Category Archives: Discriminatie

Mannen ontkennen straatintimidatie

Voor mannen blijkt het erg moeilijk om vrouwen serieus te nemen als die aangeven te maken te hebben met straatintimidatie. Dat bleek weer eens toen de Amerikaanse radiopersoonlijkheid John Williams sociale media benutte om een vrouwelijke collega, Amy Guth, te dissen. Zij vertelde te zijn lastiggevallen door een onbekende man die haar uit het niets aansprak en erover begon dat hun kinderen razendknap zouden zijn, als ze die zouden maken. Onzin, vond Williams. Zoiets komt toch niet voor? Als het al was gebeurd, zou ze het moeten zien als een compliment, iets onschuldigs. Twitter ontplofte.

De hele Twitterdraad is een goudmijn voor sociologisch onderzoek. Allereerst biedt het ’t zoveelste bewijs voor de vele manieren waarop vrouwen gebukt gaan onder mannelijk wangedrag. Vrouwen en een paar mannen melden dat mannen hen lastig vallen. De mannen opereren alleen, op momenten waarop hun slachtoffer ook alleen en/of kwetsbaar is, of bewegen zich in groepjes en gebruiken hun numerieke overwicht om de situatie te domineren. (Als je de meldingen van vrouwen niet vertrouwt kun je gelukkig steeds meer onderzoeken vinden. Zo gebeurt in de gemeente Rotterdam 60% van de straatintimidatie in groepsverband en heeft 94% van de 1200 ondervraagde vrouwen nare dingen meegemaakt op straat.)

Tegelijkertijd geven veel mensen aan dat mannen geen idee hebben dat dit allemaal gebeurt. Vrouwen en een paar mannen geven in de twitterdraad prachtige voorbeelden van hoe dat werkt. Een man schrijft dat hij pas doorhad hoe vrouwen spitsroeden lopen op straat, toen hij in drukke New Yorkse straten gescheiden raakte van zijn vriendin. Hij volgde haar en merkte opeens dat vreemde mannen regelmatig vervelende opmerkingen tegen haar maakte en zich aan haar opdrongen. Een vrouw maakte dezelfde situatie mee en rapporteert ook dat toen mannen erachter kwamen dat ze met haar vriend was, ze zich prompt verontschuldigden – tegenover hém, niet tegenover haar.

Als ze navraag doen, tonen deze mannen zich geschokt over de antwoorden die ze van vrouwen krijgen. Het is veel. Het is constant. Het is ernstig. Omgaan met die schok en schrik is lastig. Het zijn negatieve emoties waar we als mens automatisch voor terugdeinzen. Het is verleidelijk om blind te blijven voor de vele intimiderende incidenten die vrouwen meemaken – en als man kun je dat makkelijk doen want de daders richten zich voornamelijk op vrouwen.

Als wegkijken niet lukt, kun je altijd je toevlucht nemen tot ontkennen, zoals Williams deed. Maar wat is waarschijnlijker, vragen de vrouwen Williams in hun reacties op zijn Twitterbericht. Dat de halve mensheid liegt, of dat mannen zoals Williams de ervaringen van vrouwen niet willen horen?

Een tweede barrière is dat het bij straatintimidatie gaat om opvattingen over mannelijkheid, iets waar alle leden van die sekse mee te maken hebben. Mannen kunnen nog zo hard roepen dat de meeste mannen fijne mensen zijn die vrouwen met het allergrootste respect behandelen, maar onderzoek na onderzoek wijst uit dat er een zeer sterk verband bestaat tussen opvattingen over de rol van mannen en seksueel geweld. Wie roept ‘niet alle mannen‘ zodra het probleem van mannelijke agressie op tafel komt, ontkent de rol van mannelijkheid en blijft onderdeel van het probleem. Dat is voor een man niet leuk om te horen. En biedt een nieuwe stimulans om de kwestie te ontkennen of af te wentelen op vrouwen.

Kortom de situatie is nog steeds zoals feministe Jane Gilmore in 2015 zo puntig samenvatte:

Ondertussen melden alle vrouwen in de Twitterdraad rond Williams dat zij geen enkele vrouw kennen die NIET te maken heeft gehad met straatintimidatie. De leverancier van de agressie was altijd een man. Vrouwen melden in hun twitterberichten dat het eerste incident plaats vond toen ze tussen de 12 en de 16 jaar oud waren. Oftewel het begon zodra ze niet duidelijk meer een kind waren. De mannelijke dader(s) waren in alle gevallen ouder en/of met meer, dus die eerste ervaring kwam meestal behoorlijk bedreigend over op de jonge tienermeiden.

Veel vrouwen melden daarnaast dat situaties snel kunnen escaleren, als ze niet reageren naar de zin van de mannen. Als ze niet blij en flirterig reageren, als ze nee zeggen, gaan de mannen angstwekkend snel over tot verbaal en fysiek geweld. Ze schelden vrouwen uit, achtervolgen hen, gooien stenen of bierflesjes naar ze, of pakken hen fysiek aan zodat een vrouw zich letterlijk los moet worstelen.

De aanhoudende ongewenste opdringerigheid en agressie is uitputtend voor vrouwen, signaleert Guth:

“We don’t keep track in the same way that might be expected because it’s so frequent, and began prior to puberty for many of us, so it’s part of the female experience unfortunately,” Guth wrote in an email.[…] “As a woman, any level of dismissal in any workplace is part of a cultural pattern of behavior that falls under the ‘death by a thousand cuts’ phenomenon,” Guth said. “Incidents or transgressions may be like paper cuts, but they certainly add up over time.”

Dat doorgaan alsof er niets aan de hand is, alsof mannen niks te maken hebben met het probleem, dát moet veranderen. Zolang mannelijke daders ongestraft wegkomen met hun gedoe, zolang mannen hun seksegenoten hun gang laten gaan, zolang zijn straten en huizen onveilig voor vrouwen en worden wij vrouwen ernstig gehinderd in onze bewegingsvrijheid, onze mogelijkheden om iets leuks te doen, onze levensvreugde. Mannen, aan de slag.

Advertenties

Ophef boekenweek is teken van vooruitgang

De moeder, de vrouw. Dit thema van de boekenweek 2019 leidde, tot verbazing van organisator CPNB, tot ophef. Ik vind die ophef een teken van vooruitgang. Twintig jaar geleden zouden de meeste mensen niet met hun ogen geknipperd hebben en een instantie klakkeloos z’n gang hebben laten gaan. Nu niet. Het wemelt op twitter van de protesten, 300 auteurs en uitgeverijen publiceerden een protestbrief in NRC Handelsblad en De Morgen, en boekhandel Savannah Bay gaat een eigen boekenweekthema bedenken. Met een door vrouwen geschreven boekenweekessay – en geschenk.

Bij alle reacties die tot nu toe verschijnen licht ik graag een paar thema’s uit. Allereerst de veelbetekenende reactie van de stichting Collectieve Propaganda voor het Nederlandse Boek. De CPNB liet in een interview weten dat ze de ophef niet aan zagen komen en waarschijnlijk de verwoording van het thema onderschat hebben:

We wilden de veelkantigheid van het moederschap laten zien. ‘De moeder de vrouw’ uit het gedicht van Nijhoff vonden we een mooie literaire verwijzing. We dachten dat het duidelijk zou zijn. Maar allerlei discussies zijn door elkaar heen gaan lopen.’

De CPNB maakt hiermee pijnlijk duidelijk dat ze totaal gemist hebben welke lading deze termen hebben. Eeuwenlang was ‘de’ vrouw een groot probleem. Mannen schreven boeken vol over haar inferieure aard, losse zeden, hysterische emoties en leugenachtige sluwheid. Binnen die staat van zonde en slechtheid was het moederschap, naast non worden, de enige geaccepteerde positie van de vrouw. Allerlei geleerde mannen en kerkvaders schreven voor hoe belangrijk het was dat vrouwen trouwden en kinderen kregen en hoe ze vervolgens moesten zijn. Deze belerende teksten stonden bol van woorden als dienen, verzorgen, gehoorzamen, zwijgen, de man volgen, al dan niet religieus bekrachtigd met Bijbelteksten.

Tot op de dag van vandaag benutten mannen met macht hun podium nog steeds om uit te leggen waarom ze vrouwen minderwaardig vinden. En gebruikt een bepaalde groep mensen ‘moeder de vrouw’ nog steeds om te verwijzen naar de vrouw die zichzelf helemaal wegcijfert om voor zijn kinderen en voor hem te zorgen. ‘Moeder de vrouw’ heeft geen eigen naam, haar taak en functie zijn belangrijk, niet zijzelf als persoon, zoals deze cartoon treffend parodieert:

Hoe seksistisch dit de vrouw de moeder/moeder de vrouw is, weet je meteen als je andere varianten probeert. Je hoort nooit ‘vader de man’ of ‘dochter het meisje’, signaleert Paulien Cornelisse. Inderdaad, en daarom ben ik rond dit boekenweekthema zo blij met de protesten. ‘De moeder’, ‘de vrouw’ zijn terecht zeer problematische begrippen geworden, en vrouwen eisen het recht op om hier zelf iets over te zeggen te krijgen. Dat het CPNB de ophef niet aan zag komen zegt alles over het CPNB. Nederlandse vrouwen en veel mannen zijn inmiddels een stapje verder.

Andere tegenreacties over de ophef spreken ook boekdelen. Özcan Akyol benutte zijn podium als columnist van het AD om vrouwen die aanstoot nemen tegen het boekenweekthema, te betichten van hysterie. Dit woord duikt regelmatig op als vrouwen in verzet komen tegen onrecht. Ze hebben geen terechte aanklacht, nee, ze zijn hysterisch. Het is naast ‘hoer’ hét etiket om vrouwen te diskwalificeren en terug in hun hok te meppen.

Akyol haalt nog een ander seksistisch geintje uit in zijn opiniestuk. Hij verklaart vrouwen zo sterk, nobel en ”veel subtieler dan mannen”, dat ze dit soort protesten helemaal niet nodig zouden hebben. Ook dit type argument kent een lange geschiedenis. Opleidingen, hadden vrouwen niet nodig. Stemrecht ook niet, want de vrouw had al genoeg invloed als moeder en echtgenote. Politiek was zo’n smerig bedrijf, daar moesten edele vrouwen met hun tere aard helemaal niks van willen weten, ze waren zo goed en hoogstaand dat ze dat maar beter konden overlaten aan mannen. Opnieuw, brrrrrrr.

Tot slot de ja-maar types die de protesten verdraaien. Mogen mannen dan niet schrijven over vrouwen en moeders? Boehoehoehoe, identiteitspolitiek, de creativiteit gaat ten onder aan politiek correct geleuter. Dit is een favoriet argument van conservatieven om alle pogingen af te slaan om meer diversiteit te bereiken. Daarbij vergeten ze gemakshalve dat zijzelf ook aan identiteitspolitiek doen: de identiteit van de blanke man die kan terugvallen op zijn machtspositie als de neutrale standaard, de objectieve brenger van universele waarheden – terwijl alles aan elkaar hangt van subjectiviteit, blinde vlekken, de angst om privileges en macht te verliezen, enzovoorts. Zeg maar de profiteur van het informele mannenquotum aan de top van het bedrijfsleven of de politiek, die tegen een vrouwenquotum is want ‘we moeten alleen voor kwaliteit gaan’. Zoals Mark Rutte.

De CPNB heeft inmiddels in een verklaring laten weten te willen kijken hoe ze een positieve wending kunnen geven aan het thema van de boekenweek. De stichting gaat graag in gesprek met de ondertekenaars van de protestbrief. Misschien lukt het om tot ”creatieve oplossingen” te komen, hoopt de CPNB. Nog beter lijkt mij: beter voeling houden met de maatschappij, zich bewust worden van seksisme, en vanaf nu boekenweekgeschenken – en essays jaarlijks 50-50 door mannelijke en vrouwelijke auteurs laten schrijven.

De dominantie van de dikke historische mannenboeken

Wil je weten hoe een door mannen gedomineerde canon tot stand komt? Dan kun je dat nú zien – het mechanisme is in werking gezet- rond historische romans. Het vuistdikke Reconquista van Miquel Bulnes. Musch, het vuistdikke eerste deel van een trilogie over het leven van Johan de Wit. Tafels in boekhandels bezwijken bijna onder het gewicht van deze Serieuze Historische Romans. Ik kan me niet herinneren dat de nieuwste Simone van der Vlugt  ooit zo breed gepromoot werd. Haar romans verschijnen, maar als Bulnes en co kloeke historische romans met mannelijke hoofdpersonen publiceren is dat een Evenement met hoofdletter E.

Het lijkt er sterk op dat mannelijke auteurs profiteren van een sociale en geschiedkundige context: mannen zijn de serieuze historici en leveranciers van Echte Boeken.

Geschiedenis als vak: Zowel wetenschapster Maria Greve als, jaren later, Suze Zijlstra, constateren dat mensen een duidelijke beeldvorming hebben over wie er over de geschiedenis gaan. Zeg ‘geschiedkundige’ of ‘historicus’ en de meeste mensen denken automatisch aan mannen, onderzochten zij. Mannen organiseerden zich in historische genootschappen en verkregen leerstoelen aan de universiteiten. ”Bronnenonderzoek in archieven en bibliotheken werd beschouwd als een heroïsche zoektocht van vastberaden mannen naar ware historische kennis”, schrijft Greve.

Echte Romans: Corina Koolen deed onderzoek en constateert dat literaire kwaliteit nauw verbonden is met mannen. Vrouwen schrijven net als mannen, maar lezers, uitgeverijen en recensenten willen dat niet zien. In hun beleving missen vrouwen steevast de X-factor die de mannelijke auteur wél heeft. Vrouwen schrijven misschien wel leuk, of zijn populair, of verkopen goed, maar literatuur… meh. Vervolgens krijgen mannelijke auteurs met hun Literaire Roman de literaire eer. En de prijzen. En het geld.

Binnen deze tweedeling tussen universele romans van mannen en genderspecifieke romannetjes van vrouwen, hebben mensen m/v ook duidelijke ideeën over wie over welk soort onderwerp mogen schrijven. Greve:

Slechts enkele uitzonderlijke vrouwen zouden in de ogen van de critici beschikken over voldoende kennis om zich in staatkundige en historische verschijnselen te kunnen verdiepen. In het algemeen diende de vrouw niet over economie, politiek of geschiedenis maar over ‘kalmer tooneelen’ te schrijven.

Dat gold voor de negentiende eeuw, maar deze mentaliteit leeft voort, ontdekte Koolen.

Misschien niet zo vreemd dat mannelijke auteurs direct en indirect baat hebben bij deze mannelijke geschiedenis en erkenning van literaire kwaliteit bij mannen. Zij passen naadloos in het onbewuste beeld van het soort mensen dat zich met geschiedenis en literatuur bezig houdt. Ze komen terecht in een gespreid bedje. Bulnes’ roman Reconquista, over de strijd tussen zuidelijke Mohammedanen en noordelijke Christenen in het middeleeuwse Spanje, werd volgens zijn uitgever groots besproken. Zijn voorganger, Het bloed in onze aderen, belandde in 2012 op de shortlist van de Libris Literatuurprijs. Op dit moment lopen de media ook warm voor Jean-Marc van Tol met zijn historische roman over Johan de Wit. ”Je reinste Game of Thrones”, hijgt Vrij Nederland.

Ik denk dat het ook te maken heeft met marketing. Neem de omslag van Musch: een kloek, ”mannelijk” ontwerp in donkere kleuren, met grote strakke letters en een koninklijke vogel. Alles zegt ‘serieuze roman, Kwaliteit’:

Vergelijk dat met de gemiddelde kaft van een historische roman van een schrijfster zoals Simone van der Vlugt:

Lichte kleuren, roze, bloemetjes, een bevallige vrouwenhand, alles roept ‘vrouwelijk’. Misschien zelfs wel ‘chicklit’ – een frivool genre met boeken die geen man wil lezen. Nergens zegt een recensent zoiets als ‘net Game of Thrones’. Terwijl omschrijvingen daar wel aanleiding toe kunnen geven. Zoals deze omschrijving bij de roman ‘De Dochter van de Zeemeermin’ van Lydia Rood: ”1403, de Middeleeuwen: een tijd van oorlog, bijgeloof en van strijd om de troon”.

Ik gun Bulnes en Van der Tol alle aandacht van harte hoor. Hun boeken zijn vast goed en leuk om te lezen. En de historische roman is een prachtig genre. Maar het valt mij op dat de media en de boekhandels de Bulnes en Van der Tol heren wel érg op het schild hijsen. Zij krijgen alle ruimte van literaire bijlagen die, zoals de Lezeres des Vaderlands en anderen onderzochten, het werk van vrouwen negeren of alleen in kleine signalementen behandelen, terwijl mannelijke auteurs de belangrijke lange reportages krijgen. Dit terwijl het letterlijk wemelt van schrijfsters die in hetzelfde genre werken. Zie bijvoorbeeld deze lijst van Hebban.

Kortom, het is geen gelijk speelveld. En dat is erg vervelend, want als diezelfde door mannen gedomineerde recensentengroep en literaire experts-kliek de Canon van de Historische Roman opstelt, in de context van de man als de echte historicus en de man als de echte auteur, zul je zien dat mannelijke auteurs daarin domineren. We zijn er zelf bij – het mechanisme speelt zich op dit moment voor je eigen ogen af. Het is nu gaande. Wilde ik even signaleren….

Klassieker Joanna Russ krijgt nieuwe uitgave

Leve de universiteit van Texas! Die verzorgde een gedegen nieuwe uitgave van de klassieker ‘How to Suppress Women’s Writing” van Joanna Russ, met een voorwoord van Jessa Crispin. (In Nederland verscheen haar boek onder de veel mildere titel Andere Levens, Andere Letteren). Dit is geweldig nieuws, want wat Russ schreef over uitsluitingsmechanismen bij schrijfsters geldt net zo goed voor de situatie rond kunstenaressen, onderneemsters, wetenschapsters, opiniemaaksters enzovoorts. En is nog steeds akelig actueel.

Bron: Financieel Dagblad

Russ wijst er in haar boek op dat culturen echt wel veranderen en beschaafder kunnen worden. Zo hebben we sinds een paar decennia nauwelijks wetgeving die vrouwen expliciet en gericht uitsluit van bepaalde beroepen of bezigheden. Vrouwen blijven sinds de jaren vijftig handelingsbekwaam na hun huwelijk. Bijna niemand doet in het openbaar nog botte uitspraken dat vrouwen iets niet zouden kunnen, niet zouden mogen of niks voorstellen. Doet iemand dat wel, dan volgt (terecht) felle kritiek.

Je zou oppervlakkig gezien kunnen denken dat alles ok is. In de praktijk, stelt Russ, wéten we als samenleving echter heel goed wie iets mag zijn of doen, en wie niet. Zo zijn historici witte mannen, onderzocht Suze Zijlstra. Serieuze auteurs vinden we witte mannen, onderzocht Corina Koolen. Ondernemers vinden we witte mannen, analyseerde het Financieel Dagblad.

Vanuit dat wereldbeeld zijn vrouwen vreemde eenden in de bijt. Ze horen er niet bij. Duiken ze toch op, dan ontstaat er een probleem waar je zo snel mogelijk vanaf wilt. Russ zette voor de literaire wereld op een rijtje wat de acties zijn om het Serieuze Schrijverschap te behouden voor leden uit de correcte groep, namelijk witte mannen. Heel in het kort: ontkennen, belachelijk maken of afbreken, bijvoorbeeld door te zeggen dat ze inferieur werk aflevert, dat ze een waardeloos onderwerp uitkoos, dat ze slechts een eenzame uitzondering is, zich op de verkeerde genres richt, enzovoorts.

Lukt het om vrouwen af te schrikken of, als ze toch schrijven, in het hokje broddelaarsters te houden, dan heb je meteen een extra stok om vrouwen mee weg te slaan. Kijk, vrouwen mogen en kunnen alles maar doen het niet. Of ze doen het wel maar komen niet verder dan truttige romannetjes. Ze kunnen het blijkbaar niet. Ze spannen zich niet genoeg in. Zie je wel, mánnen zijn de serieuze auteurs.

Die manier van kijken en denken heeft voor vrouwen verstrekkende negatieve gevolgen. Anno 2018 ontdekte Corina Koolen dat lezers, recensenten en uitgevers nog steeds niet goed kunnen kijken naar het werk van schrijfsters. Mensen plakken allerlei seksistische etiketten op romans van schrijfsters en weigeren hun werk te erkennen als literatuur. Wat Russ kwalitatief analyseerde, trof Koolen even genadeloos hard aan in haar kwantitatieve onderzoek.

Wat schrijfsters overkomt, overkomt ook andere vrouwen die opduiken op plaatsen waar ze niet horen. Zo vinden we het in Nederland volstrekt normaal als er alleen blanke mannen aan tafel zitten bij talkshows op de televisie. Als er plotseling louter vrouwen aan tafel dreigen te komen, in het programma Buitenhof in dit geval, worden mensen zenuwachtig. Dus zegt de redactie één van de vrouwen af en laat voor haar in de plaats een man komen. Zo ver gaat onze cultuur om het plaatje weer een beetje te laten kloppen.

Vrouwen lopen niet alleen tv optredens mis, ze lopen vanuit het “mannen behoren X te doen” wereldbeeld ook geld en middelen mis om hun ambities te verwezenlijken. Vervolgens kan iedereen hoofdschuddend zeggen “tsja, ze kunnen en willen niet, vrouwen blijven liever bij hun gezin”.

Het Financieel Dagblad schonk bijvoorbeeld onlangs aandacht aan een fascinerend onderzoek naar het taalgebruik van investeerders. Mannen en vrouwen met macht (en geld) spraken met jonge ondernemers die kapitaal wilden werven om hun onderneming te starten of verder uit te bouwen. Na de analyse van talloze gesprekken bleek dat de investeerders bij ‘ondernemer’ aan mannen denken. Vrouwen zijn de vreemde eend, het klopt niet dat zij daar zitten als ondernemer. Daarna hijsen ze mannen in het zadel en wijzen vrouwen af:

De capaciteiten van vrouwelijke ondernemers werden stelselmatig omlaag gepraat, die van mannen omhoog. Mannelijke eigenschappen werden geassocieerd met ondernemerschap, vrouwelijke juist niet. Zelfs als het over dezelfde eigenschappen ging. Alsof – zo schrijven de onderzoekers – het imago van de vrouw ‘strijdig is met de persoonlijkheid van de entrepreneur’. Bijvoorbeeld: ‘Zoals alle vrouwen is ze voorzichtig. Ze durft niet.’ Over een man daarentegen: ‘Hij is voorzichtig, en dat is goed. Hij neemt weloverwogen beslissingen.’ Leeftijd en ervaring werden ook verschillend uitgelegd. Bij een vrouw negatief: ‘Ze is jong en heeft waarschijnlijk geen ervaring in het leiden van een business.’ Bij een man is dat iets positiefs: ‘Hij is een jonge kerel en heeft nog een veelbelovende toekomst voor zich liggen.’

De omgeving moet wakker worden, vooroordelen bijsturen en vrouwen eerlijker beoordelen. Dan pas verandert er écht iets en maakt een vrouwelijke canon of traditie een kans. Joanna Russ constateerde dat in How to Suppress Women’s Writing, en in Nederland kun je haar gelijk dagelijks ervaren door het nieuws te volgen en bijvoorbeeld dat onderzoek van Koolen te lezen.

Daarom top dat haar boek opnieuw breed verkrijgbaar is. Lees haar analyse, ken de argumenten om vrouwen buitenspel te zetten, en wees er alert op als je die mechanismen vervolgens tegen komt op kantoor, aan de talkshow-tafel, op je literaire platform enzovoorts. Want vrouwen zetten door en er is hoop op verbetering:

For hundreds of years, despite those odds against them, the “wrong” writers still manage to write. Likely it won’t be remembered long enough or taken seriously enough, but to read this book is to admire this buried tradition, and realize how much there is to be discovered — and how there’s no time like the present to look at the marginalized writers you might be missing. “Only on the margins does growth occur,” Russ promises, like the guide in a story telling you how to defeat the dragon. Get angry; then get a reading list.

Gun vrouwen ook een leuk bevrijdingsfeest

Nooit ergens alleen op een festivalterrein staan, altijd in een groepje blijven, strategisch gebruik van rugzakken om te voorkomen dat mannen tegen je aan gaan rijen, als je hoort hoe vrouwen noodgedwongen moeten opereren tijdens evenementen, lijkt het wel oorlog. Daarom een oproep: Mannen, spreek je maten aan als die wangedrag vertonen. En festivalorganisatoren, wordt actief om seksueel geweld te voorkomen en te bestrijden. Gun vrouwen een onbezorgd bevrijdingsfeest. Laat hen met rust, blijf van hun lijven af. Laat 5 mei een ontspannen samenzijn worden voor iedereen!

Leuk, een festival! Maar vrouwen lopen grote risico’s omdat sommige mannen zich niet kunnen gedragen. VICE signaleert dat er weinig harde cijfers bekend zijn, omdat er nauwelijks onderzoek wordt gedaan naar mannen en vrouwen op festivalterreinen.  Veel organisatoren besteden daarnaast nauwelijks aandacht aan preventie en beleid rond seksueel geweld, bleek vorig jaar uit een rondgang. VICE citeerde onder andere beveiligingsdeskundige Barbara van Dam met de veelzeggende woorden:

“De organisatie van een festival start met een risicoanalyse als basis voor een veiligheidsplan, en ik vind het vreemd dat seksueel geweld bij die voorbereidingen nergens wordt genoemd. Alles wordt doorgerekend: een warm-weerscenario en of er wel genoeg wc’s zijn, maar er wordt niet uitgezocht hoe we ervoor zorgen dat meisjes en vrouwen veilig naar een festival kunnen blijven gaan?”

Ondertussen zijn de ervaringen van vrouwen duidelijk. Mannen zetten vrouwen klem en beginnen intimiderende taal uit te slaan. Mannen knijpen vrouwen in borsten en billen. Mannen randen vrouwen aan of verkrachten hen. In Nederland, maar ook daar buiten.  Zo was het vorig jaar groot nieuws dat het Zweedse muziekevenement Bravalla geen editie 2018 organiseert, omdat mannen in 2017 één weekeinde ruim twintig vrouwen en meisjes aanrandden. De editie van 2016 stond ook al bol van misbruik en wangedrag.

Of neem een journaliste die onlangs Coachella bezocht, een groot festival in de V.S., in Californië. Tien uur op het terrein leverde op dat totaal onbekende mannen haar 22 keer ongewenst betastten. Ze interviewde 54 vrouwen, en ook die hadden allemaal op dat festival een seksuele aanranding of intimidatie meegemaakt – een score van honderd procent.

Hoog tijd dus om ons te richten tot de grootleverancier van daders, de mannelijke sekse. Allereerst aan alle goedwillende mannen die het niet in hun hoofd zouden halen om onbekende vrouwen te bepotelen: hou je makkers in de gaten en als die over de scheef gaan, grijp dan in. Spreek ze aan op wangedrag, of neem hen mee naar een rustige plek zodat ze af kunnen koelen. Behoor je tot de minderheid die denkt dat je op een festival terrein alles mag: NEE. Iedereen wil een feestje bouwen, ook vrouwen, dus laat vrouwen met rust. Blijf met je tengels van hen af. Als je merkt dat je jezelf niet in kunt houden, loop weg en vervang bier een tijdje door water. Dan hebben we allemaal een leuk 5 mei, Pinkpop, Noorderslag enzovoorts. Bedankt!

Tot slot: Het telefoonnummer van Centrum Seksueel Geweld is 0800-0188, en dit nummer is 24 uur per dag bereikbaar en gratis. Blijf er niet alleen mee zitten, als je een rotervaring had op een festival of elders. Zoek hulp!

 

 

Mannenliteratuur vertekent het vrouwbeeld

Onderzoek op basis van duizenden romans over een periode van 200 jaar wijst uit, dat mannelijke auteurs vrouwen meestal niet zien staan. Ze geven vrouwelijke personages maximaal dertig procent van de ruimte – meestal minder. Er zit geen vooruitgang in: mannelijke auteurs uit de Victoriaanse tijd schreven zelfs vaker over vrouwen dan nu. Dit draagt bij aan beeldvorming waarbij we de wereld zien door de ogen van mannen. Slecht nieuws voor vrouwen. Die zien zichzelf nauwelijks terug in verhalen, of worden geconfronteerd met gaslighting.

Gaslighting is een term voor een vorm van psychologische ondermijning. Door een genderbril bekeken: mannen die vrouwen aan zichzelf laten twijfelen door hen constant te vertellen dat ze niet weten wat ze weten, niet voelen wat ze voelen, dat ze zich dingen inbeelden, overreageren, slechte intenties hebben. Zie voor een Nederlands voorbeeld de SF serie Missie Aarde, waarin haar mannelijke collega’s het enige vrouwelijke bemanningslid van een ruimteschip mentaal door de mangel halen, net zolang totdat ze zelf ook gaat geloven in bepaalde vrouwvijandige mythes.

Sarah Churchwell schrijft in een mooi essay dat mannelijke auteurs in hun romans vaak terugvallen op gaslighting van vrouwen via vrouwelijke personages. Ze definiëren de wereld zoals hen dat als man goed uitkomt en reduceren vrouwen tot hysterische domme karikaturen en/of hulpjes van de man. Hun verwrongen vrouwbeeld steekt in verhevigde mate de kop op tijdens periodes, waarin vrouwen in het openbare leven protesteren tegen hun tweederangs status en meer ruimte opeisen. Dat levert bijvoorbeeld personages op die zichzelf feministisch noemen maar de mannelijke held tegeljkertijd op een vernederende manier dwingen om zittend te plassen, beschrijft Churchwell. Huuuu, enge feministen….

Die literaire traditie levert vooral verliezers op, signaleert Churchwell. Verhalen hebben effecten op mensen. Mannen verliezen iets als ze niet lezen of alleen boeken kiezen van mannen, over stoere mannen die oorlog voeren en sexy vrouwen veroveren. Lezeressen vervallen in een totaal gevoel van vervreemding als ze vooral verhalen lezen waarin ze niet voorkomen, of waarin de enige rol die is van een bordkartonnen hatelijk stereotype. De standaard canon vol boeken van blanke mannen die vrouwen negeren of vertekend weergeven is zodoende vooral een lijst van boeken die geen vrouw zou moeten willen lezen. (Tenzij je als schrijfster een studie van hun seksisme wil maken, om de vrouwenhaat daarna te ontmantelen in je eigen romans).

Daarnaast heeft het ook psychologische effecten op schrijfsters, als onze cultuur de beeldvorming uit de kokers van mannen aanneemt voor neutraal en universeel:

Here’s playwright Alison Croggon on the effect such bias can have on the confidence of a writer: “The woman who begins with talent but who finds herself struggling to gain notice simply because she is a woman, can find her ambitions dwindling, her possibilities shrunken, in a continually amplifying feedback loop. Just as success breeds confidence, so the lack of it breeds uncertainty. If millions of reinforcing signals say a woman’s work is less significant, something will eventually begin to stick. This kind of intensifying feedback, which begins at birth, is very difficult to track and even more difficult to combat.”

Dat verzet is echter broodnodig om de dominante beeldvorming te veranderen. Gelukkig komt de zaak steeds meer in beweging. Onderzoeken zoals VIDA tonen in overduidelijke cijfers aan dat het werk van mannen nog steeds onevenredig veel aandacht krijgt in literaire media. Dat leidt tot bewustwording en debat, met hier en daar een verbetering. Vrouwelijke auteurs zoeken ook steeds vaker zelf hun weg, waarbij internet en sociale media zeer behulpzame kanalen zijn. En er kwamen campagnes zoals Lees Vrouwen. In inspirerende artikelen vertellen lezers hoe ze hun leesgewoonten aanpasten en ruimte maakten voor verhalen  van en vaak ook over vrouwen. Churchwell juicht deze ontwikkelingen toe. Het vormt een noodzakelijk cultureel tegenwicht en biedt mogelijkheden om onszelf anders te laten kijken en denken.

Verder lezen: Zie voor de mannelijke dominantie in de Nederlandse literatuur de bevindingen van de Lezeres des Vaderlands. In haar artikelen duikt ze ook regelmatig in de inhoud van romans en zie je dat vrouwelijke personages er ook in Nederland bekaaid vanaf komen. Zoek je geloofwaardige vrouwelijke personages, dan moet je bij de schrijfsters zijn, want hun mannelijke collega’s blijven steken in slachtoffers of hoeren. Zie verder een artikel over de vooroordelen rond hun werk, waar schrijfsters nog steeds mee geconfronteerd worden. Of deze mooie beschouwing van auteur Niña Weijers, of deze analyse van Sanne van Oosten, of dit artikel over de manier waarop ons literatuuronderwijs vrouwen buiten sluit. Kortom nog genoeg werk te doen….

Bedrijven benadelen vrouwen structureel

Vrouwendiscriminatie, veel bedrijven komen er nog mee weg. Ze ontslaan vrouwen zodra die aangeven zwanger te zijn – en beroven ons zo van een inkomen en een baan. Heb je wel betaald werk, dan betalen werkgevers vrouwen minder loon voor hetzelfde werk. Het College voor de Rechten van de Mens (CVRM) is één van de weinige instanties in Nederland die dit soort wantoestanden in beeld brengt, toetst en oordelen uit spreekt. En die oordelen laten aan duidelijkheid niets te wensen over.

Een greep uit recente feiten:

Het College ontving een recordaantal klachten en meldingen in 2017. In ruim eenderde van de gevallen betrof het zwangerschapsdiscriminatie. Werkgevers hebben het met name gemunt op vrouwen met een onzeker arbeidscontract, oftewel stagiaires, trainees, uitzendkrachten, vrouwen met een nul uren contract en kortlopende contracten voor bepaalde tijd. Al die constructies maken het makkelijk van een contract af te komen of een contract niet te verlengen, toevallig net nadat een vrouw de mededeling deed.

De afgelopen tijd betrapte het CVRM diverse ondernemers op precies dit gedrag:

  • Het Centraal Bureau RijvaardigheidsbewijzenZie verder in dit artikel voor de houding van dit bedrijf.
  • Stichting Sociale Wijkteams Amersfoort. Klinkt sociaal, maar deze organisatie verlengde het tijdelijke contract van een vrouw niet toen zij zwanger raakte.
  • Bloem en Sfeer Producten BV gaf vier andere tijdelijke krachten een vast contract. Alleen een zwangere medewerkster viel zeer toevallig nét buiten de boot. Niet toevallig dus. Discriminatie, oordeelde het CVRM.
  • Canon Nederland BV besloot de vrouw de schuld te geven. Het bedrijf beweerde dat een zwangere werkneemster geen vast contract kreeg ”omdat er twijfels waren over haar capaciteiten in het licht van de toekomstige strategische ontwikkelingen binnen de organisatie”. Vreemd, want alle voorgaande keren kreeg de vrouw lovende beoordelingen. Pas toen ze aankondigde zwanger te zijn vond de organisatie haar opeens niet meer ok. Discriminatie, oordeelde het CVRM

Het College onderzoekt ook de salarissen van mannen en vrouwen. Een grondige studie bij drie sectoren wijst uit dat werkgevers vrouwen structureel op achterstand zetten. In algemene ziekenhuizen, in de verzekeringsbranche en op hoge scholen krijgen mannen meer geld dan vrouwen, zodra er sprake is van grijze gebieden of subjectieve criteria, constateren de onderzoekers. Alleen blijft dit feit vaak verborgen omdat niemand anders de situatie onderzoekt:

Vóór de drie onderzoeken van het College is slechts mondjesmaat onderzocht in hoeverre binnen Nederlandse organisaties sprake is van onrechtmatige beloningsverschillen tussen mannen en vrouwen.  De onderzoeken van het College leggen de valkuilen bloot, die vooral in het nadeel van vrouwen uitvallen.

Dat gebrek aan kennis is stuitend. Want ondertussen gaan werkgevers keer op keer al dan niet bewust de fout in. Bijvoorbeeld als ze de beloning af laten hangen van het laatst verdiende loon. Of als ze de inschaling baseren op de salarisonderhandelingen in plaats van de kennis, ervaring en opleiding van de kandidaat. Dan kun je zeggen ‘vrouwen, onderhandel fermer’, maar zo simpel is het niet. Zo’n beetje vanaf onze geboorte conditioneert onze cultuur vrouwen om bescheiden, helpend en troostend te zijn. Wij moeten lief zijn, niet assertief. Breken we met die norm, dan wijst onderzoek bij herhaling uit dat wij als samenleving vrouwen straffen. Wij vrouwen zijn geen idioten. We snappen hoe het zit. En zien vaak af van onderhandelen.

Soms doet een werkgever beiden tegelijk – zwangerschapsdiscriminatie en vrouwen financieel benadelen binnen de arbeidsrelatie. Zo besloot het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen een salarisperiodiek op te schorten omdat de werkneemster zwanger was geworden. Daarna verlengde het CBR haar tijdelijke contract niet, zodat ze helemaal geen inkomen meer had. Top, dat CBR.

De Nederlandse regering staat er ondertussen bij en kijkt er naar. Bedrijven moeten vooral zichzelf reguleren, heet het. Ja, vrouwen minder betalen mag niet, maar feiten verzamelen of straffen uitdelen ho maar. Wetgeving blijft vaak steken in krachteloze voornemens, beloftes en ‘geef ondernemingen de kans het zelf in orde te maken’. Het CVRM wordt daar doodmoe van en roept het kabinet op zaken met elkaar in verband te brengen en écht integraal aan te pakken. Want het schiet niet op zo.

De genderpolitiek van de barbecue

Lente en zomer, dat betekent onder andere dat we met ons allen weer overspoeld worden door artikelen en beelden van mannen rond de barbecue. Deze mannen voelen zich mannelijk en sexy achter de barbecue en gooien “vanuit hun oergevoel “grote lappen vlees op het vuur. Maar deze overtuiging gaat veel verder dan dat, betoogt Carol J. Adams in haar klassieker ‘The Sexual Politics of Meat’. Deze macho mannelijke vleeseter heeft een grote, veelal negatieve invloed op de positie van vrouwen en dieren, betoogt ze.

Toen Adams haar boek over vlees eten en gender publiceerde, sloeg haar theorie in als een bom. In een patriarchale cultuur waarin mannen de baas zijn en het beste eten krijgen, te weten vlees, nemen vrouwen en dieren nagenoeg dezelfde plek in, signaleert ze. Het zijn beiden inferieure wezens die je kunt reduceren tot een al dan niet geseksualiseerd ding, een consumptiegoed.

Beiden worden daarbij gereduceerd tot onderdelen. Dieren veranderen in kippenvleugels en sukadelapjes, soms als vrouwelijk voorgesteld. Vrouwen veranderen in sexy torso’s zonder hoofd, losse billen en benen, en worden regelmatig geassocieerd met het dierlijke.

Deze fragmentatie en reductie tot consumptiegoed gaat vaak gepaard met agressie. Als vrouwen en dieren veranderd zijn in een ding, kun je doen met ze wat je wil. Vastzetten, doden, verkrachten, mishandelen, maakt niet uit. Omgekeerd wen je door jagen en dieren doden aan het opjagen en doden van mensen, zag Adams terug bij het gedachtengoed van feministen uit de tijd van de Eerste Wereldoorlog. Het slachten van dieren gaat over in het slachten van mensen, onder het toeziend oog van agressieve viriele patriarchen.

Adams wijst erop dat opvallend veel proto-feministen dit verband zagen, tussen mannelijke macht, viriele agressie en de tweederangs status van dieren en henzelf. Naast vrouwenrechten streden ze regelmatig ook voor het dierenwelzijn.Nog steeds houden veel meer vrouwen dan mannen zich bezig met dierenrechten. Daarnaast stonden opvallend veel feministische denkers een vegetarische levensstijl voor: ze wilden als vrouw niet geëxploiteerd worden en wilden op hun beurt geen dieren exploiteren.

Ruim 25 jaar later sturen lezers Adams nog steeds krantenknipsels, foto’s en reclames die haar theorie illustreren, schrijft ze in de jubileumuitgave van haar klassieker. Propaganda die stelt dat vegetarisch leven iets is waar je je als man verre van wilt houden. Echte mannen eten vlees, drinken bier, scheuren rond in grote auto’s, geven scores aan de borsten en billen van vrouwen, doen wat ze willen, lekker stoer, boys will be boys, zonder nare betutteling van bitcherige schooljuffen.

Mensen stuurden ook foto’s van reclameposters waarop grote garnalen met benen, hoge hakken en tuitende lipjes klanten verleidelijk aankijken en vragen om opgegeten te worden. Omgekeerd veranderen vrouwen regelmatig in prooidieren die na de ‘jacht’ klaar liggen voor mannelijke consumptie.

Niet verassend borrelt die man = vlees cultuur extra opvallend op in het barbecue seizoen. De praktijk rond de barbecue draait om vlees, bevestigt een stereotiep beeld van mannelijkheid en versterkt oude rolpatronen. In 2014 en 2016 hield Trendbox bijvoorbeeld een nationaal BBQ onderzoek en kwam tot de volgende conclusies. Vrouwen doen de boodschappen en maken de salades. Mannen braden het vlees op de barbecue. Meer dan de helft van de mannen vindt dat mannen beter zijn in het grillen dan vrouwen. De meeste ondervraagden vinden het schoonmaken en opruimen na afloop een vervelend karweitje. Vervolgens blijkt dat mannen zich massaal aan dat nare werk onttrekken en het opruimen en schoonmaken overlaten aan vrouwen.

NRC Handelsblad recenseerde The Sexual Politics of Meat ten tijde van de publicatie voornamelijk positief:

Dat er in de hoofden van mensen, zowel bij daders als slachtoffers, altijd verband is geweest tussen de schending van de integriteit van dieren en die van vermeende tweederangs mensen, in het bijzonder vrouwen, maakt Adams volgens mij aannemelijk. De historische en literaire beelden en volkse uitdrukkingen die slaan op zowel dieren als vrouwen, en die beide categorieen wezens plegen voor te stellen als consumeerbare en exploiteerbare objecten, zijn onmiskenbaar legio. Volgens Adams autoriseert en legitimeert de dominante patriarchale cultuur niet alleen de symbolische consumptie van vrouwen, maar ook de letterlijke consumptie van dieren. Het is allemaal verrassend en uitdagend leesvoer.

Warm aanbevolen, dit boek. En wat de barbecue betreft: vrouwen, claim je plek achter de barbecue. Leg er eens iets vegetarisch op. Mannen, maak die salade lekker zelf en druk je niet als het tijd wordt om schoon te maken. Andere rolpatronen beginnen bij jezelf, in kleine stapjes. Succes!

Vrouwen fileren mannen die tenenkrommend over vrouwen schrijven

Twitter levert op dit moment hilarische satire op mannelijke auteurs die denken dat ze vrouwen authentiek beschrijven. Podcaster Whit Reynolds en auteur Kate Leth vragen vrouwen teksten in te zenden waarbij ze zich voorstellen hoe ze beschreven zouden worden door een mannelijke auteur. Pareltjes zijn het gevolg: ‘veel mannen zouden alleen op haar borsten letten. Maar ik ben een intellectueel. Ik weet wat een vrouw waarlijk aantrekkelijk maakt: de kont”.

Bron: Elle Magazine

De humoristische actie kwam voort uit de klacht van een auteur die vond dat politieke correctheid te ver gaat. Leuk, al die nadruk op diversiteit en oproepen aan vertegenwoordigers van dominante groepen om kritisch op zichzelf te zijn als ze over minderheden schrijven. Maar al die ophef is onnodig want kijk bijvoorbeeld eens hoe authentiek hij als man een vrouwelijk personage beschrijft. Hij deelde passages uit zijn meest recente roman. Het resultaat was voorspelbaar tenenkrommend:

“Pale skin, red lips like I had just devoured a cherry Popsicle covered in gloss, two violet eyes like Elizabeth Taylor’s. Dark hair curled slightly. And, of course, my boobs. I had them propped up all front and center.”

Schrijfster Gwen Katz zag het bericht, las de passages en lag in een deuk. Ze publiceerde het proza zonder de naam van de man te noemen, om hem zoveel mogelijk te beschermen. Het moest gaan over de inhoud, niet de persoon. Vervolgens kwam de oproep van Reynolds en Leth om als vrouw je eigen versie in te zenden van dit type proza. De reacties stroomden in een sneltreinvaart binnen. Volgens site The Mary Sue toont de stortvloed aan hoe bekend vrouwen zijn met dit fenomeen:

That it’s so easy for Twitter users to chime in with their guy-writer descriptions demonstrates how widespread this sort of writing is. The focus of male writers when turning their gaze on women is something that most of have read so many times that we could produce these in our sleep.

Disclaimer voordat allerlei gepikeerde mannen boze geluiden maken: nee, niet alle mannen doen dit. Ja, er zijn auteurs die geweldige vrouwelijke personages scheppen. Mag ik de roman Nora Webster aanraden, van de mannelijke auteur Colm Tóibín? Een prachtig portret van een vrouw die weduwe wordt en daarna moeite heeft om met haar twee zoontjes een nieuw bestaan op te bouwen. Eén van de meest ontroerende boeken die ik ooit las.

Maar helaas gaat het vaak mis. Auteurs die alle vrouwen in hun boek beschrijven in termen van hoe aantrekkelijk ze is en hoe graag de hoofdpersoon met haar naar bed wil. De obsessie met borsten en billen, waardoor een vrouw verandert in een verzameling lichaamsdelen gerangschikt naar ‘wil ik het met haar doen of niet’. Brrrrrrrrrr!!!

Veel vrouwen namen dan ook de uitnodiging aan om dit soort prozaproducenten genadeloos te fileren. Een greep uit de berg:

“Her breasts entered the room before her far less interesting face, decidedly maternal hips and rounded thighs. He found her voice unpleasantly audible. As his gaze dropped from her mouth (still talking!) to her cleavage, he wondered why feminists were so angry all the time.”

“I had big honking teeters, just enormous bosoms, and I thought about them constantly as I walked down the street, using my legs (thick, with big shapely calves), but never not thinking about my enormo honkers.”

“Her body was an hourglass meant for taking his time, but her mohawk concerned him. She had a lesbian look, & too many tattoos, in languages he couldn’t pronounce. Still, she’d written a stack of books. It was time for him to weigh in with his high school knowledge of Beowulf.”

Zie er de zonzijde van in, moedigt website Electric Lit gevestigde en aankomende auteurs aan. Al die voorbeelden bieden je een uitgelezen kans om feedback te krijgen op je werk. Als je als mannelijke auteur goed luistert en nauwkeurig meeleest, kun je je eigen roman sterk verbeteren. Want echt, het ís mogelijk fatsoenlijke vrouwelijke personages te scheppen in je verhalen. Of lees een jaar lang alleen romans van vrouwelijke auteurs. Helpt ook.

TOEGIFT: de manier waarop mannen over vrouwen praten, en hoe het zou klinken als je de situatie omkeert. De resultaten zijn even schokkend als hilarisch.

Engeland in de ban van de loonkloof

Engeland is op dit moment in de ban van de loonkloof. Bedrijven met meer dan 250 werknemers moeten volgens een nieuwe wet voor ’s avonds 4 april 2018 gegevens openbaar maken over de salarissen van mannen en vrouwen. Wat blijkt? Veel bedrijven proberen de loonkloof te versluieren door duidelijk verkeerde cijfers aan te leveren, of door bepaalde groepen uit de overzichten te houden. Het algemene beeld nu is dat vrouwen, door allerlei praktijken, ruim 2,2 ton (in ponden) mislopen tijdens hun loopbaan. Dat komt aardig overeen met de drie ton (in euro’s) die Nederlandse vrouwen missen.

Uit alles blijkt dat Britste ondernemers alleen tandenknarsend openheid van zaken geven in de beloning van hun medewerkers. Werkgevers moeten aangeven wat mannen en vrouwen in hun organisatie gemiddeld per uur verdienen, en hoe het zit met de bonussen. Twee maanden voor de deadline had slechts 10% van het totale aantal bedrijven de verplichte cijfers openbaar gemaakt. Bij bedrijven die wel voldoen aan de wet, komen bovendien onregelmatigheden aan het licht.

Zo dienden diverse ondernemingen rapporten in met overal bedrag 0 ingevuld, of met cijfers die absurde uitkomsten opleveren. Zoals een loonkloof van meer dan 100 procent. Dat zou inhouden dat vrouwen hun werkgever betálen voor ieder gewerkt uur. Andere bedrijven probeerden de kloof te verminderen door bepaalde groepen niet mee te rekenen. Zoals partners. Dat zijn voornamelijk mannen en zij verdienen meestal zeer hoge salarissen. Door hen uit de overzichten te houden, lijkt de loonkloof kleiner dan-ie in werkelijkheid is.

Ondanks dit soort trucjes komen uit alle nu bekende data verontrustende patronen naar voren. Mannen krijgen veel vaker een bonus dan vrouwen, en ze krijgen in zo’n geval ook veel hogere bedragen extra dan hun vrouwelijke collega’s. Zo is de bonus-kloof bij Goldman Sachs 72 procent in het nadeel van vrouwen. Bij zender Discovery krijgen mannen per uur 13% meer salaris en 49% hogere bonussen. Bij dierenartsen krijgt een fulltime werkende man gemiddeld 36% meer salaris dan een fulltime werkende vrouw. Toen de top communicatiedirecteur van Downing Street 10 opstapte, was zijn opvolger een vrouw. Zij bleek 15.000 pond per jaar minder te verdienen dan haar voorganger. En zo gaat dat maar door.

Uit de berg data blijkt dat vrouwen in hun eerste arbeidsjaar al iets minder verdienen dan mannen, ook al zijn ze hoger opgeleid. Maar na vijf jaar zijn mannen de vrouwen al voorbij gestreefd en verdienen ze jaarlijks gemiddeld 9000 pond meer dan vrouwen.

Dat verschil loopt in de rest van de loopbaan alleen maar op. Mannen krijgen niet alleen vaker bonussen en in geval van een bonus hogere bedragen, ze krijgen ook eerder promotie en bereiken sneller de hoogste regionen in een bedrijf. Zo krijgen mannelijke managers 40% vaker en sneller promotie dan hun vrouwelijke collega’s. Niet zo vreemd, als je bedenkt dat Britse werkgevers er middeleeuwse opvattingen op nahouden als het gaat om hun medewerksters. Ze staan bol van de vooroordelen, en dat uit zich op allerlei manieren – minder promoties, lagere salarissen, sneller ontslag.

Kortom, de loonkloof is echt, bewijzen de harde cijfers voor de zoveelste keer – want feministen en iedereen die gelijkwaardigheid voorstaat, wijzen al langer op dit soort wantoestanden. Het is echter heel fijn om een enorme berg data te hebben, die dit feit nogmaals bewijzen en extra inzichten opleveren in de ernst van de situatie. De cijfers maken pijnlijk duidelijk hoe mannelijk de top in organisaties is, en hoe discriminerende praktijken grote kloven veroorzaken.

De sociale druk loopt inmiddels op. Zo lanceerde vrouwen in Engeland #paymetoo om rechtvaardige beloningen te eisen. Wat ook helpt: lid worden van een vakbond. Bij een bond aangesloten vrouwen hebben over het algemeen een iets betere positie op de arbeidsmarkt, met een minder grote loonkloof ten opzichte van mannelijke collega’s. Volgende stap: maatregelen van de overheid!

Winnie Mandela leed onder vooroordelen

Zeg ‘Winnie Mandela’ en vaak volgen dan instinctieve negatieve waardeoordelen over een moordzuchtige enge vrouw. Nelson, de held. Winnie, de Lady Macbeth. Nelson, de president, Winnie, de oorlogszuchtige feeks. Hij de majestueuze Nobelprijswinnaar. Zij de gevallen vrouw. Nelson de heilige. Winnie de zondares. Opvallend, die scherpe scheiden tussen Hij is Goed en Zij is Slecht. De negativiteit neemt in de media zulke vormen aan dat allerlei groepen en personen in Zuid Afrika inmiddels luid protesteren tegen de berichtgeving rond haar overlijden op 81-jarige leeftijd.

Deze beeldvorming treft sowieso opvallend veel vrouwen die invloed en/of macht krijgen en zich niet houden aan de drie K’s (Kinderen, Keuken, Kerk). Andere voorbeelden zijn Keizerin Cixi, die werd afgeschilderd als een seksbeluste moordenares, en Hillary Clinton, routinematig neergesabeld als een kille carrierebitch, veelal door mannelijke journalisten die daarna in de #metoo beweging ontmaskerd werden als seksistische aanranders.

Winnie Mandela heeft als bijkomende handicap haar huidskleur. Als Winnie blank was geweest, zou haar persoon niet ter discussie staan, vat Afua Hirsch dit laatste punt samen:

We are tolerant about people who regarded the working classes as an abomination (Wellington), the transatlantic slave trade as a good idea (Nelson) or Indians as repulsive (Churchill), because we think the ends – defeating Napoleon or Hitler – justified the means. Winnie Madikizela-Mandela, as the press coverage of her death this week shows, is not entitled to the same rose-tinted eulogy as our white British men. She is “controversial” and a “bully”.

Winnie opereerde niet alleen in een racistische omgeving, maar ook in een patriarchale. Afropolitan noemt seksisme de achilleshiel van het land, en Winnie leed daaronder. Ze had stil thuis moeten zitten als de vrouw van, in plaats van kritiek te uiten en de belangen van de arme zwarte bevolking te verdedigen. Ze protesteerde en oefende politieke invloed uit. Documentairemaakster Pascale Lamche probeerde haar onlangs nog eerherstel te geven, omdat de activiste naar haar mening straf kreeg voor deze openbare rol. In haar film Winnie belicht ze allerlei kanten die anders verdwijnen in de golf van hatelijke kritiek.

Kortom, lees je de overlijdensberichten, let dan even kritisch op wie kritiek heeft en waarop ze die kritiek baseren. Schrijven ze aantijgingen uit de tijd van het Apartheidsregime over, of hebben ze het over bewezen feiten? Als er een bewezen feit is, zou een mannelijke vrijheidsstrijder net zoveel kritiek krijgen? Als er woorden vallen zoals bloeddorstig, bitcherig, ex-vrouw van, en varianten op ‘huuuuu eng’, dan weet je zéker dat je van doen hebt met iemand die sterke vrouwen terug in hun hok wil knuppelen. Maar zoals Hirsch schrijft:

Peaceful protest did not end apartheid: it took revolutionaries. And it shouldn’t be difficult to choose between a system of racial supremacy and a person who helped overthrow it.

Winnie Mandela krijgt op 4 april een staatsbegrafenis.

New York Times eert vergeten vrouwen

Wat hebben dichteres Sylvia Plath, schrijfster Charlotte Brontë en mesnenrechtenactiviste Ida B. Wells met elkaar gemeen? Alledrie leverden grote prestaties, maar geen van hen kreeg een overlijdensbericht van de redactie van de New York Times (NYT). In de geschiedenis van de krant kwamen vrouwen nooit verder dan 15 tot 20% van het totale aantal. Hoog tijd om die bevooroordeelde blik bij te sturen, vond NYT-journaliste Amisha Padnani. Zij zette Overlooked op, een project om vergeten vrouwen alsnog een plek in de krantenkolommen te gunnen.

The New York Times is een grote, gezaghebbende landelijke krant in de V.S. Dat betekent dat keuzes die de redactie maakt, een grote invloed hebben. Als de redactie je een officieel overlijdensbericht gunt, heb je het gemaakt. Je leven en werk waren en zij  zo belangrijk, dat journalisten tijd en moeite steken in een artikel over je bestaan. Je behoort tot de canon.

En, verrassing (niet), die canon ziet er zeer blank en zeer mannelijk uit, berekende de redactie. In 1858, het eerste jaar waarin de New York Times artikelen op een systematische manier registreerde, haalden 24 overleden mannen de krant, tegen drie vrouwen. Tussen 1926 en 1936 ging 90% van de ruimte naar blanke mannen. Vanaf 1936 nam het aantal officiële overlijdensberichten enorm toe, maar mannen kregen nog steeds 80 tot 85% van de aandacht, aldus de NYT redactie.

De mannelijke dominantie treft zelfs sectoren waar vooral vrouwen werken, zoals het bibliotheekwezen. In de negentiende eeuw was bibliothecaresse één van de weinige geaccepteerde beroepen voor (ongetrouwde) vrouwen. Anno nu bekleden vrouwen 85% van alle posities in bibliotheken. Ondanks dat numerieke overwicht ging de aandacht ook hier uit naar mannen. Met hun circa 15% namen ze 64% van alle overlijdensberichten van de NYT in beslag.

Padnani werd alert op deze onbalans toen ze toetrad tot de Overlijdensredactie – ja, bij de NYT heb je daar gespecialiseerde journalisten voor – en een artikel wilde schrijven over tennispionier Mary Ewing Outerbridge:

I wondered if she had received a Times obituary when she died in 1886. I checked our digital newspaper archives. She had not. After that, anytime I came across an interesting person who died years ago, I searched our archives for an obit. Those who didn’t get one were, not surprisingly, largely women and people of color. I started talking about my research with colleagues, friends and relatives, all of whom began sending me more names.

Padnani stapte met haar signaal naar Jessica Bennett, kersvers aangenomen als de eerste gender-redacteur van de NYT. Bennett zag onmiddellijk een kans om twee dingen te doen: de bewustwording vergroten rond processen die ervoor zorgen dat we vrouwen en mensen met een gekleurde huid over het hoofd zien, én tegelijkertijd de balans te herstellen door vrouwen alsnog een redactioneel overlijdensbericht te geven. De twee vrouwen leiden nu project Overlooked, ”over het hoofd gezien”,  een initiatief om vergeten vrouwen alsnog een officieel overlijdensbericht in de krant te geven.

Het initiatief slaat enorm aan. De krant nodigde lezers bij de start uit om namen in te sturen van vrouwen die alsnog een overlijdensbericht zouden moeten krijgen. In een paar dagen tijd kwamen 1400 inzendingen binnen. Lezers dragen onder andere hun oma’s en overgrootmoeders voor. Het gaat om vrouwen die in hun tijd, de negentiende en begin twintigste eeuw, allerlei sociale barrières doorbraken en prestaties neerzetten, maar daar indertijd weinig erkenning voor kregen. Zo schreef een lezer over haar oma, Dr. Marguerite Rush Lerner (1924-1987):

My grandpa Aaron B. Lerner received a New York Times obituary in 2007, but my grandma never received similar recognition, though they worked as a team and she had incredible achievements in her own right. I think their relationship dynamic is what allowed both to achieve great things together.

Je seksistische, racistische verleden opbiechten en met daden laten zien dat je de situatie wil verbeteren, kan op de complimenten en goedkeuring rekenen van allerlei journalisten, opiniemakers en media. Andere media, zoals The Intercept, zijn kritisch. The Intercept signaleert dat de NYToverlijdensberichten nog steeds voor 88% uit de koker van mannen komen, omdat de redactie diversiteit mist. Deze mannelijke journalisten schrijven vooral over overleden mannen. Daarnaast kreeg The Intercept van de NYT redactie te horen dat de krant vasthoudt aan de staande criteria wat nieuwswaardig is en wat niet – precies de criteria die leiden tot 85% aandacht voor blanke mannen:

“You have to do the people who really demand to be done. If you get a United States senator who’s a white man, but he was a United States senator and he, you know, enacted or proposed legislation that affected people’s lives, you have to do that obit and if you don’t do that obit, you will be criticized.” That may have been the logic behind the Times obit last week of former Alabama Rep. John H. Buchanan. One might say a Southern member of Congress with an unmemorable record isn’t worth the resources, especially considering the people the Times has missed — not in the distant past, but in the last year. Days before Buchanan’s obit was published, University of California, Berkeley professor and groundbreaking Muslim feminist scholar Saba Mahmood died, but no obituary appeared for her in the Times.

Kortom het blijft zoeken, uitproberen en moeizaam toewerken naar meer diversiteit. Hoe dan ook biedt project Overlooked nieuwe kansen. De reeks leidt tot het problematiseren van de status quo en zet andere mensen aan tot nadenken. En bewijst sommige overleden vrouwen alsnog de eer die hen toekomt.

Internationale vrouwendag: verzet, vrijheid, vreugde

Donderdag is het 8 maart, internationale vrouwendag. Tijd om samen in vrijheid  feest te vieren. En tijd om kritisch te blijven, te leren van de geschiedenis, en door te gaan met het gevecht om vrouwen gelijke kansen te geven. Een greep uit hopelijk inspirerende artikelen en essays:

  • Kenniscentrum Atria duikt in de geschiedenis van Internationale Vrouwendag, evenals Historiek. Vrouwen stonden aan de basis: de socialistische politica Clara Zetkin, en textielarbeidsters die staakten voor betere lonen. Atria houdt 8 maart ook speciale tours over Aletta Jacobs.
  • Overal in Nederland vinden activiteiten plaats. Zie hier voor een overzicht van allerlei feestjes, lezingen, workshops enz.
  • BBC radio zendt 8 maart vooral muziek uit van vrouwelijke componisten. Het hele programma vind je hier
  • Feminisme is ook voor mannen! Op 8 maart houdt organisatie Free Press een mars in Amsterdam onder de noemer Men4Women.
  • Tivoli Vredenburg zorgt voor een concert waarin vrouwen en hun muziek centraal staan. It’s a Woman’s World biedt een avond vol afwisseling, met bijvoorbeeld een muzikale combinatie van Hildegard von Bingen (12e eeuw) en Beyoncé (21e eeuw).
  • Bij de vorige internationale vrouwendag publiceerde Stellingdames een mooi artikel over die eeuwige waarom-vraag. Waarom een vrouwendag? Is dat nou nodig? Ja dus.
  • Anja Meulenbelt besteedt op haar weblog aandacht aan intersectionaliteit. Want naast je sekse spelen ook zaken als huidskleur, inkomensgroep en sociale klasse een rol bij discriminatie en ongelijkheid
  • Elle Magazine pleit voor 365 dagen per jaar internationale vrouwendag. Hier hun suggesties met wat je van dag tot dag kunt doen om de geest van inspiratie en blijmoedige kritiek levend te houden. Vervang Ren Hangs expositie in fotomuseum FOAM (laatste kans!) door de expositie van Rosa Loy in het Drents Museum (laatste kans!), en je bent weer helemaal 2018 proof.
  • VIVA zet op een rijtje waar vechten voor onze rechten allemaal toe heeft geleid. Stemrecht! Verkrachting binnen het huwelijk officieel strafbaar! Gehuwde vrouwen handelingsbekwaam! (Sinds 1956, daarvoor waren we juridisch gezien onmondige kinderen die mannelijk toezicht nodig hadden.) Enzovoorts.
  • Harper’s Bazaar (Nederland) houdt 6 maart een feministische top in het Amsterdamse DeLaMar Theater. Het blad linkt iedereen ook graag door naar een prijswinnende feministische podcast van de Australische komiek en schrijver Deborah Frances-White, genaamd Guilty Feminist. Geniet ervan!
  • Roermond besteedt in een speciale expositie aandacht aan een eeuw vrouwenstrijd in de stad. Dat geeft je de kans om kennis te maken met lokale feministes zoals Mathilde Haan, Tiny Imkamp (in 1936 de eerste vrouwelijke huisarts in Roermond), en de activiteiten van de plaatselijke Vrouwenraad.
  • In de Engelstalige media veel analyses over feminisme rond internationale vrouwendag. Ik link je graag door naar interessante artikelen: hier, Jill Filipovic over politiek feminisme in de V.S., hier over de manieren waarop anti-feminisme het mondiale beleid beïnvloedt, hier, over Marlène Schiappa, de Franse minister voor Gender, en hier, over het toenemende verzet van Latijns-Amerikaanse vrouwen tegen femicide.
  • Internationale Vrouwendag blijft het doelwit van weerstand. Zo kreeg vrouwenplatform Ankara te maken met politiegeweld toen vrouwen in de hoofdstad wilde demonstreren. Achttien vrouwenactivisten belandden in de cel – ze zijn inmiddels weer op vrije voeten. Ironie ten top: met hun actie wilden vrouwen demonstreren tegen geweld tegen vrouwen. Een groot probleem in Turkije, waar mannen naar schatting 338 vrouwen per jaar vermoorden (huiselijk geweld enz.)
  • Tot slot: vlak voor internationale vrouwendag kwamen in Nederland cijfers in de openbaarheid over de beschamende schaarste aan vrouwen in de top. Dat probleem is beslist niet uniek voor Nederland. Zie hier een pleidooi uit Canada – wil het beter gaan met vrouwen in het bedrijfsleven, dan moeten de poortwachters zich bewust worden van hun vooroordelen. Hint voor Nederland: pak eindelijk de discriminatie van zwangere vrouwen aan, want de helft van de werkgevers werkt vrouwen op dat moment de deur uit zodat ze hun inkomen verliezen en hun loopbaan stagneert. Het loont ook om werkende vrouwen serieus te nemen en de loonkloof te dichten. Nu nemen mannen overal meer geld mee naar huis en krijgen vrouwen het zoveelste signaal dat ze minderwaardig zijn.

Het citaat: middeleeuwen en nu

”Maar het zien van dit boek […] had mij toch op een nieuwe gedachte gebracht, die gevoelens van grote verbazing bij me opwekte, als ik me afvroeg wat toch de oorzaak kon zijn, dat zoveel verschillende mannen, geleerde klerken en anderen, zozeer geneigd waren en het nóg zijn, om in woord en geschrift zoveel duivelse dingen over vrouwen te zeggen en uiting te geven aan hun afkeuring voor de vrouw en het vrouw-zijn. En niet een of twee […] maar in het algemeen bijna in alle verhandelingen van filosofen en dichters en van alle redenaars – het opsommen van hun namen zou een lange lijst vormen – lijkt het of allen met dezelfde mond spreken en of ze allemaal tot dezelfde conclusie komen, namelijk dat de vrouwelijke zeden vol ondeugd zijn en de vrouw tot ondeugd is geneigd.”

Christine de Pisan, Het Boek van de Stad der Vrouwen, circa 1405/1410

“What matters is not which guys said it: What matters is that, when you put their statements side-by-side, they all sound like the exact same guy.  And when you look at what they’re saying, how similar these slurs and insults and threats we get actually are, they always sound like they’re speaking to the exact same woman. When men are using the same insults and sentiments to shut down women and “feminine” people, across the board, then we know what’s going on. And we know that it’s not about us; it’s about gender.

Sady Doyle, The #MenCallMeThings Round-Up, november 2011

Ngoni chief maakt einde aan kindhuwelijken

Geef een vrouw macht en ze kan het verschil maken, op een zeer positieve manier. Een voorbeeld van dat feit is Theresa Kachindamoto, een traditionele leider van de Ngoni in Malawi. Vorig jaar ontving ze een onderscheiding van de Verenigde Naties voor haar inzet. Als Chief maakte ze onder andere een einde aan kindhuwelijken in haar regio. Ze zet zich voortdurend in om jonge meisjes op school te krijgen en te houden en de algemene positie van haar volk te verbeteren.

Foto Berge Arabian/New African Woman magazine

In een reportage van AlJazeera vertelde ze dat ze nooit gedacht had Chief te zullen worden. Kachindamoto maakt deel uit van de familie die traditionele leiders levert, maar er waren twaalf anderen vóór haar. Ze vertrok naar het zuiden van Malawi en werkte daar ruim een kwart eeuw als secretaris op een school. Totdat ze opeens een telefoontje kreeg: de Ngoni kozen jou, jij bent de nieuwe senior Chief van een bevolkingsgroep van 900.000 mensen.

Kachindamoto keerde terug naar haar geboortestreek en schrok zich rot. Ze trof kinderen van 12 aan die al een baby gebaard hadden. De mensen hielden ook vast aan de gewoonte meisjes naar speciale kampen te sturen om hen seksueel in te wijden en klaar te stomen voor een huwelijk. Kinderen van zeven moesten daar soms al naar toe.

Als nieuwe Senior Chief besloot Kachindamoto in te grijpen, maar wel op een zodanige manier dat ze haar mensen bij zich hield. Ze zet zowel in op preventie, zoals voorlichting over de medische en sociale gevolgen als meisjes zo ongelofelijk jong moeten trouwen, en initiatieven voor verbetering op de langere termijn. Zoals meer en beter onderwijs voor jongens, maar in het bijzonder ook voor meisjes. Omdat dát volgens haar de sleutel is voor de toekomst:

“When girls are educated, everything is possible.”

Daarnaast beëindigt ze bestaande kindhuwelijken waar ze maar kan. Toen vier andere chiefs niks deden tegen dit maatschappelijke probleem, ontsloeg ze deze mannen. Pas toen de lager in rang staande ex-chiefs alsnog maatregelen namen en de betrokken meisjes weer naar school stuurden, nam ze hen weer aan.

Chief Kachindamoto heeft inmiddels haar eigen Wikipedia pagina, ontving bezoek van Emma Watson, de actrice en eveneens Goodwill ambassadrice voor UN Women en kreeg de stoere bijnaam The Terminator, omdat ze zoveel kindhuwelijken beëindigde. Vorig jaar riep New African Woman Magazine haar bovendien uit tot winnaar in de categorie openbaar bestuur.

Ook in 2018 valt er genoeg te doen voor deze traditionele leider. De klimaatveranderingen zorgen onder andere voor toenemende droogte. Arme gezinnen zien vee sterven en oogsten mislukken. Ze hebben in die situatie de neiging hun zonen te beschermen en hun dochters op te offeren. Bijvoorbeeld door ze als kindbruid weg te sturen. Als het ‘huwelijk’ mislukt lopen de meisjes daarna een groot risico in de prostitutie te belanden – het alternatief is verhongeren.

Kachindamoto kan niet alle problemen van het hele land aanpakken. Maar in haar eigen regio is ze de baas, en dat zullen de mensen wéten. Ook in 2018.

VERDER LEZEN: Joop.nl noemt Kachindamoto de heldin die Malawi nodig heeft. De StarFish organisatie zamelt geld in, zodat de chief en haar team een busje kunnen aanschaffen om dorpen te bezoeken en voorlichting te geven. Ook de overheid van Malawi staat achter haar werk: de regering benoemde haar als World Vision Malawi’s ‘End Child Marriages’ brand ambassador, en schonk fietsen zodat Kachindamoto’s medewerkers zich makkelijker kunnen verplaatsen.

Het citaat: Jozefien Daelemans

Jozefien Daelemans schreef over de rel rond rapper Boefje voor Charlie magazine:

Je moet weten: vrouwen lopen vandaag met een heel vol emmertje rond. Een druppel is genoeg om die te doen overlopen. Hun heftige reacties zijn dan ook volledig begrijpelijk. Gasten, wij willen gewoon eens een week doorkomen zonder dat iemand ons beledigt, aanrandt of stalkt. Hoe moeilijk kan dat zijn?

Lees vooral haar gehele artikel, maar deze uitspraak trof me vanwege feministe Andrea Dworkin. In 1983 hield ze een toespraak voor een zaal vol mannen. Ze vroeg om een korte wapenstilstand, 24 uur zonder verkrachting. Een etmaal waarin mannen geen vrouwen verkrachten, hoe moeilijk kan dat zijn? Die lijn kun je helemaal terugvoeren tot minstens de auteur Christine de Pizan, die mensen (mannen) in 1405 al opriep vrouwen met meer respect te behandelen en af te zien van agressie en geweld. Hoe moeilijk kan dat zijn?

Toegift:

De Gereedschapskist: ”infrastructuur van onaantastbaarheid”

Handige term om bij de hand te houden in tijden van agressie tegen vrouwen, #metoo en personen zoals casting-poortwachter Job Gosschalk: infrastructuur van onaantastbaarheid. De term slaat op het stelsel van normen, waarden, machtsverhoudingen en praktijken binnen bedrijven en organisaties, die ervoor zorgen dat rotte appels jarenlang wegkomen met wangedrag jegens vrouwen.

Die infrastructuur bevat een aantal elementen: een cultuur waarin iedereen wéét dat er iets mis is, maar waar iedereen wegkijkt als mensen vrouwen behandelen als dingen. Een cultuur waarin bazen weten dat ze kunnen doen wat ze willen en omstanders vrouwen niet serieus nemen als die bezwaar maken tegen wangedrag. Een context waarbij afdelingen HR niet in staat zijn adequaat bij te sturen, of verkeerd reageren als een vrouw stappen wil ondernemen. Waar organisaties hun rotte appel de hand boven het hoofd houden omdat hij het geld binnen brengt, té belangrijk is, zorgt voor hoge kijkcijfers. Waarin anderen zijn loopbaan en reputatie belangrijker vinden dan dan de loopbanen en reputaties van zijn slachtoffers. Een cultuur van zwijgen.

Die infrastructuur hebben we ook in Nederland. Zo deed een assistent van Gosschalk een boekje open over de omstandigheden waarin deze man jarenlang acteurs seksueel kon belagen onder het mom van ‘auditie doen’. Ook in Nederland hebben we een cultuur van slachtoffers niet geloven. Zo gaf 43 procent van de mannelijke deelnemers aan een opinieonderzoek van EenVandaag te kennen dat vrouwen overdrijven als het gaat om de schandalen rond #metoo. Handige overtuiging, als je als man een groot maatschappelijk probleem weg wil wuiven en op geen enkele manier kritisch naar jezelf wil kijken. Zo houd je de problematiek in stand.

Daders krijgen in zo’n infrastructuur kans na kans om slachtoffers te maken of, als ze tegen de lamp liepen, opnieuw ergens aan de slag te komen (of te blijven). Mel Gibson kon zijn vrouw mishandelen en antisemitische taal uitslaan, maag mag nu gewoon weer prijzen ophalen in Hollywood alsof er niks is gebeurd. En de leiding van de New York Times besloot journalist Glenn Thrush aan te houden als medewerker, na gefundeerde beschuldigingen van seksuele intimidatie door meerdere vrouwen. Dit tot groot verdriet van journalistes, die de boodschap van wat zij dachten dat ook hun krant was, luid en duidelijk ontvingen: voor de krant is Thrush belangrijker dan zij.

Zo’n term als ‘infrastructuur van onaantastbaarheid’ is handig om nieuwe voorbeelden direct te herkennen. Je ziet de werking van die infrastructuur bijvoorbeeld in de manier waarop iemand als CDA-er Camiel Eurlings jarenlang aan kan blijven bij sportorganisatie NOC*NSF. Zoals dagblad AD uitlegt, was de organisatie bereid de mishandeling van zijn toenmalige partner te bestempelen tot een privékwestie en niet van invloed te laten zijn op zijn lidmaatschap. Vervolgens zit Eurlings daar als lid van het Internationaal Olympisch Comité (IOC) en automatisch ook als bestuurslid van de  NOC*NSF. Lekker ingenesteld. Hoe kun je hem nog weg krijgen? Het AD:

NOC*NSF kan alleen in een ‘goed gesprek’ vragen of Eurlings in vredesnaam wil vertrekken, als dat de eindconclusie is. Het oud-IOC-lid, dat niet met naam genoemd wil worden: ,,Op juridische gronden kun je niets doen, in zo’n geval moet je met elkaar om tafel gaan.’’

Maar dat is dan een aan tafel gaan in de wetenschap dat Eurlings kan blijven zitten, als hij besluit zich niks aan te trekken van alle kritiek en hij zijn status als paria voor lief neemt. Lijkt me super onverstandig als hij dat doet, maar het kan en het NOC*NSF staat erbij en kijkt er noodgedwongen naar.

Wat uiteindelijk zal helpen om deze infrastructuur te doorbreken is schaamte. Zoals Kwame Appiah uitlegt in zijn boek de Erecode kunnen sociale praktijken zeer snel veranderen, zodra mensen op het gebied van status en aanzien sociale schade oplopen door hun acties. Als voorbeeld noemt Appiah duelleren. Eerst was het voor mannen uit de elite normaal om geschillen uit te vechten in een duel. Maar opeens deed niemand dat meer. De reden? De samenleving begon duellerende edelen te zien als dwaze losers, idioten. Een duel was niet eervol meer. Binnen een paar jaar was het hele fenomeen verdwenen.

Dat kan ook gebeuren met de mannen die vrouwen behandelen als dingen die moeten doen wat ze willen. Wees niet ‘die vent’. ”Echte mannen” behandelen vrouwen als mensen. Wil je je mannelijkheid bewijzen? Dan doe je dat door je maten aan te spreken als ze vrouwen op straat naroepen, vrouwen in een kroeg in hun billen knijpen, vrouwen oneerbare voorstellen doen in het kopieerhok enzovoorts. Dat doe je door vrouwen te geloven als ze vertellen over hun ervaringen met seksuele agressie en intimidatie en te doen wat je kunt om het tij te keren.

We hebben nog een lange tijd te gaan. Eurlings krijgt na zijn ”excuses” vol eufemistische kronkels weliswaar bakken kritiek maar of hij zich daardoor aangemoedigd voelt ”vrijwillig” op te stappen? De druk op hem neemt toe, maar of dat genoeg is… Of neem de situatie rond rapper Boef/Sofiane Boussaadia. Die laat zich regelmatig laatdunkend uit over vrouwen. Rond oud en nieuw ging hij weer op die toer. Hij kreeg hulp van enkele vrouwen toen hij met zijn auto strandde en maakte hen daarna als dank in een openbare video tot twee keer toe uit voor hoeren. Hij is nog steeds van harte welkom bij festivals zoals Noorderslag en Paaspop, alleen een paar DJ’s boycotten zijn platen nu. Boef kan in principe lekker door, vrouwen moeten niet zeuren.

Kortom, de infrastructuur van onaantastbaarheid. Maar zoals gezegd: niets is onmogelijk en onder grote druk kunnen veranderingen opeens heel snel gaan. (UPDATE: Eurlings, in 2013 nog door koning Willem Alexander voorgedragen, vertrok inmiddels onder zeer grote sociale druk bij het NOC*NSF. Hoera! En rapper Boef is alsnog niet meer welkom bij Paaspop). Dat de sociale omwenteling rond zich misdragende mannen maar snel moge komen.

Tot die tijd, TOEGIFT:

#Me too: aanbevolen artikelen uit buitenlandse media

Nederlandse kranten en andere media schrijven op dit moment mooie artikelen over seksuele intimidatie en de #meetoo beweging. Met dit weblog vestig ik daarnaast ook graag je aandacht op mooie analyses, essays en verhalen uit buitenlandse media. Voornamelijk Engelstalig. Warm aanbevolen!

Onder andere auteur Jim C. Hines hoort de kreet heksenjacht te vaak, nu #metoo hoog op de agenda blijft staan. Hij heeft een prachtige uitleg waarom het gebruik van die term van de pot gerukt is:

We as a society have spent decades silencing victims of sexual harassment. What the hell did you expect it to look like when the dam finally began to crumble? […] by calling it a witch hunt, they’re undermining everyone who’s been speaking out about their harassment. They’re suggesting all of these victims are lying, caught up in hysteria and publicity. If you want to say you don’t believe a particular allegation, that’s one thing. If you say it’s all a witch hunt, then intentionally or not, you’re joining everyone else who’s silenced victims and helped to perpetuate this harassment and abuse for so many decades.

SF auteur John Scalzi voert een denkbeeldig gesprek met een geschrokken man, die zich, als hij bekomen is van de fictieve heksenjacht, afvraagt wat hij moet doen nu vrouwen en enkele mannen massaal naar buiten treden met hun traumatische verhalen over machtsmisbruik en seksuele intimidatie. Maar ik herinner het me niet! Ja maar de jaren zeventig/tachtig/negentig waren een hele andere tijd! Ja maar ze liegen! Scalzi dient de denkbeeldige verwarde man op deskundige wijze van repliek. Met als uitsmijter een verwijzing naar het werk van vrouwen: ”I want to note that some of the ground I’m covering here has also been covered by women (like here and here and here), so if it sounds familiar, that’s why. And if it’s all new to you, maybe you should read and listen to more women.”

Daarbij komt dat veel mannen donders goed doorhebben wat wel en niet kan op het werk. Daders hebben geen preventieve training nodig om seksuele intimidatie terug te dringen. Ze doen wat ze willen omdat ze van de samenleving al een training gehad hebben. Namelijk eentje die hen leerde dat ze wegkomen met wangedrag. Tot voor kort dan.

Behalve daders weten ook mannelijke getuigen precies wat wel en niet gepast gedrag is. Magazine The Cut interviewde mannen die getuige waren van andere mannen die wangedrag ten opzichte van vrouwelijke collega’s vertoonden. Allemaal zaten ze met de situatie in hun maag – het was hen duidelijk dat die andere man grenzen overschreed. Alleen hadden ze moeite op te treden: de man in kwestie had de macht binnen het bedrijf en de getuige had geen zin zijn eigen loopbaan te riskeren. Dus hij zweeg en keek de andere kant op. Of de getuige was bevriend met de dader en deinsde terug voor een moeilijk gesprek met hem. Weer een andere man vond dat hij alleen op hoefde te treden als er sprake was van direct fysiek geweld, en hij wilde geen misverstand krijgen met de vrouw in kwestie (haar redden om daarna zelf een relatie met haar aan te gaan, of zoiets. Ja ja.).

Dan heb je nog de mannen die in een bubbel van privileges leven en de signalen die er waren, destijds niet oppikten. Zo steekt journalist Dana Milbank de hand in eigen boezem. Pas veel later hoorde hij dat journalistes op een van zijn oude werkplekken last hadden van wangedrag van enkele mannelijke collega’s. Milibank daarentegen genoot bescherming:

we all knew that Wieseltier was a flirt and a bit of a playboy and that he had a strong if vague reputation for being lecherous. Like many, I figured he was a harmless scamp. But here’s what I did know: I knew that Wieseltier could be a bully. At editorial meetings, he would harshly cut down those he didn’t like. I was advised before I took the job that if I wanted to get ahead at the New Republic, I needed to be on his good side. He would protect those he held in favor and sink those he didn’t. I was one of those he protected. I think he liked me. I liked, and greatly admired, him.

Als maatje van de pestkop van dienst had Milibank nergens last van en degenen die wél problemen ervoeren, hielden hun mond. Zo kon Milibank jarenlang op de redactie rondlopen in de volle overtuiging dat de wereld een en al rozengeur en maneschijn was. Fijn als je zo kunt werken, maar vrouwen en de niet-uitverkoren mannen hebben die luxe niet.

Komt er nu echt een kantelpunt, zoals diverse opiniemakers hoopvol aankondigen? Dat valt te bezien. In een mooi essay steekt feministe Rebecca Traister de hand in eigen boezem. Net zoals in Nederland auteur Sarah Sluimer deed, signaleert ze dat vrouwen een automatische neiging hebben om mannen te verontschuldigen en te beschermen met een empathie die ze niet op kunnen brengen voor seksegenoten. Mannen komen op die manier weg met wangedrag.

Daarnaast staan vrouwen onder grote druk om hun mond te houden – agressie dreigt aan alle kanten als ze #metoo willen roepen. Sociologe in opleiding Fauzia Husain signaleert dat internet / sociale media een belangrijke rol spelen in het laten zwijgen van vrouwen die over seksuele intimidatie beginnen. En dat het gedrag van zulke internettrollen opmerkelijke overeenkomsten vertoont, of het nou in de V.S. gebeurt, of in Pakistan. In beide landen slaan trollen terug met termen zoals ‘feminazi’, en krijgen vrouwen dezelfde verwijten naar hun hoofd geslingerd: ze zouden overdrijven, liegen of uit zijn op aandacht.

Daarnaast signaleert Traister in haar eerder genoemde essay dat de dominante cultuur talent in (blanke) mannen blijft herkennen, wat vrouwen ook zeggen. Dat betekent dat daders opvallend vaak nieuwe kansen krijgen als het rumoer een beetje geluwd is. Zo blijven roofdieren floreren terwijl vrouwen massaal hun beroep vaarwel zeggen, dromen en ambities opgeven, en een veilig heenkomen zoeken.

Tenslotte blijft een vrouwenhatende structuur in stand. Weblog Women&Hollywood gaf bijvoorbeeld een podium aan Mary Celeste Kearney. Zij onderzocht het curriculum en het studieklimaat in Amerikaanse filmopleidingen en concludeert dat die instituten nieuwe generaties Weinsteins opleiden. De veelal mannelijke docenten en op mannen georiënteerde studiematerialen zorgen ervoor dat studentes aan alle kanten het signaal krijgen dat zij niet welkom zijn en dat hun visie niet geldt. Daarnaast vallen mannelijke studenten vrouwen lastig, zodat zo’n beetje alle studentes óf zelf ervaring hebben met seksuele intimidatie, of nauw bevriend zijn met iemand die wangedrag ervoer. Mannen die uit zulke opleidingen rollen, hebben zodoende te vaak het idee dat ze met vrouwen kunnen doen wat ze willen, zonder dat het (ernstige) gevolgen heeft.

Kortom vele aspecten spelen een rol bij het instandhouden van een cultuur waarin rotte appels de sfeer blijven verzieken en veel vrouwen het onderspit delven. 2018 zal vrees ik weer veel van hetzelfde opleveren – net zolang tot de machtsverhoudingen en de cultuur écht kantelen en vrouwen ruimte en eerlijke kansen krijgen.

TOEGIFT: een strijdlied

Mannen seksualiseren Wonder Woman

De film Justice Legue draait in de bioscopen en zowel fans als recensenten valt iets op: vergeleken met Wonder Woman, geregisseerd door Patty Jenkins, is de Wonder Woman van Justice Legue hopeloos geseksualiseerd. De male gaze uit zich onder andere in sexy leren bikinipakjes voor de Amazones, en een cameravoering die wellustig om Gal Gadot’s lijf heen cirkelt. Twee stappen vooruit, drie stappen terug, zo vat criticus Bart de Put het samen in Het Parool.

Wat betreft de kleding van de Amazones: regisseuse Patty Jenkins gaf haar collega Lindy Hemming een duidelijke leidraad toen ze Wonder Woman regisseerde. De vrouwen moesten kunnen bewegen, kunnen vechten, en enigszins beschermd blijven tijdens dat gevecht. Hemming deed onderzoek naar kleding uit oude beschavingen, waarvan bekend is dat vrouwen op het slagveld vochten. Ze keek naar moderne sportkleding en liet zich inspireren door superheldenkostuums uit andere series, zoals Batman. Het eindresultaat moest praktisch, krachtig en mooi zijn:

“Patty and all of us were trying to tread a line where you didn’t over-sexualize people, but you still were proud of their bodies and proud of how fit they were,” Hemming says.

Nee, dan Zack Snyder. Deze regisseur besloot het roer om te gooien en zijn vervanger Joss Whedon deed niets om bij te sturen. Snyder weigerde de door Hemming ontworpen kostuums over te nemen. Hij koos voor nieuwe outfits. In plaats van praktische gevechtskleding zadelde hij de Amazones van Justice Legue op met leren bikini’s, met totaal onbeschermde polsen en buiken.

Talloze mensen wendden zich tot internet en sociale media om hun woede te uiten over de seksualisering van de Amazones. Deze keuze van een mannelijke regisseur en een mannelijke kostuumontwerper maakt duidelijk dat we meer vrouwelijke regisseurs nodig hebben, kopte magazine Bustle bijvoorbeeld.

Het blijft echter niet bij de leren bikini’s van de Amazones. Het valt recensenten op dat Snyder en Whedon in hun cameravoering een sekspop van Wonder Woman maken:

Almost every time Gadot appears on screen in Justice League, she’s introduced butt or chest first, and often filmed at low angles from behind. The camera doesn’t love her; it leers at her, and it invites the audience to do the same. […] Snyder presents a version of Diana that is rooted in unrealistic standards. It is the embodiment of an archaic masculine perspective that sees the full form of a woman not as the summation of her experiences and thoughts, but as a suggestion.

Die behandeling van vrouwen, met een camera die geil inzoomt op borsten en billen, zou je kort samen kunnen vatten als ‘the male gaze’. De mannelijke blik. Een blik die vanuit een heteroseksueel mannelijk perspectief verlekkerd naar het sexy vrouwtje kijkt, maakt verder niet uit wat ze zelf denkt, doet of wil. Lees vooral Laura Mulvey’s  klassieke essay over de mannelijke blik voor alle details. Het is een manier van kijken die homoseksuele mannen en alle vrouwen buiten sluit en die de getoonde vrouw op het witte doek reduceert tot een seksobject en een gebruiksartikel.

Behalve de geile cameravoering doet Snyder nog iets anders met Wonder Woman. Hij reduceert haar tot een zorgende moeder:

Beyond the physical objectification, Snyder reduces Diana to a motherly figure. She becomes the indulgence of the outmoded desire for a woman to be both madonna and whore. A typical scene might begin with the camera leering at her rear and end with her proudly beaming at Cyborg for being such a good robot boy; a sequence that starts by lingering on her breastplate concludes with her tsk-tsking her super-pals for behaving like a bunch of children.

In dit seksistische scenario zijn jongens jongens die kunnen doen wat ze willen, en wordt Wonder Woman de poortwachter en degene die altijd de wijste moet zijn, want van de kinderachtige mannen in haar omgeving moeten we het niet hebben. Wat is er gebeurt met de strijdende godin die een min of meer volwaardige samenwerking aan ging met een piloot en diens vrienden? Wat is er gebeurt met Diana, die tegen Engelse kledingconventies aanschopte en dorpen van de ondergang redde?

Kortom, sla Justice Legue gerust over. Jenkins heeft een contract ondertekent om Wonder Woman 2 te regisseren, en als dat vervolg uit komt kunnen we weer met een gerust hart van Wonder Woman genieten.

De Gereedschapskist: de ontbrekende traptrede

Wel eens gehoord van de sociologische term “de ontbrekende traptrede”? Dit beschrijft een groepsdynamiek waarbij iedereen weet welke persoon niet deugt, maar iedereen laat hem/haar ongemoeid. Het is aan de potentiële slachtoffers om te vermijden dat ze het slachtoffer worden van de rotte appel in de groep. Als ze toch ten val komen is het ‘ja duh, je wist toch dat hij zo is, kijk dan toch beter uit, wat deed je dan ook daar, op dat tijdstip, in die kleding” enz.  Deze symbolische ontbrekende-traptrede situatie zie je ook terug in de verhalen die nu naar buiten komen over mannen die jarenlang ongestraft vrouwen lastig vielen.

Bij de groepsdynamiek met de ontbrekende traptrede horen omgevingen die rotte appels de hand boven het hoofd houden, en mensen die hun uiterste best doen om te overleven. Omdat niemand de rotte appel direct aanspreekt, laat staan maatregelen neemt, kunnen mensen zoals Harry Weinstein doorgaan.

Vanwege het ontbreken van formele kanalen om het probleem aan te pakken, nemen potentiële slachtoffers hun toevlucht tot allerlei informele manieren om pijnlijke valpartijen te vermijden. Bijvoorbeeld de  zogenaamde ”fluister netwerken”, kringen van vrouwen die elkaar waarschuwen voor nare mannen. Medewerksters in de Londense politiek gebruiken een WhatsApp groep om elkaar te waarschuwen voor bepaalde grijpgrage mannen. Medewerkers in bepaalde Engelstalige media stelden een worddocument samen, met de titel Shitty Media Men. Studentes van Amerikaanse universiteiten benutten hun contacten om mede studentes te waarschuwen voor mentoren en professoren die hen aanranden tijdens veldwerk.

Zulke fluister-netwerken helpen vrouwen echter maar gedeeltelijk. De daders gaan gewoon door en maken nieuwe slachtoffers, want niemand stopt hen. Bovendien komt de informatie niet bij alle vrouwen terecht. Jonge vrouwen die net beginnen en nog niet beschikken over een goed netwerk, missen de informatie nodig om de ellendeling te ontwijken, en kunnen alsnog het slachtoffer worden.

Zelfs als de namen van seksuele roofdieren wél bekend worden, en vrouwen de openbaarheid opzoeken, blijft het voor een groep lastig om echte veranderingen door te voeren. SF-auteur Jim C. Hines publiceerde bijvoorbeeld op zijn blog een kritisch stuk over een conventie, Odyssey Con. De organisatoren besloten een bekende vrouwenhater op te nemen in hun bestuur. Een van de mensen die deze man lastig viel, was een vrouw die de organisatoren graag als eregast in hun show wilden hebben. Zij trok zich terug omdat ze zich niet veilig voelt met deze man in de buurt. ”Maar hij is zo vriendelijk! Ik zag hem nooit iemand lastig vallen! Hij is al jaren verbonden aan deze conventie!” Dat en meer waren de smoezen om deze man de hand boven het hoof te houden, ook na de onthullingen van de vrouw.

Om dieper in te gaan op mannen die andere mannen blijven beschermen, ongeacht alle bewijzen dat het grensoverschrijdende seksisten zijn, bood Hines na zijn stuk een platform aan Brianna Wu. Zij schreef een kritische overdenking over de vele mannen die vrouwen lastig vallen en de sfeer verpesten met seksistisch, handtastelijk gedrag, in de SF wereld maar ook in de ICT-sector, en daarna vrolijk een tweede, derde en vierde kans krijgen. Maakt niet uit wat de vrouwen daar van vinden. Sterker nog, die vrouwen moeten niet zeuren want mannen verdienen een nieuwe kans. Nou nee, zegt Wu: ,,You can either have a community where the Jim Frenkels are thrown out, or you can just admit all the talk about gender equality is window dressing.”

Voor die keuze staan we nu. Laten we daders vrolijk doorgaan terwijl we de slachtoffers uitmaken voor hysterische zeurpieten die beter hadden moeten weten? Of beginnen bedrijven, organisaties en politieke instanties de groepsdynamiek daadwerkelijk bij te sturen, met maatregelen, boetes en andere acties voor de daders?. Ik opteer voor deze tweede optie. Met daarbij een serieuze discussie over machtsverhoudingen, hoe mannen denken over mannelijkheid, en wat mannen doen om hun seksegenoten een halt toe te roepen. Het is de hoogste tijd.