Verbeter je vak in een uurtje per week

Een uurtje per week. Dat is alles wat er voor nodig is om je vak sterk te verbeteren, ontdekte journalist Ed Young van magazine The Atlantic. Hij merkte dat hij in zijn artikelen over ontwikkelingen in de wetenschap vooral mannen aan het woord liet komen. Met een uurtje per week extra kwam hij echter zonder veel problemen op een 50-50 man/vrouw verhouding.

Met een groter aandeel vrouwen boorde hij niet alleen nieuwe bronnen aan. Deze vrouwen boden ook nieuwe inzichten, andere invalshoeken, andere uitgangspunten. Kortom ze verrijkten zijn stukken en gaven de lezer meer diversiteit en meer kennis.

Achteraf constateert Young zelf ook met enige verbazing hoe makkelijk het was om de uitoefening van zijn beroep te verbeteren. Het enige wat hij deed was beter opletten, en vaardigheden inzetten die hij toch al had. Zo vroeg hij mensen die hij interviewde gericht naar vrouwen die ook iets over het onderwerp konden zeggen – een gangbare journalistieke methode. Daarnaast belde hij een paar minuten langer rond op zoek naar bronnen. Zo kreeg hij meer vrouwen aan de telefoon dan wanneer hij snel snel zijn geijkte contactpersonen raadpleegde en gedachteloos zijn verhaal begon te tikken.

Een andere man, Jesse Davis, schreef een programma om diversiteit binnen zijn Twittergedrag onder de loep te nemen. Uit zijn eigen analyse bleek dat hij in een mannenreservaat opereerde. Zelf volgde hij vooral mannen (72%) en ook zijn volgers bleken merendeels man (83%). Als man versterkte hij vooral de standpunten van mannen, door hun tweets breder zichtbaar te maken en/of hun uitspraken te retweeten.

Davis is niet de enige die in een Twitter-mannenbubbel zit, en dat heeft grote gevolgen. Zo bleek tijdens de afgelopen Engelse verkiezingen dat mensen de opinies van mannelijke journalisten bijna vijf keer vaker retweetten dan opinies van vrouwelijke journalisten (gecorrigeerd voor allerlei factoren). De mannen kregen zodoende een veel groter podium met de bijbehorende invloed en autoriteit. Zodoende kregen ze ook meer macht in het publieke debat – ze domineerden de discussies.

Als je deze blinde vlek eenmaal in beeld hebt, kun je de onbalans makkelijk aanpassen. Ga gericht op zoek naar twitteraccounts van vrouwen en voeg ze toe aan je lijstje te volgen accounts. Zo verbreed je je horizon en hoor je eens wat anders. Retweet vaker berichten van vrouwen. Of benut Twitter om seksisme en discriminatie aan te pakken. Zo heb je Man Who Has It All, een slimme parodie op de manier waarover we als cultuur over vrouwen praten: ”Dad with a career? Beat stress by snacking on veggies, teaming up with other dads & dressing for your face shape”.

Wat dit alles duidelijk maakt is dat de wil om te veranderen de basis vormt. Die wil ontbreekt nogal eens, blijkt uit onderzoek van Donya Ahmadi van de TU Delft. Zij achterhaalde dat bijvoorbeeld ambtenaren zelf denken dat ze goed om gaan met diversiteit, maar in hun taal racistische termen gebruikten en het vooral bij slogans en goede voornemens hielden. Dat loste de problemen uiteraard niet op.

Als je écht meer diversiteit wil, krijg je het echter. Zelfs in sectoren waarvan mensen denken dat het niet kan, zoals de advocatuur met z’n 24 uur per dag bereikbaarheidsnorm. Zo kent advocatenkantoor Jones Day een voor deze sector uitstekende balans: de Amsterdamse vestiging bestaat uit 26 mannelijke en 19 vrouwelijke advocaten. Internationaal gezien leiden vrouwen 16 van de in totaal 44 kantoren. Het bedrijf ziet zelf in dat er nog ruimte is voor verbetering. Zo heeft het Amsterdamse kantoor vijftien partners, waaronder slechts vier vrouwen. Dat kan en moet beter, oordeelt de onderneming in de openbaarheid.

Kortom, geen woorden maar daden. Echt willen. En aandacht voor gender en diversiteit veranderen van extra taak (zucht, moeilijk, werkdruk) tot een structureel element van je dagelijkse routine, iets wat normaal is en wat er gewoon bij hoort. Dan is het zo gepiept.

Advertenties

Ode aan Renate Dorrestein

Ai wat een triest nieuws bracht uitgeverij Podium vandaag: schrijfster Renate Dorrestein is overleden. In mijn hart nam en neemt ze een bijzondere plek in. Niet alleen schreef ze spannende romans en goed doordachte essays vol waardevolle inzichten, maar voor mij vormde ze ook één van de toegangspoorten tot het feministische gedachtengoed. Onder andere haar bundel Korte Metten leverde veel stof tot nadenken – en toonde aan dat feminisme en humor vanzelfsprekend prima samen gaan.

Foto: Dagblad van het Noorden

Ik kocht Korte Metten destijds in een kringloopwinkel en viel als een blok voor de lichtvoetige maar kritische manier waarop Dorrestein allerlei sociale fenomenen onder de loep nam. De ware aard van de Nederlandse man, de volkomen ware stelling dat menstruatie niet fijn is, de diepere betekenis van de damestas, haar ervaringen tijdens lezingen over het feminisme (altijd een wantrouwig kijkende man die cijfers eist). Maar ook de vele kleine, persoonlijke observaties die aantonen hoe diep vrouwen geïndoctrineerd zijn om tegen de klippen op aardig te blijven, zich klein te maken en te navigeren in een vijandige wereld.

Een topcolumn uit haar bundel vind ik die over feministen en katten. ”Aan feministische personen zit zo dikwijls een poes vast, dat gesproken mag worden van een causaal verband”, schreef ze. Daarna schaamde ik me nooit meer voor het feit dat ook ik mezelf als feministe identificeer en mijn huis graag deel met een of meer katten. Sterker nog, ik sloot me meteen aan bij de Australian Cat Ladies toen die organisatie in 2013 werd opgericht. En streef nu naar een professioneel einde als kattenvrouwtje.

Dat is trouwens hard werken en veel geld sparen om na je pensioen aan de slag te gaan. Eén kat kost gemiddeld 400 euro per jaar, dus als je er een stuk of acht neemt zit je aan de duizenden euro’s. Behalve jaarlijkse vaccinaties zijn dierenarts-kosten niet meegerekend in dit gemiddelde. Mankeert Poekie dus iets en moet je medicijnen kopen of medische ingrepen betalen, dan zit je al snel ver boven dit gemiddelde. Kortom, het gaat hier om een serieuze ambitie waar je niet zomaar aan kunt beginnen. Je moet vooraf plannen, organiseren en je intensief voorbereiden om, eenmaal oud en verlept, een succesvol kattenvrouwtje te worden.

Een ander topboek vond ik haar feuilleton Voor Alles een Dame. Deze roman/almanak/…X… introduceerde me tot Katholieke vrouwelijke heiligen, recepten voor taart en gebak, en onnavolgbare verwikkelingen op een internaat voor moeilijk opvoedbare meisjes. Tussen alle bedrijven door eiste Dorrestein een plek op voor vrouwen om te doen en te schrijven wat ze willen, met respect voor hun eigen (literaire) tradities:

Van de Berliner bol naar het boek is, zo hebben we gezien, maar een kleine stap. Ook een literair werk geldt al snel als een misbaksel wanneer het anders smaakt dan binnen de gangbare conventies wenselijk wordt geacht. De auteur dient niet af te wijken van de norm. Maar dat is nu juist het probleem. Want hoe zou iemand die de last van eeuwenlang kool koken met zich mee zeult, niet kunnen verschillen van iemand met de lust van eeuwen dobbelen achter de knopen?

Dorrestein maakt dit punt niet voor niets. Analyses van recensies van haar werk tonen aan dat veel critici haar romans duidelijk niet begrepen en neersabelden met oordelen als ‘triviaal’, te veel ‘gemekker’ over voedsel en andere minachtende etiketten. Volgens Vooys volgen die recensies steevast hetzelfde patroon:

  • levensbeschrijving met veel aandacht voor het uiterlijk en de kledingkeuze van Dorrestein
  • dan wordt Dorresteins nieuw verschenen boek getoetst aan haar maatschappijvisie zoals die uit haar columns en vroegere bezigheden spreekt
  • welles-nietes gedoe over de sekseverhoudingen, het feministische gehalte van en het waarheidsgehalte in haar werk (getoetst aan wat de recensent feministisch of ‘waar’ vindt, alsof dat een universele, neutrale en objectieve visie is)
  • negatieve beladen waardeoordelen die vooral tegen vrouwen worden gebruikt, zoals ‘te boos’ en ‘drammerig’

Deze meestal mannelijke recensenten hadden geen oog voor de literaire traditie waar Dorrestein zich in wilde scharen en waarmee ze juist weerwoord leverde op gangbare oordelen. Zo geldt het feuilleton nog steeds als een inferieur genre, zeker als de hoofdpersonen vrouwen zijn: het zijn romantische niemendalletjes, soaps, sensatieverhalen, alles behalve Serieuze Literatuur met een hoofdletter L. Wat Voor Alles een Dame in mijn ogen alleen maar leuker en subversieve maakt: dat wat de gangbare kritiek neersabelt, omarmde Dorrestein juist en verhief tot schitterende hoogten.

De laatste jaren zijn literaire recensenten meer tot het inzicht gekomen wat lezeressen en lezers al lang hadden: dat Renate Dorrestein, mede oprichtster van de Anna Bijns prijs, een unieke stem was in de Nederlandse letteren. Haar laatste bundel, ‘Dagelijks Werk’, kreeg lovende kritieken. Dorrestein was toen al ziek. Ze benutte de tijd die ze nog had om voor de laatste keer haar eigen zegje te doen:

“stel je voor dat je na je dood, als je je niet meer kunt verweren, een biográáf achter je aan krijgt”.

Daarnaast geeft ze lezers een kijkje in de keuken van haar schrijverschap.

Heel erg dat dit de laatste ‘echte Dorrestein’ zal zijn. Vaarwel, Renate!

Toegift: dit mooie interview uit dagblad Trouw, van oktober vorig jaar.

Gun vrouwen ook een leuk bevrijdingsfeest

Nooit ergens alleen op een festivalterrein staan, altijd in een groepje blijven, strategisch gebruik van rugzakken om te voorkomen dat mannen tegen je aan gaan rijen, als je hoort hoe vrouwen noodgedwongen moeten opereren tijdens evenementen, lijkt het wel oorlog. Daarom een oproep: Mannen, spreek je maten aan als die wangedrag vertonen. En festivalorganisatoren, wordt actief om seksueel geweld te voorkomen en te bestrijden. Gun vrouwen een onbezorgd bevrijdingsfeest. Laat hen met rust, blijf van hun lijven af. Laat 5 mei een ontspannen samenzijn worden voor iedereen!

Leuk, een festival! Maar vrouwen lopen grote risico’s omdat sommige mannen zich niet kunnen gedragen. VICE signaleert dat er weinig harde cijfers bekend zijn, omdat er nauwelijks onderzoek wordt gedaan naar mannen en vrouwen op festivalterreinen.  Veel organisatoren besteden daarnaast nauwelijks aandacht aan preventie en beleid rond seksueel geweld, bleek vorig jaar uit een rondgang. VICE citeerde onder andere beveiligingsdeskundige Barbara van Dam met de veelzeggende woorden:

“De organisatie van een festival start met een risicoanalyse als basis voor een veiligheidsplan, en ik vind het vreemd dat seksueel geweld bij die voorbereidingen nergens wordt genoemd. Alles wordt doorgerekend: een warm-weerscenario en of er wel genoeg wc’s zijn, maar er wordt niet uitgezocht hoe we ervoor zorgen dat meisjes en vrouwen veilig naar een festival kunnen blijven gaan?”

Ondertussen zijn de ervaringen van vrouwen duidelijk. Mannen zetten vrouwen klem en beginnen intimiderende taal uit te slaan. Mannen knijpen vrouwen in borsten en billen. Mannen randen vrouwen aan of verkrachten hen. In Nederland, maar ook daar buiten.  Zo was het vorig jaar groot nieuws dat het Zweedse muziekevenement Bravalla geen editie 2018 organiseert, omdat mannen in 2017 één weekeinde ruim twintig vrouwen en meisjes aanrandden. De editie van 2016 stond ook al bol van misbruik en wangedrag.

Of neem een journaliste die onlangs Coachella bezocht, een groot festival in de V.S., in Californië. Tien uur op het terrein leverde op dat totaal onbekende mannen haar 22 keer ongewenst betastten. Ze interviewde 54 vrouwen, en ook die hadden allemaal op dat festival een seksuele aanranding of intimidatie meegemaakt – een score van honderd procent.

Hoog tijd dus om ons te richten tot de grootleverancier van daders, de mannelijke sekse. Allereerst aan alle goedwillende mannen die het niet in hun hoofd zouden halen om onbekende vrouwen te bepotelen: hou je makkers in de gaten en als die over de scheef gaan, grijp dan in. Spreek ze aan op wangedrag, of neem hen mee naar een rustige plek zodat ze af kunnen koelen. Behoor je tot de minderheid die denkt dat je op een festival terrein alles mag: NEE. Iedereen wil een feestje bouwen, ook vrouwen, dus laat vrouwen met rust. Blijf met je tengels van hen af. Als je merkt dat je jezelf niet in kunt houden, loop weg en vervang bier een tijdje door water. Dan hebben we allemaal een leuk 5 mei, Pinkpop, Noorderslag enzovoorts. Bedankt!

Tot slot: Het telefoonnummer van Centrum Seksueel Geweld is 0800-0188, en dit nummer is 24 uur per dag bereikbaar en gratis. Blijf er niet alleen mee zitten, als je een rotervaring had op een festival of elders. Zoek hulp!

 

 

Mannenliteratuur vertekent het vrouwbeeld

Onderzoek op basis van duizenden romans over een periode van 200 jaar wijst uit, dat mannelijke auteurs vrouwen meestal niet zien staan. Ze geven vrouwelijke personages maximaal dertig procent van de ruimte – meestal minder. Er zit geen vooruitgang in: mannelijke auteurs uit de Victoriaanse tijd schreven zelfs vaker over vrouwen dan nu. Dit draagt bij aan beeldvorming waarbij we de wereld zien door de ogen van mannen. Slecht nieuws voor vrouwen. Die zien zichzelf nauwelijks terug in verhalen, of worden geconfronteerd met gaslighting.

Gaslighting is een term voor een vorm van psychologische ondermijning. Door een genderbril bekeken: mannen die vrouwen aan zichzelf laten twijfelen door hen constant te vertellen dat ze niet weten wat ze weten, niet voelen wat ze voelen, dat ze zich dingen inbeelden, overreageren, slechte intenties hebben. Zie voor een Nederlands voorbeeld de SF serie Missie Aarde, waarin haar mannelijke collega’s het enige vrouwelijke bemanningslid van een ruimteschip mentaal door de mangel halen, net zolang totdat ze zelf ook gaat geloven in bepaalde vrouwvijandige mythes.

Sarah Churchwell schrijft in een mooi essay dat mannelijke auteurs in hun romans vaak terugvallen op gaslighting van vrouwen via vrouwelijke personages. Ze definiëren de wereld zoals hen dat als man goed uitkomt en reduceren vrouwen tot hysterische domme karikaturen en/of hulpjes van de man. Hun verwrongen vrouwbeeld steekt in verhevigde mate de kop op tijdens periodes, waarin vrouwen in het openbare leven protesteren tegen hun tweederangs status en meer ruimte opeisen. Dat levert bijvoorbeeld personages op die zichzelf feministisch noemen maar de mannelijke held tegeljkertijd op een vernederende manier dwingen om zittend te plassen, beschrijft Churchwell. Huuuu, enge feministen….

Die literaire traditie levert vooral verliezers op, signaleert Churchwell. Verhalen hebben effecten op mensen. Mannen verliezen iets als ze niet lezen of alleen boeken kiezen van mannen, over stoere mannen die oorlog voeren en sexy vrouwen veroveren. Lezeressen vervallen in een totaal gevoel van vervreemding als ze vooral verhalen lezen waarin ze niet voorkomen, of waarin de enige rol die is van een bordkartonnen hatelijk stereotype. De standaard canon vol boeken van blanke mannen die vrouwen negeren of vertekend weergeven is zodoende vooral een lijst van boeken die geen vrouw zou moeten willen lezen. (Tenzij je als schrijfster een studie van hun seksisme wil maken, om de vrouwenhaat daarna te ontmantelen in je eigen romans).

Daarnaast heeft het ook psychologische effecten op schrijfsters, als onze cultuur de beeldvorming uit de kokers van mannen aanneemt voor neutraal en universeel:

Here’s playwright Alison Croggon on the effect such bias can have on the confidence of a writer: “The woman who begins with talent but who finds herself struggling to gain notice simply because she is a woman, can find her ambitions dwindling, her possibilities shrunken, in a continually amplifying feedback loop. Just as success breeds confidence, so the lack of it breeds uncertainty. If millions of reinforcing signals say a woman’s work is less significant, something will eventually begin to stick. This kind of intensifying feedback, which begins at birth, is very difficult to track and even more difficult to combat.”

Dat verzet is echter broodnodig om de dominante beeldvorming te veranderen. Gelukkig komt de zaak steeds meer in beweging. Onderzoeken zoals VIDA tonen in overduidelijke cijfers aan dat het werk van mannen nog steeds onevenredig veel aandacht krijgt in literaire media. Dat leidt tot bewustwording en debat, met hier en daar een verbetering. Vrouwelijke auteurs zoeken ook steeds vaker zelf hun weg, waarbij internet en sociale media zeer behulpzame kanalen zijn. En er kwamen campagnes zoals Lees Vrouwen. In inspirerende artikelen vertellen lezers hoe ze hun leesgewoonten aanpasten en ruimte maakten voor verhalen  van en vaak ook over vrouwen. Churchwell juicht deze ontwikkelingen toe. Het vormt een noodzakelijk cultureel tegenwicht en biedt mogelijkheden om onszelf anders te laten kijken en denken.

Verder lezen: Zie voor de mannelijke dominantie in de Nederlandse literatuur de bevindingen van de Lezeres des Vaderlands. In haar artikelen duikt ze ook regelmatig in de inhoud van romans en zie je dat vrouwelijke personages er ook in Nederland bekaaid vanaf komen. Zoek je geloofwaardige vrouwelijke personages, dan moet je bij de schrijfsters zijn, want hun mannelijke collega’s blijven steken in slachtoffers of hoeren. Zie verder een artikel over de vooroordelen rond hun werk, waar schrijfsters nog steeds mee geconfronteerd worden. Of deze mooie beschouwing van auteur Niña Weijers, of deze analyse van Sanne van Oosten, of dit artikel over de manier waarop ons literatuuronderwijs vrouwen buiten sluit. Kortom nog genoeg werk te doen….

Het massale geweld van boze mannen

Als vrouwen op deze schaal zouden moorden, zou het feminisme allang in het beklaagdenbankje staan. Dat signaleert Gary Younge in de Engelse krant The Guardian na de zoveelste aanslag door een man. Mannen pakken een wapen op en schieten in het rond. Of ze gebruiken een voertuig als wapen, zoals onlangs in de Canadese stad Toronto. Vaak zijn het mannen met een verleden van vrouwenhaat en seksueel geweld – wat “klein” of “normaal” begon groeit soms uit tot moordende agressie…

Maar we doen niets met dat feit, constateert Younge:

There will be, though, no appeals for moderate men to denounce toxic masculinity, no extra surveillance where men congregate, no government-sponsored schemes to promote moderate manhood, or travel bans for men. Indeed, the one thing that is consistently true for such incidents, whether they are classified as terrorist or not, will for the most part go unremarked. […]  ”The fact they are male is both accepted and expected. Boys will be boys; mass murderers will be men”.

Zijn opiniestuk komt na de meest recente aanslag, deze keer in de Canadese stad Toronto. Een man reed met zijn auto in op een groep mensen, voor het merendeel vrouwen, zodat vrouwen de meerderheid van de 24 slachtoffers vormden.

Voor zijn daad liet hij een bericht achter over de Incel beweging. Deze beweging bestaat uit mannen die ongewild maagd bleven. Ze verzamelen zich via internet en geven vrouwen (de ”Stacys”) de schuld van hun nare situatie. En de Incels zijn niet de enigen. Ze maken deel uit van een bredere groep verongelukte, zeer conservatieve mannen die vrouwen terug in de keuken willen meppen. Zie voor meer website We Hunted the Mammoth, waar David Futrelle hun hatelijke denkbeelden al jaren analyseert. Hij sluit verdere moorden niet uit.

Voor hem en voor talloze feministen is de meest recente geweldsuitbarsting geen nieuws. Het is al jaren bekend dat niet alle mannen moorden, maar als mannen moorden hebben ze het verdacht vaak op vrouwen voorzien. Bij huiselijk geweld slaat een vrouw zelden een man dood, maar omgekeerd vermoorden mannen jaarlijks tientallen vrouwen. Het komt zo vaak voor dat diverse landen tellingen bijhouden om de dode vrouwen een gezicht te geven en het patroon inzichtelijk te maken. Zoals in Engeland, Spanje of mijn telling voor het jaar 2016.

Ten tweede blijkt dat zo’n beetje de helft van alle mannen, die een wapen oppakken en in het openbaar in het rond schieten, eerst vrouwen misbruikten, mishandelden, stalkten of andere enge dingen deden. Ten derde: geloof mannen als ze zeggen dat ze uit vrouwenhaat handelden. Alek Minassian van de Toronto-moordpartij en voor hem Elliot Rodger, die in Californie begon te moorden, wilden beiden wraak nemen op vrouwen. Dat schreven ze zelf, in lange manifesten of korte berichten op Facebook.

Waarom noemen we dit geen terreur, vragen feministen zoals Amanda Marcotte zich af:

The FBI definition of terrorism is “the unlawful use of force and violence against persons or property to intimidate or coerce a government, the civilian population, or any segment thereof, in furtherance of political or social objectives.” Misogynist violence is rarely talked about as terrorism, despite being rooted in a gender ideology and directed toward a clear “political or social objective,” the suppression or subjection of women. It’s time that changed.

Als je deze mannelijke agressie namelijk wél ziet voor wat het is, kun je eindelijk maatregelen nemen. Wetenschappers en politici doen er daarbij verstandig aan vrouwen te raadplegen. Feministen bestuderen mannelijke haat en agressie namelijk al eeuwen, omdat ons leven en welzijn daar letterlijk vanaf hingen.

Het waren feministen die mannelijke agressie problematiseerden, koppelden aan mensenrechten en begrippen introduceerden zoals verkrachting binnen het huwelijk. Het waren feministen die voor het eerst expliciet benoemden dat (seksueel) geweld te maken heeft met macht en de behoefte om vrouwen te controleren en domineren. Het waren en zijn veelal vrouwen die goed onderbouwde artikelen schrijven over mannelijke massamoordenaars en hun vrouwenhaat. Vrouwen die al die losstaande geweld ”incidenten” samenvoegden tot een patroon en de achterliggende ideologie van de haat bloot legden:

het patriarchaat – een dominant en structureel seksistisch sociopolitiek en cultureel systeem dat een toxische invloed heeft op de levens van zowel vrouwen als mannen

De inzichten van feministen zijn cruciaal om het probleem te analyseren. Zoals Tracee Ellie Ross’ zegt in haar veel bekeken TED toespraak: het is vervolgens aan mannen om het wangedrag van mannen aan te pakken. Hoe zit het met hen en hun eigen opvattingen over mannelijkheid, hoe moeten zij omgaan met de excessen van gefrustreerde mannen. En vooral: hoe kunnen zij als mannen, als lid van de sekse die de grootleverancier van geweld is, de de wereld veiliger maken voor vrouwen – en voor zichzelf.

Bedrijven benadelen vrouwen structureel

Vrouwendiscriminatie, veel bedrijven komen er nog mee weg. Ze ontslaan vrouwen zodra die aangeven zwanger te zijn – en beroven ons zo van een inkomen en een baan. Heb je wel betaald werk, dan betalen werkgevers vrouwen minder loon voor hetzelfde werk. Het College voor de Rechten van de Mens (CVRM) is één van de weinige instanties in Nederland die dit soort wantoestanden in beeld brengt, toetst en oordelen uit spreekt. En die oordelen laten aan duidelijkheid niets te wensen over.

Een greep uit recente feiten:

Het College ontving een recordaantal klachten en meldingen in 2017. In ruim eenderde van de gevallen betrof het zwangerschapsdiscriminatie. Werkgevers hebben het met name gemunt op vrouwen met een onzeker arbeidscontract, oftewel stagiaires, trainees, uitzendkrachten, vrouwen met een nul uren contract en kortlopende contracten voor bepaalde tijd. Al die constructies maken het makkelijk van een contract af te komen of een contract niet te verlengen, toevallig net nadat een vrouw de mededeling deed.

De afgelopen tijd betrapte het CVRM diverse ondernemers op precies dit gedrag:

  • Het Centraal Bureau RijvaardigheidsbewijzenZie verder in dit artikel voor de houding van dit bedrijf.
  • Stichting Sociale Wijkteams Amersfoort. Klinkt sociaal, maar deze organisatie verlengde het tijdelijke contract van een vrouw niet toen zij zwanger raakte.
  • Bloem en Sfeer Producten BV gaf vier andere tijdelijke krachten een vast contract. Alleen een zwangere medewerkster viel zeer toevallig nét buiten de boot. Niet toevallig dus. Discriminatie, oordeelde het CVRM.
  • Canon Nederland BV besloot de vrouw de schuld te geven. Het bedrijf beweerde dat een zwangere werkneemster geen vast contract kreeg ”omdat er twijfels waren over haar capaciteiten in het licht van de toekomstige strategische ontwikkelingen binnen de organisatie”. Vreemd, want alle voorgaande keren kreeg de vrouw lovende beoordelingen. Pas toen ze aankondigde zwanger te zijn vond de organisatie haar opeens niet meer ok. Discriminatie, oordeelde het CVRM

Het College onderzoekt ook de salarissen van mannen en vrouwen. Een grondige studie bij drie sectoren wijst uit dat werkgevers vrouwen structureel op achterstand zetten. In algemene ziekenhuizen, in de verzekeringsbranche en op hoge scholen krijgen mannen meer geld dan vrouwen, zodra er sprake is van grijze gebieden of subjectieve criteria, constateren de onderzoekers. Alleen blijft dit feit vaak verborgen omdat niemand anders de situatie onderzoekt:

Vóór de drie onderzoeken van het College is slechts mondjesmaat onderzocht in hoeverre binnen Nederlandse organisaties sprake is van onrechtmatige beloningsverschillen tussen mannen en vrouwen.  De onderzoeken van het College leggen de valkuilen bloot, die vooral in het nadeel van vrouwen uitvallen.

Dat gebrek aan kennis is stuitend. Want ondertussen gaan werkgevers keer op keer al dan niet bewust de fout in. Bijvoorbeeld als ze de beloning af laten hangen van het laatst verdiende loon. Of als ze de inschaling baseren op de salarisonderhandelingen in plaats van de kennis, ervaring en opleiding van de kandidaat. Dan kun je zeggen ‘vrouwen, onderhandel fermer’, maar zo simpel is het niet. Zo’n beetje vanaf onze geboorte conditioneert onze cultuur vrouwen om bescheiden, helpend en troostend te zijn. Wij moeten lief zijn, niet assertief. Breken we met die norm, dan wijst onderzoek bij herhaling uit dat wij als samenleving vrouwen straffen. Wij vrouwen zijn geen idioten. We snappen hoe het zit. En zien vaak af van onderhandelen.

Soms doet een werkgever beiden tegelijk – zwangerschapsdiscriminatie en vrouwen financieel benadelen binnen de arbeidsrelatie. Zo besloot het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen een salarisperiodiek op te schorten omdat de werkneemster zwanger was geworden. Daarna verlengde het CBR haar tijdelijke contract niet, zodat ze helemaal geen inkomen meer had. Top, dat CBR.

De Nederlandse regering staat er ondertussen bij en kijkt er naar. Bedrijven moeten vooral zichzelf reguleren, heet het. Ja, vrouwen minder betalen mag niet, maar feiten verzamelen of straffen uitdelen ho maar. Wetgeving blijft vaak steken in krachteloze voornemens, beloftes en ‘geef ondernemingen de kans het zelf in orde te maken’. Het CVRM wordt daar doodmoe van en roept het kabinet op zaken met elkaar in verband te brengen en écht integraal aan te pakken. Want het schiet niet op zo.

Nieuwsronde: interessante artikelen en essays

Dit weblog linkt mensen graag door naar interessante artikelen, reportages en essays. Deze keer SF auteur Joanna Russ, de genderpolitiek van literaire bijlages, een krachtig opiniestuk van feministe Jessica Valenti, Chinese feministen en hun gebruik van emoji’s, en meer.

  • Wetenschappers analyseerden ruim 10.00o recensies uit de New York Times Book Review, en maakten bijzonder stereotiepe verhoudingen tussen de seksen zichtbaar. Tweederde van alle aandacht ging naar de fictie en non-fictie uit de koker van mannen. Vrouwen kwamen er vooral aan te pas als ze zich hielden aan zaken waar vrouwen zich mee bezig behoren te houden: kinderen, romantiek, poëzie.
  • Dagblad De Morgen prijst de nieuwe plaat van Shabaka Hutchings de hemel in. Deze Londense tenorsaxofonist schreef het album  Your Queen Is A Reptile vol met feministische statements. Hij eert vrouwen met een gekleurde huid in ”een unieke, woeste mix van kleuren en klanken”. Aan bod komen onder andere odes aan Ghanese rebellenleidster Yaa Aantewaa, psychologe Mamie Phipps Clark, burgerrechtenactivist Harriet Tubman en Angela Davis van de Black Panther beweging in de V.S.
  • Wil je je verdiepen in hoe het zit met gender? Bezoek dan de nieuwe website Genderklik. Het Belgische documentatiecentrum Rosa en de Vlaamse overheid lanceerden deze site om iedereen op een toegankelijke en eigentijdse manier te informeren over gender en gendermechanismen. De site moet ook een springplank worden voor vragen en discussies.
  • Je kunt er niet vroeg genoeg bij zijn, want rolpatronen duiken vroeg op. Tussen hun vierde en hun achtste jaar leren kinderen hoe het hoort. Zo blijkt uit onderzoek dat kinderen op die leeftijd banen als kapper al associeren met vrouwen, terwijl ze mannen beter op hun plek achten in banen als dokter en ingenieur. Ook hebben kinderen van zes al geleerd dat genialiteit iets is voor mannen.
  • Vrouwen zijn echter wel degelijk slim, geniaal en inventief. Zo gebruiken Chinese feministes emojis om de staatscensuur te ontlopen.
  • Mooi artikel over wetenschapster Samantha Joye, die al twintig jaar onderzoek doet naar oceanen. Regelmatig maakt ze duiken naar de diepste diepten om inzicht te krijgen in wat er in zee gebeurt.
  • Hetpet. Dat is de naam van een priesteres die 4000 jaar geleden woonde en werkte in het huidige Egypte. Ze diende de godin Hathor en kreeg een rijk versierd graf met bijzondere afbeeldingen van aapjes. The National Geographic wijdde een interessant artikel aan de archeologische vondst, met mooie foto’s natuurlijk.
  • Hoe staat het met Susan Brownmiller in het #metoo tijdperk? Tijdens de tweede feministische golf schreef ze Tegen Onze Wil, een inmiddels klassiek werk over seksueel geweld tegen vrouwen. In een mooi interview met The Guardian staat ze stil bij de huidige betekenis van haar boek, de invloed van geweld op vrouwen, en hedendaagse dilemma’s.
  • TEDx biedt regelmatig mooie presentaties en speeches over vrouwen, gender en zaken waarbij feminisme een rol speelt. Deze site houdt bij wat er op dat gebied nieuw verschijnt en linkt door naar recente TEDx sprekers. Kijk en luister bijvoorbeeld naar Caroline Paul, over het stimuleren van avontuurlijk gedrag bij meisjes, en Stacy Smith over de cijfers achter seksisme in de filmindustrie.
  • SF auteur Joanna Russ had een scherp oog voor de verhoudingen tussen de seksen. Ze stond ook stil bij het effect van ‘de tweede sekse zijn’ op de psychologische gesteldheid van vrouwen. Haar essay over de zogenoemde bibberende zusters en perfecte moeders blijkt jaren na publicatie nog steeds akelig herkenbaar.
  • Feministe Jessica Valenti schreef een kort, krachtig stuk over de beslissing van magazine The Atlantic om een man aan te nemen die vindt dat vrouwen geëxecuteerd moeten worden als ze een zwangerschap afbreken. Aangezien circa een kwart van alle vrouwen dat besluit ooit heeft genomen, komt het standpunt van deze man neer op genocide/femicide. Geen probleem voor de mannelijke bazen van de redactie. Iedereen verdient een tweede kans, kraaien ze. Een argument waar veel andere journalisten, zoals Valenti maar ook vele anderen, korte metten mee maken. De redactie heeft de man inmiddels weer ontslagen. Phew…

De genderpolitiek van de barbecue

Lente en zomer, dat betekent onder andere dat we met ons allen weer overspoeld worden door artikelen en beelden van mannen rond de barbecue. Deze mannen voelen zich mannelijk en sexy achter de barbecue en gooien “vanuit hun oergevoel “grote lappen vlees op het vuur. Maar deze overtuiging gaat veel verder dan dat, betoogt Carol J. Adams in haar klassieker ‘The Sexual Politics of Meat’. Deze macho mannelijke vleeseter heeft een grote, veelal negatieve invloed op de positie van vrouwen en dieren, betoogt ze.

Toen Adams haar boek over vlees eten en gender publiceerde, sloeg haar theorie in als een bom. In een patriarchale cultuur waarin mannen de baas zijn en het beste eten krijgen, te weten vlees, nemen vrouwen en dieren nagenoeg dezelfde plek in, signaleert ze. Het zijn beiden inferieure wezens die je kunt reduceren tot een al dan niet geseksualiseerd ding, een consumptiegoed.

Beiden worden daarbij gereduceerd tot onderdelen. Dieren veranderen in kippenvleugels en sukadelapjes, soms als vrouwelijk voorgesteld. Vrouwen veranderen in sexy torso’s zonder hoofd, losse billen en benen, en worden regelmatig geassocieerd met het dierlijke.

Deze fragmentatie en reductie tot consumptiegoed gaat vaak gepaard met agressie. Als vrouwen en dieren veranderd zijn in een ding, kun je doen met ze wat je wil. Vastzetten, doden, verkrachten, mishandelen, maakt niet uit. Omgekeerd wen je door jagen en dieren doden aan het opjagen en doden van mensen, zag Adams terug bij het gedachtengoed van feministen uit de tijd van de Eerste Wereldoorlog. Het slachten van dieren gaat over in het slachten van mensen, onder het toeziend oog van agressieve viriele patriarchen.

Adams wijst erop dat opvallend veel proto-feministen dit verband zagen, tussen mannelijke macht, viriele agressie en de tweederangs status van dieren en henzelf. Naast vrouwenrechten streden ze regelmatig ook voor het dierenwelzijn.Nog steeds houden veel meer vrouwen dan mannen zich bezig met dierenrechten. Daarnaast stonden opvallend veel feministische denkers een vegetarische levensstijl voor: ze wilden als vrouw niet geëxploiteerd worden en wilden op hun beurt geen dieren exploiteren.

Ruim 25 jaar later sturen lezers Adams nog steeds krantenknipsels, foto’s en reclames die haar theorie illustreren, schrijft ze in de jubileumuitgave van haar klassieker. Propaganda die stelt dat vegetarisch leven iets is waar je je als man verre van wilt houden. Echte mannen eten vlees, drinken bier, scheuren rond in grote auto’s, geven scores aan de borsten en billen van vrouwen, doen wat ze willen, lekker stoer, boys will be boys, zonder nare betutteling van bitcherige schooljuffen.

Mensen stuurden ook foto’s van reclameposters waarop grote garnalen met benen, hoge hakken en tuitende lipjes klanten verleidelijk aankijken en vragen om opgegeten te worden. Omgekeerd veranderen vrouwen regelmatig in prooidieren die na de ‘jacht’ klaar liggen voor mannelijke consumptie.

Niet verassend borrelt die man = vlees cultuur extra opvallend op in het barbecue seizoen. De praktijk rond de barbecue draait om vlees, bevestigt een stereotiep beeld van mannelijkheid en versterkt oude rolpatronen. In 2014 en 2016 hield Trendbox bijvoorbeeld een nationaal BBQ onderzoek en kwam tot de volgende conclusies. Vrouwen doen de boodschappen en maken de salades. Mannen braden het vlees op de barbecue. Meer dan de helft van de mannen vindt dat mannen beter zijn in het grillen dan vrouwen. De meeste ondervraagden vinden het schoonmaken en opruimen na afloop een vervelend karweitje. Vervolgens blijkt dat mannen zich massaal aan dat nare werk onttrekken en het opruimen en schoonmaken overlaten aan vrouwen.

NRC Handelsblad recenseerde The Sexual Politics of Meat ten tijde van de publicatie voornamelijk positief:

Dat er in de hoofden van mensen, zowel bij daders als slachtoffers, altijd verband is geweest tussen de schending van de integriteit van dieren en die van vermeende tweederangs mensen, in het bijzonder vrouwen, maakt Adams volgens mij aannemelijk. De historische en literaire beelden en volkse uitdrukkingen die slaan op zowel dieren als vrouwen, en die beide categorieen wezens plegen voor te stellen als consumeerbare en exploiteerbare objecten, zijn onmiskenbaar legio. Volgens Adams autoriseert en legitimeert de dominante patriarchale cultuur niet alleen de symbolische consumptie van vrouwen, maar ook de letterlijke consumptie van dieren. Het is allemaal verrassend en uitdagend leesvoer.

Warm aanbevolen, dit boek. En wat de barbecue betreft: vrouwen, claim je plek achter de barbecue. Leg er eens iets vegetarisch op. Mannen, maak die salade lekker zelf en druk je niet als het tijd wordt om schoon te maken. Andere rolpatronen beginnen bij jezelf, in kleine stapjes. Succes!

Vrouwen fileren mannen die tenenkrommend over vrouwen schrijven

Twitter levert op dit moment hilarische satire op mannelijke auteurs die denken dat ze vrouwen authentiek beschrijven. Podcaster Whit Reynolds en auteur Kate Leth vragen vrouwen teksten in te zenden waarbij ze zich voorstellen hoe ze beschreven zouden worden door een mannelijke auteur. Pareltjes zijn het gevolg: ‘veel mannen zouden alleen op haar borsten letten. Maar ik ben een intellectueel. Ik weet wat een vrouw waarlijk aantrekkelijk maakt: de kont”.

Bron: Elle Magazine

De humoristische actie kwam voort uit de klacht van een auteur die vond dat politieke correctheid te ver gaat. Leuk, al die nadruk op diversiteit en oproepen aan vertegenwoordigers van dominante groepen om kritisch op zichzelf te zijn als ze over minderheden schrijven. Maar al die ophef is onnodig want kijk bijvoorbeeld eens hoe authentiek hij als man een vrouwelijk personage beschrijft. Hij deelde passages uit zijn meest recente roman. Het resultaat was voorspelbaar tenenkrommend:

“Pale skin, red lips like I had just devoured a cherry Popsicle covered in gloss, two violet eyes like Elizabeth Taylor’s. Dark hair curled slightly. And, of course, my boobs. I had them propped up all front and center.”

Schrijfster Gwen Katz zag het bericht, las de passages en lag in een deuk. Ze publiceerde het proza zonder de naam van de man te noemen, om hem zoveel mogelijk te beschermen. Het moest gaan over de inhoud, niet de persoon. Vervolgens kwam de oproep van Reynolds en Leth om als vrouw je eigen versie in te zenden van dit type proza. De reacties stroomden in een sneltreinvaart binnen. Volgens site The Mary Sue toont de stortvloed aan hoe bekend vrouwen zijn met dit fenomeen:

That it’s so easy for Twitter users to chime in with their guy-writer descriptions demonstrates how widespread this sort of writing is. The focus of male writers when turning their gaze on women is something that most of have read so many times that we could produce these in our sleep.

Disclaimer voordat allerlei gepikeerde mannen boze geluiden maken: nee, niet alle mannen doen dit. Ja, er zijn auteurs die geweldige vrouwelijke personages scheppen. Mag ik de roman Nora Webster aanraden, van de mannelijke auteur Colm Tóibín? Een prachtig portret van een vrouw die weduwe wordt en daarna moeite heeft om met haar twee zoontjes een nieuw bestaan op te bouwen. Eén van de meest ontroerende boeken die ik ooit las.

Maar helaas gaat het vaak mis. Auteurs die alle vrouwen in hun boek beschrijven in termen van hoe aantrekkelijk ze is en hoe graag de hoofdpersoon met haar naar bed wil. De obsessie met borsten en billen, waardoor een vrouw verandert in een verzameling lichaamsdelen gerangschikt naar ‘wil ik het met haar doen of niet’. Brrrrrrrrrr!!!

Veel vrouwen namen dan ook de uitnodiging aan om dit soort prozaproducenten genadeloos te fileren. Een greep uit de berg:

“Her breasts entered the room before her far less interesting face, decidedly maternal hips and rounded thighs. He found her voice unpleasantly audible. As his gaze dropped from her mouth (still talking!) to her cleavage, he wondered why feminists were so angry all the time.”

“I had big honking teeters, just enormous bosoms, and I thought about them constantly as I walked down the street, using my legs (thick, with big shapely calves), but never not thinking about my enormo honkers.”

“Her body was an hourglass meant for taking his time, but her mohawk concerned him. She had a lesbian look, & too many tattoos, in languages he couldn’t pronounce. Still, she’d written a stack of books. It was time for him to weigh in with his high school knowledge of Beowulf.”

Zie er de zonzijde van in, moedigt website Electric Lit gevestigde en aankomende auteurs aan. Al die voorbeelden bieden je een uitgelezen kans om feedback te krijgen op je werk. Als je als mannelijke auteur goed luistert en nauwkeurig meeleest, kun je je eigen roman sterk verbeteren. Want echt, het ís mogelijk fatsoenlijke vrouwelijke personages te scheppen in je verhalen. Of lees een jaar lang alleen romans van vrouwelijke auteurs. Helpt ook.

TOEGIFT: de manier waarop mannen over vrouwen praten, en hoe het zou klinken als je de situatie omkeert. De resultaten zijn even schokkend als hilarisch.

Engeland in de ban van de loonkloof

Engeland is op dit moment in de ban van de loonkloof. Bedrijven met meer dan 250 werknemers moeten volgens een nieuwe wet voor ’s avonds 4 april 2018 gegevens openbaar maken over de salarissen van mannen en vrouwen. Wat blijkt? Veel bedrijven proberen de loonkloof te versluieren door duidelijk verkeerde cijfers aan te leveren, of door bepaalde groepen uit de overzichten te houden. Het algemene beeld nu is dat vrouwen, door allerlei praktijken, ruim 2,2 ton (in ponden) mislopen tijdens hun loopbaan. Dat komt aardig overeen met de drie ton (in euro’s) die Nederlandse vrouwen missen.

Uit alles blijkt dat Britste ondernemers alleen tandenknarsend openheid van zaken geven in de beloning van hun medewerkers. Werkgevers moeten aangeven wat mannen en vrouwen in hun organisatie gemiddeld per uur verdienen, en hoe het zit met de bonussen. Twee maanden voor de deadline had slechts 10% van het totale aantal bedrijven de verplichte cijfers openbaar gemaakt. Bij bedrijven die wel voldoen aan de wet, komen bovendien onregelmatigheden aan het licht.

Zo dienden diverse ondernemingen rapporten in met overal bedrag 0 ingevuld, of met cijfers die absurde uitkomsten opleveren. Zoals een loonkloof van meer dan 100 procent. Dat zou inhouden dat vrouwen hun werkgever betálen voor ieder gewerkt uur. Andere bedrijven probeerden de kloof te verminderen door bepaalde groepen niet mee te rekenen. Zoals partners. Dat zijn voornamelijk mannen en zij verdienen meestal zeer hoge salarissen. Door hen uit de overzichten te houden, lijkt de loonkloof kleiner dan-ie in werkelijkheid is.

Ondanks dit soort trucjes komen uit alle nu bekende data verontrustende patronen naar voren. Mannen krijgen veel vaker een bonus dan vrouwen, en ze krijgen in zo’n geval ook veel hogere bedragen extra dan hun vrouwelijke collega’s. Zo is de bonus-kloof bij Goldman Sachs 72 procent in het nadeel van vrouwen. Bij zender Discovery krijgen mannen per uur 13% meer salaris en 49% hogere bonussen. Bij dierenartsen krijgt een fulltime werkende man gemiddeld 36% meer salaris dan een fulltime werkende vrouw. Toen de top communicatiedirecteur van Downing Street 10 opstapte, was zijn opvolger een vrouw. Zij bleek 15.000 pond per jaar minder te verdienen dan haar voorganger. En zo gaat dat maar door.

Uit de berg data blijkt dat vrouwen in hun eerste arbeidsjaar al iets minder verdienen dan mannen, ook al zijn ze hoger opgeleid. Maar na vijf jaar zijn mannen de vrouwen al voorbij gestreefd en verdienen ze jaarlijks gemiddeld 9000 pond meer dan vrouwen.

Dat verschil loopt in de rest van de loopbaan alleen maar op. Mannen krijgen niet alleen vaker bonussen en in geval van een bonus hogere bedragen, ze krijgen ook eerder promotie en bereiken sneller de hoogste regionen in een bedrijf. Zo krijgen mannelijke managers 40% vaker en sneller promotie dan hun vrouwelijke collega’s. Niet zo vreemd, als je bedenkt dat Britse werkgevers er middeleeuwse opvattingen op nahouden als het gaat om hun medewerksters. Ze staan bol van de vooroordelen, en dat uit zich op allerlei manieren – minder promoties, lagere salarissen, sneller ontslag.

Kortom, de loonkloof is echt, bewijzen de harde cijfers voor de zoveelste keer – want feministen en iedereen die gelijkwaardigheid voorstaat, wijzen al langer op dit soort wantoestanden. Het is echter heel fijn om een enorme berg data te hebben, die dit feit nogmaals bewijzen en extra inzichten opleveren in de ernst van de situatie. De cijfers maken pijnlijk duidelijk hoe mannelijk de top in organisaties is, en hoe discriminerende praktijken grote kloven veroorzaken.

De sociale druk loopt inmiddels op. Zo lanceerde vrouwen in Engeland #paymetoo om rechtvaardige beloningen te eisen. Wat ook helpt: lid worden van een vakbond. Bij een bond aangesloten vrouwen hebben over het algemeen een iets betere positie op de arbeidsmarkt, met een minder grote loonkloof ten opzichte van mannelijke collega’s. Volgende stap: maatregelen van de overheid!

Winnie Mandela leed onder vooroordelen

Zeg ‘Winnie Mandela’ en vaak volgen dan instinctieve negatieve waardeoordelen over een moordzuchtige enge vrouw. Nelson, de held. Winnie, de Lady Macbeth. Nelson, de president, Winnie, de oorlogszuchtige feeks. Hij de majestueuze Nobelprijswinnaar. Zij de gevallen vrouw. Nelson de heilige. Winnie de zondares. Opvallend, die scherpe scheiden tussen Hij is Goed en Zij is Slecht. De negativiteit neemt in de media zulke vormen aan dat allerlei groepen en personen in Zuid Afrika inmiddels luid protesteren tegen de berichtgeving rond haar overlijden op 81-jarige leeftijd.

Deze beeldvorming treft sowieso opvallend veel vrouwen die invloed en/of macht krijgen en zich niet houden aan de drie K’s (Kinderen, Keuken, Kerk). Andere voorbeelden zijn Keizerin Cixi, die werd afgeschilderd als een seksbeluste moordenares, en Hillary Clinton, routinematig neergesabeld als een kille carrierebitch, veelal door mannelijke journalisten die daarna in de #metoo beweging ontmaskerd werden als seksistische aanranders.

Winnie Mandela heeft als bijkomende handicap haar huidskleur. Als Winnie blank was geweest, zou haar persoon niet ter discussie staan, vat Afua Hirsch dit laatste punt samen:

We are tolerant about people who regarded the working classes as an abomination (Wellington), the transatlantic slave trade as a good idea (Nelson) or Indians as repulsive (Churchill), because we think the ends – defeating Napoleon or Hitler – justified the means. Winnie Madikizela-Mandela, as the press coverage of her death this week shows, is not entitled to the same rose-tinted eulogy as our white British men. She is “controversial” and a “bully”.

Winnie opereerde niet alleen in een racistische omgeving, maar ook in een patriarchale. Afropolitan noemt seksisme de achilleshiel van het land, en Winnie leed daaronder. Ze had stil thuis moeten zitten als de vrouw van, in plaats van kritiek te uiten en de belangen van de arme zwarte bevolking te verdedigen. Ze protesteerde en oefende politieke invloed uit. Documentairemaakster Pascale Lamche probeerde haar onlangs nog eerherstel te geven, omdat de activiste naar haar mening straf kreeg voor deze openbare rol. In haar film Winnie belicht ze allerlei kanten die anders verdwijnen in de golf van hatelijke kritiek.

Kortom, lees je de overlijdensberichten, let dan even kritisch op wie kritiek heeft en waarop ze die kritiek baseren. Schrijven ze aantijgingen uit de tijd van het Apartheidsregime over, of hebben ze het over bewezen feiten? Als er een bewezen feit is, zou een mannelijke vrijheidsstrijder net zoveel kritiek krijgen? Als er woorden vallen zoals bloeddorstig, bitcherig, ex-vrouw van, en varianten op ‘huuuuu eng’, dan weet je zéker dat je van doen hebt met iemand die sterke vrouwen terug in hun hok wil knuppelen. Maar zoals Hirsch schrijft:

Peaceful protest did not end apartheid: it took revolutionaries. And it shouldn’t be difficult to choose between a system of racial supremacy and a person who helped overthrow it.

Winnie Mandela krijgt op 4 april een staatsbegrafenis.

New York Times eert vergeten vrouwen

Wat hebben dichteres Sylvia Plath, schrijfster Charlotte Brontë en mesnenrechtenactiviste Ida B. Wells met elkaar gemeen? Alledrie leverden grote prestaties, maar geen van hen kreeg een overlijdensbericht van de redactie van de New York Times (NYT). In de geschiedenis van de krant kwamen vrouwen nooit verder dan 15 tot 20% van het totale aantal. Hoog tijd om die bevooroordeelde blik bij te sturen, vond NYT-journaliste Amisha Padnani. Zij zette Overlooked op, een project om vergeten vrouwen alsnog een plek in de krantenkolommen te gunnen.

The New York Times is een grote, gezaghebbende landelijke krant in de V.S. Dat betekent dat keuzes die de redactie maakt, een grote invloed hebben. Als de redactie je een officieel overlijdensbericht gunt, heb je het gemaakt. Je leven en werk waren en zij  zo belangrijk, dat journalisten tijd en moeite steken in een artikel over je bestaan. Je behoort tot de canon.

En, verrassing (niet), die canon ziet er zeer blank en zeer mannelijk uit, berekende de redactie. In 1858, het eerste jaar waarin de New York Times artikelen op een systematische manier registreerde, haalden 24 overleden mannen de krant, tegen drie vrouwen. Tussen 1926 en 1936 ging 90% van de ruimte naar blanke mannen. Vanaf 1936 nam het aantal officiële overlijdensberichten enorm toe, maar mannen kregen nog steeds 80 tot 85% van de aandacht, aldus de NYT redactie.

De mannelijke dominantie treft zelfs sectoren waar vooral vrouwen werken, zoals het bibliotheekwezen. In de negentiende eeuw was bibliothecaresse één van de weinige geaccepteerde beroepen voor (ongetrouwde) vrouwen. Anno nu bekleden vrouwen 85% van alle posities in bibliotheken. Ondanks dat numerieke overwicht ging de aandacht ook hier uit naar mannen. Met hun circa 15% namen ze 64% van alle overlijdensberichten van de NYT in beslag.

Padnani werd alert op deze onbalans toen ze toetrad tot de Overlijdensredactie – ja, bij de NYT heb je daar gespecialiseerde journalisten voor – en een artikel wilde schrijven over tennispionier Mary Ewing Outerbridge:

I wondered if she had received a Times obituary when she died in 1886. I checked our digital newspaper archives. She had not. After that, anytime I came across an interesting person who died years ago, I searched our archives for an obit. Those who didn’t get one were, not surprisingly, largely women and people of color. I started talking about my research with colleagues, friends and relatives, all of whom began sending me more names.

Padnani stapte met haar signaal naar Jessica Bennett, kersvers aangenomen als de eerste gender-redacteur van de NYT. Bennett zag onmiddellijk een kans om twee dingen te doen: de bewustwording vergroten rond processen die ervoor zorgen dat we vrouwen en mensen met een gekleurde huid over het hoofd zien, én tegelijkertijd de balans te herstellen door vrouwen alsnog een redactioneel overlijdensbericht te geven. De twee vrouwen leiden nu project Overlooked, ”over het hoofd gezien”,  een initiatief om vergeten vrouwen alsnog een officieel overlijdensbericht in de krant te geven.

Het initiatief slaat enorm aan. De krant nodigde lezers bij de start uit om namen in te sturen van vrouwen die alsnog een overlijdensbericht zouden moeten krijgen. In een paar dagen tijd kwamen 1400 inzendingen binnen. Lezers dragen onder andere hun oma’s en overgrootmoeders voor. Het gaat om vrouwen die in hun tijd, de negentiende en begin twintigste eeuw, allerlei sociale barrières doorbraken en prestaties neerzetten, maar daar indertijd weinig erkenning voor kregen. Zo schreef een lezer over haar oma, Dr. Marguerite Rush Lerner (1924-1987):

My grandpa Aaron B. Lerner received a New York Times obituary in 2007, but my grandma never received similar recognition, though they worked as a team and she had incredible achievements in her own right. I think their relationship dynamic is what allowed both to achieve great things together.

Je seksistische, racistische verleden opbiechten en met daden laten zien dat je de situatie wil verbeteren, kan op de complimenten en goedkeuring rekenen van allerlei journalisten, opiniemakers en media. Andere media, zoals The Intercept, zijn kritisch. The Intercept signaleert dat de NYToverlijdensberichten nog steeds voor 88% uit de koker van mannen komen, omdat de redactie diversiteit mist. Deze mannelijke journalisten schrijven vooral over overleden mannen. Daarnaast kreeg The Intercept van de NYT redactie te horen dat de krant vasthoudt aan de staande criteria wat nieuwswaardig is en wat niet – precies de criteria die leiden tot 85% aandacht voor blanke mannen:

“You have to do the people who really demand to be done. If you get a United States senator who’s a white man, but he was a United States senator and he, you know, enacted or proposed legislation that affected people’s lives, you have to do that obit and if you don’t do that obit, you will be criticized.” That may have been the logic behind the Times obit last week of former Alabama Rep. John H. Buchanan. One might say a Southern member of Congress with an unmemorable record isn’t worth the resources, especially considering the people the Times has missed — not in the distant past, but in the last year. Days before Buchanan’s obit was published, University of California, Berkeley professor and groundbreaking Muslim feminist scholar Saba Mahmood died, but no obituary appeared for her in the Times.

Kortom het blijft zoeken, uitproberen en moeizaam toewerken naar meer diversiteit. Hoe dan ook biedt project Overlooked nieuwe kansen. De reeks leidt tot het problematiseren van de status quo en zet andere mensen aan tot nadenken. En bewijst sommige overleden vrouwen alsnog de eer die hen toekomt.

Van Inuit, sieraden en de tulpen die vergaan

Komt dat zien, komt dat zien. Drie prachtige exposities die volop werk van vrouwen tonen. Ik maak je graag enthousiast voor  de expositie Canadese Inuit Kunst in het Museum Volkenkunde in Leiden, de expositie over sieraden in datzelfde museum, en een tentoonstelling rond het thema tulpen in MIJ, museum IJsselstein. Alledrie prachtig, op verschillende manieren.

INUIT. De Inuit kunst tentoonstelling haalde vorig jaar de media omdat het Koninklijk Huis er aan meewerkte. Prinses Margriet, van oorsprong Canadese, leende een deel van de privécollectie van haar en haar man uit aan het museum. Waaronder haar lievelingsstuk. Dat kunstwerk kun je hierboven op de foto zien: helemaal links in een vitrine, een klein stenen beeldje van een watervogel.

Het betreft een roodkeelduiker, en voor de Inuit heeft dit dier een spirituele betekenis. Deze soort duikt namelijk onder water, leeft óp het water maar ook op het land. Het diertje verenigt zo drie verschillende werelden in zich. De kunstenaar verbeeldde het dier in vloeiende lijnen en sneed in de rug een menselijk gezicht uit, de beschermgeest van de duiker. Ik bleef zeker tien minuten ademloos voor dit beeldje staan. Zo mooi, zo verfijnd. Geen wonder dat dit het lievelingswerk van Prinses Margriet is. Alleen al dit beeldje maakt de gang naar de expositie de moeite meer dan waard.

Maar je kunt meer zien dan beeldjes van dieren. Inuit kunstenaars schuwen de actualiteit niet. Zo tonen de eerste grafische werken aan de wand de impact van toerisme op het volk, en de snelle veranderingen in hun levenswijze. Een drieluik toont bijvoorbeeld in het eerste paneel een traditioneel beeld met sledehonden en Iglo’s. In het tweede beeld duiken lege olievaten op in het landschap. Het derde deel toont geen mensen of dieren meer, alleen strakke rechthoekige huizen in een landschap vol elektriciteitsdraden.

Ook aan het einde van de galerij loodst de collectie je tussen alle dansende ijsberen en liggende zeehonden de moderne tijd in. Kenojuak Ashevak brak in de jaren zestig door met haar iconische werk Enchanted Owl, een half abstracte zeefdruk van een uil. Ashevak is inmiddels ruim tachtig maar experimenteert vrolijk door. Je hebt nu de kans om in Nederland een ander, nieuw werk van haar in deze expositie te zien: een uil staande op twee rupsen, opnieuw in een half abstracte, zwierige stijl.

Een invloedrijke documentaire sluit de tentoonstelling af. Alethea Arnaquq-Baril maakte een documentaire over de gevolgen van een jachtverbod op haar gemeenschap. Van de ene op de andere dag mochten de mensen niet meer op zeehonden jagen, terwijl dat duizenden jaren lang een hoeksteen was van hun cultuur en leefwijze. Haar film, Angry Inuk, begint langzaam de publieke opinie te beïnvloeden. Heej, misschien zit er toch een verschil tussen commerciële bedrijven die huilers op het ijs doodknuppelen, en Inuit die overleven door af en toe een zeehond te verschalken…. Komt dat zien, tot 1 juli 2018.

SIERADEN Al deze pracht heb je in een uur, twee uurtjes gezien, maar als je daarna een kop koffie drinkt en even pauzeert ben je weer helemaal klaar voor de expositie Sieraden, Makers en Dragers in hetzelfde museum (tot 3 juni 2018). Een lust voor het oog en een indrukwekkend overzicht van alle sieraden die het museum in de loop der tijd verzamelde. Tussen sieraden uit het soms verre verleden ligt ook modern werk van hedendaagse kunstenaars. Zo zie je stukken van Bibi van der Velden, die de schildjes van kevers in haar sieraden verwerkt. Evenals creaties van Karin Herwegh, Esther Brinkmann, Felieke van der Leest en Azza Fahmy, de eerste Egyptische die in Cairo werd opgeleid door de meestergoudsmeden van de souk Khan el Khalil. Ze leidt nu in haar werkplaats zelf jonge edelsmeden op, om het ambacht door te geven aan een volgende generatie.

Mary A. Waters

Tot slot TULPEN. MIJ, het verzelfstandigde stadsmuseum van IJsselstein, gaf gastcuratoren Bob Negryn en Mary Waters alle ruimte om werk te selecteren voor de expositie Tulpenmanie. Hun keuze bevat veel werk van kunstenaressen. Complimenten! Tot 3 juni kun je bijvoorbeeld kennis maken met de grote fotocompilaties van Luzia Simons. De curatoren kozen haar werk omdat bij haar de vergankelijkheid van de tulp centraal staat. ”Terwijl menig kunstenaar zich focust op de schoonheid van de bloeiende tulp, concentreert zij zich juist op het verval”, meldt de website.

Maar er vallen genoeg prachtige bloemen te zien, naast dit verval. Linda Nieuwstad brak door met grote sculpturen van bloemen, uitgevoerd in materialen zoals dekzeil, pvc, wol en fluweel. Ook prachtig zijn de schilderijen die gastcurator Mary Waters uitleende aan het museum. Ze liet zich in het verleden inspireren door de Hollandse meesters die in de Gouden Eeuw secure bloemstillevens schilderden. Net als zij bouwt Waters haar werken op in talloze laagjes verf en vernis. Met sobere grijstinten en een opvallende kleur rood laat ze tulpen in vazen stralen.

Mis zoveel schoonheid niet en breng eens een bezoekje aan deze musea. Veel plezier gewenst!

Gereedschapskist: The Male Glance

Filmcritica Laura Mulvey introduceerde in 1975 het begrip de male gaze. Een geseksualiseerde manier van kijken die mannen macht geeft en vrouwen reduceert tot seksobjecten. Nu heeft die term een broertje gekregen: de Male Glance. Geen geobsedeerde blik, maar een zijdelings vluchtig kijken, wegwuiven op basis van vooroordelen, en dan snel verder naar iets belangrijkers, aldus auteur en recensente Lili Loofbourow. Mijn toevoeging: kijken heeft te maken met macht, en nu vrouwen steeds meer macht opeisen, begint de mannelijke dominante blik af te kalven. Dus er is hoop….

Loofbourow werkt onder andere voor VQR, een literatuurmagazine. Zij benutte het lentenummer 2018 voor een uitgebreid essay over de manier waarop culturen mensen leren kijken en oordelen. We denken vaak dat dit een neutrale bezigheid is, maar met vele feministen zeg ook ik dat oordelen over talent en kwaliteit niet neutraal zijn. Het is subjectief.

Zo analyseerde Mulvey diverse films en signaleerde dat de camera niet neutraal is. De beelden slepen de kijker mee in een bepaalde subjectieve blik, namelijk die van een heteroseksuele man die vrouwen visueel bepoteld. Zie voor een recent voorbeeld de film Justice Legue, waar de camera pijnlijk vaak en langdurig blijft hangen bij de borsten en billen van actrice Gal Gadot. Die geseksualiseerde manier van kijken leidt de aandacht af van de persoonlijkheid en prestaties van een vrouwelijk personage. Ze bestaat alleen bij de gratie van haar uiterlijk en hoe plezierig dat uiterlijk is voor een heteroseksuele man.

Loofbourow bouwt voort op het idee van de Male Gaze en breidt het idee uit met de male glance. In plaats van een geobsedeerd staren naar borsten en billen gaat het hier om een vluchtige, minachtende mannelijke blik:

The male glance is the opposite of the male gaze. Rather than linger lovingly on the parts it wants most to penetrate, it looks, assumes, and moves on. It is, above all else, quick. […] The male glance is how comedies about women become chick flicks. It’s how discussions of serious movies with female protagonists consign them to the unappealing stable of “strong female characters.” [..] It tricks us into pronouncing mothers intrinsically boring […] Generations of forgetting to zoom into female experience aren’t easily shrugged off, however noble our intentions, and the upshot is that we still don’t expect female texts to have universal things to say. We imagine them as small and careful, or petty and domestic, or vain, or sassy, or confessional.

Deze blik reduceert romans van schrijfsters tot chicklit en maakt dat we enorm veel vrouwelijk talent over het hoofd zien, signaleert Loofbourow. Getroffen door de male glance blijven werken van vrouwen onbegrepen, obscuur, marginaal, terwijl werken van mannen op een voetstuk gehesen worden. De veelal negatieve waarde-oordelen rond onbegrepen werk van vrouwen komen voort uit het feit dat wij als cultuur kijken vanuit een mannelijk standpunt en alles over mannen het voordeel van de twijfel gunnen, terwijl we vrouwen en het vrouwelijke minachten en terzijde schuiven, stelt ze.

Voorbeelden te over. Neem de routinematige manier waarop mensen alles wat jonge meiden leuk vinden afdoen als triviaal, van slechte kwaliteit, iets waar je je voor moet schamen. Zo van als meisjes het leuk vinden, kan het niks zijn. Loofborouw neemt als voorbeeld auteur Elizabeth Gilbert. In haar eerste boeken stonden mannen centraal. Ze kreeg lovende kritieken. Toen ze echter over over vrouwen en vrouwelijke ervaringen begon te schrijven, sloegen de kritieken om. Opeens vonden critici er niks meer aan. Mensen stopten met lezen en begonnen met snelle oordelen. Na alle negatieve kritiek wilde je nog niet dood gevonden worden met Eat, Pray, Love in je handen:

I still haven’t read it. Here’s why: It’s too much mental work, because it would mean reading the book as me and also reading the book as we. The awful thing about internalizing the we—if you have—is that you have to fight it like a boss if you disagree with its verdict. What if I like Eat, Pray, Love? Do I want to take on the we—whose powers of discernment I’m too insecure to fully dismiss—in order to justify my liking? Will I feel embarrassed by my pleasure, ashamed for falling for what the we so cleverly saw through?  This is not a defense of Eat, Pray, Love. I’ll repeat: I still have not read it. But that’s precisely why it’s useful as an example: This is how ambient culture works. These streams of derision and praise are what determine what gets read (or watched) and what doesn’t. These are the currents that eventually confer greatness.

Enfin, lees vooral haar hele essay.

Is de situatie hopeloos? Nee. In haar analyse laat Loofborouw machtsverhoudingen buiten beschouwing. Maar die zijn cruciaal. Mannen domineerden het openbare leven eeuwenlang, maar sinds vrouwen stemrecht kregen, vanaf 1956 juridisch handelingsbekwaam geacht werden, reproductieve rechten veroverden en anno nu steeds vaker hun eigen geld verdienen, kunnen ze vaker hun eigen weg bewandelen en ruimte opeisen voor hun verhalen. Zo vindt op dit moment een vrouwelijke revolutie plaats in de Amerikaanse televisiewereld, met series waarin de vrouwelijke ervaring centraal staat.

Ook Loofbourows essay is een teken van vooruitgang. Situaties die vrouwen eeuwenlang moesten slikken, worden problematisch. Vrouwen analyseren in het openbaar wat er gebeurt, publiceren hun mening, doen onderzoek, zetten theorieën op en zorgen voor discussie en debat. Te beginnen met namen geven aan wat er gebeurt. Niet ‘wat een man thuis doet met zijn vrouw is privé’ maar huiselijk geweld, verkrachting binnen het huwelijk. Niet ‘o tienermeiden vinden het leuk, dan is het niet serieus’ maar The Male Glance. Stapje voor stapje komen we zo dichterbij een gelijkwaardig speelveld, waarin we het werk en de ervaringen van vrouwen serieuzer nemen. Vooruitgang….

UPDATE De Huffington Post refereert aan het essay van Loofbourow in een recensie over een onsamenhangende, seksistische debuutroman van acteur Sean Penn:

As I read Bob Honey, I couldn’t stop thinking of Lili Loofbourow’s recent, brilliant Virginia Quarterly Review essay, “The Male Glance,” which argues that we refuse to read genius, or even artistic intentionality, into works by women. The flip side is that we do readily presume those things in the works of men. […] Penn’s already been offered more benefit of the doubt than he’s earned, and more than any equivalent actress would receive. He joins a select crew of successful white male actors who think they have very literary things to say, and who have therefore been offered hardcover book deals with blurbs by Salman Rushdie.

Uitgeverij Chaos en nieuwe boeken rond feminisme

Nederland is een feministische uitgeverij rijker: Chaos. Op internationale vrouwendag, geen toevallig moment natuurlijk, publiceerden ze hun eerste uitgave. Een nieuwe Nederlandse vertaling van een feministische klassieker van Virginia Woolf, Een Kamer voor Jezelf. Later dit jaar volgen nog twee verhalenbundels en in maart 2019 een vertaling van een roman van Zora Neale Hurston. Mooi nieuws want voor de vorige expliciet feministische uitgeverij moeten we dertig jaar terug in de tijd.

 

Op haar website stelt Uitgeverij Chaos zichzelf voor als een samenwerking tussen drie vrouwen, te weten Sayonara Stutgard, Thalia Ostendorf en Yael van der Wouden. Ze willen ”chaos creëren op elk feestje!” Door ”ongehoorde verhalen uit de marges te halen en het aan de lezers te bieden die de verhalen verdienen”.

De uitgeverij wil interactioneel werken. Dat is een moeilijk woord voor breder kijken dan je neus lang is: vrouwen hebben te maken met discriminatie, maar mensen met een gekleurde huid ook, en mensen uit ”lagere klassen” (niet Ons Soort Mensen) ook, en je moet daar rekening mee houden. Het gaat om diverse soorten machtsverschillen en verschillende posities in de samenleving, die maken dat je soms extra je best moet doen om een gelijk speelveld te krijgen. Zie daarvoor ook mijn artikel over interactioneel feminisme, met alle verdere uitleg en details.

De drie vrouwen konden het zelf bijna niet geloven dat Nederland zo’n dertig jaar lang geen enkele feministische uitgeverij kende. De vorige, Uitgeverij Sara, ontstond midden in de tweede feministische golf, in 1977. Tien jaar later ging Sara failliet en kocht Uitgeverij Van Gennep hen over.

Dat het in de tussentijd niet helemaal een hopeloze woestenij werd, danken we aan initiatieven zoals de oprichting van Artemis. Geen nadrukkelijk feministische organisatie, maar wel een imprint die zich richtten op boeken van schrijfsters. In 2014 besloot Ambo/Anthos de imprint op te heffen, en verdween Artemis weer van het toneel.

En nu dus Chaos. Ik wens ze een mooie tijd toe en dat ze maar decennia lang mooie feministische boeken uit mogen geven.

Meer feminisme? Monika Triest publiceerde bij Uitgeverij Vrijdag ‘Wat zoudt gij zonder ’t vrouwvolk zijn?’,  een geschiedenis van het feminisme in België. Ze laat je onder andere kennis maken met Isabelle Gatti de Gamond (1839-1905), pedagoge, socialiste, vrijdenkster en de eerste Belgische feministe. Een andere recente uitgave is Alleen Ja Telt van Liesbeth Kennes. Deze pedagoge en auteur gaat in op de seksuele mores en de verkrachtingscultuur. In België, maar wat ze schrijft geldt net zo goed voor Nederland, Duitsland, de V.S., enz. enz.

Nederland zag vorig jaar twee belangrijke publicaties voor een groot publiek. Linda Duits gaat in Dolle Mythes in op allerlei vooroordelen en aannames rondom feminisme. En onze eigen Anja Meulenbelt neemt de lezer mee op een reis langs allerlei feministische ideeën en de aard van de feministische golven. Beide vrouwen constateren dat het feminisme in Nederland stagneert: er gebeurt wel vanalles, maar tot een massalere beweging komt het niet en vrouwen met een gekleurde huid blijven te vaak in de marge staan. Beiden hebben ook ideeën hoe het beter kan. Kortom super interessant leesvoer!

 

Internationale vrouwendag: verzet, vrijheid, vreugde

Donderdag is het 8 maart, internationale vrouwendag. Tijd om samen in vrijheid  feest te vieren. En tijd om kritisch te blijven, te leren van de geschiedenis, en door te gaan met het gevecht om vrouwen gelijke kansen te geven. Een greep uit hopelijk inspirerende artikelen en essays:

  • Kenniscentrum Atria duikt in de geschiedenis van Internationale Vrouwendag, evenals Historiek. Vrouwen stonden aan de basis: de socialistische politica Clara Zetkin, en textielarbeidsters die staakten voor betere lonen. Atria houdt 8 maart ook speciale tours over Aletta Jacobs.
  • Overal in Nederland vinden activiteiten plaats. Zie hier voor een overzicht van allerlei feestjes, lezingen, workshops enz.
  • BBC radio zendt 8 maart vooral muziek uit van vrouwelijke componisten. Het hele programma vind je hier
  • Feminisme is ook voor mannen! Op 8 maart houdt organisatie Free Press een mars in Amsterdam onder de noemer Men4Women.
  • Tivoli Vredenburg zorgt voor een concert waarin vrouwen en hun muziek centraal staan. It’s a Woman’s World biedt een avond vol afwisseling, met bijvoorbeeld een muzikale combinatie van Hildegard von Bingen (12e eeuw) en Beyoncé (21e eeuw).
  • Bij de vorige internationale vrouwendag publiceerde Stellingdames een mooi artikel over die eeuwige waarom-vraag. Waarom een vrouwendag? Is dat nou nodig? Ja dus.
  • Anja Meulenbelt besteedt op haar weblog aandacht aan intersectionaliteit. Want naast je sekse spelen ook zaken als huidskleur, inkomensgroep en sociale klasse een rol bij discriminatie en ongelijkheid
  • Elle Magazine pleit voor 365 dagen per jaar internationale vrouwendag. Hier hun suggesties met wat je van dag tot dag kunt doen om de geest van inspiratie en blijmoedige kritiek levend te houden. Vervang Ren Hangs expositie in fotomuseum FOAM (laatste kans!) door de expositie van Rosa Loy in het Drents Museum (laatste kans!), en je bent weer helemaal 2018 proof.
  • VIVA zet op een rijtje waar vechten voor onze rechten allemaal toe heeft geleid. Stemrecht! Verkrachting binnen het huwelijk officieel strafbaar! Gehuwde vrouwen handelingsbekwaam! (Sinds 1956, daarvoor waren we juridisch gezien onmondige kinderen die mannelijk toezicht nodig hadden.) Enzovoorts.
  • Harper’s Bazaar (Nederland) houdt 6 maart een feministische top in het Amsterdamse DeLaMar Theater. Het blad linkt iedereen ook graag door naar een prijswinnende feministische podcast van de Australische komiek en schrijver Deborah Frances-White, genaamd Guilty Feminist. Geniet ervan!
  • Roermond besteedt in een speciale expositie aandacht aan een eeuw vrouwenstrijd in de stad. Dat geeft je de kans om kennis te maken met lokale feministes zoals Mathilde Haan, Tiny Imkamp (in 1936 de eerste vrouwelijke huisarts in Roermond), en de activiteiten van de plaatselijke Vrouwenraad.
  • In de Engelstalige media veel analyses over feminisme rond internationale vrouwendag. Ik link je graag door naar interessante artikelen: hier, Jill Filipovic over politiek feminisme in de V.S., hier over de manieren waarop anti-feminisme het mondiale beleid beïnvloedt, hier, over Marlène Schiappa, de Franse minister voor Gender, en hier, over het toenemende verzet van Latijns-Amerikaanse vrouwen tegen femicide.
  • Internationale Vrouwendag blijft het doelwit van weerstand. Zo kreeg vrouwenplatform Ankara te maken met politiegeweld toen vrouwen in de hoofdstad wilde demonstreren. Achttien vrouwenactivisten belandden in de cel – ze zijn inmiddels weer op vrije voeten. Ironie ten top: met hun actie wilden vrouwen demonstreren tegen geweld tegen vrouwen. Een groot probleem in Turkije, waar mannen naar schatting 338 vrouwen per jaar vermoorden (huiselijk geweld enz.)
  • Tot slot: vlak voor internationale vrouwendag kwamen in Nederland cijfers in de openbaarheid over de beschamende schaarste aan vrouwen in de top. Dat probleem is beslist niet uniek voor Nederland. Zie hier een pleidooi uit Canada – wil het beter gaan met vrouwen in het bedrijfsleven, dan moeten de poortwachters zich bewust worden van hun vooroordelen. Hint voor Nederland: pak eindelijk de discriminatie van zwangere vrouwen aan, want de helft van de werkgevers werkt vrouwen op dat moment de deur uit zodat ze hun inkomen verliezen en hun loopbaan stagneert. Het loont ook om werkende vrouwen serieus te nemen en de loonkloof te dichten. Nu nemen mannen overal meer geld mee naar huis en krijgen vrouwen het zoveelste signaal dat ze minderwaardig zijn.

Black Panther geeft vrouwen de ruimte

De zwarte superheldenfilm Black Panther breekt allerlei records. Net zoals destijds bij Wonder Woman vrouwen spontaan tranen in hun ogen kregen toen de heldin haar krachten voor het eerst openlijk toonde, zo zijn mensen met een gekleurde huid enthousiast dat zij zichzelf eindelijk op het witte doek terug zien als superheld. En het mooiste van alles: de film geeft diverse complexe vrouwen met hun eigen verhaal alle ruimte. Bijvoorbeeld in de vorm van het personage Shuri, wetenschapster, uitvindster en strijdster. Tekst gaat verder onder de foto en bevat spoilers. Dus heb je de film nog niet gezien, doe dat eerst….

Zoals magazine Vice ons in herinnering brengt, is het voor mensen van levensbelang dat ze zichzelf terugzien in de media:

“Minderheden realiseren zich – ondersteund door onderzoek – dat media niet alleen invloed hebben op hoe anderen naar hen kijken, maar ook op hoe zij zichzelf zien.”

Je hebt voorbeelden nodig, rolmodellen, bronnen van inspiratie. Tot nu toe zagen vooral blanke jongens en mannen zichzelf weerspiegeld in de populaire cultuur. De ene na de andere superheld, opvallend vaak gespeeld door acteurs genaamd Chris, bevolkten de bioscopen. De andere driekwart van de mensheid – iedereen met een gekleurde huid m/v, en vrouwen – moesten het doen met de kruimels. Ze worden symbolisch vernietigd in de populaire cultuur, en dat leidt tot een gevoel van minderwaardigheid. Je bent onzichtbaar, je bent onbelangrijk, alleen blanke jongens en mannen tellen mee. Daarom is het ernstig dat je voor de laatste film met zwarte superhelden twintig jaar terug in de tijd moet. Dat was Blade, en die film kwam er alleen omdat hoofdrolspeler Wesley Snipes de boel zelf produceerde.

Black Panther heeft opnieuw een man als centrale held. Maar de film geeft complexe, krachtige vrouwelijke personages alle ruimte, zodat het eindresultaat toch een stuk evenwichtiger is dan voorgaande rolprenten. Het geheel heeft een bevrijdende effect voor mensen met een gekleurde huid en voor vrouwen. Ga maar na:  een film over een fictief land waar blanke kolonisten nooit de macht kregen. Waar een Afrikaanse identiteit de norm is en geen afgeleide van iets anders, verwrongen en uit z’n verband gerukt. En waar mensen vrouwen serieus nemen. Vrouwen leiden stammen, vrouwen zitten in de hoogste raad, vrouwen waren in het verleden de Black Panther. Ze tellen mee, maken hun eigen ontwikkeling door en nemen op verschillende momenten in de film cruciale beslissingen.

De film zegt kritische dingen over gender en de ervaringen van afro-Amerikanen in de VS. De ”schurk” van het verhaal werd als jongen wees en moest zien te overleven in de achterbuurt van een grote stad. Hij verhardde. Hij gebruikt vrouwen maar zodra ze voor hem geen nut meer hebben, schiet hij ze neer. Hij claimt de troon om als patriarchale alleenheerser met geweld zijn ideale wereld te scheppen. Dit is een kritische verwijzing naar een realiteit waarin zwarte mannen onder invloed van patriarchale ideeën rechtvaardigheid eisen – voor zichzelf. Vrouwen moeten nog steeds zwijgen en mannen onderdanig ondersteunen. Dit soort seksisme ondermijnde ook de Black Panther partij, stellen historici.

Hoe anders in het fictieve land Wakanda. Ja, de held is een man, maar hij omringt zich met vrouwen die hun eigen ambities en bezigheden hebben. Dat wordt meteen duidelijk in het begin, als de kersverse koning zijn ex Nakia terughaalt van een missie, omdat hij niet gekroond wil worden zonder haar erbij. Nakia blijkt dezelfde kant uit de willen als de schurk van de film. Terwijl de koning het bestaan van het land geheim wil houden, pleit zij ervoor dat Wakanda uit haar zelfgekozen isolement stapt en kansarmen in de wereld helpt. Alleen wil zij dat geweldloos doen, door middel van hulpverlening en het delen van kennis, terwijl de schurk een gewapende opstand wil die moet leiden tot een rijk waar de zon nooit onder gaat. Onder andere de recensenten van Bitch Media zien Nakia als de ware revolutionaire van het verhaal, samen met haar metgezellinnen.

Dan heb je de Dora Milaje, een volledig uit vrouwen samengestelde groep krijgers die de troon beschermt. Hun generaal Okoye neemt beslissingen die cruciaal zijn voor de toekomst van haar land. Ze heeft een op zich liefdevolle relatie met een man, maar als die de koning verraadt verslaat ze hem. Dieren houden van haar. En ze vecht fantastisch. Kortom swooooooon. Ook dit verwijst naar de realiteit: een soortgelijke vrouwelijke gevechtsmacht rond de troon bestond echt, in het huidige Benin. Daar heetten ze de Dahomey, en Franse militairen waren in de negentiende eeuw als de dood voor deze professionele vechtjassen. UPDATE: er komt een film over deze vrouwen!

Een derde krachtige vrouw is Shuri, een genie. Als één van de weinigen is ze in staat om te werken met Vibranium, een mysterieus edelmetaal waar Wakanda z’n macht aan ontleent. Niet alleen ontwikkelt ze allerlei handige apparaten en wapens, ze geneest ook mensen en speelt een beslissende rol in de strijd om de troon. Sterker, ook zij kan Black Panther worden. In ieder geval in de stripboeken, en misschien ook in een vervolgfilm. Ze staat in zekere zin symbool voor wat de zwarte NASA wetenschapsters uit de jaren zestig hadden kunnen worden, als mensen hen destijds serieus hadden genomen en hadden voorzien van macht, mensen, faciliteiten en geld.

Met een goed verhaal en zoveel vrouwelijke personages die belangrijke rollen spelen, is het niet zo gek dat Black Panther veel succes heeft. Zowel voor vrouwen als voor zwarte mannen biedt de film wensvervulling, een rolmodel, een weerspiegeling van zichzelf op het grote doek. Dit alles begeleidt door een fantastische soundtrack. Wat wil een mens nog meer?

“De Macht” maakt deel uit van een nieuwe vrouwenopstand

Hoera, de prijswinnende SF roman van Naomi Alderman is in het Nederlands vertaald onder de titel De Macht. Voor het eerst in tijden kunnen mensen weer eens kennis maken met vrouwelijke personages die geweld gebruiken om een einde te maken aan agressie van mannen. Dat komt niet vaak voor in feministische utopieën of dystopische romans, signaleert literatuurcritica Elaine Showalter.

Als dit fenomeen de kop opsteekt in boeken, is dat meestal omdat er iets broeit in de samenleving:

Despite the infinite possibilities of imagination, most feminist speculative fiction could display the humane tagline: “No men were harmed in the writing of these books.” Rage and the desire for revenge against male oppressors, however, has emerged in women’s dystopian writing during periods of feminist protest and uprising.

Showalter signaleert dat vrouwen, van Margaret Cavendish in 1666 tot aan moderne grootheden zoals LeGuin en Atwood, meestal opvallend vredig denken over revoluties. Vrouwelijke personages zijn het lijdend voorwerp of strijden met woorden, argumenten, ideeën. Regelmatig bereiken ze hun utopie alleen door zich terug te trekken in samenlevingen zonder mannen. Zo stelde Christine de Pizan zich al circa 1405 een Stad der Vrouwen voor, waarin vrouwen veilig zijn voor hatelijke mannen.

De voorbeelden van auteurs die vrouwelijke personages expliciete agressie tegen mannen laten gebruiken, zijn schaars. Zo staat Atwood’s  roman Het Verhaal van de Dienstmaagd bol van het geweld, maar het is meestal geweld tegen vrouwen. Als vrouwen persoonlijk een man aanvallen en/of vermoorden, gebeurt dat bij wijze van genade, ziet Showalter. Een verzetsman valt in handen van het theocratische regime dat vrouwen reduceert tot broedkippen. De overheid veroordeelt hem tot een openbare lynchpartij in een stadium, met vrouwen als beulen. Een vrouw die banden heeft met het verzet, zorgt dat ze als eerste bij hem is en vermoordt hem snel en relatief pijnloos. Ze bespaart hem zodoende een marteling.

Uitzonderingen steken de kop op als vrouwen een emancipatiegolf vormen. Neem bijvoorbeeld auteur Joanna Russ. In haar romans van eind jaren zeventig, begin jaren tachtig, tijdens de tweede feministische golf, vechten vrouwen soms met een man. Ze gebruiken wapens. En winnen.

In De Macht, originele titel The Power, schrijft Alderman over een maatschappij waarin jonge vrouwen tijdens hun puberteit een lichamelijke verandering doormaken. Daardoor kunnen ze elektrische schokken uitdelen. Van een fijne tinteling tot een zodanig heftige schok dat mensen sterven. Meisjes blijken deze gave wakker te kunnen maken in oudere vrouwen, zodat al snel iedere vrouw de mogelijkheid heeft iemand met één klap te doden. Mannen worden bang voor vrouwen: wangedrag kan hen fataal worden. De macht leidt tot grote veranderingen. Slachtoffers van mensenhandel vermoorden mensenhandelaars, huisvrouwen doden de partner die hen slaat, en meiden slaan terug als ze geconfronteerd worden met straatintimidatie.

Showalter stelt dat Alderman in haar science fiction boek de huidige woede kanaliseert, die vrouwen verenigt in campagnes zoals #metoo en #yesallwomen:

So why this fantasy now? Alderman is reflecting and channeling the anger of a young generation of feminists who will not forgive, excuse, cover up, and accept male abuse. […]  Women are willing to use their public power to destroy men’s careers, to break up their marriages, even send them to prison. […]  If, as Lindy West wrote recently, “feminism is the collective manifestation of women’s anger,” this feminist wave is a tsunami. Alderman sees herself as part of that wave.

Met haar roman stelt Alderman de huidige machtsongelijkheid tussen de seksen aan de kaak, zwengelt ze het debat aan over agressie, en laat ze mensen speculeren wat er zou kunnen gebeuren als vrouwen opeens ongestraft terug kunnen slaan.

Het boek geeft mannen ook de kans om hun empathische vermogens verder te ontwikkelen. Vrouwen hebben te maken met massale agressie van mannen, zowel psychologisch als fysiek, en veel vrouwen zijn bang, als ze eerlijk zijn en die nare emotie toestaan. We blijven tot het uiterste lief voor mannen, want we vrezen wat er kan gebeuren als mannen kwaad worden – huiselijk geweld, aanranding en verkrachting, of zelfs moord en schietpartijen. Wat als mannen zich zorgen moeten maken over vrouwelijke agressie? Wat als mannen tot het uiterste lief en beleefd moeten blijven tegen vrouwen, omdat situaties anders razendsnel kunnen escaleren? Alderman maakt die belevingswereld invoelbaar. Mannen, doe er je voordeel mee! En behandel vrouwen daarna wat vriendelijker. Je weet wel, als mensen met gevoel en verstand….

Eva Jinek krijgt versterking, hoera!

Eva Jinek krijgt versterking! Margriet van der Linden presenteert vanaf eind april, begin mei een talkshow op NPO 1. Haar show komt op de buis op de plek van De Wereld Draait Door, omdat de maker van dat programma minder uitzendingen wil verzorgen. Dat betekent een verdubbeling van het aantal vrouwen die talkshows op de Nederlandse televisie leiden. Hopelijk leidt dat ook tot een toename van het aantal vrouwelijke gasten bij dit soort spraakmakende programma’s.

Jinek had een ruwe start toen zij als eerste vrouw sinds tijden een talkshow leidde. De kritiek betrof onder andere haar kleding en haar stem, en had vaak een seksistische lading. Zie daarvoor eerdere berichten op dit weblog. Die minachtende reacties verminderden echter. Kreeg Jinek in 2015 nog booby-advies van een mansplainer, tegenwoordig richten recensies zich op de inhoud. Zo constateert onder andere NRC Handelsblad dat haar show het erg goed doet, dat Jinek zich ontwikkelde tot een gangmaker, en dat ze hooguit wat scherper mag zijn in haar vraagstelling of onderwerpen.

Het lijkt erop dat mensen gewend raakten aan een vrouwelijke talkshow host. Met Van der Linden is Jinek niet meer de eenzame uitzondering waar je van schrikt en eerst aan moet wennen, voordat je in kunt gaan op wat ze als professional doet. Van der Linden heeft haar sporen verdiend in de media en krijgt nu om zeven uur ’s avonds een mooi tijdslot om haar talkshow vorm te geven. In het persbericht laat Shula Rijxman, voorzitter van de raad van bestuur van de NPO, weten dat ze blij is met haar komst:

“Matthijs van Nieuwkerk, die de vooravond bij de NPO groot heeft gemaakt en dat al jaren als een topsporter weet vast te houden, krijgt nu gezelschap van een sterke vrouw. Op beiden ben ik ontzettend trots. En ook al wordt vrouwelijke geluid langzaam maar zeker steeds luider op onze radio- en tv-zenders: meer diversiteit, dus ook meer kleur, blijft een speerpunt.”

Dat is een belangrijke mededeling, want ondanks de komst van Jinek en straks Van der Linden bleven talkshows tot nu toe het domein van witte mannen. De programma’s worden nog steeds vaak geleid door mannen en weten nauwelijks vrouwelijke gasten of gasten met een niet-blanke huidskleur te vinden. Wat betreft mensen met een etnische achtergrond moet je met 7% al erg blij zijn. Als ze al aan tafel komen, betreft het vaak een onderwerp waarbij huidskleur een rol speelt. Hetzelfde geldt voor vrouwen: ze vormen slechts eenderde van het aantal gasten en als ze in de studio aan mogen schuiven, betreft het vaak ”vrouwenonderwerpen” of situaties waarbij de vrouw het slachtoffer of het lijdend voorwerp is. Zeer stereotiepe toestanden:

“Veel makers ontkennen bevooroordeeld te zijn. Zodoende blijft het bij werkgroepen over diversiteit, bij een projectje ernaast, zoals een tv-programma op maandagmiddag voor en door makers van kleur. Maar willen we dat op tv een afspiegeling van de samenleving te zien is, dan moet ieder programma diversiteit onderdeel van het algehele beleid maken.”

Rijxman lijkt goed aan de slag te gaan met diversiteit. Benieuwd wat Van der Linden gaat brengen!

Het citaat: middeleeuwen en nu

”Maar het zien van dit boek […] had mij toch op een nieuwe gedachte gebracht, die gevoelens van grote verbazing bij me opwekte, als ik me afvroeg wat toch de oorzaak kon zijn, dat zoveel verschillende mannen, geleerde klerken en anderen, zozeer geneigd waren en het nóg zijn, om in woord en geschrift zoveel duivelse dingen over vrouwen te zeggen en uiting te geven aan hun afkeuring voor de vrouw en het vrouw-zijn. En niet een of twee […] maar in het algemeen bijna in alle verhandelingen van filosofen en dichters en van alle redenaars – het opsommen van hun namen zou een lange lijst vormen – lijkt het of allen met dezelfde mond spreken en of ze allemaal tot dezelfde conclusie komen, namelijk dat de vrouwelijke zeden vol ondeugd zijn en de vrouw tot ondeugd is geneigd.”

Christine de Pisan, Het Boek van de Stad der Vrouwen, circa 1405/1410

“What matters is not which guys said it: What matters is that, when you put their statements side-by-side, they all sound like the exact same guy.  And when you look at what they’re saying, how similar these slurs and insults and threats we get actually are, they always sound like they’re speaking to the exact same woman. When men are using the same insults and sentiments to shut down women and “feminine” people, across the board, then we know what’s going on. And we know that it’s not about us; it’s about gender.

Sady Doyle, The #MenCallMeThings Round-Up, november 2011