Tag Archives: Hollaback

Amsterdam overweegt lokale boete tegen straatintimidatie

De Amsterdamse afdeling van de VVD wil vrouwen naroepen op straat beboeten met 250 euro. Dat meldt het Parool. De initiatiefnemers van een petitie tegen straatintimidatie, waaronder journaliste Renate van der Zee, krijgen hiermee een steuntje in de rug. Zij willen 40.000 handtekeningen ophalen, zodat straatintimidatie op de agenda komt van de landelijke politiek. Dat zou moeten leiden tot een wet om intimidatie in de openbare ruimte strafbaar te stellen. Teken de petitie! De teller staat inmiddels ruim boven de 12.000.

In afwachting van landelijke strafbaarstelling zou een lokale boete welkom zijn. De Amsterdamse politiek sprak volgens Het Parool twee jaar geleden ook al over de nare ervaringen die met name vrouwen opdoen als ze zich op straat wagen. Niemand kon meer achterhalen wat er in die tijd precies gebeurde met de kwestie. Het leidde in ieder geval niet tot maatregelen. Nu een petitie voor een landelijke strafbaarstelling de ronde doet, pakt de VVD-fractie de zaak weer op.

Elders hebben steden straatintimidatie al strafbaar gesteld. Zo deelt Brussel sinds 1 september 2012 een boete van 250 euro uit voor seksuele intimidatie in openbare ruimtes. De stad geeft daarmee een duidelijk signaal af: dit gedrag wordt niet getolereerd. Ook de Amerikaanse plaats Kansas City staat op het punt lokale wetten tegen straatintimidatie aan te nemen. Overtreders van de in te stellen regels kunnen een boete krijgen, of 180 dagen cel bij ernstige agressie.

In Nederland is het nog niet zo ver. Straatintimidatie ‘mag’. Mensen weten dit. Daders gaan ongestoord hun gang. Doelwitten van de intimidatie melden incidenten niet, want de politie kan er niks mee, omdat het niet strafbaar is. Zodoende weet niemand hoe vaak dit voorkomt en kunnen mensen blijven zeggen: ‘wat zeuren die vrouwen, het gaat nergens over’. Zodat er weinig urgentie gevoeld wordt de zaken aan te pakken. Kip, zie ei. Ei, zie kip.

Ondertussen woekert de agressie maar door:

Een tijdje geleden ging ik naar avondwinkel Sterk in de De Clerqstraat om crushed ice te halen. Toen ik daarna mijn fiets ging pakken, werd ik psychologisch aangerand door een clubje – om het maar op zijn ouderwets te zeggen – opgeschoten jongens. Allochtone jongens. ‘Eeeeh meisje, eeeh trutje. IJsbeertje, pssst ijsbeertje. HOER!’

Zulke uitwisselingen maken duidelijk dat het niet gaat om onschuldig flirten of meisjes een compliment geven. Het gaat om situaties waarbij mannen, meestal optredend in groepjes, machogedrag vertonen ten koste van een willekeurig voorbijlopende vrouw of meisje. En o wee als je ‘ongepast’ reageert, zulks ter beoordeling van de man. Dan kun je ‘m krijgen. Hoog tijd voor een Nederlandse variant van Hollaback.

Openbaar vervoer blijft mijnenveld voor vrouwen

Zes mannen slaan vrouw in elkaar. Zomaar een berichtje in De Volkskrant. Volgens de leverancier van het nieuws, persagentschap ANP, zat de vrouw op vrijdagavond in een bus. Twee mannen van rond de 25 spraken haar aan. Er volgde een discussie en nadat de vrouw uitstapte kreeg ze het duo achter zich aan. De mannen kregen hulp van vier maten, begonnen te slaan en bleven slaan, ook toen ze al op de grond lag. De vrouw wist uiteindelijk te ontsnappen. De politie heeft tot nu toe nog niemand aangehouden. Typisch een geval van Schrödingers Aanvaller...

Campagne in de V.S.

Zomaar een berichtje, maar als vrouw slaat de schrik je om het hart. Velen, zeer velen van ons, komt dit scenario bekend voor. Het is op z’n minst een schrikbeeld.  Of we hebben al varianten meegemaakt van dit verhaal. Het blijft opvallend hoe snel in het openbaar aangesproken worden door onbekende mannen uitdraait op explicietere vormen van agressie. ‘Heej mooie benen, heej, heej meisje, zeg eens wat, lach eens, verdomme, KUTHOER!!!!’ Dat genre. Soms blijft het bij schelden. Soms niet.

Onderzoek wijst uit dat vrouwen vaak last hebben van onbekende mannen die hen aanspreken in openbare ruimtes. In alle definities van het woord staat centraal dat je elkaar niet kent, maar dat de een toch vindt dat hij de persoonlijke ruimte van de ander mag claimen. In Londen maakt vier op de tien jonge vrouwen dit regelmatig mee – en waarschijnlijk onderschat die enquete het probleem. Vandaar dat de politie inmiddels een speciaal project opzette om het openbaar vervoer voor vrouwen minder te laten lijken op spitsroeden lopen. Vandaar dat we in 22 landen de organisatie Hollaback kennen.

Dat zogenaamde ‘gezellig aanspreken, niks aan de hand toch’ is op zich al schadelijk:

catcalls, wolf-whistles and groping – persistent, unsolicited intrusions into your personal space – are not only irritating and upsetting, but really damaging to women and girls’ self-esteem.

Bovendien loopt de situatie te vaak uit de hand. Het begint met fluiten of hoi zeggen, en het eindigt in 20 procent van de gevallen in een aanval, bleek uit een onderzoek van Stop Street Harassment onder 811 vrouwen. Bij gebrek aan wetenschappelijke belangstelling voor het onderwerp zijn dat zo’n beetje de beste gegevens die we hebben. Voor de rest zijn het anecdotes over persoonlijke ervaringen. Ook dat is een probleem, maar dat moet wachten tot een volgende blogpost.

Kortom, in plaats van Schrödingers Rapist (zie ook hier voor meer uitleg over dit begrip) hebben vrouwen op straat en in het openbaar vervoer te maken met een variant, namelijk Schrödingers Aanvaller. Je zit in trein, bus of tram. Of je loopt op straat. Een man spreekt je aan. Dat is Schrödingers Aanvaller. Want je kent hem niet. Als hij je aanspreekt weet je niet precies of die persoon je grenzen zal respecteren, of dat het praatje een voorbode is van geweld.

Het ANP-bericht lijkt een geïsoleerd incident, maar dat is het hoogstwaarschijnlijk niet. De hele gang van zaken riekt naar een gevalletje Schrödingers Aanvaller, dat toevallig de krant haalde. Het topje van de ijsberg.

Seksuele intimidatie is zaak voor mannen

Mannen, wat gaan jullie doen om seksuele intimidatie van vrouwen te voorkomen? Als je in een ziekenhuis werkt en je bent erbij als een arts ongepaste opmerkingen maakt tegen een co-assistente, zeg je daar dan wat van, of kijk je de andere kant uit? Als een vrouw die een tijdschrift leest in het openbaar vervoer, lastig gevallen wordt door een medepassagier, zeg je daar iets van of denk je dat een frisdrankreclame het goede voorbeeld geeft? Als je vrienden over vrouwen praten in termen van chickies en ‘vette memmen’, zeg je daar wat van, of vind je dat wel grappig?

De mannelijke sekse is grootleverancier van seksuele intimidatie. Neem het meest recente voorbeeld. Een onderzoek naar de ervaringen van co-assistenten. Die krijgen massaal te maken met ongewenste opmerkingen (50 procent), ongewenst lichamelijk contact (27,5 procent) en ongepaste opmerkingen over hun uiterlijk (66,5 procent). In 93,4 procent is de dader een man. Een man die veelal ook nog eens een autoriteitspositie ten opzichte van de co assistente inneemt. Hij bepaalt bijvoorbeeld of zij voor dit studie onderdeel slaagt of zakt.

Ook op straat en in het openbaar vervoer zijn het veelal mannen die vrouwen nafluiten, naroepen of zelfs ongewenst betasten. In Nederland proberen mensen hier en daar aandacht te vragen voor deze problematiek. Die dappere zielen worden massaal weggehoond. Dat is toch vleiend, die aandacht van mannen? Een compliment? Die smoes valt moeilijk vol te houden als je registreert wat er precies gebeurt, en hoe snel roepen uitloopt op agressie.

In landen om ons heen begint eindelijk een discussie op gang te komen. In België legde een filmstudente bijvoorbeeld in woord en beeld vast wat ze zoal meemaakte op een rondje door de stad. En richtten vrouwen afdelingen van Hollaback op, onder andere in Gent. Dat zouden we in Nederland ook moeten doen. Waarbij mannen een centrale plaats innemen.

Mannen aanspreken op hun gedrag werkt. In Engeland lukte het om een daling van dertig procent van het tot dan toe bekende aantal incidenten te bereiken, na een poster en flyer campagne om mannen bewuster te maken van seksuele intimidatie in het openbaar vervoer. Ook in Nederland zouden mannen, al dan niet werkzaam in ziekenhuizen, eens goed na moeten denken. Wat maakt dat mannen zich zulke vrijheden veroorloven? Hoe kun je de situatie verbeteren? Welke rol kunnen omstanders spelen? Hoe kun je als man de werkvloer en de publieke ruimte gastvrijer maken voor vrouwen?

Heren, jullie zijn aan zet. Zwijgend wegkijken is geen optie. Dat maakt je een onderdeel van het probleem. Wil je dat? Of ga je iets constructiefs bijdragen?

Film opent debat over intimidatie op straat

Een filmpje, Femme de la Rue, over Brusselse jongens en mannen die vrouwen op straat lastig vallen, haalt een boel overhoop in buurland België. Over één ding zijn opiniemakers het eens: dat vrouwen niet rustig buiten rond kunnen lopen mag het land niet tolereren. De documentaire heeft dan ook al een eerste resultaat bereikt. Brussel wil boetes uitdelen aan mannen die zich niet kunnen gedragen.

Filmstudente Sofia Peeters maakte lastig gevallen worden op straat tot het thema van haar afstudeerproject, omdat ze het helemaal zat was. Het maakte niet uit hoe ze over straat ging, seksuele intimidatie volgde toch wel. Ze ging een paar dagen op stap met een onopvallende spycam en registreerde talloze opmerkingen van het type ‘Hoeveel moet je kosten, bitch’.

Haar film leverde veel reacties op. Honderden mensen, veelal vrouwen, vonden herkenning en erkenning en begonnen openlijk te spreken over wat hen allemaal overkwam zodra ze zich buitenshuis waagden. Ervaringsdeskundige en auteur Celia Ledoux, die in Brussel woont, heeft bijvoorbeeld sinds haar puberteit te maken met mannen die schelden en staren. Ze merkte, net als andere vrouwen, dat ze tot voor kort nauwelijks begrip ondervond  als ze haar ervaringen deelde met anderen:

Als ik de situatie aankaart, volgen drie mogelijke reacties. Eén, vrouwen (soms mannen) sympathiseren defaitistisch, twee, iets over nultolerantie en vuist maken en drie, men doet ongemakkelijk. Wat droeg ik, deed ik, wat veroorzaakte het? Zoiets komt toch niet vanzelf?

Wat Sofia Peeters deed was die patstelling doorbreken. Niemand kan om de beelden en de opgenomen scheldpartijen heen. Daarna werd het echter lastig. Omdat Peeters de opnames maakte in een achterstandswijk van Brussel. De daders hebben meestal een getinte huidskleur. Voordat je het weet wordt het een heen en weer geschreeuw van mensen die de Islam of allochtonen als groep de schuld geven. Dat kan nooit de bedoeling zijn, schrijft Bleri Lleshi in De Standaard:

Koppel het gedrag van deze mannen niet aan religie. Dit heeft niets te maken met de islam. Dergelijk machogedrag vind je helaas bij mannen ongeacht religie, cultuur, of ze leven in een grote stad, dan wel in een boerendorp. Opvoeding speelt hier een centrale rol, maar niet omdat jonge mannen dergelijk gedrag en dergelijke taal van thuis uit meekrijgen.

Ook Ledoux en Peeters zelf signaleren dat de overlast van een kleine groep jongens en mannen komt. Het gaat om een minderheid binnen een groep die kampt met werkloosheid, armoede, sociale uitsluiting, frustraties. Maar vervolgens leven zij die frustratie wel uit op vrouwen. Peeters:

Al de aandacht die er gegeven wordt aan de mannen en de oorzaken van hun gedrag, wordt niet gegeven aan de vrouwen. Hoewel zij diegenen zijn die jarenlang dit gedrag hebben moeten slikken en er niets over durfden zeggen. […] Het is blijkbaar nodig om in een zedig kleedje door de probleembuurten te wandelen en vast te leggen op tape hoe je behandeld wordt, om een maatschappij wakker te schudden. Neen, we hebben het niet zelf uitgelokt. Neen, we zijn geen overgevoelige, flauwe grietjes als we dit gedrag niet accepteren. Neen, we willen onszelf niet steeds afgebeeld zien als halfnaakte bimbo op een sportwagen.

Peeters zou daarom graag zien dat deelnemers aan het debat breder kijken, zodat zinnige maatregelen mogelijk zijn. Ze denkt dan aan sensibilisering over gelijkheid tussen man en vrouw in scholen, jeugd- en buurthuizen, strengere regels rond de alomtegenwoordige denigrerende afbeelding van de vrouw, het aanpakken van de uitzichtloze werkloosheidssituatie van kansarme groepen. Kortom, de problemen aanpakken bij de basis.

Op de korte termijn kan het vrouwen helpen het heft in eigen handen nemen. Voor Peeters was het filmen van het wangedrag bijvoorbeeld bevrijdend:

‘Die spycam was wel een beetje James Bond, ja. Het gaf ook een kick: toen die mannen weer begonnen met hun debiele commentaren, werd ik niet kwaad maar dacht ik “doe maar, jongens!” Nu, ik ben ook een namiddag gevolgd door een vriend met een camera. In een paar uur hadden we alle materiaal dat ik nodig had. Dat is eigenlijk toch heel erg? Maar het bewijst ook dat er een probleem is.’

Daarnaast beschikt Brussel sinds kort over een lokale afdeling van Hollaback. Via deze site kunnen vrouwen hun ervaringen met intimidatie op straat delen. De organisatie achter de site maakt ook een plattegrond, zodat mensen kunnen zien op welke locaties in de stad de meeste incidenten voorkomen. Zo ervaren vrouwen dat ze niet de enigen zijn, en kunnen ze zich wapenen tegen vooroordelen van het type ‘wat had je aan en waarom was je daar op dat tijdstip’. Want het moge zo langzamerhand wel duidelijk zijn dat de vrouw niet het probleem is. Kijk anders nog maar even naar het filmpje van Peeters of de inzendingen op Hollaback.

Hollaback bereikt België

Vier vrouwen uit de Belgische stad Brussel zorgen ervoor dat binnenkort iedereen gebruik kan maken van Hollaback. Hollaback, een van oorsprong Amerikaanse vereniging, biedt een internetapplicatie aan waarmee iedere vrouw aan kan geven hoe en op welke locatie ze op straat werd lastig gevallen. Vrouwen kunnen ook foto’s of filmpjes van hun belager op internet zetten. De groep heeft al een pagina op Facebook. Op 30 april wil het viertal daarnaast de site brussels.ihollaback.org lanceren.

De initiatiefneemsters, die alleen met hun voornaam in de krant De Standaard willen, namen het initiatief naar aanleiding van nare ervaringen op straat. Ze vinden dat officiële statistieken geen goed beeld geven van de situatie in Brussel:

‘Als je een jonge vrouw bent, word je in Brussel meermaals per dag lastig gevallen’, zegt initiatiefneemster Ingrid. […] In de cijfers en statistieken zal je misschien niet veel gevallen van seksuele intimidatie tegenkomen: ook ik diende na het incident in de metro geen klacht in omdat ik het zo snel mogelijk wilde vergeten. Maar we moeten stoppen met zwijgen. Je zou in Brussel net als tijdens een bergwandeling in Frankrijk iedereen moeten kunnen groeten zonder dat het een uitnodiging tot iets anders lijkt.’

Om de zoveel tijd willen de vrouwen de straat letterlijk terugveroveren. Ze gaan naar locaties waar ze lastig werden gevallen en markeren de plek met stoepkrijt. Daarbij schrijven ze de boodschappen zoals: ‘Hier werd ik lastiggevallen, maar de straat is van ons en ik vecht terug. I holla back.’ Want zichtbaar maken wat er speelt, is de eerste stap op weg naar verandering.

Potloodventer krijgt koekje van eigen deeg

New York. Je zit in de metro. Opeens loopt een man naar je toe en toont je zijn edele delen. Wat doe je? Wegkijken terwijl je wel door de grond wil zakken? Nou nee. Je pakt je mobiele telefoon, gaat filmen, en confronteert je belager met zijn gedrag natuurlijk! Weblog Feministing eert de dappere vrouw die zo optrad tegen haar belager in de Amerikaanse metro. De vrouw uploade haar filmpje naar de website Hollaback, en daar is alles nu precies te zien.

Feministing wil dit assertieve optreden niet één op één koppelen aan het bestaan van sites als Hollaback, waar vrouwen ervaringen delen, foto’s van hun belagers wereldkundig maken en filmpjes tonen. Maar het heeft waarschijnlijk wel invloed: het is een zichtbaar teken dat steeds meer mensen het intimiderende gedrag van mannen in de openbare ruimte niet pikken en er tegen optreden.

Het filmpje op Hollaback is niet ondertiteld, maar Feministing was zo vriendelijk om uit te tikken wat de vrouw zei tegen haar belager:

“Let me see your penis.”
“Yeah, I’m serious. You know and I was like why is this person keep pressing up against me and I realize you have all this fucking space here and then I see his penis out. That’s it. Oh you’re getting fucking arrested. I’m not leaving your side. My plans are done for tonight. I’m escorting you to the police station. Where the fuck is the conductor?”
“Oh this shit’s going on YouTube yo.”
“Where is the conductor?”
“Let me take a picture of the penis with a condom.”
“Oh it’s there alright.”
“Penis with a condom.”

De Zesde Clan kreeg overigens al jong te horen: potloodventer? Hard gaan lachen en roepen ‘wat een kleintje’. Dat was nog in het tijdperk voor de mobiele telefoon. Maar ook effectief.

Egypte zet internet in bij strijd tegen overlast op straat

Vrouwenorganisaties in Egypte willen een site lanceren om vrouwen meer grip te laten krijgen op de overlast en intimidatie die ze op straat ondervinden. Volgens de New York Times is het geroep en fysiek aanraken van mannen zo’n overheersend probleem dat vrouwen bijna niet meer buiten durven te komen. Vanaf volgend jaar kunnen vrouwen via Twitter of smsbericht incidenten melden. De meldingen komen op Harassmap, en op die site kunnen vrouwen dan precies zien welke straten en pleinen het ergste zijn.

De mobiele telefoon en internet als wapen tegen mannen die zich op straat misdragen.

De opzet van Harassmap lijkt op soortgelijke initiatieven die al bestaan in onder andere Engeland en de Verenigde Staten. Daar heten de sites Hollaback, en er is al een applicatie voor de I-phone voor. Behalve berichten kunnen vrouwen met hun mobieltje ook foto’s maken en op Hollaback zetten. Dan kan de hele wereld zien welke kerel zich nou weer misdraagt op straat. De opzet voor Harassmap (van harassment, het engelse woord voor lastig gevallen worden), is hetzelfde. Ook hier kunnen Egyptische vrouwen straks informatie doorsturen naar de site, desnoods via hun mobiele telefoon. 

Lastig gevallen worden op straat is in Egypte lange tijd een taboe gebleven. Als het vrouwen overkwam, schaamden ze zich en hielden ze zich stil. Dat veranderde volgens het Egyptische Centrum voor Vrouwenrechten in 2006. Een groep mannen viel toen vrouwen aan bij een bioscoop, en volgens womens news network was de mannelijke agressie zo massaal dat niemand meer vol kon houden dat het wel aan de vrouwen zou liggen.

Vanaf dat moment zette het Egyptische Centrum voor vrouwenrechten diverse acties in. Zo onderzocht het centrum de omvang van het probleem, met als resultaat dat 60 procent van de Egyptische en 98 procent van de buitenlandse vrouwen aangaf dat mannen haar een of meerdere keren hadden lastig gevallen. Het centrum begon te demonstreren, politieke druk uit te oefenen, en er bij de politie op aan te dringen het probleem serieus te nemen.

De Harassmap is een logische vervolgstap. Het geeft vrouwen een plek om stoom af te blazen, en de meldingen laten de omvang van het probleem zien. Dat maakt mensen hopelijk bewust van het feit dat het niet normaal is dat je als vrouw niet rustig over straat kunt lopen.

Volgend jaar meer hierover, als de site werkt.