Tag Archives: ouderschapsverlof

De Gereedschapskist: testen op seksisme

Racisme? Vinden we met ons allen heel erg. Maar seksisme? Dat herkennen we niet snel. Het is toch een compliment als je zegt dat vrouwen goed zijn met kinderen? En wat is er mis met een zin als ‘de Koerden en hun vrouwen en kinderen’? Kortom, het is soms lastig om te achterhalen of iets seksistisch kan zijn of niet. Gelukkig zijn er manieren om voor jezelf te beoordelen of je te maken hebt met seksisme: de Group Replacement Test en de Six Degrees of Sexism Test. Wil jij weten hoe seksistisch VNO-NCW-voorzitter Hans de Boer zich gedraagt? Deze testjes geven een idee.

De Boer.

De Group Replacement Test werkt als volgt. Je neemt een tekst. Je laat alles hetzelfde, alleen vervang je woorden als ‘haar’ en ‘vrouw’ voor woorden als ‘zijn’ en ‘man’. Of je vervangt ‘vrouw’ door ‘neger’ of ‘Jood’. Je leest de tekst nog een keer. Klinkt het opeens racistisch, of ontzettend naar? Dan is de kans groot dat de originele tekst seksistisch is. Zo wordt opeens pijnlijk duidelijk wat voor een seksistisch beeld mensen schilderen van vrouwen die medicijnen gaan studeren, als je net doet alsof het over zwarte mensen gaat:

”De jonge negers met paardenstaartjes en blauwe flesjes water in de zak van hun doktersjas trekken in groten getale groepsgewijs door het ziekenhuis. Ik vind het geen vooruitgang. Ze zijn vaak nogal overgevoelig. Belt zo’n neger je tijdens de dienst over haar toeren op, denk ik: doe een beetje relaxt. Zelden zit er een doortastend type tussen.”

Op dezelfde manier kun je uitspraken van VNO/NCW voorzitter Hans de Boer testen. De voorzitter van de werkgeversorganisatie zei onder andere dat het niet aan hem lag dat er zo weinig vrouwen in de top zitten: “Ik heb altijd mijn best gedaan wat vrouwen ertussen te frommelen”. Laten we eens spelen met die zinnen. ‘Ik heb altijd mijn best gedaan wat negers ertussen te frommelen’. ‘Ik heb mijn best gedaan wat mannen ertussen te frommelen’.

Enneh, als het gaat om het geringe aantal vrouwen in de top: zijn ze er eigenlijk wel?, vroeg de Boer zich af. En hebben ze wel ‘de juiste financieel-economische kennis en dat soort dingen’? Goeie vraag!  Zijn er wel voldoende Joden? Zijn er wel voldoende negers met de  juiste financieel-economisch kennis en dat soort dingen? Hoe klinken die opmerkingen van De Boer als je er zo naar kijkt? Raar? Dubieus? Wat zegt dat over zijn uitspraken over vrouwen? Misschien zijn die ook wel behoorlijk dubieus.

De ‘zes gradaties van seksisme’ test gaat wat verder. Aan de hand van bepaalde criteria analyseer je een tekst, video of anderssoortig bericht. Je let in je analyse op de volgende criteria:

1. Het gedrag van de leider/voorzitter 2. De demografische samenstelling van de organisatie (diversiteit) 3. De ervaringen van medewerkers binnen die organisatie 4. De practices & systems van de organisatie 5. Het product van de organisatie 6. De sociale impact van de organisatie. Oftewel de maatschappelijke effecten

Laten we de test eens toepassen op de uitlatingen van De Boer. Zijn gedrag is bot en ongenuanceerd – onder andere EenVandaag spreekt al van olifanten in porseleinkasten (1). De Boer vertegenwoordigt een  organisatie waarvan de top bestaat uit blanke mannen. De enige vrouw in de directie gaat over de communicatie. Hoe cliché. (2).

Ervaringen van medewerkers binnen de organisatie? Hmmmm, lastig…. Maar de praktijken van de organisatie (4) zijn wél weer zichtbaar voor de buitenwereld. De werkgevers zeggen af en toe sociaal wenselijke dingen over de aanpak van zwangerschapsdiscriminatie, maar hebben tot nu toe niets effectiefs gedaan om deze praktijk echt uit te bannen. Idem dito voor de loonkloof. In publicaties beschrijft VNO/NCW ouderschapsverlof vooral als een kostenpost, en de werkgevers spreken zich bij herhaling uit  tegen een vrouwenquotum. Ook als dat betekent dat ze daardoor een mannenquotum van circa 92 procent in stand houden. Kortom, de werkgeversorganisatie waarvan De Boer het gezicht is, komt niet over als een bastion van emancipatie.

Over 5 en 6 kunnen we duidelijk zijn: VNO/NCW heeft behoorlijk wat macht, kan met een megafoon schreeuwen vanaf het platform van landelijke media, en produceert akkoorden waar vooral werkgevers blij van worden. Voeg dat bij een maatschappelijke context waarin bedrijven vrouwelijke talenten negeren en vrouwen loopbaanadvies geven van het type glimlach, draag hakjes en spreek mannen niet tegen, en het is helder: je hebt het over een situatie die voldoet aan vijf van de zes gradaties uit de seksismetest. Seksisme ten top dus.

En niet alleen dat. Juist vanwege de groep die hij vertegenwoordigt, en de maatschappelijke invloed die hij heeft, zijn de seksistische uitspraken van De Boer erg schadelijk:

De Boer […] baggert hiermee weer eens het eeuwenoude cliché op dat vrouwen inherent ongeschikt zouden zijn als leidinggevende. Als dat stereotype inderdaad bon ton is onder werkgevers dan kunnen vrouwen nog zo gekwalificeerd zijn, maar gaan we die 30% nooit halen. Erger nog,door dit soort dingen hardop te roepen in een landelijk dagblad legitimeert De Boer andere werkgevers die het toch al dachten. Immers, als de voorzitter van VNO-NCW het kan zeggen zonder teruggefloten te worden, waarom zij dan niet?

Probeer het zelf! Neem maar eens een interview uit de krant, een filmpje op Youtube, en analyseer wat je ziet en hoort. Grote kans dat je dan alerter wordt op seksisme, het eerder signaleert, en je jezelf sneller af kunt vragen: klopt het wel wat hier gebeurt? Dan had onder andere de SGP, met haar neger – eh vrouwenstandpunt, veel minder sympathie ontvangen en onder druk veel eerder bakzeil moeten halen toen de hoogste rechter vrouwendiscriminatie verbood.

UPDATE: Hulde voor VWO scholiere Lotteke Boogert, die de werkgevers in duidelijke bewoordingen aanklaagt: ‘Hans de Boer van VNO-NCW miskent vrouwelijk potentieel’. 

Economische crisis brengt man en vrouw dichter bij elkaar

Kleinere loonkloof, minder verschil in werkloosheidspercentages, de economische crisis zorgt ervoor dat mannen en vrouwen als groep dichter bij elkaar komen. Die verrassende conclusie trekt een Europees netwerk van juristen die zich bezig houden met gender. In hun jaarlijkse overzicht (binnenkort hier beschikbaar) onderzoeken ze de gevolgen van vier jaar economische crisis, en komen met een genuanceerd beeld. Waaronder de verkleining van de kloof tussen beide seksen.

Dat man en vrouw als groep dichter bij elkaar komen lijkt goed nieuws, maar is dat in de praktijk niet, merkt de European Gender Equality Law Review nummer 2, 2012 op. De seksen worden gelijker op weg naar beneden. Zo hebben veel werknemers nu minder rechten en voorzieningen dan vier jaar geleden. Of ze man zijn of vrouw, maakt niet uit.

Positief is dit echter niet. En indirect treft dit vrouwen harder dan mannen, omdat zij meer gebruik maken van voorzieningen zoals ouderschapsverlof. Als zo’n recht weg valt, treft dit moeders harder. Ook verloren veel mensen hun baan, mannen in eerste instantie iets meer dan vrouwen. Zo kruipen werkloosheidspercentages dichter naar elkaar toe, maar opnieuw is dit niet iets om te juichen.

Binnen de groeiende werkloosheid valt de samenstellers van de Law Review nog iets anders op. In door mannen gedomineerde beroepen ontslaan werkgevers buitengewoon veel vrouwen. Veel meer dan je op grond van hun toch al geringe aantal zou verwachten. Ook zijn de werkloosheidscijfers vertekend, omdat veel sectoren waar vrouwen domineren, tot nu toe wat minder last hadden van de crisis. Steeds meer landen beginnen echter te bezuinigen op de zorg, de overheid en het onderwijs. Binnenkort zou de werkloosheid onder vrouwen zodoende sterk op kunnen lopen.

Een ding willen de samenstellers wel benadrukken. In veel economische theorieën vervulden vrouwen tot nu toe de functie van klapstoel. Uitklappen indien nodig, zo niet dan stuur je vrouwen terug de keuken in. Vrouwen hebben echter zo massaal de arbeidsmarkt betreden, dat zij nu gewoon meetellen als werkneemster. De buffer/klapstoelplek is tegenwoordig ingenomen door buitenlanders en flexwerkers m/v. Het is vooruitgang, maar of buitenlanders en flexwerkers daar nou zo blij mee moeten zijn….?

Nederland stribbelt tegen bij vrouwenrechten

Nederland begint een slechte reputatie te krijgen als het gaat om vrouwenrechten. De Europese Unie sleept ons land voor de rechter omdat Nederland te weinig doet voor mensen die na zwangerschapsverlof terug willen keren naar hun betaalde baan. Deze stap komt bovenop gedonderjaag rondom een quotum van dertig procent vrouwen in de top van beursgenoteerde bedrijven, en bergen kritiek op de gebrekkige naleving van VN-verdragen. Waarom laat Nederland het er zo bij zitten?

Natuurlijk heeft de Nederlandse regering allerlei excuses om niets of weinig te doen. Zo zou een quotum beter functioneren als bedrijven vrijwillig aan de slag gaan. Dus koos de regering voor een papieren tijger vol boterzachte vaagheden. Bedrijven hoeven nu alleen achteraf uit te leggen waarom het helaas niet lukte, en krijgen dan een aai over de bol en een ‘volgende keer beter’. Dat de EU meer druk wil zetten achter het doorbreken van een blanke mannelijke monocultuur aan de top, vindt Nederland maar niets.

De SGP komt ook overal mee weg. Nederland heeft vooral oog voor de godsdienstvrijheid, en deed weinig tot niets toen zowel de EU als de Hoge Raad in eigen land de regering sommeerde actief maatregelen te nemen. De SGP heeft inmiddels een briljante oplossing gevonden. Formeel mogen vrouwen nu wel op een kieslijst, maar iedere vrouw die aangeeft dit te willen, breekt met de grondbeginselen van de partij. En wordt daarmee een goddeloze outcast. Kritiek op deze schijnrechtspraak kwam vooral van de kant van het proefprocessenfonds Clara Wichmann en opiniebladen zoals HP/De Tijd. Vanuit de regering geen woord.

Niemand minder dan de Verenigde Naties gaf Nederland eerder, in 2010, al een draai om de oren. Ons land ondertekende weliswaar een internationaal verdrag, het VN Vrouwenverdrag, maar voert dat akkoord in de praktijk slecht uit. Onder andere de structurele ongelijkheid tussen mannen en vrouwen op de werkvloer was een pijnpunt. Dat maakt het des te wranger dat de EU Nederland nu voor de rechter sleept vanwege nalatigheid om werknemers te beschermen die terugkeren na ouderschapsverlof. NIet geheel verrassend zijn het vooral vrouwen die zwanger worden en prompt merken dat werkgevers hen willen dumpen.

Voorbeelden te over dus. Waarom landt die kritiek niet? Het Tijdschrift voor Genderstudies probeerde deze vraag te beantwoorden. De eindconclusie:

Voor de regering en de ambtelijke organisatie heeft het gewoonweg weinig urgentie veel aandacht te besteden aan de implementatie van mensenrechten, en van vrouwenrechten en het VN-Vrouwenverdrag in het bijzonder. Ten eerste is van druk van buiten af nauwelijks sprake. Ten tweede wordt in de rechtspraak bijna geen gebruik gemaakt van het VN-Vrouwenverdrag[…], zodat er geen noodzaak is om alle wet- en regelgeving vooraf aan het verdrag te toetsen. Ten derde denkt ook de Tweede Kamer bij mensenrechten met name aan niet-westerse buitenlanden, en spreekt zij de regering slechts incidenteel aan op het nakomen van verdragsverplichtingen in Nederland.

De auteur van het stuk hoopt op verandering nu Nederland een instituut voor de mensenrechten krijgt. Inmiddels bestaat dit college inderdaad. Zo’n organisatie kan bevorderen dat de regering mensenrechten – en vrouwen zijn ook mensen! – structureel meeneemt in het beleid. En uitspraken doen, onder andere over de legitimiteit van voorkeursbeleid voor vrouwen op plekken waar vrouwen, vanwege hun verkeerde sekse, tegen structurele achterstelling aanlopen. Zodat er langzamerhand meer druk op de ketel komt, en mensen de urgentie voelen. Dat zou tijd worden.

Quotasysteem Noorwegen boekt groot succes

Dankzij een quotum van veertig procent vrouwen in raden van bestuur is het glazen plafond in Noorwegen eindelijk gesneuveld. Uit nieuwe onderzoeken en cijfers blijken vrouwen nu 42% van de top uit te maken . Een doorbraak, want in de periode 1993-2003 kwam het bedrijfsleven niet verder dan een stijging van 3 naar 7 procent, schrijft Agnes Bolsö in The Guardian: ,,Lawmakers who are committed to gender equality should take note of this.”

De stand van zaken in 2008.

Bolsö is één van de wetenschappers die betrokken is bij onderzoeken naar het effect van het Noorse vrouwenquotum van veertig procent. Dit percentage geldt voor de grotere, beursgenoteerde bedrijven. Het is volgens Bolsö erg lastig om een directe link te leggen tussen de samenstelling van de top en de economische resultaten van de onderneming. Bedrijven die het goed deden, bleven het goed doen. Bedrijven die er slecht voor stonden zijn een beetje beter gaan presteren sinds er meer vrouwen in de raad van commissarissen zitten.

Het effect van voldoende vrouwen is wel duidelijk merkbaar in de werkcultuur. Breed blijkt dat die cultuur professionaliseert, met onder andere beter voorbereide en strakker geleide vergaderingen, die tegelijkertijd in een wat plezierigere sfeer verlopen dan vroeger. Nu vrouwen bovendien in raden van bestuur zitten, doen ze ook ervaring op om op termijn door te stromen naar de uitvoerende topmanagers functies (chief executives), verwacht Bolsö.

De werkcultuur is ook op een andere manier veranderd. Nog geen twintig jaar geleden merkten vaders weinig van de geboorte van een kind. Ze werkten gewoon door. Nu zou het bijna een schande zijn als een man zo omgaat met baby en gezin, merken diverse Noorse vaders op in een reporage van The Guardian. Dankzij een gulle ouderschapsverlof regeling kunnen vaders nu drie tot vier maanden vrij nemen. Zo kunnen ze net als vrouwen een band opbouwen met de baby en voor het huishouden zorgen.

Enfin, terug naar de topvrouwen. Vorig jaar, in juni 2010, publiceerde de Friedrich Ebert Stichting een eerdere evaluatie van de quotumregeling. Die richtte zich vooral op de totstandkoming van het quotumsysteem en gaf aanbevelingen hoe andere landen eenzelfde soort beleid zouden kunnen opzetten. Die onderzoekers gaven zeven belangrijke voorwaarden aan voor succes, waarin op de derde plaats stond: zonder sancties werkt het niet. Vertegenwoordigers van Noorwegen hebben dit inmiddels ook aan de Europese Unie laten weten.

Laten we nou net in Nederland gekozen hebben voor een beleid zonder sancties. Bedrijven die de norm van dertig procent niet halen, moeten alleen in het jaarverslag uitleggen waarom het niet lukte meer diversiteit te krijgen in de top. Dat is alles. Je kunt van tevoren al zien aankomen dat het in Nederland op die manier niks gaat worden.

De Zesde Clan wil zich wel aan een voorspelling wagen. Als verklaring voor het mislukken van de quotumregeling zullen ondernemingen kiezen uit het volgende, veelgebruikte menu: a. de vrouwen wilden zelf niet, danwel ‘Nederlandse vrouwen zijn niet ambitieus. Of het duo ‘er waren onvoldoende vrouwen met de benodigde kwaliteiten’, danwel ‘ze waren er misschien wel, maar wij konden ze niet vinden’. Met daarna de klacht dat het systeem sowieso oneerlijk is omdat nu gekwalificeerde mannen aan de kant staan, boehoehoe, laten we maar snel afstappen van het hele idee van quota.

De Noorse delegatie in gesprek met Bondskanselier Angela Merkel over quota voor vrouwen. Foto: EU Observer.

De Zesde Clan kijkt daarom met een schuin oog naar de Europese Unie. Daar zijn ze de blanke mannelijke monocultuur in de top goed zat, en houden ze haarscherp in de gaten wat er onder andere in Noorwegen gebeurt. De EU Observer schreef in maart dit jaar al het volgende daarover:

In Norway, the voluntary system did not work because “male members of the selecting committees always found people from their own networks, usually men as well,” Aasrud said. EU justice commissioner Viviane Reding earlier this month challenged all EU publicly listed companies to sign up to a voluntary pledge to increase the presence of women on their boards to 30 percent by 2015 and 40 percent by 2020. If no action is taken within a year, she suggested, the commission may come up with binding rules.

Als de EU Nederland dwingt een effectief beleid met sancties te voeren, wil het misschien eindelijk lukken. De resultaten vanuit Noorwegen zijn in ieder geval veelbelovend en hoopgevend.

Nieuwsronde

De mores in de bouw, Russische journalistiek, een film over het leven van Getrude Bell… Het werden geen aparte stukken voor De Zesde Clan, maar de links bieden genoeg interessante informatie om deel uit te maken van een Nieuwsronde.

CDA-leden kozen Ruth Peetoom als nieuwe voorzitter.

  • Ruth Peetoom is de nieuwe voorzitster van het CDA. Ze kreeg 61 procent van de stemmen. Dagblad Trouw noemt haar verkiezing een motie van afkeuring van de leden aan het adres van de architecten van de samenwerking met de PVV. Waarna de rest van het artikel over mannen gaat. Peetoom komt nog één keer terug omdat de schrijver van het opiniestuk twijfelt of ze erin kan slagen de tegenstellingen tussen CDA leden en prominenten te overbruggen. Over de kwalificaties van Peetoom geen woord….
  • Intermediair geeft in een rubriek over stellen en de manier waarop ze zorg en werk verdelen, misschien onbedoeld een onthullend kijkje in de bouwwereld. Zo vroeg mogelijk beginnen en zo laat mogelijk weggaan is de norm, want dat is stoer. Wie ouderschapsverlof op wil nemen wordt bij terugkeer niet meer serieus genomen, laat staan als je minder uren wil werken. ,,De bedrijfstak zorgt er eigenlijk voor dat je je dan niet meer thuis voelt – en weggaat,” vertelt de man van het stel. De man. Laat staan als de werknemer een vrouw is…
  • Gertrude Bell, de negentiene eeuwse archeologe en diplomate, leidde zo’n buitengewoon leven dat maar liefst twee regisseurs een film over haar willen maken. Werner Herzog en Riddley Scott zouden interesse hebben.
  • Anna Politkovskaya werkte als journaliste in Rusland en deinsde er niet voor terug corruptie en andere misstanden aan de orde te stellen. Onbekend gebleven daders schoten haar in 2006 neer. De moord werd alom gezien als een politieke daad: een lastige journalist permanent de mond snoeren. Ms Magazine besteedt nu aandacht aan een collectie van Politkovskaya’s artikelen, gebundeld in het boek ‘Is good journalism worth dying for?’ Ze schreef de stukken in de periode van 2000 tot en met haar dood.
  • The Guardian intervieuwde Karren Brady, manager van voetbalclub West Ham en één van de meest succesvolle zakenvrouwen van Engeland. Ze vertelt dat kinderopvang aftrekbaar zou moeten zijn van de belastingen, dat vrouwen eerlijke kansen moeten krijgen, en dat ambitie geen vies woord is.

