Category Archives: Geschiedenis

Maya Dusenbery breekt lans voor goede zorg aan vrouwen

Na het lezen van Doing Harm, van journaliste Maya Dusenbery, ben ik extra blij dat Women Inc en mensen zoals hartspecialist Angela Maas in Nederland actie voeren om vrouwen beter medisch te behandelen. Dusenbery boog zich over de behandeling die vrouwen ten deel valt in de spreekkamers van artsen. Zodra onduidelijk is of klachten een lichamelijke oorzaak hebben, zal het wel tussen de oortjes zitten. En omdat er zo weinig onderzoek plaats vind naar ‘typische vrouwenziektes’, zijn er volop leegtes waar artsen zulke vooroordelen in kunnen gieten. Zo ontstaat een vicieuze cirkel.

Dusenbery richtte Feministing.com op, een grote feministische website in de V.S. Alles verliep op rolletjes totdat ze opeens klachten kreeg en terecht kwam in een medisch circuit, gekenmerkt door artsen die geen onderzoek deden, steeds zieker worden, andere artsen opzoeken, weer weggewuifd worden, totdat uiteindelijk de diagnose reumatische artritis volgde en artsen haar eindelijk serieus namen. Die ervaring leidde tot het doen van onderzoek, het interviewen van artsen en patiënten, en een duik in de archieven. En tot de publicatie van het lovend ontvangen boek Doing Harm.

Dusenbery bleek geen uitzondering – wat haar overkwam,  geldt als routine voor talloze vrouwen. Die vicieuze cirkel van weinig kennis en dan geen extra onderzoek doen, maar terugvallen op vijandige stereotypen over vrouwen, leidt tot veel schade. De ondertitel van het boek vat dat prima samen. Vrij vertaald: ‘hoe slechte medicijnen en luie wetenschap vrouwen ziek achter laat, met misdiagnoses en onterechte afwijzingen’. (Als een uitgeverij zorgt voor een goede Nederlandse vertaling komt een professional vast tot een betere zin.)

Dat niet serieus nemen, niet herkennen, klachten op stress of hysterie gooien, kost letterlijk levens. En een moeizaam bestaan vol ziekteverzuim, pijn en een drastische vermindering van levensgeluk. Zie voor veel meer informatie Women Inc. en campagnesite van Behandel me als een dame. Of interviews met hoogleraar cardiologie Angela Maas.

Toch biedt het boek van Dusenbery hoop, naast allerlei veelbetekenende inzichten. Wat ik er uit meeneem:

  • Dusenbery ziet het wegwuiven van vrouwen als een autoriteitskwestie:

This is a crisis of authority, Dusenbery argues. Women are regarded as unreliable narrators who can’t even be trusted to speak for themselves or to testify to their own pain. In “Doing Harm,” this cultural distrust of women — ancient and ingrained — is shown to govern quality of care at every stage of treatment. Women with abdominal pain wait in emergency rooms for 65 minutes compared with 49 minutes for men, and young women are seven times more likely to be sent home from a hospital while in the middle of a heart attack.

  • Artsen zagen onbekende vrouwenziektes in eerste instantie vaak als ‘typisch iets voor gefrustreerde, hysterische blanke middenklasse dames’ die teveel energie steken in onvrouwelijke activiteiten zoals een carrière. Maar dat is het paard achter de wagen spannen. Alleen vrouwen die de tijd, de middelen en het geld hadden om door te zetten totdat iemand serieus onderzoek deed naar hun klachten, konden uiteindelijk een goede diagnose en correcte behandeling bevechten. Dat waren inderdaad witte vrouwen uit gegoede milieus. Nader onderzoek wijst altijd uit dat de aandoening ook, of juist vaker, voorkomt bij vrouwen met een gekleurde huid en uit armere lagen van de bevolking.
  • Verschillende aandoeningen werden, voordat er feitelijke diagnoses gesteld konden worden, gezien als ziektes van hysterische vrouwen die zich niet aan wilden passen aan ‘de vrouwelijke rol’. Vrouwen moesten zich gewoon schikken in een slecht huwelijk, of een kind baren, dan zouden de klachten verdwijnen als sneeuw voor de zon. De ‘het zit tussen je oortjes’ misdiagnose kent zodoende een duistere, vrouwenhatende ondertoon: terug in je hok, vrouw.
  • Zodra vrouwen voet aan de grond kregen in de medische wereld, kwam er meer aandacht voor ziektebeelden die vaker bij vrouwen voorkomen dan bij mannen. Vanaf de jaren tachtig van de vorige eeuw gaat er eindelijk geld naar onderzoek, en komen er betere diagnoses en behandelingen.
  • Internet was een zegen. Patiënten van onbegrepen aandoeningen vonden elkaar op internet, wisselden symptomen uit zodat uit die berg een patroon naar voren kwam, verwezen elkaar naar artsen die de klachten wél serieus namen, wapenden zich met kennis en dwongen goede behandelingen af. Dusenbery erkent dat het idioot is dat je als patiënt beter geïnformeerd moet zijn over je ziekte dan de arts, maar totdat de medische wereld bij is en evenveel over vrouwenlijven weet als over mannenlijven, blijven patientenverenigingen cruciaal
  • Onder druk van patientenverenigingen nemen ook de investeringen in onderzoek toe. Vervolgens zijn het vaak vrouwelijke wetenschappers die ‘vrouwenziektes’ onder de loep nemen.
  • Zelfs als alles eindelijk goed geregeld is, blijft de situatie helaas moeizaam. Zo heette migraine een hysterisch vrouwending te zijn, totdat goed onderzoek uitwees dat het een hersenaandoening is. Het label hysterisch is er vanaf: artsen weten wat het is, kunnen de diagnose stellen, en er zijn medicijnen die helpen. Toch geldt migraine in onderzoeksland als een suf thema waar geen eer aan te behalen valt, want het is een wijvending, ontdekte Dusenbery.
  • En opnieuw zie je dat vooral vrouwen alsnog aan de slag gaan met dit soort ‘status-loze’ onderwerpen. Bij het Leids Universitair Medisch Centrum en de Erasmus Universiteit doet bijvoorbeeld een team vrouwelijke neurologen, artsen en farmacologen onderzoek naar de link tussen hormonen en migraine bij vrouwen. Vrouwen weten uit ervaring allang dat die link bestaat, maar er is geen feitelijk bewijs, en dat bewijs ontbreekt omdat er nooit officieel, volgens de regelen der kunst, onderzoek naar is gedaan. Waardoor er geen goede behandelingen komen en artsen moeten experimenteren met pillen die eigenlijk voor andere aandoeningen bedoeld zijn. Nu komt er onderzoek, en hopelijk helpt dat in de toekomst talloze migrainepatiënten om de kwaliteit van leven te verbeteren.

Enfin, kennis is macht. Leve internet – als groep optrekken voorkomt dat je als hysterisch individu weggewuifd kunt worden. Als vrouwen doordringen tot mannenbolwerken, kunnen ze op een gegeven moment de agenda mede bepalen en aandacht opeisen voor ‘vrouwendingen’. Er is hoop!

Verder lezen: behalve Doing Harm kwamen er in de V.S. bijna tegelijkertijd nog twee andere boeken uit over de crisis in goede gezondheidszorg aan vrouwen, te weten “Ask Me About My Uterus,” geschreven door by Abby Norman, en “Invisible,” van Michele Lent Hirsch.

Vaarwel, Vonda McIntyre….

Ai, wat jammer. Vonda McIntyre, SF auteur en winnares van de Hugo en Nebula Award, overleed eerder deze week op 70-jarige leeftijd. Nederlandse uitgeverijen brachten vertalingen op de markt van haar romans en verhalen Droomslang, Kamp Schroefkop en De Banneling. Daarnaast is ze bekend van StarWars verhaal De Kristallen Ster, en de romanversie van Star Trek film De Wraak van Khan. Maar ze schreef veel meer, dus wie de Engelse taal beheerst kan haar lol op en prachtige romans ontdekken. Vlak voor haar dood voltooide ze nog een laatste roman, Curve of the World.

Dat is het nadeel als je SF begint te lezen in de jaren tachtig: de grootheden die destijds indruk maakten, bereiken nu allemaal de leeftijd waarop ze langzamerhand komen te overlijden. Ik schreef eerder al over leven en werk van Joanna Russ. Sheri Tepper , Octavia Butler en Ursula LeGuin, andere auteurs wiens werk me raakte. En nu dus Vonda McIntyre.

Ik ontdekte haar in de jaren tachtig, zoals zo vaak tijdens bezoekjes aan plekken waar ze tweedehands boeken verkochten. Ik deed mijn voordeel met wat ik toevallig aantrof. En omdat ik in die tijd mijn feministische bewustzijn ontwikkelde, was ik misschien extra gevoelig voor schrijfsters die afweken van traditionele SF met witte mannen in de hoofdrol en vrouwen alleen aanwezig als klapvee, slachtoffer of liefje van. Lees bijvoorbeeld dit verslag van een journalist die de ‘klassieken’ herlas. De verhalen komen anno nu (2015) schokkend seksistisch en racistisch over. Je zou het genre bijna in de prullenbak gooien:

It was the repeated emphasis of the relative powerlessness of women, their status of objects or things to be won, that almost makes me want to write off the whole genre as a lost cause. […] There was also the utter lack of imagination when it came to putting women in danger. While male characters were faced with death (which, is a pretty good motivating force for anyone) there were so many books where to put a woman in danger was to have her raped,  threatened with rape or threatened some other sort of sexual servitude.

Daarom was en is het werk van schrijfsters zo belangrijk: ze ondermijnden of doorbraken het witte man als held- stereotype, sloegen nieuwe wegen in, dachten na over rolpatronen en gaven ons complexe heldinnen die hun eigen verhalen vertelden.

Vonda McIntyre las in haar jeugd veel science fiction en begon al op jonge leeftijd haar eigen verhalen te schrijven. In 1971 richtte ze een schrijversgroep op, Clarion West Writer’s Workshop. Het korte verhaal Of Mist, and Grass, and Sand ontstond een jaar later naar aanleiding van een schrijfopdracht van deze Clarion West schrijversgroep. Deelnemers kregen willekeurig gekozen woorden uit twee categorieën, landbouw en techniek, en moesten op basis daarvan een kort verhaal schrijven. McIntyre kreeg de woorden ‘slang’ en ‘cow/’koe’  en wist in eerste instantie niet goed wat ze met die termen aan moest:

Now, I don’t know how I ended up with what I would assume to be two pastoral words, unless for some reason Avram thought “snake” was a technological word; but that’s what I ended up with. And a friend of mine said, “Ha ha ha, why don’t you write a story with a protagonist named Snake?” And I said, “Oooh-kay.” I went back to my room and started thinking about the story, and I couldn’t figure out how to use the word “cow” until I figured out that you could use it as a verb, as in “frighten.” And that’s where the beginning of the story started.

Uiteindelijk leidde dat tot een verhaal waarmee ze een Nebula won. Het verhaal veranderde later ook in het eerste hoofdstuk van de roman Droomslang, waarmee ze in 1979 een Hugo Award won.

Destijds was McIntyre pas de derde vrouw die onderscheiden werd met een Hugo, en Droomslang was een omstreden winnaar. In die tijd hikten veel lezers aan tegen de verwijzingen naar kindermisbruik in het verhaal, en de manier waarop McIntyre over seks schreef. Verkrachting vanuit een mannelijk perspectief beschreven vonden mensen lange tijd prima, zie hierboven, maar een vrouw die vanuit vrouwelijk perspectief over seks schrijft? En terloops duidelijk maakt dat vrouwen hun vruchtbaarheid kunnen reguleren, zodat de daad voor hen vrij blijft van stress en het gevaar van ongewenste zwangerschappen? Huuuuuuuuu!

McIntyre bleef een succesvolle auteur, speelde een actieve rol in de sf schrijversgemeenschap, stimuleerde vrouwen om verhalen te vertellen en geldt als een van de groten in feministische SF. Met haar romans uit het StarWars en Star Trek universum won ze vele nieuwe fans. Onder andere de StarTrek fanclub reageerde dan ook met verdriet op haar overlijden. Benieuwd wat ze ons nog gaat brengen met Curve of the World. Nog één keertje genieten van haar schrijftalent….

Fonkelend van woede aan het lezen slaan

Hoera, Nederland is een boek rijker over woede, en dat kunnen we in tijden van de Woman’s March en 100 jaar stemrecht voor vrouwen goed gebruiken. Een week of wat geleden schreef ik over een drietal boeken over woede, en zei ik dat uitgeverijen die maar snel in het Nederlands moesten vertalen. Welnu, dat was al aan de gang toen ik schreef, want vanaf 16 april ligt Fonkelend van Woede in de boekwinkels.

Uitgeverij De Geus zorgde ervoor dat we in de vertaling van Patricia Piolon kennis kunnen nemen van een scherp, helder betoog van feministische auteur Soraya Chemaly. De andere twee boeken die ik noemde, Good and Mad van Rebecca Traister, en Eloquent Rage van Brittney Cooper, zijn vooralsnog alleen in het Engels te lezen.

En Nederland? Over een paar dagen, 20 maart, lanceert critica en columniste Marja Pruis een nieuwe feministische leeslijst. Want wat is feminisme eigenlijk? Met ‘eerlijk delen en niet slaan’, de definitie van Anja Meulenbelt, kom je een heel eind. Maar de praktijk is natuurlijk weerbarstiger, diverser en complexer dan dat. Das Mag kondigt de leeslijst aan als ”een essaybundel over oude en nieuwe helden, radicale denkers, zachte eenlingen en dromers en drammers als Sylvia Plath, Maggie Nelson, Clarice Lispector, Renate Dorrestein en Audre Lorde”. Ik ben benieuwd!

In België zorgt uitgeverij Houtekiet voor twee nieuwe titels waar het feminisme centraal staat. Dit voorjaar verschijnt bij deze uitgeverij een bundel van  Dirk Verhofstadt. Hij stelde met veertien vrouwelijke auteurs een boek samen over evenveel beroemde feministes. Griet Vandermassen buigt zich over het feminisme en de evolutietheorie.

100 jaar stemrecht voor vrouwen levert ook nieuwe titels op waar feminisme duidelijk een rol speelt – dat isme was immers dé kracht die ervoor zorgde dat vrouwen eindelijk democratische rechten wisten te veroveren. In De Hoogste Tijd geven Jantine Oldersma, Kees Niemöller en Monique Leyenaar een indringend beeld van deze lange, taaie strijd.

Als lezer kun je zelf oog in oog staan met die geschiedenis. Aletta Jacobs en Frederike S. van Balen-Klaar schreven eind negentiende eeuw een pamflet om te pleiten voor vrouwenkiesrecht, en dat betoog is digitaal beschikbaar voor iedereen die het wil lezen. Zeer geduldig en ontzettend beleefd behandelen beide vrouwen de redenen die mensen aanvoeren m vrouwen uit de stemlokalen te weren, en verwerpen ze naar de prullenbak als kul, hypocriet geneuzel en domheid. Je kunt hun strijdbare betoog lezen met dank aan Gutenberg.org, een organisatie die rechtenvrije werken publiceert en ook andere geschriften van Aletta Jacobs beschikbaar maakte voor een breed publiek. (Voor Nederland: zie Atria, die het archief van de vrouwenbeweging beheert en een schat aan boeken, vaandels, pamfletten, voorwerpen en andere materialen bewaart.)

Enfin, zomaar een greep uit de nieuwe lading boeken die uitgeverijen rond deze tijd publiceren. En waarom lezen? Nou, om even terug te keren naar Das Mag en de feministische leeslijst van Marja Pruis:

Je kunt een leven lang over feminisme nadenken, feminist zíjn, maar toch telkens opnieuw uitgedaagd worden om te bedenken wat het nou precies is. Vooral als er een nieuwe generatie feministen aan de deur klopt, speelt die vraag weer op. Wat Marja Pruis helpt bij het vinden van een antwoord? Boeken.

Veel leesplezier! En stem 20 maart op een vrouw, he.

Groepen mannen jagen vrouwen op

Er komt meer en meer aandacht voor een oud fenomeen: mannen verenigen zich in groepen en gaan op vrouwen jagen. Hun doelwitten zijn onder andere schrijfsters en journalistes, maar ook fictieve personages en de actrices die hen uitbeelden. Steeds opnieuw betreft het mannen die kwaad zijn omdat een vrouw bestaat, en/of omdat ze iets doet of zegt waar de heren het niet mee eens zijn. Meest recente voorbeelden: de structurele pesterijen van mannelijke journalisten in Frankrijk tegen hun vrouwelijke collega’s, Hallie Rubenhold (die een boek schreef over de vijf vrouwen die Jack the Ripper waarschijnlijk vermoordde) en de hetze tegen Captain Marvel (actrice Brie Larson).

Nee, niet alle mannen slaan om zich heen zodra ze vinden dat fictieve of echte vrouwen teveel ruimte innemen. Maar alle vrouwen hebben er wel een keer mee te maken gehad. Voordat je het weet ontstaat er groepsgedrag. Mannen geven dat zelf ook expliciet aan, door een naam voor hun kudde te verzinnen. Zoals Incels, Ripperologen, Sad Puppies, Wolvenroedel, of Ligue du Lol. Het eindresultaat blijft hetzelfde: een heksenjacht op meisjes en vrouwen, besmette boeken en films, leed alom.

Laten we de voorbeelden wat nader bekijken. Hallie Rubenhold was het zat dat Engelse historici verlekkerd schreven over Jack the Ripper, inclusief uitgebreide beschrijvingen van wat hij allemaal deed met de prostituees die hij tot slachtoffer maakte. Ze besloot de levens van de vijf gedode vrouwen onder de loep te nemen. Waren dat inderdaad prostituees, zoals ook Nederlandse geschiedenissites klakkeloos blijven beweren? Hoe kwamen ze eigenlijk op straat terecht? Hoe zag hun jeugd eruit, waar woonden ze, wat gebeurde er met hen?

Deze vragen waren niet eerder zo indringend gesteld. Haar zoektocht leidde tot een fascinerend boek, The Five, met de levensverhalen van Mary Ann “Polly” Nicholls, Annie Chapman, Catherine Eddowes, Elizabeth Stride en Mary Jane Kelly. Het feit dat ze dit deed kwam haar prompt op hoon en haat van mannen te staan:

She’s been receiving criticism from Ripperologists for the last eight months; one forum thread dedicated to pulling apart her book in advance of its publication extends to more than 100 pages of comments. “It is tantamount to a witchhunt,” she says. “A woman is saying things they don’t like. They think, ‘You can’t write about this or be an authority on this unless you come through us, or talk about our work, you can’t be accepted.’ They’re disparaging me as a person and a book they haven’t read. It is extraordinary.”

Ik maakte ‘a book they haven’t read” even vetgedrukt, omdat dit vaker gebeurt. Niemand uit het gewone publiek heeft bijvoorbeeld Captain Marvel nog gezien. De film kwam pas uit op 8 maart 2019. Toch togen honderden mannen weken daarvoor al naar recensiesites zoals Rotten Tomatoes om de film bij voorbaat de grond in te boren. Hetzelfde gebeurde een paar jaar geleden ook al met de Ghost Busters film uit 2016, waar vrouwen de hoofdrollen vervulden. En met Star Wars, The Last Jedi, omdat Rey de hoofdpersoon was en een bepaalt type man daar niet tegen kon.

De felle groepsreacties maken dat boeken, films of personen een negatieve lading krijgen. StarWars, The Last Jedi geldt als de minst succesvolle film uit de reeks – een controversiële film waar je als criticus niet meer over moet schrijven, want dat leidt maar tot gezanik. Onbegrijpelijk als je kijkt naar de positieve recensies van ”officiële” filmjournalisten, en de omzet van ruim een miljard dollar. Ander voorbeeld: er komt een nieuwe remake van de Ghostbusters. De regisseur verklaarde in het openbaar dat zijn film de 2016 versie zal negeren en dat hij de Ghostbusters ‘terug wil geven aan de fans‘. Fans die geen vrouwelijke wetenschappers willen zien, die om zich heen slaan zodra ze hun zin niet krijgen. Lekker dan!

De haat heeft ook ernstige gevolgen voor de doelwitten. Zo bleken Franse journalisten jarenlang vrouwelijke collega’s aangevallen te hebben. Ze verenigden zich expliciet in een Liga – de ‘Ligue du LOL’, en pestten vrouwen niet alleen online, maar ook in het ‘echte’ leven. Bijvoorbeeld door nep sollicitaties op te zetten en de beelden van een vernederend gesprek daarna te verspreiden. Vrouwen zegden daarop de journalistiek vaarwel, of misten kansen omdat de daders invloed hadden in de mediawereld, en ervoor zorgden dat hun mannenmaten de baan kregen.

Een andere groep mannen besloot zichzelf de Wolvenroedel te noemen – in het Spaans: La Manada de Lobos. De leden, José Ángel Prenda, Jesús Cabezuelo, Jesús Escudero, Ángel Boza en ene A.M.H. vielen als groep een 18-jarig meisje aan om haar te verkrachten. Ze gebruikten WhatsApp om berichten en video’s van de verkrachting te delen.

Of neem de Sad Puppies. Mannelijke auteurs en conservatieve fans verenigden zich onder die noemer uit protest tegen de toenemende aanwezigheid van vrouwen en etnische minderheden in science fiction en fantasy. Ze vielen mensen uit die doelgroepen aan en nomineerden ‘hun’ werken voor de Hugo Awards – romans en verhalen uit de koker van blanke mannen.

Hier en daar proberen mensen deze grimmige dynamiek te stoppen. Zo greep Rotten Tomatoes in om valse recensies te weren. Mensen kunnen vanaf nu pas kritieken uploaden als een film daadwerkelijk in de bioscopen draait, niet eerder. De Franse journalisten die door de mand vielen met hun seksistische pesterijen, kregen hun ontslag of werden op non-actief gesteld. Daaronder zogenaamd progressieve mannen, zoals Vincent Glad, die schrijft voor de krant Libération, en drie journalisten van de Huffington Post. En de Hugo Award organisatoren weigerden prijzen uit te reiken aan door de Sad Puppies voorgedragen werken van uitgeverijen zoals Patriarchy Press. (Ja echt).

De aanvallen leggen ook seksisme bloot, waarna je er stelling tegen kunt nemen. Zo gebruikte actrice Brie Larson haar bekendheid als wapen tegen mensen die vonden dat ze niet genoeg glimlachte in de eerste trailer van Captain Marvel. Ze Photoshopte daarop geforceerde grijnsmonden op mannelijke Marvelfiguren. Want die glimlachen ook niet vaak in hun trailers of op posters, maar daar klaagt niemand over. Het resultaat is voorspelbaar raar en vervreemdend:

Zo krijgen de hatelijke groepen van het type Incel, LOL of Sad Puppy grenzen opgelegd, ondervinden ze negatieve effecten van hun agressie en worden meer mensen zich bewust van de voortwoekerende vrouwenhaat. Hopelijk gebeurt dat steeds vaker, en krijgen groepen mannen die vrouwen haten steeds minder ruimte.

Woede krijgt de eer die het verdient

Nederlandse uitgeverijen opgelet: in de Engelstalige feministische wereld komt boek na boek uit over woede bij vrouwen. Vertaal die aub zo gauw mogelijk in het Nederlands, zodat wij baat kunnen hebben bij hun analyses, geschiedenislessen en adviezen. Concreet: Good and Mad, ‘De Revolutionaire Kracht van Vrouwelijke Woede’ van Rebecca Traister, Soraya Chemaly en haar boek Rage Becomes Her, en Eloquent Rage van Brittney Cooper. Alledrie verschenen kort na elkaar. Waardevol om te lezen, zeker met internationale vrouwendag in het vooruitzicht!

Woedende vrouwen vinden we als cultuur en als samenleving eng, heel eng. Veel mensen, redelijk recent nog schrijfster Sarah Sluimer, constateren dan ook dat we boosheid bij vrouwen zo snel mogelijk onder het tapijt willen vegen, en dat we de boze vrouwen zelf terug in hun hok willen hebben. Sluimer (en met haar vele anderen, en vele feministen) noemt woede bij vrouwen een taboe. Dat is ook de ervaring van journaliste Hasna El Maroudi. Ze kwam er al jong achter dat er bijzonder weinig voor nodig is om schrik- en tut-tut reacties bij de omgeving op te roepen:

‘Meisje, kijk niet zo boos.’ Het moet rond mijn dertiende zijn geweest toen ik het voor het eerst op straat te horen kreeg. Sindsdien is mijn gemoedstoestand geregeld door voorbijgangers – mannen – onder de loep genomen, uitgeplozen en bekritiseerd. Het enige dat ik ervoor hoef te doen is niet lachen. Inmiddels zijn er ook andere variaties op, waaronder ‘kijk niet zo lelijk’ en ‘kijk niet zo serieus’. Het enige dat ik daarvoor hoef te doen is na te denken. Zo heb ik in de supermarkt menig reactie uitgelokt door mijn ik-geloof-dat-de-halfvolle-melk-in-de-koelkast-bijna-op-is blik. Of ik alsjeblieft wat vriendelijker naar het melkschap wil kijken?

Dat taboe geldt zelfs voor fictieve vrouwelijke personages. Als vrouwen in een roman boos zijn of boos dreigen te worden, leidt dat opvallend vaak tot straf, signaleert Emilie Pine in een artikel voor de krant The Guardian. Ondertussen mogen mannen rustig boos worden, stampvoeten, het uitgillen, dat zíj het slachtoffer zijn en grrrrtvrrrrdrie recht hebben op X,Y of Z.

Feministen zien die dubbele moraal zeer scherp. Geen wonder dat wij feministen woede altijd een zeer interessant onderwerp vonden. Woede kan namelijk zorgen voor revolutionaire verandering. En dat willen we graag. Woede gaf ons stemrecht, reproductieve rechten, en ruimte om onze verhalen te vertellen. Maar we zijn er nog lang niet. Woede blijft nodig. En dan blijft het ook noodzakelijk om te bekijken wat er gebeurt als vrouwen boos worden, en hoe we met weerstand tegen boosheid bij vrouwen omgaan.

Recent klommen verschillende feministen in de pen om een nieuwe slinger te geven aan deze aloude strijd om woede te mogen tonen en verandering te eisen. Soraya Chemaly, een feministe en journaliste die ik bewonder en waar ik al eerder over schreef, publiceerde eind vorig jaar Rage Becomes Her. Ze onderzoekt hoe wij als cultuur en samenleving mensen zodanig opvoeden, dat jongens en mannen boos mogen zijn, maar vrouwen niet. En zeker niet vrouwen met een gekleurde huid.

Omdat er zo snel zoveel sociale afkeuring volgt, zodra vrouwen boosheid tonen, leren meisjes al jong hun woede in te slikken. Dat leidt vervolgens tot allerlei lichamelijke en psychische klachten, en maakt vrouwen minder weerbaar omdat het lastig wordt grenzen te stellen als je constant lief, zorgzaam en behulpzaam moet blijven. Chemaly analyseert dit alles en gaat in op manieren om woede te mogen voelen en er constructief mee om te gaan.

Datzelfde doet ook auteur Brittney Cooper, tevens oprichtster van Crunk Feminist Collective, maar dan met een focus op de zwarte gemeenschap in de V.S. en de specifieke hindernissen die vrouwen met een gekleurde huid ondervinden om boos te mogen zijn. Vrouwen krijgen te horen dat anderen hen boos vinden, zelfs als ze zelf geen woede voelen. Vervolgens wordt die woede tegen de zwarte vrouw gebruikt, signaleert Cooper. Zelfs een kalme, diplomatieke First Lady zoals Michelle Obama ontkwam niet aan racistische aanvallen wegens ‘boze zwarte vrouw‘ en moest manieren vinden om dit negatieve etiket te ontkrachten.

Rebecca Traister tenslotte, concentreerde zich in Good and Mad op de lange geschiedenis van vrouwen die woedend werden, de grote maatschappelijke omwentelingen die woedende vrouwen tot stand brachten, en de al even lange geschiedenis om het revolutionaire potentieel van die woede zo snel mogelijk de kop in te drukken. De recensente van Smart Bitches, Trashy Books vat het boek als volgt samen:

Women are and have been furious, and that fury can organize to cause massive changes, and then that fury and the women who carry it are suppressed and undermined because they threaten the dominant power structures. White women’s rage is always treated differently than the rage of women in marginalized communities, too. Lather, rinse, repeat, goddammit.

Boos worden en blijven? Iets constructiefs doen met die woede? Ga dan 9 maart naar de Vrouwenmars in Amsterdam (De Dam). Neem een kijkje bij het Verzetshandboek van advocate Aditi Juneja en collega’s. Of lees Road Map – een boek voor activisten met tips, strategieën en manieren om je punt duidelijk te maken en verandering in gang te zetten. En neem vooral een kijkje bij het werk van Andrea Dworkin, die haar woede om wist te vormen tot vlijmscherpe analyses en prachtige voorbeelden van moed en gedroomde veranderingen. Of bij mensen zoals Audre Lorde en bell hooks.

Wil je even wat anders, kijk dan eens wat er gebeurt als de rollen omgedraaid zijn, zoals in deze negen romans waar vrouwen regeren. Of de macht krijgen dankzij The Power. Of vrouwen die alles hebben – zelfstandigheid, talenten en capaciteiten, en een knappe man of vrouw aan hun zijde, ongehinderd doen wat nodig is. Zoals in Polaris Rising. Of in de Alyx serie van Joanna Russ. Oh, en alles waar vrouwelijke piraten in voorkomen, om maar iets stoers te noemen.

Psychologen: macho mannelijkheid is een ziekte

Mannen die zich laten leiden door klassieke opvattingen over mannelijkheid, hebben een ziekelijke aandoening die hen beschadigt. Dat stelt de American Psychological Association (APA), één van de grootste en belangrijkste vakverenigingen van psychologen in de V.S. De APA heeft voor het eerst in haar geschiedenis richtlijnen opgesteld. Psychologen kunnen die leidraad gebruiken om betere zorg te verlenen aan jongens en mannen. MET UPDATE.

Daar willen we dus vanaf.

UPDATE: hoe fragiel het macho mannelijk ego is, en hoe snel zulke mannen over gaan tot verbaal geweld en vrouwenhaat, blijkt wel uit de ophef rond een nieuwe reclame voor scheermesjes. Een grote groep mannen lijkt er problemen mee te hebben dat mannelijkheid volgens deze reclamespot ook de vorm kan krijgen van goed vaderschap, opkomen voor zwakkeren,  en vrouwen met respect behandelen. Dat je dan juist een held bent, en een voorbeeld voor je kinderen.

Je zou de reclamespot kunnen zien als een ode aan alle mannen die goede mensen willen zijn. Maar nee, er zijn verrassend veel holbewoners die graag ongestoord vrouwen tussen de benen willen grijpen en om zich heen slaan. Iedereen die daar kritiek op heeft, is een mietje en/of een jood (homofobie en antisemitisme gaan goed samen met racisme en seksisme, blijkt).

Waar hebben we het over als je omschrijvingen hanteert als macho mannelijkheid? De APA definieert zulk soort schadelijk mannelijk gedrag als:

a particular constellation of standards that have held sway over large segments of the population, including: anti-femininity, achievement, eschewal of the appearance of weakness, and adventure, risk, and violence.

Mannen die zich gedragen volgens deze macho opvattingen lopen een groter risico op verwondingen door roekeloos gedrag, hebben een grotere kans om zelfmoord te plegen en kunnen zichzelf in gevaar brengen omdat ze veel te laat medische of psychologische zorg vragen. De APA baseert definitie en richtlijn op veertig jaar wetenschappelijk onderzoek naar gender en de (schadelijke) effecten van opvattingen over gender, mannelijkheid en vrouwelijkheid.

Ik zou bijna zeggen ”uiteraard” is wat de APA doet voor feministen niets nieuws. Feministen bekritiseren de oude rolpatronen al eeuwenlang omdat dit gender keurslijf schadelijk is voor zowel vrouwen áls mannen. We gaven er woorden aan, zoals toxic masculinity/giftige mannelijkheid. We brachten in kaart wat die vorm van macho mannelijkheid teweeg brengt, zowel bij mannen als bij vrouwen die met zulke macho mannen in aanraking komen. We zeggen dat feminisme voor iedereen is, en steeds meer mannen beginnen zelf ook in te zien dat ze baat hebben bij meer feminisme.

Bij het ontmantelen van macho mannelijkheid hoort ook dat mannen in moeten zien dat ze niet beter of belangrijker zijn dan vrouwen. Zo sprak Gerda Lerner, een historica die vrouwengeschiedenis op de kaart zette in de V.S., over het schadelijke effect op jongens van een geschiedenis waar alleen mannelijke heersers macht hebben. Jongens worden op die manier arrogante, over het paard getilde betweters die neerkijken op meisjes en alles wat riekt naar ”vrouwelijkheid”:

The effect on men has been very bad too, of the omission of women’s history, because men have been given the impression that they’re much more important in the world than they actually are, and that’s not a good way to become a human being. It has fostered illusions of grandeur in every man that are unwarranted. If you can think, as a man, that everything great in the world and in civilization was created by men, then naturally you have to look down on women, and naturally you have to have different aspirations for your sons than for your daughters, and I don’t think that’s good for men either.

Maar het is fijn dat wat feministen al decennia bestuderen en bevechten, nu een officiële plek heeft gekregen in de psychologie. Meer disciplines zouden er beter op worden als ze inzichten uit de feministische wetenschap integreren. Zo vertonen economische theorieën over de toenemende kloof tussen arm en rijk mankementen, doordat ze gender buiten beeld houden. Onderzoekers denken dat ze neutrale, abstracte standpunten innemen, maar gebruiken eigenlijk witte mannen als standaard. Die blinde vlek zorgt ervoor dat hun probleemanalyse eenzijdig blijft en dat ze een deel van de oorzaak van de toenemende ongelijkheid missen. Zodoende missen ze ook een deel van de oplossingen.

Top daarom, dat onder andere psychologen oog krijgen voor de schade die mannen oplopen als ze zich willen houden aan opvattingen waarin mannen agressieve wezens zijn die geen zwakheden mogen tonen. Mannen zijn gewoon mensen, zeggen feministen. Misschien kunnen psychologen jongens en mannen met de nieuwe leidraad helpen om zichzelf evenwichtiger te ontwikkelen. Dan wordt het voor hen makkelijker hulp te vragen als er iets is, kunnen ze vrijere beroepskeuzes maken (de verpleging, kinderzorg, ook prima beroepen voor mannen), en het ‘vrouwelijke’ in zichzelf respecteren. Dan worden ze hopelijk ook verlost van de stress van een fragiele mannelijkheid, met een ego wat al in elkaar klapt als ze één keer de wc schrobben.

Videogames geven ruim baan aan seksisme

Videogames zijn een paradijs voor mannen die vrouwen haten. Het meest recente voorbeeld biedt Red Dead Redemption 2. Het verhaal speelt zich af in het Wilde Westen rond 1900, en toont in een bepaald deel van het spel vrouwen die strijden voor het kiesrecht. Spelers blijken zo’n activiste te kunnen benaderen, slaan en vermoorden – en doen dat ook. Filmpjes op Youtube trekken inmiddels miljoenen kijkers, die wel eens willen zien op welke creatieve manieren een spelersavatar een einde kan maken aan het leven van een feministisch personage.

Fijn feministen meppen in videospelletjes!

De open spelstructuur van Red Dead Redemption biedt daarvoor alle ruimte. Op Youtube filmpjes is te zien hoe speler Shirrako een strijdster voor vrouwenkiesrecht slaat, met een lasso vastbindt en in een mijnschacht gooit. Titel: Dropping feminist to hell and killing the devil. In een ander filmpje voert hij de feministe aan een alligator. Opgewonden en blij volgen andere spelers dat voorbeeld en uploaden hun eigen filmpjes vol moord en doodslag:

Given that Red Dead Redemption 2 is the biggest video game of the year and that much of video game culture is ensconced in blatant misogyny, it’s not surprising but still upsetting that some players are delighted that the game lets them beat, abuse, and kill these characters.

Producent Rock Star Games bood mensen eerder ook al alle ruimte om hun haat jegens vrouwen symbolisch uit te leven. Red Dead Redemption 1 schetste een zeer, zeer vijandig beeld van vrouwen. Als speler kwam je vrouwelijke personages vooral tegen als zeur en/of liegbeest. Het spel bood je alle mogelijkheden om een vrouw vast te binden aan spoorrails en toe te kijken terwijl ze wordt overreden door de trein. Met eerdere producties, zoals de Grand Theft Auto serie, liet de producent ook al zien dat vrouwelijke personages stukken vlees zijn. Spelers konden daar seks hebben met hoeren, en de vrouwen daarna vermoorden om hun geld terug te pakken.

Bij dit alles is het belangrijk om te beseffen dat wat we in onze fantasie doen, ook iets zegt over hoe het er in de werkelijkheid aan toe gaat. Videogames zijn door mensen verzonnen verhalen. Wat die verhalen wel en niet bieden, en de manier waarop mensen reageren op aangeboden personages, is geworteld in onze cultuur, normen en waarden. Daarom is het verontrustend dat grote spellen met een hoge status spelers ruimte geven voor allerlei seksistische moordzucht. Via het spel borrelen opeens zichtbaar mannen op die het geweldig lachen vinden om vrouwen te slaan en te vernietigen:

“I killed that lady too,” user Joker Productions, a channel with over 120,000 subscribers, wrote. “Every time I went to the tailor right there I had to listen to her yapping. Got fed up so I took her to lunch… except the only thing served was buckshot.” “You could take this small portion of the game, stretch it to full AAA game length, charge me $60 for it, and I’d pre-order it with a season pass,” a user named Silly Goose wrote.

Een videogame waarin dit kan, versterkt andere culturele patronen waarbij vrouwen symbolisch of echt vernietigd worden. Zoals feministe Anita Sarkeesian, die het doelwit werd van trollen, doodsbedreigingen ontving en een tijdje onder moest duiken omdat ze seksisme in videospelletjes aan de kaak stelde. Eén van de trollen ontwierp een game waarin je haar gezicht bont en blauw kon meppen, ter versterking van de haatcampagne tegen haar.

Dit soort vijandige fantasieën versterken ook patronen rond het uitgummen van vrouwen, een andere vorm van al dan niet symbolische vernietiging. In veel gevallen komen vrouwen domweg niet in het verhaal voor, of alleen in stereotype rollen in de marge. Alles draait om veelal witte mannen, hun avonturen, hun lof en eer. Dit gebeurt in het echt ook. Tik ‘vergeten vrouwen’ in op een zoekmachine, en het wemelt van de overzichten van ondergewaardeerde en gemarginaliseerde kunstenaressen, outlaws, schrijfsters, geleerden, politici, enzovoorts.

De uitwassen rond Red Dead Redemption 2 laten zien dat we nog een lange weg te gaan hebben….

 

 

Mentale patronen zijn hardnekkig

Zelfs als je je bewust voorneemt iets te doen met diversiteit, kan het nog gedeeltelijk ”mis” gaan. Dat blijkt onder andere uit de ervaringen van auteurs die vaker vanuit het perspectief van een vrouwelijke hoofdpersoon willen werken, of lezers die meer schrijfsters willen ontdekken. De mentale patronen zijn hardnekkig. Je moet echt willen, want zodra je terugzakt in automatismen steekt de oude mannelijke, blanke canon weer de kop op…

Een mooi en hoopgevend voorbeeld biedt Anne Polkamp, een 29-jarige promovendus in de filosofie. Zij is op dit moment bezig met een papieren wereldreis – fictief ieder continent bezoeken en een roman uit ieder land lezen. Het was nadrukkelijk haar bedoeling de canon van blanke mannelijke auteurs te omzeilen en meer romans te lezen van vrouwen en mensen m/v/x met een gekleurde huid. Dat betekende dat ze per land bewust zocht naar andere stemmen dan de klassieke romans van gevestigde mannelijke auteurs.

Dat bewuste streven zorgde meteen voor verbetering. Oorspronkelijk bevatte haar boekenkast 78% mannelijke auteurs, voor 88% afkomstig uit Europa, Noord-Amerika of Australië en voor 95% blank. Na de eerste etappe van haar wereldreis zag de stapel van 32 gelezen boeken er al heel anders uit. Het aandeel vrouwen verdubbelde, van 22 naar 44%. Ook had ze veel meer werk gelezen van auteurs met een gekleurde huid.

Ondanks de verdubbeling was dat percentage van 44 voor Polak een teleurstelling. Ze had zo gericht gezocht naar schrijfsters, dat ze verwacht had dat ruim de helft van de boeken uit de pen van een vrouw was gevloeid. Nee dus:

Ik telde nog een keer, en nog eens, maar het resultaat bleef hetzelfde. Zou de literatuur zo worden gedomineerd door mannen dat ik zelfs in een project waarin ik nadrukkelijk op zoek ga naar extra veel vrouwen, niet verder kom dan 44%? Waar zijn alle vrouwen uit de wereldliteratuur?

De dominantie van mannen bleek hardnekkig. Daarom stelde ze haar plan bij. Voortaan neemt ze ook non-fictie mee bij haar keuze voor een boek uit een specifiek land. En welk land ze ook aan doet op haar literaire wereldreis, voortaan zal ze louter werk van schrijfsters lezen:

Het punt is niet dat ik mannen wil negeren. Het punt is dat ik vrouwen al bijna dertig jaar negeer. Het is tijd om te horen wat zij te zeggen hebben.

De hardnekkige blanke mannelijke dominantie komt niet alleen voor bij lezers, maar ook bij auteurs zelf. Zo sprak de recent overleden science fiction schrijfster Ursula Le Guin openlijk over haar worsteling om een verhaal te vertellen vanuit een vrouwelijke hoofdpersoon, en bij ‘magiër’ niet volautomatisch een beeld te krijgen van een blanke man. Zeg maar de SF en fantasy variant van ‘de manager is een man’ beeldvorming.

Zo gaf ze de held van de Aardzee-cyclus wél een gekleurde huid, maar de hoofdpersoon bleef een man. Pas in een later geschreven deel krijgt een vrouw een leidende rol in het verhaal. Ook bij De Linkerhand van het Duister viel ze terug op het mannelijke als norm. Ze schiep een androgyne maatschappij, waar buitenaardse wezens het grootste deel van de tijd sekseneutraal leven, maar bleef de personages in die situatie omschrijven met ‘hij’.

Later betreurde ze die taalkundige keuze. Ze werkte aan een gedachte-experiment, legde ze uit in een essay, en hoewel er veel goed ging, erkende ze dat haar roman op dit punt te wensen over laat. Naast de keuze voor ‘hij’,  toont ze de belangrijkste alien ook terwijl hij bezig is met activiteiten die we in onze cultuur associeren met mannen. Hij werkt in de politiek als premier, ontsnapt uit een gevangenis, trekt een slee over een ijsvlakte. De science fiction wereld die ze schept, komt zodoende zeer mannelijk over. Pas op latere leeftijd lukte het Le Guin om zich te ontworstelen aan dit soort oude patronen. Ze creëerde meer vrouwelijke personages en gaf die ook een dragende rol in haar romans en korte verhalen.

Kortom, het vergt een zekere inspanning, maar wie wil, komt er uiteindelijk wel.

Politie laat vrouwen in de steek bij verkrachting

Zedenrechercheurs hebben grote moeite met aangiften van verkrachting. Ze zijn, net als de rest van Nederland, zo wantrouwend en alert op leugens, dat ze veel veel zaken weigeren te onderzoeken. Op die manier verdwijnen talloze waarachtige verkrachtingszaken in een la, en krijgen slachtoffers zo’n agressieve behandeling dat ze zich getraumatiseerd terugtrekken. Het uiteindelijke gevolg: daders blijven onbestraft en slachtoffers krijgen geen enkele vorm van gerechtigheid. Dat concludeert rechtspsycholoog en wetenschapper André De Zutter.

Eerst een feit van het type de aarde is rond: het overgrote deel van de daders van verkrachting, 98%, is man. Deze mannen – niet alle mannen, maar nogmaals, de meeste daders zijn man – verkrachten mannen, vrouwen, jongens, meisjes. Zeer vaak blijft dit geweld buiten beeld. Het veroordelingspercentage ligt tussen de drie en zes procent. Seksueel geweld is daarmee één van de ”veiligste” misdaden, met de grootste kans dat je er ongestraft mee weg komt.

De politie speelt helaas een vervelende rol in het onderbelicht en ononderzocht blijven van onder andere verkrachtingszaken. De Zutter onderzocht de situatie en komt tot zeer duidelijke conclusies:

Ik heb respect voor het werk van zedenrechercheurs. Zij worden net zo goed geleid door een mentale representatie van verkrachting. Dat is een idee, een beeld, niet de werkelijkheid. Ze hebben te maken met dezelfde psychologische mechanismen als valse aangevers. Dat maakt hen te wantrouwend tegenover echte slachtoffers en te goedgelovig bij valse aangiftes. We hebben slachtoffers van verkrachting gesproken voor wie de ondervraging zo’n vreselijke ervaring was dat ze liever geen aangifte hadden gedaan.

Wat De Zutter meldt is absoluut niet nieuw. Vrouwen wisten dit al eeuwenlang, aangezien zij er vanuit de kansel, de politiek en de wetenschap van langs kregen. Vrouwen? Hysterische, leugenachtige heksen die aandacht willen en mannen te gronde willen richten met hun gevaarlijke, duivelse seksualiteit. Pas vanaf de jaren zestig van de vorige eeuw wisten vrouwen voldoende macht te krijgen om écht iets terug te zeggen. De tweede feministische golf koos seksueel geweld uit als één van de kernthema’s. Vrouwen voerden campagne, richtten Blijf van mijn Lijf huizen op, deden onderzoek, publiceerden boeken, klaagden de situatie aan en dwongen in 1991 veranderingen in de rechtspraak af, zodat de politie meer mogelijkheden kreeg om verkrachtingszaken in behandeling te nemen en justitie meer ruimte kreeg voor de vervolging en veroordeling.

Recent wezen ook andere onderzoeken op misstanden rond het werk van de politie. Zo onderzocht de Nationaal Rapporteur Mensenhandel en Seksueel Geweld tegen Kinderen de situatie in 2015 en kwam tot de conclusie dat de politie de aangiftes van tieners veel te snel afdoet als liegen. Agenten stellen zich zo vooringenomen en vijandig op, dat meiden tussen de 12 en 18 bang zijn om aangifte te doen. Ze zien er bij voorbaat al vanaf omdat ze denken dat de politie hun verhaal niet serieus zal nemen – en die angst bleek terecht, volgens de onderzoekers voor de Nationaal Rapporteur.

Op gezette tijden kunnen mensen uit de media vernemen wat deze conclusies van De Zutter en de Nationaal Rapporteur in de praktijk betekenen. Zo kreeg De Volkskrant eerder dit jaar een excuusbrief van de politie in handen. Uit de zaak bleek dat twee zedenrechercheurs een getraumatiseerde, 23-jarige verkrachte vrouw ruim zes uur lang op een zodanig agressieve, wantrouwige manier verhoorden, dat ze volkomen overstuur uit het verhoor kwam en bijna ging denken dat ze zelf gek en/of de dader was. De transcripties liegen er niet om:

‘Als blijkt dat iets niet klopt in je verhaal, dan ben ik bang dat dat echt consequenties heeft voor jou, maar ook voor het onderzoek.’ (…) ‘Dat is niet zo’, zegt Susanne tot drie keer toe. ‘Maar het is vaak warrig in mijn hoofd, ik weet de volgorde niet goed.’ ‘Soms is dit ook een schreeuw om aandacht’, zegt de rechercheur. ‘Of dat er geestelijk iets aan de hand is. Of dat er andere dingen zijn gebeurd. Of dat er iets is fout gegaan.’ (…)  ‘Het is niet zo’, zegt Susanne. ‘Het is niet zo.’ ‘Ik wil het toch gezegd hebben’, stelt de rechercheur. Even later: ‘Wat voor ervaring heb je met pijpen?’ Ze gaan in op het geslachtsdeel van de man. ‘Je zegt dat de penis slap was, maar je gaat toch kokhalzen’, stelt de rechercheur. ‘Doe eens voor? Hoe kokhals je dan?’ De rechercheurs blijven maar vragen of ze haar aangifte wil doorzetten. Susanne: ‘Ja, want het is echt gebeurd.’

Als je zo onder druk wordt gezet, is het volkomen begrijpelijk dat vrouwen bang worden om aangifte te doen. Alles kan tegen je worden gebruikt. Ook black outs vanwege een trauma, of vanwege bevriezing. Dat is een volkomen natuurlijke reactie als je in een levensgevaarlijke situatie belandt, naast vechten en vluchten. Maar zelfs de politie herkent dit niet altijd en meent dan dat een vrouw instemde omdat ze zich niet actief genoeg verweerde.

Dit alles gebeurt in een situatie waarbij volgens De Zutter hooguit vijf procent van de aangiftes vals is. Voor Engeland komt wetenschapster Joanna Bourke zelfs tot hooguit 3%. Ieder vals beschuldigde persoon is er natuurlijk één te veel, maar juist daarom is het in dit geval erg belangrijk om te blijven beseffen dat 95% tot 97% van de vrouwen daadwerkelijk verkracht is. Zij verdienen een fatsoenlijk interview, een gedegen onderzoek, en gerechtigheid. De daders verdienen vervolging, een grondig verhoor, en celstraf. Anders blijven ze namelijk ongestoord nieuwe slachtoffers maken. En dat kan echt niet.

Slachtoffer van seksueel geweld en hulp nodig? Neem dan contact op met een van de Centra voor Seksueel Geweld in Nederland, telefoonnummer 0800-0188, 24 uur per dag bereikbaar.

Kwart WW1 gedichten kwam van een vrouw

Engelstalige vrouwen schreven een kwart van de gedichten in en over de Eerste Wereldoorlog in Engeland. Wow, dat wist ik niet. Zoals zovelen dacht ik bij Engelse poëzie over die Grote Oorlog automatisch aan mannen zoals Wilfred Owen. Maar zoals de BBC benadrukt, vertegenwoordigden deze mannelijke militairen een minderheid. Ze kwamen niet verder dan 20% van de ‘productie’. Dat hun werk desondanks zo dominant is, komt door de manier waarop de canon tot stand kwam.

Dichteres Charlotte Mew

Canon-vorming komt tot stand op basis van status en macht. Zo ook hier. Militairen, zeker vanuit de hogere rangen zoals officier, stonden zeer hoog in aanzien in het Engeland van rond 1914. Zelfs als ze, zoals Owen, nauwelijks bekend waren als dichter in hun eigen tijd, kregen ze daarna alsnog een podium. De literaire elite hees de militaire mannen op een schild, onder andere door hun gedichten te bundelen en te publiceren. Vrouwen kregen geen plek in die prestigieuze overzichten.

Dus voilà, wie op school gedichten krijgt uit en over de Eerste Wereldoorlog, krijgt Wilfred Owen en collega’s voorgeschoteld. Engelse (maar ook Nederlandse) leerlingen horen of lezen niks van bijvoorbeeld Evelyn Underhill, die in haar gedicht ‘Non-combatants’ stelde: “Never of us be said/We had no war to wage.” Of Charlotte Mew, die net zo goed als Owen de vernietigende effecten van oorlog beschreef.

Langzamerhand beginnen mensen te morrelen aan dat beeld van ‘oorlogspoëzie = mannen zoals Owen’. Website Allpoetry zette een aantal dichteressen op een rijtje, met  links naar hun gedichten. De universiteit van Leicester publiceerde een speciale paper, om aandacht te vestigen op de stem van vrouwen. Volgens de universiteit

We are engaged in a process foreseen in 1918 by Eleanor Farjeon: ”Men will begin to judge the thing that’s past As men will judge it in a hundred years.” The quotation chosen to head this Bookmark may seem to be deliberately provocative, but even the most diligent reader of the poetry of the period would be hard-pressed to find any popular anthology that includes the work of a single female poet and might be tempted therefore to add to the quotation used, ‘or cared what they wrote’.

Tegenwoordig raken mensen zelfs een beetje los van het Westelijk front. De Eerste Wereldoorlog speelde zich op zeer veel fronten af, in allerlei andere landen dan België/Frankrijk/Duitsland. De gedichten die uit de koloniën en andere verder weggelegen fronten komen, beginnen ook aandacht te krijgen.

Het gaat niet snel, dat bijsturen en verbreden van de klassieke canon, maar het gebeurt. Vooruitgang!

Boeken! En nog meer boeken!

Lezen, heerlijk… In de zomervakantie heeft iedereen hopelijk wat meer tijd om in andere werelden te duiken. En het leukste is dat je daarna boekentips kunt delen met andere lezers. Hieronder de mijne…

Maria Dermoût

Nog Pas Gisteren, Maria Dermoût. Bij een afgeschreven-boeken-verkoop in de bibliotheek trof ik een bundel aan met haar verzamelde werk. Ik had nog nooit van deze Nederlands-Indische schrijfster gehoord. Dat zegt vooral iets over mijzelf en mijn ouwe docent Nederlands, die alleen de selecte club universelen interessant vond en verschrikt opkeek toen ik een boek van Helen Knopper op mijn leeslijst zette – hij had nog nooit van haar gehoord, terwijl ze ook destijds al verschillende werken had geschreven.

Ook Dermoût hoorde duidelijk niet bij het standaard curriculum, wat een gemis in mijn opvoeding was. Want ik heb nog een aantal verhalen en romans te gaan, maar de novelle Nog Pas Gisteren smaakte al zeker naar meer. In krap negentig pagina’s schetst Dermoût door de ogen van een jong meisje een beklemmende koloniale wereld, die op instorten staat. Dermoût maakt optimaal gebruik van het verschil in kennis, ervaring en inzicht tussen het jonge meisje en jij, de volwassen lezer.

Het meisje gist naar het waarom van de houding van familieleden ten opzichte van elkaar. Als lezer moet je ook een beetje gissen, maar kun je een heel eind komen – verboden relaties, overspel, huwelijken die net als de bredere situatie op instorten staan. De hoofdpersoon snapt niet precies waarom vertrouwde inheemse mensen opeens kil doen en vertrekken. Als lezer snap je het wel: de politieke situatie verandert en mensen zijn het zat om voor blanke plantagehouders te werken.

Bij Nog Pas Gisteren had ik dezelfde leeservaring als bij Een Dwaze Maagd van Ida Simons: het verhaal besluipt je van achteren. Het begint klein en onschuldig. Je denkt tralalala, valt wel mee. Om vervolgens in de laatste pagina’s WHAM een emotionele uppercut te krijgen van heb ik jou daar.

In Trainwreck analyseert feministe en journaliste Sady Doyle het fenomeen van de Gevallen Vrouwelijke Beroemdheid. Zij ziet in de tragedies rondom Marilyn Monroe, Britney Spears en Amy Winehouse de manier waarop de samenleving vrouwen afstraft als ze het wagen de openbaarheid op te zoeken. Magazine The Atlantic publiceerde een lovende bespreking van dit boek en put hoop uit het feit dat de gang van zaken rond huidige beroemdheden wijzen op een verandering ten goede:

the female celebrities who are ascendant today are dominant precisely because they have studiously avoided, for the most part, the Spearsian style of public downfall. Beyoncé, Taylor, Rihanna, Angelina, Shonda—these women are, for the most part, deeply in control of their own stories and images. […] …they serve less as icons of fallen femininity than of what may well be the new regime: one in which women set their own agendas.

Ingetogen en mooi: The sister : a novel based on the life of Alice James van Lynne Alexander. Kun je een mooi boek schrijven over een 19e-eeuwse vrouw die, vanwege pijnlijke zware menstruaties en andere aandoeningen het grootste deel van de tijd op bed ligt? Ja, bewijst Alexander. Ze kruipt helemaal in de fictieve denkwereld van de echt bestaande Alice en geeft zo een inkijkje in het bestaan van iemand die niet bekend werd, zoals haar schrijvende broers, maar die een zeer rijk innerlijk leven leidde en zich staande hield, ondanks al dat op bed moeten liggen. Lastig te beschrijven boek, lees het 😉

De Ancillary trilogie, van Ann Leckie… Mooie, spannende boeken, waar ik eerder al aandacht aan besteedde. Tijdschrift Vileine noemt ze een instant classic en gelijk hebben ze.

En de winnaars van het beste Groninger boek 2018 zijn… twee winnaressen, te weten Nhung Dam en Karin Sitalsing! Dam is theatermaakster en deed onlangs nog met een productie mee aan Oerol. In Duizend Vaders, haar literaire debuut, schrijft ze hoe een 11-jarig vluchtelingenkind zich probeert te handhaven in een nieuw land, Groningen. Sitalsing ging in haar non-fictieboek Boeroes op zoek naar de levens van de ‘gewone’ blanke Surinamers. Geen rijke plantagehouders, maar arme sappelaars die in de negentiende eeuw naar Suriname reisden in de hoop op een beter leven – en dat meestal niet vonden.

Tot slot een inspirerend idee. Anne stond voor haar boekenkast en telde, onder andere geïnspireerd door de Lezeres des Vaderlands, het aantal vrouwen, mannen en nationaliteiten dat op de planken stond. Dat bleek bedroevend weinig. Haar collectie was 78% man en 95% blank. Dus besloot ze op wereldreis te gaan:

Ik zal dwars door Afrika trekken, kriskras door Azië en eilandhoppend door Oceanië. Niets bijzonders, zou je denken, behalve dan dat mijn vervoermiddel geen vliegtuig maar papier zal zijn en mijn gids geen Lonely Planet maar een schrijver uit elk land ter wereld. Ik ga op reis door de wereldliteratuur.

Per land zoekt ze mooie romans uit – zie hier de lijst tot nu toe. Daarbij werd al snel duidelijk dat een Nederlandse lezer die meer wil dan standaard, er soms bekaaid vanaf komt. Zo verscheen haar keuze voor het Afrikaanse land Gabon, een roman geschreven door Angèle Rawiri, alleen in het Frans en in een Engelse vertaling. Fijn dus dat ze een weblog bijhoudt over haar literaire avontuur, dan weten we in ieder geval van het bestaan van een titel en kun je daarna makkelijker zelf iets zoeken en vinden.

Ophef boekenweek is teken van vooruitgang

De moeder, de vrouw. Dit thema van de boekenweek 2019 leidde, tot verbazing van organisator CPNB, tot ophef. Ik vind die ophef een teken van vooruitgang. Twintig jaar geleden zouden de meeste mensen niet met hun ogen geknipperd hebben en een instantie klakkeloos z’n gang hebben laten gaan. Nu niet. Het wemelt op twitter van de protesten, 300 auteurs en uitgeverijen publiceerden een protestbrief in NRC Handelsblad en De Morgen, en boekhandel Savannah Bay gaat een eigen boekenweekthema bedenken. Met een door vrouwen geschreven boekenweekessay – en geschenk.

Bij alle reacties die tot nu toe verschijnen licht ik graag een paar thema’s uit. Allereerst de veelbetekenende reactie van de stichting Collectieve Propaganda voor het Nederlandse Boek. De CPNB liet in een interview weten dat ze de ophef niet aan zagen komen en waarschijnlijk de verwoording van het thema onderschat hebben:

We wilden de veelkantigheid van het moederschap laten zien. ‘De moeder de vrouw’ uit het gedicht van Nijhoff vonden we een mooie literaire verwijzing. We dachten dat het duidelijk zou zijn. Maar allerlei discussies zijn door elkaar heen gaan lopen.’

De CPNB maakt hiermee pijnlijk duidelijk dat ze totaal gemist hebben welke lading deze termen hebben. Eeuwenlang was ‘de’ vrouw een groot probleem. Mannen schreven boeken vol over haar inferieure aard, losse zeden, hysterische emoties en leugenachtige sluwheid. Binnen die staat van zonde en slechtheid was het moederschap, naast non worden, de enige geaccepteerde positie van de vrouw. Allerlei geleerde mannen en kerkvaders schreven voor hoe belangrijk het was dat vrouwen trouwden en kinderen kregen en hoe ze vervolgens moesten zijn. Deze belerende teksten stonden bol van woorden als dienen, verzorgen, gehoorzamen, zwijgen, de man volgen, al dan niet religieus bekrachtigd met Bijbelteksten.

Tot op de dag van vandaag benutten mannen met macht hun podium nog steeds om uit te leggen waarom ze vrouwen minderwaardig vinden. En gebruikt een bepaalde groep mensen ‘moeder de vrouw’ nog steeds om te verwijzen naar de vrouw die zichzelf helemaal wegcijfert om voor zijn kinderen en voor hem te zorgen. ‘Moeder de vrouw’ heeft geen eigen naam, haar taak en functie zijn belangrijk, niet zijzelf als persoon, zoals deze cartoon treffend parodieert:

Hoe seksistisch dit de vrouw de moeder/moeder de vrouw is, weet je meteen als je andere varianten probeert. Je hoort nooit ‘vader de man’ of ‘dochter het meisje’, signaleert Paulien Cornelisse. Inderdaad, en daarom ben ik rond dit boekenweekthema zo blij met de protesten. ‘De moeder’, ‘de vrouw’ zijn terecht zeer problematische begrippen geworden, en vrouwen eisen het recht op om hier zelf iets over te zeggen te krijgen. Dat het CPNB de ophef niet aan zag komen zegt alles over het CPNB. Nederlandse vrouwen en veel mannen zijn inmiddels een stapje verder.

Andere tegenreacties over de ophef spreken ook boekdelen. Özcan Akyol benutte zijn podium als columnist van het AD om vrouwen die aanstoot nemen tegen het boekenweekthema, te betichten van hysterie. Dit woord duikt regelmatig op als vrouwen in verzet komen tegen onrecht. Ze hebben geen terechte aanklacht, nee, ze zijn hysterisch. Het is naast ‘hoer’ hét etiket om vrouwen te diskwalificeren en terug in hun hok te meppen.

Akyol haalt nog een ander seksistisch geintje uit in zijn opiniestuk. Hij verklaart vrouwen zo sterk, nobel en ”veel subtieler dan mannen”, dat ze dit soort protesten helemaal niet nodig zouden hebben. Ook dit type argument kent een lange geschiedenis. Opleidingen, hadden vrouwen niet nodig. Stemrecht ook niet, want de vrouw had al genoeg invloed als moeder en echtgenote. Politiek was zo’n smerig bedrijf, daar moesten edele vrouwen met hun tere aard helemaal niks van willen weten, ze waren zo goed en hoogstaand dat ze dat maar beter konden overlaten aan mannen. Opnieuw, brrrrrrr.

Tot slot de ja-maar types die de protesten verdraaien. Mogen mannen dan niet schrijven over vrouwen en moeders? Boehoehoehoe, identiteitspolitiek, de creativiteit gaat ten onder aan politiek correct geleuter. Dit is een favoriet argument van conservatieven om alle pogingen af te slaan om meer diversiteit te bereiken. Daarbij vergeten ze gemakshalve dat zijzelf ook aan identiteitspolitiek doen: de identiteit van de blanke man die kan terugvallen op zijn machtspositie als de neutrale standaard, de objectieve brenger van universele waarheden – terwijl alles aan elkaar hangt van subjectiviteit, blinde vlekken, de angst om privileges en macht te verliezen, enzovoorts. Zeg maar de profiteur van het informele mannenquotum aan de top van het bedrijfsleven of de politiek, die tegen een vrouwenquotum is want ‘we moeten alleen voor kwaliteit gaan’. Zoals Mark Rutte.

De CPNB heeft inmiddels in een verklaring laten weten te willen kijken hoe ze een positieve wending kunnen geven aan het thema van de boekenweek. De stichting gaat graag in gesprek met de ondertekenaars van de protestbrief. Misschien lukt het om tot ”creatieve oplossingen” te komen, hoopt de CPNB. Nog beter lijkt mij: beter voeling houden met de maatschappij, zich bewust worden van seksisme, en vanaf nu boekenweekgeschenken – en essays jaarlijks 50-50 door mannelijke en vrouwelijke auteurs laten schrijven.

De dominantie van de dikke historische mannenboeken

Wil je weten hoe een door mannen gedomineerde canon tot stand komt? Dan kun je dat nú zien – het mechanisme is in werking gezet- rond historische romans. Het vuistdikke Reconquista van Miquel Bulnes. Musch, het vuistdikke eerste deel van een trilogie over het leven van Johan de Wit. Tafels in boekhandels bezwijken bijna onder het gewicht van deze Serieuze Historische Romans. Ik kan me niet herinneren dat de nieuwste Simone van der Vlugt  ooit zo breed gepromoot werd. Haar romans verschijnen, maar als Bulnes en co kloeke historische romans met mannelijke hoofdpersonen publiceren is dat een Evenement met hoofdletter E.

Het lijkt er sterk op dat mannelijke auteurs profiteren van een sociale en geschiedkundige context: mannen zijn de serieuze historici en leveranciers van Echte Boeken.

Geschiedenis als vak: Zowel wetenschapster Maria Greve als, jaren later, Suze Zijlstra, constateren dat mensen een duidelijke beeldvorming hebben over wie er over de geschiedenis gaan. Zeg ‘geschiedkundige’ of ‘historicus’ en de meeste mensen denken automatisch aan mannen, onderzochten zij. Mannen organiseerden zich in historische genootschappen en verkregen leerstoelen aan de universiteiten. ”Bronnenonderzoek in archieven en bibliotheken werd beschouwd als een heroïsche zoektocht van vastberaden mannen naar ware historische kennis”, schrijft Greve.

Echte Romans: Corina Koolen deed onderzoek en constateert dat literaire kwaliteit nauw verbonden is met mannen. Vrouwen schrijven net als mannen, maar lezers, uitgeverijen en recensenten willen dat niet zien. In hun beleving missen vrouwen steevast de X-factor die de mannelijke auteur wél heeft. Vrouwen schrijven misschien wel leuk, of zijn populair, of verkopen goed, maar literatuur… meh. Vervolgens krijgen mannelijke auteurs met hun Literaire Roman de literaire eer. En de prijzen. En het geld.

Binnen deze tweedeling tussen universele romans van mannen en genderspecifieke romannetjes van vrouwen, hebben mensen m/v ook duidelijke ideeën over wie over welk soort onderwerp mogen schrijven. Greve:

Slechts enkele uitzonderlijke vrouwen zouden in de ogen van de critici beschikken over voldoende kennis om zich in staatkundige en historische verschijnselen te kunnen verdiepen. In het algemeen diende de vrouw niet over economie, politiek of geschiedenis maar over ‘kalmer tooneelen’ te schrijven.

Dat gold voor de negentiende eeuw, maar deze mentaliteit leeft voort, ontdekte Koolen.

Misschien niet zo vreemd dat mannelijke auteurs direct en indirect baat hebben bij deze mannelijke geschiedenis en erkenning van literaire kwaliteit bij mannen. Zij passen naadloos in het onbewuste beeld van het soort mensen dat zich met geschiedenis en literatuur bezig houdt. Ze komen terecht in een gespreid bedje. Bulnes’ roman Reconquista, over de strijd tussen zuidelijke Mohammedanen en noordelijke Christenen in het middeleeuwse Spanje, werd volgens zijn uitgever groots besproken. Zijn voorganger, Het bloed in onze aderen, belandde in 2012 op de shortlist van de Libris Literatuurprijs. Op dit moment lopen de media ook warm voor Jean-Marc van Tol met zijn historische roman over Johan de Wit. ”Je reinste Game of Thrones”, hijgt Vrij Nederland.

Ik denk dat het ook te maken heeft met marketing. Neem de omslag van Musch: een kloek, ”mannelijk” ontwerp in donkere kleuren, met grote strakke letters en een koninklijke vogel. Alles zegt ‘serieuze roman, Kwaliteit’:

Vergelijk dat met de gemiddelde kaft van een historische roman van een schrijfster zoals Simone van der Vlugt:

Lichte kleuren, roze, bloemetjes, een bevallige vrouwenhand, alles roept ‘vrouwelijk’. Misschien zelfs wel ‘chicklit’ – een frivool genre met boeken die geen man wil lezen. Nergens zegt een recensent zoiets als ‘net Game of Thrones’. Terwijl omschrijvingen daar wel aanleiding toe kunnen geven. Zoals deze omschrijving bij de roman ‘De Dochter van de Zeemeermin’ van Lydia Rood: ”1403, de Middeleeuwen: een tijd van oorlog, bijgeloof en van strijd om de troon”.

Ik gun Bulnes en Van der Tol alle aandacht van harte hoor. Hun boeken zijn vast goed en leuk om te lezen. En de historische roman is een prachtig genre. Maar het valt mij op dat de media en de boekhandels de Bulnes en Van der Tol heren wel érg op het schild hijsen. Zij krijgen alle ruimte van literaire bijlagen die, zoals de Lezeres des Vaderlands en anderen onderzochten, het werk van vrouwen negeren of alleen in kleine signalementen behandelen, terwijl mannelijke auteurs de belangrijke lange reportages krijgen. Dit terwijl het letterlijk wemelt van schrijfsters die in hetzelfde genre werken. Zie bijvoorbeeld deze lijst van Hebban.

Kortom, het is geen gelijk speelveld. En dat is erg vervelend, want als diezelfde door mannen gedomineerde recensentengroep en literaire experts-kliek de Canon van de Historische Roman opstelt, in de context van de man als de echte historicus en de man als de echte auteur, zul je zien dat mannelijke auteurs daarin domineren. We zijn er zelf bij – het mechanisme speelt zich op dit moment voor je eigen ogen af. Het is nu gaande. Wilde ik even signaleren….

Klassieker Joanna Russ krijgt nieuwe uitgave

Leve de universiteit van Texas! Die verzorgde een gedegen nieuwe uitgave van de klassieker ‘How to Suppress Women’s Writing” van Joanna Russ, met een voorwoord van Jessa Crispin. (In Nederland verscheen haar boek onder de veel mildere titel Andere Levens, Andere Letteren). Dit is geweldig nieuws, want wat Russ schreef over uitsluitingsmechanismen bij schrijfsters geldt net zo goed voor de situatie rond kunstenaressen, onderneemsters, wetenschapsters, opiniemaaksters enzovoorts. En is nog steeds akelig actueel.

Bron: Financieel Dagblad

Russ wijst er in haar boek op dat culturen echt wel veranderen en beschaafder kunnen worden. Zo hebben we sinds een paar decennia nauwelijks wetgeving die vrouwen expliciet en gericht uitsluit van bepaalde beroepen of bezigheden. Vrouwen blijven sinds de jaren vijftig handelingsbekwaam na hun huwelijk. Bijna niemand doet in het openbaar nog botte uitspraken dat vrouwen iets niet zouden kunnen, niet zouden mogen of niks voorstellen. Doet iemand dat wel, dan volgt (terecht) felle kritiek.

Je zou oppervlakkig gezien kunnen denken dat alles ok is. In de praktijk, stelt Russ, wéten we als samenleving echter heel goed wie iets mag zijn of doen, en wie niet. Zo zijn historici witte mannen, onderzocht Suze Zijlstra. Serieuze auteurs vinden we witte mannen, onderzocht Corina Koolen. Ondernemers vinden we witte mannen, analyseerde het Financieel Dagblad.

Vanuit dat wereldbeeld zijn vrouwen vreemde eenden in de bijt. Ze horen er niet bij. Duiken ze toch op, dan ontstaat er een probleem waar je zo snel mogelijk vanaf wilt. Russ zette voor de literaire wereld op een rijtje wat de acties zijn om het Serieuze Schrijverschap te behouden voor leden uit de correcte groep, namelijk witte mannen. Heel in het kort: ontkennen, belachelijk maken of afbreken, bijvoorbeeld door te zeggen dat ze inferieur werk aflevert, dat ze een waardeloos onderwerp uitkoos, dat ze slechts een eenzame uitzondering is, zich op de verkeerde genres richt, enzovoorts.

Lukt het om vrouwen af te schrikken of, als ze toch schrijven, in het hokje broddelaarsters te houden, dan heb je meteen een extra stok om vrouwen mee weg te slaan. Kijk, vrouwen mogen en kunnen alles maar doen het niet. Of ze doen het wel maar komen niet verder dan truttige romannetjes. Ze kunnen het blijkbaar niet. Ze spannen zich niet genoeg in. Zie je wel, mánnen zijn de serieuze auteurs.

Die manier van kijken en denken heeft voor vrouwen verstrekkende negatieve gevolgen. Anno 2018 ontdekte Corina Koolen dat lezers, recensenten en uitgevers nog steeds niet goed kunnen kijken naar het werk van schrijfsters. Mensen plakken allerlei seksistische etiketten op romans van schrijfsters en weigeren hun werk te erkennen als literatuur. Wat Russ kwalitatief analyseerde, trof Koolen even genadeloos hard aan in haar kwantitatieve onderzoek.

Wat schrijfsters overkomt, overkomt ook andere vrouwen die opduiken op plaatsen waar ze niet horen. Zo vinden we het in Nederland volstrekt normaal als er alleen blanke mannen aan tafel zitten bij talkshows op de televisie. Als er plotseling louter vrouwen aan tafel dreigen te komen, in het programma Buitenhof in dit geval, worden mensen zenuwachtig. Dus zegt de redactie één van de vrouwen af en laat voor haar in de plaats een man komen. Zo ver gaat onze cultuur om het plaatje weer een beetje te laten kloppen.

Vrouwen lopen niet alleen tv optredens mis, ze lopen vanuit het “mannen behoren X te doen” wereldbeeld ook geld en middelen mis om hun ambities te verwezenlijken. Vervolgens kan iedereen hoofdschuddend zeggen “tsja, ze kunnen en willen niet, vrouwen blijven liever bij hun gezin”.

Het Financieel Dagblad schonk bijvoorbeeld onlangs aandacht aan een fascinerend onderzoek naar het taalgebruik van investeerders. Mannen en vrouwen met macht (en geld) spraken met jonge ondernemers die kapitaal wilden werven om hun onderneming te starten of verder uit te bouwen. Na de analyse van talloze gesprekken bleek dat de investeerders bij ‘ondernemer’ aan mannen denken. Vrouwen zijn de vreemde eend, het klopt niet dat zij daar zitten als ondernemer. Daarna hijsen ze mannen in het zadel en wijzen vrouwen af:

De capaciteiten van vrouwelijke ondernemers werden stelselmatig omlaag gepraat, die van mannen omhoog. Mannelijke eigenschappen werden geassocieerd met ondernemerschap, vrouwelijke juist niet. Zelfs als het over dezelfde eigenschappen ging. Alsof – zo schrijven de onderzoekers – het imago van de vrouw ‘strijdig is met de persoonlijkheid van de entrepreneur’. Bijvoorbeeld: ‘Zoals alle vrouwen is ze voorzichtig. Ze durft niet.’ Over een man daarentegen: ‘Hij is voorzichtig, en dat is goed. Hij neemt weloverwogen beslissingen.’ Leeftijd en ervaring werden ook verschillend uitgelegd. Bij een vrouw negatief: ‘Ze is jong en heeft waarschijnlijk geen ervaring in het leiden van een business.’ Bij een man is dat iets positiefs: ‘Hij is een jonge kerel en heeft nog een veelbelovende toekomst voor zich liggen.’

De omgeving moet wakker worden, vooroordelen bijsturen en vrouwen eerlijker beoordelen. Dan pas verandert er écht iets en maakt een vrouwelijke canon of traditie een kans. Joanna Russ constateerde dat in How to Suppress Women’s Writing, en in Nederland kun je haar gelijk dagelijks ervaren door het nieuws te volgen en bijvoorbeeld dat onderzoek van Koolen te lezen.

Daarom top dat haar boek opnieuw breed verkrijgbaar is. Lees haar analyse, ken de argumenten om vrouwen buitenspel te zetten, en wees er alert op als je die mechanismen vervolgens tegen komt op kantoor, aan de talkshow-tafel, op je literaire platform enzovoorts. Want vrouwen zetten door en er is hoop op verbetering:

For hundreds of years, despite those odds against them, the “wrong” writers still manage to write. Likely it won’t be remembered long enough or taken seriously enough, but to read this book is to admire this buried tradition, and realize how much there is to be discovered — and how there’s no time like the present to look at the marginalized writers you might be missing. “Only on the margins does growth occur,” Russ promises, like the guide in a story telling you how to defeat the dragon. Get angry; then get a reading list.

Mooie artikelen van Literary Hub

Als feministe en lezeres geniet ik iedere keer opnieuw van het aanbod van Literary Hub. Deze site publiceert recensies en artikelen over literatuur, het boekenvak, schrijven en verhalen vertellen in de breedste zin van het woord. Daarbij komen allerlei thema’s aan bod, maar wat ik zo fijn vind is dat de site regelmatig aandacht besteedt aan gender, feminisme en de situatie van vrouwen. Graag link ik volgers van dit weblog door naar deze site en naar een aantal artikelen die mijn aandacht trokken. Hopelijk lees jij ze ook met evenveel plezier!

  • Feministe en auteur Rebecca Solnit levert regelmatig een bijdrage aan Literary Hub. Zij benadrukt onder andere dat wiens verhalen we vertellen, wiens perspectief centraal staat, een intens politieke kwestie is. Het zegt iets over machtsverhoudingen, over wat we als cultuur belangrijk vinden, wiens land het is en wie te gast is en zich aan moet passen aan de dominante groep. Daarnaast schreef ze de afgelopen tijd een paar belangrijke analyses over geweld tegen vrouwen, de toegeeflijke houding ten opzichte van agressieve mannen en #metoo.
  • Literary Hub doet erg haar best om blank westerse bubbels te vermijden of, als je daar toch in belandt, er weer zo snel mogelijk uit te stappen. Het aanbod is breed: Pakistaanse vrouwen op de arbeidsmarkt, het haar en de kapsels van zwarte vrouwen, of de polemische sluier, en vooral de politieke en sociale betekenis van zulke haar- en kledingdrachten, Cleopatra en hedendaagse vrouwelijke leiders, het werk van Audre Lorde en Clara Hale, de positie van ”buitenlandse schrijfsters” op de engelstalige markt (hint: hun werk wordt veel minder vertaald in het Engels dan dat van hun mannelijke collega’s), enzovoorts. Lees ook dit stuk van Rumaan Alam over haar schrijverschap.
  • Fiona Alison Duncan publiceerde een mooi artikel over het werk van onze eigen Nederlandse Etty Hillesum. Haar dagboeken zijn vertaald in het Engels, maar in tegenstelling tot de dagboeken van Anne Frank is haar werk niet heel bekend buiten een selecte kring van deskundigen en studenten: ”“I am accomplished in bed,” she writes. This is why, it’s been suggested, Etty Hillesum’s diaries aren’t, like those of her younger neighbor, part of the Holocaust canon.”
  • Linnea Hartsuyker gaat in op de orale verhalen en klassieke literatuur van de Vikingen. En hoe die verhalen en sages doorwerken in het leven van de mensen van nu, afstammelinge van die cultuur. De erfenis bestaat onder andere uit conflicterende emoties en ideeën rond vrouwelijkheid.
  • Dankzij Literary Hub hoorde ik voor het eerst van Moderata Fonte, een vrouw uit Venetië die in 1592 een feministische klassieker publiceerde. In De verdiensten van de vrouw gebruikt ze de literaire vorm van de dialoog om de positie van vrouwen in haar maatschappij te behandelen. Daarbij lanceert ze het nog steeds revolutionaire idee dat mannen en vrouwen gelijkwaardig zijn, maar dat mannen zo opgaan in de overtuiging dat zij superieur aan vrouwen zijn, dat ze dit fundamentele beginsel vergeten en onrecht begaan. Fontana hoort thuis in het rijtje van mensen zoals Christine de Pizan (1405/1410) en Mary Wollstonecraft’s Vindication of the Rights of Women (1792).
  • Literary Hub linkt je ook graag door naar vijf andere schrijfsters die feministische heldinnen zouden moeten zijn. Of tien fantasievolle feministische romans die creatief verzet kunnen bevorderen. Of, als dat verzet mislukt, dertig dystopische romans, geschreven door vrouwen of met vrouwen in de hoofdrol (op één na).
  • Lucinda Rosenfeld schreef een mooie analyse van het genre Chicklit. Ze noemt het ‘het genre dat beter verdiende‘. En speculeert dat het genre doorontwikkelt in iets nieuws: ”Instead of women searching for sex and love with the opposite sex, perhaps the genre might revolve around women simply trying to survive the opposite sex. Settings in a dystopian near future would be optional.
  • Hoe is het om als vrouw Oud-Griekse klassiekers te lezen en te studeren? Madeleine Miller kwam erachter dat ze dat alleen kon doen door zichzelf heel bewust af te sluiten voor de talloze keren dat deze literatuur haar confronteert met vrouwenhaat en seksisme. In het bijzonder de behandeling van de tovenares Circe in de Odyssee trof haar onaangenaam. Ze is machtig en slim, maar Odysseus hoeft alleen maar een zwaard te trekken en ze knielt huilend voor hem neer? Het leidde ertoe dat ze zelf, in een roman, een alternatief biedt: ”It took me 25 years from that first frustration to work out a reply, which turned into my second novel, Circe. In it, I got to write my own version of that scene, from Circe’s perspective. She still yields to Odysseus’s trick, that is a piece of the plot. But she does not kneel.”
  • Daniel Pryce dacht dat hij een hele goede science fiction roman had geschreven, met veel aandacht voor de vrouwelijke personages. Veel lezers stuurden inderdaad positieve reacties. Maar een vocale minderheid wees hem op seksistische elementen, en uiteindelijk moest de schrijver toegeven dat hij een paar dingen over het hoofd had gezien: ”The mistakes I’d made weren’t huge, but they weren’t new either. Most female readers have already seen them a thousand times before in a thousand other books. And therein lies the anger.” Hij nam de kritiek serieus en werd er een betere schrijver door. Eind goed, al goed.

Uiteraard hebben we ook in het Nederlandstalige gebied goede literaire websites. Zoals Tzum, één van de weinige sites die probeert schrijfsters en vrouwelijke recensenten evenredig aan bod te laten komen. Neem ook eens een kijkje bij Hebban.nl en hun overzicht van beste boekenbloggers van 2017, of hun analyse van de net uitgekomen Vrij Nederland detective- en thrillergids. Veel leesplezier!

Star Wars heeft het moeilijk met vrouwen

Nu Solo in de bioscopen draait leek het me mooi wat zaken op een rij te zetten rond vrouwen en vrouwelijke personages rond StarWars. De franchise is op de goede weg en geeft vrouwelijke personages steeds meer ruimte. Maar achter de schermen blijft het een drama. Zo heeft Maureen Ryan onderzocht dat de films de afgelopen 41 jaar voor 96% uit de koker van mannen komen. Ze domineren zo de populaire cultuur en de verbeelding rond StarWars.

Eerst het goede nieuws: per film geeft Star Wars vrouwelijke personages meer ruimte. Rebecca Harisson van de universiteit van Glasgow nam alle vrouwelijke personages mee die spreektijd in het scenario krijgen. Daaronder niet alleen menselijke figuren, maar ook als vrouwelijk voorgestelde robots en buitenaardse wezens. Als je alles bij elkaar neemt komen vrouwelijke personages in de allereerste film, A New Hope uit 1977, niet verder dan 15% van de beschikbare ruimte. The Last Jedi kwam vorig jaar uit op 43%. Het totale overzicht:

43% Last Jedi
37% Force Awakens
35% Rogue One
23% Return of the Jedi
22% Empire Strikes Back
20% Phantom Menace
18% Attack of the Clones
17% Revenge of the Sith
15% A New Hope

Zojuist kwam Han Solo, A Star Wars Story uit. Voor zover ik kon achterhalen heeft nog niemand het percentage speeltijd voor vrouwelijke personages berekend. Ik gok een kwart. Dat is best aardig en komt onder andere doordat de film drie vrouwelijke personages telt, en een belangrijke vrouwelijke rebel in een bijrolletje.

Verschillende feministische critici signaleren echter dat het scenario van Solo zich geen raad lijkt te weten met hen. De allereerste vrouwelijke Android die de franchise biedt begint fantastisch, maar eindigt in een nachtmerrie die alles waar ze voor staat ondermijnt en nietig verklaart. Twee van de drie belangrijkste vrouwelijke personages sneuvelen bovendien verdacht snel, en het lijkt er ook verdacht veel op dat dit voornamelijk gebeurt om de mannelijke personages meer ruimte en emotionele diepgang te geven:

By the end of Solo, all of its female characters remain trapped in the systems that define them, shackled by the constraints of technology or some shadowy control or plot dictates about their deaths adding to male characters’ pain.

Dat laatste heet fridging en onder andere ikzelf haat dat. Het reduceert vrouwelijke personages tot een soort kanonnenvoer, terwijl het wel en wee van de mannelijke personages centraal blijft staan.

Net als de criticus van website Hello Giggles vind ik het lastig dit soort uitglijders los te zien van een mannelijke dominantie achter de schermen. Die is enorm. Ryan analyseerde de 17 films die in de loop van 41 jaar in de bioscopen draaiden. Ze bekeek welke mensen op creatief gebied de leiding hadden. Denk aan scenarioschrijvers en de regisseurs. Van de 24 werknemers die dat soort inhoudelijke sleutelposities bekleedden, waren 23 van het mannelijke geslacht. Dat betekent dat mannen 96% van de macht hadden en hebben. Mannen besloten Leia in een slavinnenkostuum te hijsen. Mannen zadelden Nathalie Portman op met een draak van een rol en een roemloos einde, stervend om niks in het kraambed. Enz, enz.

Als meer vrouwen creatieve eindverantwoordelijkheid hadden gehad, zou er wellicht meer discussie zijn ontstaan en hadden scenarioschrijvers en regisseurs dit soort seksisme kunnen afzwakken of voorkomen. Neem Padme. Goh, dus het Star Wars universum kan allerlei technologische hoogstandjes herbergen, maar een echo of een bezoekje aan een verloskundige was niet mogelijk? En daarna sterf je omdat de wil tot leven je verlaten heeft? Wie verzint zoiets? Dat soort dingen.

Het ziet er niet naar uit dat het monopolie van blanke mannen snel verdwijnt. Er staan drie nieuwe StarWars films op de rol, en producent Disney geeft de baan van schrijver en regisseur aan… jawel…. twee blanke mannen, David Benioff en D.B. Weiss. Dat betekent dat de gehele groep creatieve poortwachters blank blijft, en circa 98 procent mannelijk. Vrouwen en mensen met een gekleurde huid m/v komen er niet aan te pas. Dit in een tijd waarin vrouwen en mensen met een gekleurde huid allang lieten zien dat ze grote blockbusters aan kunnen. Denk aan Wonder Woman regisseur Pat Jenkins. Of Ava DuVernay, die Selma regisseerde, en A Wrinkle in Time.

Samengevat: ja er is vooruitgang, ja vrouwen krijgen meer te doen in Star Wars films, maar dat laat onverlet dat mannen deze culturele Juggernaut vormgeven en te vaak blind blijven voor seksisme en marginalisering van vrouwelijke personages. Werk aan de winkel. Disney, laat die blanke mannen eens zitten en geef talent uit andere groepen een kans!

Mannenliteratuur vertekent het vrouwbeeld

Onderzoek op basis van duizenden romans over een periode van 200 jaar wijst uit, dat mannelijke auteurs vrouwen meestal niet zien staan. Ze geven vrouwelijke personages maximaal dertig procent van de ruimte – meestal minder. Er zit geen vooruitgang in: mannelijke auteurs uit de Victoriaanse tijd schreven zelfs vaker over vrouwen dan nu. Dit draagt bij aan beeldvorming waarbij we de wereld zien door de ogen van mannen. Slecht nieuws voor vrouwen. Die zien zichzelf nauwelijks terug in verhalen, of worden geconfronteerd met gaslighting.

Gaslighting is een term voor een vorm van psychologische ondermijning. Door een genderbril bekeken: mannen die vrouwen aan zichzelf laten twijfelen door hen constant te vertellen dat ze niet weten wat ze weten, niet voelen wat ze voelen, dat ze zich dingen inbeelden, overreageren, slechte intenties hebben. Zie voor een Nederlands voorbeeld de SF serie Missie Aarde, waarin haar mannelijke collega’s het enige vrouwelijke bemanningslid van een ruimteschip mentaal door de mangel halen, net zolang totdat ze zelf ook gaat geloven in bepaalde vrouwvijandige mythes.

Sarah Churchwell schrijft in een mooi essay dat mannelijke auteurs in hun romans vaak terugvallen op gaslighting van vrouwen via vrouwelijke personages. Ze definiëren de wereld zoals hen dat als man goed uitkomt en reduceren vrouwen tot hysterische domme karikaturen en/of hulpjes van de man. Hun verwrongen vrouwbeeld steekt in verhevigde mate de kop op tijdens periodes, waarin vrouwen in het openbare leven protesteren tegen hun tweederangs status en meer ruimte opeisen. Dat levert bijvoorbeeld personages op die zichzelf feministisch noemen maar de mannelijke held tegeljkertijd op een vernederende manier dwingen om zittend te plassen, beschrijft Churchwell. Huuuu, enge feministen….

Die literaire traditie levert vooral verliezers op, signaleert Churchwell. Verhalen hebben effecten op mensen. Mannen verliezen iets als ze niet lezen of alleen boeken kiezen van mannen, over stoere mannen die oorlog voeren en sexy vrouwen veroveren. Lezeressen vervallen in een totaal gevoel van vervreemding als ze vooral verhalen lezen waarin ze niet voorkomen, of waarin de enige rol die is van een bordkartonnen hatelijk stereotype. De standaard canon vol boeken van blanke mannen die vrouwen negeren of vertekend weergeven is zodoende vooral een lijst van boeken die geen vrouw zou moeten willen lezen. (Tenzij je als schrijfster een studie van hun seksisme wil maken, om de vrouwenhaat daarna te ontmantelen in je eigen romans).

Daarnaast heeft het ook psychologische effecten op schrijfsters, als onze cultuur de beeldvorming uit de kokers van mannen aanneemt voor neutraal en universeel:

Here’s playwright Alison Croggon on the effect such bias can have on the confidence of a writer: “The woman who begins with talent but who finds herself struggling to gain notice simply because she is a woman, can find her ambitions dwindling, her possibilities shrunken, in a continually amplifying feedback loop. Just as success breeds confidence, so the lack of it breeds uncertainty. If millions of reinforcing signals say a woman’s work is less significant, something will eventually begin to stick. This kind of intensifying feedback, which begins at birth, is very difficult to track and even more difficult to combat.”

Dat verzet is echter broodnodig om de dominante beeldvorming te veranderen. Gelukkig komt de zaak steeds meer in beweging. Onderzoeken zoals VIDA tonen in overduidelijke cijfers aan dat het werk van mannen nog steeds onevenredig veel aandacht krijgt in literaire media. Dat leidt tot bewustwording en debat, met hier en daar een verbetering. Vrouwelijke auteurs zoeken ook steeds vaker zelf hun weg, waarbij internet en sociale media zeer behulpzame kanalen zijn. En er kwamen campagnes zoals Lees Vrouwen. In inspirerende artikelen vertellen lezers hoe ze hun leesgewoonten aanpasten en ruimte maakten voor verhalen  van en vaak ook over vrouwen. Churchwell juicht deze ontwikkelingen toe. Het vormt een noodzakelijk cultureel tegenwicht en biedt mogelijkheden om onszelf anders te laten kijken en denken.

Verder lezen: Zie voor de mannelijke dominantie in de Nederlandse literatuur de bevindingen van de Lezeres des Vaderlands. In haar artikelen duikt ze ook regelmatig in de inhoud van romans en zie je dat vrouwelijke personages er ook in Nederland bekaaid vanaf komen. Zoek je geloofwaardige vrouwelijke personages, dan moet je bij de schrijfsters zijn, want hun mannelijke collega’s blijven steken in slachtoffers of hoeren. Zie verder een artikel over de vooroordelen rond hun werk, waar schrijfsters nog steeds mee geconfronteerd worden. Of deze mooie beschouwing van auteur Niña Weijers, of deze analyse van Sanne van Oosten, of dit artikel over de manier waarop ons literatuuronderwijs vrouwen buiten sluit. Kortom nog genoeg werk te doen….

Nieuwsronde: interessante artikelen en essays

Dit weblog linkt mensen graag door naar interessante artikelen, reportages en essays. Deze keer SF auteur Joanna Russ, de genderpolitiek van literaire bijlages, een krachtig opiniestuk van feministe Jessica Valenti, Chinese feministen en hun gebruik van emoji’s, en meer.

  • Wetenschappers analyseerden ruim 10.00o recensies uit de New York Times Book Review, en maakten bijzonder stereotiepe verhoudingen tussen de seksen zichtbaar. Tweederde van alle aandacht ging naar de fictie en non-fictie uit de koker van mannen. Vrouwen kwamen er vooral aan te pas als ze zich hielden aan zaken waar vrouwen zich mee bezig behoren te houden: kinderen, romantiek, poëzie.
  • Dagblad De Morgen prijst de nieuwe plaat van Shabaka Hutchings de hemel in. Deze Londense tenorsaxofonist schreef het album  Your Queen Is A Reptile vol met feministische statements. Hij eert vrouwen met een gekleurde huid in ”een unieke, woeste mix van kleuren en klanken”. Aan bod komen onder andere odes aan Ghanese rebellenleidster Yaa Aantewaa, psychologe Mamie Phipps Clark, burgerrechtenactivist Harriet Tubman en Angela Davis van de Black Panther beweging in de V.S.
  • Wil je je verdiepen in hoe het zit met gender? Bezoek dan de nieuwe website Genderklik. Het Belgische documentatiecentrum Rosa en de Vlaamse overheid lanceerden deze site om iedereen op een toegankelijke en eigentijdse manier te informeren over gender en gendermechanismen. De site moet ook een springplank worden voor vragen en discussies.
  • Je kunt er niet vroeg genoeg bij zijn, want rolpatronen duiken vroeg op. Tussen hun vierde en hun achtste jaar leren kinderen hoe het hoort. Zo blijkt uit onderzoek dat kinderen op die leeftijd banen als kapper al associeren met vrouwen, terwijl ze mannen beter op hun plek achten in banen als dokter en ingenieur. Ook hebben kinderen van zes al geleerd dat genialiteit iets is voor mannen.
  • Vrouwen zijn echter wel degelijk slim, geniaal en inventief. Zo gebruiken Chinese feministes emojis om de staatscensuur te ontlopen.
  • Mooi artikel over wetenschapster Samantha Joye, die al twintig jaar onderzoek doet naar oceanen. Regelmatig maakt ze duiken naar de diepste diepten om inzicht te krijgen in wat er in zee gebeurt.
  • Hetpet. Dat is de naam van een priesteres die 4000 jaar geleden woonde en werkte in het huidige Egypte. Ze diende de godin Hathor en kreeg een rijk versierd graf met bijzondere afbeeldingen van aapjes. The National Geographic wijdde een interessant artikel aan de archeologische vondst, met mooie foto’s natuurlijk.
  • Hoe staat het met Susan Brownmiller in het #metoo tijdperk? Tijdens de tweede feministische golf schreef ze Tegen Onze Wil, een inmiddels klassiek werk over seksueel geweld tegen vrouwen. In een mooi interview met The Guardian staat ze stil bij de huidige betekenis van haar boek, de invloed van geweld op vrouwen, en hedendaagse dilemma’s.
  • TEDx biedt regelmatig mooie presentaties en speeches over vrouwen, gender en zaken waarbij feminisme een rol speelt. Deze site houdt bij wat er op dat gebied nieuw verschijnt en linkt door naar recente TEDx sprekers. Kijk en luister bijvoorbeeld naar Caroline Paul, over het stimuleren van avontuurlijk gedrag bij meisjes, en Stacy Smith over de cijfers achter seksisme in de filmindustrie.
  • SF auteur Joanna Russ had een scherp oog voor de verhoudingen tussen de seksen. Ze stond ook stil bij het effect van ‘de tweede sekse zijn’ op de psychologische gesteldheid van vrouwen. Haar essay over de zogenoemde bibberende zusters en perfecte moeders blijkt jaren na publicatie nog steeds akelig herkenbaar.
  • Feministe Jessica Valenti schreef een kort, krachtig stuk over de beslissing van magazine The Atlantic om een man aan te nemen die vindt dat vrouwen geëxecuteerd moeten worden als ze een zwangerschap afbreken. Aangezien circa een kwart van alle vrouwen dat besluit ooit heeft genomen, komt het standpunt van deze man neer op genocide/femicide. Geen probleem voor de mannelijke bazen van de redactie. Iedereen verdient een tweede kans, kraaien ze. Een argument waar veel andere journalisten, zoals Valenti maar ook vele anderen, korte metten mee maken. De redactie heeft de man inmiddels weer ontslagen. Phew…

De genderpolitiek van de barbecue

Lente en zomer, dat betekent onder andere dat we met ons allen weer overspoeld worden door artikelen en beelden van mannen rond de barbecue. Deze mannen voelen zich mannelijk en sexy achter de barbecue en gooien “vanuit hun oergevoel “grote lappen vlees op het vuur. Maar deze overtuiging gaat veel verder dan dat, betoogt Carol J. Adams in haar klassieker ‘The Sexual Politics of Meat’. Deze macho mannelijke vleeseter heeft een grote, veelal negatieve invloed op de positie van vrouwen en dieren, betoogt ze.

Toen Adams haar boek over vlees eten en gender publiceerde, sloeg haar theorie in als een bom. In een patriarchale cultuur waarin mannen de baas zijn en het beste eten krijgen, te weten vlees, nemen vrouwen en dieren nagenoeg dezelfde plek in, signaleert ze. Het zijn beiden inferieure wezens die je kunt reduceren tot een al dan niet geseksualiseerd ding, een consumptiegoed.

Beiden worden daarbij gereduceerd tot onderdelen. Dieren veranderen in kippenvleugels en sukadelapjes, soms als vrouwelijk voorgesteld. Vrouwen veranderen in sexy torso’s zonder hoofd, losse billen en benen, en worden regelmatig geassocieerd met het dierlijke.

Deze fragmentatie en reductie tot consumptiegoed gaat vaak gepaard met agressie. Als vrouwen en dieren veranderd zijn in een ding, kun je doen met ze wat je wil. Vastzetten, doden, verkrachten, mishandelen, maakt niet uit. Omgekeerd wen je door jagen en dieren doden aan het opjagen en doden van mensen, zag Adams terug bij het gedachtengoed van feministen uit de tijd van de Eerste Wereldoorlog. Het slachten van dieren gaat over in het slachten van mensen, onder het toeziend oog van agressieve viriele patriarchen.

Adams wijst erop dat opvallend veel proto-feministen dit verband zagen, tussen mannelijke macht, viriele agressie en de tweederangs status van dieren en henzelf. Naast vrouwenrechten streden ze regelmatig ook voor het dierenwelzijn.Nog steeds houden veel meer vrouwen dan mannen zich bezig met dierenrechten. Daarnaast stonden opvallend veel feministische denkers een vegetarische levensstijl voor: ze wilden als vrouw niet geëxploiteerd worden en wilden op hun beurt geen dieren exploiteren.

Ruim 25 jaar later sturen lezers Adams nog steeds krantenknipsels, foto’s en reclames die haar theorie illustreren, schrijft ze in de jubileumuitgave van haar klassieker. Propaganda die stelt dat vegetarisch leven iets is waar je je als man verre van wilt houden. Echte mannen eten vlees, drinken bier, scheuren rond in grote auto’s, geven scores aan de borsten en billen van vrouwen, doen wat ze willen, lekker stoer, boys will be boys, zonder nare betutteling van bitcherige schooljuffen.

Mensen stuurden ook foto’s van reclameposters waarop grote garnalen met benen, hoge hakken en tuitende lipjes klanten verleidelijk aankijken en vragen om opgegeten te worden. Omgekeerd veranderen vrouwen regelmatig in prooidieren die na de ‘jacht’ klaar liggen voor mannelijke consumptie.

Niet verassend borrelt die man = vlees cultuur extra opvallend op in het barbecue seizoen. De praktijk rond de barbecue draait om vlees, bevestigt een stereotiep beeld van mannelijkheid en versterkt oude rolpatronen. In 2014 en 2016 hield Trendbox bijvoorbeeld een nationaal BBQ onderzoek en kwam tot de volgende conclusies. Vrouwen doen de boodschappen en maken de salades. Mannen braden het vlees op de barbecue. Meer dan de helft van de mannen vindt dat mannen beter zijn in het grillen dan vrouwen. De meeste ondervraagden vinden het schoonmaken en opruimen na afloop een vervelend karweitje. Vervolgens blijkt dat mannen zich massaal aan dat nare werk onttrekken en het opruimen en schoonmaken overlaten aan vrouwen.

NRC Handelsblad recenseerde The Sexual Politics of Meat ten tijde van de publicatie voornamelijk positief:

Dat er in de hoofden van mensen, zowel bij daders als slachtoffers, altijd verband is geweest tussen de schending van de integriteit van dieren en die van vermeende tweederangs mensen, in het bijzonder vrouwen, maakt Adams volgens mij aannemelijk. De historische en literaire beelden en volkse uitdrukkingen die slaan op zowel dieren als vrouwen, en die beide categorieen wezens plegen voor te stellen als consumeerbare en exploiteerbare objecten, zijn onmiskenbaar legio. Volgens Adams autoriseert en legitimeert de dominante patriarchale cultuur niet alleen de symbolische consumptie van vrouwen, maar ook de letterlijke consumptie van dieren. Het is allemaal verrassend en uitdagend leesvoer.

Warm aanbevolen, dit boek. En wat de barbecue betreft: vrouwen, claim je plek achter de barbecue. Leg er eens iets vegetarisch op. Mannen, maak die salade lekker zelf en druk je niet als het tijd wordt om schoon te maken. Andere rolpatronen beginnen bij jezelf, in kleine stapjes. Succes!

Winnie Mandela leed onder vooroordelen

Zeg ‘Winnie Mandela’ en vaak volgen dan instinctieve negatieve waardeoordelen over een moordzuchtige enge vrouw. Nelson, de held. Winnie, de Lady Macbeth. Nelson, de president, Winnie, de oorlogszuchtige feeks. Hij de majestueuze Nobelprijswinnaar. Zij de gevallen vrouw. Nelson de heilige. Winnie de zondares. Opvallend, die scherpe scheiden tussen Hij is Goed en Zij is Slecht. De negativiteit neemt in de media zulke vormen aan dat allerlei groepen en personen in Zuid Afrika inmiddels luid protesteren tegen de berichtgeving rond haar overlijden op 81-jarige leeftijd.

Deze beeldvorming treft sowieso opvallend veel vrouwen die invloed en/of macht krijgen en zich niet houden aan de drie K’s (Kinderen, Keuken, Kerk). Andere voorbeelden zijn Keizerin Cixi, die werd afgeschilderd als een seksbeluste moordenares, en Hillary Clinton, routinematig neergesabeld als een kille carrierebitch, veelal door mannelijke journalisten die daarna in de #metoo beweging ontmaskerd werden als seksistische aanranders.

Winnie Mandela heeft als bijkomende handicap haar huidskleur. Als Winnie blank was geweest, zou haar persoon niet ter discussie staan, vat Afua Hirsch dit laatste punt samen:

We are tolerant about people who regarded the working classes as an abomination (Wellington), the transatlantic slave trade as a good idea (Nelson) or Indians as repulsive (Churchill), because we think the ends – defeating Napoleon or Hitler – justified the means. Winnie Madikizela-Mandela, as the press coverage of her death this week shows, is not entitled to the same rose-tinted eulogy as our white British men. She is “controversial” and a “bully”.

Winnie opereerde niet alleen in een racistische omgeving, maar ook in een patriarchale. Afropolitan noemt seksisme de achilleshiel van het land, en Winnie leed daaronder. Ze had stil thuis moeten zitten als de vrouw van, in plaats van kritiek te uiten en de belangen van de arme zwarte bevolking te verdedigen. Ze protesteerde en oefende politieke invloed uit. Documentairemaakster Pascale Lamche probeerde haar onlangs nog eerherstel te geven, omdat de activiste naar haar mening straf kreeg voor deze openbare rol. In haar film Winnie belicht ze allerlei kanten die anders verdwijnen in de golf van hatelijke kritiek.

Kortom, lees je de overlijdensberichten, let dan even kritisch op wie kritiek heeft en waarop ze die kritiek baseren. Schrijven ze aantijgingen uit de tijd van het Apartheidsregime over, of hebben ze het over bewezen feiten? Als er een bewezen feit is, zou een mannelijke vrijheidsstrijder net zoveel kritiek krijgen? Als er woorden vallen zoals bloeddorstig, bitcherig, ex-vrouw van, en varianten op ‘huuuuu eng’, dan weet je zéker dat je van doen hebt met iemand die sterke vrouwen terug in hun hok wil knuppelen. Maar zoals Hirsch schrijft:

Peaceful protest did not end apartheid: it took revolutionaries. And it shouldn’t be difficult to choose between a system of racial supremacy and a person who helped overthrow it.

Winnie Mandela krijgt op 4 april een staatsbegrafenis.