Rechter geeft definitie van discriminatie bij sollicitaties

Discriminatie bij een sollicitatieprocedure bewijzen? Ga er maar aan staan. Zelfs als de Commissie Gelijke Behandeling (nu: College voor de Rechten van de Mens CVRM) oordeelt dat er sprake is van verboden onderscheid naar geslacht, kan een rechter later alsnog vinden dat er niks aan de hand is. Dat blijkt uit een uitspraak van de rechter in een zaak tegen de Universiteit van Amsterdam. Proefprocessenfonds Clara Wickmann is ondertussen wel blij met het feit dat er eindelijk een heldere definitie van vrouwendiscriminatie aan universiteiten op tafel ligt.

De rechter gaf namelijk in meer algemene zin toe dat er wel degelijk stront aan de knikker kan zijn. Eenzijdig samengestelde selectiecommissie? Ontbreken van een objectieve buitenstaander? Veranderingen gedurende de sollicitatieprocedure en ondervertegenwoordiging van vrouwelijke wetenschappers? Dat zijn duidelijke aanwijzingen voor discriminatie. Universiteiten die op deze manier wetenschappelijk personeel werven, moeten op hun tellen passen. De volgende keer zou het vonnis zomaar eens in het nadeel van de universiteit uit kunnen pakken. In die zin staan vrouwen bij volgende rechtszaken sterker dan voorheen.

Wat was er aan de hand? Econome Edith Kuiper maakte rare dingen mee toen ze bij de Universiteit van Amsterdam solliciteerde. Uiteindelijk bleek dat de selectiecommissie een deel van haar wetenschappelijke werk niet had laten meetellen, tijdens de procedure de criteria veranderde, en uiteindelijk een lager gekwalificeerde kandidaat aan nam. Een man. De CGB oordeelde dat de UvA discrimineerde. De universiteit trok zich daar niets van aan.

Samen met proefprocessenfonds Clara Wichmann besloot Kuiper de UvA voor de rechter te dagen. Want:

Uit onderzoek van Marieke Van den Brink ( 2010) blijkt dat de achterstand van vrouwelijke wetenschappers wordt veroorzaakt door onder meer de (louter mannelijke) samenstelling van beoordelingscommissies, schuivende selectiecriteria (die worden aangepast aan de kandidaat die de commissie toch al op het oog heeft) en het feit dat vrouwen veelal niet worden gezien bij de acquisitie van wetenschappers (“old boys’ network”). In de zaak van Edith Kuiper waren precies deze elementen aanwezig in de benoemingsprocedure die zij doorliep voor een aanstelling van universitair docent.

Dat de rechter het bewijs in dit ene geval blijkbaar niet overtuigend genoeg vond, kan. Dit gebeurt ook vaak zat met vrouwen die een tijdelijk contract hebben, melden dat ze zwanger zijn, en dan opeens geen verlenging van hun contract krijgen – en dus op straat staan. De ene keer oordeelt het CVRM wel verboden onderscheid naar geslacht, de andere keer niet. Maar in alle gevallen zie je hetzelfde patroon: de zwangere vrouw voldoet opeens niet meer, krijgt opeens negatieve beoordelingen, opeens moet het bedrijf bezuinigen, och gut, toevallig neemt een man of een niet-zwangere vrouw het werk over. Keer op keer hetzelfde liedje. Maar er moet maar net een werkgever zijn die net iets te openlijk is over z’n ware motieven, om discriminatie hard genoeg te maken.

Het proefprocessenfonds is het er overigens niet mee eens dat de UvA voldoende aannemelijk gemaakt zou hebben dat Kuiper net de uitzondering op de door Van den Brink vastgelegde regel was. Het fonds beraadt zich nog op een hoger beroep.

Advertenties
Post a comment or leave a trackback: Trackback URL.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: