Seksisme alarm: ‘Hoe ik talent voor het leven kreeg’

Ja, De Wereld Draait Door nam ”Hoe ik talent voor het leven kreeg” van Rodaan Al Galidi op in de erelijst van boeken van de maand. Ja, de auteur behandelt belangrijke kwesties, zoals het Nederlandse asielzoekersbeleid en de psychologische gevolgen van jarenlang wachten op een verblijfsvergunning. Maar tijdens het lezen merkte ik dat alles wat de auteur hierover wilde schrijven, aangetast werd door iets anders. De vrouw als seksobject. De vrouw als leverancier van diensten, al dan niet seksueel.

Tekenend voor de houding van de vrouw als seksobject is een passage, waarin de vertelpersoon een lekkerbekje wil kopen op de markt. Er gebeurt iets waardoor hij wegloopt. Een meisje, in eerste instantie alleen beschreven als ‘meisje’, spreekt hem aan en vraagt na de eerste openingszin waar hij vandaan komt. Het AZC. Meteen daarna (ze hebben allebei drie zinnen tegen elkaar gezegd), volgt dit:

Ze was vijfentwintig, mooi, en leek het makkelijkste meisje ter wereld want binnen vijf minuten herhaalde ze het woord oké zeker vijf keer, dus één oké per minuut. Iemand die zijn leven met haar deelde, zou zo veel oké’s horen dat hij erop kon schaatsen, in kon zwemmen, op kon slapen en in wakker worden. Zij praatte en ik knikte, terwijl ik deed alsof ik luisterde, maar dacht aan die gouden oké die mij naar haar lichaam zou leiden, dat zeker lekkerder was dan het lekkerbekje.

Dit is geen satire of ironisch seksisme of wat dan ook. Deze passage gaat van ‘makkelijk meisje’ en meisje=lijf=koopwaar a la een lekkerbekje bij de viskraam naadloos over in het maken van een afspraak met het object van begeerte. Waarna de mannelijke verteller bij de receptie van het AZC drie condooms krijgt, zichzelf klaar maakt voor seks – de verteller stapt onder de douche, knipt zijn haar enz.- en veertig minuten te vroeg op de stoep bij het meisje staat, met die condooms op zak.

Deze mannelijke blik (male gaze) keert keer op keer terug in de loop van het boek. Zodra er een knappe vrouw in beeld verschijnt kan de verteller het alleen nog maar over haar schoonheid hebben:

Op een dag gebeurde er iets wat jarenlang het mooiste was wat er gebeurde in het AZC. In onze gang kwam Jelena, een Russisch meisje te wonen. Ze was bloedmooi. Ze leek op Julie Christie in Doctor Zhivago. Ze kwam plotseling, als een bliksem. Meteen veranderde het AZC in het allersjiekste paleis ter wereld. Haar schoonheid verzachtte alles in een seconde.

Enzovoorts. Regel na regel en meer dan ‘ze is Russisch en bloedmooi’ kom je als lezer niet te weten.

Ook hier blijft de obsessie met de aantrekkelijkheid van een vrouw niet zonder gevolgen. De mannelijke verteller hangt rond bij de kamer van Jelena, probeert met haar aan te pappen en interpreteert haar woorden en houding zodanig dat hij een keer met condooms op zak hoopvol haar kamer binnen komt – om er daarna tot zijn frustratie achter te komen dat hij de situatie verkeerd had ingeschat.

Je kunt bovenstaande situatie inschatten als ironisch en blijk gevend van een zekere mate van zelfreflectie. Ik kan die zelfkritische houding echter niet ontdekken en in interviews blijkt bovendien dat de auteur, als persoon, dezelfde geseksualiseerde blik heeft als het vertelpersonage in zijn boek. Zo zegt Al Galidi in gesprek met dagblad Trouw over vrouwen het volgende:

De vrouw is het standbeeld van de taal. De Nederlandse vrouw! Zij is vrij. Onafhankelijk. Druk ook, ze heeft niet veel tijd. Maar ze luistert naar haar gevoel! Heel goed zelfs, ze is een psycholoog. Een Arabische vrouw toont niets van zichzelf, soms zelfs haar ogen niet. Maar een Nederlandse vrouw in de zomer, ze toont je haar bikini, haar benen, haar kontje!

”Maagd” of hoer die in bikini haar kontje toont. De vrouw niet als mens maar als symbool van iets anders, zoals de taal van een land. Vrouwen tegenover elkaar plaatsen op basis van de vraag ‘welke lichaamsdelen mag ik zien’. Het zijn allemaal manieren waarop mannen vrouwen reduceren tot een lichaamsdeel of een abstract ding.

De enige vrouwen die in de roman ontsnappen aan deze geseksualiseerde blik zijn 1. zij die onbereikbaar zijn voor de mannelijke verteller, zoals getrouwde moslimvrouwen met man en kinderen. Zij spelen geen rol in het verhaal van de verteller. 2: Vrouwen die nuttig zijn voor de mannelijke verteller. Zoals Zainab, die zijn eten kookt en zijn kleren verstelt. 3: Vrouwen met macht. De bureaucraten die bepalen of de mannelijke verteller iets wel of niet krijgt, zoals een dagkaart voor de trein, bepaalde medicijnen of condooms. Die vrouwen moet je zoveel mogelijk bespelen om ervoor te zorgen dat ze aan de mannelijke hoofdpersoon leveren wat hij nodig heeft.

Ook hier draait het echter om wat de mannelijke verteller wil. Zijn mate van ”respect” voor de niet-geseksualiseerde vrouwelijke personages hangt af van de mate waarin de vrouw aan zijn niet-seksuele wensen voldoet. Allemaal komen ze slechts vluchtig aan de orde, het blijven sfinxen waarvan je niet weet wat ze voelen, denken of willen.

Hier past een punt van aandacht: bij een intersectionele opvatting van het feminisme is het belangrijk om rekening te houden met machtsverhoudingen en privileges. Als asielzoeker had Al Galidi niet veel macht of privileges. Vanwege zijn duidelijk buitenlandse naam en afkomst loopt hij het risico dat hij te maken krijgt met racisme. Maar hij is ook een man. Als man had hij in zijn oorspronkelijke cultuur een machtspositie, en ook in Nederland genieten mannen automatische privileges. Eén van die privileges is dat je als man vrouwen, veelal ongestraft, kunt reduceren tot gebruiksvoorwerpen en hun uiterlijk.

Daar spreek ik hem op aan. Ik vind zijn manier van kijken naar vrouwen seksistisch. De manier waarop hij vrouwen routinematig terugbrengt tot hun uiterlijk en mate van aantrekkelijkheid voor de mannelijke hoofdpersoon, doet me bijvoorbeeld erg denken aan urban fantasy-auteur Jim Butcher. Die wist in zijn debuut Storm Front zelfs een vrouwelijk personage dat op sterven lag, te reduceren tot een seksobject. Dat ze dood ging was niet zo van belang. Veel belangrijker was of ze wel sexy genoeg lag dood te gaan. Het leek mannelijke lezers niet op te vallen, maar een lezeres die het boek recenseerde kon he-le-maal niets met de male gaze van de verteller.

Ik heb een pesthekel aan dit soort seksisme zonder enige kritische noot of blijk van zelfinzicht. De minachting voor vrouwen doet wat mij betreft afbreuk aan alles wat een auteur verder nog te zeggen heeft.

Ik wilde dat recensenten alerter waren op dit soort seksistische behandeling van vrouwelijke personages in een boek. Lees de recensies maar: geen woord over al die vrouwen als seksobjecten of leverancier van diensten. Net als bij Hollywoodfilm Fury, waar recensenten ook oorverdovend zwegen over een walgelijke verkrachtingscène. Mocht ik als recensent sterren uitdelen, dan zou ik minstens 1 ster van Al Galidi’s boek aftrekken vanwege zijn behandeling van vrouwelijke personages. Zijn hitsige, instrumentele kijk op vrouwen doet afbreuk aan de (literaire) waarde van zijn boek.

Ik wilde dat Al Galidi net zo kritisch naar zijn ideeën over vrouwen kon kijken, als naar het Nederlandse asielzoekersbeleid. Tot die tijd loop ik in een grote boog om hem heen, hij met zijn gedoe over sexy kontjes en bloedmooie Russinnen. Vrouwen zijn mensen!

Post a comment or leave a trackback: Trackback URL.

Reacties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: