Tag Archives: literatuur

Feministische SF is de plek waar hét gebeurt

Feministische SF maakt op dit moment een bloeiperiode door. De verkoopcijfers voor Het Verhaal van de Dienstmaagd rijzen de pan uit sinds president Trump de Amerikaanse verkiezingen won en vrouwen berooft van hun reproductieve rechten. De roman The Power van Naomi Alderman haalde de shortlist van de Baileys prijs. Ontregeld, van Charlotte Wood, won in Australië de Stella prijs. En de James Tiptree jr. prijs weet ieder jaar opnieuw prachtige romans te eren die alles wat je dacht te weten over man, vrouw en rolpatronen overhoop gooien. Zoals When the Moon Was Ours van Anna-Marie McLemore, over een transgender.

Schrijfster Naomi Alderman denkt dat juist een kritische, feministische insteek SF-auteurs helpt om scherp naar zichzelf, mensen en de wereld te kijken:

Feminist – or let’s say gender-questioning – science fiction asks insistently, through careful construction of different societies, how much of what we think now, today, in generic western culture about men and women is innate in the human species and how much is just invented. And if we’ve invented it then could we, for better or worse, invent it differently?

Die zoektocht eindigt soms in utopische beelden. Margaret Cavendish schiep een ideale wereld in haar roman The Blazing World, geschreven in 1666. Charlotte Perkins Gilman creëerde in Herland een beschaving waarin vrouwen vrij kunnen zijn. Andere keren eindigen die toekomst-speculaties in nachtmerries. Die draaien vaak om de lichamen en de seksualiteit van vrouwen. Niet zo vreemd, want veel orthodoxe samenlevingen en fundamentalistische religies hebben een ongezonde fascinatie voor vrouwen, hun lijven en wat ze daar mee doen. Dat roept spanningen op, waar o.a. schrijvers een creatieve vorm voor vinden.

Als je bestaande tendenzen doorzet krijg je bijvoorbeeld Margaret Atwood’s Het Verhaal van de Dienstmaagd. Zij schetst daarin een angstwekkend toekomstbeeld waarin Christelijke fundamentalisten de macht grijpen en vrouwen reduceren tot wandelende baarmoeders. Nu president Trump aan de macht is en vrouwen probeert te beroven van hun reproductieve rechten, komt deze fantasie opeens angstig dichtbij. De verkoopcijfers van haar roman stijgen enorm sinds de Amerikaanse verkiezingen.

Charlotte Wood benadert de neiging om vrouwen te stigmatiseren en te domineren op een andere manier. In haar roman Ontregeld (oorspronkelijke titel: The Natural Way of Things) schetst ze een grimmig beeld van een wereld waar vrouwen die, al dan niet gewenst, een relatie met een machtig man kregen, in een strafkamp verdwijnen. Wood baseerde haar verhaal op het Hay Institution for Girls, een berucht geworden Australische staatsgevangenis waar tienermeisjes van 1961 tot 1974 in belandden wegens ‘losbandig gedrag’. Hetzelfde gebeurde in Ierland, waar ‘ontuchtige’ meisjes tot in de jaren negentig in nonnenkloosters verdwenen en daar slavenarbeid moesten verrichten in wasserijen.

Gaandeweg in Wood’s verhaal blijkt dat de mannelijke bewakers zelf ook niet meer weg kunnen uit het strafkamp. Er is iets ergs gebeurt en beide seksen moeten zien te overleven zonder hulp van buiten. Met dit SF verhaal snijdt Wood kwesties aan als vrouwelijke seksualiteit, waardeoordelen daarover, en wat er mis gaat als wij als samenleving vrouwen onderdrukken. Ze won er de Stella Prijs mee, een Australische onderscheiding voor de beste literatuur van schrijfsters. De jury:

The Natural Way of Things is a novel of – and for – our times, explosive yet written with artful, incisive coolness. It parodies, with steely seriousness, the state of being visible and female in contemporary Western society. “With an unflinching eye and audacious imagination, Charlotte Wood carries us from a nightmare of helplessness and despair to a fantasy of revenge and reckoning. The Natural Way of Things is a riveting and necessary act of critique.

In The Power van Naomi Alderman worden meisjes en vrouwen juist de sterkste partij. Tijdens hun puberteit ontwikkelen ze de mogelijkheid om met een krachtige elektrische schok mannen van zich af te slaan of zelfs te doden. Opeens wordt het voor mannen levensgevaarlijk om meisjes aan te randen of te verkrachten. Bovendien gebruiken veel vrouwen hun nieuw verworven macht op een verantwoordelijke manier, maar sommigen slaan door.

Deze meditatie over macht en de verhoudingen tussen de seksen belandde op de shortlist voor de Baileys prijs voor fictie. De jury:

Alderman’s book is unusual in that it can happily be called a sci-fi thriller – a genre rarely seen on literary fiction prize lists. “Yes I think that’s true, that’s an exciting thought,” said Tessa Ross, the film and TV producer who is chairing this year’s judging panel. “She comes from a tradition that I suppose is represented by someone like Margaret Atwood. It is a very exciting, bold, accessible, beautifully written sci-fi book.”

Tot slot maakte Louise O’Neill indruk met haar roman Only Ever Yours. Ze schets een wereld waarin het schoonheidsideaal volledig is doorgeslagen. Mannen kunnen doen en laten wat ze willen, maar meisjes worden opgevoed tot ideale eva’s die zich houden aan hun streefgewicht en alleen maar bezig zijn met zo mooi en aantrekkelijk mogelijk worden voor mannen. In het gunstigste geval kiest een man uit de elite hen daarna tot echtgenote, zodat ze kunnen trouwen en kinderen baren. Na hun veertigste moeten ze ”vrijwillig” zelfmoord plegen. De enige andere opties zijn hoer worden of kuise juf.

O’Neill won met deze feministische dystopia de Bookseller YA prijs. De jury:

The judges praised O’Neill for her “startling and refreshing” take on the dystopian genre. Melissa Cox, head of range and children’s at Waterstones, said Only Ever Yours is a “fantastic and challenging book that pulls no punches”.  Another judge, Rick O’Shea, presenter at Irish broadcaster RTE, said: “Only Ever Yours is as far as I’m concerned, not just a worthy winner of the prize but one of the best speculative fiction books I’ve read in years. It pushes the boundaries of contemporary YA. I’ll be pressing it into the hands of anyone who might read it”

Kortom, er valt veel te lezen, te huiveren en te genieten als je van goede boeken houdt, met verhalen die je aan het denken zetten.

Jaaroverzicht Lezeres des Vaderlands: een must-read

Iedereen die meent dat kwaliteit ‘vanzelf’ boven komt drijven, iedereen die vindt dat vrouwen gewoon beter hun best moeten doen om hun boeken gepubliceerd te krijgen, iedereen die zich afvraagt ‘waar zijn de vrouwen toch?’ zouden het jaaroverzicht van de Lezeres des Vaderlands als must-read op hun lijstje moeten zetten. De cijfers zijn overduidelijk (70% m-30% v) en als niemand iets wil doen omdat eerst anderen iets zouden moeten veranderen, zitten we over vijftig jaar nog steeds met blanke eenheidsworst.

Eerst de feiten. Na een jaar turven en tellen blijkt de aandacht voor vrouwelijke auteurs steken op 30%. Dit aandeel van circa eenderde komt ook terug in andere landen, zoals Australië of in de VIDA-tellingen uit de V.S. Het gaat om een structurele blinde vlek voor alles wat buiten het veld van blank en mannelijk valt. Daardoor halen schrijfsters de krantenkolommen slechts mondjesmaat, ongeacht hun werk.

In Nederland zouden vooral Het Parool en Vrij Nederland zich moeten schamen: die redacties komen niet verder dan rond de 20%. Dat het echt anders kan bewijst dagblad Trouw, met gemiddeld 40%. Niet geheel toevallig werken bij Trouw de meeste vrouwelijke recensenten en bij Vrij Nederland de minste, merkt de Lezeres op. Hulde aan Trouw! Allemaal een voorbeeld nemen aan die krant! Wordt abonnee van Trouw! Hoera!

Bij het stukken tellen hield de Lezeres geen rekening met de omvang van artikelen, en de plek binnen een boekenbijlage – prominente voorin met foto, of ergens achterin bij de korte signalementen. Zou ze dat aspect meegenomen hebben, dan duikelt dat gemiddelde van 30% aandacht voor vrouwen verder omlaag. Zowel in week 4 als in week 6  telde ze dit wel mee, en bleken stukken over vrouwen bij bijvoorbeeld de Volkskrant structureel korter te zijn en in de marge te staan. Op die manier ontstaat een tweede vorm van structurele marginalisering, binnen de geturfde marginalisering.

Tot slot maakt de Lezeres des Vaderlands korte metten met smoezen van het type ‘ja maar misschien  publiceren vrouwen minder boeken, uitgeverijen moeten ook wat doen, waarom heb je zo de pik op arme onderbetaalde krantenrecensenten’ enz enz. Welnu, verwijzen naar het aanbod uitgeverijen of andere schakels in de literaire wereld, is een manier van wegduiken:

Het is zeker zo dat waar je je schijnwerper ook zet in deze keten, vrouwen ondervertegenwoordigd zijn. Zelf heb ik al eens laten zien dat leeslijsten op middelbare scholen ook allesbehalve divers zijn. Dat betekent ook dat iedereen in de keten naar een schakel vóór zich kan wijzen om het probleem – en de verantwoordelijkheid – van zich af te schuiven. Dan verandert er echter nooit iets. […] Er wordt veel meer geproduceerd dan gerecenseerd, dus een boekenbijlage kán makkelijk diverser bespreken dan nu gedaan wordt. […] We zijn niet ‘vanzelf’ op weg naar meer gelijkheid, daar moet actief aan gewerkt worden.

Aan dat argument kan ik er nog eentje toevoegen. Kranten en andere media hebben de functie van poortwachter. Boeken waar zij aandacht aan besteden, komen beter onder de aandacht van lezers. Daarom houden uitgeverijen nauwlettend in de gaten welk boek De Wereld Draait Door in de etalage zet. Hun Boek van de Maand belandt daarna steevast in de toptien van de Bestseller 60. En daarom reageerden comics-fans zo teleurgesteld toen de New York Times een rubriek over dat genre schrapte – het wordt nu lastiger om uit te vogelen welk album je wil lezen, wat de aanbevolen titels zijn.

Ook op andere manieren blijken kranten en andere media poortwachters. In Australië komt tweederde deel van alle boeken uit de koker van een schrijfster. Als literaire bijlagen slaafs het beleid van uitgeverijen zouden volgen, zou het in de Australische media moeten wemelen van de artikelen over schrijfsters en recensies van hun boeken. Maar dat is niet zo. Australische boekenkaternen geven nog steeds tweederde van de kolomruimte aan mannelijke auteurs.

Kortom, op de media rust een extra verantwoordelijkheid om de situatie te veranderen. De Lezeres des Vaderlands hint dat Nederland misschien een eigen structurele telling krijgt, een instituut zoals VIDA. Dat hoop ik van harte, want de buren overzee merken dat cijfers publiceren een schok veroorzaakt in medialand en dat lekker tellen het debat naar een hoger niveau tilt:

VIDA’s count director Jen Fitzgerald says the numbers are so clear that they’re starting to change the conversation. “We have these stark blue-and-red charts that offer up data, and there’s no negating it. When we present it, it’s no longer a question of, ‘Is there an imbalance?’ Now, it’s a question of, ‘Why is there an imbalance? Do we want to change the imbalance?’ ” Fitzgerald says. “You know, the initial shock of, ‘Oh my goodness, are we really seeing 75 percent men across the board?’ to a question of, ‘Why are editors OK with 75 percent men across the board?’ “

Vrij Nederland, Parool, Volkskrant, NRC enz.: de bal ligt bij jullie. Doe er iets goeds mee.

Trouw scoort goed bij Lekker Tellen

Wat leuk! De VIDA telling, die het aantal Engelstalige recensentes en gerecenseerde boeken van schrijfsters telt, heeft een Nederlandse tak gekregen. De Lezeres des Vaderlands houdt al ruim drie maanden de m/v verhouding bij in acht literaire katernen. De meeste media laten schrijfsters opvallend vaak links liggen. Maar Nederland beschikt over één lichtpuntje: Dagblad Trouw. Alleen daar weet de redactie vrouwen gelijkwaardig aan het woord te laten.

VPRO gids laat boeken van vrouwen links liggen

Na veertien weken tellen constateert de Lezeres des Vaderlands dat het aandeel van de vrouwelijke stem blijft steken op gemiddeld 27%. De boekenbijlagen van onder andere NRC, Parool, Volkskrant, Groene Amsterdammer, De Morgen en De Standaard weten recensentes en schrijfsters nauwelijks te vinden. Regelmatig blijven de boekenkaternen verstoken van een vrouwelijk aandeel.

Komen vrouwen al aan bod, dan staan hun boeken verdacht vaak in de kleinere stukken en in de signalementen-rubriekjes. Dichteressen, kinderboekenschrijfsters en auteurs van erotica krijgen het snelst aandacht, signaleert de Lezeres des Vaderlands. Serieuze Literatuur komt van mannen – een beeld dat het Nederlandse onderwijssysteem overigens graag in stand houdt.

De Lezeres des Vaderlands maakt met haar tellingen een bekend patroon opnieuw zichtbaar.  In 2012 turfde ik schrijfsters die aan bod kwamen in de boekenrubriek van de VPRO gids. Eindresultaat: in de nummers 1,2,3,4,5,6,7,9,10,11, 12, 13 en 14 bleef de teller steken op zeven schrijfsters op een totaal van 39 besproken boeken. Het hoofdportret van de rubriek, een langere reportage met een grote foto, betrof in tien van de twaalf gevallen het werk van de mannelijke auteurs.

Tijdschrift Opzij besteedde in 2013 aandacht aan de genderverhoudingen in boekenkaternen. Ook bij die steekproef bleef het aandeel vrouwen op 27% steken. Net als de Lezeres volgde Opzij kranten als NRC en De Volkskrant. We praten dus over een hardnekkige vorm van discriminatie, en redacties die hun leven niet beteren.

De Lezeres des Vaderlands besteedt, naast tellen en nagaan of schrijfsters in een klein of groot stuk aandacht krijgen, ook aandacht aan de teksten van de recensies. Uit die analyses blijkt dat de acht boekenkaternen (on)bewust seksistisch taalgebruik hanteren. Zoals de Groene Amsterdammer:

boeken zijn ‘mooi en jongensachtig’ geschreven en ‘jongensachtig proza’ is ‘zo levendig, vrolijk, energiek’, terwijl literatuur negatief wordt besproken met woorden als ‘keukenmeidencliché’s’. De ondertitel van het artikel impliceert bovendien dat de scholier van vandaag te vergelijken is met ‘een meisje dat niet kan aarden’.

Mannelijk = goed, vrouwelijk = minderwaardig. En dat anno 2016.

Waarschijnlijk laten redacteuren zich onbewust beïnvloeden door de inhoud van de door hen gelezen boeken. Uit een andere telling, namelijk van personages uit de 170 romans van de groslijst van de Libris Literatuurprijs 2013, blijkt dat mannen op allerlei manieren domineren. De groslijst bestaat voor tweederde uit romans van mannelijke auteurs. Vrouwelijke personages komen volstrekt eenzijdig in beeld. Ze zijn huisvrouw, studente of hoer. Daar kunnen wij lezeressen het mee doen in de Nederlandse literatuur. Dank jullie wel, mannelijke auteurs!

Maar dan Trouw. Hoe achterlijk andere redacties zich ook opstellen, Trouw haalt week na week schijnbaar moeiteloos een bijna gelijkwaardige m/v verhouding. Tot grote vreugde van de Lezeres des Vaderlands:

Gelukkig blijft Trouw – nomen est omen – deze week een rolmodel voor een goed huwelijk, met evenveel recensies door vrouwen als door mannen. Bij de auteurs van de besproken boeken is de verhouding 44% vrouw om 56% man: iets minder dan vorig week, maar vergeleken met andere kranten en tijdschriften nog steeds een zonnig resultaat.

En:

Fijn ook dat er bij de signalementen eens meer boeken staan van vrouwen dan van mannen – dat kan dus gewoon, Volkskrantredacteuren!

En:

Het reeds ingezette patroon zet stug door, wat betekent dat een gebrek aan vrouwen zich steeds helderder aftekent. Maar ook wordt steeds duidelijker dat er één bijlage is die positief uitsteekt boven het gortdroge maaiveld van mannen van middelbare leeftijd. […] Trouw komt keer op keer uit de bus als de boekenbijlage die het meeste aandacht aan vrouwen besteedt en vrouwen het meeste ruimte geeft voor kritische bijdragen. Daarom krijgt Trouw van mij deze week een Gouden Leesbril.

De andere redacties moeten zich schamen. Vrouwen schrijven, denken, publiceren. Als redacties dat werk negeren, schaden ze de kwaliteit van hun krant of tijdschrift, en schaden ze de belangen van hun lezers. Die mist dan namelijk goede boeken en interessante opinies. Hulde voor het goede voorbeeld van de Trouw-redactie, die wél begrijpt hoe het zit met kwaliteit en diversiteit.

SF Museum lanceert tijdschrift met groot vrouwelijk aandeel

Het Amerikaanse Museum of Science Fiction versterkt met haar eerste nummer van The Journal of Science Fiction een welkome trend naar meer diversiteit. Het nieuwe blad bevat opvallend veel artikelen van vrouwelijke redacteuren. Ook de inhoud van de bijdragen richt zich deels op vrouwen en vrouwelijke personages in SF verhalen. Hulde!

journal of sf kaft eerste nummer 2016

illustratie op de kaft van het eerste nummer van het nieuwe Journal of Science Fiction

Het eerste nummer bevat bijdragen van Monica Louzon, Karma Waltonen en Amanda M Rudd. Daarmee komen drie van de vijf hoofdartikelen van de hand van een vrouw. Eén van die stukken, geschreven door Waltonen, richt zich de manier waarop SF schrijfsters het concept van ‘houden van De Ander’ gebruikten om seksuele taboes te slechten. Op die manier speelde het genre een rol in het veranderen van de cultuur – ten goede, met meer tolerantie voor alles wat buiten het strikte man-vrouw hetero klassieke gezinsmodel valt.

Het belangrijke aandeel van vrouwen in The Journal of Science Fiction past in de tijdgeest. De afgelopen jaren kwam er steeds meer kritiek op de dominantie van poortwachters in de SF – veelal blanke mannen met zeer specifieke opvattingen over wat goede SF is en welke kant het op moet met het genre. Tegelijkertijd met die aanzwellende kritiek op de status quo begonnen ook de pogingen, veelal van vrouwen, om de geschiedenis van SF in beeld te houden. Mensen hebben namelijk de neiging om het aandeel van vrouwen te vergeten en daar kwam terecht verzet tegen.

Anno nu kun je de situatie moeilijk ideaal noemen – zodra vrouwen zichtbaarder worden, zijn er mensen die zich bedreigd voelen en hard terugslaan. Maar niemand kan meer om de vrouwen heen. Onder andere de Engelse krant The Guardian schrijft dat jarenlang buffelen in de marge dit jaar waarschijnlijk gaat leiden tot belangrijke doorbraken op het gebied van diversiteit en inclusie. Hoera!

BONUS Inspiratie en leestips? Komen ze:

  • Een lijstje met dit jaar te verschijnen SF en fantasy romans van schrijfsters, waar lezers het meest naar uitkijken
  • Een podcast van The New Yorker. Onder de slechts licht ironische titel Zijn Vrouwen Mensen interviewt Jill Lepore Amelia Lester en David Haglund over de rol van vrouwen in de moderne SF
  • Weblog SF Mistressworks timmert nog steeds aan de weg, met besprekingen van het werk van vroege en moderne SF schrijfsters
  • Zelf blijf ik de boeken van Octavia Butler en N.K. Jemisin hardnekkig promoten 😉
  • En had u al gehoord van Karen Lord? Probeer haar boeken maar eens….

Enfin, veel leesplezier!

 

Meten is weten in de boekenwereld

….En de Nobelprijs voor Literatuur gaat naar…..Svetlana Alexievich! Hoera! Echt welverdiend. Maar voordat iedereen achterover leunt en zegt ‘vrouwen hoeven zich nergens meer zorgen over te maken’: helaas. De prijsuitreikingen kennen een bekend patroon: vooral blanke mannen uit westerse landen winnen Nobelprijzen, ook die voor literatuur. De winst voor vrouwen is van zeer recente datum, en is kwetsbaar. Voordat je het weet ontstaan tegenbewegingen.

Dat geldt voor de Nobelprijs voor literatuur, maar ook voor genres zoals Science Fiction en Fantasy. Ook daar domineren blanke mannen uit westerse landen de prijswinnende boeken. Voor iedere winnares kregen twee mannen de hoogste lof en eer.  De tellers vonden ook bekende  patronen. Naarmate je dichter bij 2015 komt, neemt het aandeel vrouwen en mensen met een gekleurde huid toe. Zodra schrijfsters echter een of twee jaar wat vaker prijzen wonnen, volgden er jaren waarbij opeens mannen buitensporig in de prijzen vielen. De onderzoekers spreken van een backlash – een verdedigende reactie om buitenstaanders op hun plek in de marge te houden.

De onderzoekers wijzen erop dat de SF en fantasygemeenschap op dit moment weer in zo’n vrouwvijandige fase verkeert. Schrijfsters deden het redelijk goed vanaf 2012. Prompt stonden blanke mannen op, die zich ook nog eens ‘zielige puppy’s’ noemden – want het is heel erg als je dominante positie in gevaar komt. Deze groep ondernam dit jaar gerichte acties om de barbaren bij de poort tegen te houden, bijvoorbeeld door nominaties naar hun hand te zetten. Dit jaar won de diversiteit nog, in ieder geval bij de Hugo Awards. Maar het is veelbetekenend dat succes voor vrouwen en mensen met een gekleurde huid onmiddellijk zulke reacties teweeg brengt.

De dominantie van mannen die de verhalen van mannen vertellen, treedt breed op. Ook in andere genres en ook in de ‘gewone’ literatuur. Zo sloeg auteur Nicola Griffith aan het turven bij prijzen zoals de Pullitzer, de Man Booker en andere prestigieuze onderscheidingen. Ook hier kwamen schrijfsters er onevenredig vaak niet aan te pas. Als ze al wonnen, betrof het vaak verhalen met een mannelijke hoofdpersoon.

Dat inzicht is van belang. Behalve cijfers moet je ook rekening houden met een kwalitatief aspect. Als samenleving vinden we verhalen van mannen, over mannen, universeel geldig. Schrijf je echter over vrouwelijke hoofdpersonen, over ”vrouwelijke” thema’s, dan schrijf je ‘vrouwenliteratuur’ en beland je in een niche-markt voor minderheidsgroepjes. Onder andere de Spaanse auteur Rosa Montero krijgt hier regelmatig mee te maken. In interviews neemt ze stelling tegen dit mechanisme: ze wil voor iedereen schrijven, en haar boeken behandelen universele thema’s, geen ‘vrouwenzaken’.

Zolang ‘je hoofdpersonen zijn vrouwen’ geldt als acceptabele kritiek op een creatief werk, en/of een reden voor verbanning naar marginale genres zoals ‘chick-lit’, blijft het nodig om te herhalen dat vrouwen mensen zijn. Dat een vrouwelijke hoofdpersoon een legitieme keuze is, en dat de wereld die je door die ogen ziet, net zo betekenisvol is als de wereld die een lezer ziet door de ogen van een mannelijke hoofdpersoon. Als we dit bereikt hebben, doen literaire prijzen misschien écht, en als vanzelfsprekend, recht aan de andere helft van de wereldbevolking.

Kortom, leve deze nieuwe Nobelprijs voor een uitstekende schrijfster, en dat er nog maar vele moge volgen!

 

VIDA telling toont lichte vooruitgang

Vrouwen kopen en lezen meer romans, maar als het gaat om recensies schrijven en bepalen welk boek hét boek is, hebben mannen het nog steeds voor het zeggen. Dat blijkt uit de meest recente telling van VIDA, een organisatie die de genderverhoudingen bijhoudt in Engelstalige literaire bladen en krantensupplementen. Wel ziet VIDA lichte vooruitgang.

Soortgelijk onderzoek van Opzij toonde in Nederland dezelfde oververtegenwoordiging van mannen aan. Evenals een steekproef van dit weblog. Boeken van vrouwelijke auteurs delven nog steeds het publicitaire onderspit. Wie weet krijgen ook wij vooruitgang te zien, nu na VEERTIEN JAAR eindelijk een schrijfster het boekenweekgeschenk mag leveren. Esther Gerritsen is de gelukkige.

Terug naar de Engelstalige wereld. VIDA nam 2014 door en kan gelukkig melden dat verschillende bladen moeite deden om de verhouding tussen de seksen meer in evenwicht te brengen. Zo lukte het The New Republic om het vrouwelijke aandeel te laten stijgen van 7% in 2013 naar 29% in 2014. Harper’s zat in 2013 al op 29% en wist dat vorig jaar op 40% te brengen.

Daar tegenover staat dat onder andere de London Review of Books vrouwen juist minder ruimte gaf dan in voorgaande jaren. En bij The Times Literary Supplement stagneert het al jaren. Vrouwelijke recensenten komen daar niet verder dan rond de 28%. Ook The Nation blijft al jaren hangen op circa 20 procent.

Webmagazine Slate benadrukt bij dit alles dat het niet alleen gaat om de cijfers. Die geven structurele achterliggende problemen aan:

The cultural default is to treat men as voices of authority and wisdom while relegating women to the role of mere consumers whose opinions are given little weight. That problem is not easily reducible to numbers.

Het gaat om een mentaliteit, en dan gaan veranderingen langzaam. Toch is er wel wat veranderd. In 1978 vroegen feministen voor het eerst aandacht voor seksistische literaire kritiek. Op enkele uitzonderingen na doen recensenten tegenwoordig hun best om mannelijke en vrouwelijke auteurs op dezelfde manier te bespreken. Vooruitgang.

Daarnaast krijgen auteurs die een neerbuigende houding jegens vrouwen vertonen, steeds vaker tegenwicht. Ook dat is een verbetering ten opzichte van vroeger, toen handelsonbekwame vrouwen het meestal niet in hun hoofd haalden om mannen  publiekelijk tegen te spreken.

Zo besloot Kristien Hemmerechts haar pen op te nemen tegen machoschrijvers, die tot in de details opschrijven hoe op leeftijd geraakte mannelijke hoofdpersonen minderjarige meisjes al dan niet met geweld penetreren. En toen een mannelijke auteur de vrouwtjes opriep gewoon betere boeken te tikken, dan volgen de prestigieuze literaire prijzen vanzelf (ha!), fileerden vrouwen zijn drogredenen en blinde vlekken genadeloos.

Zelfs mannen beginnen zich ongemakkelijk te voelen bij de dominantie van hun sekse: ,,Het hele waardensysteem van de literatuur is in Nederland opgehangen rondom mannen van middelbare leeftijd, van recensenten tot uitgevers,” signaleerde auteur Phillip Huff. Ook dertien blanke mannelijke boekenweekgeschenk-schrijvers op een rij stuitte op steeds meer kritiek. Dat zijn goede tekenen….

Joanna Russ heeft nog steeds gelijk (helaas)

Joanna Russ schreef een paar decennia geleden het geniale boek How To Suppress Women’s Writing, in het Nederlands nét iets minder sarcastisch vertaald als ‘Andere Levens, Andere Letteren’. Zij gaf in die kwalitatieve analyse een overzicht van gangbare patronen, die ervoor zorgen dat schrijfsters in de marge belanden en zelfs totaal vergeten worden. Naar nu blijkt zijn die mechanismen nog steeds effectief. Gelukkig bieden sociale media/internet tegenwoordig enige tegenwicht.

The Million zette op een rijtje welke auteurs prijzen voor non-fictie wonnen bij de National Book Awards Longlist for Nonfiction:

Are fewer women writing nonfiction, you might ask. I suppose it depends on what you call “nonfiction.” According to the last few years’ NBA juries, it is mostly history (preferably about war or early America); biography (preferably about men, especially presidents); or reportage (preferably about war, the economy, or non-Western countries).

The Million geeft hier een prachtige omschrijving van patronen die Russ identificeerde. Het is wel geschreven, maar het gaat over de ‘verkeerde’ onderwerpen – de enige belangrijke onderwerpen zijn namelijk oorlog, biografieën over mannen, de economie en (krijgs)geschiedenis. De dominantie van blanke mannen is zo voorspelbaar, dat The Mayborn alvast de volgende winnaar van de Pulitzerprijs voor non-fictie aankondigde. Het is een man, we weten alleen zijn naam nog niet!

Een geniale kop om een tenenkrommende stand van zaken te omschrijven. Ook in Nederland. Want de Ako Literatuurprijs 2014 ging natuurlijk weer naar een blanke man, die een roman schreef over, jawel, mannen en oorlog. Ook in voorgaande jaren bleek dat Ako vrouwen niet ziet staan.

Zelfs als schrijfsters prijzen winnen en succes boeken, wil dat nog niet zeggen dat ze écht meetellen. Neem science fiction. Vrouwelijke auteurs behaalden dit jaar bijna de helft van de prijzen die dit genre te bieden heeft. Op zich leuk nieuws. Maar toch blijven mannen de norm:

Hurley says that female science-fiction writers are often forgotten. “It’s always Asimov and Heinlein,” she says. “You don’t hear about Russ or LeGuin. And there are very particular ways that people talk about it. One of those is by saying ‘well she did it, but it wasn’t really science fiction,’ or ‘her husband has a big impact.’”

Oftewel, ze schreef het wel, maar ze had hulp. En: ze schreef het wel, maar kijk toch eens waar het over gaat – het is geen SF. Precies twee van de patronen waar Joanna Russ op wees.

Daarnaast krijgt het werk van schrijfsters wel nominaties, maar dan bij de minder prestigieuze prijzen. Zo bestond de shortlist voor de NS Publieksprijs voor de helft uit romans van vrouwelijke auteurs. Echter, daar staan dan bijvoorbeeld ‘vrouwenthrillers’ bij – een gevalletje ‘ze schreef het wel, maar ze is geen echte schrijfster’. Vrouwenthrillers, meh, da’s natuurlijk geen literatuur! Bovendien ging de eer dit jaar naar een boek van een man, over een man. Een voetballer, en voetbal geldt als een mannelijk gedefinieerd onderwerp bij uitstek.

Wat wél veranderd is, is de context. Zodra mensen bijvoorbeeld bij een discussie over science fiction auteurs Asimov en Heinlein aanhalen en zich afvragen waar de vrouwen zijn, schieten twitter, websites en andere digitale media schrijfsters te hulp, signaleert Kameron Hurley. Degenen die vrouwen niet zien staan, krijgen een hele lijst sf-schrijfsters te zien, zodat ze de volgende keer minder hard kunnen roepen dat alleen mannen serieuze sf schreven en schrijven.

Sociale media versterken de stem van vrouwen en maken het moeilijker ze over het hoofd te zien (vandaar dat internettrollen daar zo allergisch op reageren). Seksistische denkers krijgen op die manier meer tegengas, maar dat maakt helaas nog geen einde aan de (denk)patronen en redeneringen die mannen tot norm verheffen en vrouwen aan de zijlijn parkeren. Kortom, lees Joanna Russ! En ken de patronen!

Welke schrijfsters ontdek jij in 2015?

Nog drie maandjes, zo’n twaalf weken, en dan begint Lees Vrouwen 2015! Journaliste Kirsten van Santen kwam in juni met het idee van een jaar lang in het bijzonder boeken van schrijfsters te lezen. Ze sloot met dat idee aan bij de succesvolle campagne Read Women 2014. De Leeuwarder Courant en het Dagblad van het Noorden ondersteunen dit plan. Ook De Zesde Clan doet graag mee. Welke boeken zullen we lezen? We zien je graag bij #LeesVrouwen2015.

Hoeveel boeken van vrouwelijke auteurs leest De Zesde Clan? Aan de samenstelling van de eigen boekencollectie zal het niet liggen. Librarything, waar alle titels netjes in staan, geeft de percentages schrijvers en schrijfsters. Met afgerond 52% schrijfsters blijken mannen en vrouwen elkaar goed in evenwicht te houden bij De Zesde Clan.

Dat het in de kast staat, wil echter niet altijd zeggen dat je de boeken ook echt hebt gelezen. De Zesde Clan hikt aan tegen een behoorlijke stapel ongelezen romans en non-fictie. De afgelopen twee maanden domineerden de mannen in de selectie uit die stapel. Een lekkere weglees-thriller van Robert Harris. Twee sf-romans van James Corey (vermakelijk). Een geschiedenisboek van Stephen Ambrose. Horror van Stephen King.

Schrijfsters kwamen echter ook goed aan bod (phew!). Tosca Niterink met ‘Klimmen naar Kruishoogte’, een briljant verslag van haar wandeltocht door Spanje, naar Santiago de Compostela. Een bekroonde science fiction roman van Ann Leckie, Ancillary Justice.  Een biografie van de Chinese keizerin-weduwe Cixi, van Jung Chang. Die lijn trekt De Zesde Clan graag door, dus hoog tijd voor een leeslijstje om 2015 te veranderen in een revolutionair jaar.

Een revolutie? Zeg, eh, we hebben het hier over lezen. Iets wat je meestal in je uppie doet, binnenshuis, of hooguit in een tuin- of strandstoel. Toch kan bewust boeken van vrouwen opzoeken en vertellen over je leeservaring een revolutionaire daad zijn. Want de literaire wereld kent twee soorten auteurs: blanke mannen en de rest. Keer op keer blijkt dat media mannen boeken van mannen laten recenseren. Boeken van schrijfsters komen veel minder vaak aan bod. Dat gaat op voor Nederland, de V.S., Australië, en andere landen. Het patroon is steeds hetzelfde.

Als schrijfsters al aan bod komen, is het volgens tellingen vaak in kortere stukken, gepubliceerd op een minder prominente plek. Dat heeft gevolgen voor de leescultuur, en opvattingen over de status van iemand’s verhaal:

As Stella Executive Director Aviva Tuffield has noted, ‘the media is also reinforcing our ideas about which stories and voices are most important’. As a result, masculine experience becomes accepted as the default literary mode. […] There seems to be a perception that the work of male writers is serious and worthy (even when they deal exclusively with the domestic sphere), while the work of female writers (even when it is ambitious in style or scope) is dismissed as frivolous and less literary.

Om hier verandering in aan te brengen hoef je de straat niet op met een spandoek. Je hoeft alleen maar gericht boeken van schrijfsters te lezen, en te genieten van de vele inzichten, ervaringen en leefwerelden die je dan tegenkomt. En als je het boek goed vond, kun je dat laten weten aan anderen. Zodat die op hun beurt boeken ontdekken waar ze anders niet op waren gekomen.

Bij De Zesde Clan staan in ieder geval op de wensenlijst voor 2015:

  • De Vergeetclub van Tosca Nitterink
  • We Need New Names van Noviolet Bulawayo (Elizabeth Tshele)
  • Een Dwaze Maagd van Ida Simons. Een boek uit 1959 waarvan recensenten nu zeggen: ,,‘Zij werd vergeten, het boek werd vergeten. Totaal ten onrechte, alleen het begin al, als je die regels leest weet je dat je een heel goed boek in handen hebt.’’
  • Who’s Afraid of Feminism?, een collectie essays, samengesteld door Ann Oakley en Juliet Mitchell
  • Octopus Pie, een graphic novel van Meredith Gran
  • La Muerte Me Da van Cristina Rivera Garza – De samenvatting van ‘een thriller met een seriemoordenaar en twee vrouwen die jacht op hem gaan maken’ doet waarschijnlijk geen recht aan de gedurfde stijl en andere vernieuwende elementen die Garza volgens recensies gebruikt.
  • …….

Kortom, leve Lees Vrouwen 2015! Welke ontdekkingen ga jij doen volgend jaar? En als je leestips hebt horen we het natuurlijk graag. Want met zeven opties op het wensenlijstje hebben we nog maanden over als de boeken ‘op’ zijn.

Nieuwsronde

Eindelijk een man die pal staat voor vrouwenemancipatie! Hoera! Aan de andere kant ook  angstkreten als zouden kinderen zonder vader ontsporen. Niet dat dit door onderzoek gestaafd wordt. Maar wat geeft dat, als je stereotypen uit de jaren vijftig onderbouwing genoeg vindt. Dat en nog veeeeel meer in deze nieuwsronde.

Water halen is bijna overal vrouwenwerk.

  • De Verenigde Naties zouden toegang tot drinkwater moeten garanderen als een fundamenteel mensenrecht. Dat stellen diverse Belgische organisaties die zich bezig houden met thema’s rondom water. In veel landen moet je behoorlijk moeite doen om aan water te komen. Meestal zijn het de vrouwen die opdraaien voor dit werk. Dat leidt tot waterslavernij – vrouwen en meisjes die zoveel uren per dag kwijt zijn aan water halen, dat ze bijna nergens anders meer aan toekomen.
  • Hoera, een man die expliciet, in een landelijke krant, een lans breekt voor feminisme. Die wijst op dat wat veel feministen allang zeggen, namelijk dat de discussie zich in Nederland vaak beperkt tot vrouwen, zodat mannen net kunnen doen alsof het hen niet aangaat, en dat het nieuwe taboe lijkt te zijn dat je niet mag opkomen voor emancipatie. Daar moet scenarioschrijver Willem Bosch niets van weten: ,,Het is ironisch dat het nieuwe politiek correcte establishment zich zo druk maakt om de sharia, maar tegelijkertijd de wil van vrouwen om gelijkwaardig te zijn wegzet als hysterisch getrut. Zo lang dat gebeurt zijn mannen en vrouwen niet gelijkwaardig. Niet echt.” Inderdaad.
  • Kinderen belanden in de goot als er geen vader is!!! Die paniekkreet kreeg onlangs alle ruimte in Nederlandse kranten. Gelukkig publiceerde De Volkskrant ook een stuk waarin harde kritiek klinkt op het gebrek aan onderbouwing van zulke beweringen, de denkfouten uit het oorspronkelijke stuk, en de vele alternatieve verklaringen die veel meer hout snijden dan ‘pap is weg’. Zo speelt geldgebrek een zeer grote rol. En is pap soms juist het probleem.
  • Boeken geschreven door vrouwen? Meh, zei de Canadese universitair docent David Gilmour. Hij neemt ze niet op in zijn lessen want hij vindt literatuur van echte mannen beter. Okeeee….. zijn uitspraak leidde tot talloze reacties, een non-excuus van Gilmour, inclusief onterechte verwijten aan het adres van een journaliste, en persoonlijke actie van een universitair docente. Zij greep Gilmour’s seksisme aan om in eigen kring werk van schrijfsters te promoten. Als tegenwicht voor een cultuur die het volgende duidelijk maakt: ,,we live in a society that teaches people to value male thought, art, and leadership above female thought, art and leadership.” Dat betekent dat er nog bergen werk te verzetten zijn.
  • Student? Wil je ‘iets met gender’ doen als onderwerp voor je scriptie, werkstuk of essay? Ter gelegenheid van de Maand van de Student, oktober, stelde Bibliotheek Rosa een site samen vol nuttige tips. Je kunt je ook opgeven voor een gratis workshop Gender voor Dummies, op woensdag 23 oktober. Doen!
  • Het zou anno nu in beschaafde westerse landen toch mogelijk moeten zijn om als vrouw in het openbaar vervoer te reizen zonder seksuele intimidatie tegen te komen…? Helaas, nee. In Engeland heeft de politie echter een aanpak ontwikkelt om deze vorm van agressie effectiever te bestrijden. De eerste resultaten zijn veelbelovend.
  • Niemand kan volhouden dat er een gelijk speelveld bestaat voor mannelijke en vrouwelijke regisseurs. Dat maakt Variety duidelijk in een reportage over loopbanen, kansen en imago in Hollywood. Het artikel opent met de ervaringen van Catherine Hardwicke, die met Twilight 400 miljoen dollar binnenbracht, en daarna geen aantrekkelijke aanbiedingen kreeg. Ze mocht haar volgende film alleen regisseren als ze genoegen nam met minder salaris. Die gang van zaken is tekenend, blijkt uit de rondgang van het magazine. Gelukkig eisen steeds meer mensen verandering en ontstond er eerder dit jaar een nieuw fonds, dat zich speciaal richt op investeringen in films van regisseuses. Want geld vinden en vrouw zijn blijkt keer op keer een lastige combinatie. Gamechanger wil wat dat betreft verlichting geven.

Vooruitgang voor vrouwen betekent niet ‘het einde van de man’

Gezien het conservatieve klimaat in Nederland en de gretigheid waarmee opiniebladen en kranten artikelen over ‘het einde van de man’ in 2010 overnamen uit de Amerikaanse media, doet de Zesde Clan een voorspelling. Nederlandse uitgeverijen gaan hard aan de slag om een vertaling uit te brengen van een nieuw boek over het einde van de man. Het discourse van de auteur past namelijk bij allerlei conservatieve angsten dat mannen het onderspit delven zodra de invloed van vrouwen toeneemt.

De angst voor succes van vrouwen is overal zichtbaar. Mark Ridley benutte het podium van de Groene Amsterdammer al in 2003 om te speculeren dat mannen uitsterven nu vrouwen hen ‘blijkbaar’ niet langer nodig hebben. Oog, een tijdschrift van het Rijksmuseum, kwam bij het eerste nummer in 2010 ook al met een verhaal over het einde van de man. Want zijn oude rol van krijger en heerser  verdwijnt, zijn onaantastbare status brokkelt af, vrouwen worden steeds mondiger, kortom, verwarring en verval alom.

En nu is er in de V.S. een nieuw werk uitgekomen, een uitbreiding van een reportage in conservatief blad The Atlantic, die dit verhaal nieuwe impuls geeft. Volgens auteur Hanna Rosin van ‘The End of Men’ betekent winst voor vrouwen automatisch verlies voor mannen. Sterker nog, vrouwen domineren tegenwoordig! Mannen hebben geen idee meer hoe het verder moet! Alarm!!

Amerikaanse recensenten maakten gehakt van het boek. Het voornaamste argument: er blijft geen spaan heel van het verhaal dat vrouwen zouden domineren, zodra je naar de harde feiten kijkt. De top van het bedrijfsleven, van de politiek, van de kerken, zijn allemaal nog stevig in handen van mannen. Dat vrouwen vooruitgang boekten ten opzichte van honderd jaar geleden is heel fijn, maar doet niets af aan deze voortdurende machtsverschillen tussen de seksen. Dat is een vervelende waarheid die Rosin het liefste onder het vloerkleed verstopt:

The biggest problem with her pendulum theory is that it hasn’t even swung to halfway in many important respects, particularly at the top. She acknowledges this, and promptly dismisses the boring old statistics.

Het gaat dan ook niet om statistieken. Het gaat om emoties. Het klopt namelijk dat de privileges van mannen in toenemende mate onder vuur liggen. Het klopt dat dit voor mannen heel vervelend aanvoelt. Ze raken hun automatische bonuspunten kwijt. Dat levert angst op.

Het einde van de mannen is nabij!!! Je kunt er zelfs een button van kopen.

Onderzoekers kunnen die angsten op allerlei momenten in het verleden terugvinden. Zo gingen steeds meer vrouwen in de negentiende eeuw schrijven. Ze namen het woord. Dat kon niet, de weerstand tegen boeken van vrouwen was enorm:

Ik heb mijn steentje willen bijdragen door een beschrijving te geven van de ruimte die schrijvende vrouwen in de eerste helft van de negentiende eeuw toegewezen kregen en van de middelen die werden gebruikt om het hiërachische systeem in stand te houden: hoe tegenbewijzen tot uitzonderingen werden verklaard, welke oogkleppen men kon opzetten, hoe schijnbare tegenstrijdigheden door ‘androgynie’ konden worden opgelost. Het is te simpel van een complot te spreken, en het zou ook onzin zijn een schuldvraag te stellen. Belangrijker is de vraag hoe het werkt. Foucaults stelling in De orde van het spreken luidt verder dat men de macht van het spreken wil controleren, selecteren, organiseren en herdistribueren met een bepaald doel, namelijk om de machten en gevaren ervan te bezweren. Als de inspanningen die in de negentiende eeuw werden verricht om vrouwen een geheel of gedeeltelijk spreekverbod op te leggen inderdaad een graadmeter leveren voor de omvang van de angst dat de vrouwelijke stem zou moeten worden gehoord, kan men slechts concluderen dat de angst voor vrouwen enorm was.

De negentiende eeuw, mensen. Niets nieuws onder de zon.

Nog steeds krijgen mensen er van langs als ze de mannelijke privileges kritisch onder de loep nemen. Volstrekt voorspelbare boze, verwarde, vijandige reacties volgen dan. De angst voor verandering moet je bespreekbaar maken. En dan het liefste op een serieuze manier. Want het zou goed zijn als mannen na gingen denken over de manier waarop zij, anno 2012, deel willen nemen aan de maatschappij:

Just as the feminine mystique discouraged women in the 1950s and 1960s from improving their education or job prospects, on the assumption that a man would always provide for them, the masculine mystique encourages men to neglect their own self-improvement on the assumption that sooner or later their “manliness” will be rewarded. […] …just as the feminine mystique exposed girls to ridicule and harassment if they excelled at “unladylike” activities like math or sports, the masculine mystique leads to bullying and ostracism of boys who engage in “girlie” activities like studying hard and behaving well in school. […] Contrary to the fears of some pundits, the ascent of women does not portend the end of men. It offers a new beginning for both.

Dus, mannen, neem eens een kijkje bij Men Engage, of het Plan voor de Man. Verdiep je in discussies over positief omgaan met de culturele en sociale veranderingen, mannelijkheid en wat dat kan betekenen. Neem eens een kijkje bij wat feministen te zeggen hebben over gender. Denk na over de verandering die je zelf in de praktijk wil bewerkstelligen. Er valt genoeg te doen.

Literatuur is voor blanke mannen

Wat een verrassing. Vlak na de bijna geheel uit mannen bestaande jury, die alleen mannelijke auteurs nomineerde voor de Libris Literatuurprijs, komen nu de opiniebladen die de boekenweek vieren. Dat doen ze met de focus op mannen en hun werk. Het gaat om de broeders en hun brouilles, en De Groene Amsterdammer verbeeldt het boekenweekthema van de vriendschap met een tekening van twee jongens. Geen wonder dat het achter dit soort covers wemelt van mannen en hun boeken.

Dit is niks nieuws. Vorig jaar signaleerde de Zesde Clan bijvoorbeeld al dat de jaarlijkse VN Detective en Thrillergids een feestje was van mannen die het werk van andere mannen de hemel in prezen. Dat door vrouwen geschreven boeken prima verkopen in Nederland, maakt niet goed dat vrouwelijke auteurs afwezig zijn bij het toekennen van lauwerkransen en prijzen, want:

Schrijvers die niet worden bestudeerd, die op scholen en universiteiten niet worden onderwezen, belanden uiteindelijk in de prullenbak van de geschiedenis. Vrouwelijke schrijvers lopen dat risico nog altijd vaker dan mannen.

Ook internationaal is het beeld dat mannelijke auteurs veel meer aandacht en prestige toegekend krijgen dan vrouwelijke auteurs. Mannen schrijven kritieken over mannen, mannen schrijven de Grote Amerikaanse Roman, en de uitzondering (zoals tijdschrift Granta) bevestigt vooral de regel.

Dat heeft gevolgen voor de boeken die boven komen drijven als ‘de beste’en ‘het meest vernieuwend’. Waar de mannelijke visie de norm is, wijkt de rest af. Allochtonen, vrouwen, ze hebben niet dezelfde impact als de dominante stem van de blanke man. Schrijfsters zoals Jeanette Winterson voelen dat haarscherp aan, bijvoorbeeld bij romans die een autobiografisch element bevatten:

Let’s not call this “sexism.” Let’s call it an “asymmetrical judgment” between men and women. If Henry Miller writes “Tropic of Cancer” and calls the hero “Henry Miller,” he’s still allowed to say these are novels, and none of the guys question it. Because a man is allowed to be bigger. A woman isn’t. She can only possibly talk about herself. [..] Paul Auster, Henry Miller, Milan Kundera, any of those writers who quote themselves directly, Philip Roth, for God’s sake! We all say, “That’s so great! That’s so interesting!” But if you do that as a woman, it becomes confessional and autobiographical.

Bekentenisliteratuur, beperkt tot de eigen persoonlijke levenssfeer, dat is de nette vertaling van oordelen zoals bijvoorbeeld de jury van de Gouden Strop die vorig jaar nog velde. De jury wees schrijfsters af omdat het in hun boeken vooral zou gaan om relationeel gedoe, zieleroerselen van onevenwichtige dames. En de Ako Literatuurprijs wees schrijfsters af omdat het in hun romans vooral zou gaan om kleine persoonlijke wissewasjes. Ook hier gingen de nominaties naar louter mannelijke auteurs, en ook hier is het geen toeval dat vrouwen buiten de boot vallen omdat hun boeken niet groots en meeslepend genoeg zouden zijn.

De Zesde Clan gelooft niet in toeval. We doen een klemmend beroep op redacties om eens goed na te gaan vanuit welke normen en waarden zij komen tot onderwerpen als ‘broeders en hun brouilles’. Waarom ze het begrip ‘vriendschap’ als vanzelfsprekend verbeelden  als twee jongens. En niet twee meisjes, of iets anders. Ze zouden er zomaar achter kunnen komen dat het bij dit symbolische en universele eigenlijk gaat om het mannelijke. Met die focus, die zogenaamd alleen draait om kwaliteit, sluiten ze de helft van de bevolking buiten. Dat kan nooit de bedoeling zijn.

Téa Obreht wint Orange prijs 2011

Emma Donoghue leek de gedoodverfde winnaar met haar boek Room, maar de Orange prijs 2011 ging uiteindelijk naar de relatief onbekende Téa Obreht. Haar boek The Tiger’s Wife is nog niet vertaald in het Nederlands maar ligt in de Engelse versie vanaf juli op de tafels in de boekwinkels.

Obreht vertelt in The Tiger’s wife een verhaal waarin de oorlog op de Balkan en de ontsnapping van een tijger uit een dierentuin op magisch-realistische wijze met elkaar in verband staan. Ze wint met het boek een sculptuur en een prijs van 30.000 pond. Uit het juryrapport:

“The book reminds us how easily we can slip into barbarity, but also of the breadth and depth of human love. Obreht celebrates storytelling and she helps us to remember that it is the stories that we tell about ourselves, and about others, that can make us who we are and the world what it is.”

Naipaul voelt zich ver verheven boven schrijfsters

Jane Austen? Romantische troep schreef ze, en V.S. Naipaul kan niks met haar werk. Maar het gaat niet alleen om Austen. Het literaire boegbeeld vindt dat geen enkele schrijfster bij hem in de schaduw kan staan. Zodra hij een paar zinnen leest, weet hij al of de tekst geschreven is door een man of een vrouw, want de vrouwen kenmerken zich door sentimenteel geneuzel. Oh, en over zijn voormalige uitgever, een vrouw, heeft Naipaul ook al geen goed woord over. Tot zover Naipaul in een interview van de Royal Geographic Society over zijn leven en werk.

Internet staat vol met het nieuws van zijn boude uitspraken, en zelfs een instituut als de New York Times reageerde op zijn uitlatingen. In de Engelstalige literatuur geldt V.S. Naipaul namelijk als een levend monument, en wat hij zegt heeft impact. Die invloed gebruikte hij deze keer om vrouwelijke auteurs af te kraken:

The author, who was born in Trinidad, said this was because of women’s “sentimentality, the narrow view of the world”. “And inevitably for a woman, she is not a complete master of a house, so that comes over in her writing too,” he said. He added: “My publisher, who was so good as a taster and editor, when she became a writer, lo and behold, it was all this feminine tosh. I don’t mean this in any unkind way.” (zie voor de Nederlandse vertaling dit artikel in NRC Handelsblad)

Zijn voormalige uitgever, Diana Athill, heeft inmiddels laten weten dat ze de opmerkingen van Naipaul niet serieus neemt. De Guardian publiceerde daarnaast meteen een test zodat iedereen zelf kan kijken wat er gebeurt als je tien tekstfragmenten op een rij zet. Kun je inderdaad met een paar zinnen al correct inschatten of de auteur een man of een vrouw is? Neem hier zelf de proef op de som. Een journalist van Slate probeerde het al en faalde jammerlijk. Net als deze Nederlandse blogster: twee van de tien goed.

Blijft over waarom Naipaul er zo op gebrand is vrouwelijke auteurs af te kraken. The Guardian en Diana Athill houden het erop dat Naipaul gewoon een ruziezoeker is, die na slepende conflicten met andere auteurs nu een vers doelwit zoekt om vuil te spuien. Internetmagazine Salon.com heeft echter een andere interpretatie. Het blad kan zich niet onttrekken aan het s-woord: seksisme. Wat Naipaul zegt is namelijk totaal niet uniek of origineel. Hij is slechts het meest recente voorbeeld van een mentaliteit die Joanna Russ jaren geleden al volledig fileerde in haar boek Andere Levens, andere Letteren. Salon:

Let’s forget for a minute the millennia of restrictions that made a life of letters impossible for almost all women throughout history. Ignore the questions of whether women have had equal opportunity to write important books, and get right to the heart of Naipaul’s assertion — that they’re incapable of doing it. Because what he’s really getting at is a persistent attitude that runs rampant not just in the arts but in business, in sports, and anywhere men and women congregate: that the feminine is automatically unimportant and inferior.

Naipaul kan dus wel beweren dat zijn opmerkingen ‘niet onvriendelijk’ bedoeld waren, maar hij moet zelf ook doorhebben dat hij dan liegt dat hij barst. Zijn uitspraken zijn zo vijandig als wat. Het is precies dit soort haat waar vrouwelijke auteurs tot op de dag van vandaag last van hebben, een voorbeeld van de vooroordelen waardoor hun werk structureel minder waardering krijgt dan dat van mannen. Fijn dat Naipaul daar weer even de aandacht op vestigt.

Monopolie schrijvers kan omslaan met wat gerichte aandacht

Status verkrijgen door een boek te publiceren is nog steeds voornamelijk voorbehouden aan blanke mannelijke auteurs. Zij krijgen de meerderheid van de recensies in gezaghebbende bladen, de opdrachten om te schrijven voor de gezaghebbende media, en domineren op die manier het publieke domein. Dat blijkt uit recent onderzoek naar de situatie van schrijfsters in de Engelstalige literaire wereld. Het kan ook anders. In Nederland slaat onder andere uitgeverij Artemis een andere weg in. En Engelse kranten wisten de monocultuur van blanke mannen te doorbreken door beter na te denken over hun aanpak.

Meer lezen over dit onderwerp? Dit boek is een goede keuze.

Eerst maar even het deprimerende nieuws, dan hebben we dat gehad. Zowel in Engeland als in de Verenigde Staten gaat driekwart van alle aandacht naar blanke mannelijke auteurs. Zij krijgen de recensies, en in eveneens driekwart van de gevallen was de recensent ook een man. Negatieve uitschieter is de New York Review of Books: hier verdwijnen vrouwelijke auteurs en recensenten helemaal uit het zicht. Maar liefst 83% van de bijdragen is een door een man geschreven bespreking van het werk van een man.

In het Nederlandstalige gebied is de situatie niet veel anders. Mariët Meesters constateert dat vrouwen statistisch gezien minder nominaties krijgen dan je op grond van hun aandeel in publicaties mag verwachten. Als ze al genomineerd zijn maken ze minder kans om te winnen. Ook merkt ze een toename van vooroordelen: mannen die zeggen dat vrouwen helemaal niet schrijven, of beweren dat vrouwen voornamelijk voor andere vrouwen schrijven, in hun eigen roze gekleurde niche markt. Ook in België laten studies zien dat schrijfsters veel meer moeite moeten doen om aan de bak te komen.

Verklaringen te over voor dit fenomeen: ontbreekt het de schrijfsters aan zelfvertrouwen? Of is het een gevolg van ingesleten normen en waarden, waarin een boek van een man automatisch hoger gewaardeerd wordt dan dat van een vrouw? De commentatoren bij een artikel in de Guardian denken dat dit laatste een grote rol speelt. Ze vergeleken onder andere romans van Dan Brown met Sophie Kinsella. In beide gevallen populaire boeken met bordkartonnen personages en onlogische verwikkelingen, maar Brown krijgt de recensies terwijl Kinsella hooguit genoemd wordt in reportages over chicklit. Hmmm…..

Dan zijn er nog de op de persoon gerichte vooroordelen. Niet alleen Mariët Meesters wijst daarop, het probleem kwam ook duidelijk naar voren in 2007, toen het Libris rapport de bijdragen van vrouwen massaal afserveerde als lichtgewicht. Auteur Herman Stevens nam deel aan een debatavond naar aanleiding van dit schandaal, en vat de situatie kort samen:

Er (wordt) in onze literatuur nog steeds met twee maten wordt gemeten. Terwijl een man zich nooit hoeft te rechtvaardigen als hij een boek de wereld instuurt, moeten vrouwelijke schrijvers allerlei vooroordelen overwinnen. […]  Schrijfsters zijn al gauw “lichtgewicht” en schrijven over “kleine persoonlijke wissewasjes en relatieproblemen al dan niet eindigend in moord of een cursus”.

Kortom, het literaire klimaat pakt anders uit al naar gelang je geslacht. Ben je een man dan is het klimaat warm en zonnig, vol schouderklopjes. Ben je een vrouw dan regent het en heb je te maken met gure tegenwind.

Kan het ook anders? Ja. In Nederland richt uitgeverij Artemis zich specifiek op schrijfsters. Met groot succes: ‘Haar naam was Sarah’ van Tatiana de Rosnay was in 2010 het best verkopende boek in Nederland. Het boek kwam dankzij Artmis beschikbaar voor Nederland, en met dit verkoopsucces kan de uitgeverij vrouwelijk talent verder koesteren en publiceren.

In de Engelstalige wereld weten literaire bladen soms ook uit het blanke mannen patroon te breken. De kranten Guardian en Observer plaatsten recensies die in bijna gelijke verhoudingen geschreven waren door mannen en vrouwen. De gerecenseerde boeken kwamen in ruim zestig procent van de gevallen van een mannelijke auteur, maar dat was beter dan de 83% van de New York Review. Dit positievere beeld is het gevolg van bewust beleid:

The Observer’s literary editor, William Skidelsky, said that it would be “unduly rigid” to attempt to enforce “a strict 50/50 division of genders on the Observer’s books pages”, but added that he does “try to ensure each week that there is a decent male-female spread in terms both of the authors we cover and the people we get to review them”.

Zo kan het dus ook. Het laat zien dat de scheve verhoudingen met bewustwording en wat aandacht in geen tijd te verbeteren zijn, en dat vrouwen meer kansen krijgen naarmate mensen beter inzien welke automatismen ze hanteren bij het kiezen van auteurs en recensenten. Hopelijk gaan meer media en uitgeverijen deze goede voorbeelden volgen.

De risico’s van het eenzijdige verhaal

Ok, je moet er even twintig minuten voor uittrekken. Maar deze lezing van de Nigeriaanse auteur Chimamanda Ngozi Adichie is heel erg de moeite waard. Ze spreekt over haar ontwikkeling als schrijfster en de invloed van het literaire klimaat waarin ze opgroeide. Wat doet het met een zwarte vrouw als alle verhalen gaan over blanke mannen in een ver buitenland, bijvoorbeeld? Of als Afrika alleen aan bod komt in termen van honger en oorlog? Hoe vind je dan je eigen stem? Met veel humor en persoonlijke anecdotes behandelt ze belangrijke thema’s als identiteit, beeldvorming en macht – en hoe je je eigen weg kunt vinden. Geniet ervan!