Tag Archives: loopbaanadvies

Jinek seksisme alarm: Intermediair

De late night show van Jinek blijft honende reacties oproepen. Na de toestanden over Het Been (KAN NIET!!!) en De Bank (WEG ERMEE!!!) krijgen we nu Mark Koster van Intermediair. Volgens hem slaan de scorebord journalisten aan het muiten. Dus zal hij Eva wel even voorzien van wat loopbaanadvies. Wat volgt is een episch geval van neerbuigende mansplaining.

Mark Koster zal Eva Jinek wel even uitleggen hoe zij haar programma moet redden.

Ter herinnering: Eva Jinek is journaliste en presentatrice, een professional die hard werkt en in 2009 genomineerd werd voor de Talent Award Televizierring. Bij Koster verdwijnen deze ervaring en vakkennis uit beeld. Hij gebruikt in 1 stukje termen zoals:

  • ”charmant beeldbuisbijtertje”
  • ”bevallige tv-akela”
  • ”huppelt verdwaasd door de wei”
  • is bang
  • ”wil behagen”
  • ”halve gehannes”
  • ‘de massa behagen op booby-niveau’ (Tieten, tieten! Het lijkt Missie Aarde wel)
  • ”Bij Eva weet je dat je een sputterend of giebelend ‘ja maar’ krijgt toegebeten”
  • blijft een lauwe straal over ons uitstorten (pis! Zeikwijven!)

Eerst even dit. Mensen die kritiek krijgen op seksistisch taalgebruik, gebruiken onder andere het excuus van ironie. Het was grappig bedoeld! Mensen begrijpen me verkeerd! Sorry, maar ironisch seksisme is nog steeds seksisme. Als feminist neem ik daar aanstoot aan. Ik vind dat net zo erg als ironisch racisme. Of ironisch antisemitisme, wat dat ook moge zijn. Het is onsmakelijk en zet aan tot een tweederangs behandeling van medemensen.

De taal verraadt dat. Zie het lijstje hierboven. Akela past, samen met woorden als kenau en manwijf, tot de termen die mannen en sommige vrouwen traditioneel voorbehouden aan vrouwen die de grenzen van hun sekse overschrijden. Hetzelfde geldt voor ‘bijtertje’.  In combinatie met een manspersoon komt dit woord meestal voor in de context van een compliment. De tegenstander vindt zo’n bijtertje misschien irritant, maar je hebt hem hard nodig om te scoren. Vrouwelijke bijtertjes daarentegen? Huuuuh! Het werkt tegen vrouwen als ze zich zo gedragen. Dan worden ze een akela-manwijf-kenau-eng.

Koster maakt daarnaast gretig gebruik van woorden die mensen juist sterk associëren met typische vrouwelijkheid, in de seksistische zin van het woord. Hij sluit Jinek op in termen zoals charmant, bevallig, wil behagen (want dat willen alle vrouwen altijd. Behagen. Vooral mannen behagen). In zijn optiek huppelt en giebelt Jinek.

Koster roept daarmee stokoude beelden op van frivole meisjes of kindvrouwtjes, die maar wat aanklooien. Die zich schuldig maken aan gehannes, in de woorden van Koster. In het geval van Jinek zelf ‘dat halve gehannes’. Dus zelfs dat doet ze niet goed – ze doet het maar half. Maar wat maakt het uit, zolang ze maar charmant giebelt.

Indirect roept Koster ook associaties op met dieren – nog zo’n gouwe ouwe als het gaat om vrouwen terug in hun hok douwen. Jinek huppelt verdwaasd door de wei. Als een koe. Of een geit. Schapen. Alles wat in een wei rond kan huppelen. Ik mag blij zijn dat Koster het houdt op sputteren en giebelen, en niet ook nog eens woorden als ‘kakelen’ en ‘mekkeren’ heeft gebruikt.

Koster rijgt dit tendentieuze taalgebruik aaneen in rare combinaties. De bevallige akela, het charmante bijtertje. Iets giebelend toegebeten krijgen (huh? Hoe doe je dat?) Volgens mij raakt Koster ernstig in de war van vrouwen die de rolpatronen doorbreken en blijk geven van ambities. Die bijten! Maar gelukkig wel ladylike, met charme. Wat een opluchting voor Koster. Anders had hij Jinek en co moeten verjagen met hooivorken en brandende fakkels.

