Tag Archives: emoties

Woede krijgt de eer die het verdient

Nederlandse uitgeverijen opgelet: in de Engelstalige feministische wereld komt boek na boek uit over woede bij vrouwen. Vertaal die aub zo gauw mogelijk in het Nederlands, zodat wij baat kunnen hebben bij hun analyses, geschiedenislessen en adviezen. Concreet: Good and Mad, ‘De Revolutionaire Kracht van Vrouwelijke Woede’ van Rebecca Traister, Soraya Chemaly en haar boek Rage Becomes Her, en Eloquent Rage van Brittney Cooper. Alledrie verschenen kort na elkaar. Waardevol om te lezen, zeker met internationale vrouwendag in het vooruitzicht!

Woedende vrouwen vinden we als cultuur en als samenleving eng, heel eng. Veel mensen, redelijk recent nog schrijfster Sarah Sluimer, constateren dan ook dat we boosheid bij vrouwen zo snel mogelijk onder het tapijt willen vegen, en dat we de boze vrouwen zelf terug in hun hok willen hebben. Sluimer (en met haar vele anderen, en vele feministen) noemt woede bij vrouwen een taboe. Dat is ook de ervaring van journaliste Hasna El Maroudi. Ze kwam er al jong achter dat er bijzonder weinig voor nodig is om schrik- en tut-tut reacties bij de omgeving op te roepen:

‘Meisje, kijk niet zo boos.’ Het moet rond mijn dertiende zijn geweest toen ik het voor het eerst op straat te horen kreeg. Sindsdien is mijn gemoedstoestand geregeld door voorbijgangers – mannen – onder de loep genomen, uitgeplozen en bekritiseerd. Het enige dat ik ervoor hoef te doen is niet lachen. Inmiddels zijn er ook andere variaties op, waaronder ‘kijk niet zo lelijk’ en ‘kijk niet zo serieus’. Het enige dat ik daarvoor hoef te doen is na te denken. Zo heb ik in de supermarkt menig reactie uitgelokt door mijn ik-geloof-dat-de-halfvolle-melk-in-de-koelkast-bijna-op-is blik. Of ik alsjeblieft wat vriendelijker naar het melkschap wil kijken?

Dat taboe geldt zelfs voor fictieve vrouwelijke personages. Als vrouwen in een roman boos zijn of boos dreigen te worden, leidt dat opvallend vaak tot straf, signaleert Emilie Pine in een artikel voor de krant The Guardian. Ondertussen mogen mannen rustig boos worden, stampvoeten, het uitgillen, dat zíj het slachtoffer zijn en grrrrtvrrrrdrie recht hebben op X,Y of Z.

Feministen zien die dubbele moraal zeer scherp. Geen wonder dat wij feministen woede altijd een zeer interessant onderwerp vonden. Woede kan namelijk zorgen voor revolutionaire verandering. En dat willen we graag. Woede gaf ons stemrecht, reproductieve rechten, en ruimte om onze verhalen te vertellen. Maar we zijn er nog lang niet. Woede blijft nodig. En dan blijft het ook noodzakelijk om te bekijken wat er gebeurt als vrouwen boos worden, en hoe we met weerstand tegen boosheid bij vrouwen omgaan.

Recent klommen verschillende feministen in de pen om een nieuwe slinger te geven aan deze aloude strijd om woede te mogen tonen en verandering te eisen. Soraya Chemaly, een feministe en journaliste die ik bewonder en waar ik al eerder over schreef, publiceerde eind vorig jaar Rage Becomes Her. Ze onderzoekt hoe wij als cultuur en samenleving mensen zodanig opvoeden, dat jongens en mannen boos mogen zijn, maar vrouwen niet. En zeker niet vrouwen met een gekleurde huid.

Omdat er zo snel zoveel sociale afkeuring volgt, zodra vrouwen boosheid tonen, leren meisjes al jong hun woede in te slikken. Dat leidt vervolgens tot allerlei lichamelijke en psychische klachten, en maakt vrouwen minder weerbaar omdat het lastig wordt grenzen te stellen als je constant lief, zorgzaam en behulpzaam moet blijven. Chemaly analyseert dit alles en gaat in op manieren om woede te mogen voelen en er constructief mee om te gaan.

Datzelfde doet ook auteur Brittney Cooper, tevens oprichtster van Crunk Feminist Collective, maar dan met een focus op de zwarte gemeenschap in de V.S. en de specifieke hindernissen die vrouwen met een gekleurde huid ondervinden om boos te mogen zijn. Vrouwen krijgen te horen dat anderen hen boos vinden, zelfs als ze zelf geen woede voelen. Vervolgens wordt die woede tegen de zwarte vrouw gebruikt, signaleert Cooper. Zelfs een kalme, diplomatieke First Lady zoals Michelle Obama ontkwam niet aan racistische aanvallen wegens ‘boze zwarte vrouw‘ en moest manieren vinden om dit negatieve etiket te ontkrachten.

Rebecca Traister tenslotte, concentreerde zich in Good and Mad op de lange geschiedenis van vrouwen die woedend werden, de grote maatschappelijke omwentelingen die woedende vrouwen tot stand brachten, en de al even lange geschiedenis om het revolutionaire potentieel van die woede zo snel mogelijk de kop in te drukken. De recensente van Smart Bitches, Trashy Books vat het boek als volgt samen:

Women are and have been furious, and that fury can organize to cause massive changes, and then that fury and the women who carry it are suppressed and undermined because they threaten the dominant power structures. White women’s rage is always treated differently than the rage of women in marginalized communities, too. Lather, rinse, repeat, goddammit.

Boos worden en blijven? Iets constructiefs doen met die woede? Ga dan 9 maart naar de Vrouwenmars in Amsterdam (De Dam). Neem een kijkje bij het Verzetshandboek van advocate Aditi Juneja en collega’s. Of lees Road Map – een boek voor activisten met tips, strategieën en manieren om je punt duidelijk te maken en verandering in gang te zetten. En neem vooral een kijkje bij het werk van Andrea Dworkin, die haar woede om wist te vormen tot vlijmscherpe analyses en prachtige voorbeelden van moed en gedroomde veranderingen. Of bij mensen zoals Audre Lorde en bell hooks.

Wil je even wat anders, kijk dan eens wat er gebeurt als de rollen omgedraaid zijn, zoals in deze negen romans waar vrouwen regeren. Of de macht krijgen dankzij The Power. Of vrouwen die alles hebben – zelfstandigheid, talenten en capaciteiten, en een knappe man of vrouw aan hun zijde, ongehinderd doen wat nodig is. Zoals in Polaris Rising. Of in de Alyx serie van Joanna Russ. Oh, en alles waar vrouwelijke piraten in voorkomen, om maar iets stoers te noemen.