Tag Archives: vrijheid van meningsuiting

Straatintimidatie: vrijheid van meningsuiting of veiligheid en vrijheid van beweging?

Orange the World, een campagne om geweld tegen vrouwen tegen te gaan, is nog niet afgelopen, of meisjes en vrouwen in Nederland krijgen al weer tegenslag te verduren. Gemeenten mogen straatintimidatie niet strafbaar stellen, oordeelde het gerechtshof van Den Haag. Het is namelijk in strijd met de vrijheid van meningsuiting. Alleen de staat mag dat recht inperken. Zodoende staat Nederland nu voor een keuze. Wat vinden we belangrijker? Dat mannen op straat vrouwen mogen naroepen en nasissen, of de veiligheid en bewegingsvrijheid van vrouwen?

Het Haagse hof boog zich over de kwestie naar aanleiding van acties van de gemeente Rotterdam. Die deed onderzoek naar straatintimidatie en besloot het naroepen en bepotelen van vrouwen strafbaar te stellen. Nadat de gemeente de eerste boetes uitdeelde, bogen de kantonrechter en daarna het Gerechtshof in Den Haag zich over de Rotterdamse regels.

Wie oppervlakkig leest kan in de uitspraak van het Haagse gerechtshof een vrijbrief zien om naar hartelust meisjes en vrouwen na te fluiten, kushandjes toe te wuiven, te sissen en na te roepen. Uit het vonnis blijkt echter overduidelijk dat het gerechtshof zich concentreerde op een juridisch-technische zaak. Welke onderdelen van de overheid hebben het recht om maatregelen te nemen. In dit geval is dat recht volgens de rechtbank voorbehouden aan de Eerste en Tweede Kamer:

Kernvraag in dit proefproces was of het de gemeentelijke wetgever is toegestaan om – op de wijze zoals in de APV van Rotterdam is gebeurd – dergelijk gedrag (taalgebruik en gedragingen) strafbaar te stellen of dat alleen de wetgever in formele zin (de Tweede en Eerste Kamer) daartoe bevoegd is, omdat daarmee mogelijk een inbreuk wordt gemaakt op de vrijheid van meningsuiting. De conclusie van het hof is dat alleen de wetgever in formele zin daartoe bevoegd is.

In bredere zin toonde het gerechtshof juist sympathie voor de gemeente Rotterdam. Het hof erkent in haar uitspraak dat Rotterdam de verruwing van de omgangsvormen op straat tegen probeerde te gaan en stelt dat te respecteren. Alleen de manier waarop de gemeente dat probeerde te doen, klopte volgens het gerechtshof niet.

Die handreiking is mooi, want vrouwen en meisjes in Nederland worden al decennia lang in hun grondwettelijke rechten beperkt. Onderzoeken uit Nederland en andere landen wijzen uit dat straatintimidatie niet onschuldig is. Het lijkt leuk of grappig, als de spreekwoordelijke bouwvakker roept waar die mooie benen naartoe lopen, maar het probleem is dat het geen losse incidenten zijn. Als je keer op keer die zogenaamd leuke of vleiende opmerkingen hoort, wordt dat behoorlijk irritant.

Volgens onderzoek van de gemeente Rotterdam, uitgevoerd door de Erasmus Universiteit, vindt 50% van de vrouwen het intimiderend. De helft. Bovendien kunnen vrouwen geen gedachten lezen. Het Rotterdamse onderzoek meldt dat vrouwen veel energie kwijt zijn aan het goed managen van de situatie – je wil geen klappen krijgen, maar je wil ook niet als mak schaap alles over je heen laten komen. 74% loopt zo snel mogelijk door. 51% van de vrouwen maakt een afwerend gebaar of kijkt afkeurend naar de dader, waarna van die groep 12% scheldkannonades of erger naar hun hoofd geslingerd krijgt door de dader(s). Het Rotterdamse rapport:

Vrouwen geven aan dat geen enkele reactie in alle situaties goed werkt en er dus altijd onzekerheid is over de gevolgen van de eigen reactie.

Kortom, het wangedrag van jongens en mannen levert bakken met stress op, en kan vrouwen in gevaarlijke situaties brengen. Vrouwen wéten dat. En dus passen ze hun gedrag aan. Vrouwen kleden zich bedekter, trekken makkelijke schoenen aan zodat ze weg kunnen rennen, ze mijden bepaalde locaties, blijven na het donker binnen, of gaan alleen op stap met anderen. De daders blijken blind voor deze schade die ze aanrichten:

Plegers van seksuele straatintimidatie geven volgens vrouwen en professionals, maar ook zelf aan dat ze het gedrag juist vertonen uit respect voor de vrouw en dat ze er van overtuigd zijn dat vrouwen het op prijs stellen. Daarmee ontkennen ze de schade die hun gedrag bij veel vrouwen aanricht.

Wil je druk uitoefenen op de landelijke overheid om eindelijk maatregelen te nemen tegen straatintimidatie? Teken de petitie om te komen tot een burgerinitiatief. Stuur een brief naar kamerleden. Kijk op de site van stichting Straatintimidatie wat je verder nog kunt doen om wangedrag van jongens en mannen in te perken. Prima als gemeenten geen maatregelen mogen nemen tegen straatintimidatie, maar dan is de landelijke overheid nu verplicht om in actie te komen. Meisjes en vrouwen willen vrij op straat kunnen zijn, en gewoon ongestoord hun ding kunnen doen, zonder lastig gevallen te worden door mannen die zich allerlei vrijheden veroorloven.

Vrijheid van meningsuiting

De Zesde Clan begon in augustus 2010. Al die jaren vermeed ik de ik-vorm. Het was in mijn stukken altijd ‘De Zesde Clan vindt, De Zesde Clan ziet’.  Nooit ‘ik vind, ik zie’. Ik bleef liever verscholen achter een lichte sluier van anonimiteit – een lichte, want iedereen die echt moeite deed kon mij heus wel achterhalen.

Dat deed ik destijds omdat ik wist dat feministen kunnen rekenen op bakken met haat. Ik wilde geen gedoe. En ik was bang dat ik ook hoon en verwijten over me heen zou krijgen. Dat ik bedreigingen zou ontvangen met verkrachting en moord, of eerst moord en dan verkrachting.

Ik begon me echter steeds meer te ergeren aan mijn eigen gedrag. Waarom zo moeilijk doen? Moest ik mij soms schamen? Is feminisme een vies woord? Bovendien ontving ik die bedreigingen toch. Het maakte geen moer uit of ik schreef als ‘De Zesde Clan’ of als ‘ik’. Ik was een vrouw met een mening, op internet, dus reden genoeg voor haat en hoon.

Daarom nam ik per 1 januari 2015 een besluit. Voortaan schrijf ik mijn artikelen in de ik-vorm. Ik kondigde dit niet expliciet aan, maar vaste lezeressen van dit weblog hebben de verandering van toon misschien wel opgemerkt. Hup, vooruit, voortaan zal ik met open vizier, op een persoonlijkere manier, mijn opiniestukken en nieuwtjes de wereld in sturen.

Nauwelijks een week nadat ik mijn schroom had overwonnen, besloten gemaskerde mannen in Parijs de redactie van het blad Charlie Hebdo binnen te vallen en het op een schieten te zetten.

Ooo neeeeee, dacht ik. Charlie Hebdo, met al die dode journalisten en cartoonisten. Oooo neeee, zei ik, en dacht aan mannen die vrouwen dood schieten, anonieme haters die vrouwen op internet bedreigen, de vrouwen die toespraken af moesten zeggen, onder doken, extreme maatregelen namen om hun websites en mailboxen te beveiligen, of actie eisten van hun uitgever omdat trollen de boel plat dreigden te leggen. Oooo neeee…..

Je mening geven? Soms betaal je er een hoge prijs voor. En je weet niet wanneer het jouw beurt is. Wanneer je iets zegt of tekent of schrijft waardoor een ander zo over de rooie gaat, dat hij – meestal een ‘hij’ – over gaat tot dreigen en erger.

Als het gaat om de tragedie rondom Charlie Hebdo laten mensen op dit moment massaal zien dat je je niet kunt laten koeioneren door dit soort agressieve types. Hun duisternis bestrijd je door je stem te verheffen, en door je eigen licht stralender te laten schijnen.

Ik sluit me daar bij aan. Ik zeg expliciet: De Zesde Clan is een feministisch weblog, gemaakt, geschreven en gepubliceerd door Ingrid van Amelsfort. Wie mijn goed onderbouwde opiniestukken wil beantwoorden met ‘lelijke hoer, ik kom je platneuken’ (letterlijk citaat) moet dat vooral doen.

Vergeleken met alle tragedies en moordpartijen, zoals die van dit moment in Parijs, stelt deze ene actie natuurlijk weinig voor. Maar zoals weblog Shakesville dat zo mooi weet te verwoorden: iedere bijdrage telt. Soms lijkt die bijdrage gering, niet meer dan een theelepeltje vol. Maar het is wel mijn theelepeltje. Als slechts 1 meisje of vrouw iets van troost, herkenning en erkenning vindt in deze kleine vrouwvriendelijke kamer van het enorme, meestal vrouwenhatende internet, ben ik al tevreden.

Vrouwen zijn niet gek. Wij zijn mensen, met gevoel en verstand. We Wéten het, diep van binnen, als we belazerd en gekleineerd worden. Dat Weten kun je niet tegen houden met hoon, haat, de sprookjes van damesbladen, seksuele intimidatie of moord. Dat Weten is krachtig als de zonsopgang.

Petitie tegen straatintimidatie krijgt veel bijval

Bijna negenduizend handtekeningen in amper drie dagen. Een petitie om straatintimidatie te beboeten, als signaal dat het hier gaat om ongewenst gedrag, krijgt veel bijval. De initiatiefnemers, waaronder Gaya Branderhorst, Soundos El Ahmadi, Jens van Tricht, en Renate van der Zee, willen 40.000 steunbetuigingen verzamelen zodat ze een burgerinitiatief naar de tweede kamer kunnen sturen. Steun vrouwen, laat  je stem horen en onderteken de petitie!

De initiatiefnemers zijn duidelijk over hun streven. Bij straatintimidatie gaat het niet om een leuk complimentje of onschuldig geflirt. Het gaat om intimiderende opmerkingen en handtastelijkheden, die het gevaar van escalatie met zich meebrengen – de riedel ‘heej schatje, mooie tieten, heej, waarom zeg je niets, heej, vuile hoer!’ Om nog maar te zwijgen van daadwerkelijke ongewenste betastingen of andere agressieve handelingen.

De initiatiefnemers willen dat dit soort gedrag strafbaar wordt gesteld, bijvoorbeeld met een boete of, in ergere gevallen, een paar weken (voorwaardelijke) celstraf. Want:

Elke Nederlander heeft recht om zich vrij te verplaatsen, zonder zich bedreigd te hoeven voelen. Dat is momenteel te vaak niet het geval. […] Het expliciet strafbaar stellen van straatintimidatie kan worden gezien als een geoorloofde beperking van de vrijheid van meningsuiting (voor zover die al in het geding zou zijn), omdat het de rechten en vrijheden van anderen beschermt. Straatintimidatie strafbaar stellen is een belangrijk signaal dat dit soort gedrag niet thuishoort in onze maatschappij.

De berichtgeving in de media laat zien dat er nog veel moet gebeuren voordat mensen daadwerkelijk inzien hoe vervelend en bedreigend straatintimidatie is. Zo kraait dagblad Trouw vrolijk dat harde cijfers zouden ontbreken, maar dat de meeste vrouwen er wel eens mee te maken hebben gehad. No shit, Sherlock! Als de redacteuren van Trouw even gegoogled hadden, waren ze op allerlei onderzoeken gestuit. Zeer recent Amerikaans onderzoek van juni 2014, bijvoorbeeld. Of deze studie uit 2009, waarin de auteur verwijst naar andere onderzoeken naar straatintimidatie.

Het maakt niet uit welke studie ze neemt, ze geven allemaal hetzelfde beeld. Tachtig tot negentig procent van de vrouwelijke respondenten geeft aan dat ze ervaring hebben met lastig gevallen worden op straat. Het heeft een negatieve invloed op hun welzijn, gevoel van veiligheid, en bereidheid om de straat op te gaan of gebruik te maken van het openbaar vervoer.

In Nederland kwam een duidelijke politieke stellingname tegen straatintimidatie tot nu toe niet van de grond. De laatste poging dateert uit 2012. De tijd is rijp voor een nieuwe poging voor een serieus debat in Den Haag. Zoals de initiatiefnemers stellen:

Een verbod op straatintimidatie is niet moeilijker te handhaven dan talloze andere verboden. De meeste inbrekers worden niet op heterdaad betrapt. Grofvuil dumpen gebeurt helaas ook meestal straffeloos. De reden dat de overheid toch een boete instelt, is omdat men een signaal wil afgeven dat dit ongewenst gedrag is.

Uiteraard ontstond er kritiek op het initiatief. Het voorstel zou teveel het ouderwetse beeld bestendigen van de man als jager en de vrouw als prooi. Je kunt het echter ook omdraaien. De situatie in Nederland en andere landen laat zien dat vrouwen vaak weggehoond worden als ze straatintimidatie aan de kaak proberen te stellen. Vrouwen zouden de situatie verkeerd zien (‘het was maar een compliment/een grapje/onschuldig flirten), overgevoelig reageren, overdrijven, of een probleem maken van iets wat geen probleem is. Op die manier kan de samenleving de andere kant op kijken en de ervaringen van vrouwen negeren of bagatelliseren.

Dit burgerinitiatief zou je kunnen opvatten als een steun in de rug voor de vele vrouwen die nare ervaringen opdoen in de openbare ruimte. Ze beelden zich niks in, ze overdrijven niet, het gaat hier om iets wat niet door de beugel kan. Het gaat om een fenomeen waarvan wij als samenleving zeggen: dat willen we niet. En als vrouwen het hierover willen hebben, moeten we hen serieus nemen, want het gaat wel degelijk ergens over. Net zoals bij de wetgeving tegen seksuele intimidatie op het werk gebeurt. Ook dat is een signaalfunctie, en een reden om dit burgerinitiatief van harte te steunen.

UPDATE: volgens dit Twitterbericht zijn meer mensen tot bovenstaand inzicht gekomen.

Lees dit in boek ‘Men explain things to me’. Zet me toch weer aan het denken over burgerinitiatief straatintimidatie

Met een passage uit dit boek van Rebecca Solnit, over het mechanisme waarbij vrouwen niet serieus genomen worden als ze het over straatintimidatie willen hebben, totdat hun kritiek een juridische basis krijgt. De Zesde Clan had dit boek nog niet gelezen, maar het is niet zo vreemd dat twee verschillende feministes onafhankelijk van elkaar dezelfde conclusies trekken. Vrouwen hebben iedere overwinning hard moeten bevechten, en vaak veranderde er pas iets als er wetten kwamen om de zaken in ieder geval in theorie te regelen.

Baren kan alle kanten op gaan, en daar moet je over kunnen praten

Een jaar of wat geleden zat De Zesde Clan met vrienden in de bioscoop om de film De Gelukkige Huisvrouw te zien. Tijdens een korte inleiding bij de film waarschuwde de operatrice van dienst. ‘Let op, er komt een moeilijke bevallingsscène in voor.’ Bij één van de vorige voorstellingen had de bioscoop daar niet voor gewaarschuwd. Er was toen een vrouw flauwgevallen, omdat die zich geconfronteerd zag met traumatische herinneringen aan haar eigen bevalling. Vandaar de waarschuwing vooraf.

Auteur: Renske Tjoelker.

Vroeger stierven nogal wat vrouwen in het kraambed, maar Nederland heeft de gezondheidszorg nu redelijk op orde. Tegenwoordig is een bevalling iets om te vieren. Mensen filmen bevallingen, de televisie gebruikt bevallingen als onderwerp voor series, en na afloop mag je er als vrouw stralend bij liggen. Blij blij blij, roze wolk, kijk toch wat een schattige baby, geweldig….

Prima, en de Zesde Clan wenst iedereen toe dat alles volgens het boekje verloopt en dat iedereen oprecht gelukkig is. Maar het wordt een probleem als het roze wolk scenario dominant is. Zo hóór je je te voelen. Anders ben je een aansteller, een zeur, een slappeling, een vrouw die faalde bij het baren van een kind (geen idee hoe dat zou moeten, maar ok). En vrouwen, je weet wel, sociale wezens, vrouwen zijn mensen, worden door die sociale mythe beïnvloed:

[citaat verwijderd op 26 juni 2013, 9.30 uur]

Helaas. Bevallingen lopen niet altijd volgens het boekje. Je bloedt soms half dood. Je hebt 33 uur pijnlijke weeën. De baby komt niet altijd gezond ter wereld. Als je na zoiets niet op die roze wolk zit, dan is er iets mis. Met jóu. Als je het waagt te bekennen dat je nachtmerries hebt van je bevalling, sterker nog, het was een traumatische ervaring, dan heb je het helemaal gedaan. Hou je mond!

Het taboe op de bevalling als trauma is zo groot, dat EenVandaag er aandacht aan besteedde. Daarmee haalt dit onderwerp voor het eerst in jaren iets wat in de buurt van nieuws op prime time televisie komt. En de geïnterviewde vrouw haalt prompt De Gelukkige Huisvrouw aan. De beelden uit die film kwamen zo hard aan, dat het onderliggende trauma in volle kracht losbarstte, vertelde deze moeder op de televisie.

Het is een teken van emancipatie dat een nieuwsprogramma het primaat van de roze wolk doorbreekt. En dat wetenschappers onderzoek doen naar deze situatie. Nu weten we tenminste dat negen procent van de vrouwen – dat is bijna één op de tien – hun eigen bevalling traumatisch noemt. Circa 2000 vrouwen per jaar houden zelfs een stressstoornis over aan wat volgens de verhalen de mooiste dag van je leven moet zijn (na het huwelijk dan). Bij problemen als zwangerschapsvergiftiging gaat het zo vaak mis dat traumazorg standaard tot de praktijk zou moeten behoren, adviseert wetenschapster Claire Stramrood:

Vrouwen die complicaties krijgen tijdens de zwangerschap waardoor ze (veel) te vroeg bevallen, hebben een grote kans op PTSS. Stramrood stelde PTSS vast bij 14% van de vrouwen met ernstige zwangerschapsvergiftiging (pre-eclampsie/HELLP-syndroom) of bij wie de vliezen voortijdig waren gebroken. “Bij deze groep vrouwen is de kans op PTSS zo groot dat je er standaard op zou moeten screenen na de bevalling”, stelt Stramrood. Vijftien maanden na de bevalling heeft 11% van de vrouwen die zwangerschapsvergiftiging had nog steeds PTSS.

Goed dat we er over mogen praten. Nogmaals, fijn dat veel bevallingen goed verlopen en dat mensen blij zijn. Maar voor wie een ander lot trof, is het fijn als hun gevoelens en psychische problemen er ook mogen zijn. Goed werk, EenVandaag!