Tag Archives: plaag

Vrouwen schrijven over pandemieën

In tijden van het Coronavirus kun je psychologisch gezien verschillende kanten op: troost zoeken en het virus negeren, het virus gedoseerd toelaten, of voluit in het fenomeen pandemie duiken. Dat geldt algemeen, maar ook voor lezen. Juist in tijden van zelfisolatie kan een goed boek wonderen doen. Daarom een post met werken van schrijfsters die het gevaar recht in de ogen keken en mooie romans over besmettelijke ziekten schreven.

Vrouwen begonnen al vroeg met het publiceren van verhalen waar epidemieën een ravage aanrichten. Eén van de vroegste voorbeelden, uit 1826, komt van Mary Shelly. Ze is vooral bekend vanwege haar roman Frankenstein, maar met  ‘The Last Man‘ mag ze ook de eer claimen om als een van de eersten dystopische sf te hebben geschreven. Het verhaal draait om Lionel Verney, die als enige een epidemie overleefde en de laatste mens op aarde wordt.

Op sociale media zoals Twitter noemen mensen op dit moment regelmatig het boek Station Eleven van  Emily St. John Mandel (in het Nederlands vertaald als Station Elf ). De auteur toont in flashbacks wat er gebeurde toen een dodelijke griep de bevolking decimeerde, maar richt zich vooral op het leven na de ramp. Hoe ga je verder, waar kun je vreugde aan ontlenen, welke menselijke waarden blijven overeind?

Ling Ma grijpt een epidemie in haar debuutroman Severance aan om een scherpe satire op het kapitalisme af te leveren. Als er een besmettelijke ziekte uitbreekt en het dodental snel oploopt, zoekt hoofdpersoon Candace Chen naar manieren om zich staande te houden. Ze sluit zich aan bij een groepje mensen om van New York naar Chicago te reizen, een stad waar het veiliger zou zijn, en probeert ondertussen door te werken als journalist en vlogger.

Ook Margaret Atwood benutte het thema van een plaag voor een flinke dosis dystopische science fiction. In haar MaddAddam trilogie zorgt genetische manipulatie, samen met een grote onderklasse vol arme mensen die geen goede gezondheidszorg kunnen betalen, voor een catastrofale ziekte die de beschaving grotendeels ten onder laat gaan. Uitgeverij Prometheus zorgde voor een goede Nederlandse vertaling, van Oryx en Crake, Het jaar van de vloed en MaddAddam, dus grijp je kans.

Een andere goede keuze is Connie Willis. De Nederlandse vertaling van haar roman Doomsday Book is alleen nog duur tweedehands verkrijgbaar, maar gelukkig betaal je voor de e-boekversie van Zwarte Winter ”maar” vijf euro, dus dat is te overzien. Het verhaal draait om Kivrin Engle, een vrouw die verbonden is aan een futuristische versie van de universiteit van Oxford. De faculteit Geschiedenis heeft ontdekt hoe je kunt reizen door de tijd, en stuurt studenten en medewerkers naar het verleden om zo verschillende tijdperken beter te bestuderen. Helaas gaat er iets mis, waardoor Kivrin in een verkeerde periode aankomt: Engeland, op het moment dat de Zwarte Dood uit is gebroken en de massale sterfte begint.

Heet van de naald, want gepubliceerd op 3 maart, komt Katie M. Flynn met haar debuutroman The Companions.Flynn’s verhaal draait om de Amerikaanse staat Californië, waar een dodelijke ziekte is uitgebroken. De levenden zitten in quarantaine, en het bewustzijn van de stervenden wordt gedownload in een programma en in een kunstmatig lichaam geplaatst. Zo ontstaan companions, ”mensen” die de levenden gezelschap kunnen houden. Welgestelden doen dat vrijwillig zodat ze bij hun familie kunnen blijven, maar armen lopen het risico dat ze in een soort slavenbestaan terecht komen. Met alle sociale, politieke en economische gevolgen vandien.

Nederland laat zich ook niet onbetuigd. In Concept M voert Aafke Romeijn een ziekte op die mensen kleurloos maakt en broze botten en slechte longen geeft. Hoofdpersoon Hava lijdt aan deze ziekte en kan alleen min of meer normaal functioneren als ze een door farmaceutische bedrijven belachelijk duur gehouden medicijn slikt. Renate Dorrestein laat in haar roman Weerwater in het midden wat voor soort ramp Nederland trof, maar het komt er in ieder geval op neer dat inwoners van Almere compleet geïsoleerd raken van de rest van de wereld. In een totaal isolement moeten ze het zien te redden met de middelen, mensen en materialen die de stad biedt.

Diverse auteurs spelen met wat als scenario’s. Wat als een epidemie of een andere ramp alle of bijna alle mannen of vrouwen uit zou roeien? Hoe zou de wereld er uit zien als er slechts één sekse bestond? Het is opvallend dat er maar weinig werken zijn die ingaan op een wereld waar alleen mannen overbleven. Misschien komt dat omdat science fiction decennia lang gedomineerd werd door mannelijke auteurs, die in hun verhalen vooral mannelijke personages opvoerden en met hun mannenverhalen de prijzen wonnen en de lijstjes met beste sf boeken domineerden. In die zin zou je zwart-wit kunnen stellen dat talloze SF romans sowieso alleen over mannen gaan, als standaard situatie.

Wellicht vanwege die lange dominantie van mannen in het genre bestaan er relatief weinig romans waarin de auteur een reden verzint voor de afwezigheid van vrouwen en speelt met wat-als scenario’s rond werelden zonder vrouwen. Voorbeelden zijn Betram Chandler’s A Spartan Planet uit 1969, en Lois Bujold’s roman Ethan of Athos, uit 1986. Bujold liet zich inspireren door de Griekse mannenkloosters op het eiland Athos. In haar roman verandert het verboden-voor-vrouwen eiland in een planeet waar alleen mannen leven. Dat levert echter problemen met de reproductie op, dus de planeet stuurt hoofdpersoon Ethan de wijde wereld in op een queeste naar eierstokken. Achtervolgingen, vuurgevechten en rampzalige sociale interacties volgen.

Werelden waar alleen vrouwen leven, domineren het genre van één sekse. Die traditie gaat ver terug. Denk aan klassieke verhalen over de Amazones, of utopische romans zoals Herland van Charlotte Perkins Gilman uit 1915. De ene keer scheiden vrouwen zich van mannen af en stichten hun eigen staat, zoals in  The Gate to Women’s Country van Sheri S. Tepper. Vrouwen leven in deze roman in stadstaten en geven hun zonen in hun puberteit de keuze: vreedzaam bij de vrouwen blijven, of vertrekken en op het land bij militaristische mannen gaan wonen.

Andere keren roeien ziektes alle mannen uit. Zoals bij Ammonite, de debuutroman van Nicola Griffith. Een commercieel bedrijf stuurt hoofdpersoon Marghe naar een planeet die door de mensheid gekoloniseerd werd. Alle mannen stierven echter tijdens een epidemie. Marghe gaat als antropoloog onderzoeken hoe de vrouwen de draad oppakten en hoe hun samenleving nu functioneert. Ook zal ze een vaccin tegen de ziekte testen. Onnodig te zeggen dat deze op zich simpele opdracht al snel gecompliceerd wordt door allerlei tegenslagen, moeilijke situaties en loyaliteitsconflicten.

Eervolle vermeldingen: The Old Drift van Namwali Serpell. Geen echte epidemieroman, maar in de levens van verschillende generaties van dezelfde familie speelt Aids een grote rol. En Jane Eyre, van Charlotte Brontë, waarbij de hoofdpersoon een epidemie in een meisjesinternaat overleeft.