Tag Archives: jaren vijftig

NRC keert terug naar de jaren vijftig

Ok, de volgende premier van Engeland is een vrouw – de tweede na Thatcher. Geweldig, maar waarom levert dat extra veel stuitend seksisme op bij het NRC? In welk soort kramp schoot de redactie toen de naam Theresa May viel? In zin 1 van een stuk over de nieuwe vrouwelijke premier schrijft NRC: ”In de keuken is ze wilder dan als politicus”. Onder een kop die kwalificaties uitdeelt van het type ”ijzig”. Ooit zo een mannelijke premier geïntroduceerd gezien?

Het is duidelijk: Theresa May mag wél de puinhopen van de blanke mannelijke Brexit-leiders opruimen, maar ze hoeft niet te rekenen op een neutrale pers. Ze moet de klus klaren in een seksistisch klimaat. Waarbij onder andere NRC terugkeert naar de jaren vijftig. De krant had ervoor kunnen kiezen om te negeren wat anderen schreven over May’s kookkunsten, of schoenen (naaldhakken!) of kwalificaties als ”ijzig”, omdat enige andere voorbeeld Thatcher is. Maar nee. Het herhalen van seksistische etiketten is blijkbaar te verleidelijk voor de redactie. Ik snap het wel hoor. May is een vrouw! Ze heeft borsten! Argh!

Vanwaar die verkrampte houding? Harvard deed onderzoek en kwam tot de volgende conclusies. Bij ‘leider’ of ‘manager’ denken wij mensen onbewust automatisch aan een (blanke) man. Zolang alles goed loopt voelen we geen noodzaak iemand vanuit een andere groep in het zadel te hijsen. Die urgentie ontstaat pas als de boel spaak loopt. Op dat moment van crisis – de partij dreigt uit elkaar te vallen, het bedrijf staat op de rand van faillissement – willen we iets anders proberen.

Opeens ontstaat dan ruimte voor een vrouw, een man met een gekleurde huid of, wow, een vrouw met een gekleurde huid. Zodoende kozen mensen in een experiment bij een succesvolle onderneming in 67% van de gevallen een mannelijke leider. Kregen ze echter een scenario waarbij de situatie totaal mis was gelopen, dan wilde 63% opeens een vrouw aan het roer.

Wat doe je als vertegenwoordiger van een gediscrimineerde ”minderheid”? Je kunt de topbaan weigeren, zo van ‘het risico op mislukking en persoonlijke schade voor mezelf is te groot’, maar waarschijnlijk komt er nooit meer een ander aanbod om ergens leider te worden. Dus doe je het. Vervolgens heb je niet met een glazen plafond te maken, maar met een glazen klif.

Misschien lukt het je om het tij te keren, maar de kans is groot dat je kapot valt op de messcherpe scherven. Hoe dan ook, na de val van de vrouw of nadat ze wonder boven wonder de boel redde, keren we automatisch terug naar de ”normale” situatie. De vrouw krijgt vaak een opvolger in de persoon van een (blanke) man. Het is weer business as usual. Tot de volgende crisis. Met één constante: het gezeur over het kapsel, de kleding, het stemgeluid en de al dan niet aanwezige kookkunsten van vrouwen die iets bijzonders ondernemen. Tot na de dood aan toe. Wanneer kan dat ophouden? NRC?

UPDATE: Cameron gaat, Theresa May arriveert, en Larry de kat blijft gewoon op Downing Street 10 als het officiele Hoofd Muizenvanger van het land. Hoera!

Groot wil terug naar de Vader als belichaming van de Wet

Moderne vaders hoeven van filosoof Ger Groot niet helemaal terug naar de jaren vijftig, maar ze moeten wél afstandelijk blijven en de Wet belichamen. Eigenlijk een beetje zoals in de jaren vijftig. Dat bepleit hij in een groot artikel in dagblad Trouw. De kern van zijn verhaal:

Natuurlijk, zijn dagindeling en zijn werkschema zullen wat anders zijn ingevuld, hij loopt wat vaker achter de kinderwagen en heeft ontdekt dat het verschonen van de luiers eigenlijk een heel prettige bezigheid kan zijn. Maar de taak die hij in de opvoeding te vervullen heeft is niet wezenlijk veranderd. Of hij wil of niet, moet hij de Wet durven zijn en durven stellen. Dàt maakt hem tot vader: onmiskenbaar, onverzettelijk, en in die zelfopgelegde (zelfs voor hemzelfs soms pijnlijke) distantie achtens- èn beminnenswaard.

Groot komt tot deze stelling in een tekenkrommend verhaal vol cliché’s. In dat verhaal, niet gestaafd met enige feiten of wetenschappelijk verantwoord onderzoek, heeft hij het erover dat de feministen het allemaal verkeerd begrepen hebben. Bovendien doen eenoudergezinnen het slechter dan gewone gezinnen. Vaak staat er een moeder aan het hoofd van dat eenoudergezin, dus lepelt Groot al snel de onbewezen conclusie op dat de gezinnen het slecht doen omdat er geen vader is. En dat heeft echt niks te maken met armoede, veroorzaakt door lage uitkeringen en weggelopen vaders die geen alimentatie willen betalen. Plus een meerderheid wil als heterostel kinderen krijgen. Dus zie je wel, een klassiek gezin met de vader als Autoriteit is beter.

Over de vader zelf ook niks dan cliché’s. Vroeger verdienden ze de kost en waren ze streng, zodat moeder lief kon zijn. In de jaren zestig ging het compleet mis. Toen moesten vaders opeens hun zachte kant ontdekken en probeerden ze maatjes te zijn, hun kind als beste vriend en dan lekker samen tegen de autoriteit van de moeder ingaan. Dat werkte ook niet, dus hopla, niet terug naar de jaren vijftig maar toch eigenlijk ook weer wel. Pap mag dan wel af en toe een luier verschonen, voor de rest is het beter als hij weer de afstandelijke autoriteit wordt.

Mijn hemel. Waarom besteedt Trouw zoveel letters aan dit soort cirkelredeneringen en ongefundeerde prietpraat? Wat maakt dat Groot kiest voor zo’n afstandelijke vader? Wat moeten we met zo’n beeld van de man? De commentatoren hadden ook door dat ze hier ouderwetse troep lazen. Op het moment van schrijven noemt de eerste commentator meteen Adam, Eva, de rib en de oeroude, zogenaamd natuurlijke rangorde. Andere commentatoren reageren op het stuk door te zeggen dat Hollandse mannen niet voor niets de blik naar Azië verleggen. Daar zijn de vrouwtjes tenminste nog gedwee en kan de Hollandse man zijn door de natuur voorbestemde rol pakken.

Gelukkig is daar ook nog ene Marjan uit Nijmegen. Zij schrijft:

ik wil best gedwee een man volgen, koffie voor hem zetten, het huishouden voor hem doen en zorgen dat ik er mooi blijf uitzien. Maar dan verwacht ik ook dat hij het geld voor mij verdient, mij naast het huishoudgeld ook een ruime maandelijkse toelage geeft voor kleren e.d., alimentatie betaald als hij er vandoor gaat (ik heb immers mijn carriere opgeofferd voor hem), de klusjes in huis doet, de auto onderhoud en de fietsbanden plakt. Maar waar vind je zo’n man nog tegenwoordig? Oh ja, hij moet er ook nog een beetje goed uitzien natuurlijk.

Het enige wat blijkt uit het artikel van Groot en de reacties op het stuk, is dat de verhouding tussen mannen en vrouwen aan het verschuiven is. Dat roept altijd onzekerheid en onbehagen op. Maar dat onbehagen los je niet op door stiekem toch via de achterdeur te pleiten voor een terugkeer naar de oude rolpatronen. Met vader als heer der schepping en gebieder over alles, de man die op zondag het vlees komt snijden. De spanningen veroorzaakt door dat traditionele gezinsideaal leverde boeken op zoals The Feminine Mystique, en veroorzaakte een eerste, tweede en derde feministische golf. 

Wat toen niet werkte, gaat ook nu niet werken. Sorry, Groot, we leven in 2010. Mannen komen van aarde. Vrouwen komen van aarde. Alles is in beweging. Wen er maar aan.