Mannen zijn ondertussen gewoon mensen die iets willen bereiken.

Tot slot het loopbaanadvies. Wat zegt Koster eigenlijk? Hij vindt het zielig voor Eva. Ze heeft in zijn optiek pech. Ze maakt namelijk best wel een goed programma, alleen voor het verkeerde publiek. Vervolgens gaat Koster jij-bakken. Hij beticht Jinek van angst en vindt dat ze verdwaasd is – o nee, sorry, ze huppelt dus verdwaasd door een wei, als die denkbeeldige koe/geit/schaap. Het charmante blondje heeft niet helemaal door dat ze werkt voor NS-klanten.

Ze moet van Koster NU een keuze maken. Of kiezen voor de bovenkant van de markt, of de massa behagen op booby-niveau. Het is er eentje van het genre ‘kind of carrière’. Of serieus presenteren, of op booby-niveau werken. Er is geen tussenweg, mevrouwtje.

Wat is dit voor advies? Koster zegt eerst dat Jinek best een goed programma maakt. Hoe moet ze dan nog meer aan de bovenkant van de markt zitten? Geen antwoord. Lam advies, zeg. En wat voor publiek heeft Koster eigenlijk voor ogen, als hij vakvrouw Jinek de carrièretip ‘booby-niveau’ geeft om betere kijkcijfers te halen? Alsof ‘de kijker’ alleen bestaat uit zestienjarige puberjongens, die hevig opgewonden raken als ze ontdekken dat Jinek een vrouw is. Vrouw! Blond! Ze heeft benen! En borsten. BORSTEN!!!! Whooohoooe!!!! Kijken!!!!

Zo’n advies houdt geen rekening met heterovrouwen, veel lesbische vrouwen, en alle jongens en mannen die zich niet met dit type primitief ‘tieten, tieten’ niveau bezig willen houden. Met dit onderdeel van zijn advies reduceert hij de kijker niet alleen tot een geile borsten-staarder, maar hij reduceert Jinek tot blonde bimbo.

Ik probeer dit booby-advies naar mannen te vertalen. Zeg Humberto, jongen, of je gaat serieus aan het werk, of je gaat op penis-niveau werken, ja? Zeg, Jeroen? Ballen-niveau voor jou, anders jaag je nog meer vrouwelijke gasten weg dan je nu al doet.

Behalve seksistisch heb ik ook nog een ander woord voor dit type advies van een man aan een vrouw. Mansplaining. Mark Koster, als je al carrières wil fileren in Intermediair, laat makkelijk seksisme dan in godsnaam zitten. Het is niet nieuw, het is niet origineel, het levert verward denken op en het maakt vooral inzichtelijk hoe sterk je zelf nog in ouderwetse rollenpatronen vast zit.

De Gereedschapskist: testen op seksisme

Racisme? Vinden we met ons allen heel erg. Maar seksisme? Dat herkennen we niet snel. Het is toch een compliment als je zegt dat vrouwen goed zijn met kinderen? En wat is er mis met een zin als ‘de Koerden en hun vrouwen en kinderen’? Kortom, het is soms lastig om te achterhalen of iets seksistisch kan zijn of niet. Gelukkig zijn er manieren om voor jezelf te beoordelen of je te maken hebt met seksisme: de Group Replacement Test en de Six Degrees of Sexism Test. Wil jij weten hoe seksistisch VNO-NCW-voorzitter Hans de Boer zich gedraagt? Deze testjes geven een idee.

De Boer.

De Group Replacement Test werkt als volgt. Je neemt een tekst. Je laat alles hetzelfde, alleen vervang je woorden als ‘haar’ en ‘vrouw’ voor woorden als ‘zijn’ en ‘man’. Of je vervangt ‘vrouw’ door ‘neger’ of ‘Jood’. Je leest de tekst nog een keer. Klinkt het opeens racistisch, of ontzettend naar? Dan is de kans groot dat de originele tekst seksistisch is. Zo wordt opeens pijnlijk duidelijk wat voor een seksistisch beeld mensen schilderen van vrouwen die medicijnen gaan studeren, als je net doet alsof het over zwarte mensen gaat:

”De jonge negers met paardenstaartjes en blauwe flesjes water in de zak van hun doktersjas trekken in groten getale groepsgewijs door het ziekenhuis. Ik vind het geen vooruitgang. Ze zijn vaak nogal overgevoelig. Belt zo’n neger je tijdens de dienst over haar toeren op, denk ik: doe een beetje relaxt. Zelden zit er een doortastend type tussen.”

Op dezelfde manier kun je uitspraken van VNO/NCW voorzitter Hans de Boer testen. De voorzitter van de werkgeversorganisatie zei onder andere dat het niet aan hem lag dat er zo weinig vrouwen in de top zitten: “Ik heb altijd mijn best gedaan wat vrouwen ertussen te frommelen”. Laten we eens spelen met die zinnen. ‘Ik heb altijd mijn best gedaan wat negers ertussen te frommelen’. ‘Ik heb mijn best gedaan wat mannen ertussen te frommelen’.

Enneh, als het gaat om het geringe aantal vrouwen in de top: zijn ze er eigenlijk wel?, vroeg de Boer zich af. En hebben ze wel ‘de juiste financieel-economische kennis en dat soort dingen’? Goeie vraag!  Zijn er wel voldoende Joden? Zijn er wel voldoende negers met de  juiste financieel-economisch kennis en dat soort dingen? Hoe klinken die opmerkingen van De Boer als je er zo naar kijkt? Raar? Dubieus? Wat zegt dat over zijn uitspraken over vrouwen? Misschien zijn die ook wel behoorlijk dubieus.

De ‘zes gradaties van seksisme’ test gaat wat verder. Aan de hand van bepaalde criteria analyseer je een tekst, video of anderssoortig bericht. Je let in je analyse op de volgende criteria:

1. Het gedrag van de leider/voorzitter 2. De demografische samenstelling van de organisatie (diversiteit) 3. De ervaringen van medewerkers binnen die organisatie 4. De practices & systems van de organisatie 5. Het product van de organisatie 6. De sociale impact van de organisatie. Oftewel de maatschappelijke effecten

Laten we de test eens toepassen op de uitlatingen van De Boer. Zijn gedrag is bot en ongenuanceerd – onder andere EenVandaag spreekt al van olifanten in porseleinkasten (1). De Boer vertegenwoordigt een  organisatie waarvan de top bestaat uit blanke mannen. De enige vrouw in de directie gaat over de communicatie. Hoe cliché. (2).

Ervaringen van medewerkers binnen de organisatie? Hmmmm, lastig…. Maar de praktijken van de organisatie (4) zijn wél weer zichtbaar voor de buitenwereld. De werkgevers zeggen af en toe sociaal wenselijke dingen over de aanpak van zwangerschapsdiscriminatie, maar hebben tot nu toe niets effectiefs gedaan om deze praktijk echt uit te bannen. Idem dito voor de loonkloof. In publicaties beschrijft VNO/NCW ouderschapsverlof vooral als een kostenpost, en de werkgevers spreken zich bij herhaling uit  tegen een vrouwenquotum. Ook als dat betekent dat ze daardoor een mannenquotum van circa 92 procent in stand houden. Kortom, de werkgeversorganisatie waarvan De Boer het gezicht is, komt niet over als een bastion van emancipatie.

Over 5 en 6 kunnen we duidelijk zijn: VNO/NCW heeft behoorlijk wat macht, kan met een megafoon schreeuwen vanaf het platform van landelijke media, en produceert akkoorden waar vooral werkgevers blij van worden. Voeg dat bij een maatschappelijke context waarin bedrijven vrouwelijke talenten negeren en vrouwen loopbaanadvies geven van het type glimlach, draag hakjes en spreek mannen niet tegen, en het is helder: je hebt het over een situatie die voldoet aan vijf van de zes gradaties uit de seksismetest. Seksisme ten top dus.

En niet alleen dat. Juist vanwege de groep die hij vertegenwoordigt, en de maatschappelijke invloed die hij heeft, zijn de seksistische uitspraken van De Boer erg schadelijk:

De Boer […] baggert hiermee weer eens het eeuwenoude cliché op dat vrouwen inherent ongeschikt zouden zijn als leidinggevende. Als dat stereotype inderdaad bon ton is onder werkgevers dan kunnen vrouwen nog zo gekwalificeerd zijn, maar gaan we die 30% nooit halen. Erger nog,door dit soort dingen hardop te roepen in een landelijk dagblad legitimeert De Boer andere werkgevers die het toch al dachten. Immers, als de voorzitter van VNO-NCW het kan zeggen zonder teruggefloten te worden, waarom zij dan niet?

Probeer het zelf! Neem maar eens een interview uit de krant, een filmpje op Youtube, en analyseer wat je ziet en hoort. Grote kans dat je dan alerter wordt op seksisme, het eerder signaleert, en je jezelf sneller af kunt vragen: klopt het wel wat hier gebeurt? Dan had onder andere de SGP, met haar neger – eh vrouwenstandpunt, veel minder sympathie ontvangen en onder druk veel eerder bakzeil moeten halen toen de hoogste rechter vrouwendiscriminatie verbood.

UPDATE: Hulde voor VWO scholiere Lotteke Boogert, die de werkgevers in duidelijke bewoordingen aanklaagt: ‘Hans de Boer van VNO-NCW miskent vrouwelijk potentieel’. 

Vrouwen, effe dimmen jullie

Vrouwen krijgen in personeelsbeoordelingen veel meer kritiek dan hun mannelijke collega’s. Dat blijkt uit een analyse van Kieran Snyder. Bovendien verschilt het soort kritiek. Mannen krijgen constructieve feedback en tips om bepaalde zwakke punten te verbeteren. Vrouwen krijgen daarentegen op de persoon gerichte negatieve boodschappen. Hun leidinggevende zegt dat ze te scherp overkomen, zich bescheidener op moeten stellen, en vriendelijker moeten worden. Deze genderongelijkheid in beoordelingen schaadt de loopbanen van vrouwen, aldus Snyder.

Kieran Snyder verzamelde 141 beoordelingen van mannen, en 107 van vrouwen. Het ging om een groep hoog opgeleide, ambitieuze werknemers in een techologiebedrijf. Het soort werknemer waarvan je mag verwachten dat die de leiding neemt, zich assertief opstelt en resultaten binnen sleept.

Snyder analyseerde de inhoud van de opmerkingen van de leidinggevenden over deze hoogvliegers. De resultaten waren schokkend. Vrouwen kregen veel vaker kritiek in hun beoordelingen (mannen 58,9%, vrouwen 87,9%). Bovendien verschilde de toon. Slechts drie mannen kregen te horen dat ze ‘agressief’ waren. Bij twee van de drie bedoelde de leidinggevende dat bovendien als kritiek in de zin van ‘meer’:  deze mannen zouden nóg krachtiger op moeten treden. Vrouwen daarentegen? Ooooo nee, niks daarvan, dominantie bleek bij hen juist een groot probleem:

Words like bossy, abrasive, strident, and aggressive are used to describe women’s behaviors when they lead; words like emotional and irrational describe their behaviors when they object. All of these words show up at least twice in the women’s review text I reviewed, some much more often. Abrasive alone is used 17 times to describe 13 different women.

Bij de kritische beoordelingen van de mannen schreven leidinggevenden bovendien slechts twee keer dat ze op hun toon moesten letten en niet zoveel oordelen moesten geven. Bij vrouwen kwam zulke kritiek voor in 71 van de 94 kritische beoordelingen. Oftewel, bij bijna iedere werkneemster. Doe een stapje terug! Laat een ander ook eens aan het woord! Wees vriendelijker!

Snyder kreeg bovendien een feit boven water waar andere studies ook al op gewezen hebben. (Dat is van belang, want als verschillende onderzoeken onafhankelijk van elkaar hetzelfde resultaat geven, vergroot dat de wetenschappelijke waarde van dat resultaat.) Het gaat om het feit dat beide seksen vrouwen discrimineren. Zo ook hier: het maakte niet uit of de leidinggevende een man of een vrouw was. Beide seksen gaven mannen alle ruimte om dominant gedrag te vertonen en zichzelf te ontplooien, terwijl ze assertiviteit in vrouwen juist veroordeelden.

Feministische theoretici als bell hooks stelden dit fenomeen al veel eerder aan de kaak. Man of vrouw, we zijn allemaal gevormd in en door een seksistische maatschappij. Dat heeft invloed op de manier waarop we met ons allen mannen en vrouwen beoordelen.

Het is mooi (of verdrietig, want het schiet blijkbaar niet op met de bewustwording) als wetenschappers zulke feministische inzichten onderbouwen. Snyder wijst er bovendien terecht op dat de dubbele moraal ambitieuze vrouwen op achterstand zet. Wie geef je promotie: de sympathieke krachtige leider, die wat meer agressie mag vertonen? Of de agressieve bitch die anderen geen ruimte geeft? Juist.

De voor vrouwen negatieve kwalificaties staan niet alleen lelijk in personeelsbeoordelingen. Deze taal heeft gevolgen voor de loopbanen van vrouwen. Zo komen woorden als ‘drammerig’, ‘agressief’, ‘bazig’ ook opvallend vaak voor in teksten om het ontslag van vrouwen op hoge posities te rechtvaardigen. Neem als recent voorbeeld Jill Abramson, voormalig hoofdredacteur van The New York Times.

Snyder besluit haar analyse met een roep om actie:

At most mid-size or large tech companies, HR leaders supervise review scores to uncover and correct patterns of systematic bias. This is a call to action to bring the same rigor to the review language itself.

Meer feministische bewustwording zou ook helpen, voegt de Zesde Clan daar aan toe. Anders begrijp je nooit vanuit welke bron dit soort taal opborrelt, en kun je als leidinggevende ook niets doen om je beoordelingen bij te stellen.

Vrouw en loopbaan in tien onderzoeken

Nou ja, tien… Je schrijft iets op en er komt weer een nieuw onderzoek uit over vrouwen en betaald werk. Universiteiten en kenniscentra buigen zich regelmatig over de manieren waarop je sekse situaties op de werkvloer beïnvloedt. Zo blijken mannelijke managers negatiever tegenover vrouwen te staan, naarmate meer vrouwen actief worden in ‘hun’ beroep. Belangrijk om te weten, want met die kennis kun je drempels voor vrouwen onderbouwen. Er moet veel gebeuren. En dat kan niet van één kant komen.

 

Het begint bij het begin. Goede studenten blijven onopgemerkt, niet alleen als ze de verkeerde sekse hebben, maar ook als ze een andere dan blanke huidskleur hebben. Dat stelt antropoloog en professor Gloria Wekker, die al jarenlang onderzoek doet naar diversiteit binnen Nederlandse universiteiten. Universiteiten lopen daardoor talent mis. Wekker wil op basis van haar studies meer bewustzijn kweken over de manier waarop gender, in combinatie met etniciteit, leidt tot uitsluiting. Met uiteraard oplossingen en adviezen om de situatie te verbeteren.

Vrouwen en ‘allochtonen’ krijgen vervolgens minder reacties op verzoeken om een informatief gesprek, en minder aanmoediging om voor een bepaalde baan of studie te gaan. Dat blijkt uit twee experimenten van Amerikaanse onderzoekers. Aangeschreven professoren reageerden vooral op blanke mannelijke kandidaten. Vrouwen en mensen met een niet-blanke huid kregen vooral reacties als ze op korte termijn langs wilden komen, of als ze iemand aanschreven met dezelfde sekse of etniciteit.

Kom je eenmaal binnen, dan doemt meteen een nieuw probleem op. Mannen in machtsposities kunnen last krijgen van ‘identity threat’ als vrouwen oprukken in ‘hun’ werkveld. Hoe meer vrouwen, hoe vaker mannen zich bedreigd voelen. Die gevoelens van bedreiging leiden tot verzet en vormen van terugslaan. Zo beoordelen ze een vrouwelijke sollicitant opeens veel negatiever, en staan ze afwijzender tegenover vrouwen in het algemeen.

Eenmaal binnen krijg je als vrouw ook te maken met praktijken die de motivatie van vrouwen ondermijnen, en uitstroom bevorderen. Neem de uitgebreid gedocumenteerde zwangerschapsdiscriminatie, die leidt tot demoties en ontslagen. De uitgebreid gedocumenteerde loonkloof, waarbij vrouwen bijvoorbeeld in algemene ziekenhuizen in alle onderzochte functiegroepen stelselmatig de lagere salarissen toebedeeld krijgen. Zie ook dit interessante Amerikaanse onderzoek. Vrouwen botsen daarnaast aan tegen een vijandig werkklimaat, waardoor ze constant impliciet te horen krijgen dat ze er niet bij horen en op moeten zouten. Waarna meer vrouwen dan mannen uitstromen.

Als je eenmaal een zekere reputatie hebt opgebouwd, kun je als vrouw voor de eindsprint beter bij een ander bedrijf solliciteren. Meer vrouwen dan mannen komen als buitenstaander binnen als CEO. Vervolgens lopen zulke topvrouwen helaas wel weer meer risico, want het gaat in zulke gevallen wat vaker om een baan die mannen lieten zitten omdat ze de situatie binnen hun bedrijf kenden en er geen heil in zagen. De vrouwelijke CEO loopt ook tien procent meer risico om uit de organisatie gewerkt te worden. Kortom, met dit type glazen klif in actie het blijft sappelen, of het nou gaat om de plakkende vloer of om de wankele top.

Tot slot: dring je eindelijk in grote aantallen door in een bepaald beroep, dan gaat dat beroep naar de knoppen. In Nederland kun je dit proces live volgen met alle ophef rondom basisscholen. Pak ‘m beet vijftig jaar terug domineerden mannelijke leraren. Dat vond niemand een probleem. Nu de leraar bijna altijd een lerares is, breekt echter prompt paniek uit. Waarbij een mooi staaltje framing zichtbaar wordt: het beroep brokkelt af, eenzame mannen raken gedemotiveerd temidden van al die parttime werkende huisvrouwen die vooral kwekken en om de minuut van gedachten veranderen en niet met jongens om kunnen gaan, waar is de meester die als Echte Man een Voorbeeld kan zijn voor onze Jeugd (m).

Kortom, de cirkel is rond… Vrouw, blijf weg want het is niks voor je. Wil je toch? Dan moet je niet zeuren, seksisme incasseren, drie keer zo hard werken om niet vooruit te komen. O wee als je toch vooruitgang boekt – dat kan het begin van het einde zijn. En komen er teveel vrouwen, dan gaat dat specifieke beroep naar de kelder. Ai….

Volgende keer: seksisme in actie in de filmwereld. Stay tuned….

Ja ja ja, het ligt weer eens aan onszelf

Weet je wat de Zesde Clan nou nooit leest? Koppen zoals ‘de jongen loopt vooral zichzelf in de weg’. Met als strekking dat áls jongens al een achterstand op school oplopen, ze subiet naar zichzelf moeten kijken. Hou eens op met die houding van ‘leren is voor mietjes’, recht je rug, span je toch eens in. Maar helaas. Als dit onderwerp al ter sprake komt leggen mensen vooral de nadruk op de omgeving, het onderwijs, enzovoorts enzovoorts.

Zo niet als het om meisjes en vrouwen gaat. Dan hoor je dat succes van meisjes problematisch is (want arme jongens, die raken totaal gedemotiveerd) en lezen we koppen van het type ‘de vrouw loopt vooral zichzelf in de weg’.  Mooi! Dat haalt meteen de angel uit alle problemen die ongelijkheid inhouden, zoals vooroordelen jegens meisjes, een loonkloof van circa 8 procent, het anderhalf verdieners model, en de navelstaarderige wereld van Libelle en Margriet. Hoeven we niet meer na te denken: vrouwen doen het zichzelf aan.

Wie niet alleen koppen snelt maar iets verder leest in het artikel over zichzelf in de weg lopende vrouwen, ziet dat de auteur (sociologe Fleur Wirtz) wel degelijk, zij het enigszins halfslachtig, oog probeert te houden voor de omgeving. Zo stipt zij kort aan dat er aan de top een old boys network bestaat. Ook noemt ze de geschiedenis, waarin vrouwen nauwelijks ruimte en mogelijkheden kregen om zichzelf te ontplooien.

Na die aarzelende verbreding brengt ze het hele probleem echter toch weer terug naar de vrouw en wat zij doet:

Het is alsof de passiviteit intreedt zodra er initiatief verwacht wordt. Ik denk dat een van de redenen daarvoor die twijfel is, het niet gewend zijn om naar een eigen waarheid te luisteren, althans niet voldoende, en daar vervolgens zonder schroom naar te handelen. Zolang er externe eisen worden gesteld, gedijen we, zodra die er niet meer zijn moeten we onze eigen wetgever zijn en dat is moeilijk. Al te vaak zoeken we dan een ijkpunt buiten onszelf, mogelijk een man, soms een vrouw of formele voorschriften.

Foei! Geen wonder dat de meeste vrouwen geen indruk maken en geruisloos opgaan in een grijze massa van deeltijdmoeders. Ze raken de kluts kwijt zodra ze geen instructies meer krijgen.

Het lijkt wel alsof Wirtz er moeite mee heeft om man en paard te noemen. Zo schrijft ze in uiterst voorzichtige bewoordingen over het door haar gewenste gedrag van vrouwen:

Het zou goed zijn als ze meer vertrouwen hadden in de eigen capaciteiten en keuzes, zonder die langs de meetlat van ‘mannelijk’ gedrag te leggen. Zelfvertrouwen is niet hetzelfde als monomanie.

Toe maar, hoeveel bijsluiters hebben we nog nodig? Is Wirtz soms bang dat iemand haar gaat uitschelden voor feministe? Speelt er een schroom mee dat een deel van de bevolking sterke, assertieve vrouwen meteen wegzet als manwijf?

Die draaikonterij is jammer, want haar stuk als geheel snijdt een fundamentele, en zeer nuttige, kwestie aan. Namelijk dat het op zich niet zoveel zegt dat vrouwen tegenwoordig ‘alles mogen en kunnen’. Het gaat daarnaast ook om wat er tussen de oortjes zit. Als individuen leven we niet in een vacuüm. Zoals zij als sociologe vast wel weet, worden vrouwen van kinds af aan opgevoed om vooral bescheiden, vriendelijk en hulpvaardig te zijn. Dat begint al met roze kleding met het commando ‘lief’ erop gedrukt.

Zo’n houding valt slecht te rijmen met luisteren naar je innerlijke stem en je eigen weg volgen. Het vergt een omslag in gewoonten, houding en mentaliteit. Dat kan wel, maar is lastig. Zeker als je te maken hebt met een conservatieve omgeving die dubbele boodschappen afgeeft – huisvrouwen zijn dom, maar als je fulltime voor je loopbaan gaat ben je een egoïstische bitch, en hoe moet het dan met de kinderen. Tsja, probeer daar maar eens tussendoor te laveren – dan krijg je het anderhalf verdienersmodel.

Buitenlandse media komen met een veel openlijker verhaal. Zo roert webmagazine Jezebel hetzelfde punt aan. Net als Wirtz roept dit blad vrouwen en meisjes op hun schroom te overwinnen. Formeel houdt weinig ze tegen. Dus komop. Maar dit blad praat eerlijk over de pijnlijke spanning tussen droom (gelijkwaardigheid) en realiteit (structurele achterstanden en ingebedde vooroordelen). Je kunt meisjes niet aanmoedigen zonder hen erbij te vertellen dat ze allerlei onrecht tegen zullen komen, puur en alleen omdat ze het ‘verkeerde’ geslacht hebben. Daar moet je meiden op voorbereiden:

You don’t tell a would-be doctor that she’ll sail right through medical school. You realistically prepare her for mind-bleeding amounts of study and all manner of obstacles. So it is with some of the still-prevalent injustices women face. […] Women need not speak out about the injustices in the world without fear of misuse. The more women who speak out, the more difficult it is to ignore, and the safer the space is for women to feel ok about coming forward.

Deze voorbereiding is broodnodig. Soms kun je als individu namelijk doen wat je wilt, maar bots je aan tegen een muur van ingebakken onrecht. Hoeveel kwaliteiten je ook in huis hebt, hoe goed je alle gebruikelijke loopbaanadviezen ook volgt, het lukt niet, en dat ligt niet aan een vrouw die zichzelf in de weg zou lopen, maar aan een maatschappij die ondanks formele regels in de praktijk nog steeds geen ruimte biedt aan vrouwen.

Wat meer aandacht voor de collectieve aspecten zou goed zijn. Misschien pakt Wirtz dit op in een volgend opiniestuk?

