Tag Archives: achterstelling

De Gereedschapskist: micro-ongelijkheden

Zo erg is het toch niet meer, mensen? Vrouwen hebben stemrecht, mogen betaald werk buitenshuis verrichten, en lopen niet meer het risico om letterlijk als heks verbrand te worden. We hebben zelfs wetten tegen huiselijk geweld. Dus, als vrouwen nu nog geen gelijkwaardige positie in de samenleving innemen, komt dat omdat ze zelf liever thuis bij de kindjes zitten. Toch? Aha, maar dan rekenen mensen buiten de kracht van de micro-ongelijkheden.

De term ‘micro-ongelijkheden’ slaat op de opeenstapeling van kleine drempels, obstakels en moeilijkheden, die maakt dat mannen de wind in de rug hebben terwijl vrouwen tegen de wind in moeten voortploeteren. Het is het verschil tussen subtiele aanmoediging en ontmoediging. Subtiel, want het gaat om schijnbare kleinigheden, een bepaalde ondertoon:

Misogyny does not present itself with a neon sign reading “look! I hate women!”. I often wish it did, then at least we wouldn’t have to waste so much time demonstrating that it exists at all.

Uiteraard was het een vrouw die dit beestje een naam gaf. Econome Mary Rowe kreeg in 1973 een baan bij MIT, een prestigieuze technische universiteit in de V.S. Ze kreeg opdracht in kaart te brengen hoe het kwam dat sommige groepen duidelijk ondervertegenwoordigd waren, en wat de universiteit kon doen om toegankelijker te worden. Rowe verwachtte dat klinkklaar onrecht groepen zoals vrouwen tegen hield, maar dat bleek op een paar uitzonderingen na nauwelijks het geval. Nee, het zat ‘m in de geniepige details. De definitie van micro-ongelijkheden van Rowe:

I defined them as “apparently small events which are often ephemeral and hard-to-prove, events which are covert, often unintentional, frequently unrecognized by the perpetrator, which occur wherever people are perceived to be ‘different.’”

Denk aan ongelukjes, van het type goh, stond je niet op de lijst van genodigden, natuurlijk maak ik dat nu in orde. Of grapjes die beledigend zijn voor minderheden, zodat zij zich minder welkom voelen. Uitnodigingen met teksten als ‘breng je echtgenote mee’ – jammer voor jou als je vrijgezel of homo/lesbisch bent. Denkbeelden die er van uit gaan dat een bepaalde groep automatisch beter is of meer gekwalificeerd voor sommige taken. Een neerbuigende behandeling ondergaan, zo subtiel dat het lastig is om concreet aan te geven waarom je je zo gemarginaliseerd voelt – maar die minachting is wel degelijk reëel.

De lijst is eindeloos, maar Rowe merkte dat zulke schijnbare details en kleinigheden een groot negatief effect bereiken:

Little acts of disrespect, and failures in performance feedback, seemed to corrode some professional relationships like bits of sand and ice.  […]  I observed what I saw as the cumulative, corrosive effect of many inequities, and concluded that micro-inequities have been a principal scaffolding for discrimination in the US. Micro-inequities appeared to be a serious problem since much of this bias is unconscious and unrecognized—and even hard to believe when described—unless videotaped.

Wat Rowe signaleerde in 1973, geldt nu nog. Steeds opnieuw blijkt uit loopbaanonderzoeken dat vrouwen niet tegen worden gehouden door één duidelijk aanwijsbare onrechtvaardigheid. Het gaat om een accumulatie van allerlei kleine effecten, waardoor het vrouwen niet lukt om tot de hogere regionen van organisaties door te dringen. Dat stelt mensen voor problemen. Zo interviewde het blad Pandora deze maand Piet Hoekstra, vice-decaan bij de faculteit Geowetenschappen. Hij stelt:

Dat maakt het probleem tamelijk ongrijpbaar,  je hebt niet de handvatten om er veel aan te doen. Als je iets wilt doen, moet dat met gericht stimulerend beleid. In het middenkader zijn verhoudingsgewijs al weinig vrouwen aanwezig en de doorgroei is in die hoek zeer beperkt. Als bezuinigingen een vacaturestop afdwingen en je formatie vast zit, gebeurt er een tijdlang niets.

Kortom, het gaat om een hardnekkige situatie en bezuinigingen maken het er niet beter op.

Zijn we nu voor altijd en eeuwig de klos? Nee. In plaats van vrouwen al dan niet subtiel op hun plek te zetten, kunnen organisaties en mensen vrouwen óók, al even subtiel, hints geven dat ze er mogen zijn. In plaats van micro-ongelijkheden pleit Rowe voor het toepassen van micro-affirmaties. Dat zijn volgens haar alledaagse, kleine gebaren, soms onopvallend in het voorbijgaand gemaakt, die voortkomen uit de wens van de één dat de ander kan bloeien. Denk aan een welgemeend complimentje, een introductie tot een belangrijk persoon, of een gerichte uitnodiging voor een netwerkbijeenkomst.

Micro-affirmaties gaan verder dan gericht stimulerend beleid van een organisatie. Het gaat om de houding van mensen, de werkcultuur, breed duidelijk maken dat vrouwen meetellen. Zelfs in een tijd van bezuinigingen en vacaturestops hebben zulke verwelkomende gebaren volgens Rowe een groot effect. Het zorgt ervoor dat je de vrouwen die je hebt, daadwerkelijk behoudt. Het zorgt ervoor dat vrouwen enthousiast blijven voor hun vak. Het zorgt voor een goede basis om, als de economische crisis eindelijk ten einde loopt, volop verder te bouwen aan diversiteit.

De Gereedschapskist: het Paula Principe

We hadden al het Peter Principe, de ironisch getinte observatie dat mannen net zo lang promotie krijgen totdat ze belanden in een functie die ze niet aankunnen. Vandaar al dat ruim aanwezige mismanagement bij bedrijven. Ruim veertig jaar later krijgen vrouwen nu hun eigen effect: het Paula Principe. Opnieuw een ironisch getinte observatie, deze keer gericht op het verschijnsel dat de promotie van vrouwen stopt op een niveau ónder hun functioneren. Eindelijk een korte, compacte term om te beschrijven hoe werkneemsters op alle niveau’s blijven plakken aan de werkvloer.

De lekkende pijpleiding maakt dat veel minder vrouwen doorstromen dan eigenlijk zou moeten. Het is één van de vele verklaringen voor het Paula Principe.

Laurence J. Peter en Raymond Hull bedachten het Peter principe ruim veertig jaar geleden. Volgens Businessweek raakten de docent en de toneelschrijver destijds een gevoelige snaar. Met veel humor beschreven ze allerlei vreemde praktijken in het zakenleven, en kwamen op basis van die gekkigheid tot de conclusie dat er zoveel mis gaat in ondernemingen, omdat managers mensen promoten totdat ze niet meer competent genoeg zijn om het werk fatsoenlijk te doen. Tot op de dag van vandaag zijn hun observaties actueel. Kijk maar naar de economische crisis, zegt Businessweek:

Now 40, The Peter Principle resonates even more today, when a lust for accomplishment has led an unprecedented level of incompetence. […]  The message has been this: Perform extraordinary feats, or consider yourself a loser. We are now struggling to stay afloat in a river of snake oil created by this way of thinking. Many of us didn’t want to see the lies, exaggerations, and arrogance that pumped up our portfolios. Instead we showered huge rewards on the false financial heroes who fed our delusions.

Het Peter Principe werd altijd geassocieerd met mannen. Dat paste in de tijdgeest. Rond 1969 hadden mannen immers carrières. Vrouwen verdienden hooguit een centje bij totdat ze een man vonden, trouwden en kinderen kregen. Na ‘Het Onbehagen bij de Vrouw’ van Joke Smit en de tweede (en derde) feministische golf, is de situatie zodanig veranderd dat het tijd wordt dat vrouwen hun eigen principe krijgen.

