Tag Archives: vrouwelijke ministers

Hare Excellentie beschrijft klassiek emancipatieproces

Hare Excellentie is hét boek om te lezen nu de formatiebesprekingen lopen. In acht soepel geschreven hoofdstukken neemt hoogleraar Monique Leyenaar de lezer mee langs de 33 ministers die Nederland tot nu toe heeft gehad. Hoe verliep de selectie van vrouwelijke ministers? Wat waren hun ervaringen? Leyenaar beschrijft een klassiek emancipatieproces. Van complete buitenstaander naar Excuustruus naar nieuweling op de ministeries met de laagste status, tot aan een hopelijk hoopvollere toekomst van volwaardig meedraaien en uitzicht op het premierschap.

De huidige formatiebesprekingen laten weer eens zien dat politiek nog altijd een mannenzaak is. Jesse Klaver van GroenLinks is de enige die zijn vrouwelijke nummer twee mee neemt naar de onderhandelingen. De andere partijleiders negeerden de vrouw op de tweede plek en kozen voor lager op de kieslijst geplaatste mannen. CDA-er Sybrand Buma zit met Pieter Heerma aan tafel, terwijl D’66-er Alexander Pechtold voor Wouter Koolmees koos. En Rutte neemt Halbe Zijlstra mee, de man van de foute opmerkingen over borstvergroting-operaties voor vluchtelingen en aanvallen op moslims.

Het enige lichtpuntje is dat een vrouw de formatiebesprekingen leidt: Edith Schippers. Els Borst ging haar voor. Daarna moesten we negentien jaar wachten op de tweede vrouwelijke formateur in de Nederlandse parlementaire geschiedenis.

Maar vrouwen komen van ver. We moesten decennia lang vechten om het kiesrecht te krijgen. Het loont absoluut de moeite het gratis e-boek Vrouwenkiesrecht te downloaden. Aletta Jacobs en F.S. Van Balen-Klaar ontmantelen in dat betoog alle argumenten tegen het kiesrecht. Het zijn er véél. En, erger nog: een heel aantal tegenwerpingen klinken akelig actueel. Vrouwen willen X zelf niet, vrouwen missen de kwaliteiten om X te bereiken, vrouwen zijn te goed en te hoogstaand om X te willen, dat zou hun feminiene kwaliteiten aantasten, en huuuuu wat zijn die eisende vrouwen eng.

Na het kiesrecht duurde het nog tot 1956 voordat de Nederlandse regering de handelingsonbekwaamheid van gehuwde vrouwen ophief en de eerste vrouwelijke minister gekozen kon worden. Dat was Marga Klompé. Leyenaar beschrijft duidelijk hoe vreemd mensen tegen die eerste vrouw op een ministersstoel aankeken. En dat Klompé Maatschappelijk Werk onder haar hoede kreeg omdat deze revolutie alleen acceptabel was als deze vrouw een ”vrouwelijk ministerie” nam – de post met de minste status, ver verwijderd van het centrum van de macht (ministeries als Financien, Binnenlandse Zaken enz.)

Leyenaar signaleert dat mannen er in de dertig jaar na Klompé mee wegkwamen om hooguit één vrouw als minister te benoemen. Premiers zeiden letterlijk tegen vrouwelijke ministers dat er wat hen betreft geen tweede hoefde te komen, de deur ging dicht. Pas in de jaren zeventig en tachtig maken ze meer ruimte voor vrouwen, omdat er steeds meer kritiek vanuit de samenleving komt als de heren de baantjes onder elkaar verdelen. Dat tijdvak is geen toeval: de jaren zeventig en tachtig kent Nederland een sterke feministische beweging, die de afwezigheid van vrouwen problematiseert en scherpe analyses over de machtsverhoudingen tussen de seksen produceert.

De hoogleraar eindigt hoopvol. Vrouwelijke ministers worden steeds gewoner en ze krijgen ook steeds vaker de ministeries met veel status. Op naar de volgende stap? Sinds 1901, toen de baan ontstond, zijn premiers altijd mannen geweest. Maar Leyenaar schrijft:

De tijd dat Nederland ‘niet rijp’ zou zijn voor een vrouwelijke premier is voorbij. Net zoals de norm voor het aandeel vrouwen in een kabinet met de tijd is verschoven van excuustruus naar tenminste een derde, is ook het stereotiepe beeld dat een minister-president per definitie een man moet zijn aan het vervagen. […] In een tijd van sterke polarisering […] is er veel behoefte aan charismatisch, bindend en competent leiderschap, eigenschappen die vrouwen bij uitstek hebben, zoals uit dit boek is gebleken

Ik help het Leyenaar hopen. Voorlopig denkt Mark Rutte nog niet aan vertrek. Dat leidt tot speculaties dat Schippers mede daarom de politiek verlaat. Zij gold als mogelijke premier maar zou geen kansen zien. Mannen uit de Randstad domineren de Nederlandse politiek. Vrouwen worden in Nederland alleen, en dan nog zelden, partijleider. Vaak gebeurt dat alleen bij de kleine oppositiepartijen, zonder veel invloed en zonder uitzicht op een ministerspost, laat staan het premierschap.

Bovendien zorgt Jesse Klaver anno 2017 voor ophef als hij publiekelijk aangeeft tijd aan zijn kinderen te willen besteden, ook tijdens formatie-onderhandelingen. Het conservatieve rolmodel (moeder de vrouw zorgt thuis voor de kinderen, vaders hebben betaalde banen en claimen de leidersposities) blijkt nog springlevend in Nederland. Mannen hebben daar last van, zoals Klaver merkt, maar vrouwen nog meer, want het belemmert ons in onze ontplooiing op alle andere terreinen dan moederschap en huishouden.

Maar wie weet!

Advertenties

Braziliaanse presidente geeft vrouwen een kans

Dilma Rousseff, de nieuwe president van Brazilië, beloofde dat ze een belangrijk punt zou maken van de emancipatie van vrouwen. In een toespraak gaf ze aan:  ‘ik wil deuren openen, zodat andere vrouwen in de toekomst ook president kunnen worden’. Dat het haar ernst is blijkt om te beginnen uit haar benoemingen. Van de 38 ministers van haar kabinet zijn er nu tien vrouw. Rousseff wil uiteindelijk minstens 30 procent vrouwen in haar kabinet hebben.

Rousseff benoemde pas geleden nog twee vrouwen op belangrijke posten. Ze koos Gleisi Hoffmann als ‘chief of staff’ en Ideli Savatti als minister van Institutionele Relaties. Nederland kent deze laatste functie niet, maar in Brazilië is deze minister de rechterhand van de president en voornaamste link tussen de president en het Congres. Het is één van de sleutelposities in de regering.

Rousseff wil nog twee vrouwelijke functionarissen zoeken om tot het aandeel van 30% te komen. Het is voor het eerst in de geschiedenis van Brazilië dat vrouwen in voldoende mate deelnemen aan een regering om ook echt effect op de gang van zaken te krijgen. De veranderingen vallen op bij Braziliaanse journalisten. Persbureau IPS:

The changes have led the Brazilian media to dub Planalto the “Women’s Palace” or “Palace of the Amazons,” while coalition senators like Roberto Requião greeted the new development with the words: “Long live Dilma’s matriarchy!”

De vrouwelijke ministers krijgen krediet bij de bevolking. Veel Brazilianen zijn de graaiende politici van voorgaande regeringen zat. Voorbeeldje: de voorganger van Hoffman, Antonoi Palocci, moest aftreden op beschuldiging van corruptie. Hij moet nu aan de rechter uitleggen hoe het komt dat zijn persoonlijke rijkdom opeens vertwintigvoudigde, toevallig net nadat hij minister werd. De Brazilianen verwachten nu, terecht of onterecht, dat de duidelijke aanwezigheid van vrouwen remmend werkt op dit type verrijking en misbruik.

Tot slot: Open Democracy publiceerde een goede analyse van de eerste honderd dagen van de regeringsperiode van Rousseff. Het blijkt dat de presidente interne problemen binnen haar regeringsploeg snel aanpakt. Ze vaart een eigen koers. En ze valt in positieve zin op bij de Brazilianen, omdat ze in tegenstelling tot veel van haar voorgangers respectvol omgaat met haar politieke tegenstanders en niet constant media aandacht zoekt. Haar populariteit is enorm. Goed nieuws uit Brazilië dus.