Tag Archives: feminisme

Vaarwel, Vonda McIntyre….

Ai, wat jammer. Vonda McIntyre, SF auteur en winnares van de Hugo en Nebula Award, overleed eerder deze week op 70-jarige leeftijd. Nederlandse uitgeverijen brachten vertalingen op de markt van haar romans en verhalen Droomslang, Kamp Schroefkop en De Banneling. Daarnaast is ze bekend van StarWars verhaal De Kristallen Ster, en de romanversie van Star Trek film De Wraak van Khan. Maar ze schreef veel meer, dus wie de Engelse taal beheerst kan haar lol op en prachtige romans ontdekken. Vlak voor haar dood voltooide ze nog een laatste roman, Curve of the World.

Dat is het nadeel als je SF begint te lezen in de jaren tachtig: de grootheden die destijds indruk maakten, bereiken nu allemaal de leeftijd waarop ze langzamerhand komen te overlijden. Ik schreef eerder al over leven en werk van Joanna Russ. Sheri Tepper , Octavia Butler en Ursula LeGuin, andere auteurs wiens werk me raakte. En nu dus Vonda McIntyre.

Ik ontdekte haar in de jaren tachtig, zoals zo vaak tijdens bezoekjes aan plekken waar ze tweedehands boeken verkochten. Ik deed mijn voordeel met wat ik toevallig aantrof. En omdat ik in die tijd mijn feministische bewustzijn ontwikkelde, was ik misschien extra gevoelig voor schrijfsters die afweken van traditionele SF met witte mannen in de hoofdrol en vrouwen alleen aanwezig als klapvee, slachtoffer of liefje van. Lees bijvoorbeeld dit verslag van een journalist die de ‘klassieken’ herlas. De verhalen komen anno nu (2015) schokkend seksistisch en racistisch over. Je zou het genre bijna in de prullenbak gooien:

It was the repeated emphasis of the relative powerlessness of women, their status of objects or things to be won, that almost makes me want to write off the whole genre as a lost cause. […] There was also the utter lack of imagination when it came to putting women in danger. While male characters were faced with death (which, is a pretty good motivating force for anyone) there were so many books where to put a woman in danger was to have her raped,  threatened with rape or threatened some other sort of sexual servitude.

Daarom was en is het werk van schrijfsters zo belangrijk: ze ondermijnden of doorbraken het witte man als held- stereotype, sloegen nieuwe wegen in, dachten na over rolpatronen en gaven ons complexe heldinnen die hun eigen verhalen vertelden.

Vonda McIntyre las in haar jeugd veel science fiction en begon al op jonge leeftijd haar eigen verhalen te schrijven. In 1971 richtte ze een schrijversgroep op, Clarion West Writer’s Workshop. Het korte verhaal Of Mist, and Grass, and Sand ontstond een jaar later naar aanleiding van een schrijfopdracht van deze Clarion West schrijversgroep. Deelnemers kregen willekeurig gekozen woorden uit twee categorieën, landbouw en techniek, en moesten op basis daarvan een kort verhaal schrijven. McIntyre kreeg de woorden ‘slang’ en ‘cow/’koe’  en wist in eerste instantie niet goed wat ze met die termen aan moest:

Now, I don’t know how I ended up with what I would assume to be two pastoral words, unless for some reason Avram thought “snake” was a technological word; but that’s what I ended up with. And a friend of mine said, “Ha ha ha, why don’t you write a story with a protagonist named Snake?” And I said, “Oooh-kay.” I went back to my room and started thinking about the story, and I couldn’t figure out how to use the word “cow” until I figured out that you could use it as a verb, as in “frighten.” And that’s where the beginning of the story started.

Uiteindelijk leidde dat tot een verhaal waarmee ze een Nebula won. Het verhaal veranderde later ook in het eerste hoofdstuk van de roman Droomslang, waarmee ze in 1979 een Hugo Award won.

Destijds was McIntyre pas de derde vrouw die onderscheiden werd met een Hugo, en Droomslang was een omstreden winnaar. In die tijd hikten veel lezers aan tegen de verwijzingen naar kindermisbruik in het verhaal, en de manier waarop McIntyre over seks schreef. Verkrachting vanuit een mannelijk perspectief beschreven vonden mensen lange tijd prima, zie hierboven, maar een vrouw die vanuit vrouwelijk perspectief over seks schrijft? En terloops duidelijk maakt dat vrouwen hun vruchtbaarheid kunnen reguleren, zodat de daad voor hen vrij blijft van stress en het gevaar van ongewenste zwangerschappen? Huuuuuuuuu!

McIntyre bleef een succesvolle auteur, speelde een actieve rol in de sf schrijversgemeenschap, stimuleerde vrouwen om verhalen te vertellen en geldt als een van de groten in feministische SF. Met haar romans uit het StarWars en Star Trek universum won ze vele nieuwe fans. Onder andere de StarTrek fanclub reageerde dan ook met verdriet op haar overlijden. Benieuwd wat ze ons nog gaat brengen met Curve of the World. Nog één keertje genieten van haar schrijftalent….

Fonkelend van woede aan het lezen slaan

Hoera, Nederland is een boek rijker over woede, en dat kunnen we in tijden van de Woman’s March en 100 jaar stemrecht voor vrouwen goed gebruiken. Een week of wat geleden schreef ik over een drietal boeken over woede, en zei ik dat uitgeverijen die maar snel in het Nederlands moesten vertalen. Welnu, dat was al aan de gang toen ik schreef, want vanaf 16 april ligt Fonkelend van Woede in de boekwinkels.

Uitgeverij De Geus zorgde ervoor dat we in de vertaling van Patricia Piolon kennis kunnen nemen van een scherp, helder betoog van feministische auteur Soraya Chemaly. De andere twee boeken die ik noemde, Good and Mad van Rebecca Traister, en Eloquent Rage van Brittney Cooper, zijn vooralsnog alleen in het Engels te lezen.

En Nederland? Over een paar dagen, 20 maart, lanceert critica en columniste Marja Pruis een nieuwe feministische leeslijst. Want wat is feminisme eigenlijk? Met ‘eerlijk delen en niet slaan’, de definitie van Anja Meulenbelt, kom je een heel eind. Maar de praktijk is natuurlijk weerbarstiger, diverser en complexer dan dat. Das Mag kondigt de leeslijst aan als ”een essaybundel over oude en nieuwe helden, radicale denkers, zachte eenlingen en dromers en drammers als Sylvia Plath, Maggie Nelson, Clarice Lispector, Renate Dorrestein en Audre Lorde”. Ik ben benieuwd!

In België zorgt uitgeverij Houtekiet voor twee nieuwe titels waar het feminisme centraal staat. Dit voorjaar verschijnt bij deze uitgeverij een bundel van  Dirk Verhofstadt. Hij stelde met veertien vrouwelijke auteurs een boek samen over evenveel beroemde feministes. Griet Vandermassen buigt zich over het feminisme en de evolutietheorie.

100 jaar stemrecht voor vrouwen levert ook nieuwe titels op waar feminisme duidelijk een rol speelt – dat isme was immers dé kracht die ervoor zorgde dat vrouwen eindelijk democratische rechten wisten te veroveren. In De Hoogste Tijd geven Jantine Oldersma, Kees Niemöller en Monique Leyenaar een indringend beeld van deze lange, taaie strijd.

Als lezer kun je zelf oog in oog staan met die geschiedenis. Aletta Jacobs en Frederike S. van Balen-Klaar schreven eind negentiende eeuw een pamflet om te pleiten voor vrouwenkiesrecht, en dat betoog is digitaal beschikbaar voor iedereen die het wil lezen. Zeer geduldig en ontzettend beleefd behandelen beide vrouwen de redenen die mensen aanvoeren m vrouwen uit de stemlokalen te weren, en verwerpen ze naar de prullenbak als kul, hypocriet geneuzel en domheid. Je kunt hun strijdbare betoog lezen met dank aan Gutenberg.org, een organisatie die rechtenvrije werken publiceert en ook andere geschriften van Aletta Jacobs beschikbaar maakte voor een breed publiek. (Voor Nederland: zie Atria, die het archief van de vrouwenbeweging beheert en een schat aan boeken, vaandels, pamfletten, voorwerpen en andere materialen bewaart.)

Enfin, zomaar een greep uit de nieuwe lading boeken die uitgeverijen rond deze tijd publiceren. En waarom lezen? Nou, om even terug te keren naar Das Mag en de feministische leeslijst van Marja Pruis:

Je kunt een leven lang over feminisme nadenken, feminist zíjn, maar toch telkens opnieuw uitgedaagd worden om te bedenken wat het nou precies is. Vooral als er een nieuwe generatie feministen aan de deur klopt, speelt die vraag weer op. Wat Marja Pruis helpt bij het vinden van een antwoord? Boeken.

Veel leesplezier! En stem 20 maart op een vrouw, he.

Man als norm brengt vrouwen in het nauw

Wie mannen als norm neemt, brengt vrouwen in het nauw. Dat is de harde waarheid die de Engelse feministe Caroline Criado Perez gedegen onderbouwt in haar boek ‘Onzichtbare Vrouwen‘. Perez brengt haarfijn in kaart hoe gegevens en feiten over vrouwen ontbreken, of vertekend raken, omdat wetenschappers, architecten, ontwerpers en beleidsmakers zich vooral concentreren op de lichamen en behoeften van ‘de gemiddelde man’. Deze blinde vlek leidt tot dode en gewonde vrouwen.

Perez noemt een aantal voorbeelden waar ook dit weblog over publiceerde. Zo zeggen veiligheidslabels voor auto’s niks, omdat de fabrikanten crash test dummies gebruiken die de gemiddelde man voorstellen. Omdat vrouwen vaak wat kleiner van stuk zijn, gebeuren er met hun lichamen andere dingen als een auto tegen een muur knalt. Het resultaat: vrouwen lopen bij ”echte” ongelukken in de praktijk 47% meer risico op ernstige verwondingen. In de categorie lichte verwondingen loopt dat op naar 71%.

Maar ze vond nog veel meer. Zo gebruiken fabrikanten de “one-size-fits-men” aanpak. Dat betekent dat smartphones een omvang hebben die comfortabel in een mannenhand past. Voor vrouwen zijn ze te groot. En software die werkt op het herkennen van stemmen, heeft grote moeite met het herkennen van een vrouwenstem. Die van Google herkent mannenstemmen 70% beter. Dat betekent dat vrouwen hun auto of ander apparaat niet kunnen bedienen, of dat de software alleen werkt als ze hun stem forceren en op een zeer lage toon praten.

Een ander veelzeggend voorbeeld komt uit Zweden. Criado Perez ontdekte een studie naar het ijs- en sneeuwvrij maken van de openbare ruimte. Jarenlang maakte de overheid eerst de straten voor auto’s vrij, daarna pas trottoirs. Dat betekende dat vrouwen kinderwagens en boodschappenkarren met veel moeite door de sneeuw moesten duwen. Ook bleken voetgangers drie keer vaker verwondingen op te lopen, bijvoorbeeld omdat ze uitgleden over ijs, dan automobilisten.  Van die gewonde voetgangers was 70% van het vrouwelijk geslacht. Toen dit duidelijk werd, veranderde Zweden van strategie. Tegenwoordig maken gemeenten eerst de stoep sneeuwvrij, daarna pas de straten.

Andere tenenkrommende voorbeelden betreffen de medische wereld. Women Inc voert actie voor genderspecifieke zorg, omdat vrouwen lijden en sterven door de (onbewuste) man-als-norm situatie. Vrouwen ervaren minder effect en/of meer bijwerkingen van medicijnen, omdat de pillen alleen op mannen zijn getest. Artsen stellen verkeerde diagnoses omdat ze uitgaan van symptomen die mannen hebben. Bijvoorbeeld bij hartaanvallen. Ze herkennen de vrouwelijke variant van symptomen niet en sturen vrouwen naar huis terwijl ze midden in een hartaanval zitten.

En de man als norm betekent dat vrouwen niet de zorg krijgen, die ze nodig hebben, ook al is er een effectief middel voorhanden. Zo dook Criado Perez in de ontwikkelingsgeschiedenis van Viagra. Wat bleek: een geheel uit mannen bestaand panel kreeg te horen waar de werkzame stof (sildenafil citrate) goed voor was. Erecties? Potentie verhogen? Hoera! De heren gaven snel toestemming om de erectie verhogende eigenschappen verder te ontwikkelen. De werkzame stof bleek ook effectief om ernstige menstruatiekrampen te bestrijden. Maar dat kon de heren niet boeien. Medisch gezien totaal onbelangrijk, laat maar zitten, oordeelden ze, en ze gaven geen financiering. Het onderzoek stopte en er kwam geen medicijn voor vrouwen die aan dat soort krampen lijden.

Wie Onzichtbare Vrouwen leest, kan niet om Criado Perez conclusie heen. We moeten als de wiedeweerga meer onderzoek doen naar wat vrouwen nodig hebben rond medicijnen, veiligheid en leefsituaties. Vrouwen hebben geen kleine versie in het roze nodig van zoiets als pennen, maar op hun maat gemaakte producten waar ze effectief mee kunnen werken. Zodat kogelwerende vesten daadwerkelijk kwetsbare lichaamsdelen beschermen, gereedschappen goed in de hand liggen, en medicijnen de werking hebben die nodig is.

De Gereedschapskist: Himpathy

Sympathie voelen, maar alleen met hém, niet met haar. Niet zozeer tégen een vrouw kiezen, als wel vóór een man, omdat we hem geloofwaardiger, sterker, betrouwbaarder en aardiger vinden dan haar. Dat alles vat wetenschapster en auteur Kate Manne samen onder de noemer Himpathy, Hempathie in de Nederlandse vertaling. Empathie met hem, in het bijzonder een ‘hem’ die machtig is en de fout in ging. De Prindle Post, een magazine rond ethiek en filosofie, wilde deze term in oktober al uitroepen tot het woord van het jaar 2018.

Manne ziet dit gevoel met het bijbehorende gedrag als een van de steunpilaren van een systeem, waarin mannen de macht houden en vinden dat zij recht hebben op diensten en zorgen van vrouwen. In haar boek  Down Girl geeft Manne een analyse van de logica van dit systeem van misogynie. Zolang vrouwen mannen blijven verzorgen en behagen is alles ok, maar als een vrouw niet doet wat mannen willen, zorgt het systeem voor strenge straffen.

Lang niet alle vrouwen ervaren de volle kracht van dit seksistisch systeem, waarin himpathy hoogtij viert:

Misogyny, Manne explains, should be understood not as the psychology of individual men, but as “a property of social environments in which women are liable to encounter hostility due to the enforcement and policing of patriarchal norms and expectations . . . insofar as they violate patriarchal law and order”. Although so often confused with sexism, the two are different: if misogyny is the law enforcement branch of the patriarchal system, sexism is the justification.

Dit basisidee verklaart allerlei ogenschijnlijke tegenstrijdigheden. Als het patriarchaat vrouwen bij wijze van spreken blootsvoets en zwanger in de keuken wil houden, waarom hemelen we dan vrouwen op die, desnoods met geweld, hun kinderen beschermen? Waarom kunnen vrouwen het in de politiek best ver schoppen en als spreker volle zalen trekken en miljoen verdienen met hun boeken en lifestyle bedrijven?

Alles hangt echter af van de vraag of een vrouw de status quo ondermijnt, of niet. Hou je dat punt in de gaten, dan wordt de logica opeens pijnlijk duidelijk. Vrouw beschermt kinderen? Ze versterkt het moederschapsideaal en beschermt de kinderen van haar man. Goed. Vrouwelijke politici die reproductieve rechten aan banden willen leggen en tegen alimentatie zijn? Top! Ze versterken de positie van de man. Boeken schrijven en lezingen geven waarin je vrouwen oproept hun partner te pijpen op afroep en je man altijd te gehoorzamen? Zolang hij het maar leuk heeft in bed en in huis de baas blijft mag jij als vrouw best een succesvolle zaak opbouwen en geld verdienen met lezingen, geen probleem.

Vrouwen kunnen het systeem ook versterken door samen met de mannen, zij aan zij, op te komen voor belaagde mannen. Hoe machtiger de man, hoe meer himpathy mannen én vrouwen opbrengen om hem tweede, derde en vierde kansen te gunnen. Zoals Kate Manne voor de New York Times schreef:

There is a plethora of recent cases, from the Stanford swimmer Brock Turner to the Maryland school gunman Austin Rollins, fitting this general pattern: discussion focuses excessively on the perpetrator’s perspective, on the potential pain driving him or on the loss of his bright future. And the higher a man rises in the social hierarchy, the more himpathy he tends to attract. Thus, the bulk of our collective care, consideration, respect and nurturing attention is allotted to the most privileged in our society.

Beide bewegingen dienen om mannen in het zadel te houden. Door overtuigingen te bekrachtigen die mannen bevoordelen, en door mannen door dik en dun te blijven steunen als ze onverhoopt in de problemen komen. Dat verklaart ook waarom mensen misogyn kunnen denken en handelen, en tegelijkertijd toch individuele vrouwen kunnen liefhebben en eren:

How can one be both a misogynist and love individual women? Because misogyny is designed to single out and punish only those women who break the rules by exercising power, dominance, or a perceived lack of care and love-giving.

Himpathy heeft verregaande gevolgen in de praktijk. Zo blijken Engelse jury’s mannen veel vaker vrij te spreken in verkrachtingszaken, als hij blank is en in de leeftijdscategorie 18-24 jaar valt. Zo’n jongeman heeft zijn hele toekomst nog voor zich. Moet hij echt voor altijd een strafblad krijgen, vanwege een vergissing? Het gevolg van die himpathy is dat jongemannen in slechts 32% van de gevallen ‘schuldig’ te horen krijgen, tegen 46% van de mannen in de categorie 25-59 jaar. Politici pleiten er nu voor om het jurysysteem af te schaffen, omdat het seksistische rechtspraak oplevert. Dit probleem speelt ook in de V.S., waar het racistische en seksistische karakter van de rechtspraak uitgebreid onderzocht is.

Himpathy speelt ook op in de loopbanen van mannen en vrouwen. Zo gaan mannelijke werknemers in de financiële sector veel vaker over de scheef dan hun toch al schaarse vrouwelijke collega’s. Daarna krijgen ze echter opvallend minder vaak straf. Worden ze ontslagen, dan krijgen ze hogere oprotpremies mee dan vrouwelijke collega’s in dezelfde situatie. En na hun wandaden krijgen ze in 46% van de gevallen weer een baan in hun oude vakgebied, terwijl vrouwen slechts in 33% van de gevallen een tweede kans krijgen. De onderzoekers vinden bewijs voor buitengewoon toegeeflijke managers, die het lastig vinden mannen te laten vallen:

Our evidence is inconsistent with a simple Bayesian model and suggests instead that managers are more forgiving of missteps among members of their own gender/ethnic group.

In Nederland kreeg de term Himpathy/Hempathie slechts kort aandacht. Zo besprak Halina Reijn de term in oktober vorig jaar in een aflevering van De Wereld Draait Door. Van Dale nomineerde Hempathie voor woord van het jaar 2018, maar Blokkeerfries ging er met de eer vandoor. Daarna werd het weer een beetje stil rond deze term. Het helpt ook niet dat DWDD Kate Manne omschrijft als ”een columnist in de New York Times”, terwijl het gaat om een filosofe van de Cornell University. Down Girl is nog niet vertaald in het Nederlands en ik kwam in Nederlandstalige media geen recensies tegen van de oorspronkelijke versie, op wat korte stukjes in de aankondigingen-sfeer na.

Ik vind Hempathie een zeer handig woord om een veel voorkomend probleem te beschrijven. Misogynie en hempathie duidelijk herkennen en weten te plaatsen, kan zeer bevrijdend werken. Je kunt een probleem pas bestrijden en situaties veranderen, als je er een naam aan kunt geven. En die naam hebben we nu. Met een begin van een recept om de situatie te verbeteren. Zoals Kate Manne zei in een interview voor magazine Guernica:

Misogyny is the stuff that women face that destroys them in some instances. “Himpathy” is part of the explanation of why we don’t see it, because we’re identifying with “him” and seeing “him” as the good guy, or worrying about “his” future. We don’t see him as taking a life. We see him as asserting his masculinity or defending himself, or as a poor pathetic character, or as vulnerable. Sometimes these things are true, that he is pathetic and vulnerable, but let’s focus on the women. (bold/vetgedrukt door mij toegevoegd aan de tekst)

Feminisme als verkoopfactor: het zit ‘m in de context

Gebruik product X en voel je sterk! Gebruik product X en women powerrrrr!!!! Voor de zelfverzekerde geëmancipeerde vrouw van vandaag: product X! Steeds vaker doen bedrijven een beroep op termen uit het feministische gedachtengoed om hun producten te verkopen. Je kunt dat zien als vooruitgang – feminisme heeft zoveel invloed gekregen dat bedrijven ideeën uit deze stroming benutten om vrouwelijke klanten te paaien. Maar wat zegt het verder over feminisme? Moet je dit inderdaad zien als iets positiefs, of is het schadelijk? Mary Sue publiceerde daar een mooi artikel over. Ook relevant voor Nederland…

Feministen beschouwen al die reclames rond ‘sterke vrouwen’ als uitingen van het zogenaamde commerciële feminisme. Het klinkt feministisch, het ziet er feministisch uit, maar de vrouwen emancipatie boodschap komt uit de koker van reclamebureau’s en dienen om bedrijven aan een hogere winst te helpen.

Dat levert verschillende problemen op. Zo staan de doelen en belangen van het feminisme haaks op de doelen en belangen van bedrijven:

feminism is a political movement bent on dismantling current structures of power, which likely includes multibillion-dollar corporations like Procter & Gamble.

Commercieel feminisme zou de politieke, economische en culturele strijd van feministen daarnaast kunnen ondermijnen, omdat mensen achterover leunen met het idee dat ze hun punt voldoende gemaakt hebben door een flesje water van een specifiek merk leeg te drinken. Vandaar dat commercieel feminisme achterdocht opwekt. Het maakt vrouwen niet krachtiger, het zorgt er niet voor dat je hetzelfde salaris krijgt als je mannelijke collega en nooit meer een ongewilde knijp in je bil of erger meemaakt.

Ook Mary Sue auteur Teresa Jusino analyseert het commerciële landschap en signaleert dat ze empowerment-boodschappen vaak tenenkrommend vindt. Zeker als het gaat om schoonheidsproducten, omdat vrouwen zo onder druk staan om een bepaalde vorm van schoonheid te bereiken dat we er massaal onzeker en ziek van worden.  Een reclamespot voor menstruatieproducten raakte haar echter diep. De fabrikant vroeg jonge meiden om een bal te gooien ‘als een meisje’, waarna de meisjes hartstikke goeie ballen wierpen. En contrasteerde dat vervolgens met volwassenen, die ‘als een meisje’ meestal gebruiken in de context van een belediging.

Hoe komt het dat de ene reclame doel trof en de andere niet? Jusino behandelt de volgende factoren:

  • het ligt aan het soort product. Schoonheidsmiddelen dienen meestal om vrouwen onzeker te maken en daarna die onzekerheid weg te nemen door ze product X aan te smeren. Andere producten zijn echter duidelijk nuttig voor vrouwen – zoals tampons. In dat geval is het logisch dat een bedrijf zich op vrouwen richt, en is een emancipatoire toon welkom.
  • het ligt aan de context. Neemt het bedrijf vrouwenemancipatie echt serieus? Als hetzelfde bedrijf vrouwen een feministische boodschap voorschotelt en voor een ander product mannelijke klanten opzadelt met halfnaakte vrouwen, wordt het ongeloofwaardig. Neem de recente Gillette reclame, gericht op mannen en mannelijkheid. Fijn dat het bedrijf pleit voor een andere/betere opvatting van mannelijkheid, maar maakt de fabrikant nu eindelijk een einde aan het beleid vrouwen hogere prijzen te rekenen, alleen maar omdat hún scheermesjes een roze kleurtje hebben? Zolang de zogenaamde genderbelasting niet verdwijnt, klinken feministische reclameboodschappen van een merk hol.
  • als de emancipatoire boodschap ten koste gaat van anderen, slaan bedrijven de plank mis. Vrouwen ”sterker” maken door mannen neer te zetten als randdebielen ondermijnt je zogenaamd progressieve boodschap.
  • misschien kun je als bedrijf maar beter volledig stoppen met gendermarketing. De roze en blauwe labels verlaten is veel beter dan het roze kleurtje behouden en overgieten met een ‘vrouwen aan de top’ juichsausje. Da’s nog eens feministisch.

Eindconclusie van Jusino:

Ultimately, I’m not put off by companies trying to appeal to our emotions or values to sell product. I’m put off by companies advertising a product to one group by putting another group down, or advertising to a marginalized group by enticing them to buy something that’s bad for them under the guise of empowerment. And I plan on keeping an eye on them and calling them out when they do.

Psychologen: macho mannelijkheid is een ziekte

Mannen die zich laten leiden door klassieke opvattingen over mannelijkheid, hebben een ziekelijke aandoening die hen beschadigt. Dat stelt de American Psychological Association (APA), één van de grootste en belangrijkste vakverenigingen van psychologen in de V.S. De APA heeft voor het eerst in haar geschiedenis richtlijnen opgesteld. Psychologen kunnen die leidraad gebruiken om betere zorg te verlenen aan jongens en mannen. MET UPDATE.

Daar willen we dus vanaf.

UPDATE: hoe fragiel het macho mannelijk ego is, en hoe snel zulke mannen over gaan tot verbaal geweld en vrouwenhaat, blijkt wel uit de ophef rond een nieuwe reclame voor scheermesjes. Een grote groep mannen lijkt er problemen mee te hebben dat mannelijkheid volgens deze reclamespot ook de vorm kan krijgen van goed vaderschap, opkomen voor zwakkeren,  en vrouwen met respect behandelen. Dat je dan juist een held bent, en een voorbeeld voor je kinderen.

Je zou de reclamespot kunnen zien als een ode aan alle mannen die goede mensen willen zijn. Maar nee, er zijn verrassend veel holbewoners die graag ongestoord vrouwen tussen de benen willen grijpen en om zich heen slaan. Iedereen die daar kritiek op heeft, is een mietje en/of een jood (homofobie en antisemitisme gaan goed samen met racisme en seksisme, blijkt).

Waar hebben we het over als je omschrijvingen hanteert als macho mannelijkheid? De APA definieert zulk soort schadelijk mannelijk gedrag als:

a particular constellation of standards that have held sway over large segments of the population, including: anti-femininity, achievement, eschewal of the appearance of weakness, and adventure, risk, and violence.

Mannen die zich gedragen volgens deze macho opvattingen lopen een groter risico op verwondingen door roekeloos gedrag, hebben een grotere kans om zelfmoord te plegen en kunnen zichzelf in gevaar brengen omdat ze veel te laat medische of psychologische zorg vragen. De APA baseert definitie en richtlijn op veertig jaar wetenschappelijk onderzoek naar gender en de (schadelijke) effecten van opvattingen over gender, mannelijkheid en vrouwelijkheid.

Ik zou bijna zeggen ”uiteraard” is wat de APA doet voor feministen niets nieuws. Feministen bekritiseren de oude rolpatronen al eeuwenlang omdat dit gender keurslijf schadelijk is voor zowel vrouwen áls mannen. We gaven er woorden aan, zoals toxic masculinity/giftige mannelijkheid. We brachten in kaart wat die vorm van macho mannelijkheid teweeg brengt, zowel bij mannen als bij vrouwen die met zulke macho mannen in aanraking komen. We zeggen dat feminisme voor iedereen is, en steeds meer mannen beginnen zelf ook in te zien dat ze baat hebben bij meer feminisme.

Bij het ontmantelen van macho mannelijkheid hoort ook dat mannen in moeten zien dat ze niet beter of belangrijker zijn dan vrouwen. Zo sprak Gerda Lerner, een historica die vrouwengeschiedenis op de kaart zette in de V.S., over het schadelijke effect op jongens van een geschiedenis waar alleen mannelijke heersers macht hebben. Jongens worden op die manier arrogante, over het paard getilde betweters die neerkijken op meisjes en alles wat riekt naar ”vrouwelijkheid”:

The effect on men has been very bad too, of the omission of women’s history, because men have been given the impression that they’re much more important in the world than they actually are, and that’s not a good way to become a human being. It has fostered illusions of grandeur in every man that are unwarranted. If you can think, as a man, that everything great in the world and in civilization was created by men, then naturally you have to look down on women, and naturally you have to have different aspirations for your sons than for your daughters, and I don’t think that’s good for men either.

Maar het is fijn dat wat feministen al decennia bestuderen en bevechten, nu een officiële plek heeft gekregen in de psychologie. Meer disciplines zouden er beter op worden als ze inzichten uit de feministische wetenschap integreren. Zo vertonen economische theorieën over de toenemende kloof tussen arm en rijk mankementen, doordat ze gender buiten beeld houden. Onderzoekers denken dat ze neutrale, abstracte standpunten innemen, maar gebruiken eigenlijk witte mannen als standaard. Die blinde vlek zorgt ervoor dat hun probleemanalyse eenzijdig blijft en dat ze een deel van de oorzaak van de toenemende ongelijkheid missen. Zodoende missen ze ook een deel van de oplossingen.

Top daarom, dat onder andere psychologen oog krijgen voor de schade die mannen oplopen als ze zich willen houden aan opvattingen waarin mannen agressieve wezens zijn die geen zwakheden mogen tonen. Mannen zijn gewoon mensen, zeggen feministen. Misschien kunnen psychologen jongens en mannen met de nieuwe leidraad helpen om zichzelf evenwichtiger te ontwikkelen. Dan wordt het voor hen makkelijker hulp te vragen als er iets is, kunnen ze vrijere beroepskeuzes maken (de verpleging, kinderzorg, ook prima beroepen voor mannen), en het ‘vrouwelijke’ in zichzelf respecteren. Dan worden ze hopelijk ook verlost van de stress van een fragiele mannelijkheid, met een ego wat al in elkaar klapt als ze één keer de wc schrobben.

Lekker lezend het nieuwe jaar in

2018 was een veelbewogen jaar, en dat leverde vele mooie artikelen, essays en analyses op. Hieronder een totaal niet representatieve greep uit de goudberg, om heerlijk lezend en denkend het nieuwe jaar in te gaan. Veel plezier!

  • Weblog De Tweede Sekse bestond in november tien jaar. Gezien het gure klimaat waarin feministen moeten opereren, is dat een hele prestatie. In een terugblik schrijft de redactie dat er destijds geen enkele Nederlandstalig feministisch blog bestond, ”dus begonnen we er eentje”.  Het allereerste artikel ging in op goedaardig seksisme. Denk ‘o, vrouwen zijn zo geweldig met kinderen’, waarna je als vrouw onderbetaald wordt, minder vaak promotie krijgt, en mensen je prestaties niet serieus nemen want waarom blijf je niet bij je kinderen. Dat genre. Gewone media hebben nog steeds veel te weinig aandacht voor dit soort vormen van seksisme, dus het werk van het weblog blijft broodnodig.
  • Eidolon magazine gooide dik een jaar geleden het roer om en besloot de Griekse en Latijnse klassieken vaker te bespreken vanuit andere invalshoeken. Denk feministisch, antiracistisch, enz. Dat leidt onder andere tot mooie besprekingen van romans waarin auteurs het personage van Briseis uit de Ilias centraal stellen. En aandacht voor de lange, lange geschiedenis van mannen die tekeer gaan tegen echtgenotes.
  • Marie Claire gaf in 2018 ruimte aan een longread over feminisme. Met als conclusie: ”We moeten niet proberen om het probleem op te lossen door vrouwen te ‘fixen’, te ‘wapenen’. Vrouwen veranderen heeft geen zin. Je kan ze eindeloos weerbaar maken tegen geweld, maar het houdt pas op als mannen ermee ophouden.”
  • #metoo, de door Tarana Burke opgezette campagne om solidariteit te tonen met vrouwen die het doelwit werden van seksueel geweld, maakte een doorstart. De beweging gooide in 2018 vanalles overhoop. En bracht wat Moira Donegan betreft een verschil in visie aan de oppervlakte. Een kloof tussen mensen die feminisme beschouwen als een individuele zelfredzaamheidsbeweging, en mensen die uitgaan van collectieve, verbindende idealen. Jezelf bij je schoenveters uit het moeras trekken, versus structuren en patronen radicaal veranderen.
  • In Plot Magazine, vakblad voor scenarioschrijvers, vraagt Mirjam Groen aandacht voor vrouwen in de Nederlandse film en televisiewereld. Uit de V.S. komen tegenwoordig allerlei producties die een feministisch bewustzijn tonen en tegenwicht bieden aan de mannelijke kijk op zaken en vrouwen. ”In Nederland lijkt de tijd qua films en series echter stil te staan”, constateert ze. ,,Ons belangrijkste vrouwelijke personage van de afgelopen filmjaren is Soof, die in al haar in bloemenjurkjes gestoken onhandigheid en warrigheid geruststellend niet-bedreigend is voor de status quo.” Groen roept op om andere verhalen over vrouwen te durven vertellen. De markt is er, nu de makers nog…..
  • Wat betreft film en televisie: de Graveyard Shift Sisters richten zich al een aantal jaar op de rollen van en verhalen over mensen met een gekleurde huid in het horror genre. Er gaat een wereld voor je open als je hun stukken leest. Kende je bijvoorbeeld Stephanie Jeter al? Of Sloan Turner? Of Justina Ireland? Allemaal regisseurs en auteurs, werkzaam in het genre. Leuk om kennis te maken met hun werk en een indruk te krijgen van de thema’s die hen bezig houden.
  • De Belgische feministe Ida Dequeecker blikte in mei 2018 terug op de tweede feministische golf in Vlaanderen. Ze kan dat doen vanuit een schat aan ervaring – Dequeecker speelde een belangrijke rol in die tweede golf en denkt na over feminisme toen en nu.
  • Hórmónar is de feministische punkband die we nú nodig hebben, kopte het blad Best Fit in oktober. Zangeres Brynhildur Karlsdóttir schrijft de teksten en legt uit dat ze allemaal op de een of andere manier gaan over hoe het is om opgevoed te worden tot vrouw in een patriarchale cultuur. Dat levert een feest aan herkenning op voor de fans: ,,“Trying to be a woman in a patriarchal society is enough to drive you mad, and punk offers an avenue to express justified anger about an unfair world. It is, after all, a tool to rebel against something, to stand in opposition to something morally wrong. I think that’s why women are flocking to punk these days‘.’
  • Feministe en auteur Laurie Penny schreef een essay over de effecten van internet. Internet haat vrouwen niet, stelt ze. Mensen haten vrouwen. Internet geeft hen alleen een middel om dat massaler, sneller en feller te doen. Of om zichzelf op te peppen voordat ze de straat op gaan en vrouwen dood schieten.
  • Autostraddle zette de 50 beste feministische boeken van 2018 op een rijtje. In de lijst staan een aantal titels die gelukkig al in het Nederlands vertaald zijn. Zoals Mijn jaar van rust en kalmte, geschreven door Ottessa Moshfegh. Of Circe, van Madeline Miller, bekroond met de Hebban lezersprijs. Rode Klok, van Leni Zumas. Andere boeken wachten nog op de vertaalslag. Zoals She Would Be King van Wayétu Moore, over de eerste jaren van wat nu de staat Liberia is.
  • Lithub publiceerde in 2018 talloze lezenswaardige artikelen. Ik heb al vaker aandacht besteed aan deze site omdat er zoveel interessants te vinden is. Zoals analyses van ophef over #metoo – ‘ze’ gaan te ver! Eh… nou nee. Het blad besteedt regelmatig aandacht aan poëzie van vrouwen uit inheemse gemeenschappen. Een mooie manier om kennis te maken met het werk van dichters zoals Abigail Chabitnoy, Tria Blu Wakpa, Heather Cahoon, and Sara Marie Ortiz, om er maar een paar te noemen. Maar ook politieke onderwerpen, zoals de impact van politiegeweld op zwarte vrouwen. En hoe mannen betere feministen kunnen worden. En wat te doen met bedrijven die feminisme gebruiken om spullen te verkopen, het zogenaamde ‘commerciële feminisme‘.

2019 brengt vast ook weer talloze mooie artikelen en essays vol nieuwe inzichten. Maak er een goed jaar van!

Politie laat vrouwen in de steek bij verkrachting

Zedenrechercheurs hebben grote moeite met aangiften van verkrachting. Ze zijn, net als de rest van Nederland, zo wantrouwend en alert op leugens, dat ze veel veel zaken weigeren te onderzoeken. Op die manier verdwijnen talloze waarachtige verkrachtingszaken in een la, en krijgen slachtoffers zo’n agressieve behandeling dat ze zich getraumatiseerd terugtrekken. Het uiteindelijke gevolg: daders blijven onbestraft en slachtoffers krijgen geen enkele vorm van gerechtigheid. Dat concludeert rechtspsycholoog en wetenschapper André De Zutter.

Eerst een feit van het type de aarde is rond: het overgrote deel van de daders van verkrachting, 98%, is man. Deze mannen – niet alle mannen, maar nogmaals, de meeste daders zijn man – verkrachten mannen, vrouwen, jongens, meisjes. Zeer vaak blijft dit geweld buiten beeld. Het veroordelingspercentage ligt tussen de drie en zes procent. Seksueel geweld is daarmee één van de ”veiligste” misdaden, met de grootste kans dat je er ongestraft mee weg komt.

De politie speelt helaas een vervelende rol in het onderbelicht en ononderzocht blijven van onder andere verkrachtingszaken. De Zutter onderzocht de situatie en komt tot zeer duidelijke conclusies:

Ik heb respect voor het werk van zedenrechercheurs. Zij worden net zo goed geleid door een mentale representatie van verkrachting. Dat is een idee, een beeld, niet de werkelijkheid. Ze hebben te maken met dezelfde psychologische mechanismen als valse aangevers. Dat maakt hen te wantrouwend tegenover echte slachtoffers en te goedgelovig bij valse aangiftes. We hebben slachtoffers van verkrachting gesproken voor wie de ondervraging zo’n vreselijke ervaring was dat ze liever geen aangifte hadden gedaan.

Wat De Zutter meldt is absoluut niet nieuw. Vrouwen wisten dit al eeuwenlang, aangezien zij er vanuit de kansel, de politiek en de wetenschap van langs kregen. Vrouwen? Hysterische, leugenachtige heksen die aandacht willen en mannen te gronde willen richten met hun gevaarlijke, duivelse seksualiteit. Pas vanaf de jaren zestig van de vorige eeuw wisten vrouwen voldoende macht te krijgen om écht iets terug te zeggen. De tweede feministische golf koos seksueel geweld uit als één van de kernthema’s. Vrouwen voerden campagne, richtten Blijf van mijn Lijf huizen op, deden onderzoek, publiceerden boeken, klaagden de situatie aan en dwongen in 1991 veranderingen in de rechtspraak af, zodat de politie meer mogelijkheden kreeg om verkrachtingszaken in behandeling te nemen en justitie meer ruimte kreeg voor de vervolging en veroordeling.

Recent wezen ook andere onderzoeken op misstanden rond het werk van de politie. Zo onderzocht de Nationaal Rapporteur Mensenhandel en Seksueel Geweld tegen Kinderen de situatie in 2015 en kwam tot de conclusie dat de politie de aangiftes van tieners veel te snel afdoet als liegen. Agenten stellen zich zo vooringenomen en vijandig op, dat meiden tussen de 12 en 18 bang zijn om aangifte te doen. Ze zien er bij voorbaat al vanaf omdat ze denken dat de politie hun verhaal niet serieus zal nemen – en die angst bleek terecht, volgens de onderzoekers voor de Nationaal Rapporteur.

Op gezette tijden kunnen mensen uit de media vernemen wat deze conclusies van De Zutter en de Nationaal Rapporteur in de praktijk betekenen. Zo kreeg De Volkskrant eerder dit jaar een excuusbrief van de politie in handen. Uit de zaak bleek dat twee zedenrechercheurs een getraumatiseerde, 23-jarige verkrachte vrouw ruim zes uur lang op een zodanig agressieve, wantrouwige manier verhoorden, dat ze volkomen overstuur uit het verhoor kwam en bijna ging denken dat ze zelf gek en/of de dader was. De transcripties liegen er niet om:

‘Als blijkt dat iets niet klopt in je verhaal, dan ben ik bang dat dat echt consequenties heeft voor jou, maar ook voor het onderzoek.’ (…) ‘Dat is niet zo’, zegt Susanne tot drie keer toe. ‘Maar het is vaak warrig in mijn hoofd, ik weet de volgorde niet goed.’ ‘Soms is dit ook een schreeuw om aandacht’, zegt de rechercheur. ‘Of dat er geestelijk iets aan de hand is. Of dat er andere dingen zijn gebeurd. Of dat er iets is fout gegaan.’ (…)  ‘Het is niet zo’, zegt Susanne. ‘Het is niet zo.’ ‘Ik wil het toch gezegd hebben’, stelt de rechercheur. Even later: ‘Wat voor ervaring heb je met pijpen?’ Ze gaan in op het geslachtsdeel van de man. ‘Je zegt dat de penis slap was, maar je gaat toch kokhalzen’, stelt de rechercheur. ‘Doe eens voor? Hoe kokhals je dan?’ De rechercheurs blijven maar vragen of ze haar aangifte wil doorzetten. Susanne: ‘Ja, want het is echt gebeurd.’

Als je zo onder druk wordt gezet, is het volkomen begrijpelijk dat vrouwen bang worden om aangifte te doen. Alles kan tegen je worden gebruikt. Ook black outs vanwege een trauma, of vanwege bevriezing. Dat is een volkomen natuurlijke reactie als je in een levensgevaarlijke situatie belandt, naast vechten en vluchten. Maar zelfs de politie herkent dit niet altijd en meent dan dat een vrouw instemde omdat ze zich niet actief genoeg verweerde.

Dit alles gebeurt in een situatie waarbij volgens De Zutter hooguit vijf procent van de aangiftes vals is. Voor Engeland komt wetenschapster Joanna Bourke zelfs tot hooguit 3%. Ieder vals beschuldigde persoon is er natuurlijk één te veel, maar juist daarom is het in dit geval erg belangrijk om te blijven beseffen dat 95% tot 97% van de vrouwen daadwerkelijk verkracht is. Zij verdienen een fatsoenlijk interview, een gedegen onderzoek, en gerechtigheid. De daders verdienen vervolging, een grondig verhoor, en celstraf. Anders blijven ze namelijk ongestoord nieuwe slachtoffers maken. En dat kan echt niet.

Slachtoffer van seksueel geweld en hulp nodig? Neem dan contact op met een van de Centra voor Seksueel Geweld in Nederland, telefoonnummer 0800-0188, 24 uur per dag bereikbaar.

Weldenkende mensen pleiten voor diversiteit in computerspelletjes

Vrouwelijke personages in computerspelletjes lijken slechts één verschijningsvorm te hebben: superlank, maar wel sexy en met grote borsten. Aanranding in games is geen probleem of wordt zelfs aangemoedigd. Je zou hopen dat deze situatie anno 2018 verdwenen was, maar nee. Hoogstwaarschijnlijk omdat uit onderzoek blijkt dat de dominante bedrijven die games produceren, het domein zijn van blanke en in mindere mate Aziatische mannen. De urgentie ontbreekt zodoende. Wil je verandering, dan moet dat van buitenaf komen. Van andere bedrijven, en van spelers, waaronder steeds meer vrouwen.

Eerst wat feiten. Een analyse van nieuwe ”grote” games gepresenteerd op vakbeurs E3, wijst uit dat slechts 8% een vrouwelijke hoofdpersoon kent. Dit percentage schommelde in de voorgaande jaren ook al tussen de 7 en 9 procent, oftewel de boel stagneert al tijden. De enige reden daarvoor is angst, gebaseerd op vooroordelen. Een beetje zoals de mythe dat een vrouwelijke hoofdpersoon in een film vergif is voor succes in de bioscoop, grondig onderuit gehaald als je feiten bekijkt – sterker nog, cijfers tonen aan dat films met vrouwen in de hoofdrollen juist meer succes hebben.

Met mannelijke hoofdpersonen hebben bedrijven geen probleem. Een kwart, 24%, van de games draait om een man en geeft de speler geen keuze in sekse. De enige lichte verbetering zit bij de games die de speler laten kiezen of ze een mannelijk of vrouwelijk personage als held/in nemen. In trailers laten grote ontwikkelaars zoals Ubisoft steeds vaker naast de man ook het vrouwelijke personage zien. Dat vergroot de kans dat een speler inderdaad voor de vrouwelijke variant kiest, want de meesten doen dat niet. Bij Mass Effect koos bijvoorbeeld slechts 18% van de spelers voor de vrouwelijke hoofdpersoon.

Waar de dominante bedrijven vrolijk door gaan met blanke mannen voorop stellen, komt diversiteit van buiten- en van onderaf. Zogenaamde indie-bedrijven, kleinere ontwikkelaars die buiten de paar dominante kolossen opereren, kennen meer diversiteit in hun personeelsbestand en maken games die ook veel diverser zijn. Sterker nog, soms zijn de games ronduit activistisch. Zoals Hair Nah, een game waarbij je een zwarte vrouw speelt die moet voorkomen dat wildvreemde mensen aan haar haar zitten:

The web game, created by designer Momo Pixel, went viral in November, and allows users, as a black woman named Aeva, to fend off a swarm of incoming white hands trying to touch her hair. As Pixel told Newsweek in November, “It’s literally happened to every black girl I’ve met….Working on this game was such a breath of fresh air because finally I get to tell you, ‘No, stop touching me,’ before it happens—and in the most fun, chill, hilarious way.”

Een ander, iets ouder voorbeeld, is Decisions that Matter, eveneens gemaakt door een vrouwelijke ontwerper. Deze game gaat in op seksueel geweld en beschikt over een knop waarmee je spelsituaties direct kunt stopzetten als het te dichtbij komt voor een speler.

Ook vrouwen algemeen roeren zich meer en meer om te pleiten voor diversiteit.  Eén van de vrouwen die al jaren aan de weg timmert op dat gebied is Anita Sarkeesian van Feminist Frequency. In haar Youtube video’s analyseert ze haarscherp wat er gebeurt met vrouwen in games en pleit voor meer diversiteit:

Daarnaast hield organisatie Women in Games in juli 2018 een succesvol congres in Italië om zich te beraden op de situatie.

Beeldvorming lijkt triviaal, maar dat is het niet. Wat je keer op keer herhaalt ziet in fictie en fantasie, heeft effect op mensen:

The ultimate takeaway is that the lack of diverse body types isn’t just a wasted artistic opportunity, but an actively dangerous reinforcement of the idea that women become less valuable if they’re larger, older, or simply different from this template.

Dat geldt dubbel voor jongeren die nog verder moeten opgroeien en al doende en ziend leren wat ‘normaal’ is en wat niet – zie dit onderzoek, bijvoorbeeld. Van seksobjecten op het scherm en mannelijke hoofdpersonen dominant in de marketing, is het vervolgens maar een kleine stap om meisjes en vrouwen in de echte wereld vijandig te behandelen. Zo wijst onderzoek uit dat eenderde van de vrouwelijke gamers discriminatie tegenkomt en dat 32% te maken kreeg met seksuele intimidatie.

Als games stelselmatig één bevolkingsgroep voorrang geven en alles inrichten zodat hun fantasie wordt geprikkeld, ga je daar aan wennen. Als een ontwikkelaar vervolgens vrouwen een grotere rol laat spelen, is het gejank niet van de lucht. Zo schoten jongens en mannen massaal in een kramp toen Battlefield V vrouwelijke militairen toonde – geheel accuraat, want vrouwen speelden altijd een rol in veldslagen en oorlogen.

Ontwikkelaar DICE gaf geen krimp en liet dit deel van de fans weten dat de vrouwelijke militairen blijven:

“The Battlefield sandbox has always been about playing the way you want,” he concludes. This sometimes means offering fantastical experiences that are neither realistic nor historically accurate, “like attempting to fit three players on a galloping horse, with flamethrowers,” writes Gabrielson. “With BFV you also get the chance to play as who you want. This is #everyonesbattlefield.”

Dat is een houding waar meer ontwikkelaars een voorbeeld aan kunnen nemen. Natuurlijk gaan mensen met onverdiende privileges protesteren als hun speeltje afgepakt wordt en ze moeten delen met andere mensen. Dat heet volwassen worden en daar moeten deze mensen mee leren dealen. Verandering gaat in kleine stapjes, maar ze komen er. Als we maar blijven duwen, trekken, bekritiseren, belonen en goede voorbeelden geven.

Zelfmoord: gender speelt cruciale rol

Opwinding alom rond de hoge zelfmoordcijfers onder jongeren tussen de 10 en 20 jaar. In de media speculeren deskundigen over de oorzaken van de toename, en nemen daarbij vanalles mee. Van sociale media en Netflix series tot aan drugsgebruik en gebrekkige toegang tot zorg, het komt allemaal voorbij. Vreemd genoeg ontbreekt gender. Dat lijkt een blinde vlek. Wie even in de cijfers duikt, ziet echter meteen dat je de rol van iemands sekse niet kunt negeren.

Als baby word je in onze samenleving al opgescheept met stereotiepe opvattingen over je sekse

Volgens het CBS pleegden in 2017 bijna tweeduizend mensen zelfmoord (1917 mensen). De groep van tien tot twintig jaar viel op omdat het aantal zelfmoorden in deze leeftijdscategorie jarenlang min of meer stabiel bleef hangen rond de vijftig per jaar. Nu zijn het er opeens 81.

Als je gender meeneemt bij dit soort cijfers, worden bepaalde patronen opeens zichtbaar. Jongens plegen vaker zelfmoord. Kijk je naar de harde cijfers, dan ging het in 2016 om 6 jongens en 3 meisjes in de leeftijdscategorie van 10-15 jarigen. Bij de 15 tot 20-jarigen pleegden 24 jongens zelfmoord, en 15 meisjes. Kijk je nog iets verder, dan nemen de verschillen toe. In de categorie 20-25-jarigen pleegden 53 jongens zelfmoord, tegenover  20 meisjes.

Dit wil overigens niet zeggen dat alles ok is met de meiden. Zo constateerde psycholoog Frans Duintjer jaren geleden al dat jongens inderdaad vaker zelfmoord plegen, maar dat meisjes veel meer pogingen doen. Omdat hun pogingen minder vaak fataal zijn, komen ze minder terecht in de zelfmoordstatistieken zoals het CBS die publiceert. Maar er is wel degelijk iets aan de hand, anders doe je geen zelfmoordpoging. Meiden staan in onze samenleving onder een zware druk: we hebben vaker te maken met seksueel geweld en sociale druk om bescheiden, zorgend, troostend, vriendelijk en lief te zijn. Gezond assertief gedrag leidt al snel tot het scheldwoord bitch, en zelfs onze premier vindt dat vrouwen geen kwaliteit hebben. Je zou van minder depressief worden.

Maar goed, bij ”succesvolle” pogingen tot zelfmoord voeren jongens en mannen de boventoon. En dat is een groot probleem. Kijk je naar de volwassenen, dan blijkt ook hier dat mannen vaker dan vrouwen zelfmoord plegen. Het verschil neemt iets toe. In 2015 werd bijvoorbeeld zichtbaar dat het aantal vrouwen dat zelfmoord pleegde gelijk bleef. Bij de mannen steeg het aantal echter met 30. Deskundigen verwijzen voor dit verschil bij volwassenen naar gender:

Jan Mokkenstorm, psychiater bij suïcidepreventieplatform 113Online zegt dat sommige mannen minder goed kunnen omgaan met nieuwe levensfases dan vrouwen: “Van scholier naar werknemer, van jongen naar adolescent, van vriendje naar vader. Als zij die nieuwe rol niet kunnen volhouden, leidt het in hun beleving tot gezichtsverlies.”  En mannen zoeken ook minder snel hulp als het fout gaat, terwijl dat juist erg belangrijk is, benadrukt de psychiater: “Ze hebben het gevoel alles zelf te moeten oplossen. Zeker als het gaat over praten over hun gevoelens van hopeloosheid. Ze betrekken anderen daar niet bij en drinken soms te vaak.”

Mokkenstorm houdt het neutraal, maar wat hij hier benoemt gaat duidelijk over rolpatronen en opvattingen over mannelijkheid. Het belang van status, waarbij mislukking niet acceptabel is en gezichtsverlies ten koste van alles voorkomen moet worden. De ‘mannen huilen niet’ dogma’s, waardoor mannen blijven doen alsof alles ok is, nergens over praten, en hun emoties inslikken want een echte man lost alles zelf op en praten over gevoelens is voor mietjes. Enzovoorts.

Onderzoek naar de situatie in Europa wijst nog op een ander aspect waarbij gender cruciaal is: als falen niet mag, als je geen gezichtsverlies wil leiden als man, is het voor mannen veel belangrijker dan voor vrouwen dat je zelfmoordpoging ook echt slaagt. Hun mannelijkheid staat op het spel. Wetenschappers denken dat de intentie van mannen zodoende sterker is dan bij vrouwen. Bij vrouwen zouden de ambivalentie en twijfel wellicht groter zijn.

Zulke traditionele beelden van een specifiek soort stoere mannelijkheid krijgen helaas veel steun van rechtse groeperingen en de alt-right beweging die via internet een conservatief wereldbeeld verspreidt. OneWorld schrijft hierover:

mannen en vrouwen zouden strikt gescheiden rollen hebben, die biologisch bepaald zijn. Gendergelijkheid zou een dwaas streven zijn, zonder enige wetenschappelijke basis. Hoewel die vaststelling van geen kant klopt, vindt die veel weerklank. Dat is waar de manosphere overlapt met alt-right. Ze herkauwen en bekrachtigen allebei rigide ideeën van mannelijkheid, door het mannelijke systematisch te onderscheiden van het vrouwelijke. Deze grens moet volgens hen bewaakt en versterkt worden.

Dit is precies wat feministen bedoelen als we zeggen dat seksisme ook schadelijk is voor jongens en mannen. Waarom zou je als man niet over je gevoelens mogen praten? Waarom moet je als man per se sterk, onverstoorbaar en tot het bittere einde aan toe zelfstandig zijn, terwijl je soms gewoon om hulp moet vragen? Waarom wijzen we gevoelens toe aan vrouwen en gaan we er daarna minachtend over doen, in de trant van roddeltantes, zeikwijven, huuuu emoties, daar heb je de hysterische overdrijfbrigade weer, nee, wij mannen, wij zijn sterk en stoer en ver verheven boven dat wijvengedoe.

Deze hokjes, waarbij mannen zich krampachtig afzetten van vrouwen, vrouwen de grond in boren en van zichzelf stoïcijnse superhelden maken, beschadigen iedereen. Zo’n manier van tweedelingen aanbrengen leidt tot vijandbeelden waar we vanaf moeten. Het leidt tot zwart-wit denken waarin alle nuances ontbreken. Als man ben je óf de sterke leider, of een verachtelijk watje, iets er tussenin bestaat blijkbaar niet.

Feministen zeggen dat wij allemaal mensen zijn. We komen niet van Mars of Venus, we komen van de aarde. Feministen zeggen ook dat je zeer veel over het hoofd ziet als je geen aandacht hebt voor gender en machtsverhoudingen. Je ziet aspecten van situaties over het hoofd en mist zodoende ook mogelijke oplossingen en preventieve maatregelen. Al die deskundigen die nu bij zelfmoord onder jongeren kijken naar de sociale media en de geestelijke gezondheidszorg, zouden als de wiedeweerga ook de rol van mannelijkheid, vrouwelijkheid en gender mee moeten nemen in hun analyses. Alleen dan kunnen we het tij misschien keren.

Bel 113 voor hulp. En lees boeken. Bijvoorbeeld van Cordelia Fine. Of het boek Vrouwen en Ambitie, van Anna Fels. En waarom feminisme voor iedereen is, van Bell Hooks.

Klassieker Joanna Russ krijgt nieuwe uitgave

Leve de universiteit van Texas! Die verzorgde een gedegen nieuwe uitgave van de klassieker ‘How to Suppress Women’s Writing” van Joanna Russ, met een voorwoord van Jessa Crispin. (In Nederland verscheen haar boek onder de veel mildere titel Andere Levens, Andere Letteren). Dit is geweldig nieuws, want wat Russ schreef over uitsluitingsmechanismen bij schrijfsters geldt net zo goed voor de situatie rond kunstenaressen, onderneemsters, wetenschapsters, opiniemaaksters enzovoorts. En is nog steeds akelig actueel.

Bron: Financieel Dagblad

Russ wijst er in haar boek op dat culturen echt wel veranderen en beschaafder kunnen worden. Zo hebben we sinds een paar decennia nauwelijks wetgeving die vrouwen expliciet en gericht uitsluit van bepaalde beroepen of bezigheden. Vrouwen blijven sinds de jaren vijftig handelingsbekwaam na hun huwelijk. Bijna niemand doet in het openbaar nog botte uitspraken dat vrouwen iets niet zouden kunnen, niet zouden mogen of niks voorstellen. Doet iemand dat wel, dan volgt (terecht) felle kritiek.

Je zou oppervlakkig gezien kunnen denken dat alles ok is. In de praktijk, stelt Russ, wéten we als samenleving echter heel goed wie iets mag zijn of doen, en wie niet. Zo zijn historici witte mannen, onderzocht Suze Zijlstra. Serieuze auteurs vinden we witte mannen, onderzocht Corina Koolen. Ondernemers vinden we witte mannen, analyseerde het Financieel Dagblad.

Vanuit dat wereldbeeld zijn vrouwen vreemde eenden in de bijt. Ze horen er niet bij. Duiken ze toch op, dan ontstaat er een probleem waar je zo snel mogelijk vanaf wilt. Russ zette voor de literaire wereld op een rijtje wat de acties zijn om het Serieuze Schrijverschap te behouden voor leden uit de correcte groep, namelijk witte mannen. Heel in het kort: ontkennen, belachelijk maken of afbreken, bijvoorbeeld door te zeggen dat ze inferieur werk aflevert, dat ze een waardeloos onderwerp uitkoos, dat ze slechts een eenzame uitzondering is, zich op de verkeerde genres richt, enzovoorts.

Lukt het om vrouwen af te schrikken of, als ze toch schrijven, in het hokje broddelaarsters te houden, dan heb je meteen een extra stok om vrouwen mee weg te slaan. Kijk, vrouwen mogen en kunnen alles maar doen het niet. Of ze doen het wel maar komen niet verder dan truttige romannetjes. Ze kunnen het blijkbaar niet. Ze spannen zich niet genoeg in. Zie je wel, mánnen zijn de serieuze auteurs.

Die manier van kijken en denken heeft voor vrouwen verstrekkende negatieve gevolgen. Anno 2018 ontdekte Corina Koolen dat lezers, recensenten en uitgevers nog steeds niet goed kunnen kijken naar het werk van schrijfsters. Mensen plakken allerlei seksistische etiketten op romans van schrijfsters en weigeren hun werk te erkennen als literatuur. Wat Russ kwalitatief analyseerde, trof Koolen even genadeloos hard aan in haar kwantitatieve onderzoek.

Wat schrijfsters overkomt, overkomt ook andere vrouwen die opduiken op plaatsen waar ze niet horen. Zo vinden we het in Nederland volstrekt normaal als er alleen blanke mannen aan tafel zitten bij talkshows op de televisie. Als er plotseling louter vrouwen aan tafel dreigen te komen, in het programma Buitenhof in dit geval, worden mensen zenuwachtig. Dus zegt de redactie één van de vrouwen af en laat voor haar in de plaats een man komen. Zo ver gaat onze cultuur om het plaatje weer een beetje te laten kloppen.

Vrouwen lopen niet alleen tv optredens mis, ze lopen vanuit het “mannen behoren X te doen” wereldbeeld ook geld en middelen mis om hun ambities te verwezenlijken. Vervolgens kan iedereen hoofdschuddend zeggen “tsja, ze kunnen en willen niet, vrouwen blijven liever bij hun gezin”.

Het Financieel Dagblad schonk bijvoorbeeld onlangs aandacht aan een fascinerend onderzoek naar het taalgebruik van investeerders. Mannen en vrouwen met macht (en geld) spraken met jonge ondernemers die kapitaal wilden werven om hun onderneming te starten of verder uit te bouwen. Na de analyse van talloze gesprekken bleek dat de investeerders bij ‘ondernemer’ aan mannen denken. Vrouwen zijn de vreemde eend, het klopt niet dat zij daar zitten als ondernemer. Daarna hijsen ze mannen in het zadel en wijzen vrouwen af:

De capaciteiten van vrouwelijke ondernemers werden stelselmatig omlaag gepraat, die van mannen omhoog. Mannelijke eigenschappen werden geassocieerd met ondernemerschap, vrouwelijke juist niet. Zelfs als het over dezelfde eigenschappen ging. Alsof – zo schrijven de onderzoekers – het imago van de vrouw ‘strijdig is met de persoonlijkheid van de entrepreneur’. Bijvoorbeeld: ‘Zoals alle vrouwen is ze voorzichtig. Ze durft niet.’ Over een man daarentegen: ‘Hij is voorzichtig, en dat is goed. Hij neemt weloverwogen beslissingen.’ Leeftijd en ervaring werden ook verschillend uitgelegd. Bij een vrouw negatief: ‘Ze is jong en heeft waarschijnlijk geen ervaring in het leiden van een business.’ Bij een man is dat iets positiefs: ‘Hij is een jonge kerel en heeft nog een veelbelovende toekomst voor zich liggen.’

De omgeving moet wakker worden, vooroordelen bijsturen en vrouwen eerlijker beoordelen. Dan pas verandert er écht iets en maakt een vrouwelijke canon of traditie een kans. Joanna Russ constateerde dat in How to Suppress Women’s Writing, en in Nederland kun je haar gelijk dagelijks ervaren door het nieuws te volgen en bijvoorbeeld dat onderzoek van Koolen te lezen.

Daarom top dat haar boek opnieuw breed verkrijgbaar is. Lees haar analyse, ken de argumenten om vrouwen buitenspel te zetten, en wees er alert op als je die mechanismen vervolgens tegen komt op kantoor, aan de talkshow-tafel, op je literaire platform enzovoorts. Want vrouwen zetten door en er is hoop op verbetering:

For hundreds of years, despite those odds against them, the “wrong” writers still manage to write. Likely it won’t be remembered long enough or taken seriously enough, but to read this book is to admire this buried tradition, and realize how much there is to be discovered — and how there’s no time like the present to look at the marginalized writers you might be missing. “Only on the margins does growth occur,” Russ promises, like the guide in a story telling you how to defeat the dragon. Get angry; then get a reading list.

Mooie artikelen van Literary Hub

Als feministe en lezeres geniet ik iedere keer opnieuw van het aanbod van Literary Hub. Deze site publiceert recensies en artikelen over literatuur, het boekenvak, schrijven en verhalen vertellen in de breedste zin van het woord. Daarbij komen allerlei thema’s aan bod, maar wat ik zo fijn vind is dat de site regelmatig aandacht besteedt aan gender, feminisme en de situatie van vrouwen. Graag link ik volgers van dit weblog door naar deze site en naar een aantal artikelen die mijn aandacht trokken. Hopelijk lees jij ze ook met evenveel plezier!

  • Feministe en auteur Rebecca Solnit levert regelmatig een bijdrage aan Literary Hub. Zij benadrukt onder andere dat wiens verhalen we vertellen, wiens perspectief centraal staat, een intens politieke kwestie is. Het zegt iets over machtsverhoudingen, over wat we als cultuur belangrijk vinden, wiens land het is en wie te gast is en zich aan moet passen aan de dominante groep. Daarnaast schreef ze de afgelopen tijd een paar belangrijke analyses over geweld tegen vrouwen, de toegeeflijke houding ten opzichte van agressieve mannen en #metoo.
  • Literary Hub doet erg haar best om blank westerse bubbels te vermijden of, als je daar toch in belandt, er weer zo snel mogelijk uit te stappen. Het aanbod is breed: Pakistaanse vrouwen op de arbeidsmarkt, het haar en de kapsels van zwarte vrouwen, of de polemische sluier, en vooral de politieke en sociale betekenis van zulke haar- en kledingdrachten, Cleopatra en hedendaagse vrouwelijke leiders, het werk van Audre Lorde en Clara Hale, de positie van ”buitenlandse schrijfsters” op de engelstalige markt (hint: hun werk wordt veel minder vertaald in het Engels dan dat van hun mannelijke collega’s), enzovoorts. Lees ook dit stuk van Rumaan Alam over haar schrijverschap.
  • Fiona Alison Duncan publiceerde een mooi artikel over het werk van onze eigen Nederlandse Etty Hillesum. Haar dagboeken zijn vertaald in het Engels, maar in tegenstelling tot de dagboeken van Anne Frank is haar werk niet heel bekend buiten een selecte kring van deskundigen en studenten: ”“I am accomplished in bed,” she writes. This is why, it’s been suggested, Etty Hillesum’s diaries aren’t, like those of her younger neighbor, part of the Holocaust canon.”
  • Linnea Hartsuyker gaat in op de orale verhalen en klassieke literatuur van de Vikingen. En hoe die verhalen en sages doorwerken in het leven van de mensen van nu, afstammelinge van die cultuur. De erfenis bestaat onder andere uit conflicterende emoties en ideeën rond vrouwelijkheid.
  • Dankzij Literary Hub hoorde ik voor het eerst van Moderata Fonte, een vrouw uit Venetië die in 1592 een feministische klassieker publiceerde. In De verdiensten van de vrouw gebruikt ze de literaire vorm van de dialoog om de positie van vrouwen in haar maatschappij te behandelen. Daarbij lanceert ze het nog steeds revolutionaire idee dat mannen en vrouwen gelijkwaardig zijn, maar dat mannen zo opgaan in de overtuiging dat zij superieur aan vrouwen zijn, dat ze dit fundamentele beginsel vergeten en onrecht begaan. Fontana hoort thuis in het rijtje van mensen zoals Christine de Pizan (1405/1410) en Mary Wollstonecraft’s Vindication of the Rights of Women (1792).
  • Literary Hub linkt je ook graag door naar vijf andere schrijfsters die feministische heldinnen zouden moeten zijn. Of tien fantasievolle feministische romans die creatief verzet kunnen bevorderen. Of, als dat verzet mislukt, dertig dystopische romans, geschreven door vrouwen of met vrouwen in de hoofdrol (op één na).
  • Lucinda Rosenfeld schreef een mooie analyse van het genre Chicklit. Ze noemt het ‘het genre dat beter verdiende‘. En speculeert dat het genre doorontwikkelt in iets nieuws: ”Instead of women searching for sex and love with the opposite sex, perhaps the genre might revolve around women simply trying to survive the opposite sex. Settings in a dystopian near future would be optional.
  • Hoe is het om als vrouw Oud-Griekse klassiekers te lezen en te studeren? Madeleine Miller kwam erachter dat ze dat alleen kon doen door zichzelf heel bewust af te sluiten voor de talloze keren dat deze literatuur haar confronteert met vrouwenhaat en seksisme. In het bijzonder de behandeling van de tovenares Circe in de Odyssee trof haar onaangenaam. Ze is machtig en slim, maar Odysseus hoeft alleen maar een zwaard te trekken en ze knielt huilend voor hem neer? Het leidde ertoe dat ze zelf, in een roman, een alternatief biedt: ”It took me 25 years from that first frustration to work out a reply, which turned into my second novel, Circe. In it, I got to write my own version of that scene, from Circe’s perspective. She still yields to Odysseus’s trick, that is a piece of the plot. But she does not kneel.”
  • Daniel Pryce dacht dat hij een hele goede science fiction roman had geschreven, met veel aandacht voor de vrouwelijke personages. Veel lezers stuurden inderdaad positieve reacties. Maar een vocale minderheid wees hem op seksistische elementen, en uiteindelijk moest de schrijver toegeven dat hij een paar dingen over het hoofd had gezien: ”The mistakes I’d made weren’t huge, but they weren’t new either. Most female readers have already seen them a thousand times before in a thousand other books. And therein lies the anger.” Hij nam de kritiek serieus en werd er een betere schrijver door. Eind goed, al goed.

Uiteraard hebben we ook in het Nederlandstalige gebied goede literaire websites. Zoals Tzum, één van de weinige sites die probeert schrijfsters en vrouwelijke recensenten evenredig aan bod te laten komen. Neem ook eens een kijkje bij Hebban.nl en hun overzicht van beste boekenbloggers van 2017, of hun analyse van de net uitgekomen Vrij Nederland detective- en thrillergids. Veel leesplezier!

Ode aan Renate Dorrestein

Ai wat een triest nieuws bracht uitgeverij Podium vandaag: schrijfster Renate Dorrestein is overleden. In mijn hart nam en neemt ze een bijzondere plek in. Niet alleen schreef ze spannende romans en goed doordachte essays vol waardevolle inzichten, maar voor mij vormde ze ook één van de toegangspoorten tot het feministische gedachtengoed. Onder andere haar bundel Korte Metten leverde veel stof tot nadenken – en toonde aan dat feminisme en humor vanzelfsprekend prima samen gaan.

Foto: Dagblad van het Noorden

Ik kocht Korte Metten destijds in een kringloopwinkel en viel als een blok voor de lichtvoetige maar kritische manier waarop Dorrestein allerlei sociale fenomenen onder de loep nam. De ware aard van de Nederlandse man, de volkomen ware stelling dat menstruatie niet fijn is, de diepere betekenis van de damestas, haar ervaringen tijdens lezingen over het feminisme (altijd een wantrouwig kijkende man die cijfers eist). Maar ook de vele kleine, persoonlijke observaties die aantonen hoe diep vrouwen geïndoctrineerd zijn om tegen de klippen op aardig te blijven, zich klein te maken en te navigeren in een vijandige wereld.

Een topcolumn uit haar bundel vind ik die over feministen en katten. ”Aan feministische personen zit zo dikwijls een poes vast, dat gesproken mag worden van een causaal verband”, schreef ze. Daarna schaamde ik me nooit meer voor het feit dat ook ik mezelf als feministe identificeer en mijn huis graag deel met een of meer katten. Sterker nog, ik sloot me meteen aan bij de Australian Cat Ladies toen die organisatie in 2013 werd opgericht. En streef nu naar een professioneel einde als kattenvrouwtje.

Dat is trouwens hard werken en veel geld sparen om na je pensioen aan de slag te gaan. Eén kat kost gemiddeld 400 euro per jaar, dus als je er een stuk of acht neemt zit je aan de duizenden euro’s. Behalve jaarlijkse vaccinaties zijn dierenarts-kosten niet meegerekend in dit gemiddelde. Mankeert Poekie dus iets en moet je medicijnen kopen of medische ingrepen betalen, dan zit je al snel ver boven dit gemiddelde. Kortom, het gaat hier om een serieuze ambitie waar je niet zomaar aan kunt beginnen. Je moet vooraf plannen, organiseren en je intensief voorbereiden om, eenmaal oud en verlept, een succesvol kattenvrouwtje te worden.

Een ander topboek vond ik haar feuilleton Voor Alles een Dame. Deze roman/almanak/…X… introduceerde me tot Katholieke vrouwelijke heiligen, recepten voor taart en gebak, en onnavolgbare verwikkelingen op een internaat voor moeilijk opvoedbare meisjes. Tussen alle bedrijven door eiste Dorrestein een plek op voor vrouwen om te doen en te schrijven wat ze willen, met respect voor hun eigen (literaire) tradities:

Van de Berliner bol naar het boek is, zo hebben we gezien, maar een kleine stap. Ook een literair werk geldt al snel als een misbaksel wanneer het anders smaakt dan binnen de gangbare conventies wenselijk wordt geacht. De auteur dient niet af te wijken van de norm. Maar dat is nu juist het probleem. Want hoe zou iemand die de last van eeuwenlang kool koken met zich mee zeult, niet kunnen verschillen van iemand met de lust van eeuwen dobbelen achter de knopen?

Dorrestein maakt dit punt niet voor niets. Analyses van recensies van haar werk tonen aan dat veel critici haar romans duidelijk niet begrepen en neersabelden met oordelen als ‘triviaal’, te veel ‘gemekker’ over voedsel en andere minachtende etiketten. Volgens Vooys volgen die recensies steevast hetzelfde patroon:

  • levensbeschrijving met veel aandacht voor het uiterlijk en de kledingkeuze van Dorrestein
  • dan wordt Dorresteins nieuw verschenen boek getoetst aan haar maatschappijvisie zoals die uit haar columns en vroegere bezigheden spreekt
  • welles-nietes gedoe over de sekseverhoudingen, het feministische gehalte van en het waarheidsgehalte in haar werk (getoetst aan wat de recensent feministisch of ‘waar’ vindt, alsof dat een universele, neutrale en objectieve visie is)
  • negatieve beladen waardeoordelen die vooral tegen vrouwen worden gebruikt, zoals ‘te boos’ en ‘drammerig’

Deze meestal mannelijke recensenten hadden geen oog voor de literaire traditie waar Dorrestein zich in wilde scharen en waarmee ze juist weerwoord leverde op gangbare oordelen. Zo geldt het feuilleton nog steeds als een inferieur genre, zeker als de hoofdpersonen vrouwen zijn: het zijn romantische niemendalletjes, soaps, sensatieverhalen, alles behalve Serieuze Literatuur met een hoofdletter L. Wat Voor Alles een Dame in mijn ogen alleen maar leuker en subversieve maakt: dat wat de gangbare kritiek neersabelt, omarmde Dorrestein juist en verhief tot schitterende hoogten.

De laatste jaren zijn literaire recensenten meer tot het inzicht gekomen wat lezeressen en lezers al lang hadden: dat Renate Dorrestein, mede oprichtster van de Anna Bijns prijs, een unieke stem was in de Nederlandse letteren. Haar laatste bundel, ‘Dagelijks Werk’, kreeg lovende kritieken. Dorrestein was toen al ziek. Ze benutte de tijd die ze nog had om voor de laatste keer haar eigen zegje te doen:

“stel je voor dat je na je dood, als je je niet meer kunt verweren, een biográáf achter je aan krijgt”.

Daarnaast geeft ze lezers een kijkje in de keuken van haar schrijverschap.

Heel erg dat dit de laatste ‘echte Dorrestein’ zal zijn. Vaarwel, Renate!

Toegift: dit mooie interview uit dagblad Trouw, van oktober vorig jaar.

Gereedschapskist: The Male Glance

Filmcritica Laura Mulvey introduceerde in 1975 het begrip de male gaze. Een geseksualiseerde manier van kijken die mannen macht geeft en vrouwen reduceert tot seksobjecten. Nu heeft die term een broertje gekregen: de Male Glance. Geen geobsedeerde blik, maar een zijdelings vluchtig kijken, wegwuiven op basis van vooroordelen, en dan snel verder naar iets belangrijkers, aldus auteur en recensente Lili Loofbourow. Mijn toevoeging: kijken heeft te maken met macht, en nu vrouwen steeds meer macht opeisen, begint de mannelijke dominante blik af te kalven. Dus er is hoop….

Loofbourow werkt onder andere voor VQR, een literatuurmagazine. Zij benutte het lentenummer 2018 voor een uitgebreid essay over de manier waarop culturen mensen leren kijken en oordelen. We denken vaak dat dit een neutrale bezigheid is, maar met vele feministen zeg ook ik dat oordelen over talent en kwaliteit niet neutraal zijn. Het is subjectief.

Zo analyseerde Mulvey diverse films en signaleerde dat de camera niet neutraal is. De beelden slepen de kijker mee in een bepaalde subjectieve blik, namelijk die van een heteroseksuele man die vrouwen visueel bepoteld. Zie voor een recent voorbeeld de film Justice Legue, waar de camera pijnlijk vaak en langdurig blijft hangen bij de borsten en billen van actrice Gal Gadot. Die geseksualiseerde manier van kijken leidt de aandacht af van de persoonlijkheid en prestaties van een vrouwelijk personage. Ze bestaat alleen bij de gratie van haar uiterlijk en hoe plezierig dat uiterlijk is voor een heteroseksuele man.

Loofbourow bouwt voort op het idee van de Male Gaze en breidt het idee uit met de male glance. In plaats van een geobsedeerd staren naar borsten en billen gaat het hier om een vluchtige, minachtende mannelijke blik:

The male glance is the opposite of the male gaze. Rather than linger lovingly on the parts it wants most to penetrate, it looks, assumes, and moves on. It is, above all else, quick. […] The male glance is how comedies about women become chick flicks. It’s how discussions of serious movies with female protagonists consign them to the unappealing stable of “strong female characters.” [..] It tricks us into pronouncing mothers intrinsically boring […] Generations of forgetting to zoom into female experience aren’t easily shrugged off, however noble our intentions, and the upshot is that we still don’t expect female texts to have universal things to say. We imagine them as small and careful, or petty and domestic, or vain, or sassy, or confessional.

Deze blik reduceert romans van schrijfsters tot chicklit en maakt dat we enorm veel vrouwelijk talent over het hoofd zien, signaleert Loofbourow. Getroffen door de male glance blijven werken van vrouwen onbegrepen, obscuur, marginaal, terwijl werken van mannen op een voetstuk gehesen worden. De veelal negatieve waarde-oordelen rond onbegrepen werk van vrouwen komen voort uit het feit dat wij als cultuur kijken vanuit een mannelijk standpunt en alles over mannen het voordeel van de twijfel gunnen, terwijl we vrouwen en het vrouwelijke minachten en terzijde schuiven, stelt ze.

Voorbeelden te over. Neem de routinematige manier waarop mensen alles wat jonge meiden leuk vinden afdoen als triviaal, van slechte kwaliteit, iets waar je je voor moet schamen. Zo van als meisjes het leuk vinden, kan het niks zijn. Loofborouw neemt als voorbeeld auteur Elizabeth Gilbert. In haar eerste boeken stonden mannen centraal. Ze kreeg lovende kritieken. Toen ze echter over over vrouwen en vrouwelijke ervaringen begon te schrijven, sloegen de kritieken om. Opeens vonden critici er niks meer aan. Mensen stopten met lezen en begonnen met snelle oordelen. Na alle negatieve kritiek wilde je nog niet dood gevonden worden met Eat, Pray, Love in je handen:

I still haven’t read it. Here’s why: It’s too much mental work, because it would mean reading the book as me and also reading the book as we. The awful thing about internalizing the we—if you have—is that you have to fight it like a boss if you disagree with its verdict. What if I like Eat, Pray, Love? Do I want to take on the we—whose powers of discernment I’m too insecure to fully dismiss—in order to justify my liking? Will I feel embarrassed by my pleasure, ashamed for falling for what the we so cleverly saw through?  This is not a defense of Eat, Pray, Love. I’ll repeat: I still have not read it. But that’s precisely why it’s useful as an example: This is how ambient culture works. These streams of derision and praise are what determine what gets read (or watched) and what doesn’t. These are the currents that eventually confer greatness.

Enfin, lees vooral haar hele essay.

Is de situatie hopeloos? Nee. In haar analyse laat Loofborouw machtsverhoudingen buiten beschouwing. Maar die zijn cruciaal. Mannen domineerden het openbare leven eeuwenlang, maar sinds vrouwen stemrecht kregen, vanaf 1956 juridisch handelingsbekwaam geacht werden, reproductieve rechten veroverden en anno nu steeds vaker hun eigen geld verdienen, kunnen ze vaker hun eigen weg bewandelen en ruimte opeisen voor hun verhalen. Zo vindt op dit moment een vrouwelijke revolutie plaats in de Amerikaanse televisiewereld, met series waarin de vrouwelijke ervaring centraal staat.

Ook Loofbourows essay is een teken van vooruitgang. Situaties die vrouwen eeuwenlang moesten slikken, worden problematisch. Vrouwen analyseren in het openbaar wat er gebeurt, publiceren hun mening, doen onderzoek, zetten theorieën op en zorgen voor discussie en debat. Te beginnen met namen geven aan wat er gebeurt. Niet ‘wat een man thuis doet met zijn vrouw is privé’ maar huiselijk geweld, verkrachting binnen het huwelijk. Niet ‘o tienermeiden vinden het leuk, dan is het niet serieus’ maar The Male Glance. Stapje voor stapje komen we zo dichterbij een gelijkwaardig speelveld, waarin we het werk en de ervaringen van vrouwen serieuzer nemen. Vooruitgang….

UPDATE De Huffington Post refereert aan het essay van Loofbourow in een recensie over een onsamenhangende, seksistische debuutroman van acteur Sean Penn:

As I read Bob Honey, I couldn’t stop thinking of Lili Loofbourow’s recent, brilliant Virginia Quarterly Review essay, “The Male Glance,” which argues that we refuse to read genius, or even artistic intentionality, into works by women. The flip side is that we do readily presume those things in the works of men. […] Penn’s already been offered more benefit of the doubt than he’s earned, and more than any equivalent actress would receive. He joins a select crew of successful white male actors who think they have very literary things to say, and who have therefore been offered hardcover book deals with blurbs by Salman Rushdie.

Uitgeverij Chaos en nieuwe boeken rond feminisme

Nederland is een feministische uitgeverij rijker: Chaos. Op internationale vrouwendag, geen toevallig moment natuurlijk, publiceerden ze hun eerste uitgave. Een nieuwe Nederlandse vertaling van een feministische klassieker van Virginia Woolf, Een Kamer voor Jezelf. Later dit jaar volgen nog twee verhalenbundels en in maart 2019 een vertaling van een roman van Zora Neale Hurston. Mooi nieuws want voor de vorige expliciet feministische uitgeverij moeten we dertig jaar terug in de tijd.

 

Op haar website stelt Uitgeverij Chaos zichzelf voor als een samenwerking tussen drie vrouwen, te weten Sayonara Stutgard, Thalia Ostendorf en Yael van der Wouden. Ze willen ”chaos creëren op elk feestje!” Door ”ongehoorde verhalen uit de marges te halen en het aan de lezers te bieden die de verhalen verdienen”.

De uitgeverij wil interactioneel werken. Dat is een moeilijk woord voor breder kijken dan je neus lang is: vrouwen hebben te maken met discriminatie, maar mensen met een gekleurde huid ook, en mensen uit ”lagere klassen” (niet Ons Soort Mensen) ook, en je moet daar rekening mee houden. Het gaat om diverse soorten machtsverschillen en verschillende posities in de samenleving, die maken dat je soms extra je best moet doen om een gelijk speelveld te krijgen. Zie daarvoor ook mijn artikel over interactioneel feminisme, met alle verdere uitleg en details.

De drie vrouwen konden het zelf bijna niet geloven dat Nederland zo’n dertig jaar lang geen enkele feministische uitgeverij kende. De vorige, Uitgeverij Sara, ontstond midden in de tweede feministische golf, in 1977. Tien jaar later ging Sara failliet en kocht Uitgeverij Van Gennep hen over.

Dat het in de tussentijd niet helemaal een hopeloze woestenij werd, danken we aan initiatieven zoals de oprichting van Artemis. Geen nadrukkelijk feministische organisatie, maar wel een imprint die zich richtten op boeken van schrijfsters. In 2014 besloot Ambo/Anthos de imprint op te heffen, en verdween Artemis weer van het toneel.

En nu dus Chaos. Ik wens ze een mooie tijd toe en dat ze maar decennia lang mooie feministische boeken uit mogen geven.

Meer feminisme? Monika Triest publiceerde bij Uitgeverij Vrijdag ‘Wat zoudt gij zonder ’t vrouwvolk zijn?’,  een geschiedenis van het feminisme in België. Ze laat je onder andere kennis maken met Isabelle Gatti de Gamond (1839-1905), pedagoge, socialiste, vrijdenkster en de eerste Belgische feministe. Een andere recente uitgave is Alleen Ja Telt van Liesbeth Kennes. Deze pedagoge en auteur gaat in op de seksuele mores en de verkrachtingscultuur. In België, maar wat ze schrijft geldt net zo goed voor Nederland, Duitsland, de V.S., enz. enz.

Nederland zag vorig jaar twee belangrijke publicaties voor een groot publiek. Linda Duits gaat in Dolle Mythes in op allerlei vooroordelen en aannames rondom feminisme. En onze eigen Anja Meulenbelt neemt de lezer mee op een reis langs allerlei feministische ideeën en de aard van de feministische golven. Beide vrouwen constateren dat het feminisme in Nederland stagneert: er gebeurt wel vanalles, maar tot een massalere beweging komt het niet en vrouwen met een gekleurde huid blijven te vaak in de marge staan. Beiden hebben ook ideeën hoe het beter kan. Kortom super interessant leesvoer!

 

“De Macht” maakt deel uit van een nieuwe vrouwenopstand

Hoera, de prijswinnende SF roman van Naomi Alderman is in het Nederlands vertaald onder de titel De Macht. Voor het eerst in tijden kunnen mensen weer eens kennis maken met vrouwelijke personages die geweld gebruiken om een einde te maken aan agressie van mannen. Dat komt niet vaak voor in feministische utopieën of dystopische romans, signaleert literatuurcritica Elaine Showalter.

Als dit fenomeen de kop opsteekt in boeken, is dat meestal omdat er iets broeit in de samenleving:

Despite the infinite possibilities of imagination, most feminist speculative fiction could display the humane tagline: “No men were harmed in the writing of these books.” Rage and the desire for revenge against male oppressors, however, has emerged in women’s dystopian writing during periods of feminist protest and uprising.

Showalter signaleert dat vrouwen, van Margaret Cavendish in 1666 tot aan moderne grootheden zoals LeGuin en Atwood, meestal opvallend vredig denken over revoluties. Vrouwelijke personages zijn het lijdend voorwerp of strijden met woorden, argumenten, ideeën. Regelmatig bereiken ze hun utopie alleen door zich terug te trekken in samenlevingen zonder mannen. Zo stelde Christine de Pizan zich al circa 1405 een Stad der Vrouwen voor, waarin vrouwen veilig zijn voor hatelijke mannen.

De voorbeelden van auteurs die vrouwelijke personages expliciete agressie tegen mannen laten gebruiken, zijn schaars. Zo staat Atwood’s  roman Het Verhaal van de Dienstmaagd bol van het geweld, maar het is meestal geweld tegen vrouwen. Als vrouwen persoonlijk een man aanvallen en/of vermoorden, gebeurt dat bij wijze van genade, ziet Showalter. Een verzetsman valt in handen van het theocratische regime dat vrouwen reduceert tot broedkippen. De overheid veroordeelt hem tot een openbare lynchpartij in een stadium, met vrouwen als beulen. Een vrouw die banden heeft met het verzet, zorgt dat ze als eerste bij hem is en vermoordt hem snel en relatief pijnloos. Ze bespaart hem zodoende een marteling.

Uitzonderingen steken de kop op als vrouwen een emancipatiegolf vormen. Neem bijvoorbeeld auteur Joanna Russ. In haar romans van eind jaren zeventig, begin jaren tachtig, tijdens de tweede feministische golf, vechten vrouwen soms met een man. Ze gebruiken wapens. En winnen.

In De Macht, originele titel The Power, schrijft Alderman over een maatschappij waarin jonge vrouwen tijdens hun puberteit een lichamelijke verandering doormaken. Daardoor kunnen ze elektrische schokken uitdelen. Van een fijne tinteling tot een zodanig heftige schok dat mensen sterven. Meisjes blijken deze gave wakker te kunnen maken in oudere vrouwen, zodat al snel iedere vrouw de mogelijkheid heeft iemand met één klap te doden. Mannen worden bang voor vrouwen: wangedrag kan hen fataal worden. De macht leidt tot grote veranderingen. Slachtoffers van mensenhandel vermoorden mensenhandelaars, huisvrouwen doden de partner die hen slaat, en meiden slaan terug als ze geconfronteerd worden met straatintimidatie.

Showalter stelt dat Alderman in haar science fiction boek de huidige woede kanaliseert, die vrouwen verenigt in campagnes zoals #metoo en #yesallwomen:

So why this fantasy now? Alderman is reflecting and channeling the anger of a young generation of feminists who will not forgive, excuse, cover up, and accept male abuse. […]  Women are willing to use their public power to destroy men’s careers, to break up their marriages, even send them to prison. […]  If, as Lindy West wrote recently, “feminism is the collective manifestation of women’s anger,” this feminist wave is a tsunami. Alderman sees herself as part of that wave.

Met haar roman stelt Alderman de huidige machtsongelijkheid tussen de seksen aan de kaak, zwengelt ze het debat aan over agressie, en laat ze mensen speculeren wat er zou kunnen gebeuren als vrouwen opeens ongestraft terug kunnen slaan.

Het boek geeft mannen ook de kans om hun empathische vermogens verder te ontwikkelen. Vrouwen hebben te maken met massale agressie van mannen, zowel psychologisch als fysiek, en veel vrouwen zijn bang, als ze eerlijk zijn en die nare emotie toestaan. We blijven tot het uiterste lief voor mannen, want we vrezen wat er kan gebeuren als mannen kwaad worden – huiselijk geweld, aanranding en verkrachting, of zelfs moord en schietpartijen. Wat als mannen zich zorgen moeten maken over vrouwelijke agressie? Wat als mannen tot het uiterste lief en beleefd moeten blijven tegen vrouwen, omdat situaties anders razendsnel kunnen escaleren? Alderman maakt die belevingswereld invoelbaar. Mannen, doe er je voordeel mee! En behandel vrouwen daarna wat vriendelijker. Je weet wel, als mensen met gevoel en verstand….

Ierse vrouwen maken eindelijk kans op baas in eigen buik

Eén van de meest fundamentele mensenrechten is het recht om over je eigen lijf te beschikken. Kan dat niet, dan sterven vrouwen of komen ze ernstig in de problemen. Daarom is het goed nieuws dat Ierse politici eindelijk luisteren naar vrouwen. Ieren mogen over enkele maanden naar de stembus voor een referendum over abortus. Als een meerderheid instemt, krijgen vrouwen meer rechten en mogelijkheden een ongewenste zwangerschap af te breken. Vrouwen dwongen deze stap af. Hulde!

Foto: The Independent. Demonstratie in Dublin voor baas in eigen buik.

Vorig jaar kondigde de Ierse premier Varadkar de volksstemming al aan, maar het Parlement moest nog toestemming geven. Dat deden de leden deze week. Het referendum komt nadat met name vrouwen in het algemeen, en feministische groepen in het bijzonder, jarenlang campagne voerden voor het recht van baas in eigen buik. Het land vormt daarmee opnieuw een bevestiging van een Duitse studie, die aantoonde dat de kracht van de vrouwenbeweging bepaalt of onderwerpen zoals abortus of huiselijk geweld op de agenda komen. En of het daaropvolgende debat leidt tot meer rechten voor vrouwen.

In Ierland won de vrouwenbeweging steeds meer aan kracht, onder andere omdat de situatie rond abortus onmenselijk wordt. Ierland heeft in de grondwet opgenomen dat het leven van een vrouw en het leven van een foetus gelijk zijn. In de praktijk betekent dit dat artsen en andere autoriteiten de foetus voorrang geven.

Dit leidde onder andere tot de compleet vermijdbare, schandalige dood van Savita Halappanavar. Haar zwangerschap liep mis in de zeventiende week en ze kreeg bloedvergiftiging. Een abortus had haar kunnen redden, maar artsen deden niets omdat ze meenden dat de foetus nog een hartslag had. Ze stierf. Niet voor niets stelde Amnesty International dat de overheid vrouwen reduceert tot de status van willoze baarmoeder waar een baby uit moet komen, of anders….

De bepaling in de grondwet heeft ook bizarre juridische gevolgen. Stel, een man verkracht een vrouw. Zij wordt ongewenst zwanger en regelt een abortus. Ze kan in dat geval een langere celstraf krijgen dan haar verkrachter. Om nog maar te zwijgen over alle vrouwen die lijden onder het stigma en in de illegaliteit proberen een zwangerschap te beëindigen met pillen of door naar Engeland te reizen, waar abortus wél mogelijk is. Zo’n vierduizend vrouwen maken jaarlijks die reis, maar dat is geen optie voor vrouwen die geen geld hebben.

Na talloze demonstraties, campagnes enzovoorts zijn Ierse politici nu zo ver dat ze een referendum toestaan. De stemming gaat over het al dan niet handhaven van die toevoeging aan de grondwet dat foetussen dezelfde rechten moeten hebben als mensen. Als die bepaling uit de grondwet gaat, wordt het mogelijk vrouwen meer rechten te geven. Volgens peilingen zou 56% van de bevolking abortus tot in de twaalfde week ok vinden. Van de jongeren tot 24 jaar zou zelfs driekwart daar mee instemmen.

Vaarwel Ursula Le Guin

Wat een manier om het nieuwe jaar te beginnen: SF grootheid Ursula Le Guin is overleden. Ok, ze was 88 jaar oud. Het moet een keer gebeuren. Niemand heeft het eeuwige leven. Maar toch. Als je haar boeken, essays, speeches en overpeinzingen graag las, komt het hard aan dat de huidige omvang van haar werk zo blijft. Er zal nooit meer iets bij komen. Lavinia geldt voor altijd als haar allerlaatste roman, en No Time to Spare haar laatste collectie artikelen. Diepe, diepe zucht…

Ik weet niet meer precies wanneer ik voor het eerst iets van Le Guin las, maar het moet in mijn puberteit zijn geweest. Waarschijnlijk de Aardzee trilogie, al vroeg in het Nederlands vertaald en beschikbaar in de bibliotheek, waar ik vaak kwam. Ik vond het gewéldige boeken. Spannend, sprookjesachtig, ontroerend. Als tiener snapte ik lang niet alle diepere lagen in het verhaal, maar dat maakte het des te leuker deze romans op latere leeftijd opnieuw te lezen.

Na Aardzee adviseerde een neef De Linkerhand van het Duister, een baanbrekend werk waarin Le Guin speelt met opvattingen over gender, mannelijkheid en vrouwelijkheid. Het verhaal speelt zich namelijk af op een planeet waar de bewoners (de buitenaardse wezens) geen geslacht hebben, tenzij de periode van Kemmer aanbreekt. Ze ontwikkelen dan genitaliën en kunnen zich voortplanten. Je weet echter nooit of je deze keer het ”mannetje” of het ”vrouwtje” wordt. Alles loopt door elkaar.

Dat door elkaar lopen, dat doorbreken van rigide structuren, vat magazine Knack samen als ‘schrijfster die de verbeelding van haar lezers wilde trainen‘. In de verbeelding kan en mag alles. Geen dogma’s, geen zwart-wit situaties, geen wetten. Juist in je fantasie staat het menselijke voorop en mogen situaties complex zijn, zonder eenduidige antwoorden. Le Guin vond haar plek in de SF en fantasy, een genre waar alles draait om een rijke fantasie, maar het duurde jaren voordat mensen doorkregen hoe bijzonder haar bijdragen waren:

Le Guin hasn’t always been recognized for her contributions. She struggled until her 30s to publish her fiction, and after she’d found a home in science fiction and fantasy, fought what she saw as bias in the literary establishment toward women and “genre writers.” Reviewers weren’t sure what to do with her stories, slippery and idiosyncratic as they are. Now the gatekeepers have caught up.

Le Guin zelf leerde ook bij. Zo keek ze achteraf met enige spijt terug op haar keuze om alle wezens in De Linkerhand van het Duister met ‘hij’ aan te duiden. Daardoor ontstaat onbedoeld de indruk dat de wezens eigenlijk toch mannelijk zijn en alleen af en toe in een vrouw veranderen. Le Guin schreef het boek eind jaren zestig, toen mannen het openbare leven nog volledig domoineerden, en ze geeft toe dat die mannelijke overheersing haar sterker beïnvloedde dan ze op dat moment kon zien.

Ze ging bij zichzelf te rade welke vanzelfsprekende patronen ze nog meer automatisch volgde en ontwikkelde zich in de jaren tachtig tot een voluit feministische auteur. Keer op keer pleitte ze voor de vrijheid voor vrouwen om de wereld een eigen vorm te geven en te leven op hun eigen voorwaarden:

In a 1983 address at Mills College in California, she told graduates: “Why should a free woman with a college education either fight Machoman or serve him? Why should she live her life on his terms? … I hope you live without the need to dominate, and without the need to be dominated.”

Ze benutte dit thema ook in korte verhalen zoals She Unnames Them, waarin Eva alle namen die Adam uitdeelde, weer intrekt. Dat gaat niet zonder slag of stoot. Zo vinden de Yaks hun naam fijn en passend. Maar alle dieren besluiten uiteindelijk dat Eva gelijk heeft. Ze hebben die namen niet nodig. Ook Eva geeft haar naam terug. Daarna knijpt ze er tussenuit. Ze laat Adam achter om een ander bestaan te zoeken, vrij van etiketten en labels.

Le Guin was er van overtuigd dat vrouwen op die manier onherroepelijk voor revoluties zorgen. Gewoon, door hun ervaringen te delen en te zijn wie ze zijn:

I know that many men and even women are afraid and angry when women do speak, because in this barbaric society, when women speak truly they speak subversively – they can’t help it: if you’re underneath, if you’re kept down, you break out, you subvert. We are volcanoes. When we women offer our experience as our truth, as human truth, all the maps change. There are new mountains.

Die strijd om vrijheid en drang naar revolutie komen, breder, ook terug in De Ontheemde. Dit boek las ik pas als volwassene, en dat is maar goed ook. Ik denk niet dat ik als tiener de aantrekkingskracht van dit meesterwerk zou hebben begrepen. De Ontheemde begint met een muur. Geen hoge muur, sterker nog, hier en daar is de muur nauwelijks zichtbaar en op andere plekken is het een afbrokkelende laag stenen waar je zo overheen kunt stappen. Maar het is een muur, en die muur doet iets.

Wat, dat ontdek je op allerlei manieren in de roman. Die gaat onder andere over muren tussen mensen, muren tussen culturen, scheidingen tussen politieke systemen en manieren van leven. Het gaat over de risico’s van een kapitalistische samenleving waar alles draait om winst, rangen en standen. Maar ook zogenaamde anarchistische, collectieve manieren van leven hebben hun duistere kanten. Ook die systemen lopen het risico gekaapt te worden door kleine groepjes die de macht opeisen.

Mocht dit droog en analytisch klinken, vrees niet. Opnieuw staan mensen en het menselijke voorop. Le Guin gebruikt humor, ontroering en dood in haar verhaal. Dat typeert haar. Le Guin hield zich met veel onderwerpen bezig, maar bovenal was ze een rasechte verhalenverteller. Ze inspireerde mensen, bracht hen op nieuwe ideeën, liet hen lachen en huilen en nagelbijten van de spanning, en zorgde ervoor dat je aan het eind, als je de laatste bladzijde omsloeg, meteen weer opnieuw zou willen beginnen met lezen, gewoon, omdat haar verhalen zo rijk en fantasievol zijn.

Heel jammer dat ze er niet meer is. Gelukkig leven haar woorden voort….

You cannot buy the revolution. You cannot make the revolution. You can only be the revolution. It is in your spirit, or it is nowhere.

Vaarwel, Ursula Le Guin…

Machtsongelijkheid en verongelijkte mannen

De ontwikkelingen rond seksuele intimidatie, #metoo en bekende mannen die ten val komen blijven maar komen. De lijst groeit met de dag – nu weer de Belgische tv maker Bart de Pauw en de Nederlandse casting-poortwachter Job Gosschalk. Na jaaaaaren over grijpgrage mannen geschreven te hebben kan ik alleen maar toejuichen dat dit onderwerp eindelijk breed onderwerp van gesprek is en langzaam aan pijnlijk wordt voor foute mannen. Ik voeg er graag wat achtergrond analyses aan toe. Na de analyse van groepsdynamiek, met dit soort foute mannen als ontbrekende traptrede, deze keer: machtsverschillen.

Macht lijkt voor sommige mensen moeilijk zichtbaar te zijn als het gaat om seksuele intimidatie, aanranding en/of verkrachting. Veel mensen, waaronder mannen met boter op hun hoofd, vormen verbale rookgordijnen om de blik te vertroebelen. Ze beweren dat het gaat om seks, om onschuldig flirten, ze verschuilen zich zoals Weinstein achter veranderingen in de cultuur: arme ik was een product van de jaren zeventig, toen kon alles. Eigenlijk zijn mannen de slachtoffers van dit verhaal. Ze mogen ook niks meer. Zelfs een hand op een schouder kan nu al leiden tot ontslag, huuuuuuuuu. Hoe overleven zulke verwarde mannen andere sociale situaties?

Zodra je echter kijkt naar de patronen, vallen foute mannen genadeloos door de mand en blijkt duidelijk dat het gaat om macht. En dan vooral: gebruik maken van machtsongelijkheid. Neem Job Gosschalk: hij koos als doelwit jonge, onervaren acteurs die aan het begin van hun loopbaan stonden en wisten dat hun succes afhankelijk was van de goedkeuring van zijn castingbureau. Hetzelfde geldt voor docenten van toneelscholen die ”relaties” aanknoopten met studenten. Dezelfde studenten die voor hun diploma van hun oordeel afhankelijk waren. Het gaat, kortom, om poortwachters. Mannen die zwaarwegende besluiten kunnen nemen, mannen die bepalen of je wel of geen werk hebt of krijgt. Mannen met macht.

Een ander machtsverschil zit ‘m in geld. Hij heeft geld. Zijn slachtoffers niet of nauwelijks. Gevestigde mannen met een stabiel, hoog inkomen kiezen als doelwit mensen die financieel geen stabiliteit hebben en voor hun inkomen afhankelijk zijn van zijn welwillendheid. Denk aan de baas die een vrouw met een tijdelijk contract bepotelt. De leidinggevende die een stagiair lastig valt. De poortwachters a la Weinstein die jonge, beginnende actrices in het nauw drijven. Jezelf verweren is lastig als verzet betekent dat je je toch al schamele inkomen kwijt kunt raken. Vrouwen die seksueel geïntimideerd worden op hun werk, blijven soms toch jaren in die giftige sfeer werken, omdat ze geen financiële alternatieven hebben:

“I didn’t walk out of that job because I don’t sit on a trust fund,” she told me after detailing her harassment with pointillist specificity. “I have no rich grandmother. I put out 300 résumés and waited.”

Macht kan ook immaterieel zijn en voortvloeien uit status en aanzien. Zowel over Harvey Weinstein, als de bekende komiek Louis CK, als over Bart de Pauw deden al jaren geruchten de ronde dat zij grensoverschrijdend gedrag vertoonden. In het geval van Weinstein en Louis CK waren hun daden zelfs voer voor stand up comedians, tijdens een Oscar uitreiking bijvoorbeeld. Maar de mannen konden jarenlang ongestoord doorgaan zonder dat er iets gebeurde, omdat ze golden als de succesvolle mannen met status, met privileges, de goudhaantjes, de grootverdieners. Veel mensen houden zulke mannen de hand boven het hoofd. Hij is zó goed, de anderen moeten zich maar aanpassen.

Tegenover al die vormen van macht verliest de eenling het. Maar de dynamiek verandert als mensen zich verenigen en als groep  optreden. Bij Weinstein gaat het inmiddels om 79 vrouwen. Bij Louis C.K. betreft het tenminste vijf vrouwen. Bij Bart de Pauw betreft het diverse getuigenissen, waarbij de namen bekend zijn bij zijn voormalige omroep. Bij Gosschalk gaat het om minstens drie acteurs, maar getuigenissen van anderen beginnen ook overal op te duiken. Vrouwen geven hun ervaringen ook massaal door via #metoo, een uitvinding van  Tarana Burke. Zij wilde slachtoffers een stem geven en hun isolement verminderen.

Die massale aantijgingen kun je niet meer afdoen met ‘ze liegen’. Een persoon kan uit zijn op persoonlijk of financieel gewin, maar 79? ‘k Dacht het niet. De roep om van seksuele intimidatie een mannen probleem te maken, iets waar mannen iets mee moeten, wordt steeds luider. Dat is niet fijn voor ze. Ze moeten aan het werk. Zichzelf bijsturen. Hun aso impulsen in toom houden. Dat leidt tot gemok en gepruil, maar ze moeten iets doen. Want daders krijgen steeds vaker hun ontslag, leggen zelf hun werk neer, lopen onderscheidingen mis. Ze ondervinden eindelijk negatieve gevolgen van hun daden.

Ik besluit dit stuk graag met een oproep om het werk van feministe Andrea Dworkin te lezen of nog eens te herlezen. Als het gaat om mannen, macht en seksuele intimidatie en geweld tegen vrouwen, heeft zij zeer heldere analyses gegeven die je een op een kunt terugzien in de tientallen schandalen die nu eindelijk openbaar worden. Aanbevolen om je verder in dit thema te verdiepen!

Handige woorden voor vergadersituaties – hemhalen

Als vrouw zichtbaar en hoorbaar zijn in vergaderingen is hard werken. Woorden helpen om in beeld te krijgen wat er zoal gebeurt als mannen en vrouwen overleg voeren. Zoals een nieuwe term: he-peaten. Jij zegt iets, iedereen negeert je idee. Een man herhaalt jouw idee – in het engels: to repeat – en nu vindt iedereen het opeens geniaal, briljant, doen! Jij, vrouw, werd ge he-peat…. Voor de Nederlandse versie zou ik zeggen: hemhalen. Hij herhaalt jouw idee en opeens horen mensen wél wat er wordt gezegd. Je werd ge hemhaald.

Mannen geloven het vaak niet als vrouwen proberen te vertellen wat ze zoal meemaken in vergaderingen. Maar iedere vrouw die ik ken heeft de ervaring dat mannen je uitvoerig uitleg geven over een onderwerp waar je nota bene zelf deskundig in bent – het zogenaamde  ‘mansplainen‘. Ook maakt iedere vrouw die ik ken mee dat mannen je op een hele vervelende manier onderbreken en zelf weer het hoogste woord voeren. Daar hebben vrouwen een andere term voor bedacht: manterrupting. Van interrupting, onderbreken.

Het maakt niet uit wie je bent, en welke achtergrond je hebt. Zelfs de meest ambitieuze vrouwen met de hoogste opleidingen moeten hard werken om volwaardig deel te kunnen nemen aan vergaderingen. Zo ontwikkelden vrouwen in de staf van de Amerikaanse ex-president Obama de techniek van amplificatie. Om gehoord te worden ontwikkelden ze een strategie waarbij ze elkaar het woord teruggaven (goed punt Henk, maar wat zei Janet ook al weer?), elkaars ideeën herhaalden totdat ze hun punt hadden gemaakt, en in het algemeen elkaar steunden door passende, welgemeende complimenten te geven.

Ondertussen valt er genoeg te lachen rond ellende met mannelijke vergadertijgers en seksisten algemeen. Zoals deze, over de goed gedocumenteerde situatie waarbij man en vrouw hetzelfde zeggen, maar mensen vinden de man assertief, een goede leider,  en de vrouw een enge bitch:

Bonus: