Tag Archives: tweede feministische golf

Compromisloze feministen omarmen? Misschien in sprookjes…

Mooi opiniestuk in De Volkskrant van gastcolumnist Sarah Sluimer. In ‘‘De maatschappelijke eis om lekker te zijn” schetst ze een beeld van een spagaat waar veel vrouwen in belanden. Je wil niet onzichtbaar zijn, dus voeg je je naar beelden van de ideale (mooie) vrouw. Maar je wil ook niet alleen als lijf beoordeeld worden. Zo ontstaan volgens Sluimer vreemde tegenstrijdigheden. ”Ja, we verafschuwen het seksisme waar vrouwen dag in dag uit slachtoffer van zijn. Maar dat doen we wel terwijl we er beschikbaar uit zien. Er wordt immers alleen maar naar je geluisterd als je leuk bent om naar te kijken”.

Achter die Bonte Was gingen compromisloze vrouwen schuil. Omhelzingen? Ver te zoeken….

Sluimer besluit haar stuk met een verzuchting:

Ik kan alleen maar mededogen met ons voelen, maar verlang zo erg naar de eerste uitgesproken feministe van nu die iedere ijdelheid trots overboord zet, omdat ze weet dat ze zichzelf daarmee in deze wereld uiteindelijk genadeloos in eigen voet schiet. Compromisloos, losgezongen van iedere houdbaarheidsdatum, onverschillig marcherend door het grimmige landschap van seksualiteitsstress. Iemand die vindt dat mannen zoveel mogen praten als ze willen. Ze kiest zelf wel of ze luistert. In andere woorden: een vrouw. Ik zou mezelf onmiddellijk in haar armen werpen.

Zou het? De paar vrouwen die dat compromisloze pad kozen, kregen geen omhelzingen maar eindigden steevast als paria. De belangrijkste vraag ten tijde van de tweede feministische golf was namelijk niet ‘wat hebben feministen te zeggen’ maar moeten strijdende vrouwen zo grof zijn? In Nederland vonden mensen de vrouwen van uitgeverij De Bonte Was behoorlijk enge mannenhaters. Betrokkenen zoals Anneke van Baalen kregen steevast te maken met hoon:

Van Baalen werd door mensen die haar niet goed kenden vaak afgeschilderd als een dogmatische activist die altijd en eeuwig doordramde. Wie haar leerde kennen, was verbaasd over haar humor, moed en het vermogen haar eigen leven te relativeren.

In het buitenland ondervonden compromisloze vrouwen diezelfde reacties. Neem Andrea Dworking, een Amerikaanse feministe die geen seconde van haar tijd wilde verspillen aan het schoonheidsideaal of door-ouwehoerende mannen in de zendstand. Mensen die haar niet goed kenden schilderden haar af als een mannenhater die porno af wilde schaffen, de horror!

In werkelijkheid toonde ze enorme moed, onder andere door geweld tegen vrouwen bespreekbaar te maken en daarbij mannen aan te spreken op hun aandeel. En nee, da’s geen mannenhaat. Dat is feiten benoemen en daar logische consequenties aan verbinden.

Tegenwoordig moet je nog steeds glimlachen en buigen om gehoord te worden. Zelfs als je kiest voor humor, korte puntige stukjes, afwisseling en allerlei andere manieren om mensen voor je in te nemen, dan nog motten mensen je boodschap niet. Vooral niet als je tot de dominante groep blanke mannen behoort. Voor een voorbeeld, zie deze analyse van een recensie van Ewout Klei, over het boek ‘Vrouwen schrijven niet met hun tieten’.

Kortom, waren er maar meer mensen die compromisloze vrouwen inderdaad met open armen zouden ontvangen. Zulke weldenkende mensen waren er nauwelijks in de tweede feministische golf, en ik vrees dat die er ook nu nog veel te weinig zijn.

Amsterdam eert feministes uit de jaren tachtig

Tania Leon, Helen Jeanette Gill, Julia da Lima, Philomena Essed, Mercedes Zandwijken, Gloria Wekker, Ernestine Comvalius, Alem Desta, Ellin Robles, Mavis Carrilho, Cisca Pattipilohy, Troetje Loewenthal… Allemaal feministes die in de jaren tachtig opkwamen voor de belangen van zwarte migrantenvrouwen. Het Amsterdams Museum en CBK Zuidoost eren deze vrouwen met Rebelse Trotseen project van kunstenaar Patricia Kaersenhout over de zwarte feministische golf in Amsterdam.

