Tag Archives: vonnis

Arabische Lente gaat over in winter

Egyptische legerartsen die gearresteerde vrouwelijke demonstranten onderwierpen aan een ‘maagdelijkheidstest’ – in feite verkrachting met een of meer vingers – gaan vrijuit. Volgens een militaire rechtbank in de Egyptische hoofdstad Cairo vonden zulke tests nooit plaats. Het oordeel is een klap in het gezicht van vrouwen, en zeker ook van de vrouwen die de zaak aanspanden. Het vonnis is in tegenspraak met een bekentenis van het militaire bestuur, dat bevestigde deze tests wél voorkwamen.

Samira Ibrahim pikte het niet dat een legerarts haar molesteerde en was een van de vrouwen die de zaak voor de rechter bracht.

Eén van de Epyptenaren die de artsen aanklaagden, Samira Ibrahim, had de moed om via The Guardian te reageren. Volgens haar loopt de toekomst van vrouwen groot gevaar:

“I insist on getting my rights and will not leave it, no matter the cost. The future of Egyptian women is in danger,” she told the Guardian. The reason for this, Ibrahim believes, is that in post-revolution Egypt there are two powerful forces that stand to hinder the progress of women’s rights. “Now the Egyptian woman is violated from two sides, one is the military and the other are the Islamists,” she said.

Vrouwenorganisaties bereiden demonstraties voor om te protesteren tegen deze ontwikkelingen in hun land. In een persbericht laat Amnesty International weten de uitspraak van de militaire rechtbank te betreuren:

“Once again, the Egyptian military have failed women, particularly those like Samira Ibrahim, who have shown tremendous courage in challenging the military establishment in Egypt,” said Hassiba Hadj Sahraoui, Deputy Middle East and North Africa Director at Amnesty International. “This decision is not only a travesty of justice but further proof that cases of human rights abuses by the military should be dealt with in civilian courts.” Amnesty International called on the Egyptian military to respect a decision by an administrative court banning “virginity tests” and to ensure women who were forced to endure tests have access to justice and reparations.

Haat maakt goed debat over partneralimentatie onmogelijk

Na o.a. D’66 sluit ook de PVV zich aan bij het rijtje partijen die het recht op partneralimentatie drastisch in willen perken. De beladen manier waarop dit onderwerp in 2010 op de agenda kwam, en het haatdragende taalgebruik van partijen als de PVV, maken het echter lastig om feiten in het oog te houden en op een genuanceerde manier over deze kwestie te spreken.

Weet u het nog? In 2010 zocht een boze man de media op. Hij moest na zijn scheiding partneralimentatie betalen, was dat zat, en zocht de politiek op om iets aan zijn situatie te doen:

De rechter bepaalde na zijn scheiding dat Breet’s ex-vrouw maximaal zestien uur per week hoeft te werken en dat Breet de rest moet aanvullen. “Ik was 53 jaar toen ik ging scheiden en het was niet meer dan een hamerstuk. Ik wil best partneralimentatie betalen, maar vond duizend euro per maand meer dan voldoende”, zegt Fred Breet verbitterd. Zijn vrouw stopte met haar baan als administratief medewerkster toen ze kinderen kregen.

De ex-vrouw komt nergens aan het woord. Van haar weten we alleen dat Breet geen contact meer met haar heeft, en dat ze haar betaalde werk opgaf toen er kinderen kwamen. Dat betekent nogal wat. Breet heeft jarenlang geprofiteerd van haar onbetaalde werk als moeder en huisvrouw. Hij kon gewoon doorgaan, zij hikte na de scheiding aan tegen een gat in haar cv en een groot gebrek aan werkervaring. Plus, als Breet 53 was bij de scheiding zal zijn ex ook niet meer de jongste zijn. Dat is lastig want nogal wat werkgevers maken zich schuldig aan leeftijdsdiscriminatie.

Dat telt echter allemaal niet. Wat telt is de verbittering van Breet, het feit dat hij er last van heeft dat hij alimentatie moet betalen, en dat hij van die plicht af wil. Nauwelijks een jaar later kwamen verschillende partijen met voorstellen om het recht op partneralimentatie in te perken. De partijen zelf gebruikten neutrale termen, maar anonieme mensen gaven commentaren die aan duidelijkheid niets te wensen over lieten. Het wemelde van de beschuldigingen aan het adres van parasitaire vrouwen die het verdomden zelf aan het werk te gaan, liegen en bedriegen en ondertussen hun ex-man een poot uitdraaien.

Het lijkt erop dat de PVV dit beladen taalgebruik graag overneemt. De partij stelt zelf expliciet met het voorstel te komen na talloze klachten van mannen. Daarna gebruikt de partij de emancipatie van de vrouw tegen haar. Zij is nu gelijk aan mannen, stelt de PVV, dus het moet afgelopen zijn met de financiële steun. Maakt niet uit dat we nog steeds een zeer conservatief land zijn, waarbij vrouwen in een anderhalf verdienersmodel aan het kortste eind trekken. Dat zijn feiten die de partij het liefst negeert. Vervolgens komt er dit:

Het is helaas geen uitzondering dat partners een nieuwe relatie niet registreren zodat ze langer kunnen profiteren van hun alimentatie”, aldus Bontes, die mails heeft ontvangen van mensen bij wie het water aan de lippen staat. „Alimentatieverplichtingen kunnen grote financiële problemen hebben. Mijn voorstel is in de eerste plaats bedoeld om de mensen tegemoet te komen die jarenlang op een houtje moeten bijten om hun bankhangende partner te kunnen financieren.

Toe maar! Ze zijn niet alleen lui, maar liegen er ook nog eens op los. Als je dit zo hoort hebben we duidelijk te maken met Groot Onrecht. Weerloze arme mannen die we moeten beschermen tegen gemene exen die hen kaal willen plukken. Maar hoe zit het als je kijkt naar de harde feiten? Het enige wat dan overeind blijft is dat partneralimentatie meestal iets is wat de man betaalt aan zijn ex-vrouw.

Dat gebeurt echter lang niet altijd. Het CBS zette de cijfers voor 2009 op een rij en toont met harde cijfers aan dat rechters slechts in één op de zes gevallen partneralimentatie toekennen. Dat is minder dan twintig procent van het totale aantal scheidingen. Als het al gebeurt, gaat het in eenderde van de gevallen om relatief lage bedragen van onder de 400 euro per maand. Rechters houden namelijk rekening met de draagkracht van betrokkenen. Als je een hoog inkomen hebt, kan het bedrag oplopen.

CBS cijfers 2009, partneralimentatie.

Rechters kijken in alle gevallen breder dan alleen inkomstenplaatjes. Andere factoren spelen ook mee. Zo besliste een rechter in een bepaalde zaak dat een vrouw in principe alimentatie zou moeten betalen aan haar ex-man, omdat haar inkomen hoger was dan het zijne. De rechter onthief haar echter van die plicht. De man had haar tijdens het huwelijk mishandeld en verloor vanwege zijn agressieve gedrag zijn baan. Onder die omstandigheden vond de rechter het onrechtvaardig dat de man geld zou krijgen van zijn ex.

Ook kunnen rechters aanvragen om verlenging van de partneralimentatie weigeren. Dit gebeurde bijvoorbeeld in het geval van een redelijk op leeftijd zijnd stel, waarbij de vrouw vanwege het traditionele karakter van het huwelijk 27 jaar lang geen betaald werk had verricht. Na de scheiding zag zij zich in een moeilijke situatie geplaatst. Oud, weinig werkervaring, opleidingwas zwaar achterhaald, geen werkgever zat meer op haar te wachten. Ze vroeg verlenging aan van de partneralimentatie, maar de rechter oordeelde dat zij op eigen benen moest leren staan. De alimentatie eindigde.

Dit zijn belangrijke feiten. De emotionele, vrouwvijandige retoriek versluiert deze feiten echter en maakt een goed inhoudelijk debat kansloos. Onder andere dit commentaar van dagblad Trouw signaleert dit en pleit voor nuancering:

Economische afhankelijkheid van vrouwen hangt sterk samen met hun leeftijd; voor vrouwen op leeftijd kan het lastig zijn werk te vinden. Voor een succesvolle hervorming van de regelingen rond alimentatie is meer maatwerk nodig dan Bontes met zijn opmerking over bankhangende exen lijkt te suggereren.

Maatwerk is ook het toverwoord bij deskundigen, zoals juristen die zich bezig houden met familierecht. Die pleiten al sinds 2006 voor het flexibeler maken van partneralimentatie. Wat er ook gebeurt, na drie jaar zoek je het maar uit, is in hun optiek geen humane manier van doen. Ze pleiten voor het samen opstellen van een plan, waarbij om de zoveel tijd een evaluatie plaats vindt om te bekijken of de alimentatie kan stoppen of nog even door moet lopen:

Zo’n benadering stimuleert alimentatieverzoekers om minder afhankelijk te zijn van de ex-partner en eerder een eigen toekomst op te bouwen. De tijd is rijp voor een herziening van het alimentatiesysteem en de praktijk is gebaat bij een systeem dat gestoeld is op maatwerk.

Maatwerk is ook het motto van kenniscentrum E-quality, dat onderzoek deed naar de economische zelfstandigheid van vrouwen:

E-Quality wordt de laatste dagen vaak gevraagd of we vóór of tégen het voorstel van de PVV zijn om de duur van partneralimentatie na scheiding te verkorten van 12 naar 5 jaar. Onze boodschap is helder: E-Quality is vóór economische zelfstandigheid, maar vijf jaar partneralimentatie is niet voor iedereen genoeg.

Het zou politieke partijen sieren als zij hun weerzin tegen luie vrouwelijke exen in bedwang houden en de feiten tot zich door laten dringen. Dat komt de besluitvorming ten goede. Wie weet leidt het wel tot maatwerk!

Hoogleraar steunt universiteit Groningen

De Rijksuniversiteit Groningen handelde wel degelijk correct bij de benoeming van twaalf vrouwen tot ‘persoonsgebonden’ hoogleraar. Volgens Ben Sloot, specialist gelijke behandeling en zelf hoogleraar Rechtswetenschappen, zat de Commissie Gelijke Behandeling ernaast toen deze de handelswijze van de universiteit afkeurde. De CGB zou het Europese recht te beperkt uitleggen en onvoldoende rekening hebben gehouden met de afwijkende benoemingspraktijken binnen universiteiten.

Bijna alle hoogleraren zijn blank, man en boven de veertig. Dat is geen toeval.

Het opiniestuk van Sloot is het meest recente salvo in een voortdurend debat over discriminatie, gelijke kansen en de doorstroom van vrouwen naar banen met macht en status. Sloot stelt dat er wel meer mensen persoonsgebonden hoogleraar worden. Universiteiten nodigen voor zo’n functie meestal maar één persoon uit. Ook de RUG deed dat, met dit verschil dat ze alleen vrouwen benaderden. Ze zochten excellente wetenschappers. Van de zeventien vacante functies vervulde de universiteit er uiteindelijk twaalf. Dat hield absoluut niet in dat mannen opeens nergens waren:

In dezelfde periode dat de twaalf vrouwen werden benoemd als ‘persoonsgebonden’ hoogleraar, werden op de RUG vijftien mannen benoemd op ‘niet-persoonsgebonden’ hoogleraarposten. Daarbij was geen enkele vrouw. Dat bevestigt de wrange constatering van de universiteit zelf, dat mannen positief worden gediscrimineerd. Terecht kon het universiteitsbestuur daarom concluderen dat er voor mannen voldoende mogelijkheden overbleven om hoogleraar te worden.

Sloot vindt dat de CGB nog een keer goed moet kijken naar het oordeel en de basis waarop de commissie de handelswijze van de RUG afkeurde. Anders durft straks niemand iets te doen aan de systematische uitsluiting van talentvolle vrouwen:

Vanzelfsprekend moeten de uitspraken van het Europese Hof te goeder trouw worden uitgelegd. Maar dat betekent niet dat men de ogen moet sluiten voor de feitelijke werking van de selectieprocedures voor hoogleraren. Het zou de commissie sieren als ze aan die feiten het nodige juridische gewicht toekent. Dán zou de uitkomst een geheel andere zijn geweest. Het gevaar is nu groot dat deze uitspraak het signaal is voor universiteiten, en wellicht ook andere organisaties, om verder maar met de armen over elkaar te blijven zitten.

Die vrees is niet onterecht. De RUG hief onlangs een interne Universitaire Commissie Emancipatie op. Scheidend commissielid José Heesink, in een interview van 12 januari dit jaar:

 “In de praktijk worden mannen en vrouwen niet gelijk behandeld. Dat mannen op individueel niveau last hebben van zo’n bevorderingsmaatregel, kan ik me trouwens wel voorstellen. Het is niet leuk als je even niet mee mag doen. Maar het is een feit dat alleen harde maatregelen zoals deze werken. Dan verandert er iets. Wij zijn als commissie wel bang dat het nu minder wordt.”

Heesink reageerde in dit interview ook op het gegeven dat een studentenbond naar de Commissie Gelijke Behandeling stapte.
Dat juist de GSb de kwestie heeft aangekaart is volgens haar niet verwonderlijk. Omdat vrouwen massaal studeren, in dat stadium nog perfect meekomen, en goed presteren, ontstaat het beeld dat er geen problemen zijn. Heesink: ,,Die hebben het idee dat het allemaal vanzelf wel goed komt, die nemen dat hele verschil tussen mannen en vrouwen niet waar.” De klap komt pas later, als vrouwen hun studie afgerond hebben en verder willen. Daar bestaan zeer duidelijke cijfers over.

Amerikaanse rechters geven vrouwen het nakijken

Warenhuisgigant Wal Mart kan opgelucht ademhalen. Vijf conservatieve rechters van het hoogste gerechtshof van de Verenigde Staten zijn van mening dat vrouwen niet als groep gediscrimineerd worden, omdat er geen geschreven beleid bestaat om te discrimineren en omdat leidinggevenden altijd de beste voor de baan zullen kiezen op objectieve gronden. Had het gerechtshof anders geoordeeld, dan had een groepje werkneemsters op kunnen treden namens 1,6 miljoen vrouwelijke collega’s.

Jezebel vat het vonnis als volgt samen:

Because clearly individuals don’t discriminate against a class of people — say, women who they think are less likely to be competent or committed — and nothing is on the books, systemic discrimination must not exist. Case closed!

Zo’n collectieve procedure heet een ‘class action’ zaak en baseert zich op het feit dat discriminatie soms groepen mensen treft. Niet alleen conservatieve rechters ontkennen dit. Ook bedrijven ontkennen het vaak. Helaas voor hen is groepsdiscriminatie wel degelijk zichtbaar in cijfers en patronen.

Eind vorig jaar publiceerden onderzoekers bijvoorbeeld de resultaten van een studie naar de loopbanen van duizenden werknemers binnen hetzelfde Canadese bedrijf. Blanke mannen bleken probleemloos door te stromen naar de top, mannen met een gekleurde huid bleven steken in de middenmoot, en vrouwen verpieterden massaal in de laagste regionen van het bedrijf. Wat een toeval, maar niet heus. De enige uitzondering waren enkele individuele blanke vrouwen, die zoveel talent hadden dat niemand om hen heen kon.

Zulke structurele achterstelling ligt aan de basis van een collectieve zaak. Win je zoiets, dan staat de deur open voor hoge schadeclaims wegens gemiste promoties en onderbetaling. Walmart was niet de enige megacorporatie die nachtmerries kreeg van dit scenario, want overal tref je het beruchte glazen plafond aan – zie onder andere de studies van Catalyst. Twintig grote corporaties kozen de kant van Wal Mart, terwijl de burgerrechtenbeweging en vrouwenorganisaties zich juist achter de werkneemsters schaarden.

Het hoogste gerechtshof viel uiteen langs dezelfde ideologische lijnen. De vijf conservatieve rechters kozen de kant van Wal Mart. De vier progressieve rechters oordeelden daarentegen dat de werkneemsters voldoende bewijs hadden om een collectieve zaak te beginnen. Ze waren in de minderheid, en dus bleef het bij een aparte notitie met een tegenstem naast het officiële vonnis. In die stemverklaring schreef rechter Ginsberg onder andere:

Managers, like all humankind, may be prey to biases of which they are unaware. The risk of discrimination is heightened when those managers are predominantly of one sex, and are steeped in a corporate culture that perpetuates gender stereotypes.

Helaas zegevierde de conservatieve kant. En de mannelijke kant, want zoals internetmagazine Slate fijntjes opmerkt, kozen de mannelijke rechters op één na partij voor Wal Mart, terwijl de vrouwelijke rechters de structurele discriminatie wel degelijk zagen.

Nu mannelijke conservatieven wonnen komt er een voorlopig einde aan een zaak die sleept sinds 2001. De advocaten van de werkneemsters geven aan dat ze zullen proberen per individueel geval een zaak te beginnen. Omdat er hoge kosten met een rechtszaak gemoeid zijn, en het nogal intimiderend is om het in je uppie op te nemen tegen een corporatie, is hoogst onduidelijk hoeveel werkneemsters verder willen procederen. In ieder geval kondigde onder andere Democrate Nancy Pelosi aan vaart te zetten achter wetgeving die ervoor moet zorgen dat vrouwen gelijk loon krijgen voor gelijk werk.

Zulke wetgeving kent Nederland al. Het is goed dat het er is, maar niet zaligmakend. Ook hier zie je dat vrouwen behandeld worden als tweederangs burgers. Onder andere de Commissie Gelijke Behandeling buigt zich over discriminatie op het werk. De commissie onderzocht onder andere de beloningsstructuur in algemene ziekenhuizen, en kwam tot de conclusie dat vrouwen veel vaker dan mannen benadeeld worden door hun werkgever. Het gevaar zit ‘m in de subjectieve aspecten, merkte de CGB. Zodra werkgevers het salaris mede lieten bepalen door het laatst verdiende loon of de onderhandelingen over de arbeidsvoorwaarden ging het mis.

Het CGB boog zich begin dit jaar ook over het geval van een vrouwelijke arts, die erachter kwam dat ze voor hetzelfde werk minder loon kreeg dan een mannelijke arts. Hier school de adder vooral in de etiketten die de werkgever aan het werk verbond. Als je het hele oordeel leest, zie je meteen hoeveel uitzoekwerk er voor nodig is om de discriminatie objectief vast te stellen.  Dat is een van de redenen waarom het zo lang kan duren voordat een vrouw in het gelijk gesteld kan worden in een oordeel dat de juridische toets kan doorstaan.

In de Verenigde Staten is het in ieder geval voorlopig weer even gedaan met dat uitzoekwerk. WalMart wins, workers lose, kopte de New York Times in een opiniestuk. En dat is helaas een goede samenvatting van de gebeurtenissen in de V.S.

Vrouwen zijn Indiase dorpsraden zat

Mensenrechtenorganisaties maken zich steeds meer zorgen over de activiteiten van dorpsraden in India. Deze conservatieve groeperingen doen tijdens informele ‘rechtszaken’ uitspraken die erg nadelig uitpakken voor vrouwen. In dorpen waar zo’n raad actief is, vindt meer eerwraak plaats dan in dorpen waar deze raden minder actief zijn. De raden bevelen ook groepsverkrachtingen (een dader straffen door een vrouwelijk familielid te laten verkrachten) of stellen regels op die de vrijheid van vrouwen ernstig inperken, zoals een verbod op het dragen van jeans of het bezitten van een mobiele telefoon.

Dorpsraden in India houden er een geheel eigen manier van rechtspraak op na.

Organisaties die zich bezig houden met mensenrechten eisen dat de Indiase regering actie onderneemt om vrouwen te beschermen tegen deze vorm van informele ‘rechtspraak’. Ze zijn de dorpsraden meer dan zat. Sommige magazines vergelijken hun acties zelfs met de Taliban. En stellen openlijk dat de dorpsraden een schande zijn en een smet werpen op het blazoen van India.

Vanwege het toenemende verzet tegen de dorpsraden beginnen de autoriteiten zich eindelijk te roeren. Zo riep het hoogste gerechtshof van India vorige maand op tot het uitbannen van eerwraak. Het hof uitte scherpe kritiek op de dorpsraden die toestemming geven voor eerwraak, en omschreef deze praktijk als een barbaarse gewoonte. Het hof wil actiever eerwraakzaken opsporen en vervolgen.

De sociale druk op de dorpsraden werpt ook op lokaal niveau vruchten af. Normaal gesproken bestaan de dorpsraden uit mannen en mogen alleen mannen de zittingen bijwonen. Sinds begin dit jaar staan sommige dorpsraden echter toe dat ook vrouwen de informele rechtszaken bij wonen. Activisten hopen dat dit een eerste stap is op weg naar een gelijkwaardigere verhouding tussen mannen, vrouwen en de dorpsraden.

Grijs gebied geeft werkgevers alle ruimte om vrouwen te benadelen

Als werkgevers ruimte hebben om op basis van subjectieve criteria het salaris te bepalen, krijgen vrouwen twee keer zo vaak als mannen een lager loon. Dat is de conclusie van de Commissie Gelijke Behandeling na een grondig onderzoek van salarissen bij algemene ziekenhuizen in Nederland. Grootste boosdoeners zijn het bepalen van het loon op basis van het laatst verdiende salaris, en het loon afhankelijk maken van de onderhandelingen tijdens de sollicitatieprocedure.

De CGB onderzocht 1346 personeelsdossiers en trok een harde conclusie:

Door de toepassing van niet-neutrale beloningsmaatstaven maken de werkgevers in de algemene ziekenhuizen in 43% van de onderzochte maatmanvergelijkingen onderscheid op grond van geslacht. Daarvan is 67% ten nadele van een vrouw en 33% ten nadele van een man. Door de toepassing van niet-neutrale beloningsmaatstaven ontstaat per saldo ten nadele van vrouwen een niet gerechtvaardigd beloningsverschil tussen mannen en vrouwen. Gelet op deze bevindingen spreekt de Commissie Gelijke Behandeling als haar oordeel uit dat de algemene ziekenhuizen bij de beloning stelselmatig verboden onderscheid maken op grond van geslacht, ten nadele van vrouwen.

De CGB kwam erachter dat de algemene ziekenhuizen vrouwen op verschillende manieren benadelen. Waarschijnlijk gebeurde dit onbewust, maar desalniettemin kwamen de volgende punten steeds terug:

  • Het onverklaarbare loonverschil schommelde tussen de drie en de zeven procent, in het nadeel van vrouwen. Praktijkvoorbeeld: de gemiddelde mannelijke verpleegkundige krijgt jaarlijks 1200 euro meer dan zijn vrouwelijke collega
  • vrouwen zijn vaker dan mannen herintreedster. De ziekenhuizen schalen herintreedsters systematisch lager in en zorgen zo voor een (indirecte) discriminatie van vrouwen
  • de ziekenhuizen sluiten vaak aan bij het laatst genoten salaris. Bestaande beloningsverschillen tussen mannen en vrouwen blijven zodoende bestaan
  • het criterium ‘hoe goed onderhandelde je over je salaris’ is subjectief, omdat het niets zegt over de waarde van het werk in je nieuwe functie. Dit criterium werkt altijd uit in het nadeel van vrouwen. Context:  uit onderzoeken blijkt steeds opnieuw dat vrouwen zich vaker terughoudend opstellen dan mannen. Met reden, want keer op keer blijkt dat vrouwen sociaal gestraft worden door hun omgeving als ze zich ‘hard’ opstellen bij salaris onderhandelingen. Zie ook het boek Women don’t ask van economen Linda Babcock en Sara Laschever.

