Tag Archives: Imperial War Museum

Kunstenaars aan het front

Een man en een vrouw zitten dicht bij elkaar. Zij geeft hem een vuurtje zodat hij kan roken. De omgeving is in duisternis gehuld. Het enige licht komt van de lucifer. Het vlammetje werpt een warm schijnsel op hun gezichten. Het ziet er knus uit. Totdat je beseft: hij ligt op een brancard en draagt een uniform. Zij is verpleegster. Het is de eerste wereldoorlog en dagelijks sterven duizenden mensen.

Olive Mudie-Cooke’s schilderij In an Ambulance is één van de werken die het Imperial War Museum in Londen tot 8 januari 2012 toont in de expositie Women War Artists. Heb je plannen voor een bezoek aan Londen, dan loont het de moeite hier ook even langs te gaan. Lukt dat niet, dan is er niks aan de hand. Het museum bracht een prachtig boek uit, Women War Artists van Kathleen Palmer, en dat kun je gewoon via internet bestellen.

De Zesde Clan bezocht de expositie vorige week en werd getroffen door de indrukwekkende beelden. De expositie telt vier zalen. Dat lijkt niet veel, maar toch waren we ruim een uur zoet. Sommige schilderijen en tekeningen zijn zo heftig dat je er gerust een kwartier naar kunt kijken. Zoals ‘Human Laundry’ van Doris Zinkeisen. Zij was erbij toen het Britse leger concentratiekamp Bergen Belsen bereikte. De soldaten dwongen Duitse artsen en verpleegkundigen om de overlevende gevangenen te verzorgen. Zinkeisen schilderden hen terwijl de Duitsers de weggeteerde mensen wasten.

Andere bijdragen zijn veel kleiner en verstilder, maar daarmee niet minder heftig. Zo hangt in een vitrine een rouwkrans, gemaakt van allemaal verschillende witte handschoenen. Vrouwen droegen dit soort handschoenen van dun leer of kant in de jaren twintig, bijvoorbeeld tijdens hun huwelijk. Maar er sneuvelden zoveel mannen in de eerste wereldoorlog, dat talloze vrouwen hun verloofde nooit meer terugzagen, of geen man vonden om mee te trouwen. Met ‘Pale Armistice’ wil kunstenares Rozanne Hawksley aandacht besteden aan het stille verdriet van al die anonieme vrouwen.

Zowel de expositie als het boek gaan ook in op de context waarin vrouwen hun werk moesten doen. Vanwege hun sekse waren en zijn vrouwen onderworpen aan allerlei beperkingen. Zo stond de marine Linda Watson in 1982 niet toe op een oorlogsschip mee te varen naar de Falkland eilanden. De officieel door de regering aangestelde oorlogskunstenares moest het leger achterna varen in een civiel schip. Eigenlijk mocht ze zich ook niet aan de frontlinie begeven, maar dat verbod lapte ze aan haar laars. Ze trok met de Engelse troepen op naar alle eilanden waar Engeland oorlog voerde met Argentinië, en maakte onder gevaarlijke omstandigheden schetsen en tekeningen.

De beperkingen zorgden ervoor dat de oorlogskunstenaressen andere thema’s behandelden dan hun mannelijke collega’s. Minder directe beelden van de strijd, en juist meer over de verzorging van gewonden, achtergelaten verwoestingen, burgers in nood. De opgeworpen obstakels zorgden er ook voor dat de kunstenaressen een onafhankelijke positie hadden. Omdat ze minder officiële opdrachten kregen, moesten ze vaker in hun eentje op pad gaan, los van het leger of de overheid.

Ze hoefden zich daardoor ook niet te houden aan de officiële propaganda. Dat leverde soms wrijving op tussen overheid en kunstenaar. De Britse regering wilde soldaten graag zien als stoere mannen van de actie, of heldhaftige martelaren voor de goede zaak. Dan valt het niet zo goed als iemand als Eleanor Hudson soldaten afbeeldt die lekker zitten te relaxen in een militaire kantine. Of Evelyn Dunbar die fijntjes duidelijk maakt dat de burgerbevolking weinig te eten had vanwege diezelfde heldhaftige oorlog.

Enfin, mooi boek, belangrijke expositie. Aanbevolen!

Proces in Nüremberg, Laura Knight.