Tag Archives: status

Vrouwen weten dat ze geminacht worden

Wat een prachtig gesprek met voetbalcoach Vera Pauw in De Volkskrant. Vooral deze uitspraak raakte De Zesde Clan: ,,Als ik een overstap naar het mannenvoetbal zou maken, zou ik onder mijn niveau moeten werken, want ze zullen mij niet op hetzelfde niveau laten werken als ik doe bij de vrouwen. Voor mij is het dus geen promotie. Niemand zal mij accepteren in het mannenvoetbal.”

Vera Pauw.

‘Niemand zal mij accepteren in het mannenvoetbal’. Wat een pijnlijke constatering… Pauw spreekt hier eerlijk en open over een feit waar veel vrouwen diep van doordrongen zijn. Ze kunnen wel proberen iets te doen buiten hun ‘eigen terrein’, maar meestal stuiten ze dan op veel weerstand en ophef. Misschien klinken er wel mooie woorden, maar ondertussen accepteren de insiders hen niet. Vrouwen blijven meestal buitenstaanders, die je makkelijk op kunt offeren.

Pauw illustreert dat even verderop nogmaals, als het gaat om vrouwen in posities met macht:

Wat ik heel vaak heb gezien is dat bij bedrijven een vrouw ergens op een toppositie wordt neergezet, een tijdje later wordt er dan over haar gezegd dat ze ‘communicatief niet vaardig’ is en dan komt er weer een man op die positie. Let maar op hoe vaak er wordt gezegd dat een vrouw niet ‘communicatief vaardig’ is. Terwijl algemeen bekend is dat vrouwen juist communicatief vaardiger zijn dan mannen, tenminste als we al die boeken daarover mogen geloven.’

Voor vrouwen is dit Weten fnuikend voor de ambitie. Je moet bijna een kamikazepiloot zijn om onder die omstandigheden te proberen iets te bereiken buiten de geaccepteerde bezigheden van moeder, huisvrouw en werkneemster met een bescheiden baantje om. Waar mannen ongestoord hun ding kunnen doen – ,,Voor de carrière van mannen maakte hoog scoren op self-monitoring trouwens niet uit” – moeten vrouwen spitsroeden lopen.

De sociale druk om je te conformeren aan voor vrouwen geldende normen is groot, en veel vrouwen geven tenslotte toe. Ze trekken zich terug, geven het op. Waarna smalende artikelen volgen van het type ‘zie je wel, ze willen zelf niet, ze kunnen het niet, ze hebben geen ambitie’. Ondertussen blijkt uit onderzoek keer op keer dat vrouwen vooral stuklopen op vooroordelen en onbewuste mechanismen waarbij mannen mannen benoemen.

Gegeven die omstandigheden kiest Pauw er bewust voor om in het vrouwenvoetbal actief te blijven. Dan kan ze tenminste op haar eigen, hoge, niveau werken, weet ze. Maar helaas heeft ook die keuze nadelen. Je wordt onherroepelijk geconfronteerd met minachting: vrouwen en het vrouwelijke hebben geen status.

Ook in het vrouwenvoetbal is dat pijnlijk zichtbaar. Pauw’s Zuid-Afrikaanse voetbalteam kreeg bijvoorbeeld nauwelijks aandacht:

“Zeilen dan maar”, sluit presentator Jeroen Stomphorst de abrupt eindigende reportage ongemakkelijk af. Vrouwenvoetbal op leven en dood, in vier schamele minuten de huiskamer ingeslingerd. Het bord op mijn schoot blijft onaangeroerd, terwijl Studio Sport vrolijk verder rolt.

Vrouwenvoetbal algemeen kan vooral rekenen op desinteresse of openlijk gegniffel, en uiteraard een chronisch gebrek aan geld of andere investeringen. Terwijl iedere oefenwedstrijd van de mannen op prime time de Nederlandse huiskamers binnen rolt, en prof-spelers miljoenen euro’s vangen voor hun verrichtingen, moet je voor een uitzending van wedstrijden vrouwenvoetbal veel moeite doen. Je komt eerder ‘vrouwenvoetbal in lingerie’-toestanden tegen dan een serieuze wedstrijd.

Vrouwen zoals Vera Pauw, die in een karige, schrale wereld vol slechte opties toch nog de voor hen beste keuze maken, doorzetten, de minachting incasseren en proberen te blijven doen wat bij ze past, verdienen alle steun en alle bewondering.

Kwakdenken over hormonen en relaties

Renzo Verwer heeft een boek geschreven, ‘De Liefdesmarkt’. En zie, opeens krijgt hij van dagblad Trouw alle ruimte te beweren dat het geen zin heeft een vrouwenquotum van 30% in te stellen voor de besturen van grote ondernemingen. De vrouwtjes willen en kunnen dat namelijk helemaal niet, en dat komt door de biologische verschillen tussen man en vrouw. Vrouwen worden namelijk niet gediscrimineerd, schrijft hij. Ze missen gewoon het hormoon testosteron.

Renzo Verwer laat zijn frustraties de vrije loop.

Wie is Verwer? Een wetenschapper toevallig? Specialist in hormonen? Nou nee, hij werkte als journalist, maar stopte daar naar eigen zeggen mee, en is nu bibliothecaris. In zijn vrije tijd houdt hij een weblog bij en schreef hij een boek over de relatiemarkt. Hierin probeert hij mannen een hart onder de riem te steken. Dat is nodig, blijkbaar, want volgens Verwer stellen vrouwen tegenstrijdige eisen, klagen ze en rekenen ze mannen genadeloos af op vermeende foutjes – iets wat hij herhaalt in zijn ‘opiniestuk’ voor Trouw.

Mannen daarentegen hebben wel succes. Dat komt door testosteron, kraait Verwer, en door de mechanismen in de liefdesmarkt:

Een mensenmannetje kan naarmate zijn status hoger is van meer en/of betere mensenvrouwtjes seks krijgen; deze zijn dan toeschietelijker. Het is dus logisch dat machtige mannen (die nu in het verdomhoekje staan omdat een aantal van hen vrouwen verkrachten) meer proberen – ze hebben meer succes.

Logisch dat een man met status zich aan vrouwen vergrijpt? In het verdomhoekje staan na verkrachting? Wat Verwer hier doet is de ergste smoes voor verkrachting aanvoeren – de man is nou eenmaal zo, hij kan er niets aan doen. We moeten verder vooral begrip hebben voor mannen, want ze hebben het erg zwaar. Waarna hij van leer trekt tegen vrouwen: zij mist iets, zij klaagt, zij doet moeilijk.

In tegenstelling tot Verwer doet De Zesde Clan wel aan bronvermelding en onderbouwing. We verwijzen je graag door naar de uitstekende, wetenschappelijke boeken vanonder andere Deborah Cameron, Cordelia Fine, Anna Fels en Rebecca Yordan-Young. Wat deze onderzoekers doen is kritisch kijken naar de manier waarop generalisaties zoals Verwer ze spuwt, tot stand komen. Op basis van welk onderzoek? Hoe is dat onderzoek uitgevoerd? Klopten de methoden wel?

Als je op die manier analyseert wat er gebeurt schrik je je rot. Deze onderzoekers tonen namelijk aan dat veel studies naar sekseverschillen ernstige fouten vertonen, dat biologische verschillen heftig overschat worden in de westerse maatschappij, dat sociale factoren veel meer invloed hebben dan genen of hormonen.

Wetenschap is namelijk niet neutraal, maar wordt beïnvloed door de cultuur en de dominante ideologie in een samenleving. Dat kun je nu aantonen na gedegen analyses van wat er gebeurt, zoals de wetenschappers deden die we hiervoor noemden. Een andere methode is jaren en jaren wachten, waarna je je opeens gaat schamen om de vrouwenhatende onzin uit het verleden.

Zoals de in de negentiene eeuw volstrekt geaccepteerde theorie, met veel machtsvertoon geponeerd door respectabele wetenschappers, dat vrouwen niet moesten studeren omdat anders hun baarmoeder zou verschrompelen. Tegenwoordig herkennen we dat voor wat het is. Kwakdenken, van dezelfde categorie als ‘van rukken krijg je het aan je ruggemerg’. (Zie voor meer tenenkrommende ‘wetenschappelijke’  theoriën over vrouwen de compilatie In Her Place).

Verwer kan beter de bibliotheek induiken en een paar serieuze boeken lezen. Bijvoorbeeld die van Fine of Fels. Hun boeken zijn inmiddels in het Nederlands vertaald, dus de taal zou geen probleem moeten zijn. Dan herkent hij zijn opiniestuk hopelijk voor wat het is: seksistische onzin.

Was getekend,

De Zesde Clan

Het vrouwelijke geeft geen status

Waarom willen vrouwen wel politie agent worden, maar mijden mannen een bestaan als secretaresse als de pest? Zou dat komen vanwege vage planetaire toestanden, de oertijd, of heeft het te maken met status, macht en een goed inkomen? Sociologe Paula England van de Stanford Universiteit analyseerde de situatie, en komt uit op het laatste.

Geen status.

In een essay schrijft ze dat mensen veranderen als hen dat iets oplevert. Voor vrouwen is het erg aantrekkelijk als ze zich op door mannen gedomineerd terrein wagen. Zelfs als de omgeving hen straft voor het doorbreken van rolpatronen, worden ze gecompenseerd door een hoger salaris. En als het even meezit blijft de straf achterwegen en kunnen ze iets doen wat status oplevert.

Omgekeerd krijgen mannen nauwelijks aanmoediging om vrouwenwerk op te pakken. Het levert een verlies aan status op, of zelfs actief uitgesproken minachting. Bovendien krijg je voor vrouwenwerk stelselmatig een lager salaris dan voor mannenwerk. Sociologe England signaleert dat mannen alleen naar vrouwenberoepen doorstromen als ze geen keuze hebben. Bijvoorbeeld vanwege ontslaggolven in de sector waar ze eerst werkzaam waren.

Het gevolg? Meisjes zijn gaan voetballen en basketballen. Jongens zijn niet gaan cheerleaden en naar balletles gegaan. Ouders geven meisjes ‘jongensspeelgoed’, maar jongens krijgen geen poppen om mee te spelen. Vrouwen zijn wel broeken gaan dragen, maar als mannen een rok aantrekken blijft dat beperkt tot Schotland of middeleeuwse rollenspelen. Vrouwen zijn wel meer betaald werk buitenshuis gaan verrichten, maar mannen zijn binnenshuis niet veel meer gaan boenen en poetsen. 

Veel status. Brandweermannen zijn stoer!

Wat England met name verbaasde was hoe hardnekkig de onderwaardering van vrouwenwerk en het vrouwelijke blijft. Twee voorbeeldjes. Vrouwen zijn overal op de wereld nog steeds leidend in het segment onbetaalde arbeid. Zie deze mooie grafiek uit de New York Times. Tweede voorbeeld uit Nederland: het bestaan van het programma Man Liberation Front. Onder het mom van afgezaagde humor is de boodschap hier dat vrouwen speeltjes zijn en dat echte mannen het vrouwelijke mijden. Anders dreigt meteen het etiket ‘homo’. 

Is er een oplossing? Ja, zegt England, meer feminisme:

Even as women integrated employment and “male” professional and managerial jobs, the part of feminism challenging the devaluation of traditionally female activities and jobs made little headway. The result is persistently low rewards for women who remain focused on mothering or in traditionally female jobs and little incentive for men to make the gender revolution a two-way street. […] Given the recent stalling of change, future feminist organizing may be necessary to revitalize change. 

Kortom: minder Man Liberation Front, meer bewustwording over wat gender is, hoe we mannelijk en vrouwelijk beoordelen en waarderen, en meer ruimte voor mensen. Goed dat het boek Delusions of Gender van Cordelia Fine nu in het Nederlands vertaald is met als titel ‘waarom we allemaal van Mars komen’. Een mooie plek om te beginnen met de revolutie.

Monopolie schrijvers kan omslaan met wat gerichte aandacht

Status verkrijgen door een boek te publiceren is nog steeds voornamelijk voorbehouden aan blanke mannelijke auteurs. Zij krijgen de meerderheid van de recensies in gezaghebbende bladen, de opdrachten om te schrijven voor de gezaghebbende media, en domineren op die manier het publieke domein. Dat blijkt uit recent onderzoek naar de situatie van schrijfsters in de Engelstalige literaire wereld. Het kan ook anders. In Nederland slaat onder andere uitgeverij Artemis een andere weg in. En Engelse kranten wisten de monocultuur van blanke mannen te doorbreken door beter na te denken over hun aanpak.

Meer lezen over dit onderwerp? Dit boek is een goede keuze.

Eerst maar even het deprimerende nieuws, dan hebben we dat gehad. Zowel in Engeland als in de Verenigde Staten gaat driekwart van alle aandacht naar blanke mannelijke auteurs. Zij krijgen de recensies, en in eveneens driekwart van de gevallen was de recensent ook een man. Negatieve uitschieter is de New York Review of Books: hier verdwijnen vrouwelijke auteurs en recensenten helemaal uit het zicht. Maar liefst 83% van de bijdragen is een door een man geschreven bespreking van het werk van een man.

In het Nederlandstalige gebied is de situatie niet veel anders. Mariët Meesters constateert dat vrouwen statistisch gezien minder nominaties krijgen dan je op grond van hun aandeel in publicaties mag verwachten. Als ze al genomineerd zijn maken ze minder kans om te winnen. Ook merkt ze een toename van vooroordelen: mannen die zeggen dat vrouwen helemaal niet schrijven, of beweren dat vrouwen voornamelijk voor andere vrouwen schrijven, in hun eigen roze gekleurde niche markt. Ook in België laten studies zien dat schrijfsters veel meer moeite moeten doen om aan de bak te komen.

Verklaringen te over voor dit fenomeen: ontbreekt het de schrijfsters aan zelfvertrouwen? Of is het een gevolg van ingesleten normen en waarden, waarin een boek van een man automatisch hoger gewaardeerd wordt dan dat van een vrouw? De commentatoren bij een artikel in de Guardian denken dat dit laatste een grote rol speelt. Ze vergeleken onder andere romans van Dan Brown met Sophie Kinsella. In beide gevallen populaire boeken met bordkartonnen personages en onlogische verwikkelingen, maar Brown krijgt de recensies terwijl Kinsella hooguit genoemd wordt in reportages over chicklit. Hmmm…..

Dan zijn er nog de op de persoon gerichte vooroordelen. Niet alleen Mariët Meesters wijst daarop, het probleem kwam ook duidelijk naar voren in 2007, toen het Libris rapport de bijdragen van vrouwen massaal afserveerde als lichtgewicht. Auteur Herman Stevens nam deel aan een debatavond naar aanleiding van dit schandaal, en vat de situatie kort samen:

Er (wordt) in onze literatuur nog steeds met twee maten wordt gemeten. Terwijl een man zich nooit hoeft te rechtvaardigen als hij een boek de wereld instuurt, moeten vrouwelijke schrijvers allerlei vooroordelen overwinnen. […]  Schrijfsters zijn al gauw “lichtgewicht” en schrijven over “kleine persoonlijke wissewasjes en relatieproblemen al dan niet eindigend in moord of een cursus”.

Kortom, het literaire klimaat pakt anders uit al naar gelang je geslacht. Ben je een man dan is het klimaat warm en zonnig, vol schouderklopjes. Ben je een vrouw dan regent het en heb je te maken met gure tegenwind.

Kan het ook anders? Ja. In Nederland richt uitgeverij Artemis zich specifiek op schrijfsters. Met groot succes: ‘Haar naam was Sarah’ van Tatiana de Rosnay was in 2010 het best verkopende boek in Nederland. Het boek kwam dankzij Artmis beschikbaar voor Nederland, en met dit verkoopsucces kan de uitgeverij vrouwelijk talent verder koesteren en publiceren.

In de Engelstalige wereld weten literaire bladen soms ook uit het blanke mannen patroon te breken. De kranten Guardian en Observer plaatsten recensies die in bijna gelijke verhoudingen geschreven waren door mannen en vrouwen. De gerecenseerde boeken kwamen in ruim zestig procent van de gevallen van een mannelijke auteur, maar dat was beter dan de 83% van de New York Review. Dit positievere beeld is het gevolg van bewust beleid:

The Observer’s literary editor, William Skidelsky, said that it would be “unduly rigid” to attempt to enforce “a strict 50/50 division of genders on the Observer’s books pages”, but added that he does “try to ensure each week that there is a decent male-female spread in terms both of the authors we cover and the people we get to review them”.

Zo kan het dus ook. Het laat zien dat de scheve verhoudingen met bewustwording en wat aandacht in geen tijd te verbeteren zijn, en dat vrouwen meer kansen krijgen naarmate mensen beter inzien welke automatismen ze hanteren bij het kiezen van auteurs en recensenten. Hopelijk gaan meer media en uitgeverijen deze goede voorbeelden volgen.