Author Archives: idamels

Gereedschapskist: ‘manslamming’

Charlotte Riley voerde een experiment uit. Wat zou er gebeuren als ze op straat en in het openbaar vervoer niet automatisch aan de kant zou gaan voor mannen? Haar verslag in The New Statesman is hilarisch, maar maakt een ding pijnlijk duidelijk: mannen verwachten bewust of onbewust dat vrouwen en andere wezens ruimte voor hen maken. Doen vrouwen dat niet, dan volgen botsingen. Oftewel: manslamming.

Dit persoonlijke experiment staat niet op zichzelf. Een vakbondsorganisator uit New York, Beth Breslaw, hield het een paar weken vol om stug rechtdoor te lopen als ze tegenliggers kreeg. Vele botsingen met mannelijke voetgangers waren het vervolg. Ze kwam op het idee voor dit experiment door de ervaringen van een vrouwelijke kennis:

“She would get on the train and have nowhere to sit because men were all spread out on the seats,” Breslaw told me with a laugh. “Then she’d get off the train and have nowhere to walk because men don’t get out of the way.” It’s a phenomenon that perhaps we could call manslamming: the sidewalk M.O. of men who remain apparently oblivious to the personal space of those around them. Should you choose not to yield to these men, they will walk directly into you without even acknowledging it.

Naast Riley herhaalde ook de Canadese journaliste Kelli Korducki dat experiment, nu in Toronto. Ook zij zag zich geconfronteerd met mannen die niet uit wilden wijken omdat ze er klakkeloos vanuit gingen dat zij gewoon door kunnen lopen en dat vrouwen wel opzij zullen gaan. Ook in dit geval waren vele botsingen het gevolg. Kortom, of je nou kijkt naar Londen, New York of Toronto, besluit als vrouw om over straat te lopen ‘als een man’ en je krijgt vele, vele botsingen/manslamming.

In Nederland fietsland heb ik zelf ook een paar keer gekeken wat er gebeurt als je in een rechte lijn doorfietst met mannelijke tegenliggers. Opeens valt dan op hoeveel mannelijke weggebruikers het ruim nemen met hun rij-laan. Bijna botsingen met scheldende mannen op fietsen en brommertjes (‘kijk uit je doppen, stomme doos’) waren het gevolg. Zoveel dat ik het experiment stopte omdat ik ongelukken vreesde. Voortaan hou ik me weer aan het allerrechtste rechter buitenkantje van ‘mijn’ deel van de rij-laan. Dan blijf ik veilig voor breeduit fietsende heren. (En senioren m/v op elektrische fietsen, want dat is ook een groep waarvan opvallend veel leden denken dat er niemand anders te bekennen is op de weg.)

Enfin. Waarom manslamming? Mannen geven desgevraagd zelf toe dat zij gesocialiseerd zijn om ruimte in te nemen in het openbaar. Ze denken er verder niet over na – tenzij lastige vrouwen hen confronteren met hun gedrag.

Maar als je wat breder en dieper kijkt, is het niet zo gek dat mannen als vanzelfsprekend door de openbare ruimte bewegen en hun gang gaan zonder verder bewust ergens op te letten. De Heinrich Böll stichting signaleert bijvoorbeeld dat alles in de openbare ruimte de boodschap afgeeft dat dit het terrein is van mannen. Denk bijvoorbeeld aan straatnamen: als het gaat om een mensennaam dragen straten, lanen en pleinen bijna altijd de naam van een man. Of denk aan stoplichten met een mannelijk symbool – zo vanzelfsprekend dat als een stad besluit om een vrouwelijk figuurtje in de straatlamp in te bouwen, daar grote koppen in kranten op volgen. Ook standbeelden tonen meestal al dan niet foute mannelijke figuren.

Sterker, de hele inrichting van de openbare ruimte is gericht op mannen. Trappen en roltrappen op plaatsen waar je zou kunnen wéten dat er veel vrouwen met kinderwagens komen. Onverlichte fietstunnels. Plaveisel waar je gegarandeerd op blijft steken of je enkels verstuikt als je schoenen met een hak draagt. Openbare toiletten die zo ontworpen zijn, dat alleen mannen er staande in kunnen urineren – als vrouw zoek je het maar uit, met boetes voor wildplassen tot gevolg. Hoogtes, lengtes en breedtes zijn afgestemd op ‘de gemiddelde man’, alle anderen moeten rekken, strekken, reiken en wringen.

Manslamming is het logische eindresultaat van al die concrete feitelijke situaties en symbolische signalen die uitroepen dat het om mannen gaat. Het topje van de ijsberg, concreet gedrag waar veel meer achter zit dan je denkt. Doe er je voordeel mee…

Tweede sekse begon circa 8000 jaar geleden

Archeologen in Spanje onderzochten ruim 500 graven uit het neolithische tijdperk, en kwamen erachter dat er aanwijzingen zijn voor een beginnende dominantie van mannen. Mannen kregen anderhalf keer vaker een formeel graf dan vrouwen en kinderen. Vaak vertoonden hun skeletten tekenen van geweld en kregen ze wapens mee in hun graf. Ook komen mannelijke figuren in dit tijdvak vaker voor op grotschilderingen dan vrouwelijke figuren. Opnieuw meestal in verband met oorlog voeren of jagen. De archeologen zien hiervoor bewijs dat de dominantie van mannen samenhangt met maatschappelijke ontwikkelingen, niet met genen, en dat die dominantie ook weer teruggedrongen kan worden.

Het onderzoek werd uitgevoerd door Marta Cintas-Peña en Leonardo García Sanjuán, archeologen van de Universiteit van Seville. De mannelijke dominantie in Spanje was in het neolithische tijdperk, 8000 jaar voor Christus, nog niet heel sterk, merkten ze. De meest rijkelijk versierde graven met mooie giften bevatten zowel skeletten van mannen als vrouwen, dus als het gaat om een hoge sociale status konden vrouwen ook sterke posities innemen en een formeel graf ”winnen”.  Maar de eerste signalen voor de tweede sekse zijn daar, bij de Spaanse graven, signaleren Cintas-Peña en García Sanjuán. Niet vastgelegd in teksten, maar zichtbaar gemaakt in de fysieke overblijfselen van een prehistorische beschaving

Bij hun onderzoek borduurden Cintas-Peña en García Sanjuán voort op werk van Gerda Lerner. Deze Amerikaanse historica zette vrouwengeschiedenis in de V.S. op de kaart en deed onder andere onderzoek naar vertaalde kleitabletten uit samenlevingen van 2000 jaar geleden, zoals Mesopotamië.

De teksten van kleitabletten gaan vaak over wetgeving en handel. Ze maken duidelijk dat de sociale positie van vrouwen gestaag verslechterde. De vroegste kleitabletten tonen aan dat vrouwen handel konden drijven op de markt, een sterke positie hadden in huwelijken, en als priesteres leidersrollen in de maatschappij op zich konden nemen, ontdekte Lerner. Naarmate de tijd vorderde verdwenenen echter steeds meer rechten en werden vrouwen steeds vaker willoze instrumenten in handen van mannen.

In haar boek The Creation of Patriarchy legt Lerner onder andere de link met oorlog, waardoor mannen steeds meer macht kregen (iets wat ook de Spaanse archeologen signaleren). In Mesopotamië leidde oorlog ook tot de komst van slavinnen en concubines. De tweederangs status van die vrouwen tastte de algemene status van vrouwen steeds verder aan. Dit gebeurde in een tijdvak waarin de samenleving steeds gelaagder werd, met een steeds duidelijker verschil tussen arm en rijk. De rijkdom en de slaven kwamen steeds vaker terecht bij een mannelijke elite en vrouwen verloren steeds meer terrein. Uiteindelijk konden alleen priesteressen nog een beetje zeggenschap houden over hun eigen leven. Zelfs dat brokkelde af toen mannelijke goden de plek van godinnen innamen.

Maar nogmaals, deze ontwikkeling was sociaal, het gaat hier niet om een biologische vanzelfsprekendheid. Dit blijkt ook uit ander archeologisch onderzoek. Zo kende het gebied wat nu delen van midden en zuid-Duitsland omvat, de zogenaamde Hallstadt cultuur. Tussen 750 en 450 jaar voor Christus troffen archeologen in de mooiste graven met de meest indrukwekkende grafgiften alleen mannelijke skeletten aan. In de periode daarna, vanaf circa 480 tot circa 380 voor Christus sloeg dat echter radicaal om. De mannen verdwenen en in alle elite graven van die tijd lagen opeens vrouwelijke skeletten.

Je ziet ook opvallende verschillen per gebied. Zo beschrijft James Whitley de situatie in Griekenland in de ijzertijd. In de meeste gebieden krijgen mannelijke krijgers alle aandacht, met specifieke vormen van begraven, wapens als grafgift, en opvallende tekens in het landschap, zoals grafheuvels. Daarnaast troffen archeologen vooral skeletten van kinderen aan. In het symbolische landschap (zie de link, pagina 220) hebben vrouwen geen eigen plek, alleen als een soort onbeduidende tussencategorie, tussen de mannelijke krijger en kinderen in.

Behalve de stadstaat Athene. Daar vinden wetenschappers in diezelfde periode wel degelijk vrouwengraven, met tekenen van een goed ontwikkelde ”vrouwelijke” symboliek. Sterker nog, lange tijd waren de vrouwengraven uit de tiende en negende eeuw voor Christus spectaculairder dan de mannengraven – uitgebreidere versieringen, rijkere grafgiften, mooiere locaties voor de laatste rustplaats, signaleert Whitley (pagina 221 en verder).

De graven blijven bestaan tot de achtste eeuw voor Christus. Dan verdwijnen ook in Athene de rijkelijk versierde elite graven voor vrouwen en blijven alleen de macho mannen en de kinderen over als zichtbare vertegenwoordigers van de gemeenschap in het hiernamaals. Vrouwen komen alleen nog voor op geschilderde of gebeeldhouwde taferelen, als rouwende figuur of als monster. Pas vanaf de zesde eeuw komen archeologen weer vrouwengraven tegen, en dan betreft het vooral jonge vrouwen, wellicht maagden (p. 229-230).

Kortom, de status van vrouwen veranderde, verschilde per tijdvak, en was lange tijd, in jagers-verzamelaarsculturen, gelijk aan die van mannen:

A study has shown that in contemporary hunter-gatherer tribes, men and women tend to have equal influence on where their group lives and who they live with. The findings challenge the idea that sexual equality is a recent invention, suggesting that it has been the norm for humans for most of our evolutionary history. Mark Dyble, an anthropologist who led the study at University College London, said: “There is still this wider perception that hunter-gatherers are more macho or male-dominated. We’d argue it was only with the emergence of agriculture, when people could start to accumulate resources, that inequality emerged.” Dyble says the latest findings suggest that equality between the sexes may have been a survival advantage and played an important role in shaping human society and evolution. “Sexual equality is one of a important suite of changes to social organisation, including things like pair-bonding, our big, social brains, and language, that distinguishes humans,” he said. “It’s an important one that hasn’t really been highlighted before.”

Dus mocht je zo’n Mars of Venus type spreken, of iemand die in biologisch/genetische absoluten spreekt om mannelijke overheersing te ”verklaren”, dan mag je die persoon gerust negeren. Of een goed boek te lezen geven.

Mannen profiteren van seksuele intimidatie

Seksuele intimidatie op het werk gebeurt niet zomaar. Dat dient een doel. En vrouwelijke wetenschappers zouden geen vrouwelijke wetenschappers zijn, als ze niet in onderzoek naar seksuele intimidatie doken en gefundeerde bewijzen op een rij zetten die verklaren waarom dit vervelende, schadelijke gedrag structureel de kop op steekt. Amerikaanse onderzoeksters zien als belangrijkste doelen: vrouwelijke concurrentie uitschakelen, de eigen machtspositie veilig stellen, en de eigen status opkrikken ten koste van anderen. Ook signaleren ze dat de ergste overtreders vaak een paar vrouwen gebruiken als schaamlap – kijk, ik promootte mevrouw X, ik ben een goeie vent, tralala.

De analyse naar het profijt van seksuele intimidatie werd uitgevoerd door een hele reeks Amerikaanse professoren Geografie en geologie. Onder hen mensen zoals Becky Mansfield en Darla Monroe van de universiteit van Ohio, Rebecca Lave van de universiteit van Indiana, Mona Domosh van Dartmouth College en vele anderen. Hun hoofdconclusie luidt:

sexual harassment benefits men by systematically undermining women, even those not directly targeted. Harassment tells women “you do not belong here” (NAS 2018) and contributes to the presumption of incompetence (Gutierrez y Muhs et al. 2012). Lecherous professors harass bright female graduate students right out of academia, derailing their lives and impoverishing our field. […] Just writing this essay is an example of the sort of defensive work that drains time and effort from women’s scholarship. While these lecherous men heap work on the rest of us, they write unhindered. Even being punished for harassment can benefit the harasser, for example as their workload decreases when female advisees are steered elsewhere (Spahr and Young 2018).

Degene die beoordeelt of je studie slaagt, of je een stageplek krijgt, of je tijdelijke aanstelling verandert in een vaste aanstelling, is een poortwachter. De Amerikaanse wetenschapsters constateren dat met name die poortwachters weten dat ze ongestraft weg kunnen komen met een hoop wangedrag. Uit ervaring en uit onderzoek weten vrouwen dat zij vaak nadelige gevolgen ondervinden van klachten indienen tegen mannen die zulke cruciale posities hebben. Dit dwingt vrouwen tot pijnlijke keuzes om ondanks zulke dader-poortwachters toch te bloeien. Zo schrijven de wetenschapsters:

Further, these “brilliant” harassers are often gatekeepers. Women are evaluated throughout their careers by the very men who abuse and belittle them. This forces women scholars and their allies to make painful daily choices about whether to nurture professional relationships with these powerful men (Wang 2017). Even citing their work or including it in our syllabi burnishes their reputations (Usher 2018). But if we opt out by ignoring them, we risk losing access to the resources, opportunities for advancement, and intellectual foment accessed only through complicity. If we report a supervisor’s harassment during fieldwork, we can be blocked from access to the field data we helped to collect.

Dit blijkt ook uit de ervaringen van Nederlandse studentes en wetenschapsters. Zo maakte Janne Heederik de moedige keuze iets te vertellen over haar ervaringen met veldwerk. Tot twee keer toe kreeg ze te maken met hoger in rang geplaatste mannen, die wangedrag vertoonden en haar schade toebrachten. Voor het blad One World schreef ze:

De tweede keer dat ik in een dergelijke situatie terechtkwam, besloot ik dit wel met mijn begeleiders (beide man) te delen. Het betrof een man die mij in contact kon brengen met een organisatie die ik al weken probeerde te bereiken, maar die tot nu toe geen gehoor gaf. Hij kende de manager en beloofde mij om een meeting met hem te regelen. Ook deze man bediende zich van ongewenste aanrakingen, en hij stelde op een gegeven moment voor om “te komen dineren en ons daarbij uit te kleden”. Ik voelde me net zo ongemakkelijk als de eerste keer, en toch twijfelde ik over wat ik moest doen. Het voelde wrang en oneerlijk dat ik een deel van mijn onderzoek moest opgeven om mijn eigen veiligheid en integriteit te waarborgen. Maar uiteindelijk heb ik ook deze keer gekozen voor mijn veiligheid, en heb ik het contact verbroken. Een keuze waar ik achter sta, maar die mij ook mateloos frustreert.

De rang van de vrouw maakt weinig uit – het overkomt een studente tijdens veldwerk, maar ook universitaire docenten of zelfs hoogleraren. Er staat altijd wel een man boven hen, is het niet hiërarchisch gezien, dan wel in status en invloed. En gebeurt het niet op de universiteit, dan gebeurt het wel tijdens congressen of andere plaatsen waar mannen zich vrij voelen om ongestraft vrouwen te belagen.

De mannen die dit soort gedrag vertonen, weten dondersgoed wat ze doen. De Amerikaanse onderzoeksters zien dit bijvoorbeeld in de omtrekkende bewegingen die daders maken, om hun schadelijke handelingen te vertroebelen of aan het oog te onttrekken. Zo signaleren ze dat seksuele intimidators vaak een select aantal vrouwen om zich heen verzamelen, waar ze zich extra voor inspannen om hun loopbaan te bevorderen:

Predatory men may even champion a select few female scholars. This is not only a great smokescreen for their otherwise bad treatment of academic women; it allows the male scholar to demand payback. Does the esteemed man require a nomination for a prestigious award? Who better to write it than a woman that he promoted. The hypocrisy is astounding, and it is compounded by the fact that some of the most predatory “big name” scholars in our field built their reputations on progressive, even radical, political positions (see also Joshi et al. 2015, Liu 2006, Mott and Cockayne 2017, Sanders 1990). Yet they have been staggeringly cavalier about how they themselves dominate and disenfranchise women and people of color.

Andere veelgebruikte tactieken die mannen gebruiken zijn de verdedigingsmethoden van ‘het was maar een grapje‘, of ‘ ‘grutjes, ik wist niet dat ik iets verkeerd deed’, of het aloude cultuurargument: ‘vroeger deed niemand hier moeilijk over’. De Harvey Weinstein smoes zeg maar.

Omdat zoveel vrouwen eieren voor hun geld kiezen en seksuele intimidatie niet proberen op te lossen via formele wegen die hen hooguit opnieuw tot slachtoffer maken, is lastig te achterhalen hoe vaak het precies voorkomt. Schattingen gaan uit van 1 op de 3 vrouwen. Voor Nederlandse universiteiten voerde het Landelijk Netwerk Vrouwelijke Hoogleraren een kwalitatief onderzoek uit. Het netwerk liet 53 vrouwen interviewen en hoorden van hen hoe zij te maken kregen met ”wetenschappelijke sabotage, seksuele intimidatie en bedreigingen. De daders zijn meestal mannelijke leidinggevenden”.

De vrouwelijke hoogleraren die Athena’s Angels oprichtten, krijgen vanuit hun kanalen soortgelijke signalen binnen. Wat dat betreft lijkt het er duidelijk op, dat je de analyse van de Amerikaanse aardwetenschapsters breder kunt trekken, naar andere faculteiten, naar andere landen, naar andere instanties. Het betreft menselijk gedrag, bevorderd door seksistische normen en waarden, in organisaties waar de macht in handen is van een beperkte groep mannen. Deze poortwachters kunnen vervolgens een onevenredig grote invloed uitoefenen op de kansen en carrières van onder andere vrouwen, die, zonder obstakels, wellicht stevige concurrentie vormen. Zeker als ze zelf eigenlijk niet zo goed zijn in hun vak.

Vaak duurt het jaren voordat iemand zo’n man stopt. Neem bijvoorbeeld de onthullingen in het NRC Handelsblad over een hoogleraar van de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit van Amsterdam. De man hield de eer aan zichzelf en nam zelf ontslag na een onderzoek naar grensoverschrijdend gedrag. Studentenblad Folia schreef over de zaak en constateerde dat de man tien tot vijftien jaar lang misbruik maakte van zijn macht. De auteurs van het stuk kozen ervoor de naam van de man niet te noemen- het ging hen om de aard van de situatie, niet de individuele dader.

Maar misschien is er meer aan de hand. Ook NRC journalisten reconstrueerden zijn loopbaan en gedrag, en gaven een onthutsend beeld van de acties waar deze man mee weg kwam. Hij kon zich tot een poortwachter ontwikkelen en ging vervolgens jarenlang ongestoord zijn gang. Zijn invloed reikte zelfs tot de rechtszaal. Zo mochten de NRC journalisten uiteindelijk van de rechter de naam van de man niet noemen. Zo goed beschermd blijven dit soort types, zelfs als ze aantoonbaar fors en systematisch over de scheef gingen en zorgden voor een giftig werkklimaat voor vrouwen. Uiteraard gaat NRC tegen de uitspraak in beroep.

Vanwege de voordelen die mannen verkrijgen door vrouwen weg te pesten of klein te houden, en het relatief grote aantal mannen onder de poortwachters, blijft het aanpakken van hun gedrag lastig. Maar de aandacht voor seksuele intimidatie, aangewakkerd door #metoo en vrouwen die steeds bozer worden (en zelf langzaam meer macht krijgen) maken dat daders steeds vaker te maken krijgen met negatieve gevolgen van hun acties. De hoogleraar rechtsgeleerdheid spreidde ruim tien jaar lang zijn gif, maar hij is uiteindelijk vertrokken. Hetzelfde gebeurde met handtastelijke leraren van toneelscholen in Amsterdam, Maastricht en Arnhem. Het bewustzijn neemt toe, en zodoende worden meer mensen alert. Meer mensen zeggen er iets van of proberen maatregelen te nemen. Langzaam keert het tij. Het is hoog tijd daarvoor.

Baudet valt zelfstandige vrouwen aan en dat is volstrekt voorspelbaar

Heerlijk, het boek Down Girl van Kate Manne. In dit werk analyseert de filosofe het verwrongen normen- en waardenstelsel van patriarchale samenlevingen. Na het lezen van haar werk kun je door alle ruis heenprikken, als een man weer eens van leer trekt tegen vrouwen die hun plek niet kennen. Zoals Thierry Baudet met zijn artikel in het conservatieve American Affairs Journal, heel toevallig net gepubliceerd voor zijn debat met Rutte en de Europese verkiezingen. Zijn standpunten in dat stuk zijn helemaal niet verwarrend, zoals de Telegraaf beweert. Integendeel, ze bestaan uit volstrekt voorspelbare aanvallen op vrouwen die niet willen geven, met als verergerende factor overtredingen uit categorie 3.

Thierry Baudet maakt al langer duidelijk dat hij vrouwen niet hoog acht. Zo kwam hij in 2017 nog uitgebreid in het nieuws met zijn meningen, waarin duidelijk wordt hoe hij ons ziet:

‘De realiteit is dat vrouwen niet alleen maar met omzichtig “respect” behandeld willen worden door hun sexpartner; dat ze helemaal niet willen dat je hun ‘nee’, hun weerstand respecteert: de realiteit is dat vrouwen overrompeld, overheerst, ja: overmand willen worden.’

Dat heet verkrachting en dat is een misdrijf, Baudet.

Later volgde opnieuw ophef toen Baudet seksistische uitspraken deed over vrouwen, die meer geïnteresseerd zouden zijn in vrouwendingetjes:

‘Ik weet wel dat vrouwen over het algemeen minder excelleren in een heleboel beroepen en minder ambitie hebben. Vaak ook meer interesse hebben in gewoon meer familieachtige dingen enzo.’

En nu dan zijn stuk in het American Affairs Journal. De redactie geeft hem ruimte voor een bespreking van de meest recente roman van Michel Houellebecq, en Baudet neemt in het stuk de ruimte om voor eigen rekening door te mijmeren over de diepere betekenis die deze roman zou hebben. Met dat als excuus propageert hij vervolgens zijn eigen ideeën hoe het zou moeten met ‘de beschaving’, de ‘mensheid’, en de plek van mannen en vrouwen in die beschaving. Daarbij richt hij zijn pijlen vooral op het feminisme en vrouwen die daardoor op een verkeerd spoor zijn beland.

Met zijn betoog valt Baudet vrouwen aan op een manier die Kate Manne beschrijft in haar analyse van misogynie. In een patriarchale samenleving zoals we die hebben, ja, ook in Nederland, verwachten mensen dat vrouwen geven, stelt Manne. Mensen, in het bijzonder mannen, hebben recht op als vrouwelijk gecodeerde diensten en voorzieningen, zoals een schoon huis, aandacht, kinderen, steun zoals onbetaalde emotionele zorg, alles zodat hij zich lekker in zijn vel blijft voelen. Dat laatste is belangrijk want mannen mogen zich niet kwetsbaar tonen. Hun eigen vrouw moet opdraaien voor zijn emotionele arbeid, signaleert filosofe Briana Toole in een bespreking van Kate Manne’s model:

men are motivated to enforce the patriarchal social order because the norms that govern male behavior are so repressive that they cannot get “feminine-coded goods” except from women. This in turn motivates them to engage in misogynistic behavior, so as to ensure they can access these goods.

Vrouwen moeten dus geven en mannen hebben er baat bij dat zij de gewenste diensten en zorg van vrouwen blijven ontvangen. Op hun beurt mogen vrouwen in dit wereldbeeld geen aanspraak maken op als mannelijk gecodeerde verworvenheden, signaleert Manne. Mannen zijn degenen die recht hebben op een publiekelijk podium, status, geld, bijvoorbeeld in de vorm van een betaalde baan, zeggenschap over lijf en leven.

Torn je aan dit verwrongen normen- en waardenstelsel, dan breekt de hel los op manieren die Kate Manne nauwkeurig in kaart bracht en die in dit voorval rond Baudet de voorspellende waarde van haar model bewijzen. Vrouwen die deze als vrouwelijk gecodeerde diensten en voorzieningen niet willen geven, of alleen op hun eigen voorwaarden, overtreden het basisprincipe van geven. Ze krijgen vervolgens aanvallen te verduren van het type kil, onvrouwelijk, gemeen. Vrouwen die willen claimen wat van mannen is (in dit patriarchale stelsel van normen en waarden) zijn nog erger. Zij overtreden categorie 3 en verworden tot monsters, robotachtige, onechte wezens, enge bitches die goedschiks of kwaadschiks terug hun hok in moeten, anders volgt de Apocalypse.

Baudet beschrijft die totale ondergang van alles bijzonder beeldend, en verpakt zijn mening zelfs nog in het weeïge cadeaupapiertje van ‘domme gansjes, het is ook in jullie eigen belang dat we terugkeren naar de oude situatie’. Lees en huiver:

Today women, from an early age, are encouraged to pursue a career and be financially independent. They are expected to reject the traditional role of supporting a husband and strive instead for an “equal” relationship in which “gender roles” are interchangeable. But how has this really been working out for them? What hap­pens when they hit thirty? If they continue to work full hours, building a family becomes extremely difficult, if not impossible. This is why women in the Western world increasingly tend to have fewer children—if they even have them at all. Work and children then often limit the time available for the maintenance of a committed relationship, and rare are the lovers that both work full hours, rear children, and invest sufficiently in each other for the marriage to remain healthy over time. An inevitable result of all this is the demographic decline of Europe. Another outcome is constant con­flict, constant competition—and in the end, fighting, divorce, and social isolation—and a new generation of boys and girls growing up in such disfigured settings.

Om die ellende te stoppen moeten we volgens Baudet terugkeren naar aloude tradities. Concreet: dat vrouwen stoppen met carrières nastreven (= op een nare manier de concurrentie aangaan met de mannen voor wie betaalde banen eigenlijk bedoeld zijn). Vrouwen moeten weer dienen en zorgen. En, zoals hij elders in het stuk en eerder in publieke fora al liet merken, verplicht kinderen baren.

Mannen hangen er in deze voorstelling van zaken maar wat bij. De schijnwerpers zijn niet op hen gericht. Ze kunnen in deze opvatting buiten schot blijven en ongestoord doorgaan met wat ze altijd al deden of niet deden. Mannen zijn onproblematisch, doorgeschoten individualisme en feminisme zijn niet hun probleem, mannen hebben weinig te maken met het onderhouden van sociale relaties en het bieden van warmte en het opvoeden van kinderen, zij hebben geen schuld aan de ondergang van de westerse beschaving. Ja ja.

Het is volstrekt voorspelbaar dat Baudet een eigen inkomen van vrouwen en baas in eigen buik reserveert voor zijn felste kritiek. Beide, eigen geld en zeggenschap over je eigen lijf, zijn enkele van de fundamentele voorwaarden om te kunnen bepalen of je wil geven, en zo ja waarom, aan wie, hoe. Erger, je kunt weigeren het ondersteunen van mannen als je levenstaak te zien en (deels) ontsnappen aan sociale druk om terug je hok in te sluipen. Geen wonder dat het hebben van carrières en ongewenste zwangerschappen kunnen afbreken, Baudet zo zenuwachtig maken. Hij dreigt zijn grip op de vrouwtjes te verliezen en dat is heel, heel eng.

Iedereen, lees snel het boek Down Girl van Kate Manne. Besef waar dit vandaan komt en leer de boodschap verstaan, ook als het komt met de schaamlap van een literaire recensie en onder het mom van doormijmeren over het werk van een Franse auteur.

Verder lezen? De lente-nieuwsbrief van de American Philosophical Association is grotendeels gewijd aan besprekingen van, recensies over en uitbreidingen op Down Girl van Kate Manne. Manne reageert op de stukken en dat leidt tot allerlei mooie discussies die meer inzicht geven. Heel interessant en van harte aanbevolen.

WK voetbal komt eraan!

Het WK voetbal komt eraan. Duitsland begint goed met een aankondigings spotje dat meteen viraal ging. Geniet ervan en reserveer 7 juni (openingswedstrijd) alvast in je agenda!

Culturele prestigeproducties laten vrouwen vallen

Als Avenger’s Endgame en Game of Thrones één ding duidelijk maken, dan is het wel dat vrouwen er in deze verhalen zeer, zeer bekaaid vanaf komen. Ze gaan dood, om de ontwikkeling van mannen meer diepgang te geven of om mannendromen in vervulling te laten gaan. Of ze flippen zodra ze macht krijgen. De boodschap is steeds dezelfde: mannen gaan voor, vrouwen zijn eng en/of overtollig. Endgame draait al een tijdje dus dat zou ok moeten gaan, maar LET OP: SPOILER WARNING voor Game of Thrones.

Laten we beginnen met Endgame. Deze film-kolos domineert Nederlandse bioscopen en vormt het sluitstuk van een hele reeks Marvel films. Die hele serie – de verschillende Thor films, films rond Iron Man, Ant Man, de voorgaande Avengers ensemble titels, enz., allemaal zijn deze producties zwaar gedomineerd door mannen, zowel voor als achter de schermen:

Though the phrase “cinematic universe” implies showing viewers a vast, well, universe, it’s clear simply by examining the basic facts that we’ve been presented largely with a world featuring white men.

Als je gaat turven blijkt al snel dat vrouwen bijna geheel ontbreken bij het schrijven en regisseren van de verhalen. De enige (één, 1) vrouw die tot nu toe op dat vlak iets mocht doen, was Nicole Perlman. Ze was co-auteur van het scenario van Guardians of the Galaxy. Pas met het recent uitgekomen Captain Marvel komen er wat vrouwen bij: Anna Boden is mede scenarioschrijver en mede-regisseur van die film. Alle andere ruim 20 producties zijn maaksels van veelal witte mannen. En dat is zeer problematisch:

It’s not just about who is at the table, but what those people bring to the table and the work that comes from it—what we see onscreen and then how we process the world because of that.

Als je gaat turven wordt meteen pijnlijk duidelijk dat die witte mannen in bijna alle standalone films, op Black Panther en Captain Marvel na, kozen voor een witte man als hoofdpersoon. En verhalen vervolgens op zodanige wijze vertellen, dat vrouwen eindigen als het zichzelf opofferende hulpje van zo’n wit mannelijk personage, of de love-interest van een witte mannelijke hoofdpersoon, of degene die sterft. Bedenk bijvoorbeeld dat zowel Gamora als Black Widow de enige vrouw in verder geheel uit mannen en als mannelijk voorgestelde dieren bestaande ensembles zijn. En voilà, beide vrouwen sterven uiteindelijk.

De enige vrouw in de groep, en hup, dood. Wat een toeval (not). Bovendien krijgt hun dood veel minder aandacht – en dus ook minder gewicht, minder status – dan de dood van een enkele man. Black Widow komt in Avengers Endgame bijvoorbeeld nauwelijks meer ter sprake na haar dood, terwijl Iron Man geëerd wordt met tragische muziek en trage beelden van rouwende mensen en zijn uitvaart.

De dominantie van witte mannen leidt duidelijk tot blinde vlekken, vertekeningen in de beeldvorming, en een belabberde behandeling van vrouwelijke personages. Het leidt tot koppen zoals DC versus Marvel, welk filmuniversum is seksistischer?

Dan Game of Thrones. Ook dit betreft een cultureel prestigeproduct. De serie kluisterde acht seizoenen lang miljoenen mensen aan de buis en wordt wel gezien als het laatste televisie evenement waarbij iedereen verenigd naar hetzelfde kijkt. Ook in dit geval ontstaan de verhalen in de context van een enorme dominantie van witte mannen.

Ook hier kun je gewoon turven: het bronmateriaal zijn boeken van een witte man. Witte mannen David Benioff en D.B. Weiss waren de drijvende krachten achter de serie. Zet alle seizoenen en alle afleveringen op een rij, en al snel blijkt dat er slechts één (1) vrouwelijke regisseuse was, Michelle MacLaren, en drie vrouwelijke scriptschrijvers, te weten Jane Espenson, Vanessa Taylor en Gursimran Sandhu. Espenson and Taylor schreven bovendien voor het laatst iets voor episodes uit 2013 en kwamen daarna niet meer aan bod. Dat is het. Dat is alles. Voor de hele serie. Bij seizoen 8 ontbraken de vrouwen geheel.

De dominantie van mannen, mannen en nog meer mannen is helaas slecht nieuws voor de vrouwelijke personages. Net zoals in het Marvel filmuniversum zie je dat de mannen achter Game of Thrones zeer bedenkelijke keuzes maken rond hun vrouwelijke personages. Ze lijken deze personages wat autonomie en macht te geven, om ze daarna aan het einde compleet te verraden en/of voor gek te verklaren. The Daily Beast noemt dat de meest nare erfenis van de serie, deze manier waarop de makers vrouwelijke personages afbreken. Effe op een rijtje:

  • Sansa die in de aflevering The Last of the Starks beweert dat al het seksuele geweld haar tot een sterkere vrouw maakte. Bedankt, vrouwenmishandelaars en verkrachters, jullie deden goed werk!
  • Cersei als waanzinnige koningin, wreed en niet voor rede vatbaar, verblindt door het verlies van haar kinderen (iets wat de vader, Jaime, totaal niet lijkt te deren, hij blijft wel ”gewoon” functioneren – dubbele moraal)
  • De stoere Brienne eindigt in een soort huisgewaad terwijl ze haar man smeekt om haar niet te verlaten want ze is zo verliefd op hem en hij is zo geweldig en… en…. VERLAAT MIJ NIET, boehoehoe! Van haar functie aan het nieuwe hof ziet de kijker alleen dat ze de herinnering aan haar geliefde Jaime zo gunstig mogelijk voorstelt in de kronieken
  • Jaime wenste aan de zijde van zijn zus en geliefde te mogen sterven, en voilà, de mannelijke scenarioschrijvers en regisseurs geven hem dat. Niemand vraagt wat Cersei vindt, haar laatste scenes bestonden vooral uit wijn drinken terwijl ze passief uit het raam staart, en haar dood komt als een anticlimax.
  • Missandei, zo’n beetje de enige vrouw met een gekleurde huid die een rol van betekenis had, wordt onthoofd. Haar dood dient vervolgens vooral om het verhaal van een witte vrouw, Daenerys, te stutten
  • Daenerys – alle haar omringende mannen twijfelen of ze wel kan leiden en oorlog voeren, vanwege haar afkomst. Diezelfde mannen weten dat Jon Snow dezelfde afkomst heeft, maar zien dat bij hem vooral als bewijs dat hij een goede leider zal zijn. Dubbele moraal. Daarna tonen de mannelijke regisseur en scenarioschrijvers een aflevering later dat die wijven inderdaad, zoals verwacht, gek worden zodra ze daadwerkelijk een troon in zicht krijgen

Wat die laatste ontwikkeling betreft signaleert Business Insider dat de mannelijke makers in de personage van Cersei en Daenerys alle seksistische clichés rond vrouwelijke leiders tot walgelijke bloei brengen. Hun personages zijn te emotioneel instabiel om te leiden, en beiden eindigen in een Mad Queen versus Mad Queen catfight:

Though “Thrones” would never explicitly endorse the idea that women are unfit to rule by design, these moments implicitly add fuel to that bias. They strengthen the convictions of people who already hold that worldview.

Daarnaast signaleert onder andere feministe en auteur Sad Doyle dat deze verhalen uit de koker van mannen blijk geven van een diepe angst voor vrouwen die macht krijgen:

Men fear powerful women, because they know that women have always had cause to fear powerful men. Men fear that women’s power will be violent, because they use their power to rape, assault, and beat us. Men fear that women’s power will be temperamental and despotic — that they will be forced to fear our every mood swing and obey our every irrational whim — because men have been raised to believe that their women should tend to them, cater to their whims, hang on the thread of their good graces. Men don’t fear “female power,” in the abstract. They fear being treated like women; they’re afraid that, when we win, they die.

In dit wereldbeeld, signaleert Doyle, zien mannelijke makers liever dat een vrouw overgeleverd is aan de mannen om haar heen en allerlei (seksueel) geweld over zich heen krijgt. Ze mag dan een slachtoffer zijn, maar als mens is ze in ieder geval nog ”goed”, moreel deugt ze:

….when Daenerys goes nuts, and becomes a wicked genocidal dictator who must be deposed, I am remembering her rape scene. Basic story logic: That was the beginning of her arc, this is the end, and we are being asked to see what has changed. It was a journey from powerlessness to power, but now we know this makes it a journey from good to evil, too. What you are telling me, when you make Daenerys a power-mad despot, is that it was better for her to be powerless. It was better for her to be on her knees, with a stranger’s dick forced inside her, than it was for her to be a queen. Power turns Dany bad, and her badness hurts everyone, so it was better for the whole world for that little girl to get raped, over and over and over, than it was for her to find her power.

In dat verwrongen wereldbeeld ben je als vrouw altijd de klos. Je staat bloot aan eindeloze agressie. Maar zodra je als vrouw wat zeggenschap krijgt over wat er met je gebeurt, zijn de rapen helemaal gaar. In die situatie lijkt het voor de mannelijke makers de enige normale keuze om een man in de buurt te hebben, die zo’n waanzinnige vrouw vermoordt zodra ze te gevaarlijk wordt. Dat overkomt Daenarys uiteindelijk. Het is zo’n dom, seksistisch einde voor een van de meest fascinerende figuren uit de serie, dat zelfs actrice Emilia Clarke in het openbaar kritiek uitte op deze gang van zaken:

…after just one pep talk from Tyrion about how someone really ought to stop that crazy lady, Jon is able to walk up to an inexplicably unguarded Daenerys and stab her? The Mother of Dragons left not with a bang, but with a whimper. […] Emilia Clarke admitted to struggling with it, saying in a recent interview that she still “stands by” Daenerys. “If I were to put myself in [Jon Snow’s] shoes,” she said. “I’m not sure what else he could have done aside from … oh, I dunno, maybe having a discussion with me about it?Ask my opinion? Warn me?

Maar in een wereld vol bange mannen is dit niet aan de orde. De heks moet dood. DOOD!!! Zie ook Kate Manne’s nu al klassieke werk Down Girl – the logic of misogyny. De serie, die vanaf het begin al kon rekenen op ladingen kritiek vanwege de vele seksistische elementen in het verhaal, komt aan het slot uit op een plat ‘bitches are crazy’ en redding moet van witte mannen komen. Meer zit er niet in bij de heren schrijvers en regisseurs.

Wetenschap legt achterstelling vrouwen bloot

Weblog De Zesde Clan houdt van feiten. We kunnen roeptoeteren wat we willen, maar gedegen uitgevoerd wetenschappelijk onderzoek biedt feiten en analyses waar je als weldenkend mens niet omheen kunt. Daarom besteed ik graag aandacht aan een aantal onderzoeken, die de Nederlandse algemene media nauwelijks haalden, maar die wel degelijk van belang zijn om beter te begrijpen waarom vrouwen en meiden nog steeds geen gelijke kansen hebben. Komen ze:

SPORT. Eveline Pels dook in 2016 voor haar Masterthesis sportbeleid & sportmanagement, Universiteit Utrecht, in de belevingswereld van meisjes tussen de 10 en 12 jaar. Dit om te achterhalen waarom meisjes in Amsterdam veel minder vaak deelnemen aan sport dan jongens van diezelfde leeftijd. Haar conclusies liegen er niet om.

Het niet voldoen aan de norm, zowel op het gebied van gender als lichamelijk, brengt kritiek, pesterijen en onzekerheid met zich mee wat vervolgens invloed heeft op de sportparticipatie van meisjes. Masculiniteit is binnen veel sport- en beweegactiviteiten leidend, waardoor meisjes zich niet altijd prettig en geaccepteerd voelen tijdens sport- en beweegactiviteiten. Ook is de zichtbaarheid van het afwijkende lichaam een reden voor meisjes om niet te sporten, of om zich anders te gedragen, omdat zij het gevoel hebben dat ze bekeken worden. Voornamelijk de zogenoemde ‘male gaze’, het gevoel bekeken te worden door mannen, heeft invloed op het handelen van meisjes tijdens sport.

GEWELD: Maar liefst 22% van de Nederlandse vrouwen heeft ervaring met seksueel geweld. 52% van de meisjes voelt zich zo onder druk gezet door jongens, dat ze aan seks beginnen voordat ze er zelf klaar voor zijn. Hoofdonderzoeker Melissa Palmer van de London School of Hygiene and Tropical Medicine pleit voor betere voorlichting op school. Daarnaast rapporteert een kwart van de vrouwen dwang rond hun reproductieve rechten. In een kwalitatieve studie van de Bournemouth University bleek dat partners condooms doorprikken of stiekem afdoen om hun vriendin ongewild zwanger te maken. En hoewel de cijfers rond dodelijk geweld in het algemeen dalen, vertoont fataal geweld tegen vrouwen juist een flinke stijging. In bijna alle gevallen betrof het mannen die het nodig vonden hun partner of ex-partner te vermoorden.

VOOROORDELEN: Vrouwen navigeren even goed als mannen in het verkeer. Toch leven mannen in de waan dat zij het beter doen dan vrouwen. Dat ontdekten onderzoekers van de Universiteit Leiden. De feiten wijzen uit dat gender niet uit maakt voor je gedrag in het verkeer. Wat wél uitmaakt is leeftijd: hoe ouder, hoe vaker het mis gaat.

POLITIEK: Hoe rechtser de politieke partij, hoe minder vrouwelijke kandidaten op lokale kieslijsten. De SGP trekt de cijfers behoorlijk naar beneden, omdat deze partij zo vijandig staat tegenover politiek actieve vrouwen. Voor de lijsten bij de aanstaande Provinciale Statenverkiezingen staat de teller bij de mannenbroeders bijvoorbeeld op nul vrouwen. Veel partijen, zoals de VVD, hebben daarnaast geen specifiek beleid om het aandeel vrouwen te vergroten. Druk komt van de kiezers. De actie Stem op een Vrouw was de vorige keer zeer succesvol. Zo kruipt het percentage vrouwen in de Nederlandse politiek tóch langzaam omhoog.

BONUS: deze handige woordenlijst, zodat je weet wat iemand bedoelt als die zegt dat iemand ‘woke‘ is geworden

Vergeten vrouwen komen terug in beeld

Decennia lang stonden de vrouwen anoniem op foto’s van opgravingen van het prehistorische dorp Skara Brae. Het waren toeristen, heette het. Dagjesmensen die het leuk vonden om de beroemde archeoloog Gordon Childe aan het werk te zien.  Nu pas, anno 2019, krijgen de vrouwen een naam. En blijkt dat zij net als Childe archeoloog waren, en als professionals meewerkten aan de opgravingen.

Professor Dan Hicks, van de universiteit van Oxford, gebruikte social media om de vrouwen op de foto’s een identiteit te geven. Via Twitter vroeg hij of iemand de vrouwen herkende. Dat beroep op collectieve wijsheid werkte. Familieleden gaven de namen: Margaret Simpson, die genoemd wordt door Childe in zijn verslag van het onderzoek naar Skara Brae, Margaret Mitchell en Mary Kennedy, afgestudeerde archeologen, en Dame Margaret Cole, die als archeologe werkte voordat ze begon aan een carrière als schrijfster van misdaadromans.

Dat de vrouwen weggezet werden als toeristen is opmerkelijk, omdat de foto’s duidelijke aanwijzingen geven dat ze aan het werk waren. Verblind door de overtuiging dat alleen mannen als archeoloog meewerkten aan de opgravingen van 1929, zag iedereen over het hoofd dat een van de vrouwen gereedschap vasthoudt. En dat er een laag modder op hun stevige schoenen zit, zodanig dat ze overduidelijk dag in dag uit in de kuil hadden gestaan.

Dit geval van ziende blind zijn staat helaas niet op zichzelf. Zo gingen archeologen er decennia lang klakkeloos vanuit dat het skelet in een Vikinggraf van een man moest zijn, als er een zwaard bij lag. Zwaard = man, duidelijk. Pas toen jaren later serieus onderzoek plaats vond naar de skeletten, bleek ongeveer de helft van de graven met zwaard van een vrouw te zijn. Opeens kantelde het beeld – de helft van de stoere Vikingkrijgers was vrouw. Vrouwen deden gewoon mee aan invasies.

Hetzelfde gebeurde in versterkte mate met een beroemde vondst uit Zweden. In de late negentiende eeuw vonden archeologen het graf van een overduidelijk belangrijk persoon. Het skelet lag begraven met twee paarden, prachtig bewerkte schilden, een strijdbijl, zwaarden, pijl en boog. Dit moest wel een grootse Vikingleider (m) zijn geweest. Rond 1970 vond botonderzoek plaats en ontstond voor de eerste keer twijfel. Misschien was het een vrouw. Dat kon niet:

But the grave goods! Forget the physical characteristics of the skeleton itself, the occupant had to be male.

Het duurde tot 2017 voordat verder onderzoek onomstotelijk bewees dat deze Vikingkrijger een krijgster was. Met grote krantenkoppen tot gevolg.

Je vraagt je af hoeveel andere vrouwen de geschiedenis uitgeschreven zijn. Wie kent Gwerful Mechain nog? Deze dichteres uit Wales schreef in circa 1480 een ode aan de vagina, en componeerde een poëtische vloek om vrouwenmishandelaars schrik aan te jagen:

A dagger through your heart’s ire—on a slant
To reach your breast bone
May your knee break, your hand wither
And your weapons go to your enemies.

Je kunt zó de lijn doortrekken van de middeleeuwen naar de Vagina Monologen van Eve Ensler, en werken over mannelijke agressie en (seksueel) geweld tegen vrouwen van de eerste, tweede, derde, vierde, vijfde feministische golf. Zolang de situatie niet fundamenteel verandert, blijven vrouwen protesteren tegen misstanden en minachting. We hebben wat dat betreft een zeer lange geschiedenis van verzet en revolutie.

In ieder geval zorgt de huidige generatie ervoor dat steeds meer vergeten vrouwen terug in beeld komen. Ook in Nederland. Dankzij historica Els Kloek en collega’s beschikken we nu over een overzicht van 1001 vrouwen uit de Nederlandse geschiedenis. Superhandig als een straatnamen commissie voor de zoveelste keer niet verder komt dan oude witte mannen – het percentage van slechts 12% straten vernoemd naar een vrouw kan probleemloos stijgen naar 50%. Kijk maar in het boek van 1001 vrouwen en het vervolg, 1001 vrouwen uit de twintigste eeuw. Zo krijgen vrouwen opnieuw een gezicht, herinneren we hun namen weer. Els Kloek:

“Vrouwen waren betrokken bij grote gebeurtenissen zoals de kiesrechtstrijd, de Tweede Wereldoorlog, de wederopbouw en de jeugdrevolte. Maar ook minder bekende gebeurtenissen komen aan bod. Zo weten weinig mensen dat Beatrix de Rijk als eerste Nederlandse vrouw in 1911 een vliegbrevet haalde en dat vanaf 1958 een vrouw, Jakoba Mulder, als directrice van de Dienst Publieke Werken jarenlang alle stedenbouwkundige beslissingen in Amsterdam nam.”

Ook in andere landen schrikken mensen wakker. Zo kreeg de Amerikaanse krant New York Times kritiek omdat de door de redactie geschreven overlijdensberichten – in de V.S. een gezaghebbend genre journalistiek – zich voornamelijk op mannen richtte. Alsof vrouwen niks betekenden.

De redactie begon daarop project Overlooked – over het hoofd gezien. Lezers konden kandidaten aandragen voor een postuum bericht over hun leven en werk, en de redactie dook in de eigen archieven. Nu, een jaar later, blijkt dat de rubriek een belangrijke rol speelt in de bewustwording. Mensen zijn alerter op de prestaties van vrouwen, aandacht voor hun rol verbreed je horizon, en het project vergroot de betrokkenheid van lezers bij de krant. Win-win-win. Dat er nog maar vele ontdekkingen mogen volgen.

De voorspellende waarde van Kate Manne’s model

Kate Manne schreef een boek over vrouwenhaat, Down Girl, en formuleerde daarin een model. Ze doet dat volgens de strikte discipline van de filosofie, met heldere afbakeningen, duidelijkheid over wat een term precies inhoudt, en logische stappen die je zelf kunt volgen. Op die manier ontwikkelt ze een model met een voorspellende waarde. Als randvoorwaarden A, B en C aanwezig zijn, volgt automatisch uitkomst D. Dat betekent dat je redelijk goed kunt voorspellen welke vrouwen in welke situaties in de problemen komen, omdat wij als samenleving op een bepaalde manier denken over en reageren op vrouwen.

Het belangrijkste inzicht van Down Girl is dat het bij misogynie niet zomaar gaat om openlijke haat. Samenlevingen zien vrouwen in principe als mensen maar, meer specifiek, als menselijke gevers. Pas als vrouwen niet geven, doemt agressie op. Andere feministen en wetenschappers zoals Claudia Card, gingen haar voor. Card omschreef misogynie bijvoorbeeld al eerder als

“the term feminists apply to the most deeply hostile environments of and attitudes toward women and girls and to the cruelest wrongs to them/us, regardless of whether perpetrators harbor feelings of hatred… evils perpetrated with aggressive (often armed) use of force and violence against women.”

Maar Manne brengt het geheel samen en voorziet het van een rijke context, met normen en regels. Zoals het onderscheid met seksisme. In de woorden van Kate Manne praat seksisme het geverschap van vrouwen goed met een beroep op de ratio. Godsdienst, de wetenschap en Mars en Venus theorieën ‘bewijzen’ dat vrouwen van nature of vanuit een door een godheid opgelegde wet automatisch en vanzelfsprekend geschikt zijn voor die rol, en die rol dus ook moeten vervullen. Misogynie is wat er gebeurt als seksisme faalt. Seksisme is het theorieboek met de regels, misogynie de heksenjacht en de brandstapel, zoals Manne dat beeldend uitlegt.

In een patriarchaal wereldbeeld ontstaat zodoende, gesteund door seksisme en gehandhaafd door misogynie, een specifiek patroon van geven en nemen:

  • Zij moet vrouwelijk gecodeerde goederen en diensten geven, zoals: aandacht, bewondering, sympathie, genegenheid, seks, kinderen, huishoudelijke arbeid, emotionele arbeid, en diversen, zoals het bieden van een veilige haven aan mannen, troost, comfort, voeding (zowel letterlijk als spiritueel, geestelijke voeding, inspiratie, oppeppers)
  • Hij heeft het recht om als mannelijk gecodeerde goederen en diensten op te eisen, zoals macht, prestige, publieke erkenning, respect, geld, weelde, hiërarchische status, opwaartse mobiliteit (de glazen lift, zeg maar), en de status die je verkrijgt als je een vrouw aan je zijde hebt die je helpt, steunt, die van je houdt en dat ook openlijk toont. Mannen hebben ook recht op hempathie. Als mannen in de problemen komen, verdienen ze het voordeel van de twijfel, plus steun en troost in hun moeilijke situatie.

Dit gendergerelateerde geven en nemen leidt tot een aantal nader uitgewerkte plichten voor vrouwen. In het model van Kate Manne zijn vrouwen verplicht om te geven aan iemand, bij voorkeur een specifieke man die sociaal gezien haar gelijke of haar superieur is. Deze mannelijke ontvanger stelt onbewust hoge eisen aan dat geven. Het moet welgemeend zijn, uit liefde. Is het niet uit liefde, dan wordt het geven al snel dubieus. De vrouwelijke gever moet bovendien eerlijk en oprecht zijn. Een man kan bijvoorbeeld geen veilige haven ervaren, als de vrouwelijke aanbieder van die veilige haven innerlijk al is afgehaakt en nadenkt over het aanvragen van een scheiding.

Om de kans te vergroten dat vrouwen zich schikken in hun geverschap aan hem, zullen mannen vaak een bepaalde mate van macht over hun vrouwelijke gever willen hebben. Het is bijvoorbeeld fijn als hij meer verdient dan zij, want dan is de drempel hoger voor de vrouw om weg te gaan. Alles wat haar ruimte geeft om nee te kunnen zeggen, is bovendien verdacht. Een eigen inkomen, bezit, reproductieve rechten, allemaal heeeeeel eng, gezien door de ogen van een man die gebruik wil blijven maken van haar diensten. Zoals Mineke Schipper een Nederlands gezegde citeert: ”Een vrouw is het beste meubelstuk in huis: je kunt haar in alle kamers gebruiken’’. En dat wil je als man graag zo houden.

Manne doet op basis van dit uitgangspunt een aantal voorspellingen, die je daarna aan de hand van allerlei gebeurtenissen, voorbeelden en incidenten kunt toetsen. De belangrijkste luiden als volgt:

  1. Als hij zonder pardon pakt wat zij eigenlijk ‘vrijwillig’ zou geven, hebben we als samenleving de neiging zijn gedrag te vergoelijken. Hij had het zwaar, hij bedoelde het niet zo, hem straffen zou hem buitenproportioneel schaden. Laten we vergeven en vergeten. Boys will be boys. Zij moet niet zo zeuren (en blijven geven).
  2. Als zij vraagt om als vrouwelijk gecodeerde diensten en goederen, kent ze haar plaats niet. Als zij zorg, troost, maatschappelijke erkenning of een veilige haven wil, zit ze per definitie fout – dat zijn dingen die zíj aan mannen moet geven, niet iets waar ze zelf om kan vragen.
  3. Als ze iets vraagt of opeist wat alleen aan hem is om te nemen, zit ze per definitie fout. Het is niet aan haar om dat te doen. Ze kent haar plek niet. Ze kaapt of steelt iets wat aan mannen toebehoort. Ze is corrupt, egoïstisch, onecht, een kille robot op een plek waar ze niet thuishoort, ze pikt de plek in van iemand anders (een man), schande!

Met die normen en de uitwerking daarvan in het achterhoofd, kun je allerlei uitkomsten voorspellen. In verkrachtingszaken – regel 1, hij “pakt” de seks die zij zou moeten geven- heeft de patriarchale cultuur er baat bij om de man te stutten en te steunen, zodat hij niet valt of in ieder geval niet te diep valt. Dat betekent dat de vrouw in kwestie geconfronteerd wordt met een gat in overtuigingskracht. Zij zal wel liegen, zij claimt onterecht de status van slachtoffer, ze heeft oneerlijke motieven, ze is onbetrouwbaar. Als het gaat om zijn woord tegen het hare, wint hij meestal, tenzij het bewijs overweldigend duidelijk is.

Gaat het om seksuele intimidatie, dan zijn er gemiddeld vier a vijf aanklachten van vrouwen nodig, voordat het gedrag van een man überhaupt bespreekbaar wordt. Dat hangt samen met situatie 2: Hij heeft recht op zorg en veiligheid, of erkenning voor zijn status, zij niet. Als vrouwen om zorg en veiligheid vragen, gebeurt er meestal niks. Veel vrouwen krijgen nooit hun recht, en zoals hierboven geschetst gunnen we mannen hun tweede, derde, vierde en vijfde kansen. Er moet heel veel gebeuren, voordat een man echt in de problemen komt. Zoals filmbaas Harvey Weinstein: jarenlange geruchten, tientallen vrouwen die uiteindelijk in de openbaarheid treden, eerdere aanklachten van verkrachting die in de doofpot verdwenen, uiteindelijk een rechtszaak, en dan nog is het twijfelachtig of de zaak stand kan houden. Machtige mannen genieten allerlei vormen van bescherming.

Gaat het om roem en eer, dan snap je meteen waarom internethordes briesend ten strijde trokken nadat wetenschapster Katie Bouman niets verkeerds deed. Ze waagde het alleen om vreugde te tonen vanwege een doorbraak: de eerste foto ooit van een zwart gat. Mensen vonden het Eureka moment en haar oprechte vreugde zo leuk, dat ze een foto van een blije Bouman deelden. Vervolgens ontstond onmiddellijk een backlash: Bouman zou nauwelijks een aandeel gehad hebben in het wetenschappelijke succes, een man zou al het werk gedaan hebben, vuile feministen zaten fout toen ze Bouman ten onrechte op wilden voeren als een voorbeeld voor vrouwen in de wetenschap. Leugen na leugen na aanval na aanval.

In dit voorbeeld overtraden mensen bewust of onbewust duidelijk regel drie. In deze context: mannen zijn wetenschappers. Mannen zijn de eenzame genieën. Roem en eer zijn voorbehouden aan mannen. Bouman is in die optiek een fraudeur die terug naar de keuken moet. En zoals feministe Jil Filipovic terecht stelt: de internettrollen die Bouman belaagden, zijn alleen maar de meest expliciete, agressieve woordvoerders van standpunten die talloze mensen innemen, alleen dan implicieter,  of overtrokken met een vernislaagje beleefde minachting. Regel drie was ook de reden waarom Manne het verlies van Hillary Clinton kon voorspellen, voordat de verkiezingen van 2016 plaats vonden, en er niet raar van opkijkt dat 2019 dezelfde soort vrouwvijandige dynamieken vertoont. Je kunt het voorspellen: het presidentschap is aan mannen om te nemen. Vrouwen moeten wegblijven.

Enfin, bestudeer de regels, en lees daarna de krant/internet. Gegarandeerd dat je opeens gaat zien waarom een PVV politica die abortus wil verbieden, en in ieder geval moeilijker wil maken, nauwelijks een onvertogen woord hoort, terwijl iemand als Bouman de volle laag krijgt vanwege blijdschap om wetenschappelijk succes. En wees alert als je omgeving druk uitoefent om met de komst van je eerste kindje stappen terug te doen op het gebied van je inkomen. Hoe minder financiële ruimte je hebt, hoe groter de macht van een man om op te blijven eisen wat je later tijdens de rit misschien niet meer wil geven.

Maya Dusenbery breekt lans voor goede zorg aan vrouwen

Na het lezen van Doing Harm, van journaliste Maya Dusenbery, ben ik extra blij dat Women Inc en mensen zoals hartspecialist Angela Maas in Nederland actie voeren om vrouwen beter medisch te behandelen. Dusenbery boog zich over de behandeling die vrouwen ten deel valt in de spreekkamers van artsen. Zodra onduidelijk is of klachten een lichamelijke oorzaak hebben, zal het wel tussen de oortjes zitten. En omdat er zo weinig onderzoek plaats vind naar ‘typische vrouwenziektes’, zijn er volop leegtes waar artsen zulke vooroordelen in kunnen gieten. Zo ontstaat een vicieuze cirkel.

Dusenbery richtte Feministing.com op, een grote feministische website in de V.S. Alles verliep op rolletjes totdat ze opeens klachten kreeg en terecht kwam in een medisch circuit, gekenmerkt door artsen die geen onderzoek deden, steeds zieker worden, andere artsen opzoeken, weer weggewuifd worden, totdat uiteindelijk de diagnose reumatische artritis volgde en artsen haar eindelijk serieus namen. Die ervaring leidde tot het doen van onderzoek, het interviewen van artsen en patiënten, en een duik in de archieven. En tot de publicatie van het lovend ontvangen boek Doing Harm.

Dusenbery bleek geen uitzondering – wat haar overkwam,  geldt als routine voor talloze vrouwen. Die vicieuze cirkel van weinig kennis en dan geen extra onderzoek doen, maar terugvallen op vijandige stereotypen over vrouwen, leidt tot veel schade. De ondertitel van het boek vat dat prima samen. Vrij vertaald: ‘hoe slechte medicijnen en luie wetenschap vrouwen ziek achter laat, met misdiagnoses en onterechte afwijzingen’. (Als een uitgeverij zorgt voor een goede Nederlandse vertaling komt een professional vast tot een betere zin.)

Dat niet serieus nemen, niet herkennen, klachten op stress of hysterie gooien, kost letterlijk levens. En een moeizaam bestaan vol ziekteverzuim, pijn en een drastische vermindering van levensgeluk. Zie voor veel meer informatie Women Inc. en campagnesite van Behandel me als een dame. Of interviews met hoogleraar cardiologie Angela Maas.

Toch biedt het boek van Dusenbery hoop, naast allerlei veelbetekenende inzichten. Wat ik er uit meeneem:

  • Dusenbery ziet het wegwuiven van vrouwen als een autoriteitskwestie:

This is a crisis of authority, Dusenbery argues. Women are regarded as unreliable narrators who can’t even be trusted to speak for themselves or to testify to their own pain. In “Doing Harm,” this cultural distrust of women — ancient and ingrained — is shown to govern quality of care at every stage of treatment. Women with abdominal pain wait in emergency rooms for 65 minutes compared with 49 minutes for men, and young women are seven times more likely to be sent home from a hospital while in the middle of a heart attack.

  • Artsen zagen onbekende vrouwenziektes in eerste instantie vaak als ‘typisch iets voor gefrustreerde, hysterische blanke middenklasse dames’ die teveel energie steken in onvrouwelijke activiteiten zoals een carrière. Maar dat is het paard achter de wagen spannen. Alleen vrouwen die de tijd, de middelen en het geld hadden om door te zetten totdat iemand serieus onderzoek deed naar hun klachten, konden uiteindelijk een goede diagnose en correcte behandeling bevechten. Dat waren inderdaad witte vrouwen uit gegoede milieus. Nader onderzoek wijst altijd uit dat de aandoening ook, of juist vaker, voorkomt bij vrouwen met een gekleurde huid en uit armere lagen van de bevolking.
  • Verschillende aandoeningen werden, voordat er feitelijke diagnoses gesteld konden worden, gezien als ziektes van hysterische vrouwen die zich niet aan wilden passen aan ‘de vrouwelijke rol’. Vrouwen moesten zich gewoon schikken in een slecht huwelijk, of een kind baren, dan zouden de klachten verdwijnen als sneeuw voor de zon. De ‘het zit tussen je oortjes’ misdiagnose kent zodoende een duistere, vrouwenhatende ondertoon: terug in je hok, vrouw.
  • Zodra vrouwen voet aan de grond kregen in de medische wereld, kwam er meer aandacht voor ziektebeelden die vaker bij vrouwen voorkomen dan bij mannen. Vanaf de jaren tachtig van de vorige eeuw gaat er eindelijk geld naar onderzoek, en komen er betere diagnoses en behandelingen.
  • Internet was een zegen. Patiënten van onbegrepen aandoeningen vonden elkaar op internet, wisselden symptomen uit zodat uit die berg een patroon naar voren kwam, verwezen elkaar naar artsen die de klachten wél serieus namen, wapenden zich met kennis en dwongen goede behandelingen af. Dusenbery erkent dat het idioot is dat je als patiënt beter geïnformeerd moet zijn over je ziekte dan de arts, maar totdat de medische wereld bij is en evenveel over vrouwenlijven weet als over mannenlijven, blijven patientenverenigingen cruciaal
  • Onder druk van patientenverenigingen nemen ook de investeringen in onderzoek toe. Vervolgens zijn het vaak vrouwelijke wetenschappers die ‘vrouwenziektes’ onder de loep nemen.
  • Zelfs als alles eindelijk goed geregeld is, blijft de situatie helaas moeizaam. Zo heette migraine een hysterisch vrouwending te zijn, totdat goed onderzoek uitwees dat het een hersenaandoening is. Het label hysterisch is er vanaf: artsen weten wat het is, kunnen de diagnose stellen, en er zijn medicijnen die helpen. Toch geldt migraine in onderzoeksland als een suf thema waar geen eer aan te behalen valt, want het is een wijvending, ontdekte Dusenbery.
  • En opnieuw zie je dat vooral vrouwen alsnog aan de slag gaan met dit soort ‘status-loze’ onderwerpen. Bij het Leids Universitair Medisch Centrum en de Erasmus Universiteit doet bijvoorbeeld een team vrouwelijke neurologen, artsen en farmacologen onderzoek naar de link tussen hormonen en migraine bij vrouwen. Vrouwen weten uit ervaring allang dat die link bestaat, maar er is geen feitelijk bewijs, en dat bewijs ontbreekt omdat er nooit officieel, volgens de regelen der kunst, onderzoek naar is gedaan. Waardoor er geen goede behandelingen komen en artsen moeten experimenteren met pillen die eigenlijk voor andere aandoeningen bedoeld zijn. Nu komt er onderzoek, en hopelijk helpt dat in de toekomst talloze migrainepatiënten om de kwaliteit van leven te verbeteren.

Enfin, kennis is macht. Leve internet – als groep optrekken voorkomt dat je als hysterisch individu weggewuifd kunt worden. Als vrouwen doordringen tot mannenbolwerken, kunnen ze op een gegeven moment de agenda mede bepalen en aandacht opeisen voor ‘vrouwendingen’. Er is hoop!

Verder lezen: behalve Doing Harm kwamen er in de V.S. bijna tegelijkertijd nog twee andere boeken uit over de crisis in goede gezondheidszorg aan vrouwen, te weten “Ask Me About My Uterus,” geschreven door by Abby Norman, en “Invisible,” van Michele Lent Hirsch.

Siriz trekt zich terug uit anti abortus campagne

Omstreden ”hulpverlener” Siriz heeft zich teruggetrokken uit de Veenendaalse stichting platform Zorg voor Leven. Dit platform houdt zich onder andere bezig met de organisatie van anti abortuscampagne Week voor het Leven. Het afscheid van Siriz staat in het beleidsplan 2019 van de stichting:

De Stichting Siriz en de Vereniging ter Bescherming van het Ongeboren Kind hebben per 13 februari 2019 hun deelname beëindigd.

In december 2018 kwam Siriz volgens de Groene Amsterdammer nog in opspraak ”naar aanleiding van negatieve uitingen over abortus (inmiddels verwijderd) op de website van de Week van het Leven”.

Dat Siriz zich terugtrekt, samen met zusterorganisatie VBOK, is op zich fijn. Tegelijkertijd is dit de zoveelste aanwijzing dat Siriz samen optrekt met de radicale VBOK ( beide organisaties worden in een adem genoemd). En dat Siriz zich naar buiten toe neutraal voordoet, en van de overheid nog steeds omvangrijke subsidies krijgt voor hulpverlening aan ongewenst zwangere vrouwen, maar ondertussen verstrengeld is met anti abortus initiatieven.

Dat deze verstrengeling niet anders kan dan hun “neutrale” hulpverlening aantasten, dringt steeds meer door tot de Tweede Kamer. Als het gaat om de week voor het leven:

Siriz is een van de initiatiefnemers van die campagne. Dit komt de objectiviteit en geloofwaardigheid van de door Siriz geboden keuzehulpverlening niet ten goede, vindt een meerderheid van de Tweede Kamer.

Abortus stoppen is het expliciete doel van het platform en de week durende campagne. Het beleidsplan van Zorg voor Leven omschrijft dat in diplomatieke termen als volgt:

De stichting is op 19 juli 2002 opgericht en heeft ten doel dat de beschermwaardigheid van het menselijk leven als centraal uitgangspunt wordt genomen in het bijzonder in de sector zorg en welzijn, maar ook daarbuiten, en dat deze wordt verankerd in de wetten en maatregelen van de overheid die deze sector en daarbuiten raken. […] De intentie is om in het najaar van 2019 opnieuw een Week van het Leven organiseren. Door leden van het Platform zullen er allerlei activiteiten worden georganiseerd.

Siriz heeft zich nu teruggetrokken uit de organisatie, meer vermeldt de Week van het Leven nog steeds op haar website (raadpleging 31 maart 2019) De organisatie houdt het erop dat Siriz ”via sociale media en door bijdragen in landelijke dagbladen diverse verhalen [publiceert] van vrouwen die te maken hebben gehad met een onbedoelde zwangerschap”. Klinkt neutraal, alleen spreekt Siriz van ‘onbedoeld’ zwangerschappen, veelzeggend omfloerst taalgebruik, en komt het er geheel toevallig altijd op neer dat de vrouwen in de filmpjes besluiten af te zien van abortus en/of enorm gebukt gaan onder vreselijke spijt. Dat past precies bij de insteek van andere anti abortus organisaties en platform Zorg voor Leven.

Het platform maakt in het beleidsplan 2019 verder inzichtelijk dat de SGP en de ChristenUnie meewerken aan de anti abortus campagne, samen met organisaties die trots ‘pro life‘ melden in hun naam. Zoals Stirezo Pro Life, en Pro Life Verzekeringen. Daarnaast blijkt Zorg voor Leven voornamelijk een zaak van witte mannen. Het bestuur telt slechts één vrouw, in de ondersteunende functie van secretaris/penningmeester, en bestaat uit:

  • De heer D.J.H. (Diederik) van Dijk, voorzitter
  • Mevrouw G.J. (Gerda) de Pater, secretaris/penningmeester
  • De heer A.B. (Bart) Bouter, bestuurslid
  • De heer P.C. (Peter) Hildering, bestuurslid
  • De heer S. (Sander) Luitwieler, bestuurslid

Het is niet genoeg dat Siriz zich een aantal weken geleden terugtrok uit dit platform. De organisatie ontvangt nog steeds ruim 1,5 miljoen euro per jaar om direct of indirect hun anti abortus standpunten door te drukken. Dit terwijl daadwerkelijk neutrale organisaties zoals het FIOM de (financiële) steun van de overheid juist steeds meer op zien drogen. Het kabinet doet er goed aan de subsidie af te bouwen of te stoppen, en FIOM meer armslag te geven.

Vaarwel, Vonda McIntyre….

Ai, wat jammer. Vonda McIntyre, SF auteur en winnares van de Hugo en Nebula Award, overleed eerder deze week op 70-jarige leeftijd. Nederlandse uitgeverijen brachten vertalingen op de markt van haar romans en verhalen Droomslang, Kamp Schroefkop en De Banneling. Daarnaast is ze bekend van StarWars verhaal De Kristallen Ster, en de romanversie van Star Trek film De Wraak van Khan. Maar ze schreef veel meer, dus wie de Engelse taal beheerst kan haar lol op en prachtige romans ontdekken. Vlak voor haar dood voltooide ze nog een laatste roman, Curve of the World.

Dat is het nadeel als je SF begint te lezen in de jaren tachtig: de grootheden die destijds indruk maakten, bereiken nu allemaal de leeftijd waarop ze langzamerhand komen te overlijden. Ik schreef eerder al over leven en werk van Joanna Russ. Sheri Tepper , Octavia Butler en Ursula LeGuin, andere auteurs wiens werk me raakte. En nu dus Vonda McIntyre.

Ik ontdekte haar in de jaren tachtig, zoals zo vaak tijdens bezoekjes aan plekken waar ze tweedehands boeken verkochten. Ik deed mijn voordeel met wat ik toevallig aantrof. En omdat ik in die tijd mijn feministische bewustzijn ontwikkelde, was ik misschien extra gevoelig voor schrijfsters die afweken van traditionele SF met witte mannen in de hoofdrol en vrouwen alleen aanwezig als klapvee, slachtoffer of liefje van. Lees bijvoorbeeld dit verslag van een journalist die de ‘klassieken’ herlas. De verhalen komen anno nu (2015) schokkend seksistisch en racistisch over. Je zou het genre bijna in de prullenbak gooien:

It was the repeated emphasis of the relative powerlessness of women, their status of objects or things to be won, that almost makes me want to write off the whole genre as a lost cause. […] There was also the utter lack of imagination when it came to putting women in danger. While male characters were faced with death (which, is a pretty good motivating force for anyone) there were so many books where to put a woman in danger was to have her raped,  threatened with rape or threatened some other sort of sexual servitude.

Daarom was en is het werk van schrijfsters zo belangrijk: ze ondermijnden of doorbraken het witte man als held- stereotype, sloegen nieuwe wegen in, dachten na over rolpatronen en gaven ons complexe heldinnen die hun eigen verhalen vertelden.

Vonda McIntyre las in haar jeugd veel science fiction en begon al op jonge leeftijd haar eigen verhalen te schrijven. In 1971 richtte ze een schrijversgroep op, Clarion West Writer’s Workshop. Het korte verhaal Of Mist, and Grass, and Sand ontstond een jaar later naar aanleiding van een schrijfopdracht van deze Clarion West schrijversgroep. Deelnemers kregen willekeurig gekozen woorden uit twee categorieën, landbouw en techniek, en moesten op basis daarvan een kort verhaal schrijven. McIntyre kreeg de woorden ‘slang’ en ‘cow/’koe’  en wist in eerste instantie niet goed wat ze met die termen aan moest:

Now, I don’t know how I ended up with what I would assume to be two pastoral words, unless for some reason Avram thought “snake” was a technological word; but that’s what I ended up with. And a friend of mine said, “Ha ha ha, why don’t you write a story with a protagonist named Snake?” And I said, “Oooh-kay.” I went back to my room and started thinking about the story, and I couldn’t figure out how to use the word “cow” until I figured out that you could use it as a verb, as in “frighten.” And that’s where the beginning of the story started.

Uiteindelijk leidde dat tot een verhaal waarmee ze een Nebula won. Het verhaal veranderde later ook in het eerste hoofdstuk van de roman Droomslang, waarmee ze in 1979 een Hugo Award won.

Destijds was McIntyre pas de derde vrouw die onderscheiden werd met een Hugo, en Droomslang was een omstreden winnaar. In die tijd hikten veel lezers aan tegen de verwijzingen naar kindermisbruik in het verhaal, en de manier waarop McIntyre over seks schreef. Verkrachting vanuit een mannelijk perspectief beschreven vonden mensen lange tijd prima, zie hierboven, maar een vrouw die vanuit vrouwelijk perspectief over seks schrijft? En terloops duidelijk maakt dat vrouwen hun vruchtbaarheid kunnen reguleren, zodat de daad voor hen vrij blijft van stress en het gevaar van ongewenste zwangerschappen? Huuuuuuuuu!

McIntyre bleef een succesvolle auteur, speelde een actieve rol in de sf schrijversgemeenschap, stimuleerde vrouwen om verhalen te vertellen en geldt als een van de groten in feministische SF. Met haar romans uit het StarWars en Star Trek universum won ze vele nieuwe fans. Onder andere de StarTrek fanclub reageerde dan ook met verdriet op haar overlijden. Benieuwd wat ze ons nog gaat brengen met Curve of the World. Nog één keertje genieten van haar schrijftalent….

Amerikaanse groepen beïnvloeden retoriek en agressie rond abortus

Baas in eigen buik is geen vanzelfsprekend recht. Iedere keer moet je als vrouw opnieuw bevechten dat je een mens bent, met gevoel en verstand, en dat je soms moeilijke keuzes moet maken. Dat geldt des te sterker nu Nederlandse organisaties termen als pro life overnemen van Amerikaanse anti keuze groepen, en hun minderheidspositie steeds luider en agressiever uitdragen op manieren die in de V.S. helaas succes hebben. Daarom ben ik als vrouw blij met iedere handreiking. Zoals die van minister De Jonge. Hij wil bufferzones rond klinieken instellen, zodat vrouwen zonder geschreeuw en stigmatisering toegang krijgen tot medische zorg.

Dat is hard nodig, want de situatie rond abortus verhardt onder invloed van fanatieke organisaties. EenVandaag ging bijvoorbeeld op bezoek bij Hugo Bos, voorman van een organisatie die demonstraties bij klinieken organiseert. De journalisten maakten pijnlijk duidelijk hoe deze christelijke man zich uit, als hij denkt dat niemand hem ziet of hoort. Journalisten brachten ook in beeld welke emotioneel beladen onzin zijn voetvolk vrouwen op de mouw spelt op weg naar hun afspraak in de kliniek. Ook RTL bracht dat in beeld. Laat de maskers maar afvallen.

Het is belangrijk om te beseffen dat de hysterie rond abortus mensenwerk is. Het begon in de V.S., waar fanatieke christenen in de jaren tachtig van mening veranderden. Onder andere Evangelische christenen vonden abortus lange tijd prima, niet onder alle omstandigheden, maar ze begrepen dat vrouwen zwangerschappen af moeten kunnen breken. Pas dertig jaar geleden namen ze, om allerlei politieke redenen, het standpunt in dat het leven begint bij de conceptie en dat abortus onder alle omstandigheden verwerpelijk is. Ze werden pro life, oftewel anti keuze, en vonden dat ze hun standpunt agressief op mochten leggen aan andere mensen.

De afgelopen dertig jaar ontwikkelden deze anti keuze groeperingen allerlei emotionele campagnes. Ze perfectioneerden technieken om zo intimiderend mogelijk rond klinieken te demonstreren, ontdekten hoe je legaal klinieken opzet, die lijken op abortusklinieken, maar dat niet zijn. En ze vonden effectieve manieren om conservatieve politici voor hun karretje te spannen om reproductieve rechten terug te dringen.

Daarna exporteerden organisaties deze tactieken naar andere landen. Engeland kende bijvoorbeeld geen structurele demonstraties rond abortusklinieken, totdat plaatselijke anti-abortusgroepen banden aanknoopten met soortgelijke groepen in de V.S. en dit in eigen land georganiseerd oppakten. Ook Nederlandse baarplicht-organisaties spelen leentjebuur bij de V.S. Deze vaak zeer fundamentalistische christenen hebben immers internet. Ze kunnen te rade gaan bij gelijkgestemden, en tactieken overnemen.

Dat ging geleidelijk. Neem het demonstreren bij klinieken. Dat gebeurde altijd wel, en zeker toen Nederland in de jaren tachtig wikte en woog om abortus legaal te maken. Toen dat was gelukt, slonken de protesten in aantal en omvang. De laatste jaren nemen de intimiderende demonstraties echter gestaag toe:

De kliniek, waar meerdere patiënten voor een zwangerschapsafbreking per dag binnenkomen, bestaat al sinds de jaren ’70. Demonstranten staan net zo lang voor de deur. Tegenwoordig staan er in verschillende samenstellingen, meerdere malen per week demonstranten voor de deur die vanuit religieuze overtuiging vinden dat er gedemonstreerd moet worden tegen abortus en opgekomen moet worden voor het belang van de ongeboren vrucht.

Die toenemende intimidatie komt gelukkig steeds meer op de radar van landelijke media en de politiek. Een kliniek in Houten kwam in 2015 en 2016 in het nieuws omdat anti abortus demonstranten zich steeds agressiever opstelden en het gebouw met verf bekladden. Toen die kliniek de deuren sloot, werd het prompt drukker bij een kliniek in Utrecht. Daar nemen de protesten inmiddels zulke intimiderende vormen aan, inclusief vrouwen insluiten en toeschreeuwen, dat er eindelijk na wordt gedacht over maatregelen om medische zorg aan vrouwen vrij toegankelijk te houden.

De invloed vanuit de V.S. wordt ook op andere manieren steeds duidelijker. Zo hanteren Nederlandse organisaties stelselmatig het woord pro life, een term die berucht is in de V.S. Daarnaast ontstond een platform, waar vanuit al drie keer een ‘week voor het leven’ georganiseerd werd. De meest recente vond plaats in 2018 en ik ben benieuwd of er dit jaar een vierde volgt. Uit de website blijkt dat het bij de campagne gaat om een samenwerking tussen politieke partijen zoals de SGP en de ChristenUnie, en fundamentele organisaties zoals Schreeuw om Leven, Stirezo Pro Life, Pro Life Zorgverzekeringen en andere religieuze organisaties.

Deze organisaties zetten hun handtekening onder een campagne, die bol staat van emotionele, stigmatiserende kreten, valse informatie, en vijandbeelden rond onverantwoordelijke vrouwen die effe snel een abortus willen voor hun vakantie. In aanpak en taalgebruik zie je duidelijke invloeden van soortgelijke Amerikaanse campagnes: dezelfde argumenten, dezelfde metaforen, dezelfde vijandbeelden rond leeghoofdige vrouwen die verantwoordelijkheid moeten nemen voor het feit dat ze seks hadden. En nogmaals, SGP en Christenunie, politieke partijen met zetels in de eerste en tweede kamer, doen hier aan mee.

Het is terecht dat Nederland hier alert op wordt. Ik schreef onder andere in 2010 en 2013 al over de toenemende invloed van fundamentalistische organisaties zoals Siriz op de hulpverlening aan ongewenst zwangere vrouwen. Vorig jaar doken journalisten van de Groene Amsterdammer eens goed in de zaak en brachten zulke onthutsende feiten aan het licht, dat hun werk leidde tot kamervragen.

Wat De Zesde Clan betreft zijn vrouwen mensen en hebben wij het recht om te beslissen wat we wel en niet willen, zeker bij zoiets ingrijpends als een zwangerschap. De huidige wetgeving werpt nog altijd barrières op tegen ‘de vrouw beslist‘. We zijn nog lang geen baas in eigen buik, en zolang iedere stap op weg daar naartoe leidt tot felle verwijten en hatelijk optreden van anti abortus activisten, hebben we beschermende maatregelen zoals de bufferzones De Jong die voorstelt, heel hard nodig.

Apocalypse: Nick Fury doet de afwas!!!!

Mannen met een fragiel ego hadden het al moeilijk met de komst van Captain Marvel. Maar nu deze film daadwerkelijk in de bioscopen draait, blijkt dat de ondergang van de wereld nabij is. Je wordt namelijk geconfronteerd met beelden van stoere held Nick Fury die de afwas doet. Het is de Apocalypse! Het einde van de man!! Aaaargh!!!

Het is altijd vermakelijk om te zien wat er gebeurt zodra vrouwen ruimte innemen in de populaire cultuur. Genderperikelen op dat gebied zeggen namelijk iets over de machtsverhoudingen tussen de seksen. Je kunt niet zijn wat je niet ziet, bijvoorbeeld, dus het is veelzeggend als meisjes en vrouwen in films, series enz. onzichtbaar zijn of alleen tweede viool mogen spelen. En als je een keer de hoofdrol hebt, hoeveel weerstand levert dat dan op? Mag je er zijn, anno 2019, of bevind je je als vrouw in zo’n geval prompt in een mijnenveld vol hatelijke mannen die je het liefst weer zo snel mogelijk terug de keuken in willen beuken? Zijn mannen al een beetje opgeschoten in hun denken?

Iedere keer als er een grote Hollywoodproductie op het witte doek verschijnt, met vrouwen in de hoofdrol, komen die vragen terug. Bij Captain Marvel begon de ellende al bij de aankondiging van de productie. Voor de context: het is voor het eerst in 11 jaar dat Marvel Studios een film produceert met een superheldin in de hoofdrol. Daarvoor hadden we van de concurrent Wonder Woman, en daarna komt er een hele tijd helemaal niks. Decennia lang draaide alles om de mannelijke superhelden.

Kortom, het was echt hoog tijd dat wij vrouwen ook eens bediend werden. Dat is voor vrouwen een nieuwe ervaring. Zo merkte filmrecensente Floortje Smit wat het doet met je kijkplezier als een film jou als doelgroep serieus neemt:

Misschien was het het moment dat mijn oog viel op die poster van zangeres en vroegere idool PJ Harvey, achter de telefooncel waarin Carol Danvers alias Captain Marvel vanaf de aarde contact probeert te maken met haar eigen planeet. Of toen ik opveerde bij het nummer van de britpopband Elastica, dat ik grijs heb gedraaid als tiener. Of wellicht lag het aan Danvers Nine Inch Nails-shirt, de favoriete band van mijn eerste vriendje. Het lijkt wel, dacht ik, alsof Captain Marvel opzichtig naar mij (vrouw, bijna 40) persoonlijk zit te knipogen. […] Jezelf terug zien op het scherm, meer uiteenlopende rolmodellen, het is allemaal belangrijk. Maar in Captain Marvel merkte ik wat identificatie ook betekent: het idee dat een film met jou in het achterhoofd gemaakt lijkt, vergroot simpelweg het kijkplezier.

Wat vrouwen leuk en fijn vinden, kan echter zeer bedreigend zijn voor mannen, als die alles zien in termen van ‘winst voor vrouwen = verlies voor mannen’. Ze begonnen zich in de aanloop naar de premiere al breed te maken. Marvel/Carol Danvers zou niet genoeg glimlachen in de trailer. Mannen verdrongen elkaar op Youtube om luidkeels te verkondigen hoe superslecht de trailer en de film zijn. Honderden vooral mannelijke kritikasters togen naar recensiesites als Rotten Tomatoes om Captain Marvel bij voorbaat de grond in te boren – dus nog voordat ze de film konden zien. Vrouwen die zulke mannen bekritiseerden om dit hatelijke gedrag, kregen de volle laag.

Die agressieve houding duurt voort nu iedereen de film in de bioscoop kan zien. De ergste angsten van dit soort fragiele mannen worden bewaarheid – volgens hen staat Captain Marvel bol van de mannenhaat en is het een naar, verdeeldheid zaaiend stuk propaganda. Iets wat deze categorie mannen al eerder brulde toen Mad Max Fury Road uitkwam en Wonder Woman het slagveld van de Eerste Wereld oorlog betrad. Er hoeft maar een heldin om de hoek te gluren, of penissen verschrompelen en mannen gaan jankend het internet op om hun leed te verkondigen. Ze hebben het zwaar, heel zwaar.

Captain Marvel doet niks om dat mannenleed te verzachten. Integendeel, de film geeft mannen een extra trap in hun ballen. Ga maar na:

  • Nick Fury doet de afwas! (= boze vrouw castreerde hem, zijn mannelijkheid is weg)
  • De vader van Carol Danvers doet gemeen! (= mannenhaat, om zoiets in een film te tonen)
  • Danvers belandt in een videotheek en schiet in een reflex door het bordkartonnen hoofd van Arnold Schwarzenegger!
  • Een vent op een motor doet gemeen tegen Danvers! (= mannenhaat, om zoiets in een film te tonen)
  • Vrouwen nemen teveel ruimte in! (= mannenhaat, om zoiets in een film te tonen)

Kortom, het is erg, heel erg.

Gelukkig zijn er ook verstandigere mensen op de wereld. Captain Marvel doet het commercieel gezien heel goed. De studio haalde op de premieredag in de V.S. een omzet van 61 miljoen dollar. ”Met 302 miljoen dollar was Captain Marvel de op twee na beste internationale première van de studio, en de beste maart-opening ooit”, meldt Medianieuws. Het publiek bestond tot nu toe voor 55% uit mannen, dus het is echt niet zo dat zij deze film mijden. Integendeel, de zalen vertonen een mooie diversiteit en m/v verdeling.

Je mag hopen dat de opeenstapeling van bewijs filmstudio’s eindelijk de moed geeft achterhaalde mythes te verwerpen, van het type ‘vrouwen vergiftigen je omzet’. Onzin. Je kunt prima geld verdienen als vrouwen de hoofdrol hebben. Het zou fijn zijn als we uit het ‘bewijs het nog maar een keer’ patroon kunnen stappen. Zodat studio’s structureel, regelmatig en welgemeend gaan investeren in diversiteit en verhalen waar vrouwen centraal staan. Meer kijkplezier voor meer groepen, wat valt er in hemelsnaam te verliezen?

Jongens en meisjes hebben dezelfde hersenen

Zo, dat was om half acht lekker wakker worden vanochtend. Radio 1 zond een rapportage uit over een school in het Noorden van het land, waar ze een actiedag houden om meer meesters in kleuterklassen te krijgen. Loffelijk streven, maar hoe de betrokkenen het brachten… Tja, zei de directrice, ‘meesters zijn gewoon stouter’. Met een meester voor de klas ‘kunnen kids eindelijk een keertje ravotten’. Een 24-jarige net van de Pabo afgekomen jongen vond dat ook. Met als toevoeging dat hij de Pabo maar zo zo vond. Lange verslagen moeten tikken, huuuuu, ‘ik wil gewoon lekker dóen’. De stereotypen vlogen me om de oren.

Dat volwassen mannen en vrouwen zo kritiekloos stereotiepe man-vrouw rollen herhalen (hij is lekker stout en wil dóen, zij is braaf en tikt ijverig al die verslagen op de Pabo) is een veeg teken. Het zorgt ervoor dat nieuwe generaties dezelfde onzin horen en internaliseren. En betekent dat we nog lang niet af zijn van seksisme in de samenleving. Want onze hersenen zijn flexibel, stelt wetenschapster Gina Rippon. Wat zich herhaalt, versterkt zich. Wat je oefent, wórd je uiteindelijk, omdat je hersenen zich aanpassen. Terwijl, groot nieuws en tromgeroffel, we allemaal hetzelfde beginnen. Er zit geen verschil tussen de hersenen van jongens en meisjes. We hebben mensenhersenen.

De wetenschapster die dit in kaart bracht, Gina Rippon in haar nieuwe boek The Gendered Brain: The New Neuroscience That Shatters The Myth Of The Female Brain, staat bepaalt niet alleen. Onder andere Cordelia Fine ging haar voor, evenals Rebecca M Jordan-Young. In Nederland hebben we onder andere hoogleraar Maureen Sie. Allemaal buigen zich over het terrein van neurosexisme – de ideologische overtuiging dat mannen en vrouwenhersenen van elkaar MOETEN verschillen, en dus zie je die verschillen overal of zorg je ervoor dat de gewenste verschillen uit je onderzoek komen.

Zowel Eliot als Fine leggen in hun boeken een lange geschiedenis vast van ontzettend slecht onderzoek. Ook hoogleraar Sie wordt heel moe van dat soort broddelwerk:

…het is goed mogelijk dat de onderzoekers juist de vooroordelen zelf hebben gemeten. ‘Nergens in het brein zitten gedeeltes waar functies als “autorijden” of “roddelen” of “kaartlezen” te zien zijn. Het gevaar bestaat dat een onderzoeker van tevoren een idee heeft over wat mannen goed kunnen, naar een mannenbrein kijkt en daar een functie ziet die correspondeert met de vaardigheden die nodig zijn voor een “typisch mannelijke” bezigheid. Het is net zo goed mogelijk dat verschillen tussen mannen en vrouwen voortkomen uit de manier waarop de samenleving is ingericht en de stereotiepe manier waarop we jongens en meisjes opvoeden.

Rippon stelt in haar nieuwe boek dat biologische verschillen in de lichamen van mensen, geen direct verband hebben met de hersenen van jongens en meisjes. Dat meisjes als volwassen vrouw kunnen baren, betekent niet dat ze één dag oud al voorbestemd zijn om te koken, de wc te schrobben en te roddelen, want tsja, vrouwenbrein en vrouwen zijn nou eenmaal goed in verzorgende routinetaken en het bijhouden van de verjaardagskalender. Nee. Zo zit het dus niet. Het probleem begint als we strakke sekserollen aangeleerd krijgen, en ons zodanig ontwikkelen dat je jezelf op een gegeven moment terugtrekt in je genderkeurslijf.
Ik zou heel graag zien dat SIRE publiekelijk excuses maakt voor hun compleet verdwaasde ‘jongens zijn nou eenmaal jongens’ reclame. Dat Angela Crott en andere onderwijsgoeroe’s eens een wetenschappelijk verantwoord boek lezen, in plaats van stereotypen te herhalen. Ik zou heel graag zien dat het Nederlandse onderwijssysteem in de leer gaat bij onze buren in België, en bewust omgaat met sekse stereotypering. Zie onder andere de programma’s van Gender in de Klas. Ik zou willen dat iedereen die zinnen uitbraakt van het type ”mannen/vrouwen zijn nou eenmaal….”  kan rekenen op meewarig geproest en ‘o wow wat een onzin, hou op joh’. En dat jongens en jongemannen vaker te horen krijgen dat de door hun geclaimde vrijheid voor ‘stout zijn’ niet ten koste mag gaan van de vrijheid van meisjes en vrouwen.

Haatzaaiende mannen gaan weloverwogen te werk

De tragische moordpartij in Nieuw Zeeland maakt steeds duidelijker dat daders van rechts extremistisch geweld planmatig te werk gaan. Het zijn geen eenlingen met een psychisch probleem, maar witte terroristen. Ze laten boodschappen achter op sociale media, publiceren pamfletten, en bereiden hun actie grondig voor, om de beste momenten en locaties te kiezen voor maximaal leed. Het denkkader van dit soort daders toont een giftige cocktail van seksisme, racisme en macho opvattingen over mannelijkheid, dat in extreme gevallen tot extreem geweld kan leiden.

Het rijtje loopt op. De Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid schudt de Europese voorbeelden zo uit zijn mouw: Anders Breivik in Noorwegen in 2011, de moordenreeks van de Nationalsozialistischer Untergrund (NSU) in de periode van 2000-2007 in Duitsland, de moord op de Britse Labour-parlementariër Jo Cox (2016). Allemaal voorbeelden van rechts-terroristische aanslagen in Europa, schrijft de NCTV.

Ook in de V.S. is het niet pluis. Onder president Trump’s bewind zijn misdaden uit haat tegen minderheden, zoals uitschelden, racistische graffiti spuiten en iemand een klap geven, met 17% gestegen. De favoriete doelwitten waren afro-amerikanen, joden en homoseksuelen. De meeste ‘echte’ terreur komt inmiddels van rechts extremisten – links en moslimgeweld nam af of lag al op een relatief laag peil.

Dat geweld gaat steeds meer internationaal. Eén van de vermoedelijke daders van de Nieuw Zeelandse moskeemoorden, de Australiër Brenton Tarrant (28), liet geschriften na waarin hij verwijst naar Breivik. Die inspireerde hem tot zijn aanslag. Uit zijn manifest, beelden en berichten op sociale media – (waar ik niet direct naar doorlink in dit artikel, geen zorgen) – kunnen we ook lezen en horen dat hij vlak voor hij begon te moorden, luisterde naar een lied van extremistische Bosnische Serviërs, en dat hij naast Breivik ook inspiratie vond bij president Trump (”a symbol of renewed white identity and common purpose”).

Naast een steeds internationaler karakter, waarbij daders verwijzen naar voorgangers, verspreid over de wereld, geven deze terroristen ook blijk van een giftige cocktail. Het gaat én om racisme, én om vrouwenhaat, én om pogingen de positie van het blanke ras veilig te stellen. In zijn manifest laat Tarrant er geen twijfel over bestaan dat hij terreur wilde zaaien om groepen die hij als indringers ziet, weg te meppen en ruimte op te eisen voor een volgens hem bedreigd blank ras. Volgens The Guardian praat hij dat goed door zichzelf te omschrijven als een normale familieman, die zijn groep/ras wilde beschermen:

In the document, called “The great replacement”, Tarrant describes himself as a “regular white man from a regular family” who “decided to take a stand to ensure a future for my people”. He said he wanted his attack on the mosques to send a message that “nowhere in the world is safe”.

Daarbij besteedt hij veel aandacht aan geboortecijfers. Die zijn te hoog voor de indringers, de enge bruine en zwarte buitenstaanders, en te laag voor het juiste, want witte, ras. Willen ‘zijn mensen’ overleven, dan moeten de juiste vrouwen (de witte) kinderen baren. Met nadruk op moeten.

Uit onderzoek blijkt dat aanhangers van een rechts populistisch of extremistisch gedachtengoed langs dat soort wegen haat tegen ”vreemdelingen” combineren met haat tegen vrouwen of, explicieter, het feminisme. Ze voelen nostalgie naar een tijd waarin alles nog goed was. De man was thuis en in de samenleving de baas, en vrouwen en mensen met een gekleurde huid m/v/x/ kenden hun plek. Die stelden zich nederig op en gaven de witte mannelijke macho’s alle ruimte om ongestoord te doen wat ze wilden.

Dat dit privilege onder druk staat, leidt tot angst, woede en haat – en in sommige gevallen leidt dat ertoe dat zulke zich bedreigd voelende mannen de wapens oppakken en beginnen te moorden. Internet en sociale media spelen een belangrijke rol bij de radicalisering van bange witte mannen. Online gemeenschappen en fora gebruiken seksistische aannames over mannelijkheid en de status van vrouwen bijvoorbeeld om mannen in het kamp van rechts extreme haters te krijgen:

one foundational aspect of the alt-right’s various belief systems has been significantly downplayed following the election — even though it may be the key to understanding the movement’s racist, white nationalist agenda. While it’s true that the movement is most frequently described in terms of the self-stated, explicit white supremacy that defines many of its corners, for many of its members, the gateway drug that led them to join the alt-right in the first place wasn’t racist rhetoric but rather sexism: extreme misogyny evolving from male bonding gone haywire.

Als je die seksistische laag begrijpt, snap je ook beter waarom iemand als Tarrant verwijst naar zijn status als witte man met een gezin, die ‘zijn’ mensen een toekomst wil geven met hogere geboortecijfers en geweld. Waar dit naar verwijst is het aloude beeld van Man de Vader, die lelieblanke echtgenotes en fragiele dochtertjes met geweld beschermt tegen bedreigingen van een monsterlijke Ander. Hij is de enige die staat tussen het kwetsbare blanke gezin en de griezels met een donkere huidskleur, een enge godsdienst, vreemde gebruiken, een oprukkende macht die, als je niks doet, de ‘blanke westerse beschaving’ vernietigt. Tarrant klinkt wat dat betreft inderdaad net als Breivik.

Niet iedereen slaat aan het moorden, maar ook zonder geweren veroorzaken aanhangers van dit gedachtengoed schade. Zo waarschuwden 30 vrouwelijke leiders onlangs in een open brief voor de opkomst van rechts-populistische leiders van het type Trump, Putin, Bolsonaro en andere ‘sterke mannen’. Deze politieke machthebbers sluiten vaak akkoorden met andere conservatieve krachten, zoals multinationals en het Vaticaan, en voeren een politiek uit waarbij de rechten van vrouwen en minderheden afgebroken worden.

Eén van Bolsonaro’s eerste acties als kersverse president van Brazilië was bijvoorbeeld om het ministerie voor mensenrechten af te schaffen. In plaats daarvan benoemde hij een conservatieve evangelische geestelijke om op basis van ‘gezinswaarden’ een nieuw ministerie voor vrouwen, het gezin en de inheemse bevolking te leiden. Dag reproductieve rechten voor vrouwen, om maar iets te noemen. Hallo racisme, seksisme en inheemse mensen die hun bek moeten houden terwijl multinationals het Amazonewoud kappen.

Je ziet de schade ook bij Trump. De Amerikaanse president is sinds zijn aantreden druk bezig om een golf jonge, oerconservatieve rechters te benoemen, zodat die de komende decennia de witte mannenmacht kunnen beschermen. Een belangrijk doelwit vormen vrouwen: die mogen geen baas in eigen buik zijn, en kunnen fluiten naar gelijk loon voor gelijk werk. Trump liet een wet tegen geweld tegen vrouwen verlopen, zodat vrouwen minder mogelijkheden hebben te ontsnappen aan een onveilige situatie thuis. Hetzelfde gebeurde in Rusland: onder Putin is huiselijk geweld vrijwel niet meer strafbaar. Pas als je man je het ziekenhuis in slaat, kun je misschien nog terecht bij de politie voor een geldboete.

Het wordt hoog tijd dat rechts extremistisch gedachtengoed meer aandacht krijgt. Dat er meer gedaan wordt om de online radicalisering van witte mannen te bestrijden, en dat we in gaan zien dat in hun gedachtengoed racisme en seksisme hand in hand gaan. Daarom moeten we ook meer doen om de positie van vrouwen en ‘minderheden’ te versterken. En in antwoord op zulk geweld hebben we niet minder feminisme nodig, maar meer. Voor feministen is mannelijke agressie vanaf het begin een onderwerp van studie geweest. Inmiddels weten we hoe dat werkt, en kunnen we samen met mannen optrekken om het tij van angstige macho’s met fragiele ego’s te keren. Die angstige boze mannen richten teveel schade aan om weg te kijken.

Fonkelend van woede aan het lezen slaan

Hoera, Nederland is een boek rijker over woede, en dat kunnen we in tijden van de Woman’s March en 100 jaar stemrecht voor vrouwen goed gebruiken. Een week of wat geleden schreef ik over een drietal boeken over woede, en zei ik dat uitgeverijen die maar snel in het Nederlands moesten vertalen. Welnu, dat was al aan de gang toen ik schreef, want vanaf 16 april ligt Fonkelend van Woede in de boekwinkels.

Uitgeverij De Geus zorgde ervoor dat we in de vertaling van Patricia Piolon kennis kunnen nemen van een scherp, helder betoog van feministische auteur Soraya Chemaly. De andere twee boeken die ik noemde, Good and Mad van Rebecca Traister, en Eloquent Rage van Brittney Cooper, zijn vooralsnog alleen in het Engels te lezen.

En Nederland? Over een paar dagen, 20 maart, lanceert critica en columniste Marja Pruis een nieuwe feministische leeslijst. Want wat is feminisme eigenlijk? Met ‘eerlijk delen en niet slaan’, de definitie van Anja Meulenbelt, kom je een heel eind. Maar de praktijk is natuurlijk weerbarstiger, diverser en complexer dan dat. Das Mag kondigt de leeslijst aan als ”een essaybundel over oude en nieuwe helden, radicale denkers, zachte eenlingen en dromers en drammers als Sylvia Plath, Maggie Nelson, Clarice Lispector, Renate Dorrestein en Audre Lorde”. Ik ben benieuwd!

In België zorgt uitgeverij Houtekiet voor twee nieuwe titels waar het feminisme centraal staat. Dit voorjaar verschijnt bij deze uitgeverij een bundel van  Dirk Verhofstadt. Hij stelde met veertien vrouwelijke auteurs een boek samen over evenveel beroemde feministes. Griet Vandermassen buigt zich over het feminisme en de evolutietheorie.

100 jaar stemrecht voor vrouwen levert ook nieuwe titels op waar feminisme duidelijk een rol speelt – dat isme was immers dé kracht die ervoor zorgde dat vrouwen eindelijk democratische rechten wisten te veroveren. In De Hoogste Tijd geven Jantine Oldersma, Kees Niemöller en Monique Leyenaar een indringend beeld van deze lange, taaie strijd.

Als lezer kun je zelf oog in oog staan met die geschiedenis. Aletta Jacobs en Frederike S. van Balen-Klaar schreven eind negentiende eeuw een pamflet om te pleiten voor vrouwenkiesrecht, en dat betoog is digitaal beschikbaar voor iedereen die het wil lezen. Zeer geduldig en ontzettend beleefd behandelen beide vrouwen de redenen die mensen aanvoeren m vrouwen uit de stemlokalen te weren, en verwerpen ze naar de prullenbak als kul, hypocriet geneuzel en domheid. Je kunt hun strijdbare betoog lezen met dank aan Gutenberg.org, een organisatie die rechtenvrije werken publiceert en ook andere geschriften van Aletta Jacobs beschikbaar maakte voor een breed publiek. (Voor Nederland: zie Atria, die het archief van de vrouwenbeweging beheert en een schat aan boeken, vaandels, pamfletten, voorwerpen en andere materialen bewaart.)

Enfin, zomaar een greep uit de nieuwe lading boeken die uitgeverijen rond deze tijd publiceren. En waarom lezen? Nou, om even terug te keren naar Das Mag en de feministische leeslijst van Marja Pruis:

Je kunt een leven lang over feminisme nadenken, feminist zíjn, maar toch telkens opnieuw uitgedaagd worden om te bedenken wat het nou precies is. Vooral als er een nieuwe generatie feministen aan de deur klopt, speelt die vraag weer op. Wat Marja Pruis helpt bij het vinden van een antwoord? Boeken.

Veel leesplezier! En stem 20 maart op een vrouw, he.

Groepen mannen jagen vrouwen op

Er komt meer en meer aandacht voor een oud fenomeen: mannen verenigen zich in groepen en gaan op vrouwen jagen. Hun doelwitten zijn onder andere schrijfsters en journalistes, maar ook fictieve personages en de actrices die hen uitbeelden. Steeds opnieuw betreft het mannen die kwaad zijn omdat een vrouw bestaat, en/of omdat ze iets doet of zegt waar de heren het niet mee eens zijn. Meest recente voorbeelden: de structurele pesterijen van mannelijke journalisten in Frankrijk tegen hun vrouwelijke collega’s, Hallie Rubenhold (die een boek schreef over de vijf vrouwen die Jack the Ripper waarschijnlijk vermoordde) en de hetze tegen Captain Marvel (actrice Brie Larson).

Nee, niet alle mannen slaan om zich heen zodra ze vinden dat fictieve of echte vrouwen teveel ruimte innemen. Maar alle vrouwen hebben er wel een keer mee te maken gehad. Voordat je het weet ontstaat er groepsgedrag. Mannen geven dat zelf ook expliciet aan, door een naam voor hun kudde te verzinnen. Zoals Incels, Ripperologen, Sad Puppies, Wolvenroedel, of Ligue du Lol. Het eindresultaat blijft hetzelfde: een heksenjacht op meisjes en vrouwen, besmette boeken en films, leed alom.

Laten we de voorbeelden wat nader bekijken. Hallie Rubenhold was het zat dat Engelse historici verlekkerd schreven over Jack the Ripper, inclusief uitgebreide beschrijvingen van wat hij allemaal deed met de prostituees die hij tot slachtoffer maakte. Ze besloot de levens van de vijf gedode vrouwen onder de loep te nemen. Waren dat inderdaad prostituees, zoals ook Nederlandse geschiedenissites klakkeloos blijven beweren? Hoe kwamen ze eigenlijk op straat terecht? Hoe zag hun jeugd eruit, waar woonden ze, wat gebeurde er met hen?

Deze vragen waren niet eerder zo indringend gesteld. Haar zoektocht leidde tot een fascinerend boek, The Five, met de levensverhalen van Mary Ann “Polly” Nicholls, Annie Chapman, Catherine Eddowes, Elizabeth Stride en Mary Jane Kelly. Het feit dat ze dit deed kwam haar prompt op hoon en haat van mannen te staan:

She’s been receiving criticism from Ripperologists for the last eight months; one forum thread dedicated to pulling apart her book in advance of its publication extends to more than 100 pages of comments. “It is tantamount to a witchhunt,” she says. “A woman is saying things they don’t like. They think, ‘You can’t write about this or be an authority on this unless you come through us, or talk about our work, you can’t be accepted.’ They’re disparaging me as a person and a book they haven’t read. It is extraordinary.”

Ik maakte ‘a book they haven’t read” even vetgedrukt, omdat dit vaker gebeurt. Niemand uit het gewone publiek heeft bijvoorbeeld Captain Marvel nog gezien. De film kwam pas uit op 8 maart 2019. Toch togen honderden mannen weken daarvoor al naar recensiesites zoals Rotten Tomatoes om de film bij voorbaat de grond in te boren. Hetzelfde gebeurde een paar jaar geleden ook al met de Ghost Busters film uit 2016, waar vrouwen de hoofdrollen vervulden. En met Star Wars, The Last Jedi, omdat Rey de hoofdpersoon was en een bepaalt type man daar niet tegen kon.

De felle groepsreacties maken dat boeken, films of personen een negatieve lading krijgen. StarWars, The Last Jedi geldt als de minst succesvolle film uit de reeks – een controversiële film waar je als criticus niet meer over moet schrijven, want dat leidt maar tot gezanik. Onbegrijpelijk als je kijkt naar de positieve recensies van ”officiële” filmjournalisten, en de omzet van ruim een miljard dollar. Ander voorbeeld: er komt een nieuwe remake van de Ghostbusters. De regisseur verklaarde in het openbaar dat zijn film de 2016 versie zal negeren en dat hij de Ghostbusters ‘terug wil geven aan de fans‘. Fans die geen vrouwelijke wetenschappers willen zien, die om zich heen slaan zodra ze hun zin niet krijgen. Lekker dan!

De haat heeft ook ernstige gevolgen voor de doelwitten. Zo bleken Franse journalisten jarenlang vrouwelijke collega’s aangevallen te hebben. Ze verenigden zich expliciet in een Liga – de ‘Ligue du LOL’, en pestten vrouwen niet alleen online, maar ook in het ‘echte’ leven. Bijvoorbeeld door nep sollicitaties op te zetten en de beelden van een vernederend gesprek daarna te verspreiden. Vrouwen zegden daarop de journalistiek vaarwel, of misten kansen omdat de daders invloed hadden in de mediawereld, en ervoor zorgden dat hun mannenmaten de baan kregen.

Een andere groep mannen besloot zichzelf de Wolvenroedel te noemen – in het Spaans: La Manada de Lobos. De leden, José Ángel Prenda, Jesús Cabezuelo, Jesús Escudero, Ángel Boza en ene A.M.H. vielen als groep een 18-jarig meisje aan om haar te verkrachten. Ze gebruikten WhatsApp om berichten en video’s van de verkrachting te delen.

Of neem de Sad Puppies. Mannelijke auteurs en conservatieve fans verenigden zich onder die noemer uit protest tegen de toenemende aanwezigheid van vrouwen en etnische minderheden in science fiction en fantasy. Ze vielen mensen uit die doelgroepen aan en nomineerden ‘hun’ werken voor de Hugo Awards – romans en verhalen uit de koker van blanke mannen.

Hier en daar proberen mensen deze grimmige dynamiek te stoppen. Zo greep Rotten Tomatoes in om valse recensies te weren. Mensen kunnen vanaf nu pas kritieken uploaden als een film daadwerkelijk in de bioscopen draait, niet eerder. De Franse journalisten die door de mand vielen met hun seksistische pesterijen, kregen hun ontslag of werden op non-actief gesteld. Daaronder zogenaamd progressieve mannen, zoals Vincent Glad, die schrijft voor de krant Libération, en drie journalisten van de Huffington Post. En de Hugo Award organisatoren weigerden prijzen uit te reiken aan door de Sad Puppies voorgedragen werken van uitgeverijen zoals Patriarchy Press. (Ja echt).

De aanvallen leggen ook seksisme bloot, waarna je er stelling tegen kunt nemen. Zo gebruikte actrice Brie Larson haar bekendheid als wapen tegen mensen die vonden dat ze niet genoeg glimlachte in de eerste trailer van Captain Marvel. Ze Photoshopte daarop geforceerde grijnsmonden op mannelijke Marvelfiguren. Want die glimlachen ook niet vaak in hun trailers of op posters, maar daar klaagt niemand over. Het resultaat is voorspelbaar raar en vervreemdend:

Zo krijgen de hatelijke groepen van het type Incel, LOL of Sad Puppy grenzen opgelegd, ondervinden ze negatieve effecten van hun agressie en worden meer mensen zich bewust van de voortwoekerende vrouwenhaat. Hopelijk gebeurt dat steeds vaker, en krijgen groepen mannen die vrouwen haten steeds minder ruimte.

Woede krijgt de eer die het verdient

Nederlandse uitgeverijen opgelet: in de Engelstalige feministische wereld komt boek na boek uit over woede bij vrouwen. Vertaal die aub zo gauw mogelijk in het Nederlands, zodat wij baat kunnen hebben bij hun analyses, geschiedenislessen en adviezen. Concreet: Good and Mad, ‘De Revolutionaire Kracht van Vrouwelijke Woede’ van Rebecca Traister, Soraya Chemaly en haar boek Rage Becomes Her, en Eloquent Rage van Brittney Cooper. Alledrie verschenen kort na elkaar. Waardevol om te lezen, zeker met internationale vrouwendag in het vooruitzicht!

Woedende vrouwen vinden we als cultuur en als samenleving eng, heel eng. Veel mensen, redelijk recent nog schrijfster Sarah Sluimer, constateren dan ook dat we boosheid bij vrouwen zo snel mogelijk onder het tapijt willen vegen, en dat we de boze vrouwen zelf terug in hun hok willen hebben. Sluimer (en met haar vele anderen, en vele feministen) noemt woede bij vrouwen een taboe. Dat is ook de ervaring van journaliste Hasna El Maroudi. Ze kwam er al jong achter dat er bijzonder weinig voor nodig is om schrik- en tut-tut reacties bij de omgeving op te roepen:

‘Meisje, kijk niet zo boos.’ Het moet rond mijn dertiende zijn geweest toen ik het voor het eerst op straat te horen kreeg. Sindsdien is mijn gemoedstoestand geregeld door voorbijgangers – mannen – onder de loep genomen, uitgeplozen en bekritiseerd. Het enige dat ik ervoor hoef te doen is niet lachen. Inmiddels zijn er ook andere variaties op, waaronder ‘kijk niet zo lelijk’ en ‘kijk niet zo serieus’. Het enige dat ik daarvoor hoef te doen is na te denken. Zo heb ik in de supermarkt menig reactie uitgelokt door mijn ik-geloof-dat-de-halfvolle-melk-in-de-koelkast-bijna-op-is blik. Of ik alsjeblieft wat vriendelijker naar het melkschap wil kijken?

Dat taboe geldt zelfs voor fictieve vrouwelijke personages. Als vrouwen in een roman boos zijn of boos dreigen te worden, leidt dat opvallend vaak tot straf, signaleert Emilie Pine in een artikel voor de krant The Guardian. Ondertussen mogen mannen rustig boos worden, stampvoeten, het uitgillen, dat zíj het slachtoffer zijn en grrrrtvrrrrdrie recht hebben op X,Y of Z.

Feministen zien die dubbele moraal zeer scherp. Geen wonder dat wij feministen woede altijd een zeer interessant onderwerp vonden. Woede kan namelijk zorgen voor revolutionaire verandering. En dat willen we graag. Woede gaf ons stemrecht, reproductieve rechten, en ruimte om onze verhalen te vertellen. Maar we zijn er nog lang niet. Woede blijft nodig. En dan blijft het ook noodzakelijk om te bekijken wat er gebeurt als vrouwen boos worden, en hoe we met weerstand tegen boosheid bij vrouwen omgaan.

Recent klommen verschillende feministen in de pen om een nieuwe slinger te geven aan deze aloude strijd om woede te mogen tonen en verandering te eisen. Soraya Chemaly, een feministe en journaliste die ik bewonder en waar ik al eerder over schreef, publiceerde eind vorig jaar Rage Becomes Her. Ze onderzoekt hoe wij als cultuur en samenleving mensen zodanig opvoeden, dat jongens en mannen boos mogen zijn, maar vrouwen niet. En zeker niet vrouwen met een gekleurde huid.

Omdat er zo snel zoveel sociale afkeuring volgt, zodra vrouwen boosheid tonen, leren meisjes al jong hun woede in te slikken. Dat leidt vervolgens tot allerlei lichamelijke en psychische klachten, en maakt vrouwen minder weerbaar omdat het lastig wordt grenzen te stellen als je constant lief, zorgzaam en behulpzaam moet blijven. Chemaly analyseert dit alles en gaat in op manieren om woede te mogen voelen en er constructief mee om te gaan.

Datzelfde doet ook auteur Brittney Cooper, tevens oprichtster van Crunk Feminist Collective, maar dan met een focus op de zwarte gemeenschap in de V.S. en de specifieke hindernissen die vrouwen met een gekleurde huid ondervinden om boos te mogen zijn. Vrouwen krijgen te horen dat anderen hen boos vinden, zelfs als ze zelf geen woede voelen. Vervolgens wordt die woede tegen de zwarte vrouw gebruikt, signaleert Cooper. Zelfs een kalme, diplomatieke First Lady zoals Michelle Obama ontkwam niet aan racistische aanvallen wegens ‘boze zwarte vrouw‘ en moest manieren vinden om dit negatieve etiket te ontkrachten.

Rebecca Traister tenslotte, concentreerde zich in Good and Mad op de lange geschiedenis van vrouwen die woedend werden, de grote maatschappelijke omwentelingen die woedende vrouwen tot stand brachten, en de al even lange geschiedenis om het revolutionaire potentieel van die woede zo snel mogelijk de kop in te drukken. De recensente van Smart Bitches, Trashy Books vat het boek als volgt samen:

Women are and have been furious, and that fury can organize to cause massive changes, and then that fury and the women who carry it are suppressed and undermined because they threaten the dominant power structures. White women’s rage is always treated differently than the rage of women in marginalized communities, too. Lather, rinse, repeat, goddammit.

Boos worden en blijven? Iets constructiefs doen met die woede? Ga dan 9 maart naar de Vrouwenmars in Amsterdam (De Dam). Neem een kijkje bij het Verzetshandboek van advocate Aditi Juneja en collega’s. Of lees Road Map – een boek voor activisten met tips, strategieën en manieren om je punt duidelijk te maken en verandering in gang te zetten. En neem vooral een kijkje bij het werk van Andrea Dworkin, die haar woede om wist te vormen tot vlijmscherpe analyses en prachtige voorbeelden van moed en gedroomde veranderingen. Of bij mensen zoals Audre Lorde en bell hooks.

Wil je even wat anders, kijk dan eens wat er gebeurt als de rollen omgedraaid zijn, zoals in deze negen romans waar vrouwen regeren. Of de macht krijgen dankzij The Power. Of vrouwen die alles hebben – zelfstandigheid, talenten en capaciteiten, en een knappe man of vrouw aan hun zijde, ongehinderd doen wat nodig is. Zoals in Polaris Rising. Of in de Alyx serie van Joanna Russ. Oh, en alles waar vrouwelijke piraten in voorkomen, om maar iets stoers te noemen.

Man als norm brengt vrouwen in het nauw

Wie mannen als norm neemt, brengt vrouwen in het nauw. Dat is de harde waarheid die de Engelse feministe Caroline Criado Perez gedegen onderbouwt in haar boek ‘Onzichtbare Vrouwen‘. Perez brengt haarfijn in kaart hoe gegevens en feiten over vrouwen ontbreken, of vertekend raken, omdat wetenschappers, architecten, ontwerpers en beleidsmakers zich vooral concentreren op de lichamen en behoeften van ‘de gemiddelde man’. Deze blinde vlek leidt tot dode en gewonde vrouwen.

Perez noemt een aantal voorbeelden waar ook dit weblog over publiceerde. Zo zeggen veiligheidslabels voor auto’s niks, omdat de fabrikanten crash test dummies gebruiken die de gemiddelde man voorstellen. Omdat vrouwen vaak wat kleiner van stuk zijn, gebeuren er met hun lichamen andere dingen als een auto tegen een muur knalt. Het resultaat: vrouwen lopen bij ”echte” ongelukken in de praktijk 47% meer risico op ernstige verwondingen. In de categorie lichte verwondingen loopt dat op naar 71%.

Maar ze vond nog veel meer. Zo gebruiken fabrikanten de “one-size-fits-men” aanpak. Dat betekent dat smartphones een omvang hebben die comfortabel in een mannenhand past. Voor vrouwen zijn ze te groot. En software die werkt op het herkennen van stemmen, heeft grote moeite met het herkennen van een vrouwenstem. Die van Google herkent mannenstemmen 70% beter. Dat betekent dat vrouwen hun auto of ander apparaat niet kunnen bedienen, of dat de software alleen werkt als ze hun stem forceren en op een zeer lage toon praten.

Een ander veelzeggend voorbeeld komt uit Zweden. Criado Perez ontdekte een studie naar het ijs- en sneeuwvrij maken van de openbare ruimte. Jarenlang maakte de overheid eerst de straten voor auto’s vrij, daarna pas trottoirs. Dat betekende dat vrouwen kinderwagens en boodschappenkarren met veel moeite door de sneeuw moesten duwen. Ook bleken voetgangers drie keer vaker verwondingen op te lopen, bijvoorbeeld omdat ze uitgleden over ijs, dan automobilisten.  Van die gewonde voetgangers was 70% van het vrouwelijk geslacht. Toen dit duidelijk werd, veranderde Zweden van strategie. Tegenwoordig maken gemeenten eerst de stoep sneeuwvrij, daarna pas de straten.

Andere tenenkrommende voorbeelden betreffen de medische wereld. Women Inc voert actie voor genderspecifieke zorg, omdat vrouwen lijden en sterven door de (onbewuste) man-als-norm situatie. Vrouwen ervaren minder effect en/of meer bijwerkingen van medicijnen, omdat de pillen alleen op mannen zijn getest. Artsen stellen verkeerde diagnoses omdat ze uitgaan van symptomen die mannen hebben. Bijvoorbeeld bij hartaanvallen. Ze herkennen de vrouwelijke variant van symptomen niet en sturen vrouwen naar huis terwijl ze midden in een hartaanval zitten.

En de man als norm betekent dat vrouwen niet de zorg krijgen, die ze nodig hebben, ook al is er een effectief middel voorhanden. Zo dook Criado Perez in de ontwikkelingsgeschiedenis van Viagra. Wat bleek: een geheel uit mannen bestaand panel kreeg te horen waar de werkzame stof (sildenafil citrate) goed voor was. Erecties? Potentie verhogen? Hoera! De heren gaven snel toestemming om de erectie verhogende eigenschappen verder te ontwikkelen. De werkzame stof bleek ook effectief om ernstige menstruatiekrampen te bestrijden. Maar dat kon de heren niet boeien. Medisch gezien totaal onbelangrijk, laat maar zitten, oordeelden ze, en ze gaven geen financiering. Het onderzoek stopte en er kwam geen medicijn voor vrouwen die aan dat soort krampen lijden.

Wie Onzichtbare Vrouwen leest, kan niet om Criado Perez conclusie heen. We moeten als de wiedeweerga meer onderzoek doen naar wat vrouwen nodig hebben rond medicijnen, veiligheid en leefsituaties. Vrouwen hebben geen kleine versie in het roze nodig van zoiets als pennen, maar op hun maat gemaakte producten waar ze effectief mee kunnen werken. Zodat kogelwerende vesten daadwerkelijk kwetsbare lichaamsdelen beschermen, gereedschappen goed in de hand liggen, en medicijnen de werking hebben die nodig is.