Tag Archives: seksuele intimidatie

De Gereedschapskist: ”infrastructuur van onaantastbaarheid”

Handige term om bij de hand te houden in tijden van agressie tegen vrouwen, #metoo en personen zoals casting-poortwachter Job Gosschalk: infrastructuur van onaantastbaarheid. De term slaat op het stelsel van normen, waarden, machtsverhoudingen en praktijken binnen bedrijven en organisaties, die ervoor zorgen dat rotte appels jarenlang wegkomen met wangedrag jegens vrouwen.

Die infrastructuur bevat een aantal elementen: een cultuur waarin iedereen wéét dat er iets mis is, maar waar iedereen wegkijkt als mensen vrouwen behandelen als dingen. Een cultuur waarin bazen weten dat ze kunnen doen wat ze willen en omstanders vrouwen niet serieus nemen als die bezwaar maken tegen wangedrag. Een context waarbij afdelingen HR niet in staat zijn adequaat bij te sturen, of verkeerd reageren als een vrouw stappen wil ondernemen. Waar organisaties hun rotte appel de hand boven het hoofd houden omdat hij het geld binnen brengt, té belangrijk is, zorgt voor hoge kijkcijfers. Waarin anderen zijn loopbaan en reputatie belangrijker vinden dan dan de loopbanen en reputaties van zijn slachtoffers. Een cultuur van zwijgen.

Die infrastructuur hebben we ook in Nederland. Zo deed een assistent van Gosschalk een boekje open over de omstandigheden waarin deze man jarenlang acteurs seksueel kon belagen onder het mom van ‘auditie doen’. Ook in Nederland hebben we een cultuur van slachtoffers niet geloven. Zo gaf 43 procent van de mannelijke deelnemers aan een opinieonderzoek van EenVandaag te kennen dat vrouwen overdrijven als het gaat om de schandalen rond #metoo. Handige overtuiging, als je als man een groot maatschappelijk probleem weg wil wuiven en op geen enkele manier kritisch naar jezelf wil kijken. Zo houd je de problematiek in stand.

Daders krijgen in zo’n infrastructuur kans na kans om slachtoffers te maken of, als ze tegen de lamp liepen, opnieuw ergens aan de slag te komen (of te blijven). Mel Gibson kon zijn vrouw mishandelen en antisemitische taal uitslaan, maag mag nu gewoon weer prijzen ophalen in Hollywood alsof er niks is gebeurd. En de leiding van de New York Times besloot journalist Glenn Thrush aan te houden als medewerker, na gefundeerde beschuldigingen van seksuele intimidatie door meerdere vrouwen. Dit tot groot verdriet van journalistes, die de boodschap van wat zij dachten dat ook hun krant was, luid en duidelijk ontvingen: voor de krant is Thrush belangrijker dan zij.

Zo’n term als ‘infrastructuur van onaantastbaarheid’ is handig om nieuwe voorbeelden direct te herkennen. Je ziet de werking van die infrastructuur bijvoorbeeld in de manier waarop iemand als CDA-er Camiel Eurlings jarenlang aan kan blijven bij sportorganisatie NOC*NSF. Zoals dagblad AD uitlegt, was de organisatie bereid de mishandeling van zijn toenmalige partner te bestempelen tot een privékwestie en niet van invloed te laten zijn op zijn lidmaatschap. Vervolgens zit Eurlings daar als lid van het Internationaal Olympisch Comité (IOC) en automatisch ook als bestuurslid van de  NOC*NSF. Lekker ingenesteld. Hoe kun je hem nog weg krijgen? Het AD:

NOC*NSF kan alleen in een ‘goed gesprek’ vragen of Eurlings in vredesnaam wil vertrekken, als dat de eindconclusie is. Het oud-IOC-lid, dat niet met naam genoemd wil worden: ,,Op juridische gronden kun je niets doen, in zo’n geval moet je met elkaar om tafel gaan.’’

Maar dat is dan een aan tafel gaan in de wetenschap dat Eurlings kan blijven zitten, als hij besluit zich niks aan te trekken van alle kritiek en hij zijn status als paria voor lief neemt. Lijkt me super onverstandig als hij dat doet, maar het kan en het NOC*NSF staat erbij en kijkt er noodgedwongen naar.

Wat uiteindelijk zal helpen om deze infrastructuur te doorbreken is schaamte. Zoals Kwame Appiah uitlegt in zijn boek de Erecode kunnen sociale praktijken zeer snel veranderen, zodra mensen op het gebied van status en aanzien sociale schade oplopen door hun acties. Als voorbeeld noemt Appiah duelleren. Eerst was het voor mannen uit de elite normaal om geschillen uit te vechten in een duel. Maar opeens deed niemand dat meer. De reden? De samenleving begon duellerende edelen te zien als dwaze losers, idioten. Een duel was niet eervol meer. Binnen een paar jaar was het hele fenomeen verdwenen.

Dat kan ook gebeuren met de mannen die vrouwen behandelen als dingen die moeten doen wat ze willen. Wees niet ‘die vent’. ”Echte mannen” behandelen vrouwen als mensen. Wil je je mannelijkheid bewijzen? Dan doe je dat door je maten aan te spreken als ze vrouwen op straat naroepen, vrouwen in een kroeg in hun billen knijpen, vrouwen oneerbare voorstellen doen in het kopieerhok enzovoorts. Dat doe je door vrouwen te geloven als ze vertellen over hun ervaringen met seksuele agressie en intimidatie en te doen wat je kunt om het tij te keren.

We hebben nog een lange tijd te gaan. Eurlings krijgt na zijn ”excuses” vol eufemistische kronkels weliswaar bakken kritiek maar of hij zich daardoor aangemoedigd voelt ”vrijwillig” op te stappen? De druk op hem neemt toe, maar of dat genoeg is… Of neem de situatie rond rapper Boef/Sofiane Boussaadia. Die laat zich regelmatig laatdunkend uit over vrouwen. Rond oud en nieuw ging hij weer op die toer. Hij kreeg hulp van enkele vrouwen toen hij met zijn auto strandde en maakte hen daarna als dank in een openbare video tot twee keer toe uit voor hoeren. Hij is nog steeds van harte welkom bij festivals zoals Noorderslag en Paaspop, alleen een paar DJ’s boycotten zijn platen nu. Boef kan in principe lekker door, vrouwen moeten niet zeuren.

Kortom, de infrastructuur van onaantastbaarheid. Maar zoals gezegd: niets is onmogelijk en onder grote druk kunnen veranderingen opeens heel snel gaan. (UPDATE: Eurlings, in 2013 nog door koning Willem Alexander voorgedragen, vertrok inmiddels onder zeer grote sociale druk bij het NOC*NSF. Hoera! En rapper Boef is alsnog niet meer welkom bij Paaspop). Dat de sociale omwenteling rond zich misdragende mannen maar snel moge komen.

Tot die tijd, TOEGIFT:

Advertenties

#Me too: aanbevolen artikelen uit buitenlandse media

Nederlandse kranten en andere media schrijven op dit moment mooie artikelen over seksuele intimidatie en de #meetoo beweging. Met dit weblog vestig ik daarnaast ook graag je aandacht op mooie analyses, essays en verhalen uit buitenlandse media. Voornamelijk Engelstalig. Warm aanbevolen!

Onder andere auteur Jim C. Hines hoort de kreet heksenjacht te vaak, nu #metoo hoog op de agenda blijft staan. Hij heeft een prachtige uitleg waarom het gebruik van die term van de pot gerukt is:

We as a society have spent decades silencing victims of sexual harassment. What the hell did you expect it to look like when the dam finally began to crumble? […] by calling it a witch hunt, they’re undermining everyone who’s been speaking out about their harassment. They’re suggesting all of these victims are lying, caught up in hysteria and publicity. If you want to say you don’t believe a particular allegation, that’s one thing. If you say it’s all a witch hunt, then intentionally or not, you’re joining everyone else who’s silenced victims and helped to perpetuate this harassment and abuse for so many decades.

SF auteur John Scalzi voert een denkbeeldig gesprek met een geschrokken man, die zich, als hij bekomen is van de fictieve heksenjacht, afvraagt wat hij moet doen nu vrouwen en enkele mannen massaal naar buiten treden met hun traumatische verhalen over machtsmisbruik en seksuele intimidatie. Maar ik herinner het me niet! Ja maar de jaren zeventig/tachtig/negentig waren een hele andere tijd! Ja maar ze liegen! Scalzi dient de denkbeeldige verwarde man op deskundige wijze van repliek. Met als uitsmijter een verwijzing naar het werk van vrouwen: ”I want to note that some of the ground I’m covering here has also been covered by women (like here and here and here), so if it sounds familiar, that’s why. And if it’s all new to you, maybe you should read and listen to more women.”

Daarbij komt dat veel mannen donders goed doorhebben wat wel en niet kan op het werk. Daders hebben geen preventieve training nodig om seksuele intimidatie terug te dringen. Ze doen wat ze willen omdat ze van de samenleving al een training gehad hebben. Namelijk eentje die hen leerde dat ze wegkomen met wangedrag. Tot voor kort dan.

Behalve daders weten ook mannelijke getuigen precies wat wel en niet gepast gedrag is. Magazine The Cut interviewde mannen die getuige waren van andere mannen die wangedrag ten opzichte van vrouwelijke collega’s vertoonden. Allemaal zaten ze met de situatie in hun maag – het was hen duidelijk dat die andere man grenzen overschreed. Alleen hadden ze moeite op te treden: de man in kwestie had de macht binnen het bedrijf en de getuige had geen zin zijn eigen loopbaan te riskeren. Dus hij zweeg en keek de andere kant op. Of de getuige was bevriend met de dader en deinsde terug voor een moeilijk gesprek met hem. Weer een andere man vond dat hij alleen op hoefde te treden als er sprake was van direct fysiek geweld, en hij wilde geen misverstand krijgen met de vrouw in kwestie (haar redden om daarna zelf een relatie met haar aan te gaan, of zoiets. Ja ja.).

Dan heb je nog de mannen die in een bubbel van privileges leven en de signalen die er waren, destijds niet oppikten. Zo steekt journalist Dana Milbank de hand in eigen boezem. Pas veel later hoorde hij dat journalistes op een van zijn oude werkplekken last hadden van wangedrag van enkele mannelijke collega’s. Milibank daarentegen genoot bescherming:

we all knew that Wieseltier was a flirt and a bit of a playboy and that he had a strong if vague reputation for being lecherous. Like many, I figured he was a harmless scamp. But here’s what I did know: I knew that Wieseltier could be a bully. At editorial meetings, he would harshly cut down those he didn’t like. I was advised before I took the job that if I wanted to get ahead at the New Republic, I needed to be on his good side. He would protect those he held in favor and sink those he didn’t. I was one of those he protected. I think he liked me. I liked, and greatly admired, him.

Als maatje van de pestkop van dienst had Milibank nergens last van en degenen die wél problemen ervoeren, hielden hun mond. Zo kon Milibank jarenlang op de redactie rondlopen in de volle overtuiging dat de wereld een en al rozengeur en maneschijn was. Fijn als je zo kunt werken, maar vrouwen en de niet-uitverkoren mannen hebben die luxe niet.

Komt er nu echt een kantelpunt, zoals diverse opiniemakers hoopvol aankondigen? Dat valt te bezien. In een mooi essay steekt feministe Rebecca Traister de hand in eigen boezem. Net zoals in Nederland auteur Sarah Sluimer deed, signaleert ze dat vrouwen een automatische neiging hebben om mannen te verontschuldigen en te beschermen met een empathie die ze niet op kunnen brengen voor seksegenoten. Mannen komen op die manier weg met wangedrag.

Daarnaast staan vrouwen onder grote druk om hun mond te houden – agressie dreigt aan alle kanten als ze #metoo willen roepen. Sociologe in opleiding Fauzia Husain signaleert dat internet / sociale media een belangrijke rol spelen in het laten zwijgen van vrouwen die over seksuele intimidatie beginnen. En dat het gedrag van zulke internettrollen opmerkelijke overeenkomsten vertoont, of het nou in de V.S. gebeurt, of in Pakistan. In beide landen slaan trollen terug met termen zoals ‘feminazi’, en krijgen vrouwen dezelfde verwijten naar hun hoofd geslingerd: ze zouden overdrijven, liegen of uit zijn op aandacht.

Daarnaast signaleert Traister in haar eerder genoemde essay dat de dominante cultuur talent in (blanke) mannen blijft herkennen, wat vrouwen ook zeggen. Dat betekent dat daders opvallend vaak nieuwe kansen krijgen als het rumoer een beetje geluwd is. Zo blijven roofdieren floreren terwijl vrouwen massaal hun beroep vaarwel zeggen, dromen en ambities opgeven, en een veilig heenkomen zoeken.

Tenslotte blijft een vrouwenhatende structuur in stand. Weblog Women&Hollywood gaf bijvoorbeeld een podium aan Mary Celeste Kearney. Zij onderzocht het curriculum en het studieklimaat in Amerikaanse filmopleidingen en concludeert dat die instituten nieuwe generaties Weinsteins opleiden. De veelal mannelijke docenten en op mannen georiënteerde studiematerialen zorgen ervoor dat studentes aan alle kanten het signaal krijgen dat zij niet welkom zijn en dat hun visie niet geldt. Daarnaast vallen mannelijke studenten vrouwen lastig, zodat zo’n beetje alle studentes óf zelf ervaring hebben met seksuele intimidatie, of nauw bevriend zijn met iemand die wangedrag ervoer. Mannen die uit zulke opleidingen rollen, hebben zodoende te vaak het idee dat ze met vrouwen kunnen doen wat ze willen, zonder dat het (ernstige) gevolgen heeft.

Kortom vele aspecten spelen een rol bij het instandhouden van een cultuur waarin rotte appels de sfeer blijven verzieken en veel vrouwen het onderspit delven. 2018 zal vrees ik weer veel van hetzelfde opleveren – net zolang tot de machtsverhoudingen en de cultuur écht kantelen en vrouwen ruimte en eerlijke kansen krijgen.

TOEGIFT: een strijdlied

Machtsongelijkheid en verongelijkte mannen

De ontwikkelingen rond seksuele intimidatie, #metoo en bekende mannen die ten val komen blijven maar komen. De lijst groeit met de dag – nu weer de Belgische tv maker Bart de Pauw en de Nederlandse casting-poortwachter Job Gosschalk. Na jaaaaaren over grijpgrage mannen geschreven te hebben kan ik alleen maar toejuichen dat dit onderwerp eindelijk breed onderwerp van gesprek is en langzaam aan pijnlijk wordt voor foute mannen. Ik voeg er graag wat achtergrond analyses aan toe. Na de analyse van groepsdynamiek, met dit soort foute mannen als ontbrekende traptrede, deze keer: machtsverschillen.

Macht lijkt voor sommige mensen moeilijk zichtbaar te zijn als het gaat om seksuele intimidatie, aanranding en/of verkrachting. Veel mensen, waaronder mannen met boter op hun hoofd, vormen verbale rookgordijnen om de blik te vertroebelen. Ze beweren dat het gaat om seks, om onschuldig flirten, ze verschuilen zich zoals Weinstein achter veranderingen in de cultuur: arme ik was een product van de jaren zeventig, toen kon alles. Eigenlijk zijn mannen de slachtoffers van dit verhaal. Ze mogen ook niks meer. Zelfs een hand op een schouder kan nu al leiden tot ontslag, huuuuuuuuu. Hoe overleven zulke verwarde mannen andere sociale situaties?

Zodra je echter kijkt naar de patronen, vallen foute mannen genadeloos door de mand en blijkt duidelijk dat het gaat om macht. En dan vooral: gebruik maken van machtsongelijkheid. Neem Job Gosschalk: hij koos als doelwit jonge, onervaren acteurs die aan het begin van hun loopbaan stonden en wisten dat hun succes afhankelijk was van de goedkeuring van zijn castingbureau. Hetzelfde geldt voor docenten van toneelscholen die ”relaties” aanknoopten met studenten. Dezelfde studenten die voor hun diploma van hun oordeel afhankelijk waren. Het gaat, kortom, om poortwachters. Mannen die zwaarwegende besluiten kunnen nemen, mannen die bepalen of je wel of geen werk hebt of krijgt. Mannen met macht.

Een ander machtsverschil zit ‘m in geld. Hij heeft geld. Zijn slachtoffers niet of nauwelijks. Gevestigde mannen met een stabiel, hoog inkomen kiezen als doelwit mensen die financieel geen stabiliteit hebben en voor hun inkomen afhankelijk zijn van zijn welwillendheid. Denk aan de baas die een vrouw met een tijdelijk contract bepotelt. De leidinggevende die een stagiair lastig valt. De poortwachters a la Weinstein die jonge, beginnende actrices in het nauw drijven. Jezelf verweren is lastig als verzet betekent dat je je toch al schamele inkomen kwijt kunt raken. Vrouwen die seksueel geïntimideerd worden op hun werk, blijven soms toch jaren in die giftige sfeer werken, omdat ze geen financiële alternatieven hebben:

“I didn’t walk out of that job because I don’t sit on a trust fund,” she told me after detailing her harassment with pointillist specificity. “I have no rich grandmother. I put out 300 résumés and waited.”

Macht kan ook immaterieel zijn en voortvloeien uit status en aanzien. Zowel over Harvey Weinstein, als de bekende komiek Louis CK, als over Bart de Pauw deden al jaren geruchten de ronde dat zij grensoverschrijdend gedrag vertoonden. In het geval van Weinstein en Louis CK waren hun daden zelfs voer voor stand up comedians, tijdens een Oscar uitreiking bijvoorbeeld. Maar de mannen konden jarenlang ongestoord doorgaan zonder dat er iets gebeurde, omdat ze golden als de succesvolle mannen met status, met privileges, de goudhaantjes, de grootverdieners. Veel mensen houden zulke mannen de hand boven het hoofd. Hij is zó goed, de anderen moeten zich maar aanpassen.

Tegenover al die vormen van macht verliest de eenling het. Maar de dynamiek verandert als mensen zich verenigen en als groep  optreden. Bij Weinstein gaat het inmiddels om 79 vrouwen. Bij Louis C.K. betreft het tenminste vijf vrouwen. Bij Bart de Pauw betreft het diverse getuigenissen, waarbij de namen bekend zijn bij zijn voormalige omroep. Bij Gosschalk gaat het om minstens drie acteurs, maar getuigenissen van anderen beginnen ook overal op te duiken. Vrouwen geven hun ervaringen ook massaal door via #metoo, een uitvinding van  Tarana Burke. Zij wilde slachtoffers een stem geven en hun isolement verminderen.

Die massale aantijgingen kun je niet meer afdoen met ‘ze liegen’. Een persoon kan uit zijn op persoonlijk of financieel gewin, maar 79? ‘k Dacht het niet. De roep om van seksuele intimidatie een mannen probleem te maken, iets waar mannen iets mee moeten, wordt steeds luider. Dat is niet fijn voor ze. Ze moeten aan het werk. Zichzelf bijsturen. Hun aso impulsen in toom houden. Dat leidt tot gemok en gepruil, maar ze moeten iets doen. Want daders krijgen steeds vaker hun ontslag, leggen zelf hun werk neer, lopen onderscheidingen mis. Ze ondervinden eindelijk negatieve gevolgen van hun daden.

Ik besluit dit stuk graag met een oproep om het werk van feministe Andrea Dworkin te lezen of nog eens te herlezen. Als het gaat om mannen, macht en seksuele intimidatie en geweld tegen vrouwen, heeft zij zeer heldere analyses gegeven die je een op een kunt terugzien in de tientallen schandalen die nu eindelijk openbaar worden. Aanbevolen om je verder in dit thema te verdiepen!

De Gereedschapskist: de ontbrekende traptrede

Wel eens gehoord van de sociologische term “de ontbrekende traptrede”? Dit beschrijft een groepsdynamiek waarbij iedereen weet welke persoon niet deugt, maar iedereen laat hem/haar ongemoeid. Het is aan de potentiële slachtoffers om te vermijden dat ze het slachtoffer worden van de rotte appel in de groep. Als ze toch ten val komen is het ‘ja duh, je wist toch dat hij zo is, kijk dan toch beter uit, wat deed je dan ook daar, op dat tijdstip, in die kleding” enz.  Deze symbolische ontbrekende-traptrede situatie zie je ook terug in de verhalen die nu naar buiten komen over mannen die jarenlang ongestraft vrouwen lastig vielen.

Bij de groepsdynamiek met de ontbrekende traptrede horen omgevingen die rotte appels de hand boven het hoofd houden, en mensen die hun uiterste best doen om te overleven. Omdat niemand de rotte appel direct aanspreekt, laat staan maatregelen neemt, kunnen mensen zoals Harry Weinstein doorgaan.

Vanwege het ontbreken van formele kanalen om het probleem aan te pakken, nemen potentiële slachtoffers hun toevlucht tot allerlei informele manieren om pijnlijke valpartijen te vermijden. Bijvoorbeeld de  zogenaamde ”fluister netwerken”, kringen van vrouwen die elkaar waarschuwen voor nare mannen. Medewerksters in de Londense politiek gebruiken een WhatsApp groep om elkaar te waarschuwen voor bepaalde grijpgrage mannen. Medewerkers in bepaalde Engelstalige media stelden een worddocument samen, met de titel Shitty Media Men. Studentes van Amerikaanse universiteiten benutten hun contacten om mede studentes te waarschuwen voor mentoren en professoren die hen aanranden tijdens veldwerk.

Zulke fluister-netwerken helpen vrouwen echter maar gedeeltelijk. De daders gaan gewoon door en maken nieuwe slachtoffers, want niemand stopt hen. Bovendien komt de informatie niet bij alle vrouwen terecht. Jonge vrouwen die net beginnen en nog niet beschikken over een goed netwerk, missen de informatie nodig om de ellendeling te ontwijken, en kunnen alsnog het slachtoffer worden.

Zelfs als de namen van seksuele roofdieren wél bekend worden, en vrouwen de openbaarheid opzoeken, blijft het voor een groep lastig om echte veranderingen door te voeren. SF-auteur Jim C. Hines publiceerde bijvoorbeeld op zijn blog een kritisch stuk over een conventie, Odyssey Con. De organisatoren besloten een bekende vrouwenhater op te nemen in hun bestuur. Een van de mensen die deze man lastig viel, was een vrouw die de organisatoren graag als eregast in hun show wilden hebben. Zij trok zich terug omdat ze zich niet veilig voelt met deze man in de buurt. ”Maar hij is zo vriendelijk! Ik zag hem nooit iemand lastig vallen! Hij is al jaren verbonden aan deze conventie!” Dat en meer waren de smoezen om deze man de hand boven het hoof te houden, ook na de onthullingen van de vrouw.

Om dieper in te gaan op mannen die andere mannen blijven beschermen, ongeacht alle bewijzen dat het grensoverschrijdende seksisten zijn, bood Hines na zijn stuk een platform aan Brianna Wu. Zij schreef een kritische overdenking over de vele mannen die vrouwen lastig vallen en de sfeer verpesten met seksistisch, handtastelijk gedrag, in de SF wereld maar ook in de ICT-sector, en daarna vrolijk een tweede, derde en vierde kans krijgen. Maakt niet uit wat de vrouwen daar van vinden. Sterker nog, die vrouwen moeten niet zeuren want mannen verdienen een nieuwe kans. Nou nee, zegt Wu: ,,You can either have a community where the Jim Frenkels are thrown out, or you can just admit all the talk about gender equality is window dressing.”

Voor die keuze staan we nu. Laten we daders vrolijk doorgaan terwijl we de slachtoffers uitmaken voor hysterische zeurpieten die beter hadden moeten weten? Of beginnen bedrijven, organisaties en politieke instanties de groepsdynamiek daadwerkelijk bij te sturen, met maatregelen, boetes en andere acties voor de daders?. Ik opteer voor deze tweede optie. Met daarbij een serieuze discussie over machtsverhoudingen, hoe mannen denken over mannelijkheid, en wat mannen doen om hun seksegenoten een halt toe te roepen. Het is de hoogste tijd.

 

Wangedrag mannen kost vrouwen hun geld en hun vrijheid

De media staan bol van de analyses rondom het wangedrag van invloedrijke poortwachters zoals Hollywoodbaas Harvey Weinstein – niks aan toe te voegen, ga zo door. Deze discussie is van groot belang, want het wangedrag van dit soort mannen kost vrouwen hun geld en hun vrijheid. Zo zetten vrouwen minder stappen buitenshuis dan mannen, omdat ze niet zeker zijn van hun veiligheid in het openbaar. En kost seksuele intimidatie op het werk vrouwen duizenden euro’s in ongewilde breuken in hun loopbaan. Daarom wordt het hoog tijd voor mannen om zich in het gesprek te mengen. Om zich fatsoenlijk te leren gedragen – doe bijvoorbeeld bij twijfel de Rock Test – en/of seksegenoten aan te spreken als die zich niet fatsoenlijk gedragen.

Om te beginnen met dit meest recente onderzoek: de Amerikaanse universiteit van Stanford onderzocht het wandelgedrag buitenshuis van mannen en vrouwen. Ze analyseerden daarvoor de data op de smartphones van 717.527 mensen in meer dan honderd landen, van Zweden tot Qatar. Het betrof in totaal 68 miljoen dagen activiteit. Uit het onderzoek bleek dat hoe meer macht mannen in een samenleving hebben, hoe vervelender ze het voor vrouwen maken om buiten rond te lopen. In Qatar liep het verschil tussen de seksen bijvoorbeeld op tot 38%.

Vrouwen wandelen niet minder buiten omdat ze lui zijn, maar omdat ze vrezen voor hun veiligheid. Buiten rondlopen verandert in spitsroeden lopen. Ook in zogenaamd beschaafde landen zoals Nederland en België:

Zaterdag 14 oktober, middernacht. Twee jonge gasten rijden me voorbij op het voetpad. “High five? Nee? Neuken dan?” Ik steek mijn middelvinger op, maar ze fietsen zo snel voorbij dat ze de “fuck off” niet meer horen. Nog geen vijfhonderd meter verder loopt een viertal mannen. “He meisje, ben je verloren? Kom bij me, ik maak het leuk tussen ons.” Als ik vraag of er iets aan hen scheelt, hoor ik geschater. Nog twee mannen roepen me die avond ongepaste dingen toe. Ik word kwaad, maar voel mij machteloos. In een kwartier tijd slagen acht mannen erin om me denigrerende voorstellen, vulgaire verwijten en voze boodschappen na te roepen. Ik loop met gebalde vuisten naar huis.

Omdat vrouwen niet zeker zijn van hun veiligheid, vermijden ze de openbare ruimte vaker en maken ze vaker kosten om ergens te komen met het openbaar vervoer.

Mannen brengen vrouwen ook schade toe in hun loopbaan, door vrouwen te dwingen van baan te veranderen wegens seksuele intimidatie. Vrouwen wéten dat het rapporteren van wangedrag van mannen niet loont. Driekwart van de vrouwen die probeerden stelling te nemen, kregen te maken met wraakacties van collega’s en leidinggevenden. Niet de man was het probleem, maar zij, de hysterische, overgevoelige bitch waar je niet mee samen kunt werken.

Veel vrouwen zwijgen daarom en zoeken hun heil elders. Ze veranderen 6,5 keer zo vaak van baan dan vrouwen die geen seksuele intimidatie ondervinden. Dat betekent vaak dat ze financieel de klos zijn. Ze geven een bepaalde loopbaan op, zitten een periode zonder betaalde baan, moeten ergens anders weer van onderaf beginnen. Dan hebben we het nog maar niet over de stress, de verloren dromen en ambities, de moeite die het kost om te solliciteren en je te bewijzen, en nog een keer te bewijzen, en nog een keer te bewijzen.

Het goede aan de hele kwestie Weinstein en soortgelijk gedoe is, dat steeds meer mensen gaan kijken naar de veroorzaker van de problemen. Nee, niet alle mannen behandelen vrouwen als een te consumeren wegwerp-product. Maar het zijn er wel zoveel dat alle vrouwen meerdere nare ervaringen hebben. Vrouwen doen al zeer veel om het wangedrag van deze minderheid bespreekbaar te maken. Feministen hebben vanaf het allereerste begin geweld en intimidatie van mannen geproblematiseerd. Sociale media leveren een nieuw kanaal op, met hashtag acties zoals #zeghet en #metoo.

De eis dat mannen hun bijdrage gaan leveren, wordt steeds luider met ieder nieuw schandaal. Iedere zwijgende man zorgt er namelijk voor dat andere mannen hun gang kunnen blijven gaan. Zoals regisseur Quentin Tarantino, die in het openbaar opbiechtte dat hij wíst van het wangedrag van Weinstein, maar dat hij zweeg en jarenlang de andere kant op keek. Daar heeft hij nu spijt van. Hij begint in te zien dat hij een onderdeel is van het probleem – hij hield roofdieren een hand boven het hoofd, waarschijnlijk op basis van de mythe van de Aardige Man en/of een of andere ons kent ons mannelijke groepscultuur

Het gaat erom dat mannen hun groepscultuur doorbreken, vrouwen als mens zien en haar met menselijk fatsoen behandelen. Er is moed voor nodig om seksegenoten aan te spreken op vervelend gedrag, maar dat is wél precies wat er moet gebeuren:

Things didn’t get this bad overnight. They’ve been bad for a long, long time, and we as men haven’t done anywhere near enough to police our own gender and make this kind of behavior wholly unacceptable. I know many men reading this will recoil to a defensive posture. I know the excuses that will pop into their heads. Knock it off. Every one of us needs to take a deep look at how we treat and have treated women, and how we react to the ways other men treat women. […] …we need to do everything we can to make it stop. Now.

Vrouwen vogelvrij in nieuwe cultuur onder Trump

Donald Trump’s voorbeeld om vrouwen te behandelen als koopwaar en hen desgewenst in hun gleuf te grijpen, heeft effect. Partijgenoot Chris von Keyserling besloot op zijn beurt óók een vrouw tussen de benen te grijpen, want nu hoeft hij niet meer politiek correct te zijn. En vrouwen die werkzaam zijn binnen de hamburgerketen van de door Trump aangewezen nieuwe minister van Werk krijgen veel vaker dan gemiddeld te maken met seksuele intimidatie, mede door seksistische reclames van het bedrijf.

Von Keyserling is een Republikeinse politicus uit de staat Connecticut. Volgens de berichtgeving liet hij een politieke discussie met een werkneemster escaleren. Haar naam en functie worden niet genoemd, maar ze had een kantoor in hetzelfde pand waar Von Keyserling werkt. De discussie draaide er volgens de aangifte op uit dat hij haar uitschold voor lui, bloedzuigend vakbondslid en haar toebeet dat er een nieuwe situatie is ontstaan. Eentje waarin hij zich niet meer politiek correct hoefde te gedragen. Waarop hij haar achtervolgde tot in haar kantoor en haar, toen ze weg wilde lopen, in haar vagina greep en zei:

According to the warrant, he “looked back with a really evil look in his eyes and said, ‘it would be your word against mine and nobody will believe you.”

De vrouw diende een klacht in, mede omdat ze er achter kwam dat Von Keyserling zich vaker seksistisch en agressief gedraagt jegens vrouwen. De politie arresteerde hem. De Republikein probeert de situatie nu te herformuleren als een grap, een speels gebaar, iets wat heus niet zo erg is als overgevoelige vrouwen beweren en komop mensen, niet zo moeilijk doen. Het lukte Trump, dus waarom Von Keyserling niet?

Dat een seksistische houding jegens vrouwen gevolgen heeft voor normen en waarden, blijkt ook uit onderzoek naar de situatie in de hamburgerketen van Andrew Puzder. Trump droeg deze man voor als degene die zich over de arbeidssector moet buigen. Puzder heeft een goed gedocumenteerde geschiedenis van seksuele intimidatie en seksistische reclamecampagnes vol halfnaakte modellen.

Dat voorbeeld werkt negatief door binnen zijn onderneming. Rapporteren gemiddeld 40% van de fast food medewerksters seksuele intimidatie, bij Puzder’s bedrijven stijgt dat percentage naar 66%. Klanten beroepen zich daarbij op de seksistische reclames om hun gedrag goed te praten: in die filmpjes zijn de vrouwen gewillig en vrijelijk beschikbaar om te bepotelen, dus waarom de medewerksters dan niet? The Guardian concludeert somber:

When the person at the top of a company normalises objectification, it makes it much more socially acceptable for others to treat women in a similar way. This is one of the clearest illustrations yet of the “trickle-down” effect we see when people who themselves exhibit prejudiced views are put in positions of great power. It is a phenomenon we must prepare ourselves to see a great deal more of after Donald Trump is inaugurated as the 45th President of the United States.

Hardloopsters doelwit van willekeurige mannen

Ik kan een serie beginnen met als rode draad: neem activiteit X, voeg daar vrouw-zijn aan toe en voilà, het regent ‘lach eens, schatje’ ‘lekkere tieten’ en pogingen vrouwen te achtervolgen en/of ongewenst te betasten. Zodra je als vrouw een grens aangeeft loop je daarnaast het risico op agressieve reacties. De meest recente toevoeging: als  mensen hardlopen, kunnen mannen dat redelijk ongestoord doen terwijl vrouwen regelmatig lastig gevallen worden. Meestal door mannen. Mannen die ze niet kennen.

Vakblad Runner’s World vroeg ruim 4500 sporters naar hun ervaringen. Slechts 4% van de mannen maakte melding van incidenten die je kunt beschouwen als seksuele intimidatie. Bij de vrouwen steeg dat naar 43%. Een gemiddelde, want als je er jong uit ziet loopt het op naar bijna 60%. In 30% van de gevallen rapporteerden vrouwen bovendien dat mensen/mannen ze achtervolgden. Op de fiets, hardlopend, of door langzaam naast hen mee te rijden in een auto.

Dit heeft gevolgen voor het welzijn van de vrouwen en de keuzes die ze maken. Zo laat 63% van de vrouwen hun looproute afhangen van een risico-analyse of het veilig is voor ze. Driekwart nam vanwege het risico op seksuele intimidatie een telefoon mee, tegen een kwart van de mannen.

Zestig procent van de vrouwen koos ervoor om alleen bij daglicht hardlopen (tegen 14% bij de mannen). Zorgen om lastig gevallen te worden maken ook dat vrouwen, veel vaker dan mannen, liever met andere mensen samen willen sporten. Bij de vrouwen was dat 51%, bij de mannen 15%. Tot slot koos bijna een kwart van de vrouwen er voor om af en toe binnen te rennen, bijvoorbeeld op de lopende band bij een sportschool, omdat ze even geen gedoe op straat wilden meemaken.

Deze verschillen laten zien dat mannen zich weinig zorgen maken over seksuele intimidatie en hun sportroutine niet ingrijpend aanpassen. Bij vrouwen is het echter meer dan de helft die zichzelf beperkingen oplegt, routes wijzigt of alleen op bepaalde momenten durven te sporten.

In een toelichting bij het onderzoek bevestigt Runner’s World dat het niet gaat om levensbedreigende toestanden. Waar het wel om gaat is dat je als vrouw sport, en tijdens het beoefenen van je sport opmerkingen kunt horen van het type ‘ondankbare bitch’, ‘let’s gang-rape her‘ (laten we haar als groep verkrachten) en allerlei opmerkingen over je lichaam. Dat veroorzaakt grote stress:

Even if nothing like this happens most days, knowing that it (or something worse) could happen causes stress. As the recent national dialogue surrounding Donald Trump’s sexist comments and alleged assaults brought to light, almost all women—runners or not—have endured unwanted sexual attention. And no matter how swift a woman’s pace, it’s impossible to outrun harassment.

Bovendien kunnen vrouwen wel naar alternatieven zoeken, zoals binnen in een sportschool hardlopen, maar ook daar zijn ze vaak niet veilig:

Some women find even that’s ineffective: Boston-based runner Bailey eventually stopped going to her gym after a man there said her workout tights would look better off. “Running is supposed to be a release, a sanctuary,” she says. “Instead, I’m wondering if I’m going to be safe.”

Voor de duidelijkheid: bij dit alles gaat het niet om seksualiteit, laat staan liefde of de fysieke aantrekkingskracht van iedere willekeurige vrouw. Het gaat om macht. Wie domineert in de openbare ruimte. Runner’s World sprak daar onder andere over met socioloog Michael Kimmel van de Stony Brook University in New York:

“The public sphere is [still] a male space,” says Michael Kimmel, Ph.D., […] Honks, innuendos, and so on are a man’s way of saying, “You are present in my space and I’m going to let you know it’s my space.”

En dat is precies het punt. Vrouwen weten heel goed het verschil tussen een welgemeend compliment en een agressief ‘terug in je hok’ commentaar. De mannen die zich schuldig maken aan dit gebrekkige vermogen om een sociale ruimte te kunnen delen, verpesten het sportplezier van vrouwen. Ze moeten hier mee ophouden. Andere mannen kunnen hen daarbij helpen, door seksegenoten aan te spreken op dit rotgedrag en seksuele intimidatie van de mannelijke sekse bespreekbaar te maken. Zet ‘m op, heren!

Seksuele intimidatie op het werk laat diepe sporen na

Iets meer dan de helft van de Britse werkende vrouwen kreeg te maken met seksuele intimidatie op het werk. Bij een kwart ging het om ongewenste aanrakingen. Een kwart moest ongewenste avances afslaan. Een derde werd het doelwit van rottige grappen, vaak met een vernederend seksueel element erin. Dat blijkt uit een onderzoeksrapport van vakbond TUC. Dat percentage staat niet op zichzelf. Voor vrouwen betekent het gefnuikte ambities, psychologische schade en een verhoogd risico op ontslag of meer pesterijen als ze seksuele intimidatie officieel melden.

De TUC studie is de zoveelste die aantoont dat vrouwen een groot risico lopen om ongewenst gedrag tegen te komen op het werk. Marketing en reclame? De American Association of Advertising Agencies (4A’s) deed onderzoek en meer dan de helft van de respondenten gaf aan seksuele intimidatie tegen te zijn gekomen. Het restaurantwezen? Meer dan de helft. Vrouwelijke artsen, professionals die op zich een goede status hebben: ruim 30%. Studentes die veldwerk doen en stages lopen, en voor hun cijfers afhankelijk zijn van mensen met meer macht: 70%. Europees onderzoek onder vrouwen: 55%.

De daders zijn in de overgrote meerderheid mannen. Deze daders hebben het in ongeveer 11% van de gevallen voorzien op andere mannen, maar de meesten kiezen vrouwen als doelwit. Onder andere de TUC studie identificeerde verschillende ”zwakke” groepen: ondergeschikte vrouwen die last hebben van hun mannelijke baas, zwangere vrouwen of vrouwen met een nulurencontract of een tijdelijk contract.

Ook vrouwen die net promotie kregen zijn kwetsbaar. Ze lopen een verhoogd risico op seksuele intimidatie en andere vormen van agressie, door rancuneuze ondergeschikten of bazen die geen zin hebben in een vrouw die haar plek niet kent. Kortom, machtsverhoudingen spelen een belangrijke rol…..

Veel vrouwen durven niets te zeggen van de nare situatie waarin ze terecht komen. Vakbond TUC vroeg naar die terughoudendheid en kreeg van de meeste vrouwen het antwoord dat zij niet dachten dat het zin had om naar personeelszaken te stappen. Dat bleek een juiste inschatting: van degenen die wél actie ondernamen, had slechts 6% daar baat bij. Voor de rest leverde het vooral gedoe op. De situatie van de vrouwen verslechterde, ze liepen promotie mis, kregen ontslag of kregen te maken met ernstigere conflicten op hun werk. Kortom, het loont niet om officieel werk te maken van seksuele intimidatie.

Wat vrouwen rest is stilletjes vertrekken of, als dat niet kan of als dat een te groot offer is, proberen vol te houden. Dat heeft grote gevolgen voor hun welzijn, hun loopbaan, en de kwaliteit van werk. Vrouwen rapporteren gebrek aan concentratie, gevoelens van depressie, angst om zichtbaar te worden door originele ideeën te opperen. Of, zoals Shelley Ross, ruim dertig jaar werkzaam in de media industrie, samenvat:

No one has yet nailed the pervasiveness, the bigotry, the diminishing and oppression of over half the population in the workplace. No one has nailed the ideas lost, the creativity missing, the damage done.

Wat te doen? Ross stelt voor de aanpak toe te passen die Zuid-Afrika ontwikkelde na de Apartheid. Dat land richtte Waarheids- en Verzoeningscommissies op om diepe wonden te helen. Slachtoffers konden openlijk hun verhaal doen en erkenning krijgen. Daders kregen de kans hun kant van het verhaal te vertellen en excuses aan te bieden. Zij ziet niks in trainingen om seksuele intimidatie op de werkvloer aan te pakken.

Toch blijken zulke cursussen wel effect te hebben, mits het om goede trainingen gaat. Geven bedrijven alleen een verplicht ‘foei, mag niet’ nummer, zodat het management een vakje op een formulier af kan vinken, dan volgt inderdaad geen verbetering. Het moet een oprecht, serieus aanbod zijn.

Duitsland is aanranders zat

Feministe Andrea Dworking vroeg een zaal vol mannen in 1983 of er asjeblieft een wapenstilstand van 24 uur kon komen, en dat in die periode geen enkele man een vrouw verkracht. Zou dat kunnen? Ruim dertig jaar later is vrouwen naroepen, betasten, aanranden en verkrachten nog steeds gemeengoed. En worstelen landen nog steeds met deze problematiek. Duitsland vuurt een zoveelste schot af in de strijd: een nieuwe wet maakt vrouwen ongewenst betasten in het openbaar strafbaar.

Mannen die hun handen niet thuishouden, kunnen maximaal twee jaar celstraf krijgen. De wet kwam er doorheen na diverse schandalen, zoals de massale aanrandingen tijdens het oud en nieuw ‘feest’ in Keulen.

Wetgeving tegen seksuele intimidatie is hard nodig, want teveel jongens en mannen (nee niet alle mannen, maar ja alle vrouwen en komop zeg!!!! verzin iets nieuws als argument om het niet over seksuele agressie van mannen te hebben) kunnen er niet goed tegen als ze vrouwen komen in het openbaar. Ga je naar een popfestival? Mannen zitten aan je. Wil je oud en nieuw vieren? Massale aanrandingen worden je deel. Op straat lopen? Succes, seksuele intimidatie te over.

Voor vrouwen levert al die ongewenste aandacht thuis, op straat, op het werk enzovoorts, veel stress op. Ten eerste omdat het eng is als mannen je structureel  reduceren tot een gebruiksvoorwerp wat seksueel begeerlijk dient te zijn. Van daaruit is het een kleine stap naar acties. Van aanspreken tot ronduit verkrachting. Je weet als vrouw nooit waar het eindigt. Blijft het bij ‘heej meisje heej zeg iets heej vuile hoer’? Gaat een jongen of man aan je zitten? Blijft het bij die ongewenste hand op een bil of borst, of gaat het door naar je kruis? Wordt het aanranding of verkrachting? Wat als je laat merken dat je niet zit te wachten op dit soort gedoe? Scheldt de man je alleen uit, of gaat hij over tot slaan, schoppen of erger?

Steeds opnieuw blijkt dat seksuele agressie veel vrouwen raakt. 70% van de vrouwen jonger dan 35 kreeg bijvoorbeeld te maken met seksueel ongewenst gedrag op straat, tegen 15% van hun mannelijke leeftijdgenoten, bleek recent uit een enquête onder 2500 lezers van het Belgische blad Knack. Hoe ouder de vrouw, hoe lager het percentage dat aangeeft te maken te hebben met deze mannelijke agressie. Maar het stopt nooit. Mannen gaan net zo goed over tot het seksuele intimideren van 65-jarige vrouwen.

Straatintimidatie en seksuele agressie komt voor in alle landen ter wereld. Ook in Nederland. Wat doen wij? Je kunt een petitie tekenen om dit soort agressie strafbaar te stellen. En verschillende grote steden overwegen maatregelen. Zo besloot de Amsterdamse gemeenteraad in februari om een wet voor een boete op straatintimidatie op te stellen. In Rotterdam wil wethouder Joost Eerdmans onderzoek laten doen naar straatintimidatie in de stad, als opmaat naar voorstellen voor het aanpakken van deze problematiek. Naar aanleiding van de aanranding van een journaliste in een Gronings café denkt Nederland na over de manier waarop vrouwen aangifte moeten doen. Die procedure is voor verbetering vatbaar. De nieuwe Duitse ‘nee betekent nee’ wetgeving zou ook iets voor Nederland kunnen zijn.

Hopelijk geeft dit alles een boodschap af: vrouwen naroepen op straat, da’s geen compliment. Vrouwen ongevraagd betasten? Nog erger. Aanranden? Verkrachten? Mannen, doe het niet. Spreek je seksegenoten aan als die ‘hoer’ roepen naar een onbekende vrouw op straat, of ongewenst vrouwenlijven bepotelen. Zodat ze dat niet nog een keer flikken. O, en mannen, als je denkt ‘o jee hoe moet ik me nu gedragen, ik mag ook niks’, zie dan hieronder deze handige tips. Ze zijn gericht op het voorkomen van verkrachting, maar zijn denk ik breder toepasbaar:

  1. Gooi geen drugs in het drankje van een vrouw
  2. Als je een vrouw in haar eentje ziet lopen, laat haar dan met rust
  3. Als je stopt bij een vrouw met autopech, let dan op dat je haar niet verkracht
  4. Als je in een lift staat en er stapt een vrouw in, verkracht haar dan niet
  5. Als je een vrouw slapend aantreft, is het ‘t beste als je haar niet verkracht
  6. Breek nooit via deur of raam in bij het huis van een vrouw, spring niet tevoorschijn tussen twee geparkeerde auto’s, verkracht niet
  7. Als je je schuil houdt in de bosjes of in portieken terwijl je iets slechts in de zin hebt, zorg er dan voor dat je felgekleurde kleding draagt, een zaklamp aan doet, of luide muziek draait, zodat de vrouw weet waar ze haar vlammenwerper op moet richten
  8. Gebruik het maatjessysteem! Als je het lastig vindt af te zien van verkrachting, vraag dan aan iemand die je vertrouwt om bij je te blijven terwijl je je schuil houdt in de bosjes
  9. Zorg dat je een alarmfluitje bij je hebt. Als je er achter komt dat je op het punt staat een vrouw te verkrachten, kun je je maatje vragen op het fluitje te blazen en zo om hulp te vragen
  10. Vergeet niet: eerlijkheid duurt het langst. Als je een vrouw mee uitneemt, doe dan niet net alsof je in haar als persoon geïnteresseerd bent, maar zeg meteen dat je er van uitgaat dat je haar later op de avond zult verkrachten. Als je niets zegt, loop je het risico dat de vrouw er van uit gaat dat je haar niet wilt verkrachten.

Zo eenvoudig kan het zijn. Ben je een man en maakte dit artikel je nog steeds oncomfortabel? Neem een kijkje bij John Scalzi en zijn adviezen voor mannen die het naar vinden als vrouwen over seksuele agressie beginnen te praten.

Bedrijven vernietigen loopbanen van tweede sekse, overheid staat erbij en kijkt ernaar

Bussemaker maakte blijkbaar slechts een grapje, toen ze grote bedrijven in maart dreigde om met hardere maatregelen te komen als ze vrouwen geen eerlijke kans op een toppositie gaven. Het plan om een hard vrouwenquotum in te voeren, verdwijnt voorlopig in de kast. Werkgevers veegden de afgelopen jaren hun kont af met de bestaande papieren tijger – precies zoals ik in 2011 voorspelde. En mogen dat blijven doen.

Ondernemingen horen er zelfs niks van als ze in 57% van de gevallen niet eens de moeite nemen om in het jaarverslag uit te leggen waarom het steeds niet lukt die vrouwen door te laten stromen. Zelfs dan beperkt de minister zich tot de verzuchting dat ze het zorgelijk vindt dat bedrijven die boterzachte regel niet naleven. Niet netjes hoor! Foei!

Zo laag ligt het niveau. Het maakt dat ik uit frustratie met mijn hoofd tegen de muur wil bonken. De vrouwenemancipatie verloopt zó tenenkrommend traag… In ons oerconservatieve domineeslandje schiet zelfs de discussie niet op. In het kielzog van de terugtrekkende beweging van Bussemaker komen alle gouwen ouwen weer langs. Er zouden te weinig topvrouwen zijn, vrouwen moeten gewoon fulltime werken, seksisme, nee hoor, er bestaat alleen een banenwachtrij. Verder moeten we gewoon geduld hebben en daarnaast ook veel begrip voor die arme bedrijven die ten onder gaan als de overheid te strak op zou treden. Oh, en vrouwen willen zelf ook niet, toch?

Zo blijven we steken, met als risico dat iedereen het onderwerp volstrekt beu wordt:

There are layers and layers of sexism — lots of conscious and lots of unconscious bias that needs to be peeled away on the way to change. This is not just about one woman getting a job. This is about systemic change. This is about how women can have careers if they don’t only have successes (read this story from Rebecca Keegan about what happened to Elaine May’s career after “Ishtar”). I’m nervous that people are going to get sick about hearing about this topic and next month we’ll be on to the next topic du jour. Systemic change cannot be based on a topic du jour.

Inderdaad. Systematische verandering bereik je niet in een waan-van-de-dag wereld. Maar over die systematische kant van de zaak spreken, durven de meeste mensen niet aan. Slechts zeer, zeer zelden hoor of lees ik iets over

Terwijl mensen dooddoeners rond blijven strooien, sneuvelen de dromen en ambities van vrouwen bij bosjes tijdens subtiele dood-door-duizend-messteekjes, naast expliciet seksistische praktijken. Lopen werkgevers talent mis (- en dat kan ze niets schelen, ”ze zijn er gewoon niet mee bezig”, aldus werkgeversvoorzitter De Boer). Missen we als samenleving de helft van het verhaal. Blijven we steken in een economisch model gebaseerd op een man die thuis een huisvrouw heeft. En worden we op gezette tijden overvallen door situaties van het type o jee, ons papieren diversiteitsbeleid werkte niet, wat vreemd! Oh en ‘iedereen mocht iemand afvaardigen, maar toevallig waren dat allemaal mannen‘.

Ja, heeeel toevallig, maar niet heus. Nederland, wordt wakker!

Wat we leren van schandalen a la Theaterschool Amsterdam

De Amsterdamse theaterschool raakte in opspraak. Gezaghebbende coryfeen zoals Jappe Claes en Ruut Weissman knoopten naar verluid relaties aan met veel jongere studenten. Een vorm van machtsmisbruik, gezien de autoriteit van docenten en de afhankelijkheid tussen leraar en leerling. Het is één van de verhalen van seksuele intimidatie en erger die op dit moment naar buiten komen.  Zo trokken recent ook een cabaretière en een journaliste aan de bel over aanranding/verkrachting. Welke lessen kunnen we trekken uit de gang van zaken rondom deze gebeurtenissen?

Les 1: geen onderzoek, geen harde feiten. De directeur van de Amsterdamse theaterschool gaf beschuldigde Jappe Claes volgens de Volkskrant de keuze: een onderzoek of vertrekken. Claes vertrok, eervol. Er kwam geen onderzoek. Hadjar Benmiloud kreeg van agenten te horen dat ze goed moest nadenken voor ze aangifte deed. Volgens haar zegt de politie twee jaar na dato nog steeds dat ze beter niet aan een aangifte kan beginnen. Geen aangifte = geen politieonderzoek.

Wil je wel aangifte doen, zoals journaliste Rosa Timmer, dan stuit je prompt op nadelige regels. Timmer moest twee weken wachten om te kijken of ze echt aangifte wilde doen. Na die twee weken zou het in eerste instantie nog eens tien dagen duren voordat een agent tijd had. Pas na ophef kon het eerder. Al die tijd vond geen onderzoek plaats. Konden getuigen verdwijnen of feiten vergeten.

Hoe dan ook, geen onderzoek = geen harde feiten. Vervolgens begint de vaagtaal in termen van beschuldigingen, aantijgingen, vermeende dader, mogelijk slachtoffer, ‘zou naar verluid XYZ gedaan hebben’, enz. Dit alles maakt met name de positie van de klaagster niet sterker – als ze zo lang wachtte voordat ze erover praatte, zal ze wel achteraf spijt hebben gekregen, of alsnog wraak willen, of eigenlijk was er niet zoveel aan de hand, zeg, wie wil jou nou verkrachten, lelijkerd?

Les 2: de verkrachtingscultuur tiert welig. Dat blijkt uit verschillende elementen. Ten eerste de smoesjes van daders. Volgens Ruut Weisman ging het slechts om een paar relaties, lang geleden, toen de tijdgeest heel anders was. (In een commentaar laat de Volkskrant alvast weten dat de tijdgeest geen excuus is. ) Ook benutte hij de media om van leer te trekken tegen slachtoffers:

‘Ik weet zeker dat de mensen met wie jullie gesproken hebben niet de mensen zijn die succes hebben gehad. Dat weet ik zeker.’ Aldus Weissman in een reactie op het artikel. Hij suggereert daarmee dat de vrouwen die nu hun verhaal hebben gedaan talentloos en wraakzuchtig zijn. Die uitspraak is in al zijn simpelheid eigenlijk net zo stuitend als zijn gedrag zelf.

Een andere docent, van de filmacademie, schreef in een open brief dat hem geen blaam trof. De studente verleidde hém, een man van 63, en dat was ok want ze was dan wel jong, maar ook mooi en wijs. (Een vrouw schreef ogenblikkelijk een openbare brief terug om deze zelfverklaarde dader erop te wijzen dat hij gewoon een sluwe man is.)

Ten tweede geven slachtoffers regelmatig aan dat ze zich schamen, zich schuldig voelen, en bang zijn voor de gevolgen als ze zich uit zouden spreken. Vrouwen denken dat niet voor niets: zie bovenstaande sneer van verdachte Weismann. Vermeende daders gebruiken de macht die de omstandigheden hen geven. Claes zou naar verluid hebben gezegd ‘ik kan je maken of breken‘, tegen studentes. Geen loze kreet in een ons-kent-ons wereldje, waar netwerken cruciaal zijn om aan het werk te komen.

Ten derde: de rapporteur mensenhandel deed onderzoek en daaruit bleek dat de politie de drempel voor het doen van aangifte veel te hoog legt, mede uit wantrouwen jegens slachtoffers.

Allemaal ingrediënten van een zogenaamde verkrachtingscultuur, waarbij de omgeving vermeende daders steunt en vrouwen moeten vrezen voor karaktermoord en gesneuvelde toekomstperspectieven. Zie voor meer details rape culture bij feminism 101.

Les 3: leve klokkenluiders. Karin Bloemen bracht de zaak rond Weismann aan het rollen toen ze van vrouwen hoorde wat hen was overkomen. Ze schrok, nam de vrouwen serieus, verzamelde verklaringen, en klopte in 2014 aan bij de directie van de Amsterdamse theaterschool. In geval van Claes betrof het een groep jonge docenten, die zijn gedrag afkeurde en een dossier aanlegde.

Les 4: slachtoffers worden mondiger. Voorheen zwegen vrouwen als het graf, met alle gevolgen van dien. Dat begint te veranderen. Wetende dat zoveel gevallen van aanranding en verkrachting uit beeld blijven, maakte Timmer haar aanranding wereldkundig. Ze deed aangifte met het doel andere vrouwen aan te moedigen ook melding te maken van seksueel geweld. Benmiloud deed hetzelfde: ze opende de beerput om de discussie over aanranding en verkrachting op gang te brengen. In een column schrijft ze:

Wanneer het nieuws nu zegt dat aanranding ook op de theaterschool lang deel uitmaakte van het inwijdingsritueel in de wondere wereld van omhooggevallen ego’s en onzekere meisjes, heb ik het gevoel dat ik niet stil mag blijven terwijl zoveel vrouwen hetzelfde overkomt.

Met dit soort ervaringsverhalen proberen vrouwen seksuele misdrijven bespreekbaar te maken en de bestaande verkrachtingscultuur te doorbreken. Ze pikken de intimidatie niet langer en zetten zich over hun gevoelens van schuld en schaamte heen.

Het zou helpen als we met ons allen vrouwen serieus nemen en hen steunen als ze gewag maken van dubieuze ‘relaties’ met mannelijke autoriteitsfiguren, mannenhanden in vrouwenkruizen, verkrachting enz. Alle beetjes helpen. Zo kun je de petitie ondertekenen om straatintimidatie strafbaar te maken. En als vrouwen in je omgeving beginnen te praten, moedig ze dan aan en luister. Dat maakt een groot verschil…

Seksueel geweld houdt vrouwen uit de wetenschap

Maar liefst 64% van vrouwelijke studenten en wetenschappers geeft desgevraagd aan dat zij tijdens veldwerk te maken kregen met seksuele intimidatie. Een op de vijf kreeg te maken met aanranding/verkrachting. Dat blijkt uit de eerste officiële wetenschappelijke studie die ooit is verricht over deze problematiek. Deze seksuele intimidatie werpt drempels op voor vrouwen die actief willen worden in de wetenschap. Een maand geleden bleek uit ander onderzoek dat een seksistisch klimaat vrouwen uit onderzoekslaboratoria hield.

Machts- en genderverhoudingen spelen een grote rol bij deze seksuele agressie. Als het gaat om veldwerk blijkt dat duidelijk uit de cijfers. Mannen hebben vooral last van hun medestudenten (peers). Bij vrouwen is de agressor in de meeste gevallen een (mannelijke) supervisor. Die vallen ondergeschikte vrouwelijke studenten, postdocs en net afgestudeerden lastig. Mannelijke studenten en pas afgestudeerden komen die vorm van agressie nauwelijks tegen.

Voor vrouwen is het lastig om de agressie bespreekbaar te maken. Willen ze vooruitkomen in hun studie of werk, dan moeten ze op goede voet blijven staan met hun beoordelaar en/of leidinggevende. Dat een hoger geplaatste man hen lastig valt, leverde grote problemen op. Onder andere omdat er nauwelijks manieren zijn om op een voor henzelf veilige manier melding te doen:

“Our main findings — that women trainees were disproportionately targeted for abuse and felt they had few avenues to report or resolve these problems — suggest that at least some field sites are not safe, nor inclusive,” said the study’s lead researcher, Kate Clancy, a University of Illinois anthropology professor, who led the new analysis, in a press release. “We worry this is at least one mechanism driving women from science.”

Eerder bleek al dat seksuele intimidatie drempels opwerpt voor vrouwen die aan het werk willen gaan bij wetenschappelijke laboratoria. De onderzoekslaboratoria met de hoogste status nemen de minste vrouwelijke studenten aan. Het zijn ware mannenbolwerken. Dat heeft grote gevolgen voor de wetenschappelijke loopbaan van vrouwen:

If the male professor had won a prestigious award, he was even less likely to take women into his lab. The study found that male postdocs were 90 percent more likely than women to have an adviser with a Nobel laureate. This feeds into a cycle: Because female trainees are boxed out of elite labs, it’s less likely that they’ll be considered for top academic jobs, where they could start their own labs and, hopefully, reverse the trend.

Bij dit alles bleek dat seksuele intimidatie een rol speelt. Niet alleen houden mannenbolwerken zichzelf in stand omdat ze liever mannen aannemen, maar omgekeerd mijden vrouwen deze mannenbolwerken, omdat ze een slechte reputatie hebben. Vrouwen worden er bepoteld en/of krijgen te maken met andere vormen van seksuele intimidatie. Bij gebrek aan rechtvaardige procedures en mogelijkheden om vrijuit te spreken zonder daarna een sociale paria te worden, geven vrouwen via informele kanalen informatie aan elkaar door:

One student said that when she asked a senior female professor for advice, the professor suggested warning other women in their field about men who were hard to work with. Sheltzer speculates that this could help explain why there are fewer women in specific labs, especially elite ones: “If certain labs are rumored to be more hostile to women, not safe spaces, or have [principal investigators] who are less comfortable with their trainees taking maternity leave, that itself could spur fewer applications from women, if these rumors are known to the community,” he said.

Seksuele intimidatie zorgt voor een onaantrekkelijk werkklimaat voor vrouwen die een wetenschappelijke studie willen volgen en/of in de wetenschap willen blijven werken. Deze vorm van agressie komt bovendien bovenop andere vormen van discriminatie. Zo krijgen vrouwen minder salaris dan hun mannelijke collega’s voor hetzelfde wetenschappelijke werk, hebben ze minder kans op subsidie, en moeten ze spitsroeden lopen als ze promotie willen maken. Gedraag je je te vrouwelijk, dan vinden mensen je minder geschikt voor een leidende positie. Gedraag je je echter te assertief, dan ben je een bitch en een onmogelijk mens om mee samen te werken.

Dit alles veroorzaakt de beruchte lekkende pijplijn. Hoe hoger in de hiërarchie, hoe hoger de status, hoe vaker vrouwen schitteren door afwezigheid. Nu pas beginnen onderzoeken echter seksuele intimidatie mee te nemen in de analyse van het probleem van de grote uitstroom onder vrouwelijke studenten, wetenschappers en universitaire docenten en hoogleraren.

Je kunt niet prettig werken als je structureel blootgesteld wordt aan botte ‘humor’, zogenaamd onschuldige billenknijperij, en hitsige supervisors die hun kans grijpen zodra je het veld in gaat. Ieder weldenkend mens kan dat bedenken. Maar voor wie gezond verstand te vergezocht vindt, beschikken we nu ook over verantwoord uitgevoerd wetenschappelijk onderzoek naar de situatie waaronder vrouwen geacht worden te werken en te studeren.

Mannen vallen mensen lastig

Deprimerend voorspelbaar. Zo kwalificeert Jezebel de resultaten van representatief onderzoek naar het fenomeen ‘lastig worden gevallen’. 65% vrouwen, en 25% van de mannen, werd in een openbare ruimte lastig gevallen. In tweederde van de gevallen betekende ‘openbare ruimte’ de straat. Winkels, bioscopen en restaurants staan met 41% op de tweede plaats. Het openbaar vervoer staat op drie in de ranglijst, met 23% van alle gemelde incidenten. Toch ‘moet’ zulk onderzoek bestaan. Teveel mensen doen namelijk alsof er geen probleem is.

Het onderzoek bevestigt wat we al wisten, en de resultaten komen naadloos overeen met soortgelijk onderzoek in andere landen. Toch heeft het waarde. Dat seksisme nare gevolgen heeft, zou niet zo moeilijk te begrijpen moeten zijn:

Hell, we get Kamikaze bombers, suicide bombers, men dying for causes all of the time but we are befuddled by why an asshole misogynist might kill women? Simply because he thinks women suck? Do we really need more? Wasn’t it just a month ago some boy killed a girl because she wouldn’t go to prom with him?

Desondanks komen steeds dezelfde beschuldigingen en retorische trucjes naar voren, als mensen, vooral vrouwen, het over intimidatie in openbare ruimtes willen hebben. Zoals:

  • gezeur, overgevoelig gedoe
  • Vrouwen overdrijven,
  • hebben de ongewenste intimidatie aan zichzelf te danken
  • begrepen niet dat de man in kwestie gewoon een onhandige versierpoging deed, moeten we niet moeilijk over doen, mannen vinden vrouwen nou eenmaal leuk
  • elders hebben vrouwen het nog véél moeilijker / andere problemen zijn veel urgenter
  • en natuurlijk: niet alle mannen doen dit
  • plus de tegenhanger: vrouwen misdragen zich ook!!!! (en inderdaad, in 3 tot 5% van de gevallen werd iemand door een vrouw lastig gevallen, aldus het Amerikaanse onderzoek.)

Door dit soort bagatelliserende gesprekstactieken komen mannen massaal weg met rotgedrag, waarbij ze seksegenoten lastig vallen met homofobische agressie, en vrouwen heteroseksueel belagen. Dat heeft grote gevolgen voor de gemoedsrust en bewegingsvrijheid van miljoenen inwoners van de V.S.

Bovendien vormen handelingen als nafluiten of in billen knijpen etc. een glijdende schaal. Het begint met relatief onopvallende uitingen van minachting en dominantie. Het zogenaamd onschuldige ‘Hallo meisje’ kan echter razendsnel omslaan in woede -‘zeg iets, trut!’ – waarna zaken als verkrachting en erger kunnen volgen. Waarbij de mannelijke sekse  vooral de daders levert en vooral vrouwen het doelwit vormen, want die hebben geen status. (En van homoseksualiteit verdachte mannen, want die bedreigen de macho mannelijkheid.)

Oplossingen? De verzamelde ervaringen van vrouwen, op een twitter hashtag zoals #yesallwomen bijvoorbeeld,  zorgen voor solidariteit onder vrouwen en levendige discussies. Zo maakt de kritiek op yesallwomen veel duidelijk – zoals gewoonlijk onderstrepen de negatieve reacties de noodzaak van zo’n sociale media-beweging.

Maar het belangrijkste is de variant van ‘de vervuiler betaalt’ cq de oorzaak van het probleem aanpakken. Mannen vallen mensen lastig. Dus rust er op deze sekse een verantwoordelijkheid om veranderingen te bewerkstelligen:

This is what it’s going to take. Men holding other men accountable; men challenging the cultural scripts about masculinity that incubate discrimination and violence.  These scripts equate male power and success with dominance, money, access to women and sex and indeed, a sense of entitlement to all these things. We need to give our boys other scripts […] #NotAllMen are a part of the problem, but, #yesallmen must be a part of the solution.

 

Verkrachting als bijzaak

Verkrachting? Meh. Moeten we ons niet met belangrijkere zaken bezig houden, zoals de situatie in Irak, vroeg commentator Adam Boulton zich af.  Wat zijn die lui die doorzeuren over verkrachting toch lastig, zeggen Amerikaanse universiteiten. Die oproerkraaiers zijn we liever kwijt dan rijk. Bovendien, zo erg kan het niet zijn. Vrouwen overdrijven en liegen over seksueel geweld, omdat de status van slachtoffer zo begerenswaardig is.

Angelina Jolie was de drijvende kracht achter een topconferentie in Londen om seksueel geweld tegen vrouwen op de agenda te krijgen.

 

Zie hier de stand van zaken in het discourse rondom seksueel geweld. Dit soort schouderophalende of defensieve reacties  volgen op de hielen van een topconferentie , waar allerlei mensen juist proberen verkrachting hoger op de agenda te krijgen. Vooral als het op epische schaal gebeurt in oorlogssituaties.

Die poging leidt duidelijk tot weerstand. Adam Boulton is niet de enige die de media bespeelt met ‘ach ja, verkrachting’. ‘Terwijl Mosul in brandt staat, praat William Hague met een mooie actrice over verkrachting’, kopt The Spectator. Een zienswijze waar het seksisme vanaf druipt en die iemand als regisseuse, actrice en activiste Angelina Jolie reduceert tot een knap gezichtje. Deze doorzetter, die onvermoeibaar aandacht vraagt voor geweld tegen vrouwen, krijgt er ook nog op een andere manier van langs. Overschaduwt Jolie deze top over verkrachting niet teveel? vraagt De Volkskrant zich af.

Kortom, weerstand, in combinatie met ‘waar hebben we het over’. Dit collectieve schouders ophalen past naadloos in een cultuur, waarbij daders massaal wegkomen met seksueel geweld. Zowel op collectief als individueel niveau. Voorbeelden te over.

Op het individuele niveau kunnen we rustig spreken van massale agressie tegen vrouwen. Ze maken daarbij bewust gebruik van machtsverschillen en grijze gebieden. Zo kunnen Amerikaanse topatleten talloze precedenten aanwijzen, waarbij anderen hen de hand boven het hoofd houden. Of neem iemand als fotograaf Terry Richards, die zijn status in de modewereld gebruikte om modellen dingen te laten doen die ze niet wilden. Maar da’s ok want hij is zo creatief en mensen begrijpen hem niet en oordelen veel te snel, etc etc etc.

Daders die het niet moeten hebben van geld en status, pakken het op een andere manier aan. Onderzoek wijst uit dat daders geen nee willen horen, en gebruik maken van het grijze gebied wat ontstaat als vrouwen impliciet weigeren. Had ze maar hard nee moeten roepen. Ze wilde blijkbaar wél. Tsja, als zij niet duidelijk communiceert, hoe moet die arme man dan weten hoe het zit. Hij bedoelde het goed. Hij was gewoon een onhandige Don Juan. Dat genre.

Ook richten daders zich bij voorkeur op kwetsbare vrouwen. Ze kiezen bijvoorbeeld een vrouw die alcohol dronk. Dan weet je zeker dat rechters het slachtoffer door de mangel halen en minder waarde toekennen aan haar verklaring. Vrouwen met een verstandelijke of fysieke uitdaging zijn ook populaire slachtoffers. Hoe moet een blind meisje nou een dader identificeren? Handig!

Collectief spreken daders duidelijke taal over verkrachting als oorlogswapen, het onderwerp van de top in Londen. Zoals bij Darfur en omstreken. Als je een vrouw verkracht, verkracht je een heel volk, stellen ze. Bovendien kun je verkrachting gebruiken als een langzame vorm van genocide:

Babies born following the rapes are called “Janjaweed babies” who rarely have a future in the mother’s ethnic group. Infanticides and abandonment of such babies are common. One victim explained, “They kill our males and dilute our blood with rape. [They] … want to finish us as a people, end our history.”

Maar ach, waar heb je het over. Irak! Veel belangrijker dan systematische terreurcampagnes met de helft van de wereldbevolking als voornaamste doelwit. Veel belangrijker dan een brede, onderliggende cultuur van verkrachting bagatelliseren, daders het voordeel van de twijfel geven, en het slachtoffer verwijten maken.

Het is maar goed dat de Engelse koningin Angelina Jolie ridderde. Die aanmoediging kan ze goed gebruiken om de strijd voor bewustwording en tegen geweld tegen vrouwen voort te zetten.

Verzet begint tussen de oortjes

Schokkende cijfers uit een Europees onderzoek naar geweld tegen vrouwen maken duidelijk dat de emancipatie nog lang niet voltooid is. Waarom worden we niet kwaad? Ook al zou op papier alles tip top in orde zijn, dan nog valt die papieren winst weg tegen een lawine aan fysieke en seksuele agressie. Zulk geweld beperkt meisjes en vrouwen in hun vrijheid en tast hun fysieke en geestelijke integriteit aan. Vandaar dat het thema geweld hoog op de agenda staat, onder andere tijdens een bijeenkomst op 9 maart, in Gent.

De organisatoren geven die dag een zine uit. De Zesde Clan leverde een bijdrage aan dit blad.  Emancipatie, brood nodig! Wie weet vallen de cijfers dan over een paar jaar minder grimmig uit. Ondertussen plaatsen we ‘ons’ stuk bij wijze van voorpublicatie graag op de Zesde Clan:

VERZET BEGINT TUSSEN DE OORTJES

Psychologische aspecten zijn van groot belang als het gaat om het tegengaan van geweld tegen vrouwen. Deze invalshoek kan gevoelig liggen. Het gevaar bestaat, dat mensen denken dat je alleen kijkt naar het individu: ”Als zij maar dit of dat had gedaan, zou haar niets overkomen zijn”. Teveel mensen geven op die manier het slachtoffer de schuld.

Dat is niet de bedoeling. Het gaat in dit stuk om de socialisatie van mensen, in het bijzonder meisjes, en de manier waarop collectieve overtuigingen verinnerlijkte normen en waarden versterken. Dat heeft directe gevolgen voor de houding van het individu, én de houding van de maatschappij, ten aanzien van geweld. Want wat doet het met je, als je leeft in een samenleving die meisjes als baby’s al roze rompertjes aantrekt met het commando ‘lief’ erop? Als je niet boos mag worden, hoe moet je dan van je afbijten in een vervelende situatie?

Vrouwen en zij die zichzelf als vrouw identificeren, botsen met name aan tegen twee essentiële stelsels van normen en waarden. Het Mars en Venusdenken, en het toenemende individualisme. Beide ideologieën maken het moeilijk om geweld serieus te nemen en te bestrijden, zowel op persoonlijk als op collectief niveau.

Mars en Venusdenken: zij is anders dan hij, en geheel toevallig betekent dit in de praktijk vooral dat zij minder is. Hij is de norm, zij de afwijking. Hij vertegenwoordigt het universeel menselijke, zij vertegenwoordigt alleen ‘de vrouw’. Hij is assertief, zij is agressief. Hij kan zijn seksuele driften met zijn mannenbrein nou eenmaal niet goed beheersen, dus is zij er met haar vrouwenbrein verantwoordelijk voor dat ze geen verkeerde signalen afgeeft.

Verandering eisen heeft geen zin. De rollenpatronen zitten sinds de oertijd verankerd in onze genen. Zo is het nou eenmaal. Logisch dat hij de plannen maakt en zij het eten (vrij naar Joanna Russ). Logisch dat hij jaagt, en dat zij hard nee moet zeggen, of anders….

Individualisme: wie begint over structurele discriminatie en/of systematisch geweld, zeurt. Dat bestaat toch niet meer? We zijn verantwoordelijk voor onszelf. Als je onderbetaald wordt, had je maar beter over je salaris moeten onderhandelen. Als je partner je slaat, loop je toch gewoon weg? Als je teveel alcohol drinkt, moet je niet raar opkijken als dat uitloopt op ruwe verrassingsseks. Had je maar beter op jezelf moeten passen.

Onder andere psychiater Nelleke Nicolai, die in Nederland pionierswerk verrichtte in de vrouwenhulpverlening, beschrijft hoe vrouwen dit soort boodschappen internaliseren en zichzelf gaan devalueren. Vrouwen raken er van overtuigd dat zij tekort schieten, schuldig zijn en problemen aan zichzelf te wijten hebben. Veel vrouwen doen er uiteindelijk het zwijgen toe. Ze proberen ieder voor zich te overleven in een samenleving die hen op de tweede plaats zet. Als iets fout gaat, ligt het aan zijzelf. Hadden ze maar beter op moeten letten.

Dat maakt vrouwen extra kwetsbaar, met name waar het gaat om de problematisering van geweld en agressie. Dat gebeurt op verschillende manieren. Ten eerste moeten veel vrouwen eerst hun socialisatie van lief meisje overwinnen, voordat ze gepast kunnen reageren op wangedrag van een ander. Ten tweede is geweld voor veel vrouwen een zeer reëel gegeven. Veel vrouwen en zij die zichzelf als vrouw identificeren, hebben al eens iets vervelends meegemaakt. Thuis, in een relatie, of op straat. Het risico is groot dat je bevriest, zodra je opnieuw in een bedreigende situatie terecht komt. Ten derde bombardeert de samenleving ons met boodschappen die agressie en geweld versluieren. Jongens zijn nou eenmaal jongens. Mannen kunnen nou eenmaal soms een kort lontje hebben. Vrouwen behoren hun uiterlijk belangrijk te vinden en seksueel beschikbaar te zijn. Dus waar hebben we het over?

Daarom moet de revolutie tussen de oortjes beginnen. Vrouwen moeten zich gelegitimeerd voelen om het beestje een naam geven, ook als de samenleving dat weigert. Vrouwen moeten de ruimte krijgen om boos te worden, zonder dat mensen ‘enge bitch’ roepen. Gezonde woede kan de verlamming doorbreken en kracht geven om grenzen te stellen, het eigen territorium te verdedigen en van zich af te slaan als dat nodig is. Vrouwen moeten de dader leren aanspreken op hun gedrag, in plaats van de schuld alleen bij zichzelf te zoeken.

We zijn er collectief verantwoordelijk voor dat we vrouwen, en zij die zich als vrouw manifesteren, de ruimte geven om dit te doen. Dat betekent dat we de groep gebruiken om het individualisme in te perken. Eén vrouw die een gebeurtenis definieert als geweld en intimidatie, kan terzijde geschoven worden als een zonderling. Maar als duizenden mensen hetzelfde zeggen, moet de samenleving die signalen serieus nemen.

Zeker bij geweld kan dat veel uitmaken. Als groep kunnen mensen namelijk dominante normen en waarden legitimeren, maar ook doorbreken. Zo wijst onderzoek uit dat het bestaan van een sterke vrouwenbeweging in een land hét verschil maakt bij de aanpak van geweld. Hoe sterker het feministische geluid, hoe eerder een land agressie problematiseert en maatregelen neemt.

Daarnaast kunnen we allemaal, als mens, bijdragen aan een wereld die veiliger is voor vrouwen en zij die zichzelf vrouw voelen. Zoals:

  • Mannen stimuleren dat zij hun seksegenoten aanspreken op hun gedrag. Aangezien mannen helaas grootleverancier van daders zijn, zou iedere weldenkende man een extra verantwoordelijkheid moeten voelen om geweld te voorkomen
  • Vrouwen op hun woord geloven als zij aangeven te maken te hebben gehad met geweld
  • Vrouwen ruimte geven om woede en verdriet te uiten, zonder meteen waardeoordelen te vellen
  • Geweld zichtbaar maken door incidenten te melden, de politie te bellen als je getuige bent van geweld, aangifte te doen
  • Je aansluiten bij een vrouwengroep en/of feministische acties en organisaties steunen
  • De minachting voor vrouwen bewust bijsturen door vrouwen welgemeende complimenten te geven, hen te vragen wat hun dromen zijn, waar ze behoefte aan hebben, en/of hun persoonlijke kennis en kunde bevestigen

Dit zijn kleinschalige, haalbare acties die we allemaal, vandaag, kunnen ondernemen om de macht van de groep ten goede te keren en de samenleving veiliger te maken. Laten we beginnen!

BRONNEN:

Emancipatiemonitor 2010 en 2012, o.a. de hoofdstukken over geweld. Rapport van het Centraal Bureau voor de Statistiek en het Sociaal Cultureel Planbureau in Nederland, in opdracht van het ministerie van OCW.

Fels, Anna, ”Vrouwen en ambitie’, Uitgeverij Réunion, 2008

Fine, Cordela, ‘Waarom we allemaal van Mars komen”. Lannoo, 2011

Htun, Mala en Weldon, Laurel S. ”The Civic origin of Progressive Policy Change”, American Political Science Review, Volume 106, Issue 03, Augustus 2012, pp 548 – 569

Nicolai, Nelleke, ”Vrouwenhulpverlening en Psychiatrie”, Uitgeverij Babylon/De Geus, 1997

Rybaczuk, Rachel, “The Search for Self-Fulfillment: How Individualism Undermines Community Organizing” – master thesis, Universiteit van Massachushetts/Amherst, 2009

Internet en haat vormen een giftige cocktail

Hoeveel vrouwen zouden zijn afgehaakt op internet, vanwege voortdurende haat? Die vraag komt aan de orde in verschillende artikelen in Engelstalige media. Steeds meer mensen pleiten ervoor online haat serieus te nemen als een probleem rondom mensenrechten. Want als het digitale klimaat zo giftig is dat vrouwen afvallen, heeft dat ingrijpende gevolgen voor werk, inkomen, je sociale leven en het uiten van je creativiteit.

De impact op werk, deel kunnen nemen aan het publieke debat, je veilig voelen, dat alles zijn redenen waarom Amanda Hess internethaat definieert als een mensenrechten-probleem. De haat komt neer op discriminatie en bekrachtigt het beeld van de vrouw als de geminachte Ander, die op moet zouten:

On the Internet, women are overpowered and devalued. […] ..when anonymous harassers come along—saying they would like to rape us, or cut off our heads, or scrutinize our bodies in public, or shame us for our sexual habits—they serve to remind us in ways both big and small that we can’t be at ease online. It is precisely the banality of Internet harassment, University of Miami law professor Mary Anne Franks has argued, that makes it “both so effective and so harmful, especially as a form of discrimination.” The personal and professional costs of that discrimination manifest themselves in very real ways.

De vraag naar de precieze concrete schade blijft een vraag, omdat onderzoek meestal ontbreekt. We moeten het doen met individuele anekdotes. Bestaand onderzoek steunt de teneur van die persoonlijke ervaringen echter. Wie zich bijvoorbeeld met een vrouwennaam op een chatsite meldt, krijgt 25 keer zoveel zooi naar haar hoofd geslingerd dan een als mannelijk geïdentificeerde deelnemer. En in de V.S. blijkt uit onderzoek dat het percentage deelnemers aan discussiefora daalde van 28 naar 17 procent. Die daling kwam bijna geheel voor rekening van vrouwelijke internetgebruikers. Een plus een is….

In het licht van al die feiten is het des te erger, dat allerlei mensen blijven ontkennen dat er een probleem is. Iedereen heeft toegang tot internet, niemand verbied je om iets te publiceren, als je afhaakt was dat omdat je dat zelf wilde, dus waar gaat het over. Bovendien gaat het om een virtuele vorm van intimidatie. Je hebt niet te maken met een verkrachter die zich onder je bed schuil houdt, dus wat is het probleem? Om die reden halen autoriteiten vaak hun schouders op. Agenten weten niet wat ze met zulke situaties aan moeten.

De aard van internetintimidatie maakt dat je pas merkt hoe erg het is, als je het zelf ervaart. Ook Conor Friedersdorf zegt in The Atlantic dat hij in eerste instantie niet snapte waarom vrouwen zich zo druk maakten. Als man kreeg hij ook vanalles over zich heen, inclusief doodsbedreigingen. Hij kon daar tegen, dus wat zeuren die vrouwen? Pas toen hij een tijdje een journalistiek weblog van een vrouwelijke collega bijhield, en de commentaren las die zij dag in dag uit ontving, begreep hij dat vrouwen een speciaal soort reacties over zich heen krijgen.

Friedersdorf schrok van de zeer persoonlijke, hypergeseksualiseerde uitingen van blinde haat. Reacties die, ook als je ze probeert te negeren, een onevenredig grote belasting vormen. Hij had zelf geen idee dat het zo erg was, omdat hij dit type reactie normaal gesproken niet zag. Nu pas begreep hij bepaalt gedrag van vrouwelijke collega’s. De zelfcensuur, bijgestelde ambities en inperkingen, zoals stoppen met een politiek weblog. En kreeg hij een idee van de schade:

This is the very time that people like Matt Yglesias and Ezra Klein were building the personal blogs from which they would become successful national pundits. One wonders how many equally talented women we missed out on reading due to misogynists hurling vile invective at rising female journalists.

Kortom, pas als mensen met privileges zelf ervaren hoe de wereld eruit ziet voor iemand die afwijkt van de norm, krijgen ze door hoe ingrijpend internaathaat is. Dat maakt de aanpak lastig. Keer op keer moeten de ogen van een individueel persoon geopend worden. Tot die tijd krijg je vooral minachting of bagatelliserende opmerkingen over je  heen, als je de haat aan de kaak wil stellen.

Doen alsof er geen probleem is, tovert het probleem niet weg. Doorgaan met een gestructureerde bewustwordingscampagne is het enige wat er op zit. Omdat het gaat om een mensenrechtenprobleem. En omdat de digitale haat samen hangt met praktijken uit de dagelijkse realiteit:

The men screeching at you online to shut up—or condescending to you about how cute it is that you think you have an opinion—aren’t outliers. They reflect reality. They just do so in a way that’s more direct, because the social structures that allow sexism in real life to be more subtle haven’t really taken hold on the internet. The fact of the matter is these kinds of pressuring tactics do work to silence women’s voices, and that alone is reason enough to take them seriously.

De Gereedschapskist: de ontbrekende traptrede

Bij sociale interacties in groepen mensen zie je dit fenomeen vaak de kop opsteken: de missende traptrede. Deze metafoor duidt op iemand die dingen doet die niet deugen, maar iedereen doet net alsof dat de gewoonste zaak van de wereld is. Pietje is nu eenmaal agressief. Tsja, Marietje doet haar werk niet goed dus lopen wij allemaal wat harder. Jantje geeft nooit een fooi aan de bediening in een restaurant, maar wij wel, dus probleem opgelost.

Die ontbrekende traptrede brengt echter veel onrecht met zich mee. Ten eerste zorgt het ervoor dat andere mensen moeite moeten doen. Hij reageert agressief, dus moet je erg voorzichtig zijn om hem niet te provoceren. Zij loopt de kantjes er vanaf, dus moeten anderen harder werken.

Daarnaast leidt het tot situaties waarin slachtoffers de schuld krijgen. Je wist toch dat in die onverlichte hoek van het huis de derde traptrede van de gammele trap ontbreekt? Je moet daar niet op gaan staan. Als je pijnlijk ten val komt en je botten breekt, heb je dat aan jezelf te danken. De situatie is nu eenmaal zo, dus eigen schuld, dikke bult als je schade ondervindt vanwege het ontbreken van die traptrede.

Vooral voor vrouwen levert die denkwijze risico’s op. Laten we het voorbeeld nemen van seksueel geweld. Want de ontbrekende traptrede komt nogal eens voor in de vorm van de man die zijn handen niet thuis kan houden en grenzen van vrouwen niet respecteert. Vaak kunnen mensen precies de man aanwijzen die iedere vrouw een slecht gevoel bezorgt. Als iemand erover begint is de reactie niet ‘o wat erg, tolereren we een verkrachter in ons midden’ maar ‘o ja, je bedoelt Jan’. In het oorspronkelijke artikel over de ontbrekende traptrede:

People had gotten so used to working around this guy, to accommodating his “special requirements,” that they didn’t feel like there was an urgent problem in their community. […] The reaction wasn’t “there’s a rapist among us!?!” but “oh hey, I bet you’re talking about our local rapist.”

Op die manier komen daders ongestraft weg met seksuele intimidatie en geweld, en blijven slachtoffers geïsoleerd achter. Hadden ze maar op moeten letten. Hadden ze maar assertief moeten zijn en duidelijk ‘nee’ zeggen (wie bevriest, stemt toe!) Die sociale conventies maken dat zoveel mensen advies vragen hoe om te gaan met opdringerige klootzakken. Je staat er alleen voor, want de andere groepsleden zijn te druk met ontkennen en ontwijken.

Waarom lost een groep het probleem niet op? Waarom repareren ze de trap niet? De analyses variëren maar komen uiteindelijk neer op gemakzucht. De makkelijkste weg kiezen. Een dader aanpakken is confronterend en pijnlijk. Dat geldt voor de collega die op het werk de kantjes er vanaf loopt, maar als er dan nog seksuele aspecten bijkomen wordt het helemaal lastig. Niet veel mensen hebben daar trek in:

If you believe that your friend raped your other friend, and you say, “hey, you raped my friend,” then the old friendship is gone forever as soon as the words leave your mouth.  What remains is either enmity, or a relationship of holding someone accountable, just as tough and taxing as staying friends with a substance abuser who is trying to get clean and sober.  That’s not easy.  That’s a lot of work, and most people are not up for it. The option most people choose, because it gets them out of that, is to choose to not make up their minds about what happened.

De andere kant opkijken terwijl iemand slachtoffer wordt, kost minder energie. In ieder geval op de korte termijn. Voor het slachtoffer betekent het echter isolatie en wantrouwen. Weblog Yes Means Yes signaleert dat ze meestal twee reacties krijgen. Reactie 1 is: jij bent het slachtoffer, jij moet iets doen, want anders volgen er meer slachtoffers. Of, 2: tsja, weet je, het is jouw woord tegen het zijne, ik weet niet goed wat ik ermee moet. De Zesde Clan voegt daar nog reactie nummer 3 aan toe: wat deed je ook op die tijd, op die plek, met die kleding aan, waarom dronk je alcohol, kom, zo erg is het niet, je overdrijft, enzovoorts.

In alle gevallen legt de groep druk op het slachtoffer. Dat die iets onacceptabel vindt is het probleem. Dat die het slachtoffer werd is het probleem. De gemeenschap wentelt zich in stilte en onwetendheid, gaat door met het ontwijken van de ontbrekende traptrede, en geeft daders zo alle ruimte om ongestoord door te gaan met onacceptabel gedrag:

rapists absolutely need one thing to operate.  They need people to believe they are not rapists.  Stranger rapists do that by trying to hide that they are the person who committed the rape.  Acquaintance rapists do that by picking targets who won’t say anything about what happened, or by using tactics that, if the survivor does speak up, people will decide don’t really count as rape.

Op die manier blijft de illusie van een rechtvaardige wereld in stand, en hoeft niemand de onaangename confrontatie aan te gaan met ‘die vent’. De dader kan er vrij zeker van zijn dat als hij het gebruikelijke protocol volgt, hij weinig tot geen negatieve gevolgen ondervindt van zijn gedrag. Win-win, behalve voor het slachtoffer. Die bevindt zich in een onveilige ruimte, moet onacceptabele situaties incasseren, en staat voor een moeilijke opgave:

They are in a no-win situation: don’t fight back, and the abuse continues, fight back and risk being labeled as the problem.

Het is niet aan het slachtoffer om de situatie op te lossen. Het is aan de groep om de kapotte trap te repareren. Yes Means Yes adviseert mensen om te beginnen met slachtoffers op hun woord geloven als ze vertellen wat hen overkwam. Omstanders zouden expliciet moeten wijzen naar de ontbrekende traptrede: dit klopt niet, iemand doet hier iets verkeerds. De houding van zogenaamd neutrale mensen is cruciaal. Hun bewustwording begint met vragen van het type o jee, heb ik seksisme gedoogd? Alleen dat al kan een discussie op gang brengen die voor openheid zorgt.

De groep moet bovendien verhalen van verschillende individuen aan elkaar koppelen. De meeste daders, zeker als ze enige macht en status hebben, stoppen niet bij één keer grensoverschrijdend gedrag. Daarom melden zich vaak meer vrouwen, zodra de eerste in het openbaar een man aanklaagt. Mensen moeten hun ogen openen en anderen informeren dat Pietje problematisch gedrag vertoont, zodat diens wandaden breed bekend raken.

Misschien moet je als groep een handtastelijke vent uiteindelijk uit je groep gooien:

If a space is safe for one person, and unsafe for others, then the problem isn’t how the victims differ, the problem is that someone is making the space unsafe. And sometimes no matter how nice someone is, how well connected, you have the courage to be truly progressive. To put your politics aside, and focus on basic humanity long enough to protect someone….

Sommige mannen willen blind blijven voor seksuele intimidatie

Sommige mannen willen blind blijven voor seksuele intimidatie tegen vrouwen. Dus als je erop wijst dat er een duidelijk gender-aspect meespeelt, dat het meestal mannen zijn die vrouwen lastig vallen, gaan ze morren. Als je dan ook nog een oproep doet aan mannen om verantwoordelijkheid te nemen, en elkaar aan te spreken op agressie jegens vrouwen, zijn de rapen helemaal gaar. Dan krijg je dit soort reacties op je feministische weblog:

Nieuwe reactie wacht op toestemming door De Zesde Clan

IK commented on Seksuele intimidatie is zaak voor mannenSjongejonge, durf je geen afwijkende meningen te publiceren doos ? Mevrouw de sterke feministe… laat me niet lachen. Waarom zou een man moeten ingrijpen ? Jullie hadden ons toch niet meer nodig ?

Toelaten  Prullenbak | Als spam markeren

More information about IK

IP: 143.177.115.105, 143.177.115.105
E-mailadres: donderop@hotmail.nl
URL:
Whois: http://whois.arin.net/rest/ip/143.177.115.105

‘IK’ was boos omdat dit weblog zijn eerste reactie niet publiceerde. Die reactie kwam neer op een smalend ‘waarom moeten mannen iets doen, moeten we jullie geëmancipeerde vrouwen nog steeds het handje boven het hoofd houden’. Niet alleen draagt dit niks bij aan de discussie, maar toon en inhoud schonden ook de regels van dit weblog. Daarom plaatsten we de eerste reactie niet. Wat leidde tot de tweede mail, hierboven. Met een herhaling van de eerder geventileerde reactie, en nog wat scheldwoorden op de koop toe.

Wat IK niet wil begrijpen is, dat seksuele intimidatie niet alleen een zaak van vrouwen is. Vrouwen kunnen conservatieve kleding dragen, nee zeggen, bepaalde mensen of locaties vermijden, en ga zo maar door. Maar dat haalt niets uit zolang sommige mannen vrouwen blijven behandelen als inferieure wezens, die je ongestraft mag bepotelen en over wiens hoofden heen je pesterige grappen mag maken. Met soms zeer ernstige gevolgen voor de onderwijskansen en loopbaanmogelijkheden van vrouwen.

Het gaat erom dat we het hier hebben over een maatschappelijk probleem, waar mannen ook deel van uitmaken. Het zou mannen sieren als zij meewerken aan een samenleving waarin vrouwen zich veiliger dan nu kunnen voelen. Bijvoorbeeld door zelf af te zien van seksuele intimidatie, en door andere mannen aan te spreken op vervelend gedrag jegens vrouwen.

Dat heeft te maken met menselijk fatsoen. Sommige mannen worden echter blind van woede als je zoiets zegt. Ze kunnen dit alleen uitleggen in termen van ‘zwakke vrouwtjes die een mannelijke beschermer nodig zouden hebben’, en boze, sterke, maar tegelijk zwakke feministen die mannen haten, enz enz. Dit zegt meer over de afzender dan over het artikel of dit weblog of feminisme of wat dan ook. Dit zegt iets over blind willen blijven voor bepaalde nare gedragingen van mannen, geen verantwoordelijkheid willen nemen, en vervallen in jij-bakken – een vorm van instrumentele agressie.

De Zesde Clan ontvangt regelmatig haatmails zoals bovenstaande. Zulke hatelijke boodschappen maken zichtbaar wat er speelt in de krochten van de samenleving. IK maakt onderdeel uit van het probleem. De woede die je routinematig opwekt, zodra je iets zegt wat vaag feministisch klinkt, maakt onderdeel uit van het probleem. Hetzelfde geldt voor zwijgen over de agressie die woedende mannen over je uitstorten – de ‘don’t feed the trolls’ politiek waar met name feministische weblogs nog wel eens mee worstelen (en langzamerhand van terugkomen, want het helpt niet om haat tegen te gaan).

Niet hier. Dit is, in een zee van websites en ontelbare publicaties, één van de weinige expliciet feministische ruimtes op internet. Je kunt wel vuilbekkende reacties sturen, maar je loopt dan het risico dat De Zesde Clan die haat openbaar maakt. Als IK op een fatsoenlijke manier deel kan nemen aan een discussie, en als hij zich aan het beleid voor commentaren houdt, is hij van harte welkom. Anders zijn er genoeg andere plekken op internet waar hij zijn hatelijkheden kan spuien.

(NB: gezien de woordkeuze van de mail – waarom zou een MAN moeten ingrijpen, jullie hadden ONS toch niet nodig – gaat De Zesde Clan uit van een mannelijke mailer. We houden echter de mogelijkheid open dat IK een vrouw kan zijn.)

Vrouwen in de filosofie verheffen hun stem

Bolwerk The New York Times besloot een serie van vijf artikelen te wijden aan de situatie van vrouwen in de filosofie. De krant lanceert de serie nadat een zoveelste schandaal een faculteit filosofie van Amerikaanse universiteiten opschudde. Een gezaghebbende man, Colin McGinn, moest vertrekken nadat hij een studente seksueel intimideerde. Hoe zit het nou met het vak? Waarom werken er zo weinig vrouwen in de filosofie, wat speelt daarbij een rol, en wat vinden betrokkenen er zelf van?

Actrice Rachel Weisz als Hypathia van Alexandrië, die haar kritisch denken met de dood moest bekopen.

Sally Haslanger mocht als eerste. Ze noemt de getallen en percentages, die duidelijk aantonen dat blanke mannen het vak domineren. In haar bijdrage zet ze op een rij wat vrouwelijke filosofen tegen houdt. Ze signaleert een kip-ei situatie. Vrouwen en gekleurde mensen krijgen nauwelijks voet aan de grond, en omdat er zo weinig van deze groep zijn, kan de dominante groep hen makkelijk klein houden:

With these numbers, you don’t need sexual harassment or racial harassment to prevent women and minorities from succeeding, for alienation, loneliness, implicit bias, stereotype threat, microaggression, and outright discrimination will do the job. But in a world of such small numbers, harassment and bullying is easy.

Waarna commentator na commentator zich afvraagt waarom Haslanger niet uitlegt hoe het komt dat er zo weinig vrouwen in de filosofie actief zijn.  Ehh, dat heeft ze net gedaan?!?!? Wie oren heeft die hore….

In deel twee van de serie gaat Linda Martín Alcoff in op de veelgehoorde strategie van de minderheid de schuld geven van hun eigen achterstelling. Zo beweren mensen vaak dat vrouwen niet tegen een scherpe debatstijl kunnen, en terugdeinzen voor stevige discussies. Niet waar, benadrukt Alcoff. Wat er gebeurt is dat vrouwen een klimaat afwijzen waarbij ze aan alle kanten haat en seksuele intimidatie tegenkomen, onder het mom van ‘debat’ of ‘humor’.

In aflevering drie signaleert Rae Langton dat filosofie vrouwen aantrekt omdat het instrumenten biedt voor kritische analyses en verandering. Zo legde Mary Astell in 1700 de link tussen mensen denken, vrouwen denken, heeeej, zouden die denkende wezens niet net als mannen óók recht hebben op hoger onderwijs? Kortom, revolutionair.

In de praktijk valt het filosofische wereldje echter bitter tegen. Vrouwen botsen aan tegen seksuele intimidatie, problemen om werk en gezin te combineren, onbewust en bewust seksisme, en stereotype denkbeelden over de filosoof als oude man met baard. Een stereotype wat vrouwen uitsluit. Een curriculum waar vrouwelijke filosofen bijna geheel in ontbreken, komt ook aan als een koude douche. Alles roept: vrouw, wegwezen, je hoort hier niet. Dat klimaat moet veranderen:

One more joke then: “How many feminists does it take to change a light bulb?” “It’s not the light bulb that needs changing.”

Louise Antony benut deel vier uit de serie om een kritische blik te werpen op ‘de mannen’ en seksuele intimidatie van vrouwen. Het komt zeer, zeer zelden voor dat mannen problemen krijgen vanwege hun seksueel opdringerige gedrag. Wat dat betreft ziet Antony de kwestie McGinn als de uitzondering die de regel bevestigt. Mannelijke collega’s waren er snel bij om  McGinn te verdedigen. Onder andere de beroemde psycholoog Steven Pinker schreef meteen in een open brief dat er een klimaat zou ontstaan waarin mannen zich geen enkel grapje kunnen veroorloven. Eén scheve blik en woedende vrouwen stenigen die arme, onschuldige man. Echt? Antony:

I would venture that almost any woman in the profession can give you four or five examples of egregious misbehavior by male professors that has gone completely unsanctioned. So what’s the worry? The real worry, I think, for men is that they will have to change their ways.  […] you’re right — the P.C. police are out there, and if you step out of line, they will impose one of the following penalties: dirty looks; explicit criticism; sensitivity training. You may be subjected to blogging.

Verder adviseert ze mannen om zich écht te verdiepen in de problematiek van seksuele intimidatie en vijandige werkklimaten, en de effecten daarvan op vrouwen. Mannen zouden te rade kunnen gaan bij collega’s die wél in staat zijn om respectvolle, vruchtbare werkrelaties te onderhouden met vrouwen – als docent, als mentor, als collega. Mannen kunnen kritisch naar zichzelf kijken en nagaan wat zij doen en welke organisatiecultuur ze daarmee kweken.  Antony:

Whatever you do, though, don’t tell me that the cost of your heightened vigilance is going to be the loss of “open and informal” pedagogical relationships. I don’t buy it. I just know too many men who have formed close and mutually rewarding intellectual relationships with women without ever once mentioning, um … manicures.

De laatste aflevering van de serie gaat over het fenomeen ‘double bind’. Die term staat voor situaties waarin je fout zit als je het ene doet, maar als je het andere doet gaat het ook mis. Vrouwen komen te vaak terecht in dit soort situaties, vanwege structureel seksisme, signaleert Peg O’Connor. Je kunt met het vingertje naar vrouwen wijzen, maar zij doen al wat ze kunnen. Het kan niet van één kant komen. Anderen moeten óók veranderen:

Women can only do so much. We can teach and mentor well, open doors when we have some institutional power, advocate for change in admission and harassment policies, for example. But nothing will really change unless and until more of our male colleagues begin to use their male privilege in very different ways. The burden clearly rests with them, and I hope that they assume the responsibility.

Totdat de andere helft die taak oppakt, blijven vrouwen kampen met seksuele intimidatie en andere drempels. En blijf je koppen in de media houden met de strekking ‘waar zijn de vrouwen toch’?

BONUS: Nederland kent sinds begin dit jaar een eigen Society for Women in Philosophy (SWIP). SWIP heeft als doelen de zichtbaarheid van vrouwen in de filosofie te vergoten, barrières voor hen weg te nemen, netwerkmogelijkheden te bieden en om te protesteren tegen discriminatie van vrouwen in de filosofie. Ook in Nederland hard nodig. Daarnaast kunnen mensen, al dan niet rondlopend op een faculteit filosofie, seksistische incidenten melden via de website seksediscriminatie aan de universiteit.nl

Gesprekken over seksuele intimidatie

Voor bron en meer conversaties, zie hier. Voor een aan dit onderwerp gerelateerde post: zie hier. Leuke rolomkering!