MeToo maakt het mannen lastig

Een meerderheid van de mannen vindt #MeToo vervelend, blijkt uit een opiniepeiling van EenVandaag. Ze worden moe van deze door Tarana Burke bedachte manier waarop vrouwen aandacht vragen voor seksuele intimidatie. Een hand op een schouder en je wordt al door een hysterische meute aan de schandpaal genageld, verzuchten mannen. Vertaling: ‘verdomme, ik moet nadenken over mijn gedrag, en ik kom niet zomaar meer weg met vervelend gedoe’. Inderdaad, enorm vervelend….

De dynamiek die het EenVandaag opiniepanel blootlegt in een representatieve enquete onder 21.000 panelleden, maakt duidelijk hoe moeilijk het is om houding en gedrag te veranderen. Een bepaalde mentaliteit kan diep verankerd zitten in mensen. Er kan een generatie overheen gaan voordat er iets verandert. Geen wonder dat het opiniepanel concludeert dat er in een jaar tijd weinig veranderd is. Maar #MeToo, de beweging waarmee vrouwen aandacht vragen voor seksueel geweld, en verandering eisen, heeft echter wel degelijk effect. De druk op mannen neemt toe, en zij vinden dat super vervelend.

Die toenemende sociale druk komt onder andere naar boven in een klacht van een deel van de ondervraagde mannen, dat ze het niet terecht vinden dat hun gedrag nu onder een vergrootglas ligt. Nee, stel je voor. Deze mannen hebben veel liever dat het gedrag van vrouwen onder een vergrootglas blijft liggen, net als in de afgelopen eeuwen. Wat had ze aan? Wat dronk ze? Wat deed ze ook nog zo laat op straat? Zei ze wel duidelijk genoeg nee? Je voetbalploeg won het WK, wat had je anders gedacht, vrouw? Natuurlijk dringen mannen zich dan aan je op. Hou je kop en accepteer de terreur in stilte!

Dat de druk oploopt blijkt ook uit de uitkomst dat 62% moe begint te worden van #MeToo. Arme, arme mannen:

Weet je waar vrouwen moe van worden? Dat we niet op straat rond kunnen lopen zonder dat mannen ons lastig vallen. Dat we als jonge meid vogelvrij lijken. Dat sporten in het openbaar ertoe leidt dat we worden achtervolgd, nageroepen en vastgepakt. Dat mannen minstens 14% van de vrouwen in Nederland verkracht hebben. Dat 85% van de vrouwen, werkzaam in de ICT, eraan denkt hun baan op te geven omdat ze het gedrag van mannelijke collega’s zat zijn. Dat vier op de tien vrouwen seksuele intimidatie op het werk meemaakt, maar zwijgt omdat de ervaring leert dat het geen zin heeft er melding van te maken.

Pas met #MeToo ontstond er een veilig, geaccepteerd kanaal om openlijker over deze situatie te praten en er ruchtbaarheid aan te geven. Nu pas krijgen we als samenleving door hoe uitgebreid en structureel het probleem is. Voor iedere man die roept ‘niet alle mannen’ staan vrouwen op om aan te geven dat alle vrouwen last hebben van de daders. Voor iedere man die zegt ‘ik word moe van #metoo’, zijn er vele vrouwen die moe worden van de intimidaties en aanrandingen en erger. Want zelfs als je de dans ontspringt en nooit te maken kreeg met seksuele intimidatie en andere vormen van seksueel geweld, nemen vrouwen structureel en stelselmatig maatregelen. Gevraagd naar wat mannen en vrouwen doen om seksueel geweld te voorkomen, ziet het verschil tussen mannen en vrouwen er op dit vlak zo uit:

Dat verschil in antwoorden geeft een verschil weer in mentale arbeid. Feministen willen niet dat het rijtje bij mannen langer wordt. Feministen streven naar een wereld waarin vrouwen ook hun schouders op kunnen halen en niet na hoeven te denken over agressie en seksuele intimidatie. Totdat we die wereld hebben, blijft #metoo een broodnodige campagne.

Advertenties

Mentale patronen zijn hardnekkig

Zelfs als je je bewust voorneemt iets te doen met diversiteit, kan het nog gedeeltelijk ”mis” gaan. Dat blijkt onder andere uit de ervaringen van auteurs die vaker vanuit het perspectief van een vrouwelijke hoofdpersoon willen werken, of lezers die meer schrijfsters willen ontdekken. De mentale patronen zijn hardnekkig. Je moet echt willen, want zodra je terugzakt in automatismen steekt de oude mannelijke, blanke canon weer de kop op…

Een mooi en hoopgevend voorbeeld biedt Anne Polkamp, een 29-jarige promovendus in de filosofie. Zij is op dit moment bezig met een papieren wereldreis – fictief ieder continent bezoeken en een roman uit ieder land lezen. Het was nadrukkelijk haar bedoeling de canon van blanke mannelijke auteurs te omzeilen en meer romans te lezen van vrouwen en mensen m/v/x met een gekleurde huid. Dat betekende dat ze per land bewust zocht naar andere stemmen dan de klassieke romans van gevestigde mannelijke auteurs.

Dat bewuste streven zorgde meteen voor verbetering. Oorspronkelijk bevatte haar boekenkast 78% mannelijke auteurs, voor 88% afkomstig uit Europa, Noord-Amerika of Australië en voor 95% blank. Na de eerste etappe van haar wereldreis zag de stapel van 32 gelezen boeken er al heel anders uit. Het aandeel vrouwen verdubbelde, van 22 naar 44%. Ook had ze veel meer werk gelezen van auteurs met een gekleurde huid.

Ondanks de verdubbeling was dat percentage van 44 voor Polak een teleurstelling. Ze had zo gericht gezocht naar schrijfsters, dat ze verwacht had dat ruim de helft van de boeken uit de pen van een vrouw was gevloeid. Nee dus:

Ik telde nog een keer, en nog eens, maar het resultaat bleef hetzelfde. Zou de literatuur zo worden gedomineerd door mannen dat ik zelfs in een project waarin ik nadrukkelijk op zoek ga naar extra veel vrouwen, niet verder kom dan 44%? Waar zijn alle vrouwen uit de wereldliteratuur?

De dominantie van mannen bleek hardnekkig. Daarom stelde ze haar plan bij. Voortaan neemt ze ook non-fictie mee bij haar keuze voor een boek uit een specifiek land. En welk land ze ook aan doet op haar literaire wereldreis, voortaan zal ze louter werk van schrijfsters lezen:

Het punt is niet dat ik mannen wil negeren. Het punt is dat ik vrouwen al bijna dertig jaar negeer. Het is tijd om te horen wat zij te zeggen hebben.

De hardnekkige blanke mannelijke dominantie komt niet alleen voor bij lezers, maar ook bij auteurs zelf. Zo sprak de recent overleden science fiction schrijfster Ursula Le Guin openlijk over haar worsteling om een verhaal te vertellen vanuit een vrouwelijke hoofdpersoon, en bij ‘magiër’ niet volautomatisch een beeld te krijgen van een blanke man. Zeg maar de SF en fantasy variant van ‘de manager is een man’ beeldvorming.

Zo gaf ze de held van de Aardzee-cyclus wél een gekleurde huid, maar de hoofdpersoon bleef een man. Pas in een later geschreven deel krijgt een vrouw een leidende rol in het verhaal. Ook bij De Linkerhand van het Duister viel ze terug op het mannelijke als norm. Ze schiep een androgyne maatschappij, waar buitenaardse wezens het grootste deel van de tijd sekseneutraal leven, maar bleef de personages in die situatie omschrijven met ‘hij’.

Later betreurde ze die taalkundige keuze. Ze werkte aan een gedachte-experiment, legde ze uit in een essay, en hoewel er veel goed ging, erkende ze dat haar roman op dit punt te wensen over laat. Naast de keuze voor ‘hij’,  toont ze de belangrijkste alien ook terwijl hij bezig is met activiteiten die we in onze cultuur associeren met mannen. Hij werkt in de politiek als premier, ontsnapt uit een gevangenis, trekt een slee over een ijsvlakte. De science fiction wereld die ze schept, komt zodoende zeer mannelijk over. Pas op latere leeftijd lukte het Le Guin om zich te ontworstelen aan dit soort oude patronen. Ze creëerde meer vrouwelijke personages en gaf die ook een dragende rol in haar romans en korte verhalen.

Kortom, het vergt een zekere inspanning, maar wie wil, komt er uiteindelijk wel.

Politie laat vrouwen in de steek bij verkrachting

Zedenrechercheurs hebben grote moeite met aangiften van verkrachting. Ze zijn, net als de rest van Nederland, zo wantrouwend en alert op leugens, dat ze veel veel zaken weigeren te onderzoeken. Op die manier verdwijnen talloze waarachtige verkrachtingszaken in een la, en krijgen slachtoffers zo’n agressieve behandeling dat ze zich getraumatiseerd terugtrekken. Het uiteindelijke gevolg: daders blijven onbestraft en slachtoffers krijgen geen enkele vorm van gerechtigheid. Dat concludeert rechtspsycholoog en wetenschapper André De Zutter.

Eerst een feit van het type de aarde is rond: het overgrote deel van de daders van verkrachting, 98%, is man. Deze mannen – niet alle mannen, maar nogmaals, de meeste daders zijn man – verkrachten mannen, vrouwen, jongens, meisjes. Zeer vaak blijft dit geweld buiten beeld. Het veroordelingspercentage ligt tussen de drie en zes procent. Seksueel geweld is daarmee één van de ”veiligste” misdaden, met de grootste kans dat je er ongestraft mee weg komt.

De politie speelt helaas een vervelende rol in het onderbelicht en ononderzocht blijven van onder andere verkrachtingszaken. De Zutter onderzocht de situatie en komt tot zeer duidelijke conclusies:

Ik heb respect voor het werk van zedenrechercheurs. Zij worden net zo goed geleid door een mentale representatie van verkrachting. Dat is een idee, een beeld, niet de werkelijkheid. Ze hebben te maken met dezelfde psychologische mechanismen als valse aangevers. Dat maakt hen te wantrouwend tegenover echte slachtoffers en te goedgelovig bij valse aangiftes. We hebben slachtoffers van verkrachting gesproken voor wie de ondervraging zo’n vreselijke ervaring was dat ze liever geen aangifte hadden gedaan.

Wat De Zutter meldt is absoluut niet nieuw. Vrouwen wisten dit al eeuwenlang, aangezien zij er vanuit de kansel, de politiek en de wetenschap van langs kregen. Vrouwen? Hysterische, leugenachtige heksen die aandacht willen en mannen te gronde willen richten met hun gevaarlijke, duivelse seksualiteit. Pas vanaf de jaren zestig van de vorige eeuw wisten vrouwen voldoende macht te krijgen om écht iets terug te zeggen. De tweede feministische golf koos seksueel geweld uit als één van de kernthema’s. Vrouwen voerden campagne, richtten Blijf van mijn Lijf huizen op, deden onderzoek, publiceerden boeken, klaagden de situatie aan en dwongen in 1991 veranderingen in de rechtspraak af, zodat de politie meer mogelijkheden kreeg om verkrachtingszaken in behandeling te nemen en justitie meer ruimte kreeg voor de vervolging en veroordeling.

Recent wezen ook andere onderzoeken op misstanden rond het werk van de politie. Zo onderzocht de Nationaal Rapporteur Mensenhandel en Seksueel Geweld tegen Kinderen de situatie in 2015 en kwam tot de conclusie dat de politie de aangiftes van tieners veel te snel afdoet als liegen. Agenten stellen zich zo vooringenomen en vijandig op, dat meiden tussen de 12 en 18 bang zijn om aangifte te doen. Ze zien er bij voorbaat al vanaf omdat ze denken dat de politie hun verhaal niet serieus zal nemen – en die angst bleek terecht, volgens de onderzoekers voor de Nationaal Rapporteur.

Op gezette tijden kunnen mensen uit de media vernemen wat deze conclusies van De Zutter en de Nationaal Rapporteur in de praktijk betekenen. Zo kreeg De Volkskrant eerder dit jaar een excuusbrief van de politie in handen. Uit de zaak bleek dat twee zedenrechercheurs een getraumatiseerde, 23-jarige verkrachte vrouw ruim zes uur lang op een zodanig agressieve, wantrouwige manier verhoorden, dat ze volkomen overstuur uit het verhoor kwam en bijna ging denken dat ze zelf gek en/of de dader was. De transcripties liegen er niet om:

‘Als blijkt dat iets niet klopt in je verhaal, dan ben ik bang dat dat echt consequenties heeft voor jou, maar ook voor het onderzoek.’ (…) ‘Dat is niet zo’, zegt Susanne tot drie keer toe. ‘Maar het is vaak warrig in mijn hoofd, ik weet de volgorde niet goed.’ ‘Soms is dit ook een schreeuw om aandacht’, zegt de rechercheur. ‘Of dat er geestelijk iets aan de hand is. Of dat er andere dingen zijn gebeurd. Of dat er iets is fout gegaan.’ (…)  ‘Het is niet zo’, zegt Susanne. ‘Het is niet zo.’ ‘Ik wil het toch gezegd hebben’, stelt de rechercheur. Even later: ‘Wat voor ervaring heb je met pijpen?’ Ze gaan in op het geslachtsdeel van de man. ‘Je zegt dat de penis slap was, maar je gaat toch kokhalzen’, stelt de rechercheur. ‘Doe eens voor? Hoe kokhals je dan?’ De rechercheurs blijven maar vragen of ze haar aangifte wil doorzetten. Susanne: ‘Ja, want het is echt gebeurd.’

Als je zo onder druk wordt gezet, is het volkomen begrijpelijk dat vrouwen bang worden om aangifte te doen. Alles kan tegen je worden gebruikt. Ook black outs vanwege een trauma, of vanwege bevriezing. Dat is een volkomen natuurlijke reactie als je in een levensgevaarlijke situatie belandt, naast vechten en vluchten. Maar zelfs de politie herkent dit niet altijd en meent dan dat een vrouw instemde omdat ze zich niet actief genoeg verweerde.

Dit alles gebeurt in een situatie waarbij volgens De Zutter hooguit vijf procent van de aangiftes vals is. Voor Engeland komt wetenschapster Joanna Bourke zelfs tot hooguit 3%. Ieder vals beschuldigde persoon is er natuurlijk één te veel, maar juist daarom is het in dit geval erg belangrijk om te blijven beseffen dat 95% tot 97% van de vrouwen daadwerkelijk verkracht is. Zij verdienen een fatsoenlijk interview, een gedegen onderzoek, en gerechtigheid. De daders verdienen vervolging, een grondig verhoor, en celstraf. Anders blijven ze namelijk ongestoord nieuwe slachtoffers maken. En dat kan echt niet.

Slachtoffer van seksueel geweld en hulp nodig? Neem dan contact op met een van de Centra voor Seksueel Geweld in Nederland, telefoonnummer 0800-0188, 24 uur per dag bereikbaar.

Dubbele moraal rond Williams is druppel die emmer doet overlopen

Vrouwen die protesteren tegen onrecht of frustratie tonen? Nog altijd schildert onze cultuur zo iemand af als een hysterische feeks, iemand die ontploft, die wangedrag vertoont, die boetes krijgt voor haar woede uitbarsting. Alsof de wereld vergaat. Ondertussen mogen mannen razen en tieren zonder dat er een haan naar kraait. Meest recente voorbeeld van die dynamiek: tennisster Serena Williams. Het voorbeeld biedt een giftige cocktail van seksisme, racisme en mannelijke machthebbers die met twee maten meten. Er was inderdaad sprake van wangedrag, maar nauwelijks van Williams.

Osaka met haar grote heldin Williams

Nederlandse en buitenlandse media staan bol van de verhalen over de incidenten tijdens de vrouwenfinale van de US Open. Deze belangrijke tenniswedstrijd ging tussen Serena Williams en Naomi Osaka. Voor beide tennissters stond er veel op het spel. Williams had de kans een 24ste overwinning op haar naam te zetten en daarmee een record te verbreken. Osaka kon de eerste Japanse/Haïtiaanse US Open winnares ooit worden.

In die beladen sfeer besloot scheidsrechter Carlos Ramos op een gespannen moment Williams te berispen omdat haar coach vanaf de tribune handsignalen naar haar zou hebben gezonden. Daarna strafte hij Williams toen ze haar racket kapot gooide. Toen Williams daartegen en tegen zijn eerder besluit protesteerde, nam hij haar een punt af, zodat Osaka in een beslissende set opeens met 5-3 voor stond in plaats van 4-3.

Osaka won de wedstrijd, maar de ceremonie bij de prijsuitreiking werd verstoord doordat het publiek boe bleef roepen naar Ramos en andere vertegenwoordigers van de US Open organisatie. Williams greep in om iedereen weer rustig te krijgen en Osaka haar moment van glorie te geven. Het gedrag van een ware kampioene, die haar verlies accepteert en haar tegenstandster eert en ruimte geeft.

Vanwaar het boe geroep van het publiek? Bij de situatie rond Serena Williams is het van belang één ding goed in het oog te houden. In het geval van een scheidsrechter die regels handhaaft gaat het niet om de vraag of zo’n functionaris het recht heeft maatregelen te nemen. Dat heeft zo iemand altijd. In dit geval gaat het om het hoe.

Het hoe. En daarin zit het venijn. Ramos vertegenwoordigt een cultuur waarbij mannelijke tennissers geen problemen ondervinden van gedrag waarvoor vrouwelijke spelers wél gestraft worden. Met een extra dosis venijn als de vrouw in kwestie ook nog een gekleurde huid heeft. Als een zwarte vrouw namelijk protesteert, duikt meteen het beladen stereotype van de boze zwarte vrouw op. Dat is een bedreiging die mannen het liefst zo snel mogelijk weer de grond in willen stampen. Williams maar ook andere zwarte vrouwelijke sporters botsen regelmatig tegen dat stereotype aan.

 

De voorbeelden zijn te talrijk om op te noemen, zo vaak is het seksisme in de sport zichtbaar. Als een man op de baan van shirt wisselt, geen probleem, doet een vrouw dat (met nog steeds een keurig hemd onder haar shirt aan) dan is het gelijk pats, sanctie van de scheidsrechter. Roger Federer, Novak Djocovic, Dominic Thiem, ze mogen er op los schelden en rackets bij de vleet kapot slaan, maar straf, ho maar. Mannen geven zelf ook toe dat ze bijna overal mee wegkomen. Zo twitterde tennisser James Blake:

I will admit I have said worse and not gotten penalized.  And I’ve also been given a “soft warning” by the ump where they tell you knock it off or I will have to give you a violation.  He should have at least given her that courtesy.  Sad to mar a well played final that way.

Voor een speler zoals McEnroe vormden de woede uitbarstingen en ander wangedrag zelfs een lucratief handelsmerk, een situatie die onbestaanbaar was bij vrouwelijke spelers:

After the BBC’s Panorama documentary revealed that John McEnroe was paid 10 times more than Martina Navratilova, despite her superior playing record, one of the many justifications cited for the discrepancy was that McEnroe was more entertaining. In other words, McEnroe’s personality – famous for angry outbursts on court – made him a better financial investment.

In het geval van Ramos komt daar nog bij dat de hele ellende begon toen hij besloot niet eerst te waarschuwen, maar meteen sancties op te leggen. En om als aanleiding voor een straf iets te kiezen waar normaal gesproken niemand een punt van maakt, omdat het overal voorkomt en zodoende iets is waar scheidsrechters normaal gesproken weinig mee doen. Alleen een zwarte vrouwelijke tennisspeelster krijgt straf en impliciet het etiket ‘valsspeler’ opgeplakt van de scheids. Daarmee beschuldigde Ramos Williams van iets heel ergs, in het openbaar, voor een miljoenenpubliek. Hij besmeurde haar eer en professionaliteit als tenniskampioene. Terecht dat Williams die smaad niet pikte, schrijft de Boston Globe

She was rightfully angry; not an angry black woman trope. This is a 23-time grand slam champ. “I don’t cheat to win,” she told Ramos. “I’d rather lose.”

Daarna strafte hij Williams voor het tonen van frustratie rond zijn sanctie-gedrag. Ramos kreeg als persoon eerder te maken met mannen die hem uitscholden, woede uitbarstingen hadden, rackets kapot gooiden, protesteerden tegen zijn beslissingen, enzovoorts. De Portugees legde die mannen zelden of nooit een sanctie op. Alleen Williams, een zwarte vrouw, moest het ontgelden. Zij mag geen racket kapot gooien of hem een leugenaar noemen omdat hij haar vals beschuldigde. Mannelijke spelers bevestigden de dubbele moraal die Ramos toonde in zijn beslissingen. Zo schreven tennisverslaggevers:

“I covered 17 US Opens for Sports Illustrated. There is no way a men’s player with Serena’s resume (multiple Grand Slam titles, economic driver of the sport) is getting a third code violation for that language in the finals of a major. No way.”

Dat verschil tussen straf voor mannen en voor vrouwen is ook waarom commentatoren zoals Sally Jenkins zo’n vernietigend oordeel vellen over het optreden van Ramos. De Washington Post journaliste beschuldigt Ramos van het misbruiken van zijn macht als scheidsrechter, en escaleren waar de-escaleren op z’n plaats was. Met alle gevolgen van dien:

“Ramos took what began as a minor infraction and turned it into one of the nastiest and most emotional controversies in the history of tennis, all because he couldn’t take a woman speaking sharply to him.”

Gezien de talloze voorbeelden, en deze nieuwe casus rond Ramos, is het niet zo gek dat de publieke opinie zich achter Williams schaart. Het gaat te vaak mis. Er is sprake van structureel onrecht waar vrouwen, zeker zwarte vrouwen, te vaak het slachtoffer van worden. We moeten daar tegen vechten. Williams doet dat, en velen volgen haar. Ook de Vrouwen Tennis Associatie (WTA) steunt Williams openlijk en uit kritiek op de dubbele moraal in het tennis algemeen en het seksistische optreden van Ramos in het bijzonder. Die steun in de strijd tegen seksisme, en het prachtige spel van Osaka, zijn de enige positieve elementen in dit hele verhaal.

Meer diversiteit in vier eenvoudige stappen

Van een filosofisch vakblad met maximaal 21% vrouwelijke auteurs en 0% mensen met een gekleurde huid, naar een vakblad met 54% vrouwelijke auteurs en 11% auteurs met een gekleurde huid. In een paar jaar tijd. Vooruitgang kán, toont Rebecca Kukla aan. Deze professor Filosofie aan de Georgetown University werd hoofdredactrice van het Kennedy Institute of Ethics Journal en maakte het tot haar missie meer diversiteit te bereiken. Dat lukte door vier stappen consequent door te voeren.

Rebecca Kukla

Toen Kukla het roer van het tijdschrift voor Ethiek over nam, trof ze een traditioneel blank mannelijk landschap aan. Stap 1 was dan ook: het net verder, dieper en breder het water in gooien en actief op zoek gaan naar filosofen uit andere hoeken. Dat lukte door een aantal themanummers uit te brengen over actuele onderwerpen. Zo besteedde het Ethics Journal aandacht aan de Amerikaanse verkiezingen. Trump levert een goudmijn op als je het wil hebben over ethiek, en niet alleen de geijkte vaste waarden in de filosofie schreven over de gang van zaken in 2016. Via de themanummers kon de redactie een jonger, diverser auteursbestand opbouwen.

Stap 2 was de introductie van boekrecensies. Kukla en haar medewerkers besloten bewust op zoek te gaan naar publicaties vanuit gemarginaliseerde groepen, met onderwerpen op het gebied van ras, etniciteit, feminisme, (politieke) repressie, anti-fascisme enzovoorts. De redactie kan zelf kiezen wie de recensies schrijft en zorgde ervoor dat uitnodigingen terecht kwamen bij andere deskundigen dan de geijkte blanke mannennamen van de standaard namenlijstjes.

Stap 3: het landschap zelf veranderen. Tot Kukla’s komst kondigde het blad zichzelf aan als een publicatie op het gebied van ethiek, met in ieder nummer gangbare filosofie op dat terrein. In overleg veranderde Kukla dit echter in ‘toegepaste filosofie’, een veel breder begrip, met een grotere nadruk op de praktijk, op wat er in de wereld gebeurt, en op actuele thema’s. Door deze verbreding kon ook de auteurspool breder en diverser worden.

Tot slot stapte het blad af van een ingewikkeld systeem van anoniem inzenden. Normaal gesproken zijn er drie lagen van anonimiteit, waarbij ook de hoofdredactrice niet weet wie welk stuk in zond. De filosofie wereld is echter behoorlijk klein. Zodra iemand een niet gangbaar onderwerp heeft of een herkenbare eigen schrijfstijl, heeft anoniem inzenden en behandelen nauwelijks zin. Iedereen die ingevoerd is in het wereldje, snapt meteen dat als het over onderwerp X gaat, het stuk hoogstwaarschijnlijk van Y afkomstig is, want Y is de enige in haar vakgebied die zich met X bezig houdt. Anonimiteit is dan een mythe. Leuk in theorie, maar in de praktijk werkt het niet altijd.

Om die reden zorgt Kukla er tegenwoordig voor dat redacteuren artikelen zoveel mogelijk anoniem beoordelen, maar dat zijzelf wél weet wie het schreef. Dat stelt haar in staat kritiek te voorzien van een context, en soms te verwerpen omdat onbewuste vooroordelen een rol zijn gaan spelen. Daarnaast kan ze auteurs de helpende hand toesteken. Soms heeft een stuk enorme kwaliteiten, maar komt het niet goed uit de verf omdat het taalgebruik niet op niveau is. In dat geval adviseert ze auteurs om een native speaker Engels te raadplegen en met die persoon de taal te fatsoeneren. Iemand kan het stuk dan opnieuw indienen en wie weet keurt de redactie het nu wel goed. In 85% van de gevallen komen artikelen niet door de ballotage heen, signaleert Kukla, dus de kwaliteit blijft hoog. Maar auteurs met achterstanden krijgen een eerlijkere kans.

Dit alles laat ook zien dat er een vijfde ingrediënt nodig is. De wil om te veranderen, om ook het werkterrein fundamenteel te veranderen, zodat meer mensen kansen krijgen. En dat volhouden en blijven waken voor de terugkeer van conservatieve denkpatronen, waardoor je terug kunt vallen in het standaard blank mannelijke repertoire. Daarover meer in een volgend stuk.

Is Kukla er nu? Nee. Van 0 naar 11% is een mooie stap, maar ze vindt het aantal gepubliceerde artikelen van mensen met een gekleurde huid nog veel te laag. Daar is nog werk aan de winkel. Ook mag er nog wel wat meer ruimte komen voor auteurs met een handicap, of auteurs die zichzelf identificeren als transgender. Maar nu ze deze vier ontwikkelingen tot staande praktijk heeft gemaakt, is er een veel grotere kans dat méér mensen óók toegang krijgen tot het podium van een gerenommeerd vakblad. En dat is heel mooi.

Mensen vinden het lastig om vrouwen te vertrouwen

Vrouwen beginnen in de V.S. 30% van de nieuwe ondernemingen, maar investeerders mijden hen. Voor iedere dollar die een investeerder een onderneemster gunt, gaan er 23 naar een mannelijke ondernemer, blijkt uit onderzoek. Dit terwijl de onderneemsters minstens even succesvol zijn als hun mannelijke concullega’s. Het Consumer Financial Protection Bureau (CFPB) wil nader onderzoek doen naar de situatie, maar concludeert nu al dat gender een grote rol speelt. Ja, duh… Investeerders vertrouwen vrouwen minder. En dat geldt niet alleen voor de V.S., maar breed, in allerlei sectoren en in allerlei landen, ook in Nederland.

In je dromen….

Geen investering betekent dat vrouwen op een gegeven moment niet verder komen. Mannelijke ondernemers krijgen kansen, terwijl vrouwen zonder geld en middelen aan de zijlijn blijven staan. Daarbij krijgen vrouwen ook ontmoedigende boodschappen mee van seksistische financiers, tekende het Financieel Dagblad op. Potentiële investeerders hemelen mannelijke ondernemers op, terwijl ze vrouwen op precies dezelfde soort punten een stuk negatiever beoordelen. Zo heeft een jonge mannelijke ondernemer potentieel: hij heeft weinig ervaring maar geef hem een kans, komt goed. Terwijl een even jonge vrouwelijke ondernemer vooral twijfel en afkeuring oplevert – ze heeft te weinig ervaring, dat wordt niks.

Dit gebrek aan gelijke kansen voor vrouwen is een ouwe bekende voor iedereen die zich interesseert in gendervraagstukken. Het begint bij het begin, met het op waarde schatten van het werk en de prestaties van vrouwen. Onderzoek na onderzoek wijst uit dat mensen (de prestaties van) vrouwen als lager/minder beoordelen in vergelijking met mannen. Zelfs als de vrouw een beter product levert, duikelt de waardering omlaag zodra mensen erachter komen dat de producent het vrouwelijk geslacht heeft.

Het gebrek aan waardering blijkt ook uit andere meetbare gegevens. Werkgevers hebben minder salaris over voor een werkneemster. Om de loonkloof te dichten krijgen vrouwen vaak het advies beter te onderhandelen over hun loon en de beter betaalde banen te zoeken. Als degene met de verkeerde sekse hebben vrouwen echter maar beperkt invloed op hun omgeving. Ze kunnen bijvoorbeeld die beter betaalde baan vinden, vaak in sectoren waarin veel mannen werken. Maar als ”teveel” vrouwen dat doen, dalen na verloop van tijd de lonen in dat beroep. Geheel volgens de Wet van Sullerot: hoe meer vrouwen een activiteit ondernemen, hoe lager de status en de lonen worden. Het vrouwelijke heeft geen status…

Als vrouwen in de beoordeling van de buitenwereld slechter werk leveren en in het algemeen inferieur zijn, wordt stap 2 heel makkelijk. Vrouwen niet vertrouwen, niet serieus nemen, niet te steunen en niet in hen te investeren. Ze bakken er immers toch niks van. Als je investeert in hun onderneming, verdwijnt je geld in een zwart gat. Als je hen 100 miljoen dollar geeft voor hun debuutfilm, wordt dat vast een ramp. Beter om te kiezen voor de veilige, betrouwbare optie: een man, liefst blank.

Vrouwen krijgen zodoende nauwelijks kans om door te breken in een bepaald beroep of onderneming. Mannen geven dat af en toe zelf ook openlijk toe. Zo vatte Formule 1 autoriteit Bernie Ecclestone in één compacte paragraaf samen waarom vrouwen geen kans maken in de wereld van autoraces:

If there was somebody that was capable they wouldn’t be taken seriously anyway, so they would never have a car that is capable of competing.

Zo blijven allerlei activiteiten en bezigheden voorbehouden aan mannen, degenen die mensen wél serieus nemen, degenen waarin mensen wél willen investeren, degenen die wél goede autos krijgen om op professioneel niveau te racen, degenen die fouten mogen maken, waarna mensen zeggen ‘maar hij heeft zoveel talent, dus laten we hem nog een kans geven’. Hem, niet haar….

Kortom, die Amerikaanse cijfers over welke ondernemer wel investeringen binnen harkt en wie niet, zijn volstrekt logisch als je een wereldbeeld aanhangt waarbij hij gelijk staat aan goed en hoge kwaliteit, en zij een vreemde eend in de bijt is die er waarschijnlijk toch niks van terecht brengt, want vrouw.

Enfin, hopeloze kwestie en laat maar zitten? Nee. Bovenstaande situatie is mensenwerk. Als mensen willen, kan de situatie radicaal veranderen. Naast vrouwen zelf hebben (blanke) mannen, die vaak op sleutelposities zitten, een belangrijke rol. Zij kunnen hun macht immers aanwenden om de deur dicht te houden, óf om vrouwen kansen te geven. Als deze poortwachters deuren openen gaan de veranderingen extra snel. Duimen maar…..

Mannen en vrouwen gamen even goed

Brekend nieuws: mannen en vrouwen spelen even goed videogames. Een grootschalig onderzoek onder duizenden deelnemers aan EverQuest II en Chevaliers Romance III wijst uit dat vrouwen even snel als mannen punten verdienen en hogere levels bereiken. Het enige verschil ontstaat door de omgeving. Waar mannelijke gamers als vanzelfsprekend geaccepteerd zijn en aanmoedigingen en complimenten krijgen, botsen vrouwen regelmatig aan tegen seksuele intimidatie en beledigingen van het type ‘meisjes kunnen niet gamen’. Dat werkt onzekerheid in de hand.

Games spelen lijkt triviaal, maar de onderzoekers die keken naar de speelstijlen van mannen en vrouwen wijzen erop dat videogames regelmatig een opstap vormen naar studies en loopbanen in de ICT of de techniek. Als vrouwen terugdeinzen vanwege vooroordelen en intimidatie, en minder gamen, missen ze dat opstapje vaker dan mannen. Zonde, want vrouwen hebben aantoonbaar talent voor dit soort beroepen. Daarom roepen de onderzoekers mensen op om vrouwen wat warmer welkom te heten als ze videogames spelen.

Vrouwelijke gamers rukken gelukkig op – gelukkig, want hoe meer vrouwen, hoe groter de kans dat hun deelname vanzelfsprekend en normaal wordt gevonden. In april dit jaar bleek dat vrouwen 70% uitmaken van de groep die spelletjes op hun smartphone speelt. Kijk je naar alle games, ook op consoles en computers, dan is de situatie bijna in evenwicht met circa 45% vrouwelijke gamers in de V.S. Wel blijkt dat mannen over het algemeen meer mogelijkheden hebben om langere periodes achter elkaar te spelen. In Nederland kan bijna driekwart van de mannelijke gamers sessies van meer dan een uur houden. Vrouwen lukt dat in 56% van de gevallen.

In hun studie naar game-prestaties signaleren de onderzoekers een aantal hoopgevende ontwikkelingen die vrouwen vaker een gelijke kans geven. Zo kunnen vrouwen zich steeds vaker aansluiten bij collectieven zoals ‘de PMS Clan‘. Onderzoek wijst uit dat leden van zulke collectieven zich zelfverzekerder voelen en minder kwetsbaar zijn voor hatelijke sneren. Dat komt hun online prestatie ten goede.

Daarnaast introduceren de producenten van online platforms steeds vaker middelen om spelers die zich rottig gedragen, een halt toe te roepen. Riot Games nam bijvoorbeeld The Tribunal op in de speelwereld. Als een speler laakbaar gedrag rapporteert, analyseren andere spelers de klacht en spreken een collectief oordeel uit. Wangedrag kreeg zodoende negatieve gevolgen voor de dader. En, verrassing: online lastig vallen van vrouwen nam daarna zichtbaar af. Niet alleen voor vrouwen, maar voor iedereen leverde dat een prettigere omgeving en meer speelplezier op. Top!

Uniek: Jemisin wint derde Hugo op een rij

Auteur N.K. Jemisin leverde een unieke prestatie. Ze won de Hugo Award voor beste roman voor de derde keer achter elkaar. De Hugo geldt als een van de belangrijkste prijzen voor science fiction en fantasy. Het is nog nooit eerder gebeurd dat iemand deze onderscheiding zo vaak op een rij won. Ook in andere categorieën deden schrijfsters het dit jaar buitengewoon goed: ze wonnen zo’n beetje alle prijzen die er dit jaar te vergeven waren.

Foto: Barnes & Noble

Jemisin sloeg haar unieke drieslag met de Broken Earth cyclus, over een door vulkanisch geweld geteisterde wereld. Bepaalde mensen, de zogenaamde Orogenes, kunnen die aardkracht beheersen. Andere mensen vrezen hen vanwege dit talent, maar hebben hen ook hard nodig om rampen te voorkomen. In die gespannen situatie volgt Jemisin de levens van een moeder en dochter, en hoe zij overleven terwijl de wereld een apocalyptische periode van vulkaanuitbarstingen, aardbevingen en andere ellende doormaakt. De Nederlandse vertalingen komen eraan: eind vorig jaar verwierf Luitingh-Sijthoff de rechten dus je kunt deel 1, Het Vijfde Seizoen, inmiddels in je eigen taal lezen. Hoera!

In haar speech, bij de uitreiking van de Hugo, vertelde Jemisin dat ze bewust koos voor een verhaal over gebroken mensen, levend in een gebroken wereld, die moeten zien te overleven onder grimmige omstandigheden:

This has been a hard year, hasn’t it? A hard few years. A hard century. For some of us, things have always been hard. I wrote the Broken Earth trilogy to speak to that struggle, and what it takes just to live, let alone thrive, in a world that seems determined to break you. A world of people who constantly question your competence, your relevance, your very existence.

Als auteur met een gekleurde huid maakte Jemisin helaas vaak mee dat anderen haar niet wilden laten bloeien. (De racistische houding van Trump maakt het er niet beter op.) Zo was ze bijna geen auteur geworden omdat uitgevers haar debuutroman, Killing Moon, afwezen, vertelde ze in haar speech. De poortwachters van de ”echte” SF en fantasy beoordeelden dit boek in eerste instantie als iets waar zwarte lezers misschien belangstelling voor konden hebben, maar verder niet.

Net als haar hoofdpersonen ging Jemisin door totdat iemand wél open stond voor wat ze te zeggen had. En de rest is geschiedenis, zoals dat dan zo mooi heet. Echt, ik wil het liefst uitroepen ‘zie je wel?, nah nah nahnanaaaaaaaah’. Want ik promoot Jemisin al jaren op dit weblog omdat ik haar geweldig vind schrijven. Ze experimenteert met werelden, speelt met vertelperspectief, en ontwijkt keer op keer stereotiepe verwachtingen door met een onthulling alles wat je dacht onderuit te halen. Zulke gelaagde werken, en dan ook nog eens spannend en emotioneel, het kán. Literatuur hoeft niet droog en saai te zijn. Luitingh-Sijthoff, verwerf aub ook de vertaalrechten voor Killing Moon en deel 2, The Shadowed Sun. En de Inheritance Trilogy, waar een recensent over schreef:

Imagine my surprise then to discover that not only was I immediately pulled into Jemisin’s intensely vibrant world, which is so effortlessly realized, but like an addict following his first taste, I now intend to seek out everything else she’s ever published. And again, I don’t even like fantasy. Or so I thought.

Naast Jemisin wonnen ook andere vrouwen belangrijke prijzen. Martha Wells kreeg een Hugo voor haar novelle All Systems Red, over een sociaal onhandige robot met de betekenisvolle naam Murderbot. Inderdaad. Ga lezen als je meer wil weten 😉 De Hugo voor het beste korte verhaal ging naar Welcome to Your Authentic Indian Experience (TM), van Rebecca Roanhorse, een vertegenwoordiger van de inheemse bevolking van de V.S. maar zeker geen uitzondering. Mijn grote heldin Ursula le Guin won postuum een Hugo voor No Time to Spare, haar allerlaatste bundel essays en artikelen. En zo ging het door, de ene getalenteerde vrouw na de andere die terecht lof en eer voor haar werk kreeg. Kortom, het was een mooie dag bij de Hugo Awards. Doe je voordeel met de lijst van winnaars en genomineerde auteurs m/v/x, en veel leesplezier!

 

Eindelijk gerechtigheid voor vrouwen

De loonkloof is mensenwerk, een resultaat van vooroordelen en discriminatie. Als mensen stoppen met discrimineren, en voor iedereen dezelfde open en eerlijke regels hanteren, verdwijnt de loonkloof automatisch. Dat bewijzen de gemeenten, waar de algemene loonkloof in 2017 geheel verdween. Sterker, de personeelsmonitor van het A+O fonds merkte dat het bruto salaris van vrouwen gemiddeld 26 euro hoger ligt dan van mannen. Ook steeg het aantal vrouwelijke leidinggevenden naar 40%.

De loonkloof is een hardnekkig verschijnsel. Ten eerste kent de arbeidsmarkt een sterke tweedeling in mannen- en vrouwenberoepen. Altijd en overal hebben de mannenberoepen een hogere status en/of verdien je meer in die banen. Vrouwen verdienen zodoende 16% minder salaris dan mannen met hun ‘vrouwenwerk’. Binnen dezelfde sectoren maken werkgevers ook onderscheid. Gecorrigeerd voor allerlei factoren zoals opleiding, aantal jaren ervaring, enzovoorts, krijgen mannen structureel 7% meer loon voor hetzelfde werk in het bedrijfsleven, en 5% meer loon bij de overheid.

Het College voor de Rechten van de Mens onderzocht de situatie in drie sectoren en kwam erachter dat het goed gaat zolang werkgevers zich aan de formele regels en schalen houden. Het gaat vooral mis bij subjectieve factoren en afspraken buiten de CAO om. Zo vragen werkgevers naar het laatst verdiende salaris om het nieuwe salaris te bepalen, een praktijk die vrouwen benadeelt omdat die vaak ook al minder verdienden in hun vorige baan. Of geven ze mannen vaker extra toelages dan vrouwen in dezelfde functie.

NRC Handelsblad analyseerde de cijfers van de gemeenten en kwam erachter dat bepaalde groepen mannen vorig jaar om onduidelijke redenen nog steeds meer verdienen dan vrouwen in dezelfde functies. Het gaat dan om jongemannen tussen de 18 en 20 jaar, en mannen tussen de 62 en 64 jaar. Dat betekent in de praktijk dat de eerste kennismaking van een vrouw met de gemeente, haar nog steeds leert dat hij meer krijgt dan zij. Lijkt me knap frustrerend. Over het algemeen komt het echter goed. Na hun 20ste verjaardag verdwijnt de kloof en kan een vrouw soms zelfs wat meer verdienen dan een man. Gemiddeld 26 euro per maand.

Daarnaast kent de overheid een relatief kleine kloof tussen de top en de ‘doorsnee’ medewerker. Dat komt opnieuw door strakke regels. De overheid moet zich houden aan de wet normering topinkomens. Deze wet stelt grenzen aan de hoogte van de beloning in de publieke sector. Er is dus geen ruimte voor idioterie zoals bijvoorbeeld voorkomt bij banken. Daar kunnen alleen luidkeelse publieke protesten van klanten voorkomen dat een topman 50%  loonsverhoging krijgt en drie miljoen euro per jaar binnen gaat harken.

Ik ben echt superblij dat de situatie bij de Nederlandse gemeenten eindelijk rechtvaardig wordt voor vrouwen. Hopelijk volgen vele andere sectoren dit goede voorbeeld.

Jamie Li is gewoon erg slim

Ophef over vlogster Jamie Li. Haar ultieme tip in sexy, but tired, but sexy, een life style boek voor jonge vrouwen: mannen moeten hun zaad kwijt, dus vrouwen, maak zin in seks, ook als je eigenlijk niet wil, anders loopt hij bij je weg. Haar boodschap lijkt uit de middeleeuwen te stammen dus die ophef begrijp ik volkomen. Maar de bredere context is belangrijk. Li is gewoon erg slim. De jonge ZZP-er zag de cultuur waarin ze moet overleven en geld verdienen, en sloot bewust of onbewust een patriarchale deal. Ze is het symptoom, niet het probleem.

Trouwe lezers van dit blog kennen waarschijnlijk wel de rubriek De Gereedschapskist, waarin ik steeds een term uit de feministische wetenschap behandel. Woorden zijn namelijk van levensbelang: ze maken iets zichtbaar. Pas als het zichtbaar is, kun je het misschien aanpakken. Zo bestonden er eeuwenlang geen termen voor de situatie in een huwelijk, waarbij een vrouw geen zin had in seks en een man toch haar lijf opeiste. Desnoods met geweld. Pas in de jaren zestig en zeventig kwamen feministen met een woord voor dit type gedrag: verkrachting binnen het huwelijk. Ze problematiseerden deze gang van zaken. Inmiddels is het strafbaar (sinds 1991).

In dit geval heeft de hele situatie rond Jamie Li alle kenmerken van een ander fenomeen, waar we sinds een paar jaar een term voor hebben. Te weten de patriarchale deal. Website Sociological Images omschrijft deze strategie als volgt: een patriarchale deal is een beslissing om rolpatronen die vrouwen benadelen, te accepteren, in ruil voor ieder beetje macht wat een individu los kan peuteren uit het systeem. Het is een individuele strategie, bedoeld om het systeem ten eigen bate te manipuleren, terwijl het systeem zelf intact blijft.

De vrouwen die zo’n deal sluiten, doen dit meestal omdat ze iets in hun mars hebben. Neem Jamie Li. Ze richtte Quarter Magazine op. Ze werkte een tijdje bij Sanoma Media, als beauty & lifestyle editor, en beschikte daardoor al snel over een sterk netwerk onder Bekende Nederlanders (zoals Katja Schuurman). Toen ze sociale media op zocht en haar eigen merk werd, boekte ze al snel succes. Kortom, duidelijk een leuke, goed uitziende vrouw met ambitie. Ze keek waar ze succes kon boeken, en ging in die richting aan de slag.

Heel toevallig zijn de dingen waar je succes mee kunt boeken, dingen die we als Nederlandse cultuur van vrouwen accepteren. Vrouw maakt Youtube filmpjes over make-up? Goed! Duizenden volgers! Vrouw zoekt kapitaal om haar onderneming uit te breiden: fout! Alleen mannen zijn serieuze ondernemers waar je serieus in investeert! Vrouw roept vrouwen op hun partner op afroep te pijpen, in de hoop dat hij dan misschien bij haar blijft? Goed, bestseller! Vrouw roept vrouwen op dat ze eigen wensen en behoeften hebben, nee mogen zeggen en dat mannen dat moeten accepteren? Eng, zure feministe, zeur!

Deze deal brengt Li als individu maximale winst: aandacht, volgers, inkomsten, een bestseller, een spannend leven waarbij je bijvoorbeeld een dagje op stap kunt met Ronnie Flex – bijna 470.000 keer bekeken toen ik keek.  In ruil daarvoor spuwt Li dit soort teksten uit: 

Mannen zitten altijd in kamp konijn. Als je [als vrouw] écht geen zin hebt, doordat je niet lekker in je vel zit of lichamelijke klachten hebt, dan heb ik geen praktische tips voor je […] Maar als dat niet het geval is, dan moet je zin maken. Want mannen moeten hun zaad kwijt.” […] „is de zak eenmaal geleegd, dan heb je de man terug waar je voor hebt getekend. Dan is-ie weer leuk en gezellig.”

Dit is dezelfde soort kul die SGP-ers, mannenrechtenactivisten en andere oerconservatieve fans van traditionele rolpatronen ook spuwen. Sterker nog, toen onvrijwillig celibataire mannen, Incels, besloten dat hun seksloze leven de schuld was van vrouwen en in het rond begonnen te schieten, stonden er meteen opiniemakers als Ross Douthat op met het voorstel om een soort seks-distributiesysteem in te stellen. Geef dat soort mannnen een vrouw die wél seks met ze heeft, dan stopt dat soort geweld vanzelf. Incels waren super enthousiast. Boeien, dat vrouwen mensen zijn met gevoel en verstand – verdelen die handel. Vergeleken bij dit soort gasten valt Li eigenlijk nog mee.

Laten we dit soort vrouwenhaat vooral blijven bestrijden waar we het tegenkomen. Ja, Li heeft het recht een boek te publiceren, waarin ze mannen reduceert tot hersenloze konijnen en vrouwen tot consumptiegoederen zonder een eigen wil. Anderen hebben het recht kritiek te uiten en te wijzen op het hoge gehalte seksisme van haar schrijfsels. Maar laten we breder kijken naar de cultuur die vrouwen als Li produceert. Alleen dan kunnen we meer doen dan symptoombestrijding.

Schrijfsters en lezeressen streven naar meer diversiteit in romantische verhalen

Miljoenen lezeressen verslinden romantische verhalen, en het uitgeven van romans in dit genre groeide uit tot een massale industrie. In dit feest van lezen en plezier beginnen zowel lezeressen als auteurs meer diversiteit te eisen. Nu de uitgeverijen nog. Want de diversiteit in de groep auteurs daalt gestaag. Onderzoek toont aan dat van de 3.752 romantische boeken, uitgegeven door de 20 toonaangevende uitgeverijen, slechts 6,2 procent geschreven werd door een auteur met een gekleurde huid.

The Ripped Bodice, een in romantische verhalen gespecialiseerde boekhandel, doet sinds twee jaar onderzoek naar de schrijvers van romantiek. Ze richtten zich op traditionele uitgeverijen. Uit hun analyse blijkt dat het percentage auteurs met een gekleurde huid daalt. In 2016 ging het nog om bijna 8 procent, vorig jaar 6,2.

De harde cijfers bevestigden voor getroffenen en geïnteresseerden een gevoel en een geleefde ervaring – nee ze waren niet gek, ze zagen het goed:

“There was a certain amount of relief from members of the community, including authors, bloggers, and readers who had been saying this was an urgent problem for years,” says Leah Koch, “and now have data to underscore their experiences. But ultimately, the numbers were very disheartening for a lot of people.” “The reaction from publishers was…quiet.” added Leah. “We’d like to see more active responses.”

In Nederland verschijnen veel uit het Engels vertaalde romantische boeken, dus de situatie zal hier niet veel anders zijn. Gezien dit gure klimaat is het extra leuk als mensen laten zien hoe het wél kan. Onlangs presenteerde de Drontense schrijfster Marijke Jansen bijvoorbeeld de bundel Brave New Love, met daarin tien liefdesverhalen waarbij diversiteit centraal staat. Sinds vorig jaar beschikt Nederland ook over de eerste uitgeverij die zich specifiek richt op lesbische romantiek. Het betreft Tinteling FEM, een imprint van Tinteling Romance.

Ook in de V.S. komt de situatie langzamerhand in beweging. Volgens de New York Times beraden Harlequin en Avon, twee grote uitgeverijen, zich op maatregelen om de auteursgroep minder blank te krijgen. Het onderwerp stond onlangs ook hoog op de agenda van een congres van de Romance Writers of America, in Denver. Fans van het genre doen er ondertussen alles aan om boeken aan te bevelen die meer diversiteit bieden, en auteurs als Jeannie Lin en Beverly Jenkins te promoten. Een site als Smart Bitches, Trashy Books neemt diversiteit standaard mee in recensies, en geeft verhalen een lagere score als ze racistische en seksistische elementen bevatten.

Stapje voor stapje komt zo de vooruitgang tot stand. Want gebrek aan diversiteit is een probleem van mensen, en mensen kunnen er iets aan doen. Zo is het onderzoek van Ripped Bodice vol lof over Crimson, onderdeel van uitgeverij Simon & Schuster. Deze imprint slaagde er in 2017 in om maar liefst 29.3% van de gepubliceerde romans te laten schrijven door een auteur met een gekleurde huid. Zie je? Het kan best. Moge veel uitgeverijen dat goede voorbeeld volgen.

Stalkende mannen gaan door tot het gaatje

Nederlands onderzoek naar stalkers en de link met moord heb ik niet gevonden (tips welkom) maar uit Engels onderzoek blijkt dat de afgelopen drie jaar 49 vrouwen aangifte deden van stalking en daarna door de stalkende man werden vermoord. Deze cijfers kwamen alleen naar boven doordat VICE Magazine een beroep deed op de Engelse variant van de wet op de openbaarheid van bestuur, en politiekorpsen dwong hun archief in te duiken.

Uit de opgevraagde Engelse politiecijfers blijkt dat agenten de dader in veel van de 49 gevallen een waarschuwing gaf. Af en toe kreeg de man zelfs een straat- of contactverbod opgelegd. Maar daar bleef het bij. Totdat het wangedrag van de man in kwestie escaleerde en hij de vrouw vermoordde.

Cijfers uit de V.S. bevestigen dat het gaat om een groot probleem: ruim de helft van vrouwelijke slachtoffers stapte voor hun dood een of meerdere keren naar de politie wegens stalking. In Nederland maakten we een soortgelijk scenario nog zeer kort geleden mee in Utrecht. Sam G. stalkte zijn ex. De vrouw had de politie bij leven gewaarschuwd en Sam kreeg een contact- en straatverbod opgelegd. Dat mocht niet baten. Sam drong in juli haar woning binnen en ging over tot moord.

Gezien de voor vrouwen vaak dodelijke gevolgen van mannelijke geweld en agressie is het niet zo vreemd dat Engelstalige magazines zoals VICE Broadly oproepen tot effectiever beleid. Stalking en mishandeling verdwijnen niet, en als daders geen serieus teken krijgen dat hun gedrag voor henzelf vervelende gevolgen krijgt, gaan ze ongestraft door totdat weer een vrouw sterft. Een slachtoffer van een stalker ervoer dit van nabij:

“His behavior escalated over time with different relationships because there was no accountability for his actions. In his eyes, he was above the law.” […] Dronfield had previously reported Smith to police for stalking, but says she felt ignored. “In my case, police officers would make jokes while Smith was stalking me and making my life a misery,” she tells Broadly. “They’d say things like, ‘Why don’t you find yourself a nice boyfriend?’”

In Engeland voert Paladin National Stalking Advocacy actie om een register te openen met de namen van mannen die zich bij herhaling schuldig maakten aan misdaden zoals huiselijk geweld en stalking. Dit register zou besloten moeten zijn, alleen toegankelijk voor bevoegde politie-agenten. Als een vrouw dan voor de eerste keer aangifte doet, kan de politie zien dat het gaat om een recidivist. Agenten kunnen de vrouw waarschuwen en nemen haar signalen hopelijk serieuzer.

In Nederland is René Römkens een van de weinigen die de losse incidenten met elkaar verbindt, het probleem van mannelijke agressie expliciet benoemt en pleit voor hardere maatregelen. Bij haar aantreden als bijzonder hoogleraar constateerde zij dat geweld van mannen tegen vrouwen een epidemisch probleem vormt. Ze wijt gebrek aan actie aan massaal wegkijken, onder andere door seksisme te negeren of door net te doen alsof alleen mannen uit bepaalde culturen vrouwen slaan en vermoorden.

In het zicht van de massale agressie van mannen schiet de wet vaak tekort, aldus Römkens. Preventie en effectief optreden kan volgens haar alleen als de overheid de situatie als een schending van mensenrechten ziet:

In relaties kunnen andere normen gelden: ‘als je getrouwd bent, moet je me gehoorzamen’ of: ‘als man heb ik hier recht op’. Daar kan het strafrecht vaak niet tegenop. Daarom gaat Römkens seksueel geweld de komende jaren bestuderen vanuit genderperspectief. Omdat het véél vaker vrouwen dan mannen treft, kan het worden opgevat als een schending van een mensenrecht: het recht om vrij te zijn van discriminatie. “Dus rust er een plicht op de overheid om seksueel geweld te voorkomen. Om dat te bereiken moet ze de positie van vrouwen versterken, op alle terreinen, ook op de arbeidsmarkt en in het onderwijs.”

Over een register heeft ze het niet. Maar het is duidelijk dat er meer moet gebeuren dan nu. Preventie, hardere maatregelen, vaker betere bescherming voor vrouwen. Wat er ook nodig is, ruim voordat zo’n man overgaat tot seksueel geweld, moord en doodslag:

Laura Richards, the founder of the anti-stalking charity Paladin, says of the 49 deaths: “These figures are unacceptable. Many of the men identified through these figures will be serial abusers who target multiple victims, over time escalating to murder. These are the most dangerous of cases—they are murders in slow motion”

Kwart WW1 gedichten kwam van een vrouw

Engelstalige vrouwen schreven een kwart van de gedichten in en over de Eerste Wereldoorlog in Engeland. Wow, dat wist ik niet. Zoals zovelen dacht ik bij Engelse poëzie over die Grote Oorlog automatisch aan mannen zoals Wilfred Owen. Maar zoals de BBC benadrukt, vertegenwoordigden deze mannelijke militairen een minderheid. Ze kwamen niet verder dan 20% van de ‘productie’. Dat hun werk desondanks zo dominant is, komt door de manier waarop de canon tot stand kwam.

Dichteres Charlotte Mew

Canon-vorming komt tot stand op basis van status en macht. Zo ook hier. Militairen, zeker vanuit de hogere rangen zoals officier, stonden zeer hoog in aanzien in het Engeland van rond 1914. Zelfs als ze, zoals Owen, nauwelijks bekend waren als dichter in hun eigen tijd, kregen ze daarna alsnog een podium. De literaire elite hees de militaire mannen op een schild, onder andere door hun gedichten te bundelen en te publiceren. Vrouwen kregen geen plek in die prestigieuze overzichten.

Dus voilà, wie op school gedichten krijgt uit en over de Eerste Wereldoorlog, krijgt Wilfred Owen en collega’s voorgeschoteld. Engelse (maar ook Nederlandse) leerlingen horen of lezen niks van bijvoorbeeld Evelyn Underhill, die in haar gedicht ‘Non-combatants’ stelde: “Never of us be said/We had no war to wage.” Of Charlotte Mew, die net zo goed als Owen de vernietigende effecten van oorlog beschreef.

Langzamerhand beginnen mensen te morrelen aan dat beeld van ‘oorlogspoëzie = mannen zoals Owen’. Website Allpoetry zette een aantal dichteressen op een rijtje, met  links naar hun gedichten. De universiteit van Leicester publiceerde een speciale paper, om aandacht te vestigen op de stem van vrouwen. Volgens de universiteit

We are engaged in a process foreseen in 1918 by Eleanor Farjeon: ”Men will begin to judge the thing that’s past As men will judge it in a hundred years.” The quotation chosen to head this Bookmark may seem to be deliberately provocative, but even the most diligent reader of the poetry of the period would be hard-pressed to find any popular anthology that includes the work of a single female poet and might be tempted therefore to add to the quotation used, ‘or cared what they wrote’.

Tegenwoordig raken mensen zelfs een beetje los van het Westelijk front. De Eerste Wereldoorlog speelde zich op zeer veel fronten af, in allerlei andere landen dan België/Frankrijk/Duitsland. De gedichten die uit de koloniën en andere verder weggelegen fronten komen, beginnen ook aandacht te krijgen.

Het gaat niet snel, dat bijsturen en verbreden van de klassieke canon, maar het gebeurt. Vooruitgang!

Weldenkende mensen pleiten voor diversiteit in computerspelletjes

Vrouwelijke personages in computerspelletjes lijken slechts één verschijningsvorm te hebben: superlank, maar wel sexy en met grote borsten. Aanranding in games is geen probleem of wordt zelfs aangemoedigd. Je zou hopen dat deze situatie anno 2018 verdwenen was, maar nee. Hoogstwaarschijnlijk omdat uit onderzoek blijkt dat de dominante bedrijven die games produceren, het domein zijn van blanke en in mindere mate Aziatische mannen. De urgentie ontbreekt zodoende. Wil je verandering, dan moet dat van buitenaf komen. Van andere bedrijven, en van spelers, waaronder steeds meer vrouwen.

Eerst wat feiten. Een analyse van nieuwe ”grote” games gepresenteerd op vakbeurs E3, wijst uit dat slechts 8% een vrouwelijke hoofdpersoon kent. Dit percentage schommelde in de voorgaande jaren ook al tussen de 7 en 9 procent, oftewel de boel stagneert al tijden. De enige reden daarvoor is angst, gebaseerd op vooroordelen. Een beetje zoals de mythe dat een vrouwelijke hoofdpersoon in een film vergif is voor succes in de bioscoop, grondig onderuit gehaald als je feiten bekijkt – sterker nog, cijfers tonen aan dat films met vrouwen in de hoofdrollen juist meer succes hebben.

Met mannelijke hoofdpersonen hebben bedrijven geen probleem. Een kwart, 24%, van de games draait om een man en geeft de speler geen keuze in sekse. De enige lichte verbetering zit bij de games die de speler laten kiezen of ze een mannelijk of vrouwelijk personage als held/in nemen. In trailers laten grote ontwikkelaars zoals Ubisoft steeds vaker naast de man ook het vrouwelijke personage zien. Dat vergroot de kans dat een speler inderdaad voor de vrouwelijke variant kiest, want de meesten doen dat niet. Bij Mass Effect koos bijvoorbeeld slechts 18% van de spelers voor de vrouwelijke hoofdpersoon.

Waar de dominante bedrijven vrolijk door gaan met blanke mannen voorop stellen, komt diversiteit van buiten- en van onderaf. Zogenaamde indie-bedrijven, kleinere ontwikkelaars die buiten de paar dominante kolossen opereren, kennen meer diversiteit in hun personeelsbestand en maken games die ook veel diverser zijn. Sterker nog, soms zijn de games ronduit activistisch. Zoals Hair Nah, een game waarbij je een zwarte vrouw speelt die moet voorkomen dat wildvreemde mensen aan haar haar zitten:

The web game, created by designer Momo Pixel, went viral in November, and allows users, as a black woman named Aeva, to fend off a swarm of incoming white hands trying to touch her hair. As Pixel told Newsweek in November, “It’s literally happened to every black girl I’ve met….Working on this game was such a breath of fresh air because finally I get to tell you, ‘No, stop touching me,’ before it happens—and in the most fun, chill, hilarious way.”

Een ander, iets ouder voorbeeld, is Decisions that Matter, eveneens gemaakt door een vrouwelijke ontwerper. Deze game gaat in op seksueel geweld en beschikt over een knop waarmee je spelsituaties direct kunt stopzetten als het te dichtbij komt voor een speler.

Ook vrouwen algemeen roeren zich meer en meer om te pleiten voor diversiteit.  Eén van de vrouwen die al jaren aan de weg timmert op dat gebied is Anita Sarkeesian van Feminist Frequency. In haar Youtube video’s analyseert ze haarscherp wat er gebeurt met vrouwen in games en pleit voor meer diversiteit:

Daarnaast hield organisatie Women in Games in juli 2018 een succesvol congres in Italië om zich te beraden op de situatie.

Beeldvorming lijkt triviaal, maar dat is het niet. Wat je keer op keer herhaalt ziet in fictie en fantasie, heeft effect op mensen:

The ultimate takeaway is that the lack of diverse body types isn’t just a wasted artistic opportunity, but an actively dangerous reinforcement of the idea that women become less valuable if they’re larger, older, or simply different from this template.

Dat geldt dubbel voor jongeren die nog verder moeten opgroeien en al doende en ziend leren wat ‘normaal’ is en wat niet – zie dit onderzoek, bijvoorbeeld. Van seksobjecten op het scherm en mannelijke hoofdpersonen dominant in de marketing, is het vervolgens maar een kleine stap om meisjes en vrouwen in de echte wereld vijandig te behandelen. Zo wijst onderzoek uit dat eenderde van de vrouwelijke gamers discriminatie tegenkomt en dat 32% te maken kreeg met seksuele intimidatie.

Als games stelselmatig één bevolkingsgroep voorrang geven en alles inrichten zodat hun fantasie wordt geprikkeld, ga je daar aan wennen. Als een ontwikkelaar vervolgens vrouwen een grotere rol laat spelen, is het gejank niet van de lucht. Zo schoten jongens en mannen massaal in een kramp toen Battlefield V vrouwelijke militairen toonde – geheel accuraat, want vrouwen speelden altijd een rol in veldslagen en oorlogen.

Ontwikkelaar DICE gaf geen krimp en liet dit deel van de fans weten dat de vrouwelijke militairen blijven:

“The Battlefield sandbox has always been about playing the way you want,” he concludes. This sometimes means offering fantastical experiences that are neither realistic nor historically accurate, “like attempting to fit three players on a galloping horse, with flamethrowers,” writes Gabrielson. “With BFV you also get the chance to play as who you want. This is #everyonesbattlefield.”

Dat is een houding waar meer ontwikkelaars een voorbeeld aan kunnen nemen. Natuurlijk gaan mensen met onverdiende privileges protesteren als hun speeltje afgepakt wordt en ze moeten delen met andere mensen. Dat heet volwassen worden en daar moeten deze mensen mee leren dealen. Verandering gaat in kleine stapjes, maar ze komen er. Als we maar blijven duwen, trekken, bekritiseren, belonen en goede voorbeelden geven.

Vrouwen protesteren tegen de loonkloof

Vrouwen kampen wereldwijd met een loonkloof. Naarmate de bewustwording daarover groeit en vrouwen een groter gevoel voor eigenwaarde ontwikkelen, neemt ook het verzet toe. Met succes: IJsland voerde onlangs een wet in die werkgevers verplicht mannen en vrouwen aantoonbaar hetzelfde te betalen. Landen die deze stap nog niet zetten, krijgen meer en meer te maken met demonstraties. Zoals stoppen met werk zodra voor vrouwen de gratis werktijd een aanvang neemt.

In Frankrijk vond de wegloop-actie georganiseerd plaats, onder leiding van organisatie Les Glorieuses. In IJsland vond de stakingsdag iets eerder plaats, in oktober 2017, voor de invoering van de wet die de ongelijke beloning verbiedt. Vrouwen verlieten hun werk rond half drie ’s middags. In Frankrijk was dat 7 november, half vijf ’s middags. Vrouwen legden op dat moment uit protest hun werk neer, omdat ze de rest van het jaar geen salaris meer krijgen.

In Nederland komt het verzet tegen de loonkloof ook langzaam op gang, maar mensen moeten er in ons land nog erg aan wennen dat vrouwen een hardere koers varen. BNR-presentratrice Petra Grijzen verliet radioprogramma Spitsuur met de uitspraak ,,Ik zit nu op 68 procent van mijn werkdag, succes met de uitzending.” Haar mannelijke collega’s reageerden verbaasd en lichtelijk vijandig:

De twee co-hosts reageren verbouwereerd. ,,Ga je echt weg? Dit is echt heel flauw. Goed, Petra gaat echt weg. We zijn niet in IJsland hè”, roept sidekick Thomas nog.

Nederland kent een behoorlijke loonkloof, vanwege de onderbetaling van zogenaamde ‘vrouwenberoepen‘. Kijk je binnen eenzelfde beroepsgroep of bedrijf, dan blijkt dat interne procedures en loongebouwen vrouwen structureel op achterstand zetten. Cijfers van de OECD tonen aan dat Nederland slechts vier landen voor zich heeft, te weten Israel, Korea, Japan en Estland. Alle andere vergeleken landen doen het beter dan wij. Zoals Portugal, Chili, Spanje, Denemarken en buurland België.

Bij dit alles neem ik zwangerschapsdiscriminatie nog niet eens mee – de praktijk waarbij werkgevers vrouwen van hun salaris beroven zodra ze in ”blijde” verwachting zijn. Uitzendkrachten en vrouwen met allerlei tijdelijke contracten zijn kwetsbaar voor ontslag/contract niet verlengd. Ben je beter beschermd, dan kun je een zwangerschap nog steeds in je portemonnee voelen. Vrouwen rapporteren dat de werkgever hen een beloofde promotie niet geeft, of dat een opleiding opeens aan hun neus voorbij gaat. Op al die momenten komen de inkomens van vrouwen onder druk te staan, terwijl mannen ongehinderd geld binnen blijven harken. Dat maakt het zo frustrerend en ergerniswekkend.

Komt er in Nederland, net als IJsland, ook zo’n wet die bedrijven verplicht de loonkloof aan te pakken? Als het aan oppositiepartijen zoals GroenLinks ligt wel. De partij publiceerde een voorontwerp voor een wet met een soortgelijke strekking. Ook vakbonden zoals FNV ijveren voor hardere maatregelen om te voorkomen dat mannen meer krijgen voor hetzelfde werk. Beide groepen maken dankbaar gebruik van onderzoeken van het College voor de Rechten van de Mens, die de problematiek haarfijn onderbouwen.

Totdat de overheid echter stelling neemt, moeten wij mensen van onderaf druk uit blijven oefenen. Want als er niks gebeurt moeten vrouwen tot in maart of april 2019 doorwerken om hetzelfde loon te verdienen wat mannen per 31 december 2018 uitbetaald kregen voor hetzelfde werk.

Boeken! En nog meer boeken!

Lezen, heerlijk… In de zomervakantie heeft iedereen hopelijk wat meer tijd om in andere werelden te duiken. En het leukste is dat je daarna boekentips kunt delen met andere lezers. Hieronder de mijne…

Maria Dermoût

Nog Pas Gisteren, Maria Dermoût. Bij een afgeschreven-boeken-verkoop in de bibliotheek trof ik een bundel aan met haar verzamelde werk. Ik had nog nooit van deze Nederlands-Indische schrijfster gehoord. Dat zegt vooral iets over mijzelf en mijn ouwe docent Nederlands, die alleen de selecte club universelen interessant vond en verschrikt opkeek toen ik een boek van Helen Knopper op mijn leeslijst zette – hij had nog nooit van haar gehoord, terwijl ze ook destijds al verschillende werken had geschreven.

Ook Dermoût hoorde duidelijk niet bij het standaard curriculum, wat een gemis in mijn opvoeding was. Want ik heb nog een aantal verhalen en romans te gaan, maar de novelle Nog Pas Gisteren smaakte al zeker naar meer. In krap negentig pagina’s schetst Dermoût door de ogen van een jong meisje een beklemmende koloniale wereld, die op instorten staat. Dermoût maakt optimaal gebruik van het verschil in kennis, ervaring en inzicht tussen het jonge meisje en jij, de volwassen lezer.

Het meisje gist naar het waarom van de houding van familieleden ten opzichte van elkaar. Als lezer moet je ook een beetje gissen, maar kun je een heel eind komen – verboden relaties, overspel, huwelijken die net als de bredere situatie op instorten staan. De hoofdpersoon snapt niet precies waarom vertrouwde inheemse mensen opeens kil doen en vertrekken. Als lezer snap je het wel: de politieke situatie verandert en mensen zijn het zat om voor blanke plantagehouders te werken.

Bij Nog Pas Gisteren had ik dezelfde leeservaring als bij Een Dwaze Maagd van Ida Simons: het verhaal besluipt je van achteren. Het begint klein en onschuldig. Je denkt tralalala, valt wel mee. Om vervolgens in de laatste pagina’s WHAM een emotionele uppercut te krijgen van heb ik jou daar.

In Trainwreck analyseert feministe en journaliste Sady Doyle het fenomeen van de Gevallen Vrouwelijke Beroemdheid. Zij ziet in de tragedies rondom Marilyn Monroe, Britney Spears en Amy Winehouse de manier waarop de samenleving vrouwen afstraft als ze het wagen de openbaarheid op te zoeken. Magazine The Atlantic publiceerde een lovende bespreking van dit boek en put hoop uit het feit dat de gang van zaken rond huidige beroemdheden wijzen op een verandering ten goede:

the female celebrities who are ascendant today are dominant precisely because they have studiously avoided, for the most part, the Spearsian style of public downfall. Beyoncé, Taylor, Rihanna, Angelina, Shonda—these women are, for the most part, deeply in control of their own stories and images. […] …they serve less as icons of fallen femininity than of what may well be the new regime: one in which women set their own agendas.

Ingetogen en mooi: The sister : a novel based on the life of Alice James van Lynne Alexander. Kun je een mooi boek schrijven over een 19e-eeuwse vrouw die, vanwege pijnlijke zware menstruaties en andere aandoeningen het grootste deel van de tijd op bed ligt? Ja, bewijst Alexander. Ze kruipt helemaal in de fictieve denkwereld van de echt bestaande Alice en geeft zo een inkijkje in het bestaan van iemand die niet bekend werd, zoals haar schrijvende broers, maar die een zeer rijk innerlijk leven leidde en zich staande hield, ondanks al dat op bed moeten liggen. Lastig te beschrijven boek, lees het 😉

De Ancillary trilogie, van Ann Leckie… Mooie, spannende boeken, waar ik eerder al aandacht aan besteedde. Tijdschrift Vileine noemt ze een instant classic en gelijk hebben ze.

En de winnaars van het beste Groninger boek 2018 zijn… twee winnaressen, te weten Nhung Dam en Karin Sitalsing! Dam is theatermaakster en deed onlangs nog met een productie mee aan Oerol. In Duizend Vaders, haar literaire debuut, schrijft ze hoe een 11-jarig vluchtelingenkind zich probeert te handhaven in een nieuw land, Groningen. Sitalsing ging in haar non-fictieboek Boeroes op zoek naar de levens van de ‘gewone’ blanke Surinamers. Geen rijke plantagehouders, maar arme sappelaars die in de negentiende eeuw naar Suriname reisden in de hoop op een beter leven – en dat meestal niet vonden.

Tot slot een inspirerend idee. Anne stond voor haar boekenkast en telde, onder andere geïnspireerd door de Lezeres des Vaderlands, het aantal vrouwen, mannen en nationaliteiten dat op de planken stond. Dat bleek bedroevend weinig. Haar collectie was 78% man en 95% blank. Dus besloot ze op wereldreis te gaan:

Ik zal dwars door Afrika trekken, kriskras door Azië en eilandhoppend door Oceanië. Niets bijzonders, zou je denken, behalve dan dat mijn vervoermiddel geen vliegtuig maar papier zal zijn en mijn gids geen Lonely Planet maar een schrijver uit elk land ter wereld. Ik ga op reis door de wereldliteratuur.

Per land zoekt ze mooie romans uit – zie hier de lijst tot nu toe. Daarbij werd al snel duidelijk dat een Nederlandse lezer die meer wil dan standaard, er soms bekaaid vanaf komt. Zo verscheen haar keuze voor het Afrikaanse land Gabon, een roman geschreven door Angèle Rawiri, alleen in het Frans en in een Engelse vertaling. Fijn dus dat ze een weblog bijhoudt over haar literaire avontuur, dan weten we in ieder geval van het bestaan van een titel en kun je daarna makkelijker zelf iets zoeken en vinden.

Ervaring sterker dan holle vooroordelen

Terecht reageerden mensen geschokt op het nieuws dat ruim de helft van de Nederlanders liever geen vrouw als baas wil. Maar het onderzoek biedt een zeer hoopvolle aanwijzing. Namelijk deze: in sectoren met relatief veel vrouwelijke leidinggevenden maalt niemand meer om de sekse van de manager. Mensen raken gewend aan een vrouw in een leidinggevende rol en gaan haar behandelen als een normaal persoon. Ervaring is sterker dan op angsten en stereotypen gebaseerde vooroordelen. Die omslag komt tot stand zodra dertig procent van de groep uit vrouwen bestaat.

Eerst het slechte nieuws. HR Pay for People deed onderzoek naar de houding van duizend werknemers ten opzichte van leidinggevenden. Uit de enquete bleek dat van de jonge mannen 73 procent liever niet onder een vrouw werkt. Het Algemeen Dagblad gaf hun angsten behulpzaam weer door het artikel te laten begeleiden door een foto van een feeks die uit lijkt te halen naar een in elkaar duikend groepje medewerkers. Bedankt, AD, voor deze bevestiging van stereotypen. Neem je de hele onderzoeksgroep, dan wilden nog steeds ruim de helft van de m/v liever een man als baas.

De krant citeert Janka Stoker, hoogleraar Leiderschap en Organisatieveranderingskunde aan de Rijksuniversiteit Groningen:

,,Bij een goede leider denken we eerder aan masculiene dan aan feminiene kwaliteiten. Een leider associëren we met daadkracht, dominantie en risicobereidheid. Die eigenschappen dichten we eerder toe aan een man dan aan een vrouw.” […],,Een goede vrouw is zorgzaam, kan goed luisteren, wil niet op de voorgrond treden, is niet dominant, maar wil samenwerken en de boel bij mekaar houden. Dat soort stereotypen hebben we in ons hoofd, vrouwen net zo goed als mannen.” De eigenschappen die we toedichten aan een leider passen dus slecht op het beeld dat we in ons hoofd hebben van een vrouw, stelt Stoker.

Zo’n beeld van ‘leider = man” heeft grote, negatieve gevolgen voor vrouwen. Onderzoek na onderzoek wijst uit dat mensen liever een man aannemen, omdat die naadloos past in het beeld van leider. Als vrouwen al een kans krijgen, moeten ze spitsroeden lopen. Vertoon je bij leiderschap passend gedrag, dan zou je een moeilijk rotwijf zijn waar niemand mee samen wil werken. Probeer je ”vrouwelijk” te blijven, dan ben je een zwak emotioneel meisje en neemt niemand je serieus. Zo kun je het onmogelijk goed doen. Iets waar mannen geen last van hebben: ze kunnen doen wat ze willen en ook als middelmatig type toch decennia lang onaantastbaar doorregeren, omringd door mensen die respectvol ruimte bieden aan deze mannen.

Maar nu naar de positieve kant. Halverwege allerlei artikelen over dit onderzoek naar de houding rond vrouwelijke bazen komt een zeer hoopvol gegeven naar voren. Wie gewend is aan vrouwelijke leiders, kan vooroordelen en nare etiketten achter zich laten en accepteert een vrouwelijke baas als iets heel normaals:

HR-baas Luyten vindt dat bedrijven meer moeten doen om te zorgen dat ook vrouwen een leidinggevende positie kunnen bemachtigen. Stel gewoon een vrouw aan als zij geschikt is, is zijn advies. Als voorbeeld noemt hij de uitzendbranche, waar relatief veel vrouwelijke manager werken. “Je ziet daar dat mannen een ander beeld hebben van een vrouw als baas, gewoon omdat ze dat meegemaakt hebben. In onze organisatie streven we naar een mix, want volgens mij heb je zowel mannen als vrouwen nodig.”

Op andere gebieden blijkt hetzelfde fenomeen. Zo onderzocht het CBS dat jongeren over het algemeen nog steeds traditionele opvattingen over rolpatronen hebben. Maar er is een groep die werkende vrouwen prima vindt, en zij hadden gemeen dat ze dat van huis uit mee hadden gekregen. Hun eigen moeder werkte betaald buitenshuis en dat was normaal, dus hoezo zou dat in hun eigen huishouden straks niet kunnen?

Of neem universiteiten: eerst verboden mannen vrouwen te studeren aan universiteiten, daarna was de eerste vrouwelijke studente een bezienswaardigheid, die achter een gordijn moest zitten omdat het anders té erg werd, daarna werd het normaal dat mannen én vrouwen studeren, en tegenwoordig zijn jonge vrouwen zelfs vaker hoog opgeleid dan jonge mannen.

Kortom, situaties normaliseren. Vrouwen worden mensen en de vooroordelen vallen weg. Alles wat er nodig is, is de wil om een bestaande situatie te problematiseren en er iets aan te doen. Vrouwelijke leiders eng en vervelend? Neem ze aan, geef ze die leidinggevende positie, en kijk, het went en je haalt die drempel van 30% en na een poosje kijkt niemand er meer van op. Selecteer je volgens je eigen overtuiging alleen naar kwaliteit en kom je vervolgens met een lijst met allemaal blanke mannen op de proppen? Zoek bewust verder, neem bewust vrouwen op in je namenlijstjes, en voordat je het weet worden je kandidatenselecties volautomatisch kleurrijk en divers. Je hoeft geen raketgeleerde te zijn. Je moet alleen wíllen.

Zelfmoord: gender speelt cruciale rol

Opwinding alom rond de hoge zelfmoordcijfers onder jongeren tussen de 10 en 20 jaar. In de media speculeren deskundigen over de oorzaken van de toename, en nemen daarbij vanalles mee. Van sociale media en Netflix series tot aan drugsgebruik en gebrekkige toegang tot zorg, het komt allemaal voorbij. Vreemd genoeg ontbreekt gender. Dat lijkt een blinde vlek. Wie even in de cijfers duikt, ziet echter meteen dat je de rol van iemands sekse niet kunt negeren.

Als baby word je in onze samenleving al opgescheept met stereotiepe opvattingen over je sekse

Volgens het CBS pleegden in 2017 bijna tweeduizend mensen zelfmoord (1917 mensen). De groep van tien tot twintig jaar viel op omdat het aantal zelfmoorden in deze leeftijdscategorie jarenlang min of meer stabiel bleef hangen rond de vijftig per jaar. Nu zijn het er opeens 81.

Als je gender meeneemt bij dit soort cijfers, worden bepaalde patronen opeens zichtbaar. Jongens plegen vaker zelfmoord. Kijk je naar de harde cijfers, dan ging het in 2016 om 6 jongens en 3 meisjes in de leeftijdscategorie van 10-15 jarigen. Bij de 15 tot 20-jarigen pleegden 24 jongens zelfmoord, en 15 meisjes. Kijk je nog iets verder, dan nemen de verschillen toe. In de categorie 20-25-jarigen pleegden 53 jongens zelfmoord, tegenover  20 meisjes.

Dit wil overigens niet zeggen dat alles ok is met de meiden. Zo constateerde psycholoog Frans Duintjer jaren geleden al dat jongens inderdaad vaker zelfmoord plegen, maar dat meisjes veel meer pogingen doen. Omdat hun pogingen minder vaak fataal zijn, komen ze minder terecht in de zelfmoordstatistieken zoals het CBS die publiceert. Maar er is wel degelijk iets aan de hand, anders doe je geen zelfmoordpoging. Meiden staan in onze samenleving onder een zware druk: we hebben vaker te maken met seksueel geweld en sociale druk om bescheiden, zorgend, troostend, vriendelijk en lief te zijn. Gezond assertief gedrag leidt al snel tot het scheldwoord bitch, en zelfs onze premier vindt dat vrouwen geen kwaliteit hebben. Je zou van minder depressief worden.

Maar goed, bij ”succesvolle” pogingen tot zelfmoord voeren jongens en mannen de boventoon. En dat is een groot probleem. Kijk je naar de volwassenen, dan blijkt ook hier dat mannen vaker dan vrouwen zelfmoord plegen. Het verschil neemt iets toe. In 2015 werd bijvoorbeeld zichtbaar dat het aantal vrouwen dat zelfmoord pleegde gelijk bleef. Bij de mannen steeg het aantal echter met 30. Deskundigen verwijzen voor dit verschil bij volwassenen naar gender:

Jan Mokkenstorm, psychiater bij suïcidepreventieplatform 113Online zegt dat sommige mannen minder goed kunnen omgaan met nieuwe levensfases dan vrouwen: “Van scholier naar werknemer, van jongen naar adolescent, van vriendje naar vader. Als zij die nieuwe rol niet kunnen volhouden, leidt het in hun beleving tot gezichtsverlies.”  En mannen zoeken ook minder snel hulp als het fout gaat, terwijl dat juist erg belangrijk is, benadrukt de psychiater: “Ze hebben het gevoel alles zelf te moeten oplossen. Zeker als het gaat over praten over hun gevoelens van hopeloosheid. Ze betrekken anderen daar niet bij en drinken soms te vaak.”

Mokkenstorm houdt het neutraal, maar wat hij hier benoemt gaat duidelijk over rolpatronen en opvattingen over mannelijkheid. Het belang van status, waarbij mislukking niet acceptabel is en gezichtsverlies ten koste van alles voorkomen moet worden. De ‘mannen huilen niet’ dogma’s, waardoor mannen blijven doen alsof alles ok is, nergens over praten, en hun emoties inslikken want een echte man lost alles zelf op en praten over gevoelens is voor mietjes. Enzovoorts.

Onderzoek naar de situatie in Europa wijst nog op een ander aspect waarbij gender cruciaal is: als falen niet mag, als je geen gezichtsverlies wil leiden als man, is het voor mannen veel belangrijker dan voor vrouwen dat je zelfmoordpoging ook echt slaagt. Hun mannelijkheid staat op het spel. Wetenschappers denken dat de intentie van mannen zodoende sterker is dan bij vrouwen. Bij vrouwen zouden de ambivalentie en twijfel wellicht groter zijn.

Zulke traditionele beelden van een specifiek soort stoere mannelijkheid krijgen helaas veel steun van rechtse groeperingen en de alt-right beweging die via internet een conservatief wereldbeeld verspreidt. OneWorld schrijft hierover:

mannen en vrouwen zouden strikt gescheiden rollen hebben, die biologisch bepaald zijn. Gendergelijkheid zou een dwaas streven zijn, zonder enige wetenschappelijke basis. Hoewel die vaststelling van geen kant klopt, vindt die veel weerklank. Dat is waar de manosphere overlapt met alt-right. Ze herkauwen en bekrachtigen allebei rigide ideeën van mannelijkheid, door het mannelijke systematisch te onderscheiden van het vrouwelijke. Deze grens moet volgens hen bewaakt en versterkt worden.

Dit is precies wat feministen bedoelen als we zeggen dat seksisme ook schadelijk is voor jongens en mannen. Waarom zou je als man niet over je gevoelens mogen praten? Waarom moet je als man per se sterk, onverstoorbaar en tot het bittere einde aan toe zelfstandig zijn, terwijl je soms gewoon om hulp moet vragen? Waarom wijzen we gevoelens toe aan vrouwen en gaan we er daarna minachtend over doen, in de trant van roddeltantes, zeikwijven, huuuu emoties, daar heb je de hysterische overdrijfbrigade weer, nee, wij mannen, wij zijn sterk en stoer en ver verheven boven dat wijvengedoe.

Deze hokjes, waarbij mannen zich krampachtig afzetten van vrouwen, vrouwen de grond in boren en van zichzelf stoïcijnse superhelden maken, beschadigen iedereen. Zo’n manier van tweedelingen aanbrengen leidt tot vijandbeelden waar we vanaf moeten. Het leidt tot zwart-wit denken waarin alle nuances ontbreken. Als man ben je óf de sterke leider, of een verachtelijk watje, iets er tussenin bestaat blijkbaar niet.

Feministen zeggen dat wij allemaal mensen zijn. We komen niet van Mars of Venus, we komen van de aarde. Feministen zeggen ook dat je zeer veel over het hoofd ziet als je geen aandacht hebt voor gender en machtsverhoudingen. Je ziet aspecten van situaties over het hoofd en mist zodoende ook mogelijke oplossingen en preventieve maatregelen. Al die deskundigen die nu bij zelfmoord onder jongeren kijken naar de sociale media en de geestelijke gezondheidszorg, zouden als de wiedeweerga ook de rol van mannelijkheid, vrouwelijkheid en gender mee moeten nemen in hun analyses. Alleen dan kunnen we het tij misschien keren.

Bel 113 voor hulp. En lees boeken. Bijvoorbeeld van Cordelia Fine. Of het boek Vrouwen en Ambitie, van Anna Fels. En waarom feminisme voor iedereen is, van Bell Hooks.

Nieuwsronde: vrouw als kanarie in de kolenmijn

Zo weinig tijd, zoveel mooie artikelen. Daarom een nieuwsronde met links naar allerlei interessante analyses, mooi geschreven artikelen en essays. Geniet ervan en hopelijk biedt het stof tot nadenken….

  • Allereerst een mooie analyse van wielrenster en wieleranalist Marijn de Vries over de onderwaardering van de vrouwensport. Ze kreeg meteen te maken met het klassiek Hollandse koor van zeur niet roepers toen ze daar aandacht voor wilde vragen. Pas toen mannen het onderwerp serieuzer namen, kwam het thema op de agenda. Maar ze blijft hoopvol: via haar bestuursfunctie kan ze meer invloed uitoefenen en lobbyen voor preventie van seksueel misbruik en een betere betaling van grofwielrensters. Ze ziet vooruitgang. Lees vooral haar hele artikel voor dagblad Trouw.
  • Om te begrijpen hoe dit werkt – vrouw begint ergens over en zeurt, man begint ergens over en het is belangrijk – kan de term Patriarchaat behulpzaam zijn. Charlotte Higgins constateert in de krant The Guardian dat dit begrip een tijdje uit de mode was, want jeetje, kan er niet een ander, vriendelijker woord voor komen. Maar om de systematische marginalisering van vrouwen en het vrouwelijke te begrijpen én er effectief iets aan te doen, blijkt patriarchaat toch het beste te voldoen. Steeds meer feministische groepen gebruiken het woord weer en worden er strijdbaarder door. Zelfs kritische religieuze mensen gebruiken de term op een goede manier in hun analyses. Wow.
  • Vrouwen blijven de kanariepiet in de kolenmijn, citeert journaliste Elizabeth Chang. Als er ergens iets giftigs broeit in de samenleving, merk je dat als eerste aan de dode en gewonde vrouwen. Chang werkte voor de Amerikaanse krant Capitol Gazette, waar een man onlangs vijf mensen dood schoot. Al snel bleek dat hij een historie had van vrouwenhaat en vrouwen belagen. Hij kon het niet verkroppen dat een vrouw hem afwees en dat de krant er over schreef. Na allerlei juridisch getouwtrek besloot hij zijn gelijk met geweld te halen. Iets wat wel meer mannen doen….
  • ….maar waarover media vaak zwijgen in alle talen. Ook in Nederlandse kranten las ik er weinig tot niets over. Terwijl seksisme en vrouwenhaat overduidelijk een belangrijke rol speelde als factor in dit geweld. Veel mannen die meer dan drie mensen in een keer doodschieten, schopten, sloegen en belaagden daarvoor vrouwen. We moeten stoppen om mannen met fragiele egootjes te beschermen en dit probleem aanpakken, roept feministische auteur Laurie Penny op. Echt, het is mogelijk te veranderen: ,,There is nothing in men’s nature that obliges them to behave like this. The problem is not masculinity but misogyny. There are plenty of shy, lonely men living in their parents’ basements who have not taken up violent woman-hatred as a way to relax after work.”
  • Dat vrouwen het beter krijgen is in eenieders belang, want terreurorganisaties vinden wanhopige vrouwen maar wat fijn. In ruil voor voedsel en water kunnen ze vrouwen dwingen terroristische acties uit te voeren. De vrouwen zijn zo wanhopig dat ze iedere kans aangrijpen om de dag te overleven. Ze zijn zodoende een gewillige prooi. Volgens de NATO bieden ze betere ”hulp” aan vrouwen dan organisaties die terrorisme juist willen bestrijden.
  • De Academy of Motion Picture Arts and Sciences, de groep mensen die beslist welke film een Oscar krijgt en welke niet, wordt steeds diverser. Vrouwen maken inmiddels 31% uit van de Academy, tegen een kwart in 2015. Het aantal mensen met een gekleurde huid verdubbelde zelfs ten opzichte van 2015 – het percentage steeg van 8 naar 16%. Belgisch magazine Knack constateert dat de Academy eindelijk gevoelig lijkt te worden voor de aanhoudende kritiek op de monocultuur, en pogingen doet meer diversiteit te bereiken. Mooi nieuws, want Oscars zijn van invloed op trends in filmland, en welke verhalen we status geven en welke niet. Hoe diverser dus de kiescommissie, hoe groter de kans op meer diversiteit in de stemmen die we horen.
  • Dat blijkt ook maar weer eens bij Ocean’s 8. Waar mannenproducties zoals The Expendables rustig drie sterren bijeen harken, geven filmcritici Ocean’s 8 hooguit een magere twee sterren. Steeds meer vrouwen nemen daar aanstoot aan. Vervang ‘jaren tachtig macho’s en hoera ze blazen dingen op’ door ‘acht actrices op hoogtepunten in hun carrière stelen dingen’ en je hebt de switch van man naar vrouw gemaakt. Waarom krijgt het mannelijke vermaak dan hogere waarderingen dan de vrouwelijke variant? Seksisme, signaleren de actrices en vele vrouwen met hen. Plus de eenzijdige groep critici. Ruim 80% blank en mannelijk. Waarom bepaalt die monocultuur onze smaak? Ocean’s 8 rulez!
  • Een ongewenste zwangerschap voorkomen. Prettige seks – hoe en wat. En pijnlijke menstruaties. Zo ziet de top drie eruit van de zorgen die vrouwen hebben rond hun seksuele gezondheid, volgens een onderzoek van Public Health England. De organisatie bevroeg een groep van 7000 vrouwen om tot deze top drie te komen. Wat betreft menstruatiepijnen en andere ellende blijkt 42% van de vrouwen ergens aan te lijden, maar nog geen 20% zoekt daarvoor medische hulp. Veel vrouwen willen niet zeuren, schamen zich of zijn terecht bang afgepoeierd te worden door artsen die moeite hebben om vrouwen te geloven.
  • Mannelijke journalisten volgen en reetweeten vooral (91%) andere mannen op Twitter, wijst onderzoek uit. Vrouwelijke journalisten komen bijna niet door dit bolwerk van elkaar schouderkloppen gevende mannenbroeders heen. Mannen domineren op die manier discussies op sociale media en beïnvloeden daarmee ook politieke ontwikkelingen. Want ook politici volgen vooral mannen en mannelijke journalisten op Twitter. Zo krijg je een zichzelf versterkende loop tussen media en politiek.Het goede nieuws? Meten is weten, en als je zelf inziet hoe eenzijdig je Twittergedrag is, kun je je gedrag aanpassen en bewust de opinies van vrouwen versterken.
  • Vrouwen zijn vaak solidair met elkaar. Dat blijkt maar weer eens uit een hele lading verhalen van vrouwen die elkaar in bescherming namen in situaties rond straatintimidatie en seksueel geweld. Wildvreemde vrouwen zien dat er iets mis gaat en helpen een andere vrouw. Op Tumblr delen nu steeds meer vrouwen dit soort ervaringen. Hartverwarmend. En wat zou het fijn zijn als wij vrouwen overal veilig rond zouden kunnen lopen…..
  • Fun Facts rond vrouwelijke burgemeesters: tot 1933 verbood de Gemeentewet vrouwelijke burgemeesters. Het ambt was voorbehouden aan mannen. Na opheffing van het verbod werd Truus Smulders-Beliën de eerste. De vooruitgang verliep moeizaam. Dik in de jaren tachtig telde Nederland slechts 25 vrouwelijke burgemeesters. In 2017 was dat opgelopen tot 81, en dit jaar 99. Dat is inclusief de aanstaande benoeming van Femke Halsema in Amsterdam. Partijen als de SGP weigeren stelselmatig vrouwen voor te dragen voor het ambt. De Kroon is vooruitstrevender: 35% van de door Nederland gekozen burgemeesters is vrouw.

 

WK toont seksistische trekjes

Mannenvoetbal lijkt bij een deel van de mannen het ergste naar boven te halen, als het gaat om vrouwen. In korte tijd zagen journalistes zich geconfronteerd met handtastelijke mannen, nam haat jegens vrouwelijke voetbalcommentatoren ernstige vormen aan, en organiseerde Getty een wedstrijd ‘knapste fan’, met alleen foto’s van vrouwen. Het signaal is duidelijk: een deel van de mannen eigent zich voetbal toe als HUN territorium. Als vrouw moet je óf opzouten, óf ten alle tijden beschikbaar zijn als sexy consumptiemiddel voor wildvreemden. Gelukkig neemt het verzet tegen wangedrag toe.

Wat betreft seksobject tekende het WK tot nu toe een aantal lelijke incidenten op, die duidelijk het topje van de ijsberg zijn. Bezoeksters van wedstrijden signaleren dat mannen behoorlijk handtastelijk zijn. Mannen fluiten vrouwen na, roepen naar ze, bepotelen hen ongewenst. De Russische autoriteiten doen wat ze kunnen maar het blijft lastig. Zo zijn agenten een groep Braziliaanse fans op het spoor die Rusinnen lastig valt, maar als je één vent arresteert duiken er zes anderen op die verder gaan. De intimidatie maakt dat vrouwen nauwelijks alleen op straat durven te lopen.

Ook journalistes zijn niet veilig voor grijpgrage handjes. Tot nu toe vielen mannen tijdens dit WK al drie presentatrices lastig terwijl ze voor de camera verslag deden. Moet je je voorstellen, je doet je werk en opeens overvalt een vent je met ongewenste zoenen en ander gezwam, in het openbaar, midden in de uitzending. Omdat zijn behoeftes boven alles zouden gaan. Belachelijk. Het maakt het voor Julia Guimaraes, Julieth González Therán, Malin Wahlberg en andere vrouwen extra moeilijk om journalistiek te bedrijven.

Andere keren krijgen vrouwen expliciet te horen dat ze moeten opzouten, omdat ze vrouw zijn. Neem de voetbalcommentatoren. We zijn gewend dat mannen het commentaar leveren, want mannen domineren dit beroep bijna totaal. Onder andere in Engeland en Duitsland is het voor de eerste vrouwelijke voetbalcommentator spitsroeden lopen. Een vocaal groepje mannen beschouwt hen als indringers. Zo meldde de NOS dat Duitsers helemaal doordraaiden toen Claudia Neumann live commentaar gaf bij wedstrijden. Ze moest de gang dweilen bij de omroep ZDF, terug de keuken in, opzouten.

Behalve de oproep aan vrouwen om terug hun hok in te gaan (keuken, huishouden, ga vrouwenwerk doen, vrouw), hekelen mannen ook de stem van vrouwelijke voetbalcommentatoren. Ze kunnen niet tegen het te hoge, schrille gekras, jammeren ze. Dat dit seksistisch is blijkt wel als je het omdraait: mannen kunnen praten wat ze willen, met allerlei soorten stemmen en gehakkel en op iedere denkbare toon, maar niemand klaagt over hun stemgeluid. Alleen vrouwen krijgen er van langs. Gezeur over haar stem is een indirecte manier om te zeggen: ‘hou je kop en ga weg’.

Gelukkig neemt het verzet tegen seksistische kritiek toe. Zo besloot de organisator die ‘meest sexy fan’ verkiezing af te blazen na forse kritiek. Journalistes slaan terug als mannen hen onder het werk storen met opdringerige ongewenste handtastelijkheid – en zorgen ervoor dat de dader excuses maakt. Omroep ZDF nam openlijk stelling tegen de seksistische aanvallen op Neumann:

Thomas Fuhrmann, de baas van de ZDF-sportredactie, is er helemaal klaar mee. “Wij accepteren natuurlijk kritiek, ook bij de commentatoren, maar wat er bij Claudia Neumann gebeurt gaat alle grenzen te buiten”, zegt hij tegen Spiegel Online.

Ook ”gewone” sociale media gebruikers nemen stelling en laten weten dat vrouwen net zo goed voetbalcommentaar kunnen leveren als mannen.

Kortom er is steeds meer aandacht voor wangedrag en seksistische aanvallen op vrouwen. Steeds meer mensen nemen aanstoot hiertegen en roepen de daders ter verantwoording – of juichen het toe als een vrouw zich assertief opstelt en een man duidelijk aanspreekt op zijn wangedrag. Allemaal goede ontwikkelingen. Vrouwen verdienen respect, vrouwen kunnen net zo goed voetbal commentaar leveren als mannen, vrouwen moeten gewoon hun werk kunnen doen zonder dat onbekende mannen hen lastig vallen. Vrouwen zijn mensen. En voetbal is van ons allemaal. Hoe moeilijk kan het zijn?