Category Archives: Wetenschap

Manchester is aanslag op feministische popster en haar fans

De aanslag op Manchester is nog vers, maar als het gaat om gender vallen mij een aantal zaken op. De dader is een man. Hij koos tot doelwit van zijn aanslag een concert van Ariana Grande, een uitgesproken feministe die meeliep in de Amerikaanse Women’s March en geen geduld heeft met seksisme. Haar concert trok honderden jonge meisjes. Die dan ook domineren onder de groep slachtoffers. Onder andere Slate Magazine durft daarom de volgende stelling aan: dit was een gerichte aanslag op vrouwen en meisjes.

Bij terreur gaat het verdacht vaak om mannen. Deze mannelijke daders hebben verdacht vaak een geschiedenis van geweld tegen meisjes en vrouwen, voordat ze de volgende stap zetten en aan het moorden slaan. Doden ze mensen, dan vermoorden ze opvallend vaak eerst een of meer vrouwen – vaak familieleden, zoals een moeder, zus of echtgenote. En ze kiezen voor het terrein van hun aanslag vaak plekken waar meer vrouwen dan mannen te vinden zijn. Zoals winkelcentra.

Zelfs als daders ”willekeurig” mensen op straat neerschieten, zijn die zogenaamd willekeurige slachtoffers opvallend vaak heel toevallig vrouwen. Dat gebeurde onlangs nog in Finland, waar een 23-jarige man de vrouwelijke burgemeester Tiina Wilen-Jappinen en twee vrouwelijke journalistes doodschoot in de stad Imatra.

Dan Manchester. De dader is een man. Hij koos als doelwit een concert van Ariana Grande. Zij geldt als een feministische heldin. Ze staat erop dat ze gezien wordt als een zelfstandig persoon. Ze spreekt zich luid en duidelijk uit tegen het seksisme in de muziekindustrie en seksisme in het algemeen. In interviews, in haar liedjes en in haar optredens benadrukt ze de kracht van vrouwen. Dat je sexy mag zijn en dat een sexy uiterlijk niet betekent dat mensen je ‘dus’ mogen verkrachten, of mogen reduceren tot seksobject.

Haar meest recente plaat heet Dangerous Woman. Bij de keuze voor die titel werd ze geïnspireerd door een uitspraak van de Egyptische feministe en schrijfster Nawal al Saadaawi:

Onder die titel vulde ze een album vol feministische liederen. ‘Gevaarlijke Vrouw’ werd ook de titel van haar toernee. Ze treedt regelmatig op voor uitverkochte zalen gevuld met meisjes en jonge vrouwen, de kerndemografie van haar fans. Zodoende trof de aanslag in Manchester vooral vrouwen en meisjes.

Die vrouwen en meisjes hadden in de concerthal de avond van hun leven. Totdat de bom af ging. Uitgerekend op die plek, op dat moment, met deze groep in de zaal. De Amerikaanse journalist David Leavitt, en met hem vele anderen, grepen de tragedie prompt aan om Grande en haar veelal vrouwelijke fans een trap na te geven met uitspraken zoals:

“MULTIPLE CONFIRMED FATALITIES at Manchester Arena. The last time I listened to Ariana Grande I almost died too”

Zelfs het slachtoffer worden van een aanslag, met een meisje van 8 onder de doden, kan de tweede sekse niet behoeden voor minachting, bagatellisering, sneren en erger. Want:

The impulse to hate and fear women who are celebrating their freedom—their freedom to love, their freedom to show off their bodies, their freedom to feel joy, together—is older than ISIS, older than pop concerts, older than music itself.

De 23-jarige man die de bom plaatste, behoort tot die vrouwenhatende traditie. Of hij dat nou zelf doorhad, of niet. De locatie en het doelwit van zijn bom spreken luid en duidelijk.

Meisjes sterven door zwangerschap, jongens door verkeersongelukken

Feministen zeggen wel eens dat mannen en vrouwen eigenlijk ieder in een andere wereld leven. Dat werd weer eens grimmig duidelijk uit cijfers van de World Health Organization (WHO)  naar de doodsoorzaak bij 15 tot 19-jarigen. Meisjes in die leeftijdscategorie sterven vooral door zwangerschap. Het gaat naar schatting om tien op de 100.000 meisjes. De tieners bloeden dood, sterven omdat de baby er niet uit wil komen, of bezwijken aan de gevolgen van een onveilige abortus. Ondertussen leggen jongens uit die leeftijdscategorie vooral het loodje door verkeersongevallen.

Meisjes van 15-19 jaar raken niet in hun uppie zwanger…. Foto: National Geographic

Verkeersongevallen, ja, het is natuurlijk heel verdrietig als je door zoiets om het leven komt. Maar het gaat om ‘onpersoonlijke’ ellende. Meestal zijn weggebruikers er niet op uit om één bepaalde persoon gericht dood te rijden. Het gaat om onoplettendheid, toeval, een ongeluk.

Hoe anders ligt dat bij de meisjes. Hun zwangerschap is het resultaat van een situatie, waarbij de ene persoon gericht aan de gang is gegaan met een specifieke ander. Bij meiden in de leeftijdscategorie 15-19 jaar is daarbij vaak dwang in het spel.  Seksueel geweld en kindhuwelijken brengen tienermeiden in situaties waarbij ze niet kunnen ontkomen aan een man en zijn penis. Eigenlijk sterven ze niet door de zwangerschap, maar door de acties van een man in een context (geweld, huwelijkscontract) waarbij de meisjes zelf geen zeggenschap hebben over wat er met hun leven en hun lijf gebeurt. Bovendien gaat het vaak om landen waarbij er een sterke taboesfeer hangt om vrouwen en hun reproductieve rechten. Dat uit zich onder andere in een slechte verkrijgbaarheid van voorbehoedsmiddelen en overheden abortus illegaal maakten.

Het gaat al met al om enorme aantallen. Uit onderzoek van de Verenigde Naties bleek een paar jaar geleden dat een op de tien mannen uit China, Bangladesh, Sri Lanka, Cambodja, Indonesië en Papua-Nieuw Guinea zelf toegaf dat ze seks hadden gehad met een vrouw die niet wilde. Rekende je de echtgenoten mee – verkrachting binnen het huwelijk – dan steeg het percentage verkrachtende mannen naar 25%. Uit dit en andere onderzoeken kwamen steeds dezelfde drie motieven naar voren. De mannen verkrachten omdat ze vinden dat ze het recht hebben om een vrouw seksueel te bezitten, omdat ze boos zijn op een specifieke vrouw, of omdat ze zich vervelen.

Als het gaat om kindhuwelijken berekent Plan Nederland dat 27 meisjes per minuut moeten trouwen met een vaak veel oudere man. Het gaat om meisjes onder de achttien. Volgens de dominante opvattingen van landen waar dit gebeurt, is seks daarna legaal. Maar het meisje kan geen nee zeggen. Doet ze dat wel, dan zijn een sociale dood of verder geweld (eerwraak enz.) haar deel. Kindhuwelijken en de activiteiten van hun echtgenoot zorgen er vervolgens voor dat meisjes veel te jong zwanger raken. Dat heeft ernstige medische gevolgen. De sterfgevallen zijn slechts het topje van de ijsberg. Nog veel meer meisjes raken verminkt tijdens de bevalling, of kampen algemeen met een slechte gezondheid door teveel zwangerschappen op een te jonge leeftijd, of omdat hun echtgenoot ze AIDS bezorgt.

Kortom, de misere van de meisjes tussen 15 en 19 jaar is overduidelijk het gevolg van gericht menselijk handelen en culturen waarin het leven van een meisje weinig waard is. Wát een verschil met de verkeersongelukken van de jongens…..

Lekker tellen: wil om diversiteit te bieden heeft effect

Een Brit irriteerde zich zo mateloos aan komische shows vol mannen, dat hij eigenhandig de samenstelling analyseerde van 4.700 radio- and TV episodes sinds 1967. Wat hij onder andere merkte was dat de BBC in 2014 beloofde geen enkele show met louter mannen meer te zullen maken. En ze hielden woord. Sinds dat jaar bevat ieder programma minstens 1 vrouw. Hulde! De wil om diversiteit te bieden heeft effect….

Stuart Lowe werkt bij het Open Data Institute in Leeds. In zijn vrije tijd spitte hij omroeparchieven door, op zoek naar gegevens van de deelnemers aan alle humorshows van Britse radio- en televisiezenders. Gewoon, omdat hij zich irriteerde aan de eenzijdige samenstelling van dat type programma en hij zijn ongenoegen graag wilde onderbouwen met harde feiten.

Die feiten kreeg hij. Van de 4.700 uitzendingen die hij analyseerde, bestonden er 1488 uit louter mannen. In 49 jaar tijd gebeurde het slechts één keer dat een uitzending een louter uit vrouwen bestaand panel had. Het beste jaar voor vrouwen was 1967, vanwege programma Just a Minute. De makers van deze show zorgden ervoor dat van de vijf deelnemers er altijd twee het vrouwelijk geslacht hadden. Daardoor kwam het percentage vrouwen dat jaar ruim boven het gemiddelde uit.

Het percentage blanke vrouwelijke deelnemers nam in de decennia die Stuart analyseerde langzaam toe. Van 3% in 1989, naar 31 procent nu. Ondanks die toename zijn vrouwen vaak nog steeds de enige vertegenwoordiger van hun sekse in een humoristisch programma. Dat zorgt voor stress, signaleert stand-up comédienne Deborah Frances-White:

“A lot of the time what people don’t realise they are watching is five men in their local pub – they are regulars, they look like everyone else and they are made to feel welcome – and one woman on a job interview. Because she knows that not only will [the audience] decide whether she is good enough to be allowed back on this show and other panel shows, but they will be judging whether all women are funny.”

Daarom was die ene uitzending met alleen maar vrouwen zo’n opluchting, verteld programmamaakster Coren Mitchell. De druk was er vanaf. Geen enkele vrouw hoefde zich verantwoordelijk te voelen voor ‘de’ humor van ‘de’ vrouwelijke sekse:

with four women the pressure was off. It was nobody’s individual responsibility to prove anything. So we all got the chance to just mess about, relax and make free jokes like men do.”

Alleen al om die reden zouden programma’s naar meer diversiteit moeten streven. Als vrouwen zich wat meer op hun gemak voelen, kunnen ze veel vrijer grappen maken en is het speelveld gelijkwaardiger. Dat leidt tot betere grappen, meer plezier voor de kijker en een hogere kwaliteit van programma’s. Waar wachten we nog op?

Hare Excellentie beschrijft klassiek emancipatieproces

Hare Excellentie is hét boek om te lezen nu de formatiebesprekingen lopen. In acht soepel geschreven hoofdstukken neemt hoogleraar Monique Leyenaar de lezer mee langs de 33 ministers die Nederland tot nu toe heeft gehad. Hoe verliep de selectie van vrouwelijke ministers? Wat waren hun ervaringen? Leyenaar beschrijft een klassiek emancipatieproces. Van complete buitenstaander naar Excuustruus naar nieuweling op de ministeries met de laagste status, tot aan een hopelijk hoopvollere toekomst van volwaardig meedraaien en uitzicht op het premierschap.

De huidige formatiebesprekingen laten weer eens zien dat politiek nog altijd een mannenzaak is. Jesse Klaver van GroenLinks is de enige die zijn vrouwelijke nummer twee mee neemt naar de onderhandelingen. De andere partijleiders negeerden de vrouw op de tweede plek en kozen voor lager op de kieslijst geplaatste mannen. CDA-er Sybrand Buma zit met Pieter Heerma aan tafel, terwijl D’66-er Alexander Pechtold voor Wouter Koolmees koos. En Rutte neemt Halbe Zijlstra mee, de man van de foute opmerkingen over borstvergroting-operaties voor vluchtelingen en aanvallen op moslims.

Het enige lichtpuntje is dat een vrouw de formatiebesprekingen leidt: Edith Schippers. Els Borst ging haar voor. Daarna moesten we negentien jaar wachten op de tweede vrouwelijke formateur in de Nederlandse parlementaire geschiedenis.

Maar vrouwen komen van ver. We moesten decennia lang vechten om het kiesrecht te krijgen. Het loont absoluut de moeite het gratis e-boek Vrouwenkiesrecht te downloaden. Aletta Jacobs en F.S. Van Balen-Klaar ontmantelen in dat betoog alle argumenten tegen het kiesrecht. Het zijn er véél. En, erger nog: een heel aantal tegenwerpingen klinken akelig actueel. Vrouwen willen X zelf niet, vrouwen missen de kwaliteiten om X te bereiken, vrouwen zijn te goed en te hoogstaand om X te willen, dat zou hun feminiene kwaliteiten aantasten, en huuuuu wat zijn die eisende vrouwen eng.

Na het kiesrecht duurde het nog tot 1956 voordat de Nederlandse regering de handelingsonbekwaamheid van gehuwde vrouwen ophief en de eerste vrouwelijke minister gekozen kon worden. Dat was Marga Klompé. Leyenaar beschrijft duidelijk hoe vreemd mensen tegen die eerste vrouw op een ministersstoel aankeken. En dat Klompé Maatschappelijk Werk onder haar hoede kreeg omdat deze revolutie alleen acceptabel was als deze vrouw een ”vrouwelijk ministerie” nam – de post met de minste status, ver verwijderd van het centrum van de macht (ministeries als Financien, Binnenlandse Zaken enz.)

Leyenaar signaleert dat mannen er in de dertig jaar na Klompé mee wegkwamen om hooguit één vrouw als minister te benoemen. Premiers zeiden letterlijk tegen vrouwelijke ministers dat er wat hen betreft geen tweede hoefde te komen, de deur ging dicht. Pas in de jaren zeventig en tachtig maken ze meer ruimte voor vrouwen, omdat er steeds meer kritiek vanuit de samenleving komt als de heren de baantjes onder elkaar verdelen. Dat tijdvak is geen toeval: de jaren zeventig en tachtig kent Nederland een sterke feministische beweging, die de afwezigheid van vrouwen problematiseert en scherpe analyses over de machtsverhoudingen tussen de seksen produceert.

De hoogleraar eindigt hoopvol. Vrouwelijke ministers worden steeds gewoner en ze krijgen ook steeds vaker de ministeries met veel status. Op naar de volgende stap? Sinds 1901, toen de baan ontstond, zijn premiers altijd mannen geweest. Maar Leyenaar schrijft:

De tijd dat Nederland ‘niet rijp’ zou zijn voor een vrouwelijke premier is voorbij. Net zoals de norm voor het aandeel vrouwen in een kabinet met de tijd is verschoven van excuustruus naar tenminste een derde, is ook het stereotiepe beeld dat een minister-president per definitie een man moet zijn aan het vervagen. […] In een tijd van sterke polarisering […] is er veel behoefte aan charismatisch, bindend en competent leiderschap, eigenschappen die vrouwen bij uitstek hebben, zoals uit dit boek is gebleken

Ik help het Leyenaar hopen. Voorlopig denkt Mark Rutte nog niet aan vertrek. Dat leidt tot speculaties dat Schippers mede daarom de politiek verlaat. Zij gold als mogelijke premier maar zou geen kansen zien. Mannen uit de Randstad domineren de Nederlandse politiek. Vrouwen worden in Nederland alleen, en dan nog zelden, partijleider. Vaak gebeurt dat alleen bij de kleine oppositiepartijen, zonder veel invloed en zonder uitzicht op een ministerspost, laat staan het premierschap.

Bovendien zorgt Jesse Klaver anno 2017 voor ophef als hij publiekelijk aangeeft tijd aan zijn kinderen te willen besteden, ook tijdens formatie-onderhandelingen. Het conservatieve rolmodel (moeder de vrouw zorgt thuis voor de kinderen, vaders hebben betaalde banen en claimen de leidersposities) blijkt nog springlevend in Nederland. Mannen hebben daar last van, zoals Klaver merkt, maar vrouwen nog meer, want het belemmert ons in onze ontplooiing op alle andere terreinen dan moederschap en huishouden.

Maar wie weet!

Mannen onderbreken vrouwen opvallend vaak

Zelfs de allerhoogste rechters van de V.S. krijgen nauwelijks de kans hun zinnen af te maken. Hun vrouw-zijn heeft dertig keer meer effect op het aantal keren dat anderen hen onderbreken, dan factoren zoals senioriteit in de baan of politieke kleur. Erger nog: niet alleen collega-rechters interrumperen de vrouwen vaak, advocaten en andere juristen doen dat ook in de rechtbank. Ze luisteren naar mannelijke rechters, maar praten in 10 procent van de gevallen over vrouwelijke rechters heen. Dat blijkt uit nieuw Amerikaans onderzoek naar de dynamiek in het Supreme Court.

De onderzoekers analyseerden de transcripties van zittingen van het Hoogste Gerechtshof van de VS gedurende vijftien jaar. Hoe meer vrouwen zitting kregen in dit Supreme Court, hoe vaker de mannen hen onderbroken. In 2015 betrof tweederde van alle onderbrekingen een van de vrouwelijke rechters. En dit dominante gedrag van mannen zet zich door in de rechtszaal. Regels verbieden advocaten rechters te onderbreken. Vrouwelijke advocaten houden zich daar aan, maar in de 10% van de gevallen waarin een advocaat deze regel schond, betrof het een mannelijke advocaat die een vrouwelijke rechter onderbrak.

Dit mannelijke gedrag heeft negatieve effecten op de kwaliteit van de rechtsgang in het Amerikaanse Supreme Court:

These behavior patterns are important as oral arguments shape case outcomes. When a female justice is interrupted, her concern is often left unaddressed, which limits her ability to influence the outcome of cases.

Deze uitkomst past bij andere onderzoeken naar het gedrag van mannen in vergaderingen of in openbare bestuursorganen. Zo loopt de kwaliteit van het werk in de Australische Senaat averij op omdat de vrouwelijke leden zo vaak onderbroken worden dat ze nauwelijks hun bijdrage kunnen leveren. Ook vermindert het de kwaliteit van de journalistiek – neerbuigend mansplainende presentatoren die hun vrouwelijke gast aan tafel zo vaak onderbreken, dat ieder gesprek onmogelijk wordt. Het gebeurt vaker dan je denkt, ook in Nederland – laatst nog in praatprogramma Pauw.

Ander onderzoek wijst bovendien uit dat vrouwen moe worden van al die onderbrekingen. Ze voelen duidelijk dat mensen niet zitten te wachten op hun bijdrage. En dat de onderbrekende man zichzelf belangrijker vindt dan hen. De vele onderbrekingen leveren op die manier een seksistische dood door 1000 sneden op.

Je niet de mond laten snoeren is niet zonder risico. Vrouwen ervaren een sterke sociale afkeuring als ze zich assertief opstellen. Amerikaans onderzoek wijst uit dat collega’s en leidinggevenden zo’n vrouw 35% minder competent vinden en dat werkgevers hen vervolgens minder salaris betalen. Zomaar roepen ‘recht je rug, zeg gewoon je ding’ lijkt stoer, maar dan negeer je de negatieve gevolgen voor de vrouwen die dat soort makkelijke adviezen ter harte proberen te nemen.

Wat te doen? Stap 1 is feiten verzamelen. Daar bestaan tegenwoordig allerlei handige apps voor. Deelnemers aan vergaderingen kunnen via een handige website spreektijden meten. Zo zie je meteen hoeveel spreektijd mannen claimen ten opzichte van vrouwen. Andere software meet het aantal keren dat een man een vrouw onderbreekt. Zoals Woman Interrupted. Download de app op je smartphone, zet de microfoon aan en meten maar.

Deze objectieve feiten zorgen hopelijk voor een schrik-effect en toenemende bewustwording dat er iets scheef zit in de conversatie. Dat leidt tot stap 2: het probleem een naam geven, zodat je het kunt benoemen. In het Engels ontwikkelden feministen begrippen als manterruption, mansplaining en bropriation. Daarmee omschrijven ze situaties zoals mannen die betweterig over vrouwen heen praten, of een idee van een vrouw inpikken om daar zelf lof en eer voor te krijgen.

Vervolgens kun je je inzichten gebruiken om de dynamiek bij te sturen – stap 3. Zo ontwikkelden vrouwelijke stafleden van de regeringsploeg van Obama de methode van amplificatie. Vrouwen herhaalden elkaars standpunt of gaven elkaar complimenten om duidelijk te maken dat een goed idee of een rake opmerking van een vrouw afkomstig was. Zo voorkwamen ze dat mannen onterecht lof kregen voor ideeën van vrouwen, en zorgden ze ervoor dat vrouwen vaker gehoord werden.

Daarnaast helpt een duidelijke vergaderstructuur. Hoe helderder de agenda en afspraken rondom de vorm van vergaderen, hoe vaker vrouwen hun zinnen af kunnen maken. Het helpt ook om bewust te benoemen wanneer elkaar onderbreken juist prima is: als je bijvoorbeeld gaat brainstormen en zoveel mogelijk inbreng van iedereen wilt verzamelen.

Tot slot helpt het als mannen zich bewust worden van hun dominante gedrag, zelf inbinden en andere mannen erop attenderen als ze vrouwen het zwijgen opleggen. Psychologisch gezien is dat lastig voor mannen, omdat ze dan moeten erkennen dat ze zich soms erg vervelend gedragen. Het vergt een volwassen houding om die kritiek goed op te vangen en je socialer te gedragen. Maar als we van vrouwen verwachten dat ze doorzetten, kritiek incasseren en beter hun best doen, mogen we dat van mannen ook vragen. Het komt neer op menselijk fatsoen en een bepaalde mate van beleefdheid, zodat je een gesprek voert. Echt:

Men, get engaged! There is nothing that stops an interrupting man more than another man pointing out the interruptions. The more we can pull men into this conversation, the better the conversations will get. A well-placed “Excuse me, but ‘X” was saying something. Let’s hear her out.” can go a long way.

Sneue muziekfestivals kunnen geen vrouwen vinden

Zomer! Muziekfestivals! Heerlijk. Maar wiens muziek hoor je daar? Mannenmuziek, concludeert website Thump. De redactie telde het aantal vrouwelijke acts op techno muziekfestivals. Als je alle ”mannenacts” verwijdert van posters, houd je nauwelijks vrouwelijke bands en artiesten over. Dat was in 2015 zo. 2016 levert hetzelfde beeld, met bijvoorbeeld in Nederland amper 6% vrouwelijke artiesten op de podia. Grote kans dat deze hardnekkige situatie dit jaar opnieuw zorgt voor een blanke, mannelijke monocultuur. Wordt het niet eens tijd dat mannelijke artiesten zulke eenzijdige festivals boycotten? De kritiek op vrouwen vergeten wordt in ieder geval steeds luider, wereldwijd.

 Het programma van Leeds als je alleen de vrouwen noemt. Akelig leeg.

Thump bracht een paar patronen aan het licht die feministen akelig bekend voorkomen, omdat je dat steeds opnieuw ziet in de achterstelling van vrouwen. Ook in de literatuur, de kunstensector en de wetenschap. Vertaald naar muziek:

  • hoe meer mainstream het muziekgenre, hoe meer mannen
  • hoe meer status en hoe groter het festival, hoe meer mannen
  • kleine festivals en niche markten: meer vrouwen

Nederland vormt geen uitzondering. Website Noisey deed een steekproef in 2015 en kwam situaties op het spoor zoals Lowlands, met 37 volledig mannelijke acts tegenover 2 vrouwelijke en 2 gemixte. Ook bij de line-up van festivals zoals Appelsap moet je goed zoeken voordat je een paar vrouwelijke artiesten aantreft temidden van de bergen mannen. Tijdschrift Vice keek in 2016 opnieuw naar het aandeel vrouwen en kwam uit op gemiddeld 6% vrouwen op het podium. Dat betekent gemiddeld 94% mannelijke artiesten. 94 procent! Alsof we in de middeleeuwen leven, toen alleen mannen buitenshuis mochten schitteren.

Wat steeds minder werkt is met smoesjes komen als mensen kritiek uiten op je eenzijdige programma:

Most of the arguments that attempt to shut down people when they just want to talk about why women are excluded can be found in a useful mocked-up bingo card called Female Conference Speaker Bingo, which can be applied to all aspects of female invisibility in public realms […] Those making these repetitive arguments and excuses often don’t realise that women have heard them so many times before, to the point that they are memes. They are also “tail end” arguments, rather than “source” arguments, in that they ignore the context within which the exclusion of women occurs.

Wat wél werkt is druk van buitenaf. Zo protesteerden fans hevig toen de organisatoren van het Australische festival Days like This dit jaar 30 mannelijke acts op het podium zette, tegenover nul (0) vrouwen. En festival Spilt Milk, in Canberra, Australië, kwam onder vuur te liggen toen ze op de proppen kwamen met zestien optredens, waarvan slechts één met vrouwelijke artiesten. Organisatoren beloofden beterschap of hielden na die kritiek haastig een tweede wervingsronde, om alsnog meer vrouwelijke artiesten te boeken.

Een boycot werkt ook zeer effectief. Zo nomineerde de jury van een beroemd stripfestival, Festival van Angoulême, vorig jaar alleen mannelijke tekenaars voor een prestigieuze Grand Prix. Vrouwelijke tekenaressen riepen op tot een boycot. De drie uiteindelijke genomineerden verklaarden dat ze de prijs niet meer wilden ontvangen en trokken zich terug. In lijn daarmee zou het enorm helpen als mannelijke artiesten weigerden te spelen op muziekfestivals die geen vrouwen contracteren. Net zoals steeds meer mannelijke sprekers conferenties mijden als de organisatie nauwelijks vrouwelijke sprekers weet te vinden.

Het kan namelijk wel degelijk anders. Magneet Festival deed het vorig jaar met 17,5% vrouwelijke acts opvallend goed. Tegenover dagblad Metro verklaarde een van de organisatoren dat de verdeling tussen mannen en vrouwen actief onderdeel van het beleid is. Met andere woorden: je bewust zijn van discriminerende selectieprocessen, en je onbewuste vooroordelen bijsturen, werkt. Met als hulpmiddel: als je jezelf hardop uitspraken van de eerder genoemde bingokaart hoort opsommen, weet je dat je seksistisch bezig bent en moet je kritisch kijken naar je denkprocessen en je selectiemethodes. Succes!

Vrouwelijke chirurgen laten zich zien

Een door een vrouw getekende cover van tijdschrift The New Yorker inspireert vrouwen wereldwijd om trots en zelfverzekerd zichzelf te laten zien. Het gaat om een illustratie van de Franse kunstenares Malika Favre, van een paar vrouwelijke chirurgen die zich over een patiënt buigen. De tekening inspireerde ”echte” vrouwelijke chirurgen om zichzelf op dezelfde manier op de foto te zetten en deze beelden te delen via Twitter en andere sociale media.

Vrouwelijke professionals voelen zich geïnspireerd en verbonden met elkaar, door deze actie:

Dr. Haneen Gomawi, of Saudi Arabia, who posted a photo (above) with two of her female colleagues, told us, via Twitter, “We (lady surgeons) face lots of challenges, in the surgical field & in life; despite the difference in countries.” It felt “empowering, bonding & reassuring” to participate in the challenge

Dat is belangrijk, want zoals Gomawi al aanhaalt hebben vrouwen het niet makkelijk. Chirurgie geldt als een macho mannenberoep. Ook in Nederland. Ons land telde rond 1900 slechts dertien vrouwelijke artsen, onder andere omdat vrouwen eeuwenlang niet mochten studeren aan universiteiten. Nadat Aletta Jacobs via de regering toegang tot de universiteit afdwong, nam het aantal vrouwelijke artsen langzaam toe. Maar tot op de dag van vandaag blijven mannen een vak als chirurgie domineren. Hun aandeel schommelt rond de 90%.

Vrouwen die door weten te dringen tot de beroepsgroep, zijn als absolute minderheid een ”token”. Zoals W. Mulder en E. de Jong samenvatten in hun onderzoek naar vrouwelijke chirurgen betekent dit dat de veelal mannelijke collega’s vrouwen zien als een vertegenwoordigster van haar sekse. Ze moet zich gedragen zoals de rest van de beroepsgroep maar tegelijkertijd krijgt ze allerlei signalen dat ze de kat in het vreemde pakhuis is. Als uitzonderingsgeval is ze bovendien kwetsbaar voor stereotypering. Mulder en De Jong onderscheiden onder andere rollen als moeder, verleidster, mascotte of ijzeren maagd.

Daarnaast zijn mannen bang dat het aanzien van hun beroep en de kwaliteit van het werk afnemen als er ”teveel” vrouwen komen. Zijn vrouwen wel gebouwd op het werk? En wat als ze ziek, zwanger en misselijk worden? Dat ondervond onder andere Anne Marie Knot-ten Belt, die in een interview vertelde:

‘De heren daar vonden mijn zwangerschappen erg onhandig en vervelend. Dat vond ik tamelijk kinderachtig, want ik heb tot twee weken voor mijn bevallingen diensten gedraaid.’ Knottenbelt is geen meegaand type. ‘Ik ga ervan uit dat je van elkaar kunt leren. Maar de heren algemeen-chirurgen stonden daar niet voor open. Je hoort het te doen zoals zij het gewend zijn, ambitieuze mannen van in de veertig waren het vervelendst.’ Door haar slechte ervaringen besloot ze een opleiding voor plastisch chirurg te doen, een vak dat ze aanvankelijk graag had willen combineren met de algemene chirurgie. […] ”waren mijn ervaringen beter geweest, dan was ik all round chirurg geworden.”

Kortom, in zo’n klimaat vol vijandigheid, twijfel en angst dat vrouwen de boel verpesten, is het des te belangrijker dat vrouwen zichtbaar worden en elkaar kunnen inspireren en aanmoedigen. Vrouwen kunnen prima opereren, op mensen en dieren, en vaak wordt de kwaliteit van de patientenzorg er juist beter van. Zo wijst onderzoek uit dat een borstkankerpatiënte vaker de juiste behandeling krijgt als haar chirurg een vrouw is. Dat er nog maar veel vrouwelijke chirurgen mogen volgen!

Nieuwe bewijzen dat vrouwen beter moeten presteren

Seksisme betekent onder andere dat een middelmatige man het redt waar een middelmatige vrouw zonder pardon af valt. Vrouwen móeten beter zijn, het liefst perfect– het beroemde patroon van ‘bewijs het nog maar een keer’. Dat resultaat van discriminatie zie je terug in de topkwaliteit van vrouwen die het redden. Onderzoek wijst uit dat patiënten langer leven als ze vrouwelijke artsen hebben. En door vrouwen geschreven wetenschappelijke publicaties zijn leesbaarder en beter onderbouwd dan die van mannelijke wetenschappers.

Je zou de hoge kwaliteit van de vrouwen kunnen zien als de enige positieve uitkomst van systematische discriminatie. Alleen de allerbesten overleven. En dat merk je. Zo analyseerden onderzoekers van de universiteit van Harvard de administratieve stukken van 1.583.028 ziekenhuisbezoeken van patiënten die onder het Amerikaanse medicare systeem vallen. Het maakte niet uit met wat voor klacht of aandoening iemand kwam. Na 30 dagen was bij iedereen die een vrouwelijke arts trof, het dodental én het aantal nieuwe opnames significant lager dan wanneer iemand een mannelijke arts trof.

Dit effect bleef bestaan, onafhankelijk van de sekse, klacht of aandoening van de patiënt. Op basis van deze bevindingen becijferde Harvard dat het 32.000 sterfgevallen per jaar zou schelen als mannelijke artsen even goed werk zouden verrichten als hun vrouwelijke collega’s. De onderzoekers roemen vooral de communicatieve vaardigheden van de vrouwen, hun aandacht voor preventieve zorg, en hun alertheid op psycho-sociale factoren.

Bij een ander onderzoek keek wetenschapster Erin Hegel naar publicaties van vrouwen in economische vakbladen. Het betrof papers in zogenaamde ‘peer reviewed‘ magazines, oftewel magazines waarbij de redactie bestaat uit vakgenoten, die artikelen kritisch doorlezen voordat ze besluiten of de kwaliteit goed genoeg is om in hun blad te mogen verschijnen. Wat blijkt: redacties bekijken de papers van vrouwen kritischer dan die van mannen.

Het effect is onder andere dat het langer duurt voordat een paper van een vrouw in druk verschijnt en dat er een groter verschil zit tussen de eerste versie en de uiteindelijke publicatie. Met andere woorden: vrouwen schaafden langer aan hun stukken. Dat levert papers op die aanmerkelijk prettiger lezen dan de minder kritisch bekeken stukken van mannelijke vakgenoten. Ook bleef de schrijfstijl van vrouwen vooruit gaan, terwijl mannen op hetzelfde niveau door modderen tijdens hun loopbaan.

Op zich niet negatief, dat vrouwen zulke goede prestaties leveren. Maar nogmaals: het is het effect van (onbewuste) discriminatie. Je moet als vrouw beter zijn dan een man, anders kun je het beter meteen opgeven. Ben je goed, dan dreigen de volgende obstakels. Zoals universele haat omdat we een deskundige vrouw die ambities toont, een enge bitch vinden en afstraffen. Dat is niet rechtvaardig. Dat is seksisme.

Moordenaars beginnen vaak thuis

Massa moordenaars beginnen hun terreur-regime vaak thuis. Met die kop vestigt onder andere de Huffington Post er de aandacht op dat plegers van een aanslag meestal mannen zijn. En dat opvallend veel van hen beginnen als vrouwenmishandelaar. Zo ook de man die onlangs in Londen mensen dood reed, een agent neerstak en het Engelse parlementsgebouw binnen probeerde te dringen.

Nu de details over het leven van de aanvaller in Londen duidelijk worden, blijkt dat hij een geschiedenis had van agressie. Waaronder huiselijk geweld. Deze man belandt daardoor in de lange rij mannen die in het openbaar in het rondschieten, of mensen doodrijden, waarna in circa drie dagen duidelijk wordt dat hij daarvoor vrouwen mishandelde en terroriseerde. Vaak vermoordt de dader eerst een of meerdere vrouwen voordat hij de straat opgaat en vreemden vermoordt. Ze houden hun generale repetitie in de vorm van geweld tegen vrouwen, voordat ze de volgende stap zetten.

Feministen signaleren keer op keer dat mensen deze link tussen huiselijk geweld en het plegen van aanslagen/massa-moord verdonkeremanen. Onder andere Hadley Freeman van de Engelse krant The Guardian denkt dat autoriteiten hierover zwijgen omdat er geen politieke winst te behalen valt aan het benoemen van vrouwenhaat. Ook zouden bepaalde regeringen (*kuch – Trump -*kuch) teveel sleutelfiguren verliezen als je een punt maakt van huiselijk geweld. Het is veel veiliger andere oorzaken aan te wijzen. Zoals radicale islam, psychische ziekten of ‘er was geen reden’.

Daardoor verliezen onder andere politici uit het oog wat dit soort geweld aanjaagt. Namelijk gefrustreerde, neurotische mannelijkheid:

Domestic violence is frequently a way for male abusers to try to impose so-called traditional gender roles on their female partner – beating them when the laundry isn’t done, telling them what to wear – using violence to validate their own feelings of insecurity. So it is almost inevitable that these men would then be attracted to belief systems – whether it’s Isis, evangelical Christianity or the fundamentalist version of pretty much any major religion – that advocate wildly restrictive attitudes towards gender and endorse patriarchal systems which encourage men to punish women for their own failings.

Wat niet helpt is dat we het als samenleving sowieso al lastig vinden om te praten over huiselijk geweld, laat staan huiselijk geweld door moordenaars. We noemen huiselijk geweld vaak een vrouwenprobleem. Vrouwen moeten niet zeuren. Vrouwen lokken zelf uit dat mannen agressief worden, dus ze moeten zich schamen en hun kop houden. Vrouwen zijn sterk en hoog opgeleid dus ze kunnen geen prooi worden van een mannelijke mishandelaar – zeggen rechters. Als je de politie lastig valt met je gezeur over een vervelend vriendje, kun je zelfs een boete krijgen omdat je de tijd van agenten verspilde.

Die taboes, de stilte, de schaamte, de minachtende houding die we als samenleving hebben als het gaat om ”vrouwenzaken”, maakt dat deze factor vaak uit beeld verdwijnt. Daardoor missen we oplossingen. En daardoor verliezen we agressieve mannen uit het oog die gevaar opleveren, niet alleen voor een individuele vrouw, maar voor de samenleving.

Vrouwen krijgen minder kansen en hardere straffen

Mannelijke financiële adviseurs gaan twee keer zo vaak de fout in als hun vrouwelijke collega’s. Maar als vrouwen de fout in gaan, lopen ze een 20% groter risico op ontslag. Vervolgens krijgen ze ook nog eens minder vaak dan mannelijke ‘daders’ een tweede kans in hun bedrijfstak. Dat blijkt uit een jarenlange studie naar de personeelsrapporten van 1,2 miljoen Amerikaanse adviseurs en aandelenhandelaren, die een disciplinaire maatregel opgelegd kregen.

 

Waarom zijn vrouwen toch zo perfectionistisch? Als ze ‘gewoon’ eens durfden, ‘gewoon’ genoegen namen met een zesje, komt alles goed. Zo luidt de gebruikelijke riedel in Nederlandse media. Deze riedel heet framing – de bril waardoor veel auteurs problemen bekijken. Let maar eens op hoe vaak een opinieschrijver een situatie op deze manier voorstelt. Het ligt aan vrouwen zelf. Zo ook met perfectionisme. Vrouwen, stop met alles perfect willen doen! Je verpest het voor iedereen en vooral ook voor jezelf! Geen wonder dat je loopbaan stagneert, enz.

Wat deze verhalen echter weglaten, is dat vrouwen onder zware druk staan om het perfect te doen. Wij mensen geven vrouwen namelijk veel minder kansen dan mannen, en straffen vrouwen behoorlijk hardvochtig als ze fouten maken. Zoals uit het Amerikaanse onderzoek naar financiële professionals blijkt. De wetenschappers die de 1,2 miljoen disciplinaire rapporten doorploegden, concluderen:

The authors, who teach at the University of Chicago, Stanford University and the University of Minnesota, suggested the difference represented “taste-based discrimination” in the industry.“The financial advisory industry is willing to give male advisers a second chance, while female advisers are likely to be cast from the industry,” they wrote.

Als een misstap meteen einde oefening betekent, kijk je als vrouw wel linker uit om risico’s te nemen of het rustig aan te doen.  Je ziet deze bestraffende houding overal terug. Neem de filmindustrie. Gemiddeld krijgt een ervaren, bekende regisseuse eens in de tien jaar de kans aan het roer van een grote film te staan. De banen gaan vooral naar blanke mannen, waaronder mannen met een flop op hun naam.

Geen probleem, voor een man. Krijg je als vrouw echter die ene kans en mislukt het, dan gooit Hollywood de deur dicht. Dat heet het Ishtar-effect, naar de gelijknamige film die flopte. Ishtar betekende het einde van de loopbaan van Elaine May. Warren Beatty en Dustin Hoffman waren medeverantwoordelijk voor de flop, maar zij hadden geen enkel probleem daarna nieuw werk te vinden.

Hetzelfde patroon duikt op in het bedrijfsleven. Als het minder gaat met een bedrijf, krijgt een vrouwelijke directeur (CEO) in vergelijkbare omstandigheden veel meer kritiek te verduren dan een mannelijke directeur. Leidde een vrouw het noodlijdende bedrijf, dan kreeg zij de schuld van de malaise in 80% van de nieuwsartikelen over de situatie. Bij een man gebeurde dat in slechts 31% van de gevallen.

De lijst onderzoeken is eindeloos lang. Overal hetzelfde meten met twee maten. Overal hogere eisen aan vrouwen, en zwaardere straffen als ze niet supergoed zijn. Dat gebeurt ook in Nederland. Mannelijke voetballers maken er een puinbak van en de enige vraag is ‘welke coach helpt hen er weer bovenop.’ Als de resultaten van voetbalsters tegenvallen, of een voetbalclub zit financieel krap, heet het meteen ‘hef vrouwenvoetbal maar op‘.

Kortom, gewone, middelmatige vrouwen redden het niet. Gewone, middelmatige mannen wél. Mannen mogen falen en krijgen daarna vaak een tweede kans. Mensen zien mogelijkheden bij mannen en geven hen promoties, terwijl vrouwen aan een plakkende vloer kleven. Vrouwen kunnen er niet van uit gaan dat zij snel kansen krijgen. En ze liggen er verdacht snel uit. Wetenschappelijk bewezen feit.

Maar er heerst een oorverdovende stilte over dit structurele seksisme waardoor vrouwen in de marge verdwijnen. Diverse mensen voeren diverse redenen aan naar het hoe en waarom van die stilte. Vrouwen komen niet vooruit omdat mensen diversiteit onbelangrijk vinden en zich niet oprecht inspannen het speelveld gelijker te maken. Of ze ontkennen dat mannen veel meer kansen krijgen dan vrouwen, omdat dit makkelijk is. Lekker wegkijken en genieten van je privileges, met als bonus dat je kunt neerkijken op al die domme vrouwen die een probleem hebben omdat ze het niet goed doen.

Vrouwen zijn echter niet gek. Wij zien de dubbele moraal wel degelijk, en ervaren de oneerlijkheid:

Why do women have to be exceptional to warrant fair treatment? If I’m a female and am pretty average at my job, I should be afforded the same luxuries as any man who is also pretty average at the same job. My biggest gripe with all of this, is that a Dud Male Boss hardly ever gets called out for being a dud. It’s almost as if being male and “ok” at your job, means that you can get away with being a terrible manager and continue to progress to a decent middle management job. But put a female in that same position and every mistake is highlighted, with the insinuation that she’s a dud because she’s female.

Als je dit stuk hebt gelezen, weet dan dat wij allen geleerd hebben vrouwen minder te vinden dan mannen. Wees je ervan bewust. Geef vrouwen bewust meer kansen. Als een vrouw het gedrag van een bepaalde man vertoonde, zouden we dat accepteren? Zo nee, waarom vinden we hem dan nog steeds ok terwijl we haar zouden uitkotsen? Hoe eerlijk is je kritiek? Op die manier kun je jezelf bijsturen en aangeleerd gedrag afleren. Probeer het maar eens. Wie weet wordt de wereld dan wat vriendelijker voor vrouwen.

Seksisme alarm: mannen praten over economie en filosofie

Een festival over economie en de filosofie! In de Westerkerk van Amsterdam! Klinkt geweldig, maar beste organisatoren, waar zijn de vrouwen?

Pas op: schijn bedriegt…..

Op de foto’s op de homepage lijkt de man-vrouw verdeling redelijk goed. Er staan foto’s van drie blanke mannen en twee blanke vrouwen, meteen bovenaan. Kijk je daarna echter naar het daadwerkelijke aanbod, dan zie je in het programma dat deze vrouwen meestal de moderator zijn, en daarnaast hooguit een inleiding verzorgen. Zoals Marjan Slob en Miriam Rasch. Ze betreden niet zelfstandig het podium met een eigen verhaal, maar ondersteunen mannelijke sprekers zoals Sheldrake en Sloterdijk.

Voor de rest is het mannen wat de klok slaat. Naast de heren van de foto’s Peter Sloterdijk, Slavoj Žižek en Rupert Sheldrake, praten Larry Siedentop, Paul Steenhuis, Peter Sloterdijk, Owen Jones, Jan Zielonka, Bas Heijne, John Gray, Dyab Abou Jahjah, Maurice Knegtel Sensei, enzovoorts. Het gaat maar door, man na man na man. De enige uitzondering lijkt Eva Rovers, wiens bijdrage plaats vindt in een groep met drie mannen en een mannelijke moderator (Boudewijn Richel).

Ik vind het compleet absurd dat een groot evenement anno 2017 zó weinig vrouwen weet te vinden om écht iets te zeggen over grote onderwerpen zoals economie en filosofie. De paar vrouwen die er zijn, treden bijna allemaal op in ondersteunende rollen om het optreden van de mannen te laten schitteren. Ik zou de organisatoren willen oproepen voortaan bewuster om te gaan met de onbewuste vooroordelen die dit soort eindplaatjes opleveren. Daarvoor verwijs ik bijvoorbeeld naar de site van de Gendered Conference Campaign, met diverse tips om dit soort eindresultaten in een vroeg stadium bij te stellen.

Vrouwen verdienen beter!

De lezing van… hoogleraar Renée Römkens

De Universiteit van Amsterdam benoemde prof. dr. Renée Römkens tot Bijzonder hoogleraar Gender Based Violence aan de Faculteit der Maatschappij- en Gedragswetenschappen. Om die benoeming te vieren hield ze een oratie over een actueel en relevant onderwerp: De invloed van vrouwen- en mensenrechtenbeweging op debat en aanpak gender gerelateerd geweld in Nederland. Aanbevolen!

Van feminisme light tot ‘optimistisch feminisme’, ruimte en vrijheid

Steeds meer feministen waarschuwen voor feminisme light. Het gaat daarbij om een voorwaardelijke vorm van gelijkwaardigheid met een nadruk op individueel consumeren. Onder andere auteur Chimamanda Addictie neemt stelling tegen dit soort krachteloze papieren tijgers. Anderen, zoals Jessa Crispin en Rebecca Solnit, benadrukken juist het vitale karakter van een opstandig soort feminisme. Geholpen door feiten, zoals die geleverd door onderzoekster Cordelia Fine. Die wijzen uit dat wij mensen veel flexibeler zijn dan de Mars en Venus denkers je willen laten geloven.

Feminisme ligt voortdurend onder vuur. In de kern is het een van de meest revolutionaire bewegingen aller tijden. Veel mensen voelen zich daar ongemakkelijk bij en proberen de scherpe kantjes van het basis gedachtegoed af te vijlen. Adichie is duidelijk in haar weerzin tegen het eindresultaat van dat soort verzachtingen, een voorwaardelijk soort feminisme:

Feminisme light bedient zich van parallellen als ‘hij is het hoofd en jij bent de hals’. Of ‘hij rijdt maar jij zit ernaast’. Nog troeblerender in feminisme light is het idee dat mannen van nature superieur zijn maar verwacht worden ‘vrouwen goed te bejegenen’. Nee. Nee.Nee. Aan de basis van het welzijn van een vrouw moet meer liggen dan mannelijke welwillendheid. […] We oordelen harder over machtige vrouwen dan over machtige mannen. En dat wordt mogelijk gemaakt door feminisme light.

Een andere manier waarop we als mensen feminisme reduceren tot een onschadelijk feel-good gebeuren is het vermarkten van de kernboodschap. Dan krijg je reclames voor water met een smaakje, onder het motto ‘women in control’ – waarna je hele slanke, hele blonde, hele blanke vrouwtjes vrolijk in een jurkje rond ziet huppelen.

Ja daaaaag, zo is het feminisme niet begonnen… Het begon met een roep om gelijkwaardigheid en om politieke, economische en sociale rechten, niet met koolzuurhoudend water kopen of een video liken op Facebook terwijl je op een Woman Power yogamat ligt.

Dát is het soort tandeloos feminisme waar Jessa Crispin tegenin gaat. In ‘waarom ik geen feministe ben‘ legt ze uit dat ze zichzelf niet bij zo’n individualistische consumentenbeweging aan kan sluiten. Ze wil terug naar het echte feminisme, een feminisme van vrouwen die boos worden, tegen achterstelling in opstand komen, en weigeren dat revolutionaire elan te verstoppen onder roze strikken en schattige cupcakes.

Crispin’s boek kreeg kritiek omdat ze wel een probleemanalyse geeft, maar geen oplossing biedt. Feministen opereren echter niet in hun uppie. Een andere feministe, Solnit, gaat in een nieuwe essaybundels juist in op wegen naar voren. Het doorbreken van de stilte staat centraal bij haar:

“Silence is forever being broken, and then like waves lapping over the footprints, the sandcastles and washed-up shells and seaweed, silence rises again.” Solnit’s voice shows us what it means to refuse to be drowned out, and how doing so creates the hope that you, along with many others, can change the world. “A free person tells her own story,” Solnit writes. “A valued person lives in a society in which her story has a place.”

Zover zijn we nog lang niet, en juist daarom is het goed als wij vrouwen onze stem blijven verheffen, met elkaar in gesprek gaan, en de wereld opnieuw definiëren op basis van onze eigen ervaringen, inzichten en onderzochte feiten. Wat dat betreft komt het goed uit dat wetenschapster Cordelia Fine een nieuw boek publiceerde. In Testosterone Rex maakt ze korte metten met alles wat je dacht te weten over de invloed van hormonen en genetische aanleg. Zo menen we dat mannen voordeel genieten van een fikse dosis testosteron, maar dat blijkt nergens op gebaseerd.

Ook theorieën over mannen- en vrouwenbreinen vallen in duigen zodra je kritisch onderzoek doet. Het wonder van mensenhersenen is juist dat ze zo flexibel zijn en zich aanpassen aan ervaringen en situaties. Dat geeft lucht en ruimte. Rollenpatronen liggen biologisch gezien veel minder vast dan mensen beweren, en zijn vooral een sociaal-cultureel product. Wat mensen verzonnen, kun je veranderen. Hoera!

Twee manieren om een vrouwvriendelijkere regering te krijgen

Stem op partijen die concrete voorstellen doen om de situatie van vrouwen te verbeteren. Zoals GroenLinks, D’66 en Artikel 1. En stem op vrouwelijke kandidaten die laag op de kieslijst van hun partij staan. Als we massaal die twee wegen bewandelen, hebben we in een mum van tijd een regering die veel meer vrouwen bevat dan nu. Dan gaan mannelijke politici vrouwen serieuzer nemen, (ze moeten wel), en komen de belangen van de helft van de bevolking hoger op de agenda.

Welke partijen hebben het goed voor met vrouwen? Onder andere tijdschrift Opzij en organisatie Women Inc. zochten het uit. Volgens Opzij hebben Artikel 1, D’66, GroenLinks en PvdA de beste papieren. Zij willen in actie komen tegen de loonkloof, pleiten voor uitbreiding van het karige ouderschapsverlof voor kersverse vaders, en willen meer diversiteit aan de top. Artikel 1 nam zelfs een feministisch manifest op in het programma.

Women Inc. geeft op haar website een overzicht welke thema’s partijen in hun verkiezingsprogramma’s opnamen, en of ze dat uitgebreid deden of alleen een paar loze kreten toevoegden. Opnieuw scoren Artikel 1, D’66, GroenLinks en PvdA hoog.  Opzij en Women Inc. komen zodoende onafhankelijk van elkaar tot hetzelfde beeld. Kijk verder vooral ook even bij tijdschrift Villeine, die per partij een vertegenwoordiger aan de tand voelde over het feministische gehalte van hun programma.

Naast algemene overzichten letten sommige organisaties op bepaalde onderwerpen. Zo bekeek het Centrum voor Individu en Samenleving CISA de programma’s vanuit het perspectief van alleenstaanden.  Dat is belangrijk omdat vrouwen mensen zijn, individuen, en omdat veel oudere vrouwen alleenstaand worden na de dood van hun partner.

Zoals verwacht komen Christelijke partijen niet goed uit de bus. Ze stellen het gezin duidelijk voorop, vanuit een jaren vijftig wereldbeeld waarbij vrouwen vooral moeder de huisvrouw zijn. Dit opgaan in het gezin laat vrouwen als individu verdwijnen en werkt zodoende niet mee met vrouwenemancipatie. Bovendien negeren deze partijen met hun gezinsideologie de belangen van de inmiddels 2,9 miljoen eenpersons huishoudens (waaronder dus die vele alleenstaande oudere vrouwen). GroenLinks komt wat dat betreft als beste uit de bus, op de voet gevolgd door D’66.

Kenniscentrum Atria scande de partijen op hun plannen om de loonkloof tussen de seksen te dichten. Deze genderscan wijst uit dat CDA, ChristenUnie, GroenLinks, PVV, SGP, VVD en 50PLUS niks zeggen over dit structurele onrecht. SP, PvdA, D’66, DENK en de Partij voor de Dieren besteden hier wél aandacht aan. Zo wil PvdA het onderbetalen van vrouwen aanpakken en dit bij wet regelen – want officieel mag het al niet om vrouwen minder te betalen voor hetzelfde werk, alleen handhaaft de overheid niet. Dus komen werkgevers nu makkelijk weg met deze vorm van discriminatie.

Dan de samenstelling van de Tweede Kamer. Je mag van een volksvertegenwoordiging verwachten dat vrouwen evenredig vertegenwoordigd zijn en evenveel macht hebben als hun mannelijke collega’s, maar dat is nog nooit het geval geweest. We zijn er echter met ons allen bij. Veranderen kan makkelijk, onderzocht Michaël Amir in zijn eindscriptie voor de studie Informatiekunde:

”De hoogste vrouw wordt namelijk toch wel verkozen.” Volgens Amir is het echter met een simpele aanpassing in de stemkeuze heel gemakkelijk om meer vrouwen in het parlement te krijgen. “Door je stem uit te brengen op een willekeurige vrouw uit de lijst van jouw favoriete partij, kunnen er veel meer vrouwen in de Tweede Kamer komen.” Via die tactiek maken veel meer verkiesbare vrouwen gebruik van de voorkeurstem, zegt Amir.

Ga dus niet voor de hoogst geplaatste vrouw op de kieslijst, meestal de nummer twee. Die komt er wel. Stem juist op een vrouw die ergens halverwege staat, of onderaan. Als veel mensen dat doen, en behalve voor een vrouw ook stemmen op een partij die vrouwen serieus neemt, kan de Nederlandse politiek er na 15 maart opeens heel anders uit zien.

Hidden Figures: wiskunde op leven en dood

Een goed verhaal. 67 nominaties en 27 onderscheidingen daadwerkelijk in de wacht gesleept. En een geschiedenis die een lang verborgen gebleven rol van vrouwen eindelijk zichtbaar maakt. Wat wil een mens nog meer? Hidden Figures, een film over de zwarte vrouwelijke wetenschappers van NASA die reizen rond de maan mogelijk maakten, was dé feministische verrassing van 2016. Eindelijk ook te zien in Nederland, vanaf 9 maart.

Eén van de (ironische) definities van feminisme luidt: de overtuiging dat vrouwen mensen zijn. In het V.S. van de jaren dertig golden zwarte vrouwen niet als mensen. Ze hadden weinig burgerrechten en leden onder een systeem van Apartheid – aparte toiletten, aparte scholen, achter in de bus zitten, enzovoorts. De wetenschap in gaan en bijvoorbeeld ingenieur worden? Ondenkbaar.

Toch deden zich hier en daar mogelijkheden voor. Nieuwe takken van wetenschap waren nog niet helemaal dichtgetimmerd voor en door blanke mannen, dus vrouwen hadden een kans. Wat ook hielp was dat de V.S. betrokken raakte bij de Tweede Wereldoorlog en de Koude Oorlog, zodat er meer werknemers nodig waren. Onder andere NASA besloot vrouwen aan te nemen voor hun ruimteprogramma. Met als voordeel dat ze die vrouwen niet zoveel hoefden te betalen als mannen.

Onderbetaald en ondergewaardeerd gingen vrouwen aan de slag in ondergewaardeerde, nieuwe onderdelen van de wetenschap. Ze kregen bijvoorbeeld banen als ‘computer‘: rekenwonders. Onder hen Katherine Johnson, Dorothy Vaughan en Mary Jackson. Ze programmeerden de eerste computersystemen van IBM en berekenden uit het hoofd banen om de aarde en van de aarde naar de maan. Het was wiskunde op leven en dood. Fouten zouden resulteren in uit elkaar spattende raketten en dode astronauten.

Deze vrouwen deden pionierswerk. Samen met andere computers, bijvoorbeeld werkzaam bij de universiteit van Harvard, stonden ze aan de basis van de ruimtewetenschap, maakten de ontwikkeling van machinale computers mogelijk, en zorgden ervoor dat de eerste Amerikaanse blanke man de ruimte in kon. Hoe het afliep laat zich echter raden: geen standbeelden, geen vuistdikke boekwerken over hun heroïsche bijdrage, en zodra de apparaten status kregen en ICT een goed betaald beroep werd, zorgden machtsverhoudingen en sociale normen ervoor dat mannen gingen domineren en opeens gelden als dé norm in de ICT-sector:

male programmers wanted to elevate their job out of the “women’s work” category. They created professional associations and discouraged the hiring of women. Ads began to connect women staffers with error and inefficiency. They instituted math puzzle tests for hiring purposes that gave men who had taken math classes an advantage, and personality tests that purported to find the ideal “programming type.

De rol van de zwarte wetenschapsters bleef alleen bekend in een klein kringetje NASA-medewerkers en geschiedkundige specialisten. De rest van de samenleving vergat hen. Voor de actrices die de rollen van Katherine Johnson, Dorothy Vaughan en Mary Jackson kregen, ging zodoende een wereld open toen ze het op ware feiten gebaseerde script ontvingen. Zwarte vrouwen? Die de wetenschap voor altijd veranderden? Aan de basis stonden van de computerrevolutie? Waarom had niemand hen dat ooit verteld? De ontdekking van deze verborgen geschiedenis hakte erin, onder andere bij Janelle Monae:

they were mystified by how little they knew. […]Monae dropped all her other projects to become part of this film once she learned the story was real. “I had a plethora of feelings I went through — one being shock,” she said. “I had no clue who Mary Jackson was, or Katherine Johnson or Dorothy Vaughan or any of the ‘colored computers’ who worked at NASA during that era. I had no idea who these women were. So I made it a personal responsibility to stop what I was doing and portray Ms. Mary Jackson. I didn’t want any other girl, any other American, to not know about this history.”

Hidden Figures zorgt voor een meeslepend verhaal, maar neemt daarbij geen blad voor de mond als het gaat om racisme en seksisme. Zo mochten vrouwen geen vergaderingen bijwonen rondom de lancering van de eerste bemande raket. Daar was geen protocol voor. En moesten de vrouwen naar het kleurlingentoilet, helemaal aan de andere kant van het NASA-terrein.

De Groene Amsterdammer noemt de film een voorbeeld van cinematografische rechtstelling: ”wat lang verzwegen werd – de rol van de zwarte vrouwen – wordt nu uitgeschreeuwd op de meest krachtige manier denkbaar, namelijk via de populaire verbeelding”, schrijft het magazine.

Dat blijft niet zonder gevolgen. Zo produceert Lego een reeks poppetjes van vrouwelijke wetenschapsters, waaronder een aantal heldinnen van Hidden Figures. Aanleiding vormt een jaarlijkse wedstrijd, waarbij mensen ideeën bij Lego aan kunnen dragen. Een tot twee plannen per jaar krijgen genoeg handen op elkaar om werkelijkheid te worden, Waaronder het voorstel om deze vrouwen te eren met een Lego-set. Meisjes kunnen straks hun fantasie gebruiken en spannende missies bedenken voor deze pioniersters.

Enfin, vanaf 9 maart in de bioscoop. Komt dat zien:

 a whole generation of girls are going to see how their foremothers were vital to the Space Race. I can’t wait to see what they do now.

Nieuwe generatie popjournalisten stelt geschiedenis bij

Blanke mannen die het werk van blanke mannen ophemelen. Je treft dat patroon aan in de literatuur, in de kunst, in de muziek…. Maar zo hoeft het niet te gaan. Een nieuwe generatie popjournalisten stelt de geschiedenis bij. Met als gevolg een enorme toename van de diversiteit, in stijlen en in aandacht voor makers. Waaronder talloze vergeten vrouwelijke artiesten. Daarnaast herkennen journalisten racisme en seksisme sneller dan voorheen. En maken ze er een probleem van als de jury van de Grammy’s een artiest zoals Beyoncé achter stelt.

De New Statesman zet het geijkte popmuziek-geschiedenisboek op een rij. Elvis Presley start de rock/popmuziek, waarna de Beatles, volgen, de Beach Boys, de Rolling Stones en Bob Dylan. Dan volgt een terugval, met een kleine opleving als de punkmuziek het toneel betreedt, en daarna weer een lange rij blanke mannelijke popmusici die het stokje aan elkaar doorgeven.

Dat lijkt verdacht veel op het patroon dat filosofe Vigis Songe-Møller identificeert in het gedachtegoed van de oude Griekse beschaving: mannen die mannen voortbrengen, waarna nog meer mannen volgen in een ononderbroken harmonieuze lijn van perfectie en eenheid, zonder dat mislukte mannen (= vrouwen) de boel verstoren.

Gaaaaaaaaaaap, en bovendien niet waar. Dat type geschiedschrijving negeert talloze muziekstijlen en de mensen die in dat genre opereerden. Met name vrouwen. Onder andere de Amerikaanse recensent David Hajdu schreef daarom een alternatieve muziekgeschiedenis, met een focus op zijn eigen land, de V.S. Hij besteedt onder andere aandacht aan vaudeville zangeres Eva Tanguay. Hij noemt haar de Lady Gaga of Madonna van haar tijd:

“utterly defiant and radical … turned the whole ideal of Victorian femininity upside down and inside out. … and changed the way young women and many young people thought about sex roles, about gender roles, and about behavior.”

Anderen nemen een specifiek genre en richten dan hun aandacht op vrouwen. Zoals Amy Oden’s documentaire From the Back of the Room. Ze laat zien hoe punk begon als een revolutionaire beweging, met vrijheid en diversiteit. Maar omdat de sociale omgeving nog steeds dacht in oude rolpatronen, ontwikkelde punk al snel een vrouwenprobleem. Direct betrokkenen ondervonden dat direct:

As LA punk veteran Alice Bag has pointed out, punk started out as an inclusive and diverse movement, but was quickly annexed by white dudes. Women have had to fight for space and recognition in punk ever since.

Door te kijken naar de bijdragen van vrouwen en hen met elkaar in verband te brengen, kun je ook gouden tijdperken op het spoor komen. Zo benadrukt poprecensent Jon Lisi van Pop Matters dat 2000-2010 gewoonlijk in het teken staat van mannelijke sterren en bands zoals Radiohead, de White Stripes en Eminem. Maar als je goed kijkt domineerden vrouwelijke popsterren dat decennium. Pink, Beyoncé, Kylie Minogue, Christina Aguilera, Kelly Clarkson, Avril Lavigne, Rihanna, de lijst is langer dan je denkt.

Als je let op sekse, vallen nog andere zaken op. De gendersituatie verschilt per genre. Zo geldt Country als een door mannen gedomineerde muziekstijl, maar het zou wel eens het meest inclusieve genre van 2016 kunnen zijn. Vrouwen sleepten belangrijke prijzen in de wacht en een verrassingsoptreden van de Dixie Chicks met zangeres Beyoncé sloeg in als een bom. Veel mensen vonden het geweldig. Anderen riepen radiostations op om minder vrouwelijke artiesten te draaien, omdat Countrymuziek teveel zou feministen.

Een typisch gevalletje backlash, gedreven door de angst dat wat meer aandacht voor vrouwen prompt betekent dat mannen in de marge zouden verdwijnen. Nou nee. Er komt steeds meer tegenwicht voor zulke hysterische tegenreacties. Eén van de wapens om vrouwen terug in hun hok te douwen is door te stellen dat het werk van vrouwelijke artiesten inferieur zou zijn. Om hun aandeel op waarde te schatten vinden conferenties plaats over gender en geschiedschrijving rondom popmuziek. Vorig jaar kwamen bijvoorbeeld talloze wetenschappers, popjournalisten, redacteuren en direct betrokkenen bijeen in Duitsland, voor een conferentie georganiseerd door de Hochschule für Musik und Theater van Hamburg. Of studies naar het werk van vrouwelijke jazzartiesten tussen 1928 en 1959.

Op die manier krijgt het streven naar een evenwichtiger beeld van de populaire muziekgeschiedenis zelfs academische status. Hoog tijd. Vrouwen doen veel meer dan wij als samenleving bereid zijn om te zien. Maar als je de weerstand opzij zet, wemelt het opeens van de artiestes en kan het proces van erkenning geven een aanvang nemen. Hoera!

Jaaroverzicht Lezeres des Vaderlands: een must-read

Iedereen die meent dat kwaliteit ‘vanzelf’ boven komt drijven, iedereen die vindt dat vrouwen gewoon beter hun best moeten doen om hun boeken gepubliceerd te krijgen, iedereen die zich afvraagt ‘waar zijn de vrouwen toch?’ zouden het jaaroverzicht van de Lezeres des Vaderlands als must-read op hun lijstje moeten zetten. De cijfers zijn overduidelijk (70% m-30% v) en als niemand iets wil doen omdat eerst anderen iets zouden moeten veranderen, zitten we over vijftig jaar nog steeds met blanke eenheidsworst.

Eerst de feiten. Na een jaar turven en tellen blijkt de aandacht voor vrouwelijke auteurs steken op 30%. Dit aandeel van circa eenderde komt ook terug in andere landen, zoals Australië of in de VIDA-tellingen uit de V.S. Het gaat om een structurele blinde vlek voor alles wat buiten het veld van blank en mannelijk valt. Daardoor halen schrijfsters de krantenkolommen slechts mondjesmaat, ongeacht hun werk.

In Nederland zouden vooral Het Parool en Vrij Nederland zich moeten schamen: die redacties komen niet verder dan rond de 20%. Dat het echt anders kan bewijst dagblad Trouw, met gemiddeld 40%. Niet geheel toevallig werken bij Trouw de meeste vrouwelijke recensenten en bij Vrij Nederland de minste, merkt de Lezeres op. Hulde aan Trouw! Allemaal een voorbeeld nemen aan die krant! Wordt abonnee van Trouw! Hoera!

Bij het stukken tellen hield de Lezeres geen rekening met de omvang van artikelen, en de plek binnen een boekenbijlage – prominente voorin met foto, of ergens achterin bij de korte signalementen. Zou ze dat aspect meegenomen hebben, dan duikelt dat gemiddelde van 30% aandacht voor vrouwen verder omlaag. Zowel in week 4 als in week 6  telde ze dit wel mee, en bleken stukken over vrouwen bij bijvoorbeeld de Volkskrant structureel korter te zijn en in de marge te staan. Op die manier ontstaat een tweede vorm van structurele marginalisering, binnen de geturfde marginalisering.

Tot slot maakt de Lezeres des Vaderlands korte metten met smoezen van het type ‘ja maar misschien  publiceren vrouwen minder boeken, uitgeverijen moeten ook wat doen, waarom heb je zo de pik op arme onderbetaalde krantenrecensenten’ enz enz. Welnu, verwijzen naar het aanbod uitgeverijen of andere schakels in de literaire wereld, is een manier van wegduiken:

Het is zeker zo dat waar je je schijnwerper ook zet in deze keten, vrouwen ondervertegenwoordigd zijn. Zelf heb ik al eens laten zien dat leeslijsten op middelbare scholen ook allesbehalve divers zijn. Dat betekent ook dat iedereen in de keten naar een schakel vóór zich kan wijzen om het probleem – en de verantwoordelijkheid – van zich af te schuiven. Dan verandert er echter nooit iets. […] Er wordt veel meer geproduceerd dan gerecenseerd, dus een boekenbijlage kán makkelijk diverser bespreken dan nu gedaan wordt. […] We zijn niet ‘vanzelf’ op weg naar meer gelijkheid, daar moet actief aan gewerkt worden.

Aan dat argument kan ik er nog eentje toevoegen. Kranten en andere media hebben de functie van poortwachter. Boeken waar zij aandacht aan besteden, komen beter onder de aandacht van lezers. Daarom houden uitgeverijen nauwlettend in de gaten welk boek De Wereld Draait Door in de etalage zet. Hun Boek van de Maand belandt daarna steevast in de toptien van de Bestseller 60. En daarom reageerden comics-fans zo teleurgesteld toen de New York Times een rubriek over dat genre schrapte – het wordt nu lastiger om uit te vogelen welk album je wil lezen, wat de aanbevolen titels zijn.

Ook op andere manieren blijken kranten en andere media poortwachters. In Australië komt tweederde deel van alle boeken uit de koker van een schrijfster. Als literaire bijlagen slaafs het beleid van uitgeverijen zouden volgen, zou het in de Australische media moeten wemelen van de artikelen over schrijfsters en recensies van hun boeken. Maar dat is niet zo. Australische boekenkaternen geven nog steeds tweederde van de kolomruimte aan mannelijke auteurs.

Kortom, op de media rust een extra verantwoordelijkheid om de situatie te veranderen. De Lezeres des Vaderlands hint dat Nederland misschien een eigen structurele telling krijgt, een instituut zoals VIDA. Dat hoop ik van harte, want de buren overzee merken dat cijfers publiceren een schok veroorzaakt in medialand en dat lekker tellen het debat naar een hoger niveau tilt:

VIDA’s count director Jen Fitzgerald says the numbers are so clear that they’re starting to change the conversation. “We have these stark blue-and-red charts that offer up data, and there’s no negating it. When we present it, it’s no longer a question of, ‘Is there an imbalance?’ Now, it’s a question of, ‘Why is there an imbalance? Do we want to change the imbalance?’ ” Fitzgerald says. “You know, the initial shock of, ‘Oh my goodness, are we really seeing 75 percent men across the board?’ to a question of, ‘Why are editors OK with 75 percent men across the board?’ “

Vrij Nederland, Parool, Volkskrant, NRC enz.: de bal ligt bij jullie. Doe er iets goeds mee.

Ruim helft docenten en ouders discrimineren meisjes en jongens

57% van de leraren geven toe dat ze meisjes en jongens (onbewust) stereotyperen op school. Ruim de helft van de ouders geeft toe dat ze hun zonen anders behandelen dan hun dochters. En jongeren zien exacte vakken als ‘mannelijk’ en dus minder geschikt voor meisjes. Dat blijkt uit een Engels onderzoek, uitgevoerd ter gelegenheid van een Maand van de Exacte vakken.

Deze stereotypering heeft negatieve gevolgen voor meisjes. Zo maakte 54% van de ondervraagde docenten mee dat meisjes onder druk van hun ouders stopten met exacte vakken. Deze vroege uitval voorkomt dat meisjes een echte vrije keuze kunnen maken. Misschien zijn ze stiekem best ok in wiskunde, maar als dat geldt als ‘iets voor jongens’ en je ouders zeggen ‘wiskunde is veel te moeilijk voor jou, stop er maar mee’, dan moet je als kind van goede huize komen om een eigen koers te varen.

Tegen de tijd dat het gaat om studeren en een baan vinden, domineren jongens en mannen en halen werkneemsters nog geen kwart van het totaal uit bij bedrijven. Samenlevingen verspillen zodoende bergen talent.

De studie past bij eerdere onderzoeken. Zo blijken docenten de wiskundige vaardigheden van jongens al vroeg veel hoger in te schatten dan bij meisjes. Zij krijgen bij voorbaat het vertrouwen van docenten. Meisjes niet. Uit een ander onderzoek bleek vervolgens dat docenten wiskundehuiswerk van meisjes betere cijfers geven dan dat van jongens, maar alleen zolang ze niet weten of een jongen of meisje de sommen maakte. Zodra ze de sekse wisten, gaven ze meisjes juist lagere cijfers dan jongens.

Hetzelfde overkomt vrouwen als ze bijvoorbeeld software programmeren en aanbieden op een platform zoals GitHub. Gebruikers gaven hun producten hoge waarderingen, maar alleen als ze geen idee hadden of een man of een vrouw erachter zat. Zodra ze wisten dat het programma van een vrouw kwam, vonden ze het niks meer.

Kortom, docenten en ouders zijn gewoon een product van een seksistische maatschappij. We zwemmen met ons allen in hetzelfde water, geven de boodschap vervolgens door aan kinderen en zo leren kinderen al vroeg hoe het hoort. Genialiteit is een mannelijke eigenschap, weten meisjes van zes al. Aan wiskunde hoeven ze niet te beginnen want dat kunnen meisjes niet, tenzij je een uitzonderlijke freak bent. Waarna meisjes afhaken en iedereen zegt ‘zie je wel, wiskunde is niets voor meisjes.’ Zo houdt het patroon zichzelf in stand….

Stereotypen richten al vroeg schade aan bij meisjes

Meisjes van een jaar of zes zijn er al vast van overtuigd dat genialiteit een mannelijke kwaliteit zou zijn, waar zij als meisje en toekomstige volwassen vrouw helaas niet over beschikken. En meisjes leren al jong dat ze afhankelijk van anderen zijn voor het doen van uitgaven: ouders geven dochters 20% minder zakgeld en minder financiële vrijheid dan hun zonen. Dat blijkt uit twee recente onderzoeken naar opvattingen over mannen en vrouwen.

Ouders besluiten of hun kind zakgeld krijgt en zo ja, hoeveel en hoe vaak. Wat blijkt uit onderzoek? Ouders geven jongens 20% meer zakgeld, houden regelmaat aan, en laten hun zonen redelijk vrij in wat ze er mee doen. Meisjes daarentegen krijgen minder geld, op onregelmatige momenten, en in veel gevallen blijven ouders betrokken bij wat ze met dat zakgeld doen. Meisjes moeten bijvoorbeeld vaker aan hun ouders vragen of ze een uitgave mogen doen en als dat al mag, krijgen ze het geld niet zelf in handen maar gaan de ouders mee om de portemonnee te trekken.

Ook Nederlandse ouders doen dit:

Wie er niet van opkijkt is Joop Schipper, hoogleraar Arbeids- en Emancipatieeconomie aan de Universiteit van Utrecht en expert op het gebied van beloningsverschillen tussen mannen en vrouwen. “Dit is niet het eerste onderzoek waarin deze ongelijkheid wordt beschreven. Het begint bij het zakgeld, daarna krijgen jongens meer betaald voor hun eerste bijbaantje en  zo gaat het door in het hele verdere leven.

Meisjes leren op die manier al vroeg dat jongens meer verdienen, dat ze van anderen afhankelijk zijn voor geld, en dat geld niet iets is waar ze zelfstandig over te beslissen. Dat onderscheid maken niet alleen ouders, maar ook scholen. Zo krijgen meisjes in de Amerikaanse staat Utah op school te horen dat ze zich, als ze met een jongen uitgaan, ‘vrouwelijk’ moeten gedragen, hem moeten behagen en zijn geld niet mogen verkwisten,

Ook op andere manieren krijgen meisjes signalen dat ze minder zijn. De onderzoekers van de ‘wie is de slimste’ studies kwamen er bijvoorbeeld achter dat jongens en meisjes op hun vijfde nog geen verschillen zien tussen de seksen als het gaat om genialiteit. Tegen de tijd dat ze zes worden, hebben meisjes echter verinnerlijkt dat alleen jongens ‘van nature’ briljante slimheid vertonen.

Dit verschil bij zesjarigen treedt op ongeacht de opvoedingsstijl van de ouders, inkomensgroep of etnische achtergrond. De onderzoekers wijten het aan ‘de cultuur’. Die toont, op enkele uitzonderingen na, louter jongens en mannelijke figuren die geniaal zijn en allerlei problemen oplossen. Denk aan de gemiddelde door mannen gedomineerde geschiedenisles op school, Sherlock Holmes, de mannen van Star Trek, dr. Who, enzovoorts. Ook speelgoed laat niet na om meiden te vertellen dat wiskunde zo moeilijk is en dat wetenschap alleen kan met roze kleuren.

Meisjes verinnerlijken die stereotypen. Met grote gevolgen. Ze reageren minder vaak op studiebeurzen als die gepromoot worden met vragen van het type ‘ben jij slim genoeg?’ (want meisjes zijn niet slim, dus helaas). Ze achten zichzelf minder geschikt voor studies die naar verwachting grote intelligentie vereisen, en beginnen zodoende niet aan een loopbaan in de exacte vakken.

Om het schadelijke effect van dit soort overtuigingen tegen te gaan zijn voorbeelden nodig, denken de onderzoekers. Meer fictieve heldinnen die geniaal blijken. Meer aandacht voor vrouwen die, in heden of verleden, blijk gaven van genialiteit en iets uitvonden, ontdekkingen deden en/of succesvol werkzaam zijn binnen exacte beroepen. En wist je dat James Bond’s Q in werkelijkheid een vrouw is? Zulke voorbeelden kunnen als tegengif dienen voor de stereotiepe beelden waar wij als maatschappij jongens en meisjes mee overspoelen.

Trump vrouwenhaat-watch: Afrikaanse vrouwen abortus ontnemen

Laat de betekenis van dit beeld even op je inwerken. Omringd door blanke, welvarende mannen zette Trump zijn handtekening om een oude wet opnieuw in werking te stellen. Een wet die het internationale hulporganisaties verbiedt om informatie of ondersteuning rondom abortus te geven, zodra ze een cent van de V.S. aannemen. Met name arme vrouwen met een gekleurde huid uit de armste landen ter wereld worden naar verwachting ernstig getroffen door de effecten van deze zogenaamde Gag Rule. Mijn hoop is nu gevestigd op onze eigen minister Ploumen en haar poging geld voor abortus bij elkaar te scharrelen.

UPDATE: Marie Stopes rekende de gevolgen van Trump’s actie uit. Als deze organisatie geen alternatieve fondsen vindt (en dus met minder geld minder kan doen) leidt dat naar schatting tot 6,5 miljoen ongewenste zwangerschappen, 2,2 miljoen abortussen en 21.700 vrouwen die sterven gedurende de zwangerschap of tijdens de baring. Wat Ploumen probeert is dus letterlijk van levensbelang. België zegde al steun toe voor Ploumen’s fonds.

De maatregel staat bekend als de Global Gag Rule, de internationale knevel-regel, omdat artsen en verpleegsters letterlijk moeten zwijgen over zorg rondom het afbreken van een ongewenste zwangerschap. Ook al vragen vrouwen expliciet en gericht om informatie, ze mogen niks zeggen. De Gag Rule is ook erg strikt op andere manieren. Het maakt bijvoorbeeld niet uit of hulporganisaties alleen ‘eigen’ geld of andere donaties gebruiken voor zorg en voorlichting rondom ongewenste zwangerschappen. Zodra ze een donatie uit de V.S. ontvangen, begint het taboe rondom abortus.

Onderzoek wijst uit dat die manier van doen vrouwen in het nauw brengt. Het gaat vaak om arme vrouwen uit problematische ontwikkelingslanden. Weigeren klinieken de voorwaarden van de Gag Rule te accepteren, dan verliezen ze het Amerikaans geld. Dat leidt vervolgens regelmatig tot de sluiting van klinieken. Daardoor verliezen vrouwen toegang tot preventieve zorg en voorbehoedsmiddelen.

Met name het gebrek aan anticonceptie zorgt vervolgens voor meer ongewenste zwangerschappen en een toename van het aantal onveilige abortussen. In Ethiopië hinderde de Gag Rule bijvoorbeeld de regering om het aantal onveilige abortussen terug te dringen – in dat land een grote oorzaak van moedersterfte en chronische aandoeningen bij vrouwen.

Dat en meer is waarom media zoals Vogue de wet een ramp noemen, en Slate Magazine concludert:

If Republicans really wanted to reduce international abortion rates, they wouldn’t attach strings to federal family planning funding for NGOs providing crucial resources to impoverished areas. The Trump administration’s insistence on reinstating this disastrous rule is only further proof of its indifference to women’s health, safety, and autonomy.

Of, anders gezegd: