Tag Archives: neurowetenschap

Elsevier verklaart de wereld

Ah, daar gaan we weer. Omdat mannen en vrouwen in de oertijd dit of dat deden, ligt dat voor eeuwig vast in de hersenen, en dus heb je een mannen en een vrouwenbrein, en toevallig zijn die breinen goed in precies die dingen die we anno 2012 verwachten van ‘echte’ mannen en ‘echte’ vrouwen. Het rijtje eigenschappen kunt u zelf invullen, want we zijn allemaal getraind in het aannemen van het roze en blauwe keurslijf. Deze keer is het weekblad Elsevier die een neurowetenschapster volop ruimte geeft om dit type denkbeelden te verkondigen. Het verschil tussen man en vrouw verklaard, schreeuwt de cover. Nou nee.

Blijkbaar kunnen wetenschappers van de Mars en Venus universiteit tijdreizen. Want ze beweren exact te weten hoe mannen en vrouwen in de oertijd leefden. Wat ze precies deden, dat het om heel verschillende werkzaamheden ging, en dat er dús verschillende hersenen ontstonden. Opvallend, want andere wetenschappers bezitten die kennis niet. Als ze eerlijk zijn en kritisch onderzoeken wat écht op een wetenschappelijk verantwoorde wijze bewezen kan worden, eindigen ze met enorme onwetendheid. Meer vragen dan antwoorden. Daarmee valt de basis voor zulke mannen- en vrouwenbrein theorieën meteen weg. Maar daar hoor je Elsevier niet over.

Daarnaast vertellen die neurowetenschappers in de media wel vanalles, maar op het gebied van de hersenen zie je hetzelfde fenomeen als bij onderzoek naar de steentijd. Er is veel, heel veel, wat we niet weten over de hersenen. Iedereen die doet alsof-ie alles al weet over man en vrouw, verkondigt sappig nieuws waar tijdschriften graag op inspringen in deze onzekere tijden. Maar het zijn hypothesen en mogelijke verklaringen, geen vaststaande feiten. Grote kans dat we het hoofdartikel van Elsevier nummer 31 over vijftig jaar even belachelijk vinden als theorieën dat je het van masturberen aan je ruggemerg krijgt.

Als de redactie van Elsevier iets breder had rondgekeken voordat ze op hun cover gingen blaten over mannen en vrouwenbreinen, hadden ze dat dat zelf ook al kunnen weten. En misschien afgezien van boude uitspraken over dé man en dé vrouw.

Advertenties

Nieuw boek ontmaskert neuro ‘wetenschap’

Omdat mannen en vrouwen in de oertijd dit of dat deden, ligt dat voor eeuwig vast in de hersenen. Dus moeten we anno nu hetzelfde blijven doen,  anders vergaat de wereld. Het is een gesloten, rigide redeneertrant van conservatieve neurowetenschappers, enorm populair gemaakt door Mars en Venus boeken. Andere wetenschappers, zoals Cordelia Fine en Rebecca Jordan-Young,  stelden de denkfouten van dit type theorie al eerder aan de kaak. Ze krijgen nu gezelschap van professor Raymond Tallis van de universiteit van Manchester. In zijn boek Aping Mankind maakt hij gehakt van deze vorm van neurowetenschap.

Een recensent van de Guardian benadrukt dat Tallis niet doet alsof hij dan wel alle antwoorden heeft. Nee, wat Tallis doet is fouten in de logica onthullen, wetenschappelijk bewijs nalopen, en uitpluizen waarop de theoriën van de Mars en Venusdenkers nou eigenlijk op gebaseerd zijn. Opnieuw blijkt dat er dan weinig overblijft van alle luidkeels verkondigde ‘waarheden’:

He does not pretend to explain it, but we can be grateful that he shows up the pretensions of those who think they can, and who reduce the glory of being human to brain circuitry and the survival tactics of early hominids. With erudition, wit and rigour, Tallis reveals that much of our current wisdom is as silly as bumps-on-the-head phrenology.

Deze wetenschapper doet daarmee hetzelfde als Olga Soffer et. al. in het boek De Onzichtbare Vrouw. Hierin gingen wetenschappers na wat we eigenlijk weten over de rollen van mannen en vrouwen in de oertijd. Dat blijkt frustrerend weinig te zijn. Al die ronkende theoriën over de man als jager en de vrouw thuis in de grot met haar kindjes? Die zogenaamd vaststaande situaties, waar de neurodenkers op teruggrijpen om te verklaren waarom vrouwen vooral thuis moeten blijven zitten, blijken droombeelden van negentiende eeuwse mannen die ernstig leden onder vooroordelen en vastgeroeste rolpatronen.

Hoe het dan wel zat in de oertijd? Lastig te achterhalen na miljoenen jaren. Bewijzen ontbreken, of blijken bij nader inzien niet zo solide als eerst gedacht, en aan het einde van de rit zit je met meer vragen dan antwoorden. Net als Tallis overkwam in Aping Mankind. Juist die vragen zijn echter belangrijk. Ze kunnen leiden naar betere vragen, nieuwe antwoorden, meer onderzoek. En het allerbelangrijkste: die vragen en onzekerheden houden de openheid en nieuwsgierigheid in stand. Daar draait het tenslotte om als je goede wetenschap wil bedrijven.

Voor wie meer wil lezen: dit boek van Cordelia Fine is een aanrader.