Tag Archives: loopbaan van vrouwen

Nieuwe bewijzen dat vrouwen beter moeten presteren

Seksisme betekent onder andere dat een middelmatige man het redt waar een middelmatige vrouw zonder pardon af valt. Vrouwen móeten beter zijn, het liefst perfect– het beroemde patroon van ‘bewijs het nog maar een keer’. Dat resultaat van discriminatie zie je terug in de topkwaliteit van vrouwen die het redden. Onderzoek wijst uit dat patiënten langer leven als ze vrouwelijke artsen hebben. En door vrouwen geschreven wetenschappelijke publicaties zijn leesbaarder en beter onderbouwd dan die van mannelijke wetenschappers.

Je zou de hoge kwaliteit van de vrouwen kunnen zien als de enige positieve uitkomst van systematische discriminatie. Alleen de allerbesten overleven. En dat merk je. Zo analyseerden onderzoekers van de universiteit van Harvard de administratieve stukken van 1.583.028 ziekenhuisbezoeken van patiënten die onder het Amerikaanse medicare systeem vallen. Het maakte niet uit met wat voor klacht of aandoening iemand kwam. Na 30 dagen was bij iedereen die een vrouwelijke arts trof, het dodental én het aantal nieuwe opnames significant lager dan wanneer iemand een mannelijke arts trof.

Dit effect bleef bestaan, onafhankelijk van de sekse, klacht of aandoening van de patiënt. Op basis van deze bevindingen becijferde Harvard dat het 32.000 sterfgevallen per jaar zou schelen als mannelijke artsen even goed werk zouden verrichten als hun vrouwelijke collega’s. De onderzoekers roemen vooral de communicatieve vaardigheden van de vrouwen, hun aandacht voor preventieve zorg, en hun alertheid op psycho-sociale factoren.

Bij een ander onderzoek keek wetenschapster Erin Hegel naar publicaties van vrouwen in economische vakbladen. Het betrof papers in zogenaamde ‘peer reviewed‘ magazines, oftewel magazines waarbij de redactie bestaat uit vakgenoten, die artikelen kritisch doorlezen voordat ze besluiten of de kwaliteit goed genoeg is om in hun blad te mogen verschijnen. Wat blijkt: redacties bekijken de papers van vrouwen kritischer dan die van mannen.

Het effect is onder andere dat het langer duurt voordat een paper van een vrouw in druk verschijnt en dat er een groter verschil zit tussen de eerste versie en de uiteindelijke publicatie. Met andere woorden: vrouwen schaafden langer aan hun stukken. Dat levert papers op die aanmerkelijk prettiger lezen dan de minder kritisch bekeken stukken van mannelijke vakgenoten. Ook bleef de schrijfstijl van vrouwen vooruit gaan, terwijl mannen op hetzelfde niveau door modderen tijdens hun loopbaan.

Op zich niet negatief, dat vrouwen zulke goede prestaties leveren. Maar nogmaals: het is het effect van (onbewuste) discriminatie. Je moet als vrouw beter zijn dan een man, anders kun je het beter meteen opgeven. Ben je goed, dan dreigen de volgende obstakels. Zoals universele haat omdat we een deskundige vrouw die ambities toont, een enge bitch vinden en afstraffen. Dat is niet rechtvaardig. Dat is seksisme.

Reorganisaties versterken overwicht mannen

Fusies en verschuivingen binnen Vlaamse politieke departementen blijken funest voor de toch al broze beweging om meer vrouwen in de top te krijgen. Na veranderingen verdwijnen de topvrouwen, en komen er mannen voor hen in de plaats. Dat constateert diversiteitsambtenaar Alona Lyubayeva in een inmiddels veelbesproken opiniestuk. Ze roept op tot meer aandacht voor diversiteit en het bijsturen van deze uittocht van vrouwelijke topambtenaren.

