Tag Archives: verkrachtingscultuur

Nederland mengt zich in debat over geweld

Het begon allemaal met Anke Laterveer. Die wilde aangifte doen van aanranding en poging tot verkrachting, maar kwam bij de politie voor een dichte deur te staan. Ze vertelde op de nationale televisie over haar ervaring en riep mensen op om via de hashtag #zeghet eigen ervaringen met seksuele intimidatie en geweld te melden. Daarop brak de virtuele hel los.

Gelderse vrouwen, mannen, Randstedelingen, iedereen sloeg aan het twitteren. De hashtag #zeghet belandde al snel in de twitter-lijst van trending topics en bereikte in een paar dagen het 11.000ste bericht. Mensen doorbraken zodoende massaal het taboe op seksueel geweld. Ze zwijgen niet langer en vragen aandacht voor de beroerde situatie in Nederland.

Da’s hard nodig. Laterveen kreeg, net als veel andere vrouwen, te horen dat echt niet alle mannen aanranders of verkrachters zijn. Ook valt op dat een deel van de Nederlanders allergisch reageerde op haar #zeghet campagne. Wat voor zin heeft zoiets nou? Een greep uit de andere, door journalisten gesignaleerde volautomatische tegenreacties:

Er waren ook vrouwen die meldden dat ze niet konden aanzien hoe andere vrouwen zich massaal in een slachtofferrol wurmden. […]Vreemd: in mijn ogen lieten alle bekentenissen zien dat deze ‘slachtoffers’ over hun eigen angst en schaamte heen stapten om voor eens en altijd het heft in eigen hand te nemen. Dat is wat ‘bespreekbaar maken’ betekent. Tot slot las ik ergens dat het leek of vrouwen onder de hashtag #zeghet een competitie deden wie de meeste lustgevoelens opwekt bij het andere geslacht. Alsof het feit dat een man zich niet kan bedwingen wanneer hij jou ziet iets zegt over of je mooi bent of niet. Misbruik heeft niet met uiterlijk te maken, maar met macht.

Dit defaitisme, het etiket ‘slachtoffer’ opgeplakt krijgen zodra je vertelt wat je overkwam, het verontschuldigen van mannen die zich nou eenmaal niet kunnen bedwingen of die gewoon een compliment wilden maken, het zijn allemaal elementen van een verkrachtingscultuur die ook Nederland in z’n greep houdt. Slachtoffers krijgen tot op de dag van vandaag eerder te horen ‘aangerand, jij? Daar ben je te lelijk voor‘, dan dat ze ondersteuning, begrip en een goed politie onderzoek krijgen.

#Zeghet maakt het mogelijk voor Nederlanders om opnieuw te kijken naar de aloude tweedeling, die feministen in de V.S. samenvatten onder de noemers #notallmen versus #yesallwomen. Nee, lang niet alle mannen vergrijpen zich aan vrouwen en af en toe een man. Maar alle vrouwen leven met de onderhuidse vrees dat situaties uit de hand lopen. Dat op straat heee psssst schatje binnen de kortste keren uitloopt op ‘vuile slet ik pak je’. Dat een date met een leuke man ontaardt in aanranding en poging tot verkrachting. Dat je als vrouw gepakt wordt.

Laterveens verhaal, de massale weerklank op Twitter en de publiciteit in landelijke media hebben wel degelijk zin. Het leidt tot bewustwording en tot meer begrip voor de situatie waarin vrouwen terecht kunnen komen. #Zeghet heeft inmiddels zelfs geleid tot kamervragen van een SP-parlementarier.  Hoe reageert de politie als een vrouw seksueel geweld meldt. Of het waar is dat het soms een week duurt, voordat een slachtoffer iets hoort van de zedenpolitie. Wat de wachttijd is voor het maken van een afspraak. En wat doet het OM precies?

Goede vragen. En nogmaals, heeeeel goed dat deze discussie ook in Nederland begint.

Wat we leren van schandalen a la Theaterschool Amsterdam

De Amsterdamse theaterschool raakte in opspraak. Gezaghebbende coryfeen zoals Jappe Claes en Ruut Weissman knoopten naar verluid relaties aan met veel jongere studenten. Een vorm van machtsmisbruik, gezien de autoriteit van docenten en de afhankelijkheid tussen leraar en leerling. Het is één van de verhalen van seksuele intimidatie en erger die op dit moment naar buiten komen.  Zo trokken recent ook een cabaretière en een journaliste aan de bel over aanranding/verkrachting. Welke lessen kunnen we trekken uit de gang van zaken rondom deze gebeurtenissen?

Les 1: geen onderzoek, geen harde feiten. De directeur van de Amsterdamse theaterschool gaf beschuldigde Jappe Claes volgens de Volkskrant de keuze: een onderzoek of vertrekken. Claes vertrok, eervol. Er kwam geen onderzoek. Hadjar Benmiloud kreeg van agenten te horen dat ze goed moest nadenken voor ze aangifte deed. Volgens haar zegt de politie twee jaar na dato nog steeds dat ze beter niet aan een aangifte kan beginnen. Geen aangifte = geen politieonderzoek.

Wil je wel aangifte doen, zoals journaliste Rosa Timmer, dan stuit je prompt op nadelige regels. Timmer moest twee weken wachten om te kijken of ze echt aangifte wilde doen. Na die twee weken zou het in eerste instantie nog eens tien dagen duren voordat een agent tijd had. Pas na ophef kon het eerder. Al die tijd vond geen onderzoek plaats. Konden getuigen verdwijnen of feiten vergeten.

Hoe dan ook, geen onderzoek = geen harde feiten. Vervolgens begint de vaagtaal in termen van beschuldigingen, aantijgingen, vermeende dader, mogelijk slachtoffer, ‘zou naar verluid XYZ gedaan hebben’, enz. Dit alles maakt met name de positie van de klaagster niet sterker – als ze zo lang wachtte voordat ze erover praatte, zal ze wel achteraf spijt hebben gekregen, of alsnog wraak willen, of eigenlijk was er niet zoveel aan de hand, zeg, wie wil jou nou verkrachten, lelijkerd?

Les 2: de verkrachtingscultuur tiert welig. Dat blijkt uit verschillende elementen. Ten eerste de smoesjes van daders. Volgens Ruut Weisman ging het slechts om een paar relaties, lang geleden, toen de tijdgeest heel anders was. (In een commentaar laat de Volkskrant alvast weten dat de tijdgeest geen excuus is. ) Ook benutte hij de media om van leer te trekken tegen slachtoffers:

‘Ik weet zeker dat de mensen met wie jullie gesproken hebben niet de mensen zijn die succes hebben gehad. Dat weet ik zeker.’ Aldus Weissman in een reactie op het artikel. Hij suggereert daarmee dat de vrouwen die nu hun verhaal hebben gedaan talentloos en wraakzuchtig zijn. Die uitspraak is in al zijn simpelheid eigenlijk net zo stuitend als zijn gedrag zelf.

Een andere docent, van de filmacademie, schreef in een open brief dat hem geen blaam trof. De studente verleidde hém, een man van 63, en dat was ok want ze was dan wel jong, maar ook mooi en wijs. (Een vrouw schreef ogenblikkelijk een openbare brief terug om deze zelfverklaarde dader erop te wijzen dat hij gewoon een sluwe man is.)

Ten tweede geven slachtoffers regelmatig aan dat ze zich schamen, zich schuldig voelen, en bang zijn voor de gevolgen als ze zich uit zouden spreken. Vrouwen denken dat niet voor niets: zie bovenstaande sneer van verdachte Weismann. Vermeende daders gebruiken de macht die de omstandigheden hen geven. Claes zou naar verluid hebben gezegd ‘ik kan je maken of breken‘, tegen studentes. Geen loze kreet in een ons-kent-ons wereldje, waar netwerken cruciaal zijn om aan het werk te komen.

Ten derde: de rapporteur mensenhandel deed onderzoek en daaruit bleek dat de politie de drempel voor het doen van aangifte veel te hoog legt, mede uit wantrouwen jegens slachtoffers.

Allemaal ingrediënten van een zogenaamde verkrachtingscultuur, waarbij de omgeving vermeende daders steunt en vrouwen moeten vrezen voor karaktermoord en gesneuvelde toekomstperspectieven. Zie voor meer details rape culture bij feminism 101.

Les 3: leve klokkenluiders. Karin Bloemen bracht de zaak rond Weismann aan het rollen toen ze van vrouwen hoorde wat hen was overkomen. Ze schrok, nam de vrouwen serieus, verzamelde verklaringen, en klopte in 2014 aan bij de directie van de Amsterdamse theaterschool. In geval van Claes betrof het een groep jonge docenten, die zijn gedrag afkeurde en een dossier aanlegde.

Les 4: slachtoffers worden mondiger. Voorheen zwegen vrouwen als het graf, met alle gevolgen van dien. Dat begint te veranderen. Wetende dat zoveel gevallen van aanranding en verkrachting uit beeld blijven, maakte Timmer haar aanranding wereldkundig. Ze deed aangifte met het doel andere vrouwen aan te moedigen ook melding te maken van seksueel geweld. Benmiloud deed hetzelfde: ze opende de beerput om de discussie over aanranding en verkrachting op gang te brengen. In een column schrijft ze:

Wanneer het nieuws nu zegt dat aanranding ook op de theaterschool lang deel uitmaakte van het inwijdingsritueel in de wondere wereld van omhooggevallen ego’s en onzekere meisjes, heb ik het gevoel dat ik niet stil mag blijven terwijl zoveel vrouwen hetzelfde overkomt.

Met dit soort ervaringsverhalen proberen vrouwen seksuele misdrijven bespreekbaar te maken en de bestaande verkrachtingscultuur te doorbreken. Ze pikken de intimidatie niet langer en zetten zich over hun gevoelens van schuld en schaamte heen.

Het zou helpen als we met ons allen vrouwen serieus nemen en hen steunen als ze gewag maken van dubieuze ‘relaties’ met mannelijke autoriteitsfiguren, mannenhanden in vrouwenkruizen, verkrachting enz. Alle beetjes helpen. Zo kun je de petitie ondertekenen om straatintimidatie strafbaar te maken. En als vrouwen in je omgeving beginnen te praten, moedig ze dan aan en luister. Dat maakt een groot verschil…

Politie wantrouwt verkrachte meisjes te snel

Zo, die kop in Metro loog er niet om. ”Politie denkt snel dat meisjes liegen”. Het blijkt te gaan om jeugdige slachtoffers van seksueel geweld. Volgens onderzoekers van de Nationaal Rapporteur Mensenhandel en Seksueel Geweld (NRMSG) belemmert dit wantrouwen een effectieve aanpak. Schrijnend, want het grootste probleem is juist dat meisjes en vrouwen veel te lang zwijgen over verkrachting. PvdA kamerlid Marith Rebel heeft inmiddels vragen gesteld aan minister Opstelten.

De NRMSG-onderzoekers gebruiken de volgende, ietwat wollige wetenschappelijke taal vol nuances om hun punt te maken. Letterlijk concluderen ze over de situatie bij de politie:

Wanneer de kenmerken worden vergeleken met aangetoonde misvattingen blijkt dat een deel van de kenmerken overeenkomt met misvattingen die al in de literatuur zijn blootgelegd. Tevens hebben wij laten zien dat bepaalde te verwachten gevolgen van seksueel geweld de verklaring kunnen beïnvloeden. Het blijkt dat een aantal kenmerken wellicht ten onrechte wordt geïnterpreteerd als wijzend op mogelijke valsheid van de verklaring.

 

Wat hier vrij vertaald staat is dat de politie zich baseert op denkbeelden die al lang en breed onderuit zijn gehaald in gedegen onderzoek. Teveel agenten geloven in de mythe dat wachten met de gang naar de politie een bewijs van liegen zou zijn, of dat een arts seksueel geweld bijna altijd aan kan tonen. Nee dus.

Ook letten teveel agenten te scherp op tegenstrijdigheden of vaagheden in de verklaring(en) van jonge slachtoffers. Ze vermoeden dan te snel gelieg. Dat ‘ze liegt’-automatisme leidt tot pijnlijke situaties als de politie meisjes en vrouwen eerst weg stuurt, later wél effectief onderzoek doet, en opeens allerlei verkrachters op het spoor komt. Oeps!

Feministen en andere weldenkende mensen zal dit alles niks verbazen. Het systematische wantrouwen jegens meisjes en vrouwen vormt één van de vaste verschijnselen in landen met een zogenaamde verkrachtingscultuur. In zo’n cultuur krijgt ieder voorbeeld van liegende vrouwen volop aandacht, met een ondertoon van ‘zie je wel, de loeders!’. In zo’n cultuur tieren seksistische mythes welig.

Die stereotypen voeden vervolgens het wantrouwen van autoriteiten en zorgen ervoor dat de nadruk komt te liggen op verwijtbaar gedrag bij vrouwen en meisjes. Ze liegen, ze wilden wraak, zei ze wel duidelijk genoeg nee? Wat had ze aan? Wat deed ze eigenlijk op dat tijdstip en op die plek? Bonuspunten als hij rijk en beroemd is, en zij als kamermeisje werkt. Oh, en bij de weg: ze wilde het zelf! Ze ging volstrekt vrijwillig in een hotel naar bed met 80 mannen! Arme mannen trouwens. Die zijn nu opeens het doelwit van een onverantwoorde heksenjacht. Onrecht!!!!

Kortom, verkrachtingscultuur. De conclusies van de onderzoekers van de Nationaal Rapporteur Mensenhandel en Seksueel Geweld maken zonneklaar dat Nederland er ook eentje heeft. Ze pleiten ervoor dat de politie andere richtlijnen gaat hanteren bij gesprekken met slachtoffers van seksueel geweld. Want:

Zolang in deze Aanwijzing veel nadruk blijft liggen op onjuiste aangiftes is het verlagen van de drempel tot het doen van aangifte nog ver buiten handbereik.

Gedicht van Patricia Lockwood slaat in als een bom

Auteur en dichteres Patricia Lockwood bestormt internet met een gedicht, getiteld ‘Rape Joke’. Rape Joke verwijst naar een term die gebruikt wordt in discussies over cabaretiers. Nogal wat, met name mannelijke, komieken, vonden het de afgelopen twee jaar nodig om grappen over verkrachting te maken. Niet iedereen slikte die grappen kritiekloos. Zelfs cabaretiers die eerst gedachteloos verkrachtingsgrappen maakten, gingen nadenken en kwamen soms tot een ander standpunt.

De discussie raakte verhit omdat veel cabaretiers zich beriepen op de vrijheid van meningsuiting. Het grappige is dat komieken zoals Patton Oswalt uiteindelijk zelf toegaven dat niemand roept om censuur. Niemand wil altijd alle grappen over verkrachting uitbannen. Met andere woorden: het gaat niet om censuur.  Sterker nog, mensen roepen om betere grappen. Ook over verkrachting. Het gaat om een erkenning van de kant van de cabaretier, dat hij niet in een vacuüm opereert. Grappen over verkrachting kunnen, zeker weten, maar neem je verantwoordelijkheid en construeer de grap met zorg.

Zeker bij grappen over verkrachting moet die context meewegen. Als het gaat om verkrachting, bevinden vrouwen zich een kwetsbare positie. Keer op keer zie je dat de samenleving het slachtoffer de schuld geeft, en haar extra straft terwijl zelfs veroordeelde verkrachters nog op sympathie kunnen rekenen. Feministen vatten dit alles samen onder de noemer verkrachtingscultuur. In die context kunnen grappen over verkrachting, zeker als de grap ten koste gaat van het slachtoffer, problematisch worden. Wellicht onbewust gebruikt de komiek zijn platform dan om de bestaande machtsverhoudingen te versterken en vrouwenhaat te bestendigen.

De verkrachtingscultuur beïnvloedt ook het verloop van het debat over humor.  Feministe Lindy West gaf bijvoorbeeld in een televisiedebat aan dat ze tegen censuur is. Maar als een komiek een rotgrap over verkrachting maakt, heeft zij óók de vrijheid van meningsuiting om hem op zijn gedrag aan te spreken en zijn boodschap te bekritiseren. Prompt werd West bedolven onder de hatelijke reacties, waaronder talloze bedreigingen met verkrachting:

I do believe that comedy’s current permissiveness around cavalier, cruel, victim-targeting rape jokes contributes to (that’s contributes—not causes) a culture of young men who don’t understand what it means to take this stuff seriously. And how did they try and prove me wrong? How did they try to demonstrate that comedy, in general, doesn’t have issues with women? By threatening to rape and kill me, telling me I’m just bitter because I’m too fat to get raped, and suggesting that the debate would have been better if it had just been Jim raping me.

Deze situatie vormt de context voor het gedicht Rape Joke. Volgens internetmagazine Salon zou Lockwood’s gedicht het laatste woord moeten krijgen in het debat over verkrachtingsgrappen. Na dit gedicht valt er volgens het blad niets zinnigs meer toe te voegen, omdat haar gedicht de impliciete boodschap van dit soort ‘grappen’ duidelijk maakt. Onder andere door de ‘humor’ letterlijk te nemen en concreet te maken.

Dit slaat aan. Op Jezebel maken allerlei lezers op dit moment hun eigen Rape Joke gedichten. Een greep uit de bijdragen tot nu toe:

The rape joke is that for like a day, your biggest concern was getting him to never use the flavored lube again, because that shit tasted gross.

The rape joke is that you were to embarrassed to seek help after it happened because you liked the guy initially and you kind of wanted it to happen

The rape joke is that your mom asked “was he… mean? Are you sure you weren’t just drinking too much?” and encouraged you not to report to the police because who would believe a foreigner who was too young to be in a bar?

Het gedicht geeft vrouwen een steun in de rug. Het brengt de huidige verkrachtingscultuur haarscherp in beeld. En wie weet is de populariteit van het gedicht een teken aan de wand. Misschien begint het tij rondom verkrachtingsgrappen eindelijk te keren…?

Journaliste zou zelf schuldig zijn aan haar eigen aanranding

Het haalde kort het nieuws in Nederland: de Amerikaanse verslaggeefster Lara Logan was aan het werk op het Tahrirplein in Egypte toen haar team werd aangevallen door een menigte mannen. De mannen scheidden Logan van haar collega’s, sloegen haar en randden haar aan. Een groep Egyptische vrouwen en soldaten bevrijdden haar. Nog geen uur nadat dit nieuws bekend werd in de VS, begonnen allerlei mensen het slachtoffer de schuld te geven. Had Logan maar niet zo’n knap vrouwtje moeten zijn!

Lara Logan, verslaggeefster voor CBS.

Teneur van de reacties: Logan? Wat doet zo’n knap vrouwtje op het Tahrir plein? Ze wilde zeker aandacht! Die losbandige trut was dom en had de verkeerde, want te sexy kleding aan, geen wonder dat mannen wild werden. Ms Magazine geeft verschillende voorbeelden van mensen en media die op weblogs, in kranten en op televisie op deze manier over de zaak Logan spraken. 

De volautomatische neiging om Logan de schuld te geven van wat haar overkwam toont aan dat de verkrachtingscultuur nog springlevend is. (Voor meer informatie over rape culture: zie Feminism 101. Of lees deze analyse van een krantenbericht, waar de verkrachtingscultuur in volle glorie de kop op steekt). Zoals de Guardian terecht opmerkt, is dat een cultuur die overal te vinden is, in Egypte, in de Verenigde Staten, en in Nederland. De aanval op Logan is slechts een katalysator, waardoor deze mentaliteit in de openbaarheid piekt:

As feminists have forever said, sexual violence is a crime of power, committed to control and intimidate women. When people react to sexual assault and rape by suggesting women brought it on themselves, they finish the job the attacker started. It’s sad to say that the assault on Lara Logan didn’t end when she was rescued in Egypt, and to note that it’s now being expanded as an assault on all women who have ambitions, or who are willing to be out in public while looking attractive. This response to Logan’s attack should make it clear that the US and Egypt differ on the issue of sexual violence perhaps only in degree but not in kind.

Sociale media speelden een belangrijke rol bij het verspreiden van het gedachtengoed dat slachtoffers van verkrachting zelf de schuld hebben. Gezaghebbende figuren pleurden wat ze dachten meteen op Twitter, zodat de hele wereld kon meegenieten van hun seksisme:

When the news broke, Nir Rosen, a fellow at the New York University Center for Law and Security, promptly whined to Twitter, “It’s always wrong, that’s obvious, but I’m rolling my eyes at all the attention she’ll get,” adding, “She’s so bad that I ran out of sympathy for her.”

De academicus kreeg zoveel negatieve reacties op dit bericht dat hij zichzelf probeerde te redden met het argument ‘sorry, grapjes maken onder vrienden liep wat uit de hand, ik vergat even dat Twitter openbaar is’. Dit laffe excuus mocht niet baten: Rosen nam ontslag bij de universiteit. Bovendien: aanranding, grappig? Voor wie?

Andere mediagrootheden gooiden het op de politieke overtuigingen van Logan. Jim Hoft, bekend in de VS vanwege het programma Gateway, gaf Logan de schuld van wat haar werd aangedaan door mannen, met het volgende argument: haar liberale gedachtengoed en haar illusie dat ze boven het geweld in Egypte kon staan. Met die houding vroeg ze er gewoon om dat mannen haar een toontje lager lieten zingen. Hoft liet later weten dat hij nog steeds achter zijn opvattingen staat. Fijne vent.

Ondertussen geen woord over de schuld van de daders, en geen woord over de rol die seksueel geweld speelt bij het inperken van de vrijheden van vrouwen. Want Logan moest naar het ziekenhuis voor behandeling van haar wonden en kan voorlopig niet werken. Ms Magazine sluit af met het volgende:

Here’s what you do say when something like this happens. Like countless women around the world, Lara Logan was attacked in the line of duty. She was assaulted doing her job. It was a crime of unspeakable violence. And your opinion of how she does that job, the religion her assailants share with a few million other people, or the color of her hair has nothing to do with it.