Tag Archives: subtiel seksisme

De Gereedschapskist: micro-ongelijkheden

Zo erg is het toch niet meer, mensen? Vrouwen hebben stemrecht, mogen betaald werk buitenshuis verrichten, en lopen niet meer het risico om letterlijk als heks verbrand te worden. We hebben zelfs wetten tegen huiselijk geweld. Dus, als vrouwen nu nog geen gelijkwaardige positie in de samenleving innemen, komt dat omdat ze zelf liever thuis bij de kindjes zitten. Toch? Aha, maar dan rekenen mensen buiten de kracht van de micro-ongelijkheden.

De term ‘micro-ongelijkheden’ slaat op de opeenstapeling van kleine drempels, obstakels en moeilijkheden, die maakt dat mannen de wind in de rug hebben terwijl vrouwen tegen de wind in moeten voortploeteren. Het is het verschil tussen subtiele aanmoediging en ontmoediging. Subtiel, want het gaat om schijnbare kleinigheden, een bepaalde ondertoon:

Misogyny does not present itself with a neon sign reading “look! I hate women!”. I often wish it did, then at least we wouldn’t have to waste so much time demonstrating that it exists at all.

Uiteraard was het een vrouw die dit beestje een naam gaf. Econome Mary Rowe kreeg in 1973 een baan bij MIT, een prestigieuze technische universiteit in de V.S. Ze kreeg opdracht in kaart te brengen hoe het kwam dat sommige groepen duidelijk ondervertegenwoordigd waren, en wat de universiteit kon doen om toegankelijker te worden. Rowe verwachtte dat klinkklaar onrecht groepen zoals vrouwen tegen hield, maar dat bleek op een paar uitzonderingen na nauwelijks het geval. Nee, het zat ‘m in de geniepige details. De definitie van micro-ongelijkheden van Rowe:

I defined them as “apparently small events which are often ephemeral and hard-to-prove, events which are covert, often unintentional, frequently unrecognized by the perpetrator, which occur wherever people are perceived to be ‘different.’”

Denk aan ongelukjes, van het type goh, stond je niet op de lijst van genodigden, natuurlijk maak ik dat nu in orde. Of grapjes die beledigend zijn voor minderheden, zodat zij zich minder welkom voelen. Uitnodigingen met teksten als ‘breng je echtgenote mee’ – jammer voor jou als je vrijgezel of homo/lesbisch bent. Denkbeelden die er van uit gaan dat een bepaalde groep automatisch beter is of meer gekwalificeerd voor sommige taken. Een neerbuigende behandeling ondergaan, zo subtiel dat het lastig is om concreet aan te geven waarom je je zo gemarginaliseerd voelt – maar die minachting is wel degelijk reëel.

De lijst is eindeloos, maar Rowe merkte dat zulke schijnbare details en kleinigheden een groot negatief effect bereiken:

Little acts of disrespect, and failures in performance feedback, seemed to corrode some professional relationships like bits of sand and ice.  […]  I observed what I saw as the cumulative, corrosive effect of many inequities, and concluded that micro-inequities have been a principal scaffolding for discrimination in the US. Micro-inequities appeared to be a serious problem since much of this bias is unconscious and unrecognized—and even hard to believe when described—unless videotaped.

Wat Rowe signaleerde in 1973, geldt nu nog. Steeds opnieuw blijkt uit loopbaanonderzoeken dat vrouwen niet tegen worden gehouden door één duidelijk aanwijsbare onrechtvaardigheid. Het gaat om een accumulatie van allerlei kleine effecten, waardoor het vrouwen niet lukt om tot de hogere regionen van organisaties door te dringen. Dat stelt mensen voor problemen. Zo interviewde het blad Pandora deze maand Piet Hoekstra, vice-decaan bij de faculteit Geowetenschappen. Hij stelt:

Dat maakt het probleem tamelijk ongrijpbaar,  je hebt niet de handvatten om er veel aan te doen. Als je iets wilt doen, moet dat met gericht stimulerend beleid. In het middenkader zijn verhoudingsgewijs al weinig vrouwen aanwezig en de doorgroei is in die hoek zeer beperkt. Als bezuinigingen een vacaturestop afdwingen en je formatie vast zit, gebeurt er een tijdlang niets.

Kortom, het gaat om een hardnekkige situatie en bezuinigingen maken het er niet beter op.

Zijn we nu voor altijd en eeuwig de klos? Nee. In plaats van vrouwen al dan niet subtiel op hun plek te zetten, kunnen organisaties en mensen vrouwen óók, al even subtiel, hints geven dat ze er mogen zijn. In plaats van micro-ongelijkheden pleit Rowe voor het toepassen van micro-affirmaties. Dat zijn volgens haar alledaagse, kleine gebaren, soms onopvallend in het voorbijgaand gemaakt, die voortkomen uit de wens van de één dat de ander kan bloeien. Denk aan een welgemeend complimentje, een introductie tot een belangrijk persoon, of een gerichte uitnodiging voor een netwerkbijeenkomst.

Micro-affirmaties gaan verder dan gericht stimulerend beleid van een organisatie. Het gaat om de houding van mensen, de werkcultuur, breed duidelijk maken dat vrouwen meetellen. Zelfs in een tijd van bezuinigingen en vacaturestops hebben zulke verwelkomende gebaren volgens Rowe een groot effect. Het zorgt ervoor dat je de vrouwen die je hebt, daadwerkelijk behoudt. Het zorgt ervoor dat vrouwen enthousiast blijven voor hun vak. Het zorgt voor een goede basis om, als de economische crisis eindelijk ten einde loopt, volop verder te bouwen aan diversiteit.

Weblog De Tweede Sekse viert vierjarig bestaan

Vier jaar lang De Tweede Sekse! Dat viert deze Nederlandstalige site van Belgische feministen met een eigen overzicht en, te publiceren in de komende tijd, een aantal gastbijdragen. Onder andere eentje van De Zesde Clan. (Ja, het is shameless self promotion monday).

Alles begon in oktober 2008 met een artikel over ‘goedaardig’ seksisme. De paternalistische houding van mannen die als ware ridders vrouwen moeten beschermen, of dubieuze complimenten van het type ‘vrouwen zijn zo goed met kinderen’ – en dus behoudt hij zijn baan met dito salaris, en mag mevrouw haar betaalde werk opgeven om thuis gratis de wc te poetsen.

Sindsdien is er veel gebeurd, schrijft De Tweede Sekse:

meer bijdragen van meer mensen, veel meer lezers en we hebben zelf ook zoveel bijgeleerd. Want als je echt ergens iets over wil leren, probeer er eens over te schrijven – het helpt. […]  Ondertussen is deze blog een gevestigde waarde, een klein dorpje waar feministes graag verblijven. Wie nieuwsgierig is kan hier over tientallen onderwerpen bijleren, wie de seksistische buitenwereld moe is kan hier even uitblazen.

Eén van de reden voor de oprichting van het weblog spreekt boekdelen. Er bestond gewoonweg geen enkele Nederlandstalige feministische blog op dat moment, schrijft De Tweede Sekse. Daarom nam deze groep Belgische feministen het heft in eigen handen.

Grappig, want dat was ook één van de redenen voor de oprichting van de Zesde Clan. Je hebt in Nederland wel officiële weblogs, zoals op de site van Aletta, instituut voor vrouwengeschiedenis. Maar particulieren, die zonder band met een instituut, organisatie of overheidsorgaan over feminisme schrijven? Het is (en blijft) een zeer, zeer schaars goed.

Goed dat er ruimtes te vinden zijn, waar feministen vrij en ongedwongen op zoek kunnen gaan, ideeën uit kunnen wisselen, en nieuwe inzichten krijgen. Gefeliciteerd, en dat De Tweede Sekse nog lang moge bestaan!

Modern seksisme valt moeilijk te bevechten

The Good Girls Revolt, net uit in de Verenigde Staten, laat zien dat betaald buitenshuis werkende vrouwen betere arbeidsomstandigheden aantreffen dan in de jaren zeventig. Leve de vooruitgang. Paradoxaal genoeg is het volgens auteur Lynn Povich juist vanwege die positieve ontwikkeling tegenwoordig moeilijker voor vrouwen om zich te verzetten tegen discriminatie. Want anno 2012 is seksisme zooo passé, dat komt niet meer voor. Denken we. Met als gevolg dat we niet weten wat ons overkomt, als we stuiten op de vele manieren waarop subtieler seksisme vrouwen ondermijnt en terug in hun hok duwt.

Hedy d’Ancona verwoordde het mooi in een interview in het meest recente nummer van tijdschrift Opzij. Waarom worden vrouwen niet kwaad, vroeg ze zich af. De sociale revolutie bleef achterwegen, vrouwen schipperen nog steeds tussen betaald werk en onbetaalde zorg, en bij scheiding of andere narigheid lopen vrouwen een groot risico om tot armoede te vervallen.

Povich geeft een deel van het antwoord. In theorie zou sekse niet meer uit moeten maken. Vrouwen mogen studeren, een eigen inkomen verdienen, vrijuit over straat lopen (- tenzij ze de heer Broertjes als burgemeester treffen, dan krijgt een vijftienjarig slachtoffer van geweld te horen dat ze midden in de nacht niet door Hilversum had moeten lopen, zijn eigen dochter zou dat ook niet mogen, wat deed dat meisje daar. Bijna logisch dat mannen je been breken, eigen schuld, dikke bult.)

Groot is de schok als je denkt dat alles mag en kan, om vervolgens te merken dat je als vrouw minder snel vooruit komt, minder salaris ontvangt, en op de een of andere manier faalt. Eigen schuld, dikke bult, denken vrouwen dan opnieuw. Blijkbaar deden ze iets verkeerds, blijkbaar waren ze niet duidelijk, blijkbaar hebben mannen toch meer kwaliteit dan vrouwen, anders mochten ze wel meepraten in de formatie onderhandelingen, of meeregeren met Rutte, en werden ze wel wat vaker hoogleraar.

Good Girls Revolt gaat in op deze kwesties aan de hand van ontwikkelingen bij Newsweek. Vrouwen begonnen vanaf de jaren zestig bij dit Amerikaanse blad te werken, maar ze merkten al snel dat hun sekse een hindernis vormde:

Lynn Povich, a 47-year journalism veteran who started as a secretary in the Paris bureau of Newsweek magazine in 1965, tells the story of 46 women with degrees from top schools who got tired of a system that relegated them to jobs checking facts and clipping newspaper stories, while men with similar credentials got the bylines and big salaries.

Als ze lieten merken dit niet leuk te vinden, kregen ze te horen dat vrouwen eenvoudigweg niet journalistiek konden schrijven. Hun opleiding, ambitie, en wensen deden er niet toe. Schrijven was voorbehouden aan de mannen, want die waren ervoor geboren en vrouwen niet. Punt.

Punt? Nou nee. In die omstandigheden is het onrecht duidelijk, en kun je concreet aan de slag met een herkenbare ‘vijand’. In 1970 stapten de vrouwen naar de rechter. Verschillende keren zelfs. Totdat Newsweek banen als verslaggever en senior editor openstelde voor vrouwen. Met de rechtszaken dwongen vrouwen af dat eenderde van de journalisten vrouw moest zijn, en eenderde van de feiten onderzoekers mannen, om te laten zien dat deze taak op geen enkele manier ‘typisch vrouwenwerk’ was.

Sindsdien is het echter minder zichtbaar geworden wat vrouwen tegenhoudt om vrijuit door te stromen. Dat aspect is van groot belang, want wie het verleden niet kent, is gedoemd in herhaling te vervallen:

…there has been a drastic shift in the way that women approach their careers since Povich’s generation: These young women grew up thinking they could do anything in the workforce, and when they encounter sexism, they don’t know what it is or what to do. Bennett, for one, didn’t even think of herself as a feminist until she encountered discrimination herself. That’s common enough in my generation of college students and 20-somethings, I think. We tend to blame ourselves before turning on the system. We are so used to being equal that we wouldn’t know sexism if it subtly dismissed our work at every chance. For Povich, this is frustrating. She hopes books like hers serve as a corrective. The kind of history she’s telling is “not discussed enough with our daughters and our daughters’ daughters,” she told me.

En ook dat is logisch. Probeer je het wel, dan vliegen de verwijten en beschuldigingen je om de oren. Slachtoffergedrag, foei! Zeur niet zo! Bah, daar heb je die zure mannenhaters weer! Of nee, kille carrière bitches die geen enkel respect hebben voor nobele huisvrouwen. Dat is de stok.

Daarnaast heb je ook de strooppot. Vrouwenbladen zoals Libelle en Margriet schrijven in hun kolommen iets te vaak en iets te nadrukkelijk dat moeders die zich voornamelijk bezighouden met kind en keuken de juiste keuze maakten, zij zijn degene die zich bezighouden met de dingen die er echt toe doen. Een andere variant vind je in spirituele bladen zoals Happinez. Daar krijgen vrouwen ook allerlei complimenten. Dat ze vanwege hun baarmoeder zo fijn één met de natuur zijn, scheppende vermogens hebben. Daar moeten ze dan maar dik tevreden mee zijn.

Tussen stok en strooppot is het lastig manoeuvreren. Je moet wel heel zeker van je zaak zijn wil je in zo’n vijandig klimaat een standpunt innemen wat neerkomt op dat wat d’Ancona aangaf, namelijk dat we er nog lang niet zijn. Het roze en blauwe keurslijf knelt nog steeds, maar het is onduidelijk geworden bij wie je moet zijn om de veters losser te trekken. Dat brengt Povich prachtig in kaart.

Filosofen richten zich op impliciete vooroordelen

Als vrouwen te horen krijgen dat ze iets niet mogen doen, heb je te maken met openlijk seksisme en kun je dat aanvechten. Maar wat doe je met verborgen seksisme, subtiele discriminatie, een onuitgesproken web van vooroordelen? Er valt bijna niet tegen te vechten. De ander kan altijd roepen dat je je aanstelt, of spoken ziet, of dat hij/zij het niet zo bedoeld had, gutteguttegut, wat een gezeur. Het vakblad voor Sociale Filosofie herkent deze problematiek en wijdt er een speciaal themanummer aan (link werkt tot en met 31-12-2012).

Het tijdschrift signaleert dat de studierichting Filosofie, van alle ‘zachte vakken’, de minste vrouwen telt. Naast openlijke uitsluiting en problemen zoals seksuele intimidatie, vindt er ook een subtiele discriminatie van vrouwen plaats, waar de academische wereld pas sinds kort enige aandacht aan geeft. Gebrek aan onderzoek maakt dat harde cijfers tot nu toe schaars zijn – dit bemoeilijkt de discussie. Daarnaast dragen verschillende trends bij aan een verdere versluiering van de problemen.

Zo beargumenteert Margaret Crouch in haar bijdrage aan het themanummer dat Amerikaanse universiteiten nog wel naar diversiteit streven, maar dat zij dit gieten in een marktmodel. Het gaat niet meer om rechtvaardigheid en emancipatie, maar om het verbeteren van producten en het verhogen van efficiency. In de Verenigde Staten staan universiteiten bovendien onder druk om zakelijk te presteren en mensen op te leiden voor werk. In dit marktdenken komt filosofie al snel onder vuur te liggen als een wazige studie voor losbollen. Dit klimaat is niet bevorderlijk voor het stellen van fundamentele vragen en nadenken over hoe de wereld in elkaar zit.

Ga je echter gericht kijken naar de departementen Filosofie, dan valt er genoeg te bespreken. Zo wijzen diverse auteurs erop dat onbewuste vooroordelen elkaar op allerlei manieren versterken. Als mannen domineren, bepalen zij bijvoorbeeld de groepscultuur. Mannelijke studenten voelen zich vervolgens eerder thuis in dat klimaat. Vrouwelijke studenten stromen eerder uit omdat ze aan alle kanten voelen dat ze niet echt mee mogen doen.

Daarnaast geven mensen het werk van mannen of als mannelijk gekwalificeerde eigenschappen een hogere status. Daar zijn leuke onderzoeken naar gedaan. Een identiek cv scoort bijvoorbeeld hoger als de beoordelaar denkt dat het om een man gaat. Voor vrouwen is het in zo’n culturele context moeilijker gezag te verwerven, een goede reputatie op te bouwen en in aanmerking te komen voor promotie.

Ook onderzoeksmethoden kunnen bestaande ongelijke verhoudingen in stand houden of zelfs versterken. Zo kun je onderzoek doen naar de ideeën die mensen hebben. Als je echter alleen daarover praat en geen aandacht besteedt aan de context waarin deze gedachten ontstaan, blijf je oud gedachtengoed herhalen. Je bouwt de vooroordelen al in terwijl de studie nog moet beginnen.

Het gaat ook mis als je programma’s samenstelt en zegt ‘we letten alleen op de kwaliteit’. Dan krijg je situaties waarin onbewuste vooroordelen de vrije hand hebben. Plotseling, geheel toevallig, blijkt dan dat kwaliteit gelijk staat aan mannelijk. Vrouwen vallen af. Dat gebeurde bij de vorming van het kabinet Rutte, en je ziet dit mechanisme opnieuw in Engeland, waar de regering gereorganiseerd werd en opeens opvallend veel vrouwen het veld moesten ruimen. Dit is geen toeval, maar een hardnekkig patroon van het diskwalificeren en marginaliseren van vrouwen omdat zij geen man zijn.

Het gaat ook mis als je denkt een vrije discussie te voeren, terwijl in wezen de dominante groep de dominante cultuur uitdraagt:

Although philosophers aim to advance truth and understanding, some common practices of philosophical exchange can function to silence and misrepresent the concerns of those who are marginalized within the discipline. […]  Her examination of a recent online exchange illustrates how implicit biases against women can be perpetuated in this manner. Ultimately, she suggests that greater critical reflexive attention to philosophical practices and norms of discussion can help address these problems.

Kortom, genoeg wetenschappelijke bijdragen om je tanden in te zetten…

Vrouwen als wondermiddel

Als vandaag de dag iemand zou roepen ‘vrouwen zijn van nature veel geschikter om voor kinderen te zorgen, dus ze moeten thuis achter het aanrecht blijven zitten’ zouden veel mensen daar aanstoot aan nemen. Dus wat gebeurt er? Mensen laten het laatste deel weg en houden het bij het eerste, op het eerste gezicht positieve element van de bewering. De positieve variant hoor en lees je dagelijks zonder dat er iemand wat van zegt. Terwijl toch echt hetzelfde gebeurt: mensen op basis van hun anatomie in een hokje opsluiten, waarbij de gendercliché’s welig tieren.

Voorbeelden: vrouwen die beter in aandelen zouden kunnen handelen, omdat mannen nou eenmaal teveel testosteron in hun lijf hebben om na te denken. Seksschandalen bij de Amerikaanse Geheime Dienst oplossen door meer vrouwen aan te nemen, want tsja, boys will be boys. Vrouwen die veel creatiever zouden zijn dan mannen, omdat alleen zij nieuw leven kunnen produceren. Het lichamelijk determinisme leeft en dringt steeds dieper door in de samenleving….

Lees even mee. Tijdschrift Happinez nummer 3 had als thema Puur en bevatte een interview met Irene van Lippe Biesterveld ‘over moed, vrouw-zijn en verbinding’. De interviewtekst was een en al vrouwelijke intuïtie, baarmoeders, nieuw leven kunnen genereren en daardoor een speciale band hebben met mens en natuur. Alleen de soundtrack met sereen engelengezang ontbrak. Mannen kwamen er bekaaid vanaf in het stuk. Ietwat meewarig heette het dat zij geen leven geven en daardoor toch een beetje minder verbinding en creativiteit kunnen hebben, de stakkers.

In andere landen lusten ze ook pap van dit lichaamsdenken. Zo raakten agenten van de Secret Service in opspraak toen ze voor een dienstreis van president Obama een wilde avond in hun hotel hadden, inclusief drank en prostituees. Prompt introduceerden verschillende mensen vrouwen als een soort Vim, wast witter dan wit. Voeg wat vrouwen toe en je hebt geen seksschandalen meer. Want:

…changing an organization’s culture is pretty hard work. But when the culture in need of change is a macho culture where good old-fashioned debauchery and “boys being boys” is OK as long as no one gets caught — the solution is pretty straightforward: Hire more women. Isn’t it funny how having to work alongside a woman who, for instance, knows your wife — seems to inhibit old fashioned male fun?

De vrouw als nanny, die met haar zure ‘pas op of ik vertel het je echtgenote’ houding mannen afremt, omdat die zichzelf natuurlijk niet af kunnen remmen. Het zijn jongens, je kunt van hen geen volwassen gedrag verwachten. Van een vrouw blijkbaar wel? Niet alleen drukt dit vrouwen in de rol van azijnpisser die alle lol laat verdwijnen, maar het maakt van mannen domkoppen die alleen met hun penis denken. Dat is behoorlijk beledigend voor beide seksen, zou de Zesde Clan denken.

Dan de economische crisis. Dagelijks ondervinden we met ons allen de gevolgen van wankele banken en de ineenstorting van de handel op Wall Street. Hier heet de vijand testosteron, en als de financiële wereld nou maar meer vrouwen aanneemt, dan zou zulk onverantwoordelijk gedrag nooit meer plaats vinden. Ook hier klinken de argumenten op het eerste gezicht positief, maar opnieuw sluit het mensen op in negatieve keurslijven:

The argument is, on the face of it, pro-women. After all, it’s saying women are good at something; they’re good at not being overconfident. But is it feminist? Not really. Broad behavioural generalisations based in biology rarely do women much good. Along with “risk aversion” goes “less competitive” and “less confident”. Banking may need these traits but they aren’t attractive to employers, and it’s damaging to saddle an entire gender with them.

Niet alleen is dit type denken schadelijk voor vrouwen, maar het is ook nog eens gestoeld op drijfzand. Steeds meer wetenschappers komen erachter dat natuur en cultuur, oftewel je lijf/genen versus je omgeving, een zeer complex thema is. Zie bijvoorbeeld het boek ‘Waarom we allemaal van Mars komen’ van wetenschapster Cordelia Fine, die haarfijn aantoont dat er zeel veel onzin verschijnt over de ware aard van de vrouw en de man:

Fine beweert niet dat er géén verschillen bestaan tussen mannen- en vrouwenhersenen, en evenmin dat alle neurowetenschappers onzin verkopen. Wel toont ze haarfijn, en bijzonder geestig, aan dat veel onderzoek te kleinschalig is, dat resultaten vaak worden opgeblazen en gretig worden versimpeld voor het brede publiek. Ze geeft voorbeelden van onderzoeken naar emoties van mannen en vrouwen, uitgevoerd op dode proefpersonen, van onderzoek waarbij een van beide seksen simpelweg ontbreekt en van baby’s die al een voorkeur zouden hebben voor meisjesspeelgoed op een leeftijd dat ze onmogelijk de voorgehouden objecten kunnen identificeren. Het gaat Fine vooral om de sprong van hersenen naar gedrag, die al te gemakzuchtig wordt gemaakt.

Ook als die sprong van hersenen/lichaam naar gedrag op het eerste gezicht vleiend uitpakt voor vrouwen, gaat het in wezen om een inperkend, negatief denkpatroon waarbij vrouwen in een roze ghetto belanden en als klapstoelen behandeld worden. Ze zijn even nuttig om overmoedige bankiers en losbandige agenten terug te fluiten, en het is fijn dat vrouwen vanwege hun levengevende vermogen zo creatief zijn, maar ondertussen gaan mannen vrolijk door met het regeren van de wereld en het verdienen van topsalarissen.

Internet brengt seksisme in kaart

Het is snel, wereldwijd toegankelijk en iedereen kan een bijdrage leveren. Geen wonder dat internet steeds vaker een rol speelt bij het documenteren van seksisme. In korte tijd is het aantal plaatsen waar mensen hun ervaringen bundelen, enorm toegenomen. Van een site van de Commissie Gelijke Behandelingen waar vrouwen discriminatie op het werk vast kunnen leggen, tot een enorme stapel Twitterberichten met ervaringen van alledaags seksisme, het biedt geweldig studiemateriaal.

Meestal zorgen incidenten of inzichten ervoor dat zo’n site tot stand komt. De Commissie Gelijke Behandeling zette bijvoorbeeld de site flauwekulexcuus.nl op, omdat deze instantie veel oordelen moet uitspreken over discriminatie op basis van geslacht. Het gaat dan onder andere om vrouwen die om onduidelijke redenen te weinig betaald krijgen, werkgevers die vrouwen ontslaan zodra ze aangeven dat ze zwanger zijn, of werkgevers die onvoldoende doen om een veilige werkomgeving in stand te houden.

In een ander geval leidde een los Twitterbericht tot een site vol ervaringen met seksisme. Het bericht was van columniste en journalist Linda Grant. Ze twitterde dat vrouwen veel te danken hebben aan feministes van het eerste uur. Want deze eerste golf zorgde ervoor dat vrouwen anno 2012 vrij voorbehoedsmiddelen kunnen gebruiken, het recht hebben om een ongewenste zwangerschap af te breken, en het recht kregen om een inkomen te verdienen en ook na hun huwelijk betaald werk te houden.

Die losse opmerking leidde tot een enorme hoeveelheid berichten van vrouwen die eigen voorbeelden van vooruitgang gaven, of juist hun confrontaties met alledaags seksisme anno 2012 opschreven en de wereld instuurden. Toen Grant deze berg Twitterberichten zag, besefte ze dat ze een goudmijn in handen had:

I realised I was curating, in real time, the on-going collective experience of the ways in which some men have tried to diminish women’s importance or deny us control over our own lives. […] Some began to suggest that there should be a permanent record of the tweets, before Twitter sent them into timeline oblivion.

Uiteindelijk zorgde een mannelijke Ierse software specialist ervoor dat de berg Tweets een permanent onderkomen kreeg op Duizend Redenen, in de zin van duizend redenen om feminisme in ere te houden.  Grant:

I hope that athousandreasons.com will serve as a free resource for students, academics, teenagers, mothers and fathers, to examine everyday experience, not rhetoric or theory, but the very air we breathe, the way we live, yesterday and today: the small indignities, the opportunities denied, the insults, the patronage, the dismissal, the ignoring, the diminishing, the low expectations, the whole indignity of sexism, including the relentless jokes about it, jokes that are rarely made in relation to racism.

Er zijn nog veel meer archieven van seksisme ontstaan. Alleen al in de afgelopen tijd de verzameling van Men Call Me Things, waarin vrouwen aangaven welke vloedgolf aan haat en bedreigingen met verkrachting ze ontvangen zodra ze op internet een opinie uiten. Of I did not report, over vrouwen en verkrachting, of deze site, waarin vrouwen (en een enkele man) vertellen hoe het is om te functioneren in en rondom faculteiten Filosofie op Amerikaanse universiteiten. Met ervaringen zoals deze, waarin een studente terecht komt in een klassieke confrontatie met een mansplainer:

A male peer, who I also count as a good friend, never engages me in any academic conversation. Whilst he asks the men for their academic opinions on a talk we all attended together, he quizes me only on my love-life and my attitude towards sex. When I initiate a philosophical discussion, he patronises me and quotes Aristotle (for example) at me, even if we are discussing a subject that I specialise in, and he does not.

Internet zorgt ervoor dat al dit soort ervaringen bij elkaar komen. Stuk voor stuk lijken het triviale gebeurtenissen, maar als je ze bij elkaar legt worden er patronen zichtbaar. Die kunnen duiden op een bepaalde cultuur, zoals de verkrachtingscultuur. Of standaard reacties van mannen op de ervaringen van vrouwen:

Male responses to the tweets fell into four categories. First, inevitably, the sexist banter (bet you wish your hubby had had to sign when you got your bill for your shopping spree ha ha). Some men tweeted me that they were cringing in shame at what they were reading; others dismissed my original tweet about the credit card application as an example of long ago, completely missing the point that the intention was to demonstrate that women’s equality has not always existed like grass and trees and had to be fought for. Others asked when was there going to be an International Men’s Day? There is one, it’s November 19, feel free to raise your own hell on it.

Op die manier zie je hoe al die ‘losse incidenten’ stukjes van een puzzel zijn. Dan ga je zien hoe alomtegenwoordig de minachting voor vrouwen is. Dan weet je dat het feminisme inderdaad nog steeds broodnodig is en actueler dan ooit. Het zou goed zijn als meer mensen dat door krijgen, zoals deze scholier.

Belgisch wetsvoorstel zet subtiel seksisme op de kaart

Tegen domheid kun je geen wetten uitvaardigen. Eén ding is echter zeker: subtiel seksisme in België is op dit moment het gesprek van de dag. Opeens plaatsen mensen bijvoorbeeld vraagtekens bij de sexy dames naast auto’s. Wat zegt dat over mannen en vrouwen? Wie is de norm en wie is ‘de ander’? Allemaal dankzij minister voor Gelijke Kansen Milquet,  die in een beleidsnota schreef dat ze seksisme aan wil pakken. Ze wil onder andere zwaardere sancties tegen verbale agressie tegen vrouwen, omdat het blijk geeft van minachting en een voorloper kan zijn van fysieke agressie.

Niemand zegt meer openlijk tegen een vrouw ‘jij mag hier niet werken want je bent een vrouw’. Die apartheid is afgeschaft. De mentaliteit van mensen verandert echter veel langzamer. Seksisme in subtiele en minder subtiele vormen is nog steeds alomtegenwoordig. De Standaard noemt het in een kop ‘vandalisme tegen vrouwen’. Het gebeurt dat in dag uit. Slechts weinig vrouwen voelen zich sterk genoeg in hun schoenen staan om hier werk van te maken:

Amper 55 dienden er tussen 2005 en 2010 een klacht in bij het Instituut voor de Gelijkheid van Vrouwen en Mannen. Dat zijn er negen per jaar. Vrouwen hebben duidelijk schrik om als humorloze bitch versleten te worden als ze klacht indienen. ‘Of erger nog: als feministe’, lacht er een. Of als weerloos tutje. ‘We zijn geen diersoort die beschermd moet worden.’ Vrouwen negeren seksisme nog liever dan het weg te lachen.’

Ondertussen valt er weinig te lachen. Want zoals deze krant signaleert tiert het seksisme welig: ,,Denk maar aan Open VLD-nestor Patrick Dewael, die CD&V-kamerlid Katrien Partyka en plein public toebeet dat het ‘goed is dat ze af en toe op de knieën ligt’. Dat heeft een groot nadelig effect op vrouwen. Schrijfster Kristien Hemmerechts zegt hierover in de Standaard:

‘Ik word er ziek van. Letterlijk: misselijk. […]  Studenten die ik een opmerking geef, hóór ik vaak denken: “Stom wijf.” Als vrouw word je minder au sérieux genomen. In de politiek, in de academische wereld, in de kunsten – noem maar op. Literaire generaties, bijvoorbeeld, worden nog altijd gedefinieerd in termen van de mannelijke auteurs. […] Dat seksisme gaat echt niet zomaar verdwijnen. Mannen begrijpen gewoon niet wat het is, seksisme. Ze kunnen dat ook niet begrijpen, denk ik. Blanken zullen ook nooit ten volle beseffen wat racisme is, of hetero’s wat homobashing betekent. Je moet het aan den lijve ervaren om te weten hoe verwoestend het is.’

Zulke minachtende haat maakt ook dat vrouwen minder goed gaan presteren. Bijvoorbeeld in de wetenschap:

In my experience, women often enough get the not so subtle look.  It used to be as bad as “O, isn’t it cute that you are trying to have some confused thought.” Now it is for me more likely to be “What idiot thing does this old woman have to say?”  Sometimes it can be quite explicit, as when a young man said after I delivered an invited talk, “I hope you don’t think your little point affects anything Block has to say.”  It has always interested me that these sorts of things can affect my performance.  Its as though one acts in accord with others expectations.

En als die verwachting is ‘jij bent een stom wijf, je hoort hier niet, jij zult falen’, dan is de kans groter dat een vrouw zich niet thuis voelt, zich dom gaat voelen, op gaat zien tegen het waarmaken van haar ambities. Want als ze dat wil, hoeveel obstakels komt ze dan wel niet tegen? Dat lukt noooooit… Etcetera.

Het verlammende effect van subtiel seksisme wordt niet alleen duidelijk aan de hand van individuele anekdotes, maar blijkt ook uit wetenschappelijk onderzoek. Mensen zijn sociale wezens. Openlijke minachting neem je bewust waar. Vaak zorgt het ervoor dat de reden voor de akelige behandeling duidelijk is:

…voordat ze daaraan begonnen, maakte de man bij wie ze solliciteerden een paar opmerkingen tegen ze. Waren die ronduit vrouwonvriendelijk dan verslechterden de prestaties van de vrouwen niet. Sterker nog, in sommige gevallen deden ze het juist beter op de tests. De onderzoekers denken dat dit komt doordat vrouwen het openlijke seksisme niet op zichzelf betrokken. Misschien wilden ze zelfs die kerel wel een poepie laten ruiken en waren ze daardoor extra gedreven om het goed te doen.

Subtiel seksisme is echter minder merkbaar. Grotendeels onbewust neemt een vrouw waar dat de ander haar minacht, afwijst, maar ze heeft geen idee waarom omdat de signalen onder de radar blijven. Bij gebrek aan een duidelijke ‘ vijand’  gaan vrouwen aan zichzelf twijfelen, ontdekte sociaal-psycholoog Sezgin Cihangir van de universiteit Leiden:

Van de vrouwen die zogenaamd werden afgewezen omdat ze foute antwoorden hadden gegeven, kregen we een heel ander beeld. Ze zochten de oorzaak van hun afwijzing bij zichzelf, met als gevolg een slecht zelfbeeld en slechtere prestaties op bijvoorbeeld IQ-testen. Vooral mensen die een lage zelfwaardering hebben, vertoonden deze reactie. Het gevaar hiervan is dat slachtoffers in een vicieuze cirkel terecht komen: door subtiele discriminatie presteren ze slecht, waardoor de daders van discriminatie hun vooroordelen bevestigd zien.’

Cihangir, die promoveerde op zijn onderzoek naar subtiel seksisme, merkt dat slachtoffers vaak geen melding doen van discriminatie:

‘Slachtoffers zijn geneigd te ontkennen dat ze gediscrimineerd worden. Als je zegt dat je gediscrimineerd wordt, erken je immers dat je tot een sociale groep behoort die anderen als negatief evalueren. Bovendien worden klachten over discriminatie vaak als aanstellerij gezien. Dat zijn redenen waarom mensen vermoedens van discriminatie voor zich houden.

Logisch dus dat het Instituut voor de Gelijkheid van Vrouwen en Mannen zo weinig klachten over seksisme ontving. En dan hebben we het nog niet eens gehad over de angst om gezien te worden als een feministe, als je een klacht indient. (Oh, en als je de discriminatie door krijgt, wáág het niet om boos te worden. Da’s nog erger dan een klacht indienen. De omgeving kotst je massaal uit.)

Nogmaals, subtiel seksisme bij wet verbieden lijkt een heilloze zaak. Het plan van minister Milquet brengt echter discussie op gang. Zo’n discussie kan de aandacht vestigen op de vele manieren waarop seksisme zich manifesteert. Dat kan vervolgens bewustwording op gang brengen. Bij vrouwen en bij mannen. Misschien is dat zelfs effectiever dan een wet. Heeft de actie van Milquet toch nog zin.