Category Archives: Mediastudies

Mentale patronen zijn hardnekkig

Zelfs als je je bewust voorneemt iets te doen met diversiteit, kan het nog gedeeltelijk ”mis” gaan. Dat blijkt onder andere uit de ervaringen van auteurs die vaker vanuit het perspectief van een vrouwelijke hoofdpersoon willen werken, of lezers die meer schrijfsters willen ontdekken. De mentale patronen zijn hardnekkig. Je moet echt willen, want zodra je terugzakt in automatismen steekt de oude mannelijke, blanke canon weer de kop op…

Een mooi en hoopgevend voorbeeld biedt Anne Polkamp, een 29-jarige promovendus in de filosofie. Zij is op dit moment bezig met een papieren wereldreis – fictief ieder continent bezoeken en een roman uit ieder land lezen. Het was nadrukkelijk haar bedoeling de canon van blanke mannelijke auteurs te omzeilen en meer romans te lezen van vrouwen en mensen m/v/x met een gekleurde huid. Dat betekende dat ze per land bewust zocht naar andere stemmen dan de klassieke romans van gevestigde mannelijke auteurs.

Dat bewuste streven zorgde meteen voor verbetering. Oorspronkelijk bevatte haar boekenkast 78% mannelijke auteurs, voor 88% afkomstig uit Europa, Noord-Amerika of Australië en voor 95% blank. Na de eerste etappe van haar wereldreis zag de stapel van 32 gelezen boeken er al heel anders uit. Het aandeel vrouwen verdubbelde, van 22 naar 44%. Ook had ze veel meer werk gelezen van auteurs met een gekleurde huid.

Ondanks de verdubbeling was dat percentage van 44 voor Polak een teleurstelling. Ze had zo gericht gezocht naar schrijfsters, dat ze verwacht had dat ruim de helft van de boeken uit de pen van een vrouw was gevloeid. Nee dus:

Ik telde nog een keer, en nog eens, maar het resultaat bleef hetzelfde. Zou de literatuur zo worden gedomineerd door mannen dat ik zelfs in een project waarin ik nadrukkelijk op zoek ga naar extra veel vrouwen, niet verder kom dan 44%? Waar zijn alle vrouwen uit de wereldliteratuur?

De dominantie van mannen bleek hardnekkig. Daarom stelde ze haar plan bij. Voortaan neemt ze ook non-fictie mee bij haar keuze voor een boek uit een specifiek land. En welk land ze ook aan doet op haar literaire wereldreis, voortaan zal ze louter werk van schrijfsters lezen:

Het punt is niet dat ik mannen wil negeren. Het punt is dat ik vrouwen al bijna dertig jaar negeer. Het is tijd om te horen wat zij te zeggen hebben.

De hardnekkige blanke mannelijke dominantie komt niet alleen voor bij lezers, maar ook bij auteurs zelf. Zo sprak de recent overleden science fiction schrijfster Ursula Le Guin openlijk over haar worsteling om een verhaal te vertellen vanuit een vrouwelijke hoofdpersoon, en bij ‘magiër’ niet volautomatisch een beeld te krijgen van een blanke man. Zeg maar de SF en fantasy variant van ‘de manager is een man’ beeldvorming.

Zo gaf ze de held van de Aardzee-cyclus wél een gekleurde huid, maar de hoofdpersoon bleef een man. Pas in een later geschreven deel krijgt een vrouw een leidende rol in het verhaal. Ook bij De Linkerhand van het Duister viel ze terug op het mannelijke als norm. Ze schiep een androgyne maatschappij, waar buitenaardse wezens het grootste deel van de tijd sekseneutraal leven, maar bleef de personages in die situatie omschrijven met ‘hij’.

Later betreurde ze die taalkundige keuze. Ze werkte aan een gedachte-experiment, legde ze uit in een essay, en hoewel er veel goed ging, erkende ze dat haar roman op dit punt te wensen over laat. Naast de keuze voor ‘hij’,  toont ze de belangrijkste alien ook terwijl hij bezig is met activiteiten die we in onze cultuur associeren met mannen. Hij werkt in de politiek als premier, ontsnapt uit een gevangenis, trekt een slee over een ijsvlakte. De science fiction wereld die ze schept, komt zodoende zeer mannelijk over. Pas op latere leeftijd lukte het Le Guin om zich te ontworstelen aan dit soort oude patronen. Ze creëerde meer vrouwelijke personages en gaf die ook een dragende rol in haar romans en korte verhalen.

Kortom, het vergt een zekere inspanning, maar wie wil, komt er uiteindelijk wel.

Advertenties

Meer diversiteit in vier eenvoudige stappen

Van een filosofisch vakblad met maximaal 21% vrouwelijke auteurs en 0% mensen met een gekleurde huid, naar een vakblad met 54% vrouwelijke auteurs en 11% auteurs met een gekleurde huid. In een paar jaar tijd. Vooruitgang kán, toont Rebecca Kukla aan. Deze professor Filosofie aan de Georgetown University werd hoofdredactrice van het Kennedy Institute of Ethics Journal en maakte het tot haar missie meer diversiteit te bereiken. Dat lukte door vier stappen consequent door te voeren.

Rebecca Kukla

Toen Kukla het roer van het tijdschrift voor Ethiek over nam, trof ze een traditioneel blank mannelijk landschap aan. Stap 1 was dan ook: het net verder, dieper en breder het water in gooien en actief op zoek gaan naar filosofen uit andere hoeken. Dat lukte door een aantal themanummers uit te brengen over actuele onderwerpen. Zo besteedde het Ethics Journal aandacht aan de Amerikaanse verkiezingen. Trump levert een goudmijn op als je het wil hebben over ethiek, en niet alleen de geijkte vaste waarden in de filosofie schreven over de gang van zaken in 2016. Via de themanummers kon de redactie een jonger, diverser auteursbestand opbouwen.

Stap 2 was de introductie van boekrecensies. Kukla en haar medewerkers besloten bewust op zoek te gaan naar publicaties vanuit gemarginaliseerde groepen, met onderwerpen op het gebied van ras, etniciteit, feminisme, (politieke) repressie, anti-fascisme enzovoorts. De redactie kan zelf kiezen wie de recensies schrijft en zorgde ervoor dat uitnodigingen terecht kwamen bij andere deskundigen dan de geijkte blanke mannennamen van de standaard namenlijstjes.

Stap 3: het landschap zelf veranderen. Tot Kukla’s komst kondigde het blad zichzelf aan als een publicatie op het gebied van ethiek, met in ieder nummer gangbare filosofie op dat terrein. In overleg veranderde Kukla dit echter in ‘toegepaste filosofie’, een veel breder begrip, met een grotere nadruk op de praktijk, op wat er in de wereld gebeurt, en op actuele thema’s. Door deze verbreding kon ook de auteurspool breder en diverser worden.

Tot slot stapte het blad af van een ingewikkeld systeem van anoniem inzenden. Normaal gesproken zijn er drie lagen van anonimiteit, waarbij ook de hoofdredactrice niet weet wie welk stuk in zond. De filosofie wereld is echter behoorlijk klein. Zodra iemand een niet gangbaar onderwerp heeft of een herkenbare eigen schrijfstijl, heeft anoniem inzenden en behandelen nauwelijks zin. Iedereen die ingevoerd is in het wereldje, snapt meteen dat als het over onderwerp X gaat, het stuk hoogstwaarschijnlijk van Y afkomstig is, want Y is de enige in haar vakgebied die zich met X bezig houdt. Anonimiteit is dan een mythe. Leuk in theorie, maar in de praktijk werkt het niet altijd.

Om die reden zorgt Kukla er tegenwoordig voor dat redacteuren artikelen zoveel mogelijk anoniem beoordelen, maar dat zijzelf wél weet wie het schreef. Dat stelt haar in staat kritiek te voorzien van een context, en soms te verwerpen omdat onbewuste vooroordelen een rol zijn gaan spelen. Daarnaast kan ze auteurs de helpende hand toesteken. Soms heeft een stuk enorme kwaliteiten, maar komt het niet goed uit de verf omdat het taalgebruik niet op niveau is. In dat geval adviseert ze auteurs om een native speaker Engels te raadplegen en met die persoon de taal te fatsoeneren. Iemand kan het stuk dan opnieuw indienen en wie weet keurt de redactie het nu wel goed. In 85% van de gevallen komen artikelen niet door de ballotage heen, signaleert Kukla, dus de kwaliteit blijft hoog. Maar auteurs met achterstanden krijgen een eerlijkere kans.

Dit alles laat ook zien dat er een vijfde ingrediënt nodig is. De wil om te veranderen, om ook het werkterrein fundamenteel te veranderen, zodat meer mensen kansen krijgen. En dat volhouden en blijven waken voor de terugkeer van conservatieve denkpatronen, waardoor je terug kunt vallen in het standaard blank mannelijke repertoire. Daarover meer in een volgend stuk.

Is Kukla er nu? Nee. Van 0 naar 11% is een mooie stap, maar ze vindt het aantal gepubliceerde artikelen van mensen met een gekleurde huid nog veel te laag. Daar is nog werk aan de winkel. Ook mag er nog wel wat meer ruimte komen voor auteurs met een handicap, of auteurs die zichzelf identificeren als transgender. Maar nu ze deze vier ontwikkelingen tot staande praktijk heeft gemaakt, is er een veel grotere kans dat méér mensen óók toegang krijgen tot het podium van een gerenommeerd vakblad. En dat is heel mooi.

Mannen en vrouwen gamen even goed

Brekend nieuws: mannen en vrouwen spelen even goed videogames. Een grootschalig onderzoek onder duizenden deelnemers aan EverQuest II en Chevaliers Romance III wijst uit dat vrouwen even snel als mannen punten verdienen en hogere levels bereiken. Het enige verschil ontstaat door de omgeving. Waar mannelijke gamers als vanzelfsprekend geaccepteerd zijn en aanmoedigingen en complimenten krijgen, botsen vrouwen regelmatig aan tegen seksuele intimidatie en beledigingen van het type ‘meisjes kunnen niet gamen’. Dat werkt onzekerheid in de hand.

Games spelen lijkt triviaal, maar de onderzoekers die keken naar de speelstijlen van mannen en vrouwen wijzen erop dat videogames regelmatig een opstap vormen naar studies en loopbanen in de ICT of de techniek. Als vrouwen terugdeinzen vanwege vooroordelen en intimidatie, en minder gamen, missen ze dat opstapje vaker dan mannen. Zonde, want vrouwen hebben aantoonbaar talent voor dit soort beroepen. Daarom roepen de onderzoekers mensen op om vrouwen wat warmer welkom te heten als ze videogames spelen.

Vrouwelijke gamers rukken gelukkig op – gelukkig, want hoe meer vrouwen, hoe groter de kans dat hun deelname vanzelfsprekend en normaal wordt gevonden. In april dit jaar bleek dat vrouwen 70% uitmaken van de groep die spelletjes op hun smartphone speelt. Kijk je naar alle games, ook op consoles en computers, dan is de situatie bijna in evenwicht met circa 45% vrouwelijke gamers in de V.S. Wel blijkt dat mannen over het algemeen meer mogelijkheden hebben om langere periodes achter elkaar te spelen. In Nederland kan bijna driekwart van de mannelijke gamers sessies van meer dan een uur houden. Vrouwen lukt dat in 56% van de gevallen.

In hun studie naar game-prestaties signaleren de onderzoekers een aantal hoopgevende ontwikkelingen die vrouwen vaker een gelijke kans geven. Zo kunnen vrouwen zich steeds vaker aansluiten bij collectieven zoals ‘de PMS Clan‘. Onderzoek wijst uit dat leden van zulke collectieven zich zelfverzekerder voelen en minder kwetsbaar zijn voor hatelijke sneren. Dat komt hun online prestatie ten goede.

Daarnaast introduceren de producenten van online platforms steeds vaker middelen om spelers die zich rottig gedragen, een halt toe te roepen. Riot Games nam bijvoorbeeld The Tribunal op in de speelwereld. Als een speler laakbaar gedrag rapporteert, analyseren andere spelers de klacht en spreken een collectief oordeel uit. Wangedrag kreeg zodoende negatieve gevolgen voor de dader. En, verrassing: online lastig vallen van vrouwen nam daarna zichtbaar af. Niet alleen voor vrouwen, maar voor iedereen leverde dat een prettigere omgeving en meer speelplezier op. Top!

Uniek: Jemisin wint derde Hugo op een rij

Auteur N.K. Jemisin leverde een unieke prestatie. Ze won de Hugo Award voor beste roman voor de derde keer achter elkaar. De Hugo geldt als een van de belangrijkste prijzen voor science fiction en fantasy. Het is nog nooit eerder gebeurd dat iemand deze onderscheiding zo vaak op een rij won. Ook in andere categorieën deden schrijfsters het dit jaar buitengewoon goed: ze wonnen zo’n beetje alle prijzen die er dit jaar te vergeven waren.

Foto: Barnes & Noble

Jemisin sloeg haar unieke drieslag met de Broken Earth cyclus, over een door vulkanisch geweld geteisterde wereld. Bepaalde mensen, de zogenaamde Orogenes, kunnen die aardkracht beheersen. Andere mensen vrezen hen vanwege dit talent, maar hebben hen ook hard nodig om rampen te voorkomen. In die gespannen situatie volgt Jemisin de levens van een moeder en dochter, en hoe zij overleven terwijl de wereld een apocalyptische periode van vulkaanuitbarstingen, aardbevingen en andere ellende doormaakt. De Nederlandse vertalingen komen eraan: eind vorig jaar verwierf Luitingh-Sijthoff de rechten dus je kunt deel 1, Het Vijfde Seizoen, inmiddels in je eigen taal lezen. Hoera!

In haar speech, bij de uitreiking van de Hugo, vertelde Jemisin dat ze bewust koos voor een verhaal over gebroken mensen, levend in een gebroken wereld, die moeten zien te overleven onder grimmige omstandigheden:

This has been a hard year, hasn’t it? A hard few years. A hard century. For some of us, things have always been hard. I wrote the Broken Earth trilogy to speak to that struggle, and what it takes just to live, let alone thrive, in a world that seems determined to break you. A world of people who constantly question your competence, your relevance, your very existence.

Als auteur met een gekleurde huid maakte Jemisin helaas vaak mee dat anderen haar niet wilden laten bloeien. (De racistische houding van Trump maakt het er niet beter op.) Zo was ze bijna geen auteur geworden omdat uitgevers haar debuutroman, Killing Moon, afwezen, vertelde ze in haar speech. De poortwachters van de ”echte” SF en fantasy beoordeelden dit boek in eerste instantie als iets waar zwarte lezers misschien belangstelling voor konden hebben, maar verder niet.

Net als haar hoofdpersonen ging Jemisin door totdat iemand wél open stond voor wat ze te zeggen had. En de rest is geschiedenis, zoals dat dan zo mooi heet. Echt, ik wil het liefst uitroepen ‘zie je wel?, nah nah nahnanaaaaaaaah’. Want ik promoot Jemisin al jaren op dit weblog omdat ik haar geweldig vind schrijven. Ze experimenteert met werelden, speelt met vertelperspectief, en ontwijkt keer op keer stereotiepe verwachtingen door met een onthulling alles wat je dacht onderuit te halen. Zulke gelaagde werken, en dan ook nog eens spannend en emotioneel, het kán. Literatuur hoeft niet droog en saai te zijn. Luitingh-Sijthoff, verwerf aub ook de vertaalrechten voor Killing Moon en deel 2, The Shadowed Sun. En de Inheritance Trilogy, waar een recensent over schreef:

Imagine my surprise then to discover that not only was I immediately pulled into Jemisin’s intensely vibrant world, which is so effortlessly realized, but like an addict following his first taste, I now intend to seek out everything else she’s ever published. And again, I don’t even like fantasy. Or so I thought.

Naast Jemisin wonnen ook andere vrouwen belangrijke prijzen. Martha Wells kreeg een Hugo voor haar novelle All Systems Red, over een sociaal onhandige robot met de betekenisvolle naam Murderbot. Inderdaad. Ga lezen als je meer wil weten 😉 De Hugo voor het beste korte verhaal ging naar Welcome to Your Authentic Indian Experience (TM), van Rebecca Roanhorse, een vertegenwoordiger van de inheemse bevolking van de V.S. maar zeker geen uitzondering. Mijn grote heldin Ursula le Guin won postuum een Hugo voor No Time to Spare, haar allerlaatste bundel essays en artikelen. En zo ging het door, de ene getalenteerde vrouw na de andere die terecht lof en eer voor haar werk kreeg. Kortom, het was een mooie dag bij de Hugo Awards. Doe je voordeel met de lijst van winnaars en genomineerde auteurs m/v/x, en veel leesplezier!

 

Schrijfsters en lezeressen streven naar meer diversiteit in romantische verhalen

Miljoenen lezeressen verslinden romantische verhalen, en het uitgeven van romans in dit genre groeide uit tot een massale industrie. In dit feest van lezen en plezier beginnen zowel lezeressen als auteurs meer diversiteit te eisen. Nu de uitgeverijen nog. Want de diversiteit in de groep auteurs daalt gestaag. Onderzoek toont aan dat van de 3.752 romantische boeken, uitgegeven door de 20 toonaangevende uitgeverijen, slechts 6,2 procent geschreven werd door een auteur met een gekleurde huid.

The Ripped Bodice, een in romantische verhalen gespecialiseerde boekhandel, doet sinds twee jaar onderzoek naar de schrijvers van romantiek. Ze richtten zich op traditionele uitgeverijen. Uit hun analyse blijkt dat het percentage auteurs met een gekleurde huid daalt. In 2016 ging het nog om bijna 8 procent, vorig jaar 6,2.

De harde cijfers bevestigden voor getroffenen en geïnteresseerden een gevoel en een geleefde ervaring – nee ze waren niet gek, ze zagen het goed:

“There was a certain amount of relief from members of the community, including authors, bloggers, and readers who had been saying this was an urgent problem for years,” says Leah Koch, “and now have data to underscore their experiences. But ultimately, the numbers were very disheartening for a lot of people.” “The reaction from publishers was…quiet.” added Leah. “We’d like to see more active responses.”

In Nederland verschijnen veel uit het Engels vertaalde romantische boeken, dus de situatie zal hier niet veel anders zijn. Gezien dit gure klimaat is het extra leuk als mensen laten zien hoe het wél kan. Onlangs presenteerde de Drontense schrijfster Marijke Jansen bijvoorbeeld de bundel Brave New Love, met daarin tien liefdesverhalen waarbij diversiteit centraal staat. Sinds vorig jaar beschikt Nederland ook over de eerste uitgeverij die zich specifiek richt op lesbische romantiek. Het betreft Tinteling FEM, een imprint van Tinteling Romance.

Ook in de V.S. komt de situatie langzamerhand in beweging. Volgens de New York Times beraden Harlequin en Avon, twee grote uitgeverijen, zich op maatregelen om de auteursgroep minder blank te krijgen. Het onderwerp stond onlangs ook hoog op de agenda van een congres van de Romance Writers of America, in Denver. Fans van het genre doen er ondertussen alles aan om boeken aan te bevelen die meer diversiteit bieden, en auteurs als Jeannie Lin en Beverly Jenkins te promoten. Een site als Smart Bitches, Trashy Books neemt diversiteit standaard mee in recensies, en geeft verhalen een lagere score als ze racistische en seksistische elementen bevatten.

Stapje voor stapje komt zo de vooruitgang tot stand. Want gebrek aan diversiteit is een probleem van mensen, en mensen kunnen er iets aan doen. Zo is het onderzoek van Ripped Bodice vol lof over Crimson, onderdeel van uitgeverij Simon & Schuster. Deze imprint slaagde er in 2017 in om maar liefst 29.3% van de gepubliceerde romans te laten schrijven door een auteur met een gekleurde huid. Zie je? Het kan best. Moge veel uitgeverijen dat goede voorbeeld volgen.

Kwart WW1 gedichten kwam van een vrouw

Engelstalige vrouwen schreven een kwart van de gedichten in en over de Eerste Wereldoorlog in Engeland. Wow, dat wist ik niet. Zoals zovelen dacht ik bij Engelse poëzie over die Grote Oorlog automatisch aan mannen zoals Wilfred Owen. Maar zoals de BBC benadrukt, vertegenwoordigden deze mannelijke militairen een minderheid. Ze kwamen niet verder dan 20% van de ‘productie’. Dat hun werk desondanks zo dominant is, komt door de manier waarop de canon tot stand kwam.

Dichteres Charlotte Mew

Canon-vorming komt tot stand op basis van status en macht. Zo ook hier. Militairen, zeker vanuit de hogere rangen zoals officier, stonden zeer hoog in aanzien in het Engeland van rond 1914. Zelfs als ze, zoals Owen, nauwelijks bekend waren als dichter in hun eigen tijd, kregen ze daarna alsnog een podium. De literaire elite hees de militaire mannen op een schild, onder andere door hun gedichten te bundelen en te publiceren. Vrouwen kregen geen plek in die prestigieuze overzichten.

Dus voilà, wie op school gedichten krijgt uit en over de Eerste Wereldoorlog, krijgt Wilfred Owen en collega’s voorgeschoteld. Engelse (maar ook Nederlandse) leerlingen horen of lezen niks van bijvoorbeeld Evelyn Underhill, die in haar gedicht ‘Non-combatants’ stelde: “Never of us be said/We had no war to wage.” Of Charlotte Mew, die net zo goed als Owen de vernietigende effecten van oorlog beschreef.

Langzamerhand beginnen mensen te morrelen aan dat beeld van ‘oorlogspoëzie = mannen zoals Owen’. Website Allpoetry zette een aantal dichteressen op een rijtje, met  links naar hun gedichten. De universiteit van Leicester publiceerde een speciale paper, om aandacht te vestigen op de stem van vrouwen. Volgens de universiteit

We are engaged in a process foreseen in 1918 by Eleanor Farjeon: ”Men will begin to judge the thing that’s past As men will judge it in a hundred years.” The quotation chosen to head this Bookmark may seem to be deliberately provocative, but even the most diligent reader of the poetry of the period would be hard-pressed to find any popular anthology that includes the work of a single female poet and might be tempted therefore to add to the quotation used, ‘or cared what they wrote’.

Tegenwoordig raken mensen zelfs een beetje los van het Westelijk front. De Eerste Wereldoorlog speelde zich op zeer veel fronten af, in allerlei andere landen dan België/Frankrijk/Duitsland. De gedichten die uit de koloniën en andere verder weggelegen fronten komen, beginnen ook aandacht te krijgen.

Het gaat niet snel, dat bijsturen en verbreden van de klassieke canon, maar het gebeurt. Vooruitgang!

Weldenkende mensen pleiten voor diversiteit in computerspelletjes

Vrouwelijke personages in computerspelletjes lijken slechts één verschijningsvorm te hebben: superlank, maar wel sexy en met grote borsten. Aanranding in games is geen probleem of wordt zelfs aangemoedigd. Je zou hopen dat deze situatie anno 2018 verdwenen was, maar nee. Hoogstwaarschijnlijk omdat uit onderzoek blijkt dat de dominante bedrijven die games produceren, het domein zijn van blanke en in mindere mate Aziatische mannen. De urgentie ontbreekt zodoende. Wil je verandering, dan moet dat van buitenaf komen. Van andere bedrijven, en van spelers, waaronder steeds meer vrouwen.

Eerst wat feiten. Een analyse van nieuwe ”grote” games gepresenteerd op vakbeurs E3, wijst uit dat slechts 8% een vrouwelijke hoofdpersoon kent. Dit percentage schommelde in de voorgaande jaren ook al tussen de 7 en 9 procent, oftewel de boel stagneert al tijden. De enige reden daarvoor is angst, gebaseerd op vooroordelen. Een beetje zoals de mythe dat een vrouwelijke hoofdpersoon in een film vergif is voor succes in de bioscoop, grondig onderuit gehaald als je feiten bekijkt – sterker nog, cijfers tonen aan dat films met vrouwen in de hoofdrollen juist meer succes hebben.

Met mannelijke hoofdpersonen hebben bedrijven geen probleem. Een kwart, 24%, van de games draait om een man en geeft de speler geen keuze in sekse. De enige lichte verbetering zit bij de games die de speler laten kiezen of ze een mannelijk of vrouwelijk personage als held/in nemen. In trailers laten grote ontwikkelaars zoals Ubisoft steeds vaker naast de man ook het vrouwelijke personage zien. Dat vergroot de kans dat een speler inderdaad voor de vrouwelijke variant kiest, want de meesten doen dat niet. Bij Mass Effect koos bijvoorbeeld slechts 18% van de spelers voor de vrouwelijke hoofdpersoon.

Waar de dominante bedrijven vrolijk door gaan met blanke mannen voorop stellen, komt diversiteit van buiten- en van onderaf. Zogenaamde indie-bedrijven, kleinere ontwikkelaars die buiten de paar dominante kolossen opereren, kennen meer diversiteit in hun personeelsbestand en maken games die ook veel diverser zijn. Sterker nog, soms zijn de games ronduit activistisch. Zoals Hair Nah, een game waarbij je een zwarte vrouw speelt die moet voorkomen dat wildvreemde mensen aan haar haar zitten:

The web game, created by designer Momo Pixel, went viral in November, and allows users, as a black woman named Aeva, to fend off a swarm of incoming white hands trying to touch her hair. As Pixel told Newsweek in November, “It’s literally happened to every black girl I’ve met….Working on this game was such a breath of fresh air because finally I get to tell you, ‘No, stop touching me,’ before it happens—and in the most fun, chill, hilarious way.”

Een ander, iets ouder voorbeeld, is Decisions that Matter, eveneens gemaakt door een vrouwelijke ontwerper. Deze game gaat in op seksueel geweld en beschikt over een knop waarmee je spelsituaties direct kunt stopzetten als het te dichtbij komt voor een speler.

Ook vrouwen algemeen roeren zich meer en meer om te pleiten voor diversiteit.  Eén van de vrouwen die al jaren aan de weg timmert op dat gebied is Anita Sarkeesian van Feminist Frequency. In haar Youtube video’s analyseert ze haarscherp wat er gebeurt met vrouwen in games en pleit voor meer diversiteit:

Daarnaast hield organisatie Women in Games in juli 2018 een succesvol congres in Italië om zich te beraden op de situatie.

Beeldvorming lijkt triviaal, maar dat is het niet. Wat je keer op keer herhaalt ziet in fictie en fantasie, heeft effect op mensen:

The ultimate takeaway is that the lack of diverse body types isn’t just a wasted artistic opportunity, but an actively dangerous reinforcement of the idea that women become less valuable if they’re larger, older, or simply different from this template.

Dat geldt dubbel voor jongeren die nog verder moeten opgroeien en al doende en ziend leren wat ‘normaal’ is en wat niet – zie dit onderzoek, bijvoorbeeld. Van seksobjecten op het scherm en mannelijke hoofdpersonen dominant in de marketing, is het vervolgens maar een kleine stap om meisjes en vrouwen in de echte wereld vijandig te behandelen. Zo wijst onderzoek uit dat eenderde van de vrouwelijke gamers discriminatie tegenkomt en dat 32% te maken kreeg met seksuele intimidatie.

Als games stelselmatig één bevolkingsgroep voorrang geven en alles inrichten zodat hun fantasie wordt geprikkeld, ga je daar aan wennen. Als een ontwikkelaar vervolgens vrouwen een grotere rol laat spelen, is het gejank niet van de lucht. Zo schoten jongens en mannen massaal in een kramp toen Battlefield V vrouwelijke militairen toonde – geheel accuraat, want vrouwen speelden altijd een rol in veldslagen en oorlogen.

Ontwikkelaar DICE gaf geen krimp en liet dit deel van de fans weten dat de vrouwelijke militairen blijven:

“The Battlefield sandbox has always been about playing the way you want,” he concludes. This sometimes means offering fantastical experiences that are neither realistic nor historically accurate, “like attempting to fit three players on a galloping horse, with flamethrowers,” writes Gabrielson. “With BFV you also get the chance to play as who you want. This is #everyonesbattlefield.”

Dat is een houding waar meer ontwikkelaars een voorbeeld aan kunnen nemen. Natuurlijk gaan mensen met onverdiende privileges protesteren als hun speeltje afgepakt wordt en ze moeten delen met andere mensen. Dat heet volwassen worden en daar moeten deze mensen mee leren dealen. Verandering gaat in kleine stapjes, maar ze komen er. Als we maar blijven duwen, trekken, bekritiseren, belonen en goede voorbeelden geven.

Boeken! En nog meer boeken!

Lezen, heerlijk… In de zomervakantie heeft iedereen hopelijk wat meer tijd om in andere werelden te duiken. En het leukste is dat je daarna boekentips kunt delen met andere lezers. Hieronder de mijne…

Maria Dermoût

Nog Pas Gisteren, Maria Dermoût. Bij een afgeschreven-boeken-verkoop in de bibliotheek trof ik een bundel aan met haar verzamelde werk. Ik had nog nooit van deze Nederlands-Indische schrijfster gehoord. Dat zegt vooral iets over mijzelf en mijn ouwe docent Nederlands, die alleen de selecte club universelen interessant vond en verschrikt opkeek toen ik een boek van Helen Knopper op mijn leeslijst zette – hij had nog nooit van haar gehoord, terwijl ze ook destijds al verschillende werken had geschreven.

Ook Dermoût hoorde duidelijk niet bij het standaard curriculum, wat een gemis in mijn opvoeding was. Want ik heb nog een aantal verhalen en romans te gaan, maar de novelle Nog Pas Gisteren smaakte al zeker naar meer. In krap negentig pagina’s schetst Dermoût door de ogen van een jong meisje een beklemmende koloniale wereld, die op instorten staat. Dermoût maakt optimaal gebruik van het verschil in kennis, ervaring en inzicht tussen het jonge meisje en jij, de volwassen lezer.

Het meisje gist naar het waarom van de houding van familieleden ten opzichte van elkaar. Als lezer moet je ook een beetje gissen, maar kun je een heel eind komen – verboden relaties, overspel, huwelijken die net als de bredere situatie op instorten staan. De hoofdpersoon snapt niet precies waarom vertrouwde inheemse mensen opeens kil doen en vertrekken. Als lezer snap je het wel: de politieke situatie verandert en mensen zijn het zat om voor blanke plantagehouders te werken.

Bij Nog Pas Gisteren had ik dezelfde leeservaring als bij Een Dwaze Maagd van Ida Simons: het verhaal besluipt je van achteren. Het begint klein en onschuldig. Je denkt tralalala, valt wel mee. Om vervolgens in de laatste pagina’s WHAM een emotionele uppercut te krijgen van heb ik jou daar.

In Trainwreck analyseert feministe en journaliste Sady Doyle het fenomeen van de Gevallen Vrouwelijke Beroemdheid. Zij ziet in de tragedies rondom Marilyn Monroe, Britney Spears en Amy Winehouse de manier waarop de samenleving vrouwen afstraft als ze het wagen de openbaarheid op te zoeken. Magazine The Atlantic publiceerde een lovende bespreking van dit boek en put hoop uit het feit dat de gang van zaken rond huidige beroemdheden wijzen op een verandering ten goede:

the female celebrities who are ascendant today are dominant precisely because they have studiously avoided, for the most part, the Spearsian style of public downfall. Beyoncé, Taylor, Rihanna, Angelina, Shonda—these women are, for the most part, deeply in control of their own stories and images. […] …they serve less as icons of fallen femininity than of what may well be the new regime: one in which women set their own agendas.

Ingetogen en mooi: The sister : a novel based on the life of Alice James van Lynne Alexander. Kun je een mooi boek schrijven over een 19e-eeuwse vrouw die, vanwege pijnlijke zware menstruaties en andere aandoeningen het grootste deel van de tijd op bed ligt? Ja, bewijst Alexander. Ze kruipt helemaal in de fictieve denkwereld van de echt bestaande Alice en geeft zo een inkijkje in het bestaan van iemand die niet bekend werd, zoals haar schrijvende broers, maar die een zeer rijk innerlijk leven leidde en zich staande hield, ondanks al dat op bed moeten liggen. Lastig te beschrijven boek, lees het 😉

De Ancillary trilogie, van Ann Leckie… Mooie, spannende boeken, waar ik eerder al aandacht aan besteedde. Tijdschrift Vileine noemt ze een instant classic en gelijk hebben ze.

En de winnaars van het beste Groninger boek 2018 zijn… twee winnaressen, te weten Nhung Dam en Karin Sitalsing! Dam is theatermaakster en deed onlangs nog met een productie mee aan Oerol. In Duizend Vaders, haar literaire debuut, schrijft ze hoe een 11-jarig vluchtelingenkind zich probeert te handhaven in een nieuw land, Groningen. Sitalsing ging in haar non-fictieboek Boeroes op zoek naar de levens van de ‘gewone’ blanke Surinamers. Geen rijke plantagehouders, maar arme sappelaars die in de negentiende eeuw naar Suriname reisden in de hoop op een beter leven – en dat meestal niet vonden.

Tot slot een inspirerend idee. Anne stond voor haar boekenkast en telde, onder andere geïnspireerd door de Lezeres des Vaderlands, het aantal vrouwen, mannen en nationaliteiten dat op de planken stond. Dat bleek bedroevend weinig. Haar collectie was 78% man en 95% blank. Dus besloot ze op wereldreis te gaan:

Ik zal dwars door Afrika trekken, kriskras door Azië en eilandhoppend door Oceanië. Niets bijzonders, zou je denken, behalve dan dat mijn vervoermiddel geen vliegtuig maar papier zal zijn en mijn gids geen Lonely Planet maar een schrijver uit elk land ter wereld. Ik ga op reis door de wereldliteratuur.

Per land zoekt ze mooie romans uit – zie hier de lijst tot nu toe. Daarbij werd al snel duidelijk dat een Nederlandse lezer die meer wil dan standaard, er soms bekaaid vanaf komt. Zo verscheen haar keuze voor het Afrikaanse land Gabon, een roman geschreven door Angèle Rawiri, alleen in het Frans en in een Engelse vertaling. Fijn dus dat ze een weblog bijhoudt over haar literaire avontuur, dan weten we in ieder geval van het bestaan van een titel en kun je daarna makkelijker zelf iets zoeken en vinden.

Ophef boekenweek is teken van vooruitgang

De moeder, de vrouw. Dit thema van de boekenweek 2019 leidde, tot verbazing van organisator CPNB, tot ophef. Ik vind die ophef een teken van vooruitgang. Twintig jaar geleden zouden de meeste mensen niet met hun ogen geknipperd hebben en een instantie klakkeloos z’n gang hebben laten gaan. Nu niet. Het wemelt op twitter van de protesten, 300 auteurs en uitgeverijen publiceerden een protestbrief in NRC Handelsblad en De Morgen, en boekhandel Savannah Bay gaat een eigen boekenweekthema bedenken. Met een door vrouwen geschreven boekenweekessay – en geschenk.

Bij alle reacties die tot nu toe verschijnen licht ik graag een paar thema’s uit. Allereerst de veelbetekenende reactie van de stichting Collectieve Propaganda voor het Nederlandse Boek. De CPNB liet in een interview weten dat ze de ophef niet aan zagen komen en waarschijnlijk de verwoording van het thema onderschat hebben:

We wilden de veelkantigheid van het moederschap laten zien. ‘De moeder de vrouw’ uit het gedicht van Nijhoff vonden we een mooie literaire verwijzing. We dachten dat het duidelijk zou zijn. Maar allerlei discussies zijn door elkaar heen gaan lopen.’

De CPNB maakt hiermee pijnlijk duidelijk dat ze totaal gemist hebben welke lading deze termen hebben. Eeuwenlang was ‘de’ vrouw een groot probleem. Mannen schreven boeken vol over haar inferieure aard, losse zeden, hysterische emoties en leugenachtige sluwheid. Binnen die staat van zonde en slechtheid was het moederschap, naast non worden, de enige geaccepteerde positie van de vrouw. Allerlei geleerde mannen en kerkvaders schreven voor hoe belangrijk het was dat vrouwen trouwden en kinderen kregen en hoe ze vervolgens moesten zijn. Deze belerende teksten stonden bol van woorden als dienen, verzorgen, gehoorzamen, zwijgen, de man volgen, al dan niet religieus bekrachtigd met Bijbelteksten.

Tot op de dag van vandaag benutten mannen met macht hun podium nog steeds om uit te leggen waarom ze vrouwen minderwaardig vinden. En gebruikt een bepaalde groep mensen ‘moeder de vrouw’ nog steeds om te verwijzen naar de vrouw die zichzelf helemaal wegcijfert om voor zijn kinderen en voor hem te zorgen. ‘Moeder de vrouw’ heeft geen eigen naam, haar taak en functie zijn belangrijk, niet zijzelf als persoon, zoals deze cartoon treffend parodieert:

Hoe seksistisch dit de vrouw de moeder/moeder de vrouw is, weet je meteen als je andere varianten probeert. Je hoort nooit ‘vader de man’ of ‘dochter het meisje’, signaleert Paulien Cornelisse. Inderdaad, en daarom ben ik rond dit boekenweekthema zo blij met de protesten. ‘De moeder’, ‘de vrouw’ zijn terecht zeer problematische begrippen geworden, en vrouwen eisen het recht op om hier zelf iets over te zeggen te krijgen. Dat het CPNB de ophef niet aan zag komen zegt alles over het CPNB. Nederlandse vrouwen en veel mannen zijn inmiddels een stapje verder.

Andere tegenreacties over de ophef spreken ook boekdelen. Özcan Akyol benutte zijn podium als columnist van het AD om vrouwen die aanstoot nemen tegen het boekenweekthema, te betichten van hysterie. Dit woord duikt regelmatig op als vrouwen in verzet komen tegen onrecht. Ze hebben geen terechte aanklacht, nee, ze zijn hysterisch. Het is naast ‘hoer’ hét etiket om vrouwen te diskwalificeren en terug in hun hok te meppen.

Akyol haalt nog een ander seksistisch geintje uit in zijn opiniestuk. Hij verklaart vrouwen zo sterk, nobel en ”veel subtieler dan mannen”, dat ze dit soort protesten helemaal niet nodig zouden hebben. Ook dit type argument kent een lange geschiedenis. Opleidingen, hadden vrouwen niet nodig. Stemrecht ook niet, want de vrouw had al genoeg invloed als moeder en echtgenote. Politiek was zo’n smerig bedrijf, daar moesten edele vrouwen met hun tere aard helemaal niks van willen weten, ze waren zo goed en hoogstaand dat ze dat maar beter konden overlaten aan mannen. Opnieuw, brrrrrrr.

Tot slot de ja-maar types die de protesten verdraaien. Mogen mannen dan niet schrijven over vrouwen en moeders? Boehoehoehoe, identiteitspolitiek, de creativiteit gaat ten onder aan politiek correct geleuter. Dit is een favoriet argument van conservatieven om alle pogingen af te slaan om meer diversiteit te bereiken. Daarbij vergeten ze gemakshalve dat zijzelf ook aan identiteitspolitiek doen: de identiteit van de blanke man die kan terugvallen op zijn machtspositie als de neutrale standaard, de objectieve brenger van universele waarheden – terwijl alles aan elkaar hangt van subjectiviteit, blinde vlekken, de angst om privileges en macht te verliezen, enzovoorts. Zeg maar de profiteur van het informele mannenquotum aan de top van het bedrijfsleven of de politiek, die tegen een vrouwenquotum is want ‘we moeten alleen voor kwaliteit gaan’. Zoals Mark Rutte.

De CPNB heeft inmiddels in een verklaring laten weten te willen kijken hoe ze een positieve wending kunnen geven aan het thema van de boekenweek. De stichting gaat graag in gesprek met de ondertekenaars van de protestbrief. Misschien lukt het om tot ”creatieve oplossingen” te komen, hoopt de CPNB. Nog beter lijkt mij: beter voeling houden met de maatschappij, zich bewust worden van seksisme, en vanaf nu boekenweekgeschenken – en essays jaarlijks 50-50 door mannelijke en vrouwelijke auteurs laten schrijven.

De dominantie van de dikke historische mannenboeken

Wil je weten hoe een door mannen gedomineerde canon tot stand komt? Dan kun je dat nú zien – het mechanisme is in werking gezet- rond historische romans. Het vuistdikke Reconquista van Miquel Bulnes. Musch, het vuistdikke eerste deel van een trilogie over het leven van Johan de Wit. Tafels in boekhandels bezwijken bijna onder het gewicht van deze Serieuze Historische Romans. Ik kan me niet herinneren dat de nieuwste Simone van der Vlugt  ooit zo breed gepromoot werd. Haar romans verschijnen, maar als Bulnes en co kloeke historische romans met mannelijke hoofdpersonen publiceren is dat een Evenement met hoofdletter E.

Het lijkt er sterk op dat mannelijke auteurs profiteren van een sociale en geschiedkundige context: mannen zijn de serieuze historici en leveranciers van Echte Boeken.

Geschiedenis als vak: Zowel wetenschapster Maria Greve als, jaren later, Suze Zijlstra, constateren dat mensen een duidelijke beeldvorming hebben over wie er over de geschiedenis gaan. Zeg ‘geschiedkundige’ of ‘historicus’ en de meeste mensen denken automatisch aan mannen, onderzochten zij. Mannen organiseerden zich in historische genootschappen en verkregen leerstoelen aan de universiteiten. ”Bronnenonderzoek in archieven en bibliotheken werd beschouwd als een heroïsche zoektocht van vastberaden mannen naar ware historische kennis”, schrijft Greve.

Echte Romans: Corina Koolen deed onderzoek en constateert dat literaire kwaliteit nauw verbonden is met mannen. Vrouwen schrijven net als mannen, maar lezers, uitgeverijen en recensenten willen dat niet zien. In hun beleving missen vrouwen steevast de X-factor die de mannelijke auteur wél heeft. Vrouwen schrijven misschien wel leuk, of zijn populair, of verkopen goed, maar literatuur… meh. Vervolgens krijgen mannelijke auteurs met hun Literaire Roman de literaire eer. En de prijzen. En het geld.

Binnen deze tweedeling tussen universele romans van mannen en genderspecifieke romannetjes van vrouwen, hebben mensen m/v ook duidelijke ideeën over wie over welk soort onderwerp mogen schrijven. Greve:

Slechts enkele uitzonderlijke vrouwen zouden in de ogen van de critici beschikken over voldoende kennis om zich in staatkundige en historische verschijnselen te kunnen verdiepen. In het algemeen diende de vrouw niet over economie, politiek of geschiedenis maar over ‘kalmer tooneelen’ te schrijven.

Dat gold voor de negentiende eeuw, maar deze mentaliteit leeft voort, ontdekte Koolen.

Misschien niet zo vreemd dat mannelijke auteurs direct en indirect baat hebben bij deze mannelijke geschiedenis en erkenning van literaire kwaliteit bij mannen. Zij passen naadloos in het onbewuste beeld van het soort mensen dat zich met geschiedenis en literatuur bezig houdt. Ze komen terecht in een gespreid bedje. Bulnes’ roman Reconquista, over de strijd tussen zuidelijke Mohammedanen en noordelijke Christenen in het middeleeuwse Spanje, werd volgens zijn uitgever groots besproken. Zijn voorganger, Het bloed in onze aderen, belandde in 2012 op de shortlist van de Libris Literatuurprijs. Op dit moment lopen de media ook warm voor Jean-Marc van Tol met zijn historische roman over Johan de Wit. ”Je reinste Game of Thrones”, hijgt Vrij Nederland.

Ik denk dat het ook te maken heeft met marketing. Neem de omslag van Musch: een kloek, ”mannelijk” ontwerp in donkere kleuren, met grote strakke letters en een koninklijke vogel. Alles zegt ‘serieuze roman, Kwaliteit’:

Vergelijk dat met de gemiddelde kaft van een historische roman van een schrijfster zoals Simone van der Vlugt:

Lichte kleuren, roze, bloemetjes, een bevallige vrouwenhand, alles roept ‘vrouwelijk’. Misschien zelfs wel ‘chicklit’ – een frivool genre met boeken die geen man wil lezen. Nergens zegt een recensent zoiets als ‘net Game of Thrones’. Terwijl omschrijvingen daar wel aanleiding toe kunnen geven. Zoals deze omschrijving bij de roman ‘De Dochter van de Zeemeermin’ van Lydia Rood: ”1403, de Middeleeuwen: een tijd van oorlog, bijgeloof en van strijd om de troon”.

Ik gun Bulnes en Van der Tol alle aandacht van harte hoor. Hun boeken zijn vast goed en leuk om te lezen. En de historische roman is een prachtig genre. Maar het valt mij op dat de media en de boekhandels de Bulnes en Van der Tol heren wel érg op het schild hijsen. Zij krijgen alle ruimte van literaire bijlagen die, zoals de Lezeres des Vaderlands en anderen onderzochten, het werk van vrouwen negeren of alleen in kleine signalementen behandelen, terwijl mannelijke auteurs de belangrijke lange reportages krijgen. Dit terwijl het letterlijk wemelt van schrijfsters die in hetzelfde genre werken. Zie bijvoorbeeld deze lijst van Hebban.

Kortom, het is geen gelijk speelveld. En dat is erg vervelend, want als diezelfde door mannen gedomineerde recensentengroep en literaire experts-kliek de Canon van de Historische Roman opstelt, in de context van de man als de echte historicus en de man als de echte auteur, zul je zien dat mannelijke auteurs daarin domineren. We zijn er zelf bij – het mechanisme speelt zich op dit moment voor je eigen ogen af. Het is nu gaande. Wilde ik even signaleren….

Klassieker Joanna Russ krijgt nieuwe uitgave

Leve de universiteit van Texas! Die verzorgde een gedegen nieuwe uitgave van de klassieker ‘How to Suppress Women’s Writing” van Joanna Russ, met een voorwoord van Jessa Crispin. (In Nederland verscheen haar boek onder de veel mildere titel Andere Levens, Andere Letteren). Dit is geweldig nieuws, want wat Russ schreef over uitsluitingsmechanismen bij schrijfsters geldt net zo goed voor de situatie rond kunstenaressen, onderneemsters, wetenschapsters, opiniemaaksters enzovoorts. En is nog steeds akelig actueel.

Bron: Financieel Dagblad

Russ wijst er in haar boek op dat culturen echt wel veranderen en beschaafder kunnen worden. Zo hebben we sinds een paar decennia nauwelijks wetgeving die vrouwen expliciet en gericht uitsluit van bepaalde beroepen of bezigheden. Vrouwen blijven sinds de jaren vijftig handelingsbekwaam na hun huwelijk. Bijna niemand doet in het openbaar nog botte uitspraken dat vrouwen iets niet zouden kunnen, niet zouden mogen of niks voorstellen. Doet iemand dat wel, dan volgt (terecht) felle kritiek.

Je zou oppervlakkig gezien kunnen denken dat alles ok is. In de praktijk, stelt Russ, wéten we als samenleving echter heel goed wie iets mag zijn of doen, en wie niet. Zo zijn historici witte mannen, onderzocht Suze Zijlstra. Serieuze auteurs vinden we witte mannen, onderzocht Corina Koolen. Ondernemers vinden we witte mannen, analyseerde het Financieel Dagblad.

Vanuit dat wereldbeeld zijn vrouwen vreemde eenden in de bijt. Ze horen er niet bij. Duiken ze toch op, dan ontstaat er een probleem waar je zo snel mogelijk vanaf wilt. Russ zette voor de literaire wereld op een rijtje wat de acties zijn om het Serieuze Schrijverschap te behouden voor leden uit de correcte groep, namelijk witte mannen. Heel in het kort: ontkennen, belachelijk maken of afbreken, bijvoorbeeld door te zeggen dat ze inferieur werk aflevert, dat ze een waardeloos onderwerp uitkoos, dat ze slechts een eenzame uitzondering is, zich op de verkeerde genres richt, enzovoorts.

Lukt het om vrouwen af te schrikken of, als ze toch schrijven, in het hokje broddelaarsters te houden, dan heb je meteen een extra stok om vrouwen mee weg te slaan. Kijk, vrouwen mogen en kunnen alles maar doen het niet. Of ze doen het wel maar komen niet verder dan truttige romannetjes. Ze kunnen het blijkbaar niet. Ze spannen zich niet genoeg in. Zie je wel, mánnen zijn de serieuze auteurs.

Die manier van kijken en denken heeft voor vrouwen verstrekkende negatieve gevolgen. Anno 2018 ontdekte Corina Koolen dat lezers, recensenten en uitgevers nog steeds niet goed kunnen kijken naar het werk van schrijfsters. Mensen plakken allerlei seksistische etiketten op romans van schrijfsters en weigeren hun werk te erkennen als literatuur. Wat Russ kwalitatief analyseerde, trof Koolen even genadeloos hard aan in haar kwantitatieve onderzoek.

Wat schrijfsters overkomt, overkomt ook andere vrouwen die opduiken op plaatsen waar ze niet horen. Zo vinden we het in Nederland volstrekt normaal als er alleen blanke mannen aan tafel zitten bij talkshows op de televisie. Als er plotseling louter vrouwen aan tafel dreigen te komen, in het programma Buitenhof in dit geval, worden mensen zenuwachtig. Dus zegt de redactie één van de vrouwen af en laat voor haar in de plaats een man komen. Zo ver gaat onze cultuur om het plaatje weer een beetje te laten kloppen.

Vrouwen lopen niet alleen tv optredens mis, ze lopen vanuit het “mannen behoren X te doen” wereldbeeld ook geld en middelen mis om hun ambities te verwezenlijken. Vervolgens kan iedereen hoofdschuddend zeggen “tsja, ze kunnen en willen niet, vrouwen blijven liever bij hun gezin”.

Het Financieel Dagblad schonk bijvoorbeeld onlangs aandacht aan een fascinerend onderzoek naar het taalgebruik van investeerders. Mannen en vrouwen met macht (en geld) spraken met jonge ondernemers die kapitaal wilden werven om hun onderneming te starten of verder uit te bouwen. Na de analyse van talloze gesprekken bleek dat de investeerders bij ‘ondernemer’ aan mannen denken. Vrouwen zijn de vreemde eend, het klopt niet dat zij daar zitten als ondernemer. Daarna hijsen ze mannen in het zadel en wijzen vrouwen af:

De capaciteiten van vrouwelijke ondernemers werden stelselmatig omlaag gepraat, die van mannen omhoog. Mannelijke eigenschappen werden geassocieerd met ondernemerschap, vrouwelijke juist niet. Zelfs als het over dezelfde eigenschappen ging. Alsof – zo schrijven de onderzoekers – het imago van de vrouw ‘strijdig is met de persoonlijkheid van de entrepreneur’. Bijvoorbeeld: ‘Zoals alle vrouwen is ze voorzichtig. Ze durft niet.’ Over een man daarentegen: ‘Hij is voorzichtig, en dat is goed. Hij neemt weloverwogen beslissingen.’ Leeftijd en ervaring werden ook verschillend uitgelegd. Bij een vrouw negatief: ‘Ze is jong en heeft waarschijnlijk geen ervaring in het leiden van een business.’ Bij een man is dat iets positiefs: ‘Hij is een jonge kerel en heeft nog een veelbelovende toekomst voor zich liggen.’

De omgeving moet wakker worden, vooroordelen bijsturen en vrouwen eerlijker beoordelen. Dan pas verandert er écht iets en maakt een vrouwelijke canon of traditie een kans. Joanna Russ constateerde dat in How to Suppress Women’s Writing, en in Nederland kun je haar gelijk dagelijks ervaren door het nieuws te volgen en bijvoorbeeld dat onderzoek van Koolen te lezen.

Daarom top dat haar boek opnieuw breed verkrijgbaar is. Lees haar analyse, ken de argumenten om vrouwen buitenspel te zetten, en wees er alert op als je die mechanismen vervolgens tegen komt op kantoor, aan de talkshow-tafel, op je literaire platform enzovoorts. Want vrouwen zetten door en er is hoop op verbetering:

For hundreds of years, despite those odds against them, the “wrong” writers still manage to write. Likely it won’t be remembered long enough or taken seriously enough, but to read this book is to admire this buried tradition, and realize how much there is to be discovered — and how there’s no time like the present to look at the marginalized writers you might be missing. “Only on the margins does growth occur,” Russ promises, like the guide in a story telling you how to defeat the dragon. Get angry; then get a reading list.

Mooie artikelen van Literary Hub

Als feministe en lezeres geniet ik iedere keer opnieuw van het aanbod van Literary Hub. Deze site publiceert recensies en artikelen over literatuur, het boekenvak, schrijven en verhalen vertellen in de breedste zin van het woord. Daarbij komen allerlei thema’s aan bod, maar wat ik zo fijn vind is dat de site regelmatig aandacht besteedt aan gender, feminisme en de situatie van vrouwen. Graag link ik volgers van dit weblog door naar deze site en naar een aantal artikelen die mijn aandacht trokken. Hopelijk lees jij ze ook met evenveel plezier!

  • Feministe en auteur Rebecca Solnit levert regelmatig een bijdrage aan Literary Hub. Zij benadrukt onder andere dat wiens verhalen we vertellen, wiens perspectief centraal staat, een intens politieke kwestie is. Het zegt iets over machtsverhoudingen, over wat we als cultuur belangrijk vinden, wiens land het is en wie te gast is en zich aan moet passen aan de dominante groep. Daarnaast schreef ze de afgelopen tijd een paar belangrijke analyses over geweld tegen vrouwen, de toegeeflijke houding ten opzichte van agressieve mannen en #metoo.
  • Literary Hub doet erg haar best om blank westerse bubbels te vermijden of, als je daar toch in belandt, er weer zo snel mogelijk uit te stappen. Het aanbod is breed: Pakistaanse vrouwen op de arbeidsmarkt, het haar en de kapsels van zwarte vrouwen, of de polemische sluier, en vooral de politieke en sociale betekenis van zulke haar- en kledingdrachten, Cleopatra en hedendaagse vrouwelijke leiders, het werk van Audre Lorde en Clara Hale, de positie van ”buitenlandse schrijfsters” op de engelstalige markt (hint: hun werk wordt veel minder vertaald in het Engels dan dat van hun mannelijke collega’s), enzovoorts. Lees ook dit stuk van Rumaan Alam over haar schrijverschap.
  • Fiona Alison Duncan publiceerde een mooi artikel over het werk van onze eigen Nederlandse Etty Hillesum. Haar dagboeken zijn vertaald in het Engels, maar in tegenstelling tot de dagboeken van Anne Frank is haar werk niet heel bekend buiten een selecte kring van deskundigen en studenten: ”“I am accomplished in bed,” she writes. This is why, it’s been suggested, Etty Hillesum’s diaries aren’t, like those of her younger neighbor, part of the Holocaust canon.”
  • Linnea Hartsuyker gaat in op de orale verhalen en klassieke literatuur van de Vikingen. En hoe die verhalen en sages doorwerken in het leven van de mensen van nu, afstammelinge van die cultuur. De erfenis bestaat onder andere uit conflicterende emoties en ideeën rond vrouwelijkheid.
  • Dankzij Literary Hub hoorde ik voor het eerst van Moderata Fonte, een vrouw uit Venetië die in 1592 een feministische klassieker publiceerde. In De verdiensten van de vrouw gebruikt ze de literaire vorm van de dialoog om de positie van vrouwen in haar maatschappij te behandelen. Daarbij lanceert ze het nog steeds revolutionaire idee dat mannen en vrouwen gelijkwaardig zijn, maar dat mannen zo opgaan in de overtuiging dat zij superieur aan vrouwen zijn, dat ze dit fundamentele beginsel vergeten en onrecht begaan. Fontana hoort thuis in het rijtje van mensen zoals Christine de Pizan (1405/1410) en Mary Wollstonecraft’s Vindication of the Rights of Women (1792).
  • Literary Hub linkt je ook graag door naar vijf andere schrijfsters die feministische heldinnen zouden moeten zijn. Of tien fantasievolle feministische romans die creatief verzet kunnen bevorderen. Of, als dat verzet mislukt, dertig dystopische romans, geschreven door vrouwen of met vrouwen in de hoofdrol (op één na).
  • Lucinda Rosenfeld schreef een mooie analyse van het genre Chicklit. Ze noemt het ‘het genre dat beter verdiende‘. En speculeert dat het genre doorontwikkelt in iets nieuws: ”Instead of women searching for sex and love with the opposite sex, perhaps the genre might revolve around women simply trying to survive the opposite sex. Settings in a dystopian near future would be optional.
  • Hoe is het om als vrouw Oud-Griekse klassiekers te lezen en te studeren? Madeleine Miller kwam erachter dat ze dat alleen kon doen door zichzelf heel bewust af te sluiten voor de talloze keren dat deze literatuur haar confronteert met vrouwenhaat en seksisme. In het bijzonder de behandeling van de tovenares Circe in de Odyssee trof haar onaangenaam. Ze is machtig en slim, maar Odysseus hoeft alleen maar een zwaard te trekken en ze knielt huilend voor hem neer? Het leidde ertoe dat ze zelf, in een roman, een alternatief biedt: ”It took me 25 years from that first frustration to work out a reply, which turned into my second novel, Circe. In it, I got to write my own version of that scene, from Circe’s perspective. She still yields to Odysseus’s trick, that is a piece of the plot. But she does not kneel.”
  • Daniel Pryce dacht dat hij een hele goede science fiction roman had geschreven, met veel aandacht voor de vrouwelijke personages. Veel lezers stuurden inderdaad positieve reacties. Maar een vocale minderheid wees hem op seksistische elementen, en uiteindelijk moest de schrijver toegeven dat hij een paar dingen over het hoofd had gezien: ”The mistakes I’d made weren’t huge, but they weren’t new either. Most female readers have already seen them a thousand times before in a thousand other books. And therein lies the anger.” Hij nam de kritiek serieus en werd er een betere schrijver door. Eind goed, al goed.

Uiteraard hebben we ook in het Nederlandstalige gebied goede literaire websites. Zoals Tzum, één van de weinige sites die probeert schrijfsters en vrouwelijke recensenten evenredig aan bod te laten komen. Neem ook eens een kijkje bij Hebban.nl en hun overzicht van beste boekenbloggers van 2017, of hun analyse van de net uitgekomen Vrij Nederland detective- en thrillergids. Veel leesplezier!

Star Wars heeft het moeilijk met vrouwen

Nu Solo in de bioscopen draait leek het me mooi wat zaken op een rij te zetten rond vrouwen en vrouwelijke personages rond StarWars. De franchise is op de goede weg en geeft vrouwelijke personages steeds meer ruimte. Maar achter de schermen blijft het een drama. Zo heeft Maureen Ryan onderzocht dat de films de afgelopen 41 jaar voor 96% uit de koker van mannen komen. Ze domineren zo de populaire cultuur en de verbeelding rond StarWars.

Eerst het goede nieuws: per film geeft Star Wars vrouwelijke personages meer ruimte. Rebecca Harisson van de universiteit van Glasgow nam alle vrouwelijke personages mee die spreektijd in het scenario krijgen. Daaronder niet alleen menselijke figuren, maar ook als vrouwelijk voorgestelde robots en buitenaardse wezens. Als je alles bij elkaar neemt komen vrouwelijke personages in de allereerste film, A New Hope uit 1977, niet verder dan 15% van de beschikbare ruimte. The Last Jedi kwam vorig jaar uit op 43%. Het totale overzicht:

43% Last Jedi
37% Force Awakens
35% Rogue One
23% Return of the Jedi
22% Empire Strikes Back
20% Phantom Menace
18% Attack of the Clones
17% Revenge of the Sith
15% A New Hope

Zojuist kwam Han Solo, A Star Wars Story uit. Voor zover ik kon achterhalen heeft nog niemand het percentage speeltijd voor vrouwelijke personages berekend. Ik gok een kwart. Dat is best aardig en komt onder andere doordat de film drie vrouwelijke personages telt, en een belangrijke vrouwelijke rebel in een bijrolletje.

Verschillende feministische critici signaleren echter dat het scenario van Solo zich geen raad lijkt te weten met hen. De allereerste vrouwelijke Android die de franchise biedt begint fantastisch, maar eindigt in een nachtmerrie die alles waar ze voor staat ondermijnt en nietig verklaart. Twee van de drie belangrijkste vrouwelijke personages sneuvelen bovendien verdacht snel, en het lijkt er ook verdacht veel op dat dit voornamelijk gebeurt om de mannelijke personages meer ruimte en emotionele diepgang te geven:

By the end of Solo, all of its female characters remain trapped in the systems that define them, shackled by the constraints of technology or some shadowy control or plot dictates about their deaths adding to male characters’ pain.

Dat laatste heet fridging en onder andere ikzelf haat dat. Het reduceert vrouwelijke personages tot een soort kanonnenvoer, terwijl het wel en wee van de mannelijke personages centraal blijft staan.

Net als de criticus van website Hello Giggles vind ik het lastig dit soort uitglijders los te zien van een mannelijke dominantie achter de schermen. Die is enorm. Ryan analyseerde de 17 films die in de loop van 41 jaar in de bioscopen draaiden. Ze bekeek welke mensen op creatief gebied de leiding hadden. Denk aan scenarioschrijvers en de regisseurs. Van de 24 werknemers die dat soort inhoudelijke sleutelposities bekleedden, waren 23 van het mannelijke geslacht. Dat betekent dat mannen 96% van de macht hadden en hebben. Mannen besloten Leia in een slavinnenkostuum te hijsen. Mannen zadelden Nathalie Portman op met een draak van een rol en een roemloos einde, stervend om niks in het kraambed. Enz, enz.

Als meer vrouwen creatieve eindverantwoordelijkheid hadden gehad, zou er wellicht meer discussie zijn ontstaan en hadden scenarioschrijvers en regisseurs dit soort seksisme kunnen afzwakken of voorkomen. Neem Padme. Goh, dus het Star Wars universum kan allerlei technologische hoogstandjes herbergen, maar een echo of een bezoekje aan een verloskundige was niet mogelijk? En daarna sterf je omdat de wil tot leven je verlaten heeft? Wie verzint zoiets? Dat soort dingen.

Het ziet er niet naar uit dat het monopolie van blanke mannen snel verdwijnt. Er staan drie nieuwe StarWars films op de rol, en producent Disney geeft de baan van schrijver en regisseur aan… jawel…. twee blanke mannen, David Benioff en D.B. Weiss. Dat betekent dat de gehele groep creatieve poortwachters blank blijft, en circa 98 procent mannelijk. Vrouwen en mensen met een gekleurde huid m/v komen er niet aan te pas. Dit in een tijd waarin vrouwen en mensen met een gekleurde huid allang lieten zien dat ze grote blockbusters aan kunnen. Denk aan Wonder Woman regisseur Pat Jenkins. Of Ava DuVernay, die Selma regisseerde, en A Wrinkle in Time.

Samengevat: ja er is vooruitgang, ja vrouwen krijgen meer te doen in Star Wars films, maar dat laat onverlet dat mannen deze culturele Juggernaut vormgeven en te vaak blind blijven voor seksisme en marginalisering van vrouwelijke personages. Werk aan de winkel. Disney, laat die blanke mannen eens zitten en geef talent uit andere groepen een kans!

Verbeter je vak in een uurtje per week

Een uurtje per week. Dat is alles wat er voor nodig is om je vak sterk te verbeteren, ontdekte journalist Ed Young van magazine The Atlantic. Hij merkte dat hij in zijn artikelen over ontwikkelingen in de wetenschap vooral mannen aan het woord liet komen. Met een uurtje per week extra kwam hij echter zonder veel problemen op een 50-50 man/vrouw verhouding.

Met een groter aandeel vrouwen boorde hij niet alleen nieuwe bronnen aan. Deze vrouwen boden ook nieuwe inzichten, andere invalshoeken, andere uitgangspunten. Kortom ze verrijkten zijn stukken en gaven de lezer meer diversiteit en meer kennis.

Achteraf constateert Young zelf ook met enige verbazing hoe makkelijk het was om de uitoefening van zijn beroep te verbeteren. Het enige wat hij deed was beter opletten, en vaardigheden inzetten die hij toch al had. Zo vroeg hij mensen die hij interviewde gericht naar vrouwen die ook iets over het onderwerp konden zeggen – een gangbare journalistieke methode. Daarnaast belde hij een paar minuten langer rond op zoek naar bronnen. Zo kreeg hij meer vrouwen aan de telefoon dan wanneer hij snel snel zijn geijkte contactpersonen raadpleegde en gedachteloos zijn verhaal begon te tikken.

Een andere man, Jesse Davis, schreef een programma om diversiteit binnen zijn Twittergedrag onder de loep te nemen. Uit zijn eigen analyse bleek dat hij in een mannenreservaat opereerde. Zelf volgde hij vooral mannen (72%) en ook zijn volgers bleken merendeels man (83%). Als man versterkte hij vooral de standpunten van mannen, door hun tweets breder zichtbaar te maken en/of hun uitspraken te retweeten.

Davis is niet de enige die in een Twitter-mannenbubbel zit, en dat heeft grote gevolgen. Zo bleek tijdens de afgelopen Engelse verkiezingen dat mensen de opinies van mannelijke journalisten bijna vijf keer vaker retweetten dan opinies van vrouwelijke journalisten (gecorrigeerd voor allerlei factoren). De mannen kregen zodoende een veel groter podium met de bijbehorende invloed en autoriteit. Zodoende kregen ze ook meer macht in het publieke debat – ze domineerden de discussies.

Als je deze blinde vlek eenmaal in beeld hebt, kun je de onbalans makkelijk aanpassen. Ga gericht op zoek naar twitteraccounts van vrouwen en voeg ze toe aan je lijstje te volgen accounts. Zo verbreed je je horizon en hoor je eens wat anders. Retweet vaker berichten van vrouwen. Of benut Twitter om seksisme en discriminatie aan te pakken. Zo heb je Man Who Has It All, een slimme parodie op de manier waarover we als cultuur over vrouwen praten: ”Dad with a career? Beat stress by snacking on veggies, teaming up with other dads & dressing for your face shape”.

Wat dit alles duidelijk maakt is dat de wil om te veranderen de basis vormt. Die wil ontbreekt nogal eens, blijkt uit onderzoek van Donya Ahmadi van de TU Delft. Zij achterhaalde dat bijvoorbeeld ambtenaren zelf denken dat ze goed om gaan met diversiteit, maar in hun taal racistische termen gebruikten en het vooral bij slogans en goede voornemens hielden. Dat loste de problemen uiteraard niet op.

Als je écht meer diversiteit wil, krijg je het echter. Zelfs in sectoren waarvan mensen denken dat het niet kan, zoals de advocatuur met z’n 24 uur per dag bereikbaarheidsnorm. Zo kent advocatenkantoor Jones Day een voor deze sector uitstekende balans: de Amsterdamse vestiging bestaat uit 26 mannelijke en 19 vrouwelijke advocaten. Internationaal gezien leiden vrouwen 16 van de in totaal 44 kantoren. Het bedrijf ziet zelf in dat er nog ruimte is voor verbetering. Zo heeft het Amsterdamse kantoor vijftien partners, waaronder slechts vier vrouwen. Dat kan en moet beter, oordeelt de onderneming in de openbaarheid.

Kortom, geen woorden maar daden. Echt willen. En aandacht voor gender en diversiteit veranderen van extra taak (zucht, moeilijk, werkdruk) tot een structureel element van je dagelijkse routine, iets wat normaal is en wat er gewoon bij hoort. Dan is het zo gepiept.

Ode aan Renate Dorrestein

Ai wat een triest nieuws bracht uitgeverij Podium vandaag: schrijfster Renate Dorrestein is overleden. In mijn hart nam en neemt ze een bijzondere plek in. Niet alleen schreef ze spannende romans en goed doordachte essays vol waardevolle inzichten, maar voor mij vormde ze ook één van de toegangspoorten tot het feministische gedachtengoed. Onder andere haar bundel Korte Metten leverde veel stof tot nadenken – en toonde aan dat feminisme en humor vanzelfsprekend prima samen gaan.

Foto: Dagblad van het Noorden

Ik kocht Korte Metten destijds in een kringloopwinkel en viel als een blok voor de lichtvoetige maar kritische manier waarop Dorrestein allerlei sociale fenomenen onder de loep nam. De ware aard van de Nederlandse man, de volkomen ware stelling dat menstruatie niet fijn is, de diepere betekenis van de damestas, haar ervaringen tijdens lezingen over het feminisme (altijd een wantrouwig kijkende man die cijfers eist). Maar ook de vele kleine, persoonlijke observaties die aantonen hoe diep vrouwen geïndoctrineerd zijn om tegen de klippen op aardig te blijven, zich klein te maken en te navigeren in een vijandige wereld.

Een topcolumn uit haar bundel vind ik die over feministen en katten. ”Aan feministische personen zit zo dikwijls een poes vast, dat gesproken mag worden van een causaal verband”, schreef ze. Daarna schaamde ik me nooit meer voor het feit dat ook ik mezelf als feministe identificeer en mijn huis graag deel met een of meer katten. Sterker nog, ik sloot me meteen aan bij de Australian Cat Ladies toen die organisatie in 2013 werd opgericht. En streef nu naar een professioneel einde als kattenvrouwtje.

Dat is trouwens hard werken en veel geld sparen om na je pensioen aan de slag te gaan. Eén kat kost gemiddeld 400 euro per jaar, dus als je er een stuk of acht neemt zit je aan de duizenden euro’s. Behalve jaarlijkse vaccinaties zijn dierenarts-kosten niet meegerekend in dit gemiddelde. Mankeert Poekie dus iets en moet je medicijnen kopen of medische ingrepen betalen, dan zit je al snel ver boven dit gemiddelde. Kortom, het gaat hier om een serieuze ambitie waar je niet zomaar aan kunt beginnen. Je moet vooraf plannen, organiseren en je intensief voorbereiden om, eenmaal oud en verlept, een succesvol kattenvrouwtje te worden.

Een ander topboek vond ik haar feuilleton Voor Alles een Dame. Deze roman/almanak/…X… introduceerde me tot Katholieke vrouwelijke heiligen, recepten voor taart en gebak, en onnavolgbare verwikkelingen op een internaat voor moeilijk opvoedbare meisjes. Tussen alle bedrijven door eiste Dorrestein een plek op voor vrouwen om te doen en te schrijven wat ze willen, met respect voor hun eigen (literaire) tradities:

Van de Berliner bol naar het boek is, zo hebben we gezien, maar een kleine stap. Ook een literair werk geldt al snel als een misbaksel wanneer het anders smaakt dan binnen de gangbare conventies wenselijk wordt geacht. De auteur dient niet af te wijken van de norm. Maar dat is nu juist het probleem. Want hoe zou iemand die de last van eeuwenlang kool koken met zich mee zeult, niet kunnen verschillen van iemand met de lust van eeuwen dobbelen achter de knopen?

Dorrestein maakt dit punt niet voor niets. Analyses van recensies van haar werk tonen aan dat veel critici haar romans duidelijk niet begrepen en neersabelden met oordelen als ‘triviaal’, te veel ‘gemekker’ over voedsel en andere minachtende etiketten. Volgens Vooys volgen die recensies steevast hetzelfde patroon:

  • levensbeschrijving met veel aandacht voor het uiterlijk en de kledingkeuze van Dorrestein
  • dan wordt Dorresteins nieuw verschenen boek getoetst aan haar maatschappijvisie zoals die uit haar columns en vroegere bezigheden spreekt
  • welles-nietes gedoe over de sekseverhoudingen, het feministische gehalte van en het waarheidsgehalte in haar werk (getoetst aan wat de recensent feministisch of ‘waar’ vindt, alsof dat een universele, neutrale en objectieve visie is)
  • negatieve beladen waardeoordelen die vooral tegen vrouwen worden gebruikt, zoals ‘te boos’ en ‘drammerig’

Deze meestal mannelijke recensenten hadden geen oog voor de literaire traditie waar Dorrestein zich in wilde scharen en waarmee ze juist weerwoord leverde op gangbare oordelen. Zo geldt het feuilleton nog steeds als een inferieur genre, zeker als de hoofdpersonen vrouwen zijn: het zijn romantische niemendalletjes, soaps, sensatieverhalen, alles behalve Serieuze Literatuur met een hoofdletter L. Wat Voor Alles een Dame in mijn ogen alleen maar leuker en subversieve maakt: dat wat de gangbare kritiek neersabelt, omarmde Dorrestein juist en verhief tot schitterende hoogten.

De laatste jaren zijn literaire recensenten meer tot het inzicht gekomen wat lezeressen en lezers al lang hadden: dat Renate Dorrestein, mede oprichtster van de Anna Bijns prijs, een unieke stem was in de Nederlandse letteren. Haar laatste bundel, ‘Dagelijks Werk’, kreeg lovende kritieken. Dorrestein was toen al ziek. Ze benutte de tijd die ze nog had om voor de laatste keer haar eigen zegje te doen:

“stel je voor dat je na je dood, als je je niet meer kunt verweren, een biográáf achter je aan krijgt”.

Daarnaast geeft ze lezers een kijkje in de keuken van haar schrijverschap.

Heel erg dat dit de laatste ‘echte Dorrestein’ zal zijn. Vaarwel, Renate!

Toegift: dit mooie interview uit dagblad Trouw, van oktober vorig jaar.

Mannenliteratuur vertekent het vrouwbeeld

Onderzoek op basis van duizenden romans over een periode van 200 jaar wijst uit, dat mannelijke auteurs vrouwen meestal niet zien staan. Ze geven vrouwelijke personages maximaal dertig procent van de ruimte – meestal minder. Er zit geen vooruitgang in: mannelijke auteurs uit de Victoriaanse tijd schreven zelfs vaker over vrouwen dan nu. Dit draagt bij aan beeldvorming waarbij we de wereld zien door de ogen van mannen. Slecht nieuws voor vrouwen. Die zien zichzelf nauwelijks terug in verhalen, of worden geconfronteerd met gaslighting.

Gaslighting is een term voor een vorm van psychologische ondermijning. Door een genderbril bekeken: mannen die vrouwen aan zichzelf laten twijfelen door hen constant te vertellen dat ze niet weten wat ze weten, niet voelen wat ze voelen, dat ze zich dingen inbeelden, overreageren, slechte intenties hebben. Zie voor een Nederlands voorbeeld de SF serie Missie Aarde, waarin haar mannelijke collega’s het enige vrouwelijke bemanningslid van een ruimteschip mentaal door de mangel halen, net zolang totdat ze zelf ook gaat geloven in bepaalde vrouwvijandige mythes.

Sarah Churchwell schrijft in een mooi essay dat mannelijke auteurs in hun romans vaak terugvallen op gaslighting van vrouwen via vrouwelijke personages. Ze definiëren de wereld zoals hen dat als man goed uitkomt en reduceren vrouwen tot hysterische domme karikaturen en/of hulpjes van de man. Hun verwrongen vrouwbeeld steekt in verhevigde mate de kop op tijdens periodes, waarin vrouwen in het openbare leven protesteren tegen hun tweederangs status en meer ruimte opeisen. Dat levert bijvoorbeeld personages op die zichzelf feministisch noemen maar de mannelijke held tegeljkertijd op een vernederende manier dwingen om zittend te plassen, beschrijft Churchwell. Huuuu, enge feministen….

Die literaire traditie levert vooral verliezers op, signaleert Churchwell. Verhalen hebben effecten op mensen. Mannen verliezen iets als ze niet lezen of alleen boeken kiezen van mannen, over stoere mannen die oorlog voeren en sexy vrouwen veroveren. Lezeressen vervallen in een totaal gevoel van vervreemding als ze vooral verhalen lezen waarin ze niet voorkomen, of waarin de enige rol die is van een bordkartonnen hatelijk stereotype. De standaard canon vol boeken van blanke mannen die vrouwen negeren of vertekend weergeven is zodoende vooral een lijst van boeken die geen vrouw zou moeten willen lezen. (Tenzij je als schrijfster een studie van hun seksisme wil maken, om de vrouwenhaat daarna te ontmantelen in je eigen romans).

Daarnaast heeft het ook psychologische effecten op schrijfsters, als onze cultuur de beeldvorming uit de kokers van mannen aanneemt voor neutraal en universeel:

Here’s playwright Alison Croggon on the effect such bias can have on the confidence of a writer: “The woman who begins with talent but who finds herself struggling to gain notice simply because she is a woman, can find her ambitions dwindling, her possibilities shrunken, in a continually amplifying feedback loop. Just as success breeds confidence, so the lack of it breeds uncertainty. If millions of reinforcing signals say a woman’s work is less significant, something will eventually begin to stick. This kind of intensifying feedback, which begins at birth, is very difficult to track and even more difficult to combat.”

Dat verzet is echter broodnodig om de dominante beeldvorming te veranderen. Gelukkig komt de zaak steeds meer in beweging. Onderzoeken zoals VIDA tonen in overduidelijke cijfers aan dat het werk van mannen nog steeds onevenredig veel aandacht krijgt in literaire media. Dat leidt tot bewustwording en debat, met hier en daar een verbetering. Vrouwelijke auteurs zoeken ook steeds vaker zelf hun weg, waarbij internet en sociale media zeer behulpzame kanalen zijn. En er kwamen campagnes zoals Lees Vrouwen. In inspirerende artikelen vertellen lezers hoe ze hun leesgewoonten aanpasten en ruimte maakten voor verhalen  van en vaak ook over vrouwen. Churchwell juicht deze ontwikkelingen toe. Het vormt een noodzakelijk cultureel tegenwicht en biedt mogelijkheden om onszelf anders te laten kijken en denken.

Verder lezen: Zie voor de mannelijke dominantie in de Nederlandse literatuur de bevindingen van de Lezeres des Vaderlands. In haar artikelen duikt ze ook regelmatig in de inhoud van romans en zie je dat vrouwelijke personages er ook in Nederland bekaaid vanaf komen. Zoek je geloofwaardige vrouwelijke personages, dan moet je bij de schrijfsters zijn, want hun mannelijke collega’s blijven steken in slachtoffers of hoeren. Zie verder een artikel over de vooroordelen rond hun werk, waar schrijfsters nog steeds mee geconfronteerd worden. Of deze mooie beschouwing van auteur Niña Weijers, of deze analyse van Sanne van Oosten, of dit artikel over de manier waarop ons literatuuronderwijs vrouwen buiten sluit. Kortom nog genoeg werk te doen….

Het massale geweld van boze mannen

Als vrouwen op deze schaal zouden moorden, zou het feminisme allang in het beklaagdenbankje staan. Dat signaleert Gary Younge in de Engelse krant The Guardian na de zoveelste aanslag door een man. Mannen pakken een wapen op en schieten in het rond. Of ze gebruiken een voertuig als wapen, zoals onlangs in de Canadese stad Toronto. Vaak zijn het mannen met een verleden van vrouwenhaat en seksueel geweld – wat “klein” of “normaal” begon groeit soms uit tot moordende agressie…

Maar we doen niets met dat feit, constateert Younge:

There will be, though, no appeals for moderate men to denounce toxic masculinity, no extra surveillance where men congregate, no government-sponsored schemes to promote moderate manhood, or travel bans for men. Indeed, the one thing that is consistently true for such incidents, whether they are classified as terrorist or not, will for the most part go unremarked. […]  ”The fact they are male is both accepted and expected. Boys will be boys; mass murderers will be men”.

Zijn opiniestuk komt na de meest recente aanslag, deze keer in de Canadese stad Toronto. Een man reed met zijn auto in op een groep mensen, voor het merendeel vrouwen, zodat vrouwen de meerderheid van de 24 slachtoffers vormden.

Voor zijn daad liet hij een bericht achter over de Incel beweging. Deze beweging bestaat uit mannen die ongewild maagd bleven. Ze verzamelen zich via internet en geven vrouwen (de ”Stacys”) de schuld van hun nare situatie. En de Incels zijn niet de enigen. Ze maken deel uit van een bredere groep verongelukte, zeer conservatieve mannen die vrouwen terug in de keuken willen meppen. Zie voor meer website We Hunted the Mammoth, waar David Futrelle hun hatelijke denkbeelden al jaren analyseert. Hij sluit verdere moorden niet uit.

Voor hem en voor talloze feministen is de meest recente geweldsuitbarsting geen nieuws. Het is al jaren bekend dat niet alle mannen moorden, maar als mannen moorden hebben ze het verdacht vaak op vrouwen voorzien. Bij huiselijk geweld slaat een vrouw zelden een man dood, maar omgekeerd vermoorden mannen jaarlijks tientallen vrouwen. Het komt zo vaak voor dat diverse landen tellingen bijhouden om de dode vrouwen een gezicht te geven en het patroon inzichtelijk te maken. Zoals in Engeland, Spanje of mijn telling voor het jaar 2016.

Ten tweede blijkt dat zo’n beetje de helft van alle mannen, die een wapen oppakken en in het openbaar in het rond schieten, eerst vrouwen misbruikten, mishandelden, stalkten of andere enge dingen deden. Ten derde: geloof mannen als ze zeggen dat ze uit vrouwenhaat handelden. Alek Minassian van de Toronto-moordpartij en voor hem Elliot Rodger, die in Californie begon te moorden, wilden beiden wraak nemen op vrouwen. Dat schreven ze zelf, in lange manifesten of korte berichten op Facebook.

Waarom noemen we dit geen terreur, vragen feministen zoals Amanda Marcotte zich af:

The FBI definition of terrorism is “the unlawful use of force and violence against persons or property to intimidate or coerce a government, the civilian population, or any segment thereof, in furtherance of political or social objectives.” Misogynist violence is rarely talked about as terrorism, despite being rooted in a gender ideology and directed toward a clear “political or social objective,” the suppression or subjection of women. It’s time that changed.

Als je deze mannelijke agressie namelijk wél ziet voor wat het is, kun je eindelijk maatregelen nemen. Wetenschappers en politici doen er daarbij verstandig aan vrouwen te raadplegen. Feministen bestuderen mannelijke haat en agressie namelijk al eeuwen, omdat ons leven en welzijn daar letterlijk vanaf hingen.

Het waren feministen die mannelijke agressie problematiseerden, koppelden aan mensenrechten en begrippen introduceerden zoals verkrachting binnen het huwelijk. Het waren feministen die voor het eerst expliciet benoemden dat (seksueel) geweld te maken heeft met macht en de behoefte om vrouwen te controleren en domineren. Het waren en zijn veelal vrouwen die goed onderbouwde artikelen schrijven over mannelijke massamoordenaars en hun vrouwenhaat. Vrouwen die al die losstaande geweld ”incidenten” samenvoegden tot een patroon en de achterliggende ideologie van de haat bloot legden:

het patriarchaat – een dominant en structureel seksistisch sociopolitiek en cultureel systeem dat een toxische invloed heeft op de levens van zowel vrouwen als mannen

De inzichten van feministen zijn cruciaal om het probleem te analyseren. Zoals Tracee Ellie Ross’ zegt in haar veel bekeken TED toespraak: het is vervolgens aan mannen om het wangedrag van mannen aan te pakken. Hoe zit het met hen en hun eigen opvattingen over mannelijkheid, hoe moeten zij omgaan met de excessen van gefrustreerde mannen. En vooral: hoe kunnen zij als mannen, als lid van de sekse die de grootleverancier van geweld is, de de wereld veiliger maken voor vrouwen – en voor zichzelf.

Nieuwsronde: interessante artikelen en essays

Dit weblog linkt mensen graag door naar interessante artikelen, reportages en essays. Deze keer SF auteur Joanna Russ, de genderpolitiek van literaire bijlages, een krachtig opiniestuk van feministe Jessica Valenti, Chinese feministen en hun gebruik van emoji’s, en meer.

  • Wetenschappers analyseerden ruim 10.00o recensies uit de New York Times Book Review, en maakten bijzonder stereotiepe verhoudingen tussen de seksen zichtbaar. Tweederde van alle aandacht ging naar de fictie en non-fictie uit de koker van mannen. Vrouwen kwamen er vooral aan te pas als ze zich hielden aan zaken waar vrouwen zich mee bezig behoren te houden: kinderen, romantiek, poëzie.
  • Dagblad De Morgen prijst de nieuwe plaat van Shabaka Hutchings de hemel in. Deze Londense tenorsaxofonist schreef het album  Your Queen Is A Reptile vol met feministische statements. Hij eert vrouwen met een gekleurde huid in ”een unieke, woeste mix van kleuren en klanken”. Aan bod komen onder andere odes aan Ghanese rebellenleidster Yaa Aantewaa, psychologe Mamie Phipps Clark, burgerrechtenactivist Harriet Tubman en Angela Davis van de Black Panther beweging in de V.S.
  • Wil je je verdiepen in hoe het zit met gender? Bezoek dan de nieuwe website Genderklik. Het Belgische documentatiecentrum Rosa en de Vlaamse overheid lanceerden deze site om iedereen op een toegankelijke en eigentijdse manier te informeren over gender en gendermechanismen. De site moet ook een springplank worden voor vragen en discussies.
  • Je kunt er niet vroeg genoeg bij zijn, want rolpatronen duiken vroeg op. Tussen hun vierde en hun achtste jaar leren kinderen hoe het hoort. Zo blijkt uit onderzoek dat kinderen op die leeftijd banen als kapper al associeren met vrouwen, terwijl ze mannen beter op hun plek achten in banen als dokter en ingenieur. Ook hebben kinderen van zes al geleerd dat genialiteit iets is voor mannen.
  • Vrouwen zijn echter wel degelijk slim, geniaal en inventief. Zo gebruiken Chinese feministes emojis om de staatscensuur te ontlopen.
  • Mooi artikel over wetenschapster Samantha Joye, die al twintig jaar onderzoek doet naar oceanen. Regelmatig maakt ze duiken naar de diepste diepten om inzicht te krijgen in wat er in zee gebeurt.
  • Hetpet. Dat is de naam van een priesteres die 4000 jaar geleden woonde en werkte in het huidige Egypte. Ze diende de godin Hathor en kreeg een rijk versierd graf met bijzondere afbeeldingen van aapjes. The National Geographic wijdde een interessant artikel aan de archeologische vondst, met mooie foto’s natuurlijk.
  • Hoe staat het met Susan Brownmiller in het #metoo tijdperk? Tijdens de tweede feministische golf schreef ze Tegen Onze Wil, een inmiddels klassiek werk over seksueel geweld tegen vrouwen. In een mooi interview met The Guardian staat ze stil bij de huidige betekenis van haar boek, de invloed van geweld op vrouwen, en hedendaagse dilemma’s.
  • TEDx biedt regelmatig mooie presentaties en speeches over vrouwen, gender en zaken waarbij feminisme een rol speelt. Deze site houdt bij wat er op dat gebied nieuw verschijnt en linkt door naar recente TEDx sprekers. Kijk en luister bijvoorbeeld naar Caroline Paul, over het stimuleren van avontuurlijk gedrag bij meisjes, en Stacy Smith over de cijfers achter seksisme in de filmindustrie.
  • SF auteur Joanna Russ had een scherp oog voor de verhoudingen tussen de seksen. Ze stond ook stil bij het effect van ‘de tweede sekse zijn’ op de psychologische gesteldheid van vrouwen. Haar essay over de zogenoemde bibberende zusters en perfecte moeders blijkt jaren na publicatie nog steeds akelig herkenbaar.
  • Feministe Jessica Valenti schreef een kort, krachtig stuk over de beslissing van magazine The Atlantic om een man aan te nemen die vindt dat vrouwen geëxecuteerd moeten worden als ze een zwangerschap afbreken. Aangezien circa een kwart van alle vrouwen dat besluit ooit heeft genomen, komt het standpunt van deze man neer op genocide/femicide. Geen probleem voor de mannelijke bazen van de redactie. Iedereen verdient een tweede kans, kraaien ze. Een argument waar veel andere journalisten, zoals Valenti maar ook vele anderen, korte metten mee maken. De redactie heeft de man inmiddels weer ontslagen. Phew…

De genderpolitiek van de barbecue

Lente en zomer, dat betekent onder andere dat we met ons allen weer overspoeld worden door artikelen en beelden van mannen rond de barbecue. Deze mannen voelen zich mannelijk en sexy achter de barbecue en gooien “vanuit hun oergevoel “grote lappen vlees op het vuur. Maar deze overtuiging gaat veel verder dan dat, betoogt Carol J. Adams in haar klassieker ‘The Sexual Politics of Meat’. Deze macho mannelijke vleeseter heeft een grote, veelal negatieve invloed op de positie van vrouwen en dieren, betoogt ze.

Toen Adams haar boek over vlees eten en gender publiceerde, sloeg haar theorie in als een bom. In een patriarchale cultuur waarin mannen de baas zijn en het beste eten krijgen, te weten vlees, nemen vrouwen en dieren nagenoeg dezelfde plek in, signaleert ze. Het zijn beiden inferieure wezens die je kunt reduceren tot een al dan niet geseksualiseerd ding, een consumptiegoed.

Beiden worden daarbij gereduceerd tot onderdelen. Dieren veranderen in kippenvleugels en sukadelapjes, soms als vrouwelijk voorgesteld. Vrouwen veranderen in sexy torso’s zonder hoofd, losse billen en benen, en worden regelmatig geassocieerd met het dierlijke.

Deze fragmentatie en reductie tot consumptiegoed gaat vaak gepaard met agressie. Als vrouwen en dieren veranderd zijn in een ding, kun je doen met ze wat je wil. Vastzetten, doden, verkrachten, mishandelen, maakt niet uit. Omgekeerd wen je door jagen en dieren doden aan het opjagen en doden van mensen, zag Adams terug bij het gedachtengoed van feministen uit de tijd van de Eerste Wereldoorlog. Het slachten van dieren gaat over in het slachten van mensen, onder het toeziend oog van agressieve viriele patriarchen.

Adams wijst erop dat opvallend veel proto-feministen dit verband zagen, tussen mannelijke macht, viriele agressie en de tweederangs status van dieren en henzelf. Naast vrouwenrechten streden ze regelmatig ook voor het dierenwelzijn.Nog steeds houden veel meer vrouwen dan mannen zich bezig met dierenrechten. Daarnaast stonden opvallend veel feministische denkers een vegetarische levensstijl voor: ze wilden als vrouw niet geëxploiteerd worden en wilden op hun beurt geen dieren exploiteren.

Ruim 25 jaar later sturen lezers Adams nog steeds krantenknipsels, foto’s en reclames die haar theorie illustreren, schrijft ze in de jubileumuitgave van haar klassieker. Propaganda die stelt dat vegetarisch leven iets is waar je je als man verre van wilt houden. Echte mannen eten vlees, drinken bier, scheuren rond in grote auto’s, geven scores aan de borsten en billen van vrouwen, doen wat ze willen, lekker stoer, boys will be boys, zonder nare betutteling van bitcherige schooljuffen.

Mensen stuurden ook foto’s van reclameposters waarop grote garnalen met benen, hoge hakken en tuitende lipjes klanten verleidelijk aankijken en vragen om opgegeten te worden. Omgekeerd veranderen vrouwen regelmatig in prooidieren die na de ‘jacht’ klaar liggen voor mannelijke consumptie.

Niet verassend borrelt die man = vlees cultuur extra opvallend op in het barbecue seizoen. De praktijk rond de barbecue draait om vlees, bevestigt een stereotiep beeld van mannelijkheid en versterkt oude rolpatronen. In 2014 en 2016 hield Trendbox bijvoorbeeld een nationaal BBQ onderzoek en kwam tot de volgende conclusies. Vrouwen doen de boodschappen en maken de salades. Mannen braden het vlees op de barbecue. Meer dan de helft van de mannen vindt dat mannen beter zijn in het grillen dan vrouwen. De meeste ondervraagden vinden het schoonmaken en opruimen na afloop een vervelend karweitje. Vervolgens blijkt dat mannen zich massaal aan dat nare werk onttrekken en het opruimen en schoonmaken overlaten aan vrouwen.

NRC Handelsblad recenseerde The Sexual Politics of Meat ten tijde van de publicatie voornamelijk positief:

Dat er in de hoofden van mensen, zowel bij daders als slachtoffers, altijd verband is geweest tussen de schending van de integriteit van dieren en die van vermeende tweederangs mensen, in het bijzonder vrouwen, maakt Adams volgens mij aannemelijk. De historische en literaire beelden en volkse uitdrukkingen die slaan op zowel dieren als vrouwen, en die beide categorieen wezens plegen voor te stellen als consumeerbare en exploiteerbare objecten, zijn onmiskenbaar legio. Volgens Adams autoriseert en legitimeert de dominante patriarchale cultuur niet alleen de symbolische consumptie van vrouwen, maar ook de letterlijke consumptie van dieren. Het is allemaal verrassend en uitdagend leesvoer.

Warm aanbevolen, dit boek. En wat de barbecue betreft: vrouwen, claim je plek achter de barbecue. Leg er eens iets vegetarisch op. Mannen, maak die salade lekker zelf en druk je niet als het tijd wordt om schoon te maken. Andere rolpatronen beginnen bij jezelf, in kleine stapjes. Succes!

Vrouwen fileren mannen die tenenkrommend over vrouwen schrijven

Twitter levert op dit moment hilarische satire op mannelijke auteurs die denken dat ze vrouwen authentiek beschrijven. Podcaster Whit Reynolds en auteur Kate Leth vragen vrouwen teksten in te zenden waarbij ze zich voorstellen hoe ze beschreven zouden worden door een mannelijke auteur. Pareltjes zijn het gevolg: ‘veel mannen zouden alleen op haar borsten letten. Maar ik ben een intellectueel. Ik weet wat een vrouw waarlijk aantrekkelijk maakt: de kont”.

Bron: Elle Magazine

De humoristische actie kwam voort uit de klacht van een auteur die vond dat politieke correctheid te ver gaat. Leuk, al die nadruk op diversiteit en oproepen aan vertegenwoordigers van dominante groepen om kritisch op zichzelf te zijn als ze over minderheden schrijven. Maar al die ophef is onnodig want kijk bijvoorbeeld eens hoe authentiek hij als man een vrouwelijk personage beschrijft. Hij deelde passages uit zijn meest recente roman. Het resultaat was voorspelbaar tenenkrommend:

“Pale skin, red lips like I had just devoured a cherry Popsicle covered in gloss, two violet eyes like Elizabeth Taylor’s. Dark hair curled slightly. And, of course, my boobs. I had them propped up all front and center.”

Schrijfster Gwen Katz zag het bericht, las de passages en lag in een deuk. Ze publiceerde het proza zonder de naam van de man te noemen, om hem zoveel mogelijk te beschermen. Het moest gaan over de inhoud, niet de persoon. Vervolgens kwam de oproep van Reynolds en Leth om als vrouw je eigen versie in te zenden van dit type proza. De reacties stroomden in een sneltreinvaart binnen. Volgens site The Mary Sue toont de stortvloed aan hoe bekend vrouwen zijn met dit fenomeen:

That it’s so easy for Twitter users to chime in with their guy-writer descriptions demonstrates how widespread this sort of writing is. The focus of male writers when turning their gaze on women is something that most of have read so many times that we could produce these in our sleep.

Disclaimer voordat allerlei gepikeerde mannen boze geluiden maken: nee, niet alle mannen doen dit. Ja, er zijn auteurs die geweldige vrouwelijke personages scheppen. Mag ik de roman Nora Webster aanraden, van de mannelijke auteur Colm Tóibín? Een prachtig portret van een vrouw die weduwe wordt en daarna moeite heeft om met haar twee zoontjes een nieuw bestaan op te bouwen. Eén van de meest ontroerende boeken die ik ooit las.

Maar helaas gaat het vaak mis. Auteurs die alle vrouwen in hun boek beschrijven in termen van hoe aantrekkelijk ze is en hoe graag de hoofdpersoon met haar naar bed wil. De obsessie met borsten en billen, waardoor een vrouw verandert in een verzameling lichaamsdelen gerangschikt naar ‘wil ik het met haar doen of niet’. Brrrrrrrrrr!!!

Veel vrouwen namen dan ook de uitnodiging aan om dit soort prozaproducenten genadeloos te fileren. Een greep uit de berg:

“Her breasts entered the room before her far less interesting face, decidedly maternal hips and rounded thighs. He found her voice unpleasantly audible. As his gaze dropped from her mouth (still talking!) to her cleavage, he wondered why feminists were so angry all the time.”

“I had big honking teeters, just enormous bosoms, and I thought about them constantly as I walked down the street, using my legs (thick, with big shapely calves), but never not thinking about my enormo honkers.”

“Her body was an hourglass meant for taking his time, but her mohawk concerned him. She had a lesbian look, & too many tattoos, in languages he couldn’t pronounce. Still, she’d written a stack of books. It was time for him to weigh in with his high school knowledge of Beowulf.”

Zie er de zonzijde van in, moedigt website Electric Lit gevestigde en aankomende auteurs aan. Al die voorbeelden bieden je een uitgelezen kans om feedback te krijgen op je werk. Als je als mannelijke auteur goed luistert en nauwkeurig meeleest, kun je je eigen roman sterk verbeteren. Want echt, het ís mogelijk fatsoenlijke vrouwelijke personages te scheppen in je verhalen. Of lees een jaar lang alleen romans van vrouwelijke auteurs. Helpt ook.

TOEGIFT: de manier waarop mannen over vrouwen praten, en hoe het zou klinken als je de situatie omkeert. De resultaten zijn even schokkend als hilarisch.