Author Archives: idamels

Bergen data leggen seksistische patronen bloot

Amerikaanse partijprogramma’s bevatten gemiddeld slechts 3% tekst specifiek over vrouwen. Kledingvoorschriften op school zijn vooral tegen meisjes gericht en seksualiseren hun lichaam. Wij mensen staan bevooroordeeld tegenover boeken van schrijfsters, en beoordelen hun werk stelselmatig als minder literarair en minder belangrijk dan het werk van schrijvers. Hoe weten we dat? Omdat mensen open data en grote bergen gegevens kunnen analyseren met behulp van computers. Die bergen data leggen seksistische patronen genadeloos bloot. Wetenschappers en sites zoals The Pudding doen leuke dingen met de verzamelde inzichten.

Open data en het analyseren van grote hoeveelheden onderzoeksgegevens rukken op. Het CBS omschrijft open data als ‘vrij toegankelijke datasets die eenvoudig door computers verwerkt kunnen worden’. Daarnaast verzamelen wetenschappers grote hoeveelheden informatie, waar ze daarna software op los laten. Beide methodes maken inzichtelijk hoe wij mensen denken en handelen. De resultaten zijn, als het gaat om gender, meestal niet fraai. Maar hoe confronterend ook, ze helpen wel om zichtbaar te maken wat er gebeurt, en bevorderen het bewustzijn. Daarna kun je er hopelijk iets aan doen….

Voorbeelden? Neem taalkundige Corina Koolen. Zij onderzocht met behulp van computers de oordelen die lezers geven over de literaire kwaliteit van romans. In een heel interessant artikel legt ze de methode uit, en zet ze een aantal uitkomsten op een rijtje. Zo kan software bepaalde woorden herkennen, die vaak samen voorkomen in de context van een beter of minder goed beoordeelde roman. Koolen: ” ‘mobiele telefoon’ is meer typisch voor romans met een lage score, ‘de oorlog’ voor romans met een hoge score. Los doen deze elementen niet altijd veel, maar opgeteld kunnen ze aardig de gemiddelde scoren voorspellen.”

Kijk je op die manier naar een dataset, dan blijkt al snel dat auteurs veel overeenkomsten vertonen. Een los stuk tekst geeft geen enkel inzicht in de sekse van de auteur. Maar als de naam van de auteur bekend is bij de lezer, zodat die weet of het een man of een vrouw is, beoordelen lezers het werk van die vrouwelijke auteur prompt als lager, minder:

Uit de computeranalyses blijkt dat de stijl van een tekst veel meer wordt bepaald door het genre, dialoog en narratief dan door het gender van de auteur. ‘Het gaat dus vooral om perceptie: vrouwelijke auteurs zijn geen andere soort, zij schrijven – net als mannelijke auteurs – in de stijl van het genre dat zij beoefenen. Er wordt vaak een ‘idee van vrouwelijkheid’ in teksten van vrouwelijke auteurs gelegd. Bovendien kunnen lezers niet uitleggen waarom ‘vrouwelijk’ gelijk staat aan laag-literair en ‘mannelijk’ niet. Een man die op zoek is naar zichzelf, is het onderwerp van een bildungsroman. Een roman over een vrouw die dat doet, is in de perceptie van de lezer sneller een ‘vrouwenboek’. Het is allemaal heel subtiel en alle lezers doen er – vaak onbewust – aan mee. Blijkbaar haakt de lezer bij het beoordelen van de tekst onbewust te veel in op die elementen die stereotypen bevestigen.’

Wat Corina Koolen doet met literair onderzoek, verheft een site als The Pudding tot grote hoogte. De mensen achter deze Amerikaanse website benutten open data, zoals verkiezingsprogramma’s van politieke partijen in de V.S., of kledingvoorschriften op scholen, om er vervolgens visuele essays van te maken. Zo bleek uit de analyse van de teksten van verkiezingsprogramma’s dat Amerikaanse partijen specifieke vrouwenkwesties compleet negeren. Zelfs in jaren waarin je zou mogen verwachten dat er aandacht voor is, zoals tijdens de Seneca Falls conferentie, de strijd voor het kiesrecht, campagnes om vrouwen naar de fabriek te lokken tijdens de tweede wereld oorlog, en de strijd voor legale abortus, schitteren vrouwenkwesties door afwezigheid. Zie ook de youtube video van The Pudding hierboven in de tekst.

The Pudding heeft nog veel meer van dit soort mooie producties. Hoe zit het bijvoorbeeld met die kledingvoorschriften? In de meeste gevallen blijken de ge- en verboden meisjes harder te treffen dan jongens. En brengen veel scholen een seksistisch verband aan tussen het sexy uiterlijk van meisjes, en het schaden van de concentratie van mannelijke leerlingen en docenten met hun  te sexy aanwezigheid. Bedek jezelf, slet, anders leid je mannen af van hun Belangrijke Taken! Geen boodschap die je een elfjarige wil geven, maar het gebeurt. En meisjes pikken die boodschap op en gaan zich schamen voor hun lijf. Niet goed.

Andere interessante en leuke visuele essays die de moeite waard zijn om te bekijken: Het lijkt erop alsof mannen met hogere stemmen zingen dan vroeger. Klopt dat? LGBTQ mensen trokken vaak naar steden om te ontsnappen aan strikte sociale controle in kleine dorpen. Welke rol speelt gender in de keuze voor een stadswijk? Onder andere de loonkloof – doordat vrouwen minder inkomen verdienen, zijn lesbische stellen veroordeeld tot de goedkopere buurten. Homoseksuele stellen concentreren zich in exclusievere wijken. Lees verder in Mannen zijn van Chelsea, Vrouwen zijn van Park Slope. En hoe lang moet een vrouw gemiddeld reizen om in de V.S. een abortuskliniek te bereiken? Die vorm van medische zorg blijkt steeds ontoegankelijker te worden…

The Pudding, van harte aanbevolen.

Voorbeeld Turkije kan wetenschapsters helpen

Europese universiteiten zouden het voorbeeld van… jawel… Turkije moeten volgen, om academische vrouwen eerlijke kansen te geven. Dat stelt N plus One magazine in een wetenschappelijk onderbouwde analyse van seksisme op universiteiten, plakkende vloeren, glazen plafonds, en wat daaraan te doen. In Turkije heeft ‘wetenschap’ geen mannelijke lading, stelt het blad, zijn werving- en selectieprocedures openbaar en strak georganiseerd, en werd weerstand bij mannelijke academici verzacht door de personeelspool uit te breiden, zodat een man niet de indruk kreeg dat hij kansen mis liep omdat een universiteit per se een vrouw wilde benoemen.

N plus One magazine dringt aan op actie, omdat vrouwen nu massaal uitvallen in een hindernisloop waarbij factoren die hen benadelen, mannen juist bevoordelen. Door allerlei mechanismen krijgen mannen zo vaak kansen, het voordeel van de twijfel, of toegang tot de juiste personen, dat een onevenredig aantal van hen doorstoot tot de top. Onderbouwd met allerlei goed uitgevoerd onderzoek toont de auteur van het artikel aan dat vrouwen, die een loopbaan in de wetenschap willen,  in de marge belanden vanwege drie hoofdoorzaken: mannelijke romantische partners, mannelijke medestudenten en de vooroordelen van mannelijke poortwachters op universiteiten, laboratoria en onderzoekscentra.

Wat betreft romantische partners wijst onderzoek uit dat veel mannen er automatisch vanuit gaan dat hun carrière belangrijker is dan die van hun echtgenote. Wil ‘de echtgenote van’ ook iets, dan stuit zij al snel op mokkende mannen die klagen, emotionele chantage uitoefenen, en de situatie saboteren, net zolang totdat zij inschikt. De ‘partners van’ geven vervolgens eigen banen op om voor het werk van hun man te verhuizen naar zijn nieuwe werkplek. En draaien thuis op voor de zorg voor kinderen en huishouden, terwijl hij ongehinderd onderzoek doet en blijft publiceren. Wat dat betreft kunnen vrouwen maar beter niet trouwen, als ze hun eigen dromen waar willen maken. Een deprimerende situatie, die het gevolg is van een complex samengaan van opvoeding, verwachtingen, sociale druk, discriminatie, machtsstructuren enz. enz.

Wat betreft mannelijke medestudenten: die ontmoedigen hun vrouwelijke mede studenten en geven hun vrouwelijke docenten en professoren op seksistische gronden lagere waarderingen dan hun mannelijke docenten en professoren. In beide gevallen schaden ze de motivatie, kansen en vooruitzichten van de vrouwen met wie zij in aanraking komen.

Wat betreft de mannen met macht op universiteiten, laboratoria en onderzoekscentra: deze mannen houden een old boys network in stand waar vrouwen niet doorheen komen. Het blad citeert onder andere het baanbrekende onderzoek van Marieke van den Brink, naar de gang van zaken rond benoemingen op universiteiten. Ze bewijst dat witte mannen witte mannen als hoogleraar recruteren en vrouwen niet zien staan. N plus One constateert dat dit netwerk de reden is waarom diversiteitscampagnes zo vaak falen. Zo lang mannen mannen benoemen en elkaars positie beschermen, is de rest dekstoelen recht zetten op de Titanic.

De mannen met macht en status beïnvloeden ook de wetenschappelijke positie van hun vrouwelijke collega’s. Bij veel universiteiten hangt promotie af van publicaties en het effect van je publicaties. Daarom is het voor wetenschapsters erg schadelijk dat mannelijke wetenschappers hun werk niet lezen, en vooral zichzelf en werk van mannelijke collega’s citeren. N plus One:

The gendering of citation practices combined with the rarity of women in the upper echelons of the academy mean that fewer women are in a position to influence the shape of the discipline itself, leaving such power overwhelmingly in the hands of men. In a study of the five hundred most influential recent philosophy articles and the citation networks connecting them, only 3.5 percent were by female scholars, leaving whole islands of debate networks totally bereft of women

Dit leidt tot eenzijdige wetenschap, waarbij zogenaamd universeel geldige conclusies eigenlijk alleen gelden voor mannen, en je een groot deel van de probleemanalyse en mogelijke oplossingen mist. Neem bijvoorbeeld de Franse wetenschapper Piketty. Die schreef een boek over toenemende ongelijkheid door een concentratie van kapitaal in de handen van een kleine elite, maar negeerde gender als categorie, negeerde het werk van feministische economen, en miste zodoende allerlei oorzaken van die ongelijkheid, en mogelijke oplossingen.

Vrouwen botsen daarnaast aan tegen twee vijandige praktijken. Ten eerste een structureel wantrouwen jegens wetenschapsters. Keer op keer moeten ze bewijzen dat ze hun vak beheersen, dat ze écht weten waar ze het over hebben. Dit zorgt ervoor dat vrouwen onder hoge druk staan, perfectie moeten leveren, en bijvoorbeeld langer schaven aan publicaties omdat redacties van vakbladen hun artikelen anders weigeren. De tweede vijandige praktijk is seksuele intimidatie. Dat jaagt vrouwen letterlijk de wetenschap uit. Blijven ze, dan kampen ze met trauma’s en wordt het voor hen lastiger om zich thuis te voelen in het academische milieu. Ze hebben aan den lijve ervaren dat ze moeten werken in een seksistisch systeem, waarbij mannen stelselmatig het voordeel van de twijfel krijgen terwijl zij in de kou blijven staan.

Al die mechanismen en hindernissen zorgen ervoor dat het niet uitmaakt dat minder mannen studeren en, als ze gaan studeren, vaak minder presteren dan vrouwen:

The same mechanisms that pull women down are the ones that push men up, compensating for the latter’s initial lack of numbers in undergraduate studies until they become an overwhelming majority among the academic elite. All these various parts, some seemingly innocuous and others quite abominable, operate together, defeating attempts that remediate only a single aspect of the patriarchal machine.

Vandaar dat het magazine de blik werpt op Turkije. Vanuit het verleden heeft wetenschap hier een genderneutrale betekenis. De universiteit geldt als een veilige plek waar vrouwen op een respectabele manier een loopbaan kunnen hebben. Daarnaast verlopen sollicitatieprocedures gecentraliseerd, volgens heldere regels. Het gaat net niet zover als orkesten, die kandidaten achter een gordijn voor laten spelen (en opeens veel meer vrouwelijke muzikanten aannamen), maar het scheelt weinig.

O, en quota instellen, adviseert het vakblad. Want, zoals N plus One magazine constateert: op dit moment genieten mannen zoveel oneigenlijke voordelen, met zo’n sterk old boys network, dat je niet anders kunt dan daar iets krachtigs tegenover zetten.

Hoe gaat dat in de praktijk? In Nederland nam onder andere de TU Eindhoven drastische maatregelen. De komende maanden wil de universiteit alleen vrouwen benoemen. Pas als vacatures langer dan een half jaar open blijven staan, wil de universiteit de cv’s van mannelijke kandidaten zien. Nee, dat leidt niet tot de Apocalypse, zoals Linda Duits grappend schreef. Integendeel, vanwege alle voordelen die mannen genieten, mag je stellen dat universiteiten genoegen namen met minder goede mannelijke kandidaten. Ze misten de excellente vrouwen. Dus heel goed idee om van houding te veranderen en meer te doen om vrouwen een eerlijke kans te geven. Ook al zijn vrouwen in de techniek schaars, onder andere de TU zelf en het het Landelijk Netwerk Vrouwelijke Hoogleraren zijn optimistisch over de haalbaarheid:

“Er zijn jarenlang mannen van middelmatige kwaliteit  benoemd en zeer hooggekwalificeerde vrouwen gepasseerd, dus het zou heel raar zijn als het niet lukt om vrouwen te vinden”, zegt voorzitter Hanneke Takkenberg, zelf hoogleraar in Rotterdam.

Warhammer neemt vrouwen steeds serieuzer

”Ik moet even een potje verf kopen”. Zo begon een middagje shoppen met een goede vriendin. Er ging een wereld voor mij open. Want wat bleek? ‘Verf’ betrof geen pot verf om in huis een muur te schilderen, maar een piepklein potje verf voor modelbouw. De te beschilderen modellen bleken figuren te zijn van stoere krijgers met enorme geweren, of draken, of een soort gothic tankachtige fantasievoertuigen. En de plek waar je dat allemaal aantreft is een Warhammer speciaalzaak. Met nadruk op Warhammer 40k. Een game kolos die op de een of andere manier de afgelopen vijftien jaar totaal aan mijn aandacht was ontsnapt. Ja, inderdaad, ik leefde onder een steen…

Door een genderlens bekeken beleefde ik een interessante tijd. Allereerst de winkel en de medewerkers. Mijn eerste indruk was mannelijke spierbundels, mannenfiguren, een boekenkast met Warhammer romans over mannen, man man man, en achter de toonbank alleen mannelijke medewerkers.

Als je zo’n omgeving betreedt weten veel vrouwen, waaronder ik, feilloos eventuele neerbuigende ‘o ja het vrouwtje wil ook iets’ ondertonen te herkennen. Ervaring te over. Maar niet in deze winkel. We werden vriendelijk aangesproken, mijn shoppingmaatje legde uit wat ze nodig had, en een van de medewerkers hielp en adviseerde haar vervolgens deskundig en enthousiast. Hij was duidelijk blij om een leuke hobby te delen met iemand die daar ook actief mee bezig is.

Daarna ging ik grasduinen op internet en trof drie rode draden aan. Het spel begon in 1987 nogal macho. De belangrijkste groep vrouwelijke strijders, een leger oorlogsnonnen, waren lange tijd duur en in omvang en spelmogelijkheden beperkter dan de dominante mannen-of onzijdige legers. Maar: Warhammer begint iets te doen met kritiek en feedback van spelers en begint vrouwen eindelijk serieuzer te nemen. Met een aantal concrete acties, ze doen echt iets.

Wat knelpunt één betreft, de macho start, vond ik een aantal gebruikelijke rode vlaggen. Zo kan de belangrijkste groep, de ruimtemariniers, alleen mannelijk zijn. Sorry vrouwtjes. Het spel heeft daar uiteraard een verklaring voor die binnen de wereld van het spel logisch lijkt. Je hoort dit argument vaker. Ja, dokter Who kan in allerlei vormen reïncarneren, maar toevallig zag die vorm er twaalf keer altijd wit en mannelijk uit en liggen vrouwelijke incarnaties moeilijk. Ja een game gaat over magie en mythische moordenaars, maar ‘we willen authentiek blijven voor wat betreft de historische periode’, dus vrouwen spelen geen rol. Als alles faalt beroepen makers zich op techniek: vrouwenfiguren programmeren, zoooooooo moeilijk….

Zelfs als het historisch gezien aantoonbaar zeer verantwoord is, leveren vrouwenfiguren weerstand op. Zoals bij Battlefield V, met allerlei speelscenario’s uit de tweede wereldoorlog. Onderstaande situatie is geen enkel probleem voor gamers:

Maar vrouwelijke soldaten als speelbaar game-figuur? Huuuuu, neeee, ga weg, je verpest alles!!!!!!!

Maar laten we wel wezen: het is fantasie. Bordspel Warhammer speelt zich af in exotische werelden met magie en draken en trollen en elven en onsterfelijke zombiesoldaten en weet ik veel wat er allemaal over het speelterrein kan duikelen. Er is echt geen enkele reden waarom de dominantste groep in het spel alleen man kan zijn. Zeggen dat het zo is omdat het in de spelwereld nou eenmaal zo is, is een cirkelredenering. Zie ook het vermakelijke boek Crimes Against Logic.

Doordat de ruimtemariniers zo dominant en mannelijk zijn, kom je ook in de knel bij veel omringende aspecten van Warhammer. De romans, comics en andere publicaties, samengevat de Zwarte Bibliotheek, richten zich ook grotendeels op mannen en de avonturen van mannelijke personages.

Deze man als norm aanpak vloeit voort uit het feit dat de fantasie vooral uit de kokers van mannen komt. Een fan die uitploos wie waar bij betrokken was bij een Warhammer genre, de Chaos periode, telde en turfde en kwam op ruim zestig mensen, waarvan acht vrouwen en de rest mannen. De vrouwen waren niet betrokken bij het schrijven, illustreren of ontwerpen. De romans over het chaos tijdperk bevatten nauwelijks vrouwen. Als vrouwelijke personages al voorkomen, zijn ze slachtoffer of een middel om het verhaal van een man meer kleur te geven. Gezien het enorme Warhammer universum zijn er natuurlijk romans waar vrouwelijke personages een grotere rol spelen. Maar je moet goed zoeken.

Wat me bij twee brengt, de oorlogsnonnen. Bij al die mannelijke spierballen toestanden vormen zij de belangrijkste uitzondering. Lange tijd was het nonnenleger echter alleen verkrijgbaar in metaal en in een verpakking met minder aantal stuks. Kortom, deze figuurtjes waren zwaarder en duurder dan de gewone figuurtjes, die van plastic zijn. Op het veld kan een speler ze goed gebruiken, maar ze hebben wat minder mogelijkheden dan de andere legers. En de nonnen oude stijl droegen een raar sexy soort borsten-borstplaat. Brrrr. Ik kwam dan ook allerlei oproepen tegen, oud en recent, om hier aub iets aan te doen. Meer vrouwenfiguren, meer, andere en makkelijker toegankelijke oorlogsnonnen, meer spelmogelijkheden, minder dominantie van die alom tegenwoordige ruimtemariniers. ‘Warhammer, hallo, willen jullie je vrouwelijke fans aub serieus nemen?’

Wat me tot het punt drie en het voorlopige slot brengt: het lijkt erop dat Warhammer naar deze feedback luistert. Dit jaar lanceerde het spel een hele nieuwe reeks oorlogsnonnen. Daarmee speelt het bedrijf in op al die oproepen en pleidooien van fans. Daarnaast introduceerde Warhammer begin 2019 een nieuw leidersfiguur, Severina Raine. Naast het te beschilderen figuurtje om mee te spelen, heeft dit personage ook de hoofdrol in een nieuwe roman in de Warhammer reeks. Het verhaal komt uit de koker van een schrijfster, Rachel Harrison, die Raine eerder al opvoerde in een aantal korte verhalen. Dat zijn dus twee vliegen in één klap: meer vrouwelijke auteurs en meer vrouwelijke personages in de Zwarte Bibliotheek.

Tot slot weten steeds meer vrouwen zichtbaar hun plek op te eisen in het fancircuit. Magazine Vice publiceerde onlangs een aantal portretten van vrouwen die al jaren meedraaien met de Warhammer games. De een kwam wel seksisme tegen, de andere niet, maar allemaal hebben ze lol en maken ze mooie kunstwerken van de plastic figuren. En zo zijn er meer. Zoals die goeie vriendin met haar potje verf. Zij is ook met veel plezier aan het modelbouwen geslagen, met te beschilderen figuurtjes en een verpakking met plukjes gras om een realistisch veld te maken waar het figuurtje op komt te staan. Superleuk.

Allerlei mooie artikelen en essays

Eén van de redenen waarom ik dit blog begon was om allerlei interessante studies, essays en artikelen te delen met mensen die meer willen weten over de positie van vrouwen. Ik richt me daarbij vooral op buitenlandse, Engelstalige media, omdat ik er vanuit ga dat lezers de Nederlandstalige media prima zelf weten te vinden, en omdat veel mensen Engels kunnen lezen. Maar als ik iets moois tegen kom in een Nederlandse krant of tijdschrift, link ik er ook naar door, hoor 😉 Enfin, de oogst was weer rijk. Met twee artikelen over vrouwen in India, maar dat is toeval. Veel leesplezier en nieuwe inzichten gewenst!

Jezelf serieus nemen en ruimte innemen? Voor veel vrouwen in veel landen een hachelijke zaak. Ook in India krijgen meisjes en vrouwen van jongs af aan ingepeperd dat ze zich moeten schamen en vooral niet moeten denken dat iemand hen als mens serieus zal nemen. Toch komt daar steeds meer verandering in. Indiase vrouwen beginnen openlijk uit te komen voor hun opinies en delen hun ervaringen. Vaarwel, schaamte, hallo, eigen stem vinden, vat Madhuri Sastry deze ontwikkeling samen in een mooi artikel voor Bitch Magazine.

In het persoonlijke essay De Kraanvogel Vrouw deelt C.J. Hauser haar ervaringen met trouw blijven aan jezelf, terwijl de omgeving iets heel anders van je verwacht. Zoals genoegen nemen met een emotioneel kille man, trouwen, kindjes krijgen, de ideale schoondochter spelen. Is dat echt alles wat het leven een vrouw te bieden heeft? En wat zou je écht willen, als je die druk laat voor wat het is? Hint: kraanvogels spelen daarbij een rol.

Mooi weer, hitte, nou, dan weet je het als vrouw wel. Zodra je je op straat begeeft, bijvoorbeeld om bij de winkel om de hoek een verfrissend drankje te kopen, ben je vrij wild voor mannen die je naroepen en iets van je willen. Maakt niet uit waar je woont, het gebeurt. Zoë Ettinger schrijft erover in The Independent, en voor de Nederlandstalige editie van VICE klom Lauren O’Neill in de pen. De boodschap van beide vrouwen is echter dezelfde: mannen, stop aub met dit gedoe, het is vervelend en hinderlijk. Oftewel, stop asjeblieft met naar mijn tieten te staren, ik heb het fucking warm. Laat ons!

De Groene Amsterdammer publiceerde de afgelopen maanden een paar mooie artikelen over feminisme, vrouwenhaat, terloops seksisme, het voetbalpatriarchaat, enzovoorts. Filosofe Kate Manne (ik ben fan) krijgt een eervolle vermelding, hoera! Daarnaast dook De Groene in de situatie van vrouwen in Brazilië. Sinds de rechts-extremistische populist Bolsonaro aan de macht kwam, nam geweld tegen vrouwen toe…

Lyz Lenz schreef een persoonlijk artikel over haar ervaringen in Evangelische kringen. Het bleek moeilijk, zo niet onmogelijk, voor haar en haar partner om een kerkgemeenschap te vinden waar zij als vrouw gezien kon worden als mens. Ze bleef de aan haar man gehoorzaamheid verschuldigde echtgenote van, en dat knaagde steeds meer aan haar. Ze hunkert naar een kerk waar ze meetelt als mens, en waar vrouwen ook gewoon op de kansel kunnen staan.

Ook in Nederland ligt dat lastig. Er zijn verschillende stromingen waar vrouwen het goddelijke kunnen vertegenwoordigen en kunnen preken. Bij de remonstranten is het al ruim honderd jaar gebruikelijk dat vrouwen serieus meetellen, en de Oud Katholieke kerk heeft vrouwelijke priesters – kom daar maar eens om bij de R.K. Kerk. Maar bij Christelijk Gereformeerde Kerken blijft de rol van de vrouw zo’n heikel punt, dat kerkscheuringen dreigen.

Een witte Nederlandse jongeman won een miljoen dollar door tweede te worden in een Fortnite toernooi. Op papier staan zulke game-evenementen open voor iedereen, maar in de praktijk komen vrouwen (en mensen met een gekleurde huid) zoveel sociale, psychologische en financiële hindernissen tegen, dat voornamelijk witte en een paar Aziatische jongemannen overblijven. The Guardian geeft een goede analyse over de situatie, want deze monocultuur ontstaat niet vanzelf.

Voor meer verdieping: vrouwen maken bijna de helft, namelijk 46%, van de gamers uit. Vrouwen gamen even goed als mannen. Maar zodra ze verder willen dan onder een mannelijk pseudoniem voor de lol vanuit huis een potje gamen, slaan poortwachters toe. Driekwart van spelers van online games ervaren agressie, en vrouwen worden het hardst getroffen. Zodra ze het wagen om in een toernooi een goede mannelijke speler te verslaan, hebben fans van die jongen of man het op hen gemunt. Bedreigingen, agressie, gedoe, het zorgt ervoor dat vrouwen zich terugtrekken. Daarnaast botsen professionele vrouwelijke gamers aan tegen een enorme loonkloof. Kortom, hoog tijd dat de mannelijke poortwachters stoppen met het agressief bejegenen, onderbetalen en niet serieus nemen van vrouwelijke gamers, en de poort open zetten.

De huren en prijzen van een koopwoning stijgen zo hard, dat steeds meer alleenstaande vrouwen geen dak boven hun hoofd kunnen vinden. Ze moeten ergens op kamers wonen, slapen in een auto of bij vrienden op de bank, of raken dakloos. Ondertussen kunnen alleenstaande mannen zich de hogere prijzen nog net veroorloven: ze profiteren van de loonkloof (of: overbetaling van mannen ten opzichte van vrouwen, overwaardering van ‘mannenwerk’ ten opzichte van ‘vrouwenwerk’). Zie voor Engeland deze reportage, voor Australië deze  en deze, voor België dit artikel.

Nederland lijkt een uitzondering, maar met de enorme stijging van huren en hypotheken zouden we Engeland en Australië snel achterna kunnen gaan. In 2016 meldde het CBS dat de m/v verhouding bij daklozen al jaren op 85%-15% ligt. Maar dat is 2016. Voor alleenstaande is een koopwoning sinds een jaar of twee effectief onbereikbaar geworden, en met een middeninkomen een kale huur van duizend euro moeten ophoesten lijkt op de lange duur ook niet houdbaar te zijn. Daarnaast lijkt het erop dat moeders met kinderen zwaar in de problemen komen, vooral als ze bij hun partner weg willen. NRC Handelsblad noemt, als je geen zin hebt in een hospita en/of huisgenotenin je eentje huren in een woontoren de enige optie die nog open ligt voor een alleenstaande met een baan. Waarbij de man weer profiteert van de loonkloof en dus eerder zo’n appartement zal kunnen betalen dan de alleenstaande vrouw.

Vrouwen lijden het vaakst honger in de wereld. Veel landen met voedselschaarste hebben een patriarchale cultuur. Mannen eten vaak als eerste, en gezinnen investeren in de jongens. Meisjes en vrouwen komen als laatste, met eten, en worden als eerste opgeofferd als de middelen van bestaan schaars worden. Bijvoorbeeld door meisjes veel te jong gedwongen uit te huwelijken, zodat het gezin die mond niet meer hoeft te voeden. Hier en daar ontstaan initiatieven om een einde te maken aan de ondervoeding bij vrouwen. Zo ontstond in India een initiatief om het hele gezin gezamenlijk aan de maaltijd te zetten. Dat maakte een enorm verschil: vrouwen kregen een gelijk deel van het beschikbare voedsel, in plaats van achteraf de schamele restjes te eten die man en kinderen over lieten.

Zoals eerder gezegd ben ik een fan van website Literary Hub. Een fijne vindplaats voor mooie essays, interessante boeken en inzichten over vanalles en nog wat rond literatuur, gender, taal, vrouwen in de wereld. Lees bijvoorbeeld dit hoofdstuk van Hannah Allam uit een nieuw boek, Our Women on the Ground, over vrouwelijke oorlogscorrespondenten in Irak. Of de revolutionaire effecten van de pil voor vrouwen, op de levens en het werk van vrouwelijke auteurs. Of de manieren waarop internet en feminisme elkaar kunnen versterken. Of een mooi artikel over de ongenadige weerzin tegen ongetrouwde vrouwen bij de vroege witte kolonies in de V.S., en hoe die hatelijke erfenis tot op de dag van vandaag invloed heeft. Of dit mooie artikel over het werk van Nobelprijs winnares Svetlana Alexievich.

Hieraan gerelateerd: bereid je voor om de ogen uit je hoofd te lachen – of te huilen – van de manieren waarop mannelijke auteurs vrouwen beschrijven in hun romans en andersoortige boeken. Twitteraccount Men Writing Women, echt, lezen is geloven. Niet alleen levert het bodyhorror op (personage bewaart een kleine beurs met haar pinpas in haar vagina?!? Alle porieën in de huid veranderen in kleine clitorissen?!?) maar ook de karakterbeschrijvingen van vrouwelijke personages leiden regelmatig tot kotsneigingen. Deze twitterdraad is in zekere zin een vervolg van een actie uit 2018, waarbij Lucy Huber vrouwen uitdaagde om zichzelf te beschrijven zoals een mannelijke auteur dat waarschijnlijk zou doen, als je in zijn boek voor zou komen. Vele hilarische inzendingen volgden.

Voor het Duitstalige gebied: #dichterdran, een satire waarbij mensen over mannen schrijven en praten zoals er vaak over vrouwen wordt gesproken en geschreven. Lichte nadruk op literatuur, maar het gaat alle kanten op.

Enfin, veel leesplezier….

Rock and Roll: vrouwen van het eerste uur

Waar het schrijven van een scriptie al niet toe kan leiden. Van een onderzoek naar muzikantes in de Rock&Roll, naar een uitgebreide website met database op internet waar je zo uren zoet bent als je ergens op begint te klikken. De scriptieschrijfster: Leah Branstetter, die haar studie voor musicologe afsloot met een onderzoek naar Rock and Roll artiesten uit de jaren vijftig. De site: Women in Rock.

Branstetter kwam tot haar thema nadat ze haar hele leven gehoord had dat vrouwen niet actief waren in Rock and Roll. Het zouden alleen mannen zijn geweest, die in de jaren vijftig de basis legden voor dit genre. Het probleem ligt diep en is structureel. Over welke periode je ook spreekt, vrouwen komen er niet aan te pas. Zo telt de beroemde Amerikaanse Hall of Fame waar het Rock and Roll betreft niet meer dan circa 8% vrouwelijke artiesten.

Branstetter geloofde er niets van, dat vrouwen geen deel uit zouden maken van de Rock and Roll. Ze dook de geschiedenis in en trof honderden artiesten aan, die in de beginjaren van het muziekgenre stevig aan de weg timmerden. Breed, als artiest en muzikante, maar ook in allerlei andere rollen, zoals songwriter:

And many more participated in other ways: writing songs, owning or working for record labels, working as session or touring musicians,designing stage wear, dancing, or managing talent—to give just a few examples. It is true that women’s careers didn’t always resemble those of their more famous male counterparts. Some female performers were well known and performed nationally as stars, while others had more influence regionally or only in one tiny club. Some made the pop charts, but even more had impact through live performance.

Branstetter ging gedegen te werk. Magazines willen nog wel eens op de proppen komen met lijstjes vrouwen die opgenomen zouden moeten worden in overzichtswerken en Hall of Fame lijstjes. Branstetter doet dit ook, maar neemt een indrukwekkende bronnenlijst mee. Wie de Engelse taal beheerst vindt daar allerlei interessante boektitels, onderzoeken en andere bronnen. Handig voor mensen die zelf aan de slag willen of zelf ander onderzoek willen doen naar gender en muziek.

Het hart van de site vormen uiteraard de biografieën van allerlei min of meer vergeten vrouwen, die in de jaren vijftig impact hadden op de Rock and Roll scene. Regelmatig komt er weer een portret van een artieste bij, dus het loont de moeite om regelmatig een kijkje te nemen. Women in Rock voorziet ook in interviews met artiesten. Tot nu toe staan er gesprekken op de site met mensen zoals Beverly Ross, Wanda Jackson, Linda Gail Lewis en Laura Lee Perkins. Branstetter stelde ook een Spotify lijst samen, zodat mensen de muziek kunnen beluisteren.

Branstetter’s site werd zeer lovend ontvangen. Voor meer over haar werk, zie bijvoorbeeld: Open Culture over de lancering van de site, of Far Out Magazine over de betekenis van deze vroege pioniersters.

Vastendieet verdient zeer kritische blik

Daar was-ie weer, deze keer bij EenVandaag. Een man die enthousiast de voordelen van het vastendieet aanprijst. Iedere week een of twee dagen nauwelijks eten en het gezondheidswalhalla opent haar poorten voor je. Klinkt super, en er zijn veel andere mensen die deze vorm van diëten aanprijzen. Vaak mannen. En dat is geen toeval: onderzoek wijst uit dat mannen inderdaad gezondheidsvoordelen ervaren bij vasten. Maar naar vrouwen is weinig onderzoek gedaan, en het onderzoek wat er is lijkt erop te wijzen dat de effecten voor vrouwen juist negatief zijn.

Zoals zo vaak blijven vrouwen onzichtbaar in onderzoeken naar medische- of gezondheidsverschijnselen. Journalisten zoals Caroline Criado Perez (Invisible Women), Maya Dusenberry (Doing Harm) en in Nederland cardiologe Angela Maas en organisaties zoals Women Inc. met campagne Behandel me als een dame, allemaal wijzen ze erop dat onderzoek decennia lang plaats vond met de man als norm. Mannen bepaalden de onderzoeksagenda en verrichten studies op basis van mannelijke dieren en/of mensen van de mannelijke sekse.

Wat onderzoekers aan resultaten vonden, inclusief onderzoek naar diëten, pasten ze vervolgens klakkeloos toe op vrouwen. Met als gevolg dode, verminkte of zieke vrouwen, en geneesmiddelen die voor vrouwen veel meer ernstige bijwerkingen hebben dan bij mannen. Pas de laatste tien, twintig jaar hebben vrouwen meer banen in de medische wereld en komen onderzoeken naar vrouwen op gang.

Dezelfde situatie zie je bij onderzoeken naar het effect van periodiek vasten. Veel studies gaan over mannen en mannetjesdieren. Die blijken baat te hebben bij het vastendieet en verbeteren er hun gezondheid mee. Logisch dus, dat mannen lyrisch zijn over de waarde van het vastendieet. Ze hebben groot gelijk.

Over vrouwen ontbreken gegevens echter, omdat onderzoekers hen niet meenamen in de studie. Of ze zijn gebaseerd op zulke kleine groepen vrouwen dat je alleen kunt spreken van aanwijzingen die verder onderzoek noodzakelijk maken. Binnen die context is het enige wat je kunt zeggen dat de eerste aanwijzingen negatief zijn. Vrouwen melden problemen met hun hormonen, schildklier en menstruatiecyclus, slapen slechter, ervaren meer stress en kunnen glucose slechter verdragen (een vroeg waarschuwingssignaal voor diabetes). Nogmaals, de studies zijn schaars, dus zie dit als aanleiding voor verder onderzoek. Maar het eerste beeld is dat veel vrouwen meestal weinig opschieten met het vastendieet.

De enige categorie vrouwen waarbij het een of twee dagen vasten dieet enigszins positieve effecten had, was een beperkte groep zwaar obese vrouwen. Het ging bij dit onderzoek van de universiteit van Adelaide om 88 vrouwen die zich tien weken aan deze dieetvorm hielden. Daarna stopt de data-stroom, dus er is geen informatie beschikbaar over de langere termijn. Bovendien werken alle diëten de eerste paar weken, maakt niet uit wat en via welke methode (waarna je in een paar jaar tijd de verloren kilo’s meestal weer terugkrijgt, plus een paar extra). Het zegt niet zoveel.

Het vastendieet is niet de enige aanpak waarbij blijkt dat mannen er meestal beter van worden, en vrouwen weinig effect ondervinden of zich er slechter door gaan voelen. Hetzelfde zie je bij het Ketogeen dieet, een methode waarbij je koolhydraten zoveel mogelijk laat staan. Opnieuw zie je dat mannen voornamelijk baat hebben bij dit dieet, terwijl vrouwen zich beroerd gaan voelen omdat het Ketogene dieet bij hen negatieve gezondheidsverschijnselen veroorzaakt. Zo raken vrouwen hormonaal uit balans en kan keto bij hen juist een toename van gewicht veroorzaken.

Kortom, prima als mannen enthousiast zijn over het vastendieet. Maar als ze daarna druk uitoefenen op vrouwen in hun omgeving om het ook te doen, gaan ze te ver. Vrouwen: kennis is macht. Trap er niet in. Wat goed is voor hem, is lang niet altijd goed voor jou.

Moordenaars vertonen opvallend vaak vrouwenhaat

En weer pakt een witte man een wapen en schiet om zich heen. Deze keer in de Amerikaanse stad El Paso. En kort daarop een andere witte man, nu in de stad Dayton, in de staat Ohio. Daders van dit soort slachtpartijen in het openbaar hebben allerlei motieven, zoals religieus-extremisme, psychische problemen en racisme. Maar wie ze allemaal naast elkaar zet, ziet een link die opvallend vaak terugkeert: bijna alle moordenaars hebben een geschiedenis van vrouwenhaat. Weerzin tegen vrouwen lijkt een overkoepelend motief, los van religie, politieke overtuiging of andere -ismen.

Bij de meest recente moordpartijen moet het uitzoekwerk nog beginnen. Maar daags na de schietpartij in Dayton is al duidelijk dat de dader onder andere zijn jongere zusje neerschoot. Daarnaast werd hij twee keer van school gestuurd, wegens het opstellen van een lijst met mensen die hij wilde vermoorden, en een lijst namen van mede studentes, die hij wilde verkrachten. Hij mocht in dat laatste geval terugkeren op voorwaarde dat hij een excuusbrief schreef naar de meisjes uit de lijst, melden diverse klasgenoten.

Magazine Mother Jones analyseerde 22 eerdere moordpartijen uit de reeks van de afgelopen acht jaar tot in de details. Van die groep daders bleek dat 86% zich eerder schuldig had gemaakt aan huiselijk geweld. 32% had voor zijn moordpartij vrouwen gestalkt of op andere manieren lastig gevallen. 50% richtte zich op vrouwen – ze doodden ook mannen en kinderen die in de weg liepen, maar verklaarden in manifesten voor of verhoren na hun misdaad dat ze vooral vrouwen wilden raken.

Het patroon geldt voor Amerika, waar massaal wapenbezit moordpartijen in de hand werkt, maar is ook duidelijk zichtbaar in Europa. Veel daders van aanslagen in Engeland, Frankrijk en Duitsland mishandelden eerst hun “eigen” vrouwen voordat ze op straat mensen begonnen te vermoorden uit naam van ras of religie. Anderen gaven op andere manieren blijk van vrouwenhaat, bijvoorbeeld door seksueel geweld, stalking of het publiceren van hatelijke tirades. De link is zo sterk dat huiselijk geweld en andere agressie tegen vrouwen mag gelden als een voorspellend signaal voor latere terreurdaden in de openbaarheid.

Daarnaast onderschrijven de daders bewust of onbewust een bepaalt soort giftige mannelijkheid: willen domineren, macho zijn, spanningen en problemen oplossen met agressie, de glamour van de krachtige man met een groot geweer in zijn handen. De ene keer is die giftige mannelijkheid religieus getint, andere keren hangt het samen met racisme. Bijvoorbeeld als witte man gekleurde mensen doden om je witte vrouwen te beschermen, zodat zij in alle rust zoveel mogelijk witte baby’s kunnen baren en zo de westerse beschaving redden. Een deel van de witte vrouwen in de V.S. omhelst die ideologie trouwens enthousiast. Ze rekenen erop dat hun mannen sterk en stoer zijn en met geweld het blanke ras verdedigen.

Het lijkt erop dat de dader van El Paso ook tot die stroming behoort. Op internet verklaarde hij het op Latijns Amerikanen gemunt te hebben, omdat die Texas onder de voet lopen. Ook maakte hij een foto van het woord Trump, met wapens neergelegd in de vorm van de letters, en publiceerde hij op een extreem rechts forum, waar hij andere mensen kon vinden die net als hij het blanke ras menen te moeten verdedigen tegen een invasie van gekleurde anderen. Desnoods met geweld jegens die gekleurde anderen, en met verplicht baren voor ‘hun’ ‘eigen’ vrouwen. Een giftige mix van racisme en seksisme.

Het erge is: dit wisten we al in de jaren tachtig. Voor haar recente boek Home Grown dook Joan Smith in het vrouwenhatende karakter van dit soort moordenaars:

The book begins with a quote from Nazir Afzal, former Chief Crown Prosecutor for the North West of England: “There was research in the 1980s…the number one finding was that the first victim of an extremist or terrorist is the woman in his own home. We’ve forgotten that. We haven’t built on that.” “Home Grown” provides irrefutable evidence based on researching the histories of many mass killers, that the men who commit public atrocities have very probably practised their terrorism at home first. It also suggests that the lessons that should have been learned in the 1980s are still being resisted today.

Dat we nog steeds weerstand bieden aan het recht in de ogen kijken van mannelijke agressie, kan wellicht verklaard worden uit het femomeen van hempathie, een term bedacht door filosofe Kate Manne. In een patriarchale samenleving vertonen veel mannen en vrouwen de neiging om mannen in bescherming te nemen. Hij bedoelde het niet zo. Het was een grapje. Ja, hij schoot dertig mensen dood, maar hij was een onbegrepen, eenzame ziel met problemen. Of nee wacht, hij was nog jong en dan zijn je hersenen nog niet helemaal uitontwikkeld, zodat het lastig is onder druk goede beslissingen te nemen. Hoe witter de man, hoe sterker de neiging hem zoveel mogelijk uit de wind te houden, wat hij ook deed.

Daarnaast hebben zeker vrouwen domweg teveel te verliezen als ze agressie van mannen aan de kaak proberen te stellen. Vrouwen worden niet geloofd, of krijgen (sociale) straf – roddel en achterklap, het stuklopen van je relatie, waarna je als vrouw meestal in armoede vervalt terwijl de man vrolijk door gaat. Als cultuur oefenen we grote druk uit op vrouwen om te blijven zwijgen. En mannen spreken mede-mannen vaak niet aan omdat zij niet het doelwit van agressie zijn, het probleem niet zien, of zich (meestal onterecht) persoonlijk aangevallen voelen en hun kont tegen de krib gooien. Zo kan mannelijke agressie door etteren. En blijven overheden, instanties en denktanks in vruchteloze rondjes doordraaien.

Het is geen toeval dat bijna alle daders van massale moordpartijen mannen zijn. Het is geen toeval dat de overgrote meerderheid van de daders andere -ismen en problemen vermengen met een fikse dosis vrouwenhaat. Het wordt hoog tijd dat we deze dodelijke problematiek door een genderlens gaan bekijken, en vroege signalen serieus nemen.

Nieuwe kledingdwang voor vrouwen

Geert Wilders krijgt zijn zin: Nederland kent vanaf 1 augustus 2019 een nieuwe kledingdwang, speciaal voor vrouwen. Vanaf die datum verbiedt de Nederlandse overheid de Nikab en de Boerka (en, later als schaamlap toegevoegd, bivakmutsen en integraalhelmen). Vrouwen die zich daar niet aan houden kunnen 150 euro boete krijgen en onder andere uit ziekenhuizen, het openbaar vervoer, scholen en gemeentehuizen geweerd worden.

Vrouwen en de kleding die ze dragen, het is al eeuwenlang een favoriet gespreksonderwerp. Het wemelt van de formele en informele ge- en verboden. Maar of ze nu afgedwongen worden met een formele wet, met een beroep op religie, of onder sociale druk van de omgeving, voorop blijft staan dat er sprake is van dwang en dat er straf volgt als je je als vrouw je niet houdt aan de voorschriften.

Zo is er geen enkele wet die landelijk voorschrijft dat vrouwen verplicht hoge hakken moeten dragen zodra ze iets ondernemen. Veel bedrijven mogen echter hun eigen regels opstellen, evenals organisatoren van evenementen, met alle gevolgen van dien. Draag je als vrouw geen hoge hakken, dan kan het gebeuren dat een bedrijf je na één dag de laan uit stuurt, of dat een filmfestival je niet binnen laat bij een premiere.

Mannen, even voor de duidelijkheid: hoge hakken zijn de hel. En leiden tot allerlei fysieke ongemakken en problemen.  Daarom komen steeds meer vrouwen in verzet tegen die hoge hakken plicht. Van Japan tot aan België (enigszins ironisch) en Canada.

Zodra vrouwen zich willen ontworstelen aan een dwingend kledingvoorschrift regent het redenen waarom ze zich er toch aan moeten houden. Zo verklaarde de Japanse minister van Arbeid officieel dat hoge hakken moeten, omdat ze noodzakelijk zouden zijn voor het werk van vrouwen. Het is ‘sociaal geaccepteerd’ en ‘gepast’, beweerde hij – een cirkelredenering waarbij iets moet omdat ‘we’ vinden dat het moet, omdat het moet want het is gepast. Ook Cannes beriep zich op argumenten van het type ‘sociaal gepast’, passend bij de uitstraling van het filmfestival, oftewel het moet omdat het moet omdat ‘we’ het sociaal geaccepteerd en gepast vinden.

Het wordt eng als vrouwen zich in allerlei bochten moeten wringen met als argument dat ze anders jongens en mannen afleiden van onderwijs, gebed en bezinning. Het leidt gegarandeerd tot seksistische toestanden waarbij zelfs jonge meisjes al gedwongen worden in de rol van poortwachters voor mannelijke neigingen. Bonuspunten als ook religie mee gaat spelen – jij als vrouw moet je zus en zo kleden, anders verzet je je tegen een heilig boek of een godheid (en het aloude ‘je stoort mannen met je zondige want sexy lijf’, speelt vaak mee). Laat die al dan niet religieuze jongens en mannen effe zelf de verantwoordelijkheid nemen voor hun lusten en gedachten, zeg!

Wat al die ge- en verboden voor vrouwenkleding gemeen hebben met elkaar, is dwang – vrouwen ondervinden schade als ze iets wel of niet doen, wat niet ‘mag’ of juist ‘moet’. De schade uit zich in sociale afkeuring, buitengesloten worden, ergens niet mogen zijn, weggestuurd worden, boetes krijgen en in extreme gevallen celstraffen, zweepslagen en ander geweld, zoals door een woedende groep mannen een woonwijk uitgejaagd worden.

Er zijn weinig voorbeelden waarbij mannen vanwege hun kleding zo structureel in de problemen komen. Ja, Cannes ‘dwingt’ mannen om een vlinderdasje te dragen bij premières, maar dat staat niet in verhouding tot de hoge hakken dwang. Vlinderdasjes richten geen blijvende fysieke schade aan en beperken je ook niet in je bewegingen. De keren dat dwang ernstigere vormen aan kan nemen, zoals bij de Taliban, die mannen met geweld dwongen om hun baard te laten groeien, vallen in het niet bij de massale vervolging van vrouwen wereldwijd voor wat ze wel en niet dragen.

Dat Nederland er nu voor kiest om als landelijke overheid mee te doen met dwingende kledingvoorschriften, specifiek gericht tegen vrouwen, vind ik dieptriest. De wet komt voort uit hatelijke overtuigingen van een extreem rechtse politicus, alleen dat al zou mensen zeer hard aan het denken moeten zetten. Zo wijst onderzoek uit dat voorstanders van boerka- en hoofddoekverboden een beroep doen op emancipatie. In werkelijkheid vinden ze andere redenen veel belangrijker:

Subtiele vooroordelen verklaren de negatieve houding voor een belangrijke deel, zo vonden de onderzoekers. Vooroordelen werden getest met stellingen als ‘Buitenlanders leren hun kinderen andere waarden en vaardigheden dan die nodig zijn om te slagen in België’ en ‘De westerse beschaving is verder ontwikkeld dat de Arabisch-islamitische beschaving.’ Mensen die het eens waren met zulke stellingen, waren ook negatiever over de hoofddoek.

Ook je gezonde verstand wijst erop dat een emancipatie argument verdacht is. Als je zegt dat bepaalde kleding vrouwen tegenhoudt om te emanciperen, helpt het dan om ze buiten te sluiten en te dreigen met boetes? Gaan ze dan eerder hun huis uit, op naar hun werk? Stappen ze dan makkelijker naar het buurthuis, of naar de huisarts? ‘k Dacht het niet.

Naast zeer dubieuze rechtse gedachten is de wet ook nog eens duidelijk gemaakt zonder inspraak van de vrouwen die het betreft, en er is ook veel te weinig rekening gehouden met de uitvoerbaarheid. Ziekenhuizen kondigen al aan dat ze er niks mee gaan doen: wie medische hulp nodig heeft, krijgt die, ongeacht het uiterlijk of de kleding.

Feminisme staat voor vrijheid. Al vrouw zelf keuzes maken, zelf bepalen wat je doet en waarom, opkomen voor gelijke rechten en kansen. Dwang past op geen enkele manier in dit plaatje. Dit artikel is daarom ook geen pleidooi voor de boerka, maar een pleidooi om af te zien van dwang. Al die geboden en verboden gericht op vrouwen leiden alleen tot meer druk op vrouwen – en geloof me, we staan al genoeg onder druk met een cultuur die bol staat van bewust en onbewust seksisme, vooroordelen, loonkloven, ondervertegenwoordiging in de openbaarheid in combinatie met de hoofdverantwoordelijkheid voor huishouden en kinderen. We hoeven er geen kledingverbod bovenop, het is zo al genoeg, dank u.

Mannen kunnen vrouwen straffeloos verkrachten

Wil je als man de opwinding voelen van het plegen van een misdaad, maar heb je geen zin in celstraf? Verkracht dan een vrouw. Geen haan die daar naar kraait, ontdekten onderzoekers uit Engeland en de V.S. In Engeland haalt nog geen 1,5 (één komma vijf) procent van de zaken een aanklacht bij een rechter. In de V.S. wandelen per 50 verkrachtingen 49 daders ongestraft weg. Nederland heeft geen volledig betrouwbare cijfers beschikbaar, maar op basis van wat we wél weten kun je stellen dat de situatie hier hetzelfde is.

Magazine The Atlantic dook in de situatie en komt net als Engelse collega’s tot de conclusie dat er een epidemie van ongeloof heerst. Zodra een vrouw aangifte wil doen, treden bij de autoriteiten allerlei scripts in werking. Vaak onbewust. De vrouw liegt. Ze overdrijft. Ze wílde seks, maar daarna toch niet, en roept nu verkrachting om de man in kwestie dwars te zitten. En hoe zit het met die vrouw? Had ze alcohol op, wat voor kleding droeg ze, gaf ze aanleiding voor ‘misverstanden’?

Vanuit dat epidemische ongeloof gaat het snel bergafwaarts. Voor de V.S. omschrijven deskundigen de situatie als volgt:

Police may try to discourage the victim from filing a report. If she insists on pursuing a case, it may not be assigned to a detective. If her case is assigned to a detective, it will likely close with little investigation and no arrest. If an arrest is made, the prosecutor may decline to bring charges: no trial, no conviction, no punishment. […] in 49 out of every 50 rape cases, the alleged assailant goes free—often, we now know, to assault again. Which means that rape—more than murder, more than robbery or assault—is by far the easiest violent crime to get away with.

Het gebrek aan actie als een vrouw een verkrachting wil melden, is niet alleen zichtbaar in dramatisch lage vervolgingspercentages. Het is ook zichtbaar in bergen niet onderzocht bewijsmateriaal. Vrouwen kunnen een zogenaamde ‘rape kit‘ laten maken. Dat betekent dat medisch personeel kledingresten met bloed en/of sperma, en soortgelijke sporen op en in het lichaam, op de correcte manier verzamelt als bewijsmateriaal. Nog steeds liggen tienduizenden van dit soort pakketjes bewijsmateriaal ongeopend op planken te verstoffen. Pas onder president Obama kwamen fondsen vrij om alsnog te kijken welke DNA sporen de rape kits bevatten, en maken agenten een begin met daders zoeken. Nog steeds liggen echter naar schatting 250.000 rape kits op de plank:

“I believe fundamentally there was a gender bias at issue,” Vance said of the backlog at a press conference. “A crime mostly involving women was simply not viewed as important to solve.”

In Engeland zie je hetzelfde mechanisme van ongeloof en vrouwen afwimpelen zonder fatsoenlijk onderzoek te verrichten. Slechts één op de 65 zaken komt in het stadium van aanklacht, de andere 64 zaken sneuvelen. Ook hier constateren onderzoekers een hindernisbaan waardoor steeds meer zaken afvallen, vergelijkbaar met de beschrijving hierboven. Ook hier begint het bij ongeloof en wantrouwen jegens vrouwen die aangifte willen doen. Weet ze dat wel zeker? Weet ze wel welke straf er staat op het doen van een valse aangifte? Het proces is zo wreed dat slachtoffers regelmatig verzuchtten dat ze wensten dat ze nooit door hadden gezet:

“If I could do it again I would not do it. What it did to my mental health, it was not worth it.”

In Nederland zijn écht betrouwbare cijfers schaars, wegens versnippering, veranderende definities, onbetrouwbare ICT en ander gedoe. Het lijkt er echter sterk op dat ons land met dezelfde situatie kampt als Engeland en de V.S. In Nederland wil slechts 13 procent van de vrouwen aangifte doen, meldt De Volkskrant. Daarna volgt een ‘informatief gesprek’ bij de politie. Dat gesprek zorgt ervoor dat ruim de helft, 59 procent, van de meldingen afvalt. Van de aangiftes die dan nog overblijven, haakt het OM bij 57 procent van de gevallen af, vaak wegens allerlei problemen rond de bewijsvoering. Zoals dagblad Trouw het samenvat: zedenzaken zijn langdurig (gemiddeld duren ze twee jaar), pijnlijk, en leiden zelden tot een veroordeling.

Goed onderzoek doen en daders veroordelen loont echter. Omdat slachtoffers recht wordt gedaan, maar ook omdat straf daders wel degelijk tegenhoudt. Van de in Nederland veroordeelde mannen (en nogmaals, veroordeling en celstraf zijn een enorme uitzondering op de regel) gaat een kwart daarna gewoon weer in de fout. Maar celstraf zorgt er ook voor dat de andere 75% de boodschap begrijpt en stopt met verkrachten. Het heeft dus zin om misdaad aan te pakken. Wow!

Daarnaast leveren fatsoenlijk onderzochte zaken een schat aan informatie op. De Amerikaanse politie behandelt tot nu toe iedere verkrachtingszaak als een op zichzelf staand geval. Daar moeten ze echter snel mee stoppen, want op basis van DNA sporen uit rape kits blijkt dat één op de vijf verkrachters serieverkrachters zijn en slachtoffer na slachtoffer maken. Ze hebben geen herkenbare aanpak: ze verkrachten als de gelegenheid zich voordoet, en hun slachtoffers zijn vrouwen die ze kennen, maar ook totaal onbekende vrouwen die toevallig voorhanden waren.

De daders stapelen zich op nu de Amerikaanse politie eindelijk serieus aan het werk gaat met rape kits. Nathan Loebe verkrachtte zeven vrouwen in een periode van 12 jaar. Dandre Shabazz verkrachtte minstens vijftien meisjes en vrouwen tussen december 2001 en mei 2005. Gary Clair belandde achter de tralies nadat hij in 2010 drie vrouwen verkrachtte, maar na onderzoek van rape kits steeg het aantal slachtoffers naar vier. In al deze gevallen had de politie de kans gekregen om deze mannen na hun eerste misdaad op te pakken. Dat gebeurde niet, en dus gingen ze door en verpestten de levens van nog meer meisjes en vrouwen.

Het wordt hoog tijd dat de overheid seksueel geweld tegen vrouwen serieus neemt. Dat aangiftes geaccepteerd worden zonder dat slachtoffers als dader behandeld worden en door tien brandende hoepels moeten springen. Dat in Nederland de wetgeving rond verkrachting eindelijk gaat voldoen aan het verdrag van Istanbul, een door Nederland ondertekend verdrag van de Raad van Europa, dat gericht is op het voorkomen en bestrijden van geweld tegen vrouwen en van huiselijk geweld. Het probleem is té groot en treft té veel vrouwen.

Eerste man op de maan had een vrouw moeten zijn

In een rechtvaardige wereld was de eerste man op de maan een vrouw geweest. Amerikaanse astronautes die vijftig jaar geleden voor de missie trainden, onder de noemer Mercury 13, vertoonden een fysiek betere conditie, presteerden beter, en toonden zich stressbestendiger. Toch gaf NASA de voorkeur aan witte mannen, die minder goed presteerden. De reden bleef vaag. In 1962 sleepten de betrokken vrouwen NASA voor de rechter wegens discriminatie, maar toen maakte het al niet meer uit. Hun droom om ooit op de maan te staan, was voor altijd in rook opgegaan.

Eén van de deelnemers aan Mercury 13 was Jerrie Cobb. Cobb werd geboren in 1931 en speelde bij softballteam Oklahoma City Queens. Maar haar echte passie lag bij vliegen. Ze spaarde haar prijzengeld op en kocht op haar zestiende een vliegtuigje. Daarna was er geen houden meer aan. Ze ontwikkelde zich tot een goede pilote en vloog onder andere in de prestigieuze luchtshow van Parijs.

Haar prestaties brachten haar in contact met wetenschappers van een particuliere organisatie, die testen ontwikkelden voor potentiële astronauten. Terwijl NASA in een officieel alleen voor mannen programma de mannen testten, ondergingen Cobb en twaalf andere vrouwen van de Mercury 13 dezelfde testen. Al snel bleek dat de vrouwen beter waren. Maar daar stopte het. De particuliere organisatie ontving geen fondsen om het programma voort te zetten. NASA concentreerde zich op de mannenploeg en stuurde een man naar de maan. Tot groot verdriet van de vrouwen:

The pilots’ lingering disappointment over the lack of support from NASA and Congress is still evident more than half a century later. “It was a good old boy network, and there was no such thing as a good old girl network,” Funk tells her interviewer. Ratley’s voice cracks as she recounts the story. Bob Steadman is clearly still irritated with the male astronauts who testified that women couldn’t possibly go to space; he thinks they didn’t want the Mercury 13 as colleagues because they feared being overshadowed. “One beautiful woman as an astronaut would have just dominated the news,” he argues.

Pas vanaf 1978 gaf NASA vrouwen een plek in het astronautenprogramma, waarna vijf jaar later Sally Ride de eerste Amerikaanse vrouw op de maan werd. Tegen die tijd had Rusland allang een vrouw naar de maan gestuurd: Valentina Tereshkova. Niks mis met haar, maar ze had minder ervaring dan Jerrie Cobb destijds. Nog een aanwijzing dat NASA in die tijd echt oogkleppen op had. (Sterker: zelfs de juiste sekse was niet genoeg, je moest ook de juiste huidskleur hebben. Zo was zwarte man Ed Dwight een serieuze kandidaat voor latere maanmissies, maar NASA schoof ook hem terzijde. Hij nam in de jaren zestig ontslag omdat hij door had dat zijn ambities geen ruimte kregen.)

Kortom, als je juichverhalen hoort over Neil Armstrong en consorten, weet dan dat hij en zijn maten alleen op de maan konden staan omdat NASA alle vrouwen en zwarte mannen zorgvuldig buiten boord hield. In een rechtvaardige wereld zou hij het niet gered hebben.

Verder kijken en meer weten? De documentaire Mercury 13 is te zien op Netflix

Gereedschapskist: ‘manslamming’

Charlotte Riley voerde een experiment uit. Wat zou er gebeuren als ze op straat en in het openbaar vervoer niet automatisch aan de kant zou gaan voor mannen? Haar verslag in The New Statesman is hilarisch, maar maakt een ding pijnlijk duidelijk: mannen verwachten bewust of onbewust dat vrouwen en andere wezens ruimte voor hen maken. Doen vrouwen dat niet, dan volgen botsingen. Oftewel: manslamming.

Dit persoonlijke experiment staat niet op zichzelf. Een vakbondsorganisator uit New York, Beth Breslaw, hield het een paar weken vol om stug rechtdoor te lopen als ze tegenliggers kreeg. Vele botsingen met mannelijke voetgangers waren het vervolg. Ze kwam op het idee voor dit experiment door de ervaringen van een vrouwelijke kennis:

“She would get on the train and have nowhere to sit because men were all spread out on the seats,” Breslaw told me with a laugh. “Then she’d get off the train and have nowhere to walk because men don’t get out of the way.” It’s a phenomenon that perhaps we could call manslamming: the sidewalk M.O. of men who remain apparently oblivious to the personal space of those around them. Should you choose not to yield to these men, they will walk directly into you without even acknowledging it.

Naast Riley herhaalde ook de Canadese journaliste Kelli Korducki dat experiment, nu in Toronto. Ook zij zag zich geconfronteerd met mannen die niet uit wilden wijken omdat ze er klakkeloos vanuit gingen dat zij gewoon door kunnen lopen en dat vrouwen wel opzij zullen gaan. Ook in dit geval waren vele botsingen het gevolg. Kortom, of je nou kijkt naar Londen, New York of Toronto, besluit als vrouw om over straat te lopen ‘als een man’ en je krijgt vele, vele botsingen/manslamming.

In Nederland fietsland heb ik zelf ook een paar keer gekeken wat er gebeurt als je in een rechte lijn doorfietst met mannelijke tegenliggers. Opeens valt dan op hoeveel mannelijke weggebruikers het ruim nemen met hun rij-laan. Bijna botsingen met scheldende mannen op fietsen en brommertjes (‘kijk uit je doppen, stomme doos’) waren het gevolg. Zoveel dat ik het experiment stopte omdat ik ongelukken vreesde. Voortaan hou ik me weer aan het allerrechtste rechter buitenkantje van ‘mijn’ deel van de rij-laan. Dan blijf ik veilig voor breeduit fietsende heren. (En senioren m/v op elektrische fietsen, want dat is ook een groep waarvan opvallend veel leden denken dat er niemand anders te bekennen is op de weg.)

Enfin. Waarom manslamming? Mannen geven desgevraagd zelf toe dat zij gesocialiseerd zijn om ruimte in te nemen in het openbaar. Ze denken er verder niet over na – tenzij lastige vrouwen hen confronteren met hun gedrag.

Maar als je wat breder en dieper kijkt, is het niet zo gek dat mannen als vanzelfsprekend door de openbare ruimte bewegen en hun gang gaan zonder verder bewust ergens op te letten. De Heinrich Böll stichting signaleert bijvoorbeeld dat alles in de openbare ruimte de boodschap afgeeft dat dit het terrein is van mannen. Denk bijvoorbeeld aan straatnamen: als het gaat om een mensennaam dragen straten, lanen en pleinen bijna altijd de naam van een man. Of denk aan stoplichten met een mannelijk symbool – zo vanzelfsprekend dat als een stad besluit om een vrouwelijk figuurtje in de straatlamp in te bouwen, daar grote koppen in kranten op volgen. Ook standbeelden tonen meestal al dan niet foute mannelijke figuren.

Sterker, de hele inrichting van de openbare ruimte is gericht op mannen. Trappen en roltrappen op plaatsen waar je zou kunnen wéten dat er veel vrouwen met kinderwagens komen. Onverlichte fietstunnels. Plaveisel waar je gegarandeerd op blijft steken of je enkels verstuikt als je schoenen met een hak draagt. Openbare toiletten die zo ontworpen zijn, dat alleen mannen er staande in kunnen urineren – als vrouw zoek je het maar uit, met boetes voor wildplassen tot gevolg. Hoogtes, lengtes en breedtes zijn afgestemd op ‘de gemiddelde man’, alle anderen moeten rekken, strekken, reiken en wringen.

Manslamming is het logische eindresultaat van al die concrete feitelijke situaties en symbolische signalen die uitroepen dat het om mannen gaat. Het topje van de ijsberg, concreet gedrag waar veel meer achter zit dan je denkt. Doe er je voordeel mee…

Tweede sekse begon circa 8000 jaar geleden

Archeologen in Spanje onderzochten ruim 500 graven uit het neolithische tijdperk, en kwamen erachter dat er aanwijzingen zijn voor een beginnende dominantie van mannen. Mannen kregen anderhalf keer vaker een formeel graf dan vrouwen en kinderen. Vaak vertoonden hun skeletten tekenen van geweld en kregen ze wapens mee in hun graf. Ook komen mannelijke figuren in dit tijdvak vaker voor op grotschilderingen dan vrouwelijke figuren. Opnieuw meestal in verband met oorlog voeren of jagen. De archeologen zien hiervoor bewijs dat de dominantie van mannen samenhangt met maatschappelijke ontwikkelingen, niet met genen, en dat die dominantie ook weer teruggedrongen kan worden.

Het onderzoek werd uitgevoerd door Marta Cintas-Peña en Leonardo García Sanjuán, archeologen van de Universiteit van Seville. De mannelijke dominantie in Spanje was in het neolithische tijdperk, 8000 jaar voor Christus, nog niet heel sterk, merkten ze. De meest rijkelijk versierde graven met mooie giften bevatten zowel skeletten van mannen als vrouwen, dus als het gaat om een hoge sociale status konden vrouwen ook sterke posities innemen en een formeel graf ”winnen”.  Maar de eerste signalen voor de tweede sekse zijn daar, bij de Spaanse graven, signaleren Cintas-Peña en García Sanjuán. Niet vastgelegd in teksten, maar zichtbaar gemaakt in de fysieke overblijfselen van een prehistorische beschaving

Bij hun onderzoek borduurden Cintas-Peña en García Sanjuán voort op werk van Gerda Lerner. Deze Amerikaanse historica zette vrouwengeschiedenis in de V.S. op de kaart en deed onder andere onderzoek naar vertaalde kleitabletten uit samenlevingen van 2000 jaar geleden, zoals Mesopotamië.

De teksten van kleitabletten gaan vaak over wetgeving en handel. Ze maken duidelijk dat de sociale positie van vrouwen gestaag verslechterde. De vroegste kleitabletten tonen aan dat vrouwen handel konden drijven op de markt, een sterke positie hadden in huwelijken, en als priesteres leidersrollen in de maatschappij op zich konden nemen, ontdekte Lerner. Naarmate de tijd vorderde verdwenenen echter steeds meer rechten en werden vrouwen steeds vaker willoze instrumenten in handen van mannen.

In haar boek The Creation of Patriarchy legt Lerner onder andere de link met oorlog, waardoor mannen steeds meer macht kregen (iets wat ook de Spaanse archeologen signaleren). In Mesopotamië leidde oorlog ook tot de komst van slavinnen en concubines. De tweederangs status van die vrouwen tastte de algemene status van vrouwen steeds verder aan. Dit gebeurde in een tijdvak waarin de samenleving steeds gelaagder werd, met een steeds duidelijker verschil tussen arm en rijk. De rijkdom en de slaven kwamen steeds vaker terecht bij een mannelijke elite en vrouwen verloren steeds meer terrein. Uiteindelijk konden alleen priesteressen nog een beetje zeggenschap houden over hun eigen leven. Zelfs dat brokkelde af toen mannelijke goden de plek van godinnen innamen.

Maar nogmaals, deze ontwikkeling was sociaal, het gaat hier niet om een biologische vanzelfsprekendheid. Dit blijkt ook uit ander archeologisch onderzoek. Zo kende het gebied wat nu delen van midden en zuid-Duitsland omvat, de zogenaamde Hallstadt cultuur. Tussen 750 en 450 jaar voor Christus troffen archeologen in de mooiste graven met de meest indrukwekkende grafgiften alleen mannelijke skeletten aan. In de periode daarna, vanaf circa 480 tot circa 380 voor Christus sloeg dat echter radicaal om. De mannen verdwenen en in alle elite graven van die tijd lagen opeens vrouwelijke skeletten.

Je ziet ook opvallende verschillen per gebied. Zo beschrijft James Whitley de situatie in Griekenland in de ijzertijd. In de meeste gebieden krijgen mannelijke krijgers alle aandacht, met specifieke vormen van begraven, wapens als grafgift, en opvallende tekens in het landschap, zoals grafheuvels. Daarnaast troffen archeologen vooral skeletten van kinderen aan. In het symbolische landschap (zie de link, pagina 220) hebben vrouwen geen eigen plek, alleen als een soort onbeduidende tussencategorie, tussen de mannelijke krijger en kinderen in.

Behalve de stadstaat Athene. Daar vinden wetenschappers in diezelfde periode wel degelijk vrouwengraven, met tekenen van een goed ontwikkelde ”vrouwelijke” symboliek. Sterker nog, lange tijd waren de vrouwengraven uit de tiende en negende eeuw voor Christus spectaculairder dan de mannengraven – uitgebreidere versieringen, rijkere grafgiften, mooiere locaties voor de laatste rustplaats, signaleert Whitley (pagina 221 en verder).

De graven blijven bestaan tot de achtste eeuw voor Christus. Dan verdwijnen ook in Athene de rijkelijk versierde elite graven voor vrouwen en blijven alleen de macho mannen en de kinderen over als zichtbare vertegenwoordigers van de gemeenschap in het hiernamaals. Vrouwen komen alleen nog voor op geschilderde of gebeeldhouwde taferelen, als rouwende figuur of als monster. Pas vanaf de zesde eeuw komen archeologen weer vrouwengraven tegen, en dan betreft het vooral jonge vrouwen, wellicht maagden (p. 229-230).

Kortom, de status van vrouwen veranderde, verschilde per tijdvak, en was lange tijd, in jagers-verzamelaarsculturen, gelijk aan die van mannen:

A study has shown that in contemporary hunter-gatherer tribes, men and women tend to have equal influence on where their group lives and who they live with. The findings challenge the idea that sexual equality is a recent invention, suggesting that it has been the norm for humans for most of our evolutionary history. Mark Dyble, an anthropologist who led the study at University College London, said: “There is still this wider perception that hunter-gatherers are more macho or male-dominated. We’d argue it was only with the emergence of agriculture, when people could start to accumulate resources, that inequality emerged.” Dyble says the latest findings suggest that equality between the sexes may have been a survival advantage and played an important role in shaping human society and evolution. “Sexual equality is one of a important suite of changes to social organisation, including things like pair-bonding, our big, social brains, and language, that distinguishes humans,” he said. “It’s an important one that hasn’t really been highlighted before.”

Dus mocht je zo’n Mars of Venus type spreken, of iemand die in biologisch/genetische absoluten spreekt om mannelijke overheersing te ”verklaren”, dan mag je die persoon gerust negeren. Of een goed boek te lezen geven.

Mannen profiteren van seksuele intimidatie

Seksuele intimidatie op het werk gebeurt niet zomaar. Dat dient een doel. En vrouwelijke wetenschappers zouden geen vrouwelijke wetenschappers zijn, als ze niet in onderzoek naar seksuele intimidatie doken en gefundeerde bewijzen op een rij zetten die verklaren waarom dit vervelende, schadelijke gedrag structureel de kop op steekt. Amerikaanse onderzoeksters zien als belangrijkste doelen: vrouwelijke concurrentie uitschakelen, de eigen machtspositie veilig stellen, en de eigen status opkrikken ten koste van anderen. Ook signaleren ze dat de ergste overtreders vaak een paar vrouwen gebruiken als schaamlap – kijk, ik promootte mevrouw X, ik ben een goeie vent, tralala.

De analyse naar het profijt van seksuele intimidatie werd uitgevoerd door een hele reeks Amerikaanse professoren Geografie en geologie. Onder hen mensen zoals Becky Mansfield en Darla Monroe van de universiteit van Ohio, Rebecca Lave van de universiteit van Indiana, Mona Domosh van Dartmouth College en vele anderen. Hun hoofdconclusie luidt:

sexual harassment benefits men by systematically undermining women, even those not directly targeted. Harassment tells women “you do not belong here” (NAS 2018) and contributes to the presumption of incompetence (Gutierrez y Muhs et al. 2012). Lecherous professors harass bright female graduate students right out of academia, derailing their lives and impoverishing our field. […] Just writing this essay is an example of the sort of defensive work that drains time and effort from women’s scholarship. While these lecherous men heap work on the rest of us, they write unhindered. Even being punished for harassment can benefit the harasser, for example as their workload decreases when female advisees are steered elsewhere (Spahr and Young 2018).

Degene die beoordeelt of je studie slaagt, of je een stageplek krijgt, of je tijdelijke aanstelling verandert in een vaste aanstelling, is een poortwachter. De Amerikaanse wetenschapsters constateren dat met name die poortwachters weten dat ze ongestraft weg kunnen komen met een hoop wangedrag. Uit ervaring en uit onderzoek weten vrouwen dat zij vaak nadelige gevolgen ondervinden van klachten indienen tegen mannen die zulke cruciale posities hebben. Dit dwingt vrouwen tot pijnlijke keuzes om ondanks zulke dader-poortwachters toch te bloeien. Zo schrijven de wetenschapsters:

Further, these “brilliant” harassers are often gatekeepers. Women are evaluated throughout their careers by the very men who abuse and belittle them. This forces women scholars and their allies to make painful daily choices about whether to nurture professional relationships with these powerful men (Wang 2017). Even citing their work or including it in our syllabi burnishes their reputations (Usher 2018). But if we opt out by ignoring them, we risk losing access to the resources, opportunities for advancement, and intellectual foment accessed only through complicity. If we report a supervisor’s harassment during fieldwork, we can be blocked from access to the field data we helped to collect.

Dit blijkt ook uit de ervaringen van Nederlandse studentes en wetenschapsters. Zo maakte Janne Heederik de moedige keuze iets te vertellen over haar ervaringen met veldwerk. Tot twee keer toe kreeg ze te maken met hoger in rang geplaatste mannen, die wangedrag vertoonden en haar schade toebrachten. Voor het blad One World schreef ze:

De tweede keer dat ik in een dergelijke situatie terechtkwam, besloot ik dit wel met mijn begeleiders (beide man) te delen. Het betrof een man die mij in contact kon brengen met een organisatie die ik al weken probeerde te bereiken, maar die tot nu toe geen gehoor gaf. Hij kende de manager en beloofde mij om een meeting met hem te regelen. Ook deze man bediende zich van ongewenste aanrakingen, en hij stelde op een gegeven moment voor om “te komen dineren en ons daarbij uit te kleden”. Ik voelde me net zo ongemakkelijk als de eerste keer, en toch twijfelde ik over wat ik moest doen. Het voelde wrang en oneerlijk dat ik een deel van mijn onderzoek moest opgeven om mijn eigen veiligheid en integriteit te waarborgen. Maar uiteindelijk heb ik ook deze keer gekozen voor mijn veiligheid, en heb ik het contact verbroken. Een keuze waar ik achter sta, maar die mij ook mateloos frustreert.

De rang van de vrouw maakt weinig uit – het overkomt een studente tijdens veldwerk, maar ook universitaire docenten of zelfs hoogleraren. Er staat altijd wel een man boven hen, is het niet hiërarchisch gezien, dan wel in status en invloed. En gebeurt het niet op de universiteit, dan gebeurt het wel tijdens congressen of andere plaatsen waar mannen zich vrij voelen om ongestraft vrouwen te belagen.

De mannen die dit soort gedrag vertonen, weten dondersgoed wat ze doen. De Amerikaanse onderzoeksters zien dit bijvoorbeeld in de omtrekkende bewegingen die daders maken, om hun schadelijke handelingen te vertroebelen of aan het oog te onttrekken. Zo signaleren ze dat seksuele intimidators vaak een select aantal vrouwen om zich heen verzamelen, waar ze zich extra voor inspannen om hun loopbaan te bevorderen:

Predatory men may even champion a select few female scholars. This is not only a great smokescreen for their otherwise bad treatment of academic women; it allows the male scholar to demand payback. Does the esteemed man require a nomination for a prestigious award? Who better to write it than a woman that he promoted. The hypocrisy is astounding, and it is compounded by the fact that some of the most predatory “big name” scholars in our field built their reputations on progressive, even radical, political positions (see also Joshi et al. 2015, Liu 2006, Mott and Cockayne 2017, Sanders 1990). Yet they have been staggeringly cavalier about how they themselves dominate and disenfranchise women and people of color.

Andere veelgebruikte tactieken die mannen gebruiken zijn de verdedigingsmethoden van ‘het was maar een grapje‘, of ‘ ‘grutjes, ik wist niet dat ik iets verkeerd deed’, of het aloude cultuurargument: ‘vroeger deed niemand hier moeilijk over’. De Harvey Weinstein smoes zeg maar.

Omdat zoveel vrouwen eieren voor hun geld kiezen en seksuele intimidatie niet proberen op te lossen via formele wegen die hen hooguit opnieuw tot slachtoffer maken, is lastig te achterhalen hoe vaak het precies voorkomt. Schattingen gaan uit van 1 op de 3 vrouwen. Voor Nederlandse universiteiten voerde het Landelijk Netwerk Vrouwelijke Hoogleraren een kwalitatief onderzoek uit. Het netwerk liet 53 vrouwen interviewen en hoorden van hen hoe zij te maken kregen met ”wetenschappelijke sabotage, seksuele intimidatie en bedreigingen. De daders zijn meestal mannelijke leidinggevenden”.

De vrouwelijke hoogleraren die Athena’s Angels oprichtten, krijgen vanuit hun kanalen soortgelijke signalen binnen. Wat dat betreft lijkt het er duidelijk op, dat je de analyse van de Amerikaanse aardwetenschapsters breder kunt trekken, naar andere faculteiten, naar andere landen, naar andere instanties. Het betreft menselijk gedrag, bevorderd door seksistische normen en waarden, in organisaties waar de macht in handen is van een beperkte groep mannen. Deze poortwachters kunnen vervolgens een onevenredig grote invloed uitoefenen op de kansen en carrières van onder andere vrouwen, die, zonder obstakels, wellicht stevige concurrentie vormen. Zeker als ze zelf eigenlijk niet zo goed zijn in hun vak.

Vaak duurt het jaren voordat iemand zo’n man stopt. Neem bijvoorbeeld de onthullingen in het NRC Handelsblad over een hoogleraar van de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit van Amsterdam. De man hield de eer aan zichzelf en nam zelf ontslag na een onderzoek naar grensoverschrijdend gedrag. Studentenblad Folia schreef over de zaak en constateerde dat de man tien tot vijftien jaar lang misbruik maakte van zijn macht. De auteurs van het stuk kozen ervoor de naam van de man niet te noemen- het ging hen om de aard van de situatie, niet de individuele dader.

Maar misschien is er meer aan de hand. Ook NRC journalisten reconstrueerden zijn loopbaan en gedrag, en gaven een onthutsend beeld van de acties waar deze man mee weg kwam. Hij kon zich tot een poortwachter ontwikkelen en ging vervolgens jarenlang ongestoord zijn gang. Zijn invloed reikte zelfs tot de rechtszaal. Zo mochten de NRC journalisten uiteindelijk van de rechter de naam van de man niet noemen. Zo goed beschermd blijven dit soort types, zelfs als ze aantoonbaar fors en systematisch over de scheef gingen en zorgden voor een giftig werkklimaat voor vrouwen. Uiteraard gaat NRC tegen de uitspraak in beroep.

Vanwege de voordelen die mannen verkrijgen door vrouwen weg te pesten of klein te houden, en het relatief grote aantal mannen onder de poortwachters, blijft het aanpakken van hun gedrag lastig. Maar de aandacht voor seksuele intimidatie, aangewakkerd door #metoo en vrouwen die steeds bozer worden (en zelf langzaam meer macht krijgen) maken dat daders steeds vaker te maken krijgen met negatieve gevolgen van hun acties. De hoogleraar rechtsgeleerdheid spreidde ruim tien jaar lang zijn gif, maar hij is uiteindelijk vertrokken. Hetzelfde gebeurde met handtastelijke leraren van toneelscholen in Amsterdam, Maastricht en Arnhem. Het bewustzijn neemt toe, en zodoende worden meer mensen alert. Meer mensen zeggen er iets van of proberen maatregelen te nemen. Langzaam keert het tij. Het is hoog tijd daarvoor.

Baudet valt zelfstandige vrouwen aan en dat is volstrekt voorspelbaar

Heerlijk, het boek Down Girl van Kate Manne. In dit werk analyseert de filosofe het verwrongen normen- en waardenstelsel van patriarchale samenlevingen. Na het lezen van haar werk kun je door alle ruis heenprikken, als een man weer eens van leer trekt tegen vrouwen die hun plek niet kennen. Zoals Thierry Baudet met zijn artikel in het conservatieve American Affairs Journal, heel toevallig net gepubliceerd voor zijn debat met Rutte en de Europese verkiezingen. Zijn standpunten in dat stuk zijn helemaal niet verwarrend, zoals de Telegraaf beweert. Integendeel, ze bestaan uit volstrekt voorspelbare aanvallen op vrouwen die niet willen geven, met als verergerende factor overtredingen uit categorie 3.

Thierry Baudet maakt al langer duidelijk dat hij vrouwen niet hoog acht. Zo kwam hij in 2017 nog uitgebreid in het nieuws met zijn meningen, waarin duidelijk wordt hoe hij ons ziet:

‘De realiteit is dat vrouwen niet alleen maar met omzichtig “respect” behandeld willen worden door hun sexpartner; dat ze helemaal niet willen dat je hun ‘nee’, hun weerstand respecteert: de realiteit is dat vrouwen overrompeld, overheerst, ja: overmand willen worden.’

Dat heet verkrachting en dat is een misdrijf, Baudet.

Later volgde opnieuw ophef toen Baudet seksistische uitspraken deed over vrouwen, die meer geïnteresseerd zouden zijn in vrouwendingetjes:

‘Ik weet wel dat vrouwen over het algemeen minder excelleren in een heleboel beroepen en minder ambitie hebben. Vaak ook meer interesse hebben in gewoon meer familieachtige dingen enzo.’

En nu dan zijn stuk in het American Affairs Journal. De redactie geeft hem ruimte voor een bespreking van de meest recente roman van Michel Houellebecq, en Baudet neemt in het stuk de ruimte om voor eigen rekening door te mijmeren over de diepere betekenis die deze roman zou hebben. Met dat als excuus propageert hij vervolgens zijn eigen ideeën hoe het zou moeten met ‘de beschaving’, de ‘mensheid’, en de plek van mannen en vrouwen in die beschaving. Daarbij richt hij zijn pijlen vooral op het feminisme en vrouwen die daardoor op een verkeerd spoor zijn beland.

Met zijn betoog valt Baudet vrouwen aan op een manier die Kate Manne beschrijft in haar analyse van misogynie. In een patriarchale samenleving zoals we die hebben, ja, ook in Nederland, verwachten mensen dat vrouwen geven, stelt Manne. Mensen, in het bijzonder mannen, hebben recht op als vrouwelijk gecodeerde diensten en voorzieningen, zoals een schoon huis, aandacht, kinderen, steun zoals onbetaalde emotionele zorg, alles zodat hij zich lekker in zijn vel blijft voelen. Dat laatste is belangrijk want mannen mogen zich niet kwetsbaar tonen. Hun eigen vrouw moet opdraaien voor zijn emotionele arbeid, signaleert filosofe Briana Toole in een bespreking van Kate Manne’s model:

men are motivated to enforce the patriarchal social order because the norms that govern male behavior are so repressive that they cannot get “feminine-coded goods” except from women. This in turn motivates them to engage in misogynistic behavior, so as to ensure they can access these goods.

Vrouwen moeten dus geven en mannen hebben er baat bij dat zij de gewenste diensten en zorg van vrouwen blijven ontvangen. Op hun beurt mogen vrouwen in dit wereldbeeld geen aanspraak maken op als mannelijk gecodeerde verworvenheden, signaleert Manne. Mannen zijn degenen die recht hebben op een publiekelijk podium, status, geld, bijvoorbeeld in de vorm van een betaalde baan, zeggenschap over lijf en leven.

Torn je aan dit verwrongen normen- en waardenstelsel, dan breekt de hel los op manieren die Kate Manne nauwkeurig in kaart bracht en die in dit voorval rond Baudet de voorspellende waarde van haar model bewijzen. Vrouwen die deze als vrouwelijk gecodeerde diensten en voorzieningen niet willen geven, of alleen op hun eigen voorwaarden, overtreden het basisprincipe van geven. Ze krijgen vervolgens aanvallen te verduren van het type kil, onvrouwelijk, gemeen. Vrouwen die willen claimen wat van mannen is (in dit patriarchale stelsel van normen en waarden) zijn nog erger. Zij overtreden categorie 3 en verworden tot monsters, robotachtige, onechte wezens, enge bitches die goedschiks of kwaadschiks terug hun hok in moeten, anders volgt de Apocalypse.

Baudet beschrijft die totale ondergang van alles bijzonder beeldend, en verpakt zijn mening zelfs nog in het weeïge cadeaupapiertje van ‘domme gansjes, het is ook in jullie eigen belang dat we terugkeren naar de oude situatie’. Lees en huiver:

Today women, from an early age, are encouraged to pursue a career and be financially independent. They are expected to reject the traditional role of supporting a husband and strive instead for an “equal” relationship in which “gender roles” are interchangeable. But how has this really been working out for them? What hap­pens when they hit thirty? If they continue to work full hours, building a family becomes extremely difficult, if not impossible. This is why women in the Western world increasingly tend to have fewer children—if they even have them at all. Work and children then often limit the time available for the maintenance of a committed relationship, and rare are the lovers that both work full hours, rear children, and invest sufficiently in each other for the marriage to remain healthy over time. An inevitable result of all this is the demographic decline of Europe. Another outcome is constant con­flict, constant competition—and in the end, fighting, divorce, and social isolation—and a new generation of boys and girls growing up in such disfigured settings.

Om die ellende te stoppen moeten we volgens Baudet terugkeren naar aloude tradities. Concreet: dat vrouwen stoppen met carrières nastreven (= op een nare manier de concurrentie aangaan met de mannen voor wie betaalde banen eigenlijk bedoeld zijn). Vrouwen moeten weer dienen en zorgen. En, zoals hij elders in het stuk en eerder in publieke fora al liet merken, verplicht kinderen baren.

Mannen hangen er in deze voorstelling van zaken maar wat bij. De schijnwerpers zijn niet op hen gericht. Ze kunnen in deze opvatting buiten schot blijven en ongestoord doorgaan met wat ze altijd al deden of niet deden. Mannen zijn onproblematisch, doorgeschoten individualisme en feminisme zijn niet hun probleem, mannen hebben weinig te maken met het onderhouden van sociale relaties en het bieden van warmte en het opvoeden van kinderen, zij hebben geen schuld aan de ondergang van de westerse beschaving. Ja ja.

Het is volstrekt voorspelbaar dat Baudet een eigen inkomen van vrouwen en baas in eigen buik reserveert voor zijn felste kritiek. Beide, eigen geld en zeggenschap over je eigen lijf, zijn enkele van de fundamentele voorwaarden om te kunnen bepalen of je wil geven, en zo ja waarom, aan wie, hoe. Erger, je kunt weigeren het ondersteunen van mannen als je levenstaak te zien en (deels) ontsnappen aan sociale druk om terug je hok in te sluipen. Geen wonder dat het hebben van carrières en ongewenste zwangerschappen kunnen afbreken, Baudet zo zenuwachtig maken. Hij dreigt zijn grip op de vrouwtjes te verliezen en dat is heel, heel eng.

Iedereen, lees snel het boek Down Girl van Kate Manne. Besef waar dit vandaan komt en leer de boodschap verstaan, ook als het komt met de schaamlap van een literaire recensie en onder het mom van doormijmeren over het werk van een Franse auteur.

Verder lezen? De lente-nieuwsbrief van de American Philosophical Association is grotendeels gewijd aan besprekingen van, recensies over en uitbreidingen op Down Girl van Kate Manne. Manne reageert op de stukken en dat leidt tot allerlei mooie discussies die meer inzicht geven. Heel interessant en van harte aanbevolen.

WK voetbal komt eraan!

Het WK voetbal komt eraan. Duitsland begint goed met een aankondigings spotje dat meteen viraal ging. Geniet ervan en reserveer 7 juni (openingswedstrijd) alvast in je agenda!

Culturele prestigeproducties laten vrouwen vallen

Als Avenger’s Endgame en Game of Thrones één ding duidelijk maken, dan is het wel dat vrouwen er in deze verhalen zeer, zeer bekaaid vanaf komen. Ze gaan dood, om de ontwikkeling van mannen meer diepgang te geven of om mannendromen in vervulling te laten gaan. Of ze flippen zodra ze macht krijgen. De boodschap is steeds dezelfde: mannen gaan voor, vrouwen zijn eng en/of overtollig. Endgame draait al een tijdje dus dat zou ok moeten gaan, maar LET OP: SPOILER WARNING voor Game of Thrones.

Laten we beginnen met Endgame. Deze film-kolos domineert Nederlandse bioscopen en vormt het sluitstuk van een hele reeks Marvel films. Die hele serie – de verschillende Thor films, films rond Iron Man, Ant Man, de voorgaande Avengers ensemble titels, enz., allemaal zijn deze producties zwaar gedomineerd door mannen, zowel voor als achter de schermen:

Though the phrase “cinematic universe” implies showing viewers a vast, well, universe, it’s clear simply by examining the basic facts that we’ve been presented largely with a world featuring white men.

Als je gaat turven blijkt al snel dat vrouwen bijna geheel ontbreken bij het schrijven en regisseren van de verhalen. De enige (één, 1) vrouw die tot nu toe op dat vlak iets mocht doen, was Nicole Perlman. Ze was co-auteur van het scenario van Guardians of the Galaxy. Pas met het recent uitgekomen Captain Marvel komen er wat vrouwen bij: Anna Boden is mede scenarioschrijver en mede-regisseur van die film. Alle andere ruim 20 producties zijn maaksels van veelal witte mannen. En dat is zeer problematisch:

It’s not just about who is at the table, but what those people bring to the table and the work that comes from it—what we see onscreen and then how we process the world because of that.

Als je gaat turven wordt meteen pijnlijk duidelijk dat die witte mannen in bijna alle standalone films, op Black Panther en Captain Marvel na, kozen voor een witte man als hoofdpersoon. En verhalen vervolgens op zodanige wijze vertellen, dat vrouwen eindigen als het zichzelf opofferende hulpje van zo’n wit mannelijk personage, of de love-interest van een witte mannelijke hoofdpersoon, of degene die sterft. Bedenk bijvoorbeeld dat zowel Gamora als Black Widow de enige vrouw in verder geheel uit mannen en als mannelijk voorgestelde dieren bestaande ensembles zijn. En voilà, beide vrouwen sterven uiteindelijk.

De enige vrouw in de groep, en hup, dood. Wat een toeval (not). Bovendien krijgt hun dood veel minder aandacht – en dus ook minder gewicht, minder status – dan de dood van een enkele man. Black Widow komt in Avengers Endgame bijvoorbeeld nauwelijks meer ter sprake na haar dood, terwijl Iron Man geëerd wordt met tragische muziek en trage beelden van rouwende mensen en zijn uitvaart.

De dominantie van witte mannen leidt duidelijk tot blinde vlekken, vertekeningen in de beeldvorming, en een belabberde behandeling van vrouwelijke personages. Het leidt tot koppen zoals DC versus Marvel, welk filmuniversum is seksistischer?

Dan Game of Thrones. Ook dit betreft een cultureel prestigeproduct. De serie kluisterde acht seizoenen lang miljoenen mensen aan de buis en wordt wel gezien als het laatste televisie evenement waarbij iedereen verenigd naar hetzelfde kijkt. Ook in dit geval ontstaan de verhalen in de context van een enorme dominantie van witte mannen.

Ook hier kun je gewoon turven: het bronmateriaal zijn boeken van een witte man. Witte mannen David Benioff en D.B. Weiss waren de drijvende krachten achter de serie. Zet alle seizoenen en alle afleveringen op een rij, en al snel blijkt dat er slechts één (1) vrouwelijke regisseuse was, Michelle MacLaren, en drie vrouwelijke scriptschrijvers, te weten Jane Espenson, Vanessa Taylor en Gursimran Sandhu. Espenson and Taylor schreven bovendien voor het laatst iets voor episodes uit 2013 en kwamen daarna niet meer aan bod. Dat is het. Dat is alles. Voor de hele serie. Bij seizoen 8 ontbraken de vrouwen geheel.

De dominantie van mannen, mannen en nog meer mannen is helaas slecht nieuws voor de vrouwelijke personages. Net zoals in het Marvel filmuniversum zie je dat de mannen achter Game of Thrones zeer bedenkelijke keuzes maken rond hun vrouwelijke personages. Ze lijken deze personages wat autonomie en macht te geven, om ze daarna aan het einde compleet te verraden en/of voor gek te verklaren. The Daily Beast noemt dat de meest nare erfenis van de serie, deze manier waarop de makers vrouwelijke personages afbreken. Effe op een rijtje:

  • Sansa die in de aflevering The Last of the Starks beweert dat al het seksuele geweld haar tot een sterkere vrouw maakte. Bedankt, vrouwenmishandelaars en verkrachters, jullie deden goed werk!
  • Cersei als waanzinnige koningin, wreed en niet voor rede vatbaar, verblindt door het verlies van haar kinderen (iets wat de vader, Jaime, totaal niet lijkt te deren, hij blijft wel ”gewoon” functioneren – dubbele moraal)
  • De stoere Brienne eindigt in een soort huisgewaad terwijl ze haar man smeekt om haar niet te verlaten want ze is zo verliefd op hem en hij is zo geweldig en… en…. VERLAAT MIJ NIET, boehoehoe! Van haar functie aan het nieuwe hof ziet de kijker alleen dat ze de herinnering aan haar geliefde Jaime zo gunstig mogelijk voorstelt in de kronieken
  • Jaime wenste aan de zijde van zijn zus en geliefde te mogen sterven, en voilà, de mannelijke scenarioschrijvers en regisseurs geven hem dat. Niemand vraagt wat Cersei vindt, haar laatste scenes bestonden vooral uit wijn drinken terwijl ze passief uit het raam staart, en haar dood komt als een anticlimax.
  • Missandei, zo’n beetje de enige vrouw met een gekleurde huid die een rol van betekenis had, wordt onthoofd. Haar dood dient vervolgens vooral om het verhaal van een witte vrouw, Daenerys, te stutten
  • Daenerys – alle haar omringende mannen twijfelen of ze wel kan leiden en oorlog voeren, vanwege haar afkomst. Diezelfde mannen weten dat Jon Snow dezelfde afkomst heeft, maar zien dat bij hem vooral als bewijs dat hij een goede leider zal zijn. Dubbele moraal. Daarna tonen de mannelijke regisseur en scenarioschrijvers een aflevering later dat die wijven inderdaad, zoals verwacht, gek worden zodra ze daadwerkelijk een troon in zicht krijgen

Wat die laatste ontwikkeling betreft signaleert Business Insider dat de mannelijke makers in de personage van Cersei en Daenerys alle seksistische clichés rond vrouwelijke leiders tot walgelijke bloei brengen. Hun personages zijn te emotioneel instabiel om te leiden, en beiden eindigen in een Mad Queen versus Mad Queen catfight:

Though “Thrones” would never explicitly endorse the idea that women are unfit to rule by design, these moments implicitly add fuel to that bias. They strengthen the convictions of people who already hold that worldview.

Daarnaast signaleert onder andere feministe en auteur Sad Doyle dat deze verhalen uit de koker van mannen blijk geven van een diepe angst voor vrouwen die macht krijgen:

Men fear powerful women, because they know that women have always had cause to fear powerful men. Men fear that women’s power will be violent, because they use their power to rape, assault, and beat us. Men fear that women’s power will be temperamental and despotic — that they will be forced to fear our every mood swing and obey our every irrational whim — because men have been raised to believe that their women should tend to them, cater to their whims, hang on the thread of their good graces. Men don’t fear “female power,” in the abstract. They fear being treated like women; they’re afraid that, when we win, they die.

In dit wereldbeeld, signaleert Doyle, zien mannelijke makers liever dat een vrouw overgeleverd is aan de mannen om haar heen en allerlei (seksueel) geweld over zich heen krijgt. Ze mag dan een slachtoffer zijn, maar als mens is ze in ieder geval nog ”goed”, moreel deugt ze:

….when Daenerys goes nuts, and becomes a wicked genocidal dictator who must be deposed, I am remembering her rape scene. Basic story logic: That was the beginning of her arc, this is the end, and we are being asked to see what has changed. It was a journey from powerlessness to power, but now we know this makes it a journey from good to evil, too. What you are telling me, when you make Daenerys a power-mad despot, is that it was better for her to be powerless. It was better for her to be on her knees, with a stranger’s dick forced inside her, than it was for her to be a queen. Power turns Dany bad, and her badness hurts everyone, so it was better for the whole world for that little girl to get raped, over and over and over, than it was for her to find her power.

In dat verwrongen wereldbeeld ben je als vrouw altijd de klos. Je staat bloot aan eindeloze agressie. Maar zodra je als vrouw wat zeggenschap krijgt over wat er met je gebeurt, zijn de rapen helemaal gaar. In die situatie lijkt het voor de mannelijke makers de enige normale keuze om een man in de buurt te hebben, die zo’n waanzinnige vrouw vermoordt zodra ze te gevaarlijk wordt. Dat overkomt Daenarys uiteindelijk. Het is zo’n dom, seksistisch einde voor een van de meest fascinerende figuren uit de serie, dat zelfs actrice Emilia Clarke in het openbaar kritiek uitte op deze gang van zaken:

…after just one pep talk from Tyrion about how someone really ought to stop that crazy lady, Jon is able to walk up to an inexplicably unguarded Daenerys and stab her? The Mother of Dragons left not with a bang, but with a whimper. […] Emilia Clarke admitted to struggling with it, saying in a recent interview that she still “stands by” Daenerys. “If I were to put myself in [Jon Snow’s] shoes,” she said. “I’m not sure what else he could have done aside from … oh, I dunno, maybe having a discussion with me about it?Ask my opinion? Warn me?

Maar in een wereld vol bange mannen is dit niet aan de orde. De heks moet dood. DOOD!!! Zie ook Kate Manne’s nu al klassieke werk Down Girl – the logic of misogyny. De serie, die vanaf het begin al kon rekenen op ladingen kritiek vanwege de vele seksistische elementen in het verhaal, komt aan het slot uit op een plat ‘bitches are crazy’ en redding moet van witte mannen komen. Meer zit er niet in bij de heren schrijvers en regisseurs.

Wetenschap legt achterstelling vrouwen bloot

Weblog De Zesde Clan houdt van feiten. We kunnen roeptoeteren wat we willen, maar gedegen uitgevoerd wetenschappelijk onderzoek biedt feiten en analyses waar je als weldenkend mens niet omheen kunt. Daarom besteed ik graag aandacht aan een aantal onderzoeken, die de Nederlandse algemene media nauwelijks haalden, maar die wel degelijk van belang zijn om beter te begrijpen waarom vrouwen en meiden nog steeds geen gelijke kansen hebben. Komen ze:

SPORT. Eveline Pels dook in 2016 voor haar Masterthesis sportbeleid & sportmanagement, Universiteit Utrecht, in de belevingswereld van meisjes tussen de 10 en 12 jaar. Dit om te achterhalen waarom meisjes in Amsterdam veel minder vaak deelnemen aan sport dan jongens van diezelfde leeftijd. Haar conclusies liegen er niet om.

Het niet voldoen aan de norm, zowel op het gebied van gender als lichamelijk, brengt kritiek, pesterijen en onzekerheid met zich mee wat vervolgens invloed heeft op de sportparticipatie van meisjes. Masculiniteit is binnen veel sport- en beweegactiviteiten leidend, waardoor meisjes zich niet altijd prettig en geaccepteerd voelen tijdens sport- en beweegactiviteiten. Ook is de zichtbaarheid van het afwijkende lichaam een reden voor meisjes om niet te sporten, of om zich anders te gedragen, omdat zij het gevoel hebben dat ze bekeken worden. Voornamelijk de zogenoemde ‘male gaze’, het gevoel bekeken te worden door mannen, heeft invloed op het handelen van meisjes tijdens sport.

GEWELD: Maar liefst 22% van de Nederlandse vrouwen heeft ervaring met seksueel geweld. 52% van de meisjes voelt zich zo onder druk gezet door jongens, dat ze aan seks beginnen voordat ze er zelf klaar voor zijn. Hoofdonderzoeker Melissa Palmer van de London School of Hygiene and Tropical Medicine pleit voor betere voorlichting op school. Daarnaast rapporteert een kwart van de vrouwen dwang rond hun reproductieve rechten. In een kwalitatieve studie van de Bournemouth University bleek dat partners condooms doorprikken of stiekem afdoen om hun vriendin ongewild zwanger te maken. En hoewel de cijfers rond dodelijk geweld in het algemeen dalen, vertoont fataal geweld tegen vrouwen juist een flinke stijging. In bijna alle gevallen betrof het mannen die het nodig vonden hun partner of ex-partner te vermoorden.

VOOROORDELEN: Vrouwen navigeren even goed als mannen in het verkeer. Toch leven mannen in de waan dat zij het beter doen dan vrouwen. Dat ontdekten onderzoekers van de Universiteit Leiden. De feiten wijzen uit dat gender niet uit maakt voor je gedrag in het verkeer. Wat wél uitmaakt is leeftijd: hoe ouder, hoe vaker het mis gaat.

POLITIEK: Hoe rechtser de politieke partij, hoe minder vrouwelijke kandidaten op lokale kieslijsten. De SGP trekt de cijfers behoorlijk naar beneden, omdat deze partij zo vijandig staat tegenover politiek actieve vrouwen. Voor de lijsten bij de aanstaande Provinciale Statenverkiezingen staat de teller bij de mannenbroeders bijvoorbeeld op nul vrouwen. Veel partijen, zoals de VVD, hebben daarnaast geen specifiek beleid om het aandeel vrouwen te vergroten. Druk komt van de kiezers. De actie Stem op een Vrouw was de vorige keer zeer succesvol. Zo kruipt het percentage vrouwen in de Nederlandse politiek tóch langzaam omhoog.

BONUS: deze handige woordenlijst, zodat je weet wat iemand bedoelt als die zegt dat iemand ‘woke‘ is geworden

Vergeten vrouwen komen terug in beeld

Decennia lang stonden de vrouwen anoniem op foto’s van opgravingen van het prehistorische dorp Skara Brae. Het waren toeristen, heette het. Dagjesmensen die het leuk vonden om de beroemde archeoloog Gordon Childe aan het werk te zien.  Nu pas, anno 2019, krijgen de vrouwen een naam. En blijkt dat zij net als Childe archeoloog waren, en als professionals meewerkten aan de opgravingen.

Professor Dan Hicks, van de universiteit van Oxford, gebruikte social media om de vrouwen op de foto’s een identiteit te geven. Via Twitter vroeg hij of iemand de vrouwen herkende. Dat beroep op collectieve wijsheid werkte. Familieleden gaven de namen: Margaret Simpson, die genoemd wordt door Childe in zijn verslag van het onderzoek naar Skara Brae, Margaret Mitchell en Mary Kennedy, afgestudeerde archeologen, en Dame Margaret Cole, die als archeologe werkte voordat ze begon aan een carrière als schrijfster van misdaadromans.

Dat de vrouwen weggezet werden als toeristen is opmerkelijk, omdat de foto’s duidelijke aanwijzingen geven dat ze aan het werk waren. Verblind door de overtuiging dat alleen mannen als archeoloog meewerkten aan de opgravingen van 1929, zag iedereen over het hoofd dat een van de vrouwen gereedschap vasthoudt. En dat er een laag modder op hun stevige schoenen zit, zodanig dat ze overduidelijk dag in dag uit in de kuil hadden gestaan.

Dit geval van ziende blind zijn staat helaas niet op zichzelf. Zo gingen archeologen er decennia lang klakkeloos vanuit dat het skelet in een Vikinggraf van een man moest zijn, als er een zwaard bij lag. Zwaard = man, duidelijk. Pas toen jaren later serieus onderzoek plaats vond naar de skeletten, bleek ongeveer de helft van de graven met zwaard van een vrouw te zijn. Opeens kantelde het beeld – de helft van de stoere Vikingkrijgers was vrouw. Vrouwen deden gewoon mee aan invasies.

Hetzelfde gebeurde in versterkte mate met een beroemde vondst uit Zweden. In de late negentiende eeuw vonden archeologen het graf van een overduidelijk belangrijk persoon. Het skelet lag begraven met twee paarden, prachtig bewerkte schilden, een strijdbijl, zwaarden, pijl en boog. Dit moest wel een grootse Vikingleider (m) zijn geweest. Rond 1970 vond botonderzoek plaats en ontstond voor de eerste keer twijfel. Misschien was het een vrouw. Dat kon niet:

But the grave goods! Forget the physical characteristics of the skeleton itself, the occupant had to be male.

Het duurde tot 2017 voordat verder onderzoek onomstotelijk bewees dat deze Vikingkrijger een krijgster was. Met grote krantenkoppen tot gevolg.

Je vraagt je af hoeveel andere vrouwen de geschiedenis uitgeschreven zijn. Wie kent Gwerful Mechain nog? Deze dichteres uit Wales schreef in circa 1480 een ode aan de vagina, en componeerde een poëtische vloek om vrouwenmishandelaars schrik aan te jagen:

A dagger through your heart’s ire—on a slant
To reach your breast bone
May your knee break, your hand wither
And your weapons go to your enemies.

Je kunt zó de lijn doortrekken van de middeleeuwen naar de Vagina Monologen van Eve Ensler, en werken over mannelijke agressie en (seksueel) geweld tegen vrouwen van de eerste, tweede, derde, vierde, vijfde feministische golf. Zolang de situatie niet fundamenteel verandert, blijven vrouwen protesteren tegen misstanden en minachting. We hebben wat dat betreft een zeer lange geschiedenis van verzet en revolutie.

In ieder geval zorgt de huidige generatie ervoor dat steeds meer vergeten vrouwen terug in beeld komen. Ook in Nederland. Dankzij historica Els Kloek en collega’s beschikken we nu over een overzicht van 1001 vrouwen uit de Nederlandse geschiedenis. Superhandig als een straatnamen commissie voor de zoveelste keer niet verder komt dan oude witte mannen – het percentage van slechts 12% straten vernoemd naar een vrouw kan probleemloos stijgen naar 50%. Kijk maar in het boek van 1001 vrouwen en het vervolg, 1001 vrouwen uit de twintigste eeuw. Zo krijgen vrouwen opnieuw een gezicht, herinneren we hun namen weer. Els Kloek:

“Vrouwen waren betrokken bij grote gebeurtenissen zoals de kiesrechtstrijd, de Tweede Wereldoorlog, de wederopbouw en de jeugdrevolte. Maar ook minder bekende gebeurtenissen komen aan bod. Zo weten weinig mensen dat Beatrix de Rijk als eerste Nederlandse vrouw in 1911 een vliegbrevet haalde en dat vanaf 1958 een vrouw, Jakoba Mulder, als directrice van de Dienst Publieke Werken jarenlang alle stedenbouwkundige beslissingen in Amsterdam nam.”

Ook in andere landen schrikken mensen wakker. Zo kreeg de Amerikaanse krant New York Times kritiek omdat de door de redactie geschreven overlijdensberichten – in de V.S. een gezaghebbend genre journalistiek – zich voornamelijk op mannen richtte. Alsof vrouwen niks betekenden.

De redactie begon daarop project Overlooked – over het hoofd gezien. Lezers konden kandidaten aandragen voor een postuum bericht over hun leven en werk, en de redactie dook in de eigen archieven. Nu, een jaar later, blijkt dat de rubriek een belangrijke rol speelt in de bewustwording. Mensen zijn alerter op de prestaties van vrouwen, aandacht voor hun rol verbreed je horizon, en het project vergroot de betrokkenheid van lezers bij de krant. Win-win-win. Dat er nog maar vele ontdekkingen mogen volgen.

De voorspellende waarde van Kate Manne’s model

Kate Manne schreef een boek over vrouwenhaat, Down Girl, en formuleerde daarin een model. Ze doet dat volgens de strikte discipline van de filosofie, met heldere afbakeningen, duidelijkheid over wat een term precies inhoudt, en logische stappen die je zelf kunt volgen. Op die manier ontwikkelt ze een model met een voorspellende waarde. Als randvoorwaarden A, B en C aanwezig zijn, volgt automatisch uitkomst D. Dat betekent dat je redelijk goed kunt voorspellen welke vrouwen in welke situaties in de problemen komen, omdat wij als samenleving op een bepaalde manier denken over en reageren op vrouwen.

Het belangrijkste inzicht van Down Girl is dat het bij misogynie niet zomaar gaat om openlijke haat. Samenlevingen zien vrouwen in principe als mensen maar, meer specifiek, als menselijke gevers. Pas als vrouwen niet geven, doemt agressie op. Andere feministen en wetenschappers zoals Claudia Card, gingen haar voor. Card omschreef misogynie bijvoorbeeld al eerder als

“the term feminists apply to the most deeply hostile environments of and attitudes toward women and girls and to the cruelest wrongs to them/us, regardless of whether perpetrators harbor feelings of hatred… evils perpetrated with aggressive (often armed) use of force and violence against women.”

Maar Manne brengt het geheel samen en voorziet het van een rijke context, met normen en regels. Zoals het onderscheid met seksisme. In de woorden van Kate Manne praat seksisme het geverschap van vrouwen goed met een beroep op de ratio. Godsdienst, de wetenschap en Mars en Venus theorieën ‘bewijzen’ dat vrouwen van nature of vanuit een door een godheid opgelegde wet automatisch en vanzelfsprekend geschikt zijn voor die rol, en die rol dus ook moeten vervullen. Misogynie is wat er gebeurt als seksisme faalt. Seksisme is het theorieboek met de regels, misogynie de heksenjacht en de brandstapel, zoals Manne dat beeldend uitlegt.

In een patriarchaal wereldbeeld ontstaat zodoende, gesteund door seksisme en gehandhaafd door misogynie, een specifiek patroon van geven en nemen:

  • Zij moet vrouwelijk gecodeerde goederen en diensten geven, zoals: aandacht, bewondering, sympathie, genegenheid, seks, kinderen, huishoudelijke arbeid, emotionele arbeid, en diversen, zoals het bieden van een veilige haven aan mannen, troost, comfort, voeding (zowel letterlijk als spiritueel, geestelijke voeding, inspiratie, oppeppers)
  • Hij heeft het recht om als mannelijk gecodeerde goederen en diensten op te eisen, zoals macht, prestige, publieke erkenning, respect, geld, weelde, hiërarchische status, opwaartse mobiliteit (de glazen lift, zeg maar), en de status die je verkrijgt als je een vrouw aan je zijde hebt die je helpt, steunt, die van je houdt en dat ook openlijk toont. Mannen hebben ook recht op hempathie. Als mannen in de problemen komen, verdienen ze het voordeel van de twijfel, plus steun en troost in hun moeilijke situatie.

Dit gendergerelateerde geven en nemen leidt tot een aantal nader uitgewerkte plichten voor vrouwen. In het model van Kate Manne zijn vrouwen verplicht om te geven aan iemand, bij voorkeur een specifieke man die sociaal gezien haar gelijke of haar superieur is. Deze mannelijke ontvanger stelt onbewust hoge eisen aan dat geven. Het moet welgemeend zijn, uit liefde. Is het niet uit liefde, dan wordt het geven al snel dubieus. De vrouwelijke gever moet bovendien eerlijk en oprecht zijn. Een man kan bijvoorbeeld geen veilige haven ervaren, als de vrouwelijke aanbieder van die veilige haven innerlijk al is afgehaakt en nadenkt over het aanvragen van een scheiding.

Om de kans te vergroten dat vrouwen zich schikken in hun geverschap aan hem, zullen mannen vaak een bepaalde mate van macht over hun vrouwelijke gever willen hebben. Het is bijvoorbeeld fijn als hij meer verdient dan zij, want dan is de drempel hoger voor de vrouw om weg te gaan. Alles wat haar ruimte geeft om nee te kunnen zeggen, is bovendien verdacht. Een eigen inkomen, bezit, reproductieve rechten, allemaal heeeeeel eng, gezien door de ogen van een man die gebruik wil blijven maken van haar diensten. Zoals Mineke Schipper een Nederlands gezegde citeert: ”Een vrouw is het beste meubelstuk in huis: je kunt haar in alle kamers gebruiken’’. En dat wil je als man graag zo houden.

Manne doet op basis van dit uitgangspunt een aantal voorspellingen, die je daarna aan de hand van allerlei gebeurtenissen, voorbeelden en incidenten kunt toetsen. De belangrijkste luiden als volgt:

  1. Als hij zonder pardon pakt wat zij eigenlijk ‘vrijwillig’ zou geven, hebben we als samenleving de neiging zijn gedrag te vergoelijken. Hij had het zwaar, hij bedoelde het niet zo, hem straffen zou hem buitenproportioneel schaden. Laten we vergeven en vergeten. Boys will be boys. Zij moet niet zo zeuren (en blijven geven).
  2. Als zij vraagt om als vrouwelijk gecodeerde diensten en goederen, kent ze haar plaats niet. Als zij zorg, troost, maatschappelijke erkenning of een veilige haven wil, zit ze per definitie fout – dat zijn dingen die zíj aan mannen moet geven, niet iets waar ze zelf om kan vragen.
  3. Als ze iets vraagt of opeist wat alleen aan hem is om te nemen, zit ze per definitie fout. Het is niet aan haar om dat te doen. Ze kent haar plek niet. Ze kaapt of steelt iets wat aan mannen toebehoort. Ze is corrupt, egoïstisch, onecht, een kille robot op een plek waar ze niet thuishoort, ze pikt de plek in van iemand anders (een man), schande!

Met die normen en de uitwerking daarvan in het achterhoofd, kun je allerlei uitkomsten voorspellen. In verkrachtingszaken – regel 1, hij “pakt” de seks die zij zou moeten geven- heeft de patriarchale cultuur er baat bij om de man te stutten en te steunen, zodat hij niet valt of in ieder geval niet te diep valt. Dat betekent dat de vrouw in kwestie geconfronteerd wordt met een gat in overtuigingskracht. Zij zal wel liegen, zij claimt onterecht de status van slachtoffer, ze heeft oneerlijke motieven, ze is onbetrouwbaar. Als het gaat om zijn woord tegen het hare, wint hij meestal, tenzij het bewijs overweldigend duidelijk is.

Gaat het om seksuele intimidatie, dan zijn er gemiddeld vier a vijf aanklachten van vrouwen nodig, voordat het gedrag van een man überhaupt bespreekbaar wordt. Dat hangt samen met situatie 2: Hij heeft recht op zorg en veiligheid, of erkenning voor zijn status, zij niet. Als vrouwen om zorg en veiligheid vragen, gebeurt er meestal niks. Veel vrouwen krijgen nooit hun recht, en zoals hierboven geschetst gunnen we mannen hun tweede, derde, vierde en vijfde kansen. Er moet heel veel gebeuren, voordat een man echt in de problemen komt. Zoals filmbaas Harvey Weinstein: jarenlange geruchten, tientallen vrouwen die uiteindelijk in de openbaarheid treden, eerdere aanklachten van verkrachting die in de doofpot verdwenen, uiteindelijk een rechtszaak, en dan nog is het twijfelachtig of de zaak stand kan houden. Machtige mannen genieten allerlei vormen van bescherming.

Gaat het om roem en eer, dan snap je meteen waarom internethordes briesend ten strijde trokken nadat wetenschapster Katie Bouman niets verkeerds deed. Ze waagde het alleen om vreugde te tonen vanwege een doorbraak: de eerste foto ooit van een zwart gat. Mensen vonden het Eureka moment en haar oprechte vreugde zo leuk, dat ze een foto van een blije Bouman deelden. Vervolgens ontstond onmiddellijk een backlash: Bouman zou nauwelijks een aandeel gehad hebben in het wetenschappelijke succes, een man zou al het werk gedaan hebben, vuile feministen zaten fout toen ze Bouman ten onrechte op wilden voeren als een voorbeeld voor vrouwen in de wetenschap. Leugen na leugen na aanval na aanval.

In dit voorbeeld overtraden mensen bewust of onbewust duidelijk regel drie. In deze context: mannen zijn wetenschappers. Mannen zijn de eenzame genieën. Roem en eer zijn voorbehouden aan mannen. Bouman is in die optiek een fraudeur die terug naar de keuken moet. En zoals feministe Jil Filipovic terecht stelt: de internettrollen die Bouman belaagden, zijn alleen maar de meest expliciete, agressieve woordvoerders van standpunten die talloze mensen innemen, alleen dan implicieter,  of overtrokken met een vernislaagje beleefde minachting. Regel drie was ook de reden waarom Manne het verlies van Hillary Clinton kon voorspellen, voordat de verkiezingen van 2016 plaats vonden, en er niet raar van opkijkt dat 2019 dezelfde soort vrouwvijandige dynamieken vertoont. Je kunt het voorspellen: het presidentschap is aan mannen om te nemen. Vrouwen moeten wegblijven.

Enfin, bestudeer de regels, en lees daarna de krant/internet. Gegarandeerd dat je opeens gaat zien waarom een PVV politica die abortus wil verbieden, en in ieder geval moeilijker wil maken, nauwelijks een onvertogen woord hoort, terwijl iemand als Bouman de volle laag krijgt vanwege blijdschap om wetenschappelijk succes. En wees alert als je omgeving druk uitoefent om met de komst van je eerste kindje stappen terug te doen op het gebied van je inkomen. Hoe minder financiële ruimte je hebt, hoe groter de macht van een man om op te blijven eisen wat je later tijdens de rit misschien niet meer wil geven.

Maya Dusenbery breekt lans voor goede zorg aan vrouwen

Na het lezen van Doing Harm, van journaliste Maya Dusenbery, ben ik extra blij dat Women Inc en mensen zoals hartspecialist Angela Maas in Nederland actie voeren om vrouwen beter medisch te behandelen. Dusenbery boog zich over de behandeling die vrouwen ten deel valt in de spreekkamers van artsen. Zodra onduidelijk is of klachten een lichamelijke oorzaak hebben, zal het wel tussen de oortjes zitten. En omdat er zo weinig onderzoek plaats vind naar ‘typische vrouwenziektes’, zijn er volop leegtes waar artsen zulke vooroordelen in kunnen gieten. Zo ontstaat een vicieuze cirkel.

Dusenbery richtte Feministing.com op, een grote feministische website in de V.S. Alles verliep op rolletjes totdat ze opeens klachten kreeg en terecht kwam in een medisch circuit, gekenmerkt door artsen die geen onderzoek deden, steeds zieker worden, andere artsen opzoeken, weer weggewuifd worden, totdat uiteindelijk de diagnose reumatische artritis volgde en artsen haar eindelijk serieus namen. Die ervaring leidde tot het doen van onderzoek, het interviewen van artsen en patiënten, en een duik in de archieven. En tot de publicatie van het lovend ontvangen boek Doing Harm.

Dusenbery bleek geen uitzondering – wat haar overkwam,  geldt als routine voor talloze vrouwen. Die vicieuze cirkel van weinig kennis en dan geen extra onderzoek doen, maar terugvallen op vijandige stereotypen over vrouwen, leidt tot veel schade. De ondertitel van het boek vat dat prima samen. Vrij vertaald: ‘hoe slechte medicijnen en luie wetenschap vrouwen ziek achter laat, met misdiagnoses en onterechte afwijzingen’. (Als een uitgeverij zorgt voor een goede Nederlandse vertaling komt een professional vast tot een betere zin.)

Dat niet serieus nemen, niet herkennen, klachten op stress of hysterie gooien, kost letterlijk levens. En een moeizaam bestaan vol ziekteverzuim, pijn en een drastische vermindering van levensgeluk. Zie voor veel meer informatie Women Inc. en campagnesite van Behandel me als een dame. Of interviews met hoogleraar cardiologie Angela Maas.

Toch biedt het boek van Dusenbery hoop, naast allerlei veelbetekenende inzichten. Wat ik er uit meeneem:

  • Dusenbery ziet het wegwuiven van vrouwen als een autoriteitskwestie:

This is a crisis of authority, Dusenbery argues. Women are regarded as unreliable narrators who can’t even be trusted to speak for themselves or to testify to their own pain. In “Doing Harm,” this cultural distrust of women — ancient and ingrained — is shown to govern quality of care at every stage of treatment. Women with abdominal pain wait in emergency rooms for 65 minutes compared with 49 minutes for men, and young women are seven times more likely to be sent home from a hospital while in the middle of a heart attack.

  • Artsen zagen onbekende vrouwenziektes in eerste instantie vaak als ‘typisch iets voor gefrustreerde, hysterische blanke middenklasse dames’ die teveel energie steken in onvrouwelijke activiteiten zoals een carrière. Maar dat is het paard achter de wagen spannen. Alleen vrouwen die de tijd, de middelen en het geld hadden om door te zetten totdat iemand serieus onderzoek deed naar hun klachten, konden uiteindelijk een goede diagnose en correcte behandeling bevechten. Dat waren inderdaad witte vrouwen uit gegoede milieus. Nader onderzoek wijst altijd uit dat de aandoening ook, of juist vaker, voorkomt bij vrouwen met een gekleurde huid en uit armere lagen van de bevolking.
  • Verschillende aandoeningen werden, voordat er feitelijke diagnoses gesteld konden worden, gezien als ziektes van hysterische vrouwen die zich niet aan wilden passen aan ‘de vrouwelijke rol’. Vrouwen moesten zich gewoon schikken in een slecht huwelijk, of een kind baren, dan zouden de klachten verdwijnen als sneeuw voor de zon. De ‘het zit tussen je oortjes’ misdiagnose kent zodoende een duistere, vrouwenhatende ondertoon: terug in je hok, vrouw.
  • Zodra vrouwen voet aan de grond kregen in de medische wereld, kwam er meer aandacht voor ziektebeelden die vaker bij vrouwen voorkomen dan bij mannen. Vanaf de jaren tachtig van de vorige eeuw gaat er eindelijk geld naar onderzoek, en komen er betere diagnoses en behandelingen.
  • Internet was een zegen. Patiënten van onbegrepen aandoeningen vonden elkaar op internet, wisselden symptomen uit zodat uit die berg een patroon naar voren kwam, verwezen elkaar naar artsen die de klachten wél serieus namen, wapenden zich met kennis en dwongen goede behandelingen af. Dusenbery erkent dat het idioot is dat je als patiënt beter geïnformeerd moet zijn over je ziekte dan de arts, maar totdat de medische wereld bij is en evenveel over vrouwenlijven weet als over mannenlijven, blijven patientenverenigingen cruciaal
  • Onder druk van patientenverenigingen nemen ook de investeringen in onderzoek toe. Vervolgens zijn het vaak vrouwelijke wetenschappers die ‘vrouwenziektes’ onder de loep nemen.
  • Zelfs als alles eindelijk goed geregeld is, blijft de situatie helaas moeizaam. Zo heette migraine een hysterisch vrouwending te zijn, totdat goed onderzoek uitwees dat het een hersenaandoening is. Het label hysterisch is er vanaf: artsen weten wat het is, kunnen de diagnose stellen, en er zijn medicijnen die helpen. Toch geldt migraine in onderzoeksland als een suf thema waar geen eer aan te behalen valt, want het is een wijvending, ontdekte Dusenbery.
  • En opnieuw zie je dat vooral vrouwen alsnog aan de slag gaan met dit soort ‘status-loze’ onderwerpen. Bij het Leids Universitair Medisch Centrum en de Erasmus Universiteit doet bijvoorbeeld een team vrouwelijke neurologen, artsen en farmacologen onderzoek naar de link tussen hormonen en migraine bij vrouwen. Vrouwen weten uit ervaring allang dat die link bestaat, maar er is geen feitelijk bewijs, en dat bewijs ontbreekt omdat er nooit officieel, volgens de regelen der kunst, onderzoek naar is gedaan. Waardoor er geen goede behandelingen komen en artsen moeten experimenteren met pillen die eigenlijk voor andere aandoeningen bedoeld zijn. Nu komt er onderzoek, en hopelijk helpt dat in de toekomst talloze migrainepatiënten om de kwaliteit van leven te verbeteren.

Enfin, kennis is macht. Leve internet – als groep optrekken voorkomt dat je als hysterisch individu weggewuifd kunt worden. Als vrouwen doordringen tot mannenbolwerken, kunnen ze op een gegeven moment de agenda mede bepalen en aandacht opeisen voor ‘vrouwendingen’. Er is hoop!

Verder lezen: behalve Doing Harm kwamen er in de V.S. bijna tegelijkertijd nog twee andere boeken uit over de crisis in goede gezondheidszorg aan vrouwen, te weten “Ask Me About My Uterus,” geschreven door by Abby Norman, en “Invisible,” van Michele Lent Hirsch.