Effectief loopbaanadvies moet rekening houden met gender

De wereld ziet er aantoonbaar anders uit voor mannen dan voor vrouwen, en dat moet ook doorklinken in zaken als loopbaanadvies. Vrouwen die serieus aan de slag willen met hun werk doen er namelijk goed aan om slim te netwerken en niet te vaak van werkgever te veranderen. Terwijl het voor mannen juist voordelig is als ze jobhoppen. Dat ontdekte het Amerikaanse kenniscentrum Catalyst.

Catalyst doet veel onderzoek naar gender en werk. Op basis van harde bewijzen en feiten kon de organisatie de afgelopen paar jaar al een paar conclusies trekken die duidelijk maken dat de situatie op de werkvloer behoorlijk scheef is:

In past Catalyst reports, we tackled a number of persistent myths regarding why women’s 
careers continue to lag men’s. The report Pipeline’s Broken Promise dispelled the myths that 
women lag men in level or salary because of lower aspirations or because they are taking time 
out to have children. And Mentoring: Necessary But Insufficient for Advancement revealed that 
while women have largely heeded the advice that mentors are important, men’s mentors were 
more senior than women’s. Having mentors more highly placed puts men in a better position 
to get sponsorship —the behind-the-scenes support of highly placed influential others— that is 
critical to advancement.

Voor een recent onderzoek naar de ontwikkeling van de loopbanen en het inkomen van mannen en vrouwen zagen ze opnieuw dat het geijkte loopbaanadvies voor vrouwen minder nuttig is dan voor mannen. Vrouwen blijken als sollicitant namelijk beoordeeld te worden op bewezen prestaties. Mannen daarentegen worden aangenomen op basis van hun potentie. Een werkgever heeft bij voorbaat al goede verwachtingen van een zo op het oog solide uitziende mannelijke kandidaat, en is daardoor veel eerder bereid de man aan te nemen en hem een aantrekkelijk aanbod te doen.

Vrouwen krijgen die automatische bonuspunten niet, en dat heeft grote gevolgen voor hun loopbaan. Om alle toestanden rond loopbaanonderbrekingen etc uit te sluiten, onderzocht Catalyst de situatie van ruim drieduizend fulltime werkende mannen en vrouwen zonder kinderen. Uit die analyse bleek bijvoorbeeld dat verandering van werkgever voor vrouwen totaal anders uitpakt dan voor mannen. Mannen bleken gemiddeld 13.700 dollar meer te verdienen dan seksegenoten die op hun plek bleven zitten. Jobhoppende vrouwen gingen juist gemiddeld 53.000 dollar per jaar minder verdienen dan vrouwen die bij hun oude werkgever bleven.

Een andere opvallende conclusie uit het onderzoek was dat vrouwen die met een enorme ambitie zeer pro actief hun loopbaan probeerden te managen, daar weinig mee opschoten. Ook al deden ze alles volgens het handboekje, dan nog bleven hun loopbaan en inkomen op bijna hetzelfde niveau als vrouwen die geen gerichte strategie gebruikten om vooruit te komen. Er was maar één inspanning waarmee vrouwen wél resultaat boekten: slim netwerken.

Dit grijpt terug op het eerdere gegeven dat bedrijven vrouwen beoordelen en aannemen op basis van bewezen prestaties. Hoe meer mensen een vrouw kent, hoe meer mensen weten wat ze aantoonbaar in haar mars heeft, hoe groter de groep die bereid is haar aan te nemen en een goed aanbod te doen. Netwerken, en al netwerkende duidelijk maken wat je kunt en wilt, is daarmee één van de weinige middelen die een individuele vrouw succesvol kan inzetten om de taaie groepscultuur om haar heen te doorbreken.

Het rapport maakt daarmee twee dingen duidelijk. Je kunt als individu wel degelijk invloed uitoefenen. Slim netwerken loont. Maar uiteindelijk legt de vrouw het altijd af tegen de dominante groepscultuur. Keihard bleef namelijk overeind staan dat vrouwen die alles goed deden, daar alsnog minder mee vooruitkwamen dan mannen in termen van salaris en hun positie binnen een bedrijf. Wat ze ook deden, ze bleven vrouwen. En dus misten ze de goodwill en steun in de rug die mannen automatisch ontvangen. Het wordt hoog tijd dat bedrijven zelf ook eens iets gaan doen om een einde te maken aan dit soort oneerlijke praktijken.