Nederland staat elfde in lijst van landen met eerlijke verhoudingen

Het Engelse Instituut voor Vaderschap onderzocht hoeveel mogelijkheden heterostellen met kinderen hebben om werk en zorg eerlijk te verdelen. Nederland blijkt op die lijst een elfde plek te behalen. Gastland Engeland vindt zichzelf terug op de achttiende plaats. Het Vaderschapsinstituut vergeleek de 21 landen met de hoogste inkomens in de wereld. Het is de eerste keer dat een organisatie landen en gezinnen op die manier met elkaar vergelijkt in een Fairness in Families Index, meldt het instituut.

Misschien dat Nederland een hogere plaats haalt nu er een speciaal mannenstrijkijzer op de markt is.

De organisatie besloot de vergelijking op te stellen omdat de Engelse regering expliciet beloofde de combinatie van arbeid en zorg makkelijker te maken. Dit leidde tot de vraag: hoe is de situatie nu dan? Het Vaderschapsinstituut keek naar verschillende gebieden. Het bracht in kaart hoeveel minuten tijd een man besteedt aan onbetaalde arbeid en de zorg voor kinderen, tegen ieder uur van de moeder.  Hoeveel betaald vaderschapsverlof kunnen mannen in een bepaald land krijgen? Hoeveel mannen verrichten parttime werk en hoe verhoudt zich dat tot parttime werkende vrouwen? Het instituut keek ook naar de deelname van vrouwen in het openbare leven en op het gebied van betaalde arbeid. Denk aan het aantal vrouwen in de regering, of het aantal vrouwen in een managementfunctie.

Net als eerder bij een mondiale genderindex, slepen de Scandinavische landen met gemak de medailles binnen. Als het gaat om een eerlijke verdeling van betaald en onbetaald werk, of zorg, staan Zweden, Finland en Noorwegen met stip op de eerste, tweede en derde plaats. Denemarken volgt op de vierde plek. Buurland België staat op zes, en doet het daarmee een stuk beter dan Nederland. Nederland moet ook Frankrijk, Griekenland en Italië voor laten gaan. Zwitserland bungelt onderaan.

Directeur Rob Williams signaleert in The Guardian dat het voor mannen en vrouwen erg lastig is om los te komen van stereotype rolpatronen, als die rolpatronen erg sterk zijn. Hij constateert dat veel landen systemen in stand houden die mannen de arbeidsmarkt opjagen en vrouwen thuis vast houden, of ze dat nou willen of niet. Om vaders vanaf het begin beter te betrekken bij huishouden en kinderen, pleit Williams voor meer betaald verlof voor mannen. Dat bleek in Zweden namelijk erg goed te werken. Helaas ziet Williams dit nergens terug in de plannen van de Engelse regering:

The bad news is that there is nothing in the government’s plan of action to date which will make a significant difference to our rankings on the FiFI table. The big policy clue in the index is that without legislating for significant periods of reserved leave for fathers new parents will struggle to negotiate the gender traps which push men into breadwinning and capture women in the home.

Gelukkig kan Nederland, mocht het hier niet lukken met meer betaald vaderschapsverlof, altijd nog teruggrijpen op een geheim wapen: het mannenstrijkijzer!

Deze nieuwe, ultieme strijkhulp moet gewoon een plaatsje krijgen in de gereedschapskist, om zelfverzekerd en snel je stapel strijkgoed onder handen te nemen.  Het nieuwe Philips strijkijzer voor mannen laat alle tegenzin wegsmelten en klaart de klus in een mum van tijd. Zo kun je, met een kreukvrij zelfvertrouwen, je tijd besteden aan belangrijkere dingen.