De commissie concludeert dat zelfs het mooiste functie waarderingssysteem niet werkt als werkgevers daarnaast willekeurig allerlei subjectieve criteria meewegen. Die dan in het nadeel van vrouwen uitpakken. De CGB roept ziekenhuizen daarom op om zich te houden aan de al bestaande loongebouwen. Het laatst verdiende salaris mag op geen enkele manier meer een rol spelen. Hetzelfde geldt voor onderhandelen over je salaris. Je krijgt gewoon het loon zoals vastgesteld, en daarmee uit. Op die manier voorkom je het bestaan van een grijze zone en krijgt iedereen eerlijk loon naar werken.

Canadese rechter noemt verkrachter ‘onhandige Don Juan’

Schandaal in Canada: rechter Robert Dewar noemde een verkrachter een onhandige Don Juan, en besloot dat het slachtoffer haar verkrachting zelf uitlokte omdat ze niet duidelijk genoeg nee zei. Bovendien gedroeg ze zich niet fatsoenlijk en was er het een en ander aan te merken op haar kledingkeuze. Hij gaf een voorwaardelijke straf. De enige eis aan de dader was dat hij een brief met excuses moet sturen naar het slachtoffer. De uitspraak laat de gemoederen hoog oplopen .

Rechter Robert Dewar.

De feiten zoals ze naar voren kwamen uit de notulen van de rechtbank laten aan duidelijkheid niks te wensen over. De dader, een 40-jarige man, leerde het 26-jarige slachtoffer kennen in een bar. Nadat ze eenmaal in zijn auto zat, reed hij naar een afgelegen plek in een bos en drong zich aan haar op. De vrouw keerde zich van hem af. De man bedreigde haar en verkrachtte haar. Hij stopte niet, ook niet toen de vrouw aangaf dat het pijn deed. De vrouw wist uiteindelijk half ontkleed uit de auto te ontsnappen en weg te rennen. Al die tijd vreesde ze voor haar leven. Tot zover de feiten zoals gebleken uit de rechtszaak.

Hoe kwam rechter Dewar tot een voorwaardelijke straf met excuusbrief? De rechter legde de nadruk op het slachtoffer. Zij ontmoette de man in een bar en gedroeg zich flirterig. Daarmee gaf ze volgens Dewar te kennen dat ze wel zin had in een avontuurtje. In het vonnis: ‘love was in the air’. Jawel. Verder had ze alcohol gedronken en droeg ze te sexy kleding en teveel make up. Eenmaal in de auto waren haar signalen van weigering volgens het vonnis niet duidelijk genoeg. De dader begreep eenvoudigweg niet dat ze geen seks wilde. Beetje dom maar het was niet zijn schuld dat hij als een onhandige don Juan door ging met zijn avances, schrijft Dewar. Vandaar geen cel maar een excuusbrief en nooit meer doen he.

Zodra het vonnis uitlekte stroomden demonstranten naar de rechtbank waar Dewar werkt en schreeuwden slogans, zoals ja betekent ja, nee betekent nee. De provincie Manitoba, waar de rechtszaak plaats vond, heeft een klacht ingediend bij de Canadian Judicical Council. De rechter waar het om gaat mag tijdelijk geen zaken meer behandelen waarin sprake is van seksueel geweld. Op Facebook eisen mensen zijn ontslag en er circuleren verschillende open brieven aan de rechter om duidelijk te maken dat dit vonnis niet kan.

Demonstranten voor de rechtbank waar Dewar werkt.

Misschien moet de rechter ook maar eens een excuusbrief schrijven, adviseren critici in de Montreal Gazette:

One of the protest organizers, Alanna Makinson of the Canadian Federation of Students, lambasted Dewar for commenting on the victim’s attire and “inviting” signals. “These statements by Judge Dewar are reinforcing the myth of implied consent and the myth that the victim of sexual assault is ultimately responsible for their own victimization,” Makinson said. “This ruling has damaged the credibility of Canada’s justice system, and we are calling for an apology for his misguided and irresponsible ruling.”