Category Archives: Mediastudies

Dikke pillen voor de pandemie

Zodra duidelijk werd dat het land op slot ging, sprintte de Engelse journalist Nick Duerden niet naar de supermarkt om rollen wc papier te hamsteren, maar naar zijn plaatselijke boekhandel. Als fervent lezer had hij voorraad nodig voordat zijn favoriete dealer de deuren zou sluiten. Hij is niet de enige. De VPRO biedt literaire hulp bij Corona, op sociale media tippen boekenwurmen elkaar over goede titels, en ook ik laat mij niet onbetuigd. Na een lijstje met romans die ingaan op epidemieën, nu een special over dikke pillen. Ze zijn minstens 350 pagina’s ”lang”. Maar het gaat natúúrlijk om de kwaliteit…

Wat is er heerlijker in tijden van onzekerheid dan met een dik boek op de bank te kruipen? Romans waar je uuuuuren mee zoet bent en die je stof tot nadenken geven, of juist naar andere werelden transporteren. Gezien de verkoopcijfers hebben veel mensen de dikke pillen van de Zeven Zusters serie al ontdekt. Bijzonder, want zoals magazine Opzij signaleert, kreeg het eerste deel geen enkele recensie in de Nederlandse dagbladen. Lezers tipten elkaar en de rest is geschiedenis. Daarnaast hebben veel lezers hun weg al gevonden naar De Reiziger serie van Diana Gabaldon en de Cromwell trilogie van Hilary Mantel. Ik kies daarom wat minder bekende boeken, die vaak al wat langer geleden gepubliceerd zijn en die wat mij betreft een tweede kans verdienen.

Wil je groots en meeslepend lezen, probeer dan eens een roman van de Spaanse auteur Almuneda Grandes. Zij grossiert in historische romans van 600 pagina’s of meer, en de meesten kregen een vertaling in het Nederlands. Bijvoorbeeld Het IJzig Hart, over de impact van de Spaanse Burgeroorlog op de verschillende leden van een familie. Of haar meest recente, De Patienten van Dokter García, waar ze een literaire prijs mee won (de Premio Nacional de Narrativa). In dat boek verhaalt ze van een smokkelnetwerk dat na de tweede wereldoorlog hooggeplaatste nazi’s hielp ontsnappen naar het fascistische Spanje van generaal Franco. Tip: Julia Navarro is een andere Spaanse schrijfster die dikke pillen schrijft. Ik persoonlijk vindt Grandes net wat beter, maar laat dat je niet weerhouden.

Als Engels geen bezwaar is, tip ik graag Green Dolphin Country van Elizabeth Goudge. Ze publiceerde deze vuistdikke roman in 1944, maar het boek beleefde gelukkig diverse herdrukken. Ik heb de versie uit 2009, uitgegeven door Capuchin Classics (767 pagina’s). In Nederland beschikken we alleen over een vertaling van één van haar jeugdboeken, Het Witte Paardje. Green Dolphin Country is echter bedoeld voor volwassenen en sleept je mee in de tragische liefdesgeschiedenis van twee zussen, die dezelfde man achterna reizen naar Nieuw Zeeland.

Nog een vergeten meesterwerk: Almanac of the Dead van de Indiaanse schrijfster Leslie Marmon Silko, uit 1991. Een tour de force over de ingewikkelde situatie in de Amerikaans-Mexicaanse grensstreek. Drugskartels, vermiste kinderen, de clash tussen de inheemse en de blank-Amerikaanse cultuur, geweld tegen vrouwen, alles komt langs in 763 pagina’s. Het laatste hoofdstuk heeft de titel ‘thuis’, dus hoe erg het ook wordt, Silko sluit af met een voorzichtig gevoel van hoop.

Van Nederlandse bodem: Wie Scheep Gaat van Rascha Peper/Jenneke Strijland. De Groene Amsterdammer noemde Peper in een recensie van dit boek de koningin van de ingehouden hartstocht en die beheersing benut ze ten volle in een verhaal over een vrouw die het ruime sop kiest, de vrijheid tegemoet, maar omkomt als haar bootje zinkt – of niet? Peper volgt vijf nabestaanden bijna vijfhonderd pagina’s lang en brengt op een gevoelige manier in beeld wat zo’n verdwijning doet met de achterblijvers. Tot op het einde blijft bovendien raadselachtig wat er nou precies op zee gebeurde.

Van Nederlands-Somalische bodem: Yasmine Allas. Ze schreef verschillende romans en daarnaast ook een essaybundel over de manier waarop ze zich de Nederlandse cultuur eigen maakte (of juist niet ;)) Van de romans is De Blauwe Kamer de dikste, iets meer dan vierhonderd pagina’s. De hoofdpersoon vraagt een goede vriendin of zij haar levensverhaal wil opschrijven. De vriendin stemt toe en valt tijdens de gesprekken van de ene verbazing in de andere.

Warm aanbevolen en ruim vijfhonderd bladzijden: Een Halve Gele Zon van Chimamanda Ngozi Adichie. Het is een historische roman in de zin dat het gaat over de burgeroorlog die Nigeria in de jaren zestig trof, maar bovenal is het een portret van een samengesteld gezin uit de middenklasse en hoe de verschillende personages reageren op de toenemende politieke spanningen, hongersnood, het geweld en het verlies van idealen.

Tot slot – ik heb me ingehouden want bovenstaande titels vallen allemaal in categorieën zoals ‘literatuur’ of ‘historische roman’ of ‘politiek’. Geen enkele science fiction of fantasy roman. MAAR als je jezelf wil verliezen in een dikke pil, biedt dit genre veel moois. Daarom toch heel beknopt twee tips. Absoluut geniaal blijft de debuutroman van Susanna Clarke: Jonathan Strange & mr. Norrell, in het Nederlands vertaald door uitgeverij Vassalucci. Het is een soort fantasy Jane Austen met een briljant gebruik van voetnoten. En ruim negenhonderd pagina’s sfeervolle magie.

Voor een dik boek met politiek beladen science fiction adviseer ik A Memory Called Empire van Arkady Martine. Deze historica bestudeerde het Byzantijnse rijk en verwerkte haar kennis in een debuutroman over een diplomate die afreist naar het Teixcalaanli rijk. Daar belandt de ambassadrice al snel in levensgevaarlijke situaties. Je zou bij alle spanning en sensatie bijna vergeten dat Martine in dit boek complexe thema’s behandelt, zoals identiteit, kolonialisme, de rol van cultuur en waar beschaving uit bestaat.

Tot zover mijn aanbevelingen. Veel leesplezier!

Vrouwen schrijven over pandemieën

In tijden van het Coronavirus kun je psychologisch gezien verschillende kanten op: troost zoeken en het virus negeren, het virus gedoseerd toelaten, of voluit in het fenomeen pandemie duiken. Dat geldt algemeen, maar ook voor lezen. Juist in tijden van zelfisolatie kan een goed boek wonderen doen. Daarom een post met werken van schrijfsters die het gevaar recht in de ogen keken en mooie romans over besmettelijke ziekten schreven.

Vrouwen begonnen al vroeg met het publiceren van verhalen waar epidemieën een ravage aanrichten. Eén van de vroegste voorbeelden, uit 1826, komt van Mary Shelly. Ze is vooral bekend vanwege haar roman Frankenstein, maar met  ‘The Last Man‘ mag ze ook de eer claimen om als een van de eersten dystopische sf te hebben geschreven. Het verhaal draait om Lionel Verney, die als enige een epidemie overleefde en de laatste mens op aarde wordt.

Op sociale media zoals Twitter noemen mensen op dit moment regelmatig het boek Station Eleven van  Emily St. John Mandel (in het Nederlands vertaald als Station Elf ). De auteur toont in flashbacks wat er gebeurde toen een dodelijke griep de bevolking decimeerde, maar richt zich vooral op het leven na de ramp. Hoe ga je verder, waar kun je vreugde aan ontlenen, welke menselijke waarden blijven overeind?

Ling Ma grijpt een epidemie in haar debuutroman Severance aan om een scherpe satire op het kapitalisme af te leveren. Als er een besmettelijke ziekte uitbreekt en het dodental snel oploopt, zoekt hoofdpersoon Candace Chen naar manieren om zich staande te houden. Ze sluit zich aan bij een groepje mensen om van New York naar Chicago te reizen, een stad waar het veiliger zou zijn, en probeert ondertussen door te werken als journalist en vlogger.

Ook Margaret Atwood benutte het thema van een plaag voor een flinke dosis dystopische science fiction. In haar MaddAddam trilogie zorgt genetische manipulatie, samen met een grote onderklasse vol arme mensen die geen goede gezondheidszorg kunnen betalen, voor een catastrofale ziekte die de beschaving grotendeels ten onder laat gaan. Uitgeverij Prometheus zorgde voor een goede Nederlandse vertaling, van Oryx en Crake, Het jaar van de vloed en MaddAddam, dus grijp je kans.

Een andere goede keuze is Connie Willis. De Nederlandse vertaling van haar roman Doomsday Book is alleen nog duur tweedehands verkrijgbaar, maar gelukkig betaal je voor de e-boekversie van Zwarte Winter ”maar” vijf euro, dus dat is te overzien. Het verhaal draait om Kivrin Engle, een vrouw die verbonden is aan een futuristische versie van de universiteit van Oxford. De faculteit Geschiedenis heeft ontdekt hoe je kunt reizen door de tijd, en stuurt studenten en medewerkers naar het verleden om zo verschillende tijdperken beter te bestuderen. Helaas gaat er iets mis, waardoor Kivrin in een verkeerde periode aankomt: Engeland, op het moment dat de Zwarte Dood uit is gebroken en de massale sterfte begint.

Heet van de naald, want gepubliceerd op 3 maart, komt Katie M. Flynn met haar debuutroman The Companions.Flynn’s verhaal draait om de Amerikaanse staat Californië, waar een dodelijke ziekte is uitgebroken. De levenden zitten in quarantaine, en het bewustzijn van de stervenden wordt gedownload in een programma en in een kunstmatig lichaam geplaatst. Zo ontstaan companions, ”mensen” die de levenden gezelschap kunnen houden. Welgestelden doen dat vrijwillig zodat ze bij hun familie kunnen blijven, maar armen lopen het risico dat ze in een soort slavenbestaan terecht komen. Met alle sociale, politieke en economische gevolgen vandien.

Nederland laat zich ook niet onbetuigd. In Concept M voert Aafke Romeijn een ziekte op die mensen kleurloos maakt en broze botten en slechte longen geeft. Hoofdpersoon Hava lijdt aan deze ziekte en kan alleen min of meer normaal functioneren als ze een door farmaceutische bedrijven belachelijk duur gehouden medicijn slikt. Renate Dorrestein laat in haar roman Weerwater in het midden wat voor soort ramp Nederland trof, maar het komt er in ieder geval op neer dat inwoners van Almere compleet geïsoleerd raken van de rest van de wereld. In een totaal isolement moeten ze het zien te redden met de middelen, mensen en materialen die de stad biedt.

Diverse auteurs spelen met wat als scenario’s. Wat als een epidemie of een andere ramp alle of bijna alle mannen of vrouwen uit zou roeien? Hoe zou de wereld er uit zien als er slechts één sekse bestond? Het is opvallend dat er maar weinig werken zijn die ingaan op een wereld waar alleen mannen overbleven. Misschien komt dat omdat science fiction decennia lang gedomineerd werd door mannelijke auteurs, die in hun verhalen vooral mannelijke personages opvoerden en met hun mannenverhalen de prijzen wonnen en de lijstjes met beste sf boeken domineerden. In die zin zou je zwart-wit kunnen stellen dat talloze SF romans sowieso alleen over mannen gaan, als standaard situatie.

Wellicht vanwege die lange dominantie van mannen in het genre bestaan er relatief weinig romans waarin de auteur een reden verzint voor de afwezigheid van vrouwen en speelt met wat-als scenario’s rond werelden zonder vrouwen. Voorbeelden zijn Betram Chandler’s A Spartan Planet uit 1969, en Lois Bujold’s roman Ethan of Athos, uit 1986. Bujold liet zich inspireren door de Griekse mannenkloosters op het eiland Athos. In haar roman verandert het verboden-voor-vrouwen eiland in een planeet waar alleen mannen leven. Dat levert echter problemen met de reproductie op, dus de planeet stuurt hoofdpersoon Ethan de wijde wereld in op een queeste naar eierstokken. Achtervolgingen, vuurgevechten en rampzalige sociale interacties volgen.

Werelden waar alleen vrouwen leven, domineren het genre van één sekse. Die traditie gaat ver terug. Denk aan klassieke verhalen over de Amazones, of utopische romans zoals Herland van Charlotte Perkins Gilman uit 1915. De ene keer scheiden vrouwen zich van mannen af en stichten hun eigen staat, zoals in  The Gate to Women’s Country van Sheri S. Tepper. Vrouwen leven in deze roman in stadstaten en geven hun zonen in hun puberteit de keuze: vreedzaam bij de vrouwen blijven, of vertrekken en op het land bij militaristische mannen gaan wonen.

Andere keren roeien ziektes alle mannen uit. Zoals bij Ammonite, de debuutroman van Nicola Griffith. Een commercieel bedrijf stuurt hoofdpersoon Marghe naar een planeet die door de mensheid gekoloniseerd werd. Alle mannen stierven echter tijdens een epidemie. Marghe gaat als antropoloog onderzoeken hoe de vrouwen de draad oppakten en hoe hun samenleving nu functioneert. Ook zal ze een vaccin tegen de ziekte testen. Onnodig te zeggen dat deze op zich simpele opdracht al snel gecompliceerd wordt door allerlei tegenslagen, moeilijke situaties en loyaliteitsconflicten.

Eervolle vermeldingen: The Old Drift van Namwali Serpell. Geen echte epidemieroman, maar in de levens van verschillende generaties van dezelfde familie speelt Aids een grote rol. En Jane Eyre, van Charlotte Brontë, waarbij de hoofdpersoon een epidemie in een meisjesinternaat overleeft.

Oscars blijven wit en mannelijk

Wil je zien hoe machtsbolwerken zichzelf in stand houden? Dan hoef je niet verder te kijken dan de Oscars. De veelal witte, mannelijke stemmers nomineerden vooral witte mannen, en sloegen vrouwen opnieuw over voor de hoofdprijs van beste regisseur, de Oscar waarmee Hollywood haar filmgenieën eert en de canon in stand houdt. Van de nominaties voor acteursprijzen ging er slechts eentje naar een persoon met een gekleurde huid: Cynthia Erivo, voor haar rol in “Harriet.”

De Oscars leveren gemengde gevoelens op bij onder andere Dana Stevens, de vaste filmrecensent van webmagazine Slate.com. Ja, de nominaties zijn een Hollywood incrowd feestje. Als regisseur kun je misschien meer genieten van complimenten van de bezoekers die naar de bioscoop gaan om jouw werk te zien. Aan de andere kant, zo benadrukt Stevens, kun je er niet omheen dat de Oscars nog steeds betekenis hebben. De prijzen bepalen welke werken de officiële filmcanon waardig zijn en geven aan welke verhalen we als cultuur belangrijk vinden.

Daarom is het volgens Stevens extra schrijnend dat films van regisseuses wel nominaties kregen in categorieën zoals beste film en beste actrice, maar opnieuw genegeerd werden toen het aankwam op de nominaties voor beste regisseur:

2019 was a year in which the number of mainstream films made by women started to reach critical mass: Lorene Scafaria’s Hustlers, Lulu Wang’s The Farewell, Kasi Lemmons’ Harriet, Marielle Heller’s A Beautiful Day in the Neighborhood, Olivia Wilde’s Booksmart, Joanna Hogg’s The Souvenir, Claire Denis’ High Life, Céline Sciamma’s Portrait of a Lady on Fire, and Mati Diop’s Atlantics were all either well-reviewed, successful at the box office, or both, and several of them were recognized in Monday morning’s nominations in categories other than directing. To respond to a year like that with the studious exclusion of anyone female from the award that above all others confers authorship and authority, the one that attributes a film’s success to the unifying vision of an individual, starts to look like nothing else but rank condescending sexism.

Het overslaan van regisseuses leidde tot cynische commentaren van het kaliber ‘denken mensen soms dat films zichzelf regisseren?’ Dat kaboutertjes, in plaats van vrouwen zoals Greta Gerwig, een meesterwerk zoals Little Women vorm gaven? Time Magazine ziet een eenvoudige reden voor het negeren van vrouwelijk talent. Degenen die bepalen wie de nominaties voor de Oscars krijgen, zijn nog steeds veelal man en wit. Zij herkennen talent en kwaliteit blijkbaar alleen als het in een witte mannelijke vorm verschijnt. De uitzondering bevestigt de regel dat alleen mannen en het mannelijke tellen:

it’s certainly worth pointing out that men can vote for female-directed films. But historically, they have not. Bigelow remains the only woman ever to win Best Director, and she won for Hurt Locker, a war movie that stars primarily men, delves deeply into the male psyche and fits neatly into a long line of Academy-anointed films on that particular topic.

De mannen die de nominaties voor beste regisseur bepaalden, gaven dit jaar opnieuw blijk van die interesse voor verhalen van mannen, over mannen. Kanshebbers zijn Martin Scorsese, “The Irishman”, Todd Phillips, “Joker”, Sam Mendes, “1917”, Quentin Tarantino, “Once Upon a Time in Hollywood” en Bong Joon Ho, “Parasite”. Als Bong Joon Ho zou winnen, is hij de tweede niet-witte man ooit die deze eer te beurt valt. De beste regisseur is en blijft een witte man, volgens de Oscars.

Behalve in Parasite spelen vrouwen geen rol van betekenis in de werken van deze genomineerde meesterregisseurs. 1917 is een door mannen gedomineerde oorlogsfilm met 1 (korte) scene waar een burger in voor komt. Dat is een vrouw en zij treedt vooral op als verzorgster van een baby die niet de hare is. In The Irishman heeft de enige actrice, Anna Paquin, zeven woorden tekst in de hele rolprent. Once Upon a Time draait om mannen en telt wat meer vrouwenrollen, maar die zijn stuk voor stuk problematisch. De vrouwelijke personages dienen respectievelijk als vijand om in elkaar te slaan en in brand te steken, als middel om de mannelijke hoofdrolspeler aan te moedigen zijn vak weer serieus te nemen, en als object om naar te kijken, tevens beloning voor de mannelijke hoofdrolspelers (de mannen verdelgen het kwaad en mogen dan bij haar aanschuiven voor een gezellig diner).

In Joker dienen de paar vrouwenrollen opnieuw vooral als middel om de mannelijke hoofdpersoon motieven voor zijn handelen te geven, of als contrast – hij verdient sympathie omdat hij psychische aandoeningen heeft, maar zijn moeder, die ook duidelijk psychisch niet in orde is, blijft een tweedimensionale karikatuur, de Slechte Moederfiguur die je openlijk mag haten omdat ze haar zoon verpestte. Daarnaast presenteert de film een man die een vrouw stalkt als iets onschuldigs en romantisch. Yikes. Het is opvallend hoeveel mannelijke filmrecensenten blind bleven voor het seksistische gehalte van deze film. Ze prezen Joker de hemel in, terwijl vrouwelijke filmrecensenten met afschuw reageerden. Zij zijn echter zodanig in de minderheid, dat de mening van de mannelijke recensenten domineert.

Tot slot Parasite. Dit is de enige film van een man met een gekleurde huid/nietwesterse achtergrond, en ook de enige film waarin vrouwen volwaardige rollen spelen. De actrices spelen personages met een eigen identiteit, een eigen verhaal. Ze hebben hun eigen problemen en handelen op eigen initiatief. Het is niet voor niets dat de Alliance of Women Film Journalists Parasite uitriep tot beste film van 2019.

Al met al kun je opnieuw stellen dat de leden van de organisatie die de Oscarnominaties bepaalt, geen zin hebben in verhalen met, over of van vrouwen. Ze hebben ook geen zin in mensen m/v/x met een andere huidskleur. Dieptriest.

Vrouwenstemmen zijn vaak gericht aan dovemansoren

Vrouwen die praten? Uh oh. Zo’n vrouw zegt het verkeerde. Ze gebruikt verkeerde woorden. Ze heeft de verkeerde stem. Ze komt slecht over. Ze gebruikt die bloedirritante Gooise r. Haar stem is schril. Of nee, ze praat te snel. Of wacht, misschien zou het beter zijn als ze gewoon niet zo véél zou praten, want ze kakelt, kletst of roddelt. Wat ze precies zegt? Geen idee. Ze is vrouw. Ze klinkt irritant. Laat maar zitten.

Vrouwen en hun stemmen, ’t is al een probleem sinds de oudheid. In haar mooie bundel over krijgskoninginnen merkt schrijfster Antonia Fraser op dat mannelijke tijdgenoten al struikelden over wat deze vrouwen deden en zeiden. Ze hielden zich niet aan de destijds geldende vrouwenrol. Ze namen het bevel over legers op zich en als ze iets zeiden, leverden mannen dat over in termen van ‘kil’ en ‘onvrouwelijk’. Ook historica Mary Beard signaleert in haar manifest Vrouwen en Macht een directe lijn van opvattingen van de oude Grieken en Romeinen, over wie mag praten en wie niet, naar het huidige vrouwvijandige klimaat zodra een vrouw in het openbaar het woord neemt.

Eeuwen later en mensen schrikken nog steeds van vrouwen die het woord nemen in het openbaar. Het commentaar is vervolgens niet van de lucht. In de Verenigde Staten fungeert ‘vocal fry‘ als de steen des aanstoots van dit moment. Het gaat dan om mensen die een soort kraakje in de stem hebben, meestal omdat ze op een lagere toon praten dan de toon die hun stem van nature heeft. Oh gruwel!! roepen mensen nu. Totaal verkeerd, het klinkt voor geen meter, vrouwen, hou er asjeblieft mee op om zo te praten.

De ironie bij dit alles is dat vrouwen vaak expliciet het advies krijgen om een lager toonregister te gebruiken, zodat ze overtuigender overkomen. Maar je moet dat advies blijkbaar niet te ver doorvoeren, anders krijg je óók kritiek. Waardoor er een verlies-verlies situatie ontstaat:

Sommigen zeggen dat Thatchers stem een volle octaaf naar beneden is gegaan. Dat berust op een misverstand. Wel kreeg zij stemcoaching […]. Velen vonden haar stem te schel, waarop haar toenmalige adviseur Gordon Reece lessen regelde bij het Royal National Theathre. []… cruciaal waren zijn adviezen om haar stem daadwerkelijk te verlagen en langzamer en meer in de microfoon te spreken. Hiermee zou haar stem schor, intiemer en vooral minder intimiderend overkomen.

Nog een ironie: bij mannen komt dat kraakje in de stem even vaak voor, maar niemand schrijft krantenkolommen vol over hoe irritant dat is, dat mannen hun stemgebruik moeten veranderen, dat ze andere dingen op een andere manier moeten zeggen omdat ze anders een modderfiguur slaan en vooral irritatie opwekken. De pijlen van kritiek richten zich louter op vrouwen. Hetzelfde geldt voor de Gooise r. Vooral vrouwen kregen kritiek op dat foute accent.

Da’s zo seksistisch als wat en maakt duidelijk dat het niet gaat om wat er hoe gezegd wordt, maar wie aan het woord is. Vrouwen moeten eigenlijk hun kop houden. Dan pas is het goed. Maar omdat niemand dit expliciet zegt, en in plaats daarvan met ‘verklaringen’ komt waarom een bepaalde vorm van stemgebruik verkeerd is, gaan vrouwen zelf óók twijfelen over wat ze zeggen en hoe ze dat zeggen. Al die kritiek blijft niet zonder gevolgen. Het tast het zelfvertrouwen van vrouwen aan.

Regisseuze Jill Soloway meent dat deze zelftwijfel nog een andere oorzaak heeft. Niet alleen verliezen vrouwen hun zelfvertrouwen als ze zoveel kritiek krijgen op hun stemgeluid (en de onderwerpen waar ze over willen praten), maar daarnaast is de man het subject, de norm. Vrouwen zijn vaak de vreemde Ander, de afwijking. Ook dat heeft negatieve effecten:

I just want all the female creators to keep an eye out for that thing that says don’t do it, it’s not good enough, it’s not ready and you’re not right, and know that that’s the uninvited guest that’s always going to be there in your unconsciousness. That’s a product of growing up other, of growing up as not the subject. You think there’s something wrong with your voice all the time.

Vrouwen opereren in een giftige omgeving. Er is moed en veel inzicht voor nodig om het woord te nemen en te praten over onderwerpen waar je warm voor loopt of belang bij hebt. Maar ondanks al het ongemak rond vrouwenstemmen zit er niets anders op dan toch stug door te praten. En de onderliggende patronen aan het licht te brengen en te bekritiseren. De ervaring leert dat mensen kunnen wennen aan situaties, en zich aanpassen. Dus hoe meer vrouwen aan het woord komen, hoe gewoner het wordt en hoe minder gezeur over vrouwenstemmen er ontstaat.

‘Dark Fate’ heeft een vrouwvriendelijk, politiek hart

De nieuwste Terminator film Dark Fate draait in de bioscopen en als SF fan moest ik die natuurlijk zien: drie vrouwen in de hoofdrollen! En, volgens Amerikaanse recensenten, de beste uit de reeks sinds Terminator 2. Bekeken door een politieke- en genderlens biedt deze Hollywoodproductie een verrassend scherp randje. Om daarover meer te zeggen zijn SPOILERS onvermijdelijk. Dus, wil je erheen maar heb je de film nog niet gezien, wacht dan met het lezen van dit artikel.

SPOILER ALERT

Ok je bent er nog? Mooi. Dark Fate komt creatief gezien uit de koker van mannen. Tim Miller regisseerde een verhaal van mannelijke scenaristen, waaronder James Cameron, bekend van de eerste twee Terminator films. Alleen bij het screenplay komt een vrouwennaam voor, namelijk Gale Anne Hurd. Zij speelde als producer en schrijver een belangrijke rol bij de eerste twee Terminator films en is gewend om in mannenbolwerken te functioneren. Zo zei ze in een interview voor het blad The Verge dat ze het etiket ‘bitch’ omarmt, omdat het betekent dat ze haar werk goed doet:

“I embrace being a bitch. No guy would be called that. You’ve got to remember that,” she stressed. “There is no equivalent term for a guy. So it’s really not being a bitch. It is standing up for yourself, defending yourself, and speaking out.” The trick, Hurd said, is being fastidious and prepared, both to take advantage of opportunities when they arise, but also so mentors and allies can go to bat when bias gets in the way

Hurd, Cameron en Miller gaven in aanloop naar de film aan dat ze alle films na Terminator twee zouden negeren, en het verhaal zouden oppakken waar Terminator 2 eindigde. En ook al domineren mannen het creatieve deel, ze geven ruim baan aan vrouwen. In Dark Fate blijkt dat Connor de toekomst niet definitief heeft kunnen veranderen aan het slot van T2. Een ander bedrijf heeft een ontwikkeling op gang gebracht die uiteindelijk leidt tot het ontstaan van robots die de mensheid uit willen roeien. Cue de klassieke scenes met aanzwellende windvlagen, elektrische ontladingen, witte lichtbollen waar naakte mensen uit tuimelen, en de jacht kan beginnen op iemand die in het hier en nu een bedreiging voor de robots vormt.

Het scenario biedt diverse genderomdraaiingen. MacKenzie Davis neemt met het personage Grace de rol op zich die Michael Biehn in de allereerste Terminator film speelde. Zij is de moedige soldaat uit de toekomst, die haar leven geeft om de hoop van de mensheid te redden. Ze maakt haar entree naakt – volgens de Terminator regels kun je niks meenemen uit de toekomst. Op geen enkel moment vertoont de cameravoering hijgerige trekjes. De beelden seksualiseren haar niet. Ze is ook geen mannelijke fantasie van een rondborstige krijgsheldin. Dat was een bewuste keuze, vertelt de actrice in een interview met Vulture, de cultuurbijlage van New York Magazine:

I know it was a real concern of Tim’s — and [for] me, too, and I’m sure with all of us. I was privy to conversations about me and my costuming and the way I looked. He didn’t want it to be sexy, and he didn’t want it to be a sweaty male version of a warrior. He was like, “I don’t want it to be filtered in that way. I want her to look like a soldier.” I really think we did that.

Degene die gered moet worden om de mensheid een kans te geven tegen de killer robots is deze keer geen jongen, zoals John Connor, afgekort J.C. (jawel), maar een jonge vrouw met een gekleurde huid, Dani Ramos (gespeeld door Natalia Reyes). Daarover later meer, maar eerst Linda Hamilton. Grace en Dani’s eerste confrontatie met een moordende Terminator dreigt verkeerd af te lopen, maar redding komt in de vorm van Sarah Connor. Zo krijgen we eindelijk Linda Hamilton weer te zien in haar iconische rol. Ze krijgt een geweldige entree:

Hoe vaak zie je een zestig-plus actrice in zo’n scene? Bij mannen is dit doodgewoon – Sylvester Stallone, Nicolas Cage, Liam Neeson, de lijst oudere actiesterren is behoorlijk lang. Als het daarentegen gaat om actrices, lijkt het wel alsof Hollywood gelooft dat vrouwen na hun dertigste niks meer voorstellen. Oudere vrouwen in actierollen komen zelden voor. Helen Mirren had veel lol met grote geweren in de Red films, maar dan heb je het ook wel gehad. Daarom is het een welkom gezicht om Hamilton, 61, fit, strijdbaar en krachtig op te zien treden. Samen met Mirren doorbreekt ze de symbolische vernietiging waar vrouwen algemeen, en oudere vrouwen in het bijzonder, vaak onder lijden als het gaat om onze cultuur.

Ook als het gaat om de reddersrol speelt de film met gender. Een tijdlang – nogmaals: SPOILER ALERT – speelt het script met onze verwachtingen. In de eerste twee afleveringen van de Terminator reeks draaide alles om de zoon die Sarah zou baren en, eenmaal geboren, moet beschermen. Het lijkt erop alsof dit ook voor Dani Ramos geldt – dat zij de moeder wordt van degene die de robots de pas af snijdt. Pas vrij laat bekent supersoldate Grace dat het geen moer uitmaakt wat er met haar baarmoeder gebeurt. Het gaat om haarzelf. Zij, Ramos, een jonge vrouw, zal zich ontwikkelen tot de leider van het verzet. De robots willen haar vermoorden omdat zij persoonlijk hun ondergang zal bewerkstelligen.

Met dit gegeven doet de film niet alleen iets leuks met gender (de vrouw als mens! De vrouw als leider! Een Mexicaanse die ons redt!) maar levert ook indirect commentaar op het politieke klimaat in de V.S. Sinds zijn campagne van 2016 heeft president Trump het gemunt op buitenlanders, waaronder Mexicanen en breder, Latino’s. Hij spreekt regelmatig over Mexicanen als een horde uitvreters, die de V.S. willen overspoelen om werk af te pakken en witte vrouwen te verkrachten. Ook doet hij er alles aan om voldoende fondsen te verzamelen voor het bouwen van een muur op de grens met Mexico. Een muur die de Mexicanen zelf zouden moeten betalen, als het aan hem ligt.

De schandalen rond de muur haalden niet altijd de Nederlandse media, maar we konden hier in ons land wél meelezen met de excessen van Trump’s immigratiebeleid. De concentratiekamp achtige faciliteiten, waar brute bewakers baby’s en kleine kinderen van hun ouders scheidden en iedereen opsloten in kooien, haalden breed het nieuws. In die context is het opvallend dat één van de actiescenes plaats vindt in zo’n detentiekamp voor immigranten, en dat de redder van de wereld een Latina is. Dat is een politiek statement, zoals onder andere het blad Rolling Stone in een recensie van de film schrijft:

You can feel the movie occasionally poking at stuff outside the multiplex, especially when it stages an early set piece inside an immigration detention center along the Tex-Mex border. (A major blockbuster making a Latinx woman the savior of humanity at this particular moment in time is a political statement, whether you care to recognize it as such or not.)

Met dit alles toont Dark Fate een politiek, vrouwvriendelijk hart. Niet slecht voor een commerciële Hollywoodproductie 😉

Mona Eltahawy: woede is slechts het begin

Woede. Deze bij vrouwen alom sociaal afgekeurde emotie beleefde de afgelopen tijd een feministisch eerherstel. Verschillende auteurs, zoals Soraya Chemaly, Rebecca Traister en Brittney Cooper, publiceerden kort na elkaar boeken waarin ze vrouwen opriepen boosheid te omarmen en te gebruiken als energie voor verandering. Nu komen daar zes noodzakelijke zonden bij, uit de koker van auteur Mona Eltahawy. Want woede is niet genoeg, stelt ze. Wil je als vrouw knellend seksisme doorbreken, dan heb je meer nodig. Zoals ambitie, lust en vulgariteit.

Eltahawy’s nieuwe boek De Zeven Noodzakelijke Zonden voor Vrouwen, verschijnt deze week en is in zekere zin een vervolg op haar eerdere werk, in het Nederlands vertaald met de titel Hoofddoek en Maagdenvlies. In haar boek over de Arabische Lente en een broodnodige seksuele revolutie, stelde Eltahawy dat zulke bewegingen vrouwen vaak in de kou laten staan, omdat die vastzitten in een drietrap van patriarchale systemen: de staat, de straat, en thuis.

Op al die terreinen botsen vrouwen aan tegen taaie structuren die hun stem smoren, hen kansen ontnemen, hun vrijheid beknotten, en veel persoonlijk leed veroorzaken, bijvoorbeeld in de vorm van huiselijk en seksueel geweld. Wil je op die drie terreinen iets bereiken als vrouw, dan heb je drie D’s nodig: ”defy, disobey, and disrupt”, zoals ze het zo mooi samenvat in magazine Electric Literature. Oftewel: weerstaan, overtreden, en verstoren.

In haar nieuwe boek doet Eltahawy een beroep op de getallen zeven en acht. Inclusief woede ziet Eltahawy zeven noodzakelijke zonde voor vrouwen, om, geconfronteerd met die drietrap van onderdrukking, meer vrijheid af te dwingen. Inderdaad, dwingen, want Eltahawy denkt dat noodzakelijke revolutie voor vrouwen niet vanzelf op gang komt.

Zo krijgen vrouwen vaak te horen dat ze met een zachte stem, lieve glimlach en veel geduld vanzelf zullen bereiken wat ze willen. Waarna vrouwen decennia vastzitten in gesprekken die niets opleveren, wachten, wat ook niets oplevert, en toenemende frustratie, waar je geen uiting aan mag geven want dan verander je in een enge boze heks en meppen mensen je terug in je hok als je niet uitkijkt. Zie de taaie strijd voor het vrouwenkiesrecht, voor een voorbeeld van die dynamiek. Op een gegeven moment was het genoeg en moesten vrouwen wel over gaan tot hardere acties, om een democratisch basisrecht te veroveren.

Eltahawy stelt in interviews dat dat moment voor het feminisme nu ook (weer) gekomen is. Ze is klaar met geduld, lief zijn, en wachten. Het is wat haar betreft hoog tijd voor het inzetten van zeven emoties of eigenschappen, die samenlevingen meestal veroordelen in vrouwen. Zoals de zonde van vulgariteit. Vrouwen behoren beleefd te blijven en rekening te houden met gevoelens van anderen. Schelden en vloeken kan écht niet, foei! Op die manier werkt de eis van lief/beleefd zijn als een knevel, die voorkomt dat vrouwen openlijk zeggen wat ze bedoelen en met de vuist op tafel slaan als het moet. Omarm je vulgariteit, dan kan dat alles veranderen, stelt Eltahawy in een opiniestuk voor NBC News:

…whenever I stand at a podium to give a lecture, I begin with my declaration of faith: “F**k the patriarchy.” Whether I am lecturing on feminism in Lahore, Pakistan or Dublin, Ireland or Johannesburg, South Africa or New York City, my declaration never changes. […] In my experience, almost nothing can match the power of profanity delivered by a woman at a podium, unapologetically. Because how many women — not to mention women of color — are ever even invited to the podium? And of those, how many, when they get on stage, still begin almost as if they are asking for permission to speak? I say f**k to honor the power of “radical rudeness,” as perfected by Ugandan scholar and feminist Stella Nyanzi.

Die kracht en duidelijkheid zijn hard nodig, want het patriarchaat is hardnekkig. Eltahawy ziet dat stelsel als een octopus, met acht verschillende tentakels. Die tentakels hebben namen zoals racisme, homofobie en kapitalisme, maar ze komen voort uit hetzelfde zenuwcentrum, het patriarchaat, signaleert ze.

Dit soort verbanden, tussen patriarchaat en andere onderdrukking, is al langer bekend. Daarom zijn vrouwen ook zo boos, signaleert auteur Kate Harding:

everybody just keeps acting like all of this is brand new, because they don’t want to listen to women. Which is, in a nutshell, why we’re so angry.

En waarom mensen zoals Eltahawy blijven proberen de situatie open te gooien en verandering te bewerkstelligen. Dan ga je vanzelf patronen herkennen. Zoals bijvoorbeeld de link tussen vrouwenhaat en rechts-extremisme.  Of neem een conservatieve populist zoals Bolsonaro in Brazilië, die vrouwenhaat, vermengd met racisme, inzet om het Amazonegebied vrij te geven voor mijnbouw, houtkap en grootschalige commerciële landbouw. Smaakjes verschillen, maar de mannelijke leiders van dit soort regimes hebben met elkaar gemeen dat ze vrouwen niet voor vol aanzien en hun baarmoeder willen beheersen, signaleert Eltahawy. Leiders uit totaal verschillende landen en culturen vinden elkaar bijzonder makkelijk, om ‘echtgenotes van’ te beledigen of geweld tegen vrouwen makkelijker te maken.

Weerstaan, overtreden en verstoren is een gepaste reactie, als je geconfronteerd wordt met zo’n octopus.

Naar Nederlandse begrippen kan haar boodschap overkomen als ‘te radicaal’. Eltahawy heeft in ons land geen goede pers gekregen, bijvoorbeeld toen ze in april dit jaar een debat in De Balie afzegde. De Balie vond dat ze dat om verkeerde redenen deed, en op Twitter piekten de anonieme trollen die het etiket ‘aandachtshoer’ op haar voorhoofd plakten. Wat columniste Meredith Greer tot de opmerking bracht dat het wel erg vreemd is, dat alleen vrouwen uitgescholden worden voor aandachtshoer. Ons land telt allerlei mannen die aandacht willen en ophef veroorzaken, maar over hen geen onvertogen woord:

Mona Eltahawy wil aandacht. Ze schrijft boeken en gaat daarmee op tournee. Slavoj Žižek schrijft ook boeken en wil ook aandacht. Jordan Peterson ook. Brett Easton Ellis ook. Wat is dan het verschil tussen een aandachtshoer en iemand die aandacht wil? […] …geen van die mannen kreeg er een standje voor. Geen van hen hoefde in rare kronkels te wringen om maar aardig en bescheiden over te komen. Niemand heeft Theo van Gogh bijvoorbeeld ooit een aandachtshoer genoemd.

Kortom, een dubbele moraal. Om dan te kunnen zeggen ‘fuck the patriarchy’ kan een enorme opluchting zijn. En ja, ook in Nederland hebben we dat nodig. In Nederland morrelen Christelijke partijen aan het zwaar bevochten recht van baas in eigen buik. Hebben we rechtspopulisten zoals Geert Wilders en Thierry Baudet, die vrouwen vooral zien als instrument om tot hun witte, mannelijke heilstaat te komen. Plaatsen partners, werkgevers en familieleden vrouwen onder zware sociale druk om zich te schikken in de rol van halve in het anderhalfverdienersmodel. En beschikken we nog steeds niet over een goede aanpak van seksueel geweld. Zo blijft verkrachting zo vaak onbestraft, dat je kunt stellen dat daders vrij spel hebben. En neem je in het openbaar ruimte in, dan krijg je spreekkoren van het type ‘daar moet een piemel in’.

In zo’n klimaat is een stevigere reactie absoluut gepast. In Nederland en in de rest van de wereld. De eerste recensies van de Zeven Noodzakelijke Zonden voor Vrouwen zijn dan ook lovend. Kirkus Review noemt het boek bijvoorbeeld ‘A striking anti-patriarchal manifesto‘. Dus, neem eens een kijkje in je plaatselijke boekhandel. En uitgeverijen, zorg aub voor een vertaling in het Nederlands. Wat je ook van Eltahawy vindt, haar boodschap is prikkelend, uitdagend en taboedoorbrekend. Je zult je niet vervelen met haar boek 😉

Bergen data leggen seksistische patronen bloot

Amerikaanse partijprogramma’s bevatten gemiddeld slechts 3% tekst specifiek over vrouwen. Kledingvoorschriften op school zijn vooral tegen meisjes gericht en seksualiseren hun lichaam. Wij mensen staan bevooroordeeld tegenover boeken van schrijfsters, en beoordelen hun werk stelselmatig als minder literarair en minder belangrijk dan het werk van schrijvers. Hoe weten we dat? Omdat mensen open data en grote bergen gegevens kunnen analyseren met behulp van computers. Die bergen data leggen seksistische patronen genadeloos bloot. Wetenschappers en sites zoals The Pudding doen leuke dingen met de verzamelde inzichten.

Open data en het analyseren van grote hoeveelheden onderzoeksgegevens rukken op. Het CBS omschrijft open data als ‘vrij toegankelijke datasets die eenvoudig door computers verwerkt kunnen worden’. Daarnaast verzamelen wetenschappers grote hoeveelheden informatie, waar ze daarna software op los laten. Beide methodes maken inzichtelijk hoe wij mensen denken en handelen. De resultaten zijn, als het gaat om gender, meestal niet fraai. Maar hoe confronterend ook, ze helpen wel om zichtbaar te maken wat er gebeurt, en bevorderen het bewustzijn. Daarna kun je er hopelijk iets aan doen….

Voorbeelden? Neem taalkundige Corina Koolen. Zij onderzocht met behulp van computers de oordelen die lezers geven over de literaire kwaliteit van romans. In een heel interessant artikel legt ze de methode uit, en zet ze een aantal uitkomsten op een rijtje. Zo kan software bepaalde woorden herkennen, die vaak samen voorkomen in de context van een beter of minder goed beoordeelde roman. Koolen: ” ‘mobiele telefoon’ is meer typisch voor romans met een lage score, ‘de oorlog’ voor romans met een hoge score. Los doen deze elementen niet altijd veel, maar opgeteld kunnen ze aardig de gemiddelde scoren voorspellen.”

Kijk je op die manier naar een dataset, dan blijkt al snel dat auteurs veel overeenkomsten vertonen. Een los stuk tekst geeft geen enkel inzicht in de sekse van de auteur. Maar als de naam van de auteur bekend is bij de lezer, zodat die weet of het een man of een vrouw is, beoordelen lezers het werk van die vrouwelijke auteur prompt als lager, minder:

Uit de computeranalyses blijkt dat de stijl van een tekst veel meer wordt bepaald door het genre, dialoog en narratief dan door het gender van de auteur. ‘Het gaat dus vooral om perceptie: vrouwelijke auteurs zijn geen andere soort, zij schrijven – net als mannelijke auteurs – in de stijl van het genre dat zij beoefenen. Er wordt vaak een ‘idee van vrouwelijkheid’ in teksten van vrouwelijke auteurs gelegd. Bovendien kunnen lezers niet uitleggen waarom ‘vrouwelijk’ gelijk staat aan laag-literair en ‘mannelijk’ niet. Een man die op zoek is naar zichzelf, is het onderwerp van een bildungsroman. Een roman over een vrouw die dat doet, is in de perceptie van de lezer sneller een ‘vrouwenboek’. Het is allemaal heel subtiel en alle lezers doen er – vaak onbewust – aan mee. Blijkbaar haakt de lezer bij het beoordelen van de tekst onbewust te veel in op die elementen die stereotypen bevestigen.’

Wat Corina Koolen doet met literair onderzoek, verheft een site als The Pudding tot grote hoogte. De mensen achter deze Amerikaanse website benutten open data, zoals verkiezingsprogramma’s van politieke partijen in de V.S., of kledingvoorschriften op scholen, om er vervolgens visuele essays van te maken. Zo bleek uit de analyse van de teksten van verkiezingsprogramma’s dat Amerikaanse partijen specifieke vrouwenkwesties compleet negeren. Zelfs in jaren waarin je zou mogen verwachten dat er aandacht voor is, zoals tijdens de Seneca Falls conferentie, de strijd voor het kiesrecht, campagnes om vrouwen naar de fabriek te lokken tijdens de tweede wereld oorlog, en de strijd voor legale abortus, schitteren vrouwenkwesties door afwezigheid. Zie ook de youtube video van The Pudding hierboven in de tekst.

The Pudding heeft nog veel meer van dit soort mooie producties. Hoe zit het bijvoorbeeld met die kledingvoorschriften? In de meeste gevallen blijken de ge- en verboden meisjes harder te treffen dan jongens. En brengen veel scholen een seksistisch verband aan tussen het sexy uiterlijk van meisjes, en het schaden van de concentratie van mannelijke leerlingen en docenten met hun  te sexy aanwezigheid. Bedek jezelf, slet, anders leid je mannen af van hun Belangrijke Taken! Geen boodschap die je een elfjarige wil geven, maar het gebeurt. En meisjes pikken die boodschap op en gaan zich schamen voor hun lijf. Niet goed.

Andere interessante en leuke visuele essays die de moeite waard zijn om te bekijken: Het lijkt erop alsof mannen met hogere stemmen zingen dan vroeger. Klopt dat? LGBTQ mensen trokken vaak naar steden om te ontsnappen aan strikte sociale controle in kleine dorpen. Welke rol speelt gender in de keuze voor een stadswijk? Onder andere de loonkloof – doordat vrouwen minder inkomen verdienen, zijn lesbische stellen veroordeeld tot de goedkopere buurten. Homoseksuele stellen concentreren zich in exclusievere wijken. Lees verder in Mannen zijn van Chelsea, Vrouwen zijn van Park Slope. En hoe lang moet een vrouw gemiddeld reizen om in de V.S. een abortuskliniek te bereiken? Die vorm van medische zorg blijkt steeds ontoegankelijker te worden…

The Pudding, van harte aanbevolen.

Rock and Roll: vrouwen van het eerste uur

Waar het schrijven van een scriptie al niet toe kan leiden. Van een onderzoek naar muzikantes in de Rock&Roll, naar een uitgebreide website met database op internet waar je zo uren zoet bent als je ergens op begint te klikken. De scriptieschrijfster: Leah Branstetter, die haar studie voor musicologe afsloot met een onderzoek naar Rock and Roll artiesten uit de jaren vijftig. De site: Women in Rock.

Branstetter kwam tot haar thema nadat ze haar hele leven gehoord had dat vrouwen niet actief waren in Rock and Roll. Het zouden alleen mannen zijn geweest, die in de jaren vijftig de basis legden voor dit genre. Het probleem ligt diep en is structureel. Over welke periode je ook spreekt, vrouwen komen er niet aan te pas. Zo telt de beroemde Amerikaanse Hall of Fame waar het Rock and Roll betreft niet meer dan circa 8% vrouwelijke artiesten.

Branstetter geloofde er niets van, dat vrouwen geen deel uit zouden maken van de Rock and Roll. Ze dook de geschiedenis in en trof honderden artiesten aan, die in de beginjaren van het muziekgenre stevig aan de weg timmerden. Breed, als artiest en muzikante, maar ook in allerlei andere rollen, zoals songwriter:

And many more participated in other ways: writing songs, owning or working for record labels, working as session or touring musicians,designing stage wear, dancing, or managing talent—to give just a few examples. It is true that women’s careers didn’t always resemble those of their more famous male counterparts. Some female performers were well known and performed nationally as stars, while others had more influence regionally or only in one tiny club. Some made the pop charts, but even more had impact through live performance.

Branstetter ging gedegen te werk. Magazines willen nog wel eens op de proppen komen met lijstjes vrouwen die opgenomen zouden moeten worden in overzichtswerken en Hall of Fame lijstjes. Branstetter doet dit ook, maar neemt een indrukwekkende bronnenlijst mee. Wie de Engelse taal beheerst vindt daar allerlei interessante boektitels, onderzoeken en andere bronnen. Handig voor mensen die zelf aan de slag willen of zelf ander onderzoek willen doen naar gender en muziek.

Het hart van de site vormen uiteraard de biografieën van allerlei min of meer vergeten vrouwen, die in de jaren vijftig impact hadden op de Rock and Roll scene. Regelmatig komt er weer een portret van een artieste bij, dus het loont de moeite om regelmatig een kijkje te nemen. Women in Rock voorziet ook in interviews met artiesten. Tot nu toe staan er gesprekken op de site met mensen zoals Beverly Ross, Wanda Jackson, Linda Gail Lewis en Laura Lee Perkins. Branstetter stelde ook een Spotify lijst samen, zodat mensen de muziek kunnen beluisteren.

Branstetter’s site werd zeer lovend ontvangen. Voor meer over haar werk, zie bijvoorbeeld: Open Culture over de lancering van de site, of Far Out Magazine over de betekenis van deze vroege pioniersters.

WK voetbal komt eraan!

Het WK voetbal komt eraan. Duitsland begint goed met een aankondigings spotje dat meteen viraal ging. Geniet ervan en reserveer 7 juni (openingswedstrijd) alvast in je agenda!

Culturele prestigeproducties laten vrouwen vallen

Als Avenger’s Endgame en Game of Thrones één ding duidelijk maken, dan is het wel dat vrouwen er in deze verhalen zeer, zeer bekaaid vanaf komen. Ze gaan dood, om de ontwikkeling van mannen meer diepgang te geven of om mannendromen in vervulling te laten gaan. Of ze flippen zodra ze macht krijgen. De boodschap is steeds dezelfde: mannen gaan voor, vrouwen zijn eng en/of overtollig. Endgame draait al een tijdje dus dat zou ok moeten gaan, maar LET OP: SPOILER WARNING voor Game of Thrones.

Laten we beginnen met Endgame. Deze film-kolos domineert Nederlandse bioscopen en vormt het sluitstuk van een hele reeks Marvel films. Die hele serie – de verschillende Thor films, films rond Iron Man, Ant Man, de voorgaande Avengers ensemble titels, enz., allemaal zijn deze producties zwaar gedomineerd door mannen, zowel voor als achter de schermen:

Though the phrase “cinematic universe” implies showing viewers a vast, well, universe, it’s clear simply by examining the basic facts that we’ve been presented largely with a world featuring white men.

Als je gaat turven blijkt al snel dat vrouwen bijna geheel ontbreken bij het schrijven en regisseren van de verhalen. De enige (één, 1) vrouw die tot nu toe op dat vlak iets mocht doen, was Nicole Perlman. Ze was co-auteur van het scenario van Guardians of the Galaxy. Pas met het recent uitgekomen Captain Marvel komen er wat vrouwen bij: Anna Boden is mede scenarioschrijver en mede-regisseur van die film. Alle andere ruim 20 producties zijn maaksels van veelal witte mannen. En dat is zeer problematisch:

It’s not just about who is at the table, but what those people bring to the table and the work that comes from it—what we see onscreen and then how we process the world because of that.

Als je gaat turven wordt meteen pijnlijk duidelijk dat die witte mannen in bijna alle standalone films, op Black Panther en Captain Marvel na, kozen voor een witte man als hoofdpersoon. En verhalen vervolgens op zodanige wijze vertellen, dat vrouwen eindigen als het zichzelf opofferende hulpje van zo’n wit mannelijk personage, of de love-interest van een witte mannelijke hoofdpersoon, of degene die sterft. Bedenk bijvoorbeeld dat zowel Gamora als Black Widow de enige vrouw in verder geheel uit mannen en als mannelijk voorgestelde dieren bestaande ensembles zijn. En voilà, beide vrouwen sterven uiteindelijk.

De enige vrouw in de groep, en hup, dood. Wat een toeval (not). Bovendien krijgt hun dood veel minder aandacht – en dus ook minder gewicht, minder status – dan de dood van een enkele man. Black Widow komt in Avengers Endgame bijvoorbeeld nauwelijks meer ter sprake na haar dood, terwijl Iron Man geëerd wordt met tragische muziek en trage beelden van rouwende mensen en zijn uitvaart.

De dominantie van witte mannen leidt duidelijk tot blinde vlekken, vertekeningen in de beeldvorming, en een belabberde behandeling van vrouwelijke personages. Het leidt tot koppen zoals DC versus Marvel, welk filmuniversum is seksistischer?

Dan Game of Thrones. Ook dit betreft een cultureel prestigeproduct. De serie kluisterde acht seizoenen lang miljoenen mensen aan de buis en wordt wel gezien als het laatste televisie evenement waarbij iedereen verenigd naar hetzelfde kijkt. Ook in dit geval ontstaan de verhalen in de context van een enorme dominantie van witte mannen.

Ook hier kun je gewoon turven: het bronmateriaal zijn boeken van een witte man. Witte mannen David Benioff en D.B. Weiss waren de drijvende krachten achter de serie. Zet alle seizoenen en alle afleveringen op een rij, en al snel blijkt dat er slechts één (1) vrouwelijke regisseuse was, Michelle MacLaren, en drie vrouwelijke scriptschrijvers, te weten Jane Espenson, Vanessa Taylor en Gursimran Sandhu. Espenson and Taylor schreven bovendien voor het laatst iets voor episodes uit 2013 en kwamen daarna niet meer aan bod. Dat is het. Dat is alles. Voor de hele serie. Bij seizoen 8 ontbraken de vrouwen geheel.

De dominantie van mannen, mannen en nog meer mannen is helaas slecht nieuws voor de vrouwelijke personages. Net zoals in het Marvel filmuniversum zie je dat de mannen achter Game of Thrones zeer bedenkelijke keuzes maken rond hun vrouwelijke personages. Ze lijken deze personages wat autonomie en macht te geven, om ze daarna aan het einde compleet te verraden en/of voor gek te verklaren. The Daily Beast noemt dat de meest nare erfenis van de serie, deze manier waarop de makers vrouwelijke personages afbreken. Effe op een rijtje:

  • Sansa die in de aflevering The Last of the Starks beweert dat al het seksuele geweld haar tot een sterkere vrouw maakte. Bedankt, vrouwenmishandelaars en verkrachters, jullie deden goed werk!
  • Cersei als waanzinnige koningin, wreed en niet voor rede vatbaar, verblindt door het verlies van haar kinderen (iets wat de vader, Jaime, totaal niet lijkt te deren, hij blijft wel ”gewoon” functioneren – dubbele moraal)
  • De stoere Brienne eindigt in een soort huisgewaad terwijl ze haar man smeekt om haar niet te verlaten want ze is zo verliefd op hem en hij is zo geweldig en… en…. VERLAAT MIJ NIET, boehoehoe! Van haar functie aan het nieuwe hof ziet de kijker alleen dat ze de herinnering aan haar geliefde Jaime zo gunstig mogelijk voorstelt in de kronieken
  • Jaime wenste aan de zijde van zijn zus en geliefde te mogen sterven, en voilà, de mannelijke scenarioschrijvers en regisseurs geven hem dat. Niemand vraagt wat Cersei vindt, haar laatste scenes bestonden vooral uit wijn drinken terwijl ze passief uit het raam staart, en haar dood komt als een anticlimax.
  • Missandei, zo’n beetje de enige vrouw met een gekleurde huid die een rol van betekenis had, wordt onthoofd. Haar dood dient vervolgens vooral om het verhaal van een witte vrouw, Daenerys, te stutten
  • Daenerys – alle haar omringende mannen twijfelen of ze wel kan leiden en oorlog voeren, vanwege haar afkomst. Diezelfde mannen weten dat Jon Snow dezelfde afkomst heeft, maar zien dat bij hem vooral als bewijs dat hij een goede leider zal zijn. Dubbele moraal. Daarna tonen de mannelijke regisseur en scenarioschrijvers een aflevering later dat die wijven inderdaad, zoals verwacht, gek worden zodra ze daadwerkelijk een troon in zicht krijgen

Wat die laatste ontwikkeling betreft signaleert Business Insider dat de mannelijke makers in de personage van Cersei en Daenerys alle seksistische clichés rond vrouwelijke leiders tot walgelijke bloei brengen. Hun personages zijn te emotioneel instabiel om te leiden, en beiden eindigen in een Mad Queen versus Mad Queen catfight:

Though “Thrones” would never explicitly endorse the idea that women are unfit to rule by design, these moments implicitly add fuel to that bias. They strengthen the convictions of people who already hold that worldview.

Daarnaast signaleert onder andere feministe en auteur Sad Doyle dat deze verhalen uit de koker van mannen blijk geven van een diepe angst voor vrouwen die macht krijgen:

Men fear powerful women, because they know that women have always had cause to fear powerful men. Men fear that women’s power will be violent, because they use their power to rape, assault, and beat us. Men fear that women’s power will be temperamental and despotic — that they will be forced to fear our every mood swing and obey our every irrational whim — because men have been raised to believe that their women should tend to them, cater to their whims, hang on the thread of their good graces. Men don’t fear “female power,” in the abstract. They fear being treated like women; they’re afraid that, when we win, they die.

In dit wereldbeeld, signaleert Doyle, zien mannelijke makers liever dat een vrouw overgeleverd is aan de mannen om haar heen en allerlei (seksueel) geweld over zich heen krijgt. Ze mag dan een slachtoffer zijn, maar als mens is ze in ieder geval nog ”goed”, moreel deugt ze:

….when Daenerys goes nuts, and becomes a wicked genocidal dictator who must be deposed, I am remembering her rape scene. Basic story logic: That was the beginning of her arc, this is the end, and we are being asked to see what has changed. It was a journey from powerlessness to power, but now we know this makes it a journey from good to evil, too. What you are telling me, when you make Daenerys a power-mad despot, is that it was better for her to be powerless. It was better for her to be on her knees, with a stranger’s dick forced inside her, than it was for her to be a queen. Power turns Dany bad, and her badness hurts everyone, so it was better for the whole world for that little girl to get raped, over and over and over, than it was for her to find her power.

In dat verwrongen wereldbeeld ben je als vrouw altijd de klos. Je staat bloot aan eindeloze agressie. Maar zodra je als vrouw wat zeggenschap krijgt over wat er met je gebeurt, zijn de rapen helemaal gaar. In die situatie lijkt het voor de mannelijke makers de enige normale keuze om een man in de buurt te hebben, die zo’n waanzinnige vrouw vermoordt zodra ze te gevaarlijk wordt. Dat overkomt Daenarys uiteindelijk. Het is zo’n dom, seksistisch einde voor een van de meest fascinerende figuren uit de serie, dat zelfs actrice Emilia Clarke in het openbaar kritiek uitte op deze gang van zaken:

…after just one pep talk from Tyrion about how someone really ought to stop that crazy lady, Jon is able to walk up to an inexplicably unguarded Daenerys and stab her? The Mother of Dragons left not with a bang, but with a whimper. […] Emilia Clarke admitted to struggling with it, saying in a recent interview that she still “stands by” Daenerys. “If I were to put myself in [Jon Snow’s] shoes,” she said. “I’m not sure what else he could have done aside from … oh, I dunno, maybe having a discussion with me about it?Ask my opinion? Warn me?

Maar in een wereld vol bange mannen is dit niet aan de orde. De heks moet dood. DOOD!!! Zie ook Kate Manne’s nu al klassieke werk Down Girl – the logic of misogyny. De serie, die vanaf het begin al kon rekenen op ladingen kritiek vanwege de vele seksistische elementen in het verhaal, komt aan het slot uit op een plat ‘bitches are crazy’ en redding moet van witte mannen komen. Meer zit er niet in bij de heren schrijvers en regisseurs.

Vergeten vrouwen komen terug in beeld

Decennia lang stonden de vrouwen anoniem op foto’s van opgravingen van het prehistorische dorp Skara Brae. Het waren toeristen, heette het. Dagjesmensen die het leuk vonden om de beroemde archeoloog Gordon Childe aan het werk te zien.  Nu pas, anno 2019, krijgen de vrouwen een naam. En blijkt dat zij net als Childe archeoloog waren, en als professionals meewerkten aan de opgravingen.

Professor Dan Hicks, van de universiteit van Oxford, gebruikte social media om de vrouwen op de foto’s een identiteit te geven. Via Twitter vroeg hij of iemand de vrouwen herkende. Dat beroep op collectieve wijsheid werkte. Familieleden gaven de namen: Margaret Simpson, die genoemd wordt door Childe in zijn verslag van het onderzoek naar Skara Brae, Margaret Mitchell en Mary Kennedy, afgestudeerde archeologen, en Dame Margaret Cole, die als archeologe werkte voordat ze begon aan een carrière als schrijfster van misdaadromans.

Dat de vrouwen weggezet werden als toeristen is opmerkelijk, omdat de foto’s duidelijke aanwijzingen geven dat ze aan het werk waren. Verblind door de overtuiging dat alleen mannen als archeoloog meewerkten aan de opgravingen van 1929, zag iedereen over het hoofd dat een van de vrouwen gereedschap vasthoudt. En dat er een laag modder op hun stevige schoenen zit, zodanig dat ze overduidelijk dag in dag uit in de kuil hadden gestaan.

Dit geval van ziende blind zijn staat helaas niet op zichzelf. Zo gingen archeologen er decennia lang klakkeloos vanuit dat het skelet in een Vikinggraf van een man moest zijn, als er een zwaard bij lag. Zwaard = man, duidelijk. Pas toen jaren later serieus onderzoek plaats vond naar de skeletten, bleek ongeveer de helft van de graven met zwaard van een vrouw te zijn. Opeens kantelde het beeld – de helft van de stoere Vikingkrijgers was vrouw. Vrouwen deden gewoon mee aan invasies.

Hetzelfde gebeurde in versterkte mate met een beroemde vondst uit Zweden. In de late negentiende eeuw vonden archeologen het graf van een overduidelijk belangrijk persoon. Het skelet lag begraven met twee paarden, prachtig bewerkte schilden, een strijdbijl, zwaarden, pijl en boog. Dit moest wel een grootse Vikingleider (m) zijn geweest. Rond 1970 vond botonderzoek plaats en ontstond voor de eerste keer twijfel. Misschien was het een vrouw. Dat kon niet:

But the grave goods! Forget the physical characteristics of the skeleton itself, the occupant had to be male.

Het duurde tot 2017 voordat verder onderzoek onomstotelijk bewees dat deze Vikingkrijger een krijgster was. Met grote krantenkoppen tot gevolg.

Je vraagt je af hoeveel andere vrouwen de geschiedenis uitgeschreven zijn. Wie kent Gwerful Mechain nog? Deze dichteres uit Wales schreef in circa 1480 een ode aan de vagina, en componeerde een poëtische vloek om vrouwenmishandelaars schrik aan te jagen:

A dagger through your heart’s ire—on a slant
To reach your breast bone
May your knee break, your hand wither
And your weapons go to your enemies.

Je kunt zó de lijn doortrekken van de middeleeuwen naar de Vagina Monologen van Eve Ensler, en werken over mannelijke agressie en (seksueel) geweld tegen vrouwen van de eerste, tweede, derde, vierde, vijfde feministische golf. Zolang de situatie niet fundamenteel verandert, blijven vrouwen protesteren tegen misstanden en minachting. We hebben wat dat betreft een zeer lange geschiedenis van verzet en revolutie.

In ieder geval zorgt de huidige generatie ervoor dat steeds meer vergeten vrouwen terug in beeld komen. Ook in Nederland. Dankzij historica Els Kloek en collega’s beschikken we nu over een overzicht van 1001 vrouwen uit de Nederlandse geschiedenis. Superhandig als een straatnamen commissie voor de zoveelste keer niet verder komt dan oude witte mannen – het percentage van slechts 12% straten vernoemd naar een vrouw kan probleemloos stijgen naar 50%. Kijk maar in het boek van 1001 vrouwen en het vervolg, 1001 vrouwen uit de twintigste eeuw. Zo krijgen vrouwen opnieuw een gezicht, herinneren we hun namen weer. Els Kloek:

“Vrouwen waren betrokken bij grote gebeurtenissen zoals de kiesrechtstrijd, de Tweede Wereldoorlog, de wederopbouw en de jeugdrevolte. Maar ook minder bekende gebeurtenissen komen aan bod. Zo weten weinig mensen dat Beatrix de Rijk als eerste Nederlandse vrouw in 1911 een vliegbrevet haalde en dat vanaf 1958 een vrouw, Jakoba Mulder, als directrice van de Dienst Publieke Werken jarenlang alle stedenbouwkundige beslissingen in Amsterdam nam.”

Ook in andere landen schrikken mensen wakker. Zo kreeg de Amerikaanse krant New York Times kritiek omdat de door de redactie geschreven overlijdensberichten – in de V.S. een gezaghebbend genre journalistiek – zich voornamelijk op mannen richtte. Alsof vrouwen niks betekenden.

De redactie begon daarop project Overlooked – over het hoofd gezien. Lezers konden kandidaten aandragen voor een postuum bericht over hun leven en werk, en de redactie dook in de eigen archieven. Nu, een jaar later, blijkt dat de rubriek een belangrijke rol speelt in de bewustwording. Mensen zijn alerter op de prestaties van vrouwen, aandacht voor hun rol verbreed je horizon, en het project vergroot de betrokkenheid van lezers bij de krant. Win-win-win. Dat er nog maar vele ontdekkingen mogen volgen.

Vaarwel, Vonda McIntyre….

Ai, wat jammer. Vonda McIntyre, SF auteur en winnares van de Hugo en Nebula Award, overleed eerder deze week op 70-jarige leeftijd. Nederlandse uitgeverijen brachten vertalingen op de markt van haar romans en verhalen Droomslang, Kamp Schroefkop en De Banneling. Daarnaast is ze bekend van StarWars verhaal De Kristallen Ster, en de romanversie van Star Trek film De Wraak van Khan. Maar ze schreef veel meer, dus wie de Engelse taal beheerst kan haar lol op en prachtige romans ontdekken. Vlak voor haar dood voltooide ze nog een laatste roman, Curve of the World.

Dat is het nadeel als je SF begint te lezen in de jaren tachtig: de grootheden die destijds indruk maakten, bereiken nu allemaal de leeftijd waarop ze langzamerhand komen te overlijden. Ik schreef eerder al over leven en werk van Joanna Russ. Sheri Tepper , Octavia Butler en Ursula LeGuin, andere auteurs wiens werk me raakte. En nu dus Vonda McIntyre.

Ik ontdekte haar in de jaren tachtig, zoals zo vaak tijdens bezoekjes aan plekken waar ze tweedehands boeken verkochten. Ik deed mijn voordeel met wat ik toevallig aantrof. En omdat ik in die tijd mijn feministische bewustzijn ontwikkelde, was ik misschien extra gevoelig voor schrijfsters die afweken van traditionele SF met witte mannen in de hoofdrol en vrouwen alleen aanwezig als klapvee, slachtoffer of liefje van. Lees bijvoorbeeld dit verslag van een journalist die de ‘klassieken’ herlas. De verhalen komen anno nu (2015) schokkend seksistisch en racistisch over. Je zou het genre bijna in de prullenbak gooien:

It was the repeated emphasis of the relative powerlessness of women, their status of objects or things to be won, that almost makes me want to write off the whole genre as a lost cause. […] There was also the utter lack of imagination when it came to putting women in danger. While male characters were faced with death (which, is a pretty good motivating force for anyone) there were so many books where to put a woman in danger was to have her raped,  threatened with rape or threatened some other sort of sexual servitude.

Daarom was en is het werk van schrijfsters zo belangrijk: ze ondermijnden of doorbraken het witte man als held- stereotype, sloegen nieuwe wegen in, dachten na over rolpatronen en gaven ons complexe heldinnen die hun eigen verhalen vertelden.

Vonda McIntyre las in haar jeugd veel science fiction en begon al op jonge leeftijd haar eigen verhalen te schrijven. In 1971 richtte ze een schrijversgroep op, Clarion West Writer’s Workshop. Het korte verhaal Of Mist, and Grass, and Sand ontstond een jaar later naar aanleiding van een schrijfopdracht van deze Clarion West schrijversgroep. Deelnemers kregen willekeurig gekozen woorden uit twee categorieën, landbouw en techniek, en moesten op basis daarvan een kort verhaal schrijven. McIntyre kreeg de woorden ‘slang’ en ‘cow/’koe’  en wist in eerste instantie niet goed wat ze met die termen aan moest:

Now, I don’t know how I ended up with what I would assume to be two pastoral words, unless for some reason Avram thought “snake” was a technological word; but that’s what I ended up with. And a friend of mine said, “Ha ha ha, why don’t you write a story with a protagonist named Snake?” And I said, “Oooh-kay.” I went back to my room and started thinking about the story, and I couldn’t figure out how to use the word “cow” until I figured out that you could use it as a verb, as in “frighten.” And that’s where the beginning of the story started.

Uiteindelijk leidde dat tot een verhaal waarmee ze een Nebula won. Het verhaal veranderde later ook in het eerste hoofdstuk van de roman Droomslang, waarmee ze in 1979 een Hugo Award won.

Destijds was McIntyre pas de derde vrouw die onderscheiden werd met een Hugo, en Droomslang was een omstreden winnaar. In die tijd hikten veel lezers aan tegen de verwijzingen naar kindermisbruik in het verhaal, en de manier waarop McIntyre over seks schreef. Verkrachting vanuit een mannelijk perspectief beschreven vonden mensen lange tijd prima, zie hierboven, maar een vrouw die vanuit vrouwelijk perspectief over seks schrijft? En terloops duidelijk maakt dat vrouwen hun vruchtbaarheid kunnen reguleren, zodat de daad voor hen vrij blijft van stress en het gevaar van ongewenste zwangerschappen? Huuuuuuuuu!

McIntyre bleef een succesvolle auteur, speelde een actieve rol in de sf schrijversgemeenschap, stimuleerde vrouwen om verhalen te vertellen en geldt als een van de groten in feministische SF. Met haar romans uit het StarWars en Star Trek universum won ze vele nieuwe fans. Onder andere de StarTrek fanclub reageerde dan ook met verdriet op haar overlijden. Benieuwd wat ze ons nog gaat brengen met Curve of the World. Nog één keertje genieten van haar schrijftalent….

Apocalypse: Nick Fury doet de afwas!!!!

Mannen met een fragiel ego hadden het al moeilijk met de komst van Captain Marvel. Maar nu deze film daadwerkelijk in de bioscopen draait, blijkt dat de ondergang van de wereld nabij is. Je wordt namelijk geconfronteerd met beelden van stoere held Nick Fury die de afwas doet. Het is de Apocalypse! Het einde van de man!! Aaaargh!!!

Het is altijd vermakelijk om te zien wat er gebeurt zodra vrouwen ruimte innemen in de populaire cultuur. Genderperikelen op dat gebied zeggen namelijk iets over de machtsverhoudingen tussen de seksen. Je kunt niet zijn wat je niet ziet, bijvoorbeeld, dus het is veelzeggend als meisjes en vrouwen in films, series enz. onzichtbaar zijn of alleen tweede viool mogen spelen. En als je een keer de hoofdrol hebt, hoeveel weerstand levert dat dan op? Mag je er zijn, anno 2019, of bevind je je als vrouw in zo’n geval prompt in een mijnenveld vol hatelijke mannen die je het liefst weer zo snel mogelijk terug de keuken in willen beuken? Zijn mannen al een beetje opgeschoten in hun denken?

Iedere keer als er een grote Hollywoodproductie op het witte doek verschijnt, met vrouwen in de hoofdrol, komen die vragen terug. Bij Captain Marvel begon de ellende al bij de aankondiging van de productie. Voor de context: het is voor het eerst in 11 jaar dat Marvel Studios een film produceert met een superheldin in de hoofdrol. Daarvoor hadden we van de concurrent Wonder Woman, en daarna komt er een hele tijd helemaal niks. Decennia lang draaide alles om de mannelijke superhelden.

Kortom, het was echt hoog tijd dat wij vrouwen ook eens bediend werden. Dat is voor vrouwen een nieuwe ervaring. Zo merkte filmrecensente Floortje Smit wat het doet met je kijkplezier als een film jou als doelgroep serieus neemt:

Misschien was het het moment dat mijn oog viel op die poster van zangeres en vroegere idool PJ Harvey, achter de telefooncel waarin Carol Danvers alias Captain Marvel vanaf de aarde contact probeert te maken met haar eigen planeet. Of toen ik opveerde bij het nummer van de britpopband Elastica, dat ik grijs heb gedraaid als tiener. Of wellicht lag het aan Danvers Nine Inch Nails-shirt, de favoriete band van mijn eerste vriendje. Het lijkt wel, dacht ik, alsof Captain Marvel opzichtig naar mij (vrouw, bijna 40) persoonlijk zit te knipogen. […] Jezelf terug zien op het scherm, meer uiteenlopende rolmodellen, het is allemaal belangrijk. Maar in Captain Marvel merkte ik wat identificatie ook betekent: het idee dat een film met jou in het achterhoofd gemaakt lijkt, vergroot simpelweg het kijkplezier.

Wat vrouwen leuk en fijn vinden, kan echter zeer bedreigend zijn voor mannen, als die alles zien in termen van ‘winst voor vrouwen = verlies voor mannen’. Ze begonnen zich in de aanloop naar de premiere al breed te maken. Marvel/Carol Danvers zou niet genoeg glimlachen in de trailer. Mannen verdrongen elkaar op Youtube om luidkeels te verkondigen hoe superslecht de trailer en de film zijn. Honderden vooral mannelijke kritikasters togen naar recensiesites als Rotten Tomatoes om Captain Marvel bij voorbaat de grond in te boren – dus nog voordat ze de film konden zien. Vrouwen die zulke mannen bekritiseerden om dit hatelijke gedrag, kregen de volle laag.

Die agressieve houding duurt voort nu iedereen de film in de bioscoop kan zien. De ergste angsten van dit soort fragiele mannen worden bewaarheid – volgens hen staat Captain Marvel bol van de mannenhaat en is het een naar, verdeeldheid zaaiend stuk propaganda. Iets wat deze categorie mannen al eerder brulde toen Mad Max Fury Road uitkwam en Wonder Woman het slagveld van de Eerste Wereld oorlog betrad. Er hoeft maar een heldin om de hoek te gluren, of penissen verschrompelen en mannen gaan jankend het internet op om hun leed te verkondigen. Ze hebben het zwaar, heel zwaar.

Captain Marvel doet niks om dat mannenleed te verzachten. Integendeel, de film geeft mannen een extra trap in hun ballen. Ga maar na:

  • Nick Fury doet de afwas! (= boze vrouw castreerde hem, zijn mannelijkheid is weg)
  • De vader van Carol Danvers doet gemeen! (= mannenhaat, om zoiets in een film te tonen)
  • Danvers belandt in een videotheek en schiet in een reflex door het bordkartonnen hoofd van Arnold Schwarzenegger!
  • Een vent op een motor doet gemeen tegen Danvers! (= mannenhaat, om zoiets in een film te tonen)
  • Vrouwen nemen teveel ruimte in! (= mannenhaat, om zoiets in een film te tonen)

Kortom, het is erg, heel erg.

Gelukkig zijn er ook verstandigere mensen op de wereld. Captain Marvel doet het commercieel gezien heel goed. De studio haalde op de premieredag in de V.S. een omzet van 61 miljoen dollar. ”Met 302 miljoen dollar was Captain Marvel de op twee na beste internationale première van de studio, en de beste maart-opening ooit”, meldt Medianieuws. Het publiek bestond tot nu toe voor 55% uit mannen, dus het is echt niet zo dat zij deze film mijden. Integendeel, de zalen vertonen een mooie diversiteit en m/v verdeling.

Je mag hopen dat de opeenstapeling van bewijs filmstudio’s eindelijk de moed geeft achterhaalde mythes te verwerpen, van het type ‘vrouwen vergiftigen je omzet’. Onzin. Je kunt prima geld verdienen als vrouwen de hoofdrol hebben. Het zou fijn zijn als we uit het ‘bewijs het nog maar een keer’ patroon kunnen stappen. Zodat studio’s structureel, regelmatig en welgemeend gaan investeren in diversiteit en verhalen waar vrouwen centraal staan. Meer kijkplezier voor meer groepen, wat valt er in hemelsnaam te verliezen?

Fonkelend van woede aan het lezen slaan

Hoera, Nederland is een boek rijker over woede, en dat kunnen we in tijden van de Woman’s March en 100 jaar stemrecht voor vrouwen goed gebruiken. Een week of wat geleden schreef ik over een drietal boeken over woede, en zei ik dat uitgeverijen die maar snel in het Nederlands moesten vertalen. Welnu, dat was al aan de gang toen ik schreef, want vanaf 16 april ligt Fonkelend van Woede in de boekwinkels.

Uitgeverij De Geus zorgde ervoor dat we in de vertaling van Patricia Piolon kennis kunnen nemen van een scherp, helder betoog van feministische auteur Soraya Chemaly. De andere twee boeken die ik noemde, Good and Mad van Rebecca Traister, en Eloquent Rage van Brittney Cooper, zijn vooralsnog alleen in het Engels te lezen.

En Nederland? Over een paar dagen, 20 maart, lanceert critica en columniste Marja Pruis een nieuwe feministische leeslijst. Want wat is feminisme eigenlijk? Met ‘eerlijk delen en niet slaan’, de definitie van Anja Meulenbelt, kom je een heel eind. Maar de praktijk is natuurlijk weerbarstiger, diverser en complexer dan dat. Das Mag kondigt de leeslijst aan als ”een essaybundel over oude en nieuwe helden, radicale denkers, zachte eenlingen en dromers en drammers als Sylvia Plath, Maggie Nelson, Clarice Lispector, Renate Dorrestein en Audre Lorde”. Ik ben benieuwd!

In België zorgt uitgeverij Houtekiet voor twee nieuwe titels waar het feminisme centraal staat. Dit voorjaar verschijnt bij deze uitgeverij een bundel van  Dirk Verhofstadt. Hij stelde met veertien vrouwelijke auteurs een boek samen over evenveel beroemde feministes. Griet Vandermassen buigt zich over het feminisme en de evolutietheorie.

100 jaar stemrecht voor vrouwen levert ook nieuwe titels op waar feminisme duidelijk een rol speelt – dat isme was immers dé kracht die ervoor zorgde dat vrouwen eindelijk democratische rechten wisten te veroveren. In De Hoogste Tijd geven Jantine Oldersma, Kees Niemöller en Monique Leyenaar een indringend beeld van deze lange, taaie strijd.

Als lezer kun je zelf oog in oog staan met die geschiedenis. Aletta Jacobs en Frederike S. van Balen-Klaar schreven eind negentiende eeuw een pamflet om te pleiten voor vrouwenkiesrecht, en dat betoog is digitaal beschikbaar voor iedereen die het wil lezen. Zeer geduldig en ontzettend beleefd behandelen beide vrouwen de redenen die mensen aanvoeren m vrouwen uit de stemlokalen te weren, en verwerpen ze naar de prullenbak als kul, hypocriet geneuzel en domheid. Je kunt hun strijdbare betoog lezen met dank aan Gutenberg.org, een organisatie die rechtenvrije werken publiceert en ook andere geschriften van Aletta Jacobs beschikbaar maakte voor een breed publiek. (Voor Nederland: zie Atria, die het archief van de vrouwenbeweging beheert en een schat aan boeken, vaandels, pamfletten, voorwerpen en andere materialen bewaart.)

Enfin, zomaar een greep uit de nieuwe lading boeken die uitgeverijen rond deze tijd publiceren. En waarom lezen? Nou, om even terug te keren naar Das Mag en de feministische leeslijst van Marja Pruis:

Je kunt een leven lang over feminisme nadenken, feminist zíjn, maar toch telkens opnieuw uitgedaagd worden om te bedenken wat het nou precies is. Vooral als er een nieuwe generatie feministen aan de deur klopt, speelt die vraag weer op. Wat Marja Pruis helpt bij het vinden van een antwoord? Boeken.

Veel leesplezier! En stem 20 maart op een vrouw, he.

Groepen mannen jagen vrouwen op

Er komt meer en meer aandacht voor een oud fenomeen: mannen verenigen zich in groepen en gaan op vrouwen jagen. Hun doelwitten zijn onder andere schrijfsters en journalistes, maar ook fictieve personages en de actrices die hen uitbeelden. Steeds opnieuw betreft het mannen die kwaad zijn omdat een vrouw bestaat, en/of omdat ze iets doet of zegt waar de heren het niet mee eens zijn. Meest recente voorbeelden: de structurele pesterijen van mannelijke journalisten in Frankrijk tegen hun vrouwelijke collega’s, Hallie Rubenhold (die een boek schreef over de vijf vrouwen die Jack the Ripper waarschijnlijk vermoordde) en de hetze tegen Captain Marvel (actrice Brie Larson).

Nee, niet alle mannen slaan om zich heen zodra ze vinden dat fictieve of echte vrouwen teveel ruimte innemen. Maar alle vrouwen hebben er wel een keer mee te maken gehad. Voordat je het weet ontstaat er groepsgedrag. Mannen geven dat zelf ook expliciet aan, door een naam voor hun kudde te verzinnen. Zoals Incels, Ripperologen, Sad Puppies, Wolvenroedel, of Ligue du Lol. Het eindresultaat blijft hetzelfde: een heksenjacht op meisjes en vrouwen, besmette boeken en films, leed alom.

Laten we de voorbeelden wat nader bekijken. Hallie Rubenhold was het zat dat Engelse historici verlekkerd schreven over Jack the Ripper, inclusief uitgebreide beschrijvingen van wat hij allemaal deed met de prostituees die hij tot slachtoffer maakte. Ze besloot de levens van de vijf gedode vrouwen onder de loep te nemen. Waren dat inderdaad prostituees, zoals ook Nederlandse geschiedenissites klakkeloos blijven beweren? Hoe kwamen ze eigenlijk op straat terecht? Hoe zag hun jeugd eruit, waar woonden ze, wat gebeurde er met hen?

Deze vragen waren niet eerder zo indringend gesteld. Haar zoektocht leidde tot een fascinerend boek, The Five, met de levensverhalen van Mary Ann “Polly” Nicholls, Annie Chapman, Catherine Eddowes, Elizabeth Stride en Mary Jane Kelly. Het feit dat ze dit deed kwam haar prompt op hoon en haat van mannen te staan:

She’s been receiving criticism from Ripperologists for the last eight months; one forum thread dedicated to pulling apart her book in advance of its publication extends to more than 100 pages of comments. “It is tantamount to a witchhunt,” she says. “A woman is saying things they don’t like. They think, ‘You can’t write about this or be an authority on this unless you come through us, or talk about our work, you can’t be accepted.’ They’re disparaging me as a person and a book they haven’t read. It is extraordinary.”

Ik maakte ‘a book they haven’t read” even vetgedrukt, omdat dit vaker gebeurt. Niemand uit het gewone publiek heeft bijvoorbeeld Captain Marvel nog gezien. De film kwam pas uit op 8 maart 2019. Toch togen honderden mannen weken daarvoor al naar recensiesites zoals Rotten Tomatoes om de film bij voorbaat de grond in te boren. Hetzelfde gebeurde een paar jaar geleden ook al met de Ghost Busters film uit 2016, waar vrouwen de hoofdrollen vervulden. En met Star Wars, The Last Jedi, omdat Rey de hoofdpersoon was en een bepaalt type man daar niet tegen kon.

De felle groepsreacties maken dat boeken, films of personen een negatieve lading krijgen. StarWars, The Last Jedi geldt als de minst succesvolle film uit de reeks – een controversiële film waar je als criticus niet meer over moet schrijven, want dat leidt maar tot gezanik. Onbegrijpelijk als je kijkt naar de positieve recensies van ”officiële” filmjournalisten, en de omzet van ruim een miljard dollar. Ander voorbeeld: er komt een nieuwe remake van de Ghostbusters. De regisseur verklaarde in het openbaar dat zijn film de 2016 versie zal negeren en dat hij de Ghostbusters ‘terug wil geven aan de fans‘. Fans die geen vrouwelijke wetenschappers willen zien, die om zich heen slaan zodra ze hun zin niet krijgen. Lekker dan!

De haat heeft ook ernstige gevolgen voor de doelwitten. Zo bleken Franse journalisten jarenlang vrouwelijke collega’s aangevallen te hebben. Ze verenigden zich expliciet in een Liga – de ‘Ligue du LOL’, en pestten vrouwen niet alleen online, maar ook in het ‘echte’ leven. Bijvoorbeeld door nep sollicitaties op te zetten en de beelden van een vernederend gesprek daarna te verspreiden. Vrouwen zegden daarop de journalistiek vaarwel, of misten kansen omdat de daders invloed hadden in de mediawereld, en ervoor zorgden dat hun mannenmaten de baan kregen.

Een andere groep mannen besloot zichzelf de Wolvenroedel te noemen – in het Spaans: La Manada de Lobos. De leden, José Ángel Prenda, Jesús Cabezuelo, Jesús Escudero, Ángel Boza en ene A.M.H. vielen als groep een 18-jarig meisje aan om haar te verkrachten. Ze gebruikten WhatsApp om berichten en video’s van de verkrachting te delen.

Of neem de Sad Puppies. Mannelijke auteurs en conservatieve fans verenigden zich onder die noemer uit protest tegen de toenemende aanwezigheid van vrouwen en etnische minderheden in science fiction en fantasy. Ze vielen mensen uit die doelgroepen aan en nomineerden ‘hun’ werken voor de Hugo Awards – romans en verhalen uit de koker van blanke mannen.

Hier en daar proberen mensen deze grimmige dynamiek te stoppen. Zo greep Rotten Tomatoes in om valse recensies te weren. Mensen kunnen vanaf nu pas kritieken uploaden als een film daadwerkelijk in de bioscopen draait, niet eerder. De Franse journalisten die door de mand vielen met hun seksistische pesterijen, kregen hun ontslag of werden op non-actief gesteld. Daaronder zogenaamd progressieve mannen, zoals Vincent Glad, die schrijft voor de krant Libération, en drie journalisten van de Huffington Post. En de Hugo Award organisatoren weigerden prijzen uit te reiken aan door de Sad Puppies voorgedragen werken van uitgeverijen zoals Patriarchy Press. (Ja echt).

De aanvallen leggen ook seksisme bloot, waarna je er stelling tegen kunt nemen. Zo gebruikte actrice Brie Larson haar bekendheid als wapen tegen mensen die vonden dat ze niet genoeg glimlachte in de eerste trailer van Captain Marvel. Ze Photoshopte daarop geforceerde grijnsmonden op mannelijke Marvelfiguren. Want die glimlachen ook niet vaak in hun trailers of op posters, maar daar klaagt niemand over. Het resultaat is voorspelbaar raar en vervreemdend:

Zo krijgen de hatelijke groepen van het type Incel, LOL of Sad Puppy grenzen opgelegd, ondervinden ze negatieve effecten van hun agressie en worden meer mensen zich bewust van de voortwoekerende vrouwenhaat. Hopelijk gebeurt dat steeds vaker, en krijgen groepen mannen die vrouwen haten steeds minder ruimte.

Emancipatiegolf in het land van kinderboeken

Diversiteit is goed voor ieder kind, betoogt Reza Kartosa-Wong in het Parool. Diversiteit in de literatuur is broodnodig in onze moderne samenleving, betoogt Sayonara Stutgard in diezelfde krant. Heeeej, Nederlandse boekenwereld, het wordt hoog tijd dat uitgevers, lezers en recensenten het werk van schrijfsters serieuzer nemen, stelde Corina Koolen vorig jaar, met de onderzoeksgegevens om dat standpunt te onderbouwen. Zelfs meisjes van 11 zetten tegenwoordig campagnes op om te pleiten voor meer diversiteit in kinderboeken. Het lijkt wel een golf….. Komt er eindelijk ruimte voor een bredere blik?

Er lijkt een emancipatiegolf op handen te zijn als het gaat om boeken en de verhalen die we lezen. Tot nu toe zaten we op een nogal eenzijdig dieet. Ouders namen hun toevlucht tot fora om andere ouders te vragen of er voor hun dochters alternatieven waren voor de vele jeugdboeken waarin jongetjes de hoofdrol spelen. Die komen er gelukkig steeds meer. Hadden meisjes in 1972 in tien procent van de verhalen een hoofdrol, in 2006 was dat gestegen naar veertig procent.

De omgeving van die heldin blijft echter opvallend jaren vijftig. De heldin heet zelden Fatima. Als er dieren in een verhaal voorkomen, blijken die meestal als mannelijk omschreven te zijn. En volwassenen met beroepen houden zich keurig aan klassieke rolpatronen. Lezers komen vooral mannen tegen, in mannenberoepen zoals politieagent. Komt er een keer een vrouw voor met een baan, dan is ze juf of verpleegkundige, constateert Zo Ook.

Op die manier voeden fantasieverhalen uit de kokers van auteurs een wereldbeeld waarbij vrouwen vooral steunen, zorgen, troosten en een mannelijke held helpen, in een wereld bevolkt door werkende mannen in rollen van autoriteit en met de mannelijke held als centrale punt.

Dit wereldbeeld heeft gevolgen voor beeldvorming in de echte wereld. Uit onderzoek blijkt bijvoorbeeld dat kinderen van vijf ‘slim zijn’ nog zien als een kwaliteit van zowel jongens als meisjes. Rond hun zesde vindt een omslag plaats. Vanaf die leeftijd claimen jongens genialiteit voor zichzelf. Meisjes zwichten voor de sociale boodschappen die ze constant horen en vinden zichzelf juist niet slim meer. Zelfs als ze aantoonbaar beter zijn dan jongens, blijkt uit onderzoek van de universiteiten van Illinois (V.S.) en New South Wales (Australië).

Maar er is nog een ander, vervelend gevolg: als je als jongetje jezelf constant ziet als het centrum van alles, leer je af om je te verplaatsen in andere mensen en andere situaties, betoogt Kartosen-Wong. Juist (blanke) jongetjes zouden er als mens beter van worden als ze empathie ontwikkelen met meisjes, vrouwen, en kids uit andere culturen, door verhalen via hun standpunt te lezen. Hij ziet dat jongens daar gelukkig steeds meer kansen voor krijgen. Als leestips geeft hij onder andere:

  • Bedtijdverhalen voor rebelse meisjes
  • Tori en het vervolg Trobi van de Amsterdamse kunstenaar Brian Elstak
  • Brown girl magic van de Vlaamse schrijfster Dalilla Hermans
  • Rocca en het geheime toverrecept van Sharid Alles
  • Cyrus & Farnaz over 7 grenzen van Mark van Waes (over kinderen die zijn gevlucht naar Europa)
  • Het lammetje dat een varken is van Amsterdammer Pim Lammers (Het eerste transgenderprentenboek)

Daarnaast krijgen boeken die verder kijken dan het witte jongetje, steeds meer waardering. Zo won Annet Schaap allerlei prijzen met Lampje. Het verhaal draait om de dochter van een vuurtorenwachter, die na een scheepsramp als dienstmeid aan de slag moet in het Zwarte Huis van een admiraal. In dat huis zou een monster wonen, maar of dat klopt is de vraag….

Meer diversiteit nodig in het boekendieet van je kids? Platform Hebban stelde lijsten op voor kinderen in diverse leeftijdscategorieën. Zoals die met titels voor kinderen van drie tot zes jaar. Je kunt ook eens kijken bij de Feminist Aid Kit, met boeken voor peuters en kleuters die meiden en vrouwen meer te doen geven dan alleen het hulpje zijn van… De beer van Ursula van Rindert Kromhout en Sandra Klaassen, Koning en Koning van Linda de Haan en Stern Nijland, er zijn echt leuke boeken, als je goed zoekt. Dan kun je tegenwicht bieden aan de oude rolpatronen en wordt de kans groter dat je meiske van zes zich op die leeftijd nog steeds als even slim beschouwt als de jongens. Wie weet.

Lekker lezend het nieuwe jaar in

2018 was een veelbewogen jaar, en dat leverde vele mooie artikelen, essays en analyses op. Hieronder een totaal niet representatieve greep uit de goudberg, om heerlijk lezend en denkend het nieuwe jaar in te gaan. Veel plezier!

  • Weblog De Tweede Sekse bestond in november tien jaar. Gezien het gure klimaat waarin feministen moeten opereren, is dat een hele prestatie. In een terugblik schrijft de redactie dat er destijds geen enkele Nederlandstalig feministisch blog bestond, ”dus begonnen we er eentje”.  Het allereerste artikel ging in op goedaardig seksisme. Denk ‘o, vrouwen zijn zo geweldig met kinderen’, waarna je als vrouw onderbetaald wordt, minder vaak promotie krijgt, en mensen je prestaties niet serieus nemen want waarom blijf je niet bij je kinderen. Dat genre. Gewone media hebben nog steeds veel te weinig aandacht voor dit soort vormen van seksisme, dus het werk van het weblog blijft broodnodig.
  • Eidolon magazine gooide dik een jaar geleden het roer om en besloot de Griekse en Latijnse klassieken vaker te bespreken vanuit andere invalshoeken. Denk feministisch, antiracistisch, enz. Dat leidt onder andere tot mooie besprekingen van romans waarin auteurs het personage van Briseis uit de Ilias centraal stellen. En aandacht voor de lange, lange geschiedenis van mannen die tekeer gaan tegen echtgenotes.
  • Marie Claire gaf in 2018 ruimte aan een longread over feminisme. Met als conclusie: ”We moeten niet proberen om het probleem op te lossen door vrouwen te ‘fixen’, te ‘wapenen’. Vrouwen veranderen heeft geen zin. Je kan ze eindeloos weerbaar maken tegen geweld, maar het houdt pas op als mannen ermee ophouden.”
  • #metoo, de door Tarana Burke opgezette campagne om solidariteit te tonen met vrouwen die het doelwit werden van seksueel geweld, maakte een doorstart. De beweging gooide in 2018 vanalles overhoop. En bracht wat Moira Donegan betreft een verschil in visie aan de oppervlakte. Een kloof tussen mensen die feminisme beschouwen als een individuele zelfredzaamheidsbeweging, en mensen die uitgaan van collectieve, verbindende idealen. Jezelf bij je schoenveters uit het moeras trekken, versus structuren en patronen radicaal veranderen.
  • In Plot Magazine, vakblad voor scenarioschrijvers, vraagt Mirjam Groen aandacht voor vrouwen in de Nederlandse film en televisiewereld. Uit de V.S. komen tegenwoordig allerlei producties die een feministisch bewustzijn tonen en tegenwicht bieden aan de mannelijke kijk op zaken en vrouwen. ”In Nederland lijkt de tijd qua films en series echter stil te staan”, constateert ze. ,,Ons belangrijkste vrouwelijke personage van de afgelopen filmjaren is Soof, die in al haar in bloemenjurkjes gestoken onhandigheid en warrigheid geruststellend niet-bedreigend is voor de status quo.” Groen roept op om andere verhalen over vrouwen te durven vertellen. De markt is er, nu de makers nog…..
  • Wat betreft film en televisie: de Graveyard Shift Sisters richten zich al een aantal jaar op de rollen van en verhalen over mensen met een gekleurde huid in het horror genre. Er gaat een wereld voor je open als je hun stukken leest. Kende je bijvoorbeeld Stephanie Jeter al? Of Sloan Turner? Of Justina Ireland? Allemaal regisseurs en auteurs, werkzaam in het genre. Leuk om kennis te maken met hun werk en een indruk te krijgen van de thema’s die hen bezig houden.
  • De Belgische feministe Ida Dequeecker blikte in mei 2018 terug op de tweede feministische golf in Vlaanderen. Ze kan dat doen vanuit een schat aan ervaring – Dequeecker speelde een belangrijke rol in die tweede golf en denkt na over feminisme toen en nu.
  • Hórmónar is de feministische punkband die we nú nodig hebben, kopte het blad Best Fit in oktober. Zangeres Brynhildur Karlsdóttir schrijft de teksten en legt uit dat ze allemaal op de een of andere manier gaan over hoe het is om opgevoed te worden tot vrouw in een patriarchale cultuur. Dat levert een feest aan herkenning op voor de fans: ,,“Trying to be a woman in a patriarchal society is enough to drive you mad, and punk offers an avenue to express justified anger about an unfair world. It is, after all, a tool to rebel against something, to stand in opposition to something morally wrong. I think that’s why women are flocking to punk these days‘.’
  • Feministe en auteur Laurie Penny schreef een essay over de effecten van internet. Internet haat vrouwen niet, stelt ze. Mensen haten vrouwen. Internet geeft hen alleen een middel om dat massaler, sneller en feller te doen. Of om zichzelf op te peppen voordat ze de straat op gaan en vrouwen dood schieten.
  • Autostraddle zette de 50 beste feministische boeken van 2018 op een rijtje. In de lijst staan een aantal titels die gelukkig al in het Nederlands vertaald zijn. Zoals Mijn jaar van rust en kalmte, geschreven door Ottessa Moshfegh. Of Circe, van Madeline Miller, bekroond met de Hebban lezersprijs. Rode Klok, van Leni Zumas. Andere boeken wachten nog op de vertaalslag. Zoals She Would Be King van Wayétu Moore, over de eerste jaren van wat nu de staat Liberia is.
  • Lithub publiceerde in 2018 talloze lezenswaardige artikelen. Ik heb al vaker aandacht besteed aan deze site omdat er zoveel interessants te vinden is. Zoals analyses van ophef over #metoo – ‘ze’ gaan te ver! Eh… nou nee. Het blad besteedt regelmatig aandacht aan poëzie van vrouwen uit inheemse gemeenschappen. Een mooie manier om kennis te maken met het werk van dichters zoals Abigail Chabitnoy, Tria Blu Wakpa, Heather Cahoon, and Sara Marie Ortiz, om er maar een paar te noemen. Maar ook politieke onderwerpen, zoals de impact van politiegeweld op zwarte vrouwen. En hoe mannen betere feministen kunnen worden. En wat te doen met bedrijven die feminisme gebruiken om spullen te verkopen, het zogenaamde ‘commerciële feminisme‘.

2019 brengt vast ook weer talloze mooie artikelen en essays vol nieuwe inzichten. Maak er een goed jaar van!

Mentale patronen zijn hardnekkig

Zelfs als je je bewust voorneemt iets te doen met diversiteit, kan het nog gedeeltelijk ”mis” gaan. Dat blijkt onder andere uit de ervaringen van auteurs die vaker vanuit het perspectief van een vrouwelijke hoofdpersoon willen werken, of lezers die meer schrijfsters willen ontdekken. De mentale patronen zijn hardnekkig. Je moet echt willen, want zodra je terugzakt in automatismen steekt de oude mannelijke, blanke canon weer de kop op…

Een mooi en hoopgevend voorbeeld biedt Anne Polkamp, een 29-jarige promovendus in de filosofie. Zij is op dit moment bezig met een papieren wereldreis – fictief ieder continent bezoeken en een roman uit ieder land lezen. Het was nadrukkelijk haar bedoeling de canon van blanke mannelijke auteurs te omzeilen en meer romans te lezen van vrouwen en mensen m/v/x met een gekleurde huid. Dat betekende dat ze per land bewust zocht naar andere stemmen dan de klassieke romans van gevestigde mannelijke auteurs.

Dat bewuste streven zorgde meteen voor verbetering. Oorspronkelijk bevatte haar boekenkast 78% mannelijke auteurs, voor 88% afkomstig uit Europa, Noord-Amerika of Australië en voor 95% blank. Na de eerste etappe van haar wereldreis zag de stapel van 32 gelezen boeken er al heel anders uit. Het aandeel vrouwen verdubbelde, van 22 naar 44%. Ook had ze veel meer werk gelezen van auteurs met een gekleurde huid.

Ondanks de verdubbeling was dat percentage van 44 voor Polak een teleurstelling. Ze had zo gericht gezocht naar schrijfsters, dat ze verwacht had dat ruim de helft van de boeken uit de pen van een vrouw was gevloeid. Nee dus:

Ik telde nog een keer, en nog eens, maar het resultaat bleef hetzelfde. Zou de literatuur zo worden gedomineerd door mannen dat ik zelfs in een project waarin ik nadrukkelijk op zoek ga naar extra veel vrouwen, niet verder kom dan 44%? Waar zijn alle vrouwen uit de wereldliteratuur?

De dominantie van mannen bleek hardnekkig. Daarom stelde ze haar plan bij. Voortaan neemt ze ook non-fictie mee bij haar keuze voor een boek uit een specifiek land. En welk land ze ook aan doet op haar literaire wereldreis, voortaan zal ze louter werk van schrijfsters lezen:

Het punt is niet dat ik mannen wil negeren. Het punt is dat ik vrouwen al bijna dertig jaar negeer. Het is tijd om te horen wat zij te zeggen hebben.

De hardnekkige blanke mannelijke dominantie komt niet alleen voor bij lezers, maar ook bij auteurs zelf. Zo sprak de recent overleden science fiction schrijfster Ursula Le Guin openlijk over haar worsteling om een verhaal te vertellen vanuit een vrouwelijke hoofdpersoon, en bij ‘magiër’ niet volautomatisch een beeld te krijgen van een blanke man. Zeg maar de SF en fantasy variant van ‘de manager is een man’ beeldvorming.

Zo gaf ze de held van de Aardzee-cyclus wél een gekleurde huid, maar de hoofdpersoon bleef een man. Pas in een later geschreven deel krijgt een vrouw een leidende rol in het verhaal. Ook bij De Linkerhand van het Duister viel ze terug op het mannelijke als norm. Ze schiep een androgyne maatschappij, waar buitenaardse wezens het grootste deel van de tijd sekseneutraal leven, maar bleef de personages in die situatie omschrijven met ‘hij’.

Later betreurde ze die taalkundige keuze. Ze werkte aan een gedachte-experiment, legde ze uit in een essay, en hoewel er veel goed ging, erkende ze dat haar roman op dit punt te wensen over laat. Naast de keuze voor ‘hij’,  toont ze de belangrijkste alien ook terwijl hij bezig is met activiteiten die we in onze cultuur associeren met mannen. Hij werkt in de politiek als premier, ontsnapt uit een gevangenis, trekt een slee over een ijsvlakte. De science fiction wereld die ze schept, komt zodoende zeer mannelijk over. Pas op latere leeftijd lukte het Le Guin om zich te ontworstelen aan dit soort oude patronen. Ze creëerde meer vrouwelijke personages en gaf die ook een dragende rol in haar romans en korte verhalen.

Kortom, het vergt een zekere inspanning, maar wie wil, komt er uiteindelijk wel.

Meer diversiteit in vier eenvoudige stappen

Van een filosofisch vakblad met maximaal 21% vrouwelijke auteurs en 0% mensen met een gekleurde huid, naar een vakblad met 54% vrouwelijke auteurs en 11% auteurs met een gekleurde huid. In een paar jaar tijd. Vooruitgang kán, toont Rebecca Kukla aan. Deze professor Filosofie aan de Georgetown University werd hoofdredactrice van het Kennedy Institute of Ethics Journal en maakte het tot haar missie meer diversiteit te bereiken. Dat lukte door vier stappen consequent door te voeren.

Rebecca Kukla

Toen Kukla het roer van het tijdschrift voor Ethiek over nam, trof ze een traditioneel blank mannelijk landschap aan. Stap 1 was dan ook: het net verder, dieper en breder het water in gooien en actief op zoek gaan naar filosofen uit andere hoeken. Dat lukte door een aantal themanummers uit te brengen over actuele onderwerpen. Zo besteedde het Ethics Journal aandacht aan de Amerikaanse verkiezingen. Trump levert een goudmijn op als je het wil hebben over ethiek, en niet alleen de geijkte vaste waarden in de filosofie schreven over de gang van zaken in 2016. Via de themanummers kon de redactie een jonger, diverser auteursbestand opbouwen.

Stap 2 was de introductie van boekrecensies. Kukla en haar medewerkers besloten bewust op zoek te gaan naar publicaties vanuit gemarginaliseerde groepen, met onderwerpen op het gebied van ras, etniciteit, feminisme, (politieke) repressie, anti-fascisme enzovoorts. De redactie kan zelf kiezen wie de recensies schrijft en zorgde ervoor dat uitnodigingen terecht kwamen bij andere deskundigen dan de geijkte blanke mannennamen van de standaard namenlijstjes.

Stap 3: het landschap zelf veranderen. Tot Kukla’s komst kondigde het blad zichzelf aan als een publicatie op het gebied van ethiek, met in ieder nummer gangbare filosofie op dat terrein. In overleg veranderde Kukla dit echter in ‘toegepaste filosofie’, een veel breder begrip, met een grotere nadruk op de praktijk, op wat er in de wereld gebeurt, en op actuele thema’s. Door deze verbreding kon ook de auteurspool breder en diverser worden.

Tot slot stapte het blad af van een ingewikkeld systeem van anoniem inzenden. Normaal gesproken zijn er drie lagen van anonimiteit, waarbij ook de hoofdredactrice niet weet wie welk stuk in zond. De filosofie wereld is echter behoorlijk klein. Zodra iemand een niet gangbaar onderwerp heeft of een herkenbare eigen schrijfstijl, heeft anoniem inzenden en behandelen nauwelijks zin. Iedereen die ingevoerd is in het wereldje, snapt meteen dat als het over onderwerp X gaat, het stuk hoogstwaarschijnlijk van Y afkomstig is, want Y is de enige in haar vakgebied die zich met X bezig houdt. Anonimiteit is dan een mythe. Leuk in theorie, maar in de praktijk werkt het niet altijd.

Om die reden zorgt Kukla er tegenwoordig voor dat redacteuren artikelen zoveel mogelijk anoniem beoordelen, maar dat zijzelf wél weet wie het schreef. Dat stelt haar in staat kritiek te voorzien van een context, en soms te verwerpen omdat onbewuste vooroordelen een rol zijn gaan spelen. Daarnaast kan ze auteurs de helpende hand toesteken. Soms heeft een stuk enorme kwaliteiten, maar komt het niet goed uit de verf omdat het taalgebruik niet op niveau is. In dat geval adviseert ze auteurs om een native speaker Engels te raadplegen en met die persoon de taal te fatsoeneren. Iemand kan het stuk dan opnieuw indienen en wie weet keurt de redactie het nu wel goed. In 85% van de gevallen komen artikelen niet door de ballotage heen, signaleert Kukla, dus de kwaliteit blijft hoog. Maar auteurs met achterstanden krijgen een eerlijkere kans.

Dit alles laat ook zien dat er een vijfde ingrediënt nodig is. De wil om te veranderen, om ook het werkterrein fundamenteel te veranderen, zodat meer mensen kansen krijgen. En dat volhouden en blijven waken voor de terugkeer van conservatieve denkpatronen, waardoor je terug kunt vallen in het standaard blank mannelijke repertoire. Daarover meer in een volgend stuk.

Is Kukla er nu? Nee. Van 0 naar 11% is een mooie stap, maar ze vindt het aantal gepubliceerde artikelen van mensen met een gekleurde huid nog veel te laag. Daar is nog werk aan de winkel. Ook mag er nog wel wat meer ruimte komen voor auteurs met een handicap, of auteurs die zichzelf identificeren als transgender. Maar nu ze deze vier ontwikkelingen tot staande praktijk heeft gemaakt, is er een veel grotere kans dat méér mensen óók toegang krijgen tot het podium van een gerenommeerd vakblad. En dat is heel mooi.

Mannen en vrouwen gamen even goed

Brekend nieuws: mannen en vrouwen spelen even goed videogames. Een grootschalig onderzoek onder duizenden deelnemers aan EverQuest II en Chevaliers Romance III wijst uit dat vrouwen even snel als mannen punten verdienen en hogere levels bereiken. Het enige verschil ontstaat door de omgeving. Waar mannelijke gamers als vanzelfsprekend geaccepteerd zijn en aanmoedigingen en complimenten krijgen, botsen vrouwen regelmatig aan tegen seksuele intimidatie en beledigingen van het type ‘meisjes kunnen niet gamen’. Dat werkt onzekerheid in de hand.

Games spelen lijkt triviaal, maar de onderzoekers die keken naar de speelstijlen van mannen en vrouwen wijzen erop dat videogames regelmatig een opstap vormen naar studies en loopbanen in de ICT of de techniek. Als vrouwen terugdeinzen vanwege vooroordelen en intimidatie, en minder gamen, missen ze dat opstapje vaker dan mannen. Zonde, want vrouwen hebben aantoonbaar talent voor dit soort beroepen. Daarom roepen de onderzoekers mensen op om vrouwen wat warmer welkom te heten als ze videogames spelen.

Vrouwelijke gamers rukken gelukkig op – gelukkig, want hoe meer vrouwen, hoe groter de kans dat hun deelname vanzelfsprekend en normaal wordt gevonden. In april dit jaar bleek dat vrouwen 70% uitmaken van de groep die spelletjes op hun smartphone speelt. Kijk je naar alle games, ook op consoles en computers, dan is de situatie bijna in evenwicht met circa 45% vrouwelijke gamers in de V.S. Wel blijkt dat mannen over het algemeen meer mogelijkheden hebben om langere periodes achter elkaar te spelen. In Nederland kan bijna driekwart van de mannelijke gamers sessies van meer dan een uur houden. Vrouwen lukt dat in 56% van de gevallen.

In hun studie naar game-prestaties signaleren de onderzoekers een aantal hoopgevende ontwikkelingen die vrouwen vaker een gelijke kans geven. Zo kunnen vrouwen zich steeds vaker aansluiten bij collectieven zoals ‘de PMS Clan‘. Onderzoek wijst uit dat leden van zulke collectieven zich zelfverzekerder voelen en minder kwetsbaar zijn voor hatelijke sneren. Dat komt hun online prestatie ten goede.

Daarnaast introduceren de producenten van online platforms steeds vaker middelen om spelers die zich rottig gedragen, een halt toe te roepen. Riot Games nam bijvoorbeeld The Tribunal op in de speelwereld. Als een speler laakbaar gedrag rapporteert, analyseren andere spelers de klacht en spreken een collectief oordeel uit. Wangedrag kreeg zodoende negatieve gevolgen voor de dader. En, verrassing: online lastig vallen van vrouwen nam daarna zichtbaar af. Niet alleen voor vrouwen, maar voor iedereen leverde dat een prettigere omgeving en meer speelplezier op. Top!