Category Archives: Opiniestuk

De mening van wetenschappers, experts… en soms De Zesde Clan

Dubbele moraal rond Williams is druppel die emmer doet overlopen

Vrouwen die protesteren tegen onrecht of frustratie tonen? Nog altijd schildert onze cultuur zo iemand af als een hysterische feeks, iemand die ontploft, die wangedrag vertoont, die boetes krijgt voor haar woede uitbarsting. Alsof de wereld vergaat. Ondertussen mogen mannen razen en tieren zonder dat er een haan naar kraait. Meest recente voorbeeld van die dynamiek: tennisster Serena Williams. Het voorbeeld biedt een giftige cocktail van seksisme, racisme en mannelijke machthebbers die met twee maten meten. Er was inderdaad sprake van wangedrag, maar nauwelijks van Williams.

Osaka met haar grote heldin Williams

Nederlandse en buitenlandse media staan bol van de verhalen over de incidenten tijdens de vrouwenfinale van de US Open. Deze belangrijke tenniswedstrijd ging tussen Serena Williams en Naomi Osaka. Voor beide tennissters stond er veel op het spel. Williams had de kans een 24ste overwinning op haar naam te zetten en daarmee een record te verbreken. Osaka kon de eerste Japanse/Haïtiaanse US Open winnares ooit worden.

In die beladen sfeer besloot scheidsrechter Carlos Ramos op een gespannen moment Williams te berispen omdat haar coach vanaf de tribune handsignalen naar haar zou hebben gezonden. Daarna strafte hij Williams toen ze haar racket kapot gooide. Toen Williams daartegen en tegen zijn eerder besluit protesteerde, nam hij haar een punt af, zodat Osaka in een beslissende set opeens met 5-3 voor stond in plaats van 4-3.

Osaka won de wedstrijd, maar de ceremonie bij de prijsuitreiking werd verstoord doordat het publiek boe bleef roepen naar Ramos en andere vertegenwoordigers van de US Open organisatie. Williams greep in om iedereen weer rustig te krijgen en Osaka haar moment van glorie te geven. Het gedrag van een ware kampioene, die haar verlies accepteert en haar tegenstandster eert en ruimte geeft.

Vanwaar het boe geroep van het publiek? Bij de situatie rond Serena Williams is het van belang één ding goed in het oog te houden. In het geval van een scheidsrechter die regels handhaaft gaat het niet om de vraag of zo’n functionaris het recht heeft maatregelen te nemen. Dat heeft zo iemand altijd. In dit geval gaat het om het hoe.

Het hoe. En daarin zit het venijn. Ramos vertegenwoordigt een cultuur waarbij mannelijke tennissers geen problemen ondervinden van gedrag waarvoor vrouwelijke spelers wél gestraft worden. Met een extra dosis venijn als de vrouw in kwestie ook nog een gekleurde huid heeft. Als een zwarte vrouw namelijk protesteert, duikt meteen het beladen stereotype van de boze zwarte vrouw op. Dat is een bedreiging die mannen het liefst zo snel mogelijk weer de grond in willen stampen. Williams maar ook andere zwarte vrouwelijke sporters botsen regelmatig tegen dat stereotype aan.

 

De voorbeelden zijn te talrijk om op te noemen, zo vaak is het seksisme in de sport zichtbaar. Als een man op de baan van shirt wisselt, geen probleem, doet een vrouw dat (met nog steeds een keurig hemd onder haar shirt aan) dan is het gelijk pats, sanctie van de scheidsrechter. Roger Federer, Novak Djocovic, Dominic Thiem, ze mogen er op los schelden en rackets bij de vleet kapot slaan, maar straf, ho maar. Mannen geven zelf ook toe dat ze bijna overal mee wegkomen. Zo twitterde tennisser James Blake:

I will admit I have said worse and not gotten penalized.  And I’ve also been given a “soft warning” by the ump where they tell you knock it off or I will have to give you a violation.  He should have at least given her that courtesy.  Sad to mar a well played final that way.

Voor een speler zoals McEnroe vormden de woede uitbarstingen en ander wangedrag zelfs een lucratief handelsmerk, een situatie die onbestaanbaar was bij vrouwelijke spelers:

After the BBC’s Panorama documentary revealed that John McEnroe was paid 10 times more than Martina Navratilova, despite her superior playing record, one of the many justifications cited for the discrepancy was that McEnroe was more entertaining. In other words, McEnroe’s personality – famous for angry outbursts on court – made him a better financial investment.

In het geval van Ramos komt daar nog bij dat de hele ellende begon toen hij besloot niet eerst te waarschuwen, maar meteen sancties op te leggen. En om als aanleiding voor een straf iets te kiezen waar normaal gesproken niemand een punt van maakt, omdat het overal voorkomt en zodoende iets is waar scheidsrechters normaal gesproken weinig mee doen. Alleen een zwarte vrouwelijke tennisspeelster krijgt straf en impliciet het etiket ‘valsspeler’ opgeplakt van de scheids. Daarmee beschuldigde Ramos Williams van iets heel ergs, in het openbaar, voor een miljoenenpubliek. Hij besmeurde haar eer en professionaliteit als tenniskampioene. Terecht dat Williams die smaad niet pikte, schrijft de Boston Globe

She was rightfully angry; not an angry black woman trope. This is a 23-time grand slam champ. “I don’t cheat to win,” she told Ramos. “I’d rather lose.”

Daarna strafte hij Williams voor het tonen van frustratie rond zijn sanctie-gedrag. Ramos kreeg als persoon eerder te maken met mannen die hem uitscholden, woede uitbarstingen hadden, rackets kapot gooiden, protesteerden tegen zijn beslissingen, enzovoorts. De Portugees legde die mannen zelden of nooit een sanctie op. Alleen Williams, een zwarte vrouw, moest het ontgelden. Zij mag geen racket kapot gooien of hem een leugenaar noemen omdat hij haar vals beschuldigde. Mannelijke spelers bevestigden de dubbele moraal die Ramos toonde in zijn beslissingen. Zo schreven tennisverslaggevers:

“I covered 17 US Opens for Sports Illustrated. There is no way a men’s player with Serena’s resume (multiple Grand Slam titles, economic driver of the sport) is getting a third code violation for that language in the finals of a major. No way.”

Dat verschil tussen straf voor mannen en voor vrouwen is ook waarom commentatoren zoals Sally Jenkins zo’n vernietigend oordeel vellen over het optreden van Ramos. De Washington Post journaliste beschuldigt Ramos van het misbruiken van zijn macht als scheidsrechter, en escaleren waar de-escaleren op z’n plaats was. Met alle gevolgen van dien:

“Ramos took what began as a minor infraction and turned it into one of the nastiest and most emotional controversies in the history of tennis, all because he couldn’t take a woman speaking sharply to him.”

Gezien de talloze voorbeelden, en deze nieuwe casus rond Ramos, is het niet zo gek dat de publieke opinie zich achter Williams schaart. Het gaat te vaak mis. Er is sprake van structureel onrecht waar vrouwen, zeker zwarte vrouwen, te vaak het slachtoffer van worden. We moeten daar tegen vechten. Williams doet dat, en velen volgen haar. Ook de Vrouwen Tennis Associatie (WTA) steunt Williams openlijk en uit kritiek op de dubbele moraal in het tennis algemeen en het seksistische optreden van Ramos in het bijzonder. Die steun in de strijd tegen seksisme, en het prachtige spel van Osaka, zijn de enige positieve elementen in dit hele verhaal.

Advertenties

Ervaring sterker dan holle vooroordelen

Terecht reageerden mensen geschokt op het nieuws dat ruim de helft van de Nederlanders liever geen vrouw als baas wil. Maar het onderzoek biedt een zeer hoopvolle aanwijzing. Namelijk deze: in sectoren met relatief veel vrouwelijke leidinggevenden maalt niemand meer om de sekse van de manager. Mensen raken gewend aan een vrouw in een leidinggevende rol en gaan haar behandelen als een normaal persoon. Ervaring is sterker dan op angsten en stereotypen gebaseerde vooroordelen. Die omslag komt tot stand zodra dertig procent van de groep uit vrouwen bestaat.

Eerst het slechte nieuws. HR Pay for People deed onderzoek naar de houding van duizend werknemers ten opzichte van leidinggevenden. Uit de enquete bleek dat van de jonge mannen 73 procent liever niet onder een vrouw werkt. Het Algemeen Dagblad gaf hun angsten behulpzaam weer door het artikel te laten begeleiden door een foto van een feeks die uit lijkt te halen naar een in elkaar duikend groepje medewerkers. Bedankt, AD, voor deze bevestiging van stereotypen. Neem je de hele onderzoeksgroep, dan wilden nog steeds ruim de helft van de m/v liever een man als baas.

De krant citeert Janka Stoker, hoogleraar Leiderschap en Organisatieveranderingskunde aan de Rijksuniversiteit Groningen:

,,Bij een goede leider denken we eerder aan masculiene dan aan feminiene kwaliteiten. Een leider associëren we met daadkracht, dominantie en risicobereidheid. Die eigenschappen dichten we eerder toe aan een man dan aan een vrouw.” […],,Een goede vrouw is zorgzaam, kan goed luisteren, wil niet op de voorgrond treden, is niet dominant, maar wil samenwerken en de boel bij mekaar houden. Dat soort stereotypen hebben we in ons hoofd, vrouwen net zo goed als mannen.” De eigenschappen die we toedichten aan een leider passen dus slecht op het beeld dat we in ons hoofd hebben van een vrouw, stelt Stoker.

Zo’n beeld van ‘leider = man” heeft grote, negatieve gevolgen voor vrouwen. Onderzoek na onderzoek wijst uit dat mensen liever een man aannemen, omdat die naadloos past in het beeld van leider. Als vrouwen al een kans krijgen, moeten ze spitsroeden lopen. Vertoon je bij leiderschap passend gedrag, dan zou je een moeilijk rotwijf zijn waar niemand mee samen wil werken. Probeer je ”vrouwelijk” te blijven, dan ben je een zwak emotioneel meisje en neemt niemand je serieus. Zo kun je het onmogelijk goed doen. Iets waar mannen geen last van hebben: ze kunnen doen wat ze willen en ook als middelmatig type toch decennia lang onaantastbaar doorregeren, omringd door mensen die respectvol ruimte bieden aan deze mannen.

Maar nu naar de positieve kant. Halverwege allerlei artikelen over dit onderzoek naar de houding rond vrouwelijke bazen komt een zeer hoopvol gegeven naar voren. Wie gewend is aan vrouwelijke leiders, kan vooroordelen en nare etiketten achter zich laten en accepteert een vrouwelijke baas als iets heel normaals:

HR-baas Luyten vindt dat bedrijven meer moeten doen om te zorgen dat ook vrouwen een leidinggevende positie kunnen bemachtigen. Stel gewoon een vrouw aan als zij geschikt is, is zijn advies. Als voorbeeld noemt hij de uitzendbranche, waar relatief veel vrouwelijke manager werken. “Je ziet daar dat mannen een ander beeld hebben van een vrouw als baas, gewoon omdat ze dat meegemaakt hebben. In onze organisatie streven we naar een mix, want volgens mij heb je zowel mannen als vrouwen nodig.”

Op andere gebieden blijkt hetzelfde fenomeen. Zo onderzocht het CBS dat jongeren over het algemeen nog steeds traditionele opvattingen over rolpatronen hebben. Maar er is een groep die werkende vrouwen prima vindt, en zij hadden gemeen dat ze dat van huis uit mee hadden gekregen. Hun eigen moeder werkte betaald buitenshuis en dat was normaal, dus hoezo zou dat in hun eigen huishouden straks niet kunnen?

Of neem universiteiten: eerst verboden mannen vrouwen te studeren aan universiteiten, daarna was de eerste vrouwelijke studente een bezienswaardigheid, die achter een gordijn moest zitten omdat het anders té erg werd, daarna werd het normaal dat mannen én vrouwen studeren, en tegenwoordig zijn jonge vrouwen zelfs vaker hoog opgeleid dan jonge mannen.

Kortom, situaties normaliseren. Vrouwen worden mensen en de vooroordelen vallen weg. Alles wat er nodig is, is de wil om een bestaande situatie te problematiseren en er iets aan te doen. Vrouwelijke leiders eng en vervelend? Neem ze aan, geef ze die leidinggevende positie, en kijk, het went en je haalt die drempel van 30% en na een poosje kijkt niemand er meer van op. Selecteer je volgens je eigen overtuiging alleen naar kwaliteit en kom je vervolgens met een lijst met allemaal blanke mannen op de proppen? Zoek bewust verder, neem bewust vrouwen op in je namenlijstjes, en voordat je het weet worden je kandidatenselecties volautomatisch kleurrijk en divers. Je hoeft geen raketgeleerde te zijn. Je moet alleen wíllen.

Zelfmoord: gender speelt cruciale rol

Opwinding alom rond de hoge zelfmoordcijfers onder jongeren tussen de 10 en 20 jaar. In de media speculeren deskundigen over de oorzaken van de toename, en nemen daarbij vanalles mee. Van sociale media en Netflix series tot aan drugsgebruik en gebrekkige toegang tot zorg, het komt allemaal voorbij. Vreemd genoeg ontbreekt gender. Dat lijkt een blinde vlek. Wie even in de cijfers duikt, ziet echter meteen dat je de rol van iemands sekse niet kunt negeren.

Als baby word je in onze samenleving al opgescheept met stereotiepe opvattingen over je sekse

Volgens het CBS pleegden in 2017 bijna tweeduizend mensen zelfmoord (1917 mensen). De groep van tien tot twintig jaar viel op omdat het aantal zelfmoorden in deze leeftijdscategorie jarenlang min of meer stabiel bleef hangen rond de vijftig per jaar. Nu zijn het er opeens 81.

Als je gender meeneemt bij dit soort cijfers, worden bepaalde patronen opeens zichtbaar. Jongens plegen vaker zelfmoord. Kijk je naar de harde cijfers, dan ging het in 2016 om 6 jongens en 3 meisjes in de leeftijdscategorie van 10-15 jarigen. Bij de 15 tot 20-jarigen pleegden 24 jongens zelfmoord, en 15 meisjes. Kijk je nog iets verder, dan nemen de verschillen toe. In de categorie 20-25-jarigen pleegden 53 jongens zelfmoord, tegenover  20 meisjes.

Dit wil overigens niet zeggen dat alles ok is met de meiden. Zo constateerde psycholoog Frans Duintjer jaren geleden al dat jongens inderdaad vaker zelfmoord plegen, maar dat meisjes veel meer pogingen doen. Omdat hun pogingen minder vaak fataal zijn, komen ze minder terecht in de zelfmoordstatistieken zoals het CBS die publiceert. Maar er is wel degelijk iets aan de hand, anders doe je geen zelfmoordpoging. Meiden staan in onze samenleving onder een zware druk: we hebben vaker te maken met seksueel geweld en sociale druk om bescheiden, zorgend, troostend, vriendelijk en lief te zijn. Gezond assertief gedrag leidt al snel tot het scheldwoord bitch, en zelfs onze premier vindt dat vrouwen geen kwaliteit hebben. Je zou van minder depressief worden.

Maar goed, bij ”succesvolle” pogingen tot zelfmoord voeren jongens en mannen de boventoon. En dat is een groot probleem. Kijk je naar de volwassenen, dan blijkt ook hier dat mannen vaker dan vrouwen zelfmoord plegen. Het verschil neemt iets toe. In 2015 werd bijvoorbeeld zichtbaar dat het aantal vrouwen dat zelfmoord pleegde gelijk bleef. Bij de mannen steeg het aantal echter met 30. Deskundigen verwijzen voor dit verschil bij volwassenen naar gender:

Jan Mokkenstorm, psychiater bij suïcidepreventieplatform 113Online zegt dat sommige mannen minder goed kunnen omgaan met nieuwe levensfases dan vrouwen: “Van scholier naar werknemer, van jongen naar adolescent, van vriendje naar vader. Als zij die nieuwe rol niet kunnen volhouden, leidt het in hun beleving tot gezichtsverlies.”  En mannen zoeken ook minder snel hulp als het fout gaat, terwijl dat juist erg belangrijk is, benadrukt de psychiater: “Ze hebben het gevoel alles zelf te moeten oplossen. Zeker als het gaat over praten over hun gevoelens van hopeloosheid. Ze betrekken anderen daar niet bij en drinken soms te vaak.”

Mokkenstorm houdt het neutraal, maar wat hij hier benoemt gaat duidelijk over rolpatronen en opvattingen over mannelijkheid. Het belang van status, waarbij mislukking niet acceptabel is en gezichtsverlies ten koste van alles voorkomen moet worden. De ‘mannen huilen niet’ dogma’s, waardoor mannen blijven doen alsof alles ok is, nergens over praten, en hun emoties inslikken want een echte man lost alles zelf op en praten over gevoelens is voor mietjes. Enzovoorts.

Onderzoek naar de situatie in Europa wijst nog op een ander aspect waarbij gender cruciaal is: als falen niet mag, als je geen gezichtsverlies wil leiden als man, is het voor mannen veel belangrijker dan voor vrouwen dat je zelfmoordpoging ook echt slaagt. Hun mannelijkheid staat op het spel. Wetenschappers denken dat de intentie van mannen zodoende sterker is dan bij vrouwen. Bij vrouwen zouden de ambivalentie en twijfel wellicht groter zijn.

Zulke traditionele beelden van een specifiek soort stoere mannelijkheid krijgen helaas veel steun van rechtse groeperingen en de alt-right beweging die via internet een conservatief wereldbeeld verspreidt. OneWorld schrijft hierover:

mannen en vrouwen zouden strikt gescheiden rollen hebben, die biologisch bepaald zijn. Gendergelijkheid zou een dwaas streven zijn, zonder enige wetenschappelijke basis. Hoewel die vaststelling van geen kant klopt, vindt die veel weerklank. Dat is waar de manosphere overlapt met alt-right. Ze herkauwen en bekrachtigen allebei rigide ideeën van mannelijkheid, door het mannelijke systematisch te onderscheiden van het vrouwelijke. Deze grens moet volgens hen bewaakt en versterkt worden.

Dit is precies wat feministen bedoelen als we zeggen dat seksisme ook schadelijk is voor jongens en mannen. Waarom zou je als man niet over je gevoelens mogen praten? Waarom moet je als man per se sterk, onverstoorbaar en tot het bittere einde aan toe zelfstandig zijn, terwijl je soms gewoon om hulp moet vragen? Waarom wijzen we gevoelens toe aan vrouwen en gaan we er daarna minachtend over doen, in de trant van roddeltantes, zeikwijven, huuuu emoties, daar heb je de hysterische overdrijfbrigade weer, nee, wij mannen, wij zijn sterk en stoer en ver verheven boven dat wijvengedoe.

Deze hokjes, waarbij mannen zich krampachtig afzetten van vrouwen, vrouwen de grond in boren en van zichzelf stoïcijnse superhelden maken, beschadigen iedereen. Zo’n manier van tweedelingen aanbrengen leidt tot vijandbeelden waar we vanaf moeten. Het leidt tot zwart-wit denken waarin alle nuances ontbreken. Als man ben je óf de sterke leider, of een verachtelijk watje, iets er tussenin bestaat blijkbaar niet.

Feministen zeggen dat wij allemaal mensen zijn. We komen niet van Mars of Venus, we komen van de aarde. Feministen zeggen ook dat je zeer veel over het hoofd ziet als je geen aandacht hebt voor gender en machtsverhoudingen. Je ziet aspecten van situaties over het hoofd en mist zodoende ook mogelijke oplossingen en preventieve maatregelen. Al die deskundigen die nu bij zelfmoord onder jongeren kijken naar de sociale media en de geestelijke gezondheidszorg, zouden als de wiedeweerga ook de rol van mannelijkheid, vrouwelijkheid en gender mee moeten nemen in hun analyses. Alleen dan kunnen we het tij misschien keren.

Bel 113 voor hulp. En lees boeken. Bijvoorbeeld van Cordelia Fine. Of het boek Vrouwen en Ambitie, van Anna Fels. En waarom feminisme voor iedereen is, van Bell Hooks.

Ophef boekenweek is teken van vooruitgang

De moeder, de vrouw. Dit thema van de boekenweek 2019 leidde, tot verbazing van organisator CPNB, tot ophef. Ik vind die ophef een teken van vooruitgang. Twintig jaar geleden zouden de meeste mensen niet met hun ogen geknipperd hebben en een instantie klakkeloos z’n gang hebben laten gaan. Nu niet. Het wemelt op twitter van de protesten, 300 auteurs en uitgeverijen publiceerden een protestbrief in NRC Handelsblad en De Morgen, en boekhandel Savannah Bay gaat een eigen boekenweekthema bedenken. Met een door vrouwen geschreven boekenweekessay – en geschenk.

Bij alle reacties die tot nu toe verschijnen licht ik graag een paar thema’s uit. Allereerst de veelbetekenende reactie van de stichting Collectieve Propaganda voor het Nederlandse Boek. De CPNB liet in een interview weten dat ze de ophef niet aan zagen komen en waarschijnlijk de verwoording van het thema onderschat hebben:

We wilden de veelkantigheid van het moederschap laten zien. ‘De moeder de vrouw’ uit het gedicht van Nijhoff vonden we een mooie literaire verwijzing. We dachten dat het duidelijk zou zijn. Maar allerlei discussies zijn door elkaar heen gaan lopen.’

De CPNB maakt hiermee pijnlijk duidelijk dat ze totaal gemist hebben welke lading deze termen hebben. Eeuwenlang was ‘de’ vrouw een groot probleem. Mannen schreven boeken vol over haar inferieure aard, losse zeden, hysterische emoties en leugenachtige sluwheid. Binnen die staat van zonde en slechtheid was het moederschap, naast non worden, de enige geaccepteerde positie van de vrouw. Allerlei geleerde mannen en kerkvaders schreven voor hoe belangrijk het was dat vrouwen trouwden en kinderen kregen en hoe ze vervolgens moesten zijn. Deze belerende teksten stonden bol van woorden als dienen, verzorgen, gehoorzamen, zwijgen, de man volgen, al dan niet religieus bekrachtigd met Bijbelteksten.

Tot op de dag van vandaag benutten mannen met macht hun podium nog steeds om uit te leggen waarom ze vrouwen minderwaardig vinden. En gebruikt een bepaalde groep mensen ‘moeder de vrouw’ nog steeds om te verwijzen naar de vrouw die zichzelf helemaal wegcijfert om voor zijn kinderen en voor hem te zorgen. ‘Moeder de vrouw’ heeft geen eigen naam, haar taak en functie zijn belangrijk, niet zijzelf als persoon, zoals deze cartoon treffend parodieert:

Hoe seksistisch dit de vrouw de moeder/moeder de vrouw is, weet je meteen als je andere varianten probeert. Je hoort nooit ‘vader de man’ of ‘dochter het meisje’, signaleert Paulien Cornelisse. Inderdaad, en daarom ben ik rond dit boekenweekthema zo blij met de protesten. ‘De moeder’, ‘de vrouw’ zijn terecht zeer problematische begrippen geworden, en vrouwen eisen het recht op om hier zelf iets over te zeggen te krijgen. Dat het CPNB de ophef niet aan zag komen zegt alles over het CPNB. Nederlandse vrouwen en veel mannen zijn inmiddels een stapje verder.

Andere tegenreacties over de ophef spreken ook boekdelen. Özcan Akyol benutte zijn podium als columnist van het AD om vrouwen die aanstoot nemen tegen het boekenweekthema, te betichten van hysterie. Dit woord duikt regelmatig op als vrouwen in verzet komen tegen onrecht. Ze hebben geen terechte aanklacht, nee, ze zijn hysterisch. Het is naast ‘hoer’ hét etiket om vrouwen te diskwalificeren en terug in hun hok te meppen.

Akyol haalt nog een ander seksistisch geintje uit in zijn opiniestuk. Hij verklaart vrouwen zo sterk, nobel en ”veel subtieler dan mannen”, dat ze dit soort protesten helemaal niet nodig zouden hebben. Ook dit type argument kent een lange geschiedenis. Opleidingen, hadden vrouwen niet nodig. Stemrecht ook niet, want de vrouw had al genoeg invloed als moeder en echtgenote. Politiek was zo’n smerig bedrijf, daar moesten edele vrouwen met hun tere aard helemaal niks van willen weten, ze waren zo goed en hoogstaand dat ze dat maar beter konden overlaten aan mannen. Opnieuw, brrrrrrr.

Tot slot de ja-maar types die de protesten verdraaien. Mogen mannen dan niet schrijven over vrouwen en moeders? Boehoehoehoe, identiteitspolitiek, de creativiteit gaat ten onder aan politiek correct geleuter. Dit is een favoriet argument van conservatieven om alle pogingen af te slaan om meer diversiteit te bereiken. Daarbij vergeten ze gemakshalve dat zijzelf ook aan identiteitspolitiek doen: de identiteit van de blanke man die kan terugvallen op zijn machtspositie als de neutrale standaard, de objectieve brenger van universele waarheden – terwijl alles aan elkaar hangt van subjectiviteit, blinde vlekken, de angst om privileges en macht te verliezen, enzovoorts. Zeg maar de profiteur van het informele mannenquotum aan de top van het bedrijfsleven of de politiek, die tegen een vrouwenquotum is want ‘we moeten alleen voor kwaliteit gaan’. Zoals Mark Rutte.

De CPNB heeft inmiddels in een verklaring laten weten te willen kijken hoe ze een positieve wending kunnen geven aan het thema van de boekenweek. De stichting gaat graag in gesprek met de ondertekenaars van de protestbrief. Misschien lukt het om tot ”creatieve oplossingen” te komen, hoopt de CPNB. Nog beter lijkt mij: beter voeling houden met de maatschappij, zich bewust worden van seksisme, en vanaf nu boekenweekgeschenken – en essays jaarlijks 50-50 door mannelijke en vrouwelijke auteurs laten schrijven.

Manchester is aanslag op feministische popster en haar fans

De aanslag op Manchester is nog vers, maar als het gaat om gender vallen mij een aantal zaken op. De dader is een man. Hij koos tot doelwit van zijn aanslag een concert van Ariana Grande, een uitgesproken feministe die meeliep in de Amerikaanse Women’s March en geen geduld heeft met seksisme. Haar concert trok honderden jonge meisjes. Die dan ook domineren onder de groep slachtoffers. Onder andere Slate Magazine durft daarom de volgende stelling aan: dit was een gerichte aanslag op vrouwen en meisjes.

Bij terreur gaat het verdacht vaak om mannen. Deze mannelijke daders hebben verdacht vaak een geschiedenis van geweld tegen meisjes en vrouwen, voordat ze de volgende stap zetten en aan het moorden slaan. Doden ze mensen, dan vermoorden ze opvallend vaak eerst een of meer vrouwen – vaak familieleden, zoals een moeder, zus of echtgenote. En ze kiezen voor het terrein van hun aanslag vaak plekken waar meer vrouwen dan mannen te vinden zijn. Zoals winkelcentra.

Zelfs als daders ”willekeurig” mensen op straat neerschieten, zijn die zogenaamd willekeurige slachtoffers opvallend vaak heel toevallig vrouwen. Dat gebeurde onlangs nog in Finland, waar een 23-jarige man de vrouwelijke burgemeester Tiina Wilen-Jappinen en twee vrouwelijke journalistes doodschoot in de stad Imatra.

Dan Manchester. De dader is een man. Hij koos als doelwit een concert van Ariana Grande. Zij geldt als een feministische heldin. Ze staat erop dat ze gezien wordt als een zelfstandig persoon. Ze spreekt zich luid en duidelijk uit tegen het seksisme in de muziekindustrie en seksisme in het algemeen. In interviews, in haar liedjes en in haar optredens benadrukt ze de kracht van vrouwen. Dat je sexy mag zijn en dat een sexy uiterlijk niet betekent dat mensen je ‘dus’ mogen verkrachten, of mogen reduceren tot seksobject.

Haar meest recente plaat heet Dangerous Woman. Bij de keuze voor die titel werd ze geïnspireerd door een uitspraak van de Egyptische feministe en schrijfster Nawal al Saadaawi:

Onder die titel vulde ze een album vol feministische liederen. ‘Gevaarlijke Vrouw’ werd ook de titel van haar toernee. Ze treedt regelmatig op voor uitverkochte zalen gevuld met meisjes en jonge vrouwen, de kerndemografie van haar fans. Zodoende trof de aanslag in Manchester vooral vrouwen en meisjes.

Die vrouwen en meisjes hadden in de concerthal de avond van hun leven. Totdat de bom af ging. Uitgerekend op die plek, op dat moment, met deze groep in de zaal. De Amerikaanse journalist David Leavitt, en met hem vele anderen, grepen de tragedie prompt aan om Grande en haar veelal vrouwelijke fans een trap na te geven met uitspraken zoals:

“MULTIPLE CONFIRMED FATALITIES at Manchester Arena. The last time I listened to Ariana Grande I almost died too”

Zelfs het slachtoffer worden van een aanslag, met een meisje van 8 onder de doden, kan de tweede sekse niet behoeden voor minachting, bagatellisering, sneren en erger. Want:

The impulse to hate and fear women who are celebrating their freedom—their freedom to love, their freedom to show off their bodies, their freedom to feel joy, together—is older than ISIS, older than pop concerts, older than music itself.

De 23-jarige man die de bom plaatste, behoort tot die vrouwenhatende traditie. Of hij dat nou zelf doorhad, of niet. De locatie en het doelwit van zijn bom spreken luid en duidelijk.

Geen Stijl botst tegen grenzen aan

Wat een heerlijke discussie in de Nederlandse media, de afgelopen week. Website Geen Stijl biedt al jaren een podium voor iedere vrouwenhater die vrijuit met bedreigingen met verkrachting wil strooien. Bijna honderd vrouwelijke journalistes pikken dit seksisme niet meer en benaderden adverteerders met de vraag of ze hun product aan deze site willen koppelen. Hun oproep tot nadenken over normen en waarden heeft effect (zich terugtrekkende adverteerders) en zorgt voor rumoer. Censuur! Feministen willen een medium doodknuppelen! Alarm!

Bij veel commentaren over deze kwestie blijft de discussie enigszins steken in een stand van zaken verhaal en daarna een standpunt voor of tegen een boycot van Geen Stijl. Ik plaats deze kwestie graag in een bredere context: de precieze oproep die de vrouwen deden, de historische context, de aard van journalistiek en de genderdynamiek in deze kwestie.

De precieze oproep: honderd bekende media-vrouwen (journalisten, redacteuren, mediapersoonlijkheden) vragen of bedrijven, en organisaties zoals de Belastingdienst en Defensie, zich bewust zijn van de digitale locaties waar hun advertenties opduiken. Nuttig, want organisaties besteden de plaatsing van advertenties vaak uitaan gespecialiseerde bureau’s en internetveilingen. Ze weten niet precies waar hun banners staan.

Dat betekent dat je als adverterende organisatie met je product of dienst verschijnt naast oproepen tot verkrachting en aanzetten tot haat jegens vrouwen. Dat kan een dubieus effect krijgen – als Defensie roepen dat je seksuele intimidatie in het leger aan wil pakken terwijl je tegelijkertijd adverteert op Geen Stijl. Vervolgens concluderen de vrouwen:

U betaalt mee aan een site waar vrouwenvernedering en racisme de norm is, niet de uitzondering. Donderdag besloot Defensie om zich voorlopig terug te trekken als adverteerder. Wij hopen dat meer bedrijven kritisch gaan nadenken over de vraag of hun advertentiebeleid overeenkomt met de waarden van hun onderneming.

Het was dus geen directe oproep tot boycotten – al kan nadenken over normen en waarden bij adverteerders natuurlijk wel het gevolg zijn van deze oproep tot nadenken, zeker als ze slechte pr krijgen vanwege hun aanwezigheid op Geen Stijl.

Dan de historische context. Een probleem aanpakken via de portemonnee kent een lange geschiedenis. In Nederland boycotten mensen in de jaren zeventig en tachtig van de vorige eeuw Chileense producten, om te protesteren tegen de dictatuur van Pinochet. Hedendaagse consumenten mijden soms de kiloknallers in de supermarkt. Zo maken ze duidelijk dat ze geen geld willen steken in een diervijandige bio-industrie. Rusland besloot Europese groentes en fruit te boycotten. NS-communicatiemanager Joost Ravoo riep adverteerders in 2006 op tot een boycot van Geen Stijl, omdat de site hem stelselmatig vergeleek met nazi-iconen Goebbels en Mussert. GeenStijl deed zelf een poging om de HEMA te boycotten en riep in 2010 op tot een boycot van NRC Handelsblad.

Maar, zult u zeggen, een platform zoals Geen Stijl kan toch niet vergeleken worden met een land, een bedrijf, dictator of een problematische landbouwsector? Het gaat om de journalistiek en de persvrijheid!

Dat valt te bezien. De intimidatie leidt tot zelfcensuur onder journalistes en andere opiniemaaksters, blijkt uit onderzoek. Vooral vrouwen worden buitensporig vaak het doelwit van seksistische trollen. Sommigen moesten zelfs onderduiken of lezingen afzeggen. ‘Laat ik uitkijken wat ik schrijf, anders krijg ik de volle laag van seksistische internettrollen’ is een logisch gevolg van zulke terreur. In die zin is het Geen Stijl zelf, die de vrijheid van meningsuiting aantast.

Sommige meningen zijn bovendien juridisch strafbaar. Zo mag je het Koningshuis niet beledigen en niet aanzetten tot haat. De oproep van de honderd mediavrouwen komt nadat Geen Stijl journaliste Loes Reijmer op de korrel nam en mensen opriep aan te geven of ze de Volkskrant-columniste zouden ‘doen’. Vervolgens benutten talloze anonieme trollen de site om openlijk te fantaseren over de verkrachting en mishandeling van Reijmers – een soort digitale aanranding. Zoals:

‘Met haar armen op haar rug gebonden en een stevig stuk grijze tape over haar mond geplakt zou ik haar zeker doen!’ Of deze: ‘Ik zou zaad in haar gezicht spuiten. Eventueel anaal erin raggen.’ Sorry, nog eentje: ‘Ik zou mijn harde klaargekomen lul weleens aan haar neus willen afkloppen.’

Dat is mogelijk strafbaar, volgens advocaat Christiaan Alberdingk Thijm. De oproep van Geen Stijl is volgens hem ”overduidelijk een inbreuk op de persoonlijke levenssfeer van Reijmer. Haar goede naam en eer worden moedwillig door het slijk gehaald en dat is strafbaar.”

Wat voor vrouwen geldt, geldt ook voor andere minderheden. Bestuurskundige Nourdine Tighadouini riep bijvoorbeeld in 2014 op om Geen Stijl onder de loep van Justitie te leggen vanwege de racistische inhoud van de site. Als Geert Wilders strafbaar is omdat hij minder Marokkanen wil, loopt Geen Stijl ook risico’s als de site Marokkanen en andere medelanders stelselmatig wegzet als tuig wat naar het eigen land terug moet.

Volgens Damian Trilling, van de Universiteit van Amsterdam, is het aardige aan de kwestie GeenStijl bovendien, dat de site eindelijk expliciet positie moet bepalen als het gaat om het bedrijven van journalistiek:

De lijfspreuk van GeenStijl is ‘tendentieus, ongefundeerd en nodeloos kwetsend’. Dat staat allemaal haaks op wat journalistiek is. Van de andere kant miepen ze als ze worden aangepakt. Dan is opeens de persvrijheid en vrijheid van meningsuiting in het geding. Laat GeenStijl eens kiezen. Willen ze journalistiek zijn, dan horen daar spelregels bij.

Spelregels van de journalistiek betreffen onder andere de plicht tot hoor en wederhoor, alleen anonieme bronnen in uitzonderlijke gevallen en voor de rest alles met naam en toenaam, je feiten goed op een rij hebben, niet aanzetten tot haat, en een duidelijke scheiding aanbrengen tussen enerzijds zo objectief mogelijk gebracht nieuws, en anderzijds opiniestukken, analyses en columns waarbij de lezer weet dat hij of zij een mening krijgt te horen. Geen Stijl doet dit alles niet.

Waarmee we komen op de gender aspecten van deze kwestie. Ravoo’s oproep tot een adverteerdersboycot leidde destijds niet tot enorme drama’s rondom censuur en vrijheid van meningsuiting. Nu vrouwen adverteerders oproepen tot nadenken, met wellicht een boycot tot gevolg, ontstaat echter ophef. Specialistische uitgaven zoals Adformatie noemden de oproep ‘belachelijk en gevaarlijk’, zonder verder te komen dan ‘aaaargh censuur, kan niet!” Feministen doen weer eens alles fout en zouden met de Geen Stijl zaak de klok dertig jaar terugzetten. Metro publiceerde een column met de boodschap dat de boycot typisch wijvengedrag is. Vrouwen moeten de modderstroom van Geen Stijl accepteren en klaar.

Het zijn allemaal varianten van ‘niet zeuren’, ‘hou je kop’ en ‘don’t feed the trolls‘, stellingen waar feministen al jarenlang tegen ageren, omdat vriendelijke bescheidenheid, zwijgen en incasseren de vrouwenhaat in de media niet doen stoppen. Bovendien leidt het tot een dubbele moraal. Geen Stijl mag openlijk vrouwenhaat etaleren, maar als vrouw moet je vervolgens zwijgen? Geen Stijl wil het NRC boycotten, maar anderen mogen op hun beurt niet Geen Stijl aanpakken? Wie heeft dat bedacht?

Wie zich kwetsend en aanvallend opstelt, dat stoer noemt en haat wil verkopen onder het mom van verzet tegen politiek correct gedoe (zie hier), moet daarna al even stoer kritiek kunnen incasseren. Dat hoort bij persvrijheid, bij journalistiek, bij vrijheid van meningsuiting. Hoor en wederhoor op bredere schaal. Nu zijn het vrouwen die iets terug zeggen. Dat is schrikken voor Geen Stijl. De neukpoppen blijken opeens mensen met een mening en een platform om die mening kracht bij te zetten.

Vrouwen die succesvol actie voeren via de portemonnee, inderdaad, reuze bedreigend. Maar het is wel de realiteit:

Gisteren zag ik René van Leeuwen (zou u hem doen?) met overslaande stem roepen dat het ze allemaal om de lol gaat en niet om de centen. Nou schattepoppeke, dat komt dan toch prima uit? Dan ga je toch fijn door? Lekker geinen, vrij je mening uiten. Grolschje erbij… oh wacht. Niemand die je tegenhoudt, alleen niet iedereen wil het bekostigen. Marktwerking, lieverdjes. Vrouwen hebben helaas eindelijk ook de knopjes van het internet gevonden. Of je het nou wel of niet met ze eens bent, ze zijn er en ze hebben geen zin om mee te betalen aan het digitale ducttape om ze de mond te snoeren.

Wen er maar aan, Geen Stijl.

Zelfhaat, het vervolg

De gereedschapskist-aflevering over zelfhaat prijkt sinds de publicatie in 2013 dagelijks op de lijst van veel gelezen artikelen. Kerstvakantie, hoogzomer, weekeinde, een anonieme dinsdag, maakt niet uit, dagelijks zijn er mensen die dit stuk vinden, lezen, en doorklikken naar de informatie achter één of meerdere links in het artikel. Blijkbaar heb ik een gevoelige snaar geraakt.

Allereerst, voor de anonieme lezer die informatie over zelfhaat opzoekt: welkom. Hopelijk is het artikel je tot steun. Weet dat je niet alleen bent. De situatie waarin vrouwen verkeren vergroot het risico op traumatisering en zelftwijfel. Dat maakt je vervolgens kwetsbaar voor die volgende stap, zelfhaat.

Ik ben net zo gevoelig voor zelftwijfel als andere gemarginaliseerde mensen. Indertijd kostte het me bijvoorbeeld de grootste moeite om dat artikel te publiceren. Wie was ik om over dit onderwerp te schrijven? Ik wikte, woog, schrapte, voegde toe, streepte weg, en drukte uiteindelijk op de publiceer-knop omdat het er anders nooit van zou komen.

Eén van de redenen waarom ik schrijven over zelfhaat destijds zo moeilijk vond, was omdat het een kwetsbaar onderwerp is en er een harde geluidsband meeliep met ‘niet zeuren, huuuuh negatieve energie, je moet je met positieve dingen bezig houden, je bent toch een sterke moderne vrouw, nou dan, doe niet zo slap!’ Met als extra bonus de slechte beeldvorming rondom feministen. ‘Komen ze weer hoor, die verzuurde zeurpieten. Wat hebben ze nou weer te zeiken? Ach gut, lijden ze weer eens ergens aan?’

Zelftwijfel en het maatje zelfhaat komen ergens vandaan. Eén hele duidelijke reden voor zelfhaat zijn de vele ondermijnende situaties waarin vrouwen te vaak verzeild raken. Denk aan seksueel geweld, mishandeling, problematische bevallingen, structurele discriminatie van het type onderbetaling en ontslag na de aankondiging dat je zwanger bent (vaak met de smoes dat je niet goed zou functioneren).

Mensen zouden van minder van slag raken. Het enige voordeel is dat dit soort misstanden wat makkelijker zichtbaar kunnen worden. Ze zijn duidelijker. Ik denk dat naast dit type traumatisering twee sluipmoordenaars een rol spelen bij de ontwikkeling van zelftwijfel en zelfhaat. Voortdurende micro-agressies, en het ontbreken van een vrouwvriendelijke omgeving waarin je, als ‘tweede sekse’, je eigen ervaringen gespiegeld ziet zodat je weet dat je waarnemingen kloppen.

Ik begin met het laatste en verwijs je graag naar het werk van professor Saba Fatima. Als immigrantenvrouw met een gekleurde huid vertegenwoordigt zij een duidelijke minderheid in academische kringen. Ze merkte dat ze, als enige Ander in een ruimte, haar eigen ervaringen nauwelijks een plek kon geven. ‘Ze beeldt het zichzelf in’, heet het al snel. In haar eigen woorden:

As women of color, we are greatly underrepresented in academia. This adversely impacts our ability to speak about our experiences with an expectation of understanding such encounters by our allies. And when one is constantly given alternate banal explanations for their ‘overly-sensitive’ perceptions, one loses the epistemic ground they stand on. They cease to give credibility to their own perceptions.

Pas met de komst van internet, weblogs en digitale fora kwam ze in contact met vrouwen die in dezelfde positie verkeerden, die dezelfde ervaringen hadden, en die haar geleefde werkelijkheid konden bevestigen en van een context voorzien. Opeens kreeg ze benen om op te staan. Het ging niet om incidenten, waar ze ‘te overgevoelig‘ op reageerde. Het gaat om vele incidenten die samen een patroon van uitsluiting en marginalisering vormen, en die haar treffen omdat ze niet voldoet aan de standaard norm van heteroseksuele blanke academische man.

Toen ze dat inzag, kon Fatima zich weer ”normaal” voelen. Let wel: je kunt daarna nog steeds gelden als de enige hysterica in de kamer (met dank aan Masha Gessen voor die omschrijving), maar je begrijpt in ieder geval waar dat vooroordeel vandaan komt en kunt besluiten of je je erdoor laat beïnvloeden, of niet.

Bij dit alles spelen machtsrelaties een grote rol. Wie heeft het voor het zeggen? Wie wordt automatisch gelooft en wie niet? Wie kijkt, wie wordt bekeken? Filosofe Sandra Lee Bartky, die in 2016 helaas overleed, schreef belangrijke stukken over de situatie van vrouwen, de moeilijkheid van bewustwording, en de gevoelens van zelfhaat en minachting voor jezelf die het gevolg zijn van de situatie waarin we als samenleving vrouwen als mens onzichtbaar maken. Die situatie voorzien van context en gedeelde ervaring uitwisselen is van levensbelang, zeker voor een geminachte groep als feministen. Het persoonlijke is politiek…..

Wat me brengt op de tweede sluipmoordenaar: de micro agressies. Micro agressie staat voor op het oog kleine voorvallen. Van die speldenprikken die je in eerste instantie zelf nauwelijks opmerkt, laat staan anderen in je omgeving. Maar er volgt een tweede speldenprik, en een derde. De tiende voel je. De twintigste doet pijn. Tegen de tijd dat de dertigste komt krimp je bij voorbaat al in elkaar.

Micro agressie is één van de manieren waarop een samenleving vrouwen in een bepaalde hoek drijft. Kom uit je hok en je krijgt gedonder. Blijf in je hok, want elders is er geen plek voor je. Zo ontbreken we bijvoorbeeld in schoolboeken, worden we onderbetaald en moeten we in vergaderingen aparte technieken aanwenden om gehoord te worden.

Micro-agressies woekeren op allerlei manieren door in vrouwenlevens, maar zodra vrouwen over dit soort situaties beginnen tekent zich een tweedeling af. Herkenning van veel vrouwen, maar minstens de helft van de mannen ziet het probleem niet. Zelf zouden ze vrouwen nooooit zo respectloos behandelen. Vaak ontstaat ook verontwaardiging bij de not my Nigel-groep. Deze mannen en vrouwen zeggen maar wat vaak dat vrouwen niet moeten zeuren of overdrijven. We moeten vooral positief blijven en hooguit een vorm van ‘gezellig’ feminisme uitoefenen, anders schrikken we potentiële medestanders af.

Netwerken, online en offline, beginnen langzaam voor een kanteling te zorgen. Zoals Fatima merkte kun je als vrouw via die wegen herkenning en erkenning voor onze ervaren werkelijkheid vinden. Daardoor neemt de zelftwijfel af. Nee, wij zeuren niet, wij overdrijven niet. Wij benoemen een probleem, we verzamelen feiten en uit die stapel studies en ervaringen komt vanzelf een patroon naar voren. Wie zijn die anderen, om te zeggen dat het geen probleem zou zijn? Wiens belang dient ontkennen? Voor wie werkt stilte positief, omdat ze dan ongestoord door kunnen met wat ze doen?

Collectief kunnen vrouwen de stilte doorbreken en de status quo aanpakken, die hen tot voor kort dwong om zichzelf te verloochenen en zich bescheiden terug te trekken. Ik probeer daar met dit weblog een klein steentje aan bij te dragen. Door problemen te benoemen, door patronen zichtbaar te maken, door te verwijzen naar het vele werk van vele vrouwen, die ieder op hun manier feminisme uitdragen en thema’s aansnijden die belangrijk zijn voor ons.

Maar het begint bij het ontwikkelen van genderbewustzijn en een gezond gevoel van eigenwaarde. En het lezen van feministische vakliteratuur, want kennis is een vorm van macht en als vrouw kunnen we ieder sprankje macht goed gebruiken.

Lezeressen, ik sluit af met een wens. Een gezond, bezield 2017 vol moed, kracht en inspiratie! 

De Gereedschapskist: de Latte-aanval

Wat maakt dat de standpunten van mensen zoals Donald Trump en Geert Wilders zoveel effect hebben? Waarom kan een populistische partij met aantoonbare leugens een Brexit voor elkaar krijgen, terwijl linkse kandidaten het onderspit delven? Dat zou zomaar het gevolg kunnen zijn van de zogenaamde ”Latte libel”, oftewel Latte aantijgingen, betogen enkele politieke commentatoren. Zolang links daar geen antwoord op heeft, kunnen demagogen er met de macht vandoor gaan, vrezen ze.

Alex Frankel vat de theorie prachtig samen. Ik zie dit als een must-read, omdat het artikel goed uitlegt waarom types zoals Trump en Wilders scoren, terwijl met name vrouwelijke kandidaten extra kwetsbaar zijn in een strijd met zo’n rechts-autoritaire populist.

Hoe gaat het in zijn werk: de rechtse populist, meestal een blanke man, bestijgt een podium, grijpt een microfoon, en steekt ongeveer dit verhaal af. ‘Wij weten dat hardwerkende mensen zoals jullie lijden. Net als jullie hebben we genoeg van die grote stads-elite die niet luistert. Die bende multi-etnische feministen, salonsocialisten, betuttelende verzorgingsstaat-aanhangers, goddeloze pro-abortus kindermoordenaars, homo’s en quinoa-vretende grachtengordeltypes kijken op je neer. Ze minachten jullie. Ze vernielen onze normen en waarden, pakken onze banen af en verpesten onze normen en waarden met hun genderneutrale toiletten. Wij zijn de echte Nederlanders. Zij niet. Wij zijn boos en we staan aan jullie kant. Het land moet weer van ons worden!”

In Nederland krijgt dit verhaal een uniek eigen tintje met het verhitte zwarte pietdebat, waar mensen roepen dat ‘onze’ cultuur en ‘onze’ tradities onveranderlijk zijn en beschermd moeten worden. Het is ‘ons’ kinderfeest. Als anderen dat niet zint, rotten ze maar op, terug naar hun eigen land. Wat je er ook van vindt, het is een verhaal, het wekt emoties op, het is simpel, en het geeft mensen toestemming om te rellen tegen feministen, buitenlanders, minderheden en andere makkelijke doelwitten.

Volgens commentatoren zoals Frankel en journalist Thomas Frank hebben linkse partijen geen effectief antwoord kunnen vinden op deze tirade van populistisch rechts. Ze komen met rationele argumenten en boodschappenlijstjes. Maar daar win je de harten van mensen niet mee.

Als een vrouwelijke democrate terecht komt in een verkiezingsstrijd met zo’n type rechtse populist, zoals in de V.S. gebeurde, wordt de situatie nog moeilijker. Vrouwelijke politici moeten aan onmogelijke normen voldoen en worden sowieso al afgerekend op hun sekse. Demagogen zoals Trump maken handig gebruik van dit ongelijke speelveld. Frankel:

university educated women in politics will often be more measured and less theatrical because in their professional experience, women venting is seized upon as a sign of weakness. This can leave women on the centre and left – who find themselves in a tussle against an entitled man firing off the latte libel rhetoric – looking either somewhat disarmed, as in the case of Gillard, or looking more clinical, as in the case of Clinton. For women to lead parties like Labor and the Greens and be successful, they’ll need to challenge neoliberalism, do it with a powerful narrative, and to have the support of a large enough cohort of their colleagues and the media to withstand the shitstorm of hostility.

Die randvoorwaarden zijn er meestal niet. Dus kan een Trump winnen met een combinatie van leugens, seksistische aanvallen en loze beloften waar racisten blij van worden. Daarna gaan dit type rechtse populisten meestal hakken in sociale voorzieningen, reproductieve rechten van vrouwen inperken en hun vriendjes belonen. Kwetsbare mensen die op zo’n populist stemden in de hoop dat dit hun (financiële) positie zou verbeteren, komen bedrogen uit. Waarna ze zich nog wrokkiger voelen en nog gevoeliger worden voor de emotionele retoriek van rechtse populisten. De cirkel is rond.

Als partijen zoals de PVV bij de volgende verkiezingen in Nederland groter worden, komt dat onder andere door de Latte-aantijging. Je herkent het verhaal zo. Let op stereotypering van liberale elites – signaalwoorden onder andere ‘grachtengordel’, etenswaren zoals quinoa, incabessen, glutenvrij, beladen retoriek rondom buitenlanders, en woorden zoals ons land, onze cultuur, onze traditie, zonder expliciet uit te leggen wie bij ‘ons’ horen en aan te geven wat je precies bedoelt als je ‘de’ traditie aanhaalt.

Benieuwd of centrum- en linkse partijen een weerwoord vinden…. Ze hebben tot maart 2017. Succes!

 

Zaak Simons staat niet op zichzelf

De zaak Sylvana Simons houdt de gemoederen bezig. Gelukkig beginnen er in de media analyses te komen die haar situatie voorzien van een bredere context. Want wat haar overkomt, staat niet op zichzelf. Het hangt samen met bekende patronen rondom seksisme en racisme, en met territoriumdrift van de groep die het openbare debat gewend was te domineren. Een overzicht van de betere artikelen:

Bron: Joop.nl

Slechts een paar bronnen halen de analyses uit het niveau van persoonlijke anekdotes en inzichten, en plaatsen de woede tegen Simons in een bredere context. Zo haalde tijdschrift Linda een onderzoek aan van het Britse dagblad The Guardian. Deze krant analyseerde tienduizenden commentaren op opiniestukken van verslaggevers, en toonde keihard aan dat mensen de standpunten van hun gekleurde, vrouwelijke medewerksters met de meeste haat neersloegen. Van de top tien doelwitten vielen er acht in die categorie. De andere twee plekken gingen naar mannen met een gekleurde huid.

Wie leveren al die haat? Veel commentaren zijn anoniem. Her en der duiken echter wel degelijk namen op. Linda noemt radio dj Giel Beelen en voetbalcommentator Johan Derksen als expliciete leveranciers van haat tegen Simons. Een 37-jarige man uit Kudelstaart bekende de maker te zijn van bewerkte beelden waardoor het lijkt alsof mensen Simons lynchen.

Ziet u het patroon? Blanke mannen. Het NRC ging te rade bij kinderpsychiater Glenn Helberg:

Het zijn opvallend veel witte mannen die zich aangevallen voelen, zegt Glenn Helberg, kinderpsychiater en voorzitter van het Overlegorgaan Caribische Nederlanders (OCaN). „Zij voelen de drang de eigen groep waarmee jij je identificeert, te verdedigen tegen de ánder. Dat is een heel primitief gevoel. Sylvana Simons is niet alleen de ánder omdat ze zwart is, ze is ook nog vrouw. Seksisme, racisme én islamofobie spelen een rol. Want ze zit nu bij een partij die opkomt voor moslims. Zij symboliseert die drie angsten.”

Webmagazine Vileine schreef hier trouwens in mei dit jaar al over, al die blanke mannelijke opiniemakers die steigeren zodra Simons in beeld komt en hele columns wijden aan hun weerzin tegen haar.

Dat duidt op nog iets anders. Radio, debatprogramma’s op de televisie, het politieke debat, kranten, tijdschriften, op een paar uitzonderingen en niche-genres na domineren blanke mannen. Dat vond iedereen lange tijd normaal, totdat de tweede feministische golf losbrak, emancipatiebewegingen aan kracht wonnen en allerlei groepen meer diversiteit eisten. Deze ontwikkeling leidt ertoe dat blanke mannen nog steeds domineren, maar daar steeds minder vaak mee weg komen. De Correspondent:

…de man die dacht machtig en onaantastbaar te zijn, niet langer wegkomt met gedrag wat tot in het recente verleden geaccepteerd of geslikt werd. Witte mannen moeten een toontje lager zingen, omdat ook vrouwen, minderheden en mensen met een lagere sociale klasse hun plek opeisen. Daarom roeren veel van dit soort mannen zich. Door zich te beklagen dat hun grappen niet meer geaccepteerd worden of hun woorden altijd verkeerd uitgelegd worden. Door een seksistische, badinerende tweet de wereld in te slingeren.

Of een lynchfoto van Sylvana Simons te maken, zodat ”die bitch” haar plek weer weet. Zelfs het ‘daar moet een piemel in’ komt weer langs, want als mannen een vrouw klein willen maken doen ze dat het liefst door middel van dreigen met haatseks. Zie ook de walgelijke reactie van Quote op een al even walgelijk artikel in Esquire, waar een journalist seksueel geweld tegen dronken, bewusteloze vrouwen aanmoedigde – en daar mogen wij vrouwen niks van zeggen, anders volgt haatseks.

Seksisme, racisme, islamologie en de woede van blanke mannen omdat ze niet meer als vanzelfsprekend het openbare debat domineren, het is een krachtige cocktail. Simons is niet de eerste of de enige die met die giftige cocktail in aanraking komt. Velen gingen haar voor. Hoogleraar Gloria Wekker, die aangevallen wordt op haar toon omdat mensen de uitkomsten van haar wetenschappelijke onderzoek naar racisme niet pruimen. Mannen en een enkele vrouw die moslima’s verbaal aanvallen op straat en in het openbaar vervoer. De haat tegen Ayaan Hirsi Ali. Het gaat door totdat we inzien wat er achter ligt….

Bonus: reacties op uitspraken over racisme en seksisme van Sylvana, bewijzen haar gelijk. Zie ook Lewis’ Law: commentaren over ieder artikel over feminisme rechtvaardigen het feminisme. Later iets aangepast zodat de wet beter aansluit bij andere internet-wetmatigheden (zoals Godwins Law):

As the comment section of any article about feminism grows, the probability of someone saying something utterly vile, stupid and/or ignorant about women – something that justifies the existence of feminism – approaches one.”

Verander ‘feminisme’ in ‘racisme’ en je bent er.

Hoe houd je als vrouw je interesse voor Nederlandse politiek levend?

Denkend aan vrouwen, macht en de situatie in de Nederlandse politiek, denk ik dat we sinds de zogenaamde Gouden Eeuw geen stap verder zijn gekomen. Nog steeds zijn het de mannen die aan tafel de macht verdelen, terwijl ze vriendelijk gedogen dat twee echtgenotes (= vrouwen die steunen en redderen voor hun man of De Zaak) aan de zijlijn toekijken. Mijn neiging om op die stoel in te dommelen en de boel de boel te laten is groot. Maar de gevolgen daarvan kunnen te erg voor woorden zijn. Hoe blijf je als vrouw wakker en geïnteresseerd in de Nederlandse politiek?

Nederland lijkt, als het gaat om genderbewustzijn, blind lijkt te zijn voor de vele belemmeringen die vrouwen ondervinden om van die stoelen af te komen en een plek aan tafel te veroveren. We zijn daar niet uniek in, zie dit stuk van Jane Caro, maar het niveau van het seksedebat is hier echt om te huilen. We blijven steken in de riedel dat mannen domineren, maar da’s geen punt want het is vanzelfsprekend dat het zo gaat en als vrouwen echt willen kunnen ze ook meedoen, dus wat zeuren we.

Het eindresultaat is dat mannen het debat bepalen. Dat heeft gevolgen voor mijn mate van betrokkenheid – en ook bijvoorbeeld die van jongeren en iedereen met een niet-blanke huidkleur, zoals hoogleraar Albert Meijer terecht opmerkt. Maar dit weblog stelt vrouwen centraal. Vrouw = mens = wordt beïnvloed als blanke mannen het debat domineren en alles een ver-van-je-bed-show lijkt. Als vrouw heb ik een grote neiging om te denken: ‘het zal me worst zal wezen of Samson of Asscher partijleider bij de PvdA wordt. Het is hetzelfde laken een pak. Het gaat niet over mij. Gaaaaap!’

Toch is die neiging toto desinteresse gevaarlijk. Het speelt de mannen in de kaart die het debat graag blijven domineren en die de macht stevig in handen houden. Het zorgt ervoor dat de status quo gehandhaafd blijft. Je moet hoop houden om de passiviteit van je af te werpen, stelt Rebecca Solnit:

The status quo would like you to believe it is immutable, inevitable, and invulnerable, and lack of memory of a dynamically changing world reinforces this view. […] One of the essential aspects of depression is the sense that you will always be mired in this misery, that nothing can or will change. … Things don’t always change for the better, but they change, and we can play a role in that change, if we act. Which is where hope comes in, and memory, the collective memory we call history.

Of, als hoop niet helpt, boos worden, adviseert journaliste Masha Gessen. Redenen genoeg om boos te worden en verandering te eisen. Zo ijvert PvdA-leider Samson opeens voor een vrouwelijke premier. Bart Zuidervaart wijst er in dagblad Trouw fijntjes op dat hij daar een beetje laat mee is:

In 2012 had Samsom ook de kans om de nummer twee op de lijst, Jetta Klijnsma, voor te dragen als vice-premier. Hij koos voor Asscher. De partijtop bestaat al vier jaar lang uit enkel mannen, onder leiding van diezelfde Samsom.

Andere partijen bewijzen niet eens die vriendelijke, galante lippendienst door, zoals weblog Powervrouwen dat zo mooi samenvat, een vegenpiet in te vliegen om te verdoezelen dat mannen de lakens uitdelen. Neem de SGP, waar vrouwen bewust ontbreken en de kieslijst dezelfde mannen als altijd bevat. De meeste andere partijen doen alsof gender niet bestaat, zwijgen over macht, zetten een paar vrouwen bij de eerste tien namen. Als iemand zo onaardig is om een probleem te signaleren wijzen mensen met het vingertje naar vrouwen zelf. Moeten ze maar ambitie tonen, of kunnen ze het niet.

Die vrouwen bij de eerste tien kandidaten lijken niet serieus mee te tellen. Een vrouwelijke nummer twee betekent bijvoorbeeld niet dat die vrouw meegaat naar formatiebesprekingen. Net als bij de keuze van een vice-premier gaan de topmannen bijna altijd voor een mannelijk maatje. Vrouwen zijn op die manier in Nederland al decennia de grote afwezigen bij formatiebesprekingen, waar de toekomst van de politiek voor vier jaar wordt vastgelegd.

Bovendien zou het zomaar kunnen dat de winst van Trump types zoals Geert Wilders en Jan Roos steun en moed geeft. Als dat soort Trump-light mannen en hun rechts populistische partijen aan invloed winnen, kunnen vrouwen het schudden. Stel dat veel kiezers in maart 2017 naar de PVV overlopen. Die partij wil abortus moeilijker maken. Weet dat partijen als CDA, ChristenUnie en SGP van harte mee zullen werken aan zulke maatregelen. Inclusief dezelfde minachting en hardvochtige stellingnames, gebaseerd op de mythe van de frivole abortus en onverantwoordelijke, domme vrouwen.

Jan Roos op zijn beurt kiest met de VNL de weg van de gepikeerde mannenrechtenactivisten. Neem een kijkje bij Wij joegen op Mammoeten om een idee te krijgen van die wereld. Roos’ VNL kraait bijvoorbeeld dat blanke mannen worden gediscrimineerd. Ze moeten onterecht het veld ruimen omdat de overheid vrouwen en allochtonen positief discrimineert. Opstand! Weg met die politieke correctheid, alle hens aan dek om de man te redden! Geloof maar dat VNL hier werk van maakt, hoe idioot je hun standpunt ook vindt:

Asserting that programs designed to counteract decades of systematic discrimination are proof that Straight White Males are not operating on the lowest difficulty setting in the game of life is not the winning argument you apparently believe it is. I’ll let you try to figure out why that is on your own.

Dan hebben we nog Thierry Baudet, die van zijn denktank Forum voor Democratie een politieke partij maakt en in maart mee wil doen aan de verkiezingen. Baudet toont zich al jaren een groot fan van de ‘dating’adviezen van Julien Blanc en pleit openlijk voor verkrachting, signaleerde HP/De Tijd in 2014:

In zijn laatste opiniestuk ‘Julien Blanc heeft volkomen gelijk,’ woensdag verschenen op The Post Online, stelt Baudet dat vrouwen in bed niet met respect behandeld willen worden. Jonge vrouwen, volgens Baudet de wreedste diersoort op aarde, bedoelen eigenlijk ‘ja’ als ze ‘nee’ zeggen. Ze willen overrompeld, overheerst en overmand worden. In Nederland noemen we dit overigens, tenzij er sprake is van een erotisch machtsspel, gewoon verkrachting.

Inderdaad. Willen we zulke seksistische mannen stemmen en macht geven  in de tweede kamer? Willen we mannenrechtenactivisten zoals Roos en Baudet de kans geven in Nederland te doen wat Trump en consorten voor de V.S. in petto hebben?

Enfin. Maart 2017. Verkiezingen. Lees de standpunten van de partijen. Breng je stem uit, ook als je denkt dat er weinig te kiezen valt. Stem als het kan op een vrouwelijke kandidaat, om in ieder geval een voet tussen de deur te houden. En mannen, stop met vrouwen afdoen als een wrede diersoort of handige opklapstoel, en maak eens écht ruimte aan die tafel van jullie.

De winst van Trump bekeken door een genderbril

Wow, de uitslag van de Amerikaanse verkiezingen is binnen, en het is zoals ik gevreesd had. President Trump. Sorry, ik moet er even aan wennen, maar om eerlijk te zijn had ik dit artikel in de kern al klaar staan sinds eergisteren. Dit vanwege een analyse van filmmaker Michael Moore uit juli 2016. Hij legde destijds haarfijn uit waarom Trump zou winnen, en alles wat hij toen schreef, gebeurde in de nacht van 8 op 9 november. Hieronder meer, maar eerst even een plaatje van een schattige kitten. Want hoe de situatie ook is, met een schattig katje erbij wordt alles per definitie beter. Kijk!

Ze kreeg uiteindelijk de meerderheid van de kiezers achter zich, maar verloor vanwege het Amerikaanse systeem tóch hele staten, waardoor de kiesmannen naar Trump gingen. Moore beschrijft precies de reden waarom ik zijn correcte analyse over deze uitkomst destijds even liet voor wat het was, en misschien tegen beter weten in hoopte dat Clinton het glazen plafond zou doorbreken:

you listen to Hillary and you behold our very first female president, someone the world respects, someone who is whip-smart and cares about kids, who will continue the Obama legacy because that is what the American people clearly want! Yes! Four more years of this! You need to exit that bubble right now. You need to stop living in denial and face the truth which you know deep down is very, very real. Trying to soothe yourself with the facts – “77% of the electorate are women, people of color, young adults under 35 and Trump cant win a majority of any of them!” – or logic –“people aren’t going to vote for a buffoon or against their own best interests!” – is your brain’s way of trying to protect you from trauma. Like when you hear a loud noise on the street and you think, “oh, a tire just blew out,” or, “wow, who’s playing with firecrackers?” because you don’t want to think you just heard someone being shot with a gun.

Maar het is gebeurd, ze verloor, en de gevolgen zijn te erg voor vrouwen. Republikeinen hebben nu de president, met een tweede man die zo mogelijk nog erger is dan Trump. Republikeinen domineren de Senaat en het Huis van Afgevaardigden. Ze traineerden de benoeming van een nieuwe rechter in het hoogste Gerechtshof en hebben nu alle kans om daar conservatieve rechters te benoemen. Daarna is het een kwestie van tijd voordat onder andere de reproductieve rechten van vrouwen zodanig teruggedraaid worden dat er geen verschil meer is tussen ons en koeien of kippen.

Moore beschreef in juli precies waarom het toch zo zou lopen:

  1. Trump had genoeg aan het traditionele Republikeinse gebied plus de zogenaamde Rustbelt staten Michigan, Ohio, Pennsylvania en Wisconsin. Staten waar de blanke middenklasse ernstig leed onder het verlies van werkgelegenheid, en waar Trump handig op inspeelde. ”Dat zal in november gebeuren”, schreef Moore, en dat gebeurde.
  2. Blanke mannen en hun frustraties en woede over het verlies van privileges
  3. Clinton die geen enthousiasme op weet te roepen, mede vanwege seksisme en weerzin tegen ambitieuze vrouwen (zie punt 2), dus het wordt een kwestie van ‘de kandidaat met de meest fanatieke aanhang wint’. Combineer dit met wetgeving die niet-blanke kiezers weghield van het stemhokje, en voilà, winst voor de Republikeinen
  4. Depressieve Bernie aanhangers, die óf niet gaan stemmen of zich wel naar het stemhokje slepen, maar niemand enthousiast meeslepen om óók te stemmen. Zie verder punt 3
  5. De privacy van het stemhokje. In Moore’s woorden: ”There are no rules. And because of that, and the anger that so many have toward a broken political system, millions are going to vote for Trump not because they agree with him, not because they like his bigotry or ego, but just because they can. Just because it will upset the apple cart and make mommy and daddy mad”.

Hoe lang moeten we wachten voordat een vrouw opnieuw kans maakt op de hoogste machtspositie in het land? Het seksisme is zo structureel dat het slechts af en toe iemand van de verkeerde sekse lukt om ergens te geraken waar ze een gooi naar het presidentschap kan doen. Met Clinton was er een kans:

“There’s a saying, the first into battle needs to wear the most armor,” said Adrienne Kimmell, executive director of the Barbara Lee Family Foundation, which studies women running for executive office. She continued: “Because women have higher and harder barriers to clear the path to executive office, the women that win need to exceed expectations – so by comparison they tend to be more qualified than their opponents.”

Kwalificaties, veel ervaring, moed en een ijzeren wil wegen echter duidelijk niet op tegen een giftige cocktail van angst voor je inkomen, racisme en vrouwenhaat. Moore vatte dat als volgt samen:

There is a sense that the power has slipped out of their hands, that their way of doing things is no longer how things are done. This monster, the “Feminazi,”the thing that as Trump says, “bleeds through her eyes or wherever she bleeds,” has conquered us — and now, after having had to endure eight years of a black man telling us what to do, we’re supposed to just sit back and take eight years of a woman bossing us around? After that it’ll be eight years of the gays in the White House! Then the transgenders! You can see where this is going. By then animals will have been granted human rights and a fuckin’ hamster is going to be running the country. This has to stop!

En zo geschiedde. Je moet de kracht van het patriarchaat, het effect van op leugens gebaseerde campagnes (Brexit en de Superbrexit in de V.S.)  en de rol van basale emoties zoals angst nooit onderschatten.

Progressieve vrouwen, zoals de leden van dit panel, hebben het nakijken. Die (veelal vrouwelijke?) kiezers leverden allerlei ontroerende anekdotes op. Zo lieten mensen bloemen en briefjes met ‘ik stemde’ achter bij de graven van vrouwen die streden voor het kiesrecht. Dit gebeurde onder andere bij de grafsteen van Susan B. Anthony. Ook trokken veel vrouwen witte kleding aan als ze stemden. Dit deden ze ter herinnering aan diezelfde voormoeders, die tijdens demonstraties en campagnes voor het vrouwenkiesrecht bij voorkeur wit droegen. En wat te denken van een vrouw van negentig, die vroeg haar stem uitbracht op Clinton en daarna in vrede stierf, voordat de officiële verkiezingsdag aanbrak.

Wat fijn voor haar dat ze de uitslag niet meer mee hoefde te maken.

Nederland kan eeuwen wachten op vrouwelijke premier, als de genderdiscussie zo primitief blijft

De verkiezingen in de V.S. leveren scherpe analyses over gender op, vanwege het seksistische gedrag van Donald Trump en het feit dat de strijd om het hoogste ambt gaat tussen een man en een vrouw. Hoe zit het in Nederland met het emancipatoire bewustzijn? Niet goed, blijkt uit allerlei incidenten. Dat is vervelend, want inzicht in de situatie rondom gender is cruciaal om te begrijpen waarom mannen in de politiek de macht blijven houden. Zonder kritische discussies over die situatie kunnen we nog eeuwen langer wachten op een vrouwelijke premier in Nederland.

Politiek in Nederland blijft, praktisch en symbolisch, iets van blanke mannen. Vrouwen zijn een minderheid in de politiek. Als het er echt op aan komt houden mannen de touwtjes strak in handen. Zo lieten twee mannelijke partijleiders bij de vorige formatiebesprekingen hun vrouwelijke nummer twee thuis. In plaats daarvan namen ze blanke mannelijke vertrouwelingen mee naar de onderhandelingen. Ook blijven de zwaarste/machtigste posten stevig in het mannelijk kamp, inclusief het premierschap.

Na de verkiezingen in maart 2017 is de kans op herhaling groot. Ten eerste omdat alleen al het constateren van het feit dat vrouwen ontbraken bij de vorige formatie, destijds zorgde voor een golf van vijandige ‘terug in je hok’ reacties. Mensen wilden er niet over praten. Vrouwen moesten niet zeuren. Met zo’n houding leer je niks en doen mannen bij de volgende formatie weer hetzelfde.

Ten tweede omdat alle berichten over werving en selectie rieken naar een verkokerde blik, waarbij mannen in eigen kring op zoek gaan naar soortgelijke mannen, middels een proces waar Marieke van den Brink uitgebreid promotie-onderzoek naar deed. Het veld van partijleiders zal in 2017 opnieuw bijna geheel blank en mannelijk zijn, zelfs als nog niet duidelijk is hoe de strijd uitpakt, zoals bij de PvdA. Uit een opinieonderzoek van EenVandaag blijkt dat vrouwen zulke praktijken eerder signaleren en problematisch vinden dan mannen. Maar dat mannen vooral naar vrouwen wijzen als schuldige:

Onder mannen is een derde het eens met de stelling dat partijen liever mannen dan vrouwen kandideren, onder vrouwen de helft. En misschien gaat het verder: met de stelling dat vrouwen worden gediscrimineerd door partijen is 30 procent van de mannen het eens, maar een grotere groep van 44 procent van de vrouwen vermoedt discriminatie. […] het ligt, zo is de indruk, ook aan wat vrouwen zelf zouden doen en laten, al zijn het vooral mannen die het antwoord op de schuldvraag bij de vrouwen zelf zoeken. [vetgedrukt door red.]

Die blindheid voor het structurele machtsvoordeel van mannen maakt dat allerlei mechanismen onzichtbaar blijven, die ervoor zorgen dat de hiërarchie tussen de seksen intact blijft. Kiezers beginnen bijvoorbeeld de man over- en de vrouw onder te waarderen.  Wint een vrouw alsnog, dan gebeurt dat vaker in situaties waarbij een partij er slecht voor staat en laten partijgenoten haar bij tegenslag sneller vallen. De vrouwelijke partijleider ruimt zodoende eerder het veld dan mannelijke collega’s.

Ten derde omdat het mannelijk overwicht een machocultuur in stand houdt. Het problematische haantjesgedrag van mannelijke parlementariërs was al in 1997 onderwerp van kritische stukken in de kranten. Ruim tien jaar later schreef Femke Halsema over dat machogedoe in haar politieke memoires en anno nu vertonen de heren nog steeds masculien machtsvertoon op een apenrots vol alfamannetjes.

Deze machocultuur koppelt mee met algemeen onbehagen zodra een vrouw té zichtbaar wordt in een mannenbolwerk. Dat onbehagen over een verstoring in de hiërarchie zorgt voor weerstand. Die weerstand uit zich onder andere in taalgebruik en ‘grapjes’ met een snijdende ondertoon. Zo heeft de vooral uit vrouwen bestaande Commissie Zorg de bijnaam ‘de commissie van de kijvende wijven’. En als twee politici met elkaar in debat gaan, kopt een landelijk dagblad ‘Bitchfight in de ministerraad’.

Al deze factoren leiden tot een seksistisch denkraam waarbinnen mannen gelden als de stevige debaters en vrouwen hysterisch zijn. Vervolgens wordt het logisch dat mannen voor mannen kiezen en dat vrouwen denken ‘ik kan het niet, ik maak geen kans’ en het niet eens meer proberen. Vervolgens kun je vrouwen daar dan op afrekenen en is de vicieuze cirkel weer rond.

Het kritische debat over dit seksistische klimaat staat in Nederland nog in de kinderschoenen. Analyses blijken steken op een  neerbuigend ‘zie je wel, vrouwen willen niet, ze liggen te slapen’. Zie hier voor een voorbeeld van zo’n analyse, waarbij vrouwen niet alleen verantwoordelijk gesteld worden voor hun eigen marginalisering, maar ook nog de veeg uit de pan krijgen dat ze sowieso niet goed genoeg zijn.

Een ander voorbeeld: vrouwen krijgen in ons land, nota bene van collega’s zoals Kamerlid Marith Volp, nog steeds het advies wat Margaret Thatcher al kreeg (en wat niet werkte want je ontkomt niet aan je sekse): zacht en laag praten. Ja, doei! Het probleem is meestal dat de omgeving meer waarde hecht aan wat een man zegt. Hoe hij het zegt maakt niet uit. En zij? Zij moet haar kop houden. Zegt of doet ze toch iets, dan is ze een bitch of een manwijf of een kenau of, zoals Trump uitriep, een nasty woman.

We horen steeds ‘het komt wel goed’. ‘We moeten geduld hebben’. ‘Hopelijk meldt zich op een gegeven moment een vrouw’. Als de feministische analyse blijft steken op het niveau ‘vrouwen willen niet‘ (maar waaróm ”willen” ze niet?), of ‘we moeten geduld hebben, dan komt het vanzelf goed’, blijven mannen aan de macht in de Nederlandse politiek omdat we vrouwen buiten sluiten.

Willen we dat echt?

Dat soort complimenten zijn helemaal geen complimenten

Bij dit geweldige artikel van Laura Bates van het Everyday Sexism Project moest ik meteen denken aan een recent incident bij de NS. Een vrouw meldde dat een conducteur in de trein ongewenst achter haar aan zat, naast haar ging zitten en aandacht wilde. Een anonieme klantenservice medewerker was niet onder de indruk van haar klacht. Zie het maar als een compliment, kreeg ze te horen. Beetje flirten, moet kunnen, en als het echt vervelend wordt kun je er zelf iets van zeggen.

Jahaaa…. alleen het probleem is: dit soort gedrag van mannen is geen compliment. Het is niet ‘een beetje flirten’. En de circa 90% vrouwen die erg zenuwachtig worden van zulke mannen hebben volkomen gelijk, want als ze laten merken niet van zulk gedrag gediend te zijn, breekt de hel verrassend snel los. Zoals Laura Bates analyseert: situaties escaleren in een oogwenk, met zeer negatieve gevolgen voor de vrouw die een grens stelde:

Women who have shared their experiences with the Everyday Sexism Project, which I founded, have variously described being chased, hit by cars, punched, spat on, having bricks and bottles thrown at them, and being subjected to sexual assault – all after rejecting unwanted male advances. Yet, had they reported the initial ‘compliment’ that began the interaction, many would have told them to be grateful, to smile, to enjoy it.

Precies de eerste reactie van de NS-medewerker. Compliment! Doe niet zo moeilijk! Maar deze complimenten die geen complimenten zijn, gebeuren in een context van mannen die een instrumentele kijk hebben op vrouwen. Vrouwen verdienen alleen ”respect” in de mate waarin ze voldoen aan zijn behoefte, inclusief het beschikbaar stellen van haar lijf. Dat lijf is niet van haarzelf, maar van hem, om te bekijken, te beoordelen en desgewenst te bepotelen.

Het is de kijk op vrouwen die je tegen komt bij intellectuele auteurs die belangrijke maatschappelijke misstanden aan de kaak stellen. Het is de blik die je tegenkomt bij de studenten die een bangalijst van sexy studentes samenstellen en rondmailen. Het is de blik die je tegenkomt bij hoog opgeleide consultants van internationale accountantsbureau’s. Het is de blik die naar voren komt in rap- en hiphopvideo’s, bij presidentskandidaten voor wie zelfs een Miss Universe niet knap en aantrekkelijk genoeg is en bij journalisten die astronautes vragen hoe dat zit met hun lippenstift in de ruimte.

Het is een blik die vrouwen reduceert tot gebruiksvoorwerp en seksobject. Je hebt als man het recht dat voorwerp te gebruiken, want daar is het voor. Dat voorwerp moet niet opeens amok maken, aldus Bates:

There is a power dynamic at play here – a hierarchy that dictates whose body belongs to whom. Violence is the price for those who dare to break these unwritten rules.

Daarom is het volstrekt terecht dat de politie in Engeland een hatecrime maakt van straatintimidatie en andere vormen van agressie tegen vrouwen in de openbare ruimte. Dat nafluiten, toeroepen, jezelf opdringen en vrouwen achtervolgen, schoppen en slaan, komt voort uit haat en minachting van vrouwen. Je moet zulk gedrag aanpakken voordat het escaleert. Zie voor ons land: stop straatintimidatie. En de Nederlandse tak van Hollaback, waar vrouwen incidenten kunnen melden en steun krijgen om standvastig te blijven. Want, zoals Laura Bates zegt:

We will never fully address the harassment and violence women face unless we begin at its roots, by tackling the underlying idea that women are second class citizens, that their bodies are fair game for male comment and touching, and that men have an inherent ‘right’ to expect a sexual response from a woman. This is a problem that can only be solved by disrupting that sense of entitlement that some men believe holds true.

Debat Clinton-Trump gezien door een genderbril

Nederlandse media publiceerden allerlei analyses over het debat van Amerikaanse presidentskandidaten Clinton en Trump. Dit weblog stelt vrouwen en gender centraal, en daar berichtten veel media niet of nauwelijks over. Gelukkig wemelt het in de Engelstalige pers van de reacties waar dit aspect wél aan de orde kwam. Een selectie:

De BBC analyseerde de vier manieren waarop gender een rol speelde tijdens het debat. Wie onderbrak wie het meest? Het gebruik van namen – Trump had het over Clinton, terwijl Clinton Donald zei en bleef zeggen. De uitwisseling rondom uithoudingsvermogen, waarbij Clinton meteen duidelijk maakte uit welke koker aantijgingen rond een zogenaamd gebrek aan uithoudingsvermogen stammen. En vier, glimlachen. Eerst kreeg Clinton kritiek omdat ze te weinig glimlachte, nu omdat ze teveel zou glimlachen.

Die laatste kritiek ziet Amanda Marcotte, van webmagazine Salon, als één van de manieren waarop commentatoren opvallend seksistisch uit de hoek kwamen na het debat. Behalve het ‘ze glimlacht te weinig, o nee teveel’ gedoe stelden andere commentatoren dat Clinton hen deed denken aan hun zeurende moeder. Of bekritiseerden Clinton omdat ze te goed voorbereid was op het debat. Echt, als vrouw met ambitie kun je niet winnen, als het gaat om onzekere vijandige mannen, stelt Mascotte. Zie ook de rubriek Double X op webmagazine Slate, met een inventarisatie van alle mannen die aan Clinton mansplainden hoe ze zou moeten glimlachen en met welke houding ze moet debatteren.

Wat betreft wie onderbreekt wie signaleerde website Vox dat Clinton Trump 17 keer onderbrak, terwijl Trump 51 keer over haar heen praatte. Met de moderator erbij kwam de totaalscore op 47 interrupties voor Trump en 70 voor Clinton.  Het is een subtiele vorm van seksisme. Vrouwen krijgen minder ruimte en moeten harder vechten om gehoord te worden. Maar je mag niet te openlijk vechten want dan ben je een bitch die dingen op een negatieve manier op wil eisen of af wil dwingen, huuuuuuu.

Website Mic doopte het seksisme van Trump zelfs als het overheersende element in het debat. Zijn neerbuigende houding, waar Clinton vaak interrumperen slechts een onderdeel van vormt, kwam zo duidelijk naar voren dat het alles kleurde.

Dat het goed kwam wijt het Engels dagblad The Guardian aan de prestaties van Clinton. Analisten bejubelden haar manieren om de seksistische uitspraken van Trump in zijn gezicht op te laten blazen. Zo maakte ze zijn strategie rondom uithoudingsvermogen expliciet. Het ging niet om stamina, maar om minachting over het uiterlijk van een vrouw ombuigen naar kritiek op haar uithoudingsvermogen. Wie trapt daar in? Niet Clinton en na haar rake analyse, het publiek ook niet meer.

Website The Hill zag deze ‘strijd der seksen’ ook en noteerde dat Trump na een half uurtje totaal de kluts kwijt raakte, omdat hij Clinton niet van haar stuk kon brengen. Ze bleef kalm, ze glimlachte, ze gebruikte Trump’s woorden tegen hem, en Trump kon alleen maar harder brullen. Tussen het snotteren door. Aan het slot van de avond was de dominante twitterhashtag over het debat ‘sniffles’, omdat Trump zo vaak snoof en snotterde tijdens het debat. De grappen daarover rolden al snel over elkaar heen. Niet goed voor Trump…

UPDATE: een post-debat analyse van Soraya Chemaly van de Huffington Post. Een analiste van The Guardian doet graag een gedachtenoefening met je: wat als Trump een vrouw zou zijn? Zelfde houding, zelfde uitspraken, maar dan door en van een vrouw. En, opmerkelijk: conservatieve kranten die in hun meer dan honderd jarige bestaan altijd steun verleenden aan de Republikeinen, spreken nu openlijk hun steun uit voor Clinton, de Democratische kandidaat.

Kleding: laat vrouwen met rust deel 2

Vrouwen, wat ze dragen, wat ze niet dragen, wat ze niet mogen dragen, wat ze wel moeten dragen, het blijft maar komen. Zoals de Belgische organisatie Vrouwen Overleg Komitee (VOK) vaststelt: kledingvoorschriften van een echtgenoot vervangen door die van de overheid veranderen nul komma niks. En het blijft wringen dat mannen nergens last van hebben – niemand legt hun outfit onder een vergrootglas en adviseert dringend beperkingen in hun bewegingsvrijheid.

De ongezonde obsessie met vrouwenkleding kent geen grenzen. Meest recente ontwikkelingen: De staat Israël legt vrouwen zedelijkheidsregels op. Tijdens gesubsidieerde evenementen mogen vrouwen geen bikinitop dragen. Wil je tijdens het Cannes filmfestival naar een film, dan moet je hoge hakken dragen. Anders word je eruit gegooid.  Oh, en wil je als toeriste naar India, dan kun je beter geen rokken dragen.

Soms zijn de makers van de ge- en verboden opvallend eerlijk over de reden waarom vrouwen vanalles moeten en niet moeten doen. Als vrouwen zich bijvoorbeeld verplicht moeten hullen in een jute zak, zit er vaak achter dat zij de last draagt omdat hij zijn lusten niet in toom zou kunnen houden:

Pentecostal churches encourage women to dress modestly defined by each denomination or church. For example, the United Pentecostal Church International defines modesty as a refusal to wear any clothing or accessory that might incite a man to lust. This includes low-cut shirts, makeup and jewelry with the exception of watches — and wearing pants — as the rule declares that pants make the contours of a woman’s lower body clearly visible.

Dit is een seksistisch standpunt. Daarom protesteren feministen hier heftig tegen. Mannen zijn mensen, zij kunnen nadenken, zij zijn zelf verantwoordelijk voor hun eigen gevoelens, inclusief lustgevoelens. Feministen krijgen vaak het verwijt dat zij mannenhaters zouden zijn, maar de ergste mannenhaters zijn conservatieven en fundamentalisten die mannen ontslaan van iedere verantwoordelijkheid voor wat er gebeurt en hen reduceert tot een hersenloos primitief wezen – rhaah, VROUW, daar moet een piemel in!!

Bovendien duurt dit preutsheidsgebod net zolang totdat mannen seksueel geprikkeld dienen te worden met wat sexy eye-candy. Dan móet je opeens aan de korte rokjes en hoge hakken. Niet alleen op het filmfestival van Cannes, maar ook op het werk. Draag hoge haken of de onderneming ontslaat je.

Voeg daar de lange, tegenstrijdige geschiedenis aan toe van alles wat vrouwen in de geschiedenis ooit moesten doen en laten op kledinggebied, en het is helder: dit gaat niet over vrouwen en wat ze aantrekken. Dit gaat over machtsverhoudingen, om wat mannen willen, om onzekerheid over je identiteit als land, angst voor de Ander. Steeds opnieuw kiezen machtigen ervoor om ‘de vrouw’ als strijdtoneel te nemen voor allerlei spanningen die op andere gebieden liggen.

Met vrouwen zelf heeft het nauwelijks iets te maken. Zij zijn alleen de zichtbare bliksemafleider voor alles wat in het verborgene broeit. Dus, slaat de vlam weer eens in de pan rondom vrouwenkleding? Negeer het gezeur over de vrouwenkleding en kijk wat er achter zit. Dan heb je de échte oorzaak van de obsessie met vrouwenkleding te pakken.

Olympische Spelen bieden podium voor feminisme

De Olympische Spelen domineren op dit moment het nieuws, waarschijnlijk wereldwijd, en dus krijgen allerlei acties van vrouwen extra impact. Zoals feministische actiegroep Safai, die opkwam voor de rechten van Iraanse vrouwen, met een spandoek: ‘Laat Iraanse vrouwen hun stadions betreden’. Vrouwen mogen in Iran namelijk niet naar een stadion. Alleen mannen kunnen live een voetbal- of volleybalwedsdtrijd bekijken. Andere vrouwen doorbraken op andere manieren sociale taboes.

Alleen al jezelf zijn, als vrouw, kan een daad van feministisch activisme worden. Chinese zwemster Fu Yuanhui haalde met ploeggenoten een vierde plek. Na de race sprak ze met journalisten over haar eigen aandeel. Ze zei dat ze last had van haar menstruatie. Yuanhui voegde er expliciet aan toe dat dit geen excuus is, en ze zwom gewoon haar wedstrijd, maar ze vermoedt wel dat ze daardoor niet op de toppen van haar kunnen kon presteren.

Het was een factor, en ze benoemde het op dezelfde manier zoals een sporter andere lichamelijke factoren meeneemt in reacties op een optreden in een wedstrijd. Onder andere in Yuanhui thuisland China is in het openbaar spreken over menstruatie echter taboe. Door er zo openlijk over te praten, doorbrak Yuanhui die sociale norm en gaf ze vrouwen moed om er zelf ook wat meer ruchtbaarheid aan te geven. Niet alleen dat: tampons zijn vrijwel onbekend in China, maar dankzij Yuanhui’s openheid en eerlijkheid hoorden vrouwen opeens dat dit middel er is, dat je het kunt gebruiken, en dat je dan gewoon het zwembad in kunt duiken. Revolutie….

Rio levert ook zichtbare, expliciete voorbeelden op van de haat die vrouwen naar hun hoofd geslingerd krijgen. Onder andere Twitter biedt allerlei verbitterde trollen een platform, Atletes komen in het geweer tegen de agressie, en krijgen steeds vaker hulp. Zo maakten Twitteraars Gabby Douglas uit voor rotte vis, omdat de Amerikaanse turnster minder hoog scoorde dan gehoopt. Onder andere actrice Leslie Jones organiseerde een campagne om haar te steunen.

Jones was kort gelden nog zelf het mikpunt van een haatcampagne op Twitter, omdat ze de euvele moed had een van de hoofdrollen in de film Ghostbusters te spelen. Dus ze weet hoe het voelt om zoveel zooi over zich heen te krijgen. Hopelijk maakt het mensen bewust van de aparte behandeling die vrouwen krijgen, en voelen platforms zoals Twitter zich meer verantwoordelijk om dit soort haat te bestrijden. Het bedrijf heeft inmiddels zelf toegegeven dat Twitter tekort schiet en dat de onderneming meer en effectievere maatregelen moeten nemen.

En dan zijn er nog de vrouwen die, puur door te sporten en mee te doen aan de Olympische Spelen, taboes doorbreken en het sociaal geaccepteerde speelveld voor vrouwen verruimen. Zoals drie Indiase worstelaars uit de staat Haryana. Dit gebied is berucht vanwege talloze moorden op vrouwen (”eerwraak”), het aborteren van foetussen als het een meisje dreigt te worden, en in het algemeen een k-behandeling van vrouwen omdat het tweederangs wezens zouden zijn. Dat drie vrouwen worstelen? Dat ze zich kwalificeerden voor Rio? Dat ze daar volwaardig meedraaien in de competitie? Ongehoord, en een klap in het gezicht van iedereen die wil beweren dat vrouwen niks kunnen.

Leve Rio, en feminisme? We kunnen er niet genoeg van hebben, want los van sport valt er overal nog een wereld te winnen voor vrouwenrechten….

 

 

Lees dit geweldige opiniestuk over natuurlijk bevallen

In Nederlandse media verschenen de afgelopen periode allerlei artikelen voor en tegen een ”natuurlijke bevalling”. Dit debat blijft echter niet beperkt tot Nederland. Ook in de V.S. staan vrouwen onder druk om af te zien van allerlei moderne hulpmiddelen, zoals de ruggeprik. Dit leidde tot een geweldig opiniestuk van Jessi Klein, auteur en zelf zeven maanden zwanger. Zij signaleert iets waar ik in Nederland tot nu toe niemand over gehoord heb, een missend element in ‘ons’ debat:

how often do people really want women to be or do anything “natural”? It seems to me the answer is almost never. In fact, almost everything natural about women is considered pretty horrific. Hairy legs and armpits? Please shave, you furry beast. Do you have hips and cellulite? Please go hide in the very back of your shoe closet and turn the light off and stay there until someone tells you to come out. (No one will tell you to come out.) It’s interesting that no one cares very much about women doing anything “naturally” until it involves their being in excruciating pain. No one ever asks a man if he’s having a “natural root canal.” No one ever asks if a man is having a “natural vasectomy.”

Zo, die zit.

Compromisloze feministen omarmen? Misschien in sprookjes…

Mooi opiniestuk in De Volkskrant van gastcolumnist Sarah Sluimer. In ‘‘De maatschappelijke eis om lekker te zijn” schetst ze een beeld van een spagaat waar veel vrouwen in belanden. Je wil niet onzichtbaar zijn, dus voeg je je naar beelden van de ideale (mooie) vrouw. Maar je wil ook niet alleen als lijf beoordeeld worden. Zo ontstaan volgens Sluimer vreemde tegenstrijdigheden. ”Ja, we verafschuwen het seksisme waar vrouwen dag in dag uit slachtoffer van zijn. Maar dat doen we wel terwijl we er beschikbaar uit zien. Er wordt immers alleen maar naar je geluisterd als je leuk bent om naar te kijken”.

Achter die Bonte Was gingen compromisloze vrouwen schuil. Omhelzingen? Ver te zoeken….

Sluimer besluit haar stuk met een verzuchting:

Ik kan alleen maar mededogen met ons voelen, maar verlang zo erg naar de eerste uitgesproken feministe van nu die iedere ijdelheid trots overboord zet, omdat ze weet dat ze zichzelf daarmee in deze wereld uiteindelijk genadeloos in eigen voet schiet. Compromisloos, losgezongen van iedere houdbaarheidsdatum, onverschillig marcherend door het grimmige landschap van seksualiteitsstress. Iemand die vindt dat mannen zoveel mogen praten als ze willen. Ze kiest zelf wel of ze luistert. In andere woorden: een vrouw. Ik zou mezelf onmiddellijk in haar armen werpen.

Zou het? De paar vrouwen die dat compromisloze pad kozen, kregen geen omhelzingen maar eindigden steevast als paria. De belangrijkste vraag ten tijde van de tweede feministische golf was namelijk niet ‘wat hebben feministen te zeggen’ maar moeten strijdende vrouwen zo grof zijn? In Nederland vonden mensen de vrouwen van uitgeverij De Bonte Was behoorlijk enge mannenhaters. Betrokkenen zoals Eén Anneke van Baalen kregen steevast te maken met hoon:

Van Baalen werd door mensen die haar niet goed kenden vaak afgeschilderd als een dogmatische activist die altijd en eeuwig doordramde. Wie haar leerde kennen, was verbaasd over haar humor, moed en het vermogen haar eigen leven te relativeren.

In het buitenland ondervonden compromisloze vrouwen diezelfde reacties. Neem Andrea Dworking, een Amerikaanse feministe die geen seconde van haar tijd wilde verspillen aan het schoonheidsideaal of door-ouwehoerende mannen in de zendstand. Mensen die haar niet goed kenden schilderden haar af als een mannenhater die porno af wilde schaffen, de horror!

In werkelijkheid toonde ze enorme moed, onder andere door geweld tegen vrouwen bespreekbaar te maken en daarbij mannen aan te spreken op hun aandeel. En nee, da’s geen mannenhaat. Dat is feiten benoemen en daar logische consequenties aan verbinden.

Tegenwoordig moet je nog steeds glimlachen en buigen om gehoord te worden. Zelfs als je kiest voor humor, korte puntige stukjes, afwisseling en allerlei andere manieren om mensen voor je in te nemen, dan nog motten mensen je boodschap niet. Vooral niet als je tot de dominante groep blanke mannen behoort. Voor een voorbeeld, zie deze analyse van een recensie van Ewout Klei, over het boek ‘Vrouwen schrijven niet met hun tieten’.

Kortom, waren er maar meer mensen die compromisloze vrouwen inderdaad met open armen zouden ontvangen. Zulke weldenkende mensen waren er nauwelijks in de tweede feministische golf, en ik vrees dat die er ook nu nog veel te weinig zijn.

Gloria Wekker: lief zijn aub, anders maak je geen vrienden

Je kon er op wachten. Hoogleraar Gloria Wekker schreef een boek over racisme en de bochten waarin blanke mensen zich wringen om hun eigen racisme te ontkennen. Prompt volgt een opiniestuk in De Volkskrant met een tut-tuttend ‘Zo krijgt Wekker geen bondgenoten’. Het is een reactie die veel feministen bekend voor zal komen. Want ook wij krijgen dat regelmatig te horen. Niet zo naar doen feministen, anders krijgen jullie geen bondgenoten, en zeker geen mannelijke bondgenoten. Steun je bondgenoten, geef ze een pluim in plaats van zo kritisch te doen!

In het geval van de kwestie racisme neemt lector burgerschap en diversiteit aan de Haagse Hogeschool, de niet-jouw-bondgenoot-als-je-zo-naar-doet rol op zich. Na veel heen en weer gedoe komt er dit:

Door ‘witte’ antiracisten te verwijten dat ze de vermoorde ‘witte’ onschuld spelen, vervreemden ‘zwarte’ activisten veel potentiële bondgenoten van zich. […] In het streven naar een minder racistische, meer rechtvaardige samenleving kunnen bondgenootschappen alleen ontstaan voor zover we, voorbij de onschuld van ontkenning van een problematische geschiedenis en nog steeds bestaande privileges, bereid zijn om te geloven dat we tegenwoordig wel degelijk bepaalde belangen en waarden met elkaar delen.

Van iemand die openlijk zegt dat-ie geen zwartjes mot, weet je tenminste waar je aan toe bent. Het venijn zit ‘m bij de mensen die blinde vlekken hebben. Bonuspunten als ze daar bovenop expliciet zeggen dat ze anti-racist zijn en die ”bepaalde belangen en waarden” delen met Gloria Wekker. Dan kunnen de resultaten extra pijnlijk zijn.

Zo kende de top honderd van machtige vrouwen van tijdschrift Opzij nauwelijks niet-blanke vrouwen. Onder andere Hasna el Maroudi protesteerde – iemand die wél alert is, want zij heeft dagelijks te maken met grote en kleine vormen van racisme. Pas daarna organiseerde Opzij ijlings een alternatieve lijst vol vrouwen met een gekleurde huid.

In het zicht van dit soort veel voorkomende feitelijke situaties vind ik het nogal veel gevraagd om mensen van gediscrimineerde groepen op te roepen de dominante groep te vertrouwen, in het bijzonder zij die zichzelf progressief noemen en daarom per definitie vertrouwd zouden moeten worden als vanzelfsprekende bondgenoot. Het is niet vanzelfsprekend. Gloria Wekker is terecht kritisch. Wij zouden allemaal kritisch moeten zijn.

Juist als je jezelf als bondgenoot beschouwt (de blanke anti racist, de mannelijke feminist, enzovoorts), zou je beter de volgende stappen kunnen zetten:

  • erkennen dat onze Nederlandse samenleving doordrenkt is van seksisme en racisme
  • dat wij als mens deze fenomenen helaas verinnerlijkt hebben en niet altijd zien wanneer we ons schuldig maken aan racisme en seksisme
  • erkennen dat we blinde vlekken hebben
  • alert zijn, luisteren, observeren wat er gebeurt, kritisch onszelf bevragen
  • handelen naar onze nieuwe inzichten, onszelf actief bijsturen

Als je dat doet hoef je geen bezorgde opiniestukken te tikken van het type ‘Gloria Wekker zal geen bondgenoten krijgen’ als ze zulke nare dingen schrijft over anti racisten. Dan probeer je elke dag een beter mens te zijn, in plaats van te wachten op een uitnodiging van Wekker. Dan laat je je bondgenootschap niet afhangen van de vraag of  Wekker’s toon en gedrag wel ok zijn. Dan bén je haar bondgenoot. Gewoon. Uit jezelf.

Vrouw levert sportcommentaar: daar moet een piemel in

Waag het niet om als vrouw het commentaar te geven bij een EK voetbalwedstrijd. Want dan krijg je een shitstorm over je heen. Meest recente voorbeeld: Claudia Neumann, van de Duitse zender ZDF. Opmerkingen van het type “Hoe kan men een vrouw laten presenteren? ZDF merkt het niet eens. Ze willen cool zijn en onze kritiek negeren. Die teef heeft gewoon een piemel nodig” en erger worden haar deel.

Claudia Neumann becommentarieert het mannenvoetbal voor de ZDF.

Neumann past in een lange rij. De Australische Caroline Wilson kreeg van een man te horen dat ze maar beter kon verzuipen in ijskoud water. ESPN’s Sarah Spain en Julie Dimaro van Sports Illustrated ontvangen zulke afgrijselijke commentaren dat mannelijke collega’s er van gingen stotteren. Lorenzo Jansen van Thought Catalog kon moeiteloos 23 typische reacties op vrouwelijke sportcommentatoren verzamelen. Sportcommentator Erin Andrews kreeg bewaking nadat onbekenden haar met de dood bedreigden en een naaktfilmpje van haar op internet publiceerden.

Sowieso krijg je als vrouw vaak de boodschap dat je je niet met sport hebt te bemoeien. Dat is iets van mannen, waar jij als vrouw vanaf moet blijven want anders dan. Zo legde voetbalcommentator Leo Driessen actrice Hadewych Minis onlangs hardhandig het zwijgen op, toen zij het waagde een opmerking te maken over een voetballer. Hij stond daarin niet alleen:

Roelof @Rovalo57 Die Hadewych, de vreselijkste reclamestem, zegt eerst dat ze weinig van voetbal afweet, maar gaat Manchester United analyseren

Het vergt veel van vrouwen om zich niet uit het veld te laten slaan door die haat en vast te blijven houden aan het positieve. José Been, de eerste wielrencommentator, zegt daarover:

Ik krijg ook wel negatieve reacties. Dat is heel raar. Dan lees je op een of ander forum de meest vreselijke dingen over jezelf. ‘Wat een trut’ of ergere dingen. Ik heb moeten leren daar niet meer naar te kijken. Een collega van me vertelde me dat ik het zo moet zien: negentig procent van de kijkers vindt het best dat je commentaar geeft, vijf procent vindt het fantastisch en vijf procent vindt het verschrikkelijk. Zo is het denk ik ook, en dat is prima”

Zoals hierboven al bleek gaan de reacties vooral over vrouwelijkheid. Naast gezeur over het uiterlijk komt kritiek op de stem veel voor. Vrouwen hebben irritante stemmen, vindt een vocale minderheid, en ”dus’ moeten ze hun kop houden.

Het is duidelijk dat die volautomatische weerzin niets te maken heeft met de vakinhoudelijke kwaliteiten van de vrouwelijke professional in kwestie. Dat geven de haters zelf ook toe:

 “Her knowledge, her nous, her skills, her technique of calling and commentating is as good as any man, but I don’t want to hear her calling footy.”

Als de haters eerlijk zijn, beseffen ze zelf ook dat ze seksistisch gedrag vertonen. Alleen doen ze niets met dat inzicht. Tot voor kort werden ze daarbij geholpen door een diepgaande onverschilligheid. Iemand zet een vrouw weg vanwege haar vrouwzijn? Gaaaaaap… Mocht er al iemand wakker schrikken, dan volgden tot voor kort vooral krampachtige reacties om het probleem zo snel mogelijk weg te moffelen. Liefst met aanvallen op degene die het seksistische voorval aan de kaak stelde.

Deze onverschilligheid begint echter langzaam te veranderen. Waarom zou je als vrouw moeten leren niet meer te kijken of luisteren naar seksisme, terwijl je mannelijke collega’s ongestoord hun werk kunnen doen? Waarom pikken we racisme en jodenhaat niet, maar kun je vrouwen zonder pardon afserveren op basis van hun sekse? Wat voor dubbele moraal is dat? Steeds vaker stellen mensen die kritische vragen. En leveren seksistische uitlatingen terechte woede en kritiek op. Die niet meer verstommen als mensen aankomen met varianten van ‘hou je kop’. Nee, wij houden onze kop niet 😉

Ondertussen werken de vrouwelijke sportcommentatoren gewoon door en doen dat werk goed. Dione de Graaff weet zich al jaren te handhaven in het mannenbolwerk van het Nederlandse sportcommentaar. Voetbalster Imke Courbois schoof vorig jaar voor het eerst aan bij een analistenpanel voor het Belgische voetbal, en kreeg veel complimenten voor haar optreden.

En Claudia Neumann, met wie ik dit artikel begon? Televisiezender ZDF steunt haar en zelf trekt ze zich niets aan van de haat. In interviews spreekt ze de hoop uit dat vrouwen na haar het makkelijker zullen krijgen dan zijzelf. Want Neumann is een pionier. De eerste Duitse vrouw ooit die op een nationale zender het mannenvoetbal becommentarieert. Da’s schrikken. Daar moeten kijkers aan wennen. Maar als er na Neumann vele anderen komen, wordt het vanzelf gewoon. Hopelijk laten vrouwen zich dus niet afschrikken. En leren wij als samenleving om hen hartelijker te ontvangen dan we nu doen.