Wat een werk ging er zitten in het boek Inanna, Koningin van hemel en aarde. Drieduizend jaar v. Chr. aanbaden talloze mensen in Sumerië en omringende landen deze godin, en legden haar mythen vast op kleitabletten. Eeuwen later groeven archeologen die kleitabletten op en stuurden ze naar diverse musea in verschillende landen. Waardoor de cyclus van Inanna volkomen uit elkaar werd gerukt. Niemand wist meer van haar legendes. Totdat wetenschapper Samuel Noah Kramer aan het monnikenwerk begon om alle kleitabletten met teksten over Inanna te verzamelen en in een logische volgorde te leggen.

Het resultaat van die inspanning is dat een modern publiek voor het eerst kennis kan maken met deze godin en de aan haar verbonden verhalen. Omdat de mythes bedoeld waren om voor te dragen, schakelde Kramer de hulp in van Diana Wolkstein. Zij specialiseerde zich in folklore en de vertelkunst, en hielp Kramer om de teksten op een soepele manier te vertalen. Zodra een verhaal ‘af’ was, testte ze dit uit op het publiek, tijdens festivals en op bijeenkomsten.
Het resultaat is een bundel met liederen en verhalen die je inderdaad het beste hardop kunt voorlezen om de poëtische kracht van de woorden tot je door te laten dringen. De teksten vertonen typische trekjes die horen bij een voordracht: herhalingen, terugkerende zinnen op verschillende momenten, en gebeurtenissen die net als in sprookjes drie keer voorkomen. Inanna als jonge godin, hoe ze koningin wordt, haar afdaling in de onderwereld, alles komt aan bod. Ook Giglamesj, van het veel bekendere epos van Gilgamesj, komt even langs. Het boek sluit af met zeven hymnes, lofprijzingen, waarmee mensen vroeger Inanna aanbaden en prezen om haar hulp.
Een aanrader voor iedereen die geïnteresseerd is in oude beschavingen, religie en klassieke literatuur.