Monthly Archives: april 2020

De Coronaspuger is bijna altijd een man

Je zou zeggen dat een epidemie op zich al erg genoeg is, maar nee. Er zijn mensen die het erger maken en nieuwe woorden laten ontstaan. Neem de term Coronahoester. Of Coronaspuger. Of Coronahufter. Wat blijkt: zo’n hufter of hoester is opvallend vaak een man. Gezagsdragers zoals agenten, en vrouwen met een dienstverlenend beroep, zoals cassiére en baliemedewerker, blijken favoriete doelwitten van deze macho’s.

De spuger en de hoester militariseren het Coronavirus: ze gebruiken het als wapen zodra er iets gebeurt wat hen niet zint. Zo kreeg een man uit Noordwijkerhout tien weken cel omdat hij agenten bij zijn arrestatie expres in het gezicht hoestte en uitriep dat hij besmet was met Corona. Een man uit Apeldoorn veroorzaakte geluidsoverlast en hoestte agenten in hun gezicht toen ze naar zijn huis kwamen om de situatie in goede banen te leiden. Zes weken cel. Of neem dit geval, een man uit Nieuw Beerta. Hij bleek bij een verkeerscontrole geen geldig rijbewijs te hebben. Toen de agent daar tegen op wilden treden, hoestte de automobilist hem in het gezicht.

Ook hulpverleners kunnen het doelwit worden. Zo kregen hulpverleners stank voor dank, en mogelijk een ziekte, toen ze een automobilist probeerden te redden uit zijn auto. De 41-jarige automobilist was dronken van de weg gereden maar toen de hulpdiensten arriveerden, ”begon [de verdachte] onder meer te spugen en riep dat hij corona had”. Lekker dan!

Bij vrouwen is dat wat de man niet zint vaak de situatie waarbij de vrouw in kwestie hem niet geeft wat hij wil. Zo kreeg een man vier weken cel nadat hij een baliemedewerkster afstrafte:

De 52-jarige man was 19 maart in een ziekenhuis in Eindhoven. Hij bewoog zich onnodig dicht naar een baliemedewerker, duwde het afzetlint naar voren, plaatste zijn hand op de balie en riep tegen de vrouw dat hij waarschijnlijk corona had en een test wilde. De vrouw kon hem daarmee niet helpen, waarop de verdachte de vrouw in haar gezicht hoestte.

Volgens The Conversation geeft de virusepidemie ons een unieke kans om te zien hoe diep macho stereotiep gedoe in de samenleving is verankerd. Inderdaad, niet alle mannen, maar als iemand agressief wordt en het virus als wapen gebruikt, gaat het bijna altijd om een man. Een deel van de mannelijke sekse vindt het normaal om een probleem met agressief gedrag te bezweren. Dat hij anderen expres blootstelt aan een wellicht dodelijke ziekte, is voor zo’n Coronahufter bijzaak.

Dit stelsel van macho agressief gedrag is onder normale omstandigheden al zo schadelijk, dat de Amerikaanse vereniging voor psychologen een speciale leidraad schreef om jongens en mannen beter te ondersteunen als ze in de problemen komen. Het virus zet dit alles op scherp en maakt agressieve macho’s extra zichtbaar. Hun gedrag levert zoveel problemen op dat minister van Justitie Grapperhaus inmiddels zint op maatregelen. Hij wil dat daders verplicht wangslijm af moeten staan. Als ze besmet blijken, wil hij het mogelijk maken dat de rechter hen een zwaardere straf oplegt.

Werkneemster mist eigen ruimte

Interessant onderzoek van Binnenlands Bestuur. Vrouwen die noodgedwongen thuiswerken in deze tijd van een epidemie, ervaren dat vaker als problematisch dan mannen. Wat blijkt? Mannen beschikken vaker over een eigen werkkamer en kunnen zich mede daardoor makkelijker afsluiten van de buitenwereld. Dat thuiswerken vrouwen zwaarder valt, komt vooral doordat zij dat privileges missen en veel vaker onderbroken worden door de noden, vragen en wensen van anderen. Daarnaast missen zij hun collega’s iets vaker dan mannelijke respondenten.

De vragenlijst van Binnenlands Bestuur ging niet expliciet in op de storende rol van huisdieren bij pogingen om thuis te werken.

Ambtenarenvakblad Binnenlands Bestuur hield de afgelopen maand maart een enquête onder abonnees en ontving 6.304 ingevulde vragenlijsten over de situatie rond thuiswerken. Dat het belangrijk is om onderscheid te maken tussen de seksen, zoals onder andere Caroline Criado Perez bepleit in haar boek Invisible Women, blijkt meteen als je kijkt naar het algemene beeld versus de situatie van de mannelijke en de vrouwelijke sekse. Over het algemeen genomen denkt slechts 5% van de ondervraagden negatief over thuiswerken. Alles gaat prima, zou je kunnen concluderen.

Al snel merkte de redactie echter dat de reactie van mannelijke respondenten verschilde van die van vrouwelijke respondenten. Hou je rekening met gender, dan blijkt dat mannen het gemiddelde percentage omhoog trekken. Zij zijn vaker positief over thuiswerken: 60 procent tegen 51 procent van de vrouwelijke respondenten. Dat blijkt volgens de redactie vooral te maken te hebben met de praktische omstandigheden waarin mannen en vrouwen thuiswerken:

Zo geven vrouwen vaker als nadeel aan last te hebben van huisgenoten bij het thuiswerken (22 versus 14 procent). Groter en opmerkelijker nog zijn de verschillen als het gaat om de fysieke werkplek thuis: ruim de helft van de vrouwen (54 procent) meldt dat hun thuiswerkplek niet ideaal is. Dat is slechts bij vier op de tien mannelijke collega’s het geval. Die blijken veel vaker over een eigen werkkamer of -plek te kunnen beschikken. Twee derde van hen kan zich daarin terugtrekken, terwijl krap de helft van de vrouwen die luxe heeft. Dat verklaart wellicht deels ook waarom vrouwen meer last hebben te worden afgeleid dan mannen (25 versus 19 procent), vooral door in huis aanwezige kinderen die vanwege het corona-virus niet naar school of de opvang kunnen. ‘Vooral de combinatie mama, juf, vrouw, werknemer, huisvrouw is in deze periode lastig’, zegt een vrouwelijke ambtenaar.

Een kamer voor jezelf.… Virginia Woolf blijft akelig actueel.

Dikke pillen voor de pandemie

Zodra duidelijk werd dat het land op slot ging, sprintte de Engelse journalist Nick Duerden niet naar de supermarkt om rollen wc papier te hamsteren, maar naar zijn plaatselijke boekhandel. Als fervent lezer had hij voorraad nodig voordat zijn favoriete dealer de deuren zou sluiten. Hij is niet de enige. De VPRO biedt literaire hulp bij Corona, op sociale media tippen boekenwurmen elkaar over goede titels, en ook ik laat mij niet onbetuigd. Na een lijstje met romans die ingaan op epidemieën, nu een special over dikke pillen. Ze zijn minstens 350 pagina’s ”lang”. Maar het gaat natúúrlijk om de kwaliteit…

Wat is er heerlijker in tijden van onzekerheid dan met een dik boek op de bank te kruipen? Romans waar je uuuuuren mee zoet bent en die je stof tot nadenken geven, of juist naar andere werelden transporteren. Gezien de verkoopcijfers hebben veel mensen de dikke pillen van de Zeven Zusters serie al ontdekt. Bijzonder, want zoals magazine Opzij signaleert, kreeg het eerste deel geen enkele recensie in de Nederlandse dagbladen. Lezers tipten elkaar en de rest is geschiedenis. Daarnaast hebben veel lezers hun weg al gevonden naar De Reiziger serie van Diana Gabaldon en de Cromwell trilogie van Hilary Mantel. Ik kies daarom wat minder bekende boeken, die vaak al wat langer geleden gepubliceerd zijn en die wat mij betreft een tweede kans verdienen.

Wil je groots en meeslepend lezen, probeer dan eens een roman van de Spaanse auteur Almuneda Grandes. Zij grossiert in historische romans van 600 pagina’s of meer, en de meesten kregen een vertaling in het Nederlands. Bijvoorbeeld Het IJzig Hart, over de impact van de Spaanse Burgeroorlog op de verschillende leden van een familie. Of haar meest recente, De Patienten van Dokter García, waar ze een literaire prijs mee won (de Premio Nacional de Narrativa). In dat boek verhaalt ze van een smokkelnetwerk dat na de tweede wereldoorlog hooggeplaatste nazi’s hielp ontsnappen naar het fascistische Spanje van generaal Franco. Tip: Julia Navarro is een andere Spaanse schrijfster die dikke pillen schrijft. Ik persoonlijk vindt Grandes net wat beter, maar laat dat je niet weerhouden.

Als Engels geen bezwaar is, tip ik graag Green Dolphin Country van Elizabeth Goudge. Ze publiceerde deze vuistdikke roman in 1944, maar het boek beleefde gelukkig diverse herdrukken. Ik heb de versie uit 2009, uitgegeven door Capuchin Classics (767 pagina’s). In Nederland beschikken we alleen over een vertaling van één van haar jeugdboeken, Het Witte Paardje. Green Dolphin Country is echter bedoeld voor volwassenen en sleept je mee in de tragische liefdesgeschiedenis van twee zussen, die dezelfde man achterna reizen naar Nieuw Zeeland.

Nog een vergeten meesterwerk: Almanac of the Dead van de Indiaanse schrijfster Leslie Marmon Silko, uit 1991. Een tour de force over de ingewikkelde situatie in de Amerikaans-Mexicaanse grensstreek. Drugskartels, vermiste kinderen, de clash tussen de inheemse en de blank-Amerikaanse cultuur, geweld tegen vrouwen, alles komt langs in 763 pagina’s. Het laatste hoofdstuk heeft de titel ‘thuis’, dus hoe erg het ook wordt, Silko sluit af met een voorzichtig gevoel van hoop.

Van Nederlandse bodem: Wie Scheep Gaat van Rascha Peper/Jenneke Strijland. De Groene Amsterdammer noemde Peper in een recensie van dit boek de koningin van de ingehouden hartstocht en die beheersing benut ze ten volle in een verhaal over een vrouw die het ruime sop kiest, de vrijheid tegemoet, maar omkomt als haar bootje zinkt – of niet? Peper volgt vijf nabestaanden bijna vijfhonderd pagina’s lang en brengt op een gevoelige manier in beeld wat zo’n verdwijning doet met de achterblijvers. Tot op het einde blijft bovendien raadselachtig wat er nou precies op zee gebeurde.

Van Nederlands-Somalische bodem: Yasmine Allas. Ze schreef verschillende romans en daarnaast ook een essaybundel over de manier waarop ze zich de Nederlandse cultuur eigen maakte (of juist niet ;)) Van de romans is De Blauwe Kamer de dikste, iets meer dan vierhonderd pagina’s. De hoofdpersoon vraagt een goede vriendin of zij haar levensverhaal wil opschrijven. De vriendin stemt toe en valt tijdens de gesprekken van de ene verbazing in de andere.

Warm aanbevolen en ruim vijfhonderd bladzijden: Een Halve Gele Zon van Chimamanda Ngozi Adichie. Het is een historische roman in de zin dat het gaat over de burgeroorlog die Nigeria in de jaren zestig trof, maar bovenal is het een portret van een samengesteld gezin uit de middenklasse en hoe de verschillende personages reageren op de toenemende politieke spanningen, hongersnood, het geweld en het verlies van idealen.

Tot slot – ik heb me ingehouden want bovenstaande titels vallen allemaal in categorieën zoals ‘literatuur’ of ‘historische roman’ of ‘politiek’. Geen enkele science fiction of fantasy roman. MAAR als je jezelf wil verliezen in een dikke pil, biedt dit genre veel moois. Daarom toch heel beknopt twee tips. Absoluut geniaal blijft de debuutroman van Susanna Clarke: Jonathan Strange & mr. Norrell, in het Nederlands vertaald door uitgeverij Vassalucci. Het is een soort fantasy Jane Austen met een briljant gebruik van voetnoten. En ruim negenhonderd pagina’s sfeervolle magie.

Voor een dik boek met politiek beladen science fiction adviseer ik A Memory Called Empire van Arkady Martine. Deze historica bestudeerde het Byzantijnse rijk en verwerkte haar kennis in een debuutroman over een diplomate die afreist naar het Teixcalaanli rijk. Daar belandt de ambassadrice al snel in levensgevaarlijke situaties. Je zou bij alle spanning en sensatie bijna vergeten dat Martine in dit boek complexe thema’s behandelt, zoals identiteit, kolonialisme, de rol van cultuur en waar beschaving uit bestaat.

Tot zover mijn aanbevelingen. Veel leesplezier!

Corona: zorgen om huiselijk geweld nemen toe

Overal waar de COVID-19 epidemie aanleiding geeft tot maatregelen om mensen binnen te houden, begint huiselijk geweld op te spelen. Deze vorm van agressie kent een sterke gender-component. Het zijn in meerderheid mannen die vrouwen mishandelen, en vrouwelijke slachtoffers lijden onder ernstiger geweld dan mannelijke slachtoffers. Overal zien hulpverlenersorganisaties de problematiek toenemen. In Frankrijk stelt de regering inmiddels hotels open voor vrouwen die hun mishandelaar moeten ontvluchten.

Voor vrouwen is thuis vaak een onveilige plek. Het is de locatie waar mannen incest plegen, en vrouwen en kinderen slaan. Binnen blijven betekent voor vrouwen vaak dat ze thuis opgesloten zijn met hun mishandelaar en, in extreme gevallen, hun moordenaar. Zoiets als een epidemie vergroot spanningen. Thuis opeens je kinderen moeten scholen betekent extra spanningen. Niet even een ommetje kunnen maken als er ruzies dreigen, vergroot spanningen. In die situatie krijgen mannen die toch al gewend waren om uit te halen, nog meer dan anders de neiging zich af te reageren op de vrouwen en kinderen in hun omgeving. Niet vreemd dus dat de alarmsignalen toenemen naarmate een al dan niet ‘intelligente’ lockdown voortduurt.

In Nederland ziet de politie meer gevallen van huiselijk geweld sinds het begin van de Corona uitbraak. Cijfers zijn nog niet voorhanden, maar professionals maken zich zorgen. Slachtoffers en omstanders die zich zorgen maken kunnen bellen met Veilig Thuis (ook anoniem) via 0800-2000. Verder roept Veilig Thuis Groningen mensen op om bij twijfel een signalenkaart in te vullen, vindbaar via www.signalenkaart.nl. Op die manier kun je wat gerichter een melding doen als je het idee hebt dat het mis is bij de buren. Dat is geen klikken, dat is zorgen voor elkaar en erger voorkomen.

In andere landen houden overheden wél gericht cijfers bij. Zo kent Spanje een speciaal ministerie voor Vrouwenzaken, geldt gendergerelateerd geweld als prioriteit, en houden instanties de trend bij. Een door de overheid ingestelde hotline kreeg 270 procent meer telefoontjes over huiselijk geweld dan voor het begin van de Corona epidemie. Het percentage meldingen van huiselijk geweld steeg met 18%. Daarnaast vermoorden agressieve mannen ‘hun’ vrouwen. In 2020 betreurde het land tot nu toe 17 dode vrouwen. Spanje houdt femicide bij vanaf 2003, en vanaf dat jaar tot nu staat de officiële teller op 1050 dode vrouwen. Dat is alsof iemand iedereen op Vlieland heeft uitgemoord, zodat het eiland leeg en ontvolkt achterblijft.

Om het tij te keren proberen allerlei landen maatregelen te nemen. Volgens de Amerikaanse krant Washington Post stelde de regering van Groenland bijvoorbeeld een verbod op alcohol in, in een poging de agressie van mannen te verminderen. In Frankrijk krijgen vrouwen niet alleen een plekje in een hotel, maar zijn er ook hulpposten ingericht in supermarkten. Vrouwen die in nood verkeren, kunnen daar een wachtwoord zeggen en krijgen dan hulp aangeboden. Maar overal is de teneur hetzelfde: de beschikbare hulpverlening was ontoereikend en blijft ontoereikend:

“The supports aren’t working,” said Renata Field, a coordinator for Domestic Violence NSW in Australia. “So why would they work during a crisis?” Her organization has recorded a 40 percent increase in requests for court advocacy services in recent weeks.