Eindelijk gerechtigheid voor vrouwen

De loonkloof is mensenwerk, een resultaat van vooroordelen en discriminatie. Als mensen stoppen met discrimineren, en voor iedereen dezelfde open en eerlijke regels hanteren, verdwijnt de loonkloof automatisch. Dat bewijzen de gemeenten, waar de algemene loonkloof in 2017 geheel verdween. Sterker, de personeelsmonitor van het A+O fonds merkte dat het bruto salaris van vrouwen gemiddeld 26 euro hoger ligt dan van mannen. Ook steeg het aantal vrouwelijke leidinggevenden naar 40%.

De loonkloof is een hardnekkig verschijnsel. Ten eerste kent de arbeidsmarkt een sterke tweedeling in mannen- en vrouwenberoepen. Altijd en overal hebben de mannenberoepen een hogere status en/of verdien je meer in die banen. Vrouwen verdienen zodoende 16% minder salaris dan mannen met hun ‘vrouwenwerk’. Binnen dezelfde sectoren maken werkgevers ook onderscheid. Gecorrigeerd voor allerlei factoren zoals opleiding, aantal jaren ervaring, enzovoorts, krijgen mannen structureel 7% meer loon voor hetzelfde werk in het bedrijfsleven, en 5% meer loon bij de overheid.

Het College voor de Rechten van de Mens onderzocht de situatie in drie sectoren en kwam erachter dat het goed gaat zolang werkgevers zich aan de formele regels en schalen houden. Het gaat vooral mis bij subjectieve factoren en afspraken buiten de CAO om. Zo vragen werkgevers naar het laatst verdiende salaris om het nieuwe salaris te bepalen, een praktijk die vrouwen benadeelt omdat die vaak ook al minder verdienden in hun vorige baan. Of geven ze mannen vaker extra toelages dan vrouwen in dezelfde functie.

NRC Handelsblad analyseerde de cijfers van de gemeenten en kwam erachter dat bepaalde groepen mannen vorig jaar om onduidelijke redenen nog steeds meer verdienen dan vrouwen in dezelfde functies. Het gaat dan om jongemannen tussen de 18 en 20 jaar, en mannen tussen de 62 en 64 jaar. Dat betekent in de praktijk dat de eerste kennismaking van een vrouw met de gemeente, haar nog steeds leert dat hij meer krijgt dan zij. Lijkt me knap frustrerend. Over het algemeen komt het echter goed. Na hun 20ste verjaardag verdwijnt de kloof en kan een vrouw soms zelfs wat meer verdienen dan een man. Gemiddeld 26 euro per maand.

Daarnaast kent de overheid een relatief kleine kloof tussen de top en de ‘doorsnee’ medewerker. Dat komt opnieuw door strakke regels. De overheid moet zich houden aan de wet normering topinkomens. Deze wet stelt grenzen aan de hoogte van de beloning in de publieke sector. Er is dus geen ruimte voor idioterie zoals bijvoorbeeld voorkomt bij banken. Daar kunnen alleen luidkeelse publieke protesten van klanten voorkomen dat een topman 50%  loonsverhoging krijgt en drie miljoen euro per jaar binnen gaat harken.

Ik ben echt superblij dat de situatie bij de Nederlandse gemeenten eindelijk rechtvaardig wordt voor vrouwen. Hopelijk volgen vele andere sectoren dit goede voorbeeld.

Advertenties

Jamie Li is gewoon erg slim

Ophef over vlogster Jamie Li. Haar ultieme tip in sexy, but tired, but sexy, een life style boek voor jonge vrouwen: mannen moeten hun zaad kwijt, dus vrouwen, maak zin in seks, ook als je eigenlijk niet wil, anders loopt hij bij je weg. Haar boodschap lijkt uit de middeleeuwen te stammen dus die ophef begrijp ik volkomen. Maar de bredere context is belangrijk. Li is gewoon erg slim. De jonge ZZP-er zag de cultuur waarin ze moet overleven en geld verdienen, en sloot bewust of onbewust een patriarchale deal. Ze is het symptoom, niet het probleem.

Trouwe lezers van dit blog kennen waarschijnlijk wel de rubriek De Gereedschapskist, waarin ik steeds een term uit de feministische wetenschap behandel. Woorden zijn namelijk van levensbelang: ze maken iets zichtbaar. Pas als het zichtbaar is, kun je het misschien aanpakken. Zo bestonden er eeuwenlang geen termen voor de situatie in een huwelijk, waarbij een vrouw geen zin had in seks en een man toch haar lijf opeiste. Desnoods met geweld. Pas in de jaren zestig en zeventig kwamen feministen met een woord voor dit type gedrag: verkrachting binnen het huwelijk. Ze problematiseerden deze gang van zaken. Inmiddels is het strafbaar (sinds 1991).

In dit geval heeft de hele situatie rond Jamie Li alle kenmerken van een ander fenomeen, waar we sinds een paar jaar een term voor hebben. Te weten de patriarchale deal. Website Sociological Images omschrijft deze strategie als volgt: een patriarchale deal is een beslissing om rolpatronen die vrouwen benadelen, te accepteren, in ruil voor ieder beetje macht wat een individu los kan peuteren uit het systeem. Het is een individuele strategie, bedoeld om het systeem ten eigen bate te manipuleren, terwijl het systeem zelf intact blijft.

De vrouwen die zo’n deal sluiten, doen dit meestal omdat ze iets in hun mars hebben. Neem Jamie Li. Ze richtte Quarter Magazine op. Ze werkte een tijdje bij Sanoma Media, als beauty & lifestyle editor, en beschikte daardoor al snel over een sterk netwerk onder Bekende Nederlanders (zoals Katja Schuurman). Toen ze sociale media op zocht en haar eigen merk werd, boekte ze al snel succes. Kortom, duidelijk een leuke, goed uitziende vrouw met ambitie. Ze keek waar ze succes kon boeken, en ging in die richting aan de slag.

Heel toevallig zijn de dingen waar je succes mee kunt boeken, dingen die we als Nederlandse cultuur van vrouwen accepteren. Vrouw maakt Youtube filmpjes over make-up? Goed! Duizenden volgers! Vrouw zoekt kapitaal om haar onderneming uit te breiden: fout! Alleen mannen zijn serieuze ondernemers waar je serieus in investeert! Vrouw roept vrouwen op hun partner op afroep te pijpen, in de hoop dat hij dan misschien bij haar blijft? Goed, bestseller! Vrouw roept vrouwen op dat ze eigen wensen en behoeften hebben, nee mogen zeggen en dat mannen dat moeten accepteren? Eng, zure feministe, zeur!

Deze deal brengt Li als individu maximale winst: aandacht, volgers, inkomsten, een bestseller, een spannend leven waarbij je bijvoorbeeld een dagje op stap kunt met Ronnie Flex – bijna 470.000 keer bekeken toen ik keek.  In ruil daarvoor spuwt Li dit soort teksten uit: 

Mannen zitten altijd in kamp konijn. Als je [als vrouw] écht geen zin hebt, doordat je niet lekker in je vel zit of lichamelijke klachten hebt, dan heb ik geen praktische tips voor je […] Maar als dat niet het geval is, dan moet je zin maken. Want mannen moeten hun zaad kwijt.” […] „is de zak eenmaal geleegd, dan heb je de man terug waar je voor hebt getekend. Dan is-ie weer leuk en gezellig.”

Dit is dezelfde soort kul die SGP-ers, mannenrechtenactivisten en andere oerconservatieve fans van traditionele rolpatronen ook spuwen. Sterker nog, toen onvrijwillig celibataire mannen, Incels, besloten dat hun seksloze leven de schuld was van vrouwen en in het rond begonnen te schieten, stonden er meteen opiniemakers als Ross Douthat op met het voorstel om een soort seks-distributiesysteem in te stellen. Geef dat soort mannnen een vrouw die wél seks met ze heeft, dan stopt dat soort geweld vanzelf. Incels waren super enthousiast. Boeien, dat vrouwen mensen zijn met gevoel en verstand – verdelen die handel. Vergeleken bij dit soort gasten valt Li eigenlijk nog mee.

Laten we dit soort vrouwenhaat vooral blijven bestrijden waar we het tegenkomen. Ja, Li heeft het recht een boek te publiceren, waarin ze mannen reduceert tot hersenloze konijnen en vrouwen tot consumptiegoederen zonder een eigen wil. Anderen hebben het recht kritiek te uiten en te wijzen op het hoge gehalte seksisme van haar schrijfsels. Maar laten we breder kijken naar de cultuur die vrouwen als Li produceert. Alleen dan kunnen we meer doen dan symptoombestrijding.

Schrijfsters en lezeressen streven naar meer diversiteit in romantische verhalen

Miljoenen lezeressen verslinden romantische verhalen, en het uitgeven van romans in dit genre groeide uit tot een massale industrie. In dit feest van lezen en plezier beginnen zowel lezeressen als auteurs meer diversiteit te eisen. Nu de uitgeverijen nog. Want de diversiteit in de groep auteurs daalt gestaag. Onderzoek toont aan dat van de 3.752 romantische boeken, uitgegeven door de 20 toonaangevende uitgeverijen, slechts 6,2 procent geschreven werd door een auteur met een gekleurde huid.

The Ripped Bodice, een in romantische verhalen gespecialiseerde boekhandel, doet sinds twee jaar onderzoek naar de schrijvers van romantiek. Ze richtten zich op traditionele uitgeverijen. Uit hun analyse blijkt dat het percentage auteurs met een gekleurde huid daalt. In 2016 ging het nog om bijna 8 procent, vorig jaar 6,2.

De harde cijfers bevestigden voor getroffenen en geïnteresseerden een gevoel en een geleefde ervaring – nee ze waren niet gek, ze zagen het goed:

“There was a certain amount of relief from members of the community, including authors, bloggers, and readers who had been saying this was an urgent problem for years,” says Leah Koch, “and now have data to underscore their experiences. But ultimately, the numbers were very disheartening for a lot of people.” “The reaction from publishers was…quiet.” added Leah. “We’d like to see more active responses.”

In Nederland verschijnen veel uit het Engels vertaalde romantische boeken, dus de situatie zal hier niet veel anders zijn. Gezien dit gure klimaat is het extra leuk als mensen laten zien hoe het wél kan. Onlangs presenteerde de Drontense schrijfster Marijke Jansen bijvoorbeeld de bundel Brave New Love, met daarin tien liefdesverhalen waarbij diversiteit centraal staat. Sinds vorig jaar beschikt Nederland ook over de eerste uitgeverij die zich specifiek richt op lesbische romantiek. Het betreft Tinteling FEM, een imprint van Tinteling Romance.

Ook in de V.S. komt de situatie langzamerhand in beweging. Volgens de New York Times beraden Harlequin en Avon, twee grote uitgeverijen, zich op maatregelen om de auteursgroep minder blank te krijgen. Het onderwerp stond onlangs ook hoog op de agenda van een congres van de Romance Writers of America, in Denver. Fans van het genre doen er ondertussen alles aan om boeken aan te bevelen die meer diversiteit bieden, en auteurs als Jeannie Lin en Beverly Jenkins te promoten. Een site als Smart Bitches, Trashy Books neemt diversiteit standaard mee in recensies, en geeft verhalen een lagere score als ze racistische en seksistische elementen bevatten.

Stapje voor stapje komt zo de vooruitgang tot stand. Want gebrek aan diversiteit is een probleem van mensen, en mensen kunnen er iets aan doen. Zo is het onderzoek van Ripped Bodice vol lof over Crimson, onderdeel van uitgeverij Simon & Schuster. Deze imprint slaagde er in 2017 in om maar liefst 29.3% van de gepubliceerde romans te laten schrijven door een auteur met een gekleurde huid. Zie je? Het kan best. Moge veel uitgeverijen dat goede voorbeeld volgen.

Stalkende mannen gaan door tot het gaatje

Nederlands onderzoek naar stalkers en de link met moord heb ik niet gevonden (tips welkom) maar uit Engels onderzoek blijkt dat de afgelopen drie jaar 49 vrouwen aangifte deden van stalking en daarna door de stalkende man werden vermoord. Deze cijfers kwamen alleen naar boven doordat VICE Magazine een beroep deed op de Engelse variant van de wet op de openbaarheid van bestuur, en politiekorpsen dwong hun archief in te duiken.

Uit de opgevraagde Engelse politiecijfers blijkt dat agenten de dader in veel van de 49 gevallen een waarschuwing gaf. Af en toe kreeg de man zelfs een straat- of contactverbod opgelegd. Maar daar bleef het bij. Totdat het wangedrag van de man in kwestie escaleerde en hij de vrouw vermoordde.

Cijfers uit de V.S. bevestigen dat het gaat om een groot probleem: ruim de helft van vrouwelijke slachtoffers stapte voor hun dood een of meerdere keren naar de politie wegens stalking. In Nederland maakten we een soortgelijk scenario nog zeer kort geleden mee in Utrecht. Sam G. stalkte zijn ex. De vrouw had de politie bij leven gewaarschuwd en Sam kreeg een contact- en straatverbod opgelegd. Dat mocht niet baten. Sam drong in juli haar woning binnen en ging over tot moord.

Gezien de voor vrouwen vaak dodelijke gevolgen van mannelijke geweld en agressie is het niet zo vreemd dat Engelstalige magazines zoals VICE Broadly oproepen tot effectiever beleid. Stalking en mishandeling verdwijnen niet, en als daders geen serieus teken krijgen dat hun gedrag voor henzelf vervelende gevolgen krijgt, gaan ze ongestraft door totdat weer een vrouw sterft. Een slachtoffer van een stalker ervoer dit van nabij:

“His behavior escalated over time with different relationships because there was no accountability for his actions. In his eyes, he was above the law.” […] Dronfield had previously reported Smith to police for stalking, but says she felt ignored. “In my case, police officers would make jokes while Smith was stalking me and making my life a misery,” she tells Broadly. “They’d say things like, ‘Why don’t you find yourself a nice boyfriend?’”

In Engeland voert Paladin National Stalking Advocacy actie om een register te openen met de namen van mannen die zich bij herhaling schuldig maakten aan misdaden zoals huiselijk geweld en stalking. Dit register zou besloten moeten zijn, alleen toegankelijk voor bevoegde politie-agenten. Als een vrouw dan voor de eerste keer aangifte doet, kan de politie zien dat het gaat om een recidivist. Agenten kunnen de vrouw waarschuwen en nemen haar signalen hopelijk serieuzer.

In Nederland is René Römkens een van de weinigen die de losse incidenten met elkaar verbindt, het probleem van mannelijke agressie expliciet benoemt en pleit voor hardere maatregelen. Bij haar aantreden als bijzonder hoogleraar constateerde zij dat geweld van mannen tegen vrouwen een epidemisch probleem vormt. Ze wijt gebrek aan actie aan massaal wegkijken, onder andere door seksisme te negeren of door net te doen alsof alleen mannen uit bepaalde culturen vrouwen slaan en vermoorden.

In het zicht van de massale agressie van mannen schiet de wet vaak tekort, aldus Römkens. Preventie en effectief optreden kan volgens haar alleen als de overheid de situatie als een schending van mensenrechten ziet:

In relaties kunnen andere normen gelden: ‘als je getrouwd bent, moet je me gehoorzamen’ of: ‘als man heb ik hier recht op’. Daar kan het strafrecht vaak niet tegenop. Daarom gaat Römkens seksueel geweld de komende jaren bestuderen vanuit genderperspectief. Omdat het véél vaker vrouwen dan mannen treft, kan het worden opgevat als een schending van een mensenrecht: het recht om vrij te zijn van discriminatie. “Dus rust er een plicht op de overheid om seksueel geweld te voorkomen. Om dat te bereiken moet ze de positie van vrouwen versterken, op alle terreinen, ook op de arbeidsmarkt en in het onderwijs.”

Over een register heeft ze het niet. Maar het is duidelijk dat er meer moet gebeuren dan nu. Preventie, hardere maatregelen, vaker betere bescherming voor vrouwen. Wat er ook nodig is, ruim voordat zo’n man overgaat tot seksueel geweld, moord en doodslag:

Laura Richards, the founder of the anti-stalking charity Paladin, says of the 49 deaths: “These figures are unacceptable. Many of the men identified through these figures will be serial abusers who target multiple victims, over time escalating to murder. These are the most dangerous of cases—they are murders in slow motion”

Kwart WW1 gedichten kwam van een vrouw

Engelstalige vrouwen schreven een kwart van de gedichten in en over de Eerste Wereldoorlog in Engeland. Wow, dat wist ik niet. Zoals zovelen dacht ik bij Engelse poëzie over die Grote Oorlog automatisch aan mannen zoals Wilfred Owen. Maar zoals de BBC benadrukt, vertegenwoordigden deze mannelijke militairen een minderheid. Ze kwamen niet verder dan 20% van de ‘productie’. Dat hun werk desondanks zo dominant is, komt door de manier waarop de canon tot stand kwam.

Dichteres Charlotte Mew

Canon-vorming komt tot stand op basis van status en macht. Zo ook hier. Militairen, zeker vanuit de hogere rangen zoals officier, stonden zeer hoog in aanzien in het Engeland van rond 1914. Zelfs als ze, zoals Owen, nauwelijks bekend waren als dichter in hun eigen tijd, kregen ze daarna alsnog een podium. De literaire elite hees de militaire mannen op een schild, onder andere door hun gedichten te bundelen en te publiceren. Vrouwen kregen geen plek in die prestigieuze overzichten.

Dus voilà, wie op school gedichten krijgt uit en over de Eerste Wereldoorlog, krijgt Wilfred Owen en collega’s voorgeschoteld. Engelse (maar ook Nederlandse) leerlingen horen of lezen niks van bijvoorbeeld Evelyn Underhill, die in haar gedicht ‘Non-combatants’ stelde: “Never of us be said/We had no war to wage.” Of Charlotte Mew, die net zo goed als Owen de vernietigende effecten van oorlog beschreef.

Langzamerhand beginnen mensen te morrelen aan dat beeld van ‘oorlogspoëzie = mannen zoals Owen’. Website Allpoetry zette een aantal dichteressen op een rijtje, met  links naar hun gedichten. De universiteit van Leicester publiceerde een speciale paper, om aandacht te vestigen op de stem van vrouwen. Volgens de universiteit

We are engaged in a process foreseen in 1918 by Eleanor Farjeon: ”Men will begin to judge the thing that’s past As men will judge it in a hundred years.” The quotation chosen to head this Bookmark may seem to be deliberately provocative, but even the most diligent reader of the poetry of the period would be hard-pressed to find any popular anthology that includes the work of a single female poet and might be tempted therefore to add to the quotation used, ‘or cared what they wrote’.

Tegenwoordig raken mensen zelfs een beetje los van het Westelijk front. De Eerste Wereldoorlog speelde zich op zeer veel fronten af, in allerlei andere landen dan België/Frankrijk/Duitsland. De gedichten die uit de koloniën en andere verder weggelegen fronten komen, beginnen ook aandacht te krijgen.

Het gaat niet snel, dat bijsturen en verbreden van de klassieke canon, maar het gebeurt. Vooruitgang!

Weldenkende mensen pleiten voor diversiteit in computerspelletjes

Vrouwelijke personages in computerspelletjes lijken slechts één verschijningsvorm te hebben: superlank, maar wel sexy en met grote borsten. Aanranding in games is geen probleem of wordt zelfs aangemoedigd. Je zou hopen dat deze situatie anno 2018 verdwenen was, maar nee. Hoogstwaarschijnlijk omdat uit onderzoek blijkt dat de dominante bedrijven die games produceren, het domein zijn van blanke en in mindere mate Aziatische mannen. De urgentie ontbreekt zodoende. Wil je verandering, dan moet dat van buitenaf komen. Van andere bedrijven, en van spelers, waaronder steeds meer vrouwen.

Eerst wat feiten. Een analyse van nieuwe ”grote” games gepresenteerd op vakbeurs E3, wijst uit dat slechts 8% een vrouwelijke hoofdpersoon kent. Dit percentage schommelde in de voorgaande jaren ook al tussen de 7 en 9 procent, oftewel de boel stagneert al tijden. De enige reden daarvoor is angst, gebaseerd op vooroordelen. Een beetje zoals de mythe dat een vrouwelijke hoofdpersoon in een film vergif is voor succes in de bioscoop, grondig onderuit gehaald als je feiten bekijkt – sterker nog, cijfers tonen aan dat films met vrouwen in de hoofdrollen juist meer succes hebben.

Met mannelijke hoofdpersonen hebben bedrijven geen probleem. Een kwart, 24%, van de games draait om een man en geeft de speler geen keuze in sekse. De enige lichte verbetering zit bij de games die de speler laten kiezen of ze een mannelijk of vrouwelijk personage als held/in nemen. In trailers laten grote ontwikkelaars zoals Ubisoft steeds vaker naast de man ook het vrouwelijke personage zien. Dat vergroot de kans dat een speler inderdaad voor de vrouwelijke variant kiest, want de meesten doen dat niet. Bij Mass Effect koos bijvoorbeeld slechts 18% van de spelers voor de vrouwelijke hoofdpersoon.

Waar de dominante bedrijven vrolijk door gaan met blanke mannen voorop stellen, komt diversiteit van buiten- en van onderaf. Zogenaamde indie-bedrijven, kleinere ontwikkelaars die buiten de paar dominante kolossen opereren, kennen meer diversiteit in hun personeelsbestand en maken games die ook veel diverser zijn. Sterker nog, soms zijn de games ronduit activistisch. Zoals Hair Nah, een game waarbij je een zwarte vrouw speelt die moet voorkomen dat wildvreemde mensen aan haar haar zitten:

The web game, created by designer Momo Pixel, went viral in November, and allows users, as a black woman named Aeva, to fend off a swarm of incoming white hands trying to touch her hair. As Pixel told Newsweek in November, “It’s literally happened to every black girl I’ve met….Working on this game was such a breath of fresh air because finally I get to tell you, ‘No, stop touching me,’ before it happens—and in the most fun, chill, hilarious way.”

Een ander, iets ouder voorbeeld, is Decisions that Matter, eveneens gemaakt door een vrouwelijke ontwerper. Deze game gaat in op seksueel geweld en beschikt over een knop waarmee je spelsituaties direct kunt stopzetten als het te dichtbij komt voor een speler.

Ook vrouwen algemeen roeren zich meer en meer om te pleiten voor diversiteit.  Eén van de vrouwen die al jaren aan de weg timmert op dat gebied is Anita Sarkeesian van Feminist Frequency. In haar Youtube video’s analyseert ze haarscherp wat er gebeurt met vrouwen in games en pleit voor meer diversiteit:

Daarnaast hield organisatie Women in Games in juli 2018 een succesvol congres in Italië om zich te beraden op de situatie.

Beeldvorming lijkt triviaal, maar dat is het niet. Wat je keer op keer herhaalt ziet in fictie en fantasie, heeft effect op mensen:

The ultimate takeaway is that the lack of diverse body types isn’t just a wasted artistic opportunity, but an actively dangerous reinforcement of the idea that women become less valuable if they’re larger, older, or simply different from this template.

Dat geldt dubbel voor jongeren die nog verder moeten opgroeien en al doende en ziend leren wat ‘normaal’ is en wat niet – zie dit onderzoek, bijvoorbeeld. Van seksobjecten op het scherm en mannelijke hoofdpersonen dominant in de marketing, is het vervolgens maar een kleine stap om meisjes en vrouwen in de echte wereld vijandig te behandelen. Zo wijst onderzoek uit dat eenderde van de vrouwelijke gamers discriminatie tegenkomt en dat 32% te maken kreeg met seksuele intimidatie.

Als games stelselmatig één bevolkingsgroep voorrang geven en alles inrichten zodat hun fantasie wordt geprikkeld, ga je daar aan wennen. Als een ontwikkelaar vervolgens vrouwen een grotere rol laat spelen, is het gejank niet van de lucht. Zo schoten jongens en mannen massaal in een kramp toen Battlefield V vrouwelijke militairen toonde – geheel accuraat, want vrouwen speelden altijd een rol in veldslagen en oorlogen.

Ontwikkelaar DICE gaf geen krimp en liet dit deel van de fans weten dat de vrouwelijke militairen blijven:

“The Battlefield sandbox has always been about playing the way you want,” he concludes. This sometimes means offering fantastical experiences that are neither realistic nor historically accurate, “like attempting to fit three players on a galloping horse, with flamethrowers,” writes Gabrielson. “With BFV you also get the chance to play as who you want. This is #everyonesbattlefield.”

Dat is een houding waar meer ontwikkelaars een voorbeeld aan kunnen nemen. Natuurlijk gaan mensen met onverdiende privileges protesteren als hun speeltje afgepakt wordt en ze moeten delen met andere mensen. Dat heet volwassen worden en daar moeten deze mensen mee leren dealen. Verandering gaat in kleine stapjes, maar ze komen er. Als we maar blijven duwen, trekken, bekritiseren, belonen en goede voorbeelden geven.

Vrouwen protesteren tegen de loonkloof

Vrouwen kampen wereldwijd met een loonkloof. Naarmate de bewustwording daarover groeit en vrouwen een groter gevoel voor eigenwaarde ontwikkelen, neemt ook het verzet toe. Met succes: IJsland voerde onlangs een wet in die werkgevers verplicht mannen en vrouwen aantoonbaar hetzelfde te betalen. Landen die deze stap nog niet zetten, krijgen meer en meer te maken met demonstraties. Zoals stoppen met werk zodra voor vrouwen de gratis werktijd een aanvang neemt.

In Frankrijk vond de wegloop-actie georganiseerd plaats, onder leiding van organisatie Les Glorieuses. In IJsland vond de stakingsdag iets eerder plaats, in oktober 2017, voor de invoering van de wet die de ongelijke beloning verbiedt. Vrouwen verlieten hun werk rond half drie ’s middags. In Frankrijk was dat 7 november, half vijf ’s middags. Vrouwen legden op dat moment uit protest hun werk neer, omdat ze de rest van het jaar geen salaris meer krijgen.

In Nederland komt het verzet tegen de loonkloof ook langzaam op gang, maar mensen moeten er in ons land nog erg aan wennen dat vrouwen een hardere koers varen. BNR-presentratrice Petra Grijzen verliet radioprogramma Spitsuur met de uitspraak ,,Ik zit nu op 68 procent van mijn werkdag, succes met de uitzending.” Haar mannelijke collega’s reageerden verbaasd en lichtelijk vijandig:

De twee co-hosts reageren verbouwereerd. ,,Ga je echt weg? Dit is echt heel flauw. Goed, Petra gaat echt weg. We zijn niet in IJsland hè”, roept sidekick Thomas nog.

Nederland kent een behoorlijke loonkloof, vanwege de onderbetaling van zogenaamde ‘vrouwenberoepen‘. Kijk je binnen eenzelfde beroepsgroep of bedrijf, dan blijkt dat interne procedures en loongebouwen vrouwen structureel op achterstand zetten. Cijfers van de OECD tonen aan dat Nederland slechts vier landen voor zich heeft, te weten Israel, Korea, Japan en Estland. Alle andere vergeleken landen doen het beter dan wij. Zoals Portugal, Chili, Spanje, Denemarken en buurland België.

Bij dit alles neem ik zwangerschapsdiscriminatie nog niet eens mee – de praktijk waarbij werkgevers vrouwen van hun salaris beroven zodra ze in ”blijde” verwachting zijn. Uitzendkrachten en vrouwen met allerlei tijdelijke contracten zijn kwetsbaar voor ontslag/contract niet verlengd. Ben je beter beschermd, dan kun je een zwangerschap nog steeds in je portemonnee voelen. Vrouwen rapporteren dat de werkgever hen een beloofde promotie niet geeft, of dat een opleiding opeens aan hun neus voorbij gaat. Op al die momenten komen de inkomens van vrouwen onder druk te staan, terwijl mannen ongehinderd geld binnen blijven harken. Dat maakt het zo frustrerend en ergerniswekkend.

Komt er in Nederland, net als IJsland, ook zo’n wet die bedrijven verplicht de loonkloof aan te pakken? Als het aan oppositiepartijen zoals GroenLinks ligt wel. De partij publiceerde een voorontwerp voor een wet met een soortgelijke strekking. Ook vakbonden zoals FNV ijveren voor hardere maatregelen om te voorkomen dat mannen meer krijgen voor hetzelfde werk. Beide groepen maken dankbaar gebruik van onderzoeken van het College voor de Rechten van de Mens, die de problematiek haarfijn onderbouwen.

Totdat de overheid echter stelling neemt, moeten wij mensen van onderaf druk uit blijven oefenen. Want als er niks gebeurt moeten vrouwen tot in maart of april 2019 doorwerken om hetzelfde loon te verdienen wat mannen per 31 december 2018 uitbetaald kregen voor hetzelfde werk.

Boeken! En nog meer boeken!

Lezen, heerlijk… In de zomervakantie heeft iedereen hopelijk wat meer tijd om in andere werelden te duiken. En het leukste is dat je daarna boekentips kunt delen met andere lezers. Hieronder de mijne…

Maria Dermoût

Nog Pas Gisteren, Maria Dermoût. Bij een afgeschreven-boeken-verkoop in de bibliotheek trof ik een bundel aan met haar verzamelde werk. Ik had nog nooit van deze Nederlands-Indische schrijfster gehoord. Dat zegt vooral iets over mijzelf en mijn ouwe docent Nederlands, die alleen de selecte club universelen interessant vond en verschrikt opkeek toen ik een boek van Helen Knopper op mijn leeslijst zette – hij had nog nooit van haar gehoord, terwijl ze ook destijds al verschillende werken had geschreven.

Ook Dermoût hoorde duidelijk niet bij het standaard curriculum, wat een gemis in mijn opvoeding was. Want ik heb nog een aantal verhalen en romans te gaan, maar de novelle Nog Pas Gisteren smaakte al zeker naar meer. In krap negentig pagina’s schetst Dermoût door de ogen van een jong meisje een beklemmende koloniale wereld, die op instorten staat. Dermoût maakt optimaal gebruik van het verschil in kennis, ervaring en inzicht tussen het jonge meisje en jij, de volwassen lezer.

Het meisje gist naar het waarom van de houding van familieleden ten opzichte van elkaar. Als lezer moet je ook een beetje gissen, maar kun je een heel eind komen – verboden relaties, overspel, huwelijken die net als de bredere situatie op instorten staan. De hoofdpersoon snapt niet precies waarom vertrouwde inheemse mensen opeens kil doen en vertrekken. Als lezer snap je het wel: de politieke situatie verandert en mensen zijn het zat om voor blanke plantagehouders te werken.

Bij Nog Pas Gisteren had ik dezelfde leeservaring als bij Een Dwaze Maagd van Ida Simons: het verhaal besluipt je van achteren. Het begint klein en onschuldig. Je denkt tralalala, valt wel mee. Om vervolgens in de laatste pagina’s WHAM een emotionele uppercut te krijgen van heb ik jou daar.

In Trainwreck analyseert feministe en journaliste Sady Doyle het fenomeen van de Gevallen Vrouwelijke Beroemdheid. Zij ziet in de tragedies rondom Marilyn Monroe, Britney Spears en Amy Winehouse de manier waarop de samenleving vrouwen afstraft als ze het wagen de openbaarheid op te zoeken. Magazine The Atlantic publiceerde een lovende bespreking van dit boek en put hoop uit het feit dat de gang van zaken rond huidige beroemdheden wijzen op een verandering ten goede:

the female celebrities who are ascendant today are dominant precisely because they have studiously avoided, for the most part, the Spearsian style of public downfall. Beyoncé, Taylor, Rihanna, Angelina, Shonda—these women are, for the most part, deeply in control of their own stories and images. […] …they serve less as icons of fallen femininity than of what may well be the new regime: one in which women set their own agendas.

Ingetogen en mooi: The sister : a novel based on the life of Alice James van Lynne Alexander. Kun je een mooi boek schrijven over een 19e-eeuwse vrouw die, vanwege pijnlijke zware menstruaties en andere aandoeningen het grootste deel van de tijd op bed ligt? Ja, bewijst Alexander. Ze kruipt helemaal in de fictieve denkwereld van de echt bestaande Alice en geeft zo een inkijkje in het bestaan van iemand die niet bekend werd, zoals haar schrijvende broers, maar die een zeer rijk innerlijk leven leidde en zich staande hield, ondanks al dat op bed moeten liggen. Lastig te beschrijven boek, lees het 😉

De Ancillary trilogie, van Ann Leckie… Mooie, spannende boeken, waar ik eerder al aandacht aan besteedde. Tijdschrift Vileine noemt ze een instant classic en gelijk hebben ze.

En de winnaars van het beste Groninger boek 2018 zijn… twee winnaressen, te weten Nhung Dam en Karin Sitalsing! Dam is theatermaakster en deed onlangs nog met een productie mee aan Oerol. In Duizend Vaders, haar literaire debuut, schrijft ze hoe een 11-jarig vluchtelingenkind zich probeert te handhaven in een nieuw land, Groningen. Sitalsing ging in haar non-fictieboek Boeroes op zoek naar de levens van de ‘gewone’ blanke Surinamers. Geen rijke plantagehouders, maar arme sappelaars die in de negentiende eeuw naar Suriname reisden in de hoop op een beter leven – en dat meestal niet vonden.

Tot slot een inspirerend idee. Anne stond voor haar boekenkast en telde, onder andere geïnspireerd door de Lezeres des Vaderlands, het aantal vrouwen, mannen en nationaliteiten dat op de planken stond. Dat bleek bedroevend weinig. Haar collectie was 78% man en 95% blank. Dus besloot ze op wereldreis te gaan:

Ik zal dwars door Afrika trekken, kriskras door Azië en eilandhoppend door Oceanië. Niets bijzonders, zou je denken, behalve dan dat mijn vervoermiddel geen vliegtuig maar papier zal zijn en mijn gids geen Lonely Planet maar een schrijver uit elk land ter wereld. Ik ga op reis door de wereldliteratuur.

Per land zoekt ze mooie romans uit – zie hier de lijst tot nu toe. Daarbij werd al snel duidelijk dat een Nederlandse lezer die meer wil dan standaard, er soms bekaaid vanaf komt. Zo verscheen haar keuze voor het Afrikaanse land Gabon, een roman geschreven door Angèle Rawiri, alleen in het Frans en in een Engelse vertaling. Fijn dus dat ze een weblog bijhoudt over haar literaire avontuur, dan weten we in ieder geval van het bestaan van een titel en kun je daarna makkelijker zelf iets zoeken en vinden.

Ervaring sterker dan holle vooroordelen

Terecht reageerden mensen geschokt op het nieuws dat ruim de helft van de Nederlanders liever geen vrouw als baas wil. Maar het onderzoek biedt een zeer hoopvolle aanwijzing. Namelijk deze: in sectoren met relatief veel vrouwelijke leidinggevenden maalt niemand meer om de sekse van de manager. Mensen raken gewend aan een vrouw in een leidinggevende rol en gaan haar behandelen als een normaal persoon. Ervaring is sterker dan op angsten en stereotypen gebaseerde vooroordelen. Die omslag komt tot stand zodra dertig procent van de groep uit vrouwen bestaat.

Eerst het slechte nieuws. HR Pay for People deed onderzoek naar de houding van duizend werknemers ten opzichte van leidinggevenden. Uit de enquete bleek dat van de jonge mannen 73 procent liever niet onder een vrouw werkt. Het Algemeen Dagblad gaf hun angsten behulpzaam weer door het artikel te laten begeleiden door een foto van een feeks die uit lijkt te halen naar een in elkaar duikend groepje medewerkers. Bedankt, AD, voor deze bevestiging van stereotypen. Neem je de hele onderzoeksgroep, dan wilden nog steeds ruim de helft van de m/v liever een man als baas.

De krant citeert Janka Stoker, hoogleraar Leiderschap en Organisatieveranderingskunde aan de Rijksuniversiteit Groningen:

,,Bij een goede leider denken we eerder aan masculiene dan aan feminiene kwaliteiten. Een leider associëren we met daadkracht, dominantie en risicobereidheid. Die eigenschappen dichten we eerder toe aan een man dan aan een vrouw.” […],,Een goede vrouw is zorgzaam, kan goed luisteren, wil niet op de voorgrond treden, is niet dominant, maar wil samenwerken en de boel bij mekaar houden. Dat soort stereotypen hebben we in ons hoofd, vrouwen net zo goed als mannen.” De eigenschappen die we toedichten aan een leider passen dus slecht op het beeld dat we in ons hoofd hebben van een vrouw, stelt Stoker.

Zo’n beeld van ‘leider = man” heeft grote, negatieve gevolgen voor vrouwen. Onderzoek na onderzoek wijst uit dat mensen liever een man aannemen, omdat die naadloos past in het beeld van leider. Als vrouwen al een kans krijgen, moeten ze spitsroeden lopen. Vertoon je bij leiderschap passend gedrag, dan zou je een moeilijk rotwijf zijn waar niemand mee samen wil werken. Probeer je ”vrouwelijk” te blijven, dan ben je een zwak emotioneel meisje en neemt niemand je serieus. Zo kun je het onmogelijk goed doen. Iets waar mannen geen last van hebben: ze kunnen doen wat ze willen en ook als middelmatig type toch decennia lang onaantastbaar doorregeren, omringd door mensen die respectvol ruimte bieden aan deze mannen.

Maar nu naar de positieve kant. Halverwege allerlei artikelen over dit onderzoek naar de houding rond vrouwelijke bazen komt een zeer hoopvol gegeven naar voren. Wie gewend is aan vrouwelijke leiders, kan vooroordelen en nare etiketten achter zich laten en accepteert een vrouwelijke baas als iets heel normaals:

HR-baas Luyten vindt dat bedrijven meer moeten doen om te zorgen dat ook vrouwen een leidinggevende positie kunnen bemachtigen. Stel gewoon een vrouw aan als zij geschikt is, is zijn advies. Als voorbeeld noemt hij de uitzendbranche, waar relatief veel vrouwelijke manager werken. “Je ziet daar dat mannen een ander beeld hebben van een vrouw als baas, gewoon omdat ze dat meegemaakt hebben. In onze organisatie streven we naar een mix, want volgens mij heb je zowel mannen als vrouwen nodig.”

Op andere gebieden blijkt hetzelfde fenomeen. Zo onderzocht het CBS dat jongeren over het algemeen nog steeds traditionele opvattingen over rolpatronen hebben. Maar er is een groep die werkende vrouwen prima vindt, en zij hadden gemeen dat ze dat van huis uit mee hadden gekregen. Hun eigen moeder werkte betaald buitenshuis en dat was normaal, dus hoezo zou dat in hun eigen huishouden straks niet kunnen?

Of neem universiteiten: eerst verboden mannen vrouwen te studeren aan universiteiten, daarna was de eerste vrouwelijke studente een bezienswaardigheid, die achter een gordijn moest zitten omdat het anders té erg werd, daarna werd het normaal dat mannen én vrouwen studeren, en tegenwoordig zijn jonge vrouwen zelfs vaker hoog opgeleid dan jonge mannen.

Kortom, situaties normaliseren. Vrouwen worden mensen en de vooroordelen vallen weg. Alles wat er nodig is, is de wil om een bestaande situatie te problematiseren en er iets aan te doen. Vrouwelijke leiders eng en vervelend? Neem ze aan, geef ze die leidinggevende positie, en kijk, het went en je haalt die drempel van 30% en na een poosje kijkt niemand er meer van op. Selecteer je volgens je eigen overtuiging alleen naar kwaliteit en kom je vervolgens met een lijst met allemaal blanke mannen op de proppen? Zoek bewust verder, neem bewust vrouwen op in je namenlijstjes, en voordat je het weet worden je kandidatenselecties volautomatisch kleurrijk en divers. Je hoeft geen raketgeleerde te zijn. Je moet alleen wíllen.

Zelfmoord: gender speelt cruciale rol

Opwinding alom rond de hoge zelfmoordcijfers onder jongeren tussen de 10 en 20 jaar. In de media speculeren deskundigen over de oorzaken van de toename, en nemen daarbij vanalles mee. Van sociale media en Netflix series tot aan drugsgebruik en gebrekkige toegang tot zorg, het komt allemaal voorbij. Vreemd genoeg ontbreekt gender. Dat lijkt een blinde vlek. Wie even in de cijfers duikt, ziet echter meteen dat je de rol van iemands sekse niet kunt negeren.

Als baby word je in onze samenleving al opgescheept met stereotiepe opvattingen over je sekse

Volgens het CBS pleegden in 2017 bijna tweeduizend mensen zelfmoord (1917 mensen). De groep van tien tot twintig jaar viel op omdat het aantal zelfmoorden in deze leeftijdscategorie jarenlang min of meer stabiel bleef hangen rond de vijftig per jaar. Nu zijn het er opeens 81.

Als je gender meeneemt bij dit soort cijfers, worden bepaalde patronen opeens zichtbaar. Jongens plegen vaker zelfmoord. Kijk je naar de harde cijfers, dan ging het in 2016 om 6 jongens en 3 meisjes in de leeftijdscategorie van 10-15 jarigen. Bij de 15 tot 20-jarigen pleegden 24 jongens zelfmoord, en 15 meisjes. Kijk je nog iets verder, dan nemen de verschillen toe. In de categorie 20-25-jarigen pleegden 53 jongens zelfmoord, tegenover  20 meisjes.

Dit wil overigens niet zeggen dat alles ok is met de meiden. Zo constateerde psycholoog Frans Duintjer jaren geleden al dat jongens inderdaad vaker zelfmoord plegen, maar dat meisjes veel meer pogingen doen. Omdat hun pogingen minder vaak fataal zijn, komen ze minder terecht in de zelfmoordstatistieken zoals het CBS die publiceert. Maar er is wel degelijk iets aan de hand, anders doe je geen zelfmoordpoging. Meiden staan in onze samenleving onder een zware druk: we hebben vaker te maken met seksueel geweld en sociale druk om bescheiden, zorgend, troostend, vriendelijk en lief te zijn. Gezond assertief gedrag leidt al snel tot het scheldwoord bitch, en zelfs onze premier vindt dat vrouwen geen kwaliteit hebben. Je zou van minder depressief worden.

Maar goed, bij ”succesvolle” pogingen tot zelfmoord voeren jongens en mannen de boventoon. En dat is een groot probleem. Kijk je naar de volwassenen, dan blijkt ook hier dat mannen vaker dan vrouwen zelfmoord plegen. Het verschil neemt iets toe. In 2015 werd bijvoorbeeld zichtbaar dat het aantal vrouwen dat zelfmoord pleegde gelijk bleef. Bij de mannen steeg het aantal echter met 30. Deskundigen verwijzen voor dit verschil bij volwassenen naar gender:

Jan Mokkenstorm, psychiater bij suïcidepreventieplatform 113Online zegt dat sommige mannen minder goed kunnen omgaan met nieuwe levensfases dan vrouwen: “Van scholier naar werknemer, van jongen naar adolescent, van vriendje naar vader. Als zij die nieuwe rol niet kunnen volhouden, leidt het in hun beleving tot gezichtsverlies.”  En mannen zoeken ook minder snel hulp als het fout gaat, terwijl dat juist erg belangrijk is, benadrukt de psychiater: “Ze hebben het gevoel alles zelf te moeten oplossen. Zeker als het gaat over praten over hun gevoelens van hopeloosheid. Ze betrekken anderen daar niet bij en drinken soms te vaak.”

Mokkenstorm houdt het neutraal, maar wat hij hier benoemt gaat duidelijk over rolpatronen en opvattingen over mannelijkheid. Het belang van status, waarbij mislukking niet acceptabel is en gezichtsverlies ten koste van alles voorkomen moet worden. De ‘mannen huilen niet’ dogma’s, waardoor mannen blijven doen alsof alles ok is, nergens over praten, en hun emoties inslikken want een echte man lost alles zelf op en praten over gevoelens is voor mietjes. Enzovoorts.

Onderzoek naar de situatie in Europa wijst nog op een ander aspect waarbij gender cruciaal is: als falen niet mag, als je geen gezichtsverlies wil leiden als man, is het voor mannen veel belangrijker dan voor vrouwen dat je zelfmoordpoging ook echt slaagt. Hun mannelijkheid staat op het spel. Wetenschappers denken dat de intentie van mannen zodoende sterker is dan bij vrouwen. Bij vrouwen zouden de ambivalentie en twijfel wellicht groter zijn.

Zulke traditionele beelden van een specifiek soort stoere mannelijkheid krijgen helaas veel steun van rechtse groeperingen en de alt-right beweging die via internet een conservatief wereldbeeld verspreidt. OneWorld schrijft hierover:

mannen en vrouwen zouden strikt gescheiden rollen hebben, die biologisch bepaald zijn. Gendergelijkheid zou een dwaas streven zijn, zonder enige wetenschappelijke basis. Hoewel die vaststelling van geen kant klopt, vindt die veel weerklank. Dat is waar de manosphere overlapt met alt-right. Ze herkauwen en bekrachtigen allebei rigide ideeën van mannelijkheid, door het mannelijke systematisch te onderscheiden van het vrouwelijke. Deze grens moet volgens hen bewaakt en versterkt worden.

Dit is precies wat feministen bedoelen als we zeggen dat seksisme ook schadelijk is voor jongens en mannen. Waarom zou je als man niet over je gevoelens mogen praten? Waarom moet je als man per se sterk, onverstoorbaar en tot het bittere einde aan toe zelfstandig zijn, terwijl je soms gewoon om hulp moet vragen? Waarom wijzen we gevoelens toe aan vrouwen en gaan we er daarna minachtend over doen, in de trant van roddeltantes, zeikwijven, huuuu emoties, daar heb je de hysterische overdrijfbrigade weer, nee, wij mannen, wij zijn sterk en stoer en ver verheven boven dat wijvengedoe.

Deze hokjes, waarbij mannen zich krampachtig afzetten van vrouwen, vrouwen de grond in boren en van zichzelf stoïcijnse superhelden maken, beschadigen iedereen. Zo’n manier van tweedelingen aanbrengen leidt tot vijandbeelden waar we vanaf moeten. Het leidt tot zwart-wit denken waarin alle nuances ontbreken. Als man ben je óf de sterke leider, of een verachtelijk watje, iets er tussenin bestaat blijkbaar niet.

Feministen zeggen dat wij allemaal mensen zijn. We komen niet van Mars of Venus, we komen van de aarde. Feministen zeggen ook dat je zeer veel over het hoofd ziet als je geen aandacht hebt voor gender en machtsverhoudingen. Je ziet aspecten van situaties over het hoofd en mist zodoende ook mogelijke oplossingen en preventieve maatregelen. Al die deskundigen die nu bij zelfmoord onder jongeren kijken naar de sociale media en de geestelijke gezondheidszorg, zouden als de wiedeweerga ook de rol van mannelijkheid, vrouwelijkheid en gender mee moeten nemen in hun analyses. Alleen dan kunnen we het tij misschien keren.

Bel 113 voor hulp. En lees boeken. Bijvoorbeeld van Cordelia Fine. Of het boek Vrouwen en Ambitie, van Anna Fels. En waarom feminisme voor iedereen is, van Bell Hooks.

Nieuwsronde: vrouw als kanarie in de kolenmijn

Zo weinig tijd, zoveel mooie artikelen. Daarom een nieuwsronde met links naar allerlei interessante analyses, mooi geschreven artikelen en essays. Geniet ervan en hopelijk biedt het stof tot nadenken….

  • Allereerst een mooie analyse van wielrenster en wieleranalist Marijn de Vries over de onderwaardering van de vrouwensport. Ze kreeg meteen te maken met het klassiek Hollandse koor van zeur niet roepers toen ze daar aandacht voor wilde vragen. Pas toen mannen het onderwerp serieuzer namen, kwam het thema op de agenda. Maar ze blijft hoopvol: via haar bestuursfunctie kan ze meer invloed uitoefenen en lobbyen voor preventie van seksueel misbruik en een betere betaling van grofwielrensters. Ze ziet vooruitgang. Lees vooral haar hele artikel voor dagblad Trouw.
  • Om te begrijpen hoe dit werkt – vrouw begint ergens over en zeurt, man begint ergens over en het is belangrijk – kan de term Patriarchaat behulpzaam zijn. Charlotte Higgins constateert in de krant The Guardian dat dit begrip een tijdje uit de mode was, want jeetje, kan er niet een ander, vriendelijker woord voor komen. Maar om de systematische marginalisering van vrouwen en het vrouwelijke te begrijpen én er effectief iets aan te doen, blijkt patriarchaat toch het beste te voldoen. Steeds meer feministische groepen gebruiken het woord weer en worden er strijdbaarder door. Zelfs kritische religieuze mensen gebruiken de term op een goede manier in hun analyses. Wow.
  • Vrouwen blijven de kanariepiet in de kolenmijn, citeert journaliste Elizabeth Chang. Als er ergens iets giftigs broeit in de samenleving, merk je dat als eerste aan de dode en gewonde vrouwen. Chang werkte voor de Amerikaanse krant Capitol Gazette, waar een man onlangs vijf mensen dood schoot. Al snel bleek dat hij een historie had van vrouwenhaat en vrouwen belagen. Hij kon het niet verkroppen dat een vrouw hem afwees en dat de krant er over schreef. Na allerlei juridisch getouwtrek besloot hij zijn gelijk met geweld te halen. Iets wat wel meer mannen doen….
  • ….maar waarover media vaak zwijgen in alle talen. Ook in Nederlandse kranten las ik er weinig tot niets over. Terwijl seksisme en vrouwenhaat overduidelijk een belangrijke rol speelde als factor in dit geweld. Veel mannen die meer dan drie mensen in een keer doodschieten, schopten, sloegen en belaagden daarvoor vrouwen. We moeten stoppen om mannen met fragiele egootjes te beschermen en dit probleem aanpakken, roept feministische auteur Laurie Penny op. Echt, het is mogelijk te veranderen: ,,There is nothing in men’s nature that obliges them to behave like this. The problem is not masculinity but misogyny. There are plenty of shy, lonely men living in their parents’ basements who have not taken up violent woman-hatred as a way to relax after work.”
  • Dat vrouwen het beter krijgen is in eenieders belang, want terreurorganisaties vinden wanhopige vrouwen maar wat fijn. In ruil voor voedsel en water kunnen ze vrouwen dwingen terroristische acties uit te voeren. De vrouwen zijn zo wanhopig dat ze iedere kans aangrijpen om de dag te overleven. Ze zijn zodoende een gewillige prooi. Volgens de NATO bieden ze betere ”hulp” aan vrouwen dan organisaties die terrorisme juist willen bestrijden.
  • De Academy of Motion Picture Arts and Sciences, de groep mensen die beslist welke film een Oscar krijgt en welke niet, wordt steeds diverser. Vrouwen maken inmiddels 31% uit van de Academy, tegen een kwart in 2015. Het aantal mensen met een gekleurde huid verdubbelde zelfs ten opzichte van 2015 – het percentage steeg van 8 naar 16%. Belgisch magazine Knack constateert dat de Academy eindelijk gevoelig lijkt te worden voor de aanhoudende kritiek op de monocultuur, en pogingen doet meer diversiteit te bereiken. Mooi nieuws, want Oscars zijn van invloed op trends in filmland, en welke verhalen we status geven en welke niet. Hoe diverser dus de kiescommissie, hoe groter de kans op meer diversiteit in de stemmen die we horen.
  • Dat blijkt ook maar weer eens bij Ocean’s 8. Waar mannenproducties zoals The Expendables rustig drie sterren bijeen harken, geven filmcritici Ocean’s 8 hooguit een magere twee sterren. Steeds meer vrouwen nemen daar aanstoot aan. Vervang ‘jaren tachtig macho’s en hoera ze blazen dingen op’ door ‘acht actrices op hoogtepunten in hun carrière stelen dingen’ en je hebt de switch van man naar vrouw gemaakt. Waarom krijgt het mannelijke vermaak dan hogere waarderingen dan de vrouwelijke variant? Seksisme, signaleren de actrices en vele vrouwen met hen. Plus de eenzijdige groep critici. Ruim 80% blank en mannelijk. Waarom bepaalt die monocultuur onze smaak? Ocean’s 8 rulez!
  • Een ongewenste zwangerschap voorkomen. Prettige seks – hoe en wat. En pijnlijke menstruaties. Zo ziet de top drie eruit van de zorgen die vrouwen hebben rond hun seksuele gezondheid, volgens een onderzoek van Public Health England. De organisatie bevroeg een groep van 7000 vrouwen om tot deze top drie te komen. Wat betreft menstruatiepijnen en andere ellende blijkt 42% van de vrouwen ergens aan te lijden, maar nog geen 20% zoekt daarvoor medische hulp. Veel vrouwen willen niet zeuren, schamen zich of zijn terecht bang afgepoeierd te worden door artsen die moeite hebben om vrouwen te geloven.
  • Mannelijke journalisten volgen en reetweeten vooral (91%) andere mannen op Twitter, wijst onderzoek uit. Vrouwelijke journalisten komen bijna niet door dit bolwerk van elkaar schouderkloppen gevende mannenbroeders heen. Mannen domineren op die manier discussies op sociale media en beïnvloeden daarmee ook politieke ontwikkelingen. Want ook politici volgen vooral mannen en mannelijke journalisten op Twitter. Zo krijg je een zichzelf versterkende loop tussen media en politiek.Het goede nieuws? Meten is weten, en als je zelf inziet hoe eenzijdig je Twittergedrag is, kun je je gedrag aanpassen en bewust de opinies van vrouwen versterken.
  • Vrouwen zijn vaak solidair met elkaar. Dat blijkt maar weer eens uit een hele lading verhalen van vrouwen die elkaar in bescherming namen in situaties rond straatintimidatie en seksueel geweld. Wildvreemde vrouwen zien dat er iets mis gaat en helpen een andere vrouw. Op Tumblr delen nu steeds meer vrouwen dit soort ervaringen. Hartverwarmend. En wat zou het fijn zijn als wij vrouwen overal veilig rond zouden kunnen lopen…..
  • Fun Facts rond vrouwelijke burgemeesters: tot 1933 verbood de Gemeentewet vrouwelijke burgemeesters. Het ambt was voorbehouden aan mannen. Na opheffing van het verbod werd Truus Smulders-Beliën de eerste. De vooruitgang verliep moeizaam. Dik in de jaren tachtig telde Nederland slechts 25 vrouwelijke burgemeesters. In 2017 was dat opgelopen tot 81, en dit jaar 99. Dat is inclusief de aanstaande benoeming van Femke Halsema in Amsterdam. Partijen als de SGP weigeren stelselmatig vrouwen voor te dragen voor het ambt. De Kroon is vooruitstrevender: 35% van de door Nederland gekozen burgemeesters is vrouw.

 

WK toont seksistische trekjes

Mannenvoetbal lijkt bij een deel van de mannen het ergste naar boven te halen, als het gaat om vrouwen. In korte tijd zagen journalistes zich geconfronteerd met handtastelijke mannen, nam haat jegens vrouwelijke voetbalcommentatoren ernstige vormen aan, en organiseerde Getty een wedstrijd ‘knapste fan’, met alleen foto’s van vrouwen. Het signaal is duidelijk: een deel van de mannen eigent zich voetbal toe als HUN territorium. Als vrouw moet je óf opzouten, óf ten alle tijden beschikbaar zijn als sexy consumptiemiddel voor wildvreemden. Gelukkig neemt het verzet tegen wangedrag toe.

Wat betreft seksobject tekende het WK tot nu toe een aantal lelijke incidenten op, die duidelijk het topje van de ijsberg zijn. Bezoeksters van wedstrijden signaleren dat mannen behoorlijk handtastelijk zijn. Mannen fluiten vrouwen na, roepen naar ze, bepotelen hen ongewenst. De Russische autoriteiten doen wat ze kunnen maar het blijft lastig. Zo zijn agenten een groep Braziliaanse fans op het spoor die Rusinnen lastig valt, maar als je één vent arresteert duiken er zes anderen op die verder gaan. De intimidatie maakt dat vrouwen nauwelijks alleen op straat durven te lopen.

Ook journalistes zijn niet veilig voor grijpgrage handjes. Tot nu toe vielen mannen tijdens dit WK al drie presentatrices lastig terwijl ze voor de camera verslag deden. Moet je je voorstellen, je doet je werk en opeens overvalt een vent je met ongewenste zoenen en ander gezwam, in het openbaar, midden in de uitzending. Omdat zijn behoeftes boven alles zouden gaan. Belachelijk. Het maakt het voor Julia Guimaraes, Julieth González Therán, Malin Wahlberg en andere vrouwen extra moeilijk om journalistiek te bedrijven.

Andere keren krijgen vrouwen expliciet te horen dat ze moeten opzouten, omdat ze vrouw zijn. Neem de voetbalcommentatoren. We zijn gewend dat mannen het commentaar leveren, want mannen domineren dit beroep bijna totaal. Onder andere in Engeland en Duitsland is het voor de eerste vrouwelijke voetbalcommentator spitsroeden lopen. Een vocaal groepje mannen beschouwt hen als indringers. Zo meldde de NOS dat Duitsers helemaal doordraaiden toen Claudia Neumann live commentaar gaf bij wedstrijden. Ze moest de gang dweilen bij de omroep ZDF, terug de keuken in, opzouten.

Behalve de oproep aan vrouwen om terug hun hok in te gaan (keuken, huishouden, ga vrouwenwerk doen, vrouw), hekelen mannen ook de stem van vrouwelijke voetbalcommentatoren. Ze kunnen niet tegen het te hoge, schrille gekras, jammeren ze. Dat dit seksistisch is blijkt wel als je het omdraait: mannen kunnen praten wat ze willen, met allerlei soorten stemmen en gehakkel en op iedere denkbare toon, maar niemand klaagt over hun stemgeluid. Alleen vrouwen krijgen er van langs. Gezeur over haar stem is een indirecte manier om te zeggen: ‘hou je kop en ga weg’.

Gelukkig neemt het verzet tegen seksistische kritiek toe. Zo besloot de organisator die ‘meest sexy fan’ verkiezing af te blazen na forse kritiek. Journalistes slaan terug als mannen hen onder het werk storen met opdringerige ongewenste handtastelijkheid – en zorgen ervoor dat de dader excuses maakt. Omroep ZDF nam openlijk stelling tegen de seksistische aanvallen op Neumann:

Thomas Fuhrmann, de baas van de ZDF-sportredactie, is er helemaal klaar mee. “Wij accepteren natuurlijk kritiek, ook bij de commentatoren, maar wat er bij Claudia Neumann gebeurt gaat alle grenzen te buiten”, zegt hij tegen Spiegel Online.

Ook ”gewone” sociale media gebruikers nemen stelling en laten weten dat vrouwen net zo goed voetbalcommentaar kunnen leveren als mannen.

Kortom er is steeds meer aandacht voor wangedrag en seksistische aanvallen op vrouwen. Steeds meer mensen nemen aanstoot hiertegen en roepen de daders ter verantwoording – of juichen het toe als een vrouw zich assertief opstelt en een man duidelijk aanspreekt op zijn wangedrag. Allemaal goede ontwikkelingen. Vrouwen verdienen respect, vrouwen kunnen net zo goed voetbal commentaar leveren als mannen, vrouwen moeten gewoon hun werk kunnen doen zonder dat onbekende mannen hen lastig vallen. Vrouwen zijn mensen. En voetbal is van ons allemaal. Hoe moeilijk kan het zijn?

Mannen ontkennen straatintimidatie

Voor mannen blijkt het erg moeilijk om vrouwen serieus te nemen als die aangeven te maken te hebben met straatintimidatie. Dat bleek weer eens toen de Amerikaanse radiopersoonlijkheid John Williams sociale media benutte om een vrouwelijke collega, Amy Guth, te dissen. Zij vertelde te zijn lastiggevallen door een onbekende man die haar uit het niets aansprak en erover begon dat hun kinderen razendknap zouden zijn, als ze die zouden maken. Onzin, vond Williams. Zoiets komt toch niet voor? Als het al was gebeurd, zou ze het moeten zien als een compliment, iets onschuldigs. Twitter ontplofte.

De hele Twitterdraad is een goudmijn voor sociologisch onderzoek. Allereerst biedt het ’t zoveelste bewijs voor de vele manieren waarop vrouwen gebukt gaan onder mannelijk wangedrag. Vrouwen en een paar mannen melden dat mannen hen lastig vallen. De mannen opereren alleen, op momenten waarop hun slachtoffer ook alleen en/of kwetsbaar is, of bewegen zich in groepjes en gebruiken hun numerieke overwicht om de situatie te domineren. (Als je de meldingen van vrouwen niet vertrouwt kun je gelukkig steeds meer onderzoeken vinden. Zo gebeurt in de gemeente Rotterdam 60% van de straatintimidatie in groepsverband en heeft 94% van de 1200 ondervraagde vrouwen nare dingen meegemaakt op straat.)

Tegelijkertijd geven veel mensen aan dat mannen geen idee hebben dat dit allemaal gebeurt. Vrouwen en een paar mannen geven in de twitterdraad prachtige voorbeelden van hoe dat werkt. Een man schrijft dat hij pas doorhad hoe vrouwen spitsroeden lopen op straat, toen hij in drukke New Yorkse straten gescheiden raakte van zijn vriendin. Hij volgde haar en merkte opeens dat vreemde mannen regelmatig vervelende opmerkingen tegen haar maakte en zich aan haar opdrongen. Een vrouw maakte dezelfde situatie mee en rapporteert ook dat toen mannen erachter kwamen dat ze met haar vriend was, ze zich prompt verontschuldigden – tegenover hém, niet tegenover haar.

Als ze navraag doen, tonen deze mannen zich geschokt over de antwoorden die ze van vrouwen krijgen. Het is veel. Het is constant. Het is ernstig. Omgaan met die schok en schrik is lastig. Het zijn negatieve emoties waar we als mens automatisch voor terugdeinzen. Het is verleidelijk om blind te blijven voor de vele intimiderende incidenten die vrouwen meemaken – en als man kun je dat makkelijk doen want de daders richten zich voornamelijk op vrouwen.

Als wegkijken niet lukt, kun je altijd je toevlucht nemen tot ontkennen, zoals Williams deed. Maar wat is waarschijnlijker, vragen de vrouwen Williams in hun reacties op zijn Twitterbericht. Dat de halve mensheid liegt, of dat mannen zoals Williams de ervaringen van vrouwen niet willen horen?

Een tweede barrière is dat het bij straatintimidatie gaat om opvattingen over mannelijkheid, iets waar alle leden van die sekse mee te maken hebben. Mannen kunnen nog zo hard roepen dat de meeste mannen fijne mensen zijn die vrouwen met het allergrootste respect behandelen, maar onderzoek na onderzoek wijst uit dat er een zeer sterk verband bestaat tussen opvattingen over de rol van mannen en seksueel geweld. Wie roept ‘niet alle mannen‘ zodra het probleem van mannelijke agressie op tafel komt, ontkent de rol van mannelijkheid en blijft onderdeel van het probleem. Dat is voor een man niet leuk om te horen. En biedt een nieuwe stimulans om de kwestie te ontkennen of af te wentelen op vrouwen.

Kortom de situatie is nog steeds zoals feministe Jane Gilmore in 2015 zo puntig samenvatte:

Ondertussen melden alle vrouwen in de Twitterdraad rond Williams dat zij geen enkele vrouw kennen die NIET te maken heeft gehad met straatintimidatie. De leverancier van de agressie was altijd een man. Vrouwen melden in hun twitterberichten dat het eerste incident plaats vond toen ze tussen de 12 en de 16 jaar oud waren. Oftewel het begon zodra ze niet duidelijk meer een kind waren. De mannelijke dader(s) waren in alle gevallen ouder en/of met meer, dus die eerste ervaring kwam meestal behoorlijk bedreigend over op de jonge tienermeiden.

Veel vrouwen melden daarnaast dat situaties snel kunnen escaleren, als ze niet reageren naar de zin van de mannen. Als ze niet blij en flirterig reageren, als ze nee zeggen, gaan de mannen angstwekkend snel over tot verbaal en fysiek geweld. Ze schelden vrouwen uit, achtervolgen hen, gooien stenen of bierflesjes naar ze, of pakken hen fysiek aan zodat een vrouw zich letterlijk los moet worstelen.

De aanhoudende ongewenste opdringerigheid en agressie is uitputtend voor vrouwen, signaleert Guth:

“We don’t keep track in the same way that might be expected because it’s so frequent, and began prior to puberty for many of us, so it’s part of the female experience unfortunately,” Guth wrote in an email.[…] “As a woman, any level of dismissal in any workplace is part of a cultural pattern of behavior that falls under the ‘death by a thousand cuts’ phenomenon,” Guth said. “Incidents or transgressions may be like paper cuts, but they certainly add up over time.”

Dat doorgaan alsof er niets aan de hand is, alsof mannen niks te maken hebben met het probleem, dát moet veranderen. Zolang mannelijke daders ongestraft wegkomen met hun gedoe, zolang mannen hun seksegenoten hun gang laten gaan, zolang zijn straten en huizen onveilig voor vrouwen en worden wij vrouwen ernstig gehinderd in onze bewegingsvrijheid, onze mogelijkheden om iets leuks te doen, onze levensvreugde. Mannen, aan de slag.

Ophef boekenweek is teken van vooruitgang

De moeder, de vrouw. Dit thema van de boekenweek 2019 leidde, tot verbazing van organisator CPNB, tot ophef. Ik vind die ophef een teken van vooruitgang. Twintig jaar geleden zouden de meeste mensen niet met hun ogen geknipperd hebben en een instantie klakkeloos z’n gang hebben laten gaan. Nu niet. Het wemelt op twitter van de protesten, 300 auteurs en uitgeverijen publiceerden een protestbrief in NRC Handelsblad en De Morgen, en boekhandel Savannah Bay gaat een eigen boekenweekthema bedenken. Met een door vrouwen geschreven boekenweekessay – en geschenk.

Bij alle reacties die tot nu toe verschijnen licht ik graag een paar thema’s uit. Allereerst de veelbetekenende reactie van de stichting Collectieve Propaganda voor het Nederlandse Boek. De CPNB liet in een interview weten dat ze de ophef niet aan zagen komen en waarschijnlijk de verwoording van het thema onderschat hebben:

We wilden de veelkantigheid van het moederschap laten zien. ‘De moeder de vrouw’ uit het gedicht van Nijhoff vonden we een mooie literaire verwijzing. We dachten dat het duidelijk zou zijn. Maar allerlei discussies zijn door elkaar heen gaan lopen.’

De CPNB maakt hiermee pijnlijk duidelijk dat ze totaal gemist hebben welke lading deze termen hebben. Eeuwenlang was ‘de’ vrouw een groot probleem. Mannen schreven boeken vol over haar inferieure aard, losse zeden, hysterische emoties en leugenachtige sluwheid. Binnen die staat van zonde en slechtheid was het moederschap, naast non worden, de enige geaccepteerde positie van de vrouw. Allerlei geleerde mannen en kerkvaders schreven voor hoe belangrijk het was dat vrouwen trouwden en kinderen kregen en hoe ze vervolgens moesten zijn. Deze belerende teksten stonden bol van woorden als dienen, verzorgen, gehoorzamen, zwijgen, de man volgen, al dan niet religieus bekrachtigd met Bijbelteksten.

Tot op de dag van vandaag benutten mannen met macht hun podium nog steeds om uit te leggen waarom ze vrouwen minderwaardig vinden. En gebruikt een bepaalde groep mensen ‘moeder de vrouw’ nog steeds om te verwijzen naar de vrouw die zichzelf helemaal wegcijfert om voor zijn kinderen en voor hem te zorgen. ‘Moeder de vrouw’ heeft geen eigen naam, haar taak en functie zijn belangrijk, niet zijzelf als persoon, zoals deze cartoon treffend parodieert:

Hoe seksistisch dit de vrouw de moeder/moeder de vrouw is, weet je meteen als je andere varianten probeert. Je hoort nooit ‘vader de man’ of ‘dochter het meisje’, signaleert Paulien Cornelisse. Inderdaad, en daarom ben ik rond dit boekenweekthema zo blij met de protesten. ‘De moeder’, ‘de vrouw’ zijn terecht zeer problematische begrippen geworden, en vrouwen eisen het recht op om hier zelf iets over te zeggen te krijgen. Dat het CPNB de ophef niet aan zag komen zegt alles over het CPNB. Nederlandse vrouwen en veel mannen zijn inmiddels een stapje verder.

Andere tegenreacties over de ophef spreken ook boekdelen. Özcan Akyol benutte zijn podium als columnist van het AD om vrouwen die aanstoot nemen tegen het boekenweekthema, te betichten van hysterie. Dit woord duikt regelmatig op als vrouwen in verzet komen tegen onrecht. Ze hebben geen terechte aanklacht, nee, ze zijn hysterisch. Het is naast ‘hoer’ hét etiket om vrouwen te diskwalificeren en terug in hun hok te meppen.

Akyol haalt nog een ander seksistisch geintje uit in zijn opiniestuk. Hij verklaart vrouwen zo sterk, nobel en ”veel subtieler dan mannen”, dat ze dit soort protesten helemaal niet nodig zouden hebben. Ook dit type argument kent een lange geschiedenis. Opleidingen, hadden vrouwen niet nodig. Stemrecht ook niet, want de vrouw had al genoeg invloed als moeder en echtgenote. Politiek was zo’n smerig bedrijf, daar moesten edele vrouwen met hun tere aard helemaal niks van willen weten, ze waren zo goed en hoogstaand dat ze dat maar beter konden overlaten aan mannen. Opnieuw, brrrrrrr.

Tot slot de ja-maar types die de protesten verdraaien. Mogen mannen dan niet schrijven over vrouwen en moeders? Boehoehoehoe, identiteitspolitiek, de creativiteit gaat ten onder aan politiek correct geleuter. Dit is een favoriet argument van conservatieven om alle pogingen af te slaan om meer diversiteit te bereiken. Daarbij vergeten ze gemakshalve dat zijzelf ook aan identiteitspolitiek doen: de identiteit van de blanke man die kan terugvallen op zijn machtspositie als de neutrale standaard, de objectieve brenger van universele waarheden – terwijl alles aan elkaar hangt van subjectiviteit, blinde vlekken, de angst om privileges en macht te verliezen, enzovoorts. Zeg maar de profiteur van het informele mannenquotum aan de top van het bedrijfsleven of de politiek, die tegen een vrouwenquotum is want ‘we moeten alleen voor kwaliteit gaan’. Zoals Mark Rutte.

De CPNB heeft inmiddels in een verklaring laten weten te willen kijken hoe ze een positieve wending kunnen geven aan het thema van de boekenweek. De stichting gaat graag in gesprek met de ondertekenaars van de protestbrief. Misschien lukt het om tot ”creatieve oplossingen” te komen, hoopt de CPNB. Nog beter lijkt mij: beter voeling houden met de maatschappij, zich bewust worden van seksisme, en vanaf nu boekenweekgeschenken – en essays jaarlijks 50-50 door mannelijke en vrouwelijke auteurs laten schrijven.

De dominantie van de dikke historische mannenboeken

Wil je weten hoe een door mannen gedomineerde canon tot stand komt? Dan kun je dat nú zien – het mechanisme is in werking gezet- rond historische romans. Het vuistdikke Reconquista van Miquel Bulnes. Musch, het vuistdikke eerste deel van een trilogie over het leven van Johan de Wit. Tafels in boekhandels bezwijken bijna onder het gewicht van deze Serieuze Historische Romans. Ik kan me niet herinneren dat de nieuwste Simone van der Vlugt  ooit zo breed gepromoot werd. Haar romans verschijnen, maar als Bulnes en co kloeke historische romans met mannelijke hoofdpersonen publiceren is dat een Evenement met hoofdletter E.

Het lijkt er sterk op dat mannelijke auteurs profiteren van een sociale en geschiedkundige context: mannen zijn de serieuze historici en leveranciers van Echte Boeken.

Geschiedenis als vak: Zowel wetenschapster Maria Greve als, jaren later, Suze Zijlstra, constateren dat mensen een duidelijke beeldvorming hebben over wie er over de geschiedenis gaan. Zeg ‘geschiedkundige’ of ‘historicus’ en de meeste mensen denken automatisch aan mannen, onderzochten zij. Mannen organiseerden zich in historische genootschappen en verkregen leerstoelen aan de universiteiten. ”Bronnenonderzoek in archieven en bibliotheken werd beschouwd als een heroïsche zoektocht van vastberaden mannen naar ware historische kennis”, schrijft Greve.

Echte Romans: Corina Koolen deed onderzoek en constateert dat literaire kwaliteit nauw verbonden is met mannen. Vrouwen schrijven net als mannen, maar lezers, uitgeverijen en recensenten willen dat niet zien. In hun beleving missen vrouwen steevast de X-factor die de mannelijke auteur wél heeft. Vrouwen schrijven misschien wel leuk, of zijn populair, of verkopen goed, maar literatuur… meh. Vervolgens krijgen mannelijke auteurs met hun Literaire Roman de literaire eer. En de prijzen. En het geld.

Binnen deze tweedeling tussen universele romans van mannen en genderspecifieke romannetjes van vrouwen, hebben mensen m/v ook duidelijke ideeën over wie over welk soort onderwerp mogen schrijven. Greve:

Slechts enkele uitzonderlijke vrouwen zouden in de ogen van de critici beschikken over voldoende kennis om zich in staatkundige en historische verschijnselen te kunnen verdiepen. In het algemeen diende de vrouw niet over economie, politiek of geschiedenis maar over ‘kalmer tooneelen’ te schrijven.

Dat gold voor de negentiende eeuw, maar deze mentaliteit leeft voort, ontdekte Koolen.

Misschien niet zo vreemd dat mannelijke auteurs direct en indirect baat hebben bij deze mannelijke geschiedenis en erkenning van literaire kwaliteit bij mannen. Zij passen naadloos in het onbewuste beeld van het soort mensen dat zich met geschiedenis en literatuur bezig houdt. Ze komen terecht in een gespreid bedje. Bulnes’ roman Reconquista, over de strijd tussen zuidelijke Mohammedanen en noordelijke Christenen in het middeleeuwse Spanje, werd volgens zijn uitgever groots besproken. Zijn voorganger, Het bloed in onze aderen, belandde in 2012 op de shortlist van de Libris Literatuurprijs. Op dit moment lopen de media ook warm voor Jean-Marc van Tol met zijn historische roman over Johan de Wit. ”Je reinste Game of Thrones”, hijgt Vrij Nederland.

Ik denk dat het ook te maken heeft met marketing. Neem de omslag van Musch: een kloek, ”mannelijk” ontwerp in donkere kleuren, met grote strakke letters en een koninklijke vogel. Alles zegt ‘serieuze roman, Kwaliteit’:

Vergelijk dat met de gemiddelde kaft van een historische roman van een schrijfster zoals Simone van der Vlugt:

Lichte kleuren, roze, bloemetjes, een bevallige vrouwenhand, alles roept ‘vrouwelijk’. Misschien zelfs wel ‘chicklit’ – een frivool genre met boeken die geen man wil lezen. Nergens zegt een recensent zoiets als ‘net Game of Thrones’. Terwijl omschrijvingen daar wel aanleiding toe kunnen geven. Zoals deze omschrijving bij de roman ‘De Dochter van de Zeemeermin’ van Lydia Rood: ”1403, de Middeleeuwen: een tijd van oorlog, bijgeloof en van strijd om de troon”.

Ik gun Bulnes en Van der Tol alle aandacht van harte hoor. Hun boeken zijn vast goed en leuk om te lezen. En de historische roman is een prachtig genre. Maar het valt mij op dat de media en de boekhandels de Bulnes en Van der Tol heren wel érg op het schild hijsen. Zij krijgen alle ruimte van literaire bijlagen die, zoals de Lezeres des Vaderlands en anderen onderzochten, het werk van vrouwen negeren of alleen in kleine signalementen behandelen, terwijl mannelijke auteurs de belangrijke lange reportages krijgen. Dit terwijl het letterlijk wemelt van schrijfsters die in hetzelfde genre werken. Zie bijvoorbeeld deze lijst van Hebban.

Kortom, het is geen gelijk speelveld. En dat is erg vervelend, want als diezelfde door mannen gedomineerde recensentengroep en literaire experts-kliek de Canon van de Historische Roman opstelt, in de context van de man als de echte historicus en de man als de echte auteur, zul je zien dat mannelijke auteurs daarin domineren. We zijn er zelf bij – het mechanisme speelt zich op dit moment voor je eigen ogen af. Het is nu gaande. Wilde ik even signaleren….

Klassieker Joanna Russ krijgt nieuwe uitgave

Leve de universiteit van Texas! Die verzorgde een gedegen nieuwe uitgave van de klassieker ‘How to Suppress Women’s Writing” van Joanna Russ, met een voorwoord van Jessa Crispin. (In Nederland verscheen haar boek onder de veel mildere titel Andere Levens, Andere Letteren). Dit is geweldig nieuws, want wat Russ schreef over uitsluitingsmechanismen bij schrijfsters geldt net zo goed voor de situatie rond kunstenaressen, onderneemsters, wetenschapsters, opiniemaaksters enzovoorts. En is nog steeds akelig actueel.

Bron: Financieel Dagblad

Russ wijst er in haar boek op dat culturen echt wel veranderen en beschaafder kunnen worden. Zo hebben we sinds een paar decennia nauwelijks wetgeving die vrouwen expliciet en gericht uitsluit van bepaalde beroepen of bezigheden. Vrouwen blijven sinds de jaren vijftig handelingsbekwaam na hun huwelijk. Bijna niemand doet in het openbaar nog botte uitspraken dat vrouwen iets niet zouden kunnen, niet zouden mogen of niks voorstellen. Doet iemand dat wel, dan volgt (terecht) felle kritiek.

Je zou oppervlakkig gezien kunnen denken dat alles ok is. In de praktijk, stelt Russ, wéten we als samenleving echter heel goed wie iets mag zijn of doen, en wie niet. Zo zijn historici witte mannen, onderzocht Suze Zijlstra. Serieuze auteurs vinden we witte mannen, onderzocht Corina Koolen. Ondernemers vinden we witte mannen, analyseerde het Financieel Dagblad.

Vanuit dat wereldbeeld zijn vrouwen vreemde eenden in de bijt. Ze horen er niet bij. Duiken ze toch op, dan ontstaat er een probleem waar je zo snel mogelijk vanaf wilt. Russ zette voor de literaire wereld op een rijtje wat de acties zijn om het Serieuze Schrijverschap te behouden voor leden uit de correcte groep, namelijk witte mannen. Heel in het kort: ontkennen, belachelijk maken of afbreken, bijvoorbeeld door te zeggen dat ze inferieur werk aflevert, dat ze een waardeloos onderwerp uitkoos, dat ze slechts een eenzame uitzondering is, zich op de verkeerde genres richt, enzovoorts.

Lukt het om vrouwen af te schrikken of, als ze toch schrijven, in het hokje broddelaarsters te houden, dan heb je meteen een extra stok om vrouwen mee weg te slaan. Kijk, vrouwen mogen en kunnen alles maar doen het niet. Of ze doen het wel maar komen niet verder dan truttige romannetjes. Ze kunnen het blijkbaar niet. Ze spannen zich niet genoeg in. Zie je wel, mánnen zijn de serieuze auteurs.

Die manier van kijken en denken heeft voor vrouwen verstrekkende negatieve gevolgen. Anno 2018 ontdekte Corina Koolen dat lezers, recensenten en uitgevers nog steeds niet goed kunnen kijken naar het werk van schrijfsters. Mensen plakken allerlei seksistische etiketten op romans van schrijfsters en weigeren hun werk te erkennen als literatuur. Wat Russ kwalitatief analyseerde, trof Koolen even genadeloos hard aan in haar kwantitatieve onderzoek.

Wat schrijfsters overkomt, overkomt ook andere vrouwen die opduiken op plaatsen waar ze niet horen. Zo vinden we het in Nederland volstrekt normaal als er alleen blanke mannen aan tafel zitten bij talkshows op de televisie. Als er plotseling louter vrouwen aan tafel dreigen te komen, in het programma Buitenhof in dit geval, worden mensen zenuwachtig. Dus zegt de redactie één van de vrouwen af en laat voor haar in de plaats een man komen. Zo ver gaat onze cultuur om het plaatje weer een beetje te laten kloppen.

Vrouwen lopen niet alleen tv optredens mis, ze lopen vanuit het “mannen behoren X te doen” wereldbeeld ook geld en middelen mis om hun ambities te verwezenlijken. Vervolgens kan iedereen hoofdschuddend zeggen “tsja, ze kunnen en willen niet, vrouwen blijven liever bij hun gezin”.

Het Financieel Dagblad schonk bijvoorbeeld onlangs aandacht aan een fascinerend onderzoek naar het taalgebruik van investeerders. Mannen en vrouwen met macht (en geld) spraken met jonge ondernemers die kapitaal wilden werven om hun onderneming te starten of verder uit te bouwen. Na de analyse van talloze gesprekken bleek dat de investeerders bij ‘ondernemer’ aan mannen denken. Vrouwen zijn de vreemde eend, het klopt niet dat zij daar zitten als ondernemer. Daarna hijsen ze mannen in het zadel en wijzen vrouwen af:

De capaciteiten van vrouwelijke ondernemers werden stelselmatig omlaag gepraat, die van mannen omhoog. Mannelijke eigenschappen werden geassocieerd met ondernemerschap, vrouwelijke juist niet. Zelfs als het over dezelfde eigenschappen ging. Alsof – zo schrijven de onderzoekers – het imago van de vrouw ‘strijdig is met de persoonlijkheid van de entrepreneur’. Bijvoorbeeld: ‘Zoals alle vrouwen is ze voorzichtig. Ze durft niet.’ Over een man daarentegen: ‘Hij is voorzichtig, en dat is goed. Hij neemt weloverwogen beslissingen.’ Leeftijd en ervaring werden ook verschillend uitgelegd. Bij een vrouw negatief: ‘Ze is jong en heeft waarschijnlijk geen ervaring in het leiden van een business.’ Bij een man is dat iets positiefs: ‘Hij is een jonge kerel en heeft nog een veelbelovende toekomst voor zich liggen.’

De omgeving moet wakker worden, vooroordelen bijsturen en vrouwen eerlijker beoordelen. Dan pas verandert er écht iets en maakt een vrouwelijke canon of traditie een kans. Joanna Russ constateerde dat in How to Suppress Women’s Writing, en in Nederland kun je haar gelijk dagelijks ervaren door het nieuws te volgen en bijvoorbeeld dat onderzoek van Koolen te lezen.

Daarom top dat haar boek opnieuw breed verkrijgbaar is. Lees haar analyse, ken de argumenten om vrouwen buitenspel te zetten, en wees er alert op als je die mechanismen vervolgens tegen komt op kantoor, aan de talkshow-tafel, op je literaire platform enzovoorts. Want vrouwen zetten door en er is hoop op verbetering:

For hundreds of years, despite those odds against them, the “wrong” writers still manage to write. Likely it won’t be remembered long enough or taken seriously enough, but to read this book is to admire this buried tradition, and realize how much there is to be discovered — and how there’s no time like the present to look at the marginalized writers you might be missing. “Only on the margins does growth occur,” Russ promises, like the guide in a story telling you how to defeat the dragon. Get angry; then get a reading list.

Mooie artikelen van Literary Hub

Als feministe en lezeres geniet ik iedere keer opnieuw van het aanbod van Literary Hub. Deze site publiceert recensies en artikelen over literatuur, het boekenvak, schrijven en verhalen vertellen in de breedste zin van het woord. Daarbij komen allerlei thema’s aan bod, maar wat ik zo fijn vind is dat de site regelmatig aandacht besteedt aan gender, feminisme en de situatie van vrouwen. Graag link ik volgers van dit weblog door naar deze site en naar een aantal artikelen die mijn aandacht trokken. Hopelijk lees jij ze ook met evenveel plezier!

  • Feministe en auteur Rebecca Solnit levert regelmatig een bijdrage aan Literary Hub. Zij benadrukt onder andere dat wiens verhalen we vertellen, wiens perspectief centraal staat, een intens politieke kwestie is. Het zegt iets over machtsverhoudingen, over wat we als cultuur belangrijk vinden, wiens land het is en wie te gast is en zich aan moet passen aan de dominante groep. Daarnaast schreef ze de afgelopen tijd een paar belangrijke analyses over geweld tegen vrouwen, de toegeeflijke houding ten opzichte van agressieve mannen en #metoo.
  • Literary Hub doet erg haar best om blank westerse bubbels te vermijden of, als je daar toch in belandt, er weer zo snel mogelijk uit te stappen. Het aanbod is breed: Pakistaanse vrouwen op de arbeidsmarkt, het haar en de kapsels van zwarte vrouwen, of de polemische sluier, en vooral de politieke en sociale betekenis van zulke haar- en kledingdrachten, Cleopatra en hedendaagse vrouwelijke leiders, het werk van Audre Lorde en Clara Hale, de positie van ”buitenlandse schrijfsters” op de engelstalige markt (hint: hun werk wordt veel minder vertaald in het Engels dan dat van hun mannelijke collega’s), enzovoorts. Lees ook dit stuk van Rumaan Alam over haar schrijverschap.
  • Fiona Alison Duncan publiceerde een mooi artikel over het werk van onze eigen Nederlandse Etty Hillesum. Haar dagboeken zijn vertaald in het Engels, maar in tegenstelling tot de dagboeken van Anne Frank is haar werk niet heel bekend buiten een selecte kring van deskundigen en studenten: ”“I am accomplished in bed,” she writes. This is why, it’s been suggested, Etty Hillesum’s diaries aren’t, like those of her younger neighbor, part of the Holocaust canon.”
  • Linnea Hartsuyker gaat in op de orale verhalen en klassieke literatuur van de Vikingen. En hoe die verhalen en sages doorwerken in het leven van de mensen van nu, afstammelinge van die cultuur. De erfenis bestaat onder andere uit conflicterende emoties en ideeën rond vrouwelijkheid.
  • Dankzij Literary Hub hoorde ik voor het eerst van Moderata Fonte, een vrouw uit Venetië die in 1592 een feministische klassieker publiceerde. In De verdiensten van de vrouw gebruikt ze de literaire vorm van de dialoog om de positie van vrouwen in haar maatschappij te behandelen. Daarbij lanceert ze het nog steeds revolutionaire idee dat mannen en vrouwen gelijkwaardig zijn, maar dat mannen zo opgaan in de overtuiging dat zij superieur aan vrouwen zijn, dat ze dit fundamentele beginsel vergeten en onrecht begaan. Fontana hoort thuis in het rijtje van mensen zoals Christine de Pizan (1405/1410) en Mary Wollstonecraft’s Vindication of the Rights of Women (1792).
  • Literary Hub linkt je ook graag door naar vijf andere schrijfsters die feministische heldinnen zouden moeten zijn. Of tien fantasievolle feministische romans die creatief verzet kunnen bevorderen. Of, als dat verzet mislukt, dertig dystopische romans, geschreven door vrouwen of met vrouwen in de hoofdrol (op één na).
  • Lucinda Rosenfeld schreef een mooie analyse van het genre Chicklit. Ze noemt het ‘het genre dat beter verdiende‘. En speculeert dat het genre doorontwikkelt in iets nieuws: ”Instead of women searching for sex and love with the opposite sex, perhaps the genre might revolve around women simply trying to survive the opposite sex. Settings in a dystopian near future would be optional.
  • Hoe is het om als vrouw Oud-Griekse klassiekers te lezen en te studeren? Madeleine Miller kwam erachter dat ze dat alleen kon doen door zichzelf heel bewust af te sluiten voor de talloze keren dat deze literatuur haar confronteert met vrouwenhaat en seksisme. In het bijzonder de behandeling van de tovenares Circe in de Odyssee trof haar onaangenaam. Ze is machtig en slim, maar Odysseus hoeft alleen maar een zwaard te trekken en ze knielt huilend voor hem neer? Het leidde ertoe dat ze zelf, in een roman, een alternatief biedt: ”It took me 25 years from that first frustration to work out a reply, which turned into my second novel, Circe. In it, I got to write my own version of that scene, from Circe’s perspective. She still yields to Odysseus’s trick, that is a piece of the plot. But she does not kneel.”
  • Daniel Pryce dacht dat hij een hele goede science fiction roman had geschreven, met veel aandacht voor de vrouwelijke personages. Veel lezers stuurden inderdaad positieve reacties. Maar een vocale minderheid wees hem op seksistische elementen, en uiteindelijk moest de schrijver toegeven dat hij een paar dingen over het hoofd had gezien: ”The mistakes I’d made weren’t huge, but they weren’t new either. Most female readers have already seen them a thousand times before in a thousand other books. And therein lies the anger.” Hij nam de kritiek serieus en werd er een betere schrijver door. Eind goed, al goed.

Uiteraard hebben we ook in het Nederlandstalige gebied goede literaire websites. Zoals Tzum, één van de weinige sites die probeert schrijfsters en vrouwelijke recensenten evenredig aan bod te laten komen. Neem ook eens een kijkje bij Hebban.nl en hun overzicht van beste boekenbloggers van 2017, of hun analyse van de net uitgekomen Vrij Nederland detective- en thrillergids. Veel leesplezier!

Star Wars heeft het moeilijk met vrouwen

Nu Solo in de bioscopen draait leek het me mooi wat zaken op een rij te zetten rond vrouwen en vrouwelijke personages rond StarWars. De franchise is op de goede weg en geeft vrouwelijke personages steeds meer ruimte. Maar achter de schermen blijft het een drama. Zo heeft Maureen Ryan onderzocht dat de films de afgelopen 41 jaar voor 96% uit de koker van mannen komen. Ze domineren zo de populaire cultuur en de verbeelding rond StarWars.

Eerst het goede nieuws: per film geeft Star Wars vrouwelijke personages meer ruimte. Rebecca Harisson van de universiteit van Glasgow nam alle vrouwelijke personages mee die spreektijd in het scenario krijgen. Daaronder niet alleen menselijke figuren, maar ook als vrouwelijk voorgestelde robots en buitenaardse wezens. Als je alles bij elkaar neemt komen vrouwelijke personages in de allereerste film, A New Hope uit 1977, niet verder dan 15% van de beschikbare ruimte. The Last Jedi kwam vorig jaar uit op 43%. Het totale overzicht:

43% Last Jedi
37% Force Awakens
35% Rogue One
23% Return of the Jedi
22% Empire Strikes Back
20% Phantom Menace
18% Attack of the Clones
17% Revenge of the Sith
15% A New Hope

Zojuist kwam Han Solo, A Star Wars Story uit. Voor zover ik kon achterhalen heeft nog niemand het percentage speeltijd voor vrouwelijke personages berekend. Ik gok een kwart. Dat is best aardig en komt onder andere doordat de film drie vrouwelijke personages telt, en een belangrijke vrouwelijke rebel in een bijrolletje.

Verschillende feministische critici signaleren echter dat het scenario van Solo zich geen raad lijkt te weten met hen. De allereerste vrouwelijke Android die de franchise biedt begint fantastisch, maar eindigt in een nachtmerrie die alles waar ze voor staat ondermijnt en nietig verklaart. Twee van de drie belangrijkste vrouwelijke personages sneuvelen bovendien verdacht snel, en het lijkt er ook verdacht veel op dat dit voornamelijk gebeurt om de mannelijke personages meer ruimte en emotionele diepgang te geven:

By the end of Solo, all of its female characters remain trapped in the systems that define them, shackled by the constraints of technology or some shadowy control or plot dictates about their deaths adding to male characters’ pain.

Dat laatste heet fridging en onder andere ikzelf haat dat. Het reduceert vrouwelijke personages tot een soort kanonnenvoer, terwijl het wel en wee van de mannelijke personages centraal blijft staan.

Net als de criticus van website Hello Giggles vind ik het lastig dit soort uitglijders los te zien van een mannelijke dominantie achter de schermen. Die is enorm. Ryan analyseerde de 17 films die in de loop van 41 jaar in de bioscopen draaiden. Ze bekeek welke mensen op creatief gebied de leiding hadden. Denk aan scenarioschrijvers en de regisseurs. Van de 24 werknemers die dat soort inhoudelijke sleutelposities bekleedden, waren 23 van het mannelijke geslacht. Dat betekent dat mannen 96% van de macht hadden en hebben. Mannen besloten Leia in een slavinnenkostuum te hijsen. Mannen zadelden Nathalie Portman op met een draak van een rol en een roemloos einde, stervend om niks in het kraambed. Enz, enz.

Als meer vrouwen creatieve eindverantwoordelijkheid hadden gehad, zou er wellicht meer discussie zijn ontstaan en hadden scenarioschrijvers en regisseurs dit soort seksisme kunnen afzwakken of voorkomen. Neem Padme. Goh, dus het Star Wars universum kan allerlei technologische hoogstandjes herbergen, maar een echo of een bezoekje aan een verloskundige was niet mogelijk? En daarna sterf je omdat de wil tot leven je verlaten heeft? Wie verzint zoiets? Dat soort dingen.

Het ziet er niet naar uit dat het monopolie van blanke mannen snel verdwijnt. Er staan drie nieuwe StarWars films op de rol, en producent Disney geeft de baan van schrijver en regisseur aan… jawel…. twee blanke mannen, David Benioff en D.B. Weiss. Dat betekent dat de gehele groep creatieve poortwachters blank blijft, en circa 98 procent mannelijk. Vrouwen en mensen met een gekleurde huid m/v komen er niet aan te pas. Dit in een tijd waarin vrouwen en mensen met een gekleurde huid allang lieten zien dat ze grote blockbusters aan kunnen. Denk aan Wonder Woman regisseur Pat Jenkins. Of Ava DuVernay, die Selma regisseerde, en A Wrinkle in Time.

Samengevat: ja er is vooruitgang, ja vrouwen krijgen meer te doen in Star Wars films, maar dat laat onverlet dat mannen deze culturele Juggernaut vormgeven en te vaak blind blijven voor seksisme en marginalisering van vrouwelijke personages. Werk aan de winkel. Disney, laat die blanke mannen eens zitten en geef talent uit andere groepen een kans!

Ierland analyse: zeven factoren die vrije keuze rond abortus mogelijk maken

Wat een geweldige ontwikkeling in Ierland. Na meer dan dertig jaar zwijgen, stigma en ellende kunnen vrouwen nieuwe wetgeving tegemoet zien, die het hen mogelijk maakt een ongewenste zwangerschap af te breken. Allerlei factoren droegen bij aan deze sociale revolutie. Hier de zeven belangrijkste:

  1. Bewustwording over de situatie van vrouwen. Niamh Ní Mhaoileoin beschrijft in de New Statesman een persoonlijke ontwikkeling die duizenden anderen tegelijkertijd met haar doormaakten. Van een oppervlakkig ‘natuurlijk moet je ongeborenen beschermen’ naar een confrontatie met ervaringen van vrouwen en de door ongewenst zwangere vrouwen beleefde realiteit. ”…under all the stats and tactics, the explanation for what’s changed is simple. After generations of profound silence, Ireland has started talking about women,” schrijft ze. Zwart wit denken en dogma’s stortten in elkaar, geconfronteerd met de daadwerkelijke situatie van vrouwen. Het leidde tot kritisch nadenken en het innemen van een ander moreel standpunt: wie ben jij om voor een ander te bepalen dat zij verplicht moet baren?
  2. Grassroots organisatie. De sociale revolutie in Ierland begon onderop. Het waren burgers die het stokje van de politieke partijen overnamen en aan de slag gingen. 99 Willekeurig gekozen mensen van een zogenaamde Citizen’s Assembly zorgden ervoor dat er een referendum kwam. Maar jaren daarvoor waren Ieren al geschokt en ontvlamt om iets te doen aan de hachelijke situatie van vrouwen.
  3. De agressie van de “pro life” campagne. Woordvoerders van het nee kamp schokten de meerderheid van de Ieren vanwege hun volstrekte gebrek aan empathie. Volgens het nee kamp moeten 12-jarige slachtoffers van verkrachting gewoon baren, bijvoorbeeld. Veel Ieren ging dat uiteindelijk te ver.
  4. Schaamte, schande. De druppel die de emmer deed overlopen was de vermijdbare dood van Savita Halappanavar, die in 2012 op haar 31ste een pijnlijke miskraam kreeg en stierf door bloedvergiftiging omdat artsen de foetus niet weg wilden halen toen het mis ging. Haar dood bracht mensen in beweging. Overal begonnen Ieren zich te schamen voor de manier waarop hun land vrouwen behandeld. Een muurschildering met haar portret veranderde in een herdenkingsmonument. Ieren begonnen campagnes te voeren en losvaste organisaties op te richten om de abortuswetgeving te veranderen. De sociale revolutie van onderaf verliep precies volgens de lijnen die Kwame Appiah in kaart bracht in zijn boek De Erecode – niet langer de vrouwen moeten zich schamen omdat ze een zwangerschap af willen breken, maar de fanaten die hen de dood in drijven of hen naar Engeland jagen om daar in eenzaamheid gepaste gezondheidszorg te krijgen.
  5. De wil om te veranderen. Het ‘ja, verander de grondwet’ kamp won omdat de Ieren verandering wílden (zie nummer 4, de schaamte werd te erg). Mensen liepen van deur tot deur met folders. Mensen schilderden muren vol met de symbolen van de pro-keuze campagne. De opkomst bij het referendum was bijzonder hoog. Tienduizenden mensen reisden vanuit soms zeer verre buitenlanden naar Ierland, veelal om ‘ja’ te stemmen in het referendum. Deze #hometovote beweging ontpopte zich zo tot een ontroerende loot aan de campagne stam.
  6. Afbrokkelende autoriteit van de Katholieke Kerk. Ierse politici besloten in de jaren tachtig een foetus gelijk te stellen aan een vrouw in het achtste amendement van de grondwet. De Katholieke Kerk speelde een belangrijke rol in die ontwikkeling. Maar vele commentatoren wijzen erop dat de kerk die autoriteit verloor. Je kunt niet zalvend over het heilige leven van de foetus praten, en ondertussen kinderen misbruiken, meisjes en vrouwen onder het mom van ‘stelletje sletten’ dwangarbeid laten verrichten in kloosters, enz enz. Tijdens de campagne rond het referendum hield de kerk zich muisstil. Burger pro life groepen probeerden het gat op te vullen met behulp van collega’s uit de V.S., maar ze konden geen vuist maken.
  7. Actuele misstanden op andere terreinen Zo verzwegen artsen verkeerd onderzoek naar baarmoederhalskanker, zodat vrouwen veel te laat een goede diagnose kregen. Ze sterven nu aan een ziekte die goed behandeld had kunnen worden. Het werd een schandaal, symbolisch voor de minachting voor vrouwen, de onverschilligheid ten aanzien van hun gezondheid en welzijn. Ook vermoordden mannen verschillende vrouwen in de aanloop naar het referendum. Dit zorgde ervoor dat vrouwen herinnerd werden aan hun kwetsbaarheid. Ze waren daarna extra gemotiveerd om voor baas in eigen buik te stemmen.

Ieren roepen politici nu op om de vrouwen in Noord-Ierland te ontzetten. Zij zijn de enigen die straks nog gebukt gaan onder draconische verbodsbepalingen, uit het jaar 1861 nota bene. Dat is een absurde situatie. Op naar het volgende gebied!

Ierland houdt historisch referendum over abortus

Wat er ook uitkomt bij een referendum over abortus in Ierland, het is sowieso een revolutionaire politieke gebeurtenis, concludeert de Engelse krant The Guardian. Ieren mogen vandaag beslissen of ze de grondwet wijzigen, zodat een foetus niet op gelijke voet gezet wordt met een vrouw. In de praktijk betekent die wet namelijk dat de foetus heerst en dat vrouwen in grote nood komen of zelfs sterven. Wint het afschaf-kamp, dan zal de regering abortus legaliseren. UPDATE: Baas in eigen buik heeft gewonnen! Hoera! Ierland gaat de grondwet nu aanpassen zodat een legale abortus mogelijk wordt. Volgende doel: Noord-Ierland, waar zwangere koeien nog steeds betere gezondheidszorg krijgen dan zwangere vrouwen.

Lizzie O’Shea noemt het een revolutionaire politieke gebeurtenis, omdat de formele politiek zichzelf met de rug tegen de muur in een uitzichtsloze klem maneuvreerde. Onder invloed van conservatieve politici en kerkleiders veranderde de Ierse regering in de jaren tachtig de grondwet. Een nieuw artikel 8 stelde een foetus gelijk aan een vrouw. Daarmee werd abortus onder alle omstandigheden illegaal.

In de praktijk bleek ook dat de foetus niet gelijk is aan de vrouw, maar boven haar staat. Vandaar dat vrouwen stierven of in grote medische nood kwamen, bijvoorbeeld omdat ze een volledige zwangerschap moeten volmaken terwijl in week tien al duidelijk is dat de foetus op geen enkele manier levensvatbaar is. Wreed tot en met. Niet voor niets stelde Amnesty International dat dit element uit de grondwet de mensenrechten van vrouwen schendt. Want ja, vrouwen zijn ook mensen. Vrouwen hebben ook een kloppend hartje.

De regering zag al die schandalen en al dat menselijk leed losbarsten, maar kon er niet toe komen de discussie te heropenen of de wet te veranderen. Ze bleven dertig jaar hangen in wegkijken, stilzwijgen, hopen dat het onderwerp vanzelf zou verdwijnen. Pas in 2016 kwam er verandering door een zogenaamd Citizen’s Assembly – een groep van 99 willekeurig gekozen mensen die zich moesten buigen over alle netelige kwesties waar de gewone politiek zelf niet meer uit kwam.

Abortus was een van die netelige kwesties. Toen gewone burgers over het vraagstuk na mochten denken, woei er meteen een frisse wind door het debat. Opeens deden vrouwen hun zegje, en artsen, vertegenwoordigers van centra voor seksueel geweld en medewerkers van abortusklinieken. Dat brede debat leidde tot een stellingname: de grondwet moet opnieuw bekeken worden. Iedereen moet de kans krijgen om zich uit te spreken over dat achtste amendement in een referendum, en als de meerderheid van dat amendement af wil, moet de regering dat doen.

Begin dit jaar koos de regering 25 mei uit als de dag voor de volksraadpleging. Vanaf dat moment hielden tegenstanders zich bezig met een gruweldieet van abortus is moord, inclusief agressieve retoriek, foto’s van bloedende foetussen en allerlei fabels uit de koker van Amerikaanse ‘pro life’ fanaten. Bij de baas in eigen buik groep kwam daarentegen een bijzondere, creatieve, originele beweging op die tot ontroerende taferelen leidde.

Zo verbonden kunstenaars zich aan de Repeal the Eighth campagne. Ze benadrukten vrouwenrechten en baas in eigen buik door middel van muurschilderingen, liederen, gedichten, en andere kunstzinnige uitingen. Een muurschildering leverde ook hét symbool voor de campagne: een rood hart met daarin de tekst Repeal (schaf af). De makers moesten hun muurschildering op last van de overheid weghalen, maar het symbool staat inmiddels op alles. Van sweaters en t-shirts tot aan stickers, mokken en allerlei andere voorwerpen.

De campagne werkt er zorgvuldig aan om de nadruk niet teveel te leggen op vrouwenrechten (of, ieieieieieiek, feminisme) maar het in plaats daarvan te hebben wie je als land wil zijn. Wil Ierland een land zijn waar vrouwen sterven? Waar vrouwen zich in grote stilte moeten schamen? Waar vrouwen eenzaam thuis abortuspillen moeten slikken en de kans lopen op 14 jaar cel als er iets mis gaat? Wil Ierland echt de andere kant op kijken terwijl jaarlijks duizenden vrouwen de gestigmatiseerde gang naar Engeland maken om daar een ongewenste zwangerschap af te breken? Is dat Ierland?

Veel Ieren voel zich zo betrokken bij de ellende die vrouwen nu doormaken wegens de strenge grondwet, dat ze zelfs uit verre landen komen om vandaag voor afschaffing van de heilige foetus-bepaling te stemmen. #HomeToVote ging viraal.

Zaterdag weten we of Ierland inderdaad een sprong voorwaarts maakt, en vrouwen steunt, wat voor keuze ze ook maken rond hun zwangerschappen. Duimen maar!