Tag Archives: macht

Machtsongelijkheid en verongelijkte mannen

De ontwikkelingen rond seksuele intimidatie, #metoo en bekende mannen die ten val komen blijven maar komen. De lijst groeit met de dag – nu weer de Belgische tv maker Bart de Pauw en de Nederlandse casting-poortwachter Job Gosschalk. Na jaaaaaren over grijpgrage mannen geschreven te hebben kan ik alleen maar toejuichen dat dit onderwerp eindelijk breed onderwerp van gesprek is en langzaam aan pijnlijk wordt voor foute mannen. Ik voeg er graag wat achtergrond analyses aan toe. Na de analyse van groepsdynamiek, met dit soort foute mannen als ontbrekende traptrede, deze keer: machtsverschillen.

Macht lijkt voor sommige mensen moeilijk zichtbaar te zijn als het gaat om seksuele intimidatie, aanranding en/of verkrachting. Veel mensen, waaronder mannen met boter op hun hoofd, vormen verbale rookgordijnen om de blik te vertroebelen. Ze beweren dat het gaat om seks, om onschuldig flirten, ze verschuilen zich zoals Weinstein achter veranderingen in de cultuur: arme ik was een product van de jaren zeventig, toen kon alles. Eigenlijk zijn mannen de slachtoffers van dit verhaal. Ze mogen ook niks meer. Zelfs een hand op een schouder kan nu al leiden tot ontslag, huuuuuuuuu. Hoe overleven zulke verwarde mannen andere sociale situaties?

Zodra je echter kijkt naar de patronen, vallen foute mannen genadeloos door de mand en blijkt duidelijk dat het gaat om macht. En dan vooral: gebruik maken van machtsongelijkheid. Neem Job Gosschalk: hij koos als doelwit jonge, onervaren acteurs die aan het begin van hun loopbaan stonden en wisten dat hun succes afhankelijk was van de goedkeuring van zijn castingbureau. Hetzelfde geldt voor docenten van toneelscholen die ”relaties” aanknoopten met studenten. Dezelfde studenten die voor hun diploma van hun oordeel afhankelijk waren. Het gaat, kortom, om poortwachters. Mannen die zwaarwegende besluiten kunnen nemen, mannen die bepalen of je wel of geen werk hebt of krijgt. Mannen met macht.

Een ander machtsverschil zit ‘m in geld. Hij heeft geld. Zijn slachtoffers niet of nauwelijks. Gevestigde mannen met een stabiel, hoog inkomen kiezen als doelwit mensen die financieel geen stabiliteit hebben en voor hun inkomen afhankelijk zijn van zijn welwillendheid. Denk aan de baas die een vrouw met een tijdelijk contract bepotelt. De leidinggevende die een stagiair lastig valt. De poortwachters a la Weinstein die jonge, beginnende actrices in het nauw drijven. Jezelf verweren is lastig als verzet betekent dat je je toch al schamele inkomen kwijt kunt raken. Vrouwen die seksueel geïntimideerd worden op hun werk, blijven soms toch jaren in die giftige sfeer werken, omdat ze geen financiële alternatieven hebben:

“I didn’t walk out of that job because I don’t sit on a trust fund,” she told me after detailing her harassment with pointillist specificity. “I have no rich grandmother. I put out 300 résumés and waited.”

Macht kan ook immaterieel zijn en voortvloeien uit status en aanzien. Zowel over Harvey Weinstein, als de bekende komiek Louis CK, als over Bart de Pauw deden al jaren geruchten de ronde dat zij grensoverschrijdend gedrag vertoonden. In het geval van Weinstein en Louis CK waren hun daden zelfs voer voor stand up comedians, tijdens een Oscar uitreiking bijvoorbeeld. Maar de mannen konden jarenlang ongestoord doorgaan zonder dat er iets gebeurde, omdat ze golden als de succesvolle mannen met status, met privileges, de goudhaantjes, de grootverdieners. Veel mensen houden zulke mannen de hand boven het hoofd. Hij is zó goed, de anderen moeten zich maar aanpassen.

Tegenover al die vormen van macht verliest de eenling het. Maar de dynamiek verandert als mensen zich verenigen en als groep  optreden. Bij Weinstein gaat het inmiddels om 79 vrouwen. Bij Louis C.K. betreft het tenminste vijf vrouwen. Bij Bart de Pauw betreft het diverse getuigenissen, waarbij de namen bekend zijn bij zijn voormalige omroep. Bij Gosschalk gaat het om minstens drie acteurs, maar getuigenissen van anderen beginnen ook overal op te duiken. Vrouwen geven hun ervaringen ook massaal door via #metoo, een uitvinding van  Tarana Burke. Zij wilde slachtoffers een stem geven en hun isolement verminderen.

Die massale aantijgingen kun je niet meer afdoen met ‘ze liegen’. Een persoon kan uit zijn op persoonlijk of financieel gewin, maar 79? ‘k Dacht het niet. De roep om van seksuele intimidatie een mannen probleem te maken, iets waar mannen iets mee moeten, wordt steeds luider. Dat is niet fijn voor ze. Ze moeten aan het werk. Zichzelf bijsturen. Hun aso impulsen in toom houden. Dat leidt tot gemok en gepruil, maar ze moeten iets doen. Want daders krijgen steeds vaker hun ontslag, leggen zelf hun werk neer, lopen onderscheidingen mis. Ze ondervinden eindelijk negatieve gevolgen van hun daden.

Ik besluit dit stuk graag met een oproep om het werk van feministe Andrea Dworkin te lezen of nog eens te herlezen. Als het gaat om mannen, macht en seksuele intimidatie en geweld tegen vrouwen, heeft zij zeer heldere analyses gegeven die je een op een kunt terugzien in de tientallen schandalen die nu eindelijk openbaar worden. Aanbevolen om je verder in dit thema te verdiepen!

Advertenties

Nederland kan eeuwen wachten op vrouwelijke premier, als de genderdiscussie zo primitief blijft

De verkiezingen in de V.S. leveren scherpe analyses over gender op, vanwege het seksistische gedrag van Donald Trump en het feit dat de strijd om het hoogste ambt gaat tussen een man en een vrouw. Hoe zit het in Nederland met het emancipatoire bewustzijn? Niet goed, blijkt uit allerlei incidenten. Dat is vervelend, want inzicht in de situatie rondom gender is cruciaal om te begrijpen waarom mannen in de politiek de macht blijven houden. Zonder kritische discussies over die situatie kunnen we nog eeuwen langer wachten op een vrouwelijke premier in Nederland.

Politiek in Nederland blijft, praktisch en symbolisch, iets van blanke mannen. Vrouwen zijn een minderheid in de politiek. Als het er echt op aan komt houden mannen de touwtjes strak in handen. Zo lieten twee mannelijke partijleiders bij de vorige formatiebesprekingen hun vrouwelijke nummer twee thuis. In plaats daarvan namen ze blanke mannelijke vertrouwelingen mee naar de onderhandelingen. Ook blijven de zwaarste/machtigste posten stevig in het mannelijk kamp, inclusief het premierschap.

Na de verkiezingen in maart 2017 is de kans op herhaling groot. Ten eerste omdat alleen al het constateren van het feit dat vrouwen ontbraken bij de vorige formatie, destijds zorgde voor een golf van vijandige ‘terug in je hok’ reacties. Mensen wilden er niet over praten. Vrouwen moesten niet zeuren. Met zo’n houding leer je niks en doen mannen bij de volgende formatie weer hetzelfde.

Ten tweede omdat alle berichten over werving en selectie rieken naar een verkokerde blik, waarbij mannen in eigen kring op zoek gaan naar soortgelijke mannen, middels een proces waar Marieke van den Brink uitgebreid promotie-onderzoek naar deed. Het veld van partijleiders zal in 2017 opnieuw bijna geheel blank en mannelijk zijn, zelfs als nog niet duidelijk is hoe de strijd uitpakt, zoals bij de PvdA. Uit een opinieonderzoek van EenVandaag blijkt dat vrouwen zulke praktijken eerder signaleren en problematisch vinden dan mannen. Maar dat mannen vooral naar vrouwen wijzen als schuldige:

Onder mannen is een derde het eens met de stelling dat partijen liever mannen dan vrouwen kandideren, onder vrouwen de helft. En misschien gaat het verder: met de stelling dat vrouwen worden gediscrimineerd door partijen is 30 procent van de mannen het eens, maar een grotere groep van 44 procent van de vrouwen vermoedt discriminatie. […] het ligt, zo is de indruk, ook aan wat vrouwen zelf zouden doen en laten, al zijn het vooral mannen die het antwoord op de schuldvraag bij de vrouwen zelf zoeken. [vetgedrukt door red.]

Die blindheid voor het structurele machtsvoordeel van mannen maakt dat allerlei mechanismen onzichtbaar blijven, die ervoor zorgen dat de hiërarchie tussen de seksen intact blijft. Kiezers beginnen bijvoorbeeld de man over- en de vrouw onder te waarderen.  Wint een vrouw alsnog, dan gebeurt dat vaker in situaties waarbij een partij er slecht voor staat en laten partijgenoten haar bij tegenslag sneller vallen. De vrouwelijke partijleider ruimt zodoende eerder het veld dan mannelijke collega’s.

Ten derde omdat het mannelijk overwicht een machocultuur in stand houdt. Het problematische haantjesgedrag van mannelijke parlementariërs was al in 1997 onderwerp van kritische stukken in de kranten. Ruim tien jaar later schreef Femke Halsema over dat machogedoe in haar politieke memoires en anno nu vertonen de heren nog steeds masculien machtsvertoon op een apenrots vol alfamannetjes.

Deze machocultuur koppelt mee met algemeen onbehagen zodra een vrouw té zichtbaar wordt in een mannenbolwerk. Dat onbehagen over een verstoring in de hiërarchie zorgt voor weerstand. Die weerstand uit zich onder andere in taalgebruik en ‘grapjes’ met een snijdende ondertoon. Zo heeft de vooral uit vrouwen bestaande Commissie Zorg de bijnaam ‘de commissie van de kijvende wijven’. En als twee politici met elkaar in debat gaan, kopt een landelijk dagblad ‘Bitchfight in de ministerraad’.

Al deze factoren leiden tot een seksistisch denkraam waarbinnen mannen gelden als de stevige debaters en vrouwen hysterisch zijn. Vervolgens wordt het logisch dat mannen voor mannen kiezen en dat vrouwen denken ‘ik kan het niet, ik maak geen kans’ en het niet eens meer proberen. Vervolgens kun je vrouwen daar dan op afrekenen en is de vicieuze cirkel weer rond.

Het kritische debat over dit seksistische klimaat staat in Nederland nog in de kinderschoenen. Analyses blijken steken op een  neerbuigend ‘zie je wel, vrouwen willen niet, ze liggen te slapen’. Zie hier voor een voorbeeld van zo’n analyse, waarbij vrouwen niet alleen verantwoordelijk gesteld worden voor hun eigen marginalisering, maar ook nog de veeg uit de pan krijgen dat ze sowieso niet goed genoeg zijn.

Een ander voorbeeld: vrouwen krijgen in ons land, nota bene van collega’s zoals Kamerlid Marith Volp, nog steeds het advies wat Margaret Thatcher al kreeg (en wat niet werkte want je ontkomt niet aan je sekse): zacht en laag praten. Ja, doei! Het probleem is meestal dat de omgeving meer waarde hecht aan wat een man zegt. Hoe hij het zegt maakt niet uit. En zij? Zij moet haar kop houden. Zegt of doet ze toch iets, dan is ze een bitch of een manwijf of een kenau of, zoals Trump uitriep, een nasty woman.

We horen steeds ‘het komt wel goed’. ‘We moeten geduld hebben’. ‘Hopelijk meldt zich op een gegeven moment een vrouw’. Als de feministische analyse blijft steken op het niveau ‘vrouwen willen niet‘ (maar waaróm ”willen” ze niet?), of ‘we moeten geduld hebben, dan komt het vanzelf goed’, blijven mannen aan de macht in de Nederlandse politiek omdat we vrouwen buiten sluiten.

Willen we dat echt?

De lezing van… Amy Cuddy

Wow, voordat De Zesde Clan een stukje tikt, gaan we voortaan eerst twee minuten achterover leunen in onze stoel, benen op tafel, armen achter ons hoofd. Want dan voelen we ons beter, sterker, invloedrijker, en komen we krachtiger over. Echt waar. Amy Cuddy van de Harvard Business School onderzocht het effect van lichaamstaal en gaf er een lezing over, inclusief grappige foto’s en een geheel eigen, levendige presentatie. Ze kwam op dit onderwerp op basis van eigen waarnemingen:

She and other professors at the Harvard Business School were concerned about the gender differences in participation marks which make up half the grade for classes in the business school. They wanted to know whether women actually spoke less or whether they were just seen as less influential.

Enfin, op naar de lezing. Enjoy:

Gloria Feldt wil vrouwen de weg wijzen naar de macht

Denk eerst zelf na over de voorwaarden waaronder je iets wil doen, ga dan gericht aan de slag en laat je niet ontmoedigen door verdeeldheid en weerstand. Dat is kort maar krachtig de boodschap die Gloria Feldt wil overbrengen in haar boek ‘Geen Excuses’ – negen manieren waarop vrouwen de manier waarop we denken over macht en leiderschap kunnen veranderen.

De titel is typisch Amerikaans: bijna agressief optimistisch, werkend met lijstjes en simpele stappen. Maar de boodschap die Feldt wil overbrengen is een waardevolle. Vrouwen mogen juridisch gezien vanalles, glazen plafonds sneuvelen bij bosjes, maar teveel vrouwen schrikken terug voor het innemen van invloedrijke posities. Vaak is dat omdat vrouwen macht een vies woord vinden. Het staat voor veel vrouwen gelijk aan manipuleren, kil en agressief zijn, de baas spelen.

 MS Magazine interviewde Feldt. Zij hoopt dat vrouwen dit negatieve beeld van macht bij kunnen stellen:

Define your own terms first–before anyone else does. Women must change the outmoded patriarchal definition of “power over” to the expansive idea of “power to,” the power to accomplish good things in the world. “Power over” is oppression. “Power to” is leadership. Power over implies a finite pie. Power to affirms the infinite potential for human development. But power unused is power useless. In the chapter “Opt Out of Being Co-Opted,” I discuss how to avoid being co-opted by learning to embrace controversy.

Feldt ziet zelf ook dat vrouwen die door glazen plafonds breken, nogal vijandig benaderd worden. Maar ze vindt dat dat geen reden mag zijn om dan maar niets te doen. Zelf houdt ze het voorbeeld voor ogen van Sojourner Truth, in de achttiende eeuw geboren op het land van een rijke Nederlandse slavenmeester. Ondanks de hopeloze positie waarin ze verkeerde, lukte het haar om een bestaan op te bouwen en te strijden voor de afschaffing van slavernij. In 1851 hield ze een speech tijdens een vrouwenconferentie in Ohio, en die toespraak ging de geschiedenisboekjes in als een mijlpaal in de strijd voor burgerrechten.

Sojourner Truth. En kijk, je kunt breien prima combineren met activisme.

Als zij het kan, kunnen andere vrouwen het ook, vindt Feldt, want:

It’s been said of any profound social change that first they laugh at you, then they try to kill you and finally they accept you as normal. We’re on the cusp of women’s power and leadership being accepted as normal. Some will still vilify women. Righting that wrong is exactly why we must look those retrogrades in the eye and keep on moving forward. Women must BE the media to change the media–as Ms. Magazine has done for decades. We need many more progressive women to create and lead media organizations. Meanwhile, the rest of us can pitch a fit at sexist media, as we call it at the Women’s Media Center where I serve on the board.