gender_discrimination_resized

Seksisme, het is een hardnekkig verschijnsel. Je denkt veranderingen te bewerkstelligen, maar als je even niet oplet draaien we de klok weer terug. Lyubayeva dacht zelf ook dat vrouwen er goed voor stonden. Waar hebben we het feminisme nog voor nodig:

Ik ben één van die vrouwen die jarenlang heeft beweerd dat er geen probleem meer is. […] Er zijn meer hoogopgeleide vrouwen dan ooit voorheen. Ook een vrouw kan probleemloos – zo dacht ik twee jaar geleden nog – de top van de Vlaamse administratie bereiken als ze er naar streeft. Nee, twee jaar geleden kon je mij niet betrappen op enige feministische strijdlustigheid. De strijd is al gestreden, vond ik. We zijn toch gelijk? Toch?

Nee dus. Nu departementen fuseren en verdwijnen, en de groep topmensen inkrimpt, blijkt dat mannen procentueel gezien geen schade lijden, terwijl het percentage topvrouwen drastisch daalt. ”Vrouwelijke leidinggevenden worden vervangen door mannen, mannen niet door vrouwen”, constateert Lyubayeva. Dat staat haaks op het personeelsbeleid van de Vlaamse departementen. Bij gelijke geschiktheid zou de kandidaat van een ondervertegenwoordigde groep voorrang moeten krijgen. Alleen gebeurt dat niet tijdens een stoelendans in tijden van reorganisatie.

Dit fenomeen kennen feministen. Een ander blank mannenbolwerk, Wall Street, maakte een paar jaar geleden een harde saneringsgolf door. Daar gebeurde precies het zelfde. Buitenproportioneel veel (top)vrouwen ‘vloeiden af’. Dit bleef niet onopgemerkt. Het leidde tot koppen als ‘alleen mannen overleven’. De onevenredige ontslaggolf onder vrouwen leidde inmiddels tot diverse rechtszaken, onder andere bij Citigroup.

Tot rechtszaken is het in België nog niet gekomen. Lyubayeva houdt het op een pleidooi voor meer alertheid op de onderliggende mechanismen van seksisme. Je kunt formeel je personeelsbeleid op orde hebben en mooie woorden spreken, maar als de onderliggende cultuur niet verandert, heb je nooit gelijke geschiktheid – onbewust vinden we mannen beter. En die neem je vervolgens aan, denkend dat je volstrekt eerlijk gehandeld hebt. Nee dus:

dan is dat net onze valkuil: dat we het sluipende probleem niet meer bekijken, verblind door enkele successen. Dat we niet zien hoe ongelijkheid zich post na post weer naar binnen werkt. Dat we feminisme passé of irrelevant vinden.

Of de wake up call van Lyubayeva helpt, is op dit moment niet bekend. Ze signaleert in ieder geval dat departementen bij de acht eerstvolgende aanstellingen een vrouw moeten kiezen, willen ze het percentage topmannen op maximaal zeventig procent houden. Wil je terug naar zestig procent topmannen, dan moeten de sollicitatiecommissies nog wat langer doorgaan met louter vrouwen aannemen. Of dat zal gebeuren????

Bedrijven vernietigen loopbanen van tweede sekse, overheid staat erbij en kijkt ernaar

Bussemaker maakte blijkbaar slechts een grapje, toen ze grote bedrijven in maart dreigde om met hardere maatregelen te komen als ze vrouwen geen eerlijke kans op een toppositie gaven. Het plan om een hard vrouwenquotum in te voeren, verdwijnt voorlopig in de kast. Werkgevers veegden de afgelopen jaren hun kont af met de bestaande papieren tijger – precies zoals ik in 2011 voorspelde. En mogen dat blijven doen.

Ondernemingen horen er zelfs niks van als ze in 57% van de gevallen niet eens de moeite nemen om in het jaarverslag uit te leggen waarom het steeds niet lukt die vrouwen door te laten stromen. Zelfs dan beperkt de minister zich tot de verzuchting dat ze het zorgelijk vindt dat bedrijven die boterzachte regel niet naleven. Niet netjes hoor! Foei!

Zo laag ligt het niveau. Het maakt dat ik uit frustratie met mijn hoofd tegen de muur wil bonken. De vrouwenemancipatie verloopt zó tenenkrommend traag… In ons oerconservatieve domineeslandje schiet zelfs de discussie niet op. In het kielzog van de terugtrekkende beweging van Bussemaker komen alle gouwen ouwen weer langs. Er zouden te weinig topvrouwen zijn, vrouwen moeten gewoon fulltime werken, seksisme, nee hoor, er bestaat alleen een banenwachtrij. Verder moeten we gewoon geduld hebben en daarnaast ook veel begrip voor die arme bedrijven die ten onder gaan als de overheid te strak op zou treden. Oh, en vrouwen willen zelf ook niet, toch?

Zo blijven we steken, met als risico dat iedereen het onderwerp volstrekt beu wordt:

There are layers and layers of sexism — lots of conscious and lots of unconscious bias that needs to be peeled away on the way to change. This is not just about one woman getting a job. This is about systemic change. This is about how women can have careers if they don’t only have successes (read this story from Rebecca Keegan about what happened to Elaine May’s career after “Ishtar”). I’m nervous that people are going to get sick about hearing about this topic and next month we’ll be on to the next topic du jour. Systemic change cannot be based on a topic du jour.

Inderdaad. Systematische verandering bereik je niet in een waan-van-de-dag wereld. Maar over die systematische kant van de zaak spreken, durven de meeste mensen niet aan. Slechts zeer, zeer zelden hoor of lees ik iets over

Terwijl mensen dooddoeners rond blijven strooien, sneuvelen de dromen en ambities van vrouwen bij bosjes tijdens subtiele dood-door-duizend-messteekjes, naast expliciet seksistische praktijken. Lopen werkgevers talent mis (- en dat kan ze niets schelen, ”ze zijn er gewoon niet mee bezig”, aldus werkgeversvoorzitter De Boer). Missen we als samenleving de helft van het verhaal. Blijven we steken in een economisch model gebaseerd op een man die thuis een huisvrouw heeft. En worden we op gezette tijden overvallen door situaties van het type o jee, ons papieren diversiteitsbeleid werkte niet, wat vreemd! Oh en ‘iedereen mocht iemand afvaardigen, maar toevallig waren dat allemaal mannen‘.

Ja, heeeel toevallig, maar niet heus. Nederland, wordt wakker!

Minister biedt mooi voorbeeld van glazen klif

Twee en twintig jaar lang een dalende lijn bij Defensie. Een regering die op bezuinigingen reageert door verder te bezuinigen en saneren. Een piepend en krakend leger. Dat moet een keer mis gaan en tot een uitbarsting komen. Weet je wat, na al die sanerende mannen zetten we nu een vrouw neer op Defensie. Dan kan zij de kogels opvangen, en als het leger z’n uitbarsting heeft gehad, benoemen we weer een man. Wat een bekende situatie. Het doet de Zesde Clan onmiddellijk denken aan alle kenmerken van een Glazen Klif.

Minister Hennis-Plasschaert lijkt er een klassiek voorbeeld van. De Glazen Klif is een variant op het glazen plafond, en wijst op de praktijk dat als al het andere mislukt is en ‘men’ het niet meer weet, iemand uit een minderheidsgroep een kans krijgt. (Ook vrouwen zijn een minderheidsgroep in de beleving van de gevestigde orde.) Deze leider komt binnen in een verziekte situatie en loopt een veel groter afbreukrisico dan al haar mannelijke voorgangers.

De glazen klif treedt vooral op in organisaties die geen traditie van vrouwelijk leiderschap kennen. Defensie, anyone? Er zit een strategie achter:

sexism causes those in power to appoint women to these risky positions because they don’t want to risk tainting a prominent man with the stink of failure.

Pikant detail:  vrouwen herkennen en erkennen een glazen klif vaker dan mannen, en noemen in onderzoeken vaker factoren als discriminatie, het ouwe jongens krentenbroodnetwerk, en vooroordelen jegens vrouwelijke leiders. Mannen hebben de neiging het bestaan van de glazen klif te ontkennen, of denken dat de roep om een vrouw ontstaat omdat zij geschikter zijn voor moeilijke beslissingen. Wat dat betreft heet het dat vrouwen niet kunnen en/of niet willen managen, behalve als het om een rotklus gaat, dan zijn ze opeens uitermate geschikt en is niets van dat alles een probleem? Je moet er maar opkomen.

Omdat vrouwen in de regel veel minder kansen krijgen op hoge leiderschapsposities dan mannen, nemen ze de baan toch aan. Vaak hopen ze op die manier een kans te krijgen om definitief door te breken. Als ze tenminste niet in stukken gesneden worden door de scherven van het glazen plafond:

…compared to men, women who assume leadership offices may be differentially exposed to criticism and in greater danger of being apportioned blame for negative outcomes that were set in train well before they assumed their new roles. This is particularly problematic in light of evidence that directors who leave the boards of companies which have performed poorly are likely to suffer from a ‘tarnished reputation’ (Ferris et al., 2003) and are less likely be offered future directorships

De rel rond Hennis-Plasschaert voldoet precies aan de kenmerken. Iedereen wist dat het vijf voor twaalf was, ruim voordat zij aantrad. Harm de Jonge, voorzitter van Werkgroep Defensiebeleid en Krijgsmacht van de Gezamenlijke Officieren Verenigingen/Middelbaar en Hoger Burgerpersoneel bij Defensie, die de minister familiair bij haar voornaam noemt, geeft dat in Trouw openlijk toe. Voorganger minister Hans Hillen had volgens hem in het eerste kabinet-Rutte al aangegeven dat “Defensie door het ijs is gezakt”. Hij laat in zijn stuk doorschemeren dat veel militairen tegen die tijd geen enkel vertrouwen meer hadden in de regering.

Hennis-Plasschaert kwam pas helemaal aan het einde van de rit binnen. Haar benoeming vond eind 2012 plaats. De kerkhuisconstructie was toen al af. Krap tien maanden verder is zij nu opeens de klos. Hillen is nog niet weg, of militairen zeggen Hennis-Plasschaert ‘in ongekend harde bewoordingen’ de wacht aan.

Waar waren al die militairen toen mannen 22 jaar lang de boel over de rand van de afgrond bezuinigden? Waarom hielden ze hun onvrede netjes binnenskamers toen ze ten tijde van Hillen al door het ijs waren gezakt?  Als het gaat om hét bezwaar, te weten ”gewoon strepen tot de boekhouder tevreden is gesteld zonder je al te veel af te vragen in hoeverre je nu nog de gewenste samenhang in de krijgsmacht overeind kan houden”, tsja, dan kun je voor het woord ‘krijgsmacht’ net zo goed ‘thuiszorg’, ‘woningcoöperaties’ of ‘onderwijs’ invullen. Die zin beschrijft feilloos alle saneringen van de afgelopen drie jaar.

Al dit voorgaande gebeurde, maar hoge militairen roepen pas nu, opeens, om het hoofd van hun toevallig vrouwelijke minister. Het is Hennis-Plasschaert in pak ‘m beet tien maanden niet gelukt de schade van 22 jaar te herstellen, of een wonder te bewerkstelligen. Kun je haar dat aanrekenen?

Studies tonen keerzijde van de medaille

‘Kind nekt carrière moeder’, luidt de onheilspellende titel van een studie uit buurland België naar de manier waarop vrouwen kind en loopbaan proberen te combineren. Vergelijk dat met de resultaten uit een andere studie, waarin Amerikaanse onderzoekers aan de mannen vroegen hoe zij dat nou eigenlijk doen. Iets wat niet vaak gebeurt. Maar vraag je het ze, dan is het volgens een deel uit die groep simpel. Ze hebben thuis een huisvrouw die de zaken regelt, zodat zij, de man, zich geheel aan hun carrière kunnen wijden. Aha…

De studie naar de mannen omvatte heren die in de academische wereld in de V.S. werken. Van deze groep had vijftien procent geen kinderen. Voor hen geen kinderen die een loopbaan kunnen nekken. De vaders dan? Meer dan de helft bleek een traditioneel rollenpatroon te volgen, waarbij de zorg voor huis en kinderen voornamelijk bij de vrouw lag. Veel mannen benadrukten dat dit natuurlijk ook best wel de volledig vrije keuze van hun vrouw was, hoor. Echt waar.

De onderzoekers plaatsten daar vraagtekens bij. Hoe vrijwillig is een keuze als je man onwillig is en dwars voor opties gaat liggen:

“[I]t appears that men overemphasize their wife’s decision as a ‘choice,’ when in reality their wife’s choice to care for the children is constrained by her husband’s schema of children as primarily ‘her issue,’ ” the authors write.[…]  “That these graduate students and faculty members distance themselves from child care and home care is illustrative of a general trend among men in the transitional dual-earner model. These men portray decisions about child rearing as made entirely by their wives, rather than joint decisions, which has the effect of rhetorically — and possibly practically — removing them from the responsibility of care-work,” the authors write.

Andere mannen waren dan ook eerlijk. Ze gaven volmondig toe dat ze er belang bij hebben dat hun vrouw thuis de zaken regelt. Uit interviews tekenden de onderzoekers onder andere deze uitspraken op:

Some of those interviewed expressed awareness of how they benefited. “For me it’s a little easier because I have a wife that has stayed home and taken care of [the children]. I imagine it would be much much more challenging if I didn’t have a spouse that was planning on staying home,” said one. But others seemed decidedly less sympathetic to the impact of their choices. Asked, “Do you think that having children then is difficult to manage with being a scientist?” one physicist said, “No, absolutely not. That’s why you have a wife.”

Handig! Een huisvrouw. Zouden vrouwen ook moeten hebben. Want uit Belgisch onderzoek van de universiteit van Brussel blijkt dat de omstandigheden op de werkvloer voor vrouwen acuut verslechteren zodra er een kind komt. Een kind is háár pakkie an, dus op het werk kregen ze prompt minder verantwoordelijkheid. Daardoor verminderde de inhoud van hun baan, en vrouwen kunnen minder hun eigen ideeën en creativiteit kwijt. Dat levert ontevredenheid en stress op, en bevordert de uitstroom. Een complex verhaal met een duidelijk resultaat. Vrouwen gaan minder uren werken of stoppen zelfs tijdelijk:

Voor De Vylder was deeltijds werk in het reclamebureau geen optie. ‘Dat had mijn baas al snel duidelijk gemaakt. Op een gegeven moment dacht ik: loont het nog wel de moeite, als ik er zo weinig voor terug krijg? Toen koos ik voor een loopbaanonderbreking.’

Dus naast mannen die het als de verantwoordelijkheid van de vrouw beschouwen om voor huis en haard te zorgen, kampen ze met werkgevers die hen vaak op een zijspoor zetten, zodat hun werk vervelender wordt en toekomstperspectieven verdwijnen. Vrouwen gaan dan knopen tellen. Ze zijn niet immers niet gek. Er speelt vanalles mee, niet alleen de baby. Vandaar dat er kritiek kwam op de titel van het rapport en de beschreven situatie. Zoals An Goovaerts, chef binnenland van dagblad De Morgen, in een opiniestuk stelt:

Kinderen nekken geen carrière. Dat doen inflexibele werkuren, conservatieve denkpatronen, moeilijke schooluren, te dure crèches, te dure poetsvrouwen en te lage lonen.