In de jaren tachtig van de vorige eeuw bruiste het in Amsterdam. Een groep vrouwen verenigden zich in Flamboyant en Zami en noemden zich ZMV vrouwen (Zwarte Migranten Vrouwen). Vanuit dit platform kwamen ze in actie om aandacht te vragen voor de wonden van een pijnlijk koloniaal verleden, en om de situatie van migrantenvrouwen te verbeteren. Het waren voorhoedsters van de zwarte vrouwenbeweging.

Kaersenhout bracht hun verhalen in beeld met foto’s en een korte film. CBK Zuidoost toont deze beelden tot en met 27 juni. Voor het Amsterdam Museum heb je wat langer de tijd: daar kun je tot en met 31 augustus het kunstproject van Kaersenhout zien. Zo beeldde ze de pioniersters af op portretdoeken, die in Afrikaanse landen meestal louter mannelijke politici afbeelden. Nu staan er louter vrouwen op.

Taal maakt gedrag mannen steeds vaker zichtbaar

Feministe Mary Daly kon in de jaren zeventig nog schrijven dat vrouwen beroofd waren van hun vermogen om de wereld te benoemen. Inmiddels zijn we veertig jaar verder. Vrouwen lanceren steeds vaker termen om duidelijk te maken hoe zij de wereld ervaren. Een aantal nieuwe termen richt zich daarbij specifiek op het (bekritiseren van) gedrag van mannen. Mansplaining kende je waarschijnlijk al. Maar manslamming? Of manspreading? En wat doet Nederland met taalgebruik om duidelijk te maken wat mannen doen?

Tot een jaar of vijftig geleden beschikten vrouwen over weinig mogelijkheden om openlijk kritiek te uiten op het gedrag van mannen. Alleen al financieel en juridisch waren vrouwen te afhankelijk om een kritische houding aan te nemen. In Nederland trouwden de meeste vrouwen, en die waren tot 1956 handelingsonbekwaam. Hun man moest akkoord gaan met vakanties, grotere aankopen, verhuizingen enzovoorts.

Tegenwoordig beschikken vrouwen echter meestal over de juridische status van zelfstandig mens. Ze hebben vaker een eigen inkomen, en gebruiken computers en de sociale media. Dat hebben mannen geweten. Vrouwen beginnen mannen aan te spreken op hun gedrag. En verzinnen de woorden die ze nodig hebben om duidelijk te maken wat er aan de hand is.

Die trend heeft sterk te maken met de opkomst van het feminisme. Onder andere wetenschapster Maaike Meijer maakte duidelijk dat feminisme ook te maken heeft met taalgebruik. Waarom domineert bijvoorbeeld overal ‘hij’ in onze taal? Waarom is zij standaard ‘zijn’ XYZ? Nog steeds een actuele kwestie:

Mannen worden in kranten, talkshows en voxpops bijna standaard met hun achternaam genoemd. Vrouwen heten bij hun voornaam, zijn bovendien ‘vrouw van’. En als een wetenschapper/ filosoof/schrijver een vrouw is, dient dat apart te worden vermeld. Zonder die kwalificatie gaat men blind uit van een man. […] Sinds 1949 zijn we wat dit betreft geen bal opgeschoten, want ook in onze tijd is het masculiene in de taal nog altijd de norm.

Als het gaat om losse woorden zie ik vooral als trend dat we eufemismen afschaffen. Dankzij de ijver van een groep academici en journalisten is het woord ‘straatintimidatie’ bijvoorbeeld in zwang gekomen, als korte, duidelijke term voor gedrag van mannen, waar eerst vooral omschrijvingen voor gebruikt werden (‘vrouwen naroepen op straat’ en varianten daarvan).

Hetzelfde gebeurde met het woord ‘loverboy’. De aanduiding staat voor jongemannen die kwetsbare meisjes inpalmen en daarna de prostitutie indrijven. Loverboy klinkt veel te vriendelijk. Alsof liefde een rol speelt in het geheel. Mensen gaan er steeds vaker toe over om in plaats daarvan te spreken van ‘pooierboys’. Dan weet iedereen meteen dat het hier gaat om een vorm van criminaliteit en uitbuiting.

Ook Engelstalige feministen zijn zeer actief op taalgebied. Vaak zetten ze ‘man’ voor een werkwoord, om er zo een kritische lading aan te geven. Zo kennen vrouwen de lange geschiedenis van mannelijke ‘experts’ die hen wel eens even zullen uitleggen hoe de wereld in elkaar zit. Tot de uitvinding, in 2008, van de term mansplaining. Geen enkele man kan nu nog neerbuigend zeggen ‘ik weet beter dan jij hoe het zit’. Dan kunnen vrouwen onmiddellijk terugslaan met ‘mansplainer!’. In Nederland gebruiken mensen dit woord inmiddels ook gretig.

Mannen kunnen ook niet langer wijdbeens in het openbaar vervoer zitten terwijl de rest zwijgt en tandenknarst. Behalve dat het onbeleefd is om dit te doen, zien vrouwen haarscherp in dat het om meer gaat dan ‘alleen maar’ teveel ruimte innemen:

Maar de waarden die aan onze lichaamstaal kleven staan wel degelijk ongezien geschreven: ruimte innemen, laten zien dat je er bent, dat vinden we sterk en machtig. Wie haar benen moet sluiten en plaatsmaakt voor haar onverschrokken medepassagier, wordt ook geestelijk bescheiden.

Dankzij Amerikaanse feministen hebben we nu een woord om dit probleem te benoemen en bespreekbaar te maken: ‘manspreading’. De eerste vervoersmaatschappij heeft ‘te breed zitten door mannen’ al opgenomen in de huisregels – man, doe dit aub niet.

En nu is daar manslamming. De observatie dat mannen op straat gewoon doorlopen, in de automatische veronderstelling dat anderen wel voor ze opzij gaan. Vrouwen begonnen te experimenteren met manieren om dit patroon te doorbreken. Bijvoorbeeld door het mannengedrag te kopiëren en op hun beurt ook door te lopen.  Vele, vele botsingen volgden. Want mannen maken in de regel geen ruimte voor anderen. Zij doen aan manslamming.

Dit soort woorden zijn niet alleen nuttig om ervaringen van vrouwen te omschrijven. Ze definiëren en problematiseren situaties die te lang onzichtbaar en daardoor vanzelfsprekend waren. Vrouwen kunnen taal vervolgens gebruiken om verandering te eisen:

change begins by pointing out what needs changing. All of these stories happened because women started speaking up about these things, started saying, you need to make room for us here. Whether we’re talking about the subway or the sidewalk or sex, guys, you need to not have selfishness as the default. And the easy cure for manspreading is simple manners.

Vooruitgang!

Belangrijke werken uit de tweede feministische golf

De Zesde Clan hoopt dat iedereen het werk gelezen heeft van Joke Kool-Smit. Bijvoorbeeld Het Onbehagen bij de Vrouw, waarmee ze de tweede feministische golf in Nederland officieel opstartte. De tweede feministische golf leverde echter meer klassiekers op, in binnen- en buitenland. The New Statesman besteedt op dit moment in de serie Rereading the Second Wave aandacht aan auteurs, die het feminisme vooruit hielpen. (Oh, en weet je niet goed wat feminisme is? Deze beroemde auteurs leggen het je graag uit.)

Serie Rereading the Second Wave  begon vanwege een zorg. Mensen spreken zeer vaak ongenuanceerd over de veelkleurige wereld van het feminisme, daarbij geholpen door een vijandige pers. Zo zou de tweede feministische golf zich vooral gericht hebben op het triviale gezeur van blanke vrouwen uit de middenklasse. Afschaffen die handel.

Niet doen, vindt de redactie van The New Statesman. Want dan gooi je het kind met het badwater weg. Plus bonuspunten voor het napraten van vijandige cliché’s:

by rejecting the Second Wave wholesale – as embarrassing dinosaurs, who we must execute in the relentless quest for the sunlit uplands of True Equality – we are falling into a sexist trap. First, because no great political idea or movement is perfect, and the demand for perfection is often used as a way to keep women in their place; and second, because so much of the criticism of the Second Wave is so relentlessly personal.

Kijk je wat verder, dan blijkt dat feministen in de periode van ruwweg 1965 tot 1985 belangwekkende theorieën ontwikkelden en interessante inzichten verwerkten in essays, polemieken, analyses en pamfletten. Die vervolgens weer voor vruchtbare discussies zorgden. En die bij herlezing voor een groot deel nog verrassend actueel blijken te zijn – onder andere omdat seksisme een diep in de samenleving verankerde praktijk is, met structurele patronen van uitsluiting en marginalisering waar je niet makkelijk vanaf komt.

Vandaar dat de herlezing van klassieke werken een bron van erkenning, herkenning en inspiratie kan zijn. Neem een kijkje bij de essays over

  • Hélene Cixous, een Franse feministe die vrouwen in De Lach van de Medusa opriep om zichzelf centraal te stellen
  • Audre Lorde, die in haar werk de driedubbele marginalisering analyseerde die voortvloeit uit de status van zwart, vrouw en lesbisch
  • Luce Irigaray, die in kaart bracht hoe de helft van de wereldbevolking (m) het culturele, symbolische en praktische landschap bepaalt voor de andere helft van de wereldbevolking (v), en welke effecten dat heeft: ,,In an important sense, women’s work makes the world. And their labours are often unrecognised, and undervalued.” 
  • Shulamith Firestone, die een van de eerste bestsellers van de tweede golf op haar naam zette en pleitte voor het compleet afschaffen van de tweedeling man-vrouw – iets wat zulke revolutionaire gevolgen zou hebben voor de  machtsstructuren die de huidige samenleving vorm geven, dat veel mensen het een bedreigend, ondenkbaar idee vonden en vinden

Voor alle mensen die feministen willen wegzetten als doorgedraaide mannenhaters: meestal volgt dan een verwijzing naar Valerie Solanas en haar politieke pamflet over de Society for Cutting Up Men. The New Statesman herpubliceert ter gelegenheid van de serie een essay over Solanas, en brengt naar voren waarom haar vlammende aanklacht meer dan ooit relevant is voor vrouwen vandaag:

These days, there may be much talk of the work/life balance, as this has become the polite and coded way of discussing sexual politics, but Solanas is not polite. She is gloriously succinct. She understands that women will not benefit merely from economic equality, to which she refers, beautifully, as “co-managing the shitpile”.[…] The conflict that Solanas advocates is not between men and women. You see, we don’t need to eliminate men, as they are doing it all by themselves. The real conflict is between the women of Scum and the nice daddy’s girls who have bought into the system. 

Kortom, het gaat niet om primitief mannen haten, ”wraaaaah!!!!” en op naar gevangenis of gekkenhuis. Het gaat om de spanningen die ontstaan tussen mensen die meewerken aan hun eigen onderdrukking, en mensen die af willen van allerlei verstikkende machtsverhoudingen en hiërarchieën. (Ja, deze zin klopt. Vrouwen zijn ook mensen.)

Zelf heeft de Zesde Clan nog een paar andere suggesties en leestips.

  • Neem een kijkje bij FRAGEN, oftewel Frames on Gender. Bibliothecarissen uit 29 Europese landen selecteerden per land tien teksten uit de Tweede Golf die zij cruciaal achten voor de ontwikkeling van het feminisme. Nederland kwam tot een shortlist met onder andere Baas in eigen Buik, De Schaamte Voorbij van Anja Meulenbelt, het artikel De Witte Toren van Vrouwenstudies en Racisme en Feminisme.
  • The Madwoman in the Attic verscheen in 1979 en schudde de literatuurkritiek grondig en blijvend op. Jane Eyre lezen zal nooit meer hetzelfde zijn als je kennis hebt genomen van de analyse van Gilbert en Gubar.
  • Laura Mulvey introduceerde in 1975 het begrip ‘male gaze’. Waarna film kijken nooit meer hetzelfde zou zijn: ,,Psychoanalytic theory is thus appropriated here as a political weapon, demonstrating the way the unconscious of patriarchal society has structured film form”.
  • Peggy McIntosh valt officieel nét buiten de tweede golf, die heet te eindigen rond 1985. Maar zij is degene die de wereld in 1988 het begrip ‘blank mannelijk privilege’ schonk. De term om het stelsel van voordelen mee aan te duiden, waardoor blanken en mannen bonuspunten en kansen krijgen op basis van hun huidskleur en sekse. The New Yorker sprak met haar over haar vondst en wat er daarna gebeurde – discussies, levendige debatten, hoon, lof en alles daartussen. Check your privilege….
  • Third World, Second Sex legde in 1984 haarfijn uit waarom bewegingen van nationale bevrijding graag gebruik maken van de diensten van vrouwen, maar hen daarna als een baksteen laten vallen. Neem bijvoorbeeld Nicaragua, waar de Sandinisten vrouwen allerlei beloftes deden. Waarna de erfgenamen van deze beweging onder zware druk van de katholieke kerk vrouwen beroofden van hun reproductieve rechten. Misstanden volgen massaal, signaleert Amnesty International, die felle kritiek heeft op deze situatie.
  • Wat doe je als zwarte vrouw, als zwarte mannen de antiracisme beweging domineren en feminisme de naam heeft iets te zijn voor blanke vrouwen? Je eigen standpunten ontwikkelen. In 1982 verscheen But Some of Us are Brave. De drie redacteuren, Gloria T. Hull, Patricia Bell Scott en Barbara Smith, werkten het begrip intersectionaliteit uit in hun kritiek op de manieren waarop huidskleur en sekse nadelig doorwerken in de levens van zwarte vrouwen.

Gesterkt door die stemmen van een jaar of dertig geleden kun je met hernieuwde energie beginnen aan een derde of vierde feministische golf. Waarbij de snoeiharde bezuinigingen wel eens de aanzet zouden kunnen geven tot een terugkeer naar de aloude grassroots beweging van de jaren zestig en zeventig. Wie weet waar dat allemaal nog toe zal leiden.

Graag besluiten we dit stuk met woorden die Joke Smit in 1972 schreef in de inleiding van haar bundel Hé zus, ze houen ons eronder:

We doen nog niet allemaal mee, maar dat komt wel. Want als we onze droeve ontdekkingen achter de rug hebben worden we steeds bozer en steeds vrolijker. Steeds bozer omdat we ontdekken dat de seksuele ongelijkheid in alles doorwerkt. Steeds vrolijker omdat we merken dat we onze slechte eigenschappen kunnen afleren en de goede, die we tot onze verbazing óok blijken te bezitten, voor het eerst kunnen gebruiken bij het toewerken naar een betere wereld die eindelijk mede van ons zal zijn. Als we ons met het feminisme inlaten worden we weer jong, of we nu vijftien zijn of tachtig. Want we beginnen opnieuw te leven.

 

Angela Crott ziet vrouw als vijand

Met mensen als Angela Crott hebben vrouwen, en meer in het bijzonder feministen, geen vijanden meer nodig. Haar artikel ‘Het is tijd voor de eerste maculinistische golf’ staat bol van het vijanddenken. Vrouwen doen het fout, en mannen moeten meer ruimte krijgen, anders komen jongens in de knel, aldus Crott.

Vroeger was alles beter!

Meteen in de inleiding geeft ze vrouwen al de schuld. Die hebben de man diens rol van beschermer afgepakt zodra ze via de tweede feministische golf wat meer zeggenschap kregen. Daardoor kampen die arme jongens nu met overbezorgde moeders die teveel macht hebben, en veel te snel een rem zetten op de lawaai-, actie-, geldings- en exploratiedrang van jongens. Mannen moeten de situatie redden, want zij laten jongens tenminste lekker hun gang gaan.

In Crott’s wereldbeeld bestaan er geen bezorgde, timide vaders. Jongens die liever in stilte een boek lezen, vallen ook buiten haar wereldbeeld. Moeders zijn louter vijandige wezens die vaders met argwaan bekijken en jongens inperken. Dat er ook wildebrassen onder de moeders voorkomen, past niet in haar theorie. Meisjes vallen al helemaal buiten de boot. Die moeten zichzelf maar redden, Crott bekommert zich alleen om de jongens.

Waarom geeft de Volkskrant Crott zoveel ruimte om haar onzinnige theorieën te spuien? Opzij ging in het vorige nummer in gesprek met vier deskundigen, die gehakt maakten van haar beweringen over mannelijkheid en problemen rondom opgroeiende jongens. Ruim daarvoor verwees de Zesde Clan haar verhaal al naar de prullenbak.

Ten tweede: heeft niemand het partijprogramma van de SGP gelezen? Daarin tref je dezelfde angsten aan. Mannen moeten echte mannen zijn, en vrouwen echte vrouwen, anders wordt het een chaotische zooi. De SGP grossiert in pareltjes zoals deze: ,,Man en vrouw hebben een verschillende aanleg en roeping. Het is onbegonnen werk om dit onderscheid weg te poetsen. Het hameren op gelijkheid en onderlinge uitwisselbaarheid van man en vrouw miskent de natuurlijke werkelijkheid.”

Haal het Bijbelse sausje er vanaf, en je houdt Crott over. Als de Volkskrant een kwaliteitskrant wil blijven, kunnen ze volgende pennenvruchten van deze mevrouw maar beter niet publiceren.

UPDATE: zie ook hoogleraar Jos Claessen, en wat hij schrijft over ‘het jongensprobleem’, o.a. op school:

Voor het ‘jongensprobleem’ in het voortgezet onderwijs worden onder meer ‘verklaringen’ aangevoerd als de komst van het Studiehuis en verschillen tussen jongens en meisjes in ontwikkelingssnelheid en rijping van het puberbrein. Maar: onderzoek dat deze verklaringen ondersteunt, ontbreekt. Wat we wel weten dat er tussen scholen grote verschillen bestaan in het studiesucces van jongens. Er zijn scholen die relatief veel meer jongens tot en met het eindexamen weten vast te houden. Het geheim van deze scholen is dat ze in hun hele onderwijsconcept oog hebben voor de uiteenlopende onderwijsbehoeften van hun leerlingen (jongens EN meisjes) en daar over de hele linie systematisch en actief op inspelen. Deze scholen hebben een mooie balans gevonden tussen structurering / kaders enerzijds en autonomie / stimulering eigen initiatief anderzijds.

1001 Vrouwen brengt geschiedenis tot leven

Ontroerend: een klein potlood met een de boodschap dat vrouwen óók moeten kunnen stemmen bij verkiezingen. Misschien niet zo spectaculair als de versierde show-BH van Mata Hari, maar wél een mijlpaal in de geschiedenis. Want met het stemrecht kregen vrouwen eindelijk toegang tot het democratische proces. Het kiespotlood is te zien in een expositie rondom het boek 1001 vrouwen, bij de Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, aan de Oude Turfmarkt. Tentoonstelling en boek prikkelen de geest. Els Kloek, pionier van de vrouwengeschiedenis in Nederland, kan tevreden zijn.

Ooit van Teuntje Straetmans gehoord? Deze Culemborgse kwam als koloniste terecht in Brazilië en voer daarna naar New York. Trijn Rembrandts dan? Heldin die tijdens het beleg van Alkmaar in 1573 de stad verdedigde. Maria Margaretha van Os? Schilderde stillevens. 1001 Vrouwen uit de Nederlandse geschiedenis brengt het ene na het andere onbekende verhaal. De portretten bieden unieke inkijkjes in het leven van eeuwen terug en brengen ten onrechte vergeten vrouwen terug in de belangstelling.

Door het boek bladerend vallen vanzelf patronen op. De middeleeuwen staan in het teken van religie en adel, met veel oorlog. Veel vrouwen vallen in een van de drie categorieën die daar mee te maken hebben. Als ze iets doen wat niet behoort tot kerk, politiek en oorlog, zijn vrouwen vooral te vinden in de handel, of treden ze op als weldoenster.

In de zeventiende eeuw verschuiven de classificaties. Nederland beleefde een Gouden Eeuw en ook voor vrouwen lagen hier opeens mogelijkheden. Veel portretten uit dit tijdvak vallen in de categorie beeldende kunst of dicht- en letterkunde. Politiek komt op een goede derde plaats. Nederland was immers een republiek geworden, en vrouwen uit de elite konden soms ook een rol spelen, bijvoorbeeld als regentes. Opvallend: de eerste actrices doen hun intrede, en vrouwen verkleden zich als man om op avontuur uit te gaan. Dat zullen ze daarvoor en daarna ook nog gedaan hebben, maar in de zeventiende eeuw blijkbaar vaker dan anders.

In de achttiende eeuw vormen schrijvende vrouwen de meerderheid, terwijl ‘kerk en godsdienst’, zo alomtegenwoordig in de middeleeuwen, nagenoeg uit beeld verdwijnt. In de negentiende eeuw gaan vrouwen zich voor het eerst actief organiseren om op te komen voor armen en verdrukten. Hier en daar dringt tot sommige vrouwen het pijnlijke besef door, dat zijzelf ook tot de armen en verdrukten horen. Er beginnen voorzichtig geluiden te klinken die je zou kunnen omschrijven als vroeg-feministisch. Vrouwen blijven ook actief schrijven en dichten in deze periode.

De twintigste eeuw brengt de eerste vrouwen die daadwerkelijk, als zelfstandig individu, mee kunnen doen met de maatschappij. Voor het eerst bereiken vrouwen op eigen kracht functies in de politiek. Film, toneel en muziek rukken op, vrouwen mogen studeren en officieel wetenschap bedrijven, en drukken met een eerste en tweede feministische golf een stempel op de samenleving.

Aan de verschuivingen van de rubriek waarbinnen 1001 vrouwen de portretten kan plaatsen, zie je precies hoe de maatschappij verandert en op welke terreinen vrouwen kansen kregen – en grepen. Dan merk je ook hoe ver we gekomen zijn. Tot na 1900 waren vrouwen formeel buitengesloten van instituties als bestuur, kerk, leger, universiteit en handelsbeurs. Ondanks die uitsluiting levert het boek vrouw na vrouw die toch naam wist te maken en invloed uitoefende op een bepaald gebied. Zodra ze wel toegang kregen tot springplanken naar de macht, drongen vrouwen prompt door tot het landsbestuur, de media, de wetenschap, enzovoorts. Het is heel mooi om dat te zien.

Tot 20 mei 2013 kun je dat bescheiden stempotloodje nog zien, plus het pistool van Hannie Schaft, en boeken en dichtbundels van geleerde dames uit de Nederlandse geschiedenis. En als je dan het bijbehorende boek meeneemt kun je daar nog wekenlang in bladeren en kennis maken met talloze voormoeders. Nog meer? De digitale tegenhanger van het boek, het Vrouwenlexicon, biedt alle relevante secundaire literatuur en nieuwe toevoegingen aan de reeks biografieën. Aanbevolen!

Drie mijlpalen voor de boekliefhebber

Heerlijk, lekker met een boekje op de bank! En daarna praten en nadenken over wat je hebt gelezen, of over de boeken zelf. Lezers komen deze tijd goed aan hun trekken, want vanwege drie jubilea wemelt het op dit moment van de beschouwingen over auteurs en hun werk. Betty Friedan publiceerde vijftig jaar geleden The Feminine Mystique (Het Misverstand Vrouw), Sylvia Plath publiceerde The Bell Jar (De Glazen Stolp), en dertig jaar geleden schudde Marion Zimmer Bradley het fantasy genre op met The Mists of Avalon (Nevelen van Avalon).

Bitch Magazine greep het jubileum rond Nevelen van Avalon aan voor een herlezing. Hoe houdt deze roman zich staande met het verloop van de tijd? Wat kunnen lezers er vandaag de dag mee? Veel, concludeert het magazine. Bitch vindt het niet vreemd dat de roman nog steeds hoog op de lijstjes van leeskringen staat:

Women! In epic fantasy! This is mildly exciting even today, but think back to the early 1980s and it’s even bigger news. By breaking into male-dominated science fiction and fantasy, and by writing woman and girl characters, Bradley and her contemporaries changed these genres in ways I value. It recasts a tale central to Western culture’s understanding of itself to focus on the traditionally-totally-flat mothers, sisters, wives, and witches. It complicates a story of Western civilization as fundamentally about manly men doing heroic stuff. This novel helped popularize a lively feminist tradition: rewriting histories, fairy tales, and other culturally-significant narratives from marginalized peoples’ perspectives.

Die bijzondere aspecten blijven lezers trekken. Wat in de jaren tachtig verfrissend werkte, maakt nu nog steeds indruk op lezers:

the primary reason Mists is seen as being “feminist” has less to do with the ideological content of the novel than it does with the fact that re-centering the King Arthur legend on the lives and experiences of women is subversive in itself. Women are rare enough in fantasy fiction in general (especially in the early 80s) to make the book remarkable for its time, and it’s still sometimes seen as a radical departure from the norm to make women the focus of stories in such a testosterone- and patriarchy-fueled genre.

Ook het jubileum van De Glazen Stolp deed veel stof opwaaien. Niet vanwege de inhoud – die is nog steeds tijdloos en even relevant als vijftig jaar geleden. Depressie blijft depressie, wie daar vijftig jaar geleden mee worstelde vindt nog steeds veel herkenning bij mensen die nu aan deze ziekte lijden of er vanuit hun beroep mee te maken hebben:

Ze geeft duidelijk weer hoe deze ziekte een geleidelijk proces is en het komt er prachtig uit dat je, ondanks de aanwezigheid van zoveel talenten, toch dood moet. De manier waarop zij over haar depressie schrijft maakt je als arts wijzer over wat zo’n ziekte met je doet. Ongrijpbaar en niet te stuiten, is de indruk die je over houdt. Het is hartverscheurend als er zoveel vóór je pleit, dat je dan niettemin zelfmoord pleegt.

Kortom, een klassieker, daar ligt het niet aan. Nee, het omslagontwerp viel verkeerd. Uitgeverij Faber besloot de jubileumeditie te tooien met het beeld van een jaren vijftig dame die lippenstift opsmeert terwijl ze in een handspiegeltje kijkt. Wel ja, hoe triviaal kun je het maken. Is het voor de vrouwtjes? Doe er dan maar een suffe cover overheen. Stop Plath maar onder de glazen stolp van het geminachte chicklit genre.

Boekomslagen toen en nu.

Het besluit past bovendien in een al wat langer bestaande trend in uitgeversland. Zo kreeg Wuthering Heights van Emily Brönte, een herontwerp a la Twilight, met veel zwart en één witte of rode bloem. Met zo’n marketing maak je het je publiek heel, heel moeilijk om schrijfsters serieus te nemen. Zulke ontwerpen creëren extra obstakels, waar mannelijke auteurs nooit mee lastig worden gevallen. Het is één van de vele redenen waarom zoveel canons bijna alleen mannelijke auteurs bevatten.

En welke invloed heeft dit op datzelfde publiek, met name vrouwen en meisjes? Welke boodschap ontvangen zij? Auteur Louise Stowell doet een gokje. Via Twitter stuurde ze het volgende commentaar de wereld in:

I think, after that Bell Jar cover, my next pitch for a kids book will be The Big Pink Book of Low Expectations For Girls. Commercial gold.

Inderdaad. Betty Friedan bleef zo’n chicklit omslag gelukkig bespaard. Bij haar gingen de jubileumartikelen weer over de inhoud. Friedan gooide een halve eeuw terug namelijk de knuppel in het hoenderhok. Al die zogenaamd gelukkige middenklasse huisvrouwen werden diep, diep ongelukkig van hun bestaan tussen stofzuigers en kinderen. Ze snakten naar een bredere horizon dan het plannen van de avondmaaltijd voor manlief de kostwinnaar. Met haar aanklacht legde Friedan de basis voor de tweede feministische golf in de Verenigde Staten. Ook inspireerde ze Joke Smit, die kort daarop Het Onbehagen bij de Vrouw schreef.

Hoe zou de inmiddels helaas overleden Friedan nu, vijftig jaar later, naar de situatie van vrouwen gekeken hebben? Zou ze iets te vieren hebben? Ja en nee, meende The Huffington Post:

Women’s Liberation gave me my voice, gave me possibility, gave me my life. Without feminism, I’m certain, my husband and I wouldn’t be celebrating our golden anniversary. If Betty Friedan were still alive, I’d send her roses with a little handwritten card: Happy Anniversary, Brave Woman, Thank you. And she’d say: Get up and email your representatives this very minute! It’s been nearly 100 years since the ERA was first proposed (1923!), but women still don’t have equal rights and equal pay in America. The Violence Against Women Act is currently up for reauthorization again, and so is the Paycheck Fairness Act.

Ook in Nederland betalen werkgevers vrouwen gemiddeld 8 procent minder salaris voor hetzelfde werk – een loonkloof die de Emancipatiemonitor beleefd ‘onverklaarbaar’ noemt, maar die gewoon duidt op seksisme. Ook in Nederland krijgt een op de 8 vrouwen te maken met een man die haar verkracht, om nog maar te zwijgen over huiselijk geweld. En gezinnen die de taken eerlijk willen verdelen, lopen nog steeds tegen zoveel obstakels aan dat de meesten vervallen tot een anderhalf verdienersmodel, waarbij de vrouw de halve uit dat model is en zichzelf financieel niet zelfstandig kan redden als het droomhuwelijk uit elkaar spat.

Kortom, we zijn er nog lang niet. Maar zoals uit het voorgaande al blijkt, is het een kwestie van een half leeg of een half vol glas. Want diezelfde anderhalf-verdienersmodel gezinnen willen in theorie de taken eerlijk verdelen. Dat houdt een enorme stap voorwaarts in. Het lukt meestal niet, maar mensen denken er wel over na. Op allerlei manieren dreunt The Feminine Mystique zodoende nog steeds na. Met vele debatten en gedachtewisselingen tot gevolg. En dat is mooi. Hoe meer dialoog, hoe beter.

BONUS: zie ook het vijftigjarig jubileum van The Golden Notebook van Doris Lessing.