Tag Archives: vooroordelen

Ruim helft docenten en ouders discrimineren meisjes en jongens

57% van de leraren geven toe dat ze meisjes en jongens (onbewust) stereotyperen op school. Ruim de helft van de ouders geeft toe dat ze hun zonen anders behandelen dan hun dochters. En jongeren zien exacte vakken als ‘mannelijk’ en dus minder geschikt voor meisjes. Dat blijkt uit een Engels onderzoek, uitgevoerd ter gelegenheid van een Maand van de Exacte vakken.

Deze stereotypering heeft negatieve gevolgen voor meisjes. Zo maakte 54% van de ondervraagde docenten mee dat meisjes onder druk van hun ouders stopten met exacte vakken. Deze vroege uitval voorkomt dat meisjes een echte vrije keuze kunnen maken. Misschien zijn ze stiekem best ok in wiskunde, maar als dat geldt als ‘iets voor jongens’ en je ouders zeggen ‘wiskunde is veel te moeilijk voor jou, stop er maar mee’, dan moet je als kind van goede huize komen om een eigen koers te varen.

Tegen de tijd dat het gaat om studeren en een baan vinden, domineren jongens en mannen en halen werkneemsters nog geen kwart van het totaal uit bij bedrijven. Samenlevingen verspillen zodoende bergen talent.

De studie past bij eerdere onderzoeken. Zo blijken docenten de wiskundige vaardigheden van jongens al vroeg veel hoger in te schatten dan bij meisjes. Zij krijgen bij voorbaat het vertrouwen van docenten. Meisjes niet. Uit een ander onderzoek bleek vervolgens dat docenten wiskundehuiswerk van meisjes betere cijfers geven dan dat van jongens, maar alleen zolang ze niet weten of een jongen of meisje de sommen maakte. Zodra ze de sekse wisten, gaven ze meisjes juist lagere cijfers dan jongens.

Hetzelfde overkomt vrouwen als ze bijvoorbeeld software programmeren en aanbieden op een platform zoals GitHub. Gebruikers gaven hun producten hoge waarderingen, maar alleen als ze geen idee hadden of een man of een vrouw erachter zat. Zodra ze wisten dat het programma van een vrouw kwam, vonden ze het niks meer.

Kortom, docenten en ouders zijn gewoon een product van een seksistische maatschappij. We zwemmen met ons allen in hetzelfde water, geven de boodschap vervolgens door aan kinderen en zo leren kinderen al vroeg hoe het hoort. Genialiteit is een mannelijke eigenschap, weten meisjes van zes al. Aan wiskunde hoeven ze niet te beginnen want dat kunnen meisjes niet, tenzij je een uitzonderlijke freak bent. Waarna meisjes afhaken en iedereen zegt ‘zie je wel, wiskunde is niets voor meisjes.’ Zo houdt het patroon zichzelf in stand….

Advertenties

Nederland kan eeuwen wachten op vrouwelijke premier, als de genderdiscussie zo primitief blijft

De verkiezingen in de V.S. leveren scherpe analyses over gender op, vanwege het seksistische gedrag van Donald Trump en het feit dat de strijd om het hoogste ambt gaat tussen een man en een vrouw. Hoe zit het in Nederland met het emancipatoire bewustzijn? Niet goed, blijkt uit allerlei incidenten. Dat is vervelend, want inzicht in de situatie rondom gender is cruciaal om te begrijpen waarom mannen in de politiek de macht blijven houden. Zonder kritische discussies over die situatie kunnen we nog eeuwen langer wachten op een vrouwelijke premier in Nederland.

Politiek in Nederland blijft, praktisch en symbolisch, iets van blanke mannen. Vrouwen zijn een minderheid in de politiek. Als het er echt op aan komt houden mannen de touwtjes strak in handen. Zo lieten twee mannelijke partijleiders bij de vorige formatiebesprekingen hun vrouwelijke nummer twee thuis. In plaats daarvan namen ze blanke mannelijke vertrouwelingen mee naar de onderhandelingen. Ook blijven de zwaarste/machtigste posten stevig in het mannelijk kamp, inclusief het premierschap.

Na de verkiezingen in maart 2017 is de kans op herhaling groot. Ten eerste omdat alleen al het constateren van het feit dat vrouwen ontbraken bij de vorige formatie, destijds zorgde voor een golf van vijandige ‘terug in je hok’ reacties. Mensen wilden er niet over praten. Vrouwen moesten niet zeuren. Met zo’n houding leer je niks en doen mannen bij de volgende formatie weer hetzelfde.

Ten tweede omdat alle berichten over werving en selectie rieken naar een verkokerde blik, waarbij mannen in eigen kring op zoek gaan naar soortgelijke mannen, middels een proces waar Marieke van den Brink uitgebreid promotie-onderzoek naar deed. Het veld van partijleiders zal in 2017 opnieuw bijna geheel blank en mannelijk zijn, zelfs als nog niet duidelijk is hoe de strijd uitpakt, zoals bij de PvdA. Uit een opinieonderzoek van EenVandaag blijkt dat vrouwen zulke praktijken eerder signaleren en problematisch vinden dan mannen. Maar dat mannen vooral naar vrouwen wijzen als schuldige:

Onder mannen is een derde het eens met de stelling dat partijen liever mannen dan vrouwen kandideren, onder vrouwen de helft. En misschien gaat het verder: met de stelling dat vrouwen worden gediscrimineerd door partijen is 30 procent van de mannen het eens, maar een grotere groep van 44 procent van de vrouwen vermoedt discriminatie. […] het ligt, zo is de indruk, ook aan wat vrouwen zelf zouden doen en laten, al zijn het vooral mannen die het antwoord op de schuldvraag bij de vrouwen zelf zoeken. [vetgedrukt door red.]

Die blindheid voor het structurele machtsvoordeel van mannen maakt dat allerlei mechanismen onzichtbaar blijven, die ervoor zorgen dat de hiërarchie tussen de seksen intact blijft. Kiezers beginnen bijvoorbeeld de man over- en de vrouw onder te waarderen.  Wint een vrouw alsnog, dan gebeurt dat vaker in situaties waarbij een partij er slecht voor staat en laten partijgenoten haar bij tegenslag sneller vallen. De vrouwelijke partijleider ruimt zodoende eerder het veld dan mannelijke collega’s.

Ten derde omdat het mannelijk overwicht een machocultuur in stand houdt. Het problematische haantjesgedrag van mannelijke parlementariërs was al in 1997 onderwerp van kritische stukken in de kranten. Ruim tien jaar later schreef Femke Halsema over dat machogedoe in haar politieke memoires en anno nu vertonen de heren nog steeds masculien machtsvertoon op een apenrots vol alfamannetjes.

Deze machocultuur koppelt mee met algemeen onbehagen zodra een vrouw té zichtbaar wordt in een mannenbolwerk. Dat onbehagen over een verstoring in de hiërarchie zorgt voor weerstand. Die weerstand uit zich onder andere in taalgebruik en ‘grapjes’ met een snijdende ondertoon. Zo heeft de vooral uit vrouwen bestaande Commissie Zorg de bijnaam ‘de commissie van de kijvende wijven’. En als twee politici met elkaar in debat gaan, kopt een landelijk dagblad ‘Bitchfight in de ministerraad’.

Al deze factoren leiden tot een seksistisch denkraam waarbinnen mannen gelden als de stevige debaters en vrouwen hysterisch zijn. Vervolgens wordt het logisch dat mannen voor mannen kiezen en dat vrouwen denken ‘ik kan het niet, ik maak geen kans’ en het niet eens meer proberen. Vervolgens kun je vrouwen daar dan op afrekenen en is de vicieuze cirkel weer rond.

Het kritische debat over dit seksistische klimaat staat in Nederland nog in de kinderschoenen. Analyses blijken steken op een  neerbuigend ‘zie je wel, vrouwen willen niet, ze liggen te slapen’. Zie hier voor een voorbeeld van zo’n analyse, waarbij vrouwen niet alleen verantwoordelijk gesteld worden voor hun eigen marginalisering, maar ook nog de veeg uit de pan krijgen dat ze sowieso niet goed genoeg zijn.

Een ander voorbeeld: vrouwen krijgen in ons land, nota bene van collega’s zoals Kamerlid Marith Volp, nog steeds het advies wat Margaret Thatcher al kreeg (en wat niet werkte want je ontkomt niet aan je sekse): zacht en laag praten. Ja, doei! Het probleem is meestal dat de omgeving meer waarde hecht aan wat een man zegt. Hoe hij het zegt maakt niet uit. En zij? Zij moet haar kop houden. Zegt of doet ze toch iets, dan is ze een bitch of een manwijf of een kenau of, zoals Trump uitriep, een nasty woman.

We horen steeds ‘het komt wel goed’. ‘We moeten geduld hebben’. ‘Hopelijk meldt zich op een gegeven moment een vrouw’. Als de feministische analyse blijft steken op het niveau ‘vrouwen willen niet‘ (maar waaróm ”willen” ze niet?), of ‘we moeten geduld hebben, dan komt het vanzelf goed’, blijven mannen aan de macht in de Nederlandse politiek omdat we vrouwen buiten sluiten.

Willen we dat echt?

Kirkus Reviews maakt werk van diversiteit

Leve Kirkus Reviews! De redactieleden van dit culturele magazine beseften dat zij zelf een rol spelen bij het in stand houden van vooroordelen rondom ras en etniciteit. Daarom noemen de redacteuren sinds een half jaar expliciet welke achtergrond personages in kinderboeken hebben. Zodat de vanzelfsprekende aanname dat een personage blank is, tenzij anders vermeldt, doorbroken wordt. Jong geleerd is immers oud gedaan. Ideetje voor Nederlandse recensenten? Bij ons is diversiteit in kinderboeken namelijk ver te zoeken…

Kirkus Reviews

De redacteuren van Kirkus Reviews kwamen tot hun besluit op basis van cijfers. De Universiteit van Wisconsin ontving vorig jaar 3,400 kinderboeken. Slechts 501 verhalen bevatten personages met een niet-blanke achtergrond. In slechts 355 gevallen had de auteur zelf een niet-blanke achtergrond. Voor de rest schreven lelieblanke auteurs over lelieblanke kinderen, en in een cultuur die blank als norm neemt problematiseerde niemand deze situatie.

Kirkus besloot deze automatismen te doorbreken. Redacteuren besteden tegenwoordig expliciet aandacht aan de huidkleur van personages. Doel is om het bewustzijn rondom diversiteit te bevorderen en ouders, opvoeders en docenten meer mogelijkheden te geven hun kinderen te voorzien van boeken die hun eigen leven reflecteren.

Redacteur Vicky Smith schrijft in een redactioneel commentaar dat sommige mensen met schrik of argwaan reageren op dit nieuwe beleid:

A number of publishers have contacted me privately in varying degrees of dismay and/or anger. One of my newest reviewers of color protested energetically, saying that unless race is a factor in the story, “there is no reason at all to mention race in a review.” And one of our readers expressed the concern that “a title may receive a sub-par review if it does not feature minority characters even if it is an exceptional book in all other aspects.”

Maar het probleem is: als ras geen factor mag zijn, ligt de weg weer wijd open voor de ”ras = blank tenzij anders genoemd”-vooroordelen. Totdat een zwart personage in een kinderboek een gewoon zwart kindje mag zijn, blijft het nodig om je bewust te zijn van wat je doet. Zoals Smith samenvat:

There’s the fact that both my reviewers and I are almost all, as one of my black reviewers said, “socialized to see white as the default”—it’s hard to train yourself to notice, much less write consciously about it.

Daarom hulde dat de redactie van Kirkus deze stap zet.

Oh en voor de Nederlandse situatie: Of het nou gaat om Literatuur met de grote L, of jeugdliteratuur: ook bij ons overheerst de norm van blanke mannelijke hoofdpersonen. Jaren vijftig rolpatronen tussen de seksen zijn helaas springlevend en personages met een getinte huidkleur moet je met een lantaarntje zoeken. Dit geldt in versterkte mate voor kinderboeken die in de prijzen vallen, zoals Griffelboeken.

Kortom, ook Nederlandse kinderboeken geven blijk van een groot gebrek aan representativiteit, zoals onder andere hooglerares Maaike Meijer twintig jaar geleden al aantoonde. Hoog tijd dat iedereen die werkzaam is in het Nederlandse boekenvak, inclusief recensenten en literaire media, diversiteit serieus gaan nemen. Misschien kunnen ze het voorbeeld van Kirkus volgen….?

Nederlandse docenten krijgen hulp bij gender

Nederlandstalige handboeken die zonder Mars en Venus geneuzel over jongens en meisjes in de klas schrijven, zijn dungezaaid, signaleert documentatiecentrum Rosa. Daarom zijn de medewerkers blij met Linda Knobbe. Die schreef Een Klas vol Jongens en Meisjes, een toegankelijk boek vol handige adviezen voor leerkrachten. Zodat ze kinderen écht gelijke kansen bieden.

wereldligtvoorjeopen

Hard nodig, merkte Esther Vis. Voor project Van Dolle Mina tot Twitterfeminist verdiepte ze zich in de rol van stereotypen in het Nederlandse onderwijs. Dat het in de jaren zeventig in schoolboeken wemelde van de huisvrouwen en mannen met zakenkoffertjes verbaast misschien niemand. Ruim veertig jaar later is er echter weinig veranderd, constateert Vis. Nog steeds duwen onbewuste vooroordelen en hardnekkige overtuigingen, over ‘de’ jongen en ‘het’ meisje’, kinderen in een nauw hokje.

Linda Knobbe besloot dieper in te gaan op dit genderprobleem op school. Ze richt zich vooral op bewustzijnsbevordering: ,,Het boek wil leerkrachten stimuleren om de kansengelijkheid voor jongens en meisjes te verhogen. Daartoe biedt het de nodige tools”, aldus Rosa.

Wie meer theorie wil (en nog meer handige tips) kan ook te rade gaan bij de website van project Gender in de Klas. Of de kennispagina van Athena’s Angels, waar vier hoogleraren gedegen wetenschappelijke studies verzamelen over vooroordelen, indirecte en directe discriminatie en alles wat je altijd wilde weten over seksisme, maar nooit durfde te vragen. Docenten en opvoeders van Nederland, doe er je voordeel mee!

 

Geschiedenis is een feestje van en voor mannen

Geschiedenis? Een genre van mannen, voor mannen, over mannen. Dat beeld rijst op uit een onderzoek van magazine Slate. Het blad bekeek 614 boeken van tachtig Amerikaanse uitgeverijen, gepubliceerd in 2015, en merkte dat de auteur in 75,8% van de gevallen tot de mannelijke sekse behoorde. In het geval van biografieën schrijven deze mannen zelden over het leven van een vrouw. Slechts 6% deed dat. Aandacht voor vrouwen komt vooral van andere vrouwen….

gender_discrimination_resized

Dagblad The Guardian signaleert dat de situatie in Engeland net zo scheef zit. De top vijftig van best verkochte geschiedenisboeken bestaat uit 46 mannen en slechts vier vrouwen. Publicatielijsten uit 2015 kondigen 57 boeken aan. Slechts dertien uitgaven zijn geschreven door een vrouw.

Dit heeft gevolgen voor het beeld van de geschiedenis. De mannen die over mannen schrijven concentreren zich op ‘mannelijke’ terreinen zoals sport, koningen, oorlogen en nog meer oorlogen. De schaarse vrouwelijke auteurs hebben de neiging zich te richten op als ‘vrouwelijk’ gecodeerde terreinen. Bij de biografieën zie je een inhaalslag: bijna zeventig procent van de biografes kiest een vrouwenleven als onderwerp, omdat veel interessante verhalen zo lang ongehoord bleven.

Goede cijfers over de situatie in Nederland heb ik niet gevonden – kan aan mijn zoekmethoden liggen, dus als iemand de link heeft naar een goed onderbouwde cijfermatige analyse zou ik zeggen: mail! Een lijst van zeventig geschiedenisboeken van het Historisch Nieuwsblad wemelt in ieder geval van de boeken van mannen. Tussen alle Jannen en Joosten en Maartens is het flink zoeken naar een Hella S. Haasse of Els Kloek.

Ook duikt in Nederland hetzelfde patroon op als in Engeland en de V.S. Mannen schrijven niet vaak over vrouwen. Als een geschiedenisboek vrouwen een prominente plek geeft, is de auteur meestal een vrouw. Els Kloek stond bijvoorbeeld aan het hoofd van 1001 Vrouwen uit de Nederlandse geschiedenis. Bij biografieën over mannenlevens is de auteur meestal een man. Biografieën over vrouwen komen meestal uit de koker van een schrijfster. Zie de boeken over danseres Olga de Haas, feministe Joke Smit, Koningin Juliana, enzovoorts.

Hoe komt dat? Veel mensen uit het boekenvak reageerden op deze totaal scheve balans, zoals in kaart gebracht door Slate en The Guardian. Een van de verklaringen luidt dat de markt zich richt op feestdagen zoals Kerstmis. Uitgeverijen publiceren rond die tijd boeken die mensen cadeau kunnen geven aan pap, opa of een ander mannelijk familielid. Met dat idee in het achterhoofd neigt de onderwerpskeuze vanzelf naar thema’s die mannen geacht worden interessant te vinden, zoals oorlogen en biografieën over leiders.

Daarnaast speelt de link met media zoals de televisie een rol. Het zijn voornamelijk blanke mannen die een geschiedenisserie in de wacht slepen en afleveringen lang over een bepaald onderwerp mogen praten. Dit bevordert vervolgens de verkoop van hun geschiedenisboeken, waarna deze mannen een groter podium hebben om van hun volgende boek een bestseller te maken. Zo krijg je vanzelf een elitegroep die de toon zet – en die toon is mannelijk gecodeerd.

Uitgeefster Lara Heimert wil ook naar de bredere sociologische context kijken:

“We have a real problem in publishing, but it’s not just a publishing problem,” Heimert wrote. “What is it about the way we educate our children that channels women toward literature departments and men toward history and politics departments? What are our assumptions—and by ‘our’ I mean publishers, booksellers, book reviewers &c—that lead us to publish history books for Father’s Day and fiction and memoir for Mother’s Day? Are these based on data or merely stereotypes?

Kortom, we hebben nog een lange weg te gaan…..

De Gereedschapskist: de ‘eh?!?’-factor

Een vrouw probeert iets te bereiken in de openbaarheid. Ze wil bijvoorbeeld verkiezingen winnen. Prompt deinst iets binnen in jezelf terug. Ze heeft misschien alle kwaliteiten die je graag wil zien in iemand, maar je kiest liever voor een man want zij is….tsja, geen idee… eng? … ongeloofwaardig? Niet overtuigend genoeg….? Dat is de ‘eh?!?-factor, prachtig geïntroduceerd en uitgelegd door Saturday Night Life en door Sherry Pagoto in magazine Salon, aan de hand van de Amerikaanse verkiezingen.

In de V.S. draait het op dit moment bij de Democraten om Hillary en Bernie, oftewel Clinton en Sanders. Clinton boekte recent winst in Nevada, maar haar voorsprong staat onder druk. Mensen voelen ‘de Bern‘, ze voelen niet ‘de Hillary’. Pagoto toont zich volstrekt niet verbaast over die situatie. Clinton kamp namelijk met die ‘eh?!?’-factor:

What I’m referring to is this phenomenon of having your knowledge and expertise discounted, minimized or dismissed because of amorphous personal traits, expressed so perfectly on the skit in a simple noise, “she’s just ‘eh.’” And everyone agrees. It’s being the most learned and experienced person in the room, yet people take more seriously the less experienced, loud-talking male who has some kind of charisma on his side, the kind that she could never have because gender norms have long taught us that “intelligent” and “woman” equals anti-charisma.

Deze ‘eh’ factor leidt ertoe dat meisjes en vrouwen argwaan tegenkomen en onderschat worden. Ze moeten zich bewijzen, opnieuw bewijzen en nog een keer bewijzen, maar desondanks blijft de omgeving hen negatiever beoordelen dan mannen. Dat begint al vroeg. Als jongens assertief optreden vinden we dat normaal. Dat horen jongens te doen. Maar meisjes die hetzelfde gedrag vertonen, krijgen negatieve waarde-oordelen naar hun hoofd geslingerd. Zij zijn ‘bazig’ – een woord met een negatieve ondertoon als het om meisjes gaat. Terug in je hok!

Keer op keer verliezen vrouwen vervolgens in competities. Zo botsten studentes in de exacte vakken aan tegen mannelijke medestudenten die vrouwen niet zien staan. Ze betwijfelen de geschiktheid van vrouwen voor de studie en beoordelen haar intellectuele capaciteiten stelselmatig als lager dan die van mannen. Intellect hoort bij de mannelijke sekse. Intelligente vrouwen daarentegen? Huuuuu! Manwijven! Welke klas je ook onderzoekt, mannen komen in de top van competente, populaire studenten, terwijl mensen vrouwen over het hoofd zien:

The “celebrities” in the classroom were also more likely to be male, and men were far more likely to see their male peers as knowledgeable. In two of the classes, the top four “celebrities” were men. The top three “celebrity” students in the other class were also men. A few women were called out enough by their peers to reach “celebrity” status, but, again, at a more infrequent rate.[…] The outspoken women with just as much academic success as these students, however, were overlooked and never reached “the same celebrity status” as their male counterparts.

Onder andere bij sollicitaties en in verkiezingstijd werkt sekse zodoende tegen vrouwen. Mensen gaan gevoelsmatig voor Bernie. Hij is de toffe peer, de charismatisch man, oh, Bernie!!!!! Hillary daarentegen vinden veel mensen een beetje eng. Er klopt iets niet… ze is onbetrouwbaar en ongeloofwaardig, want er zit iets verkeerd…. Ze is kil, agressief, ja, bazig. Ze verheft haar stem niet in een politiek debat, nee, ze klinkt schel, huuuu! Kan ze niet wat zachter praten? Wat doet ze daar eigenlijk in het openbaar achter die microfoon:

In the eyes of the American public, Hillary Clinton will never be fun. Or likeable. Or someone you’d want to have a beer with.

Kortom, de ‘eh?!?’ factor. Die speelt ook in Nederland een rol. In de politiek vallen vrouwen niet onder de ‘geïnstitutionaliseerde norm’, zoals hoogleraar Monique Leyenaar dat zo mooi samenvat. Wij hebben bijvoorbeeld maar één politieke partij met een vrouwelijke voorzitter. De Partij voor de Dieren. Bij alle andere partijen staan mannen aan het hoofd en komt de eerste vrouw, als je geluk hebt, op de tweede plaats. Maar die vrouwelijke nummer twee mag niet mee bij de coalitie-onderhandelingen. Dan nemen de heren liever een mannelijke vertrouweling mee – iemand die ze capabel achten, waar ze van op aan kunnen. Een vrouw past niet in dat plaatje. Zij is ‘eh?!?’

Zolang je deze factor niet op waarde schat, kun je nog zo hard roepen dat vrouwen assertiever moeten worden en hun kansen moeten pakken. Dat gebeurde recent nog rondom een rapport van Atria over het gebrek aan vrouwen in Nederlandse gemeenteraden. Maar als je dat doet kies je voor eenzijdige kritiek, op de partij die meestal niet in het voordeel is – vrouwen zijn de minderheid, die niet thuishoort in de politiek, die de minste macht heeft. Die minderheid moeten vervolgens geheel alleen de boel rechttrekken?

Nee, het ligt complexer. Samen creëren we een omgeving, in situaties waarbij mannen de toon zetten, die vrouwen structureel op achterstand zet, hun zelfvertrouwen ondermijnt en wegzet als ”eng/klopt niet/eh?!?”. Zolang we dat doen, leggen vrouwen het in het openbaar af tegen mannen. Zie onder andere hier en hier en hier voor voorbeelden uit de showbizz, politiek en wetenschap. Ongeacht de daadwerkelijke kwaliteiten en kwalificaties van de vrouw in kwestie: we willen liever een man. Omdat hij een man is. En da’s flink balen.

BONUS: een mooie analyse van taalkundige Deborah Tannen over de automatische weerzin tegen Clinton. Onder andere vanwege de tegenstrijdige (seksistische) eisen waaraan zij moet voldoen.

Wetenschap: mannenbrein/vrouwenbrein is een mythe

Nadat het fenomeen ‘konninginnen-bij’ naar het rijk der fabelen werd verwezen, is het nu de beurt aan zogenaamde mannelijke en vrouwelijke hersenen. Die bestaan niet. Onderzoek aan het brein laat nauwelijks verschillen zien. Dat meisjes en vrouwen zich op een bepaalde manier gedragen, komt vooral door de opvoeding en diverse vormen van seksisme. Waarbij subtiel seksisme trouwens even schadelijk is als openlijke minachting voor vrouwen.

Lise Eliot, onderzoekster bij het Rosalind Franklin University of Medicine and Science, doet al jaren onderzoek naar menselijke hersenen. Ze verbaast zich over het gemak waarmee mensen vergaande uitspraken doen over ‘de’ man en ‘de’ vrouw. Hou je je aan de regels van verantwoord uitgevoerd onderzoek, dan blijft er van vermeende verschillen nauwelijks iets over. Het ziet er steeds meer naar uit dat het ‘mannenbrein’ en ‘vrouwenbrein’ een mythe zijn.

Dat zulke verhalen toch hardnekkig rondzingen, verklaart Eliot aan de hand van culturele vooroordelen:

“Sex differences in the brain are irresistible to those looking to explain stereotypic differences between men and women,” said Eliot. “And they often make a big splash. But as we explore multiple data sets and are able to coalesce very large samples of males and females, we find these differences often disappear or are trivial.”

Eliot’s studie wint aan kracht omdat haar onderzoeksresultaten terugkomen in andere studies, uitgevoerd door andere mensen, in andere periodes, los van haar onderzoek. Dat anderen het resultaat kunnen herhalen, is een teken van betrouwbare wetenschap. Het fenomeen ‘praktijken koppelen aan manieren waarop hersenen in elkaar zitten’ komt bovendien breder voor dan alleen in het geval van gender.

Het blijft echter lastig om mensen te overtuigen met harde wetenschappelijke resultaten. Mensen krijgen zoveel genderpropaganda over zich heen, dat de ‘jongens stoer-meisjes lief’ tweedeling diep doordringt in de beeldvorming. Dat heeft gevolgen. Zo maken meisjes rekensommen in de praktijk vaak beter dan jongens. Anoniem beoordeeld krijgen ze hogere cijfers. Zodra de docent hun sekse weet, krijgen diezelfde meisjes opeens lagere cijfers. Want tsja, jongens zijn nou eenmaal geschikter voor wiskunde, heet het – zie onder andere de hersenen.

Enfin, kennis is macht. Meer lezen en weten? Dit boek van Cordelia Fine maakt grondig gehakt van stereotypen en slecht uitgevoerde onderzoeken. Of luister naar de kinderen die nog niet bedorven zijn door de roze en blauwe ghetto’s:

‘Hoi hema ik ben Julia ik ben 10 jaar en een stoer meisje. Daarom vind ik dat er ook stoere onderbroeken moeten zijn voor meisjes,’ schrijft Julia op de Facebook-pagina van Hema. Ze stoort zich aan het overwegend roze assortiment van de winkel. ‘Volgens mij is er niet heel veel verschil tussen jongens en meisjes. Hopelijk komt er verandering,’ sluit ze af.

Wetenschapsfinancier discrimineert vrouwen

Beoordelaars van kandidaten voor beurzen van wetenschapsfinancier NWO maakten zich aantoonbaar schuldig aan vrouwendiscriminatie. Doordat deze beoordelaars de persoonlijke kwaliteiten van vrouwelijke kandidaten systematisch lager inschatten dan dat van mannelijke gegadigden, grepen dertig vrouwen mis. In een rechtvaardige wereld zouden ze in de periode van 2010-2012 wél geld hebben gekregen.

Mensen beoordelen mannelijke kandidaten stelselmatig beter dan vrouwen. Niet alleen in de wetenschap.

Voor alle duidelijkheid: kwalitatief waren de onderzoeksvoorstellen van mannen niet beter. Ze vielen alleen beter in de smaak bij de poortwachters van het geld. Deze discriminatie levert niet alleen onrecht op. Het zorgt er ook voor dat de mannelijke kandidaten een steun in de rug kregen voor een goede carrière in de wetenschap. Volgens de Volkskrant ”wordt de NWO-beurs voor beginnende onderzoekers meer en meer een noodzakelijke stap naar een eventueel hoogleraarschap op een universiteit.” Dit seksisme berooft universiteiten zodoende van goede hoogleraren.

NWO gaf volgens de media zelf opdracht voor de studie, nadat in Europees verband dezelfde verdachte genderverschillen aan het licht waren gekomen. Dat siert hen. Uit het onderzoek naar de Nederlandse situatie bleek dat seksisme vooral de kop opstak bij de zogenaamd ”vagere” vakken, zoals gedrags- of medische wetenschappen. Daar ontstond blijkbaar ruimte om onbewust uiting te geven aan een positievere kijk op mannen.

Dit fenomeen zie je vaker. Zo onderzocht de voorganger van het College voor de Rechten van de Mens ongelijke beloning in algemene ziekenhuizen. Zolang functionarissen zich hielden aan CAO’s en andere duidelijke regels, kregen vrouwen meestal gelijk loon voor gelijk werk. Zodra echter meer gevoelsmatige factoren een rol speelden, kwamen vrouwen op achterstand te staan. Per saldo zorgde die willekeurige aspecten ervoor dat een gespecialiseerde mannelijke verpleegkundige maandelijks 119 euro meer opstrijkt. Gewoon, omdat hij de juiste sekse had.

Feministen weten het allang: seksisme is meetbaar. Athena’s Angels kunnen dit onderzoeksresultaat over de NWO-beursen toevoegen aan hun lange lijst wetenschappelijke bewijzen voor vrouwendiscriminatie. De Volkskrant:

Maandagavond noemde in het KennisCafé in De Balie in Amsterdam de Delftse informaticus en voorzitter van het Landelijk Netwerk Vrouwelijke Hoogleraren Catholijn Jonker de cijfers over de NWO-beurzen ‘onluisterend’. Jonker: ‘Aanpassing van de procedures lijkt me het minste dat NWO kan doen.’

Hear, hear.

Vrouwenvoetbal brengt slechtste en beste naar buiten in mensen

Vrouwenvoetbal, het blijft een beladen onderwerp. Hoe durven vrouwen iets te doen wat eigenlijk aan mannen is voorbehouden? In sommige mensen brengt die situatie het slechtste naar boven. Zo meenden Braziliaanse officials dat meer make-up en kortere shorts het vrouwenvoetbal zullen stimuleren. Dit alles bovenop de gebruikelijke litanie van seksistische vooroordelen. In het Noorse vrouwenteam bracht dit het beste naar buiten. De speelsters maakten een briljante video om seksisten van repliek te dienen.

Begeleid door een sneu pianomuziekje bekennen de speelsters dat ze inderdaad voor geen meter voetbal kunnen spelen. Alle vooroordelen… zijn waar! Eén voor één vertellen ze in een nepdocumentaire dat de bal zo glibberig is, die floept gewoon alle kanten op! Ook vergeten ze de spelregels en dan rapen ze de bal maar met hun handen op. Weten zij veel. Ja, vrouwenvoetbal is saai, dooooooodsaai. En wat was ook alweer buiten spel?

Op die manier maken de Noorse speelsters alle vooroordelen belachelijk. Ondertussen timmert het Canadese vrouwenteam aan de weg om vrouwenvoetbal in hun land gewoon te maken. Het is puur een kwestie van conditionering, aldus coach John Herdman. Het land is gek van hockey. Veel mensen vinden voetbal een rare eend in de bijt, vrouwenvoetbal helemaal. Als de Canadese ploeg succes heeft, zou dat snel kunnen veranderen, hoopt hij.

Ondertussen zijn onze oranje Leeuwinnen doorgedrongen tot de achtste finales, na een knap gelijkspel tegen gastland Canada. Wat onder andere de Volkskrant ertoe brengt om te benadrukken dat het ook in ons land snel ging: ,,Van minachtende mannenblikken, via een geslaagd EK in 2009 tot de achtste finales op het WK in 2015, komende week.”

Eens kijken of de minachtende mannenblikken na dit WK-debuut eindelijk achterwege kunnen blijven. Want of oranje nu wint of verliest tegen Japan: het feit dat Oranje de eerste ronde goed doorstond, is al een groot succes. En Japan won het vorige WK. Dat maakt de wedstrijd automatisch een hoogtepunt:

Bondscoach Roger Reijners kijkt uit naar de ontmoeting. ,,Dit wordt de grootste wedstrijd in de geschiedenis van het Nederlandse vrouwenvoetbal. Japan is absolute wereldtop met veel technisch vaardige speelsters.”

In de nacht van dinsdag 23 op woensdag 24 juni, om 4.00 uur, NPO 3. Genieten!!!!

Vrouw en geniaal? Het wil er niet in

Onderzoek bewijst het: mensen kunnen de woorden ‘vrouw’ en ‘geniaal’ niet met elkaar combineren. Het klinkt te raar. Een geniaal mens is een blanke man. Hij beschikt van nature over zoveel talent, dat hij zonder enige moeite indrukwekkende prestaties neerzet. Hij is een soort Sherlock Holmes. Vrouwen kunnen hooguit een volhardende Hermione Granger zijn.

Maakt niet uit hoeveel diversiteitsprogramma’s je lanceert: als je dit soort stereotypes niet expliciet maakt, houd je vrouwen en mannen met een gekleurde huid feilloos buiten de deur. Het Amerikaanse onderzoek vond een direct verband tussen het aandeel vrouwen in bepaalde studierichtingen en ideeën over genialiteit. Als de heersende opvatting luidt dat hard werken resultaat oplevert, maken vrouwen een kans. Als de heersende opvatting luidt ‘je moet van nature talent hebben’, dan vallen vrouwen (en mannen met een gekleurde huid) af.

Deze opvatting over aangeboren talent, en wie van nature over dat talent beschikt, heeft ingrijpende gevolgen. Deze overtuiging betekent dat vrouwen in sommige vakgebieden minder welkom zijn. Een studie psychologie red je nog wel met hard werken, maar voor filosofie moet je briljant zijn, dus dááág vrouwen, denk maar niet dat je dit kunt. Het betekent dat ook de zogenaamd ‘rationele’ wetenschappers vrouwen discrimineren, dat seksisme ook de wetenschap niet vreemd is.

Het fenomeen ‘genie = man’ verklaart niet alleen het lage of juist wat hogere aandeel van vrouwen in bepaalde studierichtingen en vakgebieden. Deze opvatting doet z’n giftige werk ook op andere gebieden waar het draait om talent. Zoals muziek. Vrouwelijke artiesten merken keer op keer dat het niet uitmaakt wat ze doen en hoeveel ze doen. Zodra er een man bij hen in de buurt staat, gaan mannen en vrouwen er klakkeloos van uit dat de unieke popsongs van zijn hand zijn. Zij hielp hooguit een handje, of inspireerde hem.

Op die manier krijgen vrouwen geen eer van hun werk. Sterker: ze gaan aan zichzelf twijfelen. Nederland kende bijvoorbeeld tot voor kort de zogenaamde Huygens-beurs. Mannen en vrouwen vroegen ongeveer even vaak een beurs aan voor een periode studeren in het buitenland, totdat de slogan veranderde. In advertenties stond voortaan ‘Ben jij slim genoeg?’ Blanke mannen zeiden ‘ja’ en bleven beurzen aanvragen. Vrouwen twijfelden en zagen vaak af van deze enorme impuls voor hun academische loopbaan.

Wat te doen? De onderzoekers geven op basis van hun studie een paar handvaten. Kleine dingen kunnen al een groot verschil maken. Zo helpt het als studies waarvan nu impliciet wordt gezegd ‘daar moet je talent voor hebben en dan komt succes vanzelf’, openlijk aangeven hoe hard je moet werken. Het komt studenten niet aanwaaien. Iedereen moet zich inspannen om de stof te leren, tentamens te maken en eindscripties op te zetten en uit te voeren. Iedereen is Hermione.

Ook opvoeders en schooladviseurs hebben een taak. Zolang die ouderwetse rolpatronen propageren, of meisjes ontmoedigen bij als ‘mannelijk’ gedefinieerde vakken zoals wiskunde, zetten ze vrouwen op achterstand. Want, ik zeg het wel vaker: vrouwen zijn mensen. Als sociale wezens reageren vrouwen op sociale druk en passen ze hun gedrag aan subtiele signalen vanuit de omgeving aan. De signalen voor mannen luiden nog steeds: ‘ga zo door, je kúnt het’. De signalen voor vrouwen luiden: ‘wij geloven niet dat je dit kunt. ‘Maakt niet uit dat je tienen haalt, je kunt het niet, het is te moeilijk, ga liever moederen’.

Meer weten en verder lezen? Vrouwen en Ambitie van Anna Fels is een eye-opener. Het boek maakt inzichtelijk wat vrouwen nodig hebben om wél op te bloeien. Een beetje geschiedenis: de eerste vrouwen aan de universiteit, in België en Nederland. En waar het Nederlandse onderwijs geteisterd wordt door Mars en Venus kwakdenken en angst voor de feminisering van het onderwijs, neemt het Belgische onderwijs gender serieus met campagnes zoals Weetewa… ge zijt mijn stereotype niet. Met veel aandacht voor gelijke kansen en het doorbreken van beperkende rolpatronen. Daar kunnen we in Nederland nog wat van leren.

Oh, en Twitter natuurlijk:  en #LegoAcademics. Soms overlappen ze elkaar en dan krijg je dit:

Seksisme alarm: Metro geeft vrouwen de schuld

Tsja, vrouwen en autorijden… Een mannelijke verslaggever van Metro denkt er het zijne van. De kop, ‘Vrouw loopt na parkeren vaak toch nog schade op‘, krijgt meteen in zin één al een verwijtende lading: ,,Vrouwen letten slecht op waar ze hun auto parkeren”. Over mannen ondertussen geen onvertogen woord. Als zij schade lijden, kunnen ze er niets aan doen maar hebben ze gewoon pech.

Ja, laten we er nog wat seksisme tegenaan gooien!

Metroverslaggever Tjerk de Vries toont wel vaker minachting voor vrouwen. Onlangs verdedigde hij ook Metro’s besluit om een eigen half blote ‘pagina 3’ dame te tonen:

”Wij vonden het leuk om een Nederlandse vrouw te laten poseren”, laat redacteur Tjerk de Vries weten. ”Dit hebben we gedaan als eerbetoon aan ‘page 3′, die in 44 jaar een hele bekende naam heeft gekregen.” Op de vraag of het dagblad de traditie van The Sun over zal nemen, reageert De Vries: ”Voor nu was het eenmalig, maar misschien dat we het wel vaker gaan doen. Dat weten we nu nog niet.”

Goed idee joh! Vrouwen worden nog niet genoeg geseksualiseerd en gereduceerd tot billen, tieten of andere losse onderdelen. Daar moet Metro nodig eens wat aan doen!

Kortom, als De Vries een stukje tikt over mannen, vrouwen en autoschades, nog zo’n beladen terrein vol macho vooroordelen over stomme wijven in het verkeer, kun je er op rekenen dat hij vrouwen onder een negatief vergrootglas legt.

Mannen laat hij daarentegen met rust. Zo schrijft hij dat een onderzoek van Business Lease Nederland naar autoschade aantoont dat mannen meer ruitschade oplopen dan vrouwen. Daar geeft De Vries meteen een logische verklaring voor: ,,bij ruitschade zijn mannen juist weer vaker de pineut. Dat komt mede doordat zij meer langere afstanden op snelwegen afleggen en last hebben van steenslag.”

Zie je? Niet hun schuld. Het overkomt hen. Mannen zijn goed, de omgeving zorgt voor tegenslag. Vrouwen daarentegen? Die krijgen in 46% van de gevallen zogenaamde ‘eenzijdige ongelukken’, tegen 39% bij de mannen. De Vries weet wel hoe dat komt. In de eerste zin schreef hij al dat vrouwen slecht opletten. De sukkels. Even verderop noemt hij vrouwen ‘niet handig’.

Alsof dit niet genoeg was laat Metro Vincent Stikkelorum, Directeur Operations van Business Lease Nederland, uitgebreid aan het woord. Die man vertelt de vrouwtjes wel even hoe ze moeten parkeren:

Het is belangrijk dat als je parkeert, je niet alleen uitkijkt dat je geen paaltje of stoepje raakt, maar dat je ook in de gaten hebt hoe je ten opzichte van de overige weggebruikers en obstakels staat. Vermijd bijvoorbeeld parkeervakken in de buurt van winkelwagentjes.

De neerbuigendheid druipt er vanaf. Opletten, dames! Kijk uit! Hou in de gaten waar de obstakels zijn! Vermijd drukke plekken! Een prachtig staaltje Mansplaining.

Weggemoffeld in het artikel staat dat één op de vijf vrouwen bij dit soort eenzijdige schade de dupe was van een aanrijding tegen hun al geparkeerde auto. Net zoals een man de pineut wordt van een steentje tegen de ruit, iets waar hij niets aan kan doen want hij zit nu eenmaal op de snelweg, worden vrouwen de pineut van mensen die tegen hun auto aanknallen. Iets waar ze niets aan kunnen doen want het is een andere chauffeur die hun auto niet opmerkt.

Vreemd dat de krant die factor in het geval van vrouwen niet ziet als een verzachtende omstandigheid. Vreemd ook dat de krant wel rept van mannen die veel op snelwegen voortjakkeren (klopt), maar geen gewag maakt van het feit dat vrouwen vaker opdraaien voor de relatief korte ritten door drukke steden en naar drukke plekken, zoals winkelcentra, school of kinderopvang. In die omstandigheden loop je een veel groter risico.

Maar ja, als je moet kiezen tussen saaie feiten en overeenkomsten tussen de seksen, óf negatieve stereotypen van het type ‘vrouwen kunnen niet autorijden’ /’vrouwen kunnen niet parkeren’, enzovoorts, dan kiest Metro liever voor dat soort seksistische aantijgingen. Dat leest fijner en bevestigt mensen in wat ze al denken te weten.

Wat De Vries even vergeet is dat dit niet zonder gevolgen blijft. Als iedereen roept dat je iets niet kunt, ga je daadwerkelijk slechter presteren, blijkt uit diverse onderzoeken. Dat heet de bedreiging van het stereotype, oftewel stereotype threat:

Je probeert hard om bedreigende gedachten te onderdrukken over slecht presteren of over de consequentie van falen. Terwijl je deze gedachten hebt, ben je afgeleid van je taak en je concentratie en werkgeheugen worden aangetast.

Dit doet zich ook voor met auto rijden. Het is treurig dat De Vries zulke feiten negeert en zich aansluit bij degenenen die met hun vingertje naar vrouwen wijzen.

Feminisme: het gaat niet om het woord

Weekblad Time zorgde voor ophef door ‘feminisme’ op te nemen in een lijst van woorden die verboden zouden moeten worden. De totaal voorspelbare reacties brachten Times ertoe om excuses aan te bieden voor hun slechte ‘grap’. Het incident leidde daarnaast ook tot analyses en achtergrondartikelen. Onder andere over het taalkundige fenomeenpejoration‘ en de aard van het feminisme. De Zesde Clan vond het de moeite waard hier wat dieper op in te gaan.

Pejoration slaat op de waarneming dat woorden soms een negatieve lading krijgen. Je kunt zo’n woord veranderen, maar iedere nieuwe term voor hetzelfde fenomeen zal al snel diezelfde negatieve lading krijgen. Het woord ‘feminisme’ heeft dit proces doorlopen. Mensen lijken automatisch terug te deinzen zodra iemand deze term gebruikt.

In Nederland lijkt de weerstand tegen het woord feminisme extra groot. Zo kwam de Amerikaans-Mexicaanse Monica Brondoshkova voor haar studie naar Nederland. In de V.S. en Mexico merkte de studente dat mensen zich enigszins ongemakkelijk voelden als ze zichzelf als feministe presenteerde. Ze maakten grapjes, maar Brondoshkova voelde desondanks enig respect. In Nederland kreeg ze echter totaal andere reacties:

What’s really surprising though is that people here, in the Netherlands, are way more fierce when you ‘admit’ you’re a feminist. A lot of people react in disgust, or anger even. It seems to me that those people think the synonym for ‘feminist’ is ‘man-hater’. They automatically assume you’re one of those angry women who never shave, who blame men for everything that’s wrong in the world. That’s not what I stand for, but I have to defend my beliefs anyway.

Misschien heeft die vijandigheid te maken met de Calvinistische karaktertrekjes van Nederland? De beschaving spat immers uit elkaar als het strikte onderscheid tussen de seksen (hij maakt de plannen, zij het eten) zou wijzigen. Lees de SGP brochure maar. Apocalyptische chaos! Een angstaanjagend vooruitzicht. Geen wonder dat mensen zo boos reageren.

Zou dat veranderen als je een ander woord kiest? Onder andere journaliste Amanda Marcotte denkt van niet:

….the notion that we could get trick people into liking feminism by calling [it] freesexforeveryoneism is silly. That’s just not how language works and wishful thinking won’t change that.

Nee, het gaat om de inhoud. Die vinden mensen naar, en daarom zou een alternatief woord binnen de kortste keren net zo problematisch klinken als feminisme. Want waar gaat het over bij die inhoud? Allerlei onrecht. Opeens moeten mensen nadenken over glazen plafonds, plakkende vloeren, loonkloven, old boys netwerken die vrouwelijk talent niet zien staan, geweld tegen vrouwen, discriminatie, sociale druk op vrouwen zodat ze zich schikken in het anderhalf verdienersmodel van Nederland, de roze en blauwe afdelingen in speelgoedzaken, jeugdfilms vol jongens in de hoofdrol, met leuke vaders en dode moeders, manieren waarop seksisme, racisme en sociale klasse op elkaar inwerken, armoede onder vrouwen, zwangerschapsdiscriminatie en nog veel meer.

Mensen geven af op het woord, omdat dat makkelijker is dan toegeven: ‘ik heb geen zin om na te denken. Ik vind het best als mensen vrouwen systematisch benadelen, zolang ik er maar geen last van heb. Het zal me worst wezen.’

Helaas hebben veel vrouwen die luxe niet. Ze moeten wel nadenken, en kritisch analyseren wat er gebeurt, omdat soms letterlijk hun leven en hun bestaanszekerheid op het spel staan. Zolang vrouwen op allerlei manieren de sjaak zijn, blijft het volstrekt correcte woord feminisme nodig. Het woord dat sinds 1992 in de Van Dale te boek staat als

1. Het streven naar een gelijkwaardige behandeling van vrouwen ten opzichte van mannen, m.n. op het maatschappelijke, economische en juridische vlak en naar doorbreking van traditionele rolpatronen; 2. De groep mensen die zich voor dit streven sterk maakt, synoniem ‘vrouwenbeweging’

Vrouwen weten dat ze geminacht worden

Wat een prachtig gesprek met voetbalcoach Vera Pauw in De Volkskrant. Vooral deze uitspraak raakte De Zesde Clan: ,,Als ik een overstap naar het mannenvoetbal zou maken, zou ik onder mijn niveau moeten werken, want ze zullen mij niet op hetzelfde niveau laten werken als ik doe bij de vrouwen. Voor mij is het dus geen promotie. Niemand zal mij accepteren in het mannenvoetbal.”

Vera Pauw.

‘Niemand zal mij accepteren in het mannenvoetbal’. Wat een pijnlijke constatering… Pauw spreekt hier eerlijk en open over een feit waar veel vrouwen diep van doordrongen zijn. Ze kunnen wel proberen iets te doen buiten hun ‘eigen terrein’, maar meestal stuiten ze dan op veel weerstand en ophef. Misschien klinken er wel mooie woorden, maar ondertussen accepteren de insiders hen niet. Vrouwen blijven meestal buitenstaanders, die je makkelijk op kunt offeren.

Pauw illustreert dat even verderop nogmaals, als het gaat om vrouwen in posities met macht:

Wat ik heel vaak heb gezien is dat bij bedrijven een vrouw ergens op een toppositie wordt neergezet, een tijdje later wordt er dan over haar gezegd dat ze ‘communicatief niet vaardig’ is en dan komt er weer een man op die positie. Let maar op hoe vaak er wordt gezegd dat een vrouw niet ‘communicatief vaardig’ is. Terwijl algemeen bekend is dat vrouwen juist communicatief vaardiger zijn dan mannen, tenminste als we al die boeken daarover mogen geloven.’

Voor vrouwen is dit Weten fnuikend voor de ambitie. Je moet bijna een kamikazepiloot zijn om onder die omstandigheden te proberen iets te bereiken buiten de geaccepteerde bezigheden van moeder, huisvrouw en werkneemster met een bescheiden baantje om. Waar mannen ongestoord hun ding kunnen doen – ,,Voor de carrière van mannen maakte hoog scoren op self-monitoring trouwens niet uit” – moeten vrouwen spitsroeden lopen.

De sociale druk om je te conformeren aan voor vrouwen geldende normen is groot, en veel vrouwen geven tenslotte toe. Ze trekken zich terug, geven het op. Waarna smalende artikelen volgen van het type ‘zie je wel, ze willen zelf niet, ze kunnen het niet, ze hebben geen ambitie’. Ondertussen blijkt uit onderzoek keer op keer dat vrouwen vooral stuklopen op vooroordelen en onbewuste mechanismen waarbij mannen mannen benoemen.

Gegeven die omstandigheden kiest Pauw er bewust voor om in het vrouwenvoetbal actief te blijven. Dan kan ze tenminste op haar eigen, hoge, niveau werken, weet ze. Maar helaas heeft ook die keuze nadelen. Je wordt onherroepelijk geconfronteerd met minachting: vrouwen en het vrouwelijke hebben geen status.

Ook in het vrouwenvoetbal is dat pijnlijk zichtbaar. Pauw’s Zuid-Afrikaanse voetbalteam kreeg bijvoorbeeld nauwelijks aandacht:

“Zeilen dan maar”, sluit presentator Jeroen Stomphorst de abrupt eindigende reportage ongemakkelijk af. Vrouwenvoetbal op leven en dood, in vier schamele minuten de huiskamer ingeslingerd. Het bord op mijn schoot blijft onaangeroerd, terwijl Studio Sport vrolijk verder rolt.

Vrouwenvoetbal algemeen kan vooral rekenen op desinteresse of openlijk gegniffel, en uiteraard een chronisch gebrek aan geld of andere investeringen. Terwijl iedere oefenwedstrijd van de mannen op prime time de Nederlandse huiskamers binnen rolt, en prof-spelers miljoenen euro’s vangen voor hun verrichtingen, moet je voor een uitzending van wedstrijden vrouwenvoetbal veel moeite doen. Je komt eerder ‘vrouwenvoetbal in lingerie’-toestanden tegen dan een serieuze wedstrijd.

Vrouwen zoals Vera Pauw, die in een karige, schrale wereld vol slechte opties toch nog de voor hen beste keuze maken, doorzetten, de minachting incasseren en proberen te blijven doen wat bij ze past, verdienen alle steun en alle bewondering.

Gender ontkennen werkt averechts bij aanpak huiselijk geweld

De ‘genderneutrale’ aanpak van huiselijk geweld in Nederland gaat in werkelijkheid gebukt onder vooroordelen en stereotypen. Dat blijkt uit een genderscan, uitgevoerd in opdracht van de rijksoverheid. Onder andere de mythe dat de emancipatie in Nederland zou zijn voltooid, blijkt een schadelijk effect te hebben. Daardoor zien hulpverleners en politie de effecten van machtsverschillen over het hoofd en classificeren ze zaken te snel als gevallen van wederzijdse agressie, waarbij de man en de vrouw beiden even schuldig zouden zijn aan huiselijk geweld. Verschillende organisaties pleiten er nu voor dat gender terugkeert als factor in de aanpak van deze vorm van intieme terreur.

De genderscan signaleert onwil om in termen van gender te denken. Daardoor ontstaan misvattingen, vooroordelen en impliciete aannames, die een nadelig effect hebben op de aanpak van huiselijk geweld. Hoe komt dat?  Op bladzijden 48 en 49 van het rapport noemen de onderzoekers een aantal oorzaken. Het is de moeite waard de tekst in z’n geheel te citeren:

  • een verkeerde interpretatie van de systeemgerichte benadering. De nadruk die wordt gelegd op ieders rol in de systeemdynamiek en op het belang van meervoudige partijdigheid, kan ertoe leiden dat hulpverleners abusievelijk gaan denken dat beide partijen verantwoordelijk zijn voor het geweld.

  • een gebrek aan kennis over gendergerelateerde oorzaken van partnergeweld. Dit zou worden versterkt doordat de laatste jaren ook in prevalentie-onderzoek mannelijk slachtofferschap en vrouwelijk plegerschap is benadrukt en niet altijd genuanceerd weergegeven.

  • eigen referentiekader van (vrouwelijke) hulpverleners: zij zijn vaak zelf hoogopgeleid en voelen zich geëmancipeerd. Vanuit dat referentiekader hebben ze moeite om afhankelijkheid en rolpatronen te herkennen als motiverende factoren voor het gedrag van vrouwelijke slachtoffers van partnermishandeling.

In het verlengde hiervan noemen respondenten ook de maatschappelijke visie op vrouwenemancipatie in Nederland. Die zou zijn voltooid, wat maakt dat gender niet meer wordt (h)erkend als relevante factor in het ontstaan en voortduren van partnergeweld. […]

De moeite die het kostte om gendergerelateerde aspecten op tafel te krijgen, lijkt niet samen te hangen met de (door uitvoerders ervaren) relevantie van deze aspecten, maar eerder met een soort onwil om in termen van gender te denken. […] 

In de uitvoering bestaat het beeld dat systeemgericht werken en een gendersensitieve aanpak elkaar uitsluiten. Dat beeld is gebaseerd op het idee dat gendersensitief werken hetzelfde is als het ‘ouderwetse’ seksespecifieke werken vanuit de vrouwenhulpverlening, met alleen maar aandacht voor de vrouw als slachtoffer. Men heeft moeite omgendersensitief te onderscheiden van seksespecifiek.

Het komt erop neer dat mensen het niet meer willen hebben over gender. Het gaat om een hardnekkige weerstand tegen ‘feministisch denken‘, iets waar dagblad NRC in 2007 ook al over schreef, onder andere omdat de emancipatie voltooid zou zijn (bedankt, minister de Geus en Mars en Venus denkers!) en omdat iedereen zelf verantwoordelijk zou zijn voor zijn of haar eigen situatie.

Juist vanwege die mentaliteit kunnen seksistische praktijken en machtsongelijkheid in het verborgene door blijven etteren. De effecten daarvan tref je overal aan. Neem bijvoorbeeld een officieel verhaal op de site van de gemeente Edam-Volendam. Daarin gaat het in een op zich al kort stuk ruim drie alinea’s lang over vrouwen en de manier waarop die agressie uitlokken en verergeren. Met passages als:

Een vrouw doet vaak iets waardoor het geweld op gang wordt gebracht, maar heeft daar geen erg in. Zo kan ze een ruzie de verkeerde kant opsturen. Als hij bijvoorbeeld voelt dat het misgaat en wegloopt om af te koelen, loopt zij hem achterna en verwijt hem dat hij altijd wegloopt. Dan maakt ze de situatie alleen maar erger. Een ander voorbeeld gaat over een vrouw die haar man steeds ‘zeikerd’ noemde. Haar man flipte daar helemaal op en zij wist dat niet. Het scheelt al een stuk als ze dat woord niet meer gebruikt. ’’Karen: ,,Veel vrouwen weten niet hoe ze overkomen. Hoe ze iets doen en hoe dat anders kan.”

Pas helemaal onderaan het artikel volgt een korte alinea met de opmerking dat mannen natuurlijk ook anders met conflicten om moeten gaan. Phew, fijn dat de gemeente dit nog even meeneemt in een verhaal vol zeurende, provocerende vrouwen die te dom zijn om te snappen dat ze zelf huiselijk geweld uitlokken. Het lijken de Verenigde Staten wel.

Als je zo denkt over de rol van man en vrouw bij huiselijk geweld, en daarbij gelooft in de mythe van de voltooide emancipatie, is het niet zo vreemd dat beleidsmakers en hulpverleners de plank veelvuldig mis slaan in de aanpak van deze vorm van systematische agressie.

Om het nog erger te maken sluiten de betrokkenen zichzelf af van de inzichten en ervaringen uit de vrouwenhulpverlening, vanwege nog meer vooroordelen: die seksespecifieke aanpak zou draaien om ‘de vrouw als slachtoffer’. Veel mensen reageren vervolgens allergisch op dit idee. Ze staan er niet bij stil dat iemand feitelijk wel degelijk slachtoffer kan zijn, en niet zomaar de stap kan maken van slachtoffer naar overlever. De uitvoerders verwarren bovendien ‘het analyseren van systematisch onrecht’ met ‘zeurende feministen die zwelgen in slachtofferschap’. Nou nee, beste mensen. Da’s de boodschapper de schuld geven.

Al met al is de huidige, zogenaamd genderneutrale, aanpak van huiselijk geweld juist doordrenkt van niet erkende gendervooroordelen. Het ontbreekt aan alertheid op rolpatronen, machtsongelijkheid en de socialisering van mannen en vrouwen, waardoor met name vrouwen in de knel komen. Die lopen een te groot risico om de schuld te krijgen van haar eigen mishandeling, en/of verantwoordelijk gesteld te worden voor situaties waarin ze weinig zeggenschap had.

Daar moet verandering in komen, en het rapport geeft daar ook adviezen voor. Hopelijk luisteren gemeente, rijk, politie en hulpverlening daar naar en lezen ze de genderscan nauwkeurig. Want huiselijk geweld is een genderprobleem. Waar vrouwen onevenredig vaak het slachtoffer van worden. En dat moet stoppen.

Mensen liegen tegen vrouwen bij onderhandelingen

Heb je de vrouwelijke sekse en moet je onderhandelen? Succes! Naast allerlei andere uitgebreid onderzochte en goed gedocumenteerde mechanismen waarbij vrouwen structureel nadeel ondervinden van hun sekse, blijkt ook nog eens uit onderzoek dat mensen routinematig tegen vrouwen liegen tijdens onderhandelingen. Daarnaast kregen alleen mannelijke proefpersonen tijdens onderhandelingen vertrouwelijke informatie, waar ze daarna hun voordeel mee konden doen.

Mensen blijken tijdens onderhandelingen vier keer zo vaak tegen een vrouw te liegen, dan tegen een man. Mannen vertelden slechts in 3% van de gevallen leugens aan een andere man, maar als ze een vrouw tegenover zich hadden, steeg het percentage leugenaars naar 24%. Vrouwen lopen daardoor meer risico om een kat in de zak verkocht te krijgen.

De studie had nog een andere opvallende uitkomst. Tijdens het onderzoek gaven onderhandelaars mannen soms waardevolle informatie. ‘Eigenlijk mag ik dit niet zeggen, maar….’. Mannen verkregen zodoende voordeel (kennis is macht). Geen enkele onderhandelaar gaf een vrouwelijke proefpersoon soortgelijke insiders informatie. Deze speciale voorkeursbehandeling was voorbehouden aan de mannelijke proefpersonen.

Waarom dat gelieg tegen vrouwen? Het blijkt dat mensen mannen als competenter en slimmer beschouwen, en daarom vaker eerlijk blijven. Komen ze echter een vrouw tegen, dan steken vooroordelen de kop op. Type ‘vrouwen weten toch niks van auto’s’, dus kun je ze een verrot aanbod doen. Bovendien blijken mensen bij vrouwen minder bang te zijn voor de gevolgen als ze door de mand vallen als leugenaar. Mannen? Die pakken je keihard terug. Vrouwen niet. Die blijven vriendelijk en tonen zich vergevingsgezind, aldus de redenatie.

De uitkomst van deze studie onderschrijft nog eens hoe lastig onderhandelen is voor vrouwen. Hoofdonderzoeker Laura Kray:

It explains why it’s not so easy to ‘lean in’ all of the time,” Kray said. “Women are leaning in and navigating many more land mines than men are.

Vrouwen zijn niet gek. Ze willen de voor hen meest gunstige uitkomst. Dat betekent vaak/soms dat ze afzien van onderhandelen. En als ze toch onderhandelen, proberen ze van tevoren zoveel mogelijk risico’s in te calculeren en er een antwoord op te vinden, zodat ze er zonder al te veel kleerscheuren vanaf komen. Daarom is dit onderzoek handig. Vrouwen weten nu dat ze bij al het andere ook nog moeten incalculeren dat de ‘tegenpartij’ tegen ze liegt, en hen geen voordeeltjes gunt in de zin van handige weetjes en vertrouwelijke informatie. Ga er maar aan staan.

Onderbuik van Nederland hoont Van Miltenburg weg

De Telegraaf is er als de kippen bij om de poorten open te zetten voor kritiek op Van Miltenburg. De kamervoorzitter kwam in de problemen toen het CDA haar er in een debat van beschuldigde dat ze de discussie op een oneerlijke manier stuurde. Ze reageerde kort en schorste daarna de vergadering voor vijf minuten. De kop dat ze ‘ongeschikt als kamervoorzitter‘ zou zijn, zorgt ervoor dat de discussie meteen al een gekleurde aftrap krijgt.

Eerder had het NRC, ook een conservatief bolwerk, haar gedrag in een kop al een kamervoorzitter onwaardig genoemd. En HP/De Tijd riep ‘stop er toch mee’. De stemming zit er goed in. In dat klimaat is het niet zo vreemd dat er naast min of meer ter zake doende kritiek, ook allerlei seksistische geluiden klinken. Die hatelijke ondertoon zit ‘m onder andere in reacties van onderstaand type:

Van Miltenburg heeft een hoog koeieneergehalte en als ze dan terechtgewezen wordt gaat ze jankerig pruilen. Niet geschikt dus.

in een situatie als deze is het de vraag of de voorzitter van de kamer wel genoeg overwicht heeft. Op de aanval die er gegeven werd had deze krachtig en cordaat het kamerlid van rubliek dienen te geven.

Het is een schat van een vrouw maar ik denk dat het voorzitterschap te hoog voor haar gegrepen is. Er zijn nog genoeg andere mooie baantjes voor haar in de politiek te doen die minder emotionele druk geven voor haar…..!

laat deze huisvrouw maar gewoon doen waar ze goed in is en lijstduwer worden van de partij

Het moest perse weer een vrouw worden, een vrouw die belerend toespreekt, personen en partijen op de vingers wil tikken en een vrouw die niet neutraal blikt in haar handelen. Buma heeft gelijk met zijn bewering dat zij het debat stuurt en daarbij duidelijk aantoont NIET neutraal te kunnen handelen.

weglopen als je iets te horen krijgt wat je niet bevalt,doe je werk mevrouw en vat niet alles persoonlijk op

Mevrouw is aardig; dat zijn gelukkig zoveel mensen. Ze is compleet ongeschikt als kamer voorzitter en moet snel de eer aan zichzelf houden. Stoppen dus ! De zoveelste binnen de VVD die op basis van “aardig zijn” beloond moest worden met een mooie functie.

Dit soort opmerkingen krijgen vrouwen in leidersrollen verdacht vaak naar hun hoofd geslingerd. We komen het bekende rijtje tegen: te aardig. Te emotioneel. Geen overwicht. Vat zaken te snel te persoonlijk op. Pruilen. Janken. Gebruikt de verkeerde toon, in dit geval onder andere belerend en koeionerend. Weglopen (nogmaals: Van Miltenburg schorste de vergadering kort, kwam terug en zette de vergadering daarna weer voort).

Het seksisme is zowel expliciet als impliciet. Neem de kwalificatie huisvrouw. Ooit een mannelijke politicus weggezet horen worden als huisman? Ook het verwijt dat het per se een vrouw moest worden (met impliciet het vervolg ‘en zie wat er van komt’) is behoorlijk hatelijk. Zo’n opmerking doet geen recht aan de openbare, democratische verkiezingsprocedure voor de functie van kamervoorzitter.

Impliciet seksisme ligt lastiger, want het is subtieler en dus moeilijker hard te maken voor mensen die vantevoren al bedacht hebben dat er niks aan de hand is. Maar geloof ons, een beetje kritische vrouw herkent seksisme als ze het hoort of ziet. Laten we PvdA-voorman Diederik Samson eens nemen. Die reageerde recent ook nogal emotioneel toen iemand hem verweet koehandel te bedrijven met illegalen. Toch noemt niemand hem onbekwaam en er volgden ook geen oproepen om op te houden, omdat hij emotioneel zou zijn of ‘het’ zich te persoonlijk aantrekt.

Ook woorden als ‘schat van een vrouw maar ik denk dat het voorzitterschap te hoog voor haar gegrepen is’, zijn tenenkrommend neerbuigend. Het klinkt positief, maar eigenlijk wordt Van Miltenburg hier met een paternalistisch kneepje in haar wang naar huis gestuurd. Zoet maar meisje, ga jij maar thuis verder pruilen en janken. Dan stop je tenminste met anderen koeioneren.

Van Miltenburg zelf maakt zich helaas kwetsbaar voor die seksistische ondertoon, door in het openbaar te verklaren:

Van Miltenburg zei achteraf dat ze zeer geraakt was door de opmerking van Buma. ‘Ik was geraakt in mijn integriteit. Dan ga je bij mij grenzen over. En ik heb wat heel veel vrouwen hebben als er wat gebeurt. Dan ga ik helaas huilen. Andere gaan gooien met dingen maar ik ging huilen.’

Zo’n opmerking is gevaarlijk in een wereld die met twee maten meet. Op zich is huilen ok. Het overkwam Diederik Samson. Hans Wiegel. Jan Pronk. Enneüs Heerma. Maar toen Karin Adelmund een keer vol schoot, voelde ze zich meteen opgelaten:

Ze putte er kracht uit, maar had ook gêne dat het haar overkwam. ,,Wat jammer dat ik het ben en niet een man. Laat nou toch eens een man janken”, had ze op dat moment bedacht, zo vertelde ze later in een interview.

Want een huilende man is krachtig. Maar een huilende politica? Zwak. Adelmund maakte haar opmerking niet voor niets. Ze had, vanwege haar linkse vakbondsachtergrond, kennis van het feminisme en was zodoende alert op dit soort mechanismen. Tegenwoordig menen we echter dat seksisme niet meer bestaat en dat gender er niet toe doet. Daardoor kunnen mensen onderschatten hoezeer seksisme ondergronds door broeit en discussies kleurt, op een manier die schadelijk is voor vrouwen.

Misschien moet Van Miltenburg er eens een goede feministische machtsanalyse bij halen. Dan kan ze de machocultuur van de politiek beter doorgronden, en zichzelf wat makkelijker een houding geven. Nog beter: misschien krijgen we op een gegeven moment eindelijk een politieke cultuur waarin vrouwen wat ruimte krijgen. We zijn er met ons allen verdacht snel bij om een vrouw in een verantwoordelijke, openbare functie te diskwalificeren op een manier die mannen niet tegenkomen. Verwijten van het type ‘een te aardige, te emotionele huisvrouw’ geven echt te denken.

Bigelow bedreigt de jongensclub, krijgt Gillard-behandeling

Wat hebben de Australische premier Julia Gillard en regisseuze Kathryn Bigelow met elkaar gemeen? Beide zijn doorgedrongen tot de jongensclub, beiden vormen een bedreiging voor de status quo, en in beide gevallen krijgen deze succesvolle vrouwen te maken met een lastercampagne, waarbij mensen genadeloos gebruik maken van zeer specifieke seksistische technieken. Verwijten en voorstellingen van zaken waar ze mannen nooit mee lastig zouden vallen.

Anne Summers gaf in haar lezing voor de universiteit van Newcastle een goede analyse van de behandeling die Gillard te verduren krijgt. Zie in dat stuk alle voorbeelden met bijbehorende analyse inzake Gillard. Ja, ze is een politica, politici moeten erop voorbereid zijn dat ze politieke tegenstand ondervinden en aangevallen worden. Maar Gillard kreeg er veel harder van langs dan mannelijke collega’s, omdat ze een vrouw is:

Other prime ministers have changed policies or gone back on promises.  Paul Keating did not proceed with the L-A-W tax cuts.  John Howard introduced a GST. Both were accused of backflips and of breaking promises.  Neither was ever called a “liar”. The term “Juliar” seems to have been coined by broadcaster Alan Jones and quickly adopted by opponents of Gillard.  It featured prominently on banners at a rally protesting the carbon tax that took place in Canberra in March 2011. The so-called Convoy of No Confidence rally in Canberra was the first time t[…] we saw her referred to as “Bob Brown’s bitch” and it was the first time we saw the slogan, “Ditch the Witch”.

Heks, bitch, leugenaar – het zijn allemaal verwijten die specifiek tegen vrouwen gericht zijn die afwijken van de norm. Scheldwoorden om ze terug in hun hok te slaan. Bij Gillard kwam daar ook nog bij dat ze geen kinderen heeft. Ze kreeg zodoende naar haar hoofd geslingerd dat ze onvruchtbaar was – ooit een mannelijke politicus om de oren gemept horen worden omdat hij geen kinderen heeft verwekt? Daardoor zou ze kil en ongevoelig zijn en geen begrip op kunnen brengen voor ‘gewone’ Australiërs, dat wil zeggen heteroseksuele stellen met kinderen.

Voor Bigelow is het de site Women&Hollywood die de vinger op de zere plek legt met het stuk ‘Seksisme dringt door in de Oscar Campagne.’ Want bij haar treden precies dezelfde mechanismen in werking. Ze heeft groot succes met haar recente films, zoals The Hurt Locker (Oscar) en Zero Dark Thirty (drie prijzen bij de New York Film Critics Awards). In plaats van ‘Bob Brown’s Bitch’ heet het nu dat Bigelow zichzelf op de tweede plaats stelde en alle touwtjes in handen gaf van haar mannelijke scenarioschrijver, met wie ze al dan niet een relatie had of heeft. Ze is zeg maar Mark Boal’s bitch. Seksistische laster, want:

The article […] says that Mark Boal was basically the co-director and that Kathryn Bigelow defered to him.  It also talks about how she was model, and tells a story of date she rebuffed, and the fact perplexing fact that no one can figure out the relationship between Bigelow and Boal.  Are they dating?  Did they date?  Like who the fuck cares?  No one talks about male directors this way.  No one talks about them being models and the fact that they are pretty.  Because being a male director is not about how you look.  It’s about your work, and that’s what it should be for Kathryn Bigelow.

Maar zover is het dus nog lang niet. Want net zoals Gillard de eerste vrouwelijke premier van Australië is, zo is Bigelow een van de weinige vrouwen die groot is geworden als regisseur. Het ontbreken van een kritische massa regisserende vrouwen maakt dat ze de rare eend in de bijt is:

She’s a round peg in a square hole.  After a diverse and to be honest at times lackluster career, she hit one out of the park and now has another home run.  That’s not supposed to happen.  As Anne Thompson said on Oscar Talk today, “a woman director of power is threatening to the male power structure.”  And this woman is threatening to burn their fucking house down.

Dat kan niet. Ze is een vrouw!! Wie ze is leidt zodoende tot weerstand, waarbij mensen haar sekse en uiterlijk gebruiken als wapen om haar te diskwalificeren. Onder andere schrijver Bret Easton Ellis maakte zich daar aan schuldig:

Wat Bigelow doet stuit ook op weerstand. Critici struikelen onder andere over de rol die martelingen spelen in Zero Dark Thirty. Een film over de CIA en de jacht op Bin Laden gaat, gezien de strategie van de Verenigde Staten, al snel over martelingen. Bigelow zou met haar film marteling goedkeuren, luiden de beschuldigingen. Okeeee… Waar waren die verwijten toen televisieserie 24 over de schermen rolde? En Unthinkable? Die film lijkt wel één lange martelscène, maar die inhoud werd niet gebruikt om de regisseur neer te sabelen. Dat lijkt voorbehouden aan Bigelow, dat enge wijf.

Net zoals bij de haat die Gillard te verduren krijgt, hangt er een soort van taboe – stilzwijgen rondom de behandeling die Bigelow krijgt. Net als Anne Summers deed in haar lezing, doorbreekt Women&Hollywood met deze analyse het stilzwijgen en stelt expliciet, luid en duidelijk, wat er speelt:

Kathryn Bigelow and her film Zero Dark Thirty are the recipients of what is referred to a “whispering campaign.”  To me there is nothing quiet about it.  It is loud and clear and smells like shit.

Bewustwording, aandacht schenken aan het seksisme, en zeggen ‘het stopt hier, bij mij’. Dat is wat je eraan kunt doen en dat is waarom de Zesde Clan hier aandacht aan geeft. Want kritiek is prima, maar we pikken het niet meer als mensen neergesabeld worden puur en alleen vanwege hun zwarte huid. Dan zouden we het ook niet meer moeten pikken dat mensen bekritiseerd worden vanwege hun vrouwzijn. Dat niet meer doen is een teken van beschaving. Goed voornemen voor 2013?

UPDATE: De veelal blanke mannelijke leden die bepalen wie voor welke Oscar genomineerd wordt, besloten Bigelow te negeren. Zij maakt geen kans op een Oscar voor beste regisseur. Ophef volgde. Haten die lui vrouwelijke regisseurs? vraagt de International Business Times zich af. Tsja….

Sterke personages doen effect negatieve behandeling teniet

Televisieshows gaan soms ruig om met hun vrouwelijke personages. Pogingen tot verkrachting, seksuele intimidatie, de vrouw als seksobject, het komt allemaal langs. Recent onderzoek wijst echter uit dat het uitmaakt welk soort vrouw dit geweld overkomt. Voert de serie haar op als een sterk, zelfstandig personage, dan doet dit positieve beeld de effecten van de denigrerende behandeling voor een groot deel teniet.

Onderzoekers noemen dit al het Buffy effect, naar de sterke vrouwelijke hoofdpersoon van de serie Buffy the Vampire Slayer. Buffy neemt geen blad voor haar mond, is zeer weerbaar, deelt klappen uit en incasseert ze. Vanwege die sterke indruk houden kijkers een positief beeld van haar, ook als ze in meer of mindere mate het slachtoffer wordt van nare acties van andere personages. Personage, karakter, is wat dat betreft veel belangrijker dan het verhaal van de aflevering.

Daarbij valt op dat mannelijke en vrouwelijke kijkers voor een deel verschillend reageren. Als (seksueel) geweld personages raakte die eerst afgeschilderd waren als onderdanig en afhankelijk, werden vrouwelijke kijkers angstig terwijl mannen zich prima bleven voelen. Draaide het om een als sterk en onafhankelijk gekarakteriseerd personage, dan reageerden vrouwelijke kijkers juist positief. Dat positieve effect was bij mannen iets minder sterk, maar ook zij behielden hun respect voor de vrouw:

Males who watched sexually violent shows with submissive female characters reported more negative attitudes about women than the control group. This effect did not occur for men who watched shows with powerful women. […] The researchers suggest this may be because “depictions of women reawaken negative stereotypes that some men hold about women, whereas positive depictions challenge these stereotypes.”

Kijk eens aan…. We kunnen meer sterke voorbeelden goed gebruiken. Kom maar op met meer Buffy’s! En laat die in de schemering rondzwalkende onderdanige en zwakke Bella’s maar zitten, want die geven vrouwen een slechte naam en dwarsbomen decennia lange harde arbeid van feministen.

De genadeloze focus op de single vrouw

Wat een bijzonder leuk toeval. Een artikel in het NRC over ongetrouwde hoogopgeleide vrouwen, met als teneur ‘vrouwtjes, als jullie niet inbinden kom je nooit aan de man’. Tegelijkertijd publiceerde een Engelse krant een artikel die dit type berichtgeving radicaal naar de prullenbak verwijst. De onderliggende boodschap aan vrouwen is namelijk altijd dat ze té zijn. Te hoog opgeleid, te geëmancipeerd, te veeleisend. Ze  moeten trouwen en genoegen nemen met minder. En dat is seksistisch, lieve lezers.

Die goeie ouwe tijd, toen je niks te kiezen had……

Het NRC zet de toon al meteen met de kop. Vrouwen wees gewillig, want geschikte mannen zijn schaars. Oei! Dit gaat naadloos over in de volgende intro:

Emancipatie heeft een prijs. Jonge vrouwen die in de grote stad gaan studeren, merken het op college en in de kroeg: mannen met dito kenniskapitaal zijn, anders dan voorheen, in de minderheid. Voor de hoogopgeleide man een prettig uitgangspunt, want zij kunnen weer de seksuele mores bepalen.

Vrouwen krijgen in drie zinnen twee keer straf van het NRC. Best knap! Eén keer omdat ze het waagden te emanciperen – waarbij de schrijver, Steven de Jong, niet uitlegt wat dat volgens hem inhoudt, emanciperen. Het moet echter iets heel naars zijn, want je betaalt er een prijs voor. En een tweede keer omdat ze vaker dan mannen een hoge opleiding heben. Dit is een schoolvoorbeeld van vooruitgang voor vrouwen beschrijven in termen van falen.

Om te voorkomen dat iemand de auteur van seksisme kan betichten, citeert hij daarna een aantal mensen. Niet zomaar willekeurige mensen, nee, alleen zij die de constructie ‘hoog opgeleide vrouw als probleem’  onderschrijven. Die vrouwen blijven alleen en beweren dat ze dat prima vinden. Ja ja. Ze wijzen mannen af ‘omdat die naar koekjes ruiken’. Nou jaaaa, hoe durft ze, dat loeder.

Nee, dan Rusland. Daar heerste na de tweede wereldoorlog ook een mannentekort. En hoe ging het daar destijds? Vrouwen kenden hun plek toen nog. Die vonden dat ze goed zaten als ze een man troffen die geen alcoholist was en hen niet sloeg. Ah ja, fijn, die nostalgie naar vroeger, toen alles beter was. Daar kunnen die hoogopgeleide vrouwen het mee doen. Ze moeten een man scoren, want dat is het enige wat telt.

Tamara Winfrey Harris signaleert in The Guardian dat dit discours niet beperkt blijft tot hoogopgeleide blanke vrouwen. Zwarte- en moslimvrouwen moeten dezelfde boodschap aanhoren. Winfrey moet hier niets van hebben:

While race and religion have their parts to play in the narrative, what is truly at work here is sexism: the sexist way society views a woman’s role in romantic entanglements. A woman’s worth comes from being chosen, not choosing. Men will be men, so it is believed; as women, our focus should be on adapting to men, notdemanding partners who fulfill our needs. This is a view that transcends race and religion.

O help, snel, een alcoholistische man die me slaat! Alles is beter dan geen man!

Het leuke van dit soort stereotiepe verhalen over de alleenstaande vrouw als probleem is, dat de auteurs vaak zelf hun eigen sprookje ondermijnen in hun eigen stuk. Zo ook bij de opsteller van het NRC-artikel. Meteen na de intro, waarin hij vrouwen op hun kop geeft vanwege te geëmancipeerd en te hoog opgeleid, meldt hij zelf al behulpzaam dat het overschot aan jonge hoogopgeleide vrouwen alleen zichtbaar is in een beperkt aantal steden.

De basis voor het artikel blijkt dus een paar steden te zijn en dat is het dan. Huh??? Ja, legt De Jong uit, in andere grote steden, zoals Eindhoven, domineren exacte opleidingen. Daar wonen juist meer hoogopgeleide mannen dan vrouwen.

Wacht, stop de pers! Dus daar kunnen vrouwen de seksuele mores bepalen? Waarom lezen we daar niks over? En waarom zouden mannen of vrouwen altijd hetero zijn? Hoe zit het met lesbiënnes? De kop had ook kunnen zijn ‘Amsterdamse lesbiënnes wanen zich in paradijs’. Of ‘Eindhovense homo’s kampen met keuzestress’ vanwege het grote aanbod jonge goed opgeleide mannen.  Maar dat lezen we niet.

Het stuk roept nog meer vragen op. Wat houdt een hoog opgeleide vrouw tegen om via internet te daten, of naar Eindhoven te reizen als daar zoveel hoogopgeleide mannen rondlopen? Hoe zit het met het platteland? Blijven daar alle laag opgeleide mensen zitten? Hoe pakken die mannen en vrouwen de jacht op partners dan aan?

Waarom zou je de status van alleenstaande trouwens willen beschrijven in termen van ach en wee? Die fundamentele vraag blijft buiten beeld. Plus, als je dat al wil doen, waarom is single zijn dan voornamelijk een probleem waar vrouwen mee zitten? Da’s een dubbele moraal, De Jong…. Helaas. We lezen er niks over. Niet gehinderd door feiten of logica schept De Jong op een kunstmatige manier voor een  kunstmatig afgebakende groep vrouwen een kunstmatig mannentekort. Het resultaat is onlogisch en onsmakelijk.

NRC, je leek altijd zo’n goede krant. Wil je dit asjeblieft nooit meer doen?

De Gereedschapskist: gendered innovations

Farmaceutische bedrijven testen nieuwe pillen meestal alleen op mannen. Het gevolg: van de tien medicijnen die de Verenigde Staten van de markt moesten halen, kwam dat in acht gevallen doordat vrouwen er slecht op reageerden, merkte de Stanford University. Lees: hun gezondheid liep gevaar. Het is vanwege dit soort praktijken van het allergrootste belang dat onderzoekers gender meenemen in het opzetten en uitvoeren van studies. Om wetenschappers daarbij te helpen werkte de universiteit mee aan de site Gendered Innovations.

De site biedt een stappenplan om in iedere fase van een onderzoek gender en geslacht mee te nemen. Dat begint vanaf het begin. Hoeveel middelen zijn er beschikbaar, waar zet je geld en personeel op in, hoe stel je prioriteiten? En eindigt met de manier waarop je je resultaten wereldkundig maakt. De site geeft talloze voorbeelden om concreet te maken waar je aan kunt denken als je het stappenplan volgt. Bijvoorbeeld bij het formuleren van de onderzoeksvraag:

What research questions would lead to more robust research designs and methodologies? For example, in studies of sexual differentiation, geneticists have revealed the shortcomings of scientific models that portrayed the female developmental pathway as “passive.” By challenging assumptions of passivity, researchers formulated new questions about the ovarian developmental pathway. New findings now suggest that both female and male development are active, gene-mediated processes.

Met andere woorden: stereotiepe aannames over mannen en vrouwen kunnen zomaar in je onderzoeksvraag sluipen, en dat zorgt ervoor dat je niet ziet wat er gebeurt en ontdekkingen mist. Dat zou jammer zijn.

Om het makkelijker te maken de methode te volgen, ontwikkelde de site een aantal checklists. Die van wetenschap algemeen is nog in voorbereiding, maar onderzoekers op het gebied van de medische wetenschap en gezondheidszorg kunnen al aan de slag. Wie inspiratie op wil doen, kan terecht bij diverse voorbeelden.

Bijvoorbeeld knieprotheses. Fabrikanten brachten speciale modellen voor vrouwen op de markt, maar door te kijken naar gender bleek dat die speciale vrouwenprothese nergens op sloeg. Iemands lengte en de vorm van de botten waren veel belangrijker dan geslacht, en een ‘ vrouwenknie’ paste soms beter bij een man dan bij de vrouw waarvoor het ding bedoeld was. Kortom, het was beter om gender volledig los te laten en per individu een passende prothese te vinden. En daar waren de wetenschappers nooit op gekomen als ze niet kritisch en open naar de realiteit hadden gekeken.