Enter The Paula Principle, een term bedacht door auteur en professor Tom Schuller:

The Paula Principle postulates that most women work below their level of competence. Far from being promoted to a position they can’t quite cut, they languish one or two levels below what they could so obviously manage. It is a theme embraced by Lucy Scott-Moncrieff, President of the Law Society, who has claimed that men who are less able than their female peers are dominating the capital’s boardrooms. “If career progression was based on pure merit, some male business leaders and law firm senior partners would never even have seen the paintings on the boardroom wall,” she said yesterday. “This is disappointing for the talented women who lose out, but it is also damaging to the organisations which lose what they have to offer.”

Opnieuw gaat het om een theorie met een satirische ondertoon. Maar net zoals mismanagement, is ook de onderbenutting van vrouwelijk talent wel degelijk een serieus probleem. Het gaat om humor op basis van harde feiten. Het Paula Principe kan dan ook rekenen op veel herkenning. Vrouwen studeren zich suf, blijven zich bijscholen, maar de promoties en lucratieve banen gaan bovengemiddeld vaak aan hun neus voorbij. Dat steekt.

De Emancipatiemonitor 2012 en artikelen op dit weblog signaleren talloze complexe, in elkaar grijpende netwerken van oorzaak en gevolg om te verklaren hoe het komt dat vrouwen, ondanks hun kennis en kunde, meestal geen baan op hun eigen niveau krijgen. Maar het is bijzonder handig jarenlange wetenschappelijke onderzoeken, het werk van kenniscentrum Catalyst, zwangerschapsdiscriminatie en de gang van zaken rondom diversiteitsbeleid en vrouwenquota’s, allemaal onder te brengen in één handig containerbegrip voor alles wat onrechtvaardig verloopt rondom vrouwen en werk.

Leve het Paula Principe om hier op te wijzen, en dat dit woord maar snel obsoleet mag worden.

Proefprocessenfonds Clara Wichmann opent klokkenluiders website

Vrouw, studerend aan of werkzaam bij een Nederlandse universiteit, en ervaring met seksisme? Vanaf nu kun je je ervaringen, ook anoniem, melden bij een klokkenluiderssite van Proefprocessenfonds Clara Wichmann. Het fonds sluit aan bij soortgelijke sites, zoals seksisme in en om het huis. Of buitenlandse initiatieven, zoals wat mensen zeggen tegen vrouwelijke journalisten, het Engelse every day sexism en het Amerikaanse what’s it like to be a woman in philosophy. Daar maken vrouwen al ruim een jaar melding van de minachting die ze ervaren, puur op basis van hun sekse.

Discriminatie van vrouwen aan universiteiten vindt structureel plaats, maar krijgt nauwelijks aandacht. Zo interviewde DUB, het onafhankelijke medium van de Universiteit Utrecht, vorig jaar vertrekkend hoogleraar theoretische fysica Renate Loll. Zij zei bij die gelegenheid:

Loll is altijd zeer uitgesproken geweest over het feit dat in de Nederlandse wetenschap te weinig vrouwelijk talent doorgroeit naar de top. Volgens haar wordt bovendien onvoldoende beseft dat dit wijst op een structureel probleem. Universiteitsbesturen mogen luid tamboereren over hun voornemens om meer vrouwen als hoofddocent en hoogleraar aan te stellen, in de praktijk is daar volgens haar op de meeste plekken nog weinig te merken. “Het blijft vaak bij mooie woorden. Als er stappen in de goede richting worden gezet, dan is dat te danken aan verder denkende personen die toevallig op dat moment op de juiste plek zitten. In de structuren verandert weinig en het thema leeft op de werkvloer ook niet echt als het erop aankomt. Eenzelfde probleem kom je trouwens ook in het bedrijfsleven tegen.”

Hoe pakt dat algemene beeld uit in de praktijk, bij studenten en werkneemsters? Via de site seksediscriminatieaandeuniversiteit.nl, kunnen vrouwen hun eigen ervaringen delen, al dan niet anoniem. Op die manier krijgen abstracte termen als ‘seksisme’ of ‘glazen plafond’ een menselijk gezicht en een concrete, alledaagse inhoud. Iedereen kan recente en minder recente voorvallen opsturen naar info@seksediscriminatieaandeuniversiteit.nl.

Structurele achterstelling aan de kaak stellen is een positieve daad. Het geeft gewicht aan bestaande kritiek op de bestaande discriminatie van vrouwen. Door hardop te zeggen waar je tegenaan loopt als vrouw, werk je mee aan een meer rechtvaardige samenleving. Een nobel streven, kortom. Daarom steunt ook een respectabele organisatie als het Landelijk Netwerk Vrouwelijke Hoogleraren het initiatief.

In Engeland en de V.S. hebben mensen positieve ervaringen met dit type actie. Zo ontving site en Twitter hashtag Everyday Sexism onlangs de 20.000ste reactie. Actrice en schrijfster Laura Bates richtte de site vorig jaar op omdat ze merkte dat vrouwen geen stem hadden. Ze konden geen kant op. Je gaat geen rechtszaak beginnen omdat een man in je billen knijpt terwijl je dat niet wilt, maar ondertussen voel je je wel rot en op je plaats gezet.

Everyday Sexism doorbreekt de stilte:

Before social networks came along, specifically Twitter, there was no easy place for women to catalogue these fairly regular and annoying sexist occurrences en masse. […] I set up the project as I felt everyday sexism was a really invisible problem. So many women I knew were having similar experiences and were repeatedly being told “not to complain” and “have a sense of humour” if they brought up what had happened to them,” Laura, a freelance writer, tutor and actress, explains. Even just being able to share your frustrations at a sexist jibe or exclusion in the workplace because of your gender […]  is incredibly liberating – for both women, and I imagine men too. Social media has made it possible to do it at large scale.

Nu dus ook in Nederland, in ieder geval voor de universitaire wereld. Grijp je kans, zwijg niet langer, en maak zichtbaar wat er gebeurt!

Conservatieven eren vrouw als martelares

De conventie van de Republikeinse partij in de Verenigde Staten, waar Mitt Romney officieel de status van presidentskandidaat verkreeg, bood een onthullend inzicht in de manier waarop conservatieven aankijken tegen vrouwenemancipatie. Ann Romney, de vrouw van, probeerde in de gunst te komen bij vrouwelijke kiezers met een toespraak vol lof en eer voor deze helft van de bevolking. Maar waarvoor ze lof en eer toekende, was onthullend. Vrouwen hebben het moeilijk, gaf ze toe. Gelukkig munten ze uit in martelaarschap.

Ann Romney stelt zich op ten dienste van haar man, roept vrouwen op genoegen te nemen met minder.

In haar speech erkende Ann Romney openlijk dat vrouwen te kampen hebben met structurele achterstelling en obstakels, puur op basis van hun geslacht. Letterlijk sprak ze de volgende woorden:

…if you listen carefully, you’ll hear the women sighing a little bit more than the men. It’s how it is, isn’t it? It’s the moms who always have to work a little harder, to make everything right.[…]  You’re the ones who always have to do a little more. You know what it’s like to work a little harder during the day to earn the respect you deserve at work and then come home to help with that book report which just has to be done. […] Tonight, we salute you and sing your praises. I’m not sure if men really understand this, but I don’t think there’s a woman in America who really expects her life to be easy.

De vrouw van heeft dus wel degelijk door dat de situatie van vrouwen verschilt van die van mannen, en dat de vrouwen slechter af zijn. Met andere woorden: ze snapt dat seksisme bestaat. Alleen, met dat gegeven doet ze niks. Ze spreekt van liefde, en waar zouden we zijn zonder vrouwen, bla bla bla. Die algemeenheden en mooie praat doet echter niets af aan het feit dat ze de achterstelling van vrouwen openlijk, in een publiekelijke speech, toegeeft:

Most of the time, the battle over sexism in this country is over the facts. Feminists declare sexism a problem. Anti-feminists respond by denying that it even exists, insisting that equality has been achieved, implying women only fall behind because they aren’t up to the task (which is, of course, in itself sexist). Ann Romney instead stood up and admitted that sexism is real and that it actually structures women’s lives. Instead of fighting, she empathized, and implied that there is some consolation for women in knowing of their own moral superiority to men. Set aside the fantasy of equality, ladies, she seemed to say. We all know how life really is.

In plaats van gelijkwaardigheid biedt Romney vrouwen een zekere mate van erkenning voor hun lijden, en lof voor het feit dat ze zo superieur zijn als martelares. Het is een zeer, zeer bekende methode om vrouwen op hun plek te houden en dat verteerbaar te maken door ze een aai over hun bol te geven.

Varianten hiervan vind je overal. Zoals in het machismo-marianismo complex in Mexico, waarbij de man de machtige patriarch is, maar vrouwen toch nog wat macht verkrijgen door zich op te stellen als kampioen maagdelijke martelares. Met Maria als lichtend voorbeeld. Onze eigen SGP kan er ook wat van. We mogen geen baas zijn in eigen buik, en geen gebruik maken van basale democratische rechten, maar de partij heeft wel de mond vol van ‘maar we respecteren vrouwen best wel, ook zij zijn waardevol’.

Het is het riedeltje van gelijkwaardig maar niet gelijk. Waarbij de nadelen van dat niet-gelijk-zijn voornamelijk bij de vrouw liggen. Want zij krijgt te maken met beperkingen en ge- en verboden die niet voor mannen gelden. Zij moet genoegen nemen met minder.

Conservatieven roepen vrouwen op om te incasseren. Feministen roepen vrouwen en mannen op om te protesteren. Het zal voor u, lieve lezer, geen verrassing zijn dat de Zesde Clan behoort tot de laatste groep. Wij protesteren.

Mannen zien probleem glazen plafond niet

Een aantal onderzoeken, uit zowel Nederland als Engeland, brengt een kloof tussen mannen en vrouwen aan het licht. Of het nou gaat om topposities of ‘gewone’ banen in en sector zoals de ICT, een meerderheid van de ondervraagde vrouwen geeft aan dat ze in hun sector meer moeite moeten doen dan mannen om minder te bereiken in termen van salaris en promoties. De meeste mannen geven aan dat ze geen idee hebben waar de vrouwen het over hebben.

Laten we de verschillende zeer recente onderzoeken eens aflopen. Eerst Engeland: daar vond onderzoek plaats naar vrouwen in hoge functies in de grootste ondernemingen van Engeland. Bijna driekwart van de vrouwen, 73% , gaf aan dat zij een ernstig glazen plafond ervaren, waardoor zij niet verder komen dan de middenmoot. Van de mannen dacht maar 38% dat vrouwen extra obstakels tegenkomen op hun weg naar de top. Een behoorlijk verschil van inzicht.

Dan Nederland: vorig jaar publiceerde het blad Computable de resultaten van onderzoek van IT Job Board naar de situatie van mannen en vrouwen in de ICT branche. Driekwart van de ondervraagde vrouwen gaf aan dat zij sterk de indruk hebben dat zij minder salaris krijgen voor hetzelfde werk. Van de mannen dacht juist driekwart dat vrouwen evenveel verdienen als mannen. Daarnaast vond tweederde van de vrouwen dat zij achtergesteld worden ten opzichte van mannen als het gaat om werkomstandigheden en voorzieningen. De meeste mannen dachten dat er geen verschillen waren. Opnieuw een grote kloof in perceptie.

Ook de Emancipatiemonitor 2010 laat een verschil zien. Bijna de helft van de ondervraagde mannen (47%) denkt dat vrouwen evenveel kans hebben om de top te bereiken dan mannen. Van de vrouwen is 38% dezelfde mening toegedaan. Die kloof werkt door in de antwoorden op stellingen. Bijna zestig procent van de vrouwen (59%) vindt dat het aantal topvrouwen de komende vijf jaar moet verdubbelen. Slechts 36% van de mannen ziet de noodzaak daarvan.

Opvallend? Ja. Verbazingwekkend? Nee. Want waar gaat het hier om? Eigenlijk vraag je aan een Afro-Amerikaan of hij wel eens het gevoel heeft gediscrimineerd te worden vanwege zijn huidskleur. Diezelfde vraag stel je ook aan een blanke. Niet zo vreemd dat de blanke veel vaker ‘huh?’ zal antwoorden: hij voldoet aan de norm en komt dat soort discriminatie daarom nauwelijks tegen. Zo gaat het ook met vrouwen, en de problemen die zij als minderheidsgroep tegenkomen als ze zich wagen in gebieden waar mannen de toon zetten. 

Mocht u zich afvragen wie er gelijk heeft, dan is het antwoord eenvoudig: die gevoelens van achterstelling komen niet uit de lucht vallen. Zo krijgt de Commissie Gelijke Behandeling regelmatig te maken met werkgevers die mannen hogere lonen betalen dan vrouwen die hetzelfde soort werk doen. Of vrouwen straffen omdat ze het waagden om zwanger te worden. Of andere soorten van verboden onderscheid op basis van geslacht maken. Zie onder andere deze, deze , deze en deze uitspraken.

Wat betreft het voorbeeld van de ICT: onderzoek van Ernst & Young wees uit dat mannen in de ICT sector procentueel gezien veel vaker dan vrouwen promoties krijgen en hogere salarissen verdienen dan hun vrouwelijke collega’s. Ook hun secundaire arbeidsvoorwaarden zijn beter dan dat van vrouwen. Paar cijfers uit de analyse: 41% van de mannen kreeg een bonus tegen 23% van de vrouwen. Loonsverhoging: 41% van de mannen kreeg geen loonsverhoging, maar bij vrouwen steeg dat percentage naar 58. En eenderde van de mannen kreeg een dertiende maand, tegen 13% van de vrouwen.

Geen wonder dat in 2004 bijna eenderde van de ICT vrouwen uitkeek naar een andere baan, tegen slechts 14% van de mannen: de vrouwen voelden zich achtergesteld en ondergewaardeerd. Vrouwen zijn namelijk mensen. Dus het steekt hen als ze er bijvoorbeeld achter komen dat hun een mannelijke collega meer salaris krijgt dan zij voor hetzelfde werk. En gaan vrouwen zich afvragen wat ze in hemelsnaam aan het doen zijn: al die tijd en moeite steken in iets waar ze veel minder waardering voor krijgen dan een man.

Achterstelling heeft invloed op de ambities en prestaties van de achtergestelde groep. Het wordt hoog tijd dat bedrijven serieuze maatregelen nemen om hun vrouwelijke werknemers even goed te behandelen als hun mannelijke.

Structuur academische wereld houdt vrouwen tegen in de wetenschap

Persoonlijk tegen vrouwen gerichte vooroordelen kunnen een rol spelen bij de achterstand van vrouwen in de wetenschap, maar waarschijnlijk is de manier waarop het werk is ingericht veel belangrijker. Dat concluderen twee wetenschappers van de Cornell Universiteit in een studie over studies naar de situatie van wetenschapsters. Belangrijkste obstakels vormen de lange werkdagen, in het buitenland ‘moeten’ werken om vooruit te komen, informele benoemingsprocedures en de druk om veel artikelen te publiceren in de jaren waarin vrouwen meestal kinderen krijgen.

Onderzoekers Stephen Ceci en Wendy Williams roepen universiteiten dan ook op om meer te investeren in het veranderen van organisaties. Zo zouden veel vrouwen ermee geholpen zijn als ze hun werk flexibeler in kunnen delen, duo banen kunnen vervullen in samenwerking met een directe collega, en wie weet zelfs parttime werken. Die maatregelen zouden ook gunstig uit kunnen pakken voor mannen. Zoals de Engelse krant de Guardian constateert:

Science is an incredibly competitive career. If you want to nab one of the scarce long-term posts, not only will you need to keep an eye on promotion procedures, you will need to put a huge number of hours in, and may well have to be prepared to work abroad. This is sometimes seen as a positive test: only the most devoted make it through. But human lives are more complex than that, and there is nothing wrong with a scientific work force made up of people with passions outside their labs. Indeed, one might even see it as a healthy state of affairs for any profession, and one most likely to foster the sort of culture of imagination and innovation that draws people into the field in the first place.