen en verantwoordelijkheid nemen voor falen. En logisch dat ze faalt, want ze had immers vrouwelijke eigenschappen zoals passiviteit en nervositeit.
  • De wereld klopt weer. Phew, wat een opluchting!

Voor alle duidelijkheid: het gaat hier om onbewuste processen. Ook Forbes neemt aan dat geen enkel bedrijf bewust, willens en wetens, een vrouw uitkiest om als zondebok te fungeren. Het probleem is echter dat onbewuste vooroordelen niet opeens wegvallen omdat ze onbewust zijn. Integendeel, ze woekeren ondergronds, uit het zicht, en beïnvloeden besluiten op manieren die vaak nadelig uitpakken voor vrouwen.

Bovenstaand proces van associaties, aannames en vooroordelen over mannelijkheid en vrouwelijkheid, draagt onder andere bij aan het bestaan van de glazen klif. Onderzoekster Ryan bestudeert dat gegeven al een aantal jaar. Het gaat bij de glazen klif om het patroon dat vrouwen vooral kans maken op belangrijke posities in organisaties die falen. Ze komen pas aan bod nadat het mannelijk leiderschapsmodel aantoonbaar mislukte. Vanwege de problematische situatie loopt een vrouw vervolgens een veel groter risico om te falen. Zie je wel? Vrouw = probleem.  Man = succes. Precies wat iedereen al dacht.

Webmagazine Jezebel noemt de hele situatie een gekmakende vicieuze cirkel:

Thanks to certain traits being stereotypically cast as “female,” women are more likely to be hired on to steer sinking ships, thus propping up the idea (when those ships inevitably go under) that women aren’t good in business because of our indomitable feels, which then feeds back into the idea that women are tactful sacks of intuition, perfect for putting your dying business to sleep. Enjoy your shitty eternal spin cycle, businesswomen!

Gelukkig kun je uit de drie onderzoeken ook sprankjes hoop ontdekken. Forbes signaleert dat een succesvolle manager tegenwoordig iets vaker ook vrouwelijke trekjes krijgt toebedeeld. Blijkbaar beginnen we als cultuur langzaam door te krijgen dat ook vrouwen goed voor het bedrijfsleven kunnen zijn. Stap 1 van het proces zwakt zodoende iets af, zodat de vervolgstappen in de toekomst wat minder vaak optreden. De link ‘het gaat mis, huur een vrouw in’ bleek bovendien wat zwakker of zelfs afwezig, als de functieomschrijving expliciet stelde dat de manager ook de woordvoering zou doen en actief moest proberen het tij te keren. Ook dat biedt hoop.

Tot slot: gezien alle vooroordelen en onbewuste associaties wordt het hoog tijd om veel meer tamtam te maken als vrouwen succes hebben. Dat kan een tegenwicht bieden voor al die onderbuikgevoelens.

Huwelijk voordeel voor geleerde mannen, nadeel voor geleerde vrouwen

Academici hebben baat bij het huwelijk als ze man zijn. Voor vrouwen vormt een huwelijk juist een remmende factor in haar loopbaan. Als ze al een baan aan een universiteit weten te behouden, blijven ze vaker halverwege steken of duurt het langer dan mannen voordat ze op het niveau van full professor komen. Dat blijkt uit onderzoek naar de loopbanen van ruim tweeduizend historici m/v aan faculteiten Geschiedenis van Amerikaanse universiteiten.

De Zesde Clan houdt van onderzoek als basis voor artikelen. Want als je de cijfers in kaart brengt komen onbewuste vooroordelen opeens pijnlijk duidelijk naar voren. Zo konden onderzoekers vijf jaar lang de loopbanen volgen van ruim 20.000 werknemers van een Canadees bedrijf. Het bleek dat alleen blanke mannen soepel doorstroomden naar de top. Mannen met een getinte huidskleur bleven massaal steken in de middenmoot, terwijl vrouwen met een getinte huidskleur nooit verder kwamen dan de laagste trede in de bedrijfshiërarchie. Blanke vrouwen hielden hen daar gezelschap, tenzij ze zo ontzettend briljant waren dat niemand meer om hun kwaliteiten heen kon. Dan maakte de handicap van hun verkeerde sekse niet meer uit en bereikten ook zij de top.

Het is ook duidelijk dat persoonlijke keuzes, zoals trouwen of niet trouwen, verschillende effecten hebben. Voor vrouwen betekent trouwen vaak meer werk in de huishoudelijke en sociale sfeer – we verwachten met ons allen dat vrouwen het huis op orde houden, denken aan verjaardagen en familiebezoekjes regelen. Ook versterkt een huwelijk traditionele patronen. In Nederland komen vrouwen dan massaal terecht in een bestaan van huisvrouw en moeder met klein parttime baantje, het zogenaamde anderhalf verdienersmodel. Dodelijk voor je loopbaan, en een model met grote financiële risico’s. Vrouwen kampen daarnaast met een erfenis van wenselijk gedrag: zorgzaam, bescheiden en sociaal zijn, en mannen veel ruimte geven, anders ben je ‘bedreigend’.

In die context komen de bevindingen over de loopbanen van historici niet als een verrassing. Mannelijke historici klommen gemiddeld in 6,4 jaar op naar de rang van volledige professor. Trouwden ze, dan lukte dat al in 5,9 jaar tijd. Voor vrouwen zag het er heel anders uit. Ongetrouwd, dan lukte het in 6,7 jaar, maar als ze trouwden pas in 7,8 jaar. Ook kwam het voor dat vrouwen zelf afzagen van een baan omdat hun man niet mee kon komen. Omgekeerd hielden mannen weinig rekening met hun partner.

Vanwege dit soort fenomenen was het maar de vraag of vrouwen überhaupt verbonden bleven aan een faculteit Geschiedenis, en deel uit konden maken van een loopbaanonderzoek onder historici. Veel vaker gebeurde er dit:

During office hours, when advisors described the paths of female colleagues, it sounds more like the summary of a horror film than a professional trajectory: few survived. […]  “The person who ends up getting the job,” Nummedal continued, “is a man who has a woman who is willing to follow him, or is single.” That was the case for Paul Cheney, an associate professor of history at the University of Chicago. He and his wife received concurrent doctorates in their respective fields, but he was offered a position first. “That meant the area she could look in shrank quite a bit,” he said, “and by then we had kids.” At the time, she was an adjunct professor without maternity leave, and so she stayed at home to raise their children. When she eventually returned to teaching, it was at the high school level.

In dit soort scenario’s komen allerlei complexe factoren samen. Rolpatronen, wel of niet getrouwd, wel of geen voorzieningen zoals ouderschapsverlof en kinderopvang, beschikbaarheid en locatie van vacatures, psychologische drempels bij vrouwen, die hen belemmeren om ruimte in te nemen, en natuurlijk seksisme in de wetenschap. Dat begint al bij de sollicitatie, als mannen hoger ingeschat worden en de baan sneller krijgen. En eindigt met een lager salaris voor en minder investeringen in vrouwen.

Altijd lastig om over seksisme te berichten, merkt de Scientific American op:

Whenever the subject of women in science comes up, there are people fiercely committed to the idea that sexism does not exist. They will point to everything and anything else to explain differences while becoming angry and condescending if you even suggest that discrimination could be a factor.

Onderzoek na onderzoek wijst echter op dezelfde patronen. Zolang daar weinig in verandert, blijven dit soort studies broodnodig, en zal de Zesde Clan erover schrijven.

Diversiteit in de top werkt

Investeerders, opgelet. Het loont letterlijk de moeite om te onderzoeken hoe divers het hoger management van bedrijven is. Want met vrouwen in de top presteren ondernemingen beter, met name als het gaat om vernieuwing en de juiste keuzes maken bij complexe vraagstukken. Dit blijkt uit een onderzoek naar de besluitvorming bij 624 directeuren van Canadese bedrijven. Heeft een bedrijf een mannelijke monocultuur aan de top, dan doet die onderneming eigenlijk de aandeelhouders tekort, concludeert een Canadese universiteit.

Groepen zoals deze nemen NIET de beste beslissingen.

Op dit moment maken vrouwen slechts 10 procent van de directeuren. Co-auteur Chris Bart, business professor bij de McMaster University in Hamilton, Canada, vindt dat ondernemingen hun aandeelhouders tekort doen als zij geen vrouwen in de top van het bedrijf toelaten. Bart wijst naar de bestaande mannenclub als oorzaak van het lage percentage Canadese topvrouwen:

Despite their ability, he argues the ongoing shortage of women on boards is not due to a shortage of women in top ranks, but is actually caused by a reluctance by some men to hire women because they have a more challenging decision-making style and are less deferential to tradition or defined power structures. […] ”…A woman comes on a board, and she says ‘I understand tradition and the way you’ve always done things, but let’s look at it differently, and why are we doing it the same way we’ve always done it for 50 years,’” he suggests.

Tsja, da’s vervelend natuurlijk. Temeer daar een vrouw, nog voordat ze ook maar iets zegt of doet, sowieso een bedreiging is voor de status quo. Want als een bestuur al een vrouw telt, is ze vaak de enige in een groep mannen. Je bent de uitzondering, en zeer zichtbaar. Niet altijd een onverdeeld genoegen – als die ene vrouw iets fout doet, zijn meteen alle vrouwen fout, zie je wel, ze kunnen het niet.

Natuurlijk begon onmiddellijk de discussie hoe je de uitkomst van het onderzoek moet duiden. De onderzoekers zelf komen vreemd genoeg met een neuroseksistische verklaring. Volgens Bart zijn vrouwen van nature beter. Betere beslissingen nemen zit ingebouwd in hun biologie. Tsja, zou het echt?

Webmagazine Jezebel komt met een andere verklaring voor het toch wel opvallende verschil in kwaliteit. Biologie heeft er niet zoveel mee te maken. Wel het feit dat diversiteit de blanke mannelijke monocultuur aan de top doorbreekt. Dan krijg je automatisch betere besluitvorming. In plaats van allemaal mensen met dezelfde achtergrond krijg je diverse personen met allemaal andere achtergronden en ervaringen, die andere kennis inbrengen en op verschillende dingen letten die een ander niet ziet. Samen kom je dan tot betere resultaten. Iets wat onderzoek al vaker aantoonde.

De Zesde Clan wil bovendien wijzen op het effect van discriminatie. Canada was een jaar of twee terug het toneel van een grootschalig onderzoek naar de loopbanen van 20.000 werknemers van een en hetzelfde bedrijf. Na vijf jaar leverde dat opvallende patronen op. Vrouwen kwamen eenvoudig weg niet vooruit. De promoties gingen naar mannen. Allochtone mannen konden tot de middenlaag doordringen. Daarna stagneerde hun loopbaan. Blanke mannen konden doorstomen naar de top.

De enige vrouwen die van de plakkende vloer af konden komen,  waren een paar blanke – geen allochtone, nee, blanke – vrouwen, die zó ontzettend geniaal waren dat niemand om ze heen kon. Gewoon goed is voor een blanke man prima. De werkgever ziet zijn potentie, neemt hem aan of geeft hem promotie. Bij vrouwen ligt dat anders. Zelfs als ze loopbaan technisch alles goed doen en alle gebruikelijke adviezen opvolgen, maken ze minder kans dan mannen.  Gewoon goed, gewoon competent, is voor een vrouw niet goed genoeg.

Met andere woorden, er vindt bij vrouwen een selectie plaats die veel hardvochtiger is dan de selectie waar mannen mee te maken hebben. Geen wonder dat de vrouw die doordringt tot de top, beter is dan de mannen. Ze moest wel. Dat ligt niet aan haar biologische gesteldheid, maar aan structurele vooroordelen in haar nadeel. Vooroordelen waar zowel mannen als vrouwen mee kampen, en die vaak in het verborgene hun werk doen. Want seksisme is zoooo naar, natuurlijk doe je daar niet aan en let je alleen op kwaliteit, niet op gender. Helaas. Zo werkt het dus niet. Jammer, want nu loopt de samenleving competente vakvrouwen mis….

Ik kies mijn keuze!

De Volkskrant geeft ruim baan aan een tekstschrijver, Noortje Pelikaan, en historica Lotte Schouten, om aan te geven dat vrouwen volkomen vrij zij om te doen wat ze willen. Wat ze willen is een traditioneel bestaan. U weet wel, huisje boompje beestje, een flitsende loopbaan is niet belangrijk. Moet vooral zo blijven, want dat willen vrouwen. Of toch niet? Want opvallend genoeg doen beide dames een oproep. Vrouwen moeten vrij zijn om te kiezen voor een traditioneel rollenpatroon.

Zo weinig tijd, zoveel te kiezen! Oh, je zou er hoofdpijn van krijgen…

De Zesde Clan bleef haken op deze oproep. Vrijheid krijgen om te kiezen voor een traditioneel rollenpatroon. Hét traditionele rollenpatroon zelfs. Oooo jeeeee. Is het dan zo moeilijk om in Nederland als vrouw traditioneel te leven? Volgens zo’n duidelijk afgebakend patroon dat beide dames dat niet eens uit hoeven te leggen, alleen maar hoeven te verwijzen naar hét patroon? Hebben we als rechtgeaarde feministen een structureel probleem gemist, een pijnlijke beperking in de keuzevrijheid, waar miljoenen vrouwen onder zuchten? Dat zou vreselijk zijn.

Laten we eens even kijken hoeveel duwtjes in de richting van ‘dé’ traditionele rol vrouwen eigenlijk ontvangen:

  1. Mocht je een baan hebben, dan loop je een grote kans dat de werkgever je ontslaat of degradeert zodra je meldt dat je zwanger bent. Zeker met een tijdelijk contract is het risico groot dat je de laan uitvliegt. De schatten van werkgevers geven vrouwen op die manier alle ruimte om zich voor te bereiden op de komst van hun kindje. Wat naar van Europa dat ze Nederland voor de rechter slepen vanwege de gebrekkige bescherming van aanstaande ouders….Onnodig hoor, want stiekem wilden al die vrouwen best werkloos worden.
  2. Een conservatieve mentaliteit die ervan uit gaat dat vrouwen voor kinderen zorgen. Moeders die meer dan drie dagen betaald werk willen verrichten, zijn egoïstische powerfeministen. En dames, je krijgt geen kinderen om ze vervolgens in de crèche te dumpen. Zorg voor ze! (over de mannelijke verwekker van het kind geen woord).
  3. Alleenstaande vrouw? Neeeeeeeeeeeeee!!!! Eng! Kan niet, mag niet! Je MOET een heteroseksuele relatie aangaan! Maakt niet uit met wat voor soort man, als het maar een man is! Zo niet dan eindig je gefrustreerd, verzuurd, vereenzaamd en doodongelukkig, en zul je in je uppie sterven temidden van je vijftig katten!
  4. Kinderloze vrouw? Neeeeeeeeeee!! Eng! Kan niet! Je zult spijt krijgen als haren op je hoofd dat je het geweldige wonder van nieuw leven mist! Een schat van een kind waar je de rest van je leven voor mag zorgen! Zelfopoffering is nobel, het maakt een echte vrouw van je, en je krijgt er zoveel voor terug!
  5. Een arbeidsmarkt waar vrouwen, ook zonder ontslag wegens zwangerschap, structureel minder loon krijgen voor hetzelfde werk, danwel het nadeel ondervinden van laag betaalde (lees: ondergewaardeerde) vrouwenberoepen.
  6. Een arbeidsmarkt waar vrouwen, ook zonder ontslag wegens zwangerschap en loonkloof, structureel minder kans maken op promotie, gespot worden als talent, een mentor toegewezen krijgen, een klimaat tegenkomen waarin je je welkom voelt.
  7. Punten 1, 5 en 6 komen neer op: vrouw, blijf thuis! Liefst bij de kinderen! (punt 2, 3, 4 etc.) Want het gezin is het belangrijkste, zonder dat ben je niks en niemand. En zie, vrouwen passen hun ambities aan. Die vangen zulke signalen namelijk op en trekken inderdaad conclusies.
  8. Damesbladen die vrouwen zand in de ogen strooien. Vindt een vent, wordt gelukkig met hem, praat vooral niet over geld en onderhandel niet over de onbetaalde (zorg)arbeid in huis. Wat er gebeurt als manlief sterft, wil scheiden, en/of er vandoor gaat met een 18-jarige blondine…. Ah nee, daar hebben we het niet over, dat verstoort de droom op een nare manier.
  9. Onderwijs waarbij meiden al vroeg leren dat ze beter geen vak zoals wiskunde kunnen kiezen, en dat een loopbaan als fotomodel echt geweldig is, want dan kun je de wereld veranderen en ga je vast en zeker een glorieuze toekomst tegemoet.
  10. Kom je op de televisie? Geef je je mening op internet? Anonieme trollen maken je af. Discussies over partneralimentatie? Pleiten voor een representatiever aantal vrouwelijke gasten bij programma’s die van ons belastinggeld betaald worden? Maak je borst maar nat. Haat, haat! Vrouwen, vraag niets, zwijg, blijf thuis, de openbaarheid is niks voor je.
  11. Vrouwen zijn gelijkwaardig aan mannen, echt waar! Hij maakt de plannen, zij maakt het eten. Zij heeft haar geheel eigen plek, waardoor het voor haar bijvoorbeeld niet goed is om zich kandidaat te stellen voor politieke functies. Officieel moet dat nu wel, maar we weten allemaal: daar is ze niet geschikt voor. De overheid vindt die houding prima en blijft een politieke partij steunen die zulke standpunten uitdraagt.
  12. Belastingstelsel en inkomenspolitiek die het voor vrouwen economisch aantrekkelijk maken om een traditioneel rollenpatroon te volgen. Vooral stelletjes en klassieke gezinnen met één kostwinner (man) hebben baat bij het inkomensbeleid van de regering. Zelfstandig levende vrouwen merken geen enkel voordeel, hun inkomen ontwikkelt zich met 0% dankzij de inspanningen van de regering.
  13. Bezuinigingen op emancipatie, afschaffen van emancipatiebeleid, en kunnen we het laatste beetje budget voor emancipatie niet beter opheffen en overhevelen naar Defensie?

Zo kunnen we nog wel even door gaan. Vrouwen krijgen in Nederland zoveel kansen om vrij te kiezen voor een traditioneel vrouwelijke rol, dat je bijna zou gaan vermoeden dat de keuze voor een niet-traditionele rol enigszins ontmoedigd wordt. Pelikaan en Schouten menen echter van niet. Wat nemen zij mee om de vrijheid, blijheid cultuur aan te tonen?

Opvallend genoeg allereerst minachtende taalgebruik voor pogingen om eens iets niet-traditioneels te doen. Traditioneel gezien domineren blanke mannen de talkshows op televisie. Dit is de manier waarop het duo de poging beschrijft om voor de verandering een talkshow met vrouwen te maken:

…een groepje geforceerd kletsende vrouwen bleek geen succesformule. Hoongelach alom.

Zou er echt geen neutralere manier zijn om dit te omschrijven? Geforceerd kletsende vrouwen! Mannen praten, vrouwen kletsen. De Zesde Clan moet dankbaar zijn dat Schouten en Pelikaan niet vervielen in termen als mekkeren en kakelen.

Schouten en Pelikaan negeren verder hoe snel de zogenaamd vrije keuze van vrouwen verandert als de omstandigheden veranderen. Daarnaast verwijzen ze voor hun onderbouwing dat vrouwen in het werk alle kansen krijgen naar welgeteld één (1) boek, over de mythe van het glazen plafond. Documentatiecentrum Rosa analyseerde dit boek en laat geen spaan heel van de inhoud ervan. Zo begrijpt de auteur het begrip ‘glazen plafond’ niet eens goed. Geen handige bron om naar te verwijzen…

O, en de historica van het tweetal kent haar geschiedenis niet. Dat verhaal over ‘vrouwen kiezen zelf’ voor hun eigen situatie komt uit de oude doos. Hetzelfde documentatiecentrum Rosa:

Zo kreeg Harriet Taylor Mill al in 1851 tijdens discussies  over vrouwenrechten te horen dat vrouwen deze rechten zelf niet willen: “Women, it is said, do not desire – do not seek, what is called their emancipation” (Mill & Mill 1970). 

De strijd om het vrouwenkiesrecht leidde tot hetzelfde soort argumenten. Zo publiceerde de North American Review in 1939 een artikel over suffe vrouwen. Hebben ze eindelijk het stemrecht, kiezen ze niet voor vrouwelijke politici en blijven ze liever thuis:

its arguments have been eroded by the passage of time and the rise of political science. Really, the article is just a very early version of a favorite anti-feminist argument: that feminists, being silly bubbleheads like all the other ladies, have worked day and night to push for equality only to find out that women don’t want it! Oh, the hubris of the female mind!

Nederland kon er ook wat van. Tussen 1894 en 1922 probeerden onze mannelijke landgenoten het vrouwenkiesrecht tegen te houden, onder andere met als argument:

  • ‘kiesrecht zou onvrouwelijk zijn en dus zou een ‘echte’ vrouw nooit kiesrecht willen bezitten’
  • ‘de man zou van nature verstandiger zijn dan de vrouw of was al zo geschapen door God’
  • ‘de Nederlandse vrouw’ was vast tevreden zonder kiesrecht

Enzovoorts, enzovoorts.

In Engelstalige kringen wordt dit verhaal over vrouwen die zelf lekker traditioneel willen blijven, tegenwoordig ook wel sardonisch omschreven als I Choose My Choice. Oftewel ‘ik kies mijn keuze’. Waarbij iedere context weg valt. Let maar niet op systematische achterstelling, vooroordelen en vrouwenhaat. Nee, vrijheid, blijheid. Volgens de ik-kies-mijn-keuze ideologie kiezen vrouwen in alle vrijheid, zonder enige vorm van sociale of culturele druk, voor pijnlijke, medisch onnodige operaties aan hun vagina, het anderhalf verdienersmodel waarbij zij de halve zijn, gemiddeld 8% minder salaris (want onderhandelen is zo vermoeiend), etc etc.

Daarnaast komen Schouten en Pelikaan aanzetten met de huishoudbeurs. In een week ruim 245.000 bezoekers, waarvan negentig procent vrouwen!  Zie je wel, dé Nederlandse vrouw vindt een traditionele rol prima. Tsja, sinds wanneer vormt dit aantal op een bevolking van 16,7 miljoen een meerderheid, of zelfs maar een representatieve groep?

Daarnaast vergeten de twee dames opnieuw de geschiedenis. Bij emancipatiebewegingen gaat het altijd om een minderheid. Het vergt enorm veel moed om kritisch te zijn, je mond open te doen en verandering te eisen. In Nederland waren het minderheden die  ijverden voor het kiesrecht voor vrouwen, de mogelijkheid om betaald werk te verrichten, het schrappen van de handelingsonbekwaamheid van de getrouwde vrouw, en die anno nu protesteren tegen een verstikkend schoonheidsideaal en nare stereotypering in de populaire cultuur.

De meerderheid vindt die minderheid vaak lastig. Te grof, te boos, te strijdbaar. Of, met de individualistische Happinez mentaliteit van tegenwoordig: die activisten brengen negatieve energie, neee, je moet je vooral focussen op je eigen geluk. Niks mis mee, maar na het roepen van ‘huuuuh, enge feministen’ zijn dit soort mensen vaak maar al te blij dat ze baas in eigen buik zijn, geld mogen verdienen en zelfstandig kunnen reizen. En ’s avonds kunnen genieten van een mooie film of theaterstuk waarin vrouwen een fatsoenlijke rol spelen, net alsof het echte mensen zijn.

Ongelofelijk dat de Volkskrant zo’n rammelend geschreven en aantoonbaar op onzin gebaseerd stuk alle ruimte geeft. Je zou bijna denken dat ook deze krant vrouwen graag in vrijheid hun traditionele rol wil laten kiezen.

Facebook topvrouw belandt in mijnenveld

’t Boek is nog niet uit of mensen buitelen al over elkaar heen om Facebook-topvrouw Sheryl Sandberg fel te bekritiseren. Op 11 maart 2013 publiceert ze Lean In, een analyse van vrouwen op de werkvloer, adviezen om je ambities waar te maken, en een oproep aan vrouwen om zichzelf over hun angst heen te zetten en hun mond open te doen. Met bijbehorende website. Had ze niet moeten doen. Wie is zij om dit te vertellen, zij met haar miljoenen op de bank, grote villa, betaalde hulptroepen en braaf meewerkende echtgenoot?

Sandberg tijdens een toespraak voor het World Economic Forum.

Wat zegt Sandberg eigenlijk? Voorpublicaties uit het boek doen de ronde, en dan lees je stellingen zoals dit:

“We hold ourselves back in ways both big and small, by lacking self-confidence, by not raising our hands, and by pulling back when we should be leaning in,” Sandberg writes, according to a preview in the New York Times. “We internalise the negative messages we get throughout our lives, the messages that say it’s wrong to be outspoken, aggressive, more powerful than men. We lower our own expectations of what we can achieve.” As a result, she says many women are quietly checking out of their careers, years before they actually start a family. She believes women rarely make a sweeping decision to give up work to look after children, but instead make a string of choices from early on that propel them towards that end result, none the less.

Op zich is er niets mis mee dat Sandberg erop wijst dat vrouwen negatieve boodschappen over zichzelf internaliseren, en vervolgens zichzelf saboteren. De Zesde Clan stelde dit onderwerp op een wat andere manier aan de orde bij een analyse over zelfhaat. Het is een legitiem punt, een belangrijk probleem. Vanwaar dus die ophef? Welke open zenuw raakt Sandberg?

The New York Times schat in dat het verzet ontstond, omdat Sandberg in haar analyse de nadruk teveel legt op individuele vrouwen.  Juist vrouwen die negatieve boodschappen tussen de oortjes hebben zitten, constant te horen krijgen dat ze niet voldoen, dat ze zelf schuld zijn aan hun eigen ontslag/verkrachting/man die te weinig in het huishouden doet etc., etc., kunnen terecht de hakken in het zand zetten als er nog iemand komt die alweer uitspraken doet die neerkomen op ‘vrouwen moeten beter hun best doen’. Het moet een keer ophouden met al die verwijten. Ga weg!

Bovendien kan een zoveelste oproep aan vrouwen ervoor zorgen, dat alle andere partijen die deel uitmaken van het probleem, lekker achterover blijven leunen:

Ms. Sandberg “does what too many successful women before her have done: blaming other women for not trying hard enough,” wrote Avivah Wittenberg-Cox, a consultant who works with companies to improve their gender balance, after watching a video of Ms. Sandberg speaking on the topic at the World Economic Forum in Davos last month. “Every resistant man on the planet will be able to quote her” saying that women simply must become more ambitious, Ms. Cox continued. (Ms. Sandberg writes that she focuses on internal barriers because the external ones get more attention.)

Daarnaast plaatsen sommigen de voorbarige kritiek in een bredere context:

Feminist icon Gloria Steinem, whom Ms. Sandberg thanks in the acknowledgements and cites as inspiration, praises Lean In on her Facebook page, saying that it “addresses internalized oppression, opposes external barriers that create it and urges women to support each other to fight both.” She adds that even the book’s critics “are making a deep if inadvertent point: Only in women is success viewed as a barrier to giving advice.”

Dit kan ook verklaren waarom zoveel kritiek op de inhoud van het boek, eigenlijk neerkomt op persoonlijke verwijten aan het adres van de auteur. Wat weet Sandberg nou van haar onderwerp af? Ze heeft teveel privileges, ze weet niks af van gewone vrouwen. Weg met dat succesvolle wijf, Sandberg moet haar mond houden. The Atlantic wijst er terecht op dat hier iets geks gebeurt:

Sandberg is an easy target: she is successful and extraordinarily rich and is preaching the power of personal ambition and overcoming professional barriers at a time when most Americans – including the high-gloss, Ivy League set – feel they are stomping through molasses to get ahead despite their most determined efforts. But how about commenting on the merits of her argument rather than her class? When was the last time people asked Warren Buffett if it was appropriate to talk about the tax bracket of his secretary? Or Bill Gates if it was appropriate for a billionaire to talk about entrenched global poverty? Or is talking to the really wealthy and the really poor okay, but talking to working-class people not?

Sandberg komt met haar boek zodoende terecht in een mijnenveld waar minachting voor vrouwen, angst voor succesvolle vrouwen, de spanning tussen individu en instituut, en diepgevoelde zelftwijfel zorgen voor een explosieve situatie. Het resultaat? The New Yorker spreekt van een heuse backlash.

Sandberg schaart zich hierdoor in een rijtje van vrouwen die bij voorbaat aangevallen worden om wat ze willen doen of zeggen. Activiste Anita Sarkeesian, die het plan opvatte een serie videofilmpjes te maken over stereotiepe vrouwbeelden in computerspelletjes, en bedolven werd onder haat. Actrice Ashley Judd, die mogelijk de politiek in gaat en er nu al van langs krijgt van conservatieven. Een samenleving die vrouwen in hun hok wil houden, rukt bij voorbaat al uit met hooivorken en brandende fakkels om die enge wijven het zwijgen op te leggen, nog voordat we weten wat ze zouden willen zeggen.

Geen wonder dat zoveel vrouwen wel drie keer nadenken voordat ze willen doen wat Sandberg adviseert. Publiekelijk zichtbaar zijn en ruimte claimen kan vrouwen op zoveel haat komen te staan, dat alleen de allersterksten het aankunnen. Dit mechanisme kun je niet bij vrouwen alleen neerleggen:

A culture where the only people able to contribute to the national conversation are thick-skinned, insensitive, white, straight males who can repel or ignore this ugly trench of abuse is not a culture any thinking person should want to live in.

De samenleving als geheel moet veiliger worden voor vrouwen, zodat zij zich vrijer kunnen bewegen en zich openlijker kunnen uiten. Want zoals de mentaliteit nu is, kunnen vrouwen het nooit goed doen. We zijn met ons allen verantwoordelijk om ervoor te zorgen dat vrouwen meer speelruimte krijgen. Op 11 maart zullen we zien of Sandberg dit element ook heeft meegenomen in haar analyse.

SGP en ChristenUnie vallen door de mand

Als SGP en ChristenUnie het voor het zeggen zouden hebben in Nederland, zou de regering geen geld steken in vrouwenemancipatie. De fondsen die hiervoor bestemd zijn, zouden in het potje van Defensie terecht komen. Dat blijkt uit een amendement van de Tweede Kamerleden Dijkgraaf en Schouten. Alleen hun eigen partijen stemden voor, de rest verwierp dit idee.

Geld voor emancipatie liever naar Defensie. En bedankt, Dijkgraaf.

Elbert Dijkgraaf (SGP) en Carola Schouten (ChristenUnie) keken eind vorig jaar verlekkerd naar het budget van vijftien miljoen euro. Zonde om zoveel geld uit te geven aan een streven waar christenbroeders niets in zien. Ze zouden dat geld maar wat graag vrij willen maken voor belangrijkere taken. Zoals het gedeeltelijk verzachten van de effecten van de bezuinigingen op Defensie:

….militaire oefenprogramma’s, onderhoud defensiematerieel, arbeidsvoorwaarden en voorraadvorming van munitiesoorten en reserveonderdelen. Met dit amendement krijgt Defensie iets meer lucht om de noodzakelijke verbeteringen aan te brengen op deze onderdelen. Dekking voor dit amendement wordt gevonden in het afschaffen van het emancipatiebeleid door middel van amendement Dijkgraaf/Schouten 33 400 VIII nr. 7.

Da’s lekker…..Het was aan minister Jet Bussemaker om beide kamerleden tot de orde te roepen. Zij stelde:

De leden Dijkgraaf en Schouten hebben een amendement ingediend om het budget voor emancipatie en gelijke behandeling te schrappen. Ik zeg dat dit een speerpunt is van het kabinetsbeleid. Emancipatie vraagt van iedereen een bijdrage, ook van de overheid. Ik stel vast dat met relatief weinig middelen van OCW een enorme olievlekwerking wordt gerealiseerd. Ik hecht er dus aan om dat voort te zetten. Ik constateer ook dat bij het debat over de regeringsverklaring gepleit is voor gezinsbeleid, naar ik meen door dezelfde fracties. Volgens mijn visie leidt goed emancipatiebeleid altijd tot goed gezinsbeleid. In die redenering zouden de indieners de lijn van het kabinet kunnen steunen. Ik heb ook problemen met de besteding. Het budget voor emancipatie wordt geschrapt en het wordt toegevoegd aan defensie. Daarmee is het amendement strijdig met het regeerakoord. Ik ontraad daarom de aanneming van het amendement op stuk nr. 7.

Alle partijen, behalve indieners SGP en ChristenUnie, namen het advies van de minister over. Daarmee was het gevaar weer geweken. Ondanks het falen van dit voorstel is het is tekenend dat SGP en ChristenUnie handelden zoals ze handelden. Onder andere Dijkgraaf heeft er nooit een geheim van gemaakt dat hij volgens zeer traditionele normen en waarden leeft. Als hij de baas was zou  het lichamelijke recht op zelfbeschikking van vrouwen bijvoorbeeld meteen verleden tijd worden:

Wat zou het eerste zijn dat u zou doen als premier?
‘Op de principiële punten, zoals abortus, euthanasie, de zondagsrust, kijken hoe we forse stappen kunnen zetten. […] Abortus moet verboden worden, en als dat niet kan willen we de abortustermijn van 24 weken aanscherpen.

Van hem mogen vrouwen weer naar kleerhangers grijpen. Als we dan dood bloeden is het eigen schuld, dikke bult, had je de ongewenste zwangerschap maar uit moeten zitten en verplicht moeten baren. Dat zegt hij er echter niet bij. Daarentegen is Dijkgraaf wel openhartig over de voordelen van een vrouw die thuis bij de kinderen blijft:

Werkt uw vrouw ook?
‘Nee, mijn vrouw heeft er vrijwillig voor gekozen er voor het gezin te zijn. Dat is een groot voordeel.’ Zou u daar problemen mee hebben?
‘Als je beide intensief werkt, dat zou ik wel een probleem vinden, want dat wordt dan wel heel lastig voor de kinderen. Dat zie je bij andere politici.’

Fijn, zo’n huisvrouw. Dan kan hij zich volledig wijden aan zijn belangrijke taak. Zoals uitleggen dat fossielen door de zondvloed kunnen zijn ontstaan. Christelijke archeologen hebben best goede redenen om dat aan te nemen! Ook verwijt Dijkgraaf in hetzelfde interview dat mensen voor anderen willen bepalen wat goed voor je is, terwijl hij ondertussen zelf  druk bezig is om voor andere mensen te bepalen wat goed voor ze is. Meten met twee maten, heet dat.

Carola Schouten ziet niks in emancipatie.

Dan Carola Schouten. Wist de redactie van het feministische maandblad Opzij dat zij het budget voor Emancipatie op wilde heffen, toen ze eind vorig jaar werd opgenomen in het lijstje invloedrijke vrouwen?  De Zesde Clan vraagt het zich af. Bij de toelichting staat alleen ”In de categorie Politiek staat zij op de 9e plaats. Schouten wordt door de jury geroemd om haar financiële kennis en de rol die zij heeft gespeeld in de totstandkoming van het Lente-akkoord.”

Dat zal best, maar zodra ze die invloed aanwendt voor kwesties die feministen na aan het hart liggen, zoals emancipatie, gaat het meteen mis. Dit terwijl de Christenunie in haar verkiezingsprogramma van 2010 schreef dat bedrijven diversiteitsbeleid moeten voeren, met duidelijke doelstellingen om een goede afspiegeling van de regionale situatie te bereiken. En dan wel het emancipatiebudget bij de overheid afschaffen? Opnieuw meten met twee maten.

Vrouwenemancipatie is iets waar CU en SGP duidelijk geen enkel belang aan hechten. Dat we het even weten. Mochten Dijkgraaf en Schouten ooit nog zalvende woorden spreken over de emancipatie van vrouwen, dan kunnen we hen op basis van feiten weghonen als hypocriet.

P&O goeroes geven Sap trap na

Jolande Sap, de afgetreden partijleider van GroenLinks, krijgt in de Volkskrant een trap na van twee P&O goeroes. In een stuk over vrouwen in topfuncties zeggen ze dat vrouwen best moedig zijn, en zeker wel kwaliteiten hebben, maar daarmee redden ze het niet. Zie het voorbeeld van Sap. Die was ‘emotioneel en te weinig opportunistisch’ om partijleider te kunnen blijven. Een man had het wel gered.

Voormalig headhunter Rochus van der Meer en P&O directeur Ans Knape -Vosmer geven blijk van een nogal apart wereldbeeld. Volgens hen staat niks, helemaal niks, vrouwen in de weg om de top te bereiken. Alleen al hieruit blijkt dat ze hun eigen vakliteratuur of ervaringen van collega’s  negeren.

Daarnaast gaat het duo uit van een onveranderlijke aard van dé man en dé vrouw, en een bedrijfscultuur die is zoals die is. Het enige mogelijke economische model is het model zoals Van der Meer en Knape-Vosmer dat kennen. Met mensen die pas vooruit komen als ze 80 uur per week betaald werk verrichten, bij de gratie van een huisvrouw thuis. Dat dit model gebaseerd is op normen en waarden die werkende vrouwen structureel in het nadeel brengen, vergeet het duo voor het gemak even.

Vanuit al die zogenaamd vaststaande feiten, en genderongelijkheid negerend, moet het daarom volgens deze P&O goeroes wel aan vrouwen liggen dat ze de top meestal niet halen. Geen Stijl vat de vele oordelen die ze vellen mooi samen:

De vrouw “hecht aan haar ‘comfortzone’“. De vrouw “heeft te veel interesses“. Vrouwen “ambiëren geen leiderschap op een macroschaal“. Vrouwen “zijn emotioneel en te weinig opportunistisch“. De vrouw “zal bereid moeten zijn af te wijken van haar emotionele voorkeur“. En natuurlijk “beperkt de prioriteitenbalans van vrouwen hun inzet“. Concluderend: “De marsroute [naar de top] wordt bepaald door de prioriteitstelling van de vrouw zelf. Zij zal concessies moeten doen op terreinen die haar na aan het hart liggen.” Volgens R&A maakt het dus niet uit hoeveel positieve vrouwendiscriminatie je verzint, vrouwenquota opwerpt en succesvolle mannen + grote bedrijven de schuld geeft. Deze emotionele, breed geïnteresseerde, beperkt inzetbare en ambitieloze wezens met nesteldrang zijn hun eigen grootste tegenstander op weg naar de top.

Ja, het is echt 2012, en dit zijn letterlijke citaten.

Vanuit dit wereldbeeld is het voor hen vanzelfsprekend dat de situatie rond Sap bepaald werd door haar vrouw zijn. Als er een man had gezeten, zou die volgens Van der Meer en Knape-Vosmer nog steeds partijleider van GroenLinks zijn. Omdat een man op deze positie ‘rationeler en minder moedig’ was geweest. Toe maar! Vrouw emotioneel, man rationeel. Hoe seksistisch wil je het hebben?

De enige onderbouwing voor dit alles is dit: ‘onze gezamenlijke werkervaring in het personeelsmanagement en in de werving en selectie’. Dat klinkt leuk. Ze hebben gezien wat ze hebben gezien. Dat zal best, maar het probleem is dat individuele mensen een gekleurd wereldbeeld hebben. Het vergt kritisch, verantwoord uitgevoerd onderzoek om vooroordelen, blinde vlekken en automatische aannames uit te sluiten en het effect van onbewuste discriminatie aan het licht te brengen.

Doe je dat, dan blijkt dat mensen niet door hun biologische aard bepaald worden. Zie onder andere hierhier en hier. Machtsverhoudingen, culturele normen en waarden, historisch gegroeide ongelijkheden en verwachtingen spelen een minstens zo grote rol in het ontstaan van zichtbaar gedrag, wie wel gezien wordt als kandidaat voor de top en leverancier van kwaliteit, en wie niet. Zie onder andere hierhier en hier.

Als het gaat om betaalde arbeid en de doorstroom van vrouwen naar topfuncties, zijn het juist P&O functionarissen en headhunters die een grote rol spelen bij het in stand houden van een ongelijk speelveld op de werkvloer. Zulke functionarissen maken deel uit van een cultuur die, om maar eens wat te noemen, vrouwen structureel een lager loon geeft dan mannen voor hetzelfde werk.

Erger nog, hoe harder mensen roepen dat ze alleen letten op kwaliteit, niet op gender, hoe groter de kans dat ze zich in hun werving en selectie laten leiden door vooroordelen. Zie onder andere hier, hier en hier. Oh, en deze, ook een leuk voorbeeld van het zogenaamde gelijke speelveld voor mannen en vrouwen.

Het is heel kwalijk dat Van der Weg en Ans Knape-Vosmer hun seksistische praat presenteren als neutrale feiten. De werkelijkheid, zoals zichtbaar in aantoonbare patronen en getallen, laat echt iets anders zien dan hun subjectieve beleving doet vermoeden. Als ze hun eigen tekst nog eens goed lezen, gaan ze dat misschien zelf ook inzien.  

Man veegt vrouwenquotum van tafel op basis van…. ja, wat eigenlijk?

Errol Keyner werkt als adjunct-directeur en krijgt via Z24, met links via dagbladen zoals Volkskrant en Trouw, een podium om zijn afkeer van een vrouwenquotum te ventileren. Op persoonlijke titel, haast hij zich erbij te vertellen. Keyner voelt zich geprikkeld omdat Eurocommissaris Reding nu echt ernst wil maken met het invoeren van een quotum voor vrouwen aan de top. Dat kan en mag niet, vindt Keyner. De Zesde Clan besteedt graag aandacht aan zijn redenaties, want hij geeft een goed inkijkje in de mentaliteit die vrouwen op hun plek houdt.

Vrouwenquota hebben bewezen effect. Nog een reden voor Keyner om erg bang te worden….

Wat roept Keyner over vrouwenquota? Welnu, achtereenvolgens dit:

  • Quota discrimineren capabele mannen ten faveure van minder competente vrouwen
  • Er zijn veel meer mannen dan vrouwen die de ambitie, ervaring, kennis en talenten hebben om de rol van commissaris zinvol te vervullen
  • discriminatie speelt wel een rol, maar een ondergeschikte
  • Het lijkt dan een kwestie van geduld alvorens de goed opgeleide meisjes geboren rond 1960 rijp zijn voor een commissarispositie
  • De top is alleen haalbaar als rücksichtslos alles wordt opzijgezet voor dat ene. […] Op Reding na, begrijpt ieder zinnig mens dat de top vrijwel onhaalbaar is wanneer je er een decennium tussenuit piept om je grotendeels op het moederschap te richten.
  • als uiteindelijk de top wordt gehaald, heeft de commissaris geen last van het stigma dat ze die positie aan quota te danken heeft.

Dat zijn nogal wat beweringen. Waarop baseert hij zich? Verder dan dat ‘ieder zinnig mens’ dit alles wel weet, komt hij niet. Onderzoeksresultaten, cijfers, uitkomsten van kwalitatieve analyses, het ontbreekt. Geen idee waar Keyner al deze wijsheden vandaan haalt. Het hoofdargument blijkt ‘ik moet er niks van hebben omdat het slecht is en ik er niks van moet hebben’. Lekkere logica van deze meneer.

Daarnaast vertoont zijn verhaal enorme gaten. Zo spreekt Keyner van keuzes zonder de context mee te nemen. Niemand maakt keuzes in het luchtledige. Culturele normen en waarden, randvoorwaarden zoals belastingstelsel en kinderopvang, de manier waarop de economie is ingericht, het speelt allemaal mee. Door dat allemaal weg te laten is het lekker makkelijk om problemen van tafel te vegen. Als er al een probleem is, is dat haar schuld, had ze maar beter moeten kiezen.

Keyner stapt ook heel gemakkkelijk over discriminatie heen. Hij erkent wel dat er iets structureels scheef zit, maar schuift dat weg als zijnde niet zo belangrijk:

Toegegeven, dat zou betekenen dat een kwart in plaats van de huidige 14 procent van de commissarissen vrouw zou moeten zijn. Discriminatie speelt zonder twijfel een kwalijke rol. Voor de goede orde: een ondergeschikte rol.

Punt. Daar houdt het op. Maakt u zich geen zorgen, dames, niks aan de hand, het valt echt reuze mee met de loonkloof tussen mannen en vrouwen, de discriminatie van vrouwen die het wagen zwanger te worden, de structurele onderwaardering van vrouwen en het vrouwelijke, de manier waarop blanke mannen blanke mannen benoemen en talentvolle vrouwen niet eens zien. Als dat en meer al een rol speelt zal dat echt niet zoveel invloed hebben op uw loopbaan, hoor.

Keyner grossiert ook in beladen taalgebruik. Minder netjes gezegd: stemmingmakerij. Zo moet Eurocommissaris Viviane Reding het ontgelden. Ze ‘heeft het op haar heupen’. Nou, als een vrouw het op haar heupen heeft, dan weten we het wel, he?!? Volgens Keyner lijdt ze ook aan ‘blind doorzettingsvermogen’ en ‘frustraties’. Keyner spreekt daarnaast van het ‘door de strot duwen’ van een quotum, bedrijven ‘het mes op de keel’ zetten. Toe maar. Het is nog net niet de Derde Wereldoorlog en de Totale Ondergang van het Bedrijfsleven.

Het is het oude liedje. We moeten vooral geduld hebben, heel veel geduld, dan komt het vanzelf wel goed. Op miraculeuze wijze. Als die domme vrouwtjes maar slimmere keuzes maken, zelf zorgen voor een echtgenoot die hen steunt, familieleden die de kinderen willen opvangen, niet zo zeuren over dat tikkeltje discriminatie, en zonder veranderingen te eisen zichzelf aanpassen aan de manier waarop je volgens Keyner carrière behoort te maken. Namelijk door alles opzij te zetten en je tweehonderd procent in te zetten voor je werk, je werk en nog eens je werk.

Keyner toont zich daarmee een conservatieve man van de oude stempel. Geen woord over de beweging om de arbeidscultuur kritisch te onderzoeken, te pleiten voor een inrichting van de economie en de maatschappij zodat mensen zorg en betaalde arbeid kunnen combineren zonder zichzelf als arbeidskracht te diskwalificeren. Iets waar feministe Joke Smit al in de jaren zeventig voor streed.

Nee, van Keyner moet alles hetzelfde blijven. Voor hem is het vanzelfsprekend dat een topfunctie alleen is weggelegd voor mensen die de vereiste tachtig urige werkweken kunnen draaien omdat er thuis iemand is die voor al het andere zorgt. Waarbij die persoon aan de top toevallig bijna altijd een man is, en degene die thuis de boel draaiende houdt geheel toevallig bijna altijd een vrouw. Toeval, echt waar.

Ondertussen, in de echte wereld. Noorwegen voerde een vrouwenquotum in en bleef gewoon bestaan. Sterker nog, het gaat economisch goed met het land. Feit.

Nieuwsronde

Vrouwen in topfuncties, seriemoordenaars, en religieuze fanaten: deze nieuwsronde biedt voor elk wat wils.  

  • Vrouwen moeten gewoon net als mannen mee kunnen dingen naar topfuncties. Het is oneerlijk dat vrouwen nu alleen mee mogen doen als ze óf totaal briljant zijn, óf de winst omhoog stuwen, stelt Jessica de Jong in de Volkskrant. Vrouwen moeten in die redenering namelijk voldoen aan allerlei extra eisen, waar mannen nooit mee lastig gevallen worden. Want stel je voor dat er teveel mannen afvallen als je aan hen dezelfde eisen zou stellen. Dan haal je het mannenquotum van 95% niet…
  • Slecht nieuws uit Afghanistan: de Taliban krijgen steeds meer invloed. Nu hebben ze hun pijlen gericht op het Afghaanse huwelijksfeest. De zedenpolitie gaat controleren of de bruid wel zedige kleding draagt, of mannen en vrouwen wel strikt gescheiden feest vieren. En of het er niet te uitbundig aan toe gaat. Zelfs aan het maximale aantal gasten of de prijs van de hapjes willen ze eisen stellen.
  • Denk niet dat de Taliban het alleenrecht hebben op het aanspreken van vrouwen op hun kleding en gedrag, omdat die arme mannen anders niet meer weten wat ze moeten doen. Christenen kunnen er ook wat van. Pastoor C.J. Mahaney preekt dezelfde boodschap, alleen doet hij dat via filmpjes op Youtube.
  • UN Women timmert aan de weg. Voorzitter en ex-presidente van Chili Michelle Bachelet reist de wereld rond om fondsen te werven, en pleit ervoor dat mannen betrokken worden bij het verbeteren van de positie van vrouwen.
  •  Er is weer een seriemoordenaar losgeslagen, die het zoals gewoonlijk op vrouwen heeft voorzien (zie eerdere berichtgeving hierover van de Zesde Clan). De Amerikaanse politie vond in Long Island, bij New York, de lichamen van drie vrouwen. Eerder vond de politie de lichamen van andere vrouwen in hetzelfde gebied, zodat het totaal nu op acht komt. Het nare is dat bijna alle vrouwen als escort werkten en hun klanten vonden via internet. Ook dit past in het profiel van vrouwenmoordenaars: de vrouwen werken in de illegaliteit en zijn zodoende erg kwetsbaar voor lieden die kwaad in de zin hebben. Ze zijn een makkelijk slachtoffer.
  • Baarmoeder? Wat een goor woord! Niet geschikt voor gebruik. Daarom willen politici in de Amerikaanse staat Florida niet meer dat afgevaardigden het woord gebruiken in debatten.
  • Tot slot: benoemingen voor het hoogste gerechtshof in Engeland gingen sinds 2004 alleen maar naar blanke mannen. De roep om meer diversiteit in de juridische top zwelt aan.

België kiest voor vrouwenquotum

Over vijf jaar moeten raden van besturen van beursgenoteerde ondernemingen in België voor eenderde uit vrouwen bestaan. Dat meldt De Morgen vandaag. Met het aannemen van deze wet maakt buurland België duidelijk dat het land niet langer wil wachten totdat hoogopgeleide vrouwen vanzelf doorstromen, conservatieve mannen vanzelf plaats maken voor progressievere mensen, of totdat Pasen en Pinksteren op één dag vallen.

De Kamercommissie Handelsrecht nam vandaag een voorstel aan van groene, christelijke en socialistische partijen om een quotum voor vrouwen te introduceren. Ook overheidsbedrijven moeten over vijf jaar besturen hebben die voor eenderde uit vrouwen bestaat. Voldoen overheids- en beursgenoteerde bedrijven na vijf jaar niet aan deze eis, dan mogen de periode daarna alleen vrouwen benoemd worden op opengevallen functies. Net zolang totdat het quotum wel is behaald.

Onmiddellijk na het aannemen van de wet barstte de kritiek los. Zo gaven vertegenwoordigers van het bedrijfsleven in De Standaard aan dat ze de wet een signaal van wantrouwen vinden. Ook een politieke partij, de N-VA, liet onmiddellijk weten de wet aan te willen vechten.

De ontwikkelingen in België zijn het gevolg van beleid van de Europese Unie. De EU wil een einde maken aan het onofficiële quotum van minstens 92% mannen in raden van bestuur, en eist van aangesloten lidstaten dat ze actie ondernemen om meer vrouwen op topfuncties te krijgen. Noorwegen geldt als een goed voorbeeld. Hier moeten bedrijven zich al enkele jaren houden aan een strenge eis van 40% vrouwen in raden van bestuur. De economie in dit land draait nog steeds uitstekend en de ondernemingen hebben de veranderingen goed doorstaan.

Naast België kozen eerder Frankrijk en Spanje al voor het instellen van quota. Duitsland en Nederland zijn er nog niet uit en twijfelen tussen het instellen van quota of het aannemen van een plan van aanpak met goede voornemens. Engeland heeft vorige week gekozen voor goede voornemens. Of dat effect zal hebben, wagen deskundigen te betwijfelen:

Benja Stig Fagerland, who advised the Norwegian government on the issue, said the decision to recommend targets rather than quotas was a cop out. “I don’t think defined targets in the UK will be effective. Unless you want to wait 100 years for boardroom equality the UK needs to introduce quotas.”

Europese landen worstelen met vrouwenquotum

Wat hebben Duitsland, Engeland, België en Nederland met elkaar gemeen? Allemaal zitten ze in hun maag met een monocultuur van blanke mannen in de top, en allemaal worstelen ze met het wel of niet invoeren van quota om meer vrouwen op invloedrijke posities te krijgen. Het Belgische documentatiecentrum Rosa stelt sinds vandaag een speciale webpagina ter beschikking. Hier vind je alle relevante krantenartikelen, de cijfers in België, en een goede opsomming van argumenten voor en tegen quota zoals die gebruikt zijn in de diverse landen. Kortom, alles wat je altijd al wilde weten over quota maar nooit durfde te vragen, je vindt het hier.

Venlo wil meer machtige vrouwen trekken

Venlo, een stad van mannen, voor mannen? Wethouder van Economische Zaken  Mark Verheijen wil die monocultuur doorbreken. Onder het motto Stad zoekt Vrouw wil hij volgens vakblad Binnenlands Bestuur gerichter aandacht besteden aan het aantal vrouwen in hogere functies bij Venlose bedrijven en organisaties. En meer diversiteit krijgen in de samenstelling van de top van de gemeente Venlo.

Venlo. De stad wil af van een monocultuur van blanke mannen in de top.

Verheijen haast zich om te verzekeren dat dit standpunt niets te maken heeft met feminisme of andere enge woorden:

Venlo is een mannenstad en daarmee laten we kansen liggen om talent te benutten en de stad draaiende te houden. Mijn insteek van het onderwerp is niet feministisch, het is geen moreel verhaal. Het is puur eigenbelang. De beroepsbevolking neemt af door de vergrijzing, dus we kunnen het vrouwelijk talent niet onbenut laten.

Hoe het ook zij, de wethouder ervaart het als een probleem dat Venlo zo weinig vrouwen in topfuncties kent. Hij denkt zelf dat dit aan de aard van de stad ligt. Venlo heeft van oudsher veel industrie en bedrijven op het gebied van landbouw en logistiek. Dat zijn sectoren waar weinig vrouwen werken. Maar de wethouder steekt de hand in eigen boezem en geeft toe dat de gemeente zelf ook kansen liet liggen:

Ik geef volmondig toe dat ik als wethouder en locoburgemeester steken heb laten vallen op dat gebied. We hebben weliswaar een vrouwelijke gemeentesecretaris, maar een zwaluw maakt nog geen lente. We moeten daar bewuster mee omgaan. Als partijleider heb ik misschien ook kansen gemist.

De wethouder wil tijdens een speciale Stad zoekt Vrouwbijeenkomst de in Venlo actieve vrouwen bij elkaar brengen. Samen met hen wil hij bespreken waar het aan ligt dat Venlo zo’n mannenstad is. Ligt het aan de structuur, of aan de vrouwen zelf? De Zesde Clan hoopt dat de wethouder zich goed inleest voordat hij met deze vraagstelling de boer op gaat. Paar suggesties voor een kort leeslijstje:

Succes, wethouder Verheijen!

Geloof in rechtvaardige wereld grootste obstakel voor quotum

In de sociologie/psychologie heet het: het geloof in een rechtvaardige wereld. Als jij hard werkt en talent hebt kom je vanzelf aan de top. Lukt dat niet dan is er iets mis met jezelf. Die overtuiging is één van de grootste obstakels in de huidige discussie over een quotum om meer vrouwen op topfuncties te krijgen. Want het gaat er niet eerlijk aan toe op de werkvloer. Het zijn blanke mannen die bevooroordeeld worden, de promoties krijgen, en onderling de macht verdelen. Met als gevolg dat we de talenten verliezen van vrouwen en allochtonen.

Voorbeeldje? Een peiling bij Trouw, met tot nu toe 1884 stemmen, laat zien dat 47% het eens is met de stelling geen quotum, want ‘in de top tellen enkel persoonlijke kwaliteiten.’ Nog eens 33% van deze groep stemmers is tegen ‘omdat talentvolle vrouwen het wel redden’. Dit is het geloof in een rechtvaardige wereld ten voeten uit. Maar dit geloof is een mythe. Uit de grote berg voorbeelden hier twee ontnuchterende, wetenschappelijk verantwoorde feiten, ondersteund door het beeld wat naar voren komt als je je oor te luisteren legt bij de machtigste bestuurders van Nederland.

Ten eerste: onderzoek over een periode van vijf jaar, naar de loopbanen van meer dan 20.000 werknemers van een groot Canadees bedrijf, bracht aan het licht dat vrouwen nauwelijks kans maken om te ontsnappen aan de onderste regionen van de werkvloer. De promoties in de lagere rangen gingen buitengewoon vaak naar allochtone en autochtone mannen. Vanaf het middenkader hadden ook de allochtone mannen het nakijken. Alleen blanke mannen maakten kans op topfuncties.

Dat vrouwen aan de top niet honderd procent schitterden door afwezigheid was, omdat er een paar zodanig briljante blanke vrouwen rondliepen, dat niemand met goed fatsoen om hen heen kon. Het ging hier om de eenzame uitzondering die de regel bevestigt. Alle andere vrouwen bleven onderaan de arbeidsmarkt steken. Ook als ze talentvol en competent waren, ook als ze zich voor tweehonderd procent gaven, maakt niet uit. De handicap een vrouw te zijn was zo groot, dat alleen buitengewoon briljante blanke vrouwen nog een klein kansje maakten.

Een goed onderzocht voorbeeld dichter bij huis gaat om de benoeming van hoogleraren. Dr. Marieke van den Brink onderzocht hoe dat ging. Wat bleek? Benoemingen verliepen in de meeste gevallen achter gesloten deuren, via informele procedures. Blanke mannen zochten naar hoogleraren in een kring van blanke mannen. Ze herkenden het talent bij vrouwen en allochtonen niet, verkeerden niet in kringen waarin veel vrouwen voorkwamen, en droegen dus ook nauwelijks vrouwen of allochtonen voor bij de veelal uit blanke mannen bestaande selectiecommissies. Als vrouw kon je nog zo hard aan de weg timmeren, je kwam er gewoonweg niet tussen.

Tot zover de wetenschappelijke analyses. Wat gebeurt er als je naar die machtige mannen zelf kijkt?  De Volkskrant bracht vorig jaar de machtigste bestuurders in kaart. Ten opzichte van eerder analyses was er eind 2010 een lichte verschuiving merkbaar. Er zaten iets meer vrouwen en allochtonen in de groep. Maar de gemiddelde machtige bestuurder is nog steeds een blanke man, en voor de Volkskrant wilden deze mannen anoniem wel toegeven waar dat aan lag: ze vormen een gesloten bolwerk en vinden buitenstaanders eigenlijk een beetje eng. Als het puntje bij paaltje komt vallen ze terug op hun old boys network.

Veel mensen willen hier niet aan. Zodra hardere maatregelen ter sprake komen roept iedereen om het hardst dat positieve discriminatie en/of een quotum vrouwen onterecht bevooroordelen, dat het ervoor zorgt dat competente mannen het veld moeten ruimen zodat een of andere excuustruus er een zooitje van kan maken. Waar je in dat debat bijna niemand over hoort is, dat op dit moment het omgekeerde gebeurt. Blanke mannen worden bevooroordeeld. Competente vrouwen moeten het veld ruimen zodat een of andere blanke man er een zooitje van kan maken.

Over die dagelijkse bevooroordeling van blanke mannen hoor je echter bijna niemand. Zolang mensen harde, wetenschappelijke feiten negeren en dit niet erkennen, verandert er niets. Daarom beginnen vrouwen die weten waar ze het over hebben, en mannelijke bestuurders die inzien hoeveel vrouwelijk talent er verloren gaat, hun geduld verliezen. Ze roepen op tot hardere maatregelen. Het gaat hier namelijk om een combinatie van onbewuste vooroordelen, vastgeroeste patronen, en een taaie conservatieve cultuur. Dat verander je niet met louter mooie woorden en goede voornemens. Het wordt tijd dat Nederland een sprong voorwaarts maakt en eindelijk werk gaat maken van de talenten van vrouwen.

Culturele normen houden vrouwen tegen

Algemene normen en culturele gebruiken in Nederland, mannelijke bedrijfsculturen en een gebrek aan voorbeelden. Dat zijn volgens personeelsmanagers van de twintig grootste bedrijven in ons land de belangrijkste obstakels voor vrouwen die vooruit willen komen op het werk. Kenniscentrum E-Quality ondervroeg de personeelsmanagers en bundelde de resultaten in een handig factsheet.

Kenniscentrum E-quality benaderde de grote bedrijven op verzoek van het World Economic Forum. Deze organisatie wilde internationaal rondkijken hoe het zat met vrouwen in de top. De Nederlandse bedrijven bleken slecht te scoren. Op Essent na bleek geen enkel ondervraagd bedrijf een vrouw als directeur of voorzitter van de raad van bestuur te hebben. Zelfs in het lagere managementniveau halen ze de twintig procent niet. Bovendien heben bijna alle bedrijven geen inzicht in de salarissen van mannen en vrouwen. Het is geen onderwerp van gesprek, of de bedrijven denken dat er geen beloningsverschillen zijn. Vreemd, want de Emacipatiemonitor vindt al jaren een onverklaarbaar verschil van 6% in het nadeel van vrouwen.

Als het gaat om voorzieningen zoals zwangerschapsverlof en kinderopvang scoren de Nederlandse bedrijven gemiddeld. Maar de personeelsafdelingen lieten E-quality weten dat zulke voorzieningen niet van doorslaggevend belang zijn. Hele andere aspecten spelen een rol als het gaat om vrouwen en hun loopbaan:

Maar volgens de HRM- en diversiteitsmanagers lijkt dit niet het grootste probleem te zijn. Volgens hen zijn de publieke opinie en de bedrijfsculturen nog onvoldoende gewend aan vrouwen aan de top, en krijgen vrouwen daarom minder kansen. En daarbij is er in de top van bijna de helft van de onderzochte bedrijven nog te weinig betrokkenheid bij diversiteit en te weinig draagvlak voor het inzetten van diversiteitsbeleid. Met het afschaffen van het voorkeursbeleid bij de Rijksoverheid, rijst de vraag of deze bedrijven elders een voorbeeld en stimulans zullen vinden.

De vraag stellen is ‘m beantwoorden, denkt De Zesde Clan. E-quality doet aanbevelingen om de situatie te verbeteren. Meer aandacht besteden aan de voordelen van vrouwen op hogere posten, mentorprogramma’s opzetten, vrouwen actief laten netwerken, en een voorbeeld nemen aan succesvolle initiatieven uit het buitenland. Dan wordt het klimaat misschien iets gunstiger voor vrouwen in het Nederlandse bedrijfsleven.