Tag Archives: minachting voor vrouwen

Diversiteit is opeens cruciaal als het om mannen gaat

Organisaties weten de adviezen van Talent naar de Top opeens bijzonder goed uit te kunnen voeren, nu het gaat om het vergroten van het aantal mannelijke docenten in het basisonderwijs. Geen woord over ‘ooo, omgekeerd seksisme!’ als opleidingen alleen nog mannelijke studenten op wervingsposters zetten. Geen woord over ‘mannen moeten zich maar aanpassen en beter hun best doen’.

Voelen mannen zich eenzaam tussen al die vrouwelijke collega’s? Het woord ‘gezeur’ schittert door afwezigheid. Nee, mannen hebben iets unieks toe te voegen en iedereen moet z’n uiterste best doen om hun kwaliteiten recht te doen. Met als aanvulling het onuitgesproken ‘want van de kwaliteiten van de juffen moeten we het niet hebben.’

Het gedoe rondom diversiteit in het basisonderwijs biedt fascinerende voorbeelden van de wet van Sullerot, gecombineerd met een flinke dosis Mars en Venusdenken. De wet van Sullerot houdt, kort samengevat, in dat een beroep in belangrijkheid (vergoeding en aanzien) daalt naarmate het door meer vrouwen wordt uitgeoefend. Women Inc illustreerde die geobserveerde wetmatigheid onlangs nog met een infographic over een aangetoonde daling van het salaris met 0,1 procent, voor iedere vrouwelijke collega op de werkvloer.

Je ziet de wet van Sullerot ook terug in artikelen over de ‘feminisering’ van sector X of beroep Y, altijd in de context van negatieve waardeoordelen. Feminisering is ondraaglijk! Het leidt tot ,,tienermeisjesachtige mededogen met zielige diertjes”, waarna je opeens met een Partij voor de Dieren in de Tweede Kamer zit opgescheept. Kijk uit hoor, want vrouwen rukken op – iiieeek, the horror, the horror!! Vrouw = parttime werken, dus heb je een probleem (want: meer mensen nodig). Als 70% van de studenten geneeskunde vrouw is, moet je je ernstig afvragen of je zenuwachtig moet worden en op hoog niveau bespreken of je nu een probleem hebt, ja of nee. En blijft de rechtspraak wel onpartijdig als de rechter steeds vaker een vrouw is? (Iets waar niemand zich druk over maakte toen de rechter bijna altijd een man was.)

De huidige discourse over het basisonderwijs volgt dit patroon naadloos. Al die juffen leiden automatisch en vanzelfsprekend tot een lagere kwaliteit van het onderwijs. Met al die vrouwen, gepaard gaande aan een lagere status en een lager salaris, kijken mannen wel linker uit om het onderwijs in te gaan. Ze laten de sector steeds vaker links liggen.

Dat mannen het basisonderwijs verlaten is slecht, heel slecht. Want dan hou je vrouwen over. Na dat soort waardeoordelen volgt het Mars en Venusdenken. Waarom is dat zo slecht en negatief? Omdat vrouwen nou eenmaal een bepaalde manier van zijn vertegenwoordigen. En, zoals ex-Opzij hoofdredactrice Cisca Dresselhuys de berichtgeving en de pleidooien voor meer mannen samenvat, dan heb je een probleem:

Allemaal types, die op school maar wat zitten te fröbelen in plaats van goed rekenen te geven, die bang zijn voor een zakelijke aanpak van problemen, die altijd alleen maar praten en nooit eens dóórpakken en ook nog eens te dom of te bang zijn om betere salarissen te eisen…

Want tsja, mannen zijn nou eenmaal anders dan vrouwen, waarbij anders automatisch opgevat wordt als ‘beter’ zodra het om mannen gaat. Zij weifelt en praat. Hij hakt knopen door. Zij kan niet zoveel met drukke jongens, hij begrijpt ze en kan goed inspelen op hun energie. Zij houdt zich aan de regeltjes, hij brengt actie en vernieuwing. Zij neemt haar baan niet zo serieus, met al dat parttime werken en een voorliefde voor knutselwerkjes. Hij heeft ambitie en gáát ervoor. Hij is een voorbeeld voor anderen (o nee, vooral jongens. Meisjes tellen niet). Zij is slecht. Hij is goed!!!!

Gelukkig zorgen kritische analyses van mensen zoals Dresselhuys, en commentatoren bij enkele artikelen, regelmatig voor de broodnodige nuancering. Ze wijzen op de dubbele moraal die uit dit soort verhalen duidelijk naar voren komt:

Marcel M – Ik zie het probleem niet zo. In een nog niet zo heel ver verleden waren de basisscholen, zeker op het platteland, mannenbolwerken waar strenge meesters (of in het katholieke Zuiden, strenge fraters, broeders en paters) grote klassen drilden, geleid door een Bovenmeester (het Hoofd der Lagere School). Ik geloof niet dat de meisjes van toen daardoor beroofd werden van vrouwelijke eigenschappen bij gebrek aan voorbeeldmodellen.

Cornel Klein Amerika West –Martijn Blijleven mag dan toevallig zelf ’n klankbord zijn voor jongens met stoere verhalen over de voetbalwedstrijd: niet alle mannen houden van voetbal; geen argument dus voor de “noodzaak” van mnl. lesgevers. Moeten jongens trouwens nog steeds “stoer” zijn of i.i.g. zo overkomen?

Catherine @Frans_B : hoe denkt U over het feit dat vrouwen nog steeds niet worden gekozen voor de baan omdat het een mannelijk management was -en hoe denkt U er over dat vrouwe al decennia vrijwel overal te maken hebben met een dominante mannen werkkultuur en nog dagelijks te maken hebben met openlijk of verhuld seksisme? vindt U nu de mannen zielig of moeten ze zelf beter leren omgaan met de realiteit?

Laten we het erop houden dat diversiteit bewezen goed is voor een beroep of bedrijf. Daarom is het op zich prima als er aandacht is voor de samenstelling van het lerarencorps op scholen. Maar wat zou het mooi zijn als mensen met dezelfde ijver en met dezelfde complimenten voor hun kwaliteiten en talenten vrouwen steunen in sectoren die nu door mannen gedomineerd worden….

Conservatieven geven feminisme de schuld

Jongens kunnen geen jongen zijn, echte mannen ontbreken, de samenleving verloedert, en dat is allemaal de schuld van de vrouwenemancipatie. Jawel! Voor de zoveelste keer in een relatief korte periode geeft De Volkskrant ruim baan aan opiniestukken waarin het feminisme de schuld krijgt van allerlei problemen. De stukken hebben nog iets met elkaar gemeen: een grote angst voor verandering, een weerzin tegen het vrouwelijke, en man-vrouw cliché’s die zo uit de jaren vijftig lijken te komen.

Ja, feministen, die hangjongens zijn jullie schuld!

Criminoloog Jan Dirk de Jong formuleert het probleem in de Volkskrant als volgt:

Jarenlang heb ik daar kunnen observeren hoe deze straatjongens elkaar opvoeden en volwassenen zich niet of nauwelijks met hen bemoeien […]. Op straat leren ze dat delinquent gedrag de groepsnorm is. Je bent pas een stoere vent als je constant een grote bek hebt, met geweld voor jezelf opkomt, geld en dure spullen hebt, en meisjes degradeert tot ‘banga’s’ (sletten) – behalve je moeder en je zus, natuurlijk.

Tot zover niks aan de hand. Hetzelfde probleem, een giftige cocktail van agressief machogedrag en agressie tegen vrouwen, wordt gezien door andere sociologen, criminologen en opvoeders. Dit probleem is bovendien breder dan de landsgrenzen. De Franse organisatie Geen Slet, Geen Slavin, beschrijft dezelfde situatie in de verloederde buitensteden van Parijs:

Het is een cultureel probleem, ontstaan uit een cocktail van islamitische traditie en uit Amerika overgewaaid getto-machismo: De traditionele opvoeding die van jongens kleine koninkjes maakt, sluit naadloos aan op de toonaangevende levensstijl van de cités, zoals de wijken met huurflats in de voorsteden worden genoemd. Hier doe je cool in gangs waar vriendinnetjes aan elkaar worden doorgegeven alsof het, zoals Bellil het uitdrukt, ‘truien of cd’s’ zijn.

Bij het aandragen van oplossingen gaat het echter mis. Jan Dirk de Jong, als criminoloog toch al afkomstig uit een machowereld die een flinke dosis feminisme juist goed kan gebruiken, wijst emancipatie aan als grote schuldige:

Onze gefeminiseerde samenleving (in het bijzonder het onderwijs) stelt daar geen moedige man meer tegenover die stoer is doordat hij verantwoordelijkheid durft te nemen, hard aan zijn toekomst werkt, voor principes staat, niet met zich laat sollen, voor partner (man of vrouw) en kinderen zorgt, en opkomt voor de zwakkeren in zijn gemeenschap. Ook wordt weinig rekening meer gehouden met verschillen tussen de ontwikkeling van jongens en meisjes […] Jongens hebben nu eenmaal meer geldingsdrang, zijn avontuurlijker (vaak gefascineerd door wapens en vuur), hebben moeite met stilzitten en leren, en zijn brutaal en baldadig.

Het valt de Zesde Clan nog mee dat De Jong niet verwijst naar jagen en rood vlees eten. Nee, het is crisis, en alleen echte mannen kunnen de situatie nog redden. Echte mannen die ”jongensdingen met jongens doen (sporten, hutten bouwen, vissen etc.) en tegen wie ze kunnen opkijken”. Jawel!

De Jong verwijst in zijn stuk naar Angela Crott. Dat is niet voor niets. Crott, ex-docente, studeerde af op opvoedliteratuur van de negentiende en twintigste eeuw. Het grootste deel van die tijd grossierden pedagogische teksten in rolbevestigend gezemel over meisjes die vooral lief en zorgend moesten zijn, als voorbereiding op hun ware bestemming als huisvrouw en moeder, en jongens die de kost moesten verdienen en als hoofd van het gezin de baas konden spelen.

Crott kreeg recent ruimte in de Volkskrant om net als De Jong de emancipatie aan te wijzen als bron van alle ellende. Het ging volgens haar onder andere mis omdat jongens (en mannen) hun rol als bewaker van de kuisheid van meisjes zijn kwijt geraakt. Ja, dat schrijft ze echt. Jongens raken volgens Crott volledig van slag door een te ver doorgevoerde feminisering van de samenleving:

De eis dat jongens zich moeten gaan gedragen als meisjes, kan gezien worden als de genadeslag voor de jongen. Hiermee wordt de vrouwenemancipatie de druppel die de emmer doet overlopen. Zeker in combinatie met het gegroeide belang van een goede opleiding en de jongenseigenschappen die daar slecht bij aansluiten (lawaai, een overdaad aan lichamelijke energie, ongehoorzaamheid). Dit wordt zelfs als een dusdanig probleem gezien dat jongens er voor worden gemedicaliseerd.

Toe maar. Ook De Jong geeft de emancipatie de schuld. O wee als een jongen een kik geeft, want de feminisme-politie rukt onmiddellijk uit om het arme joch Ritalin door de keel te douwen. Die feminisering moet onmiddellijk ophouden!

Wat geheel ontbreekt zijn bronvermeldingen. De tactiek is zeer herkenbaar voor feministes. We herkennen een kruistocht tegen het feminisme als we er een zien. Dit gebeurt zo vaak dat de nepfeministe onderdeel werd van een serie van Feminist Frequency over stereotypes. De tactiek gaat altijd zo: beweer iets belachelijks, zeg dat dit het doel is van vrouwenemancipatie  en breek daarna dit denkbeeldige feministische gedachtengoed af om je eigen boodschap kracht bij te zetten. Onderbouwing ho maar, want dit soort mensen rekenen erop dat iedereen het feminisme doodeng vindt, en de meest onzinnige beweringen voor waar wil aannemen omdat feministes eng zijn. Terwijl een blik in het woordenboek dit soort leugens al ontmaskert.

Opvallend detail: Zowel bij Crott als De Jong ontbreken meisjes. Zij komen nauwelijks voor in de redenering. Ze blijven kleurloos op de achtergrond als ijverige werkbijen die op school braaf de regeltjes volgen. Of, in het geval van Crott, een man nodig hebben voor de bewaking van hun vrouwelijke seksualiteit. Die bewaking vergde blijkbaar zoveel tijd dat jongens en mannen nu geen idee hebben wat te doen, en maar een beetje op straat rondhangen en bushokjes vernielen. Echt een zeer logische gedachtengang.

Wat een beperkt, kleingeestig, van angst en weerzin vervuld wereldbeeld schetsen mensen zoals De Jong en Crott. Dat dit soort mensen zoveel ruimte krijgen in de media, is zorgelijk. Maar blijkbaar is het makkelijker om te roepen ‘jongens moeten jongens zijn’ dan uitleggen dat cultuur en natuur elkaar wederzijds beïnvloeden, dat gender een sociale constructie is die sterk kan veranderen al naar gelang tijdsperiode, normen en waarden, en dat de zaken veel complexer zijn dan je op het eerste gezicht zou vermoeden.

Gelukkig heeft de Volkskrant nog columnisten in dienst die zeggen waar het op staat, en dit soort idioterie in de kolommen terugverwijzen naar waar het hoort: de prullenbak.

Artikelen voor als je even de tijd hebt

Fijn, effe snel nieuwsberichten lezen, maar dan mis je wel de langere reportages, achtergrondverhalen en essays. De Zesde Clan verwijst je daarom graag naar een aantal langere verhalen die zeer de moeite waard zijn om te lezen als je wat langer de tijd hebt. Komen ze:

  • Marie Curie was niet alleen een wetenschapper, ze was een vrouwelijke wetenschapper. Dat had gevolgen voor de manier waarop mensen haar beoordeelden, schrijft Julie Des Jarins in een essay voor het tijdschrijft van het beroemde Smithsonian instituut in de V.S. Honderd jaar na haar geboorte blijkt het eindelijk mogelijk om haar niet te zien als een vrouw, maar een mens, constateert Des Jarins in Smithsonian Magazine.

Marie Curie in haar laboratorium.

  • De site Ladydrawers interviewde striptekenares Alison Bechdel, zij van de Bechdeltest voor films. Dat ging natuurlijk niet gewoon met tekst en een foto. Nee, Bechdel maakte een webcomic van het interview. Ze spreekt onder andere over het inzicht ‘het persoonlijke is politiek’. Hier deel 1, hier deel 2 . Deel 3 van dit unieke stripinterview volgt binnenkort op de site.
  • Lees dit artikel over Opra Winfrey, en dit artikel over de oprichting van het feministische maandblad Ms Magazine, en je ziet weer waarom het feminisme zo belangrijk is, adviseert Times-journaliste Vera Titunik: ,,Read them together and you are reminded that modern feminism had, at its core, a mission to expose the private abuse of power. This was accomplished by talking — women talking in pairs, in groups and eventually in the pages of a mainstream magazine — about entitled men and concealed abortions and sexual harassment and other private humiliations and injustices. Oprah took it further, to national television and a truly mass audience.’
  • Op zich een wat korter artikel, maar met alle links en de artikelen die daar weer bij horen ben je toch even bezig. Jezebel zette op een rij wat het in de praktijk betekent als landen abortus verbieden en een bevruchte eicel dezelfde status geven als een volwassen mens. Het is geen prettige realiteit, zoveel verklappen we alvast.
  • Om de zoveel weken roept iemand dat het feminisme dood is, maar lezen die lui wel eens wat op internet? Emily Nussbaum van New York Magazine neemt je mee op tournee langs allerlei sites, tumbler campagnes en weblogs. Wat haar het meeste opvalt is de enorme levendigheid: één grote online discussie met ruzies, grappen, krachtige doorbraken en vergezichten, naast allerlei creatieve uitingen en bijdragen die in geen enkel hokje passen.
  • Een genuanceerd, bedachtzaam stuk over de manier waarop een soort vanzelfsprekende minachting voor vrouwen de dance muziek doordrenkt. Hoe uit zich dat, wat vinden we daarvan? Hulde aan Angus Finlayson, die dit in het muzieksite The Quietus signaleert, analyseert, en er goede vragen over stelt.

Het Nederlandse abortusdebat en de minachting voor vrouwen

PVV, CDA en ChristenUnie, allemaal staan ze te trappelen om de grens tot wanneer een abortus mogelijk is drastisch in te korten. PVV en ChristenUnie kiezen zelfs bewust voor een grens ruim voor de twintig weken echo, omdat ouders na dat onderzoek soms alsnog kiezen voor een abortus. Anderen willen een scheiding aanbrengen tussen abortus op medische, of sociale gronden. Abortus om sociale redenen zou dan beperkt moeten blijven tot een periode van 12 weken. In de discussies die dit oplevert blijft één aspect onderbelicht: de minachting voor vrouwen die uit de redeneringen van diverse politici, cultuurtheologen en andere deskundigen spreekt.

Neem Frank G. Bosman, cultuurtheoloog van de universiteit van Tilburg. Hij sluit zich expliciet aan bij PVV-kamerlid Karen Gerbrands, die eerder liet weten dat artsen de doorslaggevende stem moeten krijgen bij het al dan niet overgaan tot abortus: ”Als ouders dan horen dat hun kind geen aandoening heeft die ernstig genoeg is voor abortus, dan hebben ze gewoon voor hun kind te zorgen. Zelfbeschikking is mooi, maar verantwoordelijkheid ook. Het moet duidelijk zijn wat we als geldige noodsituatie beschouwen en wat niet.” (N.B.: de PVV ontkent dat dit een partijstandpunt is.)

Bosman is eenzelfde soort mening toegedaan: de arts beslist en moet dat uiteindelijk doen op basis van medische noodzaak. Hij erkent dat het dan veel moeilijker wordt om een abortus te laten uitvoeren. Letterlijk: ”Abortus als ’laat anticonceptiemiddel’ is dan niet meer mogelijk. Ook bij zeer jonge moeders, slachtoffers van verkrachting en moeders met een ’volledig gezin’ is een abortus niet vanzelfsprekend opeisbaar, omdat wederom een medische afweging gemaakt moet worden. Bij deze afweging kan en moet de geestelijke omstandigheden van de moeder worden betrokken, maar die mag niet de enige of doorslaggevende motivatie voor vruchtafdrijving zijn.”

Wat leren we hieruit? Ten eerste, bij zowel Gerbrand als Bosman, dat de vrouw ondergeschikt is aan de arts. Haar gevoelens, omstandigheden of wensen zijn maar één van de vele belangen die de arts mee weegt in de uiteindelijke beslissing. Tiener? Verkracht? Nou meisje, ga maar naar een goede psycholoog, dat trauma verwerk je wel weer. In de tussentijd word je verplicht zwanger te blijven en het kind van je verkrachter te baren. Dat is wat dit concreet in kan houden.

Ten tweede hameren zowel Bosman als Gerbrands op verantwoordelijkheid. Wie seks heeft, moet de gevolgen daarvan ook accepteren. Het kromme van die redenering is dat alleen vrouwen zwanger kunnen worden. De druk van ‘Wie zich brandt moet op de blaren zitten’ ligt alleen op hun schouders. O wee als vrouwen zich aan die situatie willen onttrekken en niet zwanger willen zijn. Hadden ze maar geen seks moeten hebben. Dit riekt naar het straffen van vrouwen voor hun seksuele activiteiten.

Ten derde gebeuren er rare dingen als het gaat om de overwegingen van de vrouw. Bosman schildert abortus af als een laat anticonceptiemiddel. Alsof vrouwen frivole wezens zijn, die blijkbaar nogal slordig waren met de voorbehoedsmiddelen en dan blijmoedig naar een arts stappen, zo van ‘doe mij even een abortus’. Andere deskundigen plaatsen vraagtekens bij de vrouwen die wegens sociale omstandigheden geen kind willen. Zij vinden dat vrouwen daar niets meer over te zeggen zouden moeten hebben zodra de zwangerschap een week of twaalf gevorderd is. Dit standpunt negeert de situatie van de vrouw volledig, en werkt willekeur in de hand:

De Nederlandse vereniging van abortusartsen is tegen verlaging van de abortusgrens op sociale indicatie. ‘Het gaat om weinig vrouwen per jaar’, zegt voorzitter Gabie Raven. ‘En bij deze mensen maken is het vaak net zo’n ellende als bij een medische abortus. Vrouwen komen echt niet voor hun lol zo laat.’ Volgens Raven moet de abortusgrens gekoppeld blijven aan de  grens waarbij baby’s levensvatbaar worden. ‘Dat is een goede grens. Anders kom je in een discussie waarbij de een 14 weken wil, de ander 20 weken, en weer een ander 18 weken. Maar waar baseer je dat dan op? Dan wordt het een kwestie van smaak.’

Tot slot: we hebben in Nederland strenge regels om de fysieke integriteit van mensen te bewaken. Zo moeten artsen voor veel handelingen toestemming vragen van de patiënt. Ook mogen patiënten behandelingen weigeren die de arts noodzakelijk vindt. Je mag mensen zelfs niet tegen hun wil vaccineren, ook niet als dat bijvoorbeeld een voorwaarde is om hun werk te doen.

Zo oordeelde de Commissie Gelijke Behandeling in de zaak van een Gereformeerde verpleegkundige dat het ziekenhuis waar ze werkte haar niet kon dwingen tot een vaccinatie tegen Hepatitis B. (oordeel 2005/31) Het ziekenhuis moest haar takenpakket zodanig aanpassen dat zij haar werk kon doen zonder deze vaccinatie.

Gaat het echter om een zwangere vrouw, dan pleiten mensen als Gerbrands en Bosman ervoor dat al deze mensenrechten ongeldig worden. Alles moet wijken voor de foetus. Een vrouw verliest in die redenatie alle controle over wat er met haar lijf en leven gebeurt, zodra twee cellen zich delen in haar baarmoeder. Of zodra iemand anders vindt dat haar wens om een abortus ‘niet mag’ vanwege …. vul de reden maar in.

Dat is een minachting voor vrouwen en een ontkenning van háár leven en fysieke integriteit. De inmiddels vermoorde Amerikaanse abortusarts George Tiller had een slogan: Trust women. Oftewel ‘vertrouw vrouwen’. Vertrouw erop dat zij weldenkende mensen zijn, met verantwoordelijkheidsgevoel. En laat de eindbeslissing over wat er met hun lijf en leven gebeurt, aan de vrouwen. Dát is baas in eigen buik. Dát is waar we achter moeten blijven staan. Nu meer dan ooit.

UPDATE: een essay uit het blad Philosophy & Public Affairs, van Judith Jarvis Thomson, laat zien dat dit debat al heel lang speelt. Thomson geeft nog duidelijker aan dan de Zesde Clan dat kon waar het om draait bij vrouwen, de foetus en baas in eigen buik. Een aanrader.