Tag Archives: oorlog

De genderpolitiek van de barbecue

Lente en zomer, dat betekent onder andere dat we met ons allen weer overspoeld worden door artikelen en beelden van mannen rond de barbecue. Deze mannen voelen zich mannelijk en sexy achter de barbecue en gooien “vanuit hun oergevoel “grote lappen vlees op het vuur. Maar deze overtuiging gaat veel verder dan dat, betoogt Carol J. Adams in haar klassieker ‘The Sexual Politics of Meat’. Deze macho mannelijke vleeseter heeft een grote, veelal negatieve invloed op de positie van vrouwen en dieren, betoogt ze.

Toen Adams haar boek over vlees eten en gender publiceerde, sloeg haar theorie in als een bom. In een patriarchale cultuur waarin mannen de baas zijn en het beste eten krijgen, te weten vlees, nemen vrouwen en dieren nagenoeg dezelfde plek in, signaleert ze. Het zijn beiden inferieure wezens die je kunt reduceren tot een al dan niet geseksualiseerd ding, een consumptiegoed.

Beiden worden daarbij gereduceerd tot onderdelen. Dieren veranderen in kippenvleugels en sukadelapjes, soms als vrouwelijk voorgesteld. Vrouwen veranderen in sexy torso’s zonder hoofd, losse billen en benen, en worden regelmatig geassocieerd met het dierlijke.

Deze fragmentatie en reductie tot consumptiegoed gaat vaak gepaard met agressie. Als vrouwen en dieren veranderd zijn in een ding, kun je doen met ze wat je wil. Vastzetten, doden, verkrachten, mishandelen, maakt niet uit. Omgekeerd wen je door jagen en dieren doden aan het opjagen en doden van mensen, zag Adams terug bij het gedachtengoed van feministen uit de tijd van de Eerste Wereldoorlog. Het slachten van dieren gaat over in het slachten van mensen, onder het toeziend oog van agressieve viriele patriarchen.

Adams wijst erop dat opvallend veel proto-feministen dit verband zagen, tussen mannelijke macht, viriele agressie en de tweederangs status van dieren en henzelf. Naast vrouwenrechten streden ze regelmatig ook voor het dierenwelzijn.Nog steeds houden veel meer vrouwen dan mannen zich bezig met dierenrechten. Daarnaast stonden opvallend veel feministische denkers een vegetarische levensstijl voor: ze wilden als vrouw niet geëxploiteerd worden en wilden op hun beurt geen dieren exploiteren.

Ruim 25 jaar later sturen lezers Adams nog steeds krantenknipsels, foto’s en reclames die haar theorie illustreren, schrijft ze in de jubileumuitgave van haar klassieker. Propaganda die stelt dat vegetarisch leven iets is waar je je als man verre van wilt houden. Echte mannen eten vlees, drinken bier, scheuren rond in grote auto’s, geven scores aan de borsten en billen van vrouwen, doen wat ze willen, lekker stoer, boys will be boys, zonder nare betutteling van bitcherige schooljuffen.

Mensen stuurden ook foto’s van reclameposters waarop grote garnalen met benen, hoge hakken en tuitende lipjes klanten verleidelijk aankijken en vragen om opgegeten te worden. Omgekeerd veranderen vrouwen regelmatig in prooidieren die na de ‘jacht’ klaar liggen voor mannelijke consumptie.

Niet verassend borrelt die man = vlees cultuur extra opvallend op in het barbecue seizoen. De praktijk rond de barbecue draait om vlees, bevestigt een stereotiep beeld van mannelijkheid en versterkt oude rolpatronen. In 2014 en 2016 hield Trendbox bijvoorbeeld een nationaal BBQ onderzoek en kwam tot de volgende conclusies. Vrouwen doen de boodschappen en maken de salades. Mannen braden het vlees op de barbecue. Meer dan de helft van de mannen vindt dat mannen beter zijn in het grillen dan vrouwen. De meeste ondervraagden vinden het schoonmaken en opruimen na afloop een vervelend karweitje. Vervolgens blijkt dat mannen zich massaal aan dat nare werk onttrekken en het opruimen en schoonmaken overlaten aan vrouwen.

NRC Handelsblad recenseerde The Sexual Politics of Meat ten tijde van de publicatie voornamelijk positief:

Dat er in de hoofden van mensen, zowel bij daders als slachtoffers, altijd verband is geweest tussen de schending van de integriteit van dieren en die van vermeende tweederangs mensen, in het bijzonder vrouwen, maakt Adams volgens mij aannemelijk. De historische en literaire beelden en volkse uitdrukkingen die slaan op zowel dieren als vrouwen, en die beide categorieen wezens plegen voor te stellen als consumeerbare en exploiteerbare objecten, zijn onmiskenbaar legio. Volgens Adams autoriseert en legitimeert de dominante patriarchale cultuur niet alleen de symbolische consumptie van vrouwen, maar ook de letterlijke consumptie van dieren. Het is allemaal verrassend en uitdagend leesvoer.

Warm aanbevolen, dit boek. En wat de barbecue betreft: vrouwen, claim je plek achter de barbecue. Leg er eens iets vegetarisch op. Mannen, maak die salade lekker zelf en druk je niet als het tijd wordt om schoon te maken. Andere rolpatronen beginnen bij jezelf, in kleine stapjes. Succes!

Teksten analyseren: jij kunt het ook

Als vrouw de krant volgen resulteert regelmatig in een onbehagelijk gevoel. Er is iets mis en het komt door die vervelende vrouwen. Lang niet altijd is meteen duidelijk waar dat aan ligt. Hoe maak je zichtbaar wat een tekstschrijver je voorschotelt? Door nauwkeurig te lezen wat er staat en te letten op bijvoeglijke naamwoorden en netwerken van associaties. Jij kunt het ook. Voorbeeld: ‘Mannendingetje in een verweekte samenleving’ van Frans van Deijl. Lees en denk je mee?

Van Deijl schreef een boek en mag nu in De Volkskrant zijn opinie geven over D-Day of, breder, oorlog. Een mannendingetje volgens de vrouw van Van Deijl, zegt Van Deijl. Onderstaande tekstdelen komen uit zijn opiniestuk. De vetgedrukte woorden en frases komen van mijzelf. Lees even mee:

Welke jongen loopt er tegenwoordig op het schoolplein nog met een blauw oog? Ruzie wordt onmiddellijk in de kiem gesmoord, omdat leerkrachten veelal vrouwen zijn en zij propageren – nog steeds en ondanks alles – het harmonie- boven het conflictmodel. Lange tijd vormde dat ongetwijfeld een noodzakelijk contragewicht tegen een al te masculiene samenleving, maar inmiddels zijn we daarin doorgeslagen.

Voor de ‘vaderloze samenleving’ van de Duitse socioloog Alexander Mitscherlich en later de ‘verweesde samenleving’ van Pim Fortuyn, waarin de spreekwoordelijke vader-figuur als steller van normen en waarden uit beeld was verdwenen, is de ‘verweekte samenleving’ in de plaats gekomen. De plek van de afwezige vader is ingenomen door een dubbel aanwezige moeder, die mannen, jongens, onwillekeurig een overdaad aan vrouwelijke waarden bijbrengt.

[…] Het keerpunt heeft zich aangediend. Mannen lachen niet langer besmuikt om mannetjesputters als Johan Derksen of Maxim Hartman. Misschien is zelfs het succes van Donald Trump te verklaren uit een hang naar ouderwets mannelijk chauvinisme.

[…]Als ik dan weer thuiskom, voel ik me heel even een krijger. Born to kill. Totdat moeders beneden komt en mij maant de groenbak buiten te zetten.

Wat de auteur hier doet is etiketten plakken en die koppelen aan een groep. Aan de ene kant mannen/vaders, aan de andere kant vrouwen/moeders. Pel je de tekst op die manier af, dan zie je de volgende zaken:

Vrouw of vrouwelijk = in de kiem gesmoord, harmoniemodel, leerkrachten, propageren, ondanks alles (= hint van irrationaliteit], doorgeslagen, vaderloze/verweesde/verweekte samenleving, dubbel aanwezige moeder, die een overdaad aan vrouwelijke waarden bijbrengt, moeders die een ander maant de groentebak (=triviaal rotklusje) buiten te zetten.

Man of mannelijk =  als jongen met een blauw oog rondlopen, vaderfiguur als steller van normen en waarden, conflictmodel, mannen lachen niet langer besmuikt, mannetjesputters, succes van Donald Trump, ouderwets mannelijke waarden, krijger, born to kill.

Dit alles in de bredere context van oorlog als mannendingetje. De inleiding van Van Deijl – niet hierboven geciteerd – wemelt van de positieve termen: D-day, de bevrijding van Europa (=goed), heroïsche films over deze gebeurtenis (heroïsch =goed), aantrekkingskracht (=goed), grootste invasie aller tijden (niet alleen goed maar zelfs indrukwekkend!), vergoten bloed, de brandende voertuigen, het zweet en de tranen (=heroïsch = goed). Kom daar maar eens aan, verweking-veroorzakende vrouwtjes met je harmoniemodel en je groentebak!

Uit dit alles stijgt op: man is goed, vrouw is slecht. Hij is de steller van normen en waarden. Als hij niet domineert resulteert dat in slechte dingen: vaderloosheid, verweesdheid, verweektheid. Zij wil misschien ook iets met normen en waarden, maar dat zijn”vrouwelijke” waarden, waarin zij doorslaat, maant, propageert en in de kiem smoort, zonder dat daar nog goede redenen voor zijn. En aan het einde moet je de groentebak buiten zetten. Brrrrrr!

Gezien de plaats in de tekst krijgen sommige zinnen een positieve of een negatieve kleur. Neem bijvoorbeeld het woord ”keerpunt”. Dat betekent dat iets van het een naar het ander gaat. Of dat goed of slecht is, hangt af van wat de schrijver stelt. In dit geval is de riedel: vrouwen zijn te dominant, vrouwen slaan door, smoren in de kiem met hun harmoniemodel, maar nu lachen mannen eindelijk niet langer besmuikt. Ze durven openlijk succes te vieren. Welk succes? Dat van Donald Trump en andere mensen die hangen naar ouderwets mannelijk chauvinisme.

Kortom, het keerpunt gaat van negatief naar positief. Onderdrukte mannen komen terug in hun succesvolle strijd tegen die dubbele aanwezige moeders met hun gemaan en gepropageer.

Voor vrouwen heeft Van Deijl weinig positiefs in petto. Jij, vrouw, neemt teveel ruimte in, je gedraagt je vervelend, en wat jij vertegenwoordigt zijn geen normen en waarden maar iets naars, waar keerpunten voor nodig zijn om weer de goede kant op te kunnen. Oh, en leve Donald Trump, vrouwenhater pur sang overigens. En ouderwets mannelijk chauvinisme, wat goed is want man = goed en vrouw = slecht.

Snap je nu waarom je een rotgevoel aan dat soort teksten overhoudt? Van Deijl kotste zojuist over je heen. En dat is weerzinwekkend.

 

Geschiedenis is een feestje van en voor mannen

Geschiedenis? Een genre van mannen, voor mannen, over mannen. Dat beeld rijst op uit een onderzoek van magazine Slate. Het blad bekeek 614 boeken van tachtig Amerikaanse uitgeverijen, gepubliceerd in 2015, en merkte dat de auteur in 75,8% van de gevallen tot de mannelijke sekse behoorde. In het geval van biografieën schrijven deze mannen zelden over het leven van een vrouw. Slechts 6% deed dat. Aandacht voor vrouwen komt vooral van andere vrouwen….

gender_discrimination_resized

Dagblad The Guardian signaleert dat de situatie in Engeland net zo scheef zit. De top vijftig van best verkochte geschiedenisboeken bestaat uit 46 mannen en slechts vier vrouwen. Publicatielijsten uit 2015 kondigen 57 boeken aan. Slechts dertien uitgaven zijn geschreven door een vrouw.

Dit heeft gevolgen voor het beeld van de geschiedenis. De mannen die over mannen schrijven concentreren zich op ‘mannelijke’ terreinen zoals sport, koningen, oorlogen en nog meer oorlogen. De schaarse vrouwelijke auteurs hebben de neiging zich te richten op als ‘vrouwelijk’ gecodeerde terreinen. Bij de biografieën zie je een inhaalslag: bijna zeventig procent van de biografes kiest een vrouwenleven als onderwerp, omdat veel interessante verhalen zo lang ongehoord bleven.

Goede cijfers over de situatie in Nederland heb ik niet gevonden – kan aan mijn zoekmethoden liggen, dus als iemand de link heeft naar een goed onderbouwde cijfermatige analyse zou ik zeggen: mail! Een lijst van zeventig geschiedenisboeken van het Historisch Nieuwsblad wemelt in ieder geval van de boeken van mannen. Tussen alle Jannen en Joosten en Maartens is het flink zoeken naar een Hella S. Haasse of Els Kloek.

Ook duikt in Nederland hetzelfde patroon op als in Engeland en de V.S. Mannen schrijven niet vaak over vrouwen. Als een geschiedenisboek vrouwen een prominente plek geeft, is de auteur meestal een vrouw. Els Kloek stond bijvoorbeeld aan het hoofd van 1001 Vrouwen uit de Nederlandse geschiedenis. Bij biografieën over mannenlevens is de auteur meestal een man. Biografieën over vrouwen komen meestal uit de koker van een schrijfster. Zie de boeken over danseres Olga de Haas, feministe Joke Smit, Koningin Juliana, enzovoorts.

Hoe komt dat? Veel mensen uit het boekenvak reageerden op deze totaal scheve balans, zoals in kaart gebracht door Slate en The Guardian. Een van de verklaringen luidt dat de markt zich richt op feestdagen zoals Kerstmis. Uitgeverijen publiceren rond die tijd boeken die mensen cadeau kunnen geven aan pap, opa of een ander mannelijk familielid. Met dat idee in het achterhoofd neigt de onderwerpskeuze vanzelf naar thema’s die mannen geacht worden interessant te vinden, zoals oorlogen en biografieën over leiders.

Daarnaast speelt de link met media zoals de televisie een rol. Het zijn voornamelijk blanke mannen die een geschiedenisserie in de wacht slepen en afleveringen lang over een bepaald onderwerp mogen praten. Dit bevordert vervolgens de verkoop van hun geschiedenisboeken, waarna deze mannen een groter podium hebben om van hun volgende boek een bestseller te maken. Zo krijg je vanzelf een elitegroep die de toon zet – en die toon is mannelijk gecodeerd.

Uitgeefster Lara Heimert wil ook naar de bredere sociologische context kijken:

“We have a real problem in publishing, but it’s not just a publishing problem,” Heimert wrote. “What is it about the way we educate our children that channels women toward literature departments and men toward history and politics departments? What are our assumptions—and by ‘our’ I mean publishers, booksellers, book reviewers &c—that lead us to publish history books for Father’s Day and fiction and memoir for Mother’s Day? Are these based on data or merely stereotypes?

Kortom, we hebben nog een lange weg te gaan…..

Voor onder de kerstboom: Artichoke Tales

Uitverkoop, ook bij de boekhandels, en dan vind je wel eens wat. De Zesde Clan stuitte op de grafische roman Artichoke Tales. Het verhaal is een combinatie van fantasy en familiesaga, inclusief de voor het fantasygenre gebruikelijke kaart van de wereld en een stamboom. De auteur, Megan Kelso, ontving vele prijzen voor haar kortere strips. Dit is haar eerste lange werk.

Artichoke Tales vloeide voort uit een van die kortere stripverhalen, vertelde Kelso in een interview:

When I was self-publishing my comic book “Girlhero,” I think it was issue #5, I did a story with the artichoke people. It was a ten page story – it was pretty short. That story came from just a doodle that I started doing one summer. If I was talking on the phone, I kept drawing these artichoke-head people. They looked like the little sidekick of the Jolly Green Giant, Sprout. I just kept drawing these little cartoons and I reached this point where I thought I really want to do a story about these people.

Diverse verhuizingen, een zwangerschap en een aantal tussendoor projecten later, en voilà, Artichoke Tales verscheen na tien jaar hard werken. Centraal in het verhaal staat de figuur van Brigitte. Het meisje werkt in de apotheek van haar oma en heeft veel geleerd over kruiden en geneeswijzen. Dat is maar goed ook, want er woedt al jaren een oorlog tussen het noordelijke en het zuidelijke deel van het land, en de slachtoffers aan beide zijden zijn ontelbaar.

Brigitte’s leven wordt overhoop gegooid als op een gegeven moment Adam, een soldaat van het noordelijke kamp, haar dorp bereikt. De twee raken verliefd op elkaar, maar uiteraard gebeurt er daarna vanalles waardoor ze van elkaar gescheiden worden. Anders zou het verhaal snel uit zijn 😉 Brigitte besluit op onderzoek uit te gaan. Hoe moet ze omgaan met die relatie met Adam, hoe zit het nou met die oorlog tussen Noord en Zuid? Al snel blijkt dat haar oma meer weet dan ze eerst deed voorkomen. Het persoonlijke blijkt politiek, en de oorlog heeft verstrekkende gevolgen voor alle betrokkenen.

Megan Kelso in haar atelier.

Meer lezen? Zie deze recensie, en deze, en deze. Zelfs de New York Times besteedde aandacht aan deze graphic novel. Artichoke Tales is een uitgave van Fantagraphics Books en kost in Nederland 21 euro.

 

Vrouwen Irak staan er alleen voor

Het wordt steeds duidelijker dat de oorlog in Irak enorme sociale gevolgen heeft. Er zijn zoveel mannen gesneuveld, dat steeds meer vrouwen alleen blijven. En wie in Irak vrouw, boven de 30 en alleenstaand is, geldt als ‘sociaal gesneuveld’. Dat constateren verslaggevers van de New York Times in een reportage over de verborgen kosten van oorlog.

Ruim zeven jaar oorlog zorgde niet alleen voor veel dode mannen, maar maakte ook een einde aan een bloeiend sociaal leven en de economie. Mocht er nog een man over zijn, dan kunnen mannen en vrouwen nauwelijks gelegenheden vinden om elkaar tegen te komen. En als iemand al een huwelijkskandidaat treft, schrikken mannen terug voor de kosten van een bruiloft. De Irakese regering probeert hier iets aan te doen door zelf huwelijken te organiseren, zodat het kersverse bruidspaar geen kosten hoeft te maken. Maar ondertussen zijn veel mannen weg en zitten veel vrouwen thuis met een enorm stigma: ze is ongetrouwd.

Vrouwen in Irak hebben wel stemrecht, maar geen leven als ze niet getrouwd zijn.

Het erge is dat dit geen nieuw fenomeen is. Virginia Nicholson schreef een prachtig boek, Singled Out, over de situatie in Engeland. Daar sneuvelden zoveel soldaten in de eerste wereldoorlog, dat bijna twee miljoen vrouwen achterbleven. De regering noemde hen de Surplus vrouwen, en in het conservatieve Engeland van rond 1918 hadden deze ongetrouwde vrouwen ook geen status. Uit brieven, archiefmateriaal en interviews blijkt dat veel vrouwen worstelden met hun situatie. Volgens de mores van die tijd was hun enige bestemming het huwelijk en daarna moederschap, en hierin faalden ze. Hoe konden ze hun leven nog betekenis geven?

Een deel van deze generatie ongtrouwde vrouwen bleef lang worstelen met dit dilemma. De samenleving bekeek hen met een mengeling van medelijden en afschuw, en tallozen sleten hun leven bij hun ouders, zorgend voor zieken, of teruggetrokken op een zolderkamertje. Dit beeld komt ook terug in Irak. Zo noteert de New York Times de woorden van de 39-jarige Fayhaa Jalil. Ze heeft geen baan en woont in bij haar broer en zijn familie in Baghdad. Ze vertelt dat ze de hoop heeft opgegeven dat ze ooit nog een echtgenoot zal vinden, en ondertussen laat haar schoonzus dagelijks heel duidelijk merken dat zij als getrouwde vrouw vér boven haar staat. 

Maar voor iedere Engelse of Irakese vrouw die in grote problemen verkeert, is er een vrouw die het effect van betaalde arbeid – en dus een eigen inkomen – ondervindt. In het Engeland van de jaren twintig en dertig kozen vrouwen massaal een beroep en gingen aan de slag in de zorg, detailhandel of in fabrieken. Wie wat meer geld had pakte een studie op en drong door tot mannenbolwerken zoals de universiteit van Oxford. En een vrouw als Beatrice Gordon Holmes ging in aandelen handelen en werd zeer welvarend.

Het grappige is dat Irak precies diezelfde beweging toont. Bevrijdt van het dogma ‘gij zult trouwen en kinderen baren’ krijgen vrouwen ongewild de kans andere wegen te bewandelen. Een deel heeft daartoe zeer beperkte mogelijkheden, maar andere vrouwen hebben meer kansen. Zij leggen het sociale stigma van ongetrouwde vrouw naast zich neer. Zo geeft vrouwenactiviste Hanaa Adwar in de New York Times aan dat de regering geen huwelijken moet sponsoren, maar moet inzetten op economische groei en betaald werk voor vrouwen. Docente Engels Lina Hameed is het daar volkomen mee eens:

”I prefer a successful career over a marriage that does not work,” she said. ”At work, my efforts are met with gratitude, but giving in a marriage is not always reciprocated.”