Internet en haat vormen een giftige cocktail

Hoeveel vrouwen zouden zijn afgehaakt op internet, vanwege voortdurende haat? Die vraag komt aan de orde in verschillende artikelen in Engelstalige media. Steeds meer mensen pleiten ervoor online haat serieus te nemen als een probleem rondom mensenrechten. Want als het digitale klimaat zo giftig is dat vrouwen afvallen, heeft dat ingrijpende gevolgen voor werk, inkomen, je sociale leven en het uiten van je creativiteit.

De impact op werk, deel kunnen nemen aan het publieke debat, je veilig voelen, dat alles zijn redenen waarom Amanda Hess internethaat definieert als een mensenrechten-probleem. De haat komt neer op discriminatie en bekrachtigt het beeld van de vrouw als de geminachte Ander, die op moet zouten:

On the Internet, women are overpowered and devalued. […] ..when anonymous harassers come along—saying they would like to rape us, or cut off our heads, or scrutinize our bodies in public, or shame us for our sexual habits—they serve to remind us in ways both big and small that we can’t be at ease online. It is precisely the banality of Internet harassment, University of Miami law professor Mary Anne Franks has argued, that makes it “both so effective and so harmful, especially as a form of discrimination.” The personal and professional costs of that discrimination manifest themselves in very real ways.

De vraag naar de precieze concrete schade blijft een vraag, omdat onderzoek meestal ontbreekt. We moeten het doen met individuele anekdotes. Bestaand onderzoek steunt de teneur van die persoonlijke ervaringen echter. Wie zich bijvoorbeeld met een vrouwennaam op een chatsite meldt, krijgt 25 keer zoveel zooi naar haar hoofd geslingerd dan een als mannelijk geïdentificeerde deelnemer. En in de V.S. blijkt uit onderzoek dat het percentage deelnemers aan discussiefora daalde van 28 naar 17 procent. Die daling kwam bijna geheel voor rekening van vrouwelijke internetgebruikers. Een plus een is….

In het licht van al die feiten is het des te erger, dat allerlei mensen blijven ontkennen dat er een probleem is. Iedereen heeft toegang tot internet, niemand verbied je om iets te publiceren, als je afhaakt was dat omdat je dat zelf wilde, dus waar gaat het over. Bovendien gaat het om een virtuele vorm van intimidatie. Je hebt niet te maken met een verkrachter die zich onder je bed schuil houdt, dus wat is het probleem? Om die reden halen autoriteiten vaak hun schouders op. Agenten weten niet wat ze met zulke situaties aan moeten.

De aard van internetintimidatie maakt dat je pas merkt hoe erg het is, als je het zelf ervaart. Ook Conor Friedersdorf zegt in The Atlantic dat hij in eerste instantie niet snapte waarom vrouwen zich zo druk maakten. Als man kreeg hij ook vanalles over zich heen, inclusief doodsbedreigingen. Hij kon daar tegen, dus wat zeuren die vrouwen? Pas toen hij een tijdje een journalistiek weblog van een vrouwelijke collega bijhield, en de commentaren las die zij dag in dag uit ontving, begreep hij dat vrouwen een speciaal soort reacties over zich heen krijgen.

Friedersdorf schrok van de zeer persoonlijke, hypergeseksualiseerde uitingen van blinde haat. Reacties die, ook als je ze probeert te negeren, een onevenredig grote belasting vormen. Hij had zelf geen idee dat het zo erg was, omdat hij dit type reactie normaal gesproken niet zag. Nu pas begreep hij bepaalt gedrag van vrouwelijke collega’s. De zelfcensuur, bijgestelde ambities en inperkingen, zoals stoppen met een politiek weblog. En kreeg hij een idee van de schade:

This is the very time that people like Matt Yglesias and Ezra Klein were building the personal blogs from which they would become successful national pundits. One wonders how many equally talented women we missed out on reading due to misogynists hurling vile invective at rising female journalists.

Kortom, pas als mensen met privileges zelf ervaren hoe de wereld eruit ziet voor iemand die afwijkt van de norm, krijgen ze door hoe ingrijpend internaathaat is. Dat maakt de aanpak lastig. Keer op keer moeten de ogen van een individueel persoon geopend worden. Tot die tijd krijg je vooral minachting of bagatelliserende opmerkingen over je  heen, als je de haat aan de kaak wil stellen.

Doen alsof er geen probleem is, tovert het probleem niet weg. Doorgaan met een gestructureerde bewustwordingscampagne is het enige wat er op zit. Omdat het gaat om een mensenrechtenprobleem. En omdat de digitale haat samen hangt met praktijken uit de dagelijkse realiteit:

The men screeching at you online to shut up—or condescending to you about how cute it is that you think you have an opinion—aren’t outliers. They reflect reality. They just do so in a way that’s more direct, because the social structures that allow sexism in real life to be more subtle haven’t really taken hold on the internet. The fact of the matter is these kinds of pressuring tactics do work to silence women’s voices, and that alone is reason enough to take them seriously.

Advertenties
Post a comment or leave a trackback: Trackback URL.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: