Category Archives: Boeken

De Gereedschapskist: Himpathy

Sympathie voelen, maar alleen met hém, niet met haar. Niet zozeer tégen een vrouw kiezen, als wel vóór een man, omdat we hem geloofwaardiger, sterker, betrouwbaarder en aardiger vinden dan haar. Dat alles vat wetenschapster en auteur Kate Manne samen onder de noemer Himpathy, Hempathie in de Nederlandse vertaling. Empathie met hem, in het bijzonder een ‘hem’ die machtig is en de fout in ging. De Prindle Post, een magazine rond ethiek en filosofie, wilde deze term in oktober al uitroepen tot het woord van het jaar 2018.

Manne ziet dit gevoel met het bijbehorende gedrag als een van de steunpilaren van een systeem, waarin mannen de macht houden en vinden dat zij recht hebben op diensten en zorgen van vrouwen. In haar boek  Down Girl geeft Manne een analyse van de logica van dit systeem van misogynie. Zolang vrouwen mannen blijven verzorgen en behagen is alles ok, maar als een vrouw niet doet wat mannen willen, zorgt het systeem voor strenge straffen.

Lang niet alle vrouwen ervaren de volle kracht van dit seksistisch systeem, waarin himpathy hoogtij viert:

Misogyny, Manne explains, should be understood not as the psychology of individual men, but as “a property of social environments in which women are liable to encounter hostility due to the enforcement and policing of patriarchal norms and expectations . . . insofar as they violate patriarchal law and order”. Although so often confused with sexism, the two are different: if misogyny is the law enforcement branch of the patriarchal system, sexism is the justification.

Dit basisidee verklaart allerlei ogenschijnlijke tegenstrijdigheden. Als het patriarchaat vrouwen bij wijze van spreken blootsvoets en zwanger in de keuken wil houden, waarom hemelen we dan vrouwen op die, desnoods met geweld, hun kinderen beschermen? Waarom kunnen vrouwen het in de politiek best ver schoppen en als spreker volle zalen trekken en miljoen verdienen met hun boeken en lifestyle bedrijven?

Alles hangt echter af van de vraag of een vrouw de status quo ondermijnt, of niet. Hou je dat punt in de gaten, dan wordt de logica opeens pijnlijk duidelijk. Vrouw beschermt kinderen? Ze versterkt het moederschapsideaal en beschermt de kinderen van haar man. Goed. Vrouwelijke politici die reproductieve rechten aan banden willen leggen en tegen alimentatie zijn? Top! Ze versterken de positie van de man. Boeken schrijven en lezingen geven waarin je vrouwen oproept hun partner te pijpen op afroep en je man altijd te gehoorzamen? Zolang hij het maar leuk heeft in bed en in huis de baas blijft mag jij als vrouw best een succesvolle zaak opbouwen en geld verdienen met lezingen, geen probleem.

Vrouwen kunnen het systeem ook versterken door samen met de mannen, zij aan zij, op te komen voor belaagde mannen. Hoe machtiger de man, hoe meer himpathy mannen én vrouwen opbrengen om hem tweede, derde en vierde kansen te gunnen. Zoals Kate Manne voor de New York Times schreef:

There is a plethora of recent cases, from the Stanford swimmer Brock Turner to the Maryland school gunman Austin Rollins, fitting this general pattern: discussion focuses excessively on the perpetrator’s perspective, on the potential pain driving him or on the loss of his bright future. And the higher a man rises in the social hierarchy, the more himpathy he tends to attract. Thus, the bulk of our collective care, consideration, respect and nurturing attention is allotted to the most privileged in our society.

Beide bewegingen dienen om mannen in het zadel te houden. Door overtuigingen te bekrachtigen die mannen bevoordelen, en door mannen door dik en dun te blijven steunen als ze onverhoopt in de problemen komen. Dat verklaart ook waarom mensen misogyn kunnen denken en handelen, en tegelijkertijd toch individuele vrouwen kunnen liefhebben en eren:

How can one be both a misogynist and love individual women? Because misogyny is designed to single out and punish only those women who break the rules by exercising power, dominance, or a perceived lack of care and love-giving.

Himpathy heeft verregaande gevolgen in de praktijk. Zo blijken Engelse jury’s mannen veel vaker vrij te spreken in verkrachtingszaken, als hij blank is en in de leeftijdscategorie 18-24 jaar valt. Zo’n jongeman heeft zijn hele toekomst nog voor zich. Moet hij echt voor altijd een strafblad krijgen, vanwege een vergissing? Het gevolg van die himpathy is dat jongemannen in slechts 32% van de gevallen ‘schuldig’ te horen krijgen, tegen 46% van de mannen in de categorie 25-59 jaar. Politici pleiten er nu voor om het jurysysteem af te schaffen, omdat het seksistische rechtspraak oplevert. Dit probleem speelt ook in de V.S., waar het racistische en seksistische karakter van de rechtspraak uitgebreid onderzocht is.

Himpathy speelt ook op in de loopbanen van mannen en vrouwen. Zo gaan mannelijke werknemers in de financiële sector veel vaker over de scheef dan hun toch al schaarse vrouwelijke collega’s. Daarna krijgen ze echter opvallend minder vaak straf. Worden ze ontslagen, dan krijgen ze hogere oprotpremies mee dan vrouwelijke collega’s in dezelfde situatie. En na hun wandaden krijgen ze in 46% van de gevallen weer een baan in hun oude vakgebied, terwijl vrouwen slechts in 33% van de gevallen een tweede kans krijgen. De onderzoekers vinden bewijs voor buitengewoon toegeeflijke managers, die het lastig vinden mannen te laten vallen:

Our evidence is inconsistent with a simple Bayesian model and suggests instead that managers are more forgiving of missteps among members of their own gender/ethnic group.

In Nederland kreeg de term Himpathy/Hempathie slechts kort aandacht. Zo besprak Halina Reijn de term in oktober vorig jaar in een aflevering van De Wereld Draait Door. Van Dale nomineerde Hempathie voor woord van het jaar 2018, maar Blokkeerfries ging er met de eer vandoor. Daarna werd het weer een beetje stil rond deze term. Het helpt ook niet dat DWDD Kate Manne omschrijft als ”een columnist in de New York Times”, terwijl het gaat om een filosofe van de Cornell University. Down Girl is nog niet vertaald in het Nederlands en ik kwam in Nederlandstalige media geen recensies tegen van de oorspronkelijke versie, op wat korte stukjes in de aankondigingen-sfeer na.

Ik vind Hempathie een zeer handig woord om een veel voorkomend probleem te beschrijven. Misogynie en hempathie duidelijk herkennen en weten te plaatsen, kan zeer bevrijdend werken. Je kunt een probleem pas bestrijden en situaties veranderen, als je er een naam aan kunt geven. En die naam hebben we nu. Met een begin van een recept om de situatie te verbeteren. Zoals Kate Manne zei in een interview voor magazine Guernica:

Misogyny is the stuff that women face that destroys them in some instances. “Himpathy” is part of the explanation of why we don’t see it, because we’re identifying with “him” and seeing “him” as the good guy, or worrying about “his” future. We don’t see him as taking a life. We see him as asserting his masculinity or defending himself, or as a poor pathetic character, or as vulnerable. Sometimes these things are true, that he is pathetic and vulnerable, but let’s focus on the women. (bold/vetgedrukt door mij toegevoegd aan de tekst)

Emancipatiegolf in het land van kinderboeken

Diversiteit is goed voor ieder kind, betoogt Reza Kartosa-Wong in het Parool. Diversiteit in de literatuur is broodnodig in onze moderne samenleving, betoogt Sayonara Stutgard in diezelfde krant. Heeeej, Nederlandse boekenwereld, het wordt hoog tijd dat uitgevers, lezers en recensenten het werk van schrijfsters serieuzer nemen, stelde Corina Koolen vorig jaar, met de onderzoeksgegevens om dat standpunt te onderbouwen. Zelfs meisjes van 11 zetten tegenwoordig campagnes op om te pleiten voor meer diversiteit in kinderboeken. Het lijkt wel een golf….. Komt er eindelijk ruimte voor een bredere blik?

Er lijkt een emancipatiegolf op handen te zijn als het gaat om boeken en de verhalen die we lezen. Tot nu toe zaten we op een nogal eenzijdig dieet. Ouders namen hun toevlucht tot fora om andere ouders te vragen of er voor hun dochters alternatieven waren voor de vele jeugdboeken waarin jongetjes de hoofdrol spelen. Die komen er gelukkig steeds meer. Hadden meisjes in 1972 in tien procent van de verhalen een hoofdrol, in 2006 was dat gestegen naar veertig procent.

De omgeving van die heldin blijft echter opvallend jaren vijftig. De heldin heet zelden Fatima. Als er dieren in een verhaal voorkomen, blijken die meestal als mannelijk omschreven te zijn. En volwassenen met beroepen houden zich keurig aan klassieke rolpatronen. Lezers komen vooral mannen tegen, in mannenberoepen zoals politieagent. Komt er een keer een vrouw voor met een baan, dan is ze juf of verpleegkundige, constateert Zo Ook.

Op die manier voeden fantasieverhalen uit de kokers van auteurs een wereldbeeld waarbij vrouwen vooral steunen, zorgen, troosten en een mannelijke held helpen, in een wereld bevolkt door werkende mannen in rollen van autoriteit en met de mannelijke held als centrale punt.

Dit wereldbeeld heeft gevolgen voor beeldvorming in de echte wereld. Uit onderzoek blijkt bijvoorbeeld dat kinderen van vijf ‘slim zijn’ nog zien als een kwaliteit van zowel jongens als meisjes. Rond hun zesde vindt een omslag plaats. Vanaf die leeftijd claimen jongens genialiteit voor zichzelf. Meisjes zwichten voor de sociale boodschappen die ze constant horen en vinden zichzelf juist niet slim meer. Zelfs als ze aantoonbaar beter zijn dan jongens, blijkt uit onderzoek van de universiteiten van Illinois (V.S.) en New South Wales (Australië).

Maar er is nog een ander, vervelend gevolg: als je als jongetje jezelf constant ziet als het centrum van alles, leer je af om je te verplaatsen in andere mensen en andere situaties, betoogt Kartosen-Wong. Juist (blanke) jongetjes zouden er als mens beter van worden als ze empathie ontwikkelen met meisjes, vrouwen, en kids uit andere culturen, door verhalen via hun standpunt te lezen. Hij ziet dat jongens daar gelukkig steeds meer kansen voor krijgen. Als leestips geeft hij onder andere:

  • Bedtijdverhalen voor rebelse meisjes
  • Tori en het vervolg Trobi van de Amsterdamse kunstenaar Brian Elstak
  • Brown girl magic van de Vlaamse schrijfster Dalilla Hermans
  • Rocca en het geheime toverrecept van Sharid Alles
  • Cyrus & Farnaz over 7 grenzen van Mark van Waes (over kinderen die zijn gevlucht naar Europa)
  • Het lammetje dat een varken is van Amsterdammer Pim Lammers (Het eerste transgenderprentenboek)

Daarnaast krijgen boeken die verder kijken dan het witte jongetje, steeds meer waardering. Zo won Annet Schaap allerlei prijzen met Lampje. Het verhaal draait om de dochter van een vuurtorenwachter, die na een scheepsramp als dienstmeid aan de slag moet in het Zwarte Huis van een admiraal. In dat huis zou een monster wonen, maar of dat klopt is de vraag….

Meer diversiteit nodig in het boekendieet van je kids? Platform Hebban stelde lijsten op voor kinderen in diverse leeftijdscategorieën. Zoals die met titels voor kinderen van drie tot zes jaar. Je kunt ook eens kijken bij de Feminist Aid Kit, met boeken voor peuters en kleuters die meiden en vrouwen meer te doen geven dan alleen het hulpje zijn van… De beer van Ursula van Rindert Kromhout en Sandra Klaassen, Koning en Koning van Linda de Haan en Stern Nijland, er zijn echt leuke boeken, als je goed zoekt. Dan kun je tegenwicht bieden aan de oude rolpatronen en wordt de kans groter dat je meiske van zes zich op die leeftijd nog steeds als even slim beschouwt als de jongens. Wie weet.

Lekker lezend het nieuwe jaar in

2018 was een veelbewogen jaar, en dat leverde vele mooie artikelen, essays en analyses op. Hieronder een totaal niet representatieve greep uit de goudberg, om heerlijk lezend en denkend het nieuwe jaar in te gaan. Veel plezier!

  • Weblog De Tweede Sekse bestond in november tien jaar. Gezien het gure klimaat waarin feministen moeten opereren, is dat een hele prestatie. In een terugblik schrijft de redactie dat er destijds geen enkele Nederlandstalig feministisch blog bestond, ”dus begonnen we er eentje”.  Het allereerste artikel ging in op goedaardig seksisme. Denk ‘o, vrouwen zijn zo geweldig met kinderen’, waarna je als vrouw onderbetaald wordt, minder vaak promotie krijgt, en mensen je prestaties niet serieus nemen want waarom blijf je niet bij je kinderen. Dat genre. Gewone media hebben nog steeds veel te weinig aandacht voor dit soort vormen van seksisme, dus het werk van het weblog blijft broodnodig.
  • Eidolon magazine gooide dik een jaar geleden het roer om en besloot de Griekse en Latijnse klassieken vaker te bespreken vanuit andere invalshoeken. Denk feministisch, antiracistisch, enz. Dat leidt onder andere tot mooie besprekingen van romans waarin auteurs het personage van Briseis uit de Ilias centraal stellen. En aandacht voor de lange, lange geschiedenis van mannen die tekeer gaan tegen echtgenotes.
  • Marie Claire gaf in 2018 ruimte aan een longread over feminisme. Met als conclusie: ”We moeten niet proberen om het probleem op te lossen door vrouwen te ‘fixen’, te ‘wapenen’. Vrouwen veranderen heeft geen zin. Je kan ze eindeloos weerbaar maken tegen geweld, maar het houdt pas op als mannen ermee ophouden.”
  • #metoo, de door Tarana Burke opgezette campagne om solidariteit te tonen met vrouwen die het doelwit werden van seksueel geweld, maakte een doorstart. De beweging gooide in 2018 vanalles overhoop. En bracht wat Moira Donegan betreft een verschil in visie aan de oppervlakte. Een kloof tussen mensen die feminisme beschouwen als een individuele zelfredzaamheidsbeweging, en mensen die uitgaan van collectieve, verbindende idealen. Jezelf bij je schoenveters uit het moeras trekken, versus structuren en patronen radicaal veranderen.
  • In Plot Magazine, vakblad voor scenarioschrijvers, vraagt Mirjam Groen aandacht voor vrouwen in de Nederlandse film en televisiewereld. Uit de V.S. komen tegenwoordig allerlei producties die een feministisch bewustzijn tonen en tegenwicht bieden aan de mannelijke kijk op zaken en vrouwen. ”In Nederland lijkt de tijd qua films en series echter stil te staan”, constateert ze. ,,Ons belangrijkste vrouwelijke personage van de afgelopen filmjaren is Soof, die in al haar in bloemenjurkjes gestoken onhandigheid en warrigheid geruststellend niet-bedreigend is voor de status quo.” Groen roept op om andere verhalen over vrouwen te durven vertellen. De markt is er, nu de makers nog…..
  • Wat betreft film en televisie: de Graveyard Shift Sisters richten zich al een aantal jaar op de rollen van en verhalen over mensen met een gekleurde huid in het horror genre. Er gaat een wereld voor je open als je hun stukken leest. Kende je bijvoorbeeld Stephanie Jeter al? Of Sloan Turner? Of Justina Ireland? Allemaal regisseurs en auteurs, werkzaam in het genre. Leuk om kennis te maken met hun werk en een indruk te krijgen van de thema’s die hen bezig houden.
  • De Belgische feministe Ida Dequeecker blikte in mei 2018 terug op de tweede feministische golf in Vlaanderen. Ze kan dat doen vanuit een schat aan ervaring – Dequeecker speelde een belangrijke rol in die tweede golf en denkt na over feminisme toen en nu.
  • Hórmónar is de feministische punkband die we nú nodig hebben, kopte het blad Best Fit in oktober. Zangeres Brynhildur Karlsdóttir schrijft de teksten en legt uit dat ze allemaal op de een of andere manier gaan over hoe het is om opgevoed te worden tot vrouw in een patriarchale cultuur. Dat levert een feest aan herkenning op voor de fans: ,,“Trying to be a woman in a patriarchal society is enough to drive you mad, and punk offers an avenue to express justified anger about an unfair world. It is, after all, a tool to rebel against something, to stand in opposition to something morally wrong. I think that’s why women are flocking to punk these days‘.’
  • Feministe en auteur Laurie Penny schreef een essay over de effecten van internet. Internet haat vrouwen niet, stelt ze. Mensen haten vrouwen. Internet geeft hen alleen een middel om dat massaler, sneller en feller te doen. Of om zichzelf op te peppen voordat ze de straat op gaan en vrouwen dood schieten.
  • Autostraddle zette de 50 beste feministische boeken van 2018 op een rijtje. In de lijst staan een aantal titels die gelukkig al in het Nederlands vertaald zijn. Zoals Mijn jaar van rust en kalmte, geschreven door Ottessa Moshfegh. Of Circe, van Madeline Miller, bekroond met de Hebban lezersprijs. Rode Klok, van Leni Zumas. Andere boeken wachten nog op de vertaalslag. Zoals She Would Be King van Wayétu Moore, over de eerste jaren van wat nu de staat Liberia is.
  • Lithub publiceerde in 2018 talloze lezenswaardige artikelen. Ik heb al vaker aandacht besteed aan deze site omdat er zoveel interessants te vinden is. Zoals analyses van ophef over #metoo – ‘ze’ gaan te ver! Eh… nou nee. Het blad besteedt regelmatig aandacht aan poëzie van vrouwen uit inheemse gemeenschappen. Een mooie manier om kennis te maken met het werk van dichters zoals Abigail Chabitnoy, Tria Blu Wakpa, Heather Cahoon, and Sara Marie Ortiz, om er maar een paar te noemen. Maar ook politieke onderwerpen, zoals de impact van politiegeweld op zwarte vrouwen. En hoe mannen betere feministen kunnen worden. En wat te doen met bedrijven die feminisme gebruiken om spullen te verkopen, het zogenaamde ‘commerciële feminisme‘.

2019 brengt vast ook weer talloze mooie artikelen en essays vol nieuwe inzichten. Maak er een goed jaar van!

Mentale patronen zijn hardnekkig

Zelfs als je je bewust voorneemt iets te doen met diversiteit, kan het nog gedeeltelijk ”mis” gaan. Dat blijkt onder andere uit de ervaringen van auteurs die vaker vanuit het perspectief van een vrouwelijke hoofdpersoon willen werken, of lezers die meer schrijfsters willen ontdekken. De mentale patronen zijn hardnekkig. Je moet echt willen, want zodra je terugzakt in automatismen steekt de oude mannelijke, blanke canon weer de kop op…

Een mooi en hoopgevend voorbeeld biedt Anne Polkamp, een 29-jarige promovendus in de filosofie. Zij is op dit moment bezig met een papieren wereldreis – fictief ieder continent bezoeken en een roman uit ieder land lezen. Het was nadrukkelijk haar bedoeling de canon van blanke mannelijke auteurs te omzeilen en meer romans te lezen van vrouwen en mensen m/v/x met een gekleurde huid. Dat betekende dat ze per land bewust zocht naar andere stemmen dan de klassieke romans van gevestigde mannelijke auteurs.

Dat bewuste streven zorgde meteen voor verbetering. Oorspronkelijk bevatte haar boekenkast 78% mannelijke auteurs, voor 88% afkomstig uit Europa, Noord-Amerika of Australië en voor 95% blank. Na de eerste etappe van haar wereldreis zag de stapel van 32 gelezen boeken er al heel anders uit. Het aandeel vrouwen verdubbelde, van 22 naar 44%. Ook had ze veel meer werk gelezen van auteurs met een gekleurde huid.

Ondanks de verdubbeling was dat percentage van 44 voor Polak een teleurstelling. Ze had zo gericht gezocht naar schrijfsters, dat ze verwacht had dat ruim de helft van de boeken uit de pen van een vrouw was gevloeid. Nee dus:

Ik telde nog een keer, en nog eens, maar het resultaat bleef hetzelfde. Zou de literatuur zo worden gedomineerd door mannen dat ik zelfs in een project waarin ik nadrukkelijk op zoek ga naar extra veel vrouwen, niet verder kom dan 44%? Waar zijn alle vrouwen uit de wereldliteratuur?

De dominantie van mannen bleek hardnekkig. Daarom stelde ze haar plan bij. Voortaan neemt ze ook non-fictie mee bij haar keuze voor een boek uit een specifiek land. En welk land ze ook aan doet op haar literaire wereldreis, voortaan zal ze louter werk van schrijfsters lezen:

Het punt is niet dat ik mannen wil negeren. Het punt is dat ik vrouwen al bijna dertig jaar negeer. Het is tijd om te horen wat zij te zeggen hebben.

De hardnekkige blanke mannelijke dominantie komt niet alleen voor bij lezers, maar ook bij auteurs zelf. Zo sprak de recent overleden science fiction schrijfster Ursula Le Guin openlijk over haar worsteling om een verhaal te vertellen vanuit een vrouwelijke hoofdpersoon, en bij ‘magiër’ niet volautomatisch een beeld te krijgen van een blanke man. Zeg maar de SF en fantasy variant van ‘de manager is een man’ beeldvorming.

Zo gaf ze de held van de Aardzee-cyclus wél een gekleurde huid, maar de hoofdpersoon bleef een man. Pas in een later geschreven deel krijgt een vrouw een leidende rol in het verhaal. Ook bij De Linkerhand van het Duister viel ze terug op het mannelijke als norm. Ze schiep een androgyne maatschappij, waar buitenaardse wezens het grootste deel van de tijd sekseneutraal leven, maar bleef de personages in die situatie omschrijven met ‘hij’.

Later betreurde ze die taalkundige keuze. Ze werkte aan een gedachte-experiment, legde ze uit in een essay, en hoewel er veel goed ging, erkende ze dat haar roman op dit punt te wensen over laat. Naast de keuze voor ‘hij’,  toont ze de belangrijkste alien ook terwijl hij bezig is met activiteiten die we in onze cultuur associeren met mannen. Hij werkt in de politiek als premier, ontsnapt uit een gevangenis, trekt een slee over een ijsvlakte. De science fiction wereld die ze schept, komt zodoende zeer mannelijk over. Pas op latere leeftijd lukte het Le Guin om zich te ontworstelen aan dit soort oude patronen. Ze creëerde meer vrouwelijke personages en gaf die ook een dragende rol in haar romans en korte verhalen.

Kortom, het vergt een zekere inspanning, maar wie wil, komt er uiteindelijk wel.

Meer diversiteit in vier eenvoudige stappen

Van een filosofisch vakblad met maximaal 21% vrouwelijke auteurs en 0% mensen met een gekleurde huid, naar een vakblad met 54% vrouwelijke auteurs en 11% auteurs met een gekleurde huid. In een paar jaar tijd. Vooruitgang kán, toont Rebecca Kukla aan. Deze professor Filosofie aan de Georgetown University werd hoofdredactrice van het Kennedy Institute of Ethics Journal en maakte het tot haar missie meer diversiteit te bereiken. Dat lukte door vier stappen consequent door te voeren.

Rebecca Kukla

Toen Kukla het roer van het tijdschrift voor Ethiek over nam, trof ze een traditioneel blank mannelijk landschap aan. Stap 1 was dan ook: het net verder, dieper en breder het water in gooien en actief op zoek gaan naar filosofen uit andere hoeken. Dat lukte door een aantal themanummers uit te brengen over actuele onderwerpen. Zo besteedde het Ethics Journal aandacht aan de Amerikaanse verkiezingen. Trump levert een goudmijn op als je het wil hebben over ethiek, en niet alleen de geijkte vaste waarden in de filosofie schreven over de gang van zaken in 2016. Via de themanummers kon de redactie een jonger, diverser auteursbestand opbouwen.

Stap 2 was de introductie van boekrecensies. Kukla en haar medewerkers besloten bewust op zoek te gaan naar publicaties vanuit gemarginaliseerde groepen, met onderwerpen op het gebied van ras, etniciteit, feminisme, (politieke) repressie, anti-fascisme enzovoorts. De redactie kan zelf kiezen wie de recensies schrijft en zorgde ervoor dat uitnodigingen terecht kwamen bij andere deskundigen dan de geijkte blanke mannennamen van de standaard namenlijstjes.

Stap 3: het landschap zelf veranderen. Tot Kukla’s komst kondigde het blad zichzelf aan als een publicatie op het gebied van ethiek, met in ieder nummer gangbare filosofie op dat terrein. In overleg veranderde Kukla dit echter in ‘toegepaste filosofie’, een veel breder begrip, met een grotere nadruk op de praktijk, op wat er in de wereld gebeurt, en op actuele thema’s. Door deze verbreding kon ook de auteurspool breder en diverser worden.

Tot slot stapte het blad af van een ingewikkeld systeem van anoniem inzenden. Normaal gesproken zijn er drie lagen van anonimiteit, waarbij ook de hoofdredactrice niet weet wie welk stuk in zond. De filosofie wereld is echter behoorlijk klein. Zodra iemand een niet gangbaar onderwerp heeft of een herkenbare eigen schrijfstijl, heeft anoniem inzenden en behandelen nauwelijks zin. Iedereen die ingevoerd is in het wereldje, snapt meteen dat als het over onderwerp X gaat, het stuk hoogstwaarschijnlijk van Y afkomstig is, want Y is de enige in haar vakgebied die zich met X bezig houdt. Anonimiteit is dan een mythe. Leuk in theorie, maar in de praktijk werkt het niet altijd.

Om die reden zorgt Kukla er tegenwoordig voor dat redacteuren artikelen zoveel mogelijk anoniem beoordelen, maar dat zijzelf wél weet wie het schreef. Dat stelt haar in staat kritiek te voorzien van een context, en soms te verwerpen omdat onbewuste vooroordelen een rol zijn gaan spelen. Daarnaast kan ze auteurs de helpende hand toesteken. Soms heeft een stuk enorme kwaliteiten, maar komt het niet goed uit de verf omdat het taalgebruik niet op niveau is. In dat geval adviseert ze auteurs om een native speaker Engels te raadplegen en met die persoon de taal te fatsoeneren. Iemand kan het stuk dan opnieuw indienen en wie weet keurt de redactie het nu wel goed. In 85% van de gevallen komen artikelen niet door de ballotage heen, signaleert Kukla, dus de kwaliteit blijft hoog. Maar auteurs met achterstanden krijgen een eerlijkere kans.

Dit alles laat ook zien dat er een vijfde ingrediënt nodig is. De wil om te veranderen, om ook het werkterrein fundamenteel te veranderen, zodat meer mensen kansen krijgen. En dat volhouden en blijven waken voor de terugkeer van conservatieve denkpatronen, waardoor je terug kunt vallen in het standaard blank mannelijke repertoire. Daarover meer in een volgend stuk.

Is Kukla er nu? Nee. Van 0 naar 11% is een mooie stap, maar ze vindt het aantal gepubliceerde artikelen van mensen met een gekleurde huid nog veel te laag. Daar is nog werk aan de winkel. Ook mag er nog wel wat meer ruimte komen voor auteurs met een handicap, of auteurs die zichzelf identificeren als transgender. Maar nu ze deze vier ontwikkelingen tot staande praktijk heeft gemaakt, is er een veel grotere kans dat méér mensen óók toegang krijgen tot het podium van een gerenommeerd vakblad. En dat is heel mooi.

Uniek: Jemisin wint derde Hugo op een rij

Auteur N.K. Jemisin leverde een unieke prestatie. Ze won de Hugo Award voor beste roman voor de derde keer achter elkaar. De Hugo geldt als een van de belangrijkste prijzen voor science fiction en fantasy. Het is nog nooit eerder gebeurd dat iemand deze onderscheiding zo vaak op een rij won. Ook in andere categorieën deden schrijfsters het dit jaar buitengewoon goed: ze wonnen zo’n beetje alle prijzen die er dit jaar te vergeven waren.

Foto: Barnes & Noble

Jemisin sloeg haar unieke drieslag met de Broken Earth cyclus, over een door vulkanisch geweld geteisterde wereld. Bepaalde mensen, de zogenaamde Orogenes, kunnen die aardkracht beheersen. Andere mensen vrezen hen vanwege dit talent, maar hebben hen ook hard nodig om rampen te voorkomen. In die gespannen situatie volgt Jemisin de levens van een moeder en dochter, en hoe zij overleven terwijl de wereld een apocalyptische periode van vulkaanuitbarstingen, aardbevingen en andere ellende doormaakt. De Nederlandse vertalingen komen eraan: eind vorig jaar verwierf Luitingh-Sijthoff de rechten dus je kunt deel 1, Het Vijfde Seizoen, inmiddels in je eigen taal lezen. Hoera!

In haar speech, bij de uitreiking van de Hugo, vertelde Jemisin dat ze bewust koos voor een verhaal over gebroken mensen, levend in een gebroken wereld, die moeten zien te overleven onder grimmige omstandigheden:

This has been a hard year, hasn’t it? A hard few years. A hard century. For some of us, things have always been hard. I wrote the Broken Earth trilogy to speak to that struggle, and what it takes just to live, let alone thrive, in a world that seems determined to break you. A world of people who constantly question your competence, your relevance, your very existence.

Als auteur met een gekleurde huid maakte Jemisin helaas vaak mee dat anderen haar niet wilden laten bloeien. (De racistische houding van Trump maakt het er niet beter op.) Zo was ze bijna geen auteur geworden omdat uitgevers haar debuutroman, Killing Moon, afwezen, vertelde ze in haar speech. De poortwachters van de ”echte” SF en fantasy beoordeelden dit boek in eerste instantie als iets waar zwarte lezers misschien belangstelling voor konden hebben, maar verder niet.

Net als haar hoofdpersonen ging Jemisin door totdat iemand wél open stond voor wat ze te zeggen had. En de rest is geschiedenis, zoals dat dan zo mooi heet. Echt, ik wil het liefst uitroepen ‘zie je wel?, nah nah nahnanaaaaaaaah’. Want ik promoot Jemisin al jaren op dit weblog omdat ik haar geweldig vind schrijven. Ze experimenteert met werelden, speelt met vertelperspectief, en ontwijkt keer op keer stereotiepe verwachtingen door met een onthulling alles wat je dacht onderuit te halen. Zulke gelaagde werken, en dan ook nog eens spannend en emotioneel, het kán. Literatuur hoeft niet droog en saai te zijn. Luitingh-Sijthoff, verwerf aub ook de vertaalrechten voor Killing Moon en deel 2, The Shadowed Sun. En de Inheritance Trilogy, waar een recensent over schreef:

Imagine my surprise then to discover that not only was I immediately pulled into Jemisin’s intensely vibrant world, which is so effortlessly realized, but like an addict following his first taste, I now intend to seek out everything else she’s ever published. And again, I don’t even like fantasy. Or so I thought.

Naast Jemisin wonnen ook andere vrouwen belangrijke prijzen. Martha Wells kreeg een Hugo voor haar novelle All Systems Red, over een sociaal onhandige robot met de betekenisvolle naam Murderbot. Inderdaad. Ga lezen als je meer wil weten 😉 De Hugo voor het beste korte verhaal ging naar Welcome to Your Authentic Indian Experience (TM), van Rebecca Roanhorse, een vertegenwoordiger van de inheemse bevolking van de V.S. maar zeker geen uitzondering. Mijn grote heldin Ursula le Guin won postuum een Hugo voor No Time to Spare, haar allerlaatste bundel essays en artikelen. En zo ging het door, de ene getalenteerde vrouw na de andere die terecht lof en eer voor haar werk kreeg. Kortom, het was een mooie dag bij de Hugo Awards. Doe je voordeel met de lijst van winnaars en genomineerde auteurs m/v/x, en veel leesplezier!

 

Jamie Li is gewoon erg slim

Ophef over vlogster Jamie Li. Haar ultieme tip in sexy, but tired, but sexy, een life style boek voor jonge vrouwen: mannen moeten hun zaad kwijt, dus vrouwen, maak zin in seks, ook als je eigenlijk niet wil, anders loopt hij bij je weg. Haar boodschap lijkt uit de middeleeuwen te stammen dus die ophef begrijp ik volkomen. Maar de bredere context is belangrijk. Li is gewoon erg slim. De jonge ZZP-er zag de cultuur waarin ze moet overleven en geld verdienen, en sloot bewust of onbewust een patriarchale deal. Ze is het symptoom, niet het probleem.

Trouwe lezers van dit blog kennen waarschijnlijk wel de rubriek De Gereedschapskist, waarin ik steeds een term uit de feministische wetenschap behandel. Woorden zijn namelijk van levensbelang: ze maken iets zichtbaar. Pas als het zichtbaar is, kun je het misschien aanpakken. Zo bestonden er eeuwenlang geen termen voor de situatie in een huwelijk, waarbij een vrouw geen zin had in seks en een man toch haar lijf opeiste. Desnoods met geweld. Pas in de jaren zestig en zeventig kwamen feministen met een woord voor dit type gedrag: verkrachting binnen het huwelijk. Ze problematiseerden deze gang van zaken. Inmiddels is het strafbaar (sinds 1991).

In dit geval heeft de hele situatie rond Jamie Li alle kenmerken van een ander fenomeen, waar we sinds een paar jaar een term voor hebben. Te weten de patriarchale deal. Website Sociological Images omschrijft deze strategie als volgt: een patriarchale deal is een beslissing om rolpatronen die vrouwen benadelen, te accepteren, in ruil voor ieder beetje macht wat een individu los kan peuteren uit het systeem. Het is een individuele strategie, bedoeld om het systeem ten eigen bate te manipuleren, terwijl het systeem zelf intact blijft.

De vrouwen die zo’n deal sluiten, doen dit meestal omdat ze iets in hun mars hebben. Neem Jamie Li. Ze richtte Quarter Magazine op. Ze werkte een tijdje bij Sanoma Media, als beauty & lifestyle editor, en beschikte daardoor al snel over een sterk netwerk onder Bekende Nederlanders (zoals Katja Schuurman). Toen ze sociale media op zocht en haar eigen merk werd, boekte ze al snel succes. Kortom, duidelijk een leuke, goed uitziende vrouw met ambitie. Ze keek waar ze succes kon boeken, en ging in die richting aan de slag.

Heel toevallig zijn de dingen waar je succes mee kunt boeken, dingen die we als Nederlandse cultuur van vrouwen accepteren. Vrouw maakt Youtube filmpjes over make-up? Goed! Duizenden volgers! Vrouw zoekt kapitaal om haar onderneming uit te breiden: fout! Alleen mannen zijn serieuze ondernemers waar je serieus in investeert! Vrouw roept vrouwen op hun partner op afroep te pijpen, in de hoop dat hij dan misschien bij haar blijft? Goed, bestseller! Vrouw roept vrouwen op dat ze eigen wensen en behoeften hebben, nee mogen zeggen en dat mannen dat moeten accepteren? Eng, zure feministe, zeur!

Deze deal brengt Li als individu maximale winst: aandacht, volgers, inkomsten, een bestseller, een spannend leven waarbij je bijvoorbeeld een dagje op stap kunt met Ronnie Flex – bijna 470.000 keer bekeken toen ik keek.  In ruil daarvoor spuwt Li dit soort teksten uit: 

Mannen zitten altijd in kamp konijn. Als je [als vrouw] écht geen zin hebt, doordat je niet lekker in je vel zit of lichamelijke klachten hebt, dan heb ik geen praktische tips voor je […] Maar als dat niet het geval is, dan moet je zin maken. Want mannen moeten hun zaad kwijt.” […] „is de zak eenmaal geleegd, dan heb je de man terug waar je voor hebt getekend. Dan is-ie weer leuk en gezellig.”

Dit is dezelfde soort kul die SGP-ers, mannenrechtenactivisten en andere oerconservatieve fans van traditionele rolpatronen ook spuwen. Sterker nog, toen onvrijwillig celibataire mannen, Incels, besloten dat hun seksloze leven de schuld was van vrouwen en in het rond begonnen te schieten, stonden er meteen opiniemakers als Ross Douthat op met het voorstel om een soort seks-distributiesysteem in te stellen. Geef dat soort mannnen een vrouw die wél seks met ze heeft, dan stopt dat soort geweld vanzelf. Incels waren super enthousiast. Boeien, dat vrouwen mensen zijn met gevoel en verstand – verdelen die handel. Vergeleken bij dit soort gasten valt Li eigenlijk nog mee.

Laten we dit soort vrouwenhaat vooral blijven bestrijden waar we het tegenkomen. Ja, Li heeft het recht een boek te publiceren, waarin ze mannen reduceert tot hersenloze konijnen en vrouwen tot consumptiegoederen zonder een eigen wil. Anderen hebben het recht kritiek te uiten en te wijzen op het hoge gehalte seksisme van haar schrijfsels. Maar laten we breder kijken naar de cultuur die vrouwen als Li produceert. Alleen dan kunnen we meer doen dan symptoombestrijding.

Schrijfsters en lezeressen streven naar meer diversiteit in romantische verhalen

Miljoenen lezeressen verslinden romantische verhalen, en het uitgeven van romans in dit genre groeide uit tot een massale industrie. In dit feest van lezen en plezier beginnen zowel lezeressen als auteurs meer diversiteit te eisen. Nu de uitgeverijen nog. Want de diversiteit in de groep auteurs daalt gestaag. Onderzoek toont aan dat van de 3.752 romantische boeken, uitgegeven door de 20 toonaangevende uitgeverijen, slechts 6,2 procent geschreven werd door een auteur met een gekleurde huid.

The Ripped Bodice, een in romantische verhalen gespecialiseerde boekhandel, doet sinds twee jaar onderzoek naar de schrijvers van romantiek. Ze richtten zich op traditionele uitgeverijen. Uit hun analyse blijkt dat het percentage auteurs met een gekleurde huid daalt. In 2016 ging het nog om bijna 8 procent, vorig jaar 6,2.

De harde cijfers bevestigden voor getroffenen en geïnteresseerden een gevoel en een geleefde ervaring – nee ze waren niet gek, ze zagen het goed:

“There was a certain amount of relief from members of the community, including authors, bloggers, and readers who had been saying this was an urgent problem for years,” says Leah Koch, “and now have data to underscore their experiences. But ultimately, the numbers were very disheartening for a lot of people.” “The reaction from publishers was…quiet.” added Leah. “We’d like to see more active responses.”

In Nederland verschijnen veel uit het Engels vertaalde romantische boeken, dus de situatie zal hier niet veel anders zijn. Gezien dit gure klimaat is het extra leuk als mensen laten zien hoe het wél kan. Onlangs presenteerde de Drontense schrijfster Marijke Jansen bijvoorbeeld de bundel Brave New Love, met daarin tien liefdesverhalen waarbij diversiteit centraal staat. Sinds vorig jaar beschikt Nederland ook over de eerste uitgeverij die zich specifiek richt op lesbische romantiek. Het betreft Tinteling FEM, een imprint van Tinteling Romance.

Ook in de V.S. komt de situatie langzamerhand in beweging. Volgens de New York Times beraden Harlequin en Avon, twee grote uitgeverijen, zich op maatregelen om de auteursgroep minder blank te krijgen. Het onderwerp stond onlangs ook hoog op de agenda van een congres van de Romance Writers of America, in Denver. Fans van het genre doen er ondertussen alles aan om boeken aan te bevelen die meer diversiteit bieden, en auteurs als Jeannie Lin en Beverly Jenkins te promoten. Een site als Smart Bitches, Trashy Books neemt diversiteit standaard mee in recensies, en geeft verhalen een lagere score als ze racistische en seksistische elementen bevatten.

Stapje voor stapje komt zo de vooruitgang tot stand. Want gebrek aan diversiteit is een probleem van mensen, en mensen kunnen er iets aan doen. Zo is het onderzoek van Ripped Bodice vol lof over Crimson, onderdeel van uitgeverij Simon & Schuster. Deze imprint slaagde er in 2017 in om maar liefst 29.3% van de gepubliceerde romans te laten schrijven door een auteur met een gekleurde huid. Zie je? Het kan best. Moge veel uitgeverijen dat goede voorbeeld volgen.

Kwart WW1 gedichten kwam van een vrouw

Engelstalige vrouwen schreven een kwart van de gedichten in en over de Eerste Wereldoorlog in Engeland. Wow, dat wist ik niet. Zoals zovelen dacht ik bij Engelse poëzie over die Grote Oorlog automatisch aan mannen zoals Wilfred Owen. Maar zoals de BBC benadrukt, vertegenwoordigden deze mannelijke militairen een minderheid. Ze kwamen niet verder dan 20% van de ‘productie’. Dat hun werk desondanks zo dominant is, komt door de manier waarop de canon tot stand kwam.

Dichteres Charlotte Mew

Canon-vorming komt tot stand op basis van status en macht. Zo ook hier. Militairen, zeker vanuit de hogere rangen zoals officier, stonden zeer hoog in aanzien in het Engeland van rond 1914. Zelfs als ze, zoals Owen, nauwelijks bekend waren als dichter in hun eigen tijd, kregen ze daarna alsnog een podium. De literaire elite hees de militaire mannen op een schild, onder andere door hun gedichten te bundelen en te publiceren. Vrouwen kregen geen plek in die prestigieuze overzichten.

Dus voilà, wie op school gedichten krijgt uit en over de Eerste Wereldoorlog, krijgt Wilfred Owen en collega’s voorgeschoteld. Engelse (maar ook Nederlandse) leerlingen horen of lezen niks van bijvoorbeeld Evelyn Underhill, die in haar gedicht ‘Non-combatants’ stelde: “Never of us be said/We had no war to wage.” Of Charlotte Mew, die net zo goed als Owen de vernietigende effecten van oorlog beschreef.

Langzamerhand beginnen mensen te morrelen aan dat beeld van ‘oorlogspoëzie = mannen zoals Owen’. Website Allpoetry zette een aantal dichteressen op een rijtje, met  links naar hun gedichten. De universiteit van Leicester publiceerde een speciale paper, om aandacht te vestigen op de stem van vrouwen. Volgens de universiteit

We are engaged in a process foreseen in 1918 by Eleanor Farjeon: ”Men will begin to judge the thing that’s past As men will judge it in a hundred years.” The quotation chosen to head this Bookmark may seem to be deliberately provocative, but even the most diligent reader of the poetry of the period would be hard-pressed to find any popular anthology that includes the work of a single female poet and might be tempted therefore to add to the quotation used, ‘or cared what they wrote’.

Tegenwoordig raken mensen zelfs een beetje los van het Westelijk front. De Eerste Wereldoorlog speelde zich op zeer veel fronten af, in allerlei andere landen dan België/Frankrijk/Duitsland. De gedichten die uit de koloniën en andere verder weggelegen fronten komen, beginnen ook aandacht te krijgen.

Het gaat niet snel, dat bijsturen en verbreden van de klassieke canon, maar het gebeurt. Vooruitgang!

Boeken! En nog meer boeken!

Lezen, heerlijk… In de zomervakantie heeft iedereen hopelijk wat meer tijd om in andere werelden te duiken. En het leukste is dat je daarna boekentips kunt delen met andere lezers. Hieronder de mijne…

Maria Dermoût

Nog Pas Gisteren, Maria Dermoût. Bij een afgeschreven-boeken-verkoop in de bibliotheek trof ik een bundel aan met haar verzamelde werk. Ik had nog nooit van deze Nederlands-Indische schrijfster gehoord. Dat zegt vooral iets over mijzelf en mijn ouwe docent Nederlands, die alleen de selecte club universelen interessant vond en verschrikt opkeek toen ik een boek van Helen Knopper op mijn leeslijst zette – hij had nog nooit van haar gehoord, terwijl ze ook destijds al verschillende werken had geschreven.

Ook Dermoût hoorde duidelijk niet bij het standaard curriculum, wat een gemis in mijn opvoeding was. Want ik heb nog een aantal verhalen en romans te gaan, maar de novelle Nog Pas Gisteren smaakte al zeker naar meer. In krap negentig pagina’s schetst Dermoût door de ogen van een jong meisje een beklemmende koloniale wereld, die op instorten staat. Dermoût maakt optimaal gebruik van het verschil in kennis, ervaring en inzicht tussen het jonge meisje en jij, de volwassen lezer.

Het meisje gist naar het waarom van de houding van familieleden ten opzichte van elkaar. Als lezer moet je ook een beetje gissen, maar kun je een heel eind komen – verboden relaties, overspel, huwelijken die net als de bredere situatie op instorten staan. De hoofdpersoon snapt niet precies waarom vertrouwde inheemse mensen opeens kil doen en vertrekken. Als lezer snap je het wel: de politieke situatie verandert en mensen zijn het zat om voor blanke plantagehouders te werken.

Bij Nog Pas Gisteren had ik dezelfde leeservaring als bij Een Dwaze Maagd van Ida Simons: het verhaal besluipt je van achteren. Het begint klein en onschuldig. Je denkt tralalala, valt wel mee. Om vervolgens in de laatste pagina’s WHAM een emotionele uppercut te krijgen van heb ik jou daar.

In Trainwreck analyseert feministe en journaliste Sady Doyle het fenomeen van de Gevallen Vrouwelijke Beroemdheid. Zij ziet in de tragedies rondom Marilyn Monroe, Britney Spears en Amy Winehouse de manier waarop de samenleving vrouwen afstraft als ze het wagen de openbaarheid op te zoeken. Magazine The Atlantic publiceerde een lovende bespreking van dit boek en put hoop uit het feit dat de gang van zaken rond huidige beroemdheden wijzen op een verandering ten goede:

the female celebrities who are ascendant today are dominant precisely because they have studiously avoided, for the most part, the Spearsian style of public downfall. Beyoncé, Taylor, Rihanna, Angelina, Shonda—these women are, for the most part, deeply in control of their own stories and images. […] …they serve less as icons of fallen femininity than of what may well be the new regime: one in which women set their own agendas.

Ingetogen en mooi: The sister : a novel based on the life of Alice James van Lynne Alexander. Kun je een mooi boek schrijven over een 19e-eeuwse vrouw die, vanwege pijnlijke zware menstruaties en andere aandoeningen het grootste deel van de tijd op bed ligt? Ja, bewijst Alexander. Ze kruipt helemaal in de fictieve denkwereld van de echt bestaande Alice en geeft zo een inkijkje in het bestaan van iemand die niet bekend werd, zoals haar schrijvende broers, maar die een zeer rijk innerlijk leven leidde en zich staande hield, ondanks al dat op bed moeten liggen. Lastig te beschrijven boek, lees het 😉

De Ancillary trilogie, van Ann Leckie… Mooie, spannende boeken, waar ik eerder al aandacht aan besteedde. Tijdschrift Vileine noemt ze een instant classic en gelijk hebben ze.

En de winnaars van het beste Groninger boek 2018 zijn… twee winnaressen, te weten Nhung Dam en Karin Sitalsing! Dam is theatermaakster en deed onlangs nog met een productie mee aan Oerol. In Duizend Vaders, haar literaire debuut, schrijft ze hoe een 11-jarig vluchtelingenkind zich probeert te handhaven in een nieuw land, Groningen. Sitalsing ging in haar non-fictieboek Boeroes op zoek naar de levens van de ‘gewone’ blanke Surinamers. Geen rijke plantagehouders, maar arme sappelaars die in de negentiende eeuw naar Suriname reisden in de hoop op een beter leven – en dat meestal niet vonden.

Tot slot een inspirerend idee. Anne stond voor haar boekenkast en telde, onder andere geïnspireerd door de Lezeres des Vaderlands, het aantal vrouwen, mannen en nationaliteiten dat op de planken stond. Dat bleek bedroevend weinig. Haar collectie was 78% man en 95% blank. Dus besloot ze op wereldreis te gaan:

Ik zal dwars door Afrika trekken, kriskras door Azië en eilandhoppend door Oceanië. Niets bijzonders, zou je denken, behalve dan dat mijn vervoermiddel geen vliegtuig maar papier zal zijn en mijn gids geen Lonely Planet maar een schrijver uit elk land ter wereld. Ik ga op reis door de wereldliteratuur.

Per land zoekt ze mooie romans uit – zie hier de lijst tot nu toe. Daarbij werd al snel duidelijk dat een Nederlandse lezer die meer wil dan standaard, er soms bekaaid vanaf komt. Zo verscheen haar keuze voor het Afrikaanse land Gabon, een roman geschreven door Angèle Rawiri, alleen in het Frans en in een Engelse vertaling. Fijn dus dat ze een weblog bijhoudt over haar literaire avontuur, dan weten we in ieder geval van het bestaan van een titel en kun je daarna makkelijker zelf iets zoeken en vinden.

Ophef boekenweek is teken van vooruitgang

De moeder, de vrouw. Dit thema van de boekenweek 2019 leidde, tot verbazing van organisator CPNB, tot ophef. Ik vind die ophef een teken van vooruitgang. Twintig jaar geleden zouden de meeste mensen niet met hun ogen geknipperd hebben en een instantie klakkeloos z’n gang hebben laten gaan. Nu niet. Het wemelt op twitter van de protesten, 300 auteurs en uitgeverijen publiceerden een protestbrief in NRC Handelsblad en De Morgen, en boekhandel Savannah Bay gaat een eigen boekenweekthema bedenken. Met een door vrouwen geschreven boekenweekessay – en geschenk.

Bij alle reacties die tot nu toe verschijnen licht ik graag een paar thema’s uit. Allereerst de veelbetekenende reactie van de stichting Collectieve Propaganda voor het Nederlandse Boek. De CPNB liet in een interview weten dat ze de ophef niet aan zagen komen en waarschijnlijk de verwoording van het thema onderschat hebben:

We wilden de veelkantigheid van het moederschap laten zien. ‘De moeder de vrouw’ uit het gedicht van Nijhoff vonden we een mooie literaire verwijzing. We dachten dat het duidelijk zou zijn. Maar allerlei discussies zijn door elkaar heen gaan lopen.’

De CPNB maakt hiermee pijnlijk duidelijk dat ze totaal gemist hebben welke lading deze termen hebben. Eeuwenlang was ‘de’ vrouw een groot probleem. Mannen schreven boeken vol over haar inferieure aard, losse zeden, hysterische emoties en leugenachtige sluwheid. Binnen die staat van zonde en slechtheid was het moederschap, naast non worden, de enige geaccepteerde positie van de vrouw. Allerlei geleerde mannen en kerkvaders schreven voor hoe belangrijk het was dat vrouwen trouwden en kinderen kregen en hoe ze vervolgens moesten zijn. Deze belerende teksten stonden bol van woorden als dienen, verzorgen, gehoorzamen, zwijgen, de man volgen, al dan niet religieus bekrachtigd met Bijbelteksten.

Tot op de dag van vandaag benutten mannen met macht hun podium nog steeds om uit te leggen waarom ze vrouwen minderwaardig vinden. En gebruikt een bepaalde groep mensen ‘moeder de vrouw’ nog steeds om te verwijzen naar de vrouw die zichzelf helemaal wegcijfert om voor zijn kinderen en voor hem te zorgen. ‘Moeder de vrouw’ heeft geen eigen naam, haar taak en functie zijn belangrijk, niet zijzelf als persoon, zoals deze cartoon treffend parodieert:

Hoe seksistisch dit de vrouw de moeder/moeder de vrouw is, weet je meteen als je andere varianten probeert. Je hoort nooit ‘vader de man’ of ‘dochter het meisje’, signaleert Paulien Cornelisse. Inderdaad, en daarom ben ik rond dit boekenweekthema zo blij met de protesten. ‘De moeder’, ‘de vrouw’ zijn terecht zeer problematische begrippen geworden, en vrouwen eisen het recht op om hier zelf iets over te zeggen te krijgen. Dat het CPNB de ophef niet aan zag komen zegt alles over het CPNB. Nederlandse vrouwen en veel mannen zijn inmiddels een stapje verder.

Andere tegenreacties over de ophef spreken ook boekdelen. Özcan Akyol benutte zijn podium als columnist van het AD om vrouwen die aanstoot nemen tegen het boekenweekthema, te betichten van hysterie. Dit woord duikt regelmatig op als vrouwen in verzet komen tegen onrecht. Ze hebben geen terechte aanklacht, nee, ze zijn hysterisch. Het is naast ‘hoer’ hét etiket om vrouwen te diskwalificeren en terug in hun hok te meppen.

Akyol haalt nog een ander seksistisch geintje uit in zijn opiniestuk. Hij verklaart vrouwen zo sterk, nobel en ”veel subtieler dan mannen”, dat ze dit soort protesten helemaal niet nodig zouden hebben. Ook dit type argument kent een lange geschiedenis. Opleidingen, hadden vrouwen niet nodig. Stemrecht ook niet, want de vrouw had al genoeg invloed als moeder en echtgenote. Politiek was zo’n smerig bedrijf, daar moesten edele vrouwen met hun tere aard helemaal niks van willen weten, ze waren zo goed en hoogstaand dat ze dat maar beter konden overlaten aan mannen. Opnieuw, brrrrrrr.

Tot slot de ja-maar types die de protesten verdraaien. Mogen mannen dan niet schrijven over vrouwen en moeders? Boehoehoehoe, identiteitspolitiek, de creativiteit gaat ten onder aan politiek correct geleuter. Dit is een favoriet argument van conservatieven om alle pogingen af te slaan om meer diversiteit te bereiken. Daarbij vergeten ze gemakshalve dat zijzelf ook aan identiteitspolitiek doen: de identiteit van de blanke man die kan terugvallen op zijn machtspositie als de neutrale standaard, de objectieve brenger van universele waarheden – terwijl alles aan elkaar hangt van subjectiviteit, blinde vlekken, de angst om privileges en macht te verliezen, enzovoorts. Zeg maar de profiteur van het informele mannenquotum aan de top van het bedrijfsleven of de politiek, die tegen een vrouwenquotum is want ‘we moeten alleen voor kwaliteit gaan’. Zoals Mark Rutte.

De CPNB heeft inmiddels in een verklaring laten weten te willen kijken hoe ze een positieve wending kunnen geven aan het thema van de boekenweek. De stichting gaat graag in gesprek met de ondertekenaars van de protestbrief. Misschien lukt het om tot ”creatieve oplossingen” te komen, hoopt de CPNB. Nog beter lijkt mij: beter voeling houden met de maatschappij, zich bewust worden van seksisme, en vanaf nu boekenweekgeschenken – en essays jaarlijks 50-50 door mannelijke en vrouwelijke auteurs laten schrijven.

De dominantie van de dikke historische mannenboeken

Wil je weten hoe een door mannen gedomineerde canon tot stand komt? Dan kun je dat nú zien – het mechanisme is in werking gezet- rond historische romans. Het vuistdikke Reconquista van Miquel Bulnes. Musch, het vuistdikke eerste deel van een trilogie over het leven van Johan de Wit. Tafels in boekhandels bezwijken bijna onder het gewicht van deze Serieuze Historische Romans. Ik kan me niet herinneren dat de nieuwste Simone van der Vlugt  ooit zo breed gepromoot werd. Haar romans verschijnen, maar als Bulnes en co kloeke historische romans met mannelijke hoofdpersonen publiceren is dat een Evenement met hoofdletter E.

Het lijkt er sterk op dat mannelijke auteurs profiteren van een sociale en geschiedkundige context: mannen zijn de serieuze historici en leveranciers van Echte Boeken.

Geschiedenis als vak: Zowel wetenschapster Maria Greve als, jaren later, Suze Zijlstra, constateren dat mensen een duidelijke beeldvorming hebben over wie er over de geschiedenis gaan. Zeg ‘geschiedkundige’ of ‘historicus’ en de meeste mensen denken automatisch aan mannen, onderzochten zij. Mannen organiseerden zich in historische genootschappen en verkregen leerstoelen aan de universiteiten. ”Bronnenonderzoek in archieven en bibliotheken werd beschouwd als een heroïsche zoektocht van vastberaden mannen naar ware historische kennis”, schrijft Greve.

Echte Romans: Corina Koolen deed onderzoek en constateert dat literaire kwaliteit nauw verbonden is met mannen. Vrouwen schrijven net als mannen, maar lezers, uitgeverijen en recensenten willen dat niet zien. In hun beleving missen vrouwen steevast de X-factor die de mannelijke auteur wél heeft. Vrouwen schrijven misschien wel leuk, of zijn populair, of verkopen goed, maar literatuur… meh. Vervolgens krijgen mannelijke auteurs met hun Literaire Roman de literaire eer. En de prijzen. En het geld.

Binnen deze tweedeling tussen universele romans van mannen en genderspecifieke romannetjes van vrouwen, hebben mensen m/v ook duidelijke ideeën over wie over welk soort onderwerp mogen schrijven. Greve:

Slechts enkele uitzonderlijke vrouwen zouden in de ogen van de critici beschikken over voldoende kennis om zich in staatkundige en historische verschijnselen te kunnen verdiepen. In het algemeen diende de vrouw niet over economie, politiek of geschiedenis maar over ‘kalmer tooneelen’ te schrijven.

Dat gold voor de negentiende eeuw, maar deze mentaliteit leeft voort, ontdekte Koolen.

Misschien niet zo vreemd dat mannelijke auteurs direct en indirect baat hebben bij deze mannelijke geschiedenis en erkenning van literaire kwaliteit bij mannen. Zij passen naadloos in het onbewuste beeld van het soort mensen dat zich met geschiedenis en literatuur bezig houdt. Ze komen terecht in een gespreid bedje. Bulnes’ roman Reconquista, over de strijd tussen zuidelijke Mohammedanen en noordelijke Christenen in het middeleeuwse Spanje, werd volgens zijn uitgever groots besproken. Zijn voorganger, Het bloed in onze aderen, belandde in 2012 op de shortlist van de Libris Literatuurprijs. Op dit moment lopen de media ook warm voor Jean-Marc van Tol met zijn historische roman over Johan de Wit. ”Je reinste Game of Thrones”, hijgt Vrij Nederland.

Ik denk dat het ook te maken heeft met marketing. Neem de omslag van Musch: een kloek, ”mannelijk” ontwerp in donkere kleuren, met grote strakke letters en een koninklijke vogel. Alles zegt ‘serieuze roman, Kwaliteit’:

Vergelijk dat met de gemiddelde kaft van een historische roman van een schrijfster zoals Simone van der Vlugt:

Lichte kleuren, roze, bloemetjes, een bevallige vrouwenhand, alles roept ‘vrouwelijk’. Misschien zelfs wel ‘chicklit’ – een frivool genre met boeken die geen man wil lezen. Nergens zegt een recensent zoiets als ‘net Game of Thrones’. Terwijl omschrijvingen daar wel aanleiding toe kunnen geven. Zoals deze omschrijving bij de roman ‘De Dochter van de Zeemeermin’ van Lydia Rood: ”1403, de Middeleeuwen: een tijd van oorlog, bijgeloof en van strijd om de troon”.

Ik gun Bulnes en Van der Tol alle aandacht van harte hoor. Hun boeken zijn vast goed en leuk om te lezen. En de historische roman is een prachtig genre. Maar het valt mij op dat de media en de boekhandels de Bulnes en Van der Tol heren wel érg op het schild hijsen. Zij krijgen alle ruimte van literaire bijlagen die, zoals de Lezeres des Vaderlands en anderen onderzochten, het werk van vrouwen negeren of alleen in kleine signalementen behandelen, terwijl mannelijke auteurs de belangrijke lange reportages krijgen. Dit terwijl het letterlijk wemelt van schrijfsters die in hetzelfde genre werken. Zie bijvoorbeeld deze lijst van Hebban.

Kortom, het is geen gelijk speelveld. En dat is erg vervelend, want als diezelfde door mannen gedomineerde recensentengroep en literaire experts-kliek de Canon van de Historische Roman opstelt, in de context van de man als de echte historicus en de man als de echte auteur, zul je zien dat mannelijke auteurs daarin domineren. We zijn er zelf bij – het mechanisme speelt zich op dit moment voor je eigen ogen af. Het is nu gaande. Wilde ik even signaleren….

Klassieker Joanna Russ krijgt nieuwe uitgave

Leve de universiteit van Texas! Die verzorgde een gedegen nieuwe uitgave van de klassieker ‘How to Suppress Women’s Writing” van Joanna Russ, met een voorwoord van Jessa Crispin. (In Nederland verscheen haar boek onder de veel mildere titel Andere Levens, Andere Letteren). Dit is geweldig nieuws, want wat Russ schreef over uitsluitingsmechanismen bij schrijfsters geldt net zo goed voor de situatie rond kunstenaressen, onderneemsters, wetenschapsters, opiniemaaksters enzovoorts. En is nog steeds akelig actueel.

Bron: Financieel Dagblad

Russ wijst er in haar boek op dat culturen echt wel veranderen en beschaafder kunnen worden. Zo hebben we sinds een paar decennia nauwelijks wetgeving die vrouwen expliciet en gericht uitsluit van bepaalde beroepen of bezigheden. Vrouwen blijven sinds de jaren vijftig handelingsbekwaam na hun huwelijk. Bijna niemand doet in het openbaar nog botte uitspraken dat vrouwen iets niet zouden kunnen, niet zouden mogen of niks voorstellen. Doet iemand dat wel, dan volgt (terecht) felle kritiek.

Je zou oppervlakkig gezien kunnen denken dat alles ok is. In de praktijk, stelt Russ, wéten we als samenleving echter heel goed wie iets mag zijn of doen, en wie niet. Zo zijn historici witte mannen, onderzocht Suze Zijlstra. Serieuze auteurs vinden we witte mannen, onderzocht Corina Koolen. Ondernemers vinden we witte mannen, analyseerde het Financieel Dagblad.

Vanuit dat wereldbeeld zijn vrouwen vreemde eenden in de bijt. Ze horen er niet bij. Duiken ze toch op, dan ontstaat er een probleem waar je zo snel mogelijk vanaf wilt. Russ zette voor de literaire wereld op een rijtje wat de acties zijn om het Serieuze Schrijverschap te behouden voor leden uit de correcte groep, namelijk witte mannen. Heel in het kort: ontkennen, belachelijk maken of afbreken, bijvoorbeeld door te zeggen dat ze inferieur werk aflevert, dat ze een waardeloos onderwerp uitkoos, dat ze slechts een eenzame uitzondering is, zich op de verkeerde genres richt, enzovoorts.

Lukt het om vrouwen af te schrikken of, als ze toch schrijven, in het hokje broddelaarsters te houden, dan heb je meteen een extra stok om vrouwen mee weg te slaan. Kijk, vrouwen mogen en kunnen alles maar doen het niet. Of ze doen het wel maar komen niet verder dan truttige romannetjes. Ze kunnen het blijkbaar niet. Ze spannen zich niet genoeg in. Zie je wel, mánnen zijn de serieuze auteurs.

Die manier van kijken en denken heeft voor vrouwen verstrekkende negatieve gevolgen. Anno 2018 ontdekte Corina Koolen dat lezers, recensenten en uitgevers nog steeds niet goed kunnen kijken naar het werk van schrijfsters. Mensen plakken allerlei seksistische etiketten op romans van schrijfsters en weigeren hun werk te erkennen als literatuur. Wat Russ kwalitatief analyseerde, trof Koolen even genadeloos hard aan in haar kwantitatieve onderzoek.

Wat schrijfsters overkomt, overkomt ook andere vrouwen die opduiken op plaatsen waar ze niet horen. Zo vinden we het in Nederland volstrekt normaal als er alleen blanke mannen aan tafel zitten bij talkshows op de televisie. Als er plotseling louter vrouwen aan tafel dreigen te komen, in het programma Buitenhof in dit geval, worden mensen zenuwachtig. Dus zegt de redactie één van de vrouwen af en laat voor haar in de plaats een man komen. Zo ver gaat onze cultuur om het plaatje weer een beetje te laten kloppen.

Vrouwen lopen niet alleen tv optredens mis, ze lopen vanuit het “mannen behoren X te doen” wereldbeeld ook geld en middelen mis om hun ambities te verwezenlijken. Vervolgens kan iedereen hoofdschuddend zeggen “tsja, ze kunnen en willen niet, vrouwen blijven liever bij hun gezin”.

Het Financieel Dagblad schonk bijvoorbeeld onlangs aandacht aan een fascinerend onderzoek naar het taalgebruik van investeerders. Mannen en vrouwen met macht (en geld) spraken met jonge ondernemers die kapitaal wilden werven om hun onderneming te starten of verder uit te bouwen. Na de analyse van talloze gesprekken bleek dat de investeerders bij ‘ondernemer’ aan mannen denken. Vrouwen zijn de vreemde eend, het klopt niet dat zij daar zitten als ondernemer. Daarna hijsen ze mannen in het zadel en wijzen vrouwen af:

De capaciteiten van vrouwelijke ondernemers werden stelselmatig omlaag gepraat, die van mannen omhoog. Mannelijke eigenschappen werden geassocieerd met ondernemerschap, vrouwelijke juist niet. Zelfs als het over dezelfde eigenschappen ging. Alsof – zo schrijven de onderzoekers – het imago van de vrouw ‘strijdig is met de persoonlijkheid van de entrepreneur’. Bijvoorbeeld: ‘Zoals alle vrouwen is ze voorzichtig. Ze durft niet.’ Over een man daarentegen: ‘Hij is voorzichtig, en dat is goed. Hij neemt weloverwogen beslissingen.’ Leeftijd en ervaring werden ook verschillend uitgelegd. Bij een vrouw negatief: ‘Ze is jong en heeft waarschijnlijk geen ervaring in het leiden van een business.’ Bij een man is dat iets positiefs: ‘Hij is een jonge kerel en heeft nog een veelbelovende toekomst voor zich liggen.’

De omgeving moet wakker worden, vooroordelen bijsturen en vrouwen eerlijker beoordelen. Dan pas verandert er écht iets en maakt een vrouwelijke canon of traditie een kans. Joanna Russ constateerde dat in How to Suppress Women’s Writing, en in Nederland kun je haar gelijk dagelijks ervaren door het nieuws te volgen en bijvoorbeeld dat onderzoek van Koolen te lezen.

Daarom top dat haar boek opnieuw breed verkrijgbaar is. Lees haar analyse, ken de argumenten om vrouwen buitenspel te zetten, en wees er alert op als je die mechanismen vervolgens tegen komt op kantoor, aan de talkshow-tafel, op je literaire platform enzovoorts. Want vrouwen zetten door en er is hoop op verbetering:

For hundreds of years, despite those odds against them, the “wrong” writers still manage to write. Likely it won’t be remembered long enough or taken seriously enough, but to read this book is to admire this buried tradition, and realize how much there is to be discovered — and how there’s no time like the present to look at the marginalized writers you might be missing. “Only on the margins does growth occur,” Russ promises, like the guide in a story telling you how to defeat the dragon. Get angry; then get a reading list.

Mooie artikelen van Literary Hub

Als feministe en lezeres geniet ik iedere keer opnieuw van het aanbod van Literary Hub. Deze site publiceert recensies en artikelen over literatuur, het boekenvak, schrijven en verhalen vertellen in de breedste zin van het woord. Daarbij komen allerlei thema’s aan bod, maar wat ik zo fijn vind is dat de site regelmatig aandacht besteedt aan gender, feminisme en de situatie van vrouwen. Graag link ik volgers van dit weblog door naar deze site en naar een aantal artikelen die mijn aandacht trokken. Hopelijk lees jij ze ook met evenveel plezier!

  • Feministe en auteur Rebecca Solnit levert regelmatig een bijdrage aan Literary Hub. Zij benadrukt onder andere dat wiens verhalen we vertellen, wiens perspectief centraal staat, een intens politieke kwestie is. Het zegt iets over machtsverhoudingen, over wat we als cultuur belangrijk vinden, wiens land het is en wie te gast is en zich aan moet passen aan de dominante groep. Daarnaast schreef ze de afgelopen tijd een paar belangrijke analyses over geweld tegen vrouwen, de toegeeflijke houding ten opzichte van agressieve mannen en #metoo.
  • Literary Hub doet erg haar best om blank westerse bubbels te vermijden of, als je daar toch in belandt, er weer zo snel mogelijk uit te stappen. Het aanbod is breed: Pakistaanse vrouwen op de arbeidsmarkt, het haar en de kapsels van zwarte vrouwen, of de polemische sluier, en vooral de politieke en sociale betekenis van zulke haar- en kledingdrachten, Cleopatra en hedendaagse vrouwelijke leiders, het werk van Audre Lorde en Clara Hale, de positie van ”buitenlandse schrijfsters” op de engelstalige markt (hint: hun werk wordt veel minder vertaald in het Engels dan dat van hun mannelijke collega’s), enzovoorts. Lees ook dit stuk van Rumaan Alam over haar schrijverschap.
  • Fiona Alison Duncan publiceerde een mooi artikel over het werk van onze eigen Nederlandse Etty Hillesum. Haar dagboeken zijn vertaald in het Engels, maar in tegenstelling tot de dagboeken van Anne Frank is haar werk niet heel bekend buiten een selecte kring van deskundigen en studenten: ”“I am accomplished in bed,” she writes. This is why, it’s been suggested, Etty Hillesum’s diaries aren’t, like those of her younger neighbor, part of the Holocaust canon.”
  • Linnea Hartsuyker gaat in op de orale verhalen en klassieke literatuur van de Vikingen. En hoe die verhalen en sages doorwerken in het leven van de mensen van nu, afstammelinge van die cultuur. De erfenis bestaat onder andere uit conflicterende emoties en ideeën rond vrouwelijkheid.
  • Dankzij Literary Hub hoorde ik voor het eerst van Moderata Fonte, een vrouw uit Venetië die in 1592 een feministische klassieker publiceerde. In De verdiensten van de vrouw gebruikt ze de literaire vorm van de dialoog om de positie van vrouwen in haar maatschappij te behandelen. Daarbij lanceert ze het nog steeds revolutionaire idee dat mannen en vrouwen gelijkwaardig zijn, maar dat mannen zo opgaan in de overtuiging dat zij superieur aan vrouwen zijn, dat ze dit fundamentele beginsel vergeten en onrecht begaan. Fontana hoort thuis in het rijtje van mensen zoals Christine de Pizan (1405/1410) en Mary Wollstonecraft’s Vindication of the Rights of Women (1792).
  • Literary Hub linkt je ook graag door naar vijf andere schrijfsters die feministische heldinnen zouden moeten zijn. Of tien fantasievolle feministische romans die creatief verzet kunnen bevorderen. Of, als dat verzet mislukt, dertig dystopische romans, geschreven door vrouwen of met vrouwen in de hoofdrol (op één na).
  • Lucinda Rosenfeld schreef een mooie analyse van het genre Chicklit. Ze noemt het ‘het genre dat beter verdiende‘. En speculeert dat het genre doorontwikkelt in iets nieuws: ”Instead of women searching for sex and love with the opposite sex, perhaps the genre might revolve around women simply trying to survive the opposite sex. Settings in a dystopian near future would be optional.
  • Hoe is het om als vrouw Oud-Griekse klassiekers te lezen en te studeren? Madeleine Miller kwam erachter dat ze dat alleen kon doen door zichzelf heel bewust af te sluiten voor de talloze keren dat deze literatuur haar confronteert met vrouwenhaat en seksisme. In het bijzonder de behandeling van de tovenares Circe in de Odyssee trof haar onaangenaam. Ze is machtig en slim, maar Odysseus hoeft alleen maar een zwaard te trekken en ze knielt huilend voor hem neer? Het leidde ertoe dat ze zelf, in een roman, een alternatief biedt: ”It took me 25 years from that first frustration to work out a reply, which turned into my second novel, Circe. In it, I got to write my own version of that scene, from Circe’s perspective. She still yields to Odysseus’s trick, that is a piece of the plot. But she does not kneel.”
  • Daniel Pryce dacht dat hij een hele goede science fiction roman had geschreven, met veel aandacht voor de vrouwelijke personages. Veel lezers stuurden inderdaad positieve reacties. Maar een vocale minderheid wees hem op seksistische elementen, en uiteindelijk moest de schrijver toegeven dat hij een paar dingen over het hoofd had gezien: ”The mistakes I’d made weren’t huge, but they weren’t new either. Most female readers have already seen them a thousand times before in a thousand other books. And therein lies the anger.” Hij nam de kritiek serieus en werd er een betere schrijver door. Eind goed, al goed.

Uiteraard hebben we ook in het Nederlandstalige gebied goede literaire websites. Zoals Tzum, één van de weinige sites die probeert schrijfsters en vrouwelijke recensenten evenredig aan bod te laten komen. Neem ook eens een kijkje bij Hebban.nl en hun overzicht van beste boekenbloggers van 2017, of hun analyse van de net uitgekomen Vrij Nederland detective- en thrillergids. Veel leesplezier!

Ode aan Renate Dorrestein

Ai wat een triest nieuws bracht uitgeverij Podium vandaag: schrijfster Renate Dorrestein is overleden. In mijn hart nam en neemt ze een bijzondere plek in. Niet alleen schreef ze spannende romans en goed doordachte essays vol waardevolle inzichten, maar voor mij vormde ze ook één van de toegangspoorten tot het feministische gedachtengoed. Onder andere haar bundel Korte Metten leverde veel stof tot nadenken – en toonde aan dat feminisme en humor vanzelfsprekend prima samen gaan.

Foto: Dagblad van het Noorden

Ik kocht Korte Metten destijds in een kringloopwinkel en viel als een blok voor de lichtvoetige maar kritische manier waarop Dorrestein allerlei sociale fenomenen onder de loep nam. De ware aard van de Nederlandse man, de volkomen ware stelling dat menstruatie niet fijn is, de diepere betekenis van de damestas, haar ervaringen tijdens lezingen over het feminisme (altijd een wantrouwig kijkende man die cijfers eist). Maar ook de vele kleine, persoonlijke observaties die aantonen hoe diep vrouwen geïndoctrineerd zijn om tegen de klippen op aardig te blijven, zich klein te maken en te navigeren in een vijandige wereld.

Een topcolumn uit haar bundel vind ik die over feministen en katten. ”Aan feministische personen zit zo dikwijls een poes vast, dat gesproken mag worden van een causaal verband”, schreef ze. Daarna schaamde ik me nooit meer voor het feit dat ook ik mezelf als feministe identificeer en mijn huis graag deel met een of meer katten. Sterker nog, ik sloot me meteen aan bij de Australian Cat Ladies toen die organisatie in 2013 werd opgericht. En streef nu naar een professioneel einde als kattenvrouwtje.

Dat is trouwens hard werken en veel geld sparen om na je pensioen aan de slag te gaan. Eén kat kost gemiddeld 400 euro per jaar, dus als je er een stuk of acht neemt zit je aan de duizenden euro’s. Behalve jaarlijkse vaccinaties zijn dierenarts-kosten niet meegerekend in dit gemiddelde. Mankeert Poekie dus iets en moet je medicijnen kopen of medische ingrepen betalen, dan zit je al snel ver boven dit gemiddelde. Kortom, het gaat hier om een serieuze ambitie waar je niet zomaar aan kunt beginnen. Je moet vooraf plannen, organiseren en je intensief voorbereiden om, eenmaal oud en verlept, een succesvol kattenvrouwtje te worden.

Een ander topboek vond ik haar feuilleton Voor Alles een Dame. Deze roman/almanak/…X… introduceerde me tot Katholieke vrouwelijke heiligen, recepten voor taart en gebak, en onnavolgbare verwikkelingen op een internaat voor moeilijk opvoedbare meisjes. Tussen alle bedrijven door eiste Dorrestein een plek op voor vrouwen om te doen en te schrijven wat ze willen, met respect voor hun eigen (literaire) tradities:

Van de Berliner bol naar het boek is, zo hebben we gezien, maar een kleine stap. Ook een literair werk geldt al snel als een misbaksel wanneer het anders smaakt dan binnen de gangbare conventies wenselijk wordt geacht. De auteur dient niet af te wijken van de norm. Maar dat is nu juist het probleem. Want hoe zou iemand die de last van eeuwenlang kool koken met zich mee zeult, niet kunnen verschillen van iemand met de lust van eeuwen dobbelen achter de knopen?

Dorrestein maakt dit punt niet voor niets. Analyses van recensies van haar werk tonen aan dat veel critici haar romans duidelijk niet begrepen en neersabelden met oordelen als ‘triviaal’, te veel ‘gemekker’ over voedsel en andere minachtende etiketten. Volgens Vooys volgen die recensies steevast hetzelfde patroon:

  • levensbeschrijving met veel aandacht voor het uiterlijk en de kledingkeuze van Dorrestein
  • dan wordt Dorresteins nieuw verschenen boek getoetst aan haar maatschappijvisie zoals die uit haar columns en vroegere bezigheden spreekt
  • welles-nietes gedoe over de sekseverhoudingen, het feministische gehalte van en het waarheidsgehalte in haar werk (getoetst aan wat de recensent feministisch of ‘waar’ vindt, alsof dat een universele, neutrale en objectieve visie is)
  • negatieve beladen waardeoordelen die vooral tegen vrouwen worden gebruikt, zoals ‘te boos’ en ‘drammerig’

Deze meestal mannelijke recensenten hadden geen oog voor de literaire traditie waar Dorrestein zich in wilde scharen en waarmee ze juist weerwoord leverde op gangbare oordelen. Zo geldt het feuilleton nog steeds als een inferieur genre, zeker als de hoofdpersonen vrouwen zijn: het zijn romantische niemendalletjes, soaps, sensatieverhalen, alles behalve Serieuze Literatuur met een hoofdletter L. Wat Voor Alles een Dame in mijn ogen alleen maar leuker en subversieve maakt: dat wat de gangbare kritiek neersabelt, omarmde Dorrestein juist en verhief tot schitterende hoogten.

De laatste jaren zijn literaire recensenten meer tot het inzicht gekomen wat lezeressen en lezers al lang hadden: dat Renate Dorrestein, mede oprichtster van de Anna Bijns prijs, een unieke stem was in de Nederlandse letteren. Haar laatste bundel, ‘Dagelijks Werk’, kreeg lovende kritieken. Dorrestein was toen al ziek. Ze benutte de tijd die ze nog had om voor de laatste keer haar eigen zegje te doen:

“stel je voor dat je na je dood, als je je niet meer kunt verweren, een biográáf achter je aan krijgt”.

Daarnaast geeft ze lezers een kijkje in de keuken van haar schrijverschap.

Heel erg dat dit de laatste ‘echte Dorrestein’ zal zijn. Vaarwel, Renate!

Toegift: dit mooie interview uit dagblad Trouw, van oktober vorig jaar.

Mannenliteratuur vertekent het vrouwbeeld

Onderzoek op basis van duizenden romans over een periode van 200 jaar wijst uit, dat mannelijke auteurs vrouwen meestal niet zien staan. Ze geven vrouwelijke personages maximaal dertig procent van de ruimte – meestal minder. Er zit geen vooruitgang in: mannelijke auteurs uit de Victoriaanse tijd schreven zelfs vaker over vrouwen dan nu. Dit draagt bij aan beeldvorming waarbij we de wereld zien door de ogen van mannen. Slecht nieuws voor vrouwen. Die zien zichzelf nauwelijks terug in verhalen, of worden geconfronteerd met gaslighting.

Gaslighting is een term voor een vorm van psychologische ondermijning. Door een genderbril bekeken: mannen die vrouwen aan zichzelf laten twijfelen door hen constant te vertellen dat ze niet weten wat ze weten, niet voelen wat ze voelen, dat ze zich dingen inbeelden, overreageren, slechte intenties hebben. Zie voor een Nederlands voorbeeld de SF serie Missie Aarde, waarin haar mannelijke collega’s het enige vrouwelijke bemanningslid van een ruimteschip mentaal door de mangel halen, net zolang totdat ze zelf ook gaat geloven in bepaalde vrouwvijandige mythes.

Sarah Churchwell schrijft in een mooi essay dat mannelijke auteurs in hun romans vaak terugvallen op gaslighting van vrouwen via vrouwelijke personages. Ze definiëren de wereld zoals hen dat als man goed uitkomt en reduceren vrouwen tot hysterische domme karikaturen en/of hulpjes van de man. Hun verwrongen vrouwbeeld steekt in verhevigde mate de kop op tijdens periodes, waarin vrouwen in het openbare leven protesteren tegen hun tweederangs status en meer ruimte opeisen. Dat levert bijvoorbeeld personages op die zichzelf feministisch noemen maar de mannelijke held tegeljkertijd op een vernederende manier dwingen om zittend te plassen, beschrijft Churchwell. Huuuu, enge feministen….

Die literaire traditie levert vooral verliezers op, signaleert Churchwell. Verhalen hebben effecten op mensen. Mannen verliezen iets als ze niet lezen of alleen boeken kiezen van mannen, over stoere mannen die oorlog voeren en sexy vrouwen veroveren. Lezeressen vervallen in een totaal gevoel van vervreemding als ze vooral verhalen lezen waarin ze niet voorkomen, of waarin de enige rol die is van een bordkartonnen hatelijk stereotype. De standaard canon vol boeken van blanke mannen die vrouwen negeren of vertekend weergeven is zodoende vooral een lijst van boeken die geen vrouw zou moeten willen lezen. (Tenzij je als schrijfster een studie van hun seksisme wil maken, om de vrouwenhaat daarna te ontmantelen in je eigen romans).

Daarnaast heeft het ook psychologische effecten op schrijfsters, als onze cultuur de beeldvorming uit de kokers van mannen aanneemt voor neutraal en universeel:

Here’s playwright Alison Croggon on the effect such bias can have on the confidence of a writer: “The woman who begins with talent but who finds herself struggling to gain notice simply because she is a woman, can find her ambitions dwindling, her possibilities shrunken, in a continually amplifying feedback loop. Just as success breeds confidence, so the lack of it breeds uncertainty. If millions of reinforcing signals say a woman’s work is less significant, something will eventually begin to stick. This kind of intensifying feedback, which begins at birth, is very difficult to track and even more difficult to combat.”

Dat verzet is echter broodnodig om de dominante beeldvorming te veranderen. Gelukkig komt de zaak steeds meer in beweging. Onderzoeken zoals VIDA tonen in overduidelijke cijfers aan dat het werk van mannen nog steeds onevenredig veel aandacht krijgt in literaire media. Dat leidt tot bewustwording en debat, met hier en daar een verbetering. Vrouwelijke auteurs zoeken ook steeds vaker zelf hun weg, waarbij internet en sociale media zeer behulpzame kanalen zijn. En er kwamen campagnes zoals Lees Vrouwen. In inspirerende artikelen vertellen lezers hoe ze hun leesgewoonten aanpasten en ruimte maakten voor verhalen  van en vaak ook over vrouwen. Churchwell juicht deze ontwikkelingen toe. Het vormt een noodzakelijk cultureel tegenwicht en biedt mogelijkheden om onszelf anders te laten kijken en denken.

Verder lezen: Zie voor de mannelijke dominantie in de Nederlandse literatuur de bevindingen van de Lezeres des Vaderlands. In haar artikelen duikt ze ook regelmatig in de inhoud van romans en zie je dat vrouwelijke personages er ook in Nederland bekaaid vanaf komen. Zoek je geloofwaardige vrouwelijke personages, dan moet je bij de schrijfsters zijn, want hun mannelijke collega’s blijven steken in slachtoffers of hoeren. Zie verder een artikel over de vooroordelen rond hun werk, waar schrijfsters nog steeds mee geconfronteerd worden. Of deze mooie beschouwing van auteur Niña Weijers, of deze analyse van Sanne van Oosten, of dit artikel over de manier waarop ons literatuuronderwijs vrouwen buiten sluit. Kortom nog genoeg werk te doen….

Vrouwen fileren mannen die tenenkrommend over vrouwen schrijven

Twitter levert op dit moment hilarische satire op mannelijke auteurs die denken dat ze vrouwen authentiek beschrijven. Podcaster Whit Reynolds en auteur Kate Leth vragen vrouwen teksten in te zenden waarbij ze zich voorstellen hoe ze beschreven zouden worden door een mannelijke auteur. Pareltjes zijn het gevolg: ‘veel mannen zouden alleen op haar borsten letten. Maar ik ben een intellectueel. Ik weet wat een vrouw waarlijk aantrekkelijk maakt: de kont”.

Bron: Elle Magazine

De humoristische actie kwam voort uit de klacht van een auteur die vond dat politieke correctheid te ver gaat. Leuk, al die nadruk op diversiteit en oproepen aan vertegenwoordigers van dominante groepen om kritisch op zichzelf te zijn als ze over minderheden schrijven. Maar al die ophef is onnodig want kijk bijvoorbeeld eens hoe authentiek hij als man een vrouwelijk personage beschrijft. Hij deelde passages uit zijn meest recente roman. Het resultaat was voorspelbaar tenenkrommend:

“Pale skin, red lips like I had just devoured a cherry Popsicle covered in gloss, two violet eyes like Elizabeth Taylor’s. Dark hair curled slightly. And, of course, my boobs. I had them propped up all front and center.”

Schrijfster Gwen Katz zag het bericht, las de passages en lag in een deuk. Ze publiceerde het proza zonder de naam van de man te noemen, om hem zoveel mogelijk te beschermen. Het moest gaan over de inhoud, niet de persoon. Vervolgens kwam de oproep van Reynolds en Leth om als vrouw je eigen versie in te zenden van dit type proza. De reacties stroomden in een sneltreinvaart binnen. Volgens site The Mary Sue toont de stortvloed aan hoe bekend vrouwen zijn met dit fenomeen:

That it’s so easy for Twitter users to chime in with their guy-writer descriptions demonstrates how widespread this sort of writing is. The focus of male writers when turning their gaze on women is something that most of have read so many times that we could produce these in our sleep.

Disclaimer voordat allerlei gepikeerde mannen boze geluiden maken: nee, niet alle mannen doen dit. Ja, er zijn auteurs die geweldige vrouwelijke personages scheppen. Mag ik de roman Nora Webster aanraden, van de mannelijke auteur Colm Tóibín? Een prachtig portret van een vrouw die weduwe wordt en daarna moeite heeft om met haar twee zoontjes een nieuw bestaan op te bouwen. Eén van de meest ontroerende boeken die ik ooit las.

Maar helaas gaat het vaak mis. Auteurs die alle vrouwen in hun boek beschrijven in termen van hoe aantrekkelijk ze is en hoe graag de hoofdpersoon met haar naar bed wil. De obsessie met borsten en billen, waardoor een vrouw verandert in een verzameling lichaamsdelen gerangschikt naar ‘wil ik het met haar doen of niet’. Brrrrrrrrrr!!!

Veel vrouwen namen dan ook de uitnodiging aan om dit soort prozaproducenten genadeloos te fileren. Een greep uit de berg:

“Her breasts entered the room before her far less interesting face, decidedly maternal hips and rounded thighs. He found her voice unpleasantly audible. As his gaze dropped from her mouth (still talking!) to her cleavage, he wondered why feminists were so angry all the time.”

“I had big honking teeters, just enormous bosoms, and I thought about them constantly as I walked down the street, using my legs (thick, with big shapely calves), but never not thinking about my enormo honkers.”

“Her body was an hourglass meant for taking his time, but her mohawk concerned him. She had a lesbian look, & too many tattoos, in languages he couldn’t pronounce. Still, she’d written a stack of books. It was time for him to weigh in with his high school knowledge of Beowulf.”

Zie er de zonzijde van in, moedigt website Electric Lit gevestigde en aankomende auteurs aan. Al die voorbeelden bieden je een uitgelezen kans om feedback te krijgen op je werk. Als je als mannelijke auteur goed luistert en nauwkeurig meeleest, kun je je eigen roman sterk verbeteren. Want echt, het ís mogelijk fatsoenlijke vrouwelijke personages te scheppen in je verhalen. Of lees een jaar lang alleen romans van vrouwelijke auteurs. Helpt ook.

TOEGIFT: de manier waarop mannen over vrouwen praten, en hoe het zou klinken als je de situatie omkeert. De resultaten zijn even schokkend als hilarisch.

Uitgeverij Chaos en nieuwe boeken rond feminisme

Nederland is een feministische uitgeverij rijker: Chaos. Op internationale vrouwendag, geen toevallig moment natuurlijk, publiceerden ze hun eerste uitgave. Een nieuwe Nederlandse vertaling van een feministische klassieker van Virginia Woolf, Een Kamer voor Jezelf. Later dit jaar volgen nog twee verhalenbundels en in maart 2019 een vertaling van een roman van Zora Neale Hurston. Mooi nieuws want voor de vorige expliciet feministische uitgeverij moeten we dertig jaar terug in de tijd.

 

Op haar website stelt Uitgeverij Chaos zichzelf voor als een samenwerking tussen drie vrouwen, te weten Sayonara Stutgard, Thalia Ostendorf en Yael van der Wouden. Ze willen ”chaos creëren op elk feestje!” Door ”ongehoorde verhalen uit de marges te halen en het aan de lezers te bieden die de verhalen verdienen”.

De uitgeverij wil interactioneel werken. Dat is een moeilijk woord voor breder kijken dan je neus lang is: vrouwen hebben te maken met discriminatie, maar mensen met een gekleurde huid ook, en mensen uit ”lagere klassen” (niet Ons Soort Mensen) ook, en je moet daar rekening mee houden. Het gaat om diverse soorten machtsverschillen en verschillende posities in de samenleving, die maken dat je soms extra je best moet doen om een gelijk speelveld te krijgen. Zie daarvoor ook mijn artikel over interactioneel feminisme, met alle verdere uitleg en details.

De drie vrouwen konden het zelf bijna niet geloven dat Nederland zo’n dertig jaar lang geen enkele feministische uitgeverij kende. De vorige, Uitgeverij Sara, ontstond midden in de tweede feministische golf, in 1977. Tien jaar later ging Sara failliet en kocht Uitgeverij Van Gennep hen over.

Dat het in de tussentijd niet helemaal een hopeloze woestenij werd, danken we aan initiatieven zoals de oprichting van Artemis. Geen nadrukkelijk feministische organisatie, maar wel een imprint die zich richtten op boeken van schrijfsters. In 2014 besloot Ambo/Anthos de imprint op te heffen, en verdween Artemis weer van het toneel.

En nu dus Chaos. Ik wens ze een mooie tijd toe en dat ze maar decennia lang mooie feministische boeken uit mogen geven.

Meer feminisme? Monika Triest publiceerde bij Uitgeverij Vrijdag ‘Wat zoudt gij zonder ’t vrouwvolk zijn?’,  een geschiedenis van het feminisme in België. Ze laat je onder andere kennis maken met Isabelle Gatti de Gamond (1839-1905), pedagoge, socialiste, vrijdenkster en de eerste Belgische feministe. Een andere recente uitgave is Alleen Ja Telt van Liesbeth Kennes. Deze pedagoge en auteur gaat in op de seksuele mores en de verkrachtingscultuur. In België, maar wat ze schrijft geldt net zo goed voor Nederland, Duitsland, de V.S., enz. enz.

Nederland zag vorig jaar twee belangrijke publicaties voor een groot publiek. Linda Duits gaat in Dolle Mythes in op allerlei vooroordelen en aannames rondom feminisme. En onze eigen Anja Meulenbelt neemt de lezer mee op een reis langs allerlei feministische ideeën en de aard van de feministische golven. Beide vrouwen constateren dat het feminisme in Nederland stagneert: er gebeurt wel vanalles, maar tot een massalere beweging komt het niet en vrouwen met een gekleurde huid blijven te vaak in de marge staan. Beiden hebben ook ideeën hoe het beter kan. Kortom super interessant leesvoer!

 

“De Macht” maakt deel uit van een nieuwe vrouwenopstand

Hoera, de prijswinnende SF roman van Naomi Alderman is in het Nederlands vertaald onder de titel De Macht. Voor het eerst in tijden kunnen mensen weer eens kennis maken met vrouwelijke personages die geweld gebruiken om een einde te maken aan agressie van mannen. Dat komt niet vaak voor in feministische utopieën of dystopische romans, signaleert literatuurcritica Elaine Showalter.

Als dit fenomeen de kop opsteekt in boeken, is dat meestal omdat er iets broeit in de samenleving:

Despite the infinite possibilities of imagination, most feminist speculative fiction could display the humane tagline: “No men were harmed in the writing of these books.” Rage and the desire for revenge against male oppressors, however, has emerged in women’s dystopian writing during periods of feminist protest and uprising.

Showalter signaleert dat vrouwen, van Margaret Cavendish in 1666 tot aan moderne grootheden zoals LeGuin en Atwood, meestal opvallend vredig denken over revoluties. Vrouwelijke personages zijn het lijdend voorwerp of strijden met woorden, argumenten, ideeën. Regelmatig bereiken ze hun utopie alleen door zich terug te trekken in samenlevingen zonder mannen. Zo stelde Christine de Pizan zich al circa 1405 een Stad der Vrouwen voor, waarin vrouwen veilig zijn voor hatelijke mannen.

De voorbeelden van auteurs die vrouwelijke personages expliciete agressie tegen mannen laten gebruiken, zijn schaars. Zo staat Atwood’s  roman Het Verhaal van de Dienstmaagd bol van het geweld, maar het is meestal geweld tegen vrouwen. Als vrouwen persoonlijk een man aanvallen en/of vermoorden, gebeurt dat bij wijze van genade, ziet Showalter. Een verzetsman valt in handen van het theocratische regime dat vrouwen reduceert tot broedkippen. De overheid veroordeelt hem tot een openbare lynchpartij in een stadium, met vrouwen als beulen. Een vrouw die banden heeft met het verzet, zorgt dat ze als eerste bij hem is en vermoordt hem snel en relatief pijnloos. Ze bespaart hem zodoende een marteling.

Uitzonderingen steken de kop op als vrouwen een emancipatiegolf vormen. Neem bijvoorbeeld auteur Joanna Russ. In haar romans van eind jaren zeventig, begin jaren tachtig, tijdens de tweede feministische golf, vechten vrouwen soms met een man. Ze gebruiken wapens. En winnen.

In De Macht, originele titel The Power, schrijft Alderman over een maatschappij waarin jonge vrouwen tijdens hun puberteit een lichamelijke verandering doormaken. Daardoor kunnen ze elektrische schokken uitdelen. Van een fijne tinteling tot een zodanig heftige schok dat mensen sterven. Meisjes blijken deze gave wakker te kunnen maken in oudere vrouwen, zodat al snel iedere vrouw de mogelijkheid heeft iemand met één klap te doden. Mannen worden bang voor vrouwen: wangedrag kan hen fataal worden. De macht leidt tot grote veranderingen. Slachtoffers van mensenhandel vermoorden mensenhandelaars, huisvrouwen doden de partner die hen slaat, en meiden slaan terug als ze geconfronteerd worden met straatintimidatie.

Showalter stelt dat Alderman in haar science fiction boek de huidige woede kanaliseert, die vrouwen verenigt in campagnes zoals #metoo en #yesallwomen:

So why this fantasy now? Alderman is reflecting and channeling the anger of a young generation of feminists who will not forgive, excuse, cover up, and accept male abuse. […]  Women are willing to use their public power to destroy men’s careers, to break up their marriages, even send them to prison. […]  If, as Lindy West wrote recently, “feminism is the collective manifestation of women’s anger,” this feminist wave is a tsunami. Alderman sees herself as part of that wave.

Met haar roman stelt Alderman de huidige machtsongelijkheid tussen de seksen aan de kaak, zwengelt ze het debat aan over agressie, en laat ze mensen speculeren wat er zou kunnen gebeuren als vrouwen opeens ongestraft terug kunnen slaan.

Het boek geeft mannen ook de kans om hun empathische vermogens verder te ontwikkelen. Vrouwen hebben te maken met massale agressie van mannen, zowel psychologisch als fysiek, en veel vrouwen zijn bang, als ze eerlijk zijn en die nare emotie toestaan. We blijven tot het uiterste lief voor mannen, want we vrezen wat er kan gebeuren als mannen kwaad worden – huiselijk geweld, aanranding en verkrachting, of zelfs moord en schietpartijen. Wat als mannen zich zorgen moeten maken over vrouwelijke agressie? Wat als mannen tot het uiterste lief en beleefd moeten blijven tegen vrouwen, omdat situaties anders razendsnel kunnen escaleren? Alderman maakt die belevingswereld invoelbaar. Mannen, doe er je voordeel mee! En behandel vrouwen daarna wat vriendelijker. Je weet wel, als mensen met gevoel en verstand….

Het citaat: middeleeuwen en nu

”Maar het zien van dit boek […] had mij toch op een nieuwe gedachte gebracht, die gevoelens van grote verbazing bij me opwekte, als ik me afvroeg wat toch de oorzaak kon zijn, dat zoveel verschillende mannen, geleerde klerken en anderen, zozeer geneigd waren en het nóg zijn, om in woord en geschrift zoveel duivelse dingen over vrouwen te zeggen en uiting te geven aan hun afkeuring voor de vrouw en het vrouw-zijn. En niet een of twee […] maar in het algemeen bijna in alle verhandelingen van filosofen en dichters en van alle redenaars – het opsommen van hun namen zou een lange lijst vormen – lijkt het of allen met dezelfde mond spreken en of ze allemaal tot dezelfde conclusie komen, namelijk dat de vrouwelijke zeden vol ondeugd zijn en de vrouw tot ondeugd is geneigd.”

Christine de Pisan, Het Boek van de Stad der Vrouwen, circa 1405/1410

“What matters is not which guys said it: What matters is that, when you put their statements side-by-side, they all sound like the exact same guy.  And when you look at what they’re saying, how similar these slurs and insults and threats we get actually are, they always sound like they’re speaking to the exact same woman. When men are using the same insults and sentiments to shut down women and “feminine” people, across the board, then we know what’s going on. And we know that it’s not about us; it’s about gender.

Sady Doyle, The #MenCallMeThings Round-